CConstaterende datAlbrandswaard
Koppel je AI →
Document · PDF

30. 2026-057640 Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) Vaststelling Begroting MRDH 2027 en Nota van beantwoording op 11 september 2026.pdf

Gemeenteraad AW 12 oktober 2026, gemeente AlbrandswaardBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken105.203 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 7 van 12

• Op basis van de tussenresultaten van het onderzoek naar publieke mobiliteit werken we samen met HTM, RET en streekvervoerders aan het mogelijk maken van combinaties van doelgroepenvervoer, gedeeld vervoer en bedrijfs- vervoer. We bepalen welke bestaande ov-lijnen worden opgewaardeerd tot hoogwaardig ov (HOV) en waar nieuw HOV wordt gerealiseerd. Daarbij bepalen we welke eisen we opnemen in nieuwe concessies en wat aanvullend geregeld wordt in de huidige concessies. • We realiseren projecten gekoppeld aan de stroomgrids van RET en HTM zoals laadinfrastructuur, energieopslag, energiebesparing, stroomaansluitingen voor bouwactiviteiten, om netcongestie te voorkomen of te verminderen. Metropolitane fietsroutes (MFR) Metropolitane fietsroutes (MFR) zijn hoogwaardige, regionale fietsroutes die het gebruik van de fiets voor woon-werkverkeer stimuleren. Op routeniveau zijn afspraken gemaakt over de ligging van het tracé, de aanpak van complexe schakels, de kosten, de te verkrijgen subsidie en de termijnen voor uitvoering. De verantwoordelijke wegbeheerders werken met elkaar aan realisatie. De MRDH is betrokken als subsidieverlener. Welke resultaten willen we bereiken? • Circa 100 km Metropolitane fietsroutes realiseren tot en met 2028. Wat gaan we daarvoor doen in 2027? • We verlenen subsidie aan routes waarvoor een samenwerkingsovereenkomst (SOK) is getekend.

• We maken maatwerkafspraken met gemeenten over de realisatie van complexe schakels binnen de routes. Ov-concessies en jaarlijkse vervoersplannen Via de ov-concessies (Rail Rotterdam, Rail Haaglanden, Bus Rotterdam en omstreken, Bus Voorne-Putten en Rozenburg, Bus Haaglanden Stad, Bus Haaglanden Streek en Parkshuttle) en de afgesproken jaarlijkse vervoerplannen kunnen wij de ov-maatregelen ‘op straatniveau’ invoeren. We verlenen de concessies voor het ov (per bus, tram en metro) en sturen op de kwaliteitseisen. We houden toezicht op de uitvoering en sturen op uitvoerings- kwaliteit en reizigerstevredenheid. De vervoerders stellen jaarlijks vervoerplannen op voor verbeteringen aan het ov en voeren de verbeteringen uit. De vervoerders doen voorstellen conform de verleende concessies binnen de financiële kaders. Gemeenten adviseren vanuit lokaal perspectief op de vervoerplannen. Wij toetsen vervolgens of deze voldoen aan de door de bestuurscommissie Vervoersautoriteit vastgestelde inhoudelijke en financiële kaders. We kijken naar een procedure waarbij vervoerders meer ruimte krijgen om binnen de kaders het netwerk te optimaliseren en waarbij impactvolle besluiten bestuurlijk worden voorgelegd.

Met de vaststelling van de Mobiliteitsvisie en in Begroting 2027 16 opmaat naar de nieuwe concessies verschuift het accent geleidelijk van een puur ov-concessie naar de samenhang met publieke mobiliteit. Welke resultaten willen we bereiken? • Een verbeterd mobiliteitssysteem dat makkelijk en aantrekkelijk is voor de reiziger. • Een systeem van publieke mobiliteit met ov als belangrijke drager, afgestemd op lopen en fietsen en passend in de buitenruimte. Wat gaan we daarvoor doen in 2027? • We verlenen per 1 januari 2028 een nieuwe concessie aan de RET. In aanloop daarnaartoe stellen we een Nota van Uitgangspunten en een programma van eisen (PvE) op. Dit PvE leggen we ter inspraak voor aan relevante partijen. • De coronaperiode heeft de noodzaak van intensieve samenwerking met en tussen vervoerders onderstreept. Vanuit de metropolitane gedachte van een optimaal en samenhangend vervoersysteem, zoals verwoordt in de Mobiliteitsvisie, versterken we het partnerschap met en tussen de RET en HTM. • De Nota van Uitgangspunten voor de nieuwe concessie RET wordt van kracht voor beide concessies. • We doorlopen de vervoerplanprocedure, inclusief de afrondende besluit- vorming in de laatste bestuurscommissie Vervoersautoriteit vóór de zomervakantie.

• In de Mobiliteitsvisie is vastgelegd welke rol ov als onderdeel van het publieke mobiliteitssysteem, heeft in het verbeteren van de bereikbaarheid en het versterken van de economische kracht van de metropoolregio. Belangrijk daarbij zijn de investeringen in nieuwe ov-lijnen en materieel zoals bussen, trams en metro’s. Daarnaast kan het ov deze rol alleen goed invullen als de kwaliteit goed is: voor reizigers is het ov prettig, veilig, betrouwbaar en betaalbaar, en daarmee aantrekkelijk. Om deze kwaliteit te verhogen gaat de MRDH vanaf 2027 aan de slag met het programma 'Aantrekkelijk ov'. Dit programma bevat een meerjarig pakket van maatregelen, waarbij er in ieder geval aandacht is voor sociale veiligheid, toegankelijkheid en de betaalbaarheid van het ov. Innovaties in het regionale mobiliteitssysteem We ontwikkelen en delen kennis over Smart Mobility, deelmobiliteit en Automatisch Vervoer. We stimuleren de toepassing van innovaties die het regionale mobiliteits- systeem verbeteren en vernieuwen. We gebruiken een afwegingskader voor Smart Mobility, waarbij een bijdrage aan de opdrachten uit de Mobiliteitsvisie voorop staat. De MRDH is kennismakelaar en subsidieverlener voor de toepassing van innovaties en nieuwe technologieën. Wegbeheerders voeren de toepassingen uit en andere partijen, zoals vervoerders, realiseren innovatieprojecten, met ondersteuning van de MRDH.

Welke resultaten willen we bereiken? • De ontwikkeling van kennis van Smart Mobility en het toepassen van innovaties die het regionale mobiliteitssysteem verbeteren en vernieuwen. Wat gaan we daarvoor doen in 2027? • We vormen samen met kennisorganisaties, andere regio's en het ministerie van IenW een toegepast technologieprogramma. Dit langjarige programma biedt kennis, inzicht en overzicht in de toepasbaarheid van technologieën voor onze opgaven, met aandacht voor menselijk gedrag en de acceptatie van nieuwe technologieën door gebruikers. • Samen met koplopers van wegbeheerders en vervoerders testen en passen we technologieën toe die bijdragen aan sociale veiligheid, verkeersveiligheid, systeembenutting en efficiënt beheer en onderhoud. Dit doen we vanuit de programma's Verkeersveiligheid, Verkeersmanagement en Mobiliteits- management in Zuid Holland Bereikbaar, programma's voor automatisch vervoer, deelmobiliteit en publieke mobiliteit. • De wereld wordt steeds digitaler, maar niet iedereen weet dat te benutten. Naast het verbeteren van de datakwaliteit bekijken we samen met aanbieders van digitale producten hoe we de acceptatie en het gebruik van die producten kunnen bevorderen. Denk daarbij aan slimme navigatiediensten, maar ook aandacht voor het veilige gebruik van rijhulpsystemen via het Advanced Driver Assistance Systems (ADAS)-consortium.

• We werken binnen het project Martha (automatisch vervoer last mile) Rotterdam The Hague Airport de vervolgstap verder uit: rijden zonder safety driver. Begroting 2027 17 • Met de uitkomsten van meerdere pilots met autonoom rijden komen we met een voorstel voor een brede uitrol van autonoom busvervoer via een routekaart autonoom vervoer. • We werken het autonoom railvervoer (tram/metro) verder uit. Duurzame Mobiliteit We ontwikkelen kennis en monitoren de effecten van duurzame mobiliteit op de reductie van CO2, stikstof en fijnstof. Daarvoor gebruiken we het digitale platform: www.mrdh.nl/duurzamemobiliteit. We helpen bij het nemen van maatregelen die een effectieve bijdrage leveren aan verduurzaming, zoals deelmobiliteit en de werkgeversaanpak. Met deze activiteiten dragen we bij aan de Europese doel- stelling: 55% reductie van de CO2-uitstoot in 2030, zoals onderschreven in het regeerakkoord. De MRDH is kennismakelaar, adviseert gevraagd en ongevraagd de individuele gemeenten over duurzame mobiliteit en stelt de vervoerders in staat om maatregelen voor duurzame mobiliteit te nemen. We agenderen uitdagingen en randvoorwaarden voor duurzame mobiliteit bij andere partijen, zoals het Rijk en de provincie Zuid-Holland. De individuele gemeenten zijn zelf verantwoordelijk voor het uitvoeren van maatregelen voor duurzame mobiliteit.

