CConstaterende datAlblasserdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage - De complete Eerste Stap.pdf

Gemeenteraad Alblasserdam 25 mei 2021, gemeente AlblasserdamBij agendapunt: 9: Omgevingsvisie: Vrijgave voor participatie van De eerste Stap - Voorstel29.809 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

8.1.1 Bereikbaarheid In de nationale omgevingsvisie is opgenomen dat vanuit het rijk gestuurd wordt op goed bereikbare netwerken van steden. Ook in de provinciale omgevingsvisie is aangegeven dat bereikbaarheid een belangrijke opgave is. De provincie Zuid-Holland heeft de ambitie uitgesproken om de best bereikbare provincie te worden. In de groeiagenda is bereikbaarheid van de belangrijke pijlers. Als laatste blijkt in de praktijk ook gewoon, dat bereikbaarheid in Alblasserdam aandacht behoeft. Dit geldt voor zowel de woongebieden als de bedrijfsterreinen.

8.1.2 Bestaanszekerheid In de regionale visie sociaal domein Drechtsteden is een aantal opgaven benoemd en uitgewerkt. Een van de opgaven betreft het versterken van bestaanszekerheid van inwoners. Steeds meer inwoners hebben door verschillende omstandigheden te weinig grip op hun inkomen en raken hierdoor in de problemen.

8.1.3 Circulariteit De doelstelling van het kabinet is om in 2050 een volledig circulaire economie te realiseren. Voor 2030 heeft het kabinet een tussendoelstelling geformuleerd: de halvering van het gebruik van de hoeveelheid primaire abiotische grondstoffen. Dit zijn mineralen, metalen en fossiele grondstoffen die uit de natuur worden gehaald. Deze beleidsdoelstelling is verwerkt in de Nationale omgevingsvisie waarin wordt aangegeven dat overgegaan moet worden naar een circulaire economie. Ook in de provinciale omgevingsvisie is 41

aangegeven dat de bestaande economie getransformeerd moet worden naar een circulaire economie. In regionale beleidsstukken zijn geen afspraken of ambities vastgelegd op het gebied van circulaire economie.

8.1.4 Gezondheid In de provinciale omgevingsvisie is opgenomen dat de provincie Zuid-Holland zich in wil zetten voor een gezonde aantrekkelijke leefomgeving. Alblasserdam deelt deze visie. In het Integraal preventieplan 2020-2023 is aangegeven dat gezondheidsbevordering een van de belangrijke thema's is in Alblasserdam.

8.1.5 Klimaatadaptatie In zowel de nationale omgevingsvisie als de provinciale is opgenomen dat gewerkt moet worden aan een klimaatbestendige inrichting. Uit de omgevingsscan blijkt dat Alblasserdam onvoldoende voorbereid is op wateroverlast als gevolg van extreme neerslag. Daarnaast blijkt dat in een groot deel van Alblasserdam de kans op hittestress groot is en dat er onvoldoende koeling te vinden is. In de groeiagenda wordt het thema klimaatadaptatie niet besproken.

8.1.6 Klimaatmitigatie In zowel de nationale als de provinciale omgevingsvisie is de verandering van energievoorziening een belangrijk item. De regio Drechtsteden heeft de regionale energiestrategie vastgesteld, waarin de ambitie is uitgesproken om in 2050 energieneutraal te zijn. Zowel het rijk, als de provincie als de gemeente hebben de zelfde doelstelling op dit gebied.

8.1.7 Ondersteuning In de regionale visie sociaal domein Drechtsteden is opgenomen dat er toegang tot maatwerkvoorzieningen en andere vormen van ondersteuning georganiseerd moet worden. Zo wordt er aan bijgedragen dat mensen passend wonen en actief mee kunnen doen in de samenleving.

8.1.8 Werkgelegenheid In de nationale en provinciale omgevingsvisie wordt niet gesproken over het creëren van werkgelegenheid. De opgave op dit gebied is afkomstig uit de groeiagenda Drechtsteden. Alblasserdam heeft in dit kader aangeboden een bijdrage te leveren door middel van de herontwikkeling van het Nedstaal terrein/arbeidsmarktbeleid en de ontwikkelingen bij Goodman

8.1.9 Woningbouw In de nationale omgevingsvisie is aangegeven dat circa 1 miljoen woningen moeten worden gebouwd om het woningtekort op te lossen. In de nationale omgevingsvisie wordt niet aangegeven aan welke woningen de grootste behoefte is. In de provinciale omgevingsvisie is aangegeven dat in het komende decennium een fors aantal woningen te realiseren en de bestaande woningvoorraad te verduurzamen. Er wordt niet aangegeven wat wordt verstaan onder een fors aantal. Ook wordt niet aangegeven aan welke woningen de grootste behoefte is. In de groeiagenda Drechtsteden is aangegeven dat er in de Drechtsteden 25.000 nieuwe woningen gebouwd moeten worden. Zo moet een evenwichtig woningaanbod voor elke doelgroep ontstaan. Alblasserdam heeft in dit kader aangegeven dat de bijdrage en de groeiopgave van de Drechtsteden in de komende jaren verder onderzocht en uitgewerkt moet worden. Daarnaast heeft Alblasserdam aangegeven dat de zwaarte in het woningbouwprogramma ligt op koopwoningen van boven de 2,5 ton euro.

42

8.1.10 Het zijn van een samenleving Deze opgave is in geen van de beleidsstukken expliciet genoemd. Toch vinden wij het belangrijk om dit aspect op te nemen als kernopgave. Onder het kopje Sociaal-culturele ontwikkelingen in het hoofdstuk Toekomst is aangegeven welke ontwikkelingen gaande zijn en welke ontwikkelingen er aan (kunnen) komen. Het is belangrijk om na te denken over hoe wij als samenleving met de ontwikkelingen om moeten gaan en hoe wij als gemeente een rol in kunnen vervullen.

8.1.11 Samenhang Het versterken van de omgevingskwaliteit komt straks centraal te staan in de omgevingsvisie. Dat wil zeggen dat alle toekomstige plannen met oog voor de natuur, gezondheid, milieu en duurzaamheid gemaakt moeten worden. In de integrale aanpak van de omgevingswet zit veel besloten om al die opgaven niet los van elkaar, maar juist elkaar versterkend aan te pakken. Toch moeten er keuzes gemaakt worden. Bij het maken van keuzes zal gebruik gemaakt gaan worden van dezelfde afwegingsprincipes als in de nationale omgevingsvisie, namelijk: 1. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies. 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal en 3. Afwentelen moet worden voorkomen. De meeste kernopgaven hebben een ruimtelijke component. In principe zijn alle kernopgaven daarom concurrerend aan elkaar. Hierboven is al aangegeven dat combinaties van functies voorrang hebben op enkelvoudige functies, toch kan elke vierkante meter maar 1x gebruikt worden. Daarom zal er ook een prioritering aangebracht moeten worden in de kernopgaven. In het volgende hoofdstuk zullen een aantal accenten worden beschreven waarin prioriteiten in de kernopgaven zijn verwerkt. Bij elk accent wordt aangegeven welke kernopgaven prioriteit hebben binnen dat accent.

Hierbij moet wel opgemerkt worden dat de keuze voor bijvoorbeeld een groen accent niet automatisch betekent dat er geen nieuwe woningen of werkgelegenheid wordt gecreëerd. De keuze voor een groen accent kan bij voorbeeld wel invloed hebben op het aantal of het typen woningen die worden geplaatst.

8.2 Groeiconclusie H2 H3 H4

H4

H5 H5

Er moet een omgevingsvisie worden opgesteld. De omgevingsvisie is een integrale langetermijnvisie voor de hele fysieke leefomgeving. De structuurvisie vormt een goede basis voor de ruimtelijke component, de omgevingswet vereist echter een breder perspectief. Alblasserdam is een dorp dat zich met de volgende kernwoorden laat beschrijven: Ontmoeting, groen dorp, kleinschalig, gelovig, historisch erfgoed, maritiem karakter, bedrijvig. Alblasserdam heeft voor de lange termijn de volgende ambitie: "Alblasserdam is een dorp met een menselijke maat waar aangenaam wonen en ruimte voor ontmoeting vanzelfsprekend zijn. Alblasserdam koestert haar groene en dorpse karakter waar de lijnen kort zijn, de sociale infrastructuur hecht en de voorzieningen op het huidige niveau blijven. De economische kracht zit in de marktplaatsfunctie die Alblasserdam vanouds door haar ligging heeft en in de samenwerking met haar omgeving. De houding van de gemeente is er een van netwerken, faciliteren, kansen zien, flexibiliteit en ruimte geven. Vanuit deze basis richt Alblasserdam zich op een veilige en duurzame toekomst.” Mens en maatschappij veranderen, daar moeten we rekening mee houden. Uit omgevingsscan blijkt dat op een aantal gebieden in de fysieke leefomgeving een opgave ligt.

