CConstaterende datAalten
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarstukken 2023

Gemeenteraad 2 juli 2024, gemeente AaltenBij agendapunt: Voorstel tot vaststellen van de Jaarstukken 202342.699 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

Na de afronding van het scanproces van de huidige aktes worden de bestanden intern toegankelijk gemaakt. Facilitaire Zaken In 2023 is de aanbesteding voor het nieuwe schoonmaakcontract van de gemeentelijke accommodaties opgestart. De aanbesteding wordt voorbehouden aan bedrijven met een PSO 30+ certificaat. PSO staat voor Prestatieladder Socialer Ondernemen. Dat is een certificaat dat inzichtelijk maakt welke bedrijven meer dan gemiddeld mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt een kans geven. Gebouwenbeheer De eerste stappen zijn gezet om de duurzaamheid van gemeentelijke gebouwen in kaart te brengen. Hiervoor is deelgenomen aan het project Klimaat klaar van de provincie Gelderland. Daarnaast is er gestart met een project rondom het monument Hoeve de Ahof om duurzaamheid en gebruik beter op elkaar af te stemmen. De locatie Hofstraat is in 2023 geheel voorzien van ledverlichting. Op diverse locaties is er schilderwerk uitgevoerd, waarvan onze locatie aan de Markt wel het meest in het oog springt. Informatiebeheer/bouwvergunningen Eind 2023 zijn de bouwvergunningen van de voormalige gemeenten Aalten en Dinxperlo tot en met 2004 alsook de bouwvergunningen van de nieuwe gemeente Aalten van 2005-2010 overgedragen aan het Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers. Overdracht betekent ook dat de vergunningen openbaar zijn geworden.

De vergunningen zijn inzichtelijk via de website van het Erfgoedcentrum. Burgers en bedrijven kunnen zich daar vervoegen voor een kopie van een bouwvergunning of tekening of deze in de studiezaal inzien. In 2024 wordt gewerkt aan de overdracht van de overige archieven tot en met 2005. Datalab GO! Datalab heeft in de volle breedte aan haar ontwikkeling gewerkt. Medewerkers van de gemeenten zijn via werksessies en kwartaalrapportages geïnformeerd over de ontwikkelde informatieproducten en gebruik ervan bij eigen projecten en beleidsvraagstukken. De reguliere leergangen en webinars hebben ook in 2023 plaatsgevonden en zijn aangevuld met cursussen Power BI en vervolgmodules voor werken met data. Het Datalab heeft van het CBS dit jaar toegang gekregen tot de microdata-omgeving. Daarnaast sluit het via een samenwerkingsovereenkomst aan bij de community van gemeenten die aan vraagstukken op het gebied van microdata werken. De eigen dataproducten zijn doorontwikkeld. Dit betreft met name de onderdelen Klimaat-bestendige groene leefomgeving + Ondermijning. De producten bij sociaaleconomische ontwikkelingen (voorheen ‘Impact van corona’) zijn geactualiseerd. Daarnaast is een nieuw Kerncijferdashboard ontwikkeld en zijn pilots rondom ‘energietransitie’ en ‘wonen’ gestart.

Tot slot is een start gemaakt met het in beeld brengen van gezamenlijke data-vraagstukken om te bepalen waar onderzoek en inkoop gebundeld kan worden. Dit kan voordelen met zich meebrengen.

Programma 3 Bedrijfsvoering

30

Privacy Het voldoen aan de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) is een doorlopend proces. Elk jaar vindt er een toetsing plaats over hoe we het doen op het gebied van de AVG. Deze wordt uitgevoerd door onze FG (Functionaris Gegevensbescherming). Uit de toetsing volgen aanbevelingen die worden opgenomen in een actieplan en daar hebben we in 2023 aan gewerkt. Zo hebben we aan bewustwording gedaan door middel van het plaatsen van berichten op intranet. Ook hebben we presentaties gegeven aan de diverse afdelingen en hebben we nieuwe medewerkers geïnformeerd over privacy en de “Gouden regels gemeente Aalten voor optimale gegevensbescherming”. Daarnaast zijn we begonnen aan het inrichten van een ISMS en PMS (Information Security en Privacy Management Systeem). Het ISMS en PMS helpen ons om de diverse privacyaspecten binnen de organisatie te beheren op respectievelijk het informatiebeveiligingsdeel als het privacydeel. Door het systeem verder te vullen en te optimaliseren voldoen we nog beter aan de AVG. Omgevingswet De Omgevingswet is per 1 januari 2024 in werking getreden. In 2023 hebben we voor de Omgevingswet vooral beziggehouden met het inrichten van de processen omgevingsvergunningen en het testen met het landelijke omgevingsloket, een onderdeel van het Digitaal Stelsel Omgevingswet.

De testen waren erop gericht dat de aanvragen van de burgers en bedrijven via de juiste routeringen in ons systeem komen. Daarnaast zijn er testen uitgevoerd zodat de digitale communicatie met de samenwerkingspartners goed verloopt. Parallel aan dit traject zijn we in 2023 ook aan de slag gegaan met de decentrale regelgeving. De regels van de drank- en horecavergunningen, evenementenvergunningen en de APV maken (nu nog) geen onderdeel uit van de Omgevingswet, maar hebben wel veel te maken met de fysieke leefomgeving. Om dit proces te verbeteren en aan te sluiten op de werkwijze van de omgevingsvergunningen zijn er vraagbomen gebouwd. Dit voor 11 onderdelen. Van evenementen organiseren tot snoeihout verbranden. Maart 2024 zijn deze producten opgeleverd. Cloud In het kader van het hybride werken zien we de tendens dat Citrix (waar al onze applicaties op draaien) wordt vervangen tot applicaties op de laptop. Uiteraard zonder dat de informatieveiligheid in het geding is. Ter voorbereiding hierop zijn veel applicaties in 2023 omgezet naar een andere authenticatiemethode (Entra ID). Ook is in 2023 gestart om ons zaaksysteem Join Zaak en Document naar de cloud te brengen. In Q2 2024 verwachten we dit afgerond te hebben. In 2023 is ons mailsysteem Exchange ook succesvol naar de Microsoft cloud gemigreerd.

Hierdoor kunnen we meer gebruik maken van de nieuwste ontwikkelingen van dit platform. Hybride werken De gemeente Aalten maakt gebruik van Microsoftproducten die ons ondersteunen in het gezamenlijk werken aan projecten en het delen van documenten. Te denken valt aan het actief gebruik maken van Teams, Onedrive, Onenote, Sharepoint. Hiervoor zijn er in 2023 kennissessies gestart en wordt dit in 2024 verder verspreid. Andere manier van bellen Door de introductie van Teams (in de Covid periode) is er voor het brede publiek en medewerkers een andere manier van communiceren ontstaan. Bellen via andere kanalen dan de huidige traditionele telefonie is in opkomst. Hiervoor heeft de VNG samen met de gemeenten in 2023 een gezamenlijke aanbesteding gestart die GT Connect 2 heet. GT Connect 2 is een gezamenlijke aanbesteding waarmee VNG voor gemeenten, diensten en producten in wil kopen als aanvulling op en in koppeling met het bij deelnemende gemeenten al bestaande Microsoft Teams platform. Hiermee wordt de ICT-samenwerking (en dus ook de gemeente Aalten) in staat gesteld om Microsoft Teams in te zetten als telefonieplatform. Eind 2023 is de aanbesteding gewonnen door Vodafone business. Medio 2024 verwachten we de eerste resultaten. WOZ Gemeenten werden in 2023 overspoeld door een groot aantal bezwaarschriften tegen de WOZbeschikkingen.

Dit werd enerzijds veroorzaakt door de grote waardeontwikkeling van woningen in de periode 2022 – 2023 en anderzijds door reclamecampagnes van de zogenaamde No cure No Pay (NcNp) bureaus. Deze spelen handig in op het gevoel dat de burger veel geld kan besparen door een gratis bezwaar via zo’n bureau in te dienen. Deze bureaus leven van de wettelijke kostenvergoeding die een gemeente moet betalen als een bezwaar moet worden toegekend. Om deze bureaus voor te zijn hebben we het voor de burger zo eenvoudig mogelijk gemaakt om zelf bezwaar in te dienen. Dat hebben we gedaan door de burger erop te wijzen dat ze contact met ons op moeten opnemen als er twijfel is over de WOZ-waarde.

