7.7 Zienswijze ontwerpbegroting 2022 gemeenschappelijke regelingen - Bijlage 7 - Ontwerpbegroting 2022 Regionaal Bedrijventerrein Twente.pdf
Tekst van het document
Jaarrekening 2020 Lasten]
Baten I 0. Bestuur en ondersteuning 0.3 Beheer overige gebouwen en gronden 0.10 Mutaties reserves 0.11 Resultaat van de rekening van BA. 2. Verkeer, vervoer en waterstaat 2.1 Verkeer en vervoer 2.4 Ec. havens en v\^terwegen 3. Economie 3.2 Fysieke bedrijf^nfrastruchjur
-2.964.201 -2.964.201 O -413.381 -246.714 -166.667 -19.178.574 -19.178.574
Totaal -22.556.156
Saldo
4.847.425 2.044.548 2.802.877
1.883.224 -919.653 2.802.877 0
523.010'^
109.629
246.714
0
276.296 109.629 17.185.721^ -1.992.853 17.185.721 22.556.156
-1.992.853 0
Begroting 2021 Lasten] Baten j
•2.564.725 -2.364.725 -200.000 -492.758 -298.313 -194.445 -17.601.079 -17.601.079
-20.658.561
Saldo
3.558.640 1.371.747 2.186.893
993.915 -992.978 1.986.893 0
1.308.109^
815.351
298.313
0
1.009.796 815.351 15.791.813*' -1.809.266 15.791.813
20.658.561
-1.809.266 0
Tabel 27: taakveld overzicht 5.5
De financië]e positie van RBT Bij ministeriele regeling wordt voorgeschreven dat gemeenten en provincies met ingang van 2016
kengetallen moeten vaststellen en opnemen in hun begrotingen jaarverslag (Regeling van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 9 juli 2015, nr. 2015-0000387198). De regeling geldt ook voor gemeenschappelijke regelingen. Het betreft kengetallen als de netto schuldquote, de solvabiliteitsratio, de belastingcapaciteit en een kengetal dat de boekwaarde van de grondexploitatie uitdrukt als percentage van de totale baten in de begroting. Een aantal specifieke eigenschappen van de organisatie van RBT maakt dat deze kengetallen voor RBT geen toegevoegde waarde hebben. Zo is RBT volledig met vreemd vermogen gefinancierd, zijn de activiteiten van RBT naar hun aard eindig in de tijd en bestaan de baten en lasten van RBT bijna volledig uit aan de grondexploitatie gerelateerde kasstromen. De kengetallen zijn om die reden niet opgenomen in de begroting. Er is een aanvullend overzicht beschikbaar, waarin de kengetallen zijn opgenomen en berekend volgens de door het ministerie voorgeschreven methodiek.
VfK* Eshuis
iv'sa
Registeraccountants Het RBT loopt zelf in feite geen risico loopt voor wat betreft de grondexploitatie. Het uiteindelijke tekort aan het einde van de looptijd (nu voorzien per 31 december 2028) komt volgens een daartoe vastgestelde verdeelsleutel voor rekening van de deelnemers in de gemeenschappelijke regeling. In 2016 is al een additionele bijdrage van de provincie Overijssel van ruim € 6,2 miljoen ten gunste van de grondexploitatie verantwoord en over de periode
ii
2018 tot en met 2021 voeden de vijf deelnemende partijen een investeringsbudget van in totaal € 9 miljoen. 6.
Investeringsbudget: De deelnemers in het RBT hebben gezamenlijk een investeringsbudget ad € 9 miljoen ter beschikking gesteld ten behoeve van het acquisitieproces in brede zin. In de exploitatieopzet is voor elk van de jaren 2018 t/m 2021 rekening gehouden met een bijdrage van € 2,25 miljoen. Met ingang van 2019 heeft het
I
algemeen bestuur besloten hiervoor een bestemmingsreserve in te stellen. Tot en met 2020 is ruim € 7,1 miljoen ontvangen, de resterende € 1,9 miljoen zal in 2021 van de deelnemers worden ontvangen. De bestemmingsreserve investeringsbudget bedraagt per ultimo 2020 ca. € 3,7 miljoen. Dit bedrag bestaat uit het
i
saldo van de tot en met 2020 ontvangen bijdragen van € 7,1 miljoen en de aanwendingen tot op dat moment van in totaal € 3,4 miljoen. Van het totale budget van € 9 miljoen is daarmee nog € 5,6 miljoen beschikbaar, op welk bedrag inmiddels een drietal (mogelijke) verplichtingen rust. 2.4 Interne (financiële) beheersing en projectorganisatie De interne (financiële) beheersing is in de basis op orde. De formatie van de projectorganisatie liep eind 2020 enigszins terug, namelijk van 126 uur per week (3,5 fte's) naar 112 uur per week (3,1 fte's). Naast deze vaste formatie bestaat er een zgn. flexibele schil, die vooral bestaat uit de inzet van medewerkers van het ingenieursbureau van de gemeente Almelo voor de civieltechnische begeleiding. Over 2020 bedroegen de lasten van de projectorganisatie (inclusief flexibele schil, kosten juridische en overige adviseurs) in totaal € 1,1 miljoen, evenals over 2019.
Li
m 2 Bladzijde 13 van 30
Samen slimmer. Sterker samen.
irtt*
Eshuis
m
Registeraccountants Blijkens hetgeen in het jaarverslag 2020 is vermeld in paragraaf 4.3.3 is de kasgeldlimiet (evenals voorgaande jaren) in alle vier kwartalen van 2020 overschreden. Zoals vermeld in het jaarverslag heeft het Ministerie van BZK voor begrotingsjaar 2019 en de meerjarenraming 2020-2022 ontheffing verleend voor de verplichting om aan deze limiet te voldoen. In het jaarverslag wordt de specifieke situatie van het RBT op dit onderwerp duidelijk toegelicht. Deze situatie is in feite structureel voor het RBT en geldt daarmee voor de hele looptijd van de gronduitgifte. Wij merken nog op dat in de loop van 2020 in het betalingsproces een verbetering van de functiescheiding is gerealiseerd. Naast de directeur en de administrateur is nu een derde functionaris betrokken in dit proces, die verantwoordelijk is voor de invoer van de gegevens van nieuwe leveranciers in het adresboek van de BNG-applicatie. Tevens werkt het BNG-account van de administrateur inmiddels naar behoren en kon het account van een voormalig functionaris van het RBT definitief worden verwijderd. In 2020 is door de administrateur een (zichtbare) interne controle uitgevoerd op de eventuele aanwezigheid van dubbele betalingen van facturen in dit jaar. Die zijn niet aangetroffen.
*
Wij adviseren u ook in 2020 voldoende aandacht te blijven besteden aan de (financiële) beheersorganisatie met als doelstelling het beheer goed op orde te houden. 2.5 Frauderisicoanalyse Bestuur en directie Wij hebben na de controle van de jaarrekening 2019 een door de directie van het RBT opgestelde frauderisicoanalyse over 2019 ontvangen, waarmee het dagelijks bestuur op 24 juni 2020 heeft ingestemd, waarna deze nog op dezelfde dag door het algemeen bestuur voor kennisgeving is aangenomen. De frauderisicoanalyse over 2019 borduurde hierop voort op die van een jaar eerder, waarin de eerste aanzet voor een frauderisicoanalyse werd gegeven. Daarbij is een vijftal frauderisicio's onderkend en geanalyseerd, waarbij is vermeld welke mitigerende beheersmaatregelen zijn genomen. De conclusie was wederom dat de restrisico's beperkt zijn. Voor het betalingsproces is een mogelijkheid tot verbetering van de functiescheiding op korte termijn onderkend, die inmiddels is gerealiseerd (zie paragraaf 2.4).
2 Bladzijde 14 van 30
Samen slimmer. Sterker samen.
VfK* Eshuis Registeraccountants
1 Jm "•
De frauderisicoanalyse over 2020 zal naar verwachting in mei 2021 het licht zien, waarna behandeling en vaststelling door het bestuur in juni a.s. zal plaatsvinden. Wij vragen uw blijvende aandacht voor het periodiek uitvoeren van een specifieke frauderisicoanalyse door de directie en het dagelijks bestuur, ter kennisneming door het algemeen bestuur. Wij geven u in overweging de vaststelling van de frauderisicoanalyse door het dagelijks bestuur voortaan al in de maand februari of maart, voorafgaande aan de controle van de jaarrekening, te laten plaatsvinden. Accountant Van de accountant wordt op grond van de regels van de beroepsorganisatie NBA een professioneel-kritische houding verwacht ten aanzien van afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude. Ter invulling van deze professioneelkritische houding zal de accountant een inschatting moeten maken van de frauderisico's, zich een beeld moeten vormen van de maatregelen van interne beheersing die de organisatie heeft getroffen om mogelijke fraudes van materieel belang te voorkomen en moeten bezien of deze maatregelen effectief zijn. Wanneer sprake is van een aanwijzing voor fraude, zal de accountant dit moeten communiceren met, afhankelijk van de aard van de fraude, de direct leidinggevende, de directie dan wel het dagelijks of algemeen bestuur.