Welke resultaten willen we bereiken? • Minimaal 250 emissievrije bussen laten instromen in de concessies. Hiermee verbeteren wij de luchtkwaliteit, verminderen wij de CO2-uitstoot en zorgen we voor een duurzaam en klimaatvriendelijk ov in de stad en regio. • Kennisontwikkeling en -deling over duurzame mobiliteit en monitoring van de effecten op de reductie van CO2, stikstof en fijnstof. Wat gaan we daarvoor doen in 2027? • De instroom van ZE-bussen vindt gefaseerd plaats. In 2027 stromen de resterende ZE-bussen voor de EBS-concessie Haaglanden streek in voor de locatie Poeldijk. • In december 2027 neemt EBS een nieuwe locatie met ZE-bussen in Zoetermeer in gebruik. • Nieuwe effectbepaling van CO2-, stikstof- en fijnstofreductie. Deelmobiliteit in de regio In de Mobiliteitsvisie leggen we de koppeling met samenhangende thema’s, zoals ketenmobiliteit, verstedelijking en deelmobiliteit en actieve, duurzame mobiliteit. We bieden gemeenten (als wegbeheerder) en andere partijen (grondeigenaren) de handvatten om zelf aan de slag te gaan met deeldiensten. Wegbeheerders en andere partijen (grondeigenaren, vervoerders en markt- partijen) voeren projecten uit. Daarnaast is deelmobiliteit een belangrijk onderdeel van publieke mobiliteit.

Welke resultaten willen we bereiken? • We positioneren deelmobiliteit als onderdeel van het multimodale regionale vervoersysteem van de metropoolregio Rotterdam Den Haag. • Kennisontwikkeling en kennisdeling over deelmobiliteit. Hierdoor kunnen we inspelen op de kansen die bijdragen aan het behalen van de doelen van gemeenten en de Strategische Agenda. Wat gaan we daarvoor doen in 2027? • De pilot Publiek regionaal deelfietsensysteem MRDH gaat van start in de gemeenten Delft, Den Haag, Lansingerland, Leidschendam-Voorburg, Pijnacker-Nootdorp, Zoetermeer, Rijswijk en Wassenaar. Samenwerkings- en uitvoeringsorganisaties De MRDH is mede-initiatiefnemer en ‘moeder’ van Zuid-Holland Bereikbaar, een samenwerkings- en uitvoeringsorganisatie die de bereikbaarheid (acceptabele hinder) in de regio borgt gedurende de vele infrastructurele beheer-, onderhouds- en aanlegprojecten die in de komende decennia zijn gepland en de mobiliteitstransitie stimuleert. Daarnaast neemt de MRDH deel aan de coöperatieve vereniging Decentrale OV-Autoriteiten (DOVA), waarin de opdrachtgevers voor het regionale ov (provincies en vervoerregio’s) afspraken met elkaar maken over bijvoorbeeld tarieven, sociale veiligheid en de afstemming met het Rijk.

Begroting 2027 18 De MRDH is mede-opdrachtgever en subsidieverlener aan het Kennisplatform Verkeer en Vervoer (KpVV) die zorgt voor kennisdeling met regionale ov-autori- teiten en gemeenten. Verder werkt MRDH ook internationaal samen met metropolitane ov-opdrachtgevers in Europa (EMTA, BEST) op het gebied van benchmarking, kennisuitwisseling en agendasetting in de EU. De MRDH neemt deel aan het Nationaal Dataportaal Wegverkeer (NDW). NDW is verantwoordelijk voor de inwinning van auto- en fietsdata en tools voor de invoer van wegwerk- zaamheden en evenementen. Door deelname aan NDW voldoen de MRDH en de inliggende wegbeheerder aan de Europese dataverplichtingen. Welke resultaten willen we bereiken? • Het borgen van economische en maatschappelijke activiteit in een periode van grote infrastructurele onderhoudswerkzaamheden, het beperken van hinder en het stimuleren van structurele gedragsverandering. • Verbetering van de klantreis in het ov: betaalbaarheid, veiligheid en reisgemak, waarbij we gebruik maken van de nieuwste inzichten uit de sector. • Een gezonde financiële situatie voor het regionale verkeers- en ov-systeem. • Betrouwbare, actuele en uniforme mobiliteitsdata voor analyses en beleid, door inwinning van autodata (reistijden, intensiteiten, herkomst bestemming) en fietsdata voor sturing van verkeer, monitoring en het verkeersmodel.

• Efficiëntere beleidsontwikkeling door gebruik van de kennisproducten van het KpVV. Wat gaan we daarvoor doen in 2027? • Samen met Zuid-Holland Bereikbaar en andere moederorganisaties voeren we het strategisch koersdocument uit en vertalen we de opgaven naar maatregelen die worden vastgelegd in het jaarplan. • We versterken de inzet vanuit de MRDH, in het bijzonder in het opstellen en uitvoeren van de gebiedsaanpakken in Haaglanden, Rotterdamse regio en de Zuid-Hollandse eilanden. Doel is om de impact van groot onderhoud aan het netwerk zo goed mogelijk te verzachten en bij te dragen aan duurzame gedragsverandering. • Specifiek voor het gebied Rotterdamse regio wordt een (gebied overstijgende) bereikbaarheidsstrategie opgesteld voor het project vernieuwen van de Van Brienenoordbrug (meerjarige werkzaamheden, uitvoering eerste fase voorzien in 2029). • We monitoren de uitvoering van het jaarplan Zuid-Holland Bereikbaar en sturen hier actief op. • We voeren een landelijke benchmark uit voor ov-klanttevredenheid en een Europese benchmark voor inwonerstevredenheid over het ov. • We delen kennis en maken als regionale ov-autoriteiten in landelijk verband afspraken met elkaar, met vervoerbedrijven en met het Rijk over verbetering van de klantreis. Toegankelijkheid OV De MRDH is in 2025 gestart met het uitvoeringsprogramma Toegankelijk OV 2024-2028.

Daarvoor hebben wij van het Rijk financiële middelen toegekend gekregen. In het uitvoeringsprogramma staan de activiteiten voor de toeganke- lijkheid van het openbaar beschreven. Daar gaan we komende vier jaar mee aan de slag. In 2025 is vanuit het uitvoeringsprogramma het project OV-coach gestart voor een periode van drie jaar. De OV-coach richt zich op inwoners van de metropoolregio voor wie het gebruik van ov en fiets niet vanzelfsprekend is, maar wel aan te leren is. Welke resultaten willen we bereiken? • Iedereen kan veilig en zelfstandig met het ov reizen. • De verbetering van toegankelijke reisinformatie. • Verbetering van de aansluiting van het ov op de openbare ruimte. Wat gaan we daarvoor doen in 2027? • We maken afspraken met gemeenten en vervoerders om de toegankelijkheid van de openbare ruimte rondom ov te verbeteren. • We ondersteunen gemeenten bij de opzet en implementatie van het programma OV-coach. • We richten ons actief op het verbeteren van de ontsluiting van reisinformatie. • We zetten ons in om digitale reisinformatie van verschillende vervoerders zoveel mogelijk te uniformeren en op elkaar af te stemmen. • We gaan ov-bedrijven stimuleren om te innoveren op het gebied van toegankelijke reisinformatie op haltes en stations. Denk aan de ontwikkeling van gezamenlijke apps van vervoerders.

Begroting 2027 19 • Op landelijk niveau werken we actief mee aan het uniformeren en actueel houden van de datastroom naar reizigers over toegankelijkheid. 2.1.1.3 Opdracht 5 - Versterken van het regionale mobiliteitsnetwerk De 21 gemeenten verbeteren de kwaliteit van het bestaande mobiliteitsnetwerk, inclusief de knooppunten van verschillende vervoerssystemen, zodat meer mensen het netwerk gebruiken en hoger waarderen. Zo verbeteren we de bereikbaarheid van de metropoolregio vanuit kwalitatief oogpunt en benutten we het bestaande netwerk beter. Een robuust, betrouwbaar, veilig en samen- hangend netwerk in de metropoolregio blijft noodzakelijk. In het bijzonder voor de Mainport en de Greenport. Het vrachtverkeer maakt immers gebruik van hetzelfde autonetwerk. De komende decennia worden grootschalige werkzaamheden uitgevoerd voor beheer en onderhoud van de infrastructuur. Dit is noodzakelijk om de kwaliteit van het huidige netwerk op orde te houden. Maar dit leidt tot structurele en aanzienlijke hinder als gevolg van verminderde capaciteit van het wegen- netwerk. Daarom werken we met acht partners samen in Zuid-Holland Bereikbaar om de hinder te beperken en duurzame gedragsverandering te realiseren (zie opdracht 3). Regionale Uitvoeringsagenda Verkeersveiligheid Met de aanpak ‘Maak een punt van Nul’ werken we aan het verminderen van het aantal slachtoffers in het verkeer.

