CConstaterende datAlbrandswaard
Koppel je AI →
Document · PDF

47. Raadsinformatiebrief 2025-016734 inzake handhavings- en vergunningenbeleidsplan Omgevingswet.pdf

Gemeenteraad AW 22 april 2025, gemeente AlbrandswaardBij agendapunt: 5: Ingekomen stukken28.077 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Een meervoudige aanvraag kan leiden tot verschillende bevoegde gezagen. Het Omgevingsbesluit regelt dat er altijd maar één bevoegd gezag is voor een aanvraag. Er kan sprake wel zijn van advies of instemming door een ander bevoegd gezag. Op basis van (regionale) werkafspraken werken we op projectbasis met elkaar samen. Vaak gaat dit om complexe initiatieven met een aanloopfase via een omgevingsoverleg of andere manier van voorbereiding op een definitieve aanvraag. 4.3.6. Coördinatieregeling wateractiviteit Afdeling 3.5 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) gaat over coördinatie van de behandeling van samenhangende besluiten. Het regelt één uniforme procedure voor de voorbereiding, totstandkoming en rechtsbescherming (bezwaar en beroep) van besluiten. De Omgevingswet verplicht toepassing van de coördinatieregeling voor de wateractiviteit (Waterschap) in combinatie met een andere activiteit als deze tegelijk zijn ingediend. In die gevallen werken wij samen met het waterschap zodat de procedurestappen gelijktijdig worden doorlopen. Hierover worden werkafspraken gemaakt tussen de gemeente en het waterschap. 4.3.7. Advies of instemming bij enkelvoudige aanvraag. Soms vindt een activiteit plaats in meer dan 1 gemeente, provincie of waterschap.

In dat geval geldt de adviesbevoegdheid van de artikelen 4.20, 4.24 en 4.25 Omgevingsbesluit voor alle gemeenten, provincies en waterschappen waar de activiteit gedeeltelijk plaatsvindt. Een instemmingsbevoegdheid geldt alleen voor de gemeente, de provincie of het waterschap waar de activiteit in hoofdzaak plaatsvindt. Zie artikel 4.19 Omgevingsbesluit. Specifiek voor afwijkingsbesluiten: afstemming met de provincie Zuid-Holland en het rijk (strijdigheid provinciale/rijksplannen, structuurvisies) De gemeente heeft regelmatig overleg met de Provincie Zuid-Holland en de Veiligheidsregio waarin onder andere concrete initiatieven worden besproken en afgestemd.

4.4. Uitvoering ondersteunende voorzieningen De vergunningverleningsorganisatie moet beschikken over voldoende kwantitatieve en kwalitatieve voorzieningen en hulpmiddelen die de taakuitvoering informatie-technisch, juridisch en administratief mogelijk maken. Uitwerking: De uitvoering ondersteunende voorzieningen omvatten ten minste:  een geautomatiseerd systeem voor de registratie en monitoring van vergunningverlening;  een geautomatiseerd systeem voor planning, programmering en voortgangsbewaking van de vergunningverlening;  een goede staat van onderhoud en kalibratie van de apparatuur en de instrumenten die worden gebruikt;  bibliotheek en naslagwerken. In onderstaand overzicht zijn de geautomatiseerde producten/systemen opgenomen binnen de organisatie die relevant zijn voor het uitvoeren van de VTH-taken. Programmatuur/software

Doel

leverancier

beheerder

Rx-mission, Rx-enterprise, DSO.

Registratie, monitoring, voorgangsbewaking, planning en programmering van vergunningverlening Genereren managementinformatie, analyse gegevens

Roxit/Rijk

Applicatiebeheerder BVP/VNG

Software constructies

Software ter ondersteuning controle constructieve berekeningen.

Technosoft

Applicatiebeheerder BVP

DSO, wetten.overheid.nl en NEN Connect

Raadplegen regelgeving en normen

Rijk/NEN

Applicatiebeheerder BVP/VNG

4.5. Klantencontact binnen de afdeling Vergunningverlening intensiveren en borgen De gemeente Albrandswaard heeft als servicenorm dat we binnen 5 werkdagen reageren op telefoon/mail/web meldingen en klachten. De melder/klager wordt zo snel mogelijk en zo volledig mogelijk en kwalitatief juist geïnformeerd. Voor vergunningsaanvragen geldt dat de aanvrager één aanspreekpunt krijgt om hem/haar te begeleiden door het vergunningenproces. De mogelijkheid tot het houden van vooroverleg met een vergunning coördinator of casemanager is geborgd in de processen. De gemeente is constant bezig om de serviceverlening naar de burger, nu en in de toekomst, naar een zo hoog mogelijk niveau brengt. Een duidelijke website met actuele informatie is van groot belang. Op de landelijke website “Omgevingsloket” kan de klant digitaal uitgebreide informatie vinden en digitaal formulieren

invullen en versturen. De landelijke website kan ook via de gemeentelijke website worden benaderd.

4.6. Digitalisering en automatisering vergunningverleningsproces Door de gemeente wordt ingezet op de verbetering van de digitale dienstverlening voor burgers, ondernemers en samenwerkingspartners. Voor burgers en ondernemers is het mogelijk om volledig digitaal zaken te doen met de afdeling Vergunningverlening. Voor de nabije toekomst is de wens om te werken aan een aanvraagvolgsysteem (track and trace). Voor de samenwerkingspartners binnen het vergunningsverleningsproces, zowel intern als extern, moet het mogelijk worden om deel te nemen aan het digitale werkproces. Met andere woorden: de inzet is om zoveel mogelijk digitaal te gaan werken binnen afgebakende processen.

4.7. Inhoudelijke en juridische kwaliteit van de vergunningen De gemeente maakt op een kwalitatief hoogwaardige wijze vergunningen. Daarnaast wordt ernaar gestreefd om de vergunningen zo snel mogelijk te verlenen. Bij wetswijzigingen worden inhoudelijke zaken projectmatig opgepakt en geïmplementeerd in het vergunningenproces. Naast het vier-ogenprincipe binnen de groep vergunning coördinatoren zijn er binnen het vergunningenproces doelbewust stappen ingebouwd waarbij juridische medewerkers nauw zijn betrokken bij de advisering en controle van vergunningsaanvragen. De juridische medewerkers screenen de volgende stukken inhoudelijk: 1. 2. 3. 4. 5.

weigeringen, vergunningen met complexe afwegingen, vergunningen waar bezwaren te verwachten zijn, vergunningen met buitenplanse ontheffingen, op verzoek van de vergunningcoördinator of manager.

Ook in het geval van politieke en/of maatschappelijk gevoelige kwesties worden deze altijd afgestemd met de juridische medewerkers en de portefeuillehouder.

4.8. Vastleggen capaciteit en financiële middelen in begroting Op basis van de kwaliteitscriteria moet het bevoegd gezag zorgdragen voor de afstemming tussen de bestuurlijk vastgestelde doelen/prioriteiten, de inzet van de personele en financiële middelen en de borging hiervan in de begroting. Uitwerking: Onder financiële middelen worden alle middelen verstaan die nodig zijn voor het financieren van in principe alle in de kwaliteitscriteria genoemde elementen. Op deze wijze wordt een adequate uitvoering van vergunningstaken verzekerd. Om de vergunningsstaken te kunnen uitvoeren wordt personeel ingezet, en hulpmiddelen (apparatuur en instrumenten). De personele capaciteit en de benodigde hulpmiddelen worden geborgd in de begroting. 4.8.1. Borging in de Planning en control cyclus De borging is verankerd in de systematiek van de Planning en Control cyclus (hierna P&C cyclus) van de gemeente. De P&C cyclus gaat over het maken van afspraken en het monitoren van de realisatie daarvan. Dit proces vindt binnen de gemeente op verschillende niveaus plaats. De gemeenteraad stelt jaarlijks de begroting vast. De programmabegroting bestaat uit een aantal hoofdthema’s. De programma begroting brengt de begroting van het komende jaar

in beeld en kijkt hierbij vier jaar vooruit. De programmabegroting bestaat uit dynamische producten en structurele aspecten. 4.8.2. Financiële middelen en bijsturing De structurele wettelijke taken zijn als specificaties per bestuurlijk product vastgelegd. Dit is bestaand beleid in de begroting. Aan deze specificaties zijn financiële middelen (genoemd lasten) gekoppeld. Mutaties in de formatie vinden plaats op basis van besluitvorming in de budgetcyclus. In het jaarlijks vast te stellen jaarplan wordt een verbinding gelegd tussen de werkzaamheden en de hiervoor benodigde formatie. 4.8.3. Opleidingsbudget De reservering van middelen voor permanente her- en bijscholing zijn rechtstreeks in het opleidingsbudget van het Domein Ruimte opgenomen.

