30. 2026-057640 Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) Vaststelling Begroting MRDH 2027 en Nota van beantwoording op 11 september 2026.pdf
Tekst van het document
Wij verzoeken u hierbij om uitaaven benen Meerjarenprogramma 2027-2030 incle erken en bij het opstellen van het inhoudelijke programma’s die hiervan deel uitmaken ete verwachte opgaven en alle inhoudelijke financiële uitdagingen. De risicogerichte rekening te houden met onze gemeentelijke terug in het meerjarenprogramma 2027-2030. 8. innen de financiële kaders, zien wij graag Slot van de MRDH enaantrekkelijk vestigingsklimaat als anue wiRDH en onderschrijven het nastreven van een een goede positie van onze gemeente binnen voor de regio. Wij blijven ons inzetten N deze ontwikkelingen. voor Hoogachtend, gemeenteraad Voorne aan Zee /6W ae griffier ae voorzitter AA- IIIIII — 1 Au"s*iE2 !0110!1! 5.1.2.e 5.1.2.e 5.1.2.e Gemeente • Wassenaar Metropoolregio Rotterdam Den Haag T.a.v. het dagelijks bestuur Postbus 21012 3001 AA Rotterdam Datum Uw kenmerk Ons zaaknummer 7 juli 2026 PENC-688306118- 2398676 Z/26/110475 Datum verzending 8 juli 2026 Onderwerp Bijlage Zienswijzebrief op de herziene begroting 2026 en de ontwerpbegroting 2027 GR Metropoolregio Rotterdam Den Haag Geen Geachte leden van het dagelijks bestuur, Met uw brief van 13 april 2026 nodigt uw bestuur ons uit om onze zienswijze naar voren te brengen over de herziene begroting 2026 en de ontwerpbegroting 2027. Hierbij ontvangt u onze reactie.
Herziene begroting 2026 Uit de door u voorgelegde herziene begroting 2026 blijkt dat de twee afzonderlijke programma's voor verkeer worden samengevoegd tot één begrotingsprogramma voor mobiliteit. Ontwerpbegroting 2027 Uit de door u voorgelegde ontwerpbegroting 2027 blijkt dat de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) haar beleid en middelen ordent rond twee hoofdbegrotingsprogramma's: Mobiliteit en Economisch Vestigingsklimaat, met een omvang van respectievelijk €933,5 miljoen en €6,6 miljoen. In dit kader zijn de voorheen afzonderlijke programma's voor verkeer geïntegreerd tot één samenhangend begrotingsprogramma voor mobiliteit. Aandachtspunten Economisch Vestigingsklimaat De gemeente Wassenaar waardeert de wijze waarop de GR Metropoolregio Rotterdam Den Haag vanuit haar opgave invulling geeft aan de uitvoering van de Visie Economisch Vestigingsklimaat waarin drie bepalende keuzes zijn benoemd voor de toekomst van onze regionale economie: het verbeteren van werklocaties, de inzet op technologie en innovatie, en het versterken van het toekomstige arbeidspotentieel. De gemeente Wassenaar onderschrijft dat het economische en maatschappelijke belang van bedrijventerreinen, winkelgebieden, campuslocaties en kantorenlocaties groot is. Daarom zijn wij verheugd dat er in 2027 blijvende aandacht is voor het Pagina 1 van 5
bieden van voldoende werklocaties, beter benutten van bedrijventerreinen en inzet op vitale kerngebieden. Het is voor Wassenaar van belang om het centrum, met zijn diverse winkelaanbod, horeca en weekmarkt, als kloppend hart van de gemeente aantrekkelijk en levendig te houden. Leegstand vormt hierbij een uitdaging, onder meer door online winkelen, faillissementen van landelijke ketens en het ontbreken van bedrijfsopvolging bij een groot deel van de oudere winkeliers. Daarom is er de afgelopen periode een actie uitgevoerd waarbij één ondernemer één jaar lang voor €1 een pand in het kernwinkelgebied mag huren. De MRDH heeft aan de zogenaamde €l-actie bijgedragen en wij waarderen deze bijdrage ten zeerste. Een van de andere ambities van de MRDH is het verbeteren van de samenwerking tussen onderwijs, overheid en bedrijfsleven via innovatiecampussen en Leven lang Ontwikkelen. Wij kijken uit naar de inzet van de MRDH op het Leven lang ontwikkelen traject om het toekomstige arbeidspotentieel te vergroten. Wij zijn zeer benieuwd hoe deze inzet kan bijdragen aan de Wassenaarse economie, aangezien ook wij zien dat het vinden en behouden van goed en zelfstandig personeel een uitdaging is. Wat betreft de investeringen in innovatiecampussen vragen wij uw bestuur om de aansluiting te vinden met de stads- en dorpsverzorgende economie buiten de campussen.
Wij zijn erg blij met voornemen om de praktische innovatie MKB breed in te zetten en steunen dan ook de voorgenomen subsidie aan het InnovationQuarter om ondersteuning te bieden aan het innovatieve MKB. Hierbij kijken wij vooral uit naar de marktintroductie van slimme oplossingen en wat deze aan de Wassenaarse economie kunnen bijdragen. Vervoersautoriteit De gemeente Wassenaar waardeert de wijze waarop de GR Metropoolregio Rotterdam Den Haag vanuit haar opgave invulling geeft aan de uitvoering van de mobiliteitsvisie. Daarnaast waardeert de gemeente Wassenaar de manier waarop de programma's worden gebundeld om tot een efficiëntere begroting te komen maar vraagt uw bestuur om aan de volgende punten aandacht te besteden. Pagina 2 van 5
Zo maakt de gemeente Wassenaar zich, ondanks aanhoudende lobby van de MRDH, nog altijd zorgen over de kwaliteit en frequentie van het openbaar vervoer binnen Wassenaar gezien de negatieve ontwikkelingen van de reguliere rijksbijdragen Brede Doeluitkering verkeer en vervoer (hierna: BDU) de komende jaren en de bezuinigingen van het Rijk. Wij zijn blij dat er geen veranderingen zijn binnen het aanbod van openbaar vervoer in 2027, maar we maken ons wel zorgen over de kwaliteit van het openbaar vervoer in de toekomst. Voor Wassenaar zijn de bereikbaarheid van recreatie- en natuurgebieden, de uitbreiding van metropolitane fietsroutes, de veiligheid van fietsers op de nodige routes, het beperken van de verkeersdrukte op de N44 en het tegengaan van sluipverkeer de grootste punten van aandacht. En de grootste punten van zorg. Daarbij vragen wij nadrukkelijk aandacht voor fietsveiligheid binnen het regionale mobiliteitsnetwerk. In Wassenaar hebben verschillende fietsverbindingen weliswaar een lokale ligging, maar in de praktijk een duidelijke regionale functie. Deze routes worden gebruikt door scholieren uit de regio, forenzen richting omliggende gemeenten en OV-knooppunten, en recreanten en toeristen die zich verplaatsen richting kust-, duin- en groengebieden. Juist op deze verbindingen komen lokaal verkeer, regionaal fietsverkeer, recreatieve stromen en autoverkeer samen.
Daarmee is fietsveiligheid niet alleen een lokaal aandachtspunt, maar ook onderdeel van een goed functionerend regionaal mobiliteitssysteem. Wij vragen de MRDH daarom om bij de verdere uitwerking van de Mobiliteitsvisie, de metropolitane fietsroutes en het Investeringsprogramma Vervoersautoriteit in het oog te houden voor de veiligheid van deze bovenlokale fietsverbindingen, inclusief de aansluitende routes, kruisingen en overgangen binnen kleinere en groene gemeenten zoals Wassenaar. Naast de fietsveiligheid willen wij ook nadrukkelijk aandacht voor de situatie op de A44/N44 vragen. . De kruising bij de overgang van de A44 naar de N44 is en blijft overvol. Dit heeft met name in spitstijden een negatief effect op de doorstroming van het verkeer op de N44 en de omliggende wegen. Dit is ook een van de conclusies die getrokken is uit het onderzoek van de MRDH over de situatie op de A44/N44. Des te meer wegens verschillende ontwikkelingen ook buiten de grenzen van de MRDH, verdient dit knelpunt aandacht van de MRDH. In dit kader wijzen wij ook op het 'Wassenaarse bod' richting defensie voor de ontwikkeling en uitbreiding van mobilisatiecomplex Maaldrift. Van defensie hebben wij de toezegging gehad dat zij willen bijdragen aan een oplossing voor het knelpunt A44/N44 en Rozenplein. Graag onderzoeken we met verschillende stakeholders, waaronder de MRDH, de mogelijkheden.