De vastgestelde verkeersveiligheidsagenda geeft inzicht in de risico’s van de infrastructuur, risico-gedragingen en risico- groepen in het verkeer. Hieruit wordt duidelijk waar de focus de komende jaren ligt. De MRDH ondersteunt de individuele gemeenten met kennis, account- management en financiële middelen bij de uitvoering van gedragsinterventies en infrastructurele maatregelen. De MRDH is gesprekspartner van het Rijk over het nationale verkeersveiligheidsbeleid en diens inzet in nationale kaders en (financiële) middelen. Welke resultaten willen we bereiken? • De MRDH en de gemeenten maken, conform het Strategische Plan Verkeers- veiligheid (SPV) (landelijk beleid) en de Regionale Uitvoeringsagenda Verkeers- veiligheid MRDH (RUA), risicogestuurd verkeersveiligheidsbeleid. Daarnaast formuleren we samen doelen en streefwaarden voor risicolocaties en risicovol gedrag en baseren gemeenten hun uitvoeringsprogramma op risicoanalyses. • De realisatie van projecten voor de verbetering van de verkeersveiligheid van het regionale mobiliteitsnetwerk. • Een toename van het aantal deelnemende scholen dat actief is met de programma’s SCHOOL op SEEF, TotallyTraffic en #impact. Wat gaan we daarvoor doen in 2027? • We ondersteunen gemeenten met kennisdeling en met softwaretools bij de overgang van ongevalgestuurd beleid en uitvoering naar een risicogestuurde aanpak.

Het reguliere MRDH-verkeersveiligheidsoverleg heeft hierbij een belangrijke rol, ook voor kennisdeling vanuit landelijke instanties zoals de Aanpak SPV en NDW. • We voeren programmamanagement voor verkeerseducatie en -voorlichting, zodat scholen deelnemen aan programma's zoals SCHOOL op SEEF, TotallyTraffic en #impact en gemeenten campagnes uitvoeren. We helpen gemeenten bij het opnemen van de gedragsmaatregelen in hun lokale verkeersveiligheidsbeleid. • We stimuleren gemeenten met de inzet van meer uitvoeringskracht, onder andere door MRDH Support. Dit draagt bij aan het realiseren van de streef- waarden uit de Regionale Uitvoeringsagenda Verkeersveiligheid. • We rapporteren over de regionale ontwikkeling van de verkeersslachtoffer- en risico-indicatoren. Onder meer gebruikt ons Regionaal Ondersteuningsbureau Verkeersveiligheid Zuid-Holland (ROV ZH) deze ontwikkeling om de prioriteiten te stellen in hun jaarplannen. Ook wordt die ontwikkeling gebruikt voor de inzet van gedragsmaatregelen. • Voor de optimalisatie van verkeershandhaving voeren wij gesprekken met politie en de gemeenten. Ons streven is dat gemeenten verkeersveiligheid opnemen als onderwerp in het lokale integrale veiligheidsplan. Dit draagt bij aan het regionale doel: nul verkeerslachtoffers.

Op landelijk niveau agenderen we verkeershandhaving binnen de Bestuurlijke Afspraken rond het Strategisch Begroting 2027 20 Plan Verkeersveiligheid. • We voeren tijdens een campagneperiode van zes weken minimaal één van de ontwikkelde voorlichtingscampagnes uit in de gehele regio, zoals: "Houd rekening met elkaar". • We stimuleren gemeenten om activiteiten uit te voeren die de verkeers- veiligheid vergroten, door kennisdeling in het MRDH-verkeersveiligheidsoverleg, subsidies en via de nieuwsbrief Verkeersveiligheid. Autonetwerk en verkeersmanagement In een groeiende regio, waarin mobiliteit cruciaal is voor economische en maatschappelijke activiteit, zorgt noodzakelijk beheer en onderhoud aan Rijks- en andere infrastructuur voor extra druk. Het belang van maximaal inzicht in de beschikbare infrastructuur en het beschikbaar houden van deze capaciteit voor de meest urgente gebruikers, onderstrepen de noodzaak van samenwerking. Als mede-initiatiefnemer en ‘moeder’ van Zuid Holland Bereikbaar zet de MRDH zich in voor het optimaliseren van het bestaande wegennetwerk, het geven van advies over de aanpak van de uitvoering, de volgorde daarvan en de te nemen maatregelen binnen een vooraf afgesproken kader van hinder, economische en maatschappelijke belangen en kosten.

Daarbij zoeken we naar aanvullende kansen, zoals fietsverbindingen en mobiliteitsoplossingen gericht op duurzame gedragsverandering. Bij de doorstromingsmaatregelen van het ov kijken we samen met de wegbeheerders waar bus en tram sneller door het netwerk kunnen rijden. De gemeente Rotterdam, Drechtsteden en de MRDH hebben hun inzet voor Zuid-Holland Bereikbaar versterkt. De samenwerkende gemeenten, provincie Zuid-Holland en het Rijk (als wegbeheerders) zijn verantwoordelijk voor de realisatie van infrastructurele ingrepen en de afstemming van de wegwerk- zaamheden, met Zuid-Holland Bereikbaar als helpende schakel. Welke resultaten willen we bereiken? • Verbeteren van de doorstroming en spreiding van personen- en goederenvervoer. • Goede afstemming rond de multimodale programmering werkzaamheden spoor & weg. • Optimaal gebruik van het bestaande wegennetwerk door wegbeheerders. Wat gaan we daarvoor doen in 2027? • We voeren een knelpuntenanalyse uit en analyseren de betrouwbaarheid van en de reistijd op het metropolitane wegennet over het jaar 2026. • Samen met de wegebeheerders stellen we vast of er knelpunten zijn op het metropolitane wegennet en starten waar nodig vervolgonderzoeken voor het oplossen van deze knelpunten.

• We adviseren, ondersteunen en subsidiëren infrastructurele ingrepen van wegbeheerders na toetsing aan het regionale beleid (Mobiliteitsvisie) en leveren inhoudelijke kennis (verkeerskundig, verkeersdata/monitoring en verkeersmodel). Voorbeelden zijn onder andere de A20 Coldenhovenlaan en mitigerende ov- en fietsmaatregelen in het kader van de A4 Haaglanden-N14. • We werken samen met andere overheden aan een afgestemde planning en programmering van onderhoud en verkeersmanagement binnen de uitvoerings organisatie Zuid-Holland Bereikbaar. • We beheren en ontwikkelen het verkeer- en vervoermodel, zodat het actueel blijft en beschikbaar is voor gemeenten en de werkorganisatie. In 2027 werken we aan een grote update (V-MRDH 5.0), met daarin een actueel basisjaar en geactualiseerde netwerken. Programma Knooppunten De MRDH, stationbeheerders en gemeenten werken samen aan de kwaliteits- verbetering van bestaande knooppunten. Samen onderzochten en bepaalden we al welke knooppunten worden aangepakt. Vervolgens helpt de MRDH samen met betrokken partijen met het uitwerken van de opgave. We bespreken de raakvlakken tussen modaliteiten onderling en met de ruimtelijke omgeving en verkennen de oplossingsrichtingen. Daarbij staan vijf aandachtspunten centraal: lokale aansluiting (waaronder toegankelijkheid), fietsparkeren, P+R, kwaliteits- beleving en mobiliteitsdiensten.