Om invulling te geven aan de eerdergenoemde verplichting hebben wij een fraudediscussie gevoerd binnen het controle-team en tijdens de bespreking van de conceptversie van dit accountantsverslag op 16 maart 2021, waarbij wij de nadruk hebben gelegd op de eventuele mogelijkheden van materiële onjuistheden als gevolg van fraude in relatie tot de jaarstukken en op preventieve maatregelen daarbij. Wij hebben van uw directie de bevestiging ontvangen dat er geen onregelmatigheden zijn geconstateerd.
Samen slimmer. Sterker samen. Bladzijde 15 van 30
Kt Eshuis
K''i* m
Registeraccountants 'S||
i,
3. Bevindingen rechtmatigheid 3.1 Begrotingsrechtmatigheid Met betrekking tot de begrotingsrechtmatigheid merken wij nog het volgende op: De lasten van het programma Investeringen in parkmanagement zijn € 136.000 hoger dan begroot. De reden van deze overschrijding wordt in paragraaf 3.3 van de jaarrekening toereikend toegelicht. Deze hogere uitgaven passen binnen het bestaande beleid van het RBT. De overschrijding telt daarom niet mee in het oordeel van de accountant over de rechtmatigheid.
I 3.2 Rechtmatigheidsverklaring vanaf 2021
1: i J
f !■
Rechtmatigheid is ook voor een publieke organisatie als het RBT van belang. Externe accountants geven tot en met boekjaar 2020 zowel een getrouwheid- als rechtmatigheidsoordeel bij de jaarrekening van gemeenten en gemeenschappelijke regelingen af. Als gevolg van een wetswijziging dient het college van burgemeester en wethouders bij gemeenten c.q. het dagelijks bestuur bij gemeenschappelijke regelingen vanaf boekjaar 2021 zelf een rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening af te geven. De rechtmatigheidsverantwoording van het dagelijks bestuur wordt dan onderdeel van de getrouwheidsverklaring van de accountant. De verantwoordelijkheid verschuift van de accountant naar het dagelijks bestuur. Wij schatten in dat de impact voor het RBT relatief beperkt zal zijn. Wij hebben dit op 16 maart 2021 met de directie besproken. De directie overweegt voor de daartoe te verrichten interne controlewerkzaamheden een externe functionaris in te huren. Wij dringen aan op tijdig overleg over de aanpak van deze interne controles, zodat u en wij niet voor onnodige verrassingen komen te staan ten tijde van de controle van de jaarrekening 2021.
MM i" Samen slimmer. Sterker samen. Bladzijde 16 van 30
vtt
Eshuis Registeraccountants
4. Financiële positie 4.1 Eigen vermogen Het eigen vermogen van het RBT nam ook in 2020 sterk toe, namelijk van ca. € 2,4 miljoen ultimo 2019 (per 31 december 2018 nog € 0,2 miljoen) naar ruim € 5,2 miljoen per 31 december 2020. Dit is een gevolg van het bestuursbesluit om met ingang van 2019 een bestemmingsreserve investeringsfonds in te stellen, waarin ook in 2020
i[
de bijdragen van alle deelnemers ad € 1.891.000 zijn gestort. In 2020 werden geen onttrekkingen aan deze bestemmingsreserve gedaan. Het eigen vermogen per ultimo 2020 bestaat daarnaast uit de bestemmingsreserves erfpacht en parkmanagement en het gerealiseerde (nog te bestemmen) resultaat van baten en lasten over 2020. Het gerealiseerd resultaat over 2020 (€ 0,9 miljoen) was aanzienlijk hoger dan over 2019 ( € 0,4 miljoen). De bestemmingsreserve Erfpacht bedraagt per 31 december 2020 € 545.545. Het dagelijks bestuur van het RBT heeft naar aanleiding van de DB-vergadering op 4 februari 2021 een tweetal vragen aan ons gesteld over verslaggeving en benodigde reserves in relatie tot de administratie m.b.t. inning en afdracht van de bijdragen voor bovenwijkse voorzieningen, de afwaardering van het parkmanagement en het vrij laten vallen aan deelnemers in de gemeenschappelijke regeling van de resultaten van de erfpachtexploitatie. Wij hebben onze uitgebreide beantwoording in concept met u gedeeld op 5 maart jl. en nu opgenomen als bijlage 3 van dit accountantsverslag. In deze paragraaf geven wij een samengevat antwoord op uw beide vragen. Beantwoording vraag 1 Uw eerste vraagstelling gaat over of beide varianten binnen het BBV passen.
Daar is geen discussie over, of er al dan niet vooraf bijdragen aan de deelnemers worden gefactureerd en er bij goedkeuring van de jaarrekening winst aan de deelnemers wordt uitgekeerd (variant 1) of dat er geen voorschotten in rekening worden gebracht en er na goedkeuring van de rekening door het AB een (lagere) winst wordt uitgekeerd (variant 2), beide varianten zijn binnen de verslaggevingstechnische kaders die voor het RBT van toepassing zijn (het BBV) mogelijk.
4 Bladzijde 17 van 30
Samen slimmer. Sterker samen.
ï
Eshuis Registeraccountants Beantwoording vraag 2 De tweede vraagstelling betreft de binnen het RBT benodigde aan te houden reserves als er wordt besloten om de resultaten van het erfpachtbedrijf jaarlijks aan de deelnemers uit te keren. Door uw senior-planeconoom is een berekening gemaakt van de benodigde reserves die uitkomt op ongeveer € 1 miljoen. De uitgangspunten die bij de
i
berekening van de benodigde reserve zijn gehanteerd zijn in onze ogen plausibel. 4.2 Langlopende schulden Ter financiering van met name de voorraden bouwgronden in exploitatie en de erfpachtgronden zijn in de loop der jaren langlopende leningen met verschillende looptijden en vervaldata aangetrokken tot een totaal van € 105 miljoen. Op 1 november 2020 liep een lening van € 32 miljoen met een rentepercentage van 3,595 % ten einde en heeft
I
gedeeltelijke herfinanciering plaatsgevonden. Het rentepercentage voor deze nieuwe lening bedraagt -/- 0,337%, waardoor ook in de exploitatieopzet met een lager (gemiddeld) rentepercentage voor vreemd vermogen kan worden gerekend. Zoals blijkt uit de gevoeligheidsanalyse in paragraaf 4.5 van het jaarverslag leidt een rentepercentage dat 0,5 % hoger of lager is tot een hoger dan wel lager verwacht tekort van ruim € 1 miljoen.
■a
S
mi ^1!
¥; -h
s-
M
ÜL
M ï;
s iï
ld
ifl
i faï.
S : Bladzijde 18 van 30
4
Samen slimmer. Sterker samen.
•
Eshuis
I'
3I.
Registeraccountants
&
5. Overzicht van baten en lasten
I
Het gerealiseerd resultaat over 2020 bedraagt volgens het Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening circa € 912.000 voordelig (2018: € 392.700 voordelig). Dit resultaat betreft het saldo van baten en lasten op de programma's Beheer Parkmanagement ad € 201.300 en Erfpachtbedrijf € 710.700. Het voorstel aan het algemeen bestuur en het ontwerpbesluit, waarin onder de punten 3. en 4. wordt ingegaan op de resultaatbestemming, zijn opgenomen in de paragrafen 2.1 en 2.2 van het jaarverslag. Daarbij wordt al voorgesorteerd op een voorstel aan het
>:
dagelijks bestuur voor de vergadering van 24 maart 2021 over het stellen van een maximum aan de bestemmingsreserve erfpachtbedrijf van € 1 miljoen. Dit wordt kort toegelicht op pagina 27 van de Jaarstukken 2020.
In paragraaf 3.3 van de jaarrekening is per programma een nadere toelichting opgenomen op het overzicht van baten en lasten.
t-‘-
M 5 Bladzijde 19 van 30
Samen slimmer. Sterker samen.
if# Eshuis Registeraccountants li
ÏS
;C
II
&
i'
6. Bijlagen Bijlage 1: Gecorrigeerde en niet-gecorrigeerde controleverschillen resp. fouten en onzekerheden in de controle Wij hebben geen controleverschillen geconstateerd die invloed hebben op het resultaat en hefvermogen van het RBT.
ï ï i
Zoals in paragraaf 3.4 van de Jaarrekening 2019 onder Grondexploitatie, Overige uitgaven is vermeld, was er sprake
I
van omissies in de OZB-aanslag over 2019. Om deze reden is de OZB-aanslag ad ca. 103.000 pas op 18 maart 2020 in de administratie verantwoord, waardoor dit bedrag pas in 2020 in de voorraden gronden in exploitatie is opgenomen.
i:
Dit heeft geen invloed op het resultaat over 2020 en het vermogen per 31 december 2020 van het RBT. ■1
I: il i
i-.V|
& isj
ii J ■
T
7 Bladzijde 20 van 30
Samen slimmer. Sterker samen.