Pagina 3 van 5
De gemeente waardeert dat de 'LeiZo' corridor in de mobiliteitsvisie is doorgetrokken over Voorschoten richting Wassenaar. In dit kader zien wij in het bijzonder het belang van buslijn 46, als verbinding tussen de gemeente Wassenaar en Voorschoten. Deze lijn vormt de aansluiting van Wassenaar op de 'Oude Lijn' en 'LeiZo'-corridors. Wassenaar zou daarom, samen met de MRDH, graag verkennen of station Voorschoten kan worden ontwikkeld tot een duostation Voorschoten-Wassenaar, naar voorbeeld van station Driebergen- Zeist. Nieuwe strategische agenda en uitvoeringsprogramma's In 2026 hebben de MRDH-gemeenten te maken gehad met de gemeenteraadsverkiezingen, en daarmee komen er nieuwe raads- en commissieleden terecht in de verschillende commissies die de MRDH rijk is. Afgelopen jaar heeft de gemeente Wassenaar al aangegeven dat het belangrijk is om spoedig met de nieuwe Strategisch Agenda en het Uitvoeringsprogramma te beginnen en is er de wens uitgesproken om goed te worden meegenomen in dit proces. In dat kader waarderen wij de mogelijkheid tot deelname aan het gemeentelijk Kernteam. Bijdrageregelingen Ondanks ons enthousiasme over het maatwerk dat u heeft geleverd op het gebied van de €l-actie, willen wij benoemen dat een kleine gemeente als Wassenaar nagenoeg geen economische projecten uitvoert die meer dan €100.000 kosten.
Een verlaging van dit minimumbedrag voor de Bijdrageregeling Economisch Vestigingsklimaat kan zorgen voor een evenwichtigere verdeling van het beschikbare budget hiervoor. Een andere mogelijkheid is om het minimumbedrag voor projectkosten aan te passen aan de hoogte van de inwonersbijdrage, zodat gemeenten met minder inwoners ook met kleinere projecten in aanmerking kunnen komen voor de regeling. Bedrijfsvoering De gemeente Wassenaar maakt dankbaar gebruik van MRDH Support voor de totstandkoming van de Economische Visie Wassenaar 2025 en daaruit volgende projecten en wenst dit ook andere regiogemeenten met beperkte capaciteit en complexe projecten toe. Het behouden van de Afdeling MRDH Support is volgens ons van groot belang voor het behalen van de doelen uit de Strategische Agenda. Pagina 4 van 5
Samenvatting De raad van de gemeente Wassenaar kan instemmen met de door uw bestuur voorgelegde herziene begroting 2026 en de ontwerpbegroting 2027. Tot slot willen wij graag het volgende meegeven. Gelet op de sombere financiële vooruitzichten voor gemeenten, met name vanaf 2028, acht de raad het van belang dat de GR MRDH actief blijft meedenken over mogelijkheden tot kostenbeheersing, prioritering en efficiëntieverbetering. Hoogachtend, De gemeenteraad van Wassenaar, De griffier, De voorzitter, Pagina 5 van 5 5.1.2.e 5.1.2.e 5.1.2.e
GEMEENTE WESTLAND] Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) Postbus 21012 3001AA ROTTERDAM Postadres: Postbus 150 2670 AD Naaldwijk Bezoekadres: Laan van de Glazen Stad 1 2672 TA Naaldwijk T 14 0174 E info@gemeentewestland.nl I www.gemeentewestland.nl UW BRIEF UW KENMERK ZAAK-/PROJECTNR DOCUMENTNR. 26-0047871 BIJLAGE(N) CONTACTPERSOON AFDELING Bestuurszaken TELEFOONNUMMER DATUM VERZONDEN ONDERWERP Zienswijze begroting 2027 MRDH 17 JUNI 2026 Geacht bestuur, De gemeenteraad van Westland is per brief van 13 april 2026 uitgenodigd een zienswijze kenbaar te maken op de Ontwerpbegroting MRDH 2027. Hierbij doen wij u namens de gemeenteraad van Westland onze reactie toekomen. Ten eerste willen wij onze waardering uitspreken voor het opstellen van de begroting. Hiervoor is ongetwijfeld veel werk verzet. Wij steunen het samenvoegen van de programma's exploitatie en infrastructuur tot één programma Mobiliteit. Dit maakt de begroting overzichtelijker. Vanuit de gemeente Westland hebben we ook een aantal aandachtspunten en vragen. Hieronder zetten wij die puntsgewijs uiteen. • Het economisch belang van de glastuinbouwsector binnen de MRDH is groot. De werkgele genheid die de sector biedt is substantieel. Het is goed hier blijvend oog voor te hebben. • We vragen aandacht voor de werkwijze bij subsidies. Subsidieaanmeldingen moeten rela tief vroeg ingediend worden.
In de tijd tussen subsidieaanvraag en de daadwerkelijke toe kenning ervan kan de situatie zodanig veranderen dat het project niet meer actueel is. We roepen u op om te onderzoeken of het huidige proces van subsidieaanmelding en -aan vraag aangepast kan worden, zodat het meer aansluit op de snel veranderende realiteit. • We zijn blij met de ruimte die de MRDH biedt voor stimulering van actieve en collectieve vormen van (publieke) mobiliteit. We zetten zelf stappen op dit gebied en doen dit graag samen met de MRDH, waarbij we willen meedenken en meedoen in het opstarten van daar bij passende pilots. • We roepen u op te onderzoeken of het huidige concessiesysteem in de toekomst nog houd baar en werkbaar is, en welke alternatieve mogelijkheden er zijn die de transitie naar pu blieke mobiliteit beter ondersteunen. • De afhankelijkheid van de BDU blijft groot. We hopen daarom dat de lobby daarvoor in stand blijft en resultaat oplevert. • We kijken uit naar de realisatie van de metropolitane fietsroutes en zijn blij met de samen werking met de MRDH binnen dat traject. 5.1.2.e5.1.2.e PAGINA 2 D1L GEMEENTEWESTLAND • De inzet van de MRDH op campussen in de economische visie ondersteunen wij. Samen met de MRDH moeten we alert zijn op de mogelijkheden die dit biedt voor onze Flora Cam pus. • Het blijft belangrijk op te letten dat er geen dubbelingen zijn in de uitgave van middelen.
Als voorbeeld noemen we IQ waar algemene middelen naar toe gaan maar ook vanuit de individuele gemeenten financiering beschikbaar wordt gesteld. Wij gaan er vanuit u hiermee voldoende inzicht te hebben gegeven in onze visie op de Ontwerpbegroting MRDH 2027 en vertrouwen erop dat onze aangedragen punten worden opgepakt dan wel goed worden verwerkt in de definitieve versie van de begroting. • 5.1.2.e 5.1.2.e gemeente Zoetermeer II > Retouradres Postbus 15, 2700 AA Zoetermeer | Bezoekadressen Engelandlaan 502 2711 EB Zoetermeer Metropoolregio Rotterdam Den Haag | Stadhuisplein 1 t.a.v. Dagelijks Bestuur | 2711 EC Zoetermeer Westersingel 12 | Postadres Postbus 21012 | Postbus 15 3001 AA Rotterdam | 2700 AA Zoetermeer Telefoon 14 079 www.zoetermeer.nl Datum Onderwerp: zienswijze conceptbegroting 2027 MRDH | 22 juni 2026 Ons kenmerk 2026-041841 Geachte leden van het dagelijks bestuur, Met uw brief van 13 april 2026 nodigt u onze raad uit om een zienswijze in te dienen op de concept Begroting 2027 van de gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH). Van die mogelijkheid maken we met deze zienswijzebrief graag gebruik. De begroting staat in het teken van forse regionale mobiliteitsopgaven, grote investeringspakketten en een toenemende druk op de Brede Doeluitkering (BDU).
Zoetermeer onderschrijft de gezamenlijke koers, maar ziet ook risico's en kansen die bijzondere aandacht verdienen. Brede Doeluitkering (BDU) Zoetermeer blijft zich zorgen maken over de structurele druk op de BDU. Het is van grote invloed op de strategische opdrachten in het programma Mobiliteit. Het zal rechtstreeks gevoeld worden door onze inwoners en reizigers. De ontwerpbegroting laat zien dat de korting op de BDU in 2027 slechts ten dele gecompenseerd is met tijdelijke financiering en geen structurele oplossing biedt. Daarnaast loopt vanaf 2028 ook de financiering voor het ov in de provincies terug. Wij verzoeken MRDH om een afwegingskader en expliciete inzet op alternatieve financieringsbronnen. Corridoraanpak Zoetermeer werkt samen met de MRDH en regionale partners aan de verkenning Toekomstvast ov Zoetermeer. Daarnaast lopen er diverse gebiedsontwikkelingen en mobiliteitsprojecten. Zoetermeer ziet het als logische volgende stap om deze samenwerking op te schalen naar een corridoraanpak: één integrale aanpak waarin alle OV-lijnen, projecten economische- en gebiedsontwikkelingen samenkomen. Met de ZoRo-lijn als hart van de corridor ontstaat een sterke nieuwe verbinding die niet alleen drukke wegen ontlast, maar ook woningbouw en kennisclusters verbindt.
