2. Programma's uitvoering en handhaving 2025
Tekst van het document
Om grip te houden op illegale bouwactiviteiten wordt gaandeweg versterkt capaciteit ingezet op het uitvoeren van gebiedstoezicht, waarbij bovengenoemde situaties (wel/geen OPA, geen bouwmelding) vroegtijdig worden gesignaleerd. De werkwijze voor gebiedstoezicht wordt in 2025 uitgewerkt. Pandbrigade De Pandbrigade wordt in 2025 doorontwikkeld. Daarbij worden de opgaven betrokken die vanuit de Wet goed verhuurderschap op ons afkomen. Belangrijke opgave voor de Pandbrigade is het uitvoeren van toezicht en indien nodig handhavend optreden indien er sprake is van kamerbewoning in strijd met het omgevingsplan of vergunningsvoorwaarden. De operationele werkwijze wordt in 2025 verder uitgewerkt en verbeterd. Versterken regionale VTH-samenwerking Binnen het omgevingsrecht wordt in Twente beleidsmatig steeds meer samengewerkt, zowel ambtelijk als bestuurlijk. Deze regionale samenwerking rondom omgevingsrecht wordt versterkt en verbreed. Zo kan effectief invulling gegeven worden aan de beleidsmatige opgaven gerelateerd aan de Omgevingswet. In juli 2023 heeft het regionale portefeuillehoudersoverleg VTH (PHO VTH) ingestemd met de ontwikkelingsrichting en de strekking van de verbetervoorstellen voor het versterken van de beleidsmatige VTH-samenwerking. Bestuurlijk is opdracht gegeven voor uitwerking van de implementatie.
In 2024 is het uitvoeringsplan voor de doorontwikkeling van de VTH-samenwerking opgesteld. Ook is in het PHO VTH de keuze gemaakt over de bestuurlijk trekker van de Twentse VTH-samenwerking. Belangrijk onderdeel van de doorontwikkeling is het versterken van de regionale VTH-kerngroep met een onafhankelijk voorzitter en secretaris. De gemeente Enschede treedt op als gastheerorganisatie. De werving voor deze functies is gestart en wordt naar verwachting eind 2024 afgerond. Na aanstelling van de voorzitter en secretaris, wordt focus verlegd naar de inhoud en gaat de VTH-kerngroep in versterkte vorm aan de slag met een uitvoeringsagenda voor 2025. Ruimtelijke ontwikkelingen De gemeente Almelo geeft sturing aan de doorontwikkeling van de stad. Onze Omgevingsvisie ‘Mijn Almelo, onze omgeving’ is het richtinggevend perspectief voor de komende jaren. Met de Almelose Omgevingsvisie als basis, is een gerichte uitvoeringsagenda voor stadsontwikkeling opgesteld. De uitvoeringsagenda bevat een sturingsmethodiek om vanuit de opgaven voor de leefomgeving keuzes te maken voor wijk-, gebieds- en locatieontwikkeling. De uitvoeringsagenda is daarmee kaderstellend voor de ontwikkeling van specifieke wijken, gebieden en locaties in de gemeente Almelo.
Ontwikkeling(en) en transformatie van gebieden in onder andere de zone vanuit de binnenstad naar het gebied achter het station, alsmede de spoorzone, de (integrale) aanpak van leefbaarheids- en herstructureringsvraagstukken in specifieke wijken, het bieden van ruimte aan bedrijven en extra woningbouwopgaven resulteren in taken en werkzaamheden voor Uitvoering en Handhaving. Pagina 7 van 41 VTH-programma 2025
3.
Doelen en prioriteiten
Onze beleidsdoelen geven aan wat wij willen bereiken met het uitvoeren van onze VTH-taken. Wij prioriteren onze taakuitvoering risicogericht en houden rekening met beschikbare capaciteit, op basis van VTH-beleid.
3.1 Beleidsdoelen Het beleid voor vergunnen, toezicht en handhaven vormt samen met jaarprogramma de basis voor het uitvoeren van onze taken. Wij werken aan een veilige en gezonde leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. Dit doen wij samen met de stad én onze ketenpartners. Dienstverlening en participatie organiseren wij zoveel mogelijk vanuit het perspectief van onze inwoners en ondernemers. Onze werkwijze is opgenomen in het VTH beleid 2020. Het omvat uitvoerings- en handhavingsbeleid voor de taakvelden bouwen, ruimtelijke ordening en brandveiligheid. De beleidsdoelen voor het taakveld bouwen richten zich op het borgen van constructieve veiligheid en bouwkundige brandveiligheid. De focus ligt op bouwwerken met veel gebruikers, dan wel minder zelfredzame gebruikers. De belangrijkste beleidsdoelstelling voor het taakveld ruimtelijke ordening is het behoud van de kwaliteit van de leefomgeving. Het gaat hierbij vooral om grote strijdigheden met het omgevingsplan en de bewoning van niet-woningen. Samen met Brandweer Twente werken wij aan het vergroten van de brandveiligheid in onze gemeente. De werkwijze is uitgewerkt in het document ‘toezicht op brandveiligheid’2.
3.2 Prioriteiten voor 2025 Werkzaamheden worden uitgevoerd op basis van het vigerende VTH-beleid. Door het stellen van prioriteiten brengen wij focus aan. Onderstaand worden de prioriteiten voor 2025 toegelicht. Transitiefase Omgevingswet In het voorgaande hoofdstuk is teruggekeken op de eerste ervaringen met het werken onder de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging. Voor 2025 wordt ingezet op het goed werken met deze nieuwe wetgeving. Onder de Omgevingswet is het versterken van samenwerking tussen de ruimtelijke planketen en de VTH-keten is een belangrijke opgave. De beleidscyclus op basis van de Omgevingswet vormt hierbij het vertrekpunt. Beleidsontwikkeling vindt plaats door visievorming (Omgevingsvisie). Almelo beschikt over een Omgevingsvisie en werkt aan een nieuwe Omgevingsvisie. Met de inzet van VTH wordt toegezien op de naleving van algemene regels en vergunningvoorschriften. Opgave voor de komende jaren is om het VTHinstrumentarium goed te verbinden met visievorming en ruimtelijke planvorming. Zo kan gericht en beter worden gestuurd op de gewenste kwaliteit van de fysieke leefomgeving in onze gemeente. In 2025 wordt focus gelegd op het doorontwikkelen van toepasbare regels. Een toepasbare regel is de vertaling van de juridische regel naar een meer voor de gebruiker begrijpelijke taal.
In het Omgevingsloket kunnen initiatiefnemers een vergunningencheck uitvoeren, om te bepalen welke toestemmingen nodig zijn voor een initiatief. Met de ontwikkeling van toepasbare vragenbomen van juridische regels worden verbeteringen aangebracht in het gebruik van het Omgevingsloket voor toepasbare regels waarvoor de gemeente regelbevoegd is. Dit versterkt onze dienstverlening. Het intaketeam heeft in 2024 zijn diensten bewezen. Op basis van de ervaringen worden enkele wijzigingen aangebracht. Hiermee verbetert de uitvoering in 2025.
2
Toezicht op brandveiligheid; Brandweer Twente; november 2018
Pagina 8 van 41 VTH-programma 2025
Transitiefase Wet kwaliteitsborging De projectgroep Wkb is omgezet naar de werkgroep Wkb. Deze groep begeleidt het werken onder de Wkb en doet voorstellen voor verbeteringen in de uitvoering. Binnen de werkgroep worden nieuwe ontwikkelingen besproken. Waar nodig wordt regionaal afstemming gezocht. Er is een korte lijn tussen beleid en uitvoering, waardoor beide onderdelen elkaar versterken. Belangrijke opgave voor 2025 is te zorgen voor een goede taakverdeling en samenwerking tussen regisseurs vergunningen, toezichthouders bouw en administratieve VTH-ondersteunende medewerkers. Er wordt toegewerkt naar een systematiek waarbij het administratieve VTH-blok taken in de afhandeling van meldingen en informatieplichten mede kan uitvoeren. Het handelingskader Wkb is opgenomen in het jaarprogramma 2024 en wordt opnieuw verbonden aan het jaarprogramma 2025. Op enkele onderdelen is dit handelingskader aangepast aan de Wkb-ontwikkelingen in 2024. Het handelingskader is opgenomen als bijlage 1 in dit programma en dient als beleidslijn voor de Wkb, tot het moment dat het geactualiseerde VTH-beleid in 2025 wordt vastgesteld. Actualiseren beleid uitvoering en handhaving Vanwege de inwerkingtreding van de Omgevingswet en de Wkb wordt het beleid voor uitvoering en handhaving geactualiseerd. In 2024 is de eerste ervaring opgedaan met deze wetgeving.