Hfst. 5 Werkwijze 5.1. Probleemanalyse vergunningverlening Op basis van de kwaliteitscriteria moet het bevoegd gezag een probleemanalyse opstellen om sturing te kunnen geven aan haar inspanningen op het gebied van vergunningverlening. Algemeen De probleemanalyse is bedoeld om een gefundeerde inschatting te kunnen maken van de uit te voeren werkzaamheden met de daaraan verbonden benodigde capaciteit. De probleemanalyse omvat de volgende elementen:  aantal te verwachten aanvragen/meldingen;  type bouwwerk/aard van de inrichting;  aard en complexiteit van de aanvragen;  benodigde capaciteit. Voor het deel van de vergunningen waarvoor een goede ruimtelijke onderbouwing noodzakelijk is omdat deze afwijkt van het Omgevingsplan omvat deze analyse de volgende elementen:  aard van de aanvragen;  complexiteit;  overwegingen;  aantal aanvragen;  genomen besluiten;  aantal malen wanneer bezwaar-en beroep is ingesteld. De probleemanalyse wordt jaarlijks geactualiseerd op basis van een analyse van geregistreerde gegevens dan wel wijzigingen in de bouwprognoses, economische ontwikkelingen en de overige factoren die van invloed kunnen zijn op de prioriteitsstelling. Om tot een probleemanalyse te komen, is van belang welke producten of afgeleide producten binnen de organisatie worden geleverd.

Een overzicht hiervan met de wettelijke grondslag vindt u terug in Bijlage 4: Producten of afgeleide producten voor vergunningverlening ten behoeve van probleemanalyse De resultaten daarvan worden gehanteerd voor het opstellen van een raming van de nodige capaciteit. Jaarlijks worden de resultaten van de vergunningverlening in een jaarverslag verwerkt en in het Jaarplan en de begroting wordt aangegeven hoe de beschikbare capaciteit het komende jaar wordt ingezet.

5.2. Prioriteitenstelling en indicatoren 5.2.1. Algemeen Het kader bij de behandeling van een Omgevingsvergunning wordt gevormd door Europese, landelijke of lokale wet- en regelgeving en beleidsmatige kaders. Binnen deze kaders kunnen prioriteiten worden gesteld met betrekking tot de diepgang van toetsing. Dit op basis van doelstellingen die zijn geformuleerd. Op basis van de kwaliteitseisen moeten de doelstellingen concreet en meetbaar (indicator) worden vastgesteld. Prioriteiten Veiligheid en gezondheid (inclusief gezondheidseffecten op de langere termijn) hebben de hoogste prioriteit bij de behandeling van Omgevingsvergunningen. Het betreft onderwerpen

zoals: brandveiligheid, constructieve veiligheid, omgevingsveiligheid tijdens de bouw of sloop, bodemverontreiniging, asbest gerelateerde aspecten, gebruiksveiligheid (bijvoorbeeld hekwerken van balkons) en brandveilig gebruik van bouwwerken. Ook vanuit bestemmingsplannen kunnen veiligheids- en gezondheidsaspecten een rol spelen. Te denken valt aan geluidsbelasting door wegverkeer of de aanwezigheid van (gas)leidingen. Overige belangen Naast veiligheids- en gezondheidsaspecten worden diverse andere belangen gediend met vergunningverlening. Onder meer: het uiterlijk aanzien van de gemeente (planologie en welstand), cultuurhistorie, archeologie, bescherming flora en fauna, natuurwaarden, duurzaamheid en verkeersaspecten. Prioritering belangen In beginsel moet een bouwplan zodanig worden ontwikkeld dat alle belangen worden gediend. Wanneer diverse belangen met elkaar in conflict komen, zal een (bestuurlijke) keuze worden gemaakt voor zover de wet dat toelaat. In dat geval prevaleren veiligheids- en gezondheidsaspecten of worden voorwaarden gesteld aan vergunningverlening waardoor de risico’s aanvaardbaar worden geacht en zoveel mogelijk worden vermeden. Indicatoren (bijlage 5) De lijst met indicatoren is uitgebreid en lang en voor de leesbaarheid als bijlage 5; Doelen per beleidsveld en de indicatoren daarvan, toegevoegd.

5.3. Protocollen en werkinstructies De gemeente moet op basis van de kwaliteitscriteria beschikken over protocollen en werkinstructies. De protocollen omvatten tenminste een uitwerking in procedurebeschrijvingen en/of werkinstructies in lijn met de strategie voor vergunningverlening en de objectieve criteria voor het beoordelen en beslissen over een Omgevingsvergunning. Voor VTH gaat dit om een uitwerking voor de volgende onderdelen: 1. Conceptaanvraag a. Omgevingsoverleg 2. Aanvraag Omgevingsvergunning a. Intake aanvraag Omgevingsvergunning b. Behandelen aanvraag Omgevingsvergunning reguliere procedure c. Behandelen aanvraag Omgevingsvergunning uitgebreide procedure d. Besluiten op aanvraag Omgevingsvergunning e. Bekendmaken besluit Omgevingsvergunning f. Melding behandelen g. Behandelen bezwaar 3. Meldingen bouwactiviteit a. Beoordelen startmelding b. Controleren melding tijdens bouw c. Controleren gereedmelding bouw 4. Toezicht en handhaving a. Voorbereiden toezichthouden b. Uitvoeren toezichthouden c. Voorbereiden handhaven d. Uitvoeren handhaven

5.4. Protocollen voor communicatie, informatiebeheer en informatieuitwisseling Volgens de kwaliteitscriteria moet bevoegd gezag handelen op grond van protocollen voor de communicatie, het informatiebeheer, de informatie-uitwisseling van vergunning- en toezichtresultaten en de aangekondigde of opgelegde sancties en gedoogbesluiten. Uitwerking: De protocollen omvatten ten minste: a. De communicatie over vergunningsresultaten; b. De raadpleegbaarheid van ruimtelijke plannen en besluiten; c. Het informatiebeheer van vergunningsresultaten en de informatie-uitwisseling intern en met andere organisaties van vergunningsresultaten. Dit criterium vraagt inzicht in geautomatiseerde systemen voor planning, voortgangsbewaking, registratie en monitoring. 5.4.1. De communicatie over vergunningsresultaten Met de aanvrager en vergunninghouder wordt bij voorkeur digitaal gecommuniceerd. Een aanvrager kan via het omgevingsloket zijn/haar aanvraag of conceptaanvraag digitaal indienen. Papieren aanvraag Wanneer een aanvraag of concept op papier wordt ingediend, scannen de medewerkers van het de digitale informatievoorziening (DIV) de ingediende stukken en wordt de aanvraag verder digitaal behandeld. Versturen besluit Officiële besluiten worden bij digitale aanvragen verzonden aan het in het DCO opgegeven mailadres van de aanvrager.

Voor aanvragers die een papieren aanvraag hebben gedaan wordt na verlening van de vergunning een exemplaar hiervan uitgedraaid uit het systeem en verstuurd aan de aanvrager of gemachtigde. Publicatie van besluiten Ingekomen aanvragen en besluiten worden online gepubliceerd via officielebekendmakingen.nl. Verder wordt om de week gecommuniceerd over de ingekomen aanvragen, verleende vergunningen en meldingen en alle stukken die we (digitaal) ter inzage leggen via de infopagina in het huis-aan-huisblad De Schakel. Klantportaal Mijn gemeente In samenwerking met de bedrijfsvoeringspartner zal een klantportaal (Mijn gemeente) worden ontwikkeld. Indieners van een aanvraag kunnen via een zaaksysteem zelf kijken naar de voortgang van de ingediende aanvraag of melding. In dit zaaksysteem wordt aangegeven dat de stukken zijn ontvangen, wanneer de stukken volledig zijn, wanneer de stukken in behandeling zijn en wanneer de stukken zijn afgerond. Wanneer het portaal volledig operationeel zal zijn, is in dit stadium niet aan te geven. Dit is onder meer afhankelijk van de mogelijkheden binnen de huidige ICT-systemen. 5.4.2. De raadpleegbaarheid van ruimtelijke plannen en besluiten Het Omgevingsplan en de onderliggende regels uit de huidige bestemmingsplannen zijn volgens de daarvoor geldende landelijke regelgeving digitaal raadpleegbaar via het omgevingsloket.