Zoetermeer vraagt daarom dat MRDH, gemeente Lansingerland en gemeente Zoetermeer gezamenlijk een corridoraanpak ontwikkelen die: één multimodaal ontwikkelpad vormt, opgebouwd uit alle lopende en toekomstige1. projecten die we gezamenlijk hebben, waaronder: □ ZoRo (Zoetermeer-Rotterdam) in combinatie met gebiedsontwikkelingen Entree, BleiZo en Centrum West Verkenning Toekomstvast OV Zoetermeer, inclusief RandstadRail / De Krakeling Verkenning doortrekking Lijn400/401 (LeiZo) naar station Zoetermeer en Lansingerland-Zoetermeer 2. een lonkend perspectief schetst voor de toekomstige publieke mobiliteitsstructuur van Zoetermeer, inclusief een antwoord op het voorgenomen afschalen van lijnen 70 en 71; 3. aansluit bij zowel de Mobiliteitsvisie van de MRDH als de Omgevingsvisie Zoetermeer; 4. een solide basis vormt voor keuzes en investeringen binnen het Investeringsprogramma Vervoersautoriteit (IPVa) en het Bestuurlijk Overleg Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport (BO MIRT); 5. de koppeling borgt tussen OV-netwerk, ruimtelijke en economische ontwikkeling, woningbouwopgaven en regionale bereikbaarheid. Een dergelijke corridoraanpak biedt een heldere structurele regionale koers, voorkomt versnippering en ondersteunt MRDH, Lansingerland en Zoetermeer bij goed onderbouwde keuzes voor de lange termijn.
In de begroting staat dat de MRDH kennis neemt van de verkenning BRT LeiZo. Deze verkenning is inmiddels afgerond. We vragen de MRDH om actieve deelname aan het vervolgtraject: de verkenning van doortrekking Lijn 400 naar Station Zoetermeer en Lansingerland. Knooppuntontwikkelinq en sociale veiligheid en toegankelijkheid Zoetermeer kijkt uit naar de samenwerking op het gebied van knooppuntontwikkeling voor Station Zoetermeer (p.26 en p.27). Wat Zoetermeer betreft is het ook belangrijk om de RandstadRail-haltes en bushaltes te gaan betrekken. Wij zien hier een grote opgave én kans om een forse kwaliteitsslag te maken in de halte- en stationbeleving. Sociale veiligheid is essentieel voor de opdracht "actieve en collectieve mobiliteit stimuleren". Met name vrouwen voelen zich vaak onveilig in het openbaar vervoer: zo ervaart volgens onderzoek van Pointer ongeveer 80% onveiligheid in het OV en 90% op stations en haltes. Door deze plekken beter en aantrekkelijker in te richten en te beheren, kan het veiligheidsgevoel worden vergroot. Dit vraagt om gezamenlijke inzet van gemeenten, MRDH en vervoerders. Een kwaliteitsslag kan het OV-gebruik door vrouwen stimuleren en daarmee bijdragen aan een hogere bezetting en betere financiële dekking.
Zoetermeer vraagt daarom om een strategische visie van de MRDH en om structurele verankering van sociale veiligheid in de strategische agenda en uitvoeringsprogramma's. Daarnaast vragen we aandacht voor de toegankelijkheid en bruikbaarheid voor gehandicapten van stations en haltes in Zoetermeer, die goed geregeld moet zijn, ook bij uitvoering van werkzaamheden.
Autonetwerk en verkeersmanagement Zoetermeer onderschrijft het belang van een robuust en samenhangend regionaal netwerk, zeker gezien de aankomende onderhoudsopgave. Tegelijkertijd vragen wij aandacht voor de concrete doorwerking naar de dagelijkse praktijk in gemeenten. Zoetermeer wordt graag actief betrokken bij de knooppuntenanalyse voor het wegennet. Circa 40% van het verkeer op de A12 tussen Den Haag en Zoetermeer heeft een regionale bestemming. Ombuigen van deze reizigers naar ov, specifiek tijdens de spits, kan grote voordelen opleveren voor de bereikbaarheid van de regio. Zoetermeer werkt hier graag samen met regionale partners aan mee en ziet dit als een belangrijke kans om de verkeersdruk structureel te verminderen. Gebiedsprogramma MoVe Zoetermeer werkt met Den Haag en Rotterdam samen binnen gebiedsprogramma MoVe aan een polynode Sustainable Urban Mobility Plan (SUMP). De SUMP zal voortbouwen op vastgestelde bovenlokale visies zoals de Multimodale Adaptieve Ontwikkelstrategie (MAOS) en Novex Zuidelijke Randstad. De SUMP ontbreekt nog in de lijst met activiteiten op pagina 16. Zoetermeer adviseert de MRDH aan te sluiten bij dit traject, omdat de SUMP een vereiste wordt bij het aanvragen van Europese financiering en/of subsidies. Dit is een alternatieve financieringsbron die ook interessant is voor mobiliteitsprojecten in de Metropoolregio.
Verkenning Koningscorridor In de begroting staat de beoogde verkenning naar de Koningscorridor opgenomen als toekomstige lightrailverbinding naar Zoetermeer. Wij zien al enige tijd geen ontwikkeling op dit dossier. Voor Zoetermeer is het belangrijk dat de bereikbaarheid van de gemeente Zoetermeer op de oost-west verbinding per trein in samenhang wordt gezien met initiatieven op de Koningscorridor. De spoorverbinding is belangrijk voor de bereikbaarheid van Zoetermeer vanuit landelijk perspectief. Wanneer de verkenning weer opgepakt wordt, vragen we daarom actief betrokken te worden. Zorgvuldigheid bij eventuele wijzigingen in de begroting In 2026 worden ongeveer tegelijkertijd de Mobiliteitsvisie en de Visie Economisch Vestigingsklimaat uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma en wordt de Strategische agenda 2027-2030 opgesteld. Het zou kunnen dat er aanpassingen van de begroting 2027 nodig zijn door het uitvoeringsprogramma en de Strategische Agenda. We vragen zorgvuldigheid van de MRDH in het bestuurlijk proces in het omgaan met en de communicatie over eventuele wijzigingen in de begroting. Slotbeschouwing Op 13 februari 2026 heeft het Algemeen Bestuur de Mobiliteitsvisie en de Visie Economisch Vestigingsklimaat vastgesteld. De begroting van 2027 heeft in lijn met de twee visies nu ook twee programma's: Mobiliteit en Economisch Vestigingsklimaat. Dit waren er voorheen drie.
Samenvoeging tot twee programma's bevordert de samenhang. Hierdoor kunnen we beter sturen. Zoetermeer waardeert dit. Het terugbrengen naar twee programma's in de lopende begroting van 2026 steunen we. We zijn blij met de inzet op economisch vestigingsklimaat en blijven er graag over in gesprek. Wij wijzen u hierbij nogmaals op de financiële kaders zoals opgenomen in de Kaderbrief begroting 2027 van de gemeenten in Haaglanden. Uw conceptbegroting 2027 is opgesteld rekening houdend met het toegestane indexeringspercentage van 3,8% en uw
weerstandcapaciteit is niet groter dan 1,0. Daarnaast wordt benadrukt dat gemeenten de komende jaren voor aanhoudende financiële uitdagingen staan, mede als gevolg van de korting op het gemeentefonds. Dit vraagt om blijvend scherpe financiële afwegingen en een realistische aansluiting van gemeenschappelijke regelingen op deze budgettaire situatie. Daarbij geldt dat de financiële perspectieven van gemeenten, met name vanaf 2028, opnieuw somber zijn. Tegen deze achtergrond verzoeken wij u nadrukkelijk om bij de verdere uitwerking van uw (meerjaren)begroting een zorgvuldige balans te hanteren tussen de uit te voeren taken en de gemeentelijke bijdragen. Zoetermeer waardeert het gebaar van de structureel verlaagde inwonerbijdrage voor economisch vestigingsklimaat, zoals verzocht in de Kaderbrieven van de gemeenten in de regio's Haaglanden en Rotterdam-Rijnmond voor het jaar 2026. Deze korting van 6,2% is in de begroting van 2026 doorgevoerd en structureel meegenomen in de begroting 2027. Dat waarderen we zeer. Zoetermeer onderschrijft de ambities van de begroting en benadrukt dat scherpe keuzes, transparantie en samenwerking essentieel zijn. Wij danken u voor de geboden gelegenheid om een zienswijze in te dienen en wachten uw reactie op onze zienswijze af.