De leerpunten betrekken wij bij de actualisatie van beleid in 2025. De bouwstenen hiervoor zijn in voorbereiding. Belangrijke onderdelen in de beleidsvoorbereiding zijn: - Het aanpassen van werkwijzen in verband met nieuwe wetgeving; - Het verkleinen van de kloof tussen beleid VTH en uitvoering VTH; - Het verbeteren van interne en externe samenwerking bij uitvoering van VTH-taken; - Het gericht toepassen van de nieuwe risicoanalyse en op basis hiervan prioriteren van taken; - Het verbeteren van de informatievoorziening en datagedreven werken; - Monitoring en evaluatie van beleid en uitvoering beter inbedden in de organisatie. De VTH-opgave op basis van de Omgevingswet is het adequaat bijdragen aan een veilige, leefbare, duurzame en gezonde fysieke leefomgeving. Met het nieuwe stelsel van de Omgevingswet is gekozen voor een paradigmawisseling: van bescherming van de fysieke leefomgeving via een werende benadering van activiteiten, naar een beleidscyclus waar de continue zorg voor de kwaliteit van de fysieke leefomgeving centraal staat en ruimte ontstaat voor ontwikkeling. Deze benadering gaat uit van vertrouwen, maar als dat nodig is kan snel en doeltreffend worden opgetreden. Geactualiseerde VTH-strategieën vormen een belangrijk onderdeel van dit beleid.
De inwerkingtreding van de Omgevingswet biedt ook de basis voor het vaststellen van de Landelijke Handhavingstrategie Omgevingsrecht (LHSO). De LHSO heeft een breder werkingsbereik dan de Landelijke handhavingsstrategie (LHS), waar nu mee wordt gewerkt. De inzet is gericht op het vaststellen van dit beleid rond de zomer van 2025. Verkenning toepassen bestuurlijke boete in het kader van de Omgevingswet De bestuurlijke boete is een lik-op-stuk- sanctie en een bestraffend handhavingsinstrument. In 2024 heeft een oriëntatie plaatsgevonden op de toepassing van dit instrument. Het toepassen van de bestuurlijke boete onder de vigeur van de Omgevingswet is nieuw, maar ook complex. Daarom wordt deze verkenning in 2025 vervolgd, met de intentie om het instrument van bestuurlijke boete in het kader van de Omgevingswet als beleidsregel vast te stellen. De sanctie heeft een preventieve werking en heeft betrekking op overtreding van regels bij bouwen, slopen, gebruik en in stand houden van bouwwerken. De boete kan alleen worden opgelegd als binnen twee jaar voorafgaand aan de overtreding dezelfde overtreding is geconstateerd. Een voordeel van de bestuurlijke boete is dat hiermee snel en slagvaardig opgetreden kan worden. Het tijdsverloop tussen de constatering van de overtreding en de oplegging van de boete is kort.
Dat versterkt het afschrikwekkende effect van de boete, dat tot doel heeft om herhaling te voorkomen.
Pagina 9 van 41 VTH-programma 2025
Aanpak ondermijning De aanpak van (criminele) ondermijning is een blijvend speerpunt voor de gemeente Almelo. Daarbij wordt intensief samengewerkt met ketenpartners zoals de politie, Sociale Recherche Twente (SRT), het Regionaal Informatie- en Expertise Centrum Oost Nederland (RIEC ON), Omgevingsdienst Twente, Belastingdienst, Douane, Nederlandse Arbeidsinspectie en het Openbaar Ministerie. Door middel van (integrale) controles en handhaving moeten criminele machtsposities, (verdere) vermenging van de onderwereld in de bovenwereld, oneerlijke concurrentie en aantasting van de leefbaarheid en veiligheid in Almelo worden tegengegaan. Naast het uitvoeren van verschillende controles is er ook aandacht voor bewustwording van het thema ondermijning in de organisatie, waarbij medewerkers worden geïnformeerd en getraind op het herkennen en melden van signalen. Het Almelose programma 2025 voor de milieutaken die zijn opgedragen aan de ODT voorziet in ruimte voor het uitvoeren van integrale MIA-/Gustos-controles, waarbij ook de ODT wordt ingezet. Daarnaast bevat het programma het voornemen om in 2025 binnen de ODT een weerbaarheidsscan uit te voeren, vergelijkbaar met de weerbaarheidsscan die in 2021 binnen de gemeente Almelo is uitgevoerd. Deze scan geeft aanbevelingen voor het optimaliseren van de samenwerking tussen onze gemeente en de ODT.
Nadien zijn afspraken gemaakt over de gezamenlijke uitvoering van Bibob-taken. In 2025 wordt beoordeeld of deze uitvoering naar behoren verloopt en of deze samenwerking op onderdelen kan worden versterkt. Ook dit programma voor het lokale takenpakket VTH voorziet in de mogelijkheid voor het uitvoeren van Gustoscontroles. Implementeren en vaststellen Kwaliteitscriteria 3.0 Op basis van de Verordening uitvoering en handhaving omgevingsrecht 2024 wordt momenteel gewerkt met de kwaliteitscriteria, versie 2.3. Deze kwaliteitscriteria worden per 1 januari 2025 opgevolgd door de nieuwe set kwaliteitscriteria 3.0. Omdat onze verordening niet voorziet in een dynamische verwijzing, neemt het college in 2025 een besluit over de toepassing van deze nieuwe kwaliteitscriteria. Het goed werken in de geest van de Omgevingswet vraagt om specifieke competenties. De medewerker VTH is niet langer louter toetser, uitvoerder en adviseur; de medewerker zal juist ook een bemiddelende, faciliterende en onderhandelende rol vervullen. Dit vraagt om vaardigheden, vooral op het gebied van houding en gedrag. Daarom bevat de set Kwaliteitscriteria 3.0 competentieprofielen voor verschillende functies. In 2025 worden voorbereidingen getroffen om de deskundigheid van medewerkers opnieuw extern te laten toetsen aan actuele kwaliteitscriteria. Hiervoor wordt een project voorbereid.
De uitvoering van dit project wordt afgestemd op organisatorische ontwikkelingen rondom het team Vergunningverlening en Naleving en de eenheid Stedelijke Ontwikkeling. Verbeterde inzet gebiedsgericht toezicht Vanwege veranderende wetgeving zijn maatregelen getroffen voor gewijzigd toezicht. Door de Wkb vermindert het vergunninggerichte, bouwtechnische toezicht. De inzet van bouwinspecteurs wordt in lijn met de aanwezige werkvoorraad teruggebracht. Het gebiedstoezicht wordt geïntensiveerd. Deze vorm van toezicht richt zich op illegale bouw, controle van de naleving van het gebruik (o.a. APV en ruimtelijke regelgeving uit het omgevingsplan), bestaande bouw en de bouw- en sloopveiligheid. Ter versterking van het gebiedstoezicht is in 2024 een toezichthouder bouw en fysieke leefomgeving aangesteld. In 2025 wordt de werkwijze rondom gebiedstoezicht projectmatig verder uitgewerkt. Onderdelen zijn de prioritering van toezichtstaken, de samenhang met de juridische opvolging van constateringen en het verbinden van gebiedstoezicht aan opgaven rondom stadsontwikkeling.
Pagina 10 van 41 VTH-programma 2025
Voortzetten toezicht energielabel C kantoren Alle kantoorpanden met een gebruiksoppervlakte van 100 m2 of meer moeten op basis van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) een geldig energielabel C of beter hebben. Uitgezonderd zijn alle monumentale panden en kantoorpanden die binnen twee jaar worden gesloopt, getransformeerd of onteigend. De verplichting is een maatregel die voorkomt uit doelstellingen uit het Energieakkoord en moet een flinke energiebesparing binnen de bebouwde omgeving realiseren. Tegelijkertijd is die besparing nodig om de CO2-emissie te reduceren met 49% in 2030. In 2030 wordt label A de standaard en in 2050 is een energieneutrale gebouwde omgeving het streven. In 2024 is uitvoering gegeven aan het toezicht op de energielabel C. Alle kantoren die mogelijk onder de energielabel C verplichting vallen zijn tweemaal aangeschreven. De kantoren waarvan geen reactie is ontvangen, zijn fysiek bezocht. In 2024 zijn kantoorlocaties bezocht door een toezichthouder die specifiek voor dit doel is ingezet. In 2025 wordt hier verder opvolging aan gegeven.