Overig (lokaal) beleid en landelijke wetgeving die ten grondslag liggen aan onze toetsingskaders worden gepubliceerd via de daarvoor beschikbare online webpagina’s wetten.overheid.nl en lokaleregelgeving.overheid.nl

5.4.3. Het informatiebeheer van vergunningsresultaten en de informatieuitwisseling intern en met andere organisaties van vergunningsresultaten Het gehele vergunningenproces wordt vastgelegd in het digitale systeem Rx-mission. Alle ingekomen aanvragen, conceptaanvragen en vakinhoudelijke adviezen worden geregistreerd. De voortgang wordt bewaakt. Verder worden de doorlooptijden van aanvraag tot vergunning en de bouwkostenberekeningen met de daarmee samenhangende leges, geregistreerd. Na afronding van de vergunningsprocedure worden de dossiers digitaal gearchiveerd. Informatie-uitwisseling met andere organisatieonderdelen en ketenpartners vindt plaats door toegang tot Rx-mission of het koppelen van zaaksystemen via de samenwerkingsfunctionaliteit van het omgevingsloket of via de berichten box van Rxmission. Uitwisseling van gegevens via outlook of fysieke stukken is in principe niet meer nodig.

Hfst. 6 Uitvoering 6.1. Jaarplan VTH Op basis van de kwaliteitscriteria moet de gemeente jaarlijks een Jaarplan vaststellen. In dit jaarplan (programma) worden de doelstellingen met de daarbij gestelde prioriteiten uitgewerkt in een concreet werkplan. In het werkplan wordt de verbinding gelegd met de benodigde formatie om de werkzaamheden adequaat uit te voeren. Nieuwe ontwikkelingen en ervaringen van het voorgaande jaar worden door vertaald naar de uitvoering. Het Jaarplan wordt ter kennisname naar de gemeenteraad gestuurd.

6.2. Dagelijkse uitvoering en bijsturing Op basis van managementinformatie en het gezamenlijk bespreken van de werkvoorraad wordt tijdig bijgestuurd op (benodigde) capaciteit. 6.2.1. Dashboard Rx-mission Het VTH-systeem voorziet door middel van een dashboard in een realtime overzicht met algemene informatie. Deze informatie is bruikbaar voor een totaalbeeld. In dit dashboard kan er genavigeerd worden naar de twee hoofdfunctionaliteiten van de rapportages: Tabellen genereren Rapportage Tabellen voorziet informatie in tabelvorm. Er worden twee vormen ontwikkelt de dynamisch en statisch. De dynamische vorm is reeds opgeleverd in de vorm van Direct downloaden. Hier kan een CSV-bestand worden samengesteld en daarna worden gedownload met de gewenste gegevens. Filteren van het bestand kan op Periode, zaaktype en besluittype. Met daarnaast te selecteren datasets om een volledig overzicht te downloaden. Voorbeelden: - Informatie voor jaarverslag - Leges check voor Finance. - Werkvoorraad per behandelaar De statische vorm is nog niet ontwikkeld. De gedachte achter statische tabellen is om veelgebruikte standaard lijsten te maken om bepaalde algemene toepassingen te ondersteunen. Bijvoorbeeld als het gaat om het controleren van de invoer van nieuwe legesverordeningen.

Rapportage Dashboards met realtime informatie Rapportage Dashboards voorziet informatie in de vorm van een dashboard met grafieken en gedetailleerde gegevens. Deze worden op basis van een thema ontwikkeld. Een dashboard bestaat uit meerdere grafieken. Wanneer je naar Dashboards navigeert landt je op het dashboard dat 'Zaakgericht werken' heet, daarnaast is er nog een tabblad met de naam ‘Acties in zaken’. Voorbeelden ‘Zaakgericht werken’:  Doorlooptijden van zaken naar streef- en wettelijke termijnen, In aantallen  Top 5 Resultaten die aan zaken zijn toegekend, Per resultaattype, in aantallen  Genomen besluiten door de gemeente, In aantallen 'Acties in Zaken' geeft inzicht in de acties die door gebruikers zijn uitgevoerd in de geselecteerde periode. Voorbeelden ‘Acties in zaken’.  Totaal zaken in aantallen  Open en gesloten zaken in aantallen

 Opgeschorte, verlengde zaken en afgebroken processen in aantallen Acties die in ontwikkeling zijn of nog wordt ontwikkeld: zaken corrigeren en zaak heropenen. 6.2.2. Gebruikersinformatie Rx-mission Daarnaast is op medewerkersniveau mogelijk om werkvoorraden te raadplegen en te filteren. Op die manier is de individuele werkdruk inzichtelijk en bespreekbaar. Ook is het mogelijk om de werkvoorraden van directe collega’s of andere teams in te zien. Veelgebruikte zoekopdrachten kunnen opgeslagen worden in persoonlijke filters. Voorbeelden van Filters:  Zoeken, filteren en sorteren in de werkvoorraad  Datumfilters  Deelprocesfilters

6.3. Bijsturen op capaciteit Indien nodig stuurt de manager bij op capaciteit. Dit komt met name voor op piekmomenten of bij uitval van één of meerdere collega’s. In eerste instantie sturen we bij door prioritering. Zaaktypen met wettelijke termijnen, zoals meldingen en formele aanvragen, krijgen voorrang op zaaktypen zonder wettelijke termijn, zoals omgevingsoverleggen en legalisatieonderzoeken. Hierover wordt duidelijk over gecommuniceerd richting het bestuur, collega’s en initiatiefnemers. Indien dat onmogelijk is of niet voldoende ruimte creëert wordt ingezet op het inhuren van incidentele inhuur of het beleggen van afhandeling van vergunningen bij marktpartijen.

6.4. Bijsturen op financiën, leges en P&C cyclus De VTH-taken zijn in grote mate vraag-gestuurd. In de planning en control cyclus (P&C cyclus) zijn vaste momenten door het jaar om financiën bij te sturen. 6.4.1. Voorjaarsnota Grote meerjarige trends en structurele effecten op de capaciteit of legesinkomsten worden opgenomen in de voorjaarsnota. Denk hierbij aan landelijke wetswijzigingen die doorwerken in onze taken of het wijzigingen van lokale toetsingskaders zoals het Omgevingsplan of onderliggend beleid zoals de Welstandnota. 6.4.2. Begroting In de begroting worden incidentele of kleine structurele mutaties opgenomen aan de inkomsten en uitgavenkant. Er wordt een raming voor de legesinkomsten gemaakt voor het komende jaar op basis van een projectinventarisatie. Op basis van de gemaakte kosten en deze inkomstenraming wordt een kostenonderbouwing opgesteld. 6.4.3. Tussenrapportages In de tussenrapportages kan incidenteel worden bijgestuurd op inkomsten of uitgaven. Bijvoorbeeld voor het opnemen van kosten van incidentele inkomsten of het aanpassen van de verwachtte legesinkomsten door vertraging in bouwplannen. In het geval van spoedgevallen (bijvoorbeeld door uitval van collega’s) kan er via een apart voorstel budget worden gevraagd en later opgenomen in de tussenrapportage.

6.4.4. Jaarrekening In de jaarrekeningen worden de werkelijke kosten verklaard, inclusief eventuele overschrijdingen van eerder vastgestelde budgetten. Daarnaast wordt door middel van terugboekingen van lopende vergunningen de legesinkomsten definitief gemaakt.

Hfst. 7 Monitoring 7.1. Monitoring beleidsmatig kwaliteitssysteem De gemeente werkt volgens een kwaliteitssysteem gebaseerd op de ‘BIG-8’ om de kwaliteit van vergunningverlening permanent te verbeteren. Zie Hoofdstuk 2. De gemeente moet op grond van de kwaliteitscriteria handelen op basis van een systematiek van monitoring van het proces van vergunningverlening, de resultaten en voor zover mogelijk de effecten hiervan. Monitoring is het periodiek meten van dezelfde parameters of indicatoren. Monitoring vindt in ieder geval plaats op de doelstellingen/prioriteiten genoemd in het strategisch beleidskader. 1. De monitoring van de kwaliteit en resultaten van de vergunningverleningsactiviteiten is tenminste gericht op de volgende producten/elementen: a. aantal en aard ingediende aanvragen; b. aantal besluiten op basis van de ingediende aanvragen; c. aantal afgehandelde meldingen onderverdeeld in relevante categorieën; d. aantal besluiten onderverdeeld naar relevante categorieën; e. aantal ingediende bezwaren/beroep en percentage gehonoreerd; f. tijdigheid van de geleverde producten; g. de effecten van afgegeven vergunningen voor de kwaliteit van de fysieke leefomgeving; h. de inhoudelijke kwaliteit van de producten. 2. De monitoring van aanvragen die in strijd zijn met het Omgevingsplan is tenminste gericht op: a. de gronden op basis waarvan het afwijkingsbesluit is genomen; b.

de relatie tussen dergelijke aanvragen en de wettelijke termijnen.