Programma 3 Bedrijfsvoering

31

En dat via een e-formulier of QR-code op de aanslag ook een bezwaarschrift ingediend kan worden. En dat dat pas echt ‘gratis’ is. Keerzijde daarvan is dat een groot aantal burgers van deze mogelijkheid gebruik hebben gemaakt. Van de 954 bezwaren in Aalten zijn er 322 (34%) van een NcNp bureau. Landelijk is dat ca 50%. Vanaf 2024 is de wettelijke kostenvergoeding met 75% verlaagd. Hopelijk is daarmee een einde gekomen aan het verdienmodel. 2. Wat waren onze doelstellingen? Thema / Doelstelling Wat hebben we daarvoor gedaan? 1 Dienstverleningsconcept In december is de startnotitie In 2022 is gestart met het pro- dienstverlening via een raadsmeject dienstverleningsconcept. dedeling aangeboden aan de raad. Daarbij wordt gekeken naar hoe In 2024 gaan we starten met een moderne dienstverlening hoort projectgroep om tot een herijking te zijn en hoe we onze burgers van onze dienstverleningsvisie te en ondernemers zo goed mokomen. Dit wordt gekoppeld aan gelijk kunnen bijstaan. het opstellen van een visie toegang tot het sociaal domein. 2 Informatieveiligheid en Priva- Dit geactualiseerde informatiebeveicy Wet ligingsbeleid is eind maart 2023 door Voldoen aan Baseline Informa- het college vastgesteld. Daarnaast tieveiligheid Overheid (BIO) en hebben er in 2023 extra presentaties de Algemene Verordening Ge- over bewustwording informatieveiliggevensbescherming (AVG).

De heid plaatsgevonden. Functionaris Gegevensbescherming voert jaarlijks een toetsing uit in hoeverre wij voldoen aan de regels van de AVG. Aanbevelingen uit deze toetsing worden opgenomen in een actieplan.

3

4

Overgang van Civision MidDe migratie naar de Cloud is afgedelen naar iFinanciën rond. De conversie van de data verOns huidige financiële pakket loopt volgens planning. Civision Middelen is aan vervanging toe. Daarvoor heeft onze huidige leverancier PinkRoccade het pakket iFinanciën beschikbaar. Dit pakket voldoet aan de laatste technische standaarden en draait tevens in de cloud. Invoeren van SamenhangenDe invoering van de BRK 2.0 is afde objecten-registratie gerond. Het samenbrengen van de basisregistraties WOZ, BAG, Kadaster en BGT op het gebied van data en kaartmateriaal zodat er één samenhangende registratie ontstaat.

Programma 3 Bedrijfsvoering

Wat hebben we bereikt? In december 2023 is een startnotitie opgesteld. Deze is via een raadsmededeling aan de raad verstuurd. In 2024 wordt projectgroep opgestart om tot een herijking van de visie op dienstverlening te komen. Het nakomen en voldoen aan BIO normen voor de informatieveiligheid is een dynamisch proces. Eind maart is het nieuwe informatiebeveiligingsbeleid door het college vastgesteld. Hier wordt ook gerefereerd aan de Bio normensystematiek en vormt een kapstok voor al onze beveiligingsmaatregelen. Daarnaast hebben er in 2023 allerlei testen en checks plaatsgevonden die weer leiden tot bewustwordingscampagnes en verscherpte maatregelen. Migratie naar iFinanciën is afgerond.

R

G

G

De Samenhangende Objecten Registratie (SOR) is een uniforme registratie met basisgegevens over objecten in de fysieke werkelijkheid (BAG, WOZ, BGT). Deze stelselwijziging is nog steeds in ontwikkeling bij het ministerie en de VNG. Als gemeente Aalten bereiden we ons voor op de komst van de Samenhangende Objecten Registratie door de match tussen de objecten via iObjecten te maken en te visualiseren.

32

O

5

Thema / Doelstelling Omzetting en vulling softwarepakketten Omgevingswet De Omgevingswet gaat in per 01-01-2023. Dit betekent dat de softwarepakketten van vergunningsverlening dan verplicht zijn aansloten op het landelijke Digitaal Stelsel Omgevingswet en moeten voldoen aan de eisen van de Omgevingswet.

Wat hebben we daarvoor gedaan? Wat hebben we bereikt? Eerste implementatie van de software van de De Omgevingswet is per 1 G Omgevingsplannen is afgerond. Het omgejanuari 2024 van kracht gevingsplan en het verfijnen van het DSO gaat in worden. De vulling van de 2024 verder. De software is ook zo ingericht pakketten en bouwen van dat deze is te gebruiken voor de op te stellen processen (voornamelijk de Omgevingsvisie. omgevingsvergunningen en decentrale regelgeving) is afgerond. Hier en daar vindt er nog wat "finetuning" plaats.

3. Wat heeft het gekost? bedragen x € 1.000

Primitieve Raming na Werkelijk Werkelijk raming wijziging 2023 2022 Baten Lasten

-62.230 13.188

-74.019 24.845

-74.769 27.415

-65.026 18.246

Totaal saldo van baten en lasten

-49.042

-49.174

-47.354

-46.780

62 202

888 -1.576

1.716 -2.090

858 -2.275

-48.778

-49.862

-47.728

-48.197

Toevoeging en of onttrekking aan reserves Totaal mutaties reserves (verdeeld over programma's) Resultaat

De analyse van de onderlinge verschillen is opgenomen in het tweede deel van dit boekwerk in de toelichting op de programmarekening. 4. Eigen indicatoren Tijdig betaalde facturen 100%

95,00%

94,00%

2021 87,00%

87,00%

Dagen tot betaling

2019

30

25

80%

20 60%

22

23

Gelderland

NL

17

15

40%

10

20%

5

0%

0

Aalten

Regio

Gelderland

Het % facturen dat tijdig is betaald.

Programma 3 Bedrijfsvoering

NL

7

Aalten

Regio

Het gemiddeld aantal dagen tot betaling facturen.

33

Paragrafen

Paragraaf Bedrijfsvoering 1. Organisatiestructuur per 1 januari 2023 Per 1 januari 2023 is de nieuwe organisatiestructuur in werking getreden. De belangrijkste beweegredenen voor deze organisatiewijziging waren: - Meer ruimte voor goede invulling leidinggevende taken. - Voldoende aandacht voor elke medewerker. - De veranderende samenleving. - Invulling geven aan burgerparticipatie. - Meer mogelijkheden voor pro-activiteit. - Meer ruimte voor eigen verantwoordelijkheid. De nieuwe organisatiestructuur bestaat uit een tweehoofdige directie (de gemeentesecretaris/algemeen directeur en de directeur Bedrijfsvoering) met daaronder zes teams. Daarnaast een staf, die alleen nog bestaat uit het taakveld P&O (personeel en organisatie). De teams worden geleid door een teammanager, die hiërarchisch en functioneel leidinggevende is. De teammanagers worden functioneel aangestuurd door de directeur Bedrijfsvoering en hiërarchisch door de gemeentesecretaris/algemeen directeur. De taakverdeling van de directie en het management zijn uitgewerkt in een directiestatuut. In de nieuwe organisatiestructuur worden de integrale advisering, het projectmatig werken en de coördinatie van de raadsprogramma’s verder versterkt door het instellen van een projectenbureau. Dit is vooralsnog een pilot om hiermee ervaring op te kunnen doen.

In de loop van 2024 worden de nieuwe organisatiestructuur en de pilot projectenbureau in overleg met de OR geëvalueerd. 2. Ontwikkelingstraject organisatie Sinds het voorjaar van 2021 loopt er een ontwikkelingstraject binnen de organisatie gericht op een professionele cultuur. Medewerkers worden getraind op de verdere ontwikkeling van een professionele cultuur binnen de organisatie en het geven en ontvangen van feedback. In 2022 en 2023 stond dit ontwikkelingstraject in verband met de aanpassing van de organisatiestructuur voornamelijk in het teken van de training van de teammanagers en P&O-consulenten voor hun nieuwe taken/andere rol. Daarbij kwamen onder meer onderwerpen als de betekenis van een professionele cultuur, het verschil tussen leiderschap en management en leiderschap in een systemische omgeving aan de orde. Verder werd tijdens het ontwikkelingstraject ingegaan op de uitwerking van de kernwaarden van de organisatie. In het eerste halfjaar van 2024 wordt het ontwikkelingstraject vervolgd en afgesloten met een programma voor alle medewerkers. Tijdens teamsessies worden alle medewerkers/teams geïnformeerd over kernwaarden en professioneel gedrag en over feedback geven en ontvangen met social styles. 3. Krapte op de arbeidsmarkt De krapte op de arbeidsmarkt is in het afgelopen jaar verder toegenomen en gaat ook in de komende jaren nadrukkelijk gevoeld worden.