43

H6 H7 H8

In de nationale en provinciale omgevingsvisie wordt een kader geschetst waarmee wij rekening moeten houden bij het opstellen van de omgevingsvisie. Alblasserdam heeft afspraken gemaakt met de regio waarmee rekening moet worden gehouden bij het opstellen van de omgevingsvisie. Uit de nationale omgevingsvisie, de provinciale omgevingsvisie, de omgevingsscan, de regionale afspraken en de beleidsdoelstellingen vallen kernopgaven te definiëren. In de op te stellen omgevingsvisie moet worden aangegeven hoe met deze kernopgaven wordt omgegaan.

44

9 Prioriteiten Met het college is afgesproken om de ambitie uit de structuurvisie als vertrekpunt te nemen voor de op te stellen Omgevingsvisie. In de structuurvisie is de ambitie van de gemeente Alblasserdam als volgt omschreven: “Alblasserdam is een dorp met een menselijke maat waar aangenaam wonen en ruimte voor ontmoeting vanzelfsprekend zijn. Alblasserdam koestert haar groene en dorpse karakter waar de lijnen kort zijn, de sociale infrastructuur hecht en de voorzieningen op het huidige niveau blijven. De economische kracht zit in de marktplaatsfunctie die Alblasserdam vanouds door haar ligging heeft en in de samenwerking met haar omgeving. De houding van de gemeente is er een van netwerken, faciliteren, kansen zien, flexibiliteit en ruimte geven. Vanuit deze basis richt Alblasserdam zich op een veilige en duurzame toekomst.” Dit is een mooie ambitie. Tegelijkertijd is de omschrijving van deze ambitie niet concreet genoeg om een zogenaamde stip op de horizon te zijn. Daarnaast hebben we in het vorige hoofdstuk geconstateerd dat de beschikbare vrije ruimte in Alblasserdam heel beperkt is. Dat betekent dat we keuzes moeten maken in de prioritering van de kernopgaven. Hieronder staan een aantal accenten uitgewerkt die over de ambitie heen kunnen worden gelegd. Willen we bijvoorbeeld het accent leggen op vergroening of juist op het creëren van banen.

Het feit dat een bepaalde opgave prioriteit krijgt binnen een accent, wil niet betekenen dat er geen invulling wordt gegeven aan de overige opgaven. Het bepaalt wel de denkrichting waarop een opgave wordt benaderd. Bij elk accent hebben de strategisch adviseurs van de gemeente Alblasserdam voor- en nadelen opgeschreven. Verder is bij elk accent een overzicht gegeven met een score voor de realisatie van de kernopgaven en het nakomen van de regionale afspraken. De score is weergegeven in blokjes. Het minimum is nul. In dat geval wordt er geen invulling gegeven aan de opgave of de afspraak. De maximale score is vijf. In dat geval wordt er maximaal invulling gegeven aan de opgave of afspraak. Aan de gemeenteraad en aan de inwoners, bedrijven en organisaties in Alblasserdam zal worden gevraagd om een accent aan te brengen aan deze ambitie. Onderstaand zijn vijf accenten beschreven. Deze accenten worden over de ambitie heen gelegd. Gevraagd wordt om een keuze te maken uit de volgende accenten:

9.1 Dorp in de polder Dit accent richt zich vooral op de kernopgaven: bestaanszekerheid inwoners, gezondheid, klimaatmitigatie, ondersteuning en werkgelegenheid. Het dorp in de polder is een accent waarbij er veel aan is gelegen om de situatie te houden zoals hij is. Er wordt niet buiten de bestaande contouren gebouwd. De beperkte beschikbare bedrijfslocaties worden nog uitgegeven en de ontsluiting van bedrijventerreinen heeft geen prioriteit. De werkgelegenheid zal hierdoor mogelijk iets toenemen, maar er is geen sprake van een significante stijging. De woningbouw die plaatsvindt betreft daardoor voornamelijk inbreidlocaties. Van hoogbouw is, op de bestaande hoogbouwlocaties na, geen sprake meer. De verduurzaming die moet worden uitgevoerd in het kader van de energietransitie wordt vooral ‘uit het zicht’ uitgevoerd. Zonnepanelen worden dus uit het zicht geplaatst en warmtepompen worden niet in het zicht opgesteld. Omdat ons verleden belangrijk voor ons is hebben we veel aandacht voor het erfgoed wat ons dorp te bieden heeft. We doen er zoveel mogelijk aan om hinder van wegen, waterwegen en bedrijven te voorkomen. Hierbij valt te denken aan het minimaliseren van geluid, geur en lichtoverlast. Om vitaal te blijven hebben we aandacht voor de inrichting van de openbare ruimte. Er wordt veel groen toegepast, waardoor ook invulling wordt gegeven aan het aspect klimaatadaptatie en

45

gezondheidsbevordering. De groene omgeving nodig wel meer uit om te bewegen (wandelen, fietsen). De sociale infrastructuur is in dit accent hecht. Volgens de verschillende strategisch adviseurs van de gemeente Alblasserdam kent dit accent de volgende voor- en nadelen: Voordelen

Nadelen

-

Ruimtelijk gezien brengt dit accent geen grootschalige wijzigingen met zich mee

-

Dit accent geeft duidelijkheid over de identiteit van het dorp. Daardoor mogelijk meer samenhang en saamhorigheid onder de bewoners.

-

Migratie vanuit omliggende plaatsen naar Alblasserdam zal gering zijn.

-

Dit accent kent veel ontmoetingsen ontspanningsmogelijkheden.

-

Ruimte voor groen en geen toename van hoogbouw hebben een positieve invloed op het welzijn en gezondheid van inwoners.

-

Er liggen kansen voor het ontwikkelen van een beter beweeg- en sportklimaat.

-

Doordat het dorpse karakter wordt behouden zullen er ook voordelen zijn op het gebied van sociale veiligheid en samenhang.

-

Het dorpse karakter versterkt sociale samenhang waardoor het sociale netwerk elkaar kan versterken (bv tegengaan van eenzaamheid en armoede).

-

De woningvoorraad veroudert mogelijk

-

Het dorp vergrijst als gevolg van geringe doorstroming in de woningmarkt

-

Deze vergrijzing zorgt in de toekomst voor uitdagingen op het gebied van bereikbaarheid, eenzaamheid, de fysieke omgeving, zorg en werken.

-

Onduidelijk hoe doelstellingen op het gebied van klimaatadaptatie en energietransitie bereikt kunnen worden.

-

Dit accent sluit niet aan op het gedachtengoed van Route22.

-

Door toenemende vergrijzing komen de huidige beschikbare voorzieningen en mantelzorgers onder druk te staan.

-

Mogelijk worden aan de identiteit bepaalde rechten ontleend onder het mom van: "zo doen wij dat nu eenmaal in een dorp".

Kernopgaven Bereikbaarheid Bestaanszekerheid inwoners Circulariteit Gezondheid Klimaatadaptatie Klimaatmitigatie Ondersteuning Werkgelegenheid Woningbouw Zijn van samenleving Groeiagenda Goed wonen Goed werken Goede bereikbaarheid Regionale visie sociaal domein Bestaanszekerheid versterken Ontwikkelen naar werk Zorgen voor ondersteuning 46

9.2 Welvarend dorp In dit accent wordt ingezet op hoogwaardige woonmilieus, luxe appartementen. De thema's wonen, leefbaarheid en gezondheid krijgen veel aandacht. Voorzieningen zoals winkels en culturele instellingen zijn vooral gericht op luxe. Als gevolg van de hoogwaardige woonmilieus (meer ruimtevraag per woning) zal de bevolking in aantal afnemen. Door de afname van de bevolkingsdichtheid zal meer ruimte ontstaan voor klimaatadaptatie en vergroening. Bedrijvigheid en industrie (en hiermee ook de werkgelegenheid) nemen af. Hiermee verandert ook de identiteit van het dorp. Bij dit accent moet rekening gehouden worden met het wegtrekken van jongeren en jonge gezinnen, waardoor vergrijzing in het dorp zal optreden. Door een verouderende bevolking zal in de toekomst ook de huishoudsamenstelling (van meerpersoonshuishoudens naar eenpersoonshuishoudens door bv sterfte levenspartner) in het dorp veranderen, met negatieve gevolgen voor de gezondheid en zorg. Voor wat betreft de energietransitie en circulariteit wordt voldaan aan wet- en regelgeving, maar worden geen extra inspanningen verricht. Volgens de verschillende strategisch adviseurs van de gemeente Alblasserdam kent dit accent de volgende voor- en nadelen: Voordelen

Nadelen

-

Lokale economie van luxeartikelen zal een voordeel hebben

-

De aangetrokken groep zal vooral bestaan uit oudere mensen.