7.2. Indicatoren Monitoring vindt plaats op de volgende (afgeleide) indicatoren: Afgeleide indicatoren Vergunningverlening: Ingediende aanvragen en meldingen                

aantal ingediende aanvragen op het gebied van de activiteit Omgevingsplanactiviteit aantal ingediende aanvragen op het gebied van de activiteit Sloop aantal ingediende aanvragen op het gebied van de activiteit Inrit aantal ingediende aanvragen op het gebied van de activiteit Kappen aantal ingediende aanvragen op het gebied van de activiteit ‘Buitenplanse Omgevingsplanactiviteit’ termijnen van de diverse verleende omgevingsvergunningen aantal afgehandelde (concept)aanvragen (besluiten) aantal afgehandelde informatieverzoeken aantal ‘Bouwmeldingen’ in het kader van de wet kwaliteitsborging voor het bouwen aantal ‘Gereedmeldingen’ in het kader van de wet kwaliteitsborging voor het bouwen doorlooptijden conceptaanvragen en informatieverzoeken doorlooptijden interne adviezen aantal ingediende bezwaarschriften tegen verleende en geweigerde vergunningen uitkomsten van de afgeronde bezwaarschriftenprocedures aantal ingediende beroepschriften uitkomsten van de afgeronde beroepschriftenprocedures

    

aantal ingediende verzoeken tot voorlopige voorziening uitkomsten van de afgeronde verzoeken tot voorlopige voorziening aantal ingediende hogere beroepschriften uitkomsten van de afgeronde hogere beroepschriftenprocedures overzicht van het totaalaantal uren dat is besteed aan vergunningverlening

7.3. Risicobeheersing De uitvoering van de taken vindt plaats op basis van risicobeheersing. Op hoofdlijnen kunnen de volgende algemene risico’s worden onderscheiden: 1. Fysieke onveiligheid die kan leiden tot letsel en dood omdat bijvoorbeeld sprake is van brandonveilige of constructief onveilige situaties. 2. Gevaar voor de gezondheid omdat sprake kan zijn van een slecht binnenklimaat in bouwwerken. 3. Aantasting van de kwaliteit van de leefomgeving omdat bouwwerken of het strijdig gebruik van bouwwerken of gronden, een negatieve invloed hebben op een duurzame omgeving of dat bedrijfsactiviteiten niet veilig of niet duurzaam worden geëxploiteerd. 4. Aantasting van de sociale kwaliteit van het leven bijvoorbeeld door gevoelens van onveiligheid (bv. brandonveilig gebruik, verkeersonveilige situaties bij bouwwerken of ontoegankelijke bouwwerken). De bovenstaande risico’s hebben, wanneer zij ontstaan, bepaalde neveneffecten. De belangrijkste neveneffecten zijn: 1. Financiële schade ten gevolge van bijvoorbeeld een calamiteit. De kosten kunnen een collectief en een individueel karakter hebben. 2. Maatschappelijke onrust wanneer niet adequaat door de gemeente wordt gehandeld. Bijvoorbeeld ten gevolge van onveiligheid rond bouw- en slooplocaties, het instorten van delen van bouwwerken of schade aan belendingen. 3. Aantasting van het bestuurlijk imago.

De betrouwbaarheid, daadkracht en integriteit van de overheid wordt in twijfel getrokken wanneer er incidenten of calamiteiten zich voordoen. 4. Procesrisico’s. Onjuiste uitvoering van werkzaamheden kan leiden tot bezwaren, schadeclaims en ontevreden burgers. Het minimaliseren van de bovengenoemde risico’s en neveneffecten zijn de pijlers waarop de verdere uitwerking van dit vergunningenbeleidsplan is gebaseerd.

7.4. Urenindicatie De VTH-taken zijn in grote mate vraag gestuurd op basis van wettelijke termijnen. De benodigde capaciteit is daarvan afhankelijk. Om een inschatting te maken van de benodigde uren per jaar wordt gebruik gemaakt een tabel met urenindicatie. Deze is als bijlage 6 Urenindicatie per bouwonderdeel per functionaris toegevoegd. De urenindicatie in bijlage 6 is op basis van objectieve criteria. In de praktijk zijn subjectieve (meestal bestuurlijke gevoeligheden) criteria vaak bepalend voor de inzet. Gevolg is dat kleine projecten soms meer tijd vergen dan grotere projecten.

Hfst. 8 Evaluatie De laatste stap van de beleidscyclus is de evaluatie. In dit hoofdstuk beschrijven wij de onderdelen en op welke manier wij deze evalueren.

8.1. Wijze van evaluatie Wet VTH en interbestuurlijk toezicht Het samenhangende geheel van beide cycli wordt ook wel BIG-8 (Hfst. 2) genoemd. Dit model maakt vanuit een strategisch kader de vertaling naar operationeel beleid ten behoeve van kwaliteitsborging samen met een sluitende planning- en control-cyclus. Door deze cycli te volgen, wordt de cyclus, die begint bij het opstellen van het beleid en via de uitvoering uiteindelijk leidt tot het bijstellen van het beleid, gesloten. De Provincie ZuidHolland houdt toezicht op het tijdig doorlopen en evalueren van de procesonderdelen in de beleidscyclus onder de noemer ‘Omgevingsrecht’.

8.2. Jaarverslag Jaarlijks rapporteren wij over de uitvoering van het vastgestelde uitvoeringsprogramma in een jaarverslag. We evalueren of: 1. De voorgenomen activiteiten uit het uitvoeringsprogramma zijn uitgevoerd en de gestelde jaardoelen zijn behaald. 2. De uitvoering van deze activiteiten hebben bijgedragen aan de voortgang van de beleidsdoelen uit dit beleidsplan. 3. De resultaten van de evaluatie aanleiding geven om de werkwijze en/of het uitvoeringsprogramma van het volgende jaar aan te passen. 4. De resultaten van de evaluatie aanleiding geven om het VTH-beleid aan te passen.

8.3. Borging evaluatie doelen In hoofdstuk 1 van dit beleidsplan zijn doelen gesteld. Onderstaande tabel geeft per doel aan hoe evaluatie op naleving of halen van het doel plaats vindt: Doel:

Resultaat en evaluatiewijze

A. Hoge omgevingskwaliteit door beleidsintegratie en monitoring.

Bijdragen aan het afstemmen, integreren en monitoren van de uitvoerbaarheid van het lokale beleidskader (de Omgevingsvisie, onderliggende omgevingsdocumenten, het Omgevingsplan en bijbehorende uitvoeringsbeleid voor de VTHwerkzaamheden).

Nader te bepalen als onderdeel van een aparte opdracht in het kader van de beleidscyclus. Borgen door middel van werkafspraken en concrete actiepunten in VTH beleid.

Anticiperen op de trapsgewijze invoering van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen.

Concrete acties in de lijnorganisatie. Borgen door middel van werkafspraken en concrete actiepunten in VTH beleid.

Inzetten op integraal toezicht op de fysieke leefomgeving. We zijn als overheid één loket voor burgers en bedrijven. Voor, door en samen met (keten)partners.

Afspraken ketenpartners over samenwerking in VTH-keten bij meervoudige aanvragen en initiatieven. Evaluatie door accounthouders i.c.m. casemanagers.

B. Een klantgerichte VTH uitvoering

B1. Richting inwoners en bedrijven 

We werken op basis van geïnformeerd vertrouwen.

Proactief delen van informatie met aanvragers en melders: Publicatie vergunningsaanvragen en besluiten, Bezwaar en beroep verslagen van controlebezoeken, legalisatieonderzoeken en handhavingsbesluiten. Op verzoek delen van informatie: Inzage in stukken behorende bij vergunningaanvragen voor derden Evalueren door middel van kwaliteitsaudits

We maken duidelijke afspraken en denken mee met onze klanten.

Evalueren door middel van klanttevredenheidsonderzoeken

Aanvragers weten welke procedureopties er zijn en welke voorwaarden, eisen en kosten hieraan zijn verbonden.

Instructie en aandacht voor klantinformatie in DSO, op de website, tijdens intakegesprekken bij (concept)aanvragen. Evalueren door middel van klanttevredenheidsonderzoeken

Klanten weten wie hun contactpersoon is, die hun aanvraag of procedure behandelt.