De gemeente (als wegbeheerder) of de station- beheerder is verantwoordelijk voor de realisatie van de verbeteringen. Welke resultaten willen we bereiken? • De aantrekkelijkheid van publieke en actieve mobiliteit verhogen door haltes op te waarderen tot mobiliteitsknooppunten (een prettig verblijf op knoop- punten en naadloze overstap). Begroting 2027 21 Wat gaan we daarvoor doen in 2027? • In samenwerking met stakeholders (gemeenten, RET, HTM, EBS, ProRail, NS) diverse ov-knooppunten verbeteren, waaronder: Capelle aan den IJssel- De Terp, Capelsebrug, Capelle Schollevaar, Den Haag Hoornwijck, Den Haag Ypenburg, Den Haag Moerwijk, Pijnacker Zuid, Nootdorp, Schiedam Vijfsluizen, Maassluis Centrum, Maassluis West, Rhoon, Poortugaal, Barendrecht, Zoetermeer Station, Rotterdam Beurs, Rotterdam Alexander, Rotterdam Pernis, Rotterdam Rijnhaven, Rotterdam Melanchthonweg/Franciscus en Rijswijk Station. Hiervoor wordt een startdocument opgesteld en geadviseerd bij de planvorming. • De MRDH verstrekt subsidie voor de verbetering van ov-knooppunten. Concessiemanagement - assets Binnen de railconcessies HTM en RET maken we afspraken over het beheer en onderhoud van de gehele portefeuille voor het financiële langeretermijn pers- pectief. De basis daarvoor is de door de bestuurscommissie Vervoersautoriteit vastgestelde Beheervisie.

De MRDH verleent concessies voor het regionale ov en maakt financiële afspraken met HTM en RET over het benodigd beheer en onderhoud van de assets (inclusief remises en werkplaatsen) op basis van de kaders die de bestuurscommissie Vervoersautoriteit vaststelt. Welke resultaten willen we bereiken? • Een werkend ov-systeem. Wat gaan we daarvoor doen in 2027? • We verlenen jaarlijks subsidie voor het beheren en onderhouden van de railinfrastructuur en voertuigen. • Ook in 2027 is er extra aandacht voor het beheer en onderhoud van de liften en roltrappen die HTM en RET beheren, waardoor die beter beschikbaar zijn. Dit gebeurt op basis van reguliere inspecties en gemelde incidenten. • We inventariseren de eigendomsgrenzen van RandstadRail voor een overdracht van ProRail naar de regio. Daarbij actualiseren we tegelijkertijd de beheer- en onderhoudsgrenzen. • We vernieuwen het reclamecontract voor abri's. • We verkennen in samenspraak met de vervoerder voor welke metrostations een tussentijdse opwaardering nodig is. Dit leidt tot een projectenportfolio tot en met 2030, met prioritering.

2.1.2 | Wat gaat het kosten? (euro’s) Programma 1: Mobiliteit | Jaarrekening 2025 | Begroting 2026 | Begroting 2027 | Begroting 2028 | Begroting 2029 | Begroting 2030 Lasten: Beleid en programmering Mobiliteit | 10.777.343 | 12.107.562 | 7.794.339 | 7.794.339 | 7.794.339 | 7.794.339 Subsidie CROW-KpV V | 898.374 | 900.000 | 900.000 | 900.000 | 900.000 | 900.000 Subtotaal Beleid en programmering | 11.675.717 | 13.007.562 | 8.694.339 | 8.694.339 | 8.694.339 | 8.694.339 Exploitatie openbaar ver voer Concessies | 503.102.484 | 595. 54 1. 0 61 | 604.548.233 | 7 32.680.997 | 606.066.605 | 582.536.041 Overig | 7.660.749 | 19. 761. 252 | 36.561.252 | 37.111.252 | 35.611.252 | 39.611.252 Subtotaal Exploitatie OV | 510.763.233 | 615.302.313 | 641.109.485 | 769.792.249 | 641.67 7.857 | 622.147.293 Infrastructuur Mobiliteit Verkeersmanagement en wegenstructuur | 12.513.728 | 2. 876. 652 | 6.292.283 | 17.022.048 | 21.160.815 | 21.365.445 Fiets- en ketenmobiliteit | 14.567.430 | 32.608.570 | 63.130.022 | 39.017.318 | 19.506.428 | 27.392.751 Verkeersveiligheid | 6.928.707 | 33.262.919 | 18.402.967 | 16. 64 2. 7 23 | 7.500.000 | 7.500.000 Netwerk openbaar ver voer | 48.518.997 | 114.833.311 | 128.033.157 | 122.530.683 | 162. 53 2. 23 1 | 194.603.633 Subtotaal Infrastructuur Mobiliteit | 82. 528.

862 | 183.581.452 | 215.858.429 | 195.212.7 72 | 210.699.474 | 250.861.829 Apparaatslasten Directe kosten personeel | 4.356.069 | 6. 27 2. 576 | 6.534.037 | 6.534.037 | 6.534.037 | 6.534.037 Subtotaal Apparaatslasten | 4.356.069 | 6.272.576 | 6.534.037 | 6.534.037 | 6.534.037 | 6.534.037 Financiering Rente | 18.365.054 | 18.727.119 | 24.502.028 | 27.564.372 | 31.230.422 | 33.017.038 Subtotaal Financiering | 18.365.054 | 18.727.119 | 24.502.028 | 27.564.372 | 31.230.422 | 33.017.038 Vennootschapsbelasting Heffing vennootschapsbelasting | 251 | 400 | 400 | 400 | 400 | 400 Subtotaal vennootschapsbelasting | 251 | 400 | 400 | 400 | 400 | 400 Totaal lasten | 627.689.186 | 836.891.422 | 896.698.717 | 1.007.798.168 | 898.836.530 | 921.254.936 Baten: Onttrekking fonds BDU | 574.917.236 | 788.306.668 | 852.560.967 | 957.012.232 | 848.003.213 | 868.800.342 Rente | 18.745.564 | 18.727.119 | 24.502.028 | 27.564.372 | 31.230.422 | 33.017.038 Marktconformiteits-opslag ov-bedrijven | 7.923.011 | 8.769.301 | 6.743.819 | 11.755.872 | 11.925.642 | 11.760.304 Overige inkomsten | 30.103.375 | 25.088.335 | 12.891.904 | 11.465.692 | 7.677.252 | 7.677.252 Totaal baten | 631.689.186 | 840.891.422 | 896.698.717 | 1.007.798.168 | 898.836.530 | 921.254.936 Saldo van baten en lasten | 4.000.000 | 4.000.000 | 0 | 0 | 0 | 0 Toevoeging risicoreser ve financiering | -4.000.000 | -4.000.000 | 0 | 0 | 0 | 0

Resultaat | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 De cijfers voor het jaar 2026 bestaan uit de vastgestelde begroting 2026 en de tot nu toe bekende wijzigingen, die bij de eerste bestuursrappor tage 2026 ter besluitvorming worden voorgelegd. 22 Toelichting financiën | Het KpV V-programma ontwikkelt kennis over mobiliteit voor decentrale over- Beleid en programmering | heden en wordt uitgevoerd door CROW. Op basis van de subsidieaanvraag, de De hogere lasten in 2025 en 2026 hebben voor een groot deel te maken met | bijbehorende begroting en het jaarprogramma van CROW, kende de bestuurs- deincidentele bijdragen van het Rijk via de BDU voor de rijksbijdrage aan de | commissie op 28 februari 2024 een subsidie toe van maximaal €900.000 per exploitatie van Zuid-Holland Bereikbaar (€3,68 miljoen in 2025 en €4,3 miljoen | jaar voor 2024-2027. Deze subsidie is onder voorbehoud van de begroting voor in 2026). Daarnaast besloot het algemeen bestuur op 11 juli 2025 om de ex terne | de jaren 2024-2027. Voor de periode na 2027 moeten nog subsidie-afspraken inhuur terug te dringen door een toename van 11,07 f te vaste formatie per | worden gemaakt. Voor deze afspraken wordt in de begroting een bedrag van 1 | januari 2026. Omdat het een budgetneutrale wijziging betref t is het budget | €900.000 per jaar opgenomen, gelijk aan de huidige jaarsubsidie.

voor Beleid en programmering Mobiliteit daarom structureel lager met ingang van de begroting 2026. Exploitatie ov - Concessies Hierna volgt een nadere specificatie van de bus- en railconcessies. (euro’s) 20 26 | 20 27 | 20 28 | 2 0 29 | 2030 Bus: Totaal ov Concessie Bus Rotterdam e.o. | 56.190.783 | 62.630.378 | 47.691.911 | 82. 619. 55 8 | 46.645.348 Totaal ov Concessie Haaglanden Stad | 39.284.229 | 34.943.579 | 28.996.074 | 28.685.178 | 28.228.944 Totaal ov Concessie Voorne Putten Rozenburg | 20.318.892 | 19. 7 14. 674 | 18.999.635 | 15.979.605 | 15.979.605 Totaal ov Concessie Haaglanden Streek | 37.714.560 | 36.767.217 | 36.681.302 | 35.961.043 | 36.077.125 Totaal busconcessies | 153.508.464 | 154.055.847 | 132.368.923 | 163.245.384 | 126.931.022 Rail: Totaal ov Concessie RET Rail | 228.880.959 | 238.237.888 | 321.405.635 | 240.887.945 | 258.700.637 Totaal ov Concessie HTM Rail | 202.686.248 | 187.286.209 | 253.992.150 | 178.402.503 | 178.477.609 Totaal railconcessies | 431.567.207 | 425.524.097 | 575.397.786 | 419.290.448 | 437.178.246 Overige concessie afspraken | 10.465.390 | 24.968.289 | 24. 9 14.