•
*
K'fK* Eshuis Registeraccountants
A
A
.-i
Bijlage 2: Controleaanpak en materialiteit Controleaanpak en uitvoering controie Wij hebben onze controlewerkzaamheden uitgevoerd in overeenstemming met de door ons voorgenomen controleaanpak. Dat houdt in dat wij onze controle voor een groot deel gegevensgericht hebben uitgevoerd.
Ig Onze controleaanpak is onder andere gebaseerd op een adequate risicoanalyse. Wij hebben enkele gesprekken met de medewerkers van het RBT gevoerd over de binnen het RBT intern toegepaste risicoanalyse en interne beheersing. Op basis daarvan heeft in enkele gevallen actualisatie en aanvulling van ons werkprogramma plaatsgevonden.
Goedkeurings- en rapporteringstolerantie Het algemeen bestuur bepaalt de goedkeuringstolerantie die de accountant bij zijn controle van de jaarrekening dient te hanteren. Normaliter wordt hiervoor de richtlijn op grond van het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado) aangehouden, zo ook door het RBT.
Op grond van de jaarrekening 2020 bedraagt de goedkeuringstolerantie voor fouten 1% van de totale lasten, inclusief dotaties aan de reserves, dat is afgerond € 216.000 en voor onzekerheden 3% van de totale lasten, inclusief dotaties aan de reserves, dat is afgerond € 649.000. Wordt deze goedkeuringstolerantie niet overschreden, dan kan een goedkeurende controleverklaring worden afgegeven. De goedkeuringstolerantie is een kwantitatieve maatstaf. De uiteindelijke oordeelsvorming is echter altijd een combinatie van kwalitatieve en kwantitatieve afwegingen. De rapporteringstolerantie is door het algemeen bestuur bepaald op een absoluut bedrag van € 50.000 voor fouten en € 150.000 voor onzekerheden, daar waar het de grondexploitatie betreft. Voor de overige programma's (zoals het erfpachtbedrijf en het beheer van de openbare ruimte bedraagt de rapporteringstolerantie € 15.000 voor zowel fouten als onzekerheden.
6 m Bladzijde 21 van 30
Samen slimmer. Sterker samen.
ü'
i
i
m*
■ï-i
Eshuis Registeraccountants
f I
^«1 *■
mBijlage 3: Beantwoording vraagstelling n.a.v. DB-vergadering 4 februari 2021
m i:'
Vraagstelling Per mail van 16 februari 2021 van uw planeconoom is ons de volgende vraagstelling voorgelegd: Op 4 februari '21 heeft het DB gesproken over de in de gemeenschappelijke regeling opgenomen afdracht aan het Almelose fonds bovenwijkse voorzieningen. Daarbij kwam aan de orde dat de winstgevendheid van het erfpachtbedrijf is toegenomen (door uitbreiding van de voorraad en de gedaalde actuele rente) en die winsten mogelijk kunnen
I I
worden ingezet om de afdracht aan de gemeente Almelo en de afwaardering van het parkmanagement te dekken.
i
iÉ
Daarvoor zijn door het DB twee scenario's geformuleerd: 1. Salderen binnen GR (RBTstuurt dan geen factuur meer voor bovo bijdrage en afwaardering parkmanagement aan
»
de deelnemers en keert (resterende) winsten uit aan de deelnemers), 2. Vrij laten vallen aan deelnemers (de huidige afspraak om de kosten jaarlijks te factureren wordt dan voortgezet en winsten worden uitgekeerd) Het DB heeft besloten v.w.b. beide scenario's advies in te winnen, om inzicht te krijgen in 1. Fiscale aspecten (Vpb) en 2. Inpasbaarheid binnen de BBV regels. Dit ter bespreking in de DB vergadering van 24 maart. Voor het eerste onderdeel hebben wij opdracht gegeven aan een fiscalist. Zoals telefonisch aangekondigd, willen wij jullie vragen om het tweede onderdeel voor jullie rekening te nemen. Wij denken aan een beknopt adviesmemo,
*
waarin: •
(voor beide scenario's) een toelichting wordt gegeven op de inpasbaarheid binnen de BBV regels
•
wordt ingegaan op de binnen RBT benodigde reserves
I 33»
i; 3:^ Til 6 Bladzijde 22 van 30
is.: m Samen slimmer. Sterker samen.
v¥a
Eshuis Registeraccountants
Naar aanleiding van deze vraagstelling hebben wij gesprekken met de planeconoom gevoerd en aanvullende
i
documentatie ontvangen. Dit betreft een in Excel gemaakte conceptmeerjarenbegroting tot en met 2028, waarin beide scenario's zijn uitgewerkt. Daarbij is een ook een voorzet gemaakt voor de binnen het RBT te hanteren maximum voor de bestemmingsreserve Erfpacht. Daarnaast hebben wij de gemeenschappelijke regeling (laatste versie uit 2019) en de algemene erfpachtvoorwaarden
i
K
van het RBT in onze beantwoording betrokken, evenals uiteraard onze kennis als accountant van het RBT. Uitwerking beantwoording Algemeen
i
In de huidige situatie (in de uitwerking noemen wij dit variant 1) wordt aan de deelnemers jaarlijks een tweetal
I
facturen gestuurd. In de eerste plaats betreft dit de bijdrage in de bovenwijkse voorziening ad € 6 per m2 die in dat jaar in erfpacht is uitgegeven. In de meerjarenbegroting worden vanaf 2021 de volgende bijdragen geraamd:
Bijdrage bovo
Aantal m2
Bijdrage in €
'K
2021
2022
122.150
218.225
57.818
49.818
49.818
49.818
49.818
49.818
1.309.351
346.908
298.908
298.908
298.908
298.908
298.908
732.900
2023
2024
2025
2027
2026
2028
Deze bijdrage wordt in rekening gebracht conform de in de gemeenschappelijke regeling in artikel 22 afgesproken verdeelsleutel. Daarnaast wordt tot en met 2030 jaarlijks een bedrag van € 300.000 in rekening gebracht als bijdrage in de investeringen in het parkmanagement. Ook deze bijdrage wordt over de deelnemers verdeeld conform artikel 22 van de GR. Zowel de bijdrage in de bovenwijkse voorzieningen ais de bijdrage in de investeringen in het parkmanagement worden aan het einde van het jaar bij de deelnemers in rekening gebracht.
6 Bladzijde 23 van 30
Samen slimmer. Sterker samen.
Eshuis
I-:.-:ï '.<i
Registeraccountants ■ Tot slot worden er sinds 2018 voordelig resultaten binnen het erfpachtbedrijf gerealiseerd (2018: € 243.000, 2019:
i-
€ 302.000, 2020: € 719.000). Deze voordelige resultaten worden tot op heden toegevoegd aan de
i
bestemmingsreserve Erfpacht. In de conceptmeerjarenbegroting tot en met 2028 wordt ervan uitgegaan dat deze bestemmingsreserve wordt gemaximeerd op € 1.000.000 en het meerdere aan voordelige resultaten binnen het erfpachtbedrijf daarna aan de deelnemers in de GR wordt uitgekeerd. Na de voorgestelde resultaatbestemming 2020 is de bestemmingsreserve op dit niveau. De verwachte winst vanaf 2021 is daarom beschikbaar voor uitkering aan de
S
s
deelnemers. Het voornemen is deze uitkering te laten plaatsvinden nadat de jaarrekening 2021 van de GR door het AB is goedgekeurd. Tot en met 2028 worden volgens de meerjarenbegroting in het erfpachtbedrijf de volgende resultaten gerealiseerd (gebaseerd op de geprognosticeerde uitgifte zoals in de vorige tabel vermeld): 2023
2024
2025
2026
2027
2028
Lasten in €
2.041.496 2.069.264 2.850.291 947.874 956.608 1.264.392
2.850.291 1.276.929
2.850.291 1.289.901
2.850.291 1.303.323
2.850.291 1.317.210
2.850.291 1.331.580'|
Saldo
1.093.622
1.573.362
1.560.390
1.546.968
1.533.080
1.518.711
2021
Erfpachtbedrijf
Baten in €
2022
1.112.656
1.585.899
Gerecapituleerd leidt dit vanaf 2021 tot en met 2028 tot de volgende transactiestromen tussen de GR en haar deelnemers: 2021
2022
2023
2024
2025
2026
2027
2028
300.000 732.900
300.000 1.309.351
300.000 346.908
300.000 298.908
300.000 298.908
300.000 298.908
300.000 298.908
300.000 „ 298.908 I
1.093.622
1.112.656
1.585.899
1.573.362
1.560.390
1.546.968
Facturatie
Parkmanagement Bijdrage bovo -/- Overwinst
1.533.080 1.518.711
i
1
J
Saldo
60.722
-496.695
938.991
974.453
961.481
948.059
934.172
919.802
É 6 Bladzijde 24 van 30
Samen slimmer. Sterker samen.