Hoewel we veel vacatures nog goed kunnen invullen, merken we in toenemende mate dat dit bij bepaalde vakgebieden niet meer lukt of langer duurt. Door de grote uitstroom wegens pensioneringen in de gemeentelijke sector neemt de spanning op de arbeidsmarkt alleen maar verder toe. Dit leidt onherroepelijk tot een verdere stijging van de loonkosten door opwaartse druk op de algemene loonontwikkeling in de cao, door druk op de salarisonderhandelingen bij de invulling van vacatures, door individueel rechtspositioneel maatwerk en door kosten van externe inhuur of andere tijdelijke oplossingen. Daarnaast leidt de krappe arbeidsmarkt tot risico’s met betrekking tot de continuïteit en kwaliteit van de dienstverlening aan de inwoners en de gemeenteraad en de tijdige oplevering van producten. Dit is met name het geval als we concessies moeten doen met betrekking tot de kwaliteit bij de invulling van vacatures en als vacatures langer open staan of niet ingevuld kunnen worden. Door een organisatiebrede functiewaarderingsronde willen we ervoor zorgen dat onze primaire arbeidsvoorwaarden actueel en voldoende concurrerend zijn. Daarnaast werken we in het project hybride werken aan modern werkgeverschap door voorstellen te ontwikkelen voor verdere stappen in flexibiliteit, gezonde arbeidsomstandigheden, vitaliteit, duurzaamheid, ontwikkelingsmogelijkheden en betrokkenheid.

Waar mogelijk zetten we daarbij in op verduurzaming van de arbeidsvoorwaarden en aansluiting bij de global goals. 4. Strategische personeelsplanning In de komende vijf jaren verlaten 37 medewerkers (18,2 %) de organisatie wegens pensionering. In de komende 10 jaren gaat het om 72 medewerkers (35,5 %). Deze voorziene uitstroom willen we tijdig en proactief opvangen om de continuïteit en kwaliteit van onze dienstverlening te garanderen. Paragraaf Bedrijfsvoering

35

Hierbij kijken we niet alleen naar één op één vervanging in formatie, maar ook naar de ontwikkelingen in procesoptimalisatie, digitalisering en robotisering. In 2023 zijn we daarom gestart met een nieuwe strategische personeelsplanning 2024-2034, die in de loop van 2024 wordt vastgesteld. In het kader van de planning/fasering van de uitstroom zijn we regelmatig in gesprek met de medewerkers over het in lijn brengen van de individuele wensen en de plannen van de organisatie. We kijken op basis van individueel maatwerk actief naar de mogelijkheden van eerdere pensionering of juist het (eventueel in deeltijd) langer doorwerken na de AOW-datum. Uitgangspunt is dat we zorgdragen voor een goed instroomproces (onboarding) zodat nieuwe medewerkers goed en adequaat worden ingewerkt zonder dat dit ten koste gaat van de continuïteit en kwaliteit van onze dienstverlening. Daarnaast zien we dat de uitstroom naar een andere werkgever toeneemt door de krapte op de arbeidsmarkt. De ontwikkeling van deze uitstroom is moeilijk te voorspellen. In het werving- en selectiebeleid blijven we stevig inzetten op verjonging en een evenwichtiger leeftijdsopbouw. Door een actief beleid met betrekking tot onder andere stageplaatsen, afstudeeropdrachten en deeltijdbanen voor studenten willen we jongeren aan de gemeente Aalten binden.

We zorgen voor een goed netwerk en een goede ingang bij de MBO-instellingen, Hbo-instellingen en universiteiten. We streven naar twee continu/opvolgende stageplaatsen en/of afstudeeropdrachten binnen elk team. Verder hebben we de wens om binnen de organisatie ruimte te bieden voor een traineeship zodra daarvoor financiële ruimte bestaat, bijvoorbeeld binnen het projectenbureau. 5. Organisatiebrede functiewaardering Bij de wijziging van de organisatiestructuur per 1 januari 2023 is afgesproken een organisatiebrede functiewaarderingsronde te houden. Dat is nodig om diverse nieuwe of gewijzigde functies binnen de aangepaste organisatiestructuur te waarderen en om te beschikken over een actueel en concurrerend salarishuis in een krappe arbeidsmarkt. In het afgelopen jaar hebben we overeenstemming bereikt met de OR en met het Lokaal Overleg met de vakbonden over de uitgangspunten van deze organisatiebrede functiewaardering. Ook zijn de voorbereidingen gestart voor de organieke beschrijving van de hoofdtaken van alle medewerkers, als grondslag voor de waardering van de functie. Dit functiewaarderingstraject wordt in de loop van 2024 afgerond. 6. Project hybride werken Vorig jaar zijn wij gestart met het project Hybride Werken.

Doel van het project is enerzijds het organiseren van middelen om het werken op kantoor, thuis of elders te verbeteren en anderzijds te komen tot werkafspraken op welke manier we dit gaan doen Inmiddels hebben we voor de gehele organisatie richtlijnen en werkafspraken uitgewerkt. Je kan dan denken aan richtlijnen die aangeven welke werkzaamheden we thuis kunnen doen, voor welke werkzaamheden we naar kantoor komen of werkzaamheden die ook elders kunnen worden uitgevoerd. Nu we vaker thuis werken en minder op kantoor wordt ook de functie van het kantoor anders. Steeds meer collega’s kiezen (mits dit past binnen je werkzaamheden) om thuis te werken wanneer ze geconcentreerd willen werken. Het kantoor wordt daarmee steeds meer de plek voor samenwerken, overleggen en ontmoeten. Dit vraagt om een andere inrichting van werkplekken. In 2023 zijn we gestart om dit verder uit te werken, waarbij we ook rekening houden met de uitwerkingen van de projecten dienstverlening en toegang sociaal domein. 7. Vitaliteit Binnen onze organisatie worden diverse activiteiten op het gebied van de vitaliteit ontwikkeld door de werkgroep Nog gezonder en vitaler. De doelstelling van de werkgroep is medewerkers bewust te maken van het belang van gezondheid en vitaliteit.

De werkgroep vraagt via intranet aan de hand van maandelijkse thema’s aandacht voor gezondheid en vitaliteit, geeft tips en organiseert diverse clinics en andere activiteiten. De in de maand december gehouden Winterweek heeft de werkgroep verschillende dagdelen met sportieve en vitale activiteiten georganiseerd. In de in het afgelopen jaar gesloten CAO Gemeenten 2024–2025 is geregeld dat gemeenten in overleg met de OR een beleidsplan vitaliteit moeten vaststellen. In dit beleidsplan moet onder andere worden voorzien in een periodieke peiling van de werkdruk en periodiek overleg met de OR over de personele bezetting en eventuele maatregelen tegen (dreigende) onder- en overbezetting. 8. Duurzame mobiliteit Bewust kiezen voor duurzame mobiliteit en daarmee minder broeikasgassen in het verkeer. Dat is het doel van het Besluit CO2-reductie werkgebonden personenmobiliteit dat op 1 juli 2024 in werking treedt. Het besluit komt voort uit het Klimaatakkoord. Met dat akkoord spraken overheden, bedrijven en maatschappelijke organisaties maatregelen af om de CO2-emissies te verminderen. Daarbij hoort verduurzaming van mobiliteit. Een van de afgesproken maatregelen is een wettelijke norm voor werkgevers met 100 of meer werknemers.

Paragraaf Bedrijfsvoering

36

Hiermee moet de CO2-emissie door werkgebonden personenmobiliteit in 2030 met minimaal 1 Mton worden teruggedrongen. Het besluit geeft invulling aan die afgesproken maatregel. Doel daarvan is dat werkgevers bewuste keuzes maken over verduurzaming van hun mobiliteit. Vanaf 1 juli 2024 moeten werkgevers (met 100 of meer werknemers) jaarlijks gegevens bijhouden en rapporteren over de mobiliteit van hun werknemers. Het gaat daarbij om woon-werk en zakelijke mobiliteit. In 2026 evalueert het ministerie van IenW de CO2-reductie die in 2024 en 2025 is behaald. Als organisaties goed op koers liggen, blijft het bij rapporteren. Als het niet lukt, kan vanaf 2028 een wettelijke norm worden ingesteld waarmee slimmer en zuiniger reizen kan worden afgedwongen. Want linksom of rechtsom: de CO2-winst is nodig om de klimaatdoelen te halen. In het afgelopen jaar hebben we binnen het project hybride werken enkele opties voor verduurzaming van het woon-werkverkeer en de zakelijke mobiliteit onderzocht. Tevens hebben we door het regionale initiatief GAON een mobiliteitsscan voor onze organisatie laten uitvoeren. We verwachten in de loop van 2024 concrete voorstellen te ontwikkelen, waarmee we onze voorbeeldrol als overheidswerkgever kunnen invullen. In de Voorjaarsnota 2024 nemen we daarvoor een raming op. 9.