Informatievoorziening via vaste contactmomenten in het proces (ontvangstbevestiging, ontvankelijkheidsbevestiging etc.)

Realtime via mijn gemeente (nog uitvoeren) Evalueren door middel van klanttevredenheidsonderzoeken en kwaliteitsaudits 

Klanten kunnen online de status van hun aanvraag volgen.

Realtime via mijn gemeente (nog uitvoeren) Evalueren door middel van klanttevredenheidsonderzoeken en kwaliteitsaudits

Er is sprake van transparante risicobeheersing en prioriteitstelling bij toezicht en handhavingsprocedures. We zijn duidelijk over de controles die we uitvoeren, onze handhavingsprocedure en de manier waarop we omgaan met eventuele overtredingen of fouten. We denken in dat geval mee met klanten en geven advies over een passend vervolg.

Risicobeheersing geborgd in vigerend VTH-beleid. Evaluatie via beleidscyclus (BIG-8)

We werken nauw samen met alle betrokken partijen, door openheid te geven en mogelijke risico’s zo snel mogelijk te delen.

Zie geïnformeerd vertrouwen Hfst 2

We onderzoeken verbeterpunten in het betalingsproces van leges voor vergunningen, zoals direct digitaal betalen bij aanvraag.

In samenwerking met de BedrijfsvoeringsPartner wordt onderzocht welke kansen technisch en juridisch haalbaar zijn.

B2 Richting management en bestuur 

Er realtime inzicht is in de totale werkvoorraad, bezetting en wettelijke of afgesproken termijnen voor processen.

B3 Richting uitvoerend personeel

Inzicht via Rx-mission, managementinformatie en rapportages. Evaluatie via beleidscyclus (BIG-8)

Er realtime monitoring door het management plaatsvindt van de totale werkvoorraad en werkdruk, zodat tijdig kan worden bijgestuurd op capaciteit.

Inzicht via Rx-mission, managementinformatie en rapportages. Evaluatie via beleidscyclus (BIG-8)

De uitvoering van de VTH-taken (primaire taken en advisering) aansluit op de minimale eisen uit de kwaliteitscriteria.

Evaluatie via beleidscyclus (BIG-8)

Er sprake is van transparante en heldere in- en externe werkafspraken en termijnen voor advisering.

Samenwerkingsafspraken en werkende processen borgen de werkafspraken. Evaluatie via beleidscyclus (BIG-8) en in overleggen ketenpartners.

C. Robuuste uitvoeringen van de VTH-taken

De gemeente heeft vigerend VTHbeleid voor haar uitvoeringstaken;

Evaluatie vindt plaats op basis van interbestuurlijk toezicht op het onderdeel ‘Omgevingsrecht’

De gemeente stelt jaarlijks een jaarplan vast om ambities en benodigde capaciteit (bij) te stellen op basis van het beleid;

Evaluatie vindt plaats op basis van interbestuurlijk toezicht op het onderdeel ‘Omgevingsrecht’

De gemeente stelt jaarlijks een jaarverslag vast en evalueert en rapporteert daarin of aan de benodigde capaciteit, ambities en doelen is voldaan.

Evaluatie vindt plaats op basis van interbestuurlijk toezicht op het onderdeel ‘Omgevingsrecht’

De gemeente rapporteert over het tijdig vaststellen van deze beleidsstukken aan PZH in het kader van interbestuurlijk toezicht op het gebied ‘Omgevingsrecht’

Evaluatie vindt plaats op basis van interbestuurlijk toezicht op het onderdeel ‘Omgevingsrecht’

8.4. Financiële evaluatie Op basis van de jaarrekening en het jaarverslag vindt evaluatie plaats. Waar nodig wordt op basis van de personele bezetting, het verwachte aantal aanvragen en de daaraan gekoppelde inkomsten bijgestuurd in de voorjaarsnota en de legesverordening. De legesraming en de kostenonderbouwing van de leges staan daarbij centraal.

Hfst. 9 Bestuurlijke beslispunten De gemeente Albrandswaard handelt op grond van een systematiek van interne borging (beschrijving, toetsing, verbetering) van de wijze waarop de werkzaamheden beheerst worden uitgevoerd (Hfst. 3). De systematiek kent de volgende elementen: 1. Een vertegenwoordiger 2. Kwaliteitsbeleid en doelstellingen 3. Kwaliteitsprogramma/kalender met vaste meet- en bijstuurmomenten 4. Werkwijze voor het registreren en managen van verbeterpunten 5. Interne audits op de procedure en de producten 6. meten en sturen op klanttevredenheid 7. klachtenprocedure 8. risico’s, maatregelen en meetpunten per type werkproces 9. protocollen 10. standaarden voor Omgevingsdossiers Eén van de kwaliteitseisen houdt in dat de gemeente Albrandswaard organisatorische condities heeft om de gestelde doelen te bereiken. Dezelfde organisatorische condities gelden voor de DCMR en de VRR die namens het bevoegd gezag (college) werkzaamheden uitvoeren (Hfst. 3). De organisatorische condities omvatten: 3. een scheiding tussen Omgevingsoverleg en vergunningverlening 4. een scheiding tussen vergunningverlening en handhaving 5. documentatie op persoonsniveau 6. regelingen voor het extern beleggen van vergunnings-, toezicht- en handhavingstaken 7. een bereikbaarheid- en beschikbaarheidsregeling 8.

het borgen van persoonlijke onafhankelijkheid/integriteit: Met de volgende adviespartijen zijn of worden afspraken gemaakt door de accounthouders (Hfst. 3):  Commissie Ruimtelijke kwaliteit (CRK)  Voorlichting en adviescommissie (VAC)  Provincie Zuid-Holland (PZH)  Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD)  Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond (VR-RR)  Omgevingsdienst (DCMR)  Waterschap Hollandse Delta (WSHD) De gemeente Albrandswaard handelt op basis van bij wet- en regelgeving (Omg.wet) geregelde toetscriteria. In twee gevallen heeft de gemeente Albrandswaard te hier zelfstandig beleid voor formuleert (Hfst 3 en bijlage 1)):

1. Toetscriteria voor de bouwactiviteit op basis van het BBL en het Omgevingsplan (Bijlage 1) 2. Objectieve criteria voor activiteiten die in strijd zijn met het Omgevingsplan Bij aanvragen omgevingsvergunningen waar aspecten spelen als:  omgevingsveiligheid,  verkeersveiligheid,  beschadiging van de weg of het straatmeubilair,  aanvoerroutes bouwmaterialen,  overlast,  openbare orde belangen. Wordt iedere aanvraag op dit soort aspecten beoordeeld door de specialisten op de diverse vakgebieden (Hfst 3). De verantwoording rond vergunningverlening en de resultaten en effecten daarvan worden in een jaarverslag geanalyseerd en geëvalueerd. Op basis van de evaluatie wordt bepaald in hoeverre aandachtspunten of prioriteiten binnen het vakgebied moeten worden bijgesteld. Dit vertaalt zich naar het jaarlijks op te stellen “Jaarplan VTH”. De gemeente Albrandswaard heeft in dit kader de Verordening uitvoering en handhaving (omgevingsrecht) Albrandswaard 2022 vastgesteld. Het “Jaarplan VTH” wordt ter kennisname naar de gemeenteraad gestuurd (Hfst. 4 en 6). Op basis van de kwaliteitseisen draagt het college zorg voor interne en externe afstemming (Hfst. 4). De interne afstemming omvat ten minste: a. afstemming vergunning-coördinator en casemanager; b. afstemming tussen vergunningverlening en toezicht & handhaving; c. afstemming met overige relevante organisatieonderdelen.