Eshuis Registeraccountants In variant 2 (salderingsvariant) worden in december géén facturen voor de bijdrage in de bovenwijkse voorzieningen en de bijdrage in de investeringen in het parkmanagement verzonden. De saldi op de exploitaties van de bovenwijkse voorzieningen en het parkmanagement worden daardoor navenant verlaagd. De exploitatie van het erfpachtbedrijf blijft ongewijzigd. Het totale financiële resultaat van de GR wordt door het niet factureren van bovengenoemde bijdrage een-op-een lager, en is gelijk aan de onderste regel van bovenstaande tabel. Er is wel een verschil in timing. In variant 1 krijgen de gemeenten de bijdragen in december van het boekjaar gefactureerd en wordt de geraamde overwinst medio het volgende boekjaar uitgekeerd. In Jip-en-Janneketaal: de bijdrage die de deelnemers in december betalen krijgen ze in juli van het volgende boekjaar via de overwinst weer terug. In variant 2 vindt geen facturering in december plaats en wordt het (lagere) resultaat medio het volgende boekjaar aan de gemeente betaald. Ook in Jipen-Janneketaal; Je hoeft als deelnemer geen geld voor te schieten, maar krijgt in het volgende boekjaar jouw aandeel in de winst van het RBT betaald. Na betaling van de winst heb je als deelnemer in variant 2 evenveel geld op de bankrekening staan als in variant 1. Wij willen voor de volledigheid nog een paar zaken onder uw aandacht brengen: •
De investering in het parkmanagement (boekwaarde ultimo 2020 € 5,8 miljoen) wordt in de huidige situatie gedekt door én eenmalige bijdragen van de deelnemers die zich op het park vestigen én door de jaarlijkse bijdrage van € 300.000. Volgens de huidige prognose zijn de investering in het parkmanagement volgens deze bijdragesystematiek in 2030 'afgeschreven' naar nihil. Nu in variant 2 de dekking van € 300.000 niet meer in rekening wordt gebracht rijst de vraag of de investering niet met lOx (bijdrage 2021-2030) moet worden afgewaardeerd. Naar onze mening niet. Weliswaar is de investeringsbijdrage die bedrijven bij vestiging voldoen (€ 5,95 per m2) onvoldoende om de gehele investering te dekken, daar staat tegenover dat er vanuit de geprognosticeerde winst van het RBT als geheel (m.n. door het voordeel op het erfpachtbedrijf) meerjarig voldoende dekking is (zie de onderste regel van de voorgaande tabel).
•
Vanwege de hoge geplande uitgifte in 2022 en de daardoor ook hoge bijdrage in de bovenwijkse voorzieningen is er volgens de meerjarenbegroting in 2022 per saldo een nadelig resultaat als deze bijdrage in variant 2 niet aan de deelnemers wordt gefactureerd. Ook weer even in Jip-en-Janneketaal; in de portemonnee van de deelnemer maakt dit geen verschil.
Bladzijde 25 van 30
m
6
Samen slimmer. Sterker samen.
i
)rt1*
i
Eshuis
Ki
Registeraccountants Je hoeft in december weliswaar geen bijdrage in de bovenwijkse voorzieningen te betalen, daar staat tegenover dat je na goedkeuring van de jaarrekening een halfjaar later een evenredig hogere bijdrage in het verlies van het RBT moet betalen. Uiteindelijk heeft iedere deelnemer in juli weer evenveel geld in de portemonnee. •
Wij begrepen van de planeconoom dat de gemeente Enschede en de provincie Overijssel de bijdragen in de
'i
I
bovenwijkse voorzieningen en het parkmanagement tot en met 2021 in hun begroting hebben staan. Dat kan de vraag oproepen of in variant 1 het college resp. Gedeputeerde Staten voor de bijdragen vanaf 2022 terug
I
moeten naar de raad resp. Provinciale Staten om aanvullend dekking te vragen. Hoewel bestuurlijk andere afwegingen kunnen worden gemaakt, naar onze mening in formele zin in eik geval niet. Er is immers vanuit de geprognosticeerde overwinsten van het erfpachtbedrijf meerjarig voldoende ruimte om deze bijdragen in de begroting vanaf 2022 te dekken. Beantwoording vraag 1 Uw eerste vraagstelling gaat over of beide varianten binnen het BBV passen. Daar is geen discussie over, of er al dan niet vooraf bijdragen aan de deelnemers worden gefactureerd en er bij goedkeuring van de jaarrekening winst aan de deelnemers wordt uitgekeerd (variant 1) of dat er geen voorschotten in rekening worden gebracht en er na goedkeuring van de rekening door het AB een (lagere) winst wordt uitgekeerd (variant 2), beide varianten zijn binnen de verslaggevingstechnische kaders die voor het RBT van toepassing zijn (het BBV) mogeiijk.
feé
Beantwoording vraag 2 De tweede vraagstelling betreft de binnen het RBT benodigde aan te houden reserves als er wordt besloten om de resultaten van het erfpachtbedrijf jaarlijks aan de deelnemers uit te keren. Wellicht ten overvloede, in formele zin heeft een gemeenschappelijke regeling als het RBT geen reserves nodig. Conform artikel 22.2 van de gemeenschappelijke regeling kan het algemeen bestuur besluiten of een nadelig exploitatiesaldo van het RBT geheel of gedeeltelijk wordt afgeschreven ten laste van de algemene reserve (Eshuis: ultimo 2020 nihil), dan wel geheel of gedeeltelijk in rekening wordt gebracht bij de deelnemers. 7'jtZ
Jj Bladzijde 26 van 30
6
Samen slimmer. Sterker samen.
kti-
Eshuis Registeraccountants
Ook vanuit oogpunt van liquiditeit is het geen issue als er geen reserves zijn, want via de BNG heeft het RBT eenvoudig
I
toegang tot de geld- en kapitaalmarkt om eventuele tekorten (tijdelijk) voor te kunnen financieren. Dat neemt niet
I.
weg dat het bestuurlijk ook handig kan zijn om als GR een buffer achter de hand te hebben en niet voor iedere
& 9
tegenvaller een financieel beroep op de deelnemers te hoeven doen, zeker in een situatie waarin een entiteit volatiliteit in de resultaten kent (en dat is bij het RBT het geval). Bovendien is het een bestendiging van het huidige financiële beleid waarin 3 bestemmingsreserves zijn gevormd (situatie ultimo 2020). Hieronder gaan wij daarom uit van de situatie dat een bestemmingsreserve Erfpacht voor eventuele tegenvallers in de exploitatie gewenst is. Si
De omvang van de reserve is zoals u dat als gemeente en provincie ook gewend bent gerelateerd aan de risico's die worden gelopen. Ter illustratie van onze risicobenadering treft u hieronder de samenstelling van het resultaat erfpachtbedrijf vanaf 2021 aan. Onderstaande cijfers zijn afkomstig uit de eerder genoemde meerjarenbegroting tot en met 2028. 2021
2022
2023
2024
2025
2026
2027
2028
1.847.051
1.847.051
2.539.538
2.539.538
2.539.538
2.539.538
2.539.538
2.539.538
Verhuur (CTT)
194.445
222.213
310.753
310.753
310.753
310.753
310.753
310.753
Totaal baten
: 2.041.496
2.069.264
2.850.291
2.850.291
2.850.291
2.850.291
2.850.291
2.850.291 J
2021
2022
2023
2024
2025
2026
2027
2028
Erfpacht - rente ) Ti Erfpacht afwaardering
432.037
428.464
587.196
582.136
576.902
571.489
565.890
560.100
357.357
369.492
506.040
523.371
541.304
559.861
579.063
598.934
Verhuur-renté ï
43.469
42.405
49.263
48.177
47.081
45.974
44.856
Facturatie
I
Baten Erfpacht (canon A)
;r
Lasten
Samen slimmer. Sterker samen. Bladzijde 27 van 30
Eshuis Registeraccountants Verhuur-
106.392
107.456
108.530
109.616
110.712
114.067 ;a
111.819
112.937
14.753
i
afschrijving
i
Overig
r 3
Totaal lasten '
*1
8.619
8.791
13.362
13.630
13.902
14.180
14.464
947.874
956.608
1.264.392
1.276.929
1.289.901
1.303.323
1.317.210
1.331.580
1.093.622
1.112.656
1.585.899
1.573.362
1.560.390
1.546.968
1.533.080
1.518.711
51 i
Saldo baten en lasten
In de optiek van zowel het RBT als ons zitten er in de lasten van het erfpachtbedrijf zeer beperkte risico's. De rente die u in bovenstaande opstelling ziet is gebaseerd op een rentevoet van 1%. Dat is een historisch lage rente (het RBT betaalt in 2020 0,9% rente gemiddeld over haar aangetrokken leningen, bij de herfinanciering in 2020 is zelfs een lening met een rentepercentage van -/- 0,3% aangetrokken), dus de tendentie is dat deze eerder zal stijgen dan dalen, anderzijds zou zelfs een verdubbeling van het rentepercentage nog niet tot een verlies op het erfpachtbedrijf leiden. De component Erfpacht - afwaardering ligt vast op basis van de overeengekomen erfpachtovereenkomsten. Dat geldt ook voor de canon, die voor tien jaar is vastgelegd. Na afloop van deze periode wordt de canon herberekend op basis van de dan nog resterende grondwaarde (na afwaardering) en de op dat moment actuele rente. .T
Het enige echte risico is het risico dat een,van de pachters of huurders niet meer aan zijn verplichtingen kan voldoen, met een faillissement tot gevolg. Hierna werken wij dit risico verder uit voor erfpacht, voor de huursituatie met CTT
I
geldt mutatis mutandis hetzelfde. In artikel 18 en 19 van de algemene erfpachtvoorwaarden staat dat na 2 jaar betalingsverzuim de erfpacht kan worden beëindigd en het RBT via een openbare verkoping een nieuwe erfpacht kan realiseren. Dat betekent dat in die situatie het RBT ca. 3 jaar de erfpachtcanon mist. In een dergelijke situatie heeft
!i
i
het RBT ook het risico als een pand in aanbouw is en er voor openbare verkoping gesloopt moet worden. Ter
ï
illustratie, op dit moment zouden dat de aanbouwen van Eurol, Heylen (kavel 3) en Kees Smit kunnen zijn.