Integriteit In de afgelopen jaren hebben we het beleid met betrekking tot de bestuurlijke en ambtelijke integriteit geactualiseerd en de diverse integriteitsregelingen opnieuw vastgesteld. In 2023 hebben we conform het meerjarige implementatieprogramma diverse bewustwordingsactiviteiten uitgevoerd, onder andere met betrekking tot de melding van nevenfuncties, de melding van financiële belangen en de geschenkenregeling. We vragen van nieuwe medewerkers een verklaring omtrent het gedrag en het afleggen van de eed of belofte tijdens een ceremoniële bijeenkomst. In 2024 wordt specifiek aandacht geschonken aan bewustwordingsactiviteiten met betrekking tot de klachtenregeling ongewenst gedrag, persoonlijk gebruik van gemeentelijke goederen en het omgaan met vertrouwelijke informatie. 10. Arbo en Veiligheid Door een samenloop van omstandigheden (onder andere Corona, het thuiswerken en personele wisselingen) is de aandacht voor de uitvoering van wettelijke verplichtingen met betrekking tot Arbo en Veiligheid in de afgelopen jaren wat weggezakt. In verband hiermee hebben we in het afgelopen jaar een nieuwe werkgroep Arbo en Veiligheid ingesteld, die diverse praktische zaken (BHV-organisatie, interventieteam, oefeningen en trainingen) inmiddels op orde heeft gebracht.

In de loop van 2024 volgen de actualisering van het beleid met betrekking tot Arbo en Veiligheid en de actualisering van de RI&E (risicoinventarisatie en evaluatie). 11.Inkoop Net als in voorgaande jaren is ook in 2023 op inkoop- en aanbestedingsgebied zoveel mogelijk samenwerking gezocht met de Achterhoekse gemeenten. Gezamenlijke aanbestedingen waren er onder andere bij de inkoop van: • Hulp bij Huishouden • Zout Binnen de gemeente Aalten waren ook diverse aanbestedingen onder andere: • Mobiliteitsvisie • Schilderwerk gemeentehuis • Wegenonderhoud wegen & bermen • Asfaltonderhoud • Haalbaarheidsonderzoek ambitieplan Slingeplas • Natuur- en milieueducatie • Levering Carraro en vier elektrische auto’s • Reconstructie Aaltenseweg & Europaweg Eind 2023 is het nieuwe ‘Inkoop- en aanbestedingsbeleid 2023 gemeente Aalten’ vastgesteld door het college. In het nieuwe beleid staat sociaal en duurzaamheid voorop door meer aandacht te vragen voor SROI (Social Return on Investment), SDG’s (Substainable Development Goals), Circulair inkopen en Startup in Residence. De nota ‘Aalten Circulair’, die in voorjaar 2023 vast is gesteld door het college, sluit mooi aan op het inkoopbeleid. Door middel van diverse sessies zijn alle collega’s die dit aanging, geïnformeerd over het nieuwe inkoop- en aanbestedingsbeleid in combinatie met de nota ‘Aalten Circulair’.

Op het gebruik van het ‘Startformulier’ bij aanvang van elke aanbesteding wordt zo goed mogelijk toegezien. Dit formulier, dat al eerder in gebruik werd genomen binnen de gemeente, voorkomt dat we zaken en handelingen vergeten bij de uitvoering van een aanbestedingsprocedure.

Paragraaf Bedrijfsvoering

37

12.Subsidieverwerving Het subsidiejaar 2023 is goed verlopen. De meeste aanvragen worden gedaan bij de Provincie Gelderland, maar ook zijn aanvragen gedaan bij het RVO en het Ministerie van VWS bijvoorbeeld. In totaal is in 2023 € 5.075.000 subsidie aangevraagd, waarvan toegekend € 4.494.000. Het toegekende bedrag loopt niet meer op omdat voor alle subsidies al bekend is of het bedrag is toegekend of niet. Nr 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23

Projecten/regeling Specifieke uitkering Preventieakkoord 2023 Bekostigingsregeling opvang ontheemden Oekraïne (BOOO) Specifieke uitkering stimulering sport (SPUK sport) Specifieke uitkering Nationaal Isolatie Programma (SPUK NIP) Specifieke uitkering clientondersteuning Ondersteuningsbudget Brede SPUK Specifieke uitkering versterking voor sport en bewegen, gezondheidsbevordering, cultuurparticipatie en de sociale basis 2023-2026 (BREDE SPUK) Specifieke uitkering Integraal Zorg Akkoord (IZA) Specifieke uitkering informatiepunten Digitale Overheid Programma Vrijheid regio Achterhoek-Liemers Aanvraag subsidie instandhouding gemeentelijke monumenten Deltaprogramma Zoetwater regio Oost 2022-2027 Implementatie- en opschalingscoaching Ouderen Thuis (ronde 1) SA 2023 Tijdelijke maatregelen fietsveiligheid - opnieuw asfalteren fietsstroken Lichtenvoordestraatweg Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) Subsidieregeling Historische molens en stoomgemalen 2023 Teunismolen de Heurne Voucher ondersteuningsbudget VNG DUMAVA - locatie Hofstraat DUMAVA - locatie Ahof Specifieke uitkering lokale bibliotheekvoorzieningen 2023-2024 SBI subsidie voor Hogestraat 34-36 Steengoed Benutten voor Hogestraat 34-36 Specifieke Uitkering Meerkosten Energie Openbare Zwembaden (MEOZ)

bedragen x € 1.000 Subsidie verstrekker Aangevraagd Toegekend Ministerie van VWS 20 20 Ministerie van Justitie en Veiligheid 1.545 1.545 Ministerie van VWS 87 60 RVO 418 418 Dus-i 50 50 VNG 7 7 Ministerie van VWS 507 507 Ministerie van VWS Ministerie van BZK Provincie Gelderland Provincie Gelderland

254 27 150

0 27 150

34

34

Provincie Overijssel ZonMw Provincie Gelderland

103 10

103 10

28

28

501

501

2

2

10 112 237 88 188 200 497 5.075

10 0 237 88 0 200 497 4.494

RVO Provincie Gelderland VNG RVO RVO Ministerie van VWS Ministerie van BZK Provincie Gelderland Ministerie van VWS

Het totale toegekende bedrag is ongeveer drie miljoen hoger dan dat van 2022, dit heeft vooral te maken met de Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) van € 501.000. Dit budget is bedoeld voor het aanstellen van nieuwe collega’s of tijdelijke inhuur voor het uitvoeren van gemeentelijke klimaat- en energietaken. Ook is de Bekostigingsregeling opvang ontheemden Oekraine (BOOO) van € 1.545.000 een belangrijke subsidiebron. Daarnaast is de gemeente Aalten helaas uitgeloot bij de DUMAVA regeling voor de aanvraag met betrekking tot de locatie Hofstraat, maar is gelukkig wel ingeloot voor de aanvraag met betrekking tot de locatie Ahof wat resulteert in een financiële bijdrage van € 237.000 voor de restauratie en verduurzaming van deze havezate. De gemeente is ook uitgeloot voor de SBI-subsidie voor de Hogestraat, dit verklaart het tweede lege vak onder ‘toegekend’. 13. Rechtmatigheidsverantwoording Uit de rechtmatigheidsverantwoording blijkt dat er geen begrotingsonrechtmatigheden zijn die niet passen binnen het bestaande beleid. Zoals vastgelegd in de verordening financieel beleid, beheer en organisatie gemeente Aalten (artikel 212 Gemeentewet) is er om die reden geen nadere toelichting nodig in de paragraaf bedrijfsvoering. 14.