-

Dit accent trekt kapitaalkrachtige mensen aan die kunnen investeren in duurzame maatregelen

-

Oudere mensen zullen meer druk leggen op de zorgvoorzieningen in het dorp.

-

Bij hogere sociale klasse doorgaans minder sprake van woonoverlast.

-

Door het wegtrekken van jongeren en jonge gezinnen zal vergrijzing toenemen, met volkgezondheidsrisico's tot gevolg.

-

Deze vergrijzing zorgt in de toekomst voor uitdagingen op het gebied van bereikbaarheid, eenzaamheid, de fysieke omgeving, zorg en werken.

-

Jongeren met kennis voor de werkgelegenheid in de regio zullen naar de stad toe trekken, waardoor economische activiteit in Alblasserdam zal afnemen (krimp van potentiele beroepsbevolking).

-

Welvarendheid trekt mogelijk criminaliteit aan.

Kernopgaven Bereikbaarheid Bestaanszekerheid inwoners Circulariteit Gezondheid Klimaatadaptatie Klimaatmitigatie Ondersteuning Werkgelegenheid Woningbouw Zijn van samenleving Groeiagenda Goed wonen Goed werken Goede bereikbaarheid

47

Regionale visie sociaal domein Bestaanszekerheid versterken Ontwikkelen naar werk Zorgen voor ondersteuning

9.3 Bedrijvig dijkdorp In dit accent wordt vooral ingezet op de kernopgaven: Bereikbaarheid, circulariteit, klimaatmitigatie, werkgelegenheid en woningbouw. De gemeente Alblasserdam vooral een netwerkorganisatie. Hierbij ligt het accent op het creëren van werkgelegenheid, onderwijs en het behouden van een vitale economie. De thema’s wonen, leefbaarheid en gezondheid krijgen daardoor minder aandacht. Bij het creëren van werkgelegenheid wordt de nodige aandacht besteed aan milieu, energie en klimaat, maar niet meer dan noodzakelijk is. Omdat ingezet wordt op het creëren van werkgelegenheid moet gezocht worden naar locaties voor woningbouw. Ook buiten de huidige contouren. Omdat de woningvoorraad moet worden vergroot is hoogbouw een goede optie. Woningbouw in duurdere segment is nodig voor het aantrekken van hoogopgeleid personeel en om hen te behouden. Het op deze manier vergroten van de woningvoorraad is aantrekkelijk voor jonge (hoog)opgeleiden en gezonde mensen. Het alternatief voor woningbouw is investeren in infrastructuur, wat de negatieve effecten van hoogbouw op de gezondheid kan wegnemen. Als de werknemers niet in het dorp kunnen wonen, moet het dorp wel bereikbaar blijven. Hierbij moet gedacht worden aan het verbreden van de huidige ontsluitingswegen en vervoersmanagement, wat mogelijk ten koste gaat van de groene omgeving in Alblasserdam.

Mogelijk moeten extra ontsluitingswegen worden gecreëerd voor de bedrijventerreinen en beter OV gefaciliteerd worden. Het behouden van het erfgoed en eigen identiteit staat binnen dit profiel niet op de eerste plek. In dit accent lijkt er een conflict te kunnen ontstaan met de nationale en provinciale omgevingsvisie. De afspraken uit de groeiagenda lijken grotendeels nagekomen te kunnen worden. Volgens de verschillende strategisch adviseurs van de gemeente Alblasserdam kent dit accent de volgende voor- en nadelen: Voordelen

Nadelen -

Er is een onbalans in de inkomende en uitgaande pendel

-

Er is weinig tot geen ruimte beschikbaar voor het toevoegen van werklocaties

-

Alblasserdam vormt voor doorgaand verkeer vooral een hindernis

Bij dit accent kan optimaal geprofiteerd worden van regionale samenwerking op het gebied van duurzaamheid

-

Dit accent leidt mogelijk tot meer asfalt en daardoor minder vergroening en meer invloed stedelijke gebieden.

-

Doordat er nieuwbouw plaatsvindt wordt de woningvoorraad verduurzaamd

-

Meer asfalt en infrastructuur leidt tot meer geluidsoverlast, wat schadelijk is voor de gezondheid

-

Er wordt een jonge, actieve beroepsbevolking aangetrokken naar Alblasserdam die weinig gebruik zullen maken van gezondheidsvoorzieningen

-

Meer bebouwing betekent minder ruimte voor zonnevelden/windturbines en groen, wat negatieve effecten heeft op de gezondheid en het welzijn van Alblasserdammers.

-

Meer investeren in bereikbaarheid betekent mogelijk ook verduurzaming van mobiliteit.

-

Leidt mogelijk tot een toename van 'problematiek achter de voordeur'.

-

Veel werkgelegenheid

-

Dit accent schept een klimaat dat maximale kansen biedt om te participeren met onder andere gezondheidsvoordelen als gevolg.

-

Het dorpse karakter blijft in dit accent bewaard, er is voldoende markt voor de eigen dagelijkse behoefte

-

48

Kernopgaven Bereikbaarheid Bestaanszekerheid inwoners Circulariteit Gezondheid Klimaatadaptatie Klimaatmitigatie Ondersteuning Werkgelegenheid Woningbouw Zijn van samenleving Groeiagenda Goed wonen Goed werken Goede bereikbaarheid Regionale visie sociaal domein Bestaanszekerheid versterken Ontwikkelen naar werk Zorgen voor ondersteuning

9.4 Fit en groen dorp in de polder In dit accent wordt vooral ingezet op de kernopgaven: circulariteit, klimaatadaptatie, klimaatmitigatie, ondersteuning en werkgelegenheid. Het milieu en duurzaamheid spelen een grote rol en er wordt flink ingezet op klimaatadaptatie, klimaatmitigatie, circulariteit en vergroening. Op het gebied van ruimtelijke ontwikkeling blijven we binnen de bestaande contouren. De buitenruimte wordt flink vergroend. Daar waar verharding aanwezig is wordt gekeken naar waterdoorlatende alternatieven. Bij het vergroenen van de buitenruimte wordt gelet op de biodiversiteit. Aanplanting zal voornamelijk gebeuren met inheemse soorten en monoculturen worden vermeden. Natuurlijk zijn bedrijven welkom in Alblasserdam. Wij verlangen van deze bedrijven wel dat zij hetzelfde over het milieu denken als wij. Wij proberen dit ook af te dwingen door hierover regels op te nemen in het Omgevingsplan. We zetten niet in op ontsluiting via infrastructuur, wel op vervoersmanagement. In dit profiel wordt goed invulling gegeven aan de nationale en provinciale omgevingsvisie. Ook de regionale afspraak op het gebied van energietransitie wordt nagekomen. Er lijkt een conflict te ontstaan met de afspraken uit de groeiagenda. Volgens de verschillende strategisch adviseurs van de gemeente Alblasserdam kent dit accent de volgende voor- en nadelen: Voordelen

Nadelen

-

-

Sluit niet goed aan bij opgave vanuit wonen.

-

Inzetten op een groene leefomgeving is ruimte intensief.

-

Kosten gaan voor de baten uit.

kwaliteit in brede zin wordt verhoogd.

-

Leefbaarheid neemt toe.

-

Een groene en leefbare omgeving bevordert de mogelijkheden voor bewoners om gezonder te leven (meer bewegen/sporten)

49

-

Grote mate van toekomstbestendigheid.

-

Een groene/gezonde leefomgeving helpt in het aantrekken van jonge gezinnen

-

Genereert veel werkgelegenheid zonder dat bedrijfslocaties nodig zullen zijn.

-

Hoge mate innovatief.

-

De laatste groeninrichting zal misschien op waarde worden geschat en gespaard.

-

Er zou bij (nieuw)bouwplannen een verplichting kunnen worden opgenomen om een minimumhoeveel groen in te richten en te behouden.

-

Geen hittestress, geen wateroverlast

-

Groen is goed voor ons mentaal welzijn en draagt bij aan gezondheidsbevordering.

-

Door zelfvoorzienend te zijn in elektriciteit en warmte, zijn we minder afhankelijk van anderen

-

Het terugbrengen van enig ecosysteem bij een aanleg van groen duurt decennia en gaat ten koste van woningen en economie.