I
Samen slimmer. Sterker samen. Bladzijde 28 van 30
/
vft*
V
Eshuis Registeraccountants
h;
m
Op basis van deze uitgangspunten heeft de planeconoom een verkenning van de benodigde omvang van de reserve van het erfpachtbedrijf uitgewerkt: Verkenning benodigde omvang reserve erfpachtbedrijf
Huidige portefeuille erfpachtbedrijf Groep Heylen, kavel 1 (2017) - € 7.594.100 - balans 0111 Euro! (2017) - € 4.160.000 - balans 0112 Groep Heylen, kavel 2 (2018) - € 3.500.125 - balans 0113 Emergo (2019) - € 4.846.895 - balans 0114 Groep Heylen, kavel 3 (2019) - € 6.063.509 - balans 0115 Kees Smit Tuinmeubelen (2020) - balans 0116
m2 grondwaarde deeicanonA 323.765 75.941 7.414.027 210.505 32.000 4.086.892 149.223 34.518 3.424.287 206.641 38.127 4.781.562 258.440 51.129 6.015.585 305.245 83.023 10.739.581 314.738
36.461.933
Uitbreiding portefeuille erfpachtbedrijf Groep Heylen, kavel waterside Groep Heylen, restant deelgebied noord
52.812 124.944
6.741.790 16.242.720 22.984.510
drie jaar voorschieten canon kans (k) gevolg (g) kxg 10% 10% 10% 10% 10% 10%
971.295 631.515 447.669 619.923 775.320 915.736
1.453.819
240.609 692.487
97.130 63.152 44.767 61.992 77.532 91.574 436.146
drie jaar voorschieten canon kans (k) gevolg (g) kxg 10%
721.826
72.183
10% 2.077.461
207.746
933.096
279.929
twee jaar leegstand Verhuur
huur
m2 grondwaarde
Huidige huurovereenkomst CTT ;|Toekomstige huurovereenkomst CTT
25.110
4.346.868
6.102
793.260
31.212
5.140,128
250.000 60.753
310.753
Stelpost voor sloopkosten Totaal benodigde reserve erfpachtbedrijf
kans (k) gevolg (g)
10% 10%
500.000 121.505
50.000 12.151 62.151 200.000
978.225
Naar aanleiding van deze berekening merken wij het volgende op: De inschatting van een kans op een faillissement is uiteraard subjectief. Bij aanpassing van dit percentage wordt de benodigde reserve evenredig hoger of lager; In voorstaande berekening is niet alleen uitgegaan van de huidige erfpachtsituatie, maar zijn ook de geplande toekomstige uitgiften in de berekening betrokken. Daarmee is de berekening van de maximumgrens niet alleen voor 2020, maar ook voor een langere periode geschikt;
Samen slimmer. Sterker samen. Bladzijde 29 van 30
)rft* Eshuis Registeraccountants •
ff
Omdat de sloopkosten afhankelijk zijn van de feitelijke situatie (als het goed is zijn er elk jaar nieuwe panden
■ f
in aanbouw en zijn de panden die vorig jaar in aanbouw waren dit jaar afgebouwd) is het logisch dat hiervoor
i
een stelpost is opgenomen. Ü; De uitgangspunten die bij de berekening van de benodigde reserve zijn gehanteerd zijn in onze ogen plausibel. Wat de vorming van reserves betreft merken wij afsluitend nog het volgende op. Op het moment dat de uitgifte van gronden voorspoediger verloopt dan geraamd, zullen ook de bijdragen in de bovenwijkse voorzieningen in een eerder stadium aan de gemeente Almelo moeten worden betaald. Het is te overwegen om hiervoor een algemene reserve te vormen, bijvoorbeeld gebaseerd op een bedrag per nog uit te geven m2 terrein.
5 i
m% i f.^
I’
i' &
i1 M
Samen slimmer. Sterker samen. Bladzijde 30 van 30
r
f-
0 port of Twente XL BUSINESSPARK
Jaarstukken 2020 Jaarverslag Jaarrekening
■;
XL Businessparfc i$ een project van het Openbaar Uchaam R8T
%
port of Twente' XL BUSINESSPARK
Inhoud Voorwoord van de directie
2
Deel I
3 4 5 5 6 7 7 10 11 14 15 16 16 16 20 21 21 25
Jaarverslag
1. 2. 2.1 2.2
Inleiding Voorstel aan het Algemeen Bestuur en Ontwerp Besluit Voorstel aan het Algemeen Bestuur Ontwerp besluit
3. 3.1 3.2
Programmaverantwoording Grondexploitatie Realisatie openbare laad- en loskade
3.3 3.4 3.5 4. 4.1
Parkmanagement Erfpacht Openbare ruimte De paragrafen Onderhoud kapitaalgoederen
4.2 4.3
Financiering Bedrijfsvoering
4.4 4.5 4.6
Verbonden partijen Grondbeleid Vi/eerstandsvermogen en risicobeheersing
Deel II Jaarrekening 1. De balans per 31 december
28 29
2. 3. 3.1 3.2 3.3
Overzicht baten en lasten in de jaarrekening Toelichtingen Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Toelichting op de balans per 31 december Toelichting op het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening
30 31
37
3.4
Taakveldoverzicht(IV3)
43
31 33
datum 17-03-2021 bestemdvoor Dagelijks Bestuur
XL Buslnesspark is een project van het Openbaar Uchaam RBT
..I
r-
pagina 2 van 43
0 portofTwenté XL BUSINESSPARK
Voorwoord van de directie In 2020 is begonnen met de bouwvan een viertal prachtige nieuwe ontwikkelingen op het XL Businesspark. Dit betreft fase 2 van T-Port Logistics Campus (van Heylen Warehouses) en de nieuwbouw van Kees Smit Tuinmeubelen, Eu rol en VDL Energy Systems. Deze projecten worden in de loop van 2021 opgeleverd en daarmee is dan ongeveerde helft van het bedrijventerrein bebouwd. De vooruitzichten voor komende jaren zijn eveneens positief. Er zijn overeenkomsten getekend over dertig procent van het terrein. Deze overeenkomsten zullen naar verwachting in 2021 en 2022 resulteren in afname van grond en start bouw. Het betreft hier bijvoorbeeld T-Port Waterside (naast de containerterminal) en de derde fase van T-Port Campus. Daarnaast wordt in 2021 gestart met de realisatie van een nieuwe openbare kade van circa ISO meter, zodat ruimte ontstaat voor uitbreiding van de containerterminal. Door bovenstaande ontwikkelingen is het XL Businesspark naar verwachting sneller uitgegeven dan eerder aangenomen. Daarnaast is inmiddels ook het merendeel van de infrastructurele werkzaamheden op het bedrijventerrein uitgevoerd. De kortere doorlooptijd en daarmee gepaard gaande lagere plankosten en lagere rentelasten resulteren in een beduidend beter financieel resultaat t.o.v. eerdere aannames.