Uurtarief ten behoeve van doorberekeningen Voor het doorberekenen van diverse werkzaamheden wordt gewerkt met een uniform uurtarief. Er is een berekening gemaakt op basis van de totale loon- en overheadkosten voor het tarief per uur. Dit resulteert in een tarief voor 2023 van € 74. Dit uurtarief wordt gebruikt voor onder meer het bepalen van de legestarieven en voor de toerekening van de kosten aan riolering en afvalverwerking. 15. Verplichte beleidsindicatoren Naam indicator Eenheid Raming na wijziging Werkelijk 1 Formatie fte per 1.000 inwoners 6,94 6,42 2 Bezetting fte per 1.000 inwoners 6,94 6,42 3 Apparaatskosten kosten per inwoner € 721,70 € 703,68 4 Externe inhuur % van totale loonsom 11,55% 11,34% 5 Overhead % van totale lasten 9,60% 10,50%

Paragraaf Bedrijfsvoering

38

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing We maken vanaf 2023 om de vijf jaar een “Nota Weerstandsvermogen” en leiden daaruit onder meer het te voeren beleid en deze paragraaf af. Dat doen we allemaal om ook in de toekomst een gezonde gemeente te blijven. Een gemeente die wat betekent voor haar inwoners. De paragraaf geeft een overzicht van die risico's, waarvoor geen of onvoldoende dekking is gegeven via een verzekering een reserve of een voorziening. Reguliere, veelvoorkomende geringe risico's worden niet opgenomen, daarvoor is de begroting. Van de niet of onvoldoende gedekte risico's wordt via kans en geschatte schade de benodigde weerstandscapaciteit gepresenteerd. Die benodigde capaciteit wordt vergeleken met de aanwezige weerstandscapaciteit. De ratio (in welke vorm dan ook) wordt weerstandsvermogen genoemd. De paragraaf moet daarbij ook aangeven wat het beleid is gericht op de dekking van risico’s, het voorkomen en het oplossen hiervan. De paragraaf weerstandsvermogen geeft dus inzicht in: • De mate waarin de gemeente belangrijke financiële risico’s loopt; • De financiële buffer (weerstandscapaciteit) die zij daarvoor achter de hand heeft. De opzet is veranderd ten opzichte van de voorgaande jaren. De raad speelt een grotere rol bij het bepalen van risico’s bij de voorstellen. En voor de inschatting begint het proces bij de teams en de individuele medewerkers.

Dat is de bron van de risico’s, die worden verzameld in een groslijst. De risico’s boven de € 250.000 staan in deze paragraaf. Daaronder zijn ze zeker ook van belang, maar moeten in de reguliere P&C cyclus worden opgevangen. Voor de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit worden de risico’s met een financieel negatief gevolg als onderstaand meegerekend: 1. Risico’s met een structureel gevolg worden niet afzonderlijk verhoogd met een opslagfactor 2. Er wordt een zekerheidspercentage (kans dat het zich voordoet) van 90% gekozen 3. De uitkomst van de benodigde totale weerstandscapaciteit wordt vermenigvuldigd met 1,5 De weerstandscapaciteit wordt afgezonderd van de algemene reserve, maar blijft wel onderdeel daarvan. Binnen de vastgestelde bandbreedte wijzigt deze niet. Voor een beoordeling van het weerstandsvermogen worden in deze paragraaf de bedoelde risico’s geconfronteerd met de aanwezige weerstandscapaciteit. bedragen x € 1.000

1. Weerstandscapaciteit Met de weerstandscapaciteit worden al die elementen bedoeld waarmee tegenvallers kunnen worden opgevangen, zonder dat het beleid moet worden aangepast. Door de financiële risico's te beheersen en het weerstandsvermogen hierop af te stemmen, moet worden voorkomen dat elke nieuwe financiële tegenvaller dwingt tot bezuinigen. De weerstandscapaciteit wordt onderverdeeld in structurele en incidentele weerstandscapaciteit. De structurele weerstandscapaciteit bestaat uit structurele middelen in de begroting waarmee optredende risico’s kunnen worden opgevangen. De incidentele weerstandscapaciteit bestaat uit vrij besteedbare middelen die eenmalig kunnen worden aangewend. De commissie BBV heeft recent laten weten dat voortaan de reserves van gemeenten ook voor structurele uitgaven ingezet mogen worden. Als gemeente Aalten vinden we dat geen juiste ontwikkeling en doen daar dan ook niet aan mee.

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing

39

Bepaling van de weerstandscapaciteit Incidentele weerstandscapaciteit Rekeningresultaat Het positieve resultaat Vrij aanwendbare algemene reserve De algemene reserve is de reserve waaraan de raad geen specifieke bestemming heeft gegeven en die een financiële bufferfunctie heeft. Op 31-12-2023 bedraagt deze € 10.065.000 + € 6.000.000 wat is afgezonderd voor de reserve risico’s. Op dit moment is al € 1.203.000 bestemd voor geplande uitgaven. Bestemmingsreserves Deze reserves zijn beklemd maar kunnen in geval van hoge nood wel ingezet worden. Stille reserve-effecten De stille reserve in deze financiële vaste activa wordt niet meegenomen in de berekening, omdat de verhandelbaarheid van deze aandelen (Alliander, Vitens, BNG en ROVA) zeer beperkt is. Stille reserve activa Deze stille reserve bestaat uit de bezittingen waarvan de waarde bij verkoop hoger is dan de boekwaarde. Op basis van ervaring zetten we een derde deel in. Totaal incidentele weerstandscapaciteit Structurele weerstandscapaciteit Onbenutte belastingcapaciteit

Hieronder wordt voor de OZB de ruimte opgenomen die er is tussen onze eigen tarieven en de normtarieven voor de zogenaamde artikel 12 gemeenten. De overige belastingen/heffingen zijn kostendekkend of van geringe betekenis. Aangezien geen rente meer toegevoegd wordt aan de reserves is inzet niet mogelijk.

2.279 14.862

11.815 0

986

29.942

2.953

Rentebaten algemene reserve vrij besteedbaar Onvoorzien (structureel) Totaal structurele weerstandscapaciteit

0 350 3.303

Totaal beschikbare weerstandscapaciteit

33.245

2. Risico’s Het hebben van risico’s is inherent aan het uitoefenen van een organisatie zoals een gemeente. Het is echter van belang deze risico’s te kennen en hier goede maatregelen voor te treffen (verzekeren) dan wel risico’s te wegen bij het aangaan ervan of hier tijdig op in te spelen. Een overzicht van de risico’s wordt steeds geactualiseerd. De basis daarvoor zijn de teams en de medewerkers. Alle risico’s worden beschreven en gekwantificeerd in een groslijst. De grootste risico’s, boven de € 250.000 worden afzonderlijk genoemd in deze nota. Bij een zekerheidsniveau van 99% is de aan te houden reserve voor de gemeente Aalten volgens de nieuwe berekening € 6 miljoen. Dit houdt in dat, als de gemeente Aalten dit bedrag als reserve op haar balans aanhoudt, zij in 99 van de 100 jaar voldoende reserves heeft om de schades op te vangen, maar in één jaar is er niet genoeg. In de begroting zijn de meest actuele risico’s opgenomen.

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing

40

Risico’s boven de € 250.000 Budgettaire tekorten bij (verbonden) partijen waar door de gemeente uitbestede gemeentelijke taken zijn neergelegd. Integriteits/intimidatie/grensoverschrijdende problemen Virusaanvallen op ICT-gebied/ Hacks/ Thuiswerken/Datalekken Natuur en flora, klimaat, milieuproblemen, rampen Budget Sociaal Domein

Huisvesting vluchtelingen breed Raadsleden/collegeleden

Wachtgeld wethouders: bij stoppen 1 of meerdere wethouders ongeacht reden. Arbeidsongeschiktheid medewerkers Algemene uitkering gemeentefonds, diverse subsidieregelingen

Mogelijk gevolg Politieke druk om financiële steun te bieden of mee te moeten in een bij meerderheid genomen Regio-besluit Gevolgschades Dataverlies en herstelkosten Mogelijke afkoopsom Gevolgschades Weersinvloeden, droogte bomen, drugsafval, exoten ed. en overige calamiteiten boven de verzekerde waarde Overschrijding budget, korting Rijk Beleidsaanpassingen Energiebijdragen, prijscompensatie ed. Tekort opvang Extra aanwijzingen Rijk Onverwachte bestuursopdrachten waarvoor geen of onvoldoende gelden beschikbaar zijn/ grondslagen ontbreken Uitvoering raadsprogramma Voor zittende wethouders mag volgens het BBV geen voorziening meer bestaan. Verkeerde berekeningen, interpretatie verschillen, te late rapportages ed.