De externe afstemming omvat ten minste: d. afspraken in het kader van bestuursovereenkomsten en regionale samenwerking; e. bepalen bevoegd gezag in geval meervoudige aanvragen f. coördinatieregeling wateractiviteit g. advies of instemming bij enkelvoudige aanvraag. De uitvoering ondersteunende voorzieningen bestaan uit:  een geautomatiseerd systeem voor de registratie en monitoring van vergunningverlening;  een geautomatiseerd systeem voor planning, programmering en voortgangsbewaking van de vergunningverlening;  een goede staat van onderhoud en kalibratie van de apparatuur en de instrumenten die worden gebruikt;  bibliotheek en naslagwerken. (Hfst. 4) De gemeente Albrandswaard heeft als servicenorm dat er binnen 5 werkdagen wordt gereageerd op telefoon/mail/web meldingen en klachten. De melder/klager wordt zo snel mogelijk en zo volledig mogelijk en kwalitatief juist geïnformeerd. Voor vergunningsaanvragen geldt dat de aanvrager één aanspreekpunt krijgt om hem/haar te begeleiden door het vergunningenproces (Hfst. 4). Inzet is om zoveel mogelijk digitaal te gaan werken binnen afgebakende processen (Hfst. 4). De gemeente gaat in samenwerking met de bedrijfsvoeringspartner een klantportaal (Mijn

gemeente) ontwikkelen. Indieners van een aanvraag kunnen dan de voortgang van de ingediende aanvraag of melding volgen. Wanneer het portaal volledig operationeel zal zijn, is in dit stadium niet aan te geven. Dit is onder meer afhankelijk van de mogelijkheden binnen de huidige ICT-systemen (Hfst. 5). Juridische medewerkers screenen de volgende stukken altijd inhoudelijk (Hfst.4):  weigeringen,  vergunningen met complexe afwegingen,  vergunningen waar bezwaren te verwachten zijn,  vergunningen met buitenplanse ontheffingen,  op verzoek van de vergunningcoördinator of manager,  in het geval van politieke en/of maatschappelijk gevoelige kwesties. Op basis van de kwaliteitscriteria draagt het bevoegd gezag zorg voor de afstemming tussen de bestuurlijk vastgestelde doelen/prioriteiten, de inzet van de personele en financiële middelen en de borging hiervan in de begroting. De probleemanalyse wordt jaarlijks geactualiseerd op basis van een analyse van geregistreerde gegevens dan wel wijzigingen in de bouwprognoses, economische ontwikkelingen en de overige factoren die van invloed kunnen zijn op de prioriteitsstelling. De resultaten daarvan (capaciteit, geld) worden vertaald in het Jaarplan en de begroting (Hfst. 5). Veiligheid en gezondheid hebben de hoogste prioriteit bij de behandeling van Omgevingsvergunningen. Het betreft onderwerpen zoals (Hfst.

5):  brandveiligheid,  constructieve veiligheid,  omgevingsveiligheid,  bodemverontreiniging,  asbest gerelateerde aspecten,  gebruiksveiligheid en  brandveilig gebruik van bouwwerken De gemeente beschikt over protocollen en werkinstructies uitgewerkt in procedures en/of werkinstructies in lijn met de strategie voor vergunningverlening (Hfst. 5). De gemeente hanteert, op grond van de kwaliteitscriteria, een systematiek van monitoring van vergunningverlening, de resultaten en voor zover mogelijk de effecten hiervan. Monitoring vindt in ieder geval plaats op de doelstellingen/prioriteiten genoemd in het strategisch beleidskader (Hfst. 7): 3. Monitoring kwaliteit en resultaten is gericht op: a. aantal en aard ingediende aanvragen; b. aantal besluiten op basis van de ingediende aanvragen; c. aantal afgehandelde meldingen onderverdeeld in relevante categorieën; d. aantal besluiten onderverdeeld naar relevante categorieën; e. aantal ingediende bezwaren/beroep en percentage gehonoreerd; f. tijdigheid van de geleverde producten; g. de effecten van afgegeven vergunningen voor de kwaliteit van de fysieke leefomgeving; h. de inhoudelijke kwaliteit van de producten. 4. Monitoring van aanvragen in strijd zijn met het Omgevingsplan op: a. de gronden op basis waarvan het afwijkingsbesluit is genomen;

b.

de relatie tussen dergelijke aanvragen en de wettelijke termijnen.

Jaarlijks wordt gerapporteerd en geëvalueerd over de uitvoering van het uitvoeringsprogramma in een jaarverslag. We evalueren op: 5. De voorgenomen activiteiten uit het uitvoeringsprogramma zijn uitgevoerd en de gestelde jaardoelen zijn behaald. 6. De uitvoering van deze activiteiten hebben bijgedragen aan de voortgang van de beleidsdoelen uit dit beleidsplan. 7. De resultaten van de evaluatie aanleiding geven om de werkwijze en/of het uitvoeringsprogramma van het volgende jaar aan te passen. 8. De resultaten van de evaluatie aanleiding geven om het VTH-beleid aan te passen.

Ondertekening Vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Albrandswaard op 25 maart 2025. de secretaris

de burgemeester,

mr. drs. Florus van der Linden

drs. Jolanda de Witte

Bijlage 1: Toetsprotocol met toetsniveaus per hoofdstuk Bbl Excelbestand: Is los aan dit beleidsstuk toegevoegd

Bijlage 2: Bijzondere lokale omstandigheden in het kader van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen

Toepassingsgebied

BODEM Interferentie bodemwarmtesystemen;

Bodemenergiesystemen die op korte afstand van elkaar worden geplaatst kunnen invloed hebben op de temperatuur van de ondergrond bij de 'buur systemen'. Hierdoor kunnen bodemenergiesystemen die op korte afstand van elkaar (+/-150 m) worden geplaatst, elkaar positief of negatief beïnvloeden. Externe link: bodemenergie. (wkotool.nl)

Volledige grondgebied gemeente Albrandswaard

Bouwen nabij monumenten/bouwvallen/aangetaste fundering;

Bij bouwwerkzaamheden nabij een monument of een bouwvallig gebouw of een gebouw dat slecht gefundeerd is moeten vooraf extra maatregelen die het risico op het ontstaan van schade door trillingen verkleinen.

Volledige grondgebied gemeente Albrandswaard. Specifieke voorschriften op basis van deze omstandigheid kunnen worden opgenomen in de vergunning voor de Omgevingsplanactiviteit

Funderingsresten

Resten van funderingen, oude heipalen of andere materialen in de bodem die mogelijk van invloed zijn op de toe te passen funderingswijze.

Specifieke voorschriften op basis van deze omstandigheid kunnen worden opgenomen in de vergunning voor de Omgevingsplanactiviteit

Bouwen rondom dijklichamen;

Binnen een dijklichaam wat in gebruik is als primaire waterkering mogen geen heipalen

Trace’s zijn inzichtelijk in het Omgevingsplan.

worden toegepast, mag niet worden geboord of onderkelderd. Draagkracht bodem;

Er is sprake van een wisselende bodemkwaliteit in deze omgeving. Via sonderingsonderzoek moet de draagkracht van de bodem worden onderzocht. Neem voor hei- en funderingswerkzaamheden passende maatregelen in de risicobeoordeling en het borgingsplan zodat het daadwerkelijke paaldraagvermogen kan worden aangetoond.

Volledige grondgebied gemeente Albrandswaard

Ondergrondse transportleidingen;

Bij bouwwerkzaamheden in de nabijheid van een ondergrondse transportleiding moeten extra bouwkundige maatregelen worden getroffen. In beginsel mogen daar geen gevoelige objecten worden gerealiseerd. Er kan onder voorwaarden worden afgeweken met een omgevingsvergunning, daarvoor moet advies worden ingewonnen bij de leidingbeheerder

Trace’s, beheer en randvoorwaarden zijn inzichtelijk in het Omgevingsplan.

Er is een hogere grenswaarde geluid van toepassing. De drempelwaarde in het programma geluid is 65dB(den) Dit betekent dat er aanvullende gevelmaatregelen

Op basis van de plandrempel in het vastgestelde “Programma Geluid 2024-2028 Albrandswaard”. Specifieke voorschriften op basis van deze omstandigheid kunnen

LUCHT en GELUID Risico op overschrijden geluidbelasting op gevels;

Hoogspanningsmasten;

toegepast moeten worden om te voldoen aan het binnen niveau volgens het Besluit bouwwerken leefomgeving.

worden opgenomen in de vergunning voor de Omgevingsplanactiviteit.

Bij bouwwerkzaamheden in de nabijheid van een hoogspanningsmast moeten extra bouwkundige maatregelen worden getroffen.

Trace’s zijn inzichtelijk in het Omgevingsplan.

Om de veiligheid en het functioneren van het lokaal metronetwerk te beschermen wordt er een beperkingengebied gehanteerd. Indien het dus gaat om activiteiten binnen het beperkingengebied metro dient contact opgenomen te worden met RET. Ook als een activiteit niet in het beperkingengebied ligt, maar deze heeft wel impact op de infrastructuur, is het dwingende advies om contact op te nemen met RET via vergunning@ret.nl.

Specifieke voorschriften op basis van deze omstandigheid kunnen worden opgenomen in de vergunning voor de Omgevingsplanactiviteit. Op termijn komen deze beperkingengebieden in het Omgevingsplan.

OVERIG Beperkingengebied metro.