-

Beperkt investeren op infrastructuur kan leiden tot onveilige situaties bij calamiteiten in geval dat acute noodhulp vereist is.

Kernopgaven Bereikbaarheid Bestaanszekerheid inwoners Circulariteit Gezondheid Klimaatadaptatie Klimaatmitigatie Ondersteuning Werkgelegenheid Woningbouw Zijn van samenleving Groeiagenda Goed wonen Goed werken Goede bereikbaarheid Regionale visie sociaal domein Bestaanszekerheid versterken Ontwikkelen naar werk Zorgen voor ondersteuning

9.5 Groeibriljant In dit accent wordt ingezet op de kernopgaven: bereikbaarheid, bestaanszekerheid, ondersteuning, werkgelegenheid en woningbouw. In dit accent zetten we een stap naar groei. Het inwonersaantal zal in dit profiel ongeveer verdubbelen. Omdat we niet heel veel uit kunnen breiden zal de oplossing gezocht worden in hoogbouw. Op het gebied van klimaatadaptatie zal voldaan worden aan wet- en regelgeving, maar er zullen weinig aanvullende inspanningen geleverd worden op dit gebied. Doordat het inwonersaantal is gestegen moet ook het aantal voorzieningen worden uitgebreid. Er ontstaat een levendig beeld op straat; cultuur, horeca en beleving worden belangrijker. De 50

infrastructuur moet hierop worden aangepast. Bedrijventerrein Vinkenwaard Noord wordt getransformeerd naar een gemengd gebied waar wonen en werken naast elkaar plaatsvinden. Bedrijfsactiviteiten met een risico worden zoveel mogelijk naar Vinkenwaard Zuid en Nieuwland Parc verplaatst of in de regio. Bij vertrek van bedrijven buiten de regio gaat dat ten koste van de werkgelegenheid. In dit accent wordt invulling gegeven aan de ambities uit de nationale en provinciale omgevingsvisie. Tegelijkertijd wordt invulling gegeven aan de meeste regionale afspraken. Volgens de verschillende strategisch adviseurs van de gemeente Alblasserdam kent dit accent de volgende voor- en nadelen: Voordelen

Nadelen

-

Meer inwoners, dus meer inkomsten.

-

Groter beroep op sociale steunaanvragen.

-

Meer buurten met een hogere inwonerdichtheid. Collectieve voorzieningen daardoor mogelijk rendabeler.

-

Toenemende druk op ruimte.

-

Verduurzaming woningvoorraad Kansen op uitbreiding van het gezondheiden zorgaanbod.

-

Dorpse karakter gaat verloren.

-

Kansen op uitbreiding van beweeg- en sportklimaat.

-

Hogere inwonersdichtheid heeft nadelige gevolgen voor welzijn en gezondheid van inwoners (geluidsoverlast/meer stress).

-

Ambitie op het gebied van wonen krijgt met dit accent invulling.

-

Er wordt vrijwel geen invulling gegeven aan de problemen die ontstaan door klimaatverandering.

-

Woonwensen/woonnood kan worden opgelost.

-

Vrijwilligersaanbod/Mantelzorgers zullen niet evenredig groeien, daardoor meer druk op reguliere zorg.

-

Meer voorzieningen.

-

Slagen van dit accent hangt af van organisatie op intermenselijk verbinding.

-

Aantrekkelijker voor jeugd.

Door inwonersgroei en afname sociale samenhang een grotere kans op verborgen armoede, eenzaamheid en gezondheidsproblematiek.

-

Groter verzoek tot middelbaar onderwijs.

-

Meer armoede.

-

Kan ten koste gaan van sociale samenhang.

-

Identiteitsterkte wordt uitgedaagd (hoe eigen kun je blijven).

-

Meer investeren om in sportvraag te voorzien.

-

Clustering van (hoog) risicobedrijven leidt tot grote uitdagingen op het gebied van crisisbeheersing en rampenbestrijding.

Kernopgaven Bereikbaarheid Bestaanszekerheid inwoners Circulariteit Gezondheid Klimaatadaptatie Klimaatmitigatie Ondersteuning Werkgelegenheid Woningbouw Zijn van samenleving

51

Groeiagenda Goed wonen Goed werken Goede bereikbaarheid Regionale visie sociaal domein Bestaanszekerheid versterken Ontwikkelen naar werk Zorgen voor ondersteuning

9.6 Groeiconclusie H2 H3 H4

H4

H5 H5 H6 H7 H8

H9

Er moet een omgevingsvisie worden opgesteld. De omgevingsvisie is een integrale langetermijnvisie voor de hele fysieke leefomgeving. De structuurvisie vormt een goede basis voor de ruimtelijke component, de omgevingswet vereist echter een breder perspectief. Alblasserdam is een dorp dat zich met de volgende kernwoorden laat beschrijven: Ontmoeting, groen dorp, kleinschalig, gelovig, historisch erfgoed, maritiem karakter, bedrijvig. Alblasserdam heeft voor de lange termijn de volgende ambitie: "Alblasserdam is een dorp met een menselijke maat waar aangenaam wonen en ruimte voor ontmoeting vanzelfsprekend zijn. Alblasserdam koestert haar groene en dorpse karakter waar de lijnen kort zijn, de sociale infrastructuur hecht en de voorzieningen op het huidige niveau blijven. De economische kracht zit in de marktplaatsfunctie die Alblasserdam vanouds door haar ligging heeft en in de samenwerking met haar omgeving. De houding van de gemeente is er een van netwerken, faciliteren, kansen zien, flexibiliteit en ruimte geven. Vanuit deze basis richt Alblasserdam zich op een veilige en duurzame toekomst.” Mens en maatschappij veranderen, daar moeten we rekening mee houden. Uit omgevingsscan blijkt dat op een aantal gebieden in de fysieke leefomgeving een opgave ligt.

In de nationale en provinciale omgevingsvisie wordt een kader geschetst waarmee wij rekening moeten houden bij het opstellen van de omgevingsvisie. Alblasserdam heeft afspraken gemaakt met de regio waarmee rekening moet worden gehouden bij het opstellen van de omgevingsvisie. Uit de nationale omgevingsvisie, de provinciale omgevingsvisie, de omgevingsscan, de regionale afspraken en de beleidsdoelstellingen vallen kernopgaven te definiëren. In de omgevingsvisie moet worden aangegeven hoe met deze kernopgaven wordt omgegaan. Het is, vanwege onder andere de beperkte ruimte en de mogelijke tegenstrijdigheden, niet mogelijk om alle kernopgaven op te lossen. Daarom moeten er prioriteiten worden gesteld tussen de verschillende kernopgaven. Deze prioriteiten zijn uit gewerkt in accenten waarin steeds de prioritiet anders wordt gesteld. In verschillende accenten is aangegeven welke consequenties dat accent heeft voor de verschillende kernopgaven.

52

10 Hoe nu verder? In deze eerste stap wordt de basis van de op te stellen omgevingsvisie weergegeven, namelijk de in 2013 opgestelde structuurvisie. Verder is een poging gedaan om overzicht te krijgen in de zaken die op ons afkomen (toekomstvisie, omgevingsscan), het beleidskader van her rijk en de provincie, ons eigen reeds vastgestelde beleid, en de afspraken die wij in regionaal verband hebben gemaakt. Op basis van al deze gegevens zijn een aantal kernopgaven geformuleerd. Vervolgens zijn er een aantal accenten beschreven. Deze accenten bepalen de kleur waarmee de nog op te stellen omgevingsvisie wordt ingekleurd. De ambitie voor de omgevingsvisie staat vast. Dat is de ambitie die reeds in 2013 in de structuurvisie is beschreven, namelijk: Alblasserdam is een dorp met een menselijke maat waar aangenaam wonen en ruimte voor ontmoeting vanzelfsprekend zijn. Alblasserdam koestert haar groene en dorpse karakter waar de lijnen kort zijn, de sociale infrastructuur hecht en de voorzieningen op het huidige niveau blijven. De economische kracht zit in de marktplaatsfunctie die Alblasserdam vanouds door haar ligging heeft en in de samenwerking met haar omgeving. De houding van de gemeente is er een van netwerken, faciliteren, kansen zien, flexibiliteit en ruimte geven. Vanuit deze basis richt Alblasserdam zich op een veilige en duurzame toekomst.