Pagina 11 van 41 VTH-programma 2025
4.
Vergunningverlening en het behandelen van meldingen
In 2025 behandelen wij vergunningaanvragen binnen de wettelijke termijn en waar mogelijk sneller. Wij verlenen vergunningen voor initiatieven die passen binnen onze toetsingskaders en die bijdragen aan de realisatie van veilige en duurzame bouwwerken.
4.1 Bouwen en ruimtelijke ordening De inwerkingtreding van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen heeft gezorgd voor een aantal nieuwe producten, zoals de bouwmelding Wkb en de gereedmelding Wkb. Op basis van (beperkte) ervaringscijfers zijn er indicatieve kentallen opgesteld voor deze nieuwe producten. Naarmate komend jaar meer ervaring wordt opgedaan met de Omgevingswet, zullen de kentallen waar nodig worden aangepast. Voorfase In de voorfase van het verkrijgen van een toestemming kan op verschillende manieren een indicatie worden verkregen van de wenselijkheid van een initiatief. Dit kan door het stellen van een klantvraag, het laten beoordelen van een plan via de intaketafel en door het indienen van een conceptaanvraag. Dit ter voorbereiding op het indienen van een goede en volledige vergunningaanvraag. Er komen veel klantvragen binnen over bouwen en ruimtelijke ordening. De programmering 2025 houdt hier rekening mee. Daarnaast weten initiatiefnemers steeds beter de weg naar de intaketafel te vinden.
Voorfase initiatieven
Aantal
Klantvraag bouwen en RO Conceptaanvraag Intaketafel Totaal
500 125 150
Kental (uren) 1 1.75 1
Ureninzet 500 219 150 869
Vergunningaanvragen en meldingen Het uitgangspunt van de Omgevingswet is om zoveel mogelijk te kunnen volstaan met indienen van een melding, in plaats van het aanvragen van een omgevingsvergunning. Dit beperkt de lastendruk voor initiatiefnemers en de gemeente. Maar dit is niet voor alle situaties passend. De toelaatbaarheid van een activiteit wordt dan beoordeeld in de procedure voor een omgevingsvergunning. De programmering maakt onderscheid in de vergunning voor de ruimtelijke bouwactiviteit en voor technische bouwactiviteiten. De ruimtelijke bouwactiviteit is een omgevingsplanactiviteit (OPA). Deze activiteit heeft de gemeente in het omgevingsplan aangewezen als vergunningplichtige activiteit. Ook een activiteit die afwijkt van de regels van het omgevingsplan is een omgevingsplanactiviteit. Dit is de buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA). De omgevingsvergunning voor bouwen -ook wel de bouwtechnische omgevingsvergunning genoemd- is op opgenomen onder de categorie ‘bouwactiviteit technisch’. Er wordt onderscheid gemaakt in verschillende categorieën bouwkosten. Dit vanwege het verschil in behandeltijd. De behandeltijd is als kental (in uren) opgenomen. Buiten bouwgerelateerde activiteiten zijn er activiteiten opgenomen voor het kappen/vellen van een houtopstand en het wijzigen van een rijks- of gemeentelijk monument.
Pagina 12 van 41 VTH-programma 2025
Naast de werkvoorraad op basis van de Omgevingswet zijn er aanvragen in behandeling die voor 1 januari 2024 zijn ingediend op basis van de Wabo. Deze werkvoorraad wordt naar verwachting afgehandeld in 2025 en is apart inzichtelijk gemaakt. Vergunningaanvragen Omgevingswet
Aantal
Ureninzet
151 132 10 99 32 8 5 5 1 20
Kental (uren) 17 26 81 6 41 41 16 8 32 4
Bouwactiviteit ruimtelijk (bouwsom < €100.000) Bouwactiviteit ruimtelijk (bouwsom €100.000 - €1.000.000) Bouwactiviteit ruimtelijk (bouwsom > €1.000.000) Bouwactiviteit technisch (bouwsom < €100.000) Bouwactiviteit technisch (bouwsom €100.000 - €1.000.000) Bouwactiviteit technisch (bouwsom > €1.000.000) (Rijks-)monumentenactiviteit BOPA reguliere procedure (voormalige kruimelgevallen) BOPA uitgebreide procedure (voormalige projectbesluiten) Kapactiviteit Subtotaal Werkvoorraad Wabo Afhandeling Wabo-zaken van voor 1 januari 2024 Totaal
60
30
1800 10.222
2.567 3.250 243 654 1.312 164 80 40 32 80 8422
Toelichting op bovenstaande tabel: Op basis van de realisatie in 2024 en de te verwachten ruimtelijke ontwikkelingen in 2025 is een bouwprognose opgesteld. Er worden geen grote bouwplannen verwacht met bouwkosten die hoger zijn dan €10.000.0000. Verwacht wordt dat het aantal bouwaanvragen met bouwkosten van €100.000 tot en met €1.000.000 ongeveer gelijk blijft. Het grote aantal aanvragen dat eind 2024 is ingediend, kort voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet, is gr0tendeels afgehandeld. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is ook de Wkb in werking getreden. Deze wet is nu van toepassing op de nieuwbouw die valt onder het toepassingsbereik van gevolgklasse 1. Een toelichting hierop is opgenomen in bijlage 1. Naast een plicht tot het melden geldt voor bepaalde activiteiten een informatieplicht. Degene die bouwwerkzaamheden uitvoert of laat uitvoeren, moet de gemeente informeren over onder meer het begin en einde van de werkzaamheden. Ditzelfde geldt voor de activiteiten slopen en asbest verwijderen.
Meldingen en informatieplichten Omgevingswet
Aantal
Melding bouwactiviteit Wkb (bouwmelding inclusief gereedmelding) Informatieplicht strijdigheid (opvolgen melding kwaliteitsborger) Melding sloopactiviteit en/of asbest verwijderen (particulier) Informatieplicht bouwactiviteit (start en einde bouw) Informatieplicht sloopactiviteit Informatieplicht asbest verwijderen Totaal
137 14 84 82 84 84
Kental (uren) 6 20 5 0,2 0,2 0,2
Ureninzet 822 280 210 17 17 17 1363
Toelichting op bovenstaande tabel: Vanwege beperkte werkvoorraad van Wkb-meldingen in 2024 is het plannen van de werkvoorraad voor 2025 lastig. In 2025 worden referentiecijfers opgebouwd, waardoor een beter beeld wordt gekregen van de uitvoering. Omgevingsdienst Twente behandelt de meldingen voor verwijdering van asbest. Deze meldingen worden doorgestuurd. De gemeente ziet toe op bouwkundige sloop.
Pagina 13 van 41 VTH-programma 2025
Werkvoorraad en capaciteit De verwachte werkvoorraad is een inschatting op basis van aantallen van het voorgaande jaar en bekende trends en ontwikkelingen. Op voorhand is niet exact te bepalen hoeveel en welk type vergunningaanvragen / meldingen worden ingediend. Dit is een vraaggestuurde activiteit. Werkvoorraad versus capaciteit - Vergunningen en meldingen Werkvoorraad totaal ( 12.454 uur) Beschikbare capaciteit regisseur vergunnen (7.000 uur); sr. mdw. klantcontact (2.100 uur)
8,90 fte 6,50 fte
Op basis van de vaste bezetting is er voor deze werkvoorraad onvoldoende capaciteit beschikbaar. Aanvullend kan worden voorzien in inzet van vaste sr. medewerkers klantcontact bij de afhandeling van lichtere aanvragen, meldingen, informatieplichten en bij het uitvoeren van VTH-ondersteunende werkzaamheden. Ook bestaat ruimte voor inhuur van medewerkers. Bekostiging vindt dan plaats uit de meeropbrengsten bouwgerelateerde leges. Daarmee is voldoende capaciteit beschikbaar voor uitvoering van de geprogrammeerde werkvoorraad.