2 8 9 | 23.530.77 3 | 18.426.77 3 Totaal concessies | 595.541.061 | 604.548.233 | 732.680.997 | 606.066.605 | 582.536.041 23 Bus | Exploitatie openbaar ver voer – Overig De f luctuaties van jaarlijkse subsidies voor de busconcessies heef t een | In deze post valt onder andere de abriconcessie (circa €6,7 miljoen per jaar). aantaloorzaken: | Daarnaast zijn enkele maatregelen uit het besluit van de bestuurscommissie • De ov-concessie Bus Rotterdam laat vooral in 2027 en 2029 hogere lasten | Ver voersautoriteit (BcVa) van december 2024 opgenomen, zoals reser veringen zien. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de eenmalige meerkosten voor | vanuit de Bikker-gelden voor investeringen in verduurzaming (uit de Strategische de instroom van ZE-bussen en de bijbehorende investering in laadinfra- | Agenda), het energie/stroomnet, circulair ov, arbeidsmarkt en innovatie en de structuur, waar voor in deze jaren een reser vering is opgenomen. | kwaliteit van het ov (waaronder weesobjecten, lif ten, modernisering van het • Bij de ov-concessie Haaglanden Stad vallen de lasten hoger uit door de inzet | Dynamisch Reis Informatie Systeem (DRIS ), railveiligheid en brandveiligheid). van de gereser veerde middelen vanuit de 27,5%-regeling in 2026 en 2027.

| Indeze post zitten ook de reser vering voor de compensatie van de herijking van • Voor vrijwel alle busconcessies geldt dat de lasten in 2026 hoger zijn door de | de SOV, voor zover deze nog niet zijn toegedeeld aan specifieke concessies. compensatie voor de herijking van het Studenten OV-Reisproduct (SOV). • Bij Voorne-Putten en Rozenburg liggen de lasten in de eerste drie jaren hoger | Infrastructuur Mobiliteit door aanvullende afspraken binnen de huidige concessieperiode, zoals maat- | De categorieën Verkeersmanagement en wegenstructuur, Fiets- en ketenmobili- werkver voer. Met ingang van de nieuwe concessie in 2029 moeten hierover | teit, Verkeersveiligheid en Netwerk openbaar ver voer bestaan uit bestedingen nieuwe afspraken worden gemaakt. | voor grote projecten en kleine projecten. Voor de kleine projecten zijn bestedingen opgenomen voor lopende subsidieverleningen, subsidieaanvragen die nog in Rail | behandeling zijn (IPVa 2025) en aangemelde kleine projecten voor het IPVa 2026 De f luctuaties van jaarlijkse subsidies voor de railconcessies heef t een | binnen het subsidieplafond van €30 miljoen, naar rato van het aantal aan- aantaloorzaken: | meldingen per subsidiecategorie.

Het subsidieplafond kleine projecten in het RET Rail: | IPVa 2027 en verder is evenredig verdeeld over de vier genoemde categorieën, • De piek in 2028 is het gevolg van de geplande investering in de werkplaats | waarbij we er vanuit gaan dat een klein project gemiddeld in drie jaar tot Waalhaven. Deze wordt direct gesubsidieerd en niet gekapitaliseerd. | realisatie komt. • In 2030 stijgen de lasten opnieuw door de nieuwe instroom van metro’s, watleidt tot hogere kapitaallasten. | Voor een compleet overzicht van de grote projecten ver wijzen we naar bijlage 2: HTM Rail: | Projecten en programma’s meerjarenbeeld BDU. Hierna lichten we per onderdeel • De piek in 2028 is het gevolg van de geplande investering in de Remise | de begrotingsbedragen verder toe. Guldenpad. Deze wordt direct gesubsidieerd en niet gekapitaliseerd. Verkeersmanagement en wegenstructuur Overige concessieafspraken | De begroting binnen deze subsidiecategorie loopt op tijdens de begrotingsperiode. Deze post omvat onder meer de Parkshuttle, Personenver voer over water, | Dit komt door de volgende projecten die naar ver wachting in uitvoering gaan: Regiotaxi, Maatwerkver voer, de huur van de Telexstraat en de bijdrage in | • Voor infrastructurele maatregelen op de Algeracorridor wordt in de periode tarieven en chipkaar tkosten. Deze posten blijven gedurende de begrotingsjaren | 2027-2030 €9 miljoen begroot.

relatief constant. Daarnaast bevat deze post de bijdragen aan ver voerders | • In de periode 2028-2030 wordt naar ver wachting €28,1 miljoen besteed aan vanuit het Stimuleringsfonds en de groeigelden. De bestedingen stijgen vanaf | de realisatie van het bovengrondse verstedelijkingsontwerp van de 2027, omdat de groeigelden vanaf dat jaar in de begroting zijn gereser veerd. | Beatrix laan en de kruising Erasmusweg-Lozerlaan. 24 • In de periode 2028-2030 wordt naar ver wachting €3,4 miljoen besteed aan | verkeersveiligheidsmaatregelen uit de specifieke uitkering van het Rijk. Hier voor de doorstroming op de N57 ter hoogte van Hellevoetsluis (Nieuweweg). Dit is | heef t het Rijk drie specifieke regelingen ingesteld. één van de projecten die zijn opgenomen in het regionaal maatregelpakket om als cofinanciering te dienen voor de inzet van restbudget voor weginfra- | Ov-netwerk structuur van het ministerie van IenW. De MRDH-subsidie aan de overige | In de periode 2026-2030 wordt gewerkt aan de uitvoering van meerdere grote projecten binnen het maatregelpakket gaat vanwege de geringere bedragen | programma’s. Het gaat onder meer om de infrastructurele aanpassingen voor onderdeel uitmaken van het programma Kleine projecten.

| het programma Instroom Nieuwe Trams Haagse Regio (INTHR), de maatregelen uit het Plan Toekomstvast Tramnetwerk, en diverse projecten binnen het Fiets- en ketenmobiliteit | programma metronet, met een totale investeringsomvang van circa €262 miljoen. • Er zijn inmiddels voor een totaalbedrag van €104,7 miljoen reser veringen | Daarnaast worden in 2026 en 2027 investeringen afgerond in projecten zoals gemaakt voor de MFR’s Naaldwijk-Rotterdam, Delf t-Rotterdam Alexander, | lijn19 (deel TU), Bus- en Metrostation Spijkenisse Centrum, en R net Ridderkerk | - Zoetermeer-Rotterdam en Rotterdam-Ridderkerk. In de periode 2026-2030 | Rotterdam. Vanaf 2027 star ten de werkzaamheden voor gekoppeld rijden met worden bestedingen geraamd voor in totaal | RandstadRail en de vernieuwing van de spoorbeveiliging. De kosten nemen • €56,9 miljoen. Voor de MFR’s als onderdeel van de gebiedsuitwerking | tussen 2027 en 2030 verder toe, voornamelijk door de toename van investeringen Greenpor t 3.0 Westland (budget €50 miljoen euro) is in totaal €36,6 miljoen | richting het einde van deze periode in de projecten Vlietlijn en Stadsbrug gereser veerd. Voor de periode 2027-2030 wordt €21,7 miljoen aan bestedingen | Rotterdam. ver wacht. • In de begrotingsperiode wordt daarnaast gewerkt aan de realisatie van de | Apparaatslasten No Regret-maatregelen voor de CID-Binckhorst.