Voor het bepalen van het accent wordt een participatietraject gevolgd dat waarschijnlijk bestaat uit 2 fasen. In de eerste fase zullen de accenten besproken worden. Er zal duiding worden gegeven aan de verschillende accenten en de consequenties zullen besproken worden. Naar aanleiding van deze fase kunnen er nog aanvullingen gedaan worden op de accenten. De tweede fase zal bestaan uit het kiezen van een accent. Het definitieve accent zal gekozen worden door de gemeenteraad. Voordat de gemeenteraad een keuze maakt, zullen inwoners, maatschappelijke partners, bedrijven gevraagd worden een keuze te maken. De keuze die hier uit volgt zal betrokken worden bij het maken van een definitieve keuze.

10.1 Slotconclusie H2 H3 H4

H4

H5 H5 H6

Er moet een omgevingsvisie worden opgesteld. De omgevingsvisie is een integrale langetermijnvisie voor de hele fysieke leefomgeving. De structuurvisie vormt een goede basis voor de ruimtelijke component, de omgevingswet vereist echter een breder perspectief. Alblasserdam is een dorp dat zich met de volgende kernwoorden laat beschrijven: Ontmoeting, groen dorp, kleinschalig, gelovig, historisch erfgoed, maritiem karakter, bedrijvig. Alblasserdam heeft voor de lange termijn de volgende ambitie: "Alblasserdam is een dorp met een menselijke maat waar aangenaam wonen en ruimte voor ontmoeting vanzelfsprekend zijn. Alblasserdam koestert haar groene en dorpse karakter waar de lijnen kort zijn, de sociale infrastructuur hecht en de voorzieningen op het huidige niveau blijven. De economische kracht zit in de marktplaatsfunctie die Alblasserdam vanouds door haar ligging heeft en in de samenwerking met haar omgeving. De houding van de gemeente is er een van netwerken, faciliteren, kansen zien, flexibiliteit en ruimte geven. Vanuit deze basis richt Alblasserdam zich op een veilige en duurzame toekomst.” Mens en maatschappij veranderen, daar moeten we rekening mee houden. Uit omgevingsscan blijkt dat op een aantal gebieden in de fysieke leefomgeving een opgave ligt.

In de nationale en provinciale omgevingsvisie wordt een kader geschetst waarmee wij rekening moeten houden bij het opstellen van de omgevingsvisie. 53

H7 H8

H9

H10

Alblasserdam heeft afspraken gemaakt met de regio waarmee rekening moet worden gehouden bij het opstellen van de omgevingsvisie. Uit de nationale omgevingsvisie, de provinciale omgevingsvisie, de omgevingsscan, de regionale afspraken en de beleidsdoelstellingen vallen kernopgaven te definiëren. In de omgevingsvisie moet worden aangegeven hoe met deze kernopgaven wordt omgegaan. Het is, vanwege oa de beperkte ruimte en de mogelijke tegenstrijdigheden, niet mogelijk om alle kernopgaven op te lossen. Daaro moeten er prioriteiten worden gesteld tussen de verschillende kernopgaven. In verschillende accenten is aangegeven welke consequenties dat accent heeft voor de verschillende kernopgaven. Het is de bedoeling dat door de gemeenteraad één accent wordt gekozen. Dat accent bepaalt het uitgangspunt van de omgevingsvisie.

54

Bijlage 1 Overzicht gebruikte stukken -

Structuurvisie Notitie als aanzet tot discussie over de doorontwikkeling naar een samenhangend sociaal domein. De foto van het sociaal domein in Alblasserdam Vooruitkijken naar 2050, Trends die de toekomst van de Nederlandse economie beïnvloeden, Stichting Toekomstbeeld der Techniek, 2018. Nationale omgevingsvisie Provinciale omgevingsvisie Groeiagenda Regionale Energiestrategie Drechtsteden Transitievisie warmte Regionale visie sociaal domein Woningmarktanalyse Drechtsteden Omgevingsscan OZHZ Beleidslijn BIBOB Beleidsregels omzetten zelfstandige woonruimte Beleidsregels realisatie oplaadpunten Duurzaamheidsagenda Geluidbeleid goede ruimtelijke ordening GVVP Inrichtingsplan warenmarkt Alblasserdam Nadere regels beschermd wonen Sanctiebeleid markten Welstand 2014 Vaststellen economische activiteiten in het algemeen belang Beleidsregels standplaatsen ambulante handel Drugsnota Groenstructuurplan Notitie Sociaal domein Prostitutienota Visie recreatie en toerisme Integraal preventieplan Route 22

55

Bijlage 2 Omgevingsscan

56

57

Omgevingsscan gemeente Alblasserdam Versie 04-09-2019

Inhoudsopgave • 3: Inleiding • 4-27: Grijze milieuthema’s

• 28-33: Landschapthema’s • 34-41: Klimaatverandering • 42-52: Duurzaamheid

• 52-55: Volksgezondheid • 56-63: Veiligheidsrisico’s

2

Inleiding De gemeente Alblasserdam is op zoek naar een nieuwe omgevingsvisie. Een eerste stap in dit proces is het vastleggen van de bestaande situatie van Alblasserdam als het gaat om milieu- en andere omgevingsaspecten; de Omgevingsscan. Thema’s waar naar gekeken wordt zijn de grijze milieuthema’s (waaronder externe veiligheid, luchtkwaliteit en geluid) landschapsthema’s (groen en historie) en duurzaamheidsaspecten (energietransitie en klimaatverandering). Voor het maken van deze omgevingsscan is gebruik gemaakt van bestaande informatie, aanwezig bij de Omgevingsdienst, de veiligheidsregio en de Dienst gezondheid & Jeugd van Zuid-Holland Zuid en op provinciale/landelijke websites. De Omgevingsscan vormt de basis van en levert input voor het verder vormgeven van thema’s in de Omgevingsvisie. Vragen die op basis hiervan verder uitgewerkt worden zijn: ●

Wat zijn de belangrijkste aandachtspunten en waar liggen de kansen?

●

Wat zijn de sturingsmogelijkheden van de gemeente Alblasserdam? Welke speelruimte biedt het 'mengpaneel' uit de Omgevingswet en welke andere sturingsmogelijkheden zijn er?

Hierop wordt een advies gegeven waarin de relatie wordt gelegd tussen aandachtspunten/kansen en de sturingsmogelijkheden. Daarbij geeft dit ook een antwoord op de vraag wat Alblasserdam zelf kan en wat beter op provinciaalniveau opgepakt kan worden.

3

Grijze milieuthema’s Er is veel informatie beschikbaar over de klassieke grijze milieuthema’s: •

Externe veiligheid;

•

Luchtkwaliteit;

•

Geluidkwaliteit;

•

Bodemkwaliteit;

•

Asbest;

•

Hoogspanningsleidingen;

•

Licht;

•

Geur.

De omgevingskwaliteit ten aanzien van deze thema’s wordt in de gemeente Alblasserdam met name bepaald door de A15 en industrie binnen de gemeente en in de omliggende gemeenten. Gevolgen van al deze activiteiten kunnen voor inwoners verschillend zijn en variëren van bezorgdheid tot ernstige hinder en zelfs gezondheidsproblemen.

Grijze milieuthema’s Externe veiligheid Alblasserdam heeft veel te maken met externe veiligheidsrisico’s. Dat zijn risico’s ten gevolge van transport van gevaarlijke stoffen over de weg (A15 en de N915) over het water (Noord), via buisleidingen en een aantal inrichtingen (LPG-tankstations en stalling tankwagens met gevaarlijke stoffen). Dit betekent dat een groot deel van het grondgebied van Alblasserdam in één of meer invloedsgebieden ligt. Externe veiligheid is daardoor vaak een factor bij ruimtelijke ontwikkelingen. Ruimtelijke plannen Het grote aantal risicobronnen betekent niet dat er geen mogelijkheden voor ontwikkelingen zijn. Vaak is er slechts een klein gebied in de directe omgeving van de risicobron waar echt knelpunten voor ontwikkelingen zijn. Verder bij de risicobron vandaan is het vooral belangrijk om goed te motiveren waarom een ontwikkeling binnen het invloedsgebied van een risicobron acceptabel is. Daarbij moet goed nagedacht worden over de mogelijkheden voor het bestrijden van een ramp en de zelfredzaamheid van de mensen die binnen het plangebied zullen verblijven. Kwetsbare objecten Vanuit externe veiligheid wordt een groot aantal gebruiksfuncties aangemerkt als kwetsbare objecten. Dit betreft woningen, maar ook gebouwen bestemd voor het verblijf van minderjarigen, ouderen, zieken of gehandicapten.

Daarnaast worden ook gebouwen als kwetsbaar beschouwd als daarin doorgaans grote aantallen personen gedurende een groot gedeelte van de dag aanwezig zijn. Ook kampeer- en andere recreatieterreinen worden als kwetsbaar beschouwd als deze bestemd zijn voor het verblijf van meer dan 50 personen gedurende meerdere aaneengesloten dagen. Op risicokaart.nl zijn kwetsbare objecten opgenomen waar sprake is van verminderde zelfredzaamheid of de aanwezigheid van grote aantallen personen.