4.2 Brandveiligheid Brandweer Twente voert taken uit op het gebied van advisering en toezicht brandveiligheid. De gemeente is als bevoegd gezag (eind-)verantwoordelijk voor deze taak en de daaruit voortvloeiende bestuursrechtelijke handhaving. Bij de taakuitvoering wordt onderscheid gemaakt tussen reguliere werkzaamheden en focuspunten. Focuspunten zijn werkzaamheden waar in 2025 extra aandacht aan wordt besteed. Reguliere werkzaamheden Onderstaande tabel geeft een overzicht van de doelen bij uitvoering van reguliere werkzaamheden. De basis hiervoor is het beleidsplan Veiligheidsregio Twente (2019-2024). Thema Persoonlijke veiligheid Veilige en effectieve hulpverlening
Maatschappelijke impact en continuïteit Bescherming milieu, gebouw en inventaris Samenwerken met bevoegd gezag en ketenpartners
Hoofddoel Het beperken van de kans op slachtoffers in de (bebouwde) leefomgeving en bij evenementen. De omgeving is zo ingericht dat de bereikbaarheid voor hulpdiensten is gewaarborgd. Daarnaast zijn de bluswatervoorzieningen afgestemd op de risico’s van gebieden en objecten zodat een snelle inzet mogelijk is. Hierbij is ingezet op het zoveel mogelijk beperken van risico’s t.b.v. veilig (repressief) optreden door de hulpdiensten. Het voorkomen van (langdurige) maatschappelijk impact van incidenten op de continuïteit van de samenleving (zoals het uitvallen van vitale infrastructuur). Voorkomen van grote branduitbreiding, milieuschade, verstoring van openbare orde en aanspraak op inzet brandweer. Een betrouwbare en deskundige partner zijn om zo een integrale afweging mogelijk te maken en gezamenlijke belangen te benutten.
Reguliere werkzaamheden in de keten van bestemmen en vergunnen zijn opgenomen in onderstaande tabel. In het Beleidsplan VRT is door middel van een risicoprofiel de prioriteit voor de werkzaamheden bepaald. De doelen reflecteren deze prioriteit. Werkzaamheden bestemmen en vergunnen Advisering in het kader van de omgevingsactiviteit ‘Bouwen’ en ‘Brandveilig gebruik’ Alternatieve bouwmethoden en isolatiematerialen (biobased)
Doel Alle hoofddoelen. Alle hoofddoelen.
Opnemen van nadere voorwaarden voor zo ver de regelgeving niet dekkend of niet voorhanden is. Organiseren en bijwonen kennissessies met marktpartijen Verificatie brandmeldingen
Veilige en effectieve hulpverlening.
De werkzaamheden in het kader van ruimtelijke veiligheid zijn opgenomen in de navolgende tabel.
Pagina 14 van 41 VTH-programma 2025
Werkzaamheden ruimtelijke veiligheid Advisering Advisering in het kader van de omgevingsactiviteit ‘Omgevingsplan’ en ‘Omgevingsvisie’ EOS Aandacht voor de plaatsing van Energie Opslag Systemen (EOS) met name ten aanzien van de bereikbaarheid en bluswatervoorziening. Propaantanks Aandacht voor de toename van propaantanks in de bebouwde omgeving ten gevolge van de energietransitie. Aandachtsgebieden Gemeenten informeren en adviseren over de risico's van het plaatsen van (zeer) kwetsbare gebouwen binnen aandachtsgebieden.
Doel Alle hoofddoelen.
Veilige en effectieve hulpverlening. Maatschappelijke impact en continuïteit. Maatschappelijke impact en continuïteit. Bescherming milieu, gebouw en inventaris. Persoonlijke Veiligheid. Bescherming milieu, gebouw en inventaris.
Focuspunten Bij de focuspunten wordt een stapje extra gedaan. Onderstaand is een overzicht weergegeven van de focuspunten in 2025. ▪ Energietransitie: Door de schaarste van fossiele energiebronnen, toenemende milieubelasting en de gevolgen daarvan voor het klimaat zitten we in een transitie naar hernieuwbare, schone energiebronnen. Deze nieuwe energie wordt meestal decentraal opgewekt. Tegelijk werken we aan een circulaire economie om zo duurzaam mogelijk om te gaan met de grondstoffen die de aarde ons biedt. Dat alles vraagt om grootschalige aanpassingen aan onze bestaande energie-infrastructuur. Alternatieve technologieën en innovatieve toepassingen creëren nieuwe, nog onbekende risico’s. Vaak wordt in de praktijk pas ontdekt hoe groot ze zijn. Veiligheid staat hierbij niet altijd bovenaan en er zijn vaak geen wettelijke kaders. Kennis over risico’s, impact en veiligheid van de energietransitie is bovendien versnipperd. Speerpunten binnen de energietransitie zijn: 1. EOS, 2. Duurzaam bouwen en 3. Waterstof. ▪ Alternatieve bouwmethoden en isolatiematerialen (Biobased): Klimaatverandering en zorg voor het milieu spelen een steeds grotere rol in de bouwwijzen en de bouwmaterialen die in Nederland toegepast worden.
Hoewel nieuwe en innovatieve bouwmaterialen moeten voldoen aan de eisen van het BBL, betekent dit nog niet noodzakelijkerwijs dat toepassing van innovatieve materialen en methodes ook een brandveilig gebouw oplevert. Over de wijze waarop nieuwe en innovatieve materialen zich precies zullen gedragen wanneer ze bij brand betrokken raken en hoe de brandweer dan moet optreden is nog veel onbekend. ▪ Centrumgebieden: Centrumgebieden kenmerken zich vaak door een diversiteit van gecombineerde functies, zoals wonen boven winkels en horeca. Daarnaast vinden binnen dergelijke dicht bebouwde gebieden (meerdere) evenementen plaats. De historische panden zijn vaak aaneengesloten en door de jaren heen verbouwd op basis van wetgeving waarbij brandpreventieve voorzieningen nog niet geborgd waren waardoor een brand mogelijk kan uitbreiden over meer dan één pand. Straten zijn nauw en daarmee moeilijk bereikbaar voor de hulpverleners. Tevens is de bluswaterbehoefte groter dan in een reguliere woonwijk. Panden zijn aaneengesloten, waardoor slechts vanaf één zijde een beeld kan worden kan worden gevormd van het incident, dat ook slechts vanaf één zijde bestreden kan worden. ▪ Risicogericht werken: De Omgevingswet vraagt veiligheidsregio's een risicogerichte werkmethode te hanteren, waarbij een integrale benadering van risico's vanuit verschillende vakgebieden centraal staat.
Dit is essentieel voor het waarborgen van een veilige fysieke leefomgeving, waarbij samenwerking met diverse overheidsinstanties en ketenpartners belangrijk is voor het tijdig identificeren en beheersen van risico's. Dit vraagt om een bredere kijk op complexe veiligheidsvraagstukken en het vermogen om creatief mee te Pagina 15 van 41 VTH-programma 2025
denken over oplossingen, aangezien wet- en regelgeving soms onvoldoende toereikend zijn om de beoogde veiligheidsdoelen volledig te waarborgen.
4.3 APV en Bijzondere Wetten In het kader van het voorkomen en bestrijden van ondermijning zet de gemeente Almelo in 2025 opnieuw in op controles van horecabedrijven, coffeeshops en seksbedrijven en massagesalons. Door het voortzetten van deze controles en handhaving op illegale situaties wordt bijgedragen aan een veiliger woon- en werkklimaat in de omgeving, het voldoen aan de wet- en regelgeving met daarbij preventie en bewustwording. Door het continueren van deze aanpak en het uitgebreid toepassen van de wet Bibob wil de gemeente Almelo de integriteit in deze branches verhogen. Vergunningen, meldingen, c.a. APV Kennisgeving openbare betoging (art. 2:3) Ontheffing flyeren (art. 2:6) Ontheffing straatartiest (art. 2:9) Ontheffing voorwerp openbare plaats (art. 2:10) Vergunning evenement (art. 2:25) Melding evenement (art. 2:25) Vergunning betaald voetbal (art. 2:26a) Vergunning horeca-exploitatie (art. 2:28) Wijziging exploitatievergunning (art. 2:28) Vergunning seksinrichting (art. 3:4) Kennisgeving incidentele activiteiten (art. 4:3) Inzameling geld of goed (art. 5:13) Vergunning standplaats (art. 5:18) Alcoholwet Vergunning horeca- of slijtersbedrijf (art. 3) Wijziging horeca of slijterij (art. 3) Ontheffing zwak alcoholische drank (art.