Hier voor is €16,1 miljoen | Dit zijn de directe salariskosten van de formatie die werkt binnen dit programma, (rijksbijdrage en MRDH-bijdrage) opgenomen gedurende 2026-2028. | met uitzondering van de overheadfuncties. De stijging die plaatsvindt vanaf • Voor de gebiedsuitwerking Voorne-Putten en Haven Rotterdam is de | begrotingsjaar 2026 ten opzichte van begrotingsjaar 2025 heef t voornamelijk te ver wachting dat de reser vering van €8,8 miljoen in de periode 2027-2029 | maken met de toename van de vaste formatie per 1 januari 2026. Het algemeen wordt besteed. | bestuur besloot op 11 juli 2025 om de ex terne inhuur terug te dringen door een • Fase 1 van de fietscorridor Spaanse Polder-Mer we-Vierhavens is in 2025 | toename van 11,07 f te vaste formatie per 1 januari 2026. Zie ook de toelichting gestar t en wordt de komende jaren gerealiseerd. In de periode 2026-2028 | hierover bij het begrotingsonderdeel Beleid en programmering. De stijging van wordt €8,2 miljoen aan bestedingen ver wacht. | begrotingsjaar 2026 naar begrotingsjaar 2027 betref t een ver wachte cao- • Voor de laatste projecten van de Kor te Termijn Aanpak MoVe is subsidie | aanpassing. In hoofdstuk 4.5 paragraaf Bedrijfsvoering worden de apparaats- verleend. De laatste projecten zijn de snelfietsroute Algerabrug-Capelsebrug | lasten verder toegelicht. en ontwikkeling van het Entreegebied in Zoetermeer.

Het gaat om een bedrag van €6,7 miljoen in de periode 2026-2028. | Rente en marktconformiteitsopslag ov-bedrijven De verantwoorde rente en marktconformiteitsopslag voor ov-bedrijven betref t de Verkeersveiligheid | financiering van railvoer tuigen en -infrastructuur van de regionale ov-bedrijven De bestedingen voor verkeersveiligheid bestaan uit lopende projecten en | HTM en de RET. Ook de financiering van bussen en laadinfrastructuur aan reser veringen voor projecten in het programma Kleine projecten. Daarnaast is | ver voerders op grond van de Verordening verstrekking leningen voor bussen en inde periode 2026-2028 voor €29,9 miljoen aan bestedingen begroot voor | stallingen Ver voersautoriteit MRDH maakt hier deel van uit. De marktconformi | - 25 Begroting 2027 26 teitsopslag wordt toegevoegd aan de risicoreserve financiering, totdat deze op het juiste niveau is. Zie verder hoofdstuk 4.3 paragraaf weerstandsvermogen. Vennootschapsbelasting Eind februari 2022 is er tussen de MRDH en de Belastingdienst een vaststellings- overeenkomst gesloten. Het uitgangspunt voor de berekening is een cost-plus-methode waarbij de treasuryfunctie wordt uitgedrukt in een waarde. Van deze waarde wordt 5% genomen om op een belastbaar resultaat uit te komen. Meerjarig wordt rekening gehouden met een bedrag van € 400. Zie ook hoofdstuk 4.3, onder het kopje Vennootschapsbelasting.

Overige inkomsten Er is in 2025 en 2026 respectievelijk € 14,9 en € 10 miljoen opgenomen voor (verwachte) rente-inkomsten op de liquide middelen. Het resterende bedrag voor 2025 en latere jaren betreft hier voornamelijk de reclameopbrengsten uit haltevoorzieningen (abri’s) en daarnaast de specifieke uitkering van het Rijk voor verkeersveiligheidsmaatregelen (eerste, tweede en derde tranche). 2.2 Programma Economisch Vestigingsklimaat De begroting voor het programma Economisch Vestigingsklimaat is opgezet in lijn met de opdrachten uit de Strategische Agenda voor het vernieuwen van de economie. Het gaat voor dit programma om de volgende twee opdrachten: opdracht 2 - Toekomstbestendige economie stimuleren opdracht 4 - Vernieuwen van werklocaties In de Strategische Agenda zijn bij iedere opdracht resultaten geformuleerd, die beschrijven wat we de komende jaren willen bereiken. Aan elk resultaat zijn één of meerdere activiteiten gekoppeld. Deze activiteiten laten zien wat we gaan doen om deze resultaten te bereiken. 2.2.1 Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? 2.2.1.1 Opdracht 2 – Toekomstbestendige economie stimuleren Algemeen Door de kloof tussen onderwijs en arbeidsmarkt te verkleinen en de productiviteit en bedrijvigheid te vergroten, groeit de welvaart en het welzijn.

Meer arbeids- plaatsen en de invulling van die arbeidsplaatsen met geschikt personeel verhogen de arbeidsparticipatie. De extra arbeidsplaatsen en productiviteit dragen bij aan de MRDH-ambitie voor groei van welvaart en welzijn in de regio. Met innovatiecampussen en Leven Lang Ontwikkelen versterken we het toekomstig arbeidspotentieel. Met Innovatie en technologie zorgen we voor extra productiviteit en bedrijvigheid. Op basis van de Strategische Agenda geven we hierna per aandachtsgebied de doelen aan wat we daarvoor gaan doen in 2027. In de Visie Economisch Vestigingsklimaat staat scherp voor welke sectoren en thema’s de MRDH zich zal inzetten. Dat leidt tot meer focus en kracht waarmee de impact van de activiteiten toeneemt. De sociaaleconomische opgaven maken duidelijk wat noodzakelijk is in onze regio. Versterken van het toekomstbestendig arbeidspotentieel Onderwijs is de sleutel tot een toekomstbestendige economie. We zetten in op een verbeterde aansluiting van onderwijs (mbo, hbo én wo) op de arbeidsmarkt. Zo koppelen we innovatiecampussen en innovatiedistricten aan de regionale economische clusters. Dat doen we in samenwerking met het bedrijfsleven, onderwijs- en kennisinstellingen. Een goed voorbeeld is MICS: een innovatieve campusontwikkeling in Schiedam.

Gericht op Mechatronica, een multidisciplinaire technologie die werktuigbouw- kunde, elektrotechniek, ICT en meet- en regeltechniek combineert. Relevant voor bedrijven vanwege innovatie- en samenwerkingskansen, voor studenten door praktijkgericht onderwijs en voor stedelijke ontwikkeling door de transformatie van een traditioneel bedrijventerrein naar een moderne campusomgeving. En daarmee relevant voor de versterking van het economisch vestigingsklimaat van de regio met de versterking van deze technologische infrastructuur. Begroting 2027 27 Daarnaast creëren we aandacht voor onderwijsprogramma's die innovatie en ondernemerschap stimuleren en daarmee bijdragen aan vaardigheden van werknemers die aansluiten op de vereisten van werkgevers. Ook Leven Lang Ontwikkelen hoort hierbij. Naast onze aandacht voor opleiden zetten we ons in voor de locaties waar dit plaatsvindt. We leggen waar mogelijk een verbinding met gebieden waar economische uitdagingen en potentie samenkomen. Door juist daar economisch perspectief toe te voegen, dragen we bij aan talentontwikkeling, leefkwaliteit en een robuust regionaal verdienvermogen. Welke resultaten willen we bereiken? • Een verbeterde samenwerking tussen onderwijs, overheid en bedrijfsleven via innovatiecampussen en Leven lang Ontwikkelen.

Wat gaan we daarvoor doen in 2027? • Campussen en innovatiedistricten beter verbinden aan economische clusters door bedrijfsleven en onderwijs samen te brengen. • Investeren in een open innovatiecultuur via campussen door middel van projecten en stimuleren ondernemerschap. • Gericht investeren in kansrijke, goed bereikbare plekken en in mensen door actief de economische programmering en gebiedsontwikkeling samen te brengen. • Verdienvermogen en sociale samenhang versterken door in te zetten op werknemers die zich hun leven lang ontwikkelen. Volle inzet op Innovatie en technologie In samenwerking met publieke en private partners versterken we het economisch vestigingsklimaat en verdienvermogen van de regio door innovatie en technologie. Hierbij richten we ons op het bredere mkb. Ook versterken we netwerken en hotspots, van incubators tot innovatiecampussen en innovatiedistricten, om vernieuwing binnen de regionaal economische clusters aan te jagen. Welke resultaten willen we bereiken? • Innovatie en technologie inzetten voor het economisch toekomstperspectief van de regio. • Het brede mkb bereiken voor praktische innovatie, via versterkte inzet publiek-private samenwerking. • Versterken van locaties die innovatie en technologie bevorderen: van netwerken tot hotspots. Wat gaan we daarvoor doen in 2027? • We versterken regionale sleuteltechnologieprogramma's.