Totaal van de risico’s boven de € 250.000

250

250 1.000

250

1.000

250 250

500

250

4.000

Het terugbrengen van de reserves naar dit niveau is niet wenselijk, aangezien er niet voorzienbare toekomstige ontwikkelingen zijn die mogelijk leiden tot additionele risico’s in de toekomst. Een aanvullende buffer is daarom gewenst, onder meer voor belangrijke onverwachte gebeurtenissen. Deze noodzakelijke buffer is op basis van ervaring (eigen en gebruikelijke) opgenomen tegen een factor van 1,5. Dat is € 2.000.000. Totaal zijn de ingeschatte risico’s dan een bedrag van € 6.000.000. 3. Weerstandsvermogen Het vermogen van een gemeente om tegenvallers op te vangen zonder dat de continuïteit van deze gemeente in gevaar komt. Dit wordt uitgedrukt als de verhouding tussen de beschikbare en de benodigde weerstandscapaciteit. Het weerstandsvermogen is van belang voor het bepalen van de gezondheid van de financiële positie van onze gemeente voor het begrotingsjaar, maar ook voor de meerjarenraming. Ratio weerstandsvermogen 2023 =

Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandscapaciteit

Weerstandscapaciteit, incidenteel Weerstandscapaciteit, structureel Totaal beschikbare weerstandscapaciteit

29.942 3.303 33.245

Gekwantificeerde risico’s Factor 1,5 Totale benodigde weerstandscapaciteit

4.000 2.000 6.000

Saldo/overschot Ratio onder andere gehanteerd door provincie

27.245 5,54

>2 = Uitstekend 1,4 - 2,0 = Ruim voldoende

1,0 - 1,4 0,8 - 1,0

= Voldoende = Matig

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing

0,6 - 0,8 < 0,6

= Onvoldoende = Ruim onvoldoende

41

De uitkomst van de ratio is nu 5,54 en is anders dan de 1,24 van vorig jaar. Dit komt door de nieuwe opzet in de nota Weerstandsvermogen en Risico’s. De bestemmingsreserves worden nu ook meegenomen en in plaats van een percentage van de omzet, geldt nu een factor van 1,5 op de risico’s. De beschikbare weerstandscapaciteit is ruim € 33 miljoen. Hierbij moet opgemerkt worden dat deze ratio altijd een momentopname betreft. De ratio lijkt en is mooi, maar de solvabiliteit van de gemeente houdt nog niet over, zie ook onderstaand. In de nota wordt dan ook gesteld dat hier de komende jaren aandacht voor moet zijn en blijven. We streven naar een getal boven de 50% voor de solvabiliteit. Kengetallen Onderstaande kengetallen helpen bij het verkrijgen van inzicht in de financiële positie van een gemeente. Deze kengetallen geven aan hoe we er als gemeente voor staan. De categorieën zijn gebaseerd op de norm van de provincie (groen is voldoende, oranje matig en rood onvoldoende). Verplicht voorgeschreven kengetallen 1a. Netto schuldquote (NS) 1b. NS gecorrigeerd voor alle leningen 2. Solvabiliteitsratio 3. Structurele exploitatieruimte 4. Grondexploitatie 5. Belastingcapaciteit 6. Liquiditeit

Werkelijk Raming Werkelijk 2022 2023 2023 33,7% 48,3% 25,7% 21,7% 42,6% 14,5% 36,7% 26,7% 35,0% 0,3% 0,7% 0,9% 0,5% 0,5% 0,1% 73,9% 72,4% 69,1% 1,14 0,73 1,01

Norm Categorie A Categorie B 1a. Netto schuldquote (NS) tot 90% tussen 90% tot 135% 1b. NS gecorrigeerd voor alle leningen tot 90% tussen 90% tot 135% 2. Solvabiliteitsratio hoger dan 50% tussen 20% tot 50% begroting en meer- begroting of meerja3. Structurele exploitatieruimte jaren hoger dan 0% ren hoger dan 0% 4. Grondexploitatie tot 20% tussen 20% tot 35% 5. Belastingcapaciteit tot 95% tussen 95% tot 105% 6. Liquiditeit hoger dan 1 tussen 1 en 0,5

Categorie C hoger dan 135% hoger dan 135% kleiner dan 20% begroting en meerjaren kleiner dan 0% hoger dan 35% hoger dan 105% kleiner dan 0,5

We hebben in 2023 geen kengetallen die onvoldoende zijn. De solvabiliteitsratio geeft weer in hoeverre gemeentelijke bezittingen met eigen middelen betaald zijn. Voor de solvabiliteit zitten we rond het Gelders gemiddelde en daarmee valt de ratio in het midden van categorie B. Dat is aan de lage kant. Nieuw is het kengetal liquiditeit, dat aangeeft dat de gemeente Aalten goed liquide is. Kanttekening is, net als bij het weerstandsvermogen, bij de kengetallen dat het momentopnames zijn en blijven.

Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing

42

Paragraaf Lokale heffingen De inkomsten van een gemeente komen uit diverse bronnen, waar de gemeentelijke belastingen en heffingen een relatief beperkt onderdeel van zijn. Deze inkomsten bestaan uit belastingen (OZB, hondenbelasting, toeristen- en forensenbelasting) en retributies of rechten (afvalstoffenheffing, rioolheffing en leges). Gemeenten zijn in hoge mate zelfstandig in hun belastingheffing. Daarom vormt de belastingheffing een integraal onderdeel van het gemeentelijk beleid. Hieronder volgt een overzicht van de lokale belastingen en heffingen. Een aanduiding van de lokale lastendruk is van belang voor de integrale afweging tussen beleid en inkomsten. Een beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid maakt het beeld van de lokale lasten compleet. WOZ-beschikking De WOZ-waarde van woningen en niet-woningen wordt jaarlijks opnieuw vastgesteld, waarbij het peiljaar telkens een jaar opschuift. Voor 2023 geldt de waarde op 1 januari 2022. In het jaar 2023 zijn 13.888 WOZbeschikkingen verstuurd en daartegen zijn 954 bezwaarschriften ingediend. Dit is circa 6,9% van het totaal. Het gemiddeld aantal bezwaarschriften in de jaren daarvoor bedroeg 201 stuks (1,5%). De toename wordt deels toegeschreven aan de ‘no cure no pay’ bureaus die met een doelgerichte reclamecampagne actief waren.

Daarnaast hebben wij de mogelijkheid om bezwaar te maken heel erg laagdrempelig gemaakt door e-formulieren op de website en QR code op het aanslagbiljet. Het landelijk gemiddeld aantal bezwaarschriften bedraagt in 2023 7,2% (was 3,1% in 2022). Tarieven belastingen en heffingen Vanaf 2020 is een benchmark woonlasten ingevoerd om jaarlijks de ontwikkeling van lokale lasten inzichtelijker te maken en een gematigde lastenontwikkeling te borgen. De benchmark vergelijkt voor alle gemeenten binnen een provincie de hoogte van de woonlasten voor meerpersoonshuishoudens met een koopwoning. Dit geeft meer inzicht in de hoogte van de eigen lokale lasten ten opzichte van andere gemeenten, zodat hiermee bij de te maken keuzes rekening gehouden kan worden. Voor het jaar 2023 is de totale OZB-opbrengst niet verhoogd. De tarieven voor de afvalstoffenheffing konden wederom vanwege een onttrekking uit de voorziening ook ongewijzigd blijven. De rioolheffing is verhoogd met 1,5%. In 2023 is de eerste fase (van vier) van de afschaffing van de hondenbelasting ingegaan en is het tarief met 25% verlaagd. Alle andere tarieven voor leges en belastingen zijn met 3,0% verhoogd. Belastingopbrengsten De primitief geraamde en werkelijke opbrengsten zijn: bedragen x € 1.000

Belastingsoort Onroerende zaakbelasting, eigenaar Onroerende zaakbelasting, gebruiker Afvalstoffenheffing Rioolheffing Hondenbelasting Toeristenbelasting Forensenbelasting Totaal

Geraamde opbrengst 2023 4.651 669 1.465 1.935 128 130 101 9.079

Werkelijke opbrengst 2023 4.640 668 1.432 1.915 127 150 98 9.030

Werkelijke opbrengst 2022 4.604 662 1.451 1.911 175 117 100 9.020

Ten tijde van de vaststelling van de tarieven zijn vaak niet alle gegevens voorhanden. Daarom wordt bij de berekening van de tarieven een zo goed mogelijke inschatting gemaakt. Hierdoor kan in de praktijk de werkelijke opbrengst afwijken van de geraamde opbrengst. Deze zijn bij Voor- of Najaarsnota 2023 al bijgesteld. Ook bij de analyse van de budgetten is een verklaring van de verschillen tussen de geraamde en de werkelijke opbrengst gegeven.