Hoogachtend, De gemeenteraad van Zoetermeer, 5.1.2.e 5.1.2.e 5.1.2.e Begroting 2027 Begroting 2027 en meerjarenbegroting 2028-2030 Inhoudsopgave Met elkaar, voor elkaar | 3 | 5 | Financiële begroting | 58 5.1 | Overzicht baten en lasten | 58 1 | Samenhang en opbouw begroting MRDH | 5 | 5.2 | Overzicht incidentele baten en lasten | 60 Begrotingsprogramma’s | 6 | 5.3 | Uiteenzetting van de financiële positie Verbeteren bereikbaarheid | 6 | en de toelichting | 63 Vernieuwen economie | 8 Overhead | 96 | Staat van reser ves en fondsen 2025-2030 | 67 2 | Begrotingsprogramma’s | 11 | 7 | Inwonerbijdragen per gemeente | 69 2.1 | Programma Mobiliteit | 11 2.2 | Programma Economisch Vestigingsklimaat | 26 | 8 | Besluit | 70 3 | Algemene dekkingsmiddelen, overhead | Bijlagen | 71 envennootschapsbelasting | 32 | Bijlage 1 – Indicatoren | 71 3.1 | Algemene dekkingsmiddelen | 32 3.2 | Overhead | 32 | Bijlage 2 – Detail projecten en programma’s 3.3 | Vennootschapsbelasting | 35 | meerjarenbeeld BDU | 72 4 | Paragrafen | 36 | Bijlage 3 – Investeringsprogramma 4.1 | Financiering | 36 | Ver voersautoriteit 2027 | 74 4.2 | Verbonden par tijen | 41 4.3 | Weerstandsvermogen en risico’s | 44 4.4 | Onderhoud kapitaalgoederen | 48 4.5 | Bedrijfsvoering | 52 4.6 | Paragraaf Wet open overheid (Woo) | 56 4.7 | Subsidies | 56 2 Met elkaar, voor elkaar De metropoolregio staat voor grote en complexe
opgaven. Denk aan internationale | Van plannen naar impact afhankelijkheden, vergrijzing, ruimtegebrek en druk op woning- en arbeidsmarkt. | De ambities uit onze strategische visies vragen om vasthoudendheid en wend | - Keuzes, investeringen en samenwerking zijn meer dan ooit bepalend voor de | baarheid. We prioriteren wanneer omstandigheden veranderen: als nieuwe kwaliteit van leven van de mensen die nu in de metropoolregio wonen, werken | projecten zich aandienen, als de groei van het ov stagneer t, of als rijksmiddelen en ondernemen. En van de generaties na ons. | minder hard stijgen dan de inf latie. En dat laatste is nog steeds het geval. Daarbij hanteren we duidelijke leidende principes. We kiezen voor inzet die direct Met de Strategische Agenda 2023–2026, die dit jaar herijkt wordt, de nieuwe | bijdraagt aan één of bij voorkeur meerdere doelen uit de Strategische Agenda, de Mobiliteitsvisie en de Visie op het Economisch Vestigingsklimaat heef t de | Mobiliteitsvisie en de Economische Visie. Wat we doen heef t aantoonbare impact Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) samen met de 21 gemeenten een | op de welvaar t en het welzijn van mensen in de regio. Ook is onze inzet even- stevige koers te pakken. Deze documenten vormen het kompas waarop wij ook | wichtig verdeeld over de regio en sluit aan bij de verschillende gebiedstypen. in 2027 blijven varen.
Geen papieren ambities, maar richtinggevende afspraken waarmee we samen aan de slag gaan. | Onze financiële instrumenten ontwikkelen mee met deze koers. We verschuiven het accent van output naar impact: niet wat we doen staat centraal, maar Die gezamenlijke inzet is noodzakelijk. Onze regio groeit hard: richting 2040 | wathet oplever t. We investeren gebiedsgericht, versterken samenhang tussen ver welkomen we naar ver wachting 400.000 nieuwe inwoners. Dat zet de | projecten en werken lokaal samen met oog voor het regionale belang. Eind 2026 bereikbaarheid onder druk, vraagt om voldoende en goed gespreide werkgelegen- | leggen wij voorstellen voor om bestaande instrumenten aan te scherpen. heid en legt ex tra spanning op onze leefomgeving. Tegelijker tijd raakt de brede | Waarnodig zetten we nieuwe instrumenten in. welvaar t in onze regio uit balans, wat vraagt om sociaaleconomische versterking met gerichte keuzes, investeringen en samenwerking. | Een compactere en scherpere begroting De begroting voor 2027 bevat twee programma’s: Mobiliteit en Economisch Dat zijn forse opgaven, maar ze bieden ook kansen. Als we nu de juiste stappen | Vestigingsklimaat. Met deze indeling brengen we focus en samenhang aan.
zetten, groeit onze metropoolregio opnieuw uit tot een landelijke koploper in | Dewettelijke taak voor verkeer en ver voer bundelen we in één mobiliteits- bereikbaarheid, economisch perspectief en brede welvaar t. Investeren in de | programma. Dit leidt tot een compactere, overzichtelijkere begroting en MRDH loont: niet alleen voor onze regio, maar voor heel Nederland. | jaar | rekening. Bovendien sluit het aan bij de aanbevelingen van accountant enrekeningcommissie en maakt de begroting beter navolgbaar voor raden Na de verkiezingen in 2026, zijn in 2027 nieuwe gemeenteraden en colleges volop | encolleges. aan de slag. Zij brengen de nodige nieuwe energie en daadkracht. De middelen die we gezamenlijk beschikbaar stellen, benutten we optimaal. Onderbesteding | Deze begroting is daarmee meer dan een financieel document. Het is een is daarbij geen optie. De gezamenlijke uitvoeringskracht van par tijen binnen de | uitnodiging aan de 21 gemeenten om – met ver trouwen, scherpte en onderlinge metropoolregio kan én moet sterker. Deze begroting biedt daar voor een solide | verbondenheid – samen verder te bouwen aan een metropoolregio die werkt en uitdagende basis. | voor iedereen. Voor de mensen van vandaag. En voor de toekomst van morgen.
3 Begroting 2027 4 Leeswijzer Deze begroting bestaat uit een beleidsbegroting en een financiële begroting, conform de voorschriften in het Besluit begroting en verantwoording (BBV). De beleidsbegroting staat in de hoofdstukken 2 tot en met 4. Hoofdstuk 1 introduceert de integrale ambitie van de MRDH vanuit de Strategische Agenda. Daar is ook een overzicht aan gekoppeld van de integrale begroting. Hoofdstuk 5 bevat de uitwerking van de financiële begroting en geeft een financiële samen- vatting van de baten en lasten vanuit de programma’s, overhead en onvoorzien. Als onderdeel van de beleidsbegroting (het programmaplan) bevat hoofdstuk 2 de begrotingsprogramma’s Mobiliteit en Economisch Vestigingsklimaat. In deze programma’s geven we steeds antwoord op drie vragen: (1) wat willen we bereiken, (2) wat gaan we daarvoor doen, en (3) wat gaat het kosten? Daarbij maken we onderscheid tussen programmalasten en apparaatslasten. Hoofdstuk 3 behandelt de overige onderdelen van het programmaplan: het overzicht van algemene dekkingsmiddelen, het overzicht van de kosten van overhead en van de vennootschapsbelasting. Hoofdstuk 4 bevat het laatste onderdeel van de beleidsbegroting: de paragrafen. Hierin behandelen we in deze volgorde de financiering, verbonden partijen, weerstandsvermogen en risico’s, onderhoud van kapitaalgoederen, bedrijfs- voering en subsidies.