Binnen de regionale economische clusters bouwen we voort op bestaande initiatieven in bijvoor- beeld AI, quantum, robotica, biotech en energieopslag door middel van het bijdragen aan projectvoorstellen van gemeenten. Waar regionale samen- werking ontbreekt starten we nieuwe programma’s. • We verbeteren het startup- en scale-up-ecosysteem op basis van de volgende activiteiten: • We versterken netwerken en randvoorwaarden voor startups en scale-ups door bij te dragen aan projectvoorstellen van gemeenten. • We ondersteunen actief de Startup & Scale-up Agenda Zuid-Holland, bijvoorbeeld door bij te dragen aan projectvoorstellen van gemeenten die voortkomen uit deze agenda. • We stimuleren samenwerking tussen ondernemers, kennisinstellingen en overheden. • We zorgen voor voldoende en passende ruimte voor technische startups en scale-ups. Deze inzet sluit aan op het bredere programma voor toekomst- bestendige werklocaties. • Met scherpe en resultaatgerichte afspraken gebaseerd op de Visie Economisch Vestigingsklimaat en het daarbij horende uitvoeringsprogramma, geeft de MRDH met het verlenen van een subsidie aan InnovationQuarter (IQ) uitvoering aan innovatieprogramma’s met projecten en ondersteuning aan het innovatieve mkb bij de versnelde ontwikkeling en de marktintroductie van technologische oplossingen. Hiermee vergroten we het verdienvermogen van de regio.

Een deel van de subsidie gaat naar het secretariaat van de Economic Board Zuid-Holland (EBZ) dat bijdraagt aan de uitvoering van de Groeiagenda Zuid-Holland en inzet op (economische) vernieuwing en innovatie. Deze Begroting 2027 28 samenwerking tussen publieke en private partijen en de mede daaruit volgende collectieve agenda van de regionale partijen wordt ook benut in gesprekken met het Rijk over de beantwoording van de opgaven in dit gebied. De voorzitter van de bestuurscommissie EV heeft zitting in het dagelijks bestuur van EBZ. 2.2.1.2 Opdracht 4 – Vernieuwen van werklocaties Versterken van ruimte voor werken Het economische en maatschappelijke belang van bedrijventerreinen, winkel- gebieden, campuslocaties en kantorenlocaties is groot. Deze locaties bieden werkgelegenheid aan een brede beroepsbevolking. Ook bieden deze locaties ondernemers en bedrijven de ruimte om te produceren, te innoveren en slimme oplossingen te bedenken. Daarmee spelen ze (in potentie) een sleutelrol in grote transities, zoals de energietransitie, circulaire transitie en digitalisering. De MRDH zet actief in op werklocaties die bijdragen aan sterke economische clusters en brede welvaart. Defensie- en veiligheidstechnologie krijgen daarbij extra aandacht.

De MRDH organiseert de regionale afstemming tussen de gemeenten om gezamenlijk te sturen op de voorraad van winkels, bedrijventerreinen, innovatie- campussen en kantoren. Welke resultaten willen we bereiken? • Bieden van voldoende werklocaties (bedrijventerreinen, kantoren en winkel- gebieden/vitale kerngebieden) voor bedrijven die bijdragen aan de sterke economische clusters van de regio. Wat gaan we daarvoor doen in 2027? • Regionale afstemming en monitoring van ruimtegebruik, en aan de hand van die inzichten inzetten op voldoende werklocaties, door: • inzet op bestaande bedrijventerreinen; • inzet op (voldoende) kantoorruimte; • en inzet op vitale kerngebieden. • Afspraken maken over hoe nieuwe bedrijventerreinen bijdragen aan de ontwikkeling van economische clusters. • Versnellen van de herstructureringsopgave voor bedrijventerreinen en glastuinbouw-gebieden, gericht op toekomstbestendige groei, door nieuwe effectieve instrumenten te onderzoeken en in te zetten. • Beter benutten van geschikte locaties voor watergebonden bedrijven en voor HMC-bedrijven op bestaande bedrijventerreinen, aansluitend op het economisch profiel van de regio.

2.2.2 | Wat gaat het kosten? (euro’s) Programma 2: Economisch vestigingsklimaat | Jaarrekening 2025 | Begroting 2026 | Begroting 2027 | Begroting 2028 | Begroting 2029 | Begroting 2030 Lasten: Subtotaal programmakosten | 3.184.988 | 3.898.349 | 4.283.710 | 4. 19 5. 24 5 | 4.095.245 | 3.995.245 Subsidie InnovationQuar ter | 1.007.940 | 1.022.566 | 1.061.424 | 1.061.424 | 1.061.424 | 1.061.424 Subsidie YES!Delf t | 334.571 | 250.000 | 0 | 0 | 0 | 0 Subtotaal directe kosten personeel | 904.511 | 1 . 194. 7 74 | 1.244.579 | 1.244.579 | 1.244.579 | 1.244.579 Totaal lasten | 5.432.010 | 6.365.689 | 6.589.712 | 6.501.247 | 6.401.247 | 6.301.247 Baten: Inwonerbijdrage | 5.896.777 | 6.041.189 | 6.301.247 | 6.301.247 | 6.301.247 | 6.301.247 Overige bijdragen gemeenten | 52. 57 3 | 50.000 | 50.000 | 0 | 0 | 0 Totaal baten | 5.949.350 | 6.091.189 | 6.351.247 | 6.301.247 | 6.301.247 | 6.301.247 Saldo van baten en lasten | 517.340 | -274.500 | -238.465 | -200.000 | -100.000 | 0 Onttrekking aan Egalisatiereser ve EV | 87.035 | 274. 5 0 0 | 238.465 | 200.000 | 100.000 | 0 Toevoeging aan Egalisatiereser ve EV | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 Resultaat | 604.375 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 De cijfers voor het jaar 2026 bestaan uit de vastgestelde begroting 2026 en de tot nu toe bekende wijzigingen, die bij de eerste bestuursrappor tage 2026 ter | besluitvorming zijn voorgelegd.

29 Toelichting financiën | Voordeze afspraken die we nog maken wordt in de begroting een bedrag van De begroting 2027 omvat €4.283.710 aan programmakosten en bestaat daar | - | €1.061.424 per jaar opgenomen. Dat betref t de subsidie voor het jaar 2026, naast voor €1.061.424 uit een begrotingspostsubsidie voor InnovationQuar ter | verhoogd met een indexering van 3,8%, gelijk aan de indexering van de en voor €1.244.579 uit directe personeelskosten. Het algemeen bestuur stelt de | inwonerbijdrage EV. begroting op deze subtotalen vast. De bestuurscommissie Economisch Vestigingsklimaat voer t de begroting binnen deze kaders uit en legt hierover | Directe kosten personeel verantwoording af. | Deze post omvat de salariskosten van de formatie die werkt voor het programma Economisch Vestigingsklimaat. Hoofdstuk 4.5 (paragraaf Bedrijfsvoering) licht Programmakosten | de totale apparaatslasten toe. De programmakosten van €4.283.710 bestaan uit verschillende onderdelen. • De cofinanciering voor gemeenten van projecten die bijdragen aan de | Inwonerbijdrage versterking van het economisch vestigingsklimaat. Deze bevoegdheid heef t de | De inwonerbijdrage wordt jaarlijks geïndexeerd op basis van de kaderstelling bestuurscommissie Economisch Vestigingsklimaat op grond van de herziene | van de gemeenten.

Het gemeentelijke indexeringsvoorstel bedraagt 3,8% en dit Bijdrageregeling Versterking economisch vestigingsklimaat MRDH en binnen | voorstel is ver werkt in de begroting 2027. Voor 2027 bedraagt de totale inwoner- de door het algemeen bestuur vastgestelde begroting. | bijdrage €7.775.995. Van deze inwonerbijdrage zal maximaal 40,8% worden • De verstrekking van opdrachten voor verkennend onderzoek en monitoring. | ingezet voor de dekking van apparaatslasten Economisch Vestigingsklimaat Dat kunnen zowel opdrachten aan gemeenten zijn als opdrachten aan | (inlijn met de kadernota MRDH-begroting 2027 ). In de begroting 2027 wordt ex terne par tijen. | opbegrotingsbasis 35% (€2.719.327 ) van de inwonerbijdrage ingezet voor • Voor de Versnellingsaanpak is de ver wachting dat er in 2027 een budget van | apparaatslasten. Dit betref t directe kosten voor personeel in het programma €250.000 nodig is. Dit bedrag komt ten laste van de Egalisatiereser ve | Economisch Vestigingsklimaat (€1.244.579) en de overhead van Economisch economisch vestigingsklimaat. In totaal heef t het algemeen bestuur voor de | Vestigingsklimaat (€1.474.748). Versnellingsaanpak bij de resultaatbestemming van de jaarrekening 2024 €900.000 beschikbaar gesteld. | Van de totale inwonerbijdrage van €7.775.995, wordt €1.474.748 ingezet voor overhead (zie hoofdstuk 4.2).