Paragraaf Lokale heffingen

43

Lasten- en batenoverzicht van de kostendekkende tarieven De tarieven voor de afvalstoffenheffing, rioolheffing, lijkbezorgingsrechten, marktgelden en leges zijn zo vastgesteld dat de opbrengsten de kosten voor het verlenen van de diensten niet overschrijden. Hieronder staan de werkelijke bedragen ten opzichte van de bedragen uit de primitieve begroting 2023. bedragen x € 1.000 Primitieve Jaarrekening begroting 2023 2023 Afvalstoffenheffing Bedrag Dekking Bedrag Dekking Lasten afvalstoffenheffing 1.271 1.362 Overhead (inclusief btw) 396 282 Onttrekking voorziening -197 -197 Totale kosten 1.470 1.447 Opbrengst afvalstoffenheffing Totale opbrengsten Dekking

Lijkbezorgingsrechten Lasten begraafplaats Overhead Totale kosten

1.470

1.447

1.470

1.447

Dekking

311

271

311

271 82%

Rioolheffing Lasten riolering Overhead (inclusief btw) Toevoeging voorziening Totale kosten Opbrengst rioolheffing Totale opbrengsten

100% 100% Primitieve Jaarrekening begroting 2023 2023 Bedrag Dekking Bedrag Dekking 266 261 113 106 379 367

Opbrengst lijkbezorgingsrechten Totale opbrengsten

Primitieve Jaarrekening begroting 2023 2023 Bedrag Dekking Bedrag Dekking 1.461 1.359 486 466 81 92 2.028 1.917

Dekking

1.917

2.028

1.917

100% 100% Primitieve Jaarrekening begroting 2023 2023 Bedrag Dekking Bedrag Dekking 40 47 16 16 56 63

Marktgeld Lasten markt Overhead Totale kosten Opbrengst marktgeld Totale opbrengsten

74%

2.028

23

23

23

23

Dekking

41%

37%

Leges zijn belastingen die de gemeente kan heffen voor het verstrekken van individuele diensten. Uitgangspunt bij het vaststellen van de legestarieven is maximaal 100% kostendekkendheid. Er mag (op begrotingsbasis) geen winst worden gemaakt. Hieronder vindt u de leges op basis van onze legesverordening. bedragen x € 1.000 Primitieve begroting 2023 Hoofdstuk

Onderwerp

Titel 1 Algemene dienstverlening 1 Burgerlijke stand Reisdocumenten 2 en Nederlandse identiteitskaart 3 Rijbewijzen Verstrekkingen uit 4 de Basisregistratie personen 5 t/m 17 Diversen Subtotaal titel 1

Toe te rekenen kosten

Overhead

43

18

61

23

206

84

290

145

58

7

Jaarrekening 2023 Toe te rekenen kosten

Overhead

38%

42

18

60

23

38%

116

40%

213

79

292

146

50%

203

115

57%

125

58

183

95

52%

3

10

4

40%

5

3

8

6

75%

118

14

132

20

15%

122

16

138

13

9%

519

177

696

278

40%

507

174

681

283

42%

989

164

1153

703

61%

116

29

145

159

110%

Totale Baten Dekking lasten

Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning Omgevings3 637 224 861 123 14% vergunning Bestemmings7 320 29 349 43 12% plannen 1,2,4,5,6,8 Diversen 0 0 0 0 0% Subtotaal titel 2

957

253

1210

166

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn Organiseren eve2 nementen of mark91 50 141 14 ten Algemene verorde5A ning Ondergrondse 85 11 96 56 infrastructuren 1,3,4,5,6 Diversen 0 0 0 0 Subtotaal titel 3 176 61 237 70 Eindtotaal

Paragraaf Lokale heffingen

1.652

491

2.143

514

Totale Baten Dekking lasten

0

0

0

0

0%

14%

1105

193

1298

862

66%

10%

86

48

134

9

7%

58%

101

11

112

180

161%

0% 30%

0 187

0 59

0 246

0 189

0% 77%

24%

1.799

426

2.225

1.334

60%

44

Woonlasten Om een indruk te geven van de woonlastendruk in de gemeente Aalten is onderstaand overzicht opgenomen. In dit overzicht is uitgegaan van een woning met een gemiddelde WOZ-waarde en een één- en meerpersoonshuishouden, waarvoor OZB, afvalstoffenheffing en rioolheffing wordt betaald. Gemiddeld bedragen deze woonlasten in Gelderland € 940 (landelijk gemiddelde € 944). bedragen in euro’s

Aalten Laagste in Nederland Gemiddeld Hoogste in Nederland

Bruto woonlasten eenpersoonhuishouden 552 551 867 1.734

Rangnummer 2 1 349

Bruto woonlasten meerpersoonhuishouden 652 652 944 1.874

Rangnummer 1 1 349

(bron COELO-atlas 2023)

De bruto woonlasten (meerpersoonshuishouden) zijn landelijk gestegen met 4,8%. In Aalten zijn deze met 0,7% gestegen. Dit is een ander percentage dan in de Paragraaf lokale heffingen in de begroting 2023 wordt genoemd. Dit komt omdat COELO (Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden) in haar rapportage andere berekeningsgrondslagen hanteert. Zo gaat COELO onder andere uit van een standaard hoeveelheid aanbiedingen of ledigingen bij de afvalstoffenheffing, terwijl deze in werkelijkheid in de gemeente Aalten lager is. Kwijtschelding De gemeente Aalten hanteert een volledige kwijtschelding en voert daarmee dus een zo ruim mogelijk beleid. Kwijtschelding kan worden verleend indien men: • AOW heeft, eventueel aangevuld met een klein pensioen; • een bijstandsuitkering heeft; • een inkomen uit werk heeft dat niet hoger is dan een bijstandsuitkering. Kwijtschelding wordt verleend voor de volgende belastingen en heffingen: onroerende zaak-belastingen (OZB), afvalstoffenheffing (vastrecht en een gemaximeerd aantal ledigingen of aanbiedingen), rioolheffing (gemaximeerde hoeveelheid per persoon per huishouden) en hondenbelasting (alleen de eerste hond). In het jaar 2023 is aan 180 belastingplichtigen ambtshalve kwijtschelding toegekend. Daarnaast zijn 138 verzoeken binnengekomen. Daarvan zijn er 53 afgewezen en is de rest geheel of gedeeltelijk toegekend.

Het totaal kwijtgescholden bedrag bedraagt € 57.300. In 2022 was dit € 50.300. Invordering De invordering van de gemeentelijke belastingen vereist jaarlijks voor een beperkt deel van de belastingplichtigen veel aandacht en zorg. De (dwang)invordering van openstaande aanslagen bestaat uit de volgende stappen: herinnering - aanmaning - dwangbevel - loonvorderingen en/of beslaglegging. Het debiteurensaldo bedroeg op 31 december 2023 € 233.000 (2022 € 283.000) Dit is inclusief de op 31 december 2023 nog niet vervallen posten. Laten we deze buiten beschouwing dan is de achterstand in betaling een openstaand bedrag van € 133.000 (2022 € 143.000). Na de laatste vervaldatum hebben wij eerst herinneringen verzonden. Daar hebben veel belastingplichtigen op gereageerd. Het aantal aanmaningen en dwangbevelen daarna was een stuk lager. Medio 2023 is met een nieuwe deurwaarder de dwanginvordering (beslaglegging etc.) opgestart. De openstaande vorderingen tot en met 2023 worden voor een deel bepaald door langlopende trajecten zoals faillissementen en schuldsaneringen in het kader van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen. De WSNP is bedoeld voor degenen die buiten hun schuld (‘te goeder trouw’) in een problematische schuldsituatie terecht zijn gekomen. De regeling duurt in beginsel drie jaar.

Indien de rechtbank na verloop van die drie jaar oordeelt dat de schuldenaar zich aan zijn uit de regeling voortvloeiende verplichtingen heeft gehouden, wordt een zogenaamde ‘schone lei’ verstrekt. De schone lei betekent dat de schulden die bestonden op het moment dat de schuldsaneringsregeling is uitgesproken niet langer afdwingbaar zijn. Wordt de schone lei niet gegeven, dan blijven de schulden bestaan. Van het openstaande saldo per 31 december 2023 is circa € 25.000 dubieus. Dit was eind 2022 € 43.000. Voor de dubieuze debiteuren is een voorziening getroffen op de balans. In het jaar 2023 is voor € 33.000 (2022 € 26.500) aan vorderingen oninbaar verklaard.

