CConstaterende datAalten
Koppel je AI →
Document · PDF

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten-3juli23

Gemeenteraad 26 september 2023, gemeente AaltenBij agendapunt: Voorstel tot instemmen met het biodiversiteitsplan en ten behoeve van de uitvoeringsagenda van het biodiversiteitsplan € 32.000 dekken uit het budget klimaatakkoord en € 32.000 uit budget duurzaamheid28.496 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

De meeste vissoorten van snelstromend water zijn zeer gevoelig voor watervervuiling. De biodiversiteit is met name het hoogst waar watergangen een vrij natuurlijk verloop hebben en waar natuurontwikkeling heeft plaatsgevonden langs de beek. Dit is in de gemeente Aalten vrijwel nergens het geval. Soorten die afhankelijk zijn van beschaduwd stromend water, zoals de bosbeekjuffer, komen niet of slechts zeer beperkt voor, omdat natuurlijke bosbeken vrijwel geheel ontbreken.

Deelgebied Beken, watergangen en plassen Vrijwel alle stromende wateren in Aalen zijn gekanaliseerd. Dit, gecombineerd met een steeds slechter wordende waterkwaliteit tot ongeveer 1980 heeft ertoe geleid dat het slecht ging met veel soorten van stromend water. Door verbetering van de waterkwaliteit gaat het met veel soorten van stromend water weer wat beter en komen verdwenen soorten weer terug. Er liggen nog veel kansen om de biodiversiteit van stromende wateren verder te verbeteren.

Ambassadeursoorten In bijlage 1 is uitgebreide informatie opgenomen over de ambassadeursoorten. Hieronder worden de ambassadeursoorten kort toegelicht. IJsvogel. IJsvogels komen vooral voor langs langzaam stromende beken met helder water en voldoende overhangende takken van waaraf ze duiken op prooien in het water. Om te kunnen broeden hebben ze steile zandige oevers nodig waar de vogels een nestgang in kunnen graven.

Gemeente Aalten

Pagina 29

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

Weidebeekjuffer. De weidebeekjuffer is een soort van zuurstofrijke stromende wateren in een open tot half open landschap, zoals beken en rivieren. De oevers van het voortplantingswater zijn vaak steil en voor een deel beschaduwd. Langs de oever staat vaak een hoge, structuurrijke kruidenvegetatie, die gebruikt wordt als uitkijkpost voor de mannetjes. Winde. De volwassen winde leeft in de hoofdstroom van de langzamer stromende benedenlopen van rivieren en de hiermee in verbinding staande wateren. Een juveniele winde groeit op in de ondiepere langzaam stromende oeverzones. Naarmate de dieren groter worden trekken ze naar dieper water.

Knelpunten Kanalisatie. Alle beken in de gemeente Aalten zijn gekanaliseerd, met uitzondering van enkele kleine bovenloopjes. Natuurlijke beken met de bijbehorende beekbegeleidende bossen zijn al lang geleden uit het landschap verdwenen, inclusief vele soorten planten en dieren die aan deze ecosystemen zijn gebonden. Vissen kunnen niet meer vanuit de grote rivieren stroomopwaarts zwemmen om in de (half)natuurlijke beken rond Winterswijk te paaien. Waterkwaliteit. Industrialisatie, riooloverstorten en intensivering van de landbouw hebben tot ongeveer 30 jaar geleden geleid tot een enorme verslechtering van de oppervlaktewaterkwaliteit waardoor de biodiversiteit van het stromende water enorm afnam. Door allerlei maatregelen zoals de bouw van moderne rioolwaterzuiveringen en de invoering van milieuwetgeving voor landbouw en industrie, kwam hier ongeveer 30 jaar geleden een kentering in en werd het water weer schoner. De waterkwaliteit vormt nu slechts voor een beperkte groep organismen een beperkte factor om terug te keren. Waterkwantiteit. Tussen 1909 en 2019 is de gemiddelde jaarlijkse neerslag in Nederland toegenomen van 692 naar 873 mm, oftewel een toename van 26% in 110 jaar. Daarmee is ook het neerslagoverschot (=neerslag min verdamping) toegenomen. De door beken af te voeren hoeveelheid water is dus flink toegenomen.