Mede vanwege de hiervoor toegelichte ontwikkelingen zal ook het aantal werkenden op het XL Businesspark de komende jaren verder toenemen. Met de provincie, gemeente Almelo en Keolis wordt momenteel gesproken over een busverbinding over het bedrijventerrein. Ook op het gebied van duurzaamheid worden ontwikkelingen verwacht. Heylen Warehouses zal beginnen met het installeren van zonnepanelen op haar bedrijfsgebouwen en met OostNL, VDL, kennisinstellingen en andere partijen worden gesprekken gevoerd over het opzetten van een ontwikkel- en test locatie voor toepassingen voor de energietransitie. Tot slot wordt bij de entree van het bedrijventerrein een brandstofverkooppunt gerealiseerd, waaro.a. LNG,CNG en waterstof zal worden aangeboden. Hierover is in 2020 een erfpachtovereenkomst gesloten. De impact van Covid-19 is bij een aantal bedrijven merkbaar. Door de stuiting van winkelpanden is dit m.n. het geval in de logistieke sector; de negatieve gevolgen daan/an worden echter (deels) gecompenseerd door de sterke toename van e-commerce verkopen. Vanwege de voorspoedige uitgifte van kavels en de toenemende vraag uit de markt naar grote kavels heeft STEC in 2020 een onderzoek gedaan naarde vraag naar grote kavels. De uitkomsten en adviezen worden momenteel besproken door de 14 Twentse gemeenten, Twenteboard en de provincie Overijssel. Jan Geerdink Projectdirecteur
pagina
3 van 43
0 port of Twente* XL BUSINESSPARK
Deel I
Jaarverslag
A pagina 4 van 43
0 portofTwenté XL BUSINESSPARK
1.
Inleiding
Voor u liggen de jaarstukken van de gemeenschappelijke regeling Regionaal Bedrijventerrein Twente (RBT), waarin wordt teruggeblikt op het jaar 2020. De jaarstukken bestaan uit het jaarverslag en de jaarrekening en zijn gebaseerd op het Besluit Begroting en Verantwoording en de Financiële Verordening van RBT. Via de jaarstukken legt het Dagelijks Bestuur verantwoording af over de realisatie van de (vorig jaar) vastgestelde beleidsvoornemens (de herziene begroting 2020). Op basis hiervan kan het Algemeen Bestuur beoordelen of het Dagelijks Bestuur in overeenstemming met de in de begroting gestelde kaders heeft geopereerd. Dejaarrekening wordt ter controle voorgelegd aan de accountant. In overeenstemming met artikel 21 van de gemeenschappelijke regeling worden de jaarstukken voor 15 april ter kennisname verzonden aan Provinciale Staten van Overijssel en aan de Raden van de deelnemende gemeenten. Het Algemeen Bestuur stelt de jaarstukken vervolgens vast. Hierna zendt het Dagelijks Bestuur de jaarstukken (uiterlijk 15 juli) aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, die verantwoordelijk is voor het financieel toezicht op de gemeenschappelijke regeling.
pagina
5 van 43
0 portofTwenté XL BUSINESSPARK
2.
2.1
Voorstel aan het Algemeen Bestuur en Ontwerp Besluit
Voorstel aan het Algemeen Bestuur
Almelo, 24 maart 2021 Vergadering Algemeen Bestuurd.d. 24 juni 2021 Onderwerp:
Jaarstukken 2020
Wij stellen u hierbij voor: 1. Kennis te nemen van de rapportage van de accountant; 2. De jaarstukken 2020 vast te stellen overeenkomstig het ontwerp, inclusief: - De grondexploitatie per 1-1-2021 (een tekort van €5,5 mln. op eindwaarde per 31-12-2028) - Het risicoprofiel per 1-1-2021 (een bandbreedte van -€0,4 mln. tot €10,4 mln. op eindwaarde per 31-122028) 3. Van het (batige) exploitatieresultaat van heterfpachtbedrijf (€710.768,-) €454.455 te storten in de bestemmingsreserve erfpachtbedrijf en € 256.313 te storten in de algemene reserve 4. Het (batige) exploitatieresultaat dat samenhangt met het (tijdelijk) beheer van parkmanagementvoorzieningen (€201.260) te storten in de bestemmingsreserve parkmanagement. 5. Het Dagelijks Bestuurvoor het dienstjaar 2020, voor zover het de daarin opgenomen baten en lasten betreft, décharge te verlenen, behoudens eventuele later in rechte gebleken onregelmatigheden. Overwegingen Hierbij bieden wij u de jaarstukken over 2020 aan, ter besluitvorming. De accountant heeft de jaarrekening gecontroleerd. Zijn rapportage treft u bijgaand aan. Met de vaststelling van de jaarstukken 2020 verleent u ons décharge voor het dienstjaar 2020, voorzover het de in de jaarstukken opgenomen baten en lasten betreft.
De opzet van de jaarstukken is gebaseerd op de Financiële Verordening van het RBT en het daarin aangegeven Besluit Begrotingen Verantwoording provincies en gemeenten (B.B.V.). In de verschillenanalyse wordt een vergelijking gemaakt tussen enerzijds de “Jaarstukken 2020” en anderzijds de herziene Begroting 2020. Daarmee wordt duidelijk in hoeverre ons bestuur binnen de vastgestelde kaders heeft geopereerd. Het Dagelijks Bestuur,
I
/ /
\y^9^2itter M. Kotteman
fris G. Kosters
/
pagina
6 van 43
0 port of Twente XL BUSINESSPARK
2.2
Ontwerp besluit
Het Algemeen Bestuur van het RBT Gelezen het voorstel van het Dagelijks Bestuur van 24 maart 2021 Gelet op artikel 58, lid 3 van de Wet gemeenschappelijke regelingen;
BESLUIT 1. Kennis te nemen van de rapportage van de accountant; 2. De jaarstukken 2020 vastte stellen overeenkomstig het ontwerp, inclusief: - De grondexploitatie per 1-1-2021 (een tekort van €5,5 mln. op eindwaarde per 31-12-2028) - Het risicoprofiel per 1-1-2021 (een bandbreedte van - € 0,4 mln. tot € 10,4 mln. op eindwaarde per 31-122028) 3. Van het (batige) exploitatieresultaat van het erfpachtbedrijf(€ 710.768,-) €454.455 te storten inde bestemmingsreserve erfpachtbedrijf en € 256.313 te storten in de algemene reserve 4. Het (batige) exploitatieresultaat dat samenhangt met het (tijdelijk) beheer van parkmanagementvoorzieningen (€201.260) te storten in de bestemmingsreserve parkmanagement. 5. Het Dagelijks Bestuur voor het dienstjaar 2020, voor zover het de daarin opgenomen baten en lasten betreft, décharge te verlenen, behoudens eventuele later in rechte gebleken onregelmatigheden. Aldus gedaan door het Algemeen Bestuur in haaropenbare vergadering van 24 juni 2021.
Voorzitter
Secretaris
M. Kotteman
G. Kosters
pagina
7 van 43
0 port of Twente XL BUSINESSPARK
3.
Programmaverantwoording
In dit hoofdstuk wordt een beschrijving gegeven van de activiteiten van het RBT (de programma’s). Dit betreft grondexploitatie, de realisatie van een openbare kade. het parkmanagement, heterfpachtbedrijf en het beheer van de openbare ruimte. Per programma wordteen toelichting gegeven op de doelstelling zoals verwoord in de (herziene) begroting voor 2020 en de wijze waarop ernaar gestreefd is om het doel te bereiken. 3.1 Grondexploitatie Hoofddoel van het RBT is te voorzien in de behoefte aan bouwrijpe grond met bedrijfsbestemming, toegespitst op grote ruimtevragers (> 2 hectare). Dit omwille van behoud en uitbreiding van werkgelegenheid in Twente. Werkgelegenheid Om inzicht te verkrijgen in de werkgelegenheid, is een uitvraag gedaan onder de op het terrein gevestigde bedrijven. Hieruit blijkt dat per 31-12-2020 circa 625 mensen in dienst zijn bij bedrijven op het XL Businesspark. Daarnaast is er (in seizoenen) sprake van een flexibele schil van circa 200 - 600 medewerkers (voornamelijk bij Bleckmann enTimberland). Hetafgelopen jaar nam het aantal vaste banen toe met circa 125. Dit hangt voornamelijk samen met de verhuizing van Emergoen de groei van Bleckmann. Met de uitvraag is alleen inzicht gekregen in de cTycecfewerkgelegenheid. Tegelijkertijd brengt de bouw ook (tijdelijk) werkgelegenheid met zich mee en ontstaan er banen bij bijvoorbeeld toeleveranciers.