Grijze milieuthema’s Transport van gevaarlijke stoffen over weg en water Zones rond wegen en vaarwegen

Gevaarlijke stoffen worden o.a. vervoerd met schepen over vaarwegen of met vrachtwagens. Transportroutes waarover grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen worden vervoerd, beschikken over een aantal zones, waarmee in de ruimtelijke planvorming rekening moet worden gehouden. Plaatsgebonden risico Het plaatsgebonden risico geeft de kans weer dat iemand die op een bepaalde plek verblijft komt te overlijden naar aanleiding van een ongeval met gevaarlijke stoffen. In Nederland heeft de overheid bepaald dat die kans niet groter mag zijn dan 1 in 1 miljoen jaar (10-6 /jaar). Kwetsbare objecten, en nieuwe beperkt kwetsbare objecten, zijn binnen deze contour zijn niet toegestaan. Plasbrandaandachtsgebied en vrijwaringszone: Het plasbrand aandachtsgebied is een zone van 30 meter aan weerszijde van een transportroute over de weg. Binnen een plasbrandaandachtsgebied kunnen op grond van het Bouwbesluit 2012 extra bouwkundige voorzieningen worden voorgeschreven om de gevolgen van een plasbrand te beperken. De vrijwaringszone is een zone rond vaarwegen van 10 tot 50 meter, afhankelijk van de vaarweg klasse en de aanwezigheid van risico-verhogende kenmerken zoals havenuitvaarten of vaarwegsplitsingen.

Wanneer er binnen deze zone gebouwd wordt moet in het bestemmingsplan of de ruimtelijke onderbouwing van een omgevingsvergunning gemotiveerd worden waarom het acceptabel is daar te bouwen met het oog op het risico van een plasbrand. Invloedsgebied: gebied waarbinnen de gevolgen van een ramp met gevaarlijke stoffen nog merkbaar is. De grens van het invloedsgebied ligt daar waar de sterftekans 1% is. Als er nieuwbouw komt binnen het invloedsgebied van een transportroute dan moet het groepsrisico verantwoord worden. 200-meterzone: In een zone van 200 meter rondom deze transportroutes is het van belang om bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen na te gaan hoe hoog het groepsrisico is en of er met het oog op dat groepsrisico maatregelen moeten worden getroffen.

Risicokaart.nl

Grijze milieuthema’s Transport van gevaarlijke stoffen over weg Routering gevaarlijke stoffen Door de minister van Infrastructuur en milieu zijn routeplichtige stoffen aangewezen waarvoor een gemeente een routeringsbesluit kan nemen. Wanneer een transporteur dergelijke gevaarlijke stoffen af moet leveren dan dient hij gebruik te maken van de aangewezen route. Als hij hiervan wil afwijken, dan moet hij een ontheffing van de routering aanvragen. De OZHZ behandelt deze aanvragen. Alblasserdam heeft op 27 september 2011 de Route gevaarlijke stoffen Alblasserdam vastgesteld. Daarbij zijn de volgende wegen aangewezen: • Rijksweg A15 vanaf afslag 22 Alblasserdam in oostelijke richting tot aan de gemeentegrens met Papendrecht; • De N915 vanaf de gemeentegrens met Hendrik-Ido-Ambacht, de brug over de Noord en de Grote Beer tot aan de Edisonweg; • De Edisonweg; • De Helling tussen de Edisonweg en de Grote Beer.

Grijze milieuthema’s Transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen Naast het vervoer over wegen en vaarwegen, worden ook stoffen vervoerd via buisleidingen.

In Alblasserdam betreffen dit hogedruk aardgasleidingen van de Gasunie. Met name bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen moet rekening gehouden worden met de aanwezigheid van deze buisleidingen. Er is sprake van een belemmeringenstrook van 5 meter aan beide zijden van een leiding, deze ruimte is gereserveerd voor onderhoud. Daarnaast is er sprake van een invloedsgebied waarbinnen het groepsrisico verantwoord moet worden. Of een ruimtelijke plan mogelijk is binnen een invloedsgebied is mede afhankelijk van de omgeving, in het bijzonder de dichtheid en locatie van populatie. In een aantal gevallen is het plan alleen mogelijk onder bepaalde voorwaarden.

Grijze milieuthema’s Inrichtingen met gevaarlijke stoffen Ten slotte zijn er in Alblasserdam ook nog een aantal inrichtingen met gevaarlijke stoffen. Dit betreft:

•

LPG tankstations;

•

Bedrijven waar vervoerseenheden met gevaarlijke stoffen worden gestald;

•

Bedrijven met een propaantank of zuurstoftank;

•

Een bedrijf met een ammoniak koelinstallatie, en;

•

Gasdruk meet- en regelstations.

Rond de opslagen en installaties met gevaarlijke stoffen liggen plaatsgebonden risico contouren en invloedsgebieden. Ook zijn er een aantal bedrijven buiten de gemeente Alblasserdam waarvan de invloedsgebieden wel over de gemeente vallen. Dit zijn bijvoorbeeld het containertransferium in Ridderkerk en Bolidt kunststoftoepassingen in Hendrik-Ido-Ambacht

Grijze milieuthema’s Geluid Voor geluidemissies geldt feitelijk dat het hinderaspect de meeste effecten veroorzaakt. Nieuwe gezondheidskundige richtlijnen en aanbevelingen van de WHO voor omgevingsgeluid moeten dit voorkomen. Langs veel wegen en spoorlijnen liggen wettelijke geluidzones. Ook rond (zogenaamde gezoneerde) industrieterreinen ligt een wettelijke geluidzone. Voor nieuwe woningen en andere geluidgevoelige gebouwen binnen zo’n zone, mag de geluidbelasting niet hoger zijn dan de zogenaamde 'ten hoogst toelaatbare geluidbelasting' (voorkeursgrenswaarde) de beoordeling van de geluidbelasting door niet gezoneerde bronnen in het kader van een goede ruimtelijke ordening. Dit betreft onder meer het verkeer op 30 km per uur wegen en de scheepvaart over (drukke) vaarwegen waar in de praktijk ook regelmatig geluidoverlast op te treden. Geluidhinder van bedrijven wordt (nog) bepaald door het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) en maximale geluidniveaus (LAmax). Voor windturbines geldt een aparte normering. Langdurige blootstelling aan hoge geluidniveaus geeft kans op (ernstige) hinder, slaapverstoring, verhoging bloeddruk en bij hoge niveaus (>55 dB(A)) ook hart- en vaatziekten. Bij gezoneerde terreinen is de geluidbelasting van alle bedrijven samen op de zonegrens maximaal 50 dB(A).

Op woningen in de zone kan een hogere waarde worden vastgesteld van maximaal 55 dB(A) (in uitzonderingen 60 dB(A)). Bij 50 dB(A) is er 4% ernstig gehinderden en ernstige slaapverstoring treedt op bij 41 dB(A) in de nacht. In de Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen is aan inwoners gevraagd van welke bronnen van geluid zij hinder ervaren. De meest inwoners geven aan geluidshinder te ervaren van wegverkeer (31%) en van buren (30%).

Geoide.nl

Geluidshinder thuis in procenten (2016)

Hoegezondiszhz.nl/databank

Grijze milieuthema’s Geluid Wegverkeer Belangrijk is om te weten dat geluid van wegverkeer niet wordt gemeten maar berekend. Dit omdat gegevens van wegverkeer alleen betrouwbaar zijn als een jaar continue is gemeten. Daarom zijn berekeningen betrouwbaarder dan metingen korte periode. De geluidbelasting als gevolg van wegverkeer wordt uitgedrukt in Lden (Lday-eveningnight), de maat voor de gemiddelde geluidsbelasting over een etmaal. De geluidbelasting 's avonds en 's nachts wordt hierbij veel zwaarder meegerekend dan die van overdag, omdat het geluid dan hinderlijker is. Lawaai in onze woonomgeving leidt vooral tot hinder en slaapverstoring. Aantal ernstig gehinderden is 9% bij standaard norm van 50 dB(A) etmaalwaarde! Met een aantal gerichte maatregelen zoals het aanbrengen van stil asfalt, het plaatsen van geluidsschermen langs snelwegen en het isoleren van woningen wil de overheid de geluidhinder beheersen of verminderen. Daarnaast maakt de Nederlandse overheid zich in Europees verband sterk voor de aanscherping van geluideisen voor nieuwe voertuigen. Deze (enigszins oude) kaart is opgesteld op basis van gegeven voor lokale wegen en rijkswegen.