Hoofdstuk 5, de financiële begroting, bestaat uit drie onderwerpen: (1) het overzicht van baten en lasten, waarin per programma en per taakveld de baten en lasten worden verantwoord; (2) het materiële evenwicht van de begroting, wat wordt beoordeeld op basis van het overzicht incidentele baten en lasten; (3) een uiteenzetting van de financiële positie, waarin ook de geprognosticeerde meerjarenbalans is opgenomen. Deze laatste gaat ook in op het EMU-saldo. Hoofdstuk 6 bevat de staat van reserves en fondsen in de periode 2025-2030. Hoofdstuk 7 bevat een overzicht van de inwonerbijdrage per gemeente. In de bijlagen zijn op volgorde de indicatoren, detailprojecten, het meerjarenbeeld BDU en het Investeringsprogramma Vervoersautoriteit (IPVa) opgenomen. Begroting 2027 5 1 Samenhang en opbouw begroting MRDH De Strategische Agenda 2023-2026 ‘Met elkaar, voor elkaar’ bevat zes opdrachten voor het versterken van de economie en het verbeteren van de bereikbaarheid in de metropoolregio Rotterdam Den Haag. Deze ambities vormen het kader van deze begroting en worden in samenhang met elkaar gepresenteerd. Versterking van de economie is alleen mogelijk als de bereikbaarheid ook verbetert. Het verbeteren van de bereikbaarheid heeft een maatschappelijk én een economisch doel. Het is in het belang van de inwoners van de regio om wonen, werken en recreëren met elkaar te verbinden.
Vijf van de zes opdrachten uit de Strategische Agenda komen terug in deze begroting. Opdracht 1 - Investeren in bereikbaarheid om de inwonersgroei in de regio te faciliteren De activiteiten die de toenemende verstedelijking mogelijk maken, dragen bij aan brede welvaart. Brede welvaart betekent kansen voor huidige én toekomstige inwoners. Door de groeiopgave multimodaal en gebiedsgericht aan te pakken, vergroten we die kansen. Opdracht 2 - Toekomstbestendige economie stimuleren Door de mismatch tussen onderwijs en arbeidsmarkt aan te pakken en de productiviteit en bedrijvigheid te verhogen, groeit welvaart en welzijn. De groei van het aantal arbeidsplaatsen en een invulling met geschikt personeel verhoogt de arbeidsparticipatie. Extra arbeidsplaatsen en hogere productiviteit dragen zo bij aan de groei van welvaart en welzijn. Opdracht 3 - Actieve en collectieve vormen van mobiliteit stimuleren Collectieve vormen van mobiliteit zorgen voor een prettige en duurzame leef omgeving, waarin inwoners van de metropoolregio werk, opleidingen, voorzieningen en vrienden en familie makkelijk kunnen bereiken. We stimuleren lopen, fietsen en het gebruik van het ov. Zo wordt bestaande infrastructuur beter benut en vermindert emissies. In sommige gebieden wordt de auto hierdoor minder gebruikt.
Opdracht 4 - Vernieuwen van werklocaties Onze inspanningen voor een samenhangend ruimtelijk-economisch beleid zorgen voor een aantrekkelijk woon- en vestigingsklimaat dat bijdraagt aan brede welvaart. Duurzame kantorenlocaties in multimodaal bereikbare gebieden dragen bij aan een aantrekkelijke leefomgeving. Banen bevinden zich dichtbij huidige en toekomstige inwoners. Door daarnaast winkelgebieden te vitaliseren en een divers winkelaanbod te behouden, blijven voorzieningen op korte afstand van woningen bereikbaar. Opdracht 5 - Versterken van het regionale mobiliteitsnetwerk We houden de kwaliteit van het huidige netwerk op orde en verbeteren het waar nodig. Zo bereiken meer inwoners op een eenvoudige en prettige manier hun werk, opleiding, sociale contacten en voorzieningen. We dragen bij aan veilig reizen en de gezondheid van onze inwoners. We verlichten de druk op het wegennet, zodat er voldoende ruimte blijft voor autoverkeer waar alternatief vervoer niet de oplossing is. In de Strategische Agenda zijn voor deze opdrachten beoogde resultaten geformuleerd. In deze begroting zijn twee begrotingsprogramma’s opgenomen. Hierin zijn de opdrachten en bijbehorende resultaten uit de Strategische Agenda uitgewerkt en geconcretiseerd door het beantwoorden van drie vragen. 1. Wat willen we bereiken (resultaten)? 2. Wat gaan we daarvoor doen (activiteiten)? 3.
Wat mag dat kosten? Het begrotingsprogramma Mobiliteit bevat de wettelijke taken op het gebied van verkeer en vervoer. We vullen de huidige en nog te behalen resultaten en bijbehorende activiteiten | Begrotingsprogramma’s uit de Strategische Agenda aan met de keuzes en “to-do’s” uit de Mobiliteitsvisie en de Visie Economisch Vestigingsklimaat, voor zover deze in de periode | Het volgende schema toont in welke begrotingsprogramma’s de opdrachten uit 2027-2030 tot uitvoering komen. | de Strategische Agenda worden uitgewerkt. Opdrachten Strategische Agenda MRDH 2023-2026 | Mobiliteit | Econom i sc h Vestigingsklimaat Opdracht 1 - Investeren in bereikbaarheid om de inwonersgroei in de regio te faciliteren Opdracht 2 - Toekomstbestendige economie stimuleren Opdracht 3 - Actieve en collectieve vormen van mobiliteit stimuleren Opdracht 4 - Vernieuwen van werklocaties Opdracht 5 - Versterken van het regionale mobiliteitsnetwerk Verbeteren bereikbaarheid De opgaven binnen het programma Mobiliteit (hoofdstuk 2.1) financieren we grotendeels vanuit de reguliere rijksbijdrage: de Brede doeluitkering verkeer en ver voer (BDU). Jaarlijks ontvangen we ongeveer €775 miljoen aan BDU-middelen. Exploitatie ov De beide visies vormen het richtinggevende kader voor toekomstige MRDH- | Jaarlijks besteden we ongeveer €650 miljoen aan de exploitatie van het ov. begrotingen.
In 2026 werken we deze visies, samen met de gemeenten, verder | Hierin zijn ook de kosten van het beheer en onderhoud van de railinfrastructuur uit in een uitvoeringsprogramma voor de komende vijf tot tien jaar. Ook de | meegenomen. actualisatie van de Strategische Agenda voor de periode 2027-2030 stellen we in samenwerking met de gemeenten op, zodat gemeentelijke kennis, er varingen en | Investeringen lokale opgaven hierin een plek krijgen. Het strategische kader voor de begroting | Aan investeringen op het gebied van verkeer en ov besteden we jaarlijks | ongeveer 2027 is voorlopig nog de Strategische Agenda 2023-2026.De begroting 2027 wordt | €200 miljoen. De MRDH zet in op een zo efficiënt en effectief mogelijk gebruik dan later in het begrotingsjaar zelf gewijzigd, waardoor visie, strategie en | van de beschikbare investeringsmiddelen. Dit betekent dat we keuzes moeten uitvoering weer op elkaar aansluiten. | maken, prioriteiten moeten stellen en daarnaast naar nieuwe of | alternatieve financieringsvormen moeten zoeken. Bij de realisatie van nieuwe of aangepaste 6 Begroting 2027 7 infrastructuur is de MRDH een van de betrokken partijen. We stellen investerings- ruimte beschikbaar via subsidies, bijdragen en te verstrekken opdrachten. Het Investeringsprogramma Vervoersautoriteit (IPVa) beschrijft waar we de beschikbare investeringsruimte aan besteden.
Voor het programma Kleine projecten (subsidiale kosten tot € 10 miljoen) komt er in 2027 een subsidieplafond van € 30 miljoen. In het voorjaar van 2026 werken we de concrete invulling van dit programma in samenspraak met de gemeenten uit, met als doel: vaststelling in de bestuurscommissie Vervoersautoriteit in december 2026. Naast projecten in de begroting, lopen er diverse studies naar nieuwe projecten. Grote projecten (subsidiale kosten vanaf €10 miljoen) doorlopen de volgende fases: Onderzoek/initiatief Verkenning Werkvoorraad Meerjarenbegroting Planstudie Uitwerking Realisatie Het financieel commitment van de MRDH neemt toe naarmate het project verder is uitgewerkt. De fase van een project bepaalt of we het opnemen in de (meerjaren)begroting of in de werkvoorraad. Soms leggen we de financiële inzet van de MRDH eerder vast in de begroting om te voldoen aan het budgetrecht van het algemeen bestuur. Dat geldt bijvoorbeeld voor Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT)-projecten, waarbij afspraken worden gemaakt tussen Rijk en regio. Ongeacht de fase van een MIRT-project maken we zo nodig een reservering in de (meerjaren)begroting. Deze meerjarenbegroting geeft per jaareinde een overzicht van de beschikbare middelen voor de uitvoering van de taken van de Vervoersautoriteit gedurende 20 jaar.