Om bouwgrond te kunnen produceren, transformeert (en transformeerde) het RBT agrarische gronden naar bedrijfskavels en openbare ruimte. Hiertoe voert (en voerde) het RBT een actief grondbeleid, waarbij de volgende activiteiten worden verricht: - het verwerven van ruwe bouwgrond - het slopen van opstallen en het saneren van de ondergrond - de aanleg van openbare ruimte (bouw- en woonrijp maken) - het tijdelijk beheer van gronden en opstallen - planontwikkeling en begeleiding -uitgifte van bouwgrond met bedrijfsbestemming
(afgerond) (95% gerealiseerd) (80% gerealiseerd) (80% gerealiseerd) (75% gerealiseerd) (45% gerealiseerd)
In het uitgifteproces wordt actief met bedrijven meegedacht over de mogelijkheden om hun bedrijfspand en bedrijfsproces te verduurzamen. Dit bijvoorbeeld door de inzet van zonnepanelen, warmtepompen en het gebruik van duurzame (en circulair inzetbare) materialen. Daarnaast faciliteert XL Businesspark VDL in haar ambities om op haar bedrijfskavel een test- en demolocatie te realiseren, waar bedrijven, onderzoekers en studenten kunnen experimenteren rond toegepast onderzoek op het gebied van het genereren, opslaan en transporteren van duurzame energie. Tot slot wordt bij de entree van het bedrijventerrein een brandstofverkooppunt gerealiseerd, waar o.a. LNG, CNG en waterstof zal worden aangeboden (duurzame brandstoffen). Daarover is in 2020 een erfpachtovereenkomst gesloten. Zonnepanelen op daken In 2020 is een inventarisatie uitgevoerd naarde plannen van bedrijven met betrekking tot het realiseren van zonnepanelen op bedrijfsdaken. Uit deze inventarisatie blijkt dat vrijwel alle bedrijven de mogelijkheden hebben onderzocht. Twee bedrijven hebben zonnepanelen geplaatst en twee bedrijven starten in 2021 met de realisatie van zonnepanelen op daken. Heylen zal in 202114,2 MWp te realiseren op de daken van T-Port Logistic Campus en wil in een volgende fase nog 9,1 MWp realiseren. Knelpunt waar partijen tegenaan lopen, is dat de netcapaciteit tegen grenzen aanloopt.
Daarover vindt afstemming plaats met Enexis.
pagina
8 van 43
0 port of Twente XL BUSINESSPARK
[t-PORT Logistics Fase 1 T-PORT Logistics Fase 2
; Start 1/1/2021
4.S MWp Start 1/1/2022
T-PORT Logistics Fase 1 |
Einde 1/8/2022
44 MWp
Start 1/1/2021 Einde 1/8/2021
T-PORT Logistics Waterside 4.6 MWp
Start 1/11/2021 Einde 1/6/2022
Figuur 1: realisatie van zonnepanelen op T-Port Logistic Campus door Heylen Warehouses T/m 31-12-2020 is (per saldo) € 71 miljoen geïnvesteerd in de productie van bouwgrond. Alle investeringen zijn gefinancierd met vreemd vermogen (geleend geld). De grondexploitatiebegroting wordt jaarlijks opgesteld en geactualiseerd, om inzicht te verkrijgen in het eindresultaat van het project c.q.de terugverdiencapaciteit van de verrichte investeringen. Afgelopen jaar werd een tekort van € 14,8 miljoen begroot, op eindwaarde per 31-12-2030. De geactualiseerde grondexploitatie sluit op een tekort van € 5,5 miljoen op eindwaarde per 31-12-2028 en verbetert dus met € 9,3 miljoen. In onderstaande tabel wordt het resultaat van de grondexploitatie teruggerekend (verdisconteerd) naar het huidige prijspeil. Eindwaarde Grex 1-1-2020
14,8 mln. per 31-12-2030
Grex 1-1-2021
5,5 mln. per 31-12-2028
Verschil to.v. 2020:
9,3 mln.
Contante waarde Bijl%discontering Bij 2%discontering 11,9 mln. per 1-1-2020 (= 12,1 mln, per 1-1-2021) 5,0 mln, per 1-1-2021
4,7 mln. per 1-1-2021 7,4 mln, per 1-1-2021
Tabel 1: vergelijking grondexploitatie per 1-1-2021 met de grondexploitatie per 1-1-2020 De belangrijkste redenen voor verbetering van de grondexploitatie zijn als volgt: - Een (gedeeltelijke) herfinanciering, waardoor de gemiddelde rente substantieel is gedaald (zie paragraaf 4.2vooreen toelichting) - Afgelopen jaar is een aantal grote infrastructurele werken afgerond. Deze zijn goedkoper uitgevoerd dan geraamd en dat is tevens aanleiding om de raming van nog uit te voeren werken bij te stellen. - De uitgifte in 2020 is hoger dan verwacht (12,4 hectare i.p.v. 11,6 hectare) - De looptijd van het project is met twee jaar verkort. Dat heeft een positief effect op de begroting van rente-, plan- en beheerkosten. De verkorting van de looptijd hangt samen met de gunstigere uitgiftevooruitzichten.
pagina 9 van 43
0 port of Twente XL BUSINESSPARK
Vooreen uitgebreide toelichting op de grondexploitatie en de verschillen ten opzichte van afgelopen jaar wordt verwezen naar paragraaf 4.5.1. De risicoanalyse komt aan de orde in paragraaf 4.5.2. Op de volgende afbeelding wordt de actuele stand van zaken grafisch weergegeven. ALMELO
Figuur 2: stand van zaken gronduitgifte per 31-12-2020 (de geleverde percelen zijn rood weergegeven, de percelen waarover overeenkomsten zijn gesloten zijn gearceerd) In 2020 is 12,4 hectare uitgegeven, aan Kees Smit (8,3 hectare) en VDL (4,1 hectare). In totaal is t/m 31-122020 59 hectare uitgegeven (45% van het terrein). Daarnaast zijn overeenkomsten gesloten met verschillende partijen, over een oppervlakvan 34 hectare (28% van het terrein). Bovenwijkse voorzieningen Conform artikel 4.6 van de gemeenschappelijke regeling wordt bij elke uitgifte € 6,- per m2 afgedragen aan de gemeente Almelo, ten behoeve van bovenwijkse voorzieningen. In 2020 is € 744.906 afgedragen (gebaseerd op de uitgifte van 12,4 hectare). In 2016 is (o.a. vanwege een wijziging van het BBV) afgesproken dat de bijdragen niet langer ten laste van de grondexploitatie wordt gebracht, maar rechtstreeks aan de deelnemers worden (door-)gefactureerd. De afdrachten lopen neutraal door de administratie van RBT: de afdrachten aan Almelo en de bijdragen van de deelnemers, vallen tegen elkaar weg. In onderstaande tabel wordteen overzicht gegeven van het verloop van het in de grondexploitatie geïnvesteerd vermogen (de boekwaarde). Dit betreft het saldo van de gerealiseerde investeringen en de opbrengsten uit gronduitgifte. begroot
Investeringen in de grondexploitatie Geinvesteerd vermogen (boekwaarde) per 1-1-2020 (saldo) Totaal lasten in 2020 Totaal baten in 2020 Saldo lasten en baten
7.684.252 : -15.088.997 ; -7.404.745
-i
Geinvesteerd vermogen (boekwaarde) per 31-12-2020 Tabel 2: ontwikkeling geïnvesteerd vermogen grondexploitatie
realisatie
afwijking
82.365.866 5.054.048 -16.440.815 -11.386.767 70.979.099 :
2.630.204 1.351.818 3.982.022
pagina
10 van 43
0 port of Twente XL BUSINESSPARK
De boekwaarde nam in 2020 af met € 11,4 miljoen, terwijl in de begroting werd aangenomen dat de boekwaarde zou afnemen met €7,4 mln. Belangrijkste reden hiervoor is dat uitgaven zijn uitgesteld, projecten goed koper zijn uitgevoerd en de uitgiftevoorspoedigerverloopt. Voor een uitgebreide toelichting op de verschillen ten opzichte van de begroting, wordt verwezen naar paragraaf 3.3 van de jaarrekening. 3.2
Realisatie openbare laad- en loskade
In 2013 is op het XL Businesspark een openbare laad- en loskade en containeroverslagterrein opgeleverd. Deze laad- en losfaciliteiten versterken het internationale vestigingsklimaat en worden intensief gebruikt, door logistieke én technologische bedrijven. Het Algemeen Bestuur heeft bij vaststelling van de begroting 2020 besloten om de openbare kade met 150 meter uit te breiden, om de verwachte groei van containerstromen van en naar het XL Businesspark op te kunnen vangen. Er wordteen nieuwe openbare kade gerealiseerd, zodat (daarna) de bestaande openbare kade kan worden verhuurd aan CTT (onder marktconforme condities). De nieuwe kade wordt, evenals de huidige kade, geschikt gemaakt voor het laden en lossen van klasse Va schepen met een diepgang van 2,80 m. Hierdoor kan het binnenvaartschip maximaal worden beladen en wordt vervoer over water nog aantrekkelijker. Daarbij wordt aandacht besteed aan de benodigde havenfaciliteiten (zoals walstroom) en voorzieningen voor verduurzaming van de binnenvaarten hetvooren natransport vanaf de terminal. Door goederenstromen over het water af te wikkelen, wordt de Al bovenregionaal ontlast. Zo wordt een bijdrage geleverd aan regionale, provinciale en nationale duurzaamheids-doelstellingen. Deze ‘modal shift’ leidt tot een verbeterde bereikbaarheid van Overijssel en een beperking van de CO2 uitstoot.