Voor de rijkswegen zijn oude verkeersgegevens (2016) gebruikt die eerder gebruikt zijn voor het opstellen geluidbelastingkaarten in het kader van de EU-richtlijn omgevingslawaai Voor Alblasserdam is het niet verplicht om vanuit EU richtlijnen omgevingslawaai geluidbelastingkaarten te maken. Daarom zijn er momenteel alleen oude kaarten beschikbaar, deze kunnen dus niet meer helemaal actueel zijn. De kaart geeft alleen een ruwe indicatie van de geluidkwaliteit en is niet geschikt om geluidniveaus in het kader van de normstelling uit de Wet Geluidhinder te kunnen toetsen aan 'de geluidbelasting op de gevel'.

atlasleefomgeving.nl

Grijze milieuthema’s Geluid Vlieg- en railverkeer Geluid van vlieg- en railverkeer speelt in Alblasserdam nauwelijks een rol. Het geluid van railverkeer stopt voor het Alblasserdam bereikt. In dit gebied gaat de Betuwelijn namelijk ondergronds.

Grijze milieuthema’s Geluid Gezoneerde industrieterreinen In de Wet geluidhinder wordt beschreven aan welke regels voldaan moet worden om een industrieterrein de status 'gezoneerd' te geven (artikel 53). Het doel van zonering is het ruimtelijk scheiden van industrieterreinen waarop bedrijven zijn gevestigd die veel lawaai veroorzaken (de zogenaamde (grote) lawaaimakers) enerzijds en anderzijds woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen. Rondom de gezoneerde terreinen ligt een wettelijke zone. Ter plaatse van de zonegrens en daar buiten mag de geluidbelasting vanwege het industrieterrein niet hoger zijn dan 50 dB(A) etmaalwaarde. Geluidbelasting industrie Ook de geluidbelasting als gevolg van industrie op gezoneerde terreinen is ten behoeve van de EU-richtlijn omgevingslawaai in kaart gebracht. •

Opgemerkt wordt dat bedrijventerreinen als Vinkenwaard niet onder de Wet geluidhinder vallen. Dit terrein staan daarom niet op de kaart. In de toekomst worden in het kader van de omgevingswet worden ze mogelijk wel relevant voor de omgevingsvisie.

Op het industrieterrein is woningbouw niet mogelijk. In de zone van het industrieterrein is woningbouw onder voorwaarden wel mogelijk.

Grijze milieuthema’s Geluid Stiltegebieden Op de kaart zijn de stiltegebieden aangegeven. In een stiltegebied zijn alleen geluiden toegestaan die bij het gebied horen, zoals bijvoorbeeld het geluid van een tractor. Er wordt van uitgegaan dat de geluidbelasting lager zal zijn dan 40 decibel. Zulke gebieden zijn dicht bij de bebouwde kom te vinden, maar ook in een stad. Circa 650 duizend hectare van Nederland is aangewezen als stiltegebied. Ruim de helft hiervan ligt in de Waddenzee en de Zeeuwse wateren. Relatie met gezondheid Mensen krijgen steeds meer behoefte aan plekken waar nog rust heerst. Stille groene gebieden kunnen mensen helpen om te herstellen van stress.

atlasleefomgeving.nl

Grijze milieuthema’s Geur Gezondheidsmonitor In de Gezondheidsmonitor Volwassen en ouderen (2012) is aan inwoners (19 jaar en ouder) gevraagd van welke bronnen van geur hinder wordt ervaren. De geurhinder van riolering/zuivering wordt in Alblasserdam het vaakst genoemd (7%), gevolgd door geurhinder van bedrijven/industrie (6%) en geur van openhaard/allesbranders/andere houtkachel (5%).

(Ernstige) geurhinder thuis in procenten (2012)

Hoegezondiszhz.nl/databank

Grijze milieuthema’s Luchtkwaliteit Door verkeer, industrie, landbouw en huishoudens komen verontreinigende stoffen zoals fijn stof en stikstofdioxide in de lucht. De concentratie van vervuilende stoffen in de Nederlandse lucht nam de afgelopen decennia af, omdat veel bedrijven en ook wegverkeer schoner zijn geworden. Ondanks die verbetering brengt luchtverontreiniging nog steeds schade toe aan natuur en de gezondheid van mensen. Blootstelling aan fijn stof, stikstofoxiden en ozon kan gezondheidsschade veroorzaken, met name het ontstaan en verergeren van aandoeningen van hart- en vaatstelsel en luchtwegen en longen. De Gezondheidsraad schat dat concentraties fijn stof, stikstofdioxide en ozon tot 12.000 vroegtijdige sterfgevallen per jaar leiden. In de natuur bedreigt luchtverontreiniging de diversiteit aan planten- en dierensoorten.

atlasleefomgeving.nl

atlasleefomgeving.nl

atlasleefomgeving.nl

atlasleefomgeving.nl

Monitoring RIVM Het RIVM meet en presenteert samen met andere overheden de luchtkwaliteit in Nederland. Met behulp van modellen berekent het RIVM de luchtkwaliteit op iedere plek in Nederland. De modellen worden daarbij met de meetgegevens geijkt. Op de kaarten zijn de resultaten weergegeven van fijn stof-concentraties van PM2,5 , PM10 en roet en de NO2-concentraties in 2016. Deze kaarten tonen de jaargemiddelde concentraties in Alblasserdam

Grijze milieuthema’s Luchtkwaliteit In Europees verband zijn afspraken gemaakt over de luchtkwaliteit. Veel van de wettelijke normen komen direct uit Europese richtlijnen. In de Nederlandse wetgeving zijn ze vastgelegd in de Wet milieubeheer. Voor fijn stof zijn verschillende grenswaarden vastgesteld, voor roet (nog) niet. Voor fijn stof PM10 is bepaald dat de concentratie gemiddeld per jaar niet hoger mag zijn dan 40 microgram per kubieke meter (µg/m³). Voor en PM2,5 is dit 25 (µg/m³). Voor stikstofdioxide is de grenswaarde 40 µg/m3 per jaar. Voor PM10 is er tevens een EU-norm voor de daggemiddelde concentratie van 50 µg/m3. Deze mag maximaal 35 dagen per jaar worden overschreden. Deze dagnorm komt ongeveer overeen met een jaargemiddelde concentratie van 32,5 µg/m3. Als de grenswaarde wordt overschreden moet de gemeente, provincie of het Rijk maatregelen nemen om de niveaus te verlagen. Voorbeelden zijn het verbeteren van de doorstroming op de wegen en instellen van milieuzones. Jaarlijks wordt in het kader van het NSL (Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit) berekend wat de concentraties op toetspunten langs de belangrijkste wegen zijn en vervolgens vergeleken met de wettelijke grenswaarden.

atlasleefomgeving.nl

atlasleefomgeving.nl

Stikstofdioxide Stikstofdioxide, NO2, wordt vooral uitgestoten door het verkeer en is ook een factor voor luchtverontreiniging, maar het effect op gezondheid is minder groot dan van fijn stof en ozon. Blootstelling aan stikstofdioxide (NO2) kan leiden tot een verminderde longfunctie, een toename van luchtwegklachten en astma-aanvallen en een verhoogde gevoeligheid voor infecties. Op de kaart is te zien dat op de wegen, waarvoor jaarlijks het te verwachten gehalte aan stikstofdioxide berekend wordt, het gehalte in 2020 beneden de 36 µg/m³ ligt. Hiermee wordt voldaan aan de EU-grenswaarde voor luchtkwaliteit.

atlasleefomgeving.nl

atlasleefomgeving.nl

Grijze milieuthema’s Luchtkwaliteit Fijn stof Fijn stof in de lucht is de belangrijkste veroorzaker van gezondheidsproblemen door luchtverontreiniging. Fijn stof bestaat uit heel kleine deeltjes, die in de longen kunnen doordringen. Hoe kleiner de deeltjes, hoe dieper ze doordringen. Blootstelling aan fijn stof kan tot effecten op longen en luchtwegen, hart- en vaataandoeningen en vroegtijdige sterfte leiden. Het verkeer, landbouw, scheepvaart en de industrie veroorzaken het meeste fijn stof. Een open haard, barbecue of allesbrander zorgt echter ook voor fijn stof in de lucht. De hoeveelheid fijnstof die door menselijk handelen in het buitenland onze lucht binnenkomt, is groter (40-45%) dan de hoeveelheid fijnstof uit alle Nederlandse bronnen samen (ongeveer 15%). Vooral de bijdrage vanuit de Europese industrie is omvangrijk. Omgekeerd dragen Nederlandse emissies weer bij aan fijnstofblootstelling in het buitenland. Overigens is vooralsnog 35-40% van de concentraties fijnstof niet toe te wijzen aan specifieke, menselijke activiteiten. Met fijn stof worden alle stofdeeltjes in de lucht bedoeld. Het is een verzamelnaam van deeltjes van verschillende grootte, tot maximaal 10 micrometer (µm) doorsnede.