Binnen het programma Economisch Vestigings- Subsidie InnovationQuar ter | klimaat wordt de resterende inwonerbijdrage van €6.301.247 verantwoord InnovationQuar ter is sinds de oprichting van de MRDH een belangrijke par tner | doorde dekking van de programmakosten, subsidies en de directe kosten van voor de realisatie van de doelstellingen van MRDH voor de versterking van het | het personeel. Economisch Vestigingsklimaat en het innovatie-ecosysteem. De afgelopen jaren heef t de MRDH jaarlijks subsidie verleend aan InnovationQuar ter op de onder- | Overige bijdragen gemeenten werpen Innoveren, Investor Relations en het Secretariaat van de EBZ. Op 28 | De MRDH heef t in 2025 voor de duur van drie jaar opnieuw een licentieovereen | - februari 2024 heef t de bestuurscommissie Economisch Vestigingsklimaat (BcEV) | komst met Locatus gesloten voor het gebruiksrecht van databestanden met een meerjarige subsidie verleend aan InnovationQuar ter voor de jaren 2024 tot | detailhandelsgegevens. Verschillende gemeenten maken gebruik van deze en met 2026 voor de activiteiten die IQ jaarlijks met een activiteitenlijst voor | licentieovereenkomst en worden voor hun aandeel doorbelast door de MRDH. goedkeuring voorlegt aan de bestuurscommissie Economisch Vestigingsklimaat. | Dit gemeentelijke aandeel wordt als budget toegevoegd aan de begroting.

Vanaf begrotingsjaar 2027 zijn er nog geen subsidieafspraken gemaakt. 30 Begroting 2027 31 Egalisatiereserve EV De geraamde onttrekkingen aan de Egalisatiereserve EV in de begroting 2026 en verder worden gedekt door de bestedingen aan de Versnellingsaanpak. Zie ook de toelichting bij de programmakosten. 3 | Algemene dekkingsmiddelen, overhead envennootschapsbelasting 3.1 | Algemene dekkingsmiddelen Financiering De financiering van de ov-bedrijven aan wie de MRDH één of meerdere De MRDH-begroting kent de volgende algemene dekkingsmiddelen: | concessies heef t verleend bepalen uitsluitend de opbrengsten van de 1. Brede doeluitkering verkeer en ver voer (BDU); | financieringsfunctie. De ontvangen rente wordt uitsluitend gebruikt voor de 2. inwonerbijdrage Economisch Vestigingsklimaat; | bekostiging van de rente die de MRDH in dit kader betaalt aan ex terne financiers. 3. financiering. | Daarnaast betalen deze ov-bedrijven een marktconformiteitsopslag, die in eerste instantie wordt gebruikt voor de vorming van een risicoreser ve voor Brede doeluitkering verkeer en ver voer | financieringen. In tweede instantie is deze opslag uitsluitend beschikbaar voor Voor de bekostiging van haar regionaal verkeer- en ver voerbeleid (een wettelijke | de bekostiging van de programma’s voor verkeer en openbaar ver voer.

taak) ontvangt de MRDH jaarlijks een vastgesteld deel van de zogenaamde Brede doeluitkering verkeer en ver voer (BDU). Dit geld komt van het ministerie | Voor een nadere toelichting zie de hoofdstukken 4.1 (Financiering) en 4.3 van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) en is in overeenstemming met de | ( Weerstandsvermogen en risico’s). Uitvoeringsregeling BDU verkeer en ver voer. Onderstaande tabel toont de geraamde jaarbedragen die we ontvangen binnen | 3.2 | Overhead de kaders van deze begroting op prijspeil 2026: In lijn met het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten 20 25 | 20 26 | 20 27 | 20 28 | 2 0 29 | 2030 | (BBV) wordt de overhead apar t van de programma’s weergegeven. De apar te 718.331.791 | 749.534.911 | 768.207.414 | 788.609.329 | 788.642.906 | 788.633.952 | weergave maakt de overhead inzichtelijker en maakt het makkelijker om de uitgaven van de organisaties hieraan onderling te vergelijken. In de programma’s wordt alleen het deel van de apparaatslasten opgenomen dat betrekking heef t Inwonerbijdrage Economisch Vestigingsklimaat | op het primaire proces. De commissie BBV heef t in december 2023 een nieuwe Het programma Economisch Vestigingsklimaat en de bijbehorende overhead | ‘Notitie Overhead 2023’ gepubliceerd.

Dit is een actualisatie van de notitie wordt bekostigd door een jaarlijkse bijdrage per inwoner, gebaseerd op het | overhead uit 2016. De nieuwe notitie gaat in op de inhoud en reikwijdte van het inwoner tal per gemeente op 1 januari van het voorgaande begrotingsjaar dat | begrip ‘overhead’, zoals voorgeschreven in ar tikel 1 van het Besluit begroting en door het CBS is vastgesteld. Per inwoner bedraagt deze bijdrage in 2027 €3,11. | verantwoording (BBV). Deze nota legt de kaders vast voor de bepaling van de De totale bijdrage in 2027 is geraamd op €7.775.995. In hoofdstuk 7 is een | (toe te rekenen) overhead volgens de nieuwe BBV-notitie Overhead. De definitie specificatie per gemeente opgenomen. | van overhead uit ar tikel 1 van het BBV duidt de nieuwe notitie van de Commissie BBV als volgt: ‘het geheel van functies gericht op de sturing en ondersteuning 32 van de medewerkers in het primaire proces. Hier toe behoren ook de systemen | • Voor de verdeling van de salariskosten van de medewerkers van de en aanver wante lasten die deze functies ondersteunen.’ | staf | afdelingen (waaronder ook het secretariaat voor het primaire proces), inclusief secretaris-algemeen directeur, de materiële bedrijfsvoeringskosten, Volgens het advies van de commissie BBV, heef t de MRDH een apar te beleids- | het overig management en de decentrale formatie voor bestuursondersteuning nota opgesteld.

Per 1 januari 2026 ondergaat de MRDH-organisatie een door- | geldt de verdeelsleutel zoals opgenomen in de kadernota van het betreffende ontwikkeling naar integraal werken, waarbij bepaalde taken en verantwoorde- | begrotingsjaar. Deze verdeling is gebaseerd op het relatieve formatiebudget lijkheden zullen wijzigen. Dit maakte het noodzakelijk om de Beleidsnota Overhead | voor Economisch Vestigingsklimaat ten opzichte van het formatiebudget voor MRDH 2024, vastgesteld op 6 december 2024, aan te passen. De beleidsnota | de medewerkers Mobiliteit. legt kaders vast voor de bepaling van overhead en de toe te rekenen overhead aan diverse onderdelen. Het algemeen bestuur van de MRDH heef t de Beleids- | Zie hoofdstuk 4.5 paragraaf bedrijfsvoering voor een toelichting op de organisatie nota Overhead MRDH 2026 op 12 december 2025 vastgesteld. Hierdoor wordt in | van de MRDH. Daarnaast worden de materiële bedrijfsvoeringsbudgetten ook de Beleidsbegroting en Jaarstukken volstaan met een overzicht van de doel- | tot de overhead gerekend. stellingen en de actuele stand van zaken. Deze nota is van toepassing met ingang van het begrotingsjaar 2026. Dit betref t zowel de personele als de | Het wel of niet beschouwen van kosten als overhead heef t geen invloed op materiële kosten. | financiële dekking. Het betref t alleen een andere manier van presenteren.

Per 1 januari 2026 vallen ook de managers en secretariaat onder de overhead, | De salariskosten van alle medewerkers Mobiliteit worden bijvoorbeeld bekostigd omdat deze functies sturende c.q. ondersteunende werkzaamheden verrichten | door de rijksmiddelen BDU. De salariskosten van alle medewerkers Economisch voor meerdere taakvelden. | Vestigingsklimaat worden bekostigd door de inwonerbijdrage EV. Dit is niet gewijzigd op basis van de nieuwe Notitie Overhead 2023. Voor de MRDH betekent dit dat de volgende salarislasten als overhead worden geclassificeerd: | Het relatieve formatiebudget van het primaire proces wordt, net als in de • alle functies binnen de stafafdelingen Bedrijfsvoering en Strategie en | Omgeving;Begroting 2026, gebruikt om de salariskosten van stafbureaus (inclusief • alle managers en secretariaat primaire proces; | secretaris-algemeen directeur) en overige bedrijfsvoeringskosten door te • overig management: de secretaris-algemeen directeur. | belasten aan de rijksmiddelen BDU en de inwonerbijdrage EV. Het relatieve formatiebudget is verdeeld in 16% Economisch Vestigingsklimaat en 84% De uitgangspunten in de Beleidsnota Overhead MRDH 2026, voor welke functies | Mobiliteit.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.albrandswaard.nl/api/v1/meetings/3858/documents/36218