Daarnaast draagt het project bij aan een versterking van het internationale vestigingsklimaat. Zo ontstaan nieuwe banen, vooral in een doelgroep waarbinnen in Twente werkloosheid heerst.
Figuur 3: visualisatie uitbreiding van de laad- en loskade en mogelijke toekomstige uitbreiding
pagina
11 van 43
0 port of Twente' XL BUSINESSPARK
De voorbereiding van het project verloopt volgens planning, in 2020 is hetschetsplan uitgewerkt tot voorlopig ontwerp, op basis waarvan nu een definitief ontwerp en bestek wordt opgesteld. Dit in afstemming met o.a. Container Terminal Twente, de gemeente Almelo en het Havenbedrijf Twente. Het gewijzigde bestemmingsplan is besproken met belanghebbenden en heeft in ontwerp ter inzage gelegen. De vergunning voor het kappen van de bomen is verleend. Over het aanvragen van de vergunningen (bouw en waterwet) en ontheffing (Nb wet) vindt afstemming plaats met het bevoegd gezag. Tevens vindt er overleg plaats met Rijkswaterstaat over de samenloop met het project van Rijkswaterstaat‘Verruiming Twentekanalen’. De uitvoering kan starten na het onherroepelijk worden van desbetreffende vergunningen en verwerving van de ondergrond van de staat. Met het project gaat een investering gemoeid van circa € 4,6 miljoen en deze investering wordt volledig gedekt uit subsidies. Vanuit de Regiodeal Twente is een bijdrage van €2,3 miljoen toegekend en daarnaast hebben Gedeputeerde Staten van Overijssel besloten om (vanuit het vermogen van de inmiddels geliquideerde stichting Containerterminal Hengelo) eveneens €2,3 miljoen beschikbaar te stellen.
Naast de investering is sprake van een verlies aan uitgeefbaar terrein, omdat ontsluitingswegen nodig zijn op gronden die voorheen voor uitgifte waren bestemd. Dat verlies wordt gecompenseerd door de inkomsten uit verhuur van de bestaande openbare kade (de ondergrond wordt binnen het erfpachtbedrijf geactiveerd). Door deze verhuur en de ter beschikking gestelde subsidies, heeft het project een neutraal effect op de grondexploitatie. in onderstaande tabel worden de in 2020 gerealiseerde lasten en baten weergeven en afgezet tegen de begroting. Van de totale projectsom is per 31-12-2020 0,1 miljoen gerealiseerd. Investeringen in de laad- en loskade _ __
Totaal lasten in 2020 Totaal baten in 2020 Saldo lasten en baten
begroot
realisatie
afwijking
343.205 -346.292 ;
102.004
-102.004
241.201 '-244.28'8
-3.087
-3.087
Tabel 3: investeringen in de laad- en loskade De uitgaven bleven achterop de planning. Belangrijkste reden daarvoor is dat de verwerving van de benodigde gronden nog niet heeft plaatsgevonden. Het Rijksvastgoedbedrijf (eigenaar van de gronden) heeft aangegeven deze grondtransactie na vergunningverlening (door Rijkswaterstaat) in behandeling te kunnen nemen. 3.3 Parkmanagement Doormiddel van parkmanagement wil het RBT opeen zogoed mogelijke wijze beheer, onderhoud en kwaliteit van het gebied waarborgen. Een gezamenlijk parkmanagement biedt bedrijven de volgende voordelen: 1. Door voorzieningen collectief te realiseren zijn de investeringslasten per bedrijf lager; 2. Diensten kunnen gezamenlijk worden ingekocht en daardoor is mogelijk sprake van inkoopvoordelen; 3. Bedrijven kunnen gezamenlijk invloed uitoefenen op de kwaliteit van het bedrijventerrein. Daardoor wordt een mogelijke veroudering/verloedering voorkomen en is sprake van een waardevaste(re) investering. In 2008 is de Coöperatieve Vereniging Parkmanagement XL Businesspark opgericht. In de statuten van de Coöperatie, de algemene uitgiftevoorwaarden van het RBT en de gesloten erfpachtovereenkomsten is verwoord dat de vereniging de volgende diensten en voorzieningen zal aanbieden:
pagina
12 van 43
0 port of Twente XL BUSiNESSPARK
de (terrein) beveiliging van het XL Businesspark Twente (cameratoezicht) een bewegwijzeringsysteem een centrale bluswatervoorziening een glasvezelnet onderhoud en beheer van de openbare ruimte
Figuur 4: foto van de centrale blusvoorziening Investeringen De voorzieningen zijn en worden door het RBT aangebracht. Per 31-12-2020 is hier (per saldo) €5,8 miljoen in geïnvesteerd (met geleend geld). De investeringen (en de rente hierover) worden gedekt uit de (bij gronduitgifte te vergoeden) eenmalige bijdrage van (gevestigde en te vestigen) bedrijven (van €5,95 per m2) en een jaarlijkse bijdrage van de deelnemers aan het RBT (de provincie Overijssel en de gemeenten Almelo, Borne, Enschede en Hengelo). Afwaardering investeringen in parkmanagement In 2016 is afgesproken dat de deelnemers aan de gemeenschappelijke regeling RBT jaarlijks € 300.000,bijdragen (t/m 2036), om de investeringen in parkmanagement af te waarderen. Dito.a. ingegeven dooreen wijziging van het BBV. Naarde huidige inzichten is de investering in 2030 afgewaardeerd (6 jaar sneller dan oorspronkelijk verwacht). Reden hien/oor is dat de uitgifte sneller verloopt dan gepland en de rente die RBT gemiddeld betaalt is gedaald. In de volgende tabel wordt een overzicht gegeven van het verloop van het in parkmanagement geïnvesteerd vermogen.
pagina
13 van 43
0 portofTwenté XL BUSINESSPARK
Investeringen in parkmanagementvoorzieningen
begroot'
afwijking
6.076.437
Geinvesteerd vermogen (boekwaarde) per 1-1-2020 'Totaai lasten in 2020 Totaai baten in 2020 Saido lasten en baten ;Geinvesteerd vermogen (boekwaarde) per31-12-2020
realisatie
588.404 i -1.020.439 '
724.617 [ -1.041.732 i
-136.213 21.293
-432.035
-317.114:
-114.921
5.759.323
j
TabeU: ontwikkeling geïnvesteerd vermogen parkmanagementvoorzieningen Het geïnvesteerd vermogen nam in 2020 af met € 0,3 miljoen, terwijl in de begroting werd aangenomen dat de boekwaarde zou afnemen met €0,4 mln. Belangrijkste verklaring voor het verschil is dat werkzaamheden aan de uitbreiding van de blusvoorziening duurder uitvielen. Vooreen toelichting op de verschillen ten opzichte van de begroting wordt verwezen naar paragraaf 3.3 van de jaarrekening. Onderhoud en beheer parkmanagementvoorzieningen In de overeenkomsten met bedrijven, algemene uitgiftevoorwaarden en statuten van de coöperatie is aangegeven dat de voorzieningen op termijn in erfpacht worden uitgegeven aan de coöperatieve vereniging parkmanagement. Tot die tijd is RBT verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van de gerealiseerde voorzieningen (de blusvoorziening en de camera’s) en verzorgt RBT de inning van de jaarlijkse contributiebijdrage (Deelcanon B). Deze bijdrage is vastgesteld op €0,89 per m2. Bij vaststelling van de jaarstukken 2019 is besloten om een bestemmingsreserve parkmanagement in te stellen, waarmee het verschil tussen de door bedrijven betaalde contributie en de gerealiseerde uitgaven wordt verrekend. Dit omdat het gesprek met bedrijven over de overdracht van voorzieningen nog moet worden gevoerd.
In onderstaande tabel wordt de in 2020 gerealiseerde uitgaven afgezet tegen de door bedrijven betaalde contributie. Onderhoud en beheer parkmanagement
begroot
realisatie; I
afwijking
.1,
Bestemmingsreserve per 1-1-2020 (na resultaatbestemming 2019) Totaal lasten in 2020 Totaal baten in 2020 Saldo lasten en baten Voorstel: dotatie aan bestemmingsreserve parkmanagment Bestemmingsreserve per31-12-2020 (na besluitvorming)
53.311
333.835 -390.835
267.390 -468.650
66.445 77.815
-57.000
-201.260:
144.260
201.260 1 254.571 !
Tabel 5: onderhoud en beheer parkmanagement In 2020 is een positief exploitatiesaldo gerealiseerd van €201.260,-. De opbrengsten liggen hoger en de kosten vallen lager uit dan begroot (zie paragraaf 3.3 van de jaarrekening voor een nadere toelichting). Voorgesteld wordt om dit exploitatiesaldo ten gunste van de bestemmingsreserve parkmanagement te brengen.