35) Wet op de kansspelen Vergunning kansspel; melding bingo & loterijen Vergunning kansspelautomaten Wet milieubeheer Stookontheffing Brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen Melding brandveilig gebruik; veelal tenten Besluit administratieve bepalingen inz. wegverkeer Aanstellen verkeersregelaars en onderhoud SVNL (art. 56) Aanstellen verkeersbrigadiers (art. 58) Wet Bibob Bibob uitvragen Totaal Overige taken en projecten Klantvragen PowerBrowser Beleidsadvisering Reservecapaciteit (10%) Totaal
Aanvragen (aantal)
Inzet (uren)
10 13 6 100 100 65 6 30 10 3 14 10 30
100 26 12 300 800 130 18 300 30 60 24 20 120
10 20 30
60 60 60
10 10
20 20
10
30
8
24
200 10
400 10
56 761
840 3464
Aanvragen (aantal) 300 20 20 1 341
Inzet (uren) 300 40 80 370 870
Pagina 16 van 41 VTH-programma 2025
4.4 Werken aan kwaliteitsdoelen Op basis van Verordening uitvoering en handhaving omgevingsrecht gemeente Almelo 2024 richten de kwaliteitsdoelen zich op de onderdelen dienstverlening, uitvoeringskwaliteit en financiën. De bijdrage vanuit dit programma wordt onderstaand toegelicht. Ook wordt toegelicht hoe met het uitvoeren van de activiteiten wordt bijgedragen aan het behalen van onze VTH-beleidsdoelen. ▪ Dienstverlening Omgevingswet: De implementatie van de Omgevingswet loopt in 2025 door. Er wordt gewerkt aan verfijning van werkafspraken (zowel intern als regionaal), afmaken van nieuwe sjablonen en het aanpassen van processen. Hiertoe behoren ook het gebruik van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) en de Samenwerkingsfunctionaliteit (SWF). De Omgevingswet vormde de aanleiding om te starten met het intakteteam. Het intaketeam bestaat uit een verzameling collega’s uit het team V&N die twee keer per week nieuwe vergunningaanvragen bekijken. Hierdoor optimaliseren we de workflow. In 2025 wordt het intaketeam voortgezet en worden er op onderdelen verbeteringen aangebracht. Wkb: De projectgroep implementatie Wkb is in 2024 omgezet in de werkgroep Wkb. In 2025 zetten wij het werken met de Wkb werkgroep voort.
Dit team heeft speciale aandacht voor de beoordeling van de verschillende meldingen en informatieplichten en de samenwerking en afstemming tussen regisseurs vergunningen en de bouwinspecteurs. Met het handelingskader Wkb (zie bijlage 1) wordt in 2025 meer ervaring opgedaan. De ervaringen in 2024 waren beperkter dan verwacht. De resultaten worden betrokken bij het nieuwe VTH beleid 2025. ▪ Uitvoeringskwaliteit Gebruik BRIS-toets: In 2025 wordt hernieuwd ingezet op het gebruik van de applicatie BRIS-toets. Bouwaanvragen worden overeenkomstig het toetsprotocol beoordeeld. Vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Wkb voor het bouwen is besloten om de gevolgklassen 2 en 3 te beoordelen met behulp van BRIS-toets. Voor gevolgklasse 1 wordt geen BRIS-toets uitgevoerd. Dit vanwege geringe bouwtechnische risico’s en de uitgangspunten van de Wkb (toetsing door de kwaliteitsborger). Toetsen BENG: Het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) stelt eisen aan de energiezuinigheid van nieuw te bouwen bouwwerken. Er gelden BENG-eisen voor de thermische isolatie, de luchtdichtheid en de technische bouwsystemen. BENG staat voor Bijna Energieneutrale Gebouwen. De beoordeling van de BENG-eisen is een vast onderdeel van de toetsing van bouwplannen voor gebouwen. Verbeteren informatievoorziening: Verbeterpunt is de informatievoorziening. Dit is een meerjarig traject.
Door verbetering kunnen VTH-prestaties beter worden gemonitord en kan de inzet waar nodig worden bijgestuurd. In 2025 worden hiervoor werkzaamheden uitgevoerd. ▪ Financiën De Legesverordening 2025 is vastgesteld. Er is rekening gehouden met de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging. ▪ Bijdrage aan realisatie van beleidsdoelen Met de toepassing van het vergunningen- en meldingeninstrumentarium op basis van de Omgevingswet wordt een bijdrage geleverd aan het waarborgen van constructieve veiligheid en bouwkundige brandveiligheid (taakveld bouwen); het waarborgen van gezondheid en omgevingsveiligheid (activiteit slopen) en de kwaliteit van de leefomgeving (taakveld ruimtelijke ordening en monumenten). Met de inzet van het taakveld brandveiligheid wordt een efficiënte en effectieve naleving op het gebied van brandveiligheid nagestreefd.
Pagina 17 van 41 VTH-programma 2025
Er wordt op verschillende manieren invulling gegeven aan het beleidsdoel ‘sterk inzetten op samenwerking’: - Er wordt actief invulling gegeven aan accountmanagement met Omgevingsdienst Twente en Brandweer Twente. - Onze gemeente is vertegenwoordigd in de begeleidingsgroep doorontwikkeling VTH-samenwerking Twente en maakt nu deel uit van de regionale kerngroep VTH beleid Twente. - Onze gemeente is vertegenwoordigd in het regionale bouwoverleg van gemeenten en het VTH-beleid voor de thuistaken. - Onze gemeente participeert in het overleg voor werkende ketens Omgevingswet. Het beleidsdoel ‘samen met de stad’ wordt ingevuld door het bieden van veel mogelijkheden voor overleg en samenwerking binnen het initiatieven- en vergunningenproces.
Pagina 18 van 41 VTH-programma 2025
5.
Naleving
Naleving van regelgeving is in onze maatschappij geen vanzelfsprekendheid. Samen met ketenpartners houden wij actief toezicht op veiligheid en leefbaarheid. Waar toezicht en het aanspreken van overtreders niet leidt tot normconform gedrag, wordt opgetreden op basis van het VTH beleid en het juridisch instrumentarium dat ons ter beschikking staat.
5.1 Bouwen en ruimtelijke ordening Gezien de risico’s van bepaalde activiteiten in de fysieke leefomgeving en vanwege overlastsituaties is het toezicht op naleving van regels cruciaal. Het doel van toezicht op bouwen en ruimtelijke ordening is dat het naleven van de gestelde regels leidt tot een kleinere kans op het ontstaan van risico’s. Toezicht vindt op verschillende momenten, op verschillende aspecten door verschillende toezichthouders plaats, al dan niet gezamenlijk in het kader van een integrale aanpak. Daarbij worden verschillende fasen onderscheiden: De realisatiefase richt zich voornamelijk op de activiteiten aanleggen, bouwen en inrichten. Het vergunningsgerichte toezicht vormt de hoofdmoot: er wordt toezicht gehouden vanwege bijvoorbeeld een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen. Bij het toezicht in de gebruiksfase gaat het om objectcontroles, zoals het gebruik op basis van de bestemming (toezicht ruimtelijke ordening) en de controle op brandveilig gebruik. Bij toezicht in de sloopfase wordt toezicht gehouden op het slopen van bouwwerken, al dan niet in combinatie met de verwijdering van asbest. Ook hanteren wij verschillende vormen van toezicht, die naast elkaar kunnen worden gebruikt. Veel gebruikte vormen van toezicht zijn: -
-
-
Gebiedsgericht toezicht: Dit is toezicht in het vrije veld. Deze vorm van toezicht is gericht op het preventief aanwezig zijn in een stadsdeel, op een bedrijventerrein of in het buitengebied. Bij deze vorm van toezicht wordt rekening gehouden met de kans dat niet-naleving van regels zich zal voordoen en activiteiten plaatsvinden die niet bij ons bekend zijn, terwijl men dit wel had moeten melden, of activiteiten die onwenselijk zijn. Zo kan zicht worden verkregen op illegale activiteiten of overlast. Dit vergroot de leefbaarheid in onze stad. Vanwege de Omgevingswet wordt versterkt ingezet op gebiedstoezicht. Thematisch toezicht: Deze vorm van toezicht richt zich op een bepaald thema uit de regelgeving. Zo wordt in korte tijd inzicht gekregen in de omvang van de problematiek of het naleefgedrag voor dat thema. Een voorbeeld is het toezicht op energielabel C bij kantoren. Toezicht vanwege klachten, incidenten en (lopende) handhavingsprocedures. Reden voor deze controle is een binnengekomen klacht of melding van een incident of calamiteit, of mogelijk illegale situatie. Ook is het mogelijk dat vanwege de hiervoor genoemde toezichtvormen een handhavingsprocedure wordt gestart om overtredingen op te heffen. Tijdens deze procedure is het nodig een vinger aan de pols te houden of de illegale situatie al dan niet is opgeheven en/of er sancties nodig zijn.