De meerjarenbegroting is het resultaat van de structurele inkomsten van het Rijk, de structurele uitgaven voor de exploitatie van het ov en de infra- structurele projecten die in de uitwerking- of realisatiefase zijn, of waarvoor een bestuurlijke toezegging voor een bijdrage is gedaan. Bij de begroting en de bestuursrapportages besluit het algemeen bestuur over het toevoegen van aanvullende financiële middelen aan de begroting. De MRDH hanteert als uitgangspunt dat een tekort op de BDU-middelen is toegestaan, mits het saldo van beschikbare middelen en bestedingen over een periode van vier jaar positief is. Dit sluit aan bij de uitgangspunten voor structureel begrotings- evenwicht die de provincie Zuid-Holland als toezichthouder hanteert. De meer- jarenbegroting van de BDU-middelen voldoet aan de wettelijke kaders. Voor 2026 en de daaropvolgende begrotingsjaren verwachten we geen tekort: Saldo BDU jaareinde 2025-2030 (miljoen €) 0 100 200 300 400 500 203020292028202720262025 Begroting 2027 8 Meerjarenbeeld BDU Het meerjarenbeeld BDU bevat het overzicht van alle inhoudelijke opgaven die direct bijdragen aan de doelen uit de Strategische Agenda (inclusief de werkvoorraad). Het geeft inzicht in de aansluiting tussen deze opgaven en de beschikbare middelen. Bijlage 2 bevat een gedetailleerd overzicht van de projecten en programma’s in het meerjarenbeeld.
Met deze investeringsopgave en een gelijkblijvende structurele inzet voor de exploitatie van het ov, laat het financiële meerjaren- beeld zien hoeveel BDU-middelen per jaareinde beschikbaar zijn: -500 0 500 1000 1500 2000 2500 204520442043204220412040203920382037203620352034203320322031203020292028202720262025 Begroting Meerjarenbeeld De regio staat voor grote ambities en opgaven die substantiële investeringen vereisen, terwijl tegelijkertijd de druk op de beschikbare middelen toeneemt. Om de agglomeratiekracht te versterken, de verstedelijkingsopgave mogelijk te maken en kansen voor inwoners te vergroten, zijn op de middellange en lange termijn nieuwe investeringen noodzakelijk. Tegelijkertijd dwingen factoren als de teruglopende groei van het ov en achterblijvende indexatie van BDU-middelen tot scherpere prioritering. Deze spanning tussen hoge ambities en beperkte middelen vraagt om vasthoudendheid bij het realiseren van strategische doelen en om wendbaarheid bij nieuwe ontwikkelingen. Bij het maken van keuzes hanteren wij de leidende principes uit de Strategische Agenda, die richting geven aan prioritering en uitvoering. Tegelijkertijd zien we dat de uitvoeringskracht afneemt door beperkte capaciteit, de complexiteit van projecten en langere vergunningprocedures.
Hierdoor ontstaan vertragingen, komen investeringen later tot waarde en blijft beschik- bare begrotingsruimte soms onbenut. Om dit te voorkomen versterken we de uitvoeringskracht, onder meer via MRDH Support. Met heldere prioritering op basis van vastgestelde visies en strakkere sturing op subsidievoorwaarden, afspraken en monitoring. Zo benutten we de middelen beter en blijven resultaten zichtbaar in de regio. Vernieuwen economie De opgaven van het programma Economisch Vestigingsklimaat (hoofdstuk 2.1) worden bekostigd uit de jaarlijkse bijdrage per inwoner die de deelnemende gemeenten betalen. Deze inwonerbijdrage wordt jaarlijks geïndexeerd op basis van de kaderstelling van de gemeenten. Voor de begroting 2027 stellen de gemeenten een indexering van 3,8% voor. Het voorstel leidt tot een verhoging van de inwonerbijdrage van € 3,00 per inwoner voor de begroting 2026 naar € 3,11 per inwoner voor de begroting 2027 (Kadernota MRDH-begroting 2027). Dit gemeentelijke voorstel is verwerkt in deze begroting. Dit geld besteden we primair aan bijdragen en cofinanciering van gemeentelijke projecten. De bestuurscommissie Economisch Vestigingsklimaat kan op grond van de Bijdrageregeling versterking economisch vestigingsklimaat (binnen de begroting) financiële middelen beschikbaar stellen aan gemeenten.
Dit geldt voor projecten met regionale uitstraling die het economisch vestigingsklimaat versterken. Daarnaast bekostigen we hiermee de regionale ambtelijke inzet. Begroting 2027 9 Overhead Volgens de voorschriften van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) worden binnen de programma’s de kosten van direct personeel verantwoord. De overige apparaatslasten vallen onder de categorie ‘overhead’. Deze kosten worden apart en buiten de programma’s om verantwoord. De verdeelsleutel voor stafmedewerkers, de centrale directiefunctie en de overige bedrijfsvoerings- kosten is 16% inwonerbijdrage Economisch Vestigingsklimaat en 84% BDU-middelen. De uitgangspunten voor de overhead zijn gebaseerd op de Notitie Overhead van de Commissie BBV, die in december 2023 is geactualiseerd. Met ingang van begrotingsjaar 2026 is deze actualisatie van toepassing op gemeenschappelijke regelingen zoals de MRDH. Het totaal aan lasten op de begroting 2027 is € 912,5 miljoen. Ter vergelijking zijn de actuele cijfers van 2025 en 2026 opgenomen. De cijfers van 2025 zijn gebaseerd op de voorlopige jaarrekening 2025. Voor 2026 zijn de cijfers afkomstig uit de vastgestelde begroting 2026 en de tot nu toe bekende wijzigingen, die voor besluitvorming voorliggen in de eerste bestuursrapportage 2026. Hierna volgt de totaalbegroting en de uitsplitsing over de programma’s.
(euro's) Programmabegroting 2027 | Jaarrekening 2025 | Begroting 2026 | Begroting 2027 | Begroting 2028 | Begroting 2029 | Begroting 2030 Lasten per programma 1. Mobiliteit | 627.689.186 | 836.891.422 | 896.698.717 | 1.007.798.168 | 898.836.530 | 921.254.936 2. Economisch Vestigingsklimaat | 5.432.010 | 6.365.689 | 6.589.712 | 6.501.247 | 6.401.247 | 6.301.247 Overhead | 8.197.851 | 8.908.921 | 9.217.176 | 9.217.176 | 9.217.176 | 9.217.176 Onvoor zien | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 Totaal | 641.319.047 | 852.166.032 | 912.505.606 | 1.023.516.592 | 914.454.953 | 936.7 73.359 Baten per programma 1. Mobiliteit | 631.689.186 | 840.891.422 | 896.698.717 | 1.007.798.168 | 898.836.530 | 921.254.936 2. Economisch Vestigingsklimaat | 5.949.350 | 6.091.189 | 6.351.247 | 6.301.247 | 6.301.247 | 6.301.247 Dekking overhead uit BDU en Inwonerbijdrage EV | 8.197.851 | 8.908.921 | 9.217.176 | 9.217.176 | 9.217.176 | 9.217.176 Totaal | 645.836.387 | 855.891.532 | 912.267.140 | 1.023.316.591 | 914.354.953 | 936.7 73.359 Saldo van baten en lasten | 4.517.340 | 3.725.500 | -238.465 | -200.000 | -100.000 | 0 Onttrekking aan reser ves | 87.035 | 274. 5 0 0 | 238.465 | 200.000 | 100.000 | 0 Toevoeging aan reser ves | -4.000.000 | -4.000.000 | 0 | 0 | 0 | 0 Resultaat | 604.375 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 De f luctuaties in de meerjarenbegrotingen worden toegelicht in de genoemde programma’s.
10 Begroting 2027 11 2 Begrotingsprogramma’s De opdrachten en resultaten uit de Strategische Agenda 2023-2026 zijn uitgewerkt in begrotingsprogramma’s. De MRDH-begroting bevat hiervoor twee programma’s: de programma’s Mobiliteit en Economisch Vestigingsklimaat. In deze programma’s beantwoorden we steeds drie vragen aan de hand van de vijf opdrachten: 1. Wat willen we bereiken? (resultaten), 2. Wat gaan we daarvoor doen? (activiteiten) en 3. Wat gaat het kosten? Binnen de MRDH-begroting is het verbeteren van de bereikbaarheid opgenomen in het begrotingsprogramma Mobiliteit. Dit programma omvat de uitvoering van wettelijke taken. Denk aan concessieverlening voor het ov (Wet personenvervoer 2000), beheer en onderhoud en veiligheid van het lokaalspoor (tram en metro, Wet lokaalspoor), en het overig verkeer- en vervoerbeleid (Wet BDU verkeer en vervoer). Voor dit laatste zet de MRDH zich in voor algemene strategie- en beleidsontwikkeling, autonetwerk, verkeersmanagement en ITS, het fietsnetwerk, ketenmobiliteit, reisgedrag en logistiek, duurzame mobiliteit en verkeersveiligheid. Daarnaast worden een aantal opgaven onderdeel van het Investerings- programma Vervoersautoriteit (bijlage 3). Het programma Economisch Vestigingsklimaat (hoofdstuk 2.2) werkt de opdrachten voor het versterken van het economisch vestigingsklimaat uit.