Paragraaf Lokale heffingen

45

Paragraaf Financiering Algemeen De Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) geeft de kaders aan waarbinnen decentrale overheden de treasuryactiviteiten moeten uitvoeren. De wet verplicht gemeenten om een treasurystatuut op te stellen waarin de treasuryfunctie verder is uitgewerkt. Het treasurystatuut is in 2021 geactualiseerd en loopt vier jaar door. Centraal in het statuut staat het beheersen van risico’s, maar ook financiering en betalingsverkeer maken hier onderdeel van uit. De treasuryfunctie dient uitsluitend de publieke taak en het beheer is prudent. Het doel is een verantwoord en optimaal resultaat te bereiken tussen kosten en risico. Interne ontwikkelingen Om de treasuryfunctie goed te kunnen uitvoeren is het tijdig, juist en volledig beschikbaar hebben van financiële informatie van groot belang. Deze informatie wordt vervat in een liquiditeitsplanning. Naast de geraamde lasten en baten uit de begroting zijn in deze planning onder meer de aflossingen op vaste geldleningen en de voorgenomen investeringen uit de begroting opgenomen. Op basis van deze planning en uiteraard de nieuwe ontwikkelingen in de loop van het boekjaar, wordt geld aangetrokken en/of weggezet. Dit is afgelopen jaar ook weer gebeurd. Er hebben zich in 2023 geen bijzondere interne ontwikkelingen voorgedaan die van invloed zijn geweest op de financieringsfunctie.

Externe ontwikkelingen Een belangrijke factor bij het uitvoeren van het treasurybeleid is het renteverloop. Informatie over de rente wordt verkregen van de grote Nederlandse banken (waaronder de BNG) en het CPB. De prognose voor 10 jaar rente werd ingeschat op 2,75% eind 2023. In 2023 is de rentetrend 180° gedraaid. Na een felle stijging in de eerste 9 maanden zijn de rentes sinds begin oktober weer snoeihard gedaald. De Nederlandse 10jaars kapitaalmarktrente die medio januari op 2,32% stond, is eerst opgelopen naar 3,33%, maar staat eind 2023 op 2,20% en is dus iets lager dan voorzien. De herfinancieringsrente, sterk bepalend voor de korte rente, is in 2023 doorgestegen naar 4,5% medio september. In verband met de aanhoudende inflatie onder meer als gevolg van de oorlog in Oekraïne en de fors gestegen energieprijzen, zag de ECB zich genoodzaakt om de rentetarieven op de geldmarkt te blijven verhogen. De kapitaalmarkt reageert hierop waardoor ook de tarieven voor lang geld in eerste instantie aanzienlijk stegen. Inmiddels is die situatie gestabiliseerd. Als gevolg van de wettelijke eisen wordt in de treasuryparagraaf bij het jaarverslag informatie gegeven over de volgende onderwerpen: 1. Kasbeheer 3. Gemeentefinanciering 2. Risicobeheer 4. Schatkistbankieren 1. Kasbeheer Het kasbeheer behelst het geldstromenbeheer en het saldo- en liquiditeitenbeheer.

Met behulp van de liquiditeitsplanning wordt erop toegezien dat de liquiditeitspositie voldoende is en blijft om aan de betalingsverplichtingen te kunnen voldoen. De gemeente heeft daarvoor onder meer een financieringsovereenkomst met de BNG gesloten. Daarin is het krediet- en het depotarrangement evenals het betalingsverkeer geregeld. De kredietlimiet is vastgesteld op € 3 miljoen en de intra-daglimiet op € 5 miljoen. Er wordt daarbij voor gewaakt dat de kredietlimiet en de intra-daglimiet bij de BNG niet worden overschreden, omdat daar forse rentevergoedingen (2% en 5%) tegenover staan. Door de gewijzigde rentesituatie vanaf 2022 was het niet meer interessant om via kort geld te blijven financieren. De negatieve rente lag immers achter ons. De te betalen rente in rekening-courant liep op naar een kleine 4% gebaseerd op 1 maands Euribor plus een opslag. 2. Risicobeheer Hieronder wordt inzicht verstrekt in het risicoprofiel van de gemeente. Het risicobeheer omvat alle activiteiten die zich richten op het beheersen van financiële risico’s waarvan de belangrijkste zijn: renterisico, koersrisico en kredietrisico. Renterisico In de navolgende overzichten zijn de renterisico’s op de korte (A) en lange (B) schuld getoetst aan de wettelijke normen uit hoofde van de Wet Fido en is het renteschema opgenomen (C). A) De kasgeldlimiet geeft het renterisico op de korte termijn weer.

Hieronder vallen alle kortlopende financieringen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar. De kasgeldlimiet wordt berekend als een percentage (8,5%) van het begrotingstotaal, zijnde de totale lasten op de begroting, en geeft het bedrag weer dat de gemeente maximaal met kort geld mag financieren. Als deze limiet drie achtereenvolgende kwartalen wordt overschreden moeten er maatregelen worden genomen, bijvoorbeeld door het aantrekken van een langlopende lening.

Paragraaf Financiering

46

Uit het onderstaand overzicht blijkt dat de kasgeldlimiet in 2023 niet is overschreden. Kasgeldlimiet 2023 Omvang begroting per 1-1-2023 1. Toegestane kasgeldlimiet (8,5%) 2. Vlottende korte schuld Maand 1 Maand 2 Maand 3 3. Vlottende middelen Maand 1 Maand 2 Maand 3 4. Saldo (2-3) Maand 1 Maand 2 Maand 3

bedragen x € 1.000 Kwartaal 3 Kwartaal 4 72.583 72.583 6.170 6.170

Kwartaal 1 72.583 6.170

Kwartaal 2 72.583 6.170

196 2.500 2.859

900 0 0

0 0 0

1 0 0

49 660 95

110 1.484 793

3.277 2.925 5.042

6.353 5.602 4.346

147 1.840 2.764

790 -1.484 -793

-3.277 -2.925 -5.042

-6.352 -5.602 -4.346

5. Gemiddelde saldo

1.584

-496

-3.748

-5.433

Ruimte (+) Overschrijding (-) (1-5)

4.586

6.666

9.918

11.603

B) De renterisiconorm stelt een kader om het risico van renteschommelingen zoveel mogelijk te beheersen. De beheersing bestaat eruit dat de herfinanciering gelijkmatig gespreid moet worden. In enig jaar mag over niet meer dan 20% van de totale leningenportefeuille renteherziening plaats vinden. De renterisiconorm schrijft voor hoeveel er maximaal geleend mag worden voor een periode langer dan één jaar. De in 2023 gerealiseerde renterisiconorm wordt in onderstaande tabel weergegeven, hieruit blijkt dat in 2023 ruimschoots binnen de norm is gebleven. Variabelen renterisico (norm) 1. Renteherzieningen 2. Aflossingen 3. Renterisico (1+2) 4. Renterisiconorm 5a Ruimte onder de renterisiconorm (4-3)

2023 0 4.088 4.088 14.517 10.429

bedragen x € 1.000 Berekening renterisiconorm 4a. Begrotingstotaal 72.583 4b. Percentage regeling 20% 4. Renterisiconorm (4a*4b) 14.517

C) Renteschema. In het volgende schema wordt inzicht gegeven in de rentelasten van de externe financiering, het renteresultaat en de wijze van rentetoerekening. bedragen x € 1.000 Renteschema 2023 De externe rentelasten over de korte en lange financiering De externe rentebaten Saldo rentelasten en rentebaten Rente die wordt doorberekend aan de grondexploitatie Rente die wordt toegerekend aan taakvelden via projectfinanciering Rentebaat van doorverstrekte leningen

410 -265 145 -4 0 0 -4 141

Aan taakvelden toe te rekenen externe rente Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen

0 0

Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente

0 141

De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

138

Renteresultaat op het taakveld treasury

-3

Koersrisico De koersrisico’s van de gemeente Aalten zijn beperkt, omdat na de invoering van het schatkistbankieren overtollige middelen alleen kunnen worden aangehouden in rekening courant bij de staat, via deposito’s in de schatkist of onderling kunnen worden uitgeleend aan andere decentrale overheden. Eventuele uitzettingen worden afgestemd op de liquiditeitsplanning en hebben veelal een relatief korte looptijd. Er is in 2023 meer dan ‘normaal’ geld aangehouden in de schatkist van het Rijk. Dit leverde een aantrekkelijke rente op. Er zijn geen deposito’s aangegaan en er is verder geen geld uitgeleend. Behoudens leningen verstrekt namens de gemeente door het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederland.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Aalten&id=4547a035-61c4-4dde-b855-4dd9cb84c19a