Toezicht bouwen en ruimtelijke ordening Dit toezicht heeft betrekking op de uitvoering van omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen. Op voorhand is de werkvoorraad niet exact te bepalen. Evenals bij vergunningverlening is bij het bouwtoezicht sprake van een werkvoorraad op basis van de Wabo. Belangrijke oorzaak is de grote stroom van bouwaanvragen die het laatste kwartaal 2023 is ingediend. De werkvoorraad op basis van de Wabo is inzichtelijk gemaakt naast de werkvoorraad op basis van de Omgevingswet.
Pagina 19 van 41 VTH-programma 2025
Toezicht tijdens de bouw op basis van de Wabo
Aantal
Categorie 1 (bouwsom < €100.000) Categorie 2 (bouwsom €100.000 - €1.000.000) Categorie 3 (bouwsom > €1.000.000) Totaal
135 30 12
Kental (uren) 5 19 56
Ureninzet 225 570 672 1.467
Het vergunningsgerichte bouwtoezicht is afgestemd op de bouwprognose. Voor de lichtste categorie bouwwerken beperkt de controle zich tot een eindcontrole. Deze prioritering is opgenomen in ons VTH-beleid. Toezicht overige activiteiten Wabo
Aantal
Toezicht aanleg Toezicht monument Toezicht afwijken bestemmingsplan Totaal
2 5 10
Kental (uren) 2 5 5
Ureninzet 4 25 50 79
Bij het technische bouwtoezicht wordt uitgegaan van de indeling in gevolgklassen op basis van de Wkb. Op dit moment valt alleen nieuwbouwprojecten gevolgklasse 1 onder de Wkb. Verbouwprojecten in gevolgklasse 1 volgen op een later moment. Van de gevolgklassen 2 en 3 is niet bekend of en wanneer deze in werking treden. Het toezicht op een bouwwerken in gevolgklasse 1 is naar verwachting in 2025 beperkt. In 2024 zijn relatief weinig meldingen ingediend. Daarnaast wordt op basis van het handelingskader Wkb (zie bijlage 1) alleen risicogericht en steekproefsgewijs getoetst. Het bouwtechnisch toezicht wordt immers primair uitgevoerd door de kwaliteitsborger op basis van het kwaliteitsborgingsinstrument. Het toezicht op basis van gevolgklasse 1 (onderdeel verbouw) en gevolgklasse 2/3 vallen (nog) niet onder het stelsel van private kwaliteitsborging. Dit bouwtoezicht wordt uitgevoerd door gemeentelijke bouwinspecteurs. Toezicht bouwtechnische activiteiten Omgevingswet Bouwactiviteit technisch (Gevolgklasse 2/3; bouwsom < €100.000) Bouwactiviteit technisch (Gevolgklasse 2/3; bouwsom (€100k - €1.000k) Bouwactiviteit technisch (Gevolgklasse 2/3; bouwsom (> €1.000.000) Bouwactiviteit melding (gevolgklasse 1 bouwwerk Wkb) Toezicht slopen (excl. asbest) Totaal
Aantal 109 32 8 10 62
Kental (uren) 5 19 56 3 6
Ureninzet 545 608 448 30 372 2003
Naast toezicht op bouwtechnische activiteiten wordt toezicht op de ruimtelijke regels uitgevoerd. Dit toezicht richt zich op met name op naleving van de vergunning voor de omgevingsplanactiviteit. Categorie toezicht omgevingsplanactiviteiten Omgevingswet Bouwactiviteit ruimtelijk (bouwsom < €100.000) Bouwactiviteit ruimtelijk (bouwsom €100.000 - €1.000.000) Bouwactiviteit ruimtelijk (bouwsom > €1.000.000) Totaal
Aantal 151 132 10
Kental (uren) 2 5 14
Ureninzet 302 660 140 1102
Gebiedsgericht toezicht Bij deze vorm van toezicht wordt rekening gehouden met de kans dat niet-naleving van regels zich zal voordoen bij activiteiten die niet bij ons bekend zijn, terwijl dit gemeld had moeten worden. Het kan ook gaan om activiteiten die onwenselijk zijn. Zo kan zicht worden verkregen op illegale activiteiten of overlast. Pagina 20 van 41 VTH-programma 2025
Gebiedstoezicht Vrije veld toezicht Toezicht (illegale) bouw vanuit constateringen BAG Controle bedrijventerreinen Totaal
Inzet (uren) 100 100 300 500
Themagericht toezicht Er wordt toezicht gehouden op een bepaald thema uit regelgeving. Zo wordt inzicht gekregen in de omvang van de problematiek of het naleefgedrag voor dat thema. Themagericht toezicht Controle Gustos Energielabel C kantoren Controle ‘kwaliteitsimpuls groene omgeving’ Controle ‘rood voor rood’ Totaal
Werkvoorraad (uren) 320 80 80* 50* 750
Inzet (uren) 320 80 0 0 400
(*)
De werkvoorraad voor controle van kwaliteitsimpuls groene omgeving en controle van rood voor rood is niet exact bekend. In 2025 wordt gebiedstoezicht uitgevoerd, op basis waarvan het overzicht van toezichtlocaties wordt geüpdatet. Toezichtlocaties worden gepland voor 2026, of eerder waar mogelijk.
Toezicht vanwege vragen, meldingen en handhavingsverzoeken Dit betreft Omgevingswet-gerelateerd toezicht vanwege vragen, meldingen en handhavingsverzoeken. Toezicht vragen, meldingen en handhavingsverzoeken Behandelen klachten over bouwen en RO Behandelen klantvragen bouwen Controle handhavingsverzoeken en bezwaar Handhaving brandveilig gebruik bouwinspecteur Totaal
werkvoorraad (uren) 250 100 350 100 800
Inzet (uren) 250 100 350 100 800
Werkvoorraad en capaciteit Het geplande toezicht op basis van de Omgevingswet en de Wabo bedraagt 4,53 fte. Vanuit vaste formatie is 4,00 fte beschikbaar. Hierdoor is sprake van een rekeningkundig tekort van 0,53 fte. Werkvoorraad versus capaciteit - Vergunningen en meldingen Werkvoorraad totaal ( 6.351 uur) Beschikbare capaciteit bouwinspecteurs en toezichthouders gebied & gebruik (5.600 uur)
4,53 fte 4,00 fte
De ervaring leert dat niet alle bouwwerken binnen een jaar na vergunningverlening worden gerealiseerd. De start bouw ligt voor een aantal bouwwerken in 2026 of later. Daarnaast wordt in 2025 gestart met het projectmatig intrekken van omgevingsvergunningen voor de activiteit bouwen waar geen uitvoering aan is gegeven. Een toelichting hierop is opgenomen in hoofdstuk 8. Dit verkleint het bouwtoezicht. Ook kan het effect van de Wkb leiden tot een verminderde opgave voor toezicht en kunnen kentallen voor toezicht te hoog zijn ingeschat. Derhalve kan op voorhand niet met zekerheid worden gesteld dat sprake is van een tekort in bouwtoezicht. Vooralsnog wordt uitgegaan van voldoende capaciteit voor uitvoering in 2025. De uitvoering wordt gedurende het jaar gemonitord. Indien nodig worden na bestuurlijke afstemming opnieuw prioriteiten gesteld of tijdelijk formatie ingehuurd.
Pagina 21 van 41 VTH-programma 2025
5.2 Brandveiligheid Op basis van het Regionaal kader evenementenveiligheid VRT en het ‘Risico Afwegingsmodel Toezicht Brandveiligheid’ (RAT) is door de brandweer met behulp van een risicoprofiel de prioriteit voor de werkzaamheden bepaald. Het toezicht op brandveilig gebruik richt zich op objecten in de sectoren zorg, kamerverhuur, publieke gebouwen, kinderdagverblijven en parkeergarages. Voor 2025 is door Brandweer Twente een toezichtlijst opgesteld. Thema toezicht brandveiligheid Zorg Onderwijs en kinderopvang Logies Kamerverhuur Publieke gebouwen Totaal
Inzet (aantal controles) 38 24 8 11 31 112
5.3 APV en Bijzondere Wetten Het beleidsdoel van het toezicht binnen dit taakveld is het verhogen van de sociale veiligheid en leefbaarheid. Toezicht- en handhavingsprioriteiten bij APV/Bijzondere Wetten zijn onder meer jeugdoverlast, leefbaarheid en veiligheid in wijken en (bestuursrechtelijke) handhaving op het gebied van drugs- en prostitutiepanden. Zie onderstaande tabel. Meldingen politie/ondermijningsoverleg/MMA (Periodieke) integrale controles (o.a. horeca, illegaal gokken, DOR/DOL, opslag- en garageboxen), autogarages. Jeugdoverlast en mensen met onbegrepen gedrag. (Bestuursrechtelijke) handhaving op het gebied van alcohol, drugs- en prostitutie Veiligheid en leefbaarheid in de wijken (o.a. parkeren, overlast, bijzettingen en het verkeerd aanbieden van huishoudelijke afval.) Begeleiding pandbrigade Integrale wijkboa
Voor het uitvoeren van toezicht is 14,45 fte beschikbaar binnen de functie Buitengewoon Opsporingsambtenaren (boa's) en tevens toezichthouder als bedoeld in artikel 5:11 van de Algemene wet bestuursrecht.