2.1 Programma Mobiliteit De begroting voor het programma Mobiliteit volgt de opdrachten uit de Strategische Agenda om de bereikbaarheid te verbeteren. Het programma richt zich op de volgende drie opdrachten: opdracht 1 - Investeren in bereikbaarheid om de inwonersgroei in de regio te faciliteren opdracht 3 - Actieve en collectieve vormen van mobiliteit stimuleren opdracht 5 - Versterken van het regionale mobiliteitsnetwerk Bij elke opdracht zijn in de Strategische Agenda resultaten beschreven. Deze resultaten beschrijven wat we willen bereiken. Aan elk resultaat zijn één of meer activiteiten gekoppeld . Deze activiteiten laten zien wat we gaan doen om deze resultaten te bereiken. De MRDH zet in op een efficiënt en effectief gebruik van de beschikbare investeringsmiddelen. Dit betekent dat we keuzes maken en prioriteiten stellen. Daarnaast zoeken we naar nieuwe of alternatieve financieringsvormen. Bij de aanleg van nieuwe of aanpassing van bestaande infrastructuur is de MRDH één van de betrokken partijen. Gemeenten, provincie, waterschappen, Rijkswaterstaat en ProRail zijn de beherende partijen. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) is een belangrijke partner in de realisatie van projecten, als cofinancier en in het ontwikkelen van nieuwe financierings- of bekostigingsmethoden.
Afspraken over de rijksbijdragen aan infrastructuur worden jaarlijks gemaakt in het BO MIRT. Begroting 2027 12 Investeringsprogramma Vervoersautoriteit In het Investeringsprogramma Vervoersautoriteit (IPVa) 2027 zijn alle infrastructuurprojecten en maatregelen opgenomen waarvoor de MRDH een financiële bijdrage levert of gaat leveren. Het IPVa is opgesteld op basis van aanmeldingen van gemeenten, vervoersbedrijven en regiobrede programma’s voor bijvoorbeeld (metropolitane) fietsroutes, fietsparkeren en ov. De projecten, subsidies en studies zijn ingedeeld in grote en kleine projecten. De grens ligt bij € 5 miljoen aan subsidiabele kosten voor ov-projecten en € 10 miljoen subsidiabele kosten voor de overige projecten. Die overige projecten zijn ingedeeld in de categorieën fiets- en ketenmobiliteit (FKM), verkeers- management en wegenstructuur (VMWS) en verkeersveiligheid (VV). Voor de Kleine projecten is in 2027 € 30 miljoen beschikbaar gesteld. In het late voorjaar van 2026 vragen we gemeenten en andere partners om projecten aan te melden voor 2027. Na toetsing leggen we deze voor goedkeuring voor aan de bestuurscommissie Vervoersautoriteit. De besluitvorming over die aanmeldingen is gepland voor december 2026.
2.1.1 Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? 2.1.1.1 Opdracht 1 - Investeren in bereikbaarheid om de inwonersgroei in de regio te faciliteren De metropoolregio groeit naar bijna drie miljoen inwoners in 2040. Zij willen werken, prettig reizen en recreëren. Daarom investeren de 21 samenwerkende gemeenten in bereikbaarheid, om de inwonersgroei in de regio duurzaam te ondersteunen. We zetten in op een goede bereikbaarheid van, naar en door de metropoolregio. Gebiedsprogramma Mobiliteit en Verstedelijking (MoVe) In het programma MoVe werken regionale partners (provincie Zuid-Holland, de gemeenten Rotterdam en Den Haag en de MRDH) samen met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aan de opgave om verstedelijking en mobiliteit in samenhang op te pakken. Samen met Rijk en regio bepalen we welke investeringen op de middellange en lange termijn nodig zijn om de bereikbaarheid in de groeiende regio te garanderen. Hier dragen we financieel aan bij. Welke resultaten willen we bereiken? • Een goede bereikbaarheid van nieuwe woon- en werklocaties, zodat inwoners en werkenden snel, betrouwbaar en duurzaam op hun bestemming komen.
• Het verbinden van innovatie-, kennis- en onderwijsknooppunten, economische clusters en metropolitane centra, zodat dit de regionale samenwerking, arbeidsmobiliteit en economische concurrentiekracht versterkt. • Een betrouwbaar en robuust netwerk voor iedereen: van, naar en door de metropoolregio. Zo rijdt de metro in 2033 op de drukste trajecten elke vijf minuten. Het aantal dagelijkse metroreizigers op deze lijnen groeit daarmee van circa 280.000 naar 330.000. Wat gaan we daarvoor doen in 2027? • Voor de MIRT-planuitwerking De Vlietlijn bereiden we een projectbeslissing voor, nemen het besluit en werken het exploitatiebesluit voor het HOV uit. • We nemen een tussentijds besluit in de planuitwerking Stadsbrug en HOV als bouwsteen voor het projectbesluit in 2029. • We bereiden een projectbeslissing voor de MIRT-planuitwerking knooppunt Schiedam Centrum voor als onderdeel van de MIRT-studie Oude Lijn. • We blijven de noodzakelijke financiering voor de Oude Lijn agenderen bij het Rijk, zodat direct na afronding van de verkenning voor CitySprinters en Nieuwe Stations een projectbeslissing kan worden genomen voor: de frequentie- verhoging van sprinters, de (inpassing van de) spoorverdubbeling tussen Delft-Schiedam, en de vier nieuw aan te leggen stations. Aanvullend daarop richt de lobby zich ook op de aanvullende verbeteringen van de vier bestaande stations.
We bereiden een projectbeslissing voor de MIRT planuitwerking knooppunt Laan van NOI voor als onderdeel van de MIRT-studie Oude Lijn. • We voeren het programma Metronet uit, zodat tussen 2031 en 2033 de frequentie op de E- en C-lijn omhooggaat. • We nemen een realisatiebesluit voor het project Gekoppeld Rijden RandstadRail, zodat de capaciteit op de HTM-lijn 4 vóór 2030 toeneemt met in de buitenruimte ingepaste haltes. • We continueren de planuitwerking op basis van de in 2026 afgeronde | Structureel gezonde financiële situatie verkenning knooppunt Beurs. | MRDH is voor haar investeringskracht grotendeels afhankelijk van de BDU die zij • We continueren de planuitwerking op basis van de in 2026 afgeronde | van het Rijk krijgt. De BDU staat onder druk, onder meer door de 10%-kor ting op verkenning “RandstadRail 2050” (vernieuwing spoorbeveiliging). | SPUK-regelingen, die ook de BDU onbedoeld trof. Na een succesvolle lobby is de • We werken de plannen voor de Algeracorridor verder uit en star ten eerste | kor ting verschoven van 2026 naar medio 2027, maar er is nog geen structurele fase van de realisatie. | oplossing voor het herstel van deze fout van het Rijk. Ook houdt de BDU • Samen met par tners voeren we het maatregelenpakket van de gebieds- | onvoldoende rekening met stijgende kosten en bijvoorbeeld areaaluitbreidingen.
uitwerking Greenpor t 3.0 Westland uit, waarbij MRDH inzet op optimalisatie | Samen met de Ver voerregio Amsterdam (VRA) zetten we ons stevig in voor van het ov en de realisatie van twee MFR-routes in het kader van de | voldoende middelen voor de uitvoering van ons takenpakket en onze opgaven. Gebiedsuitwerking Greenpor t 3.0 Westland: Naaldwijk - DenHaag en Naaldwijk - Midden-Delf land - Delf t. | Welke resultaten willen we bereiken? • Gebiedsuitwerking Voorne-Putten en Haven Rotterdam: We voeren samen | • Een structureel gezonde BDU, die niet gekor t wordt en die meebeweegt met met gemeenten, provincie Zuid-Holland, Waterschap en het Rijk het totale | de maatschappelijke opgaven van de MRDH en de regionale inwonersgroei. maatregelenpakket Voorne Putten zo spoedig mogelijk uit zoals afgesproken in BO MIRT 2022. | Wat gaan we daar voor doen in 2027? • We star ten de realisatie van het fietspad Trambaanpad door het | • We continueren de lobby bij het Rijk. Dit doen we samen met de Ver voerregio Waterschap Hollandse Delta voor de gebiedsuitwerking Voorne-Putten | Amsterdam (VRA), met de deelnemende gemeenten binnen beide ver voerregio’s enhaven Rotterdam. | en met andere par tijen, zoals ver voerbedrijven en consumentenorganisaties.