Bijlage 3: Schema reguliere afstemming overleggen in het kader van vergunningverlening Overlegstructuren

Betrokken partijen

Inhoud

frequentie

Werkverdeling

Intern, team VTH

Binnenkomende aanvragen worden besproken en verdeeld en het team bepaalt de complexiteit en behandelaar van nieuwe initiatieven.

1x per week

Teamoverleg

Intern, team VTH

Bespreken werkvoorraad, ontwikkelingen, knelpunten e.d.

1x per 4 weken

Overleg Omgevingswet KCC/VTH

Beleidsmedewerker VTH, communicatieadviseur, senior KCC medewerker, Projectleider Omgevingswet

Kennisdelen en aandachtspunten bespreken m.b.t. de dienstverlening, aanpassingen op de website en interne samenwerking.

4-wekelijks

Intaketeam

Kerngroep: Voorzitter Secretaris Adviseur RO Trekker initiatief: (Vergunning coördinator /Casemanager/Projectleider marktinitiatieven) Interne adviseurs (indien nodig) Adviseur verkeer Adviseur milieu Adviseur water Adviseur duurzaamheid Stedenbouwkundige

De intaketafel is er om te kijken of een initiatief wenselijk is op een bepaalde plek. Het geeft de initiatiefnemer een eerste inschatting van de slagingskans van zijn initiatief. Wij kijken globaal of het initiatief inhoudelijk kans van slagen heeft. Afhankelijk van het initiatief wordt daarbij ook een bestuurlijke check gedaan. Daarnaast zal gekeken worden via welke (juridische)procedure gevolgd moet worden.

1x per week

Omgevingstafel

Kerngroep: Voorzitter Secretaris Adviseur RO Trekker initiatief: (Vergunning coördinator

De omgevingstafel wordt ingezet bij zeer complexe aanvragen. Bij zulke aanvragen is een integrale aanpak noodzakelijk. Alle nodige partijen worden

1 x in de 3 weken of als dat te frequent blijkt naar behoefte

/Casemanager/Projectleider marktinitiatieven) Interne adviseurs (indien nodig) Adviseur verkeer Adviseur milieu Adviseur water Adviseur duurzaamheid Stedenbouwkundige Adviseur erfgoed Adviseur bouwfysica Adviseur wonen Adviseur groen en recreatie Projectleider civiel Adviseur sociaal domein Planeconoom Externe adviseurs: Commissie Ruimtelijke kwaliteit (CRK) Voorlichting en adviescommissie (VAC) Provincie Zuid-Holland (PZH) Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD) Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond (VR-RR) Omgevingsdienst (DCMR) Waterschap Hollandse Delta (WSHD)

uitgenodigd om tegelijk aan dezelfde tafel te zitten om zo op dat moment de aanvraag volledig bespreken. De omvang, complexiteit, onderwerp etc. bepalen wie deel moeten nemen aan de omgevingstafel. Voorbeelden van deelnemers aan de omgevingstafel zijn initiatiefnemer, beleidsmedewerkers van verschillende vakdisciplines, ketenpartners zoals brandweer of omgevingsdienst, belanghebbende of externe vakspecialisten.

Integraal Handhavingsoverle g (IHO)

DCMR, VRR, Politie, juristen vergunningverlening, juristen handhaving, beleidsmedewerker

Integrale benadering van de handhavingsgevallen binnen de gemeente

1 x per 6 weken

Commissie ruimtelijke kwaliteit

vergunning-coördinator (ambtelijke ondersteuning, commissieleden, interne adviseurs stedenbouw en erfgoed

Tijdens het vergunningenproces wordt beoordeeld of wordt voldaan aan redelijke eisen van welstand. In het geval van een erfgoedactiviteit adviseert de commissie integraal over zowel het welstands- als erfgoedaspect van het plan.

2 Wekelijks

Participantenoverle g

Beleidsmedewerkers Milieu en VTH

Bij DCMR

2 of 3 keer per jaar.

Portefeuillehouder s-overleg

Intern, team Ruimte

Bij bestuurlijk relevante aanvragen

2-wekelijks

Waterschap

Accounthouder, VTH

Overleg coördinatieregeling

Ad hoc

GGD

Accounthouder/Casemanag er

Overleg advisering

Ad hoc

VR-RR

Beleidsadviseur VTH

Op verzoek van accounthouders VR-RR of n.a.v. casuïstiek.

Ad hoc

Provincie

Beleidsadviseur VTH/Casemanager

Ad hoc, in het kader van IBT en rondom meervoudige aanvragen.

Ad hoc

Bijlage 4: Producten of afgeleide producten voor vergunningverlening ten behoeve van risicoanalyse Taken in het kader van vergunningverlening

Wettelijke grondslag

Bouwen/gebruik/slopen Regie/Coördinatie/toetsing voor de activiteit Bouwen

Art. 5.1 lid 2 onder a Ow 1 Art. 16.64 eerste en tweede lid Ow

Regie/Coördinatie/toetsing voor de Omgevingsplanactiviteit

Art. 5.18 en 5.21 Ow Art. 16.64 Ow

Regie/Coördinatie/toetsing bestemmingsplan/besluitadvisering omgevingsvergunning voor de activiteit afwijken van het Omgevingsplan

Art. 5.18 en 5.21 Ow Art. 16.65 Ow en 5.7 derde lid Ow

Regie/coördinatie/toetsing/besluit-advisering omgevingsvergunning voor uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden

Art. 5.1 lid 1 onder a Ow Art. 16.64 eerste en tweede lid Ow

Regie/coördinatie/toetsing/besluit-advisering omgevingsvergunningverlening voor de activiteit wijzigen/veranderen gemeentelijk monument

Art. 5.1 lid 1 onder b en art 5.1 lid 1 onder a Ow Art. 16.64 eerste en tweede lid Ow

Regie/coördinatie/toetsing voor de activiteit wijzigen/veranderen rijksmonument (anders dan regulier onderhoud)

Art 5.1 lid 1 onder b Art 16.62 Ow Art. 16.15 Ow + 4.25 lid 1 onder h, Ob en 4.32 lid 1 onder b, Ob (AMvB) Art. 5.1 lid 1 onder b Ow en Art. 16.15 Ow + 4.25 lid 1 onder h, Ob en 4.32 lid 1 onder b, Ob (AMvB) en art 16.65 Ow

Regie/coördinatie/toetsing/besluit-advisering melding voor de activiteit sloop

Art 4.3 eerste lid en 4.4 Ow + 7.10 Bbl

Taken in het kader van vergunningverlening

Wettelijke grondslag

Regie/coördinatie/toetsing/besluit-advisering meervoudige omgevingsvergunningen verlenen (1 aanvraag die meerdere activiteiten bevat)

artikel 5.14 Omgevingswet artikel 10.21 en 10.21a Omgevingsbesluit

Afhandelen conceptaanvraag (Omgevingsoverleg)

Geen wettelijke grondslag; streven is bij eenvoudige gevallen binnen 8 weken uitsluitsel te geven. De termijn is sterk afhankelijk van de complexiteit.

Sloopmeldingen

Art 4.3 eerste lid en 4.4 Ow + 7.10 Bbl

Welstandsadvisering

Verordening op de gemeentelijke adviescommissie commissie ruimtelijke kwaliteit Barendrecht 2021

Bezwaar- en beroepsprocedures

Artikel 7:13 Algemene wet bestuursrecht. Termijn: 12 weken

Inhoudelijke toetsing Omgevingsplan afwijkend gebruik

Art. 5.1 Ow Art. 16.64 eerste en tweede lid Ow

Gebruiksvergunning enkelvoudig

Art. 5.1 Ow

Gebruiksmelding

artikel 6.6 Bbl

Ontheffing bouwlawaai

artikel 7.17, lid 2 Bbl

APV gerelateerd Volledigheidstoetsing en vergunningverlening kappen

Verordening fysieke leefomgeving en Omgevingsplan

Volledigheidstoetsing en vergunningverlening activiteit in-, uitrit

Artikel 2:12 APV

Taken in het kader van vergunningverlening

Wettelijke grondslag

Bezwaar-en Beroepsprocedures activiteiten Kappen, in-, uitrit

Artikel 7:13 Algemene wet bestuursrecht.

Bijlage 5: Doelen per beleidsveld en de indicatoren daarvan. Beleidsveld

Doel

Bouwen

Bevorderen dat de wettelijke regels en overige voorschriften op het gebied van de Wet ruimtelijke ordening, Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, Woningwet, Bouwverordening, Bouwbesluit en overige AMvB’s worden nageleefd

indicator o

o

o

Bij iedere vergunningaanvraag wordt vastgesteld of de bebouwing voldoet aan de technische en planologische eisen die de wet stelt. Het bouwdeel van iedere vergunningaanvraag wordt getoetst aan het door het college vastgestelde toetsprotocol. Iedere vergunningaanvraag wordt getoetst aan ons welstandsbeleid.