De inrichting van de waterlopen is niet afgesteld op de gemiddelde waterafvoer, maar op de piekmomenten. Deze waterafvoer op de piekmomenten is aanzienlijk toegenomen door de hiervoor genoemde toename van de neerslag, het vaker voorkomen van hoosbuien, de optimaal op de landbouw ingerichte waterhuishouding van het cultuurlandschap en de toename van het verharde oppervlak. Deze factoren zorgen ervoor dat bij hevige regenval het water zich snel in de beken verzameld en de kans op overstromingen toeneemt. Voor de biodiversiteit is dit overigens geen knelpunt. Wel is de diepe ontwateringsbasis van het landschap een probleem voor de biodiversiteit in en langs beken en watergangen doordat deze in droge perioden droog komen te staan. Deze diepe ontwateringsbasis is de belangrijkste oorzaak van verdroging. Het aanpassen daarvan vormt de sleutelrol in de aanpak van de droogte. Barrières. Barrières in vorm van stuwen hebben in meerdere opzichten een negatief effect op de biodiversiteit. Ze voorkomen dat trekvissen zich kunnen verplaatsen tussen boven- en benedenstroomse delen, met als gevolg dat soorten ontbreken en voorkomende soorten slechts in geringe aantallen aanwezig zijn. Door de stuwen wordt het geleidelijke verval van

Gemeente Aalten

Pagina 30

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

natuurlijke beken en rivieren teruggebracht tot enkele puntlocaties waar het verval extreem is. Het resultaat is dat tussen de stuwen sprake is van vrijwel stilstaand relatief diep water gedurende een groot deel van het jaar. Soorten van relatief ondiep en sterk stromend water, soorten van natuurlijke rivieren en beken dus, hebben hier nier niet veel te zoeken. De afgelopen 30 jaar zijn veel stuwen al vervangen door vispasseerbare constructies (vistrappen) waardoor trekvissen zich weer over grotere afstanden kunnen verplaatsen. Deze maatregelen hebben er echter niet tot relatief ondiep en sterk stromend water tussen de stuwen geleid. Bruggen en duikers vormen ook barrières die effect hebben op de biodiversiteit, vooral op plekken waar beken en rivieren drukke wegen kruisen. Vooral bunzing en otter nemen dergelijke barrières door over de weg te lopen met het gevaar om verkeersslachtoffer te worden. Beheer. Het beheer van de beken en rivieren in het gebied is in de eerste plaats gericht op voldoende afvoercapaciteit van water tijdens piekbelastingen. Het beheer is daarbij in hoofdzaak gericht op het voorkomen van teveel begroeiing in het water en op de oevers. Op veel plekken wordt daarbij niet of nauwelijks rekening gehouden mate de biodiversiteit.

Het beheer vindt vaak plaats op de verkeerde momenten en het vrijkomende materiaal blijft vaak gefreesd op de locatie achter waardoor de beheerintensiteit toeneemt en de biodiversiteit nog verder afneemt. Exoten. Het waterleven in de beken en rivieren wordt in toenemende mate bepaald door dieren die hier van nature niet thuishoren, zoals bijvoorbeeld diverse soorten rivierkreeften, uitgezette vissoorten ten behoeve van de hengelsport (diverse variaties van de karper, meerval) en vissoorten uit Oost Europa die door de aanleg van het Donau-Rijnkanaal in Nederland terecht zijn gekomen. Dit gaat ten koste van allerlei diersoorten die hier van nature thuishoren. Ook een aantal invasieve exoten onder de planten hebben lokaal een sterke negatieve invloed op de biodiversiteit. Van de soorten die in het water groeien zijn de watercrassula en de waterteunisbloem geduchte soorten. Op de oevers gaat het vooral om de Aziatische duizendknopen.

Invloed knelpunten op de ambassadeursoorten:

knelpunt kanalisatie waterkwaliteit waterkwantiteit barrieres beheer exoten

Gemeente Aalten

weidebeekjuffer ijsvogel xxx x xx xx x xx x x x

winde x x xx xxx x x

Pagina 31

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

Kansen Natuurlijke inrichting. Vooral in de bovenstroomse trajecten met veel verval zijn er kansen om beken weer een geheel natuurlijke inrichting te geven, compleet met beek begeleidend bos, zonder onderhoudspaden langs het water en zonder stuwen (voorbeelden: Haartse Waterleiding, Snijders Veerbeek). Bij de belangrijkste beken, de Slinge en de Keizersbeek ligt dit een stuk gecompliceerder. Een natuurlijke inrichting door de beekbodem op een natuurlijke diepte te leggen, de stuwen te verwijderen en beekbegeleidend bos aan te leggen kan alleen door een groot deel van het opperwatersysteem aan te passen. Dit is in het stroomgebied van de Boven-Slinge en de Keizersbeek erg kunstmatig ingericht met opgeleide beken en een aquaduct op de kruising de Keizersbeek en de Slinge. Waterkwaliteit verbeteren. De waterkwaliteit kan verder verbeterd worden door de kwaliteit van de rioolwaterzuivering te verbeteren en door nazuivering van het effluent uit de rioolwaterzuiveringen in zuiveringsmoerassen. Ook maatregelen om de uitspoeling van meststoffen uit agrarische percelen tegen te gaan zullen de waterkwaliteit ten goede komen. Waterkwantiteit afvlakken. Piekafvoeren kunnen afgevlakt worden door het waterbergend vermogen van agrarische landschap en bebouwd gebied te verbeteren en door beken een meer natuurlijke inrichting te geven. Barrières opheffen.

Alle stuwen in de beken vervangen door vispasseerbare constructies, of deze geheel weghalen en op regelmatige afstanden de beekbodem vastleggen om te diepe insnijding in het landschap te voorkomen. Alle bruggen met een hoge verkeersintensiteit voorzien van loopplanken onder de brug met een geleidingssysteem zodat vooral bunzing en otter een veilige doorgang onder deze wegen hebben. Natuurvriendelijk beheer. Noodzakelijk beheer alleen uitvoeren op het juiste moment voor de biodiversiteit. Vrijkomend maaisel en bagger afvoeren zodat op den duur de beheerintensiteit kan afnemen. Beide maatregelen zijn gunstig voor de biodiversiteit. De praktische uitvoering hiervan betekend een forse aanpassing in de werkwijze van het waterschap. Exoten terugdringen. Het terugdringen van exoten kan door beken weer natuurlijk in te richten met beekbegeleidend bos, zonder stuwen en zonder onderhoudspaden. Watercrassula en diverse exotische fauna van stilstaande en langzaam stromend water zal hierdoor verdwijnen. Op de oevers zullen invasieve exoten als Japanse duizendknoop, reuzenbalsemien en reuzenberenklauw het moeilijk krijgen onder de dichte beplanting en met aanvullende bestrijding wellicht verdwijnen.

Invloed verzilvering kansen op de ambassadeursoorten: kansen weidebeekjuffer ijsvogel natuurlijke inrichting xxx waterkwaliteit verbeteren x x waterkwantiteit afvlakken xx xx barrières opheffen x natuurvriendelijk beheer xx x exoten terugdringen xxx

Gemeente Aalten

winde x x xx xxx x x

Pagina 32

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

Uitgevoerde en actuele initiatieven •

•

Uitvoering van het Groene Slinge Plan in de bebouwde kom van Aalten rond 2015. Als onderdeel van dit plan zijn er onder andere 2 vistrappen gerealiseerd en zijn er verschillende groenelementen langs de Slinge aangelegd. Ter hoogte van Bredevoort is de Schaarsbeek rond 2015 natuurlijker ingericht met onder andere meanders en is het grasland tussen deze beek en de Ooievaarsdijk omgevormd in half natuurlijk grasland. Op het ooievaarsnest dat hier bij geplaatst is heeft in 2021 voor het eerst sinds 80 jaar weer een ooievaar in de oostelijke Achterhoek gebroed.

‘t Walfort. Foto: Ben Lammers. Eerste prijs fotowedstrijd Ode aan het Landschap.

Gemeente Aalten

Pagina 33

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

7 Agrarisch cultuurlandschap Dit deelgebied vormt het grootste deel van de oppervlakte van de gemeente Aalten. Het bestaat naast agrarische gronden ook uit kleinschalige natuurelementen, kleine bosschages, bossen kleiner dan 5 hectare, houtsingels, houtwallen, wegen, boerderijen, woonerven en smalle en watergangen. Deels is het agrarisch cultuurlandschap grootschalig en open door onder andere ruilverkavelingen. Op veel plekken is het kenmerkende kleinschalige coulisselandschap nog zichtbaar. De kenmerkende soorten van dit deelgebied zijn de soorten van (boeren)erven, akker- en weidevogels en diverse planten, vogels, zoogdieren en insecten van halfopen landschappen dooraderd met houtwallen, -singels, steile esranden, wegbermen, sloten en bosjes. Deelgebied Agrarisch cultuurlandschap Door de intensivering van de landbouw is de dooradering van dit landschap door houtwallen, houtsingels, overhoekjes, struwelen, bosjes en ruige perceelscheidingen in de afgelopen eeuw sterk afgenomen. Veel landschapselementen liggen tegenwoordig geïsoleerd in het landschap. Tel daar de invloed van verzuring, vermesting en verdroging bij op, dan is het logisch dat de biodiversiteit in deze elementen sterk is afgenomen. In de regulier gebruikte agrarische percelen zijn nauwelijks nog natuurwaarden te vinden.