5.4 Werken aan kwaliteitsdoelen Op basis van Verordening uitvoering en handhaving omgevingsrecht gemeente Almelo 2024 richten de kwaliteitsdoelen zich op de onderdelen dienstverlening, uitvoeringskwaliteit en financiën. De bijdrage vanuit dit programma wordt onderstaand toegelicht. Ook wordt toegelicht hoe met het uitvoeren van de activiteiten wordt bijgedragen aan het behalen van onze VTH-beleidsdoelen. ▪ Dienstverlening Toezichthouders hebben een adviserende en controlerende taak. Zij komen in beeld als situaties in strijd zijn met de vastgestelde voorschriften. Maar zij werken ook preventief en spreken initiatiefnemers aan op naleefgedrag. Door naleving te bevorderen en daar waar nodig handhavend op te treden, leveren toezichthouders een belangrijke bijdrage aan de veiligheid, gezondheid en leefbaarheid van de leefomgeving. Daarmee spelen zij in op vragen uit de omgeving en kunnen waar mogelijk een bemiddelde rol aannemen. Het toezicht vanwege vragen, meldingen en handhavingsverzoeken zorgt voor een toegankelijke dienstverlening. Klachten, meldingen en handhavingsverzoeken worden opgevolgd. ▪ Uitvoeringskwaliteit In toenemende mate wordt er bij toezicht samengewerkt tussen de gemeente Almelo en Omgevingsdienst Twente. Voorbeelden zijn het integrale horecatoezicht op het Prinses Amaliaplein en gezamenlijk toezicht in Pagina 22 van 41 VTH-programma 2025
het kader van ruimtelijke regelgeving (gemeente) en milieuregelgeving (ODT). Toezicht en handhaving op brandveiligheid gebeurt in samenwerking met Brandweer Twente. Integraal, omgevingsgericht toezicht verhoogt de uitvoeringskwaliteit. De gemeente Almelo zet hier op in. Verbeteren informatievoorziening: Verbeterpunt is de informatievoorziening. Dit is een meerjarig traject. Door verbetering kunnen VTH-prestaties beter worden gemonitord en kan de inzet waar nodig worden bijgestuurd. In 2025 worden hiervoor werkzaamheden uitgevoerd. ▪ Bijdrage aan het behalen van beleidsdoelen Bouwwerken die niet voldoen aan regelgeving kunnen onveilig en ongezond zijn voor de gebruiker, of bijvoorbeeld niet energiezuinig. Met het uitvoeren van toezicht wordt gecontroleerd of voldaan wordt aan de voorschriften. Hierbij wordt gebruik gemaakt van het toezichtprotocol uit ons VTH-beleid. De hoogste prioriteit gaat uit naar veiligheidsaspecten. De inzet vindt plaats op bouwwerken van gevolgklasse 2 en 3 Wkb en op basis van ons VTH-beleid. Bij afwijkingen wordt handhavend opgetreden.
Pagina 23 van 41 VTH-programma 2025
6.
Juridische advisering
Het omgevingsrecht is dynamisch, omvangrijk en complex. In het samenspel tussen verschillende disciplines versterken wij onze juridische advisering en dragen bij aan het verbeteren van de onderlinge samenwerking.
6.1 Ontwikkelingen Het juridische werkveld is continu in ontwikkeling. De belangrijkste ontwikkelingen worden in onderstaande opsomming nader toegelicht. Deze ontwikkelingen kunnen van invloed zijn op de inzet van de beschikbare juridische capaciteit. De inwerkingtreding van de Omgevingswet heeft de nodige (juridische) vragen in de uitvoeringspraktijk met zich mee gebracht. Ook in 2025 is hiervoor extra juridische ondersteuning nodig. De inwerkingtreding van de Wkb vraagt om juridische advisering over de nieuwe wet- en regelgeving en een gewijzigde uitvoerings- en handhavingsstrategie voor de activiteit bouwen. Ook kan door de nieuwe werkwijze onder de Wkb het aantal handhavingstrajecten toenemen. In 2024 zijn er enkele bouwmeldingen ingediend. Er zijn nog geen gereedmeldingen ingediend. De verwachting is dat in 2025 de eerste gereedmeldingen zullen worden ingediend. Daarnaast zijn er gevallen waarin een gereedmelding niet kan worden ingediend, omdat er strijdigheden met het Bbl zijn. In dat geval zal er een verzoek worden gedaan om een ingebruiknamebesluit te nemen. Omdat hiermee nog geen ervaring is opgedaan en het juridische kader hieromtrent zeer complex is, zal dit naar verwachting een beslag leggen op de juridische capaciteit. Per 1 november 2024 is de Huisvestingsverordening met opkoopbescherming in werking getreden.
Deze nieuwe regelgeving en verordening kan tot nieuwe juridische procedures leiden. Op grond van deze verordening kunnen besluit worden genomen waartegen rechtsmiddelen kunnen worden aangewend. Daarnaast kan ook handhaving van deze regelgeving aan de orde zijn. Ingezet wordt op een betere aansluiting tussen beleid en regelgeving, voorbereid door andere eenheden in onze organisatie op de feitelijke uitvoering. Dit vergt inzet op onderlinge samenwerking en betrokkenheid aan de voorkant. Dit gebeurt door juristen in het voorstadium van de ontwikkeling van nieuwe regelgeving of beleid te betrekken, door te adviseren over de (juridische) kwaliteit, doelmatigheid en uitvoerbaarheid hiervan. Daarnaast is het belangrijk om op basis van ervaringen met de uitwerking van beleid en regelgeving te adviseren aan de opstellers daarvan. Samen met Omgevingsdienst Twente wordt uitvoering gegeven aan milieuhandhaving. Kortheidshalve wordt verwezen naar het programma Uitvoering en Handhaving Twente 2025. De in 2021 gestarte handhaving vanwege illegale kamerbewoning is in 2022 verder geïntensiveerd en in 2023 gevolgd door de instelling van de pandbrigade (zie hoofdstuk 7). Dit brengt ook voor 2025 ontwikkelingen met zich mee, zoals juridische advisering bij uit te voeren en uitgevoerde controles door de toezichthouders en behandeling van de aanvragen voor omgevingsvergunningen voor kamerbewoning.
Vanwege ontwikkelingen, maatschappelijke veranderingen en de verwachte inwerkingtreding van nieuwe wet- en regelgeving wordt de APV jaarlijks geëvalueerd. Met deze jaarlijkse evaluatie van de APV wordt voorzien in noodzakelijk onderhoud van deze belangrijke gemeentelijke verordening. Het VTH-zaaksysteem wordt verder ingericht op juridische (sub-)producten. Hierdoor kunnen (juridische) producten beter worden geregistreerd en uitgelezen. Dit is onderdeel van het verbeteren van onze informatievoorziening. 6.2 Prognose juridische advisering en capaciteitsplanning team Vergunningverlening en Naleving Vanwege het brede juridische takenpakket van de juristen in het team Vergunningverlening en Naleving in combinatie met een groot werkaanbod, is sprake van aanzienlijk onderhanden werk. Voor wat betreft de reguliere lijnproductie werkt het juridisch cluster in beginsel reactief: de werkvoorraad wordt gevormd door de ingediende aanvragen, bezwaren, klachten en verzoeken om handhavend op te treden. Intensivering van het toezicht kan leiden tot meer geconstateerde overtredingen waartegen handhavend moet worden opgetreden.
Pagina 24 van 41 VTH-programma 2025
Een stijging in afhandeling van aanvragen om omgevingsvergunning, kan eveneens leiden tot een stijging van de ingediende bezwaren. Er zijn activiteiten die voorheen met een uitgebreide procedure moesten worden behandeld die onder de Omgevingswet via een reguliere procedure kunnen worden behandeld. Tegen de besluiten op die aanvragen staat ook bezwaar open. Aan de andere kant kunnen met inwerkingtreding van de Omgevingswet en de Wkb enkele activiteiten die onder de Wabo vergunningplichtig waren met een melding worden afgedaan. Dat kan tot meer handhavingszaken leiden. Uitgangspunt bij het plannen van werkzaamheden is dat deze binnen de bestaande formatie worden uitgevoerd.