Monumenten

Bevorderen dat wettelijke regels, verordeningen en overige voorschriften op het gebied van Monumenten worden nageleefd.

Bij iedere vergunningaanvraag wordt vastgesteld of de bebouwing voldoet aan de Erfgoedwet, de gemeentelijke monumentenverordening en overige voorschriften.

Slopen

Bevorderen dat wettelijke regels, verordeningen en overige voorschriften op het gebied van slopen worden nageleefd.

Bij iedere sloopmelding controleren we dat de werkzaamheden worden uitgevoerd volgens de relevante regelgeving m.b.t. tot veiligheid rond slopen.

Brandveilig gebruik

Kwalitatief juiste vergunningverlening uitvoeren zodat de gewenste gebruiksveiligheid wordt gerealiseerd en in stand gehouden.

De gewenste gebruiksveiligheid wordt gegarandeerd door vergunningaanvragen te toetsen op brandveiligheid.

Natuur

Bevorderen van naleving van wet- en regelgeving en zorg

Bij iedere vergunningaanvraag wordt erop toegezien dat natuur-

dragen voor een duurzame mate van natuurschoon.

en landschappelijke waarden zijn behouden.

Omgevingsplan

Het doel van de vergunningverlening is het verwezenlijken van het door de raad vastgestelde ruimtelijk beleid ten aanzien van het gebruik van gronden en de zich daarop bevindende opstallen.

Bij iedere vergunningaanvraag wordt erop toegezien dat het gebruik van gronden en opstallen voldoet aan de voorschriften die in de ruimtelijke plannen van de gemeente zijn gesteld.

Afwijkingsbesluiten

Gebruik maken van flexibiliteitsbepalingen als aanvragen daartoe aanleiding geven en deze passen binnen de afwegingskaders dan wel vastgesteld beleid.

De mogelijkheden tot afwijken van het Omgevingsplan worden integraal besproken Er is op toegezien dat verleende ontheffingen voldoen aan het toetsingskader ‘’Nota afwijkingsregels ruimtelijke ordening 2012’’.

Wijzigingsbesluiten

Gebruikmaken van aan het college in omgevingsplannen toegekende bevoegdheden om binnen vastgestelde kaders een plan te wijzigen.

Wijzigingsbesluiten zullen voldoen aan de regels van de opgenomen wijzigingsbevoegdheid in het Omgevingsplan.

Afwijkingsbeleid

Duidelijkheid bieden in welke gevallen gebruik kan worden gemaakt van toegekende afwijkingsbevoegdheden.

De mogelijkheden tot afwijkingen worden integraal besproken Bij het toepassen van afwijkingsbeleid is voldaan aan de toetscriteria die zijn opgenomen in de ‘’Nota afwijkingsregels ruimtelijke ordening 2012’’.

Bijlage 6 Urenindicatie per bouwonderdeel per functionaris Albrandswaard

Uren per categorie vergunningcoördinator

Uren Omgevingsplanactiviteit toezichthouder

Uren bouwtechnische activiteit toezichthouder

Licht/dakkapel < €10.000,-

8

2,5

n.v.t. (geen vergunningplicht)

Bijgebouwen bij woningen

11

4

n.v.t. (geen vergunningplicht)

Aanbouwen, dakopbouwen, verbouwingen

15

2

6

1 Woning

30

4

12

Woningbouw complex <5.000.000

50

8

50

Woningbouw complex >5.000.000

90

20*

80*

< €100.000

30

2

10

€100.000 €1000.000

40

4

17,5

> €1000.000

60

8

65,5

Publiek

>5.000.000

90

20*

80*

< €100.000

30

2

9,5

€100.000 €1000.000

40

4

17,5

> €1000.000

60

8

55,5

>5.000.000

90

20*

80*

Reclame

8

2

n.v.t.

Sloop

8

4

n.v.t.

Kap

6

1,5

n.v.t.

In- uitrit

2

2

n.v.t.

Vooroverleggen

8

n.v.t.

n.v.t.

Bedrijf

Legalisatieonderzoeken

Bouw en gereedmelding

5

n.v.t.

n.v.t

2

n.v.t.

*Omvangrijke projecten kunnen meerdere jaren duren. Indien nodig wordt op projectniveau een meerjarige urenindicatie gemaakt. Dit wordt in het uitvoeringsprogramma gemotiveerd.

Bovenstaande urenindicatie is op basis van objectieve criteria. In de praktijk zijn subjectieve (meestal bestuurlijke gevoeligheden) criteria vaak bepalend voor de inzet. Gevolg is dat kleine projecten soms meer tijd vergen dan gr

Handhavingsbeleidsplan Omgevingswet/BRIKS-taken gemeente Albrandswaard 2024-2028

Vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van Albrandswaard op 25-03-2025

Samenvatting Handhavingsbeleidsplan Omgevingswet/BRIKS-taken De aanleiding voor het herzien van “Handhavingsbeleidsplan gemeente Albrandswaard 20232027” is de invoering van de Omgevingswet. Daarnaast wordt in dit beleidsplan rekening gehouden met diverse maatschappelijke ontwikkelingen van de afgelopen jaren. Zo is er een verschuiving zichtbaar van nieuwbouw aan de randen van gemeenten (uitbreiding) naar herontwikkeling van locaties binnen de bestaande bebouwde omgeving (inbreiding). Ook is er een groeiende aandacht en bewustwording op het gebied van duurzaamheid, zoals blijkt uit de BENG-regelgeving en de energielabelplicht. Verder is de relatie tussen burgers, bedrijven en de overheid aan verandering onderhevig, met een toenemende nadruk op samenwerking en wederzijds begrip. Het “Handhavingsbeleidsplan gemeente Albrandswaard 2023-2027” is daarom aangepast aan de nieuwe regelgeving die voortkomt uit de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. Daarnaast is het geactualiseerd op basis van voortschrijdend inzicht en jurisprudentie met betrekking tot handhaving. Dit beleidsplan geldt voor een periode van vier jaar, vanaf het moment dat de Omgevingswet in werking treedt. Vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) zijn belangrijke instrumenten voor de overheid in relatie tot haar inwoners en bedrijven.

Initiatiefnemers willen graag hun ideeën kunnen realiseren, terwijl omwonenden en andere belanghebbenden willen dat hun belangen worden beschermd. Met dit beleidsplan willen wij transparant zijn over wat we doen, waarom we het doen, welke keuzes we maken bij het uitvoeren van onze VTH-taken en hoe we dit hebben georganiseerd. Daarnaast bepaalt het Omgevingsbesluit dat het college van burgemeester en wethouders beleid vaststelt voor de uitvoerings- en handhavingstaken uit het Omgevingsrecht. Dit Handhavingsbeleidsplan 2024-2028 van de gemeente Albrandswaard vormt het kader voor een veilige, duurzame en leefbare fysieke omgeving. Het plan geeft invulling aan de uitvoering van toezicht en handhaving binnen de kaders van de Omgevingswet, waarbij nadruk ligt op kwaliteit, samenwerking en digitalisering.

VTH Beleidsplan en Jaarplan Strategisch Niveau:  

Het beleidsplan is een strategisch document dat de lange termijnvisie, doelstellingen en kaders vaststelt voor vergunningverlening, toezicht en handhaving. Het legt de basis voor hoe de organisatie haar wettelijke taken en verantwoordelijkheden op dit gebied wil uitvoeren.

Beleidskaders en Prioriteiten:  

Het beleid beschrijft de prioriteiten op basis van risicoanalyse, maatschappelijke vraagstukken en politieke keuzes. Het geeft richting aan de thema’s waarop de organisatie zich wil richten, zoals veiligheid, duurzaamheid of volksgezondheid.

Richtinggevend:  

Het beleidsplan biedt een richtinggevend kader waarbinnen uitvoerende activiteiten moeten plaatsvinden. Het bepaalt de hoofdlijnen van het beleid zonder in detail te treden over de specifieke acties.

Jaarplan Operationeel Niveau:  

Het jaarplan is een operationeel document dat gedetailleerde actieplannen bevat voor de korte termijn (meestal jaarlijks). Het vertaalt de strategische doelstellingen van het beleidsplan naar concrete acties en maatregelen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.albrandswaard.nl/api/v1/meetings/3738/documents/33659