Deeltjes bestaand uit reactieproducten van zwaveldioxide, stikstofoxiden en ammoniak vormen het grootste deel, ook elementair koolstof en koolstofverbindingen dragen bij aan fijn stof.

atlasleefomgeving.nl

atlasleefomgeving.nl

De twee belangrijkste "maten" voor fijn stof zijn PM10 (Particulate Matter, fijn stof dus, met een grootte tot 10 micrometer) en PM2,5 (fijn stof met een grootte tot maximaal 2,5 micrometer). PM2,5 is daarom een deel uit de fractie PM10. De kleinste fractie bestaat uit ultrafijn stof (PM0,1) en is zo licht dat deze niet als massa gemeten kan worden. Deze deeltjes worden geteld. Met name bij drukke wegen is deze fractie aan de orde. Fijn stof bestaat voor enkele procenten uit roet. Uit onderzoek blijkt dat juist deze component de meeste milieu- en gezondheidsschade kan veroorzaken. Met de term 'roet' wordt een combinatie van koolstof en koolstofverbindingen bedoeld. Deze komen vooral vrij bij de verbranding van fossiele brandstoffen (dieselmotoren) en organisch materiaal (biomassa, bosbranden). Roet bestaat voor een groot deel uit ultrafijn stof. Door het schoner worden van het verkeer neemt de relatieven bijdrage van houtstook toe. De gegevens op de kaarten zijn afkomstig uit de Atlasleefomgeving. Het RIVM maakt deze kaarten speciaal voor de Atlas door de grootschalige GCN-kaart te combineren met lokale verkeersgegevens vanuit de NSLkaart. De concentraties op deze kaarten zijn getoond op woningniveau.

De op deze kaarten gegeven beelden zijn indicatief en geen vervanging voor de officiële concentraties van het NSL Op de kaarten is te zien dat op de wegen, waarvoor jaarlijks het te verwachten gehalte aan fijn stof berekend wordt, het gehalte aan fijn stof in 2020 voor resp. PM10 en PM2,5 beneden de 32,5 en 20 µg/m³

atlasleefomgeving.nl

atlasleefomgeving.nl

Grijze milieuthema’s Luchtkwaliteit WHO-advieswaarden De World Health Organisation (WHO) stelt voor de buitenlucht zogenaamde Air Quality Guidelines op. Deze WHO-advieswaarden zijn gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek naar de gezondheidseffecten van blootstelling aan luchtverontreiniging. Echter ook onder deze advieswaarden zijn effecten op de gezondheid waargenomen. Algemeen wordt aangenomen dat er geen niveau (drempelwaarde) is waaronder geen gezondheidseffecten zullen optreden. Elke verbetering van de luchtkwaliteit levert gezondheidswinst op. De WHO advieswaarden voor fijn stof liggen lager dan EU-grenswaarden. WHO adviseert een waarde van 20 µg/m³ voor de jaargemiddelde concentratie van PM10 en van 10 µg/m³ voor de jaargemiddelde concentratie van PM2,5. De WHO hanteert voor NO2 de EUgrenswaarde. atlasleefomgeving.nl

atlasleefomgeving.nl

Actieprogramma luchtkwaliteit: Samen sterk voor schone lucht De gemeente Alblasserdam heeft een actieprogramma opgesteld om de luchtkwaliteit in de gemeente te verbeteren. Het doel is om in 2030 te voldoen aan de WHO-advieswaarden. Het actieprogramma rust op 3 pijlers: bewustwording, lokale acties en lobbyen. Ten eerste moeten burger, bedrijven en andere organisaties bewust worden gemaakt van de invloed die zij kunnen uitoefenen op de luchtkwaliteit. Vervolgens worden lokale acties opgezet om de luchtkwaliteit in de gemeente te verbeteren; alle kleine beetjes helpen om de kwaliteit te verbeteren. Als laatste wordt er bij verschillende organisaties en omliggende gemeentes gelobbyd om samen te werken aan de verbetering van luchtkwaliteit; samen bereik je meer. Kansen Betrek luchtkwaliteit bij alle nieuwe ontwikkelingen, bijvoorbeeld bij bouw van huizen. Hoe zou de overlast van houtstook beperkt kunnen worden? Misschien houtstookvrije wijk bouwen. atlasleefomgeving.nl

atlasleefomgeving.nl

Grijze milieuthema’s Luchtkwaliteit De Gezondheidsraad heeft een ‘gevoelige bestemmingenbeleid’ bepleit, om gezondheidseffecten van luchtverontreiniging te beperken. Het doel van dergelijk beleid is om de leefomgeving zodanig in te richten dat langdurig verhoogde blootstelling aan luchtverontreiniging zo veel mogelijk wordt voorkomen, in het bijzonder bij hooggevoelige groepen. Hooggevoelige groepen zijn kinderen, ouderen en mensen met luchtwegproblemen (vooral astmapatiënten). Gevoeligebestemmingenbeleid kan bijvoorbeeld inhouden dat er geen kinderdagverblijven, scholen of woonzorgcentra mogen worden gebouwd langs drukke wegen en binnen bepaalde zones rond snelwegen. Omgekeerd zou bij de aanleg van wegen rekening moeten worden gehouden met de aanwezigheid van gevoelige bestemmingen. Op deze manier kunnen de gezondheidsrisico’s voor hooggevoelige groepen die wonen of verblijven in situaties met een lokaal verhoogde luchtverontreiniging worden beperkt. Op 16 januari 2009 is het Besluit gevoelige bestemmingen in werking getreden. Met deze AMvB wordt de vestiging van zogeheten ‘gevoelige bestemmingen’ zoals scholen, kinderdagverblijven, en verzorgings-, verpleeg- en bejaardentehuizen in de nabijheid van provinciale en rijkswegen beperkt. Dit heeft consequenties voor de ruimtelijke ordening.

Woningen, kantoren of ziekenhuizen zijn niet gedefinieerd als 'gevoelige bestemmingen' in het kader van de luchtkwaliteit. De gevoelige bestemmingen mogen niet gerealiseerd worden binnen 300 meter (aan weerszijden) van een Rijksweg of binnen 50 meter van een provinciale weg (gemeten vanaf de rand van de weg), als er sprake is van (dreigende) overschrijdingen in het gebied. Bij uitbreidingen van bestaande gevoelige bestemmingen is een eenmalige toename van maximaal 10% van het totale aantal blootgestelden toegestaan. Vanuit het oogpunt voor de gezondheid is het hierbij aan te bevelen ook de strengere normen vanuit de World Health Organisation (WHO) te betrekken.

Grijze milieuthema’s Bodem Bodemsoorten De volgende kaart geeft weer welke bodemsoorten er in Alblasserdam te vinden zijn.

atlasleefomgeving.nl

Grijze milieuthema’s Bodem Bodemkwaliteit – algemeen Op bijgaande kaart is de algemene chemische bodemkwaliteit aangegeven (‘bodemkwaliteitskaart”). Dit is de gemiddelde kwaliteit van onverdachte locaties. Van belang hierbij is, dat mogelijke (punt)verontreinigingen niet zijn opgenomen in de kaart. Deze kaart is een hulpmiddel bij het vinden van bestemmingen voor bij grondwerk vrijkomende grond. Daarnaast geeft de kaart een algemeen beeld van de bodemkwaliteit. De zones op de kaart zijn tot stand gekomen op basis van verschillen in bodemopbouw, historisch en huidig bodemgebruik en chemische kwaliteit. De volgende stoffen zijn opgenomen in de kaart: arseen, koper, cadmium, lood, zink, kwik, chroom, nikkel en polycyclische aromaten (PAK, een groep van 10 stoffen). Voor minerale olie is regionaal een achtergrondgehalte van 100 mg/kg vastgesteld.

Bij grondverzet is het van belang dat de grond die toegepast wordt van vergelijkbare of betere kwaliteit is, zodat de bodemkwaliteit niet slechter wordt. Onderscheiden worden de klassen achtergrondwaarde (schoon), wonen (licht verontreinigd) en industrie (matig verontreinigd).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.alblasserdam.nl/api/v1/meetings/144/documents/2493