• We adviseren de gemeente Voorne aan Zee bij verdere uitwerking | We blijven zowel ambtelijk als bestuurlijk en politiek (bij het kabinet en de (o.a.Definitief Ontwerp) aansluiting N57/Nieuweweg en bypass N57/N497. | Tweede Kamer) aandacht vragen voor de noodzaak van een structureel • We adviseren de provincie Zuid-Holland en het Waterschap bij verdere | gezonde financiële situatie. uitwerking van de fietsroute Markeburgweg (route Spijkenisse-Haven). • Specifiek voor de N57 zetten we actief in op lobby richting het Rijk voor | Corridoraanpak (als onderdeel van een integrale gebiedsontwikkeling) voldoende financiële middelen en capaciteit, zodat ook de overige afspraken | Investeringen in mobiliteit gaan hand in hand met oplossingen voor lokale en over de N57 zo spoedig mogelijk worden uitgevoerd. | regionale uitdagingen. Dit betekent dat we mobiliteit koppelen aan verstedelijking, • Binnen het traject NOVE X Haven zetten wij de verbetering van de | ruimtelijke ordening en sociaaleconomische doelen. bereikbaarheid van Voorne-Putten en de Haven op de agenda. Een goede bereikbaarheid is essentieel voor het investeringsklimaat in de Rotterdamse | Een corridor is een regionale verbinding tussen steden, dorpen of hubs, inclusief haven en de sociaaleconomische ontwikkeling van Voorne-Putten en | de omliggende gebieden rondom mobiliteitsknooppunten.
De corridoraanpak daarmee voor de metropoolregio. | investeer t in hoogwaardig ov en stemt mobiliteitsknooppunten en ver voer op • We stellen een multimodale adaptieve ontwikkelstrategie op voor een | elkaar af. Het gaat om de juiste ontwikkeling op de juiste plek, met oog voor de gedeeld toekomstperspectief op investeringen in het mobiliteitsnetwerk. | unieke gebiedskwaliteiten, bevolkingsdichtheid en mobiliteitsbehoef te van • We subsidiëren de uitvoering van fietsmaatregelen onder de noemer | verschillende doelgroepen. Bij corridors met lopende, ruimtelijke trajecten No | Regret in de CID-Binckhorst voor de ontsluiting van de woningbouw. | sluiten we daarop aan, zoals bij lokale gebiedsontwikkelingen, Regiodeals en de • Via MoVe werken we samen aan de regionale agenda stadslogistiek om een | NOVE X-gebieden Zuidelijke Randstad, Rotterdamse haven en het Groene Har t. schonere en efficiëntere logistieke keten te bewerkstelligen. | Aanvullend nodigen we andere betrokken par tijen uit om collectieve afspraken 13 Begroting 2027 14 te maken per corridor. Daarbij stemmen we elkaars opgaven, inzet en middelen maximaal op elkaar af om onze impact te vergroten en het gewenste effect te maximaliseren.
Welke resultaten willen we bereiken? • Samen met de samenwerkende gemeenten en private en publieke partners afspraken voor verschillende corridors vastleggen, die kansen, toegankelijkheid en welzijn voor inwoners van de metropoolregio versterken. Wat gaan we daarvoor doen in 2027? • We zetten een corridoraanpak op waarin de mobiliteitsopgaven en de ruimtelijke en sociaaleconomische vraagstukken in de corridors worden vertaald naar concrete uitvoeringsplannen (inclusief investeringspakketten), in samenwerking met de gemeenten en vervoerders. • We voeren de taken, plannen en/of opdrachten uit gerelateerd aan het Uitvoeringsprogramma MRDH 2026 dat we nog opstellen. Ov-ontwikkelprogramma’s Rotterdam en Den Haag In lijn met de nieuwe Mobiliteitsvisie ontwikkelen wij in het vervoersgebied van de RET het aanbod van publieke mobiliteit, bijvoorbeeld met het programma Toekomstvast Tramnet, het plan busnet, project HOV Ridderkerk en diverse knooppunten. Ook in het vervoersgebied van de HTM (OV Next) werken we hieraan, bijvoorbeeld met de instroom van nieuwe stadstrams en de realisatie van een nieuwe tramremise. Hiermee verbeteren wij de bereikbaarheid van onze regio. Welke resultaten willen we bereiken? • Het stimuleren van meer reizigers in het ov.
Bijdragen aan de verstedelijkings- en buitenruimteopgaven en het versterken van de samenwerking tussen de gemeenten, de MRDH en de vervoersbedrijven. Wat gaan we daarvoor doen in 2027? • Versnellingsmaatregelen in het tramnet van de regio Rotterdam uitvoeren. • We realiseren HOV Ridderkerk om de verbinding met het regionale ov-netwerk te verbeteren. • We bereiden de uitvoering van het nieuwe plan busnet regio Rotterdam voor om beter aan te sluiten bij reizigerswensen, het huidige tram- en metronet, waar mogelijk de ontsluiting van nieuwe woon- en werklocaties en aansluitend op de opgave van publieke mobiliteit. • We ronden de verkenning tram naar het Kralingse Bos in Rotterdam af. • We realiseren de instroom van de nieuwe, bredere en toegankelijke Haagse stadstrams (programma INTHR), inclusief uitvoering lijn 12, lijn 16 en de tramremise GAVI-terrein om daarmee de bereikbaarheid, leefbaarheid en verkeersveiligheid te verbeteren. 2.1.1.2 Opdracht 3 - Actieve en collectieve vormen van mobiliteit stimuleren Mobiliteit is er voor iedereen, overal en altijd beschikbaar. Mobiliteit en beweging versterken de economie en de samenleving door ontmoeting. We bouwen aan een samenhangend systeem van publieke en actieve mobiliteit.
In een groeiende regio waar ruimte schaars is en waar behoud en versterking van de leefkwaliteit noodzakelijk is, helpt onze inzet om de bereikbaarheid te verbeteren, efficiënte antwoorden te geven op de groeiende ruimtevraag, toegankelijkheid en betaalbaarheid te verbeteren, gezondheid te bevorderen en minder emissies uit te stoten. Het samenspel van verschillende vervoersvormen binnen publieke mobiliteit zorgt daarnaast voor een effectieve inzet van publieke middelen en schaarse arbeidskracht. Hiermee benutten we de bestaande infrastructuur beter, bieden we mensen meer kansen om maatschappelijk mee te doen, ondersteunen we de mobiliteitstransitie in verschillende (stedelijke) gebieden van de regio en dragen we bij aan de klimaatopgave. Ook het verminderen van netcongestie valt hieronder. Daarbij verschilt de aanpak per gebiedstype, omdat de mogelijkheden en behoeften in (hoog)stedelijke gebieden anders zijn dan in meer landelijke gebieden. Naast fysieke ingrepen maakt mobiliteitsmanagement het mogelijk om lopen, fietsen, ov en deelmobiliteit te stimuleren en spreiding van mobiliteit over de dag/week aan te moedigen. We stimuleren innovaties en nieuwe technologieën om de gewenste mobiliteitstransitie te bereiken.
Begroting 2027 15 Efficiënt omgaan met de ruimte voor verkeer zorgt er in steden en dorpen voor dat er meer ruimte is voor het inrichten van een prettige leefomgeving. En dat is noodzakelijk, gelet op de verwachte groei van inwoners in de aankomende jaren en andere opgaven in de openbare ruimte, zoals meer groen, voorzieningen en klimaatadaptatie. Publieke en actieve mobiliteit We werken samen toe naar optimaal vervoer voor elke reiziger in 2050: slim, vlot en verbonden, toegankelijk, inclusief, betrouwbaar, veilig, schoon en betaalbaar. We combineren waar mogelijk verschillende vormen van mobiliteit – ov, deelvervoer, doelgroepenvervoer, fietsen en lopen – tot samenhangend en toegankelijk vervoer, met maatwerk waar nodig. Welke resultaten willen we bereiken? • Een samenhangend systeem van publieke en actieve mobiliteit met hoogwaardig OV, mobiliteitsknooppunten als scharnier en fietsen, lopen en vraaggestuurd vervoer als fijnmazige toevoeging. • Met het mobiliteitssysteem bijdragen aan het verminderen van netcongestie. Wat gaan we daarvoor doen in 2027? • We starten pilots en onderzoeken om de (on)mogelijkheden ov, doelgroepen- vervoer, kleinschalig vervoer, gedeeld vervoer en bedrijfsvervoer voor publieke mobiliteit met elkaar te koppelen, in samenwerking met de gemeenten, HTM, RET, streekvervoerders en zorgaanbieders.