Categorie Bezwaar - vergunningen (35) - handhaving (15) Beroep - vergunningen (7) - handhaving (3) Hoger beroep - vergunningen (2) - handhaving (1) Voorlopige voorziening - vergunningen (2) - handhaving (2) Handhavingsverzoek Handhavingstraject - bouw en gebruik (18) - brandveiligheid (5) - milieu (12) - overig (APV, Winkeltijdenwet, etc.) (5) Ten uitvoer leggen last onder dwangsom Juridische advisering algemeen - jaarlijkse advisering APV - advisering ruimtelijke ordening - advisering overig Juridische advisering vergunningverlening Juridische advisering toezicht en handhaving Juridische kwaliteitszorg - prioriteringskader handhaving - werkprocessen verbeteren - kwaliteit producten verbeteren Advisering Bibob Behandeling Woo-verzoeken Intrekken omgevingsvergunningen Behandelen raadsvragen Onderhanden werk Totaal
Aantal 50
Kental (uren) 40
Ureninzet
10
35
350
3
30
90
4
40
160
25 40
30 25
750 1.000
10 -
30 -
300 750
-
-
500 500 750
70 6 10 6 140
10 35 25 20 15
700 210 250 120 2.000 10.430
2.000
Werkvoorraad en capaciteit De verwachte werkvoorraad is een inschatting op basis van de bestaande werkvoorraad en de aantallen van het voorgaande jaar. Op voorhand is de werkvoorraad niet exact te bepalen. Werkvoorraad versus capaciteit - Vergunningen en meldingen Werkvoorraad totaal ( 10.430 uur) Beschikbare capaciteit (10.430 uur)
7,45 fte 7,45 fte
Op basis van de vaste bezetting is er voor deze werkvoorraad voldoende capaciteit beschikbaar.
Pagina 25 van 41 VTH-programma 2025
6.3 Prognose juridische advisering en capaciteitsplanning team Veiligheid De juridische werkzaamheden ten aanzien van APV/Bijzondere Wetten is opgenomen in onderstaande tabel.
Juridische werkzaamheden APV / Bijzondere Wetten Bezwaar (APV) Voorlopige voorziening (APV) Beroep en hogere beroep (APV) Bezwaar (Bijzondere Wetten) Voorlopige voorziening (Bijzondere Wetten) Beroep en hogere beroep (Bijzondere Wetten) Totaal
werkvoorraad (aantal) 4 0 4 10 4 3 25
Inzet (uren) 100 0 120 250 120 90 680
Werkvoorraad en capaciteit Binnen het team Veiligheid is voldoende juridische capaciteit aanwezig om deze werkzaamheden uit te voeren. 6.4 Werken aan kwaliteitsdoelen Op basis van Verordening uitvoering en handhaving omgevingsrecht gemeente Almelo 2024 richten de kwaliteitsdoelen zich op de onderdelen dienstverlening, uitvoeringskwaliteit en financiën. De bijdrage vanuit dit programma wordt onderstaand toegelicht. Ook wordt toegelicht hoe met het uitvoeren van de activiteiten wordt bijgedragen aan het behalen van onze VTH-beleidsdoelen ▪ Dienstverlening Juridische kwaliteitszorg: Van een professionele overheidsorganisatie mag worden verwacht dat de correspondentie en besluiten van goede kwaliteit zijn. De inwoner moet hierop kunnen vertrouwen. Zowel binnen het team Vergunningverlening en Naleving, als breed binnen het Klantcontactcentrum, is doorlopende (juridische) kwaliteitszorg een belangrijk aandachtspunt. Als lerende organisatie werken wij constant aan verbetering van onze performance. Het zorgdragen voor juridische professionalisering van gemeentelijke (eind)producten is essentieel. In 2025 wordt ingezet op het verder versterken van de juridische kwaliteitszorg door uitwerking in beleid, processen, formats en checklists.
▪ Uitvoeringskwaliteit Prioriteringskader handhaving: Voor een gerichte omgang met de juridische werkstroom, wordt in 2025 een prioriteringskader voor juridische handhaving opgesteld. Handhaving van de regels is belangrijk voor de geloofwaardigheid van onze gemeente. De legitimiteit en effectiviteit van handelen houdt direct verband met een adequate inzet van het juridisch instrumentarium en medewerkers. De beginselplicht tot handhaving vergt bij geconstateerde overtredingen actie, terwijl de handhavingscapaciteit echter niet oneindig is. Omwille van doelmatige handhaving kan onderscheid worden gemaakt in de manier waarop uitvoering wordt gegeven aan de handhavingstaak via prioriteitsstelling in de vorm van handhavingsbeleid. Het juridische prioriteringskader sluit aan op het de wijze waarop prioriteiten zijn gesteld voor de toetsing en het toezicht. In samenhang met dit prioriteringskader wordt waarschuwingenbeleid voorbereid. De bedoeling van het waarschuwingenbeleid is te voorkomen dat bij elke (lichte) overtreding een handhavingstraject moet worden opgestart, dat leidt tot het voorbereiden van een last onder dwangsom of last onder bestuursdwang en de tenuitvoerlegging daarvan. Het waarschuwingenbeleid zorgt ervoor, dat in bepaalde situaties kan worden volstaan met een handhavingswaarschuwing.
Overigens zal bij constatering van het voortduren van een overtreding alsnog besloten worden tot verdere juridische stappen.
Pagina 26 van 41 VTH-programma 2025
7.
Pandbrigade
De pandbrigade is een afzonderlijk cluster van het team Vergunningverlening & Naleving, dat specifiek is belast met toezicht en handhaving van (illegale) kamerbewoning. De pandbrigade is in 2023 als afzonderlijk cluster toegevoegd aan team Vergunningen en Naleving. Naast de inzet op overlastmeldingen rondom (illegale) kamerbewoning zijn er ook randvoorwaardelijke zaken gerealiseerd: - Pandeigenaren worden doeltreffender gestimuleerd om overtredingen te beëindigen door wijzigen hoogte en verbeurwijze dwangsom; - Het gebruik van kortere, meer doelgerichte handhavingsbrieven; - Er is onderzoek gedaan naar aanpassing van de handhavingsprocedure door onder meer de handhavingswaarschuwing af te schaffen in geval van recidive; - Er wordt een draaiboek voor de pandbrigade ontwikkeld; - Bij het legalisatieonderzoek in geval van kamerbewoning in relatie tot het omgevingsplan wordt de intaketafel ingezet. - Duidelijke uitgangspunten bij het toepassen van bestuursdwang en de hoogte van de dwangsommen voor overtreders die in herhaling vallen. Voor 2025 zijn er drie hoofdopgaven geformuleerd, die betrekking hebben op illegale kamerbewoning. Deze worden toegelicht in de volgende paragraaf. Daarnaast zijn er enkele ontwikkelopgaven, waarmee de inzet en slagvaardigheid van de pandbrigade kan worden verbeterd.
7.1 Hoofdopgaven pandbrigade In de eerste plaats is de pandbrigade aan zet om toezicht te houden op kamerbewoning en – in geval van illegale kamerbewoning en/of overlast – de verhuurders aan te spreken. Leidt dit niet tot de gewenste gedragsverandering of is er (tevens) sprake van recidive, dan wordt handhavend opgetreden. Het doel is de leefbaarheid van de stad te bevorderen door illegale situaties en overlast tegen te gaan. Ten tweede brengt de Wet goed verhuurderschap een aantal opgaven met zich mee, die geheel of gedeeltelijk door de pandbrigade zullen worden opgepakt. Dit geldt in ieder geval voor het meldpunt Wet goed verhuurderschap, dat per 1 januari 2024 operationeel is en dat bemenst wordt door medewerkers van de pandbrigade. Via het meldpunt worden door de pandbrigade meldingen in behandeling genomen die zien op de verschillende pijlers van de wet, waaronder intimidatie en discriminatie van huurders door verhuurders. Naar aanleiding van de meldingen regelt de Pandbrigade de nodige follow-up (onderzoek, toezicht en handhaving) en terugkoppeling aan de melder. Op de derde plaats wordt de pandbrigade in 2025 doorontwikkeld. Verdere professionalisering van de aanpak kan onder meer door aansluiting te zoeken bij de Landelijke handhavingsstrategie omgevingsrecht (LHSO). Ook wordt de inzet van de bestuurlijke boete als sanctiemiddel onderzocht.