Door agrarisch natuurbeheer is gelukkig hier en daar nog wel wat van de vroegere biodiversiteit te vinden. Veel particulieren in het buitengebied met wat grond bij de deur zetten zich in om het landschap rond de woning te herstellen met vaak mooie resultaten. De ingezette vergroening van het Europese en nationale landbouwbeleid zal naar verwachting de komende jaren uitgebreid worden. Dit kan er toe leiden dat er een kentering komt in de achteruitgang van de biodiversiteit in dit deelgebied. Extra inzet van agrarisch natuurbeheer kan dit proces versnellen.

De biodiversiteit in dit deelgebied heeft sterk te lijden onder schaalvergroting en intensivering van de landbouw, met als gevolg verdroging, vermesting, versnippering en verzuring. In de kansen- en knelpuntenanalyse wordt hier verder op ingegaan. Met het verdwijnen van elementen als akkerranden, steilranden, (knot)bomenrijen, overhoekjes, hagen, heggen, houtwallen, kleine bosschages en kruidenrijke akkers zijn ook veel kenmerkende soorten verdwenen. Kritische soorten die afhankelijk zijn van kleinschalig landschap met voldoende geschikt leefgebied en daarin ook voldoende voedsel, zoals de grauwe klauwier, nachtegaal, zomertortel zijn schaars of verdwenen. Mede als gevolg van de intensieve landbouw is de insectenrijkdom enorm afgenomen. Dit zien we terug in het beperkte aantal waarnemingen van typische soorten dagvlinders, maar ook in het beperkt voorkomen van insectenetende vogels. De weidevogels hebben het moeilijk door het intensieve beheer van graslanden. Minder kritische soorten als kievit, wulp en scholekster kunnen zich plaatselijk nog handhaven in maisakkers en natuurterreinen, maar zijn in het agrarisch grasland al zeer schaars. Kritische weidevogels van vochtige omstandigheden, zoals de grutto, tureluur en zomertaling zijn in het agrarisch cultuurlandschap vrijwel geheel verdwenen uit de gemeente Aalten. Bijzondere

Gemeente Aalten

Pagina 34

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

plantensoorten van graslanden en akkers zijn in dit deelgebied vrijwel geheel verdwenen door het intensieve beheer en de zware bemesting. Daar waar het landschap nog kleinschalig is, worden nog kenmerkende broedvogels als boerenzwaluw, geelgors, gekraagde roodstaart, kneu, patrijs, ringmus, spotvogel, steenuil aangetroffen. De hoogste biodiversiteit binnen het agrarisch cultuurlandschap wordt met name gevonden in de meest kleinschalige gebieden en waar het cultuurlandschap grenst aan natuurgebieden, bossen of beken, zoals bij het Beestman, langs de Duitse grens (Witte Veen) en rondom het Aaltense Goor-Zilverbekendijk. Op enkele plekken komen nog enkele weidevogels en akkervogels als gele kwikstaart en patrijs voor door beschermingsmaatregelen.

Ambassadeursoorten In bijlage 1 is uitgebreide informatie opgenomen over de ambassadeursoorten. Hieronder worden de ambassadeursoorten kort toegelicht. Grasklokje. Het grasklokje is in de gemeente Aalten vooral te vinden in schrale bermen en slootkanten. Door vermesting en het klepelen van de begroeiing is het grasklokje enorm afgenomen. Kamsalamander. Deze landelijk vrij zeldzame watersalamander komt in de oost-Achterhoek gelukkig nog op vrij veel plekken voor. In de gemeente Aalten wordt de kamsalamander vooral in het oostelijke deel en in het natuurgebied het Aaltense Goor gevonden. De kamsalamander heeft zonnig gelegen, visvrije poelen nodig in de directe omgeving van bos of houtwal. Kievit. Vroeger was de kievit in de gemeente Aalten een echte weidevogel. De kievit is met de intrede van mais als broedvogel deels overgestapt op maisakkers waar in het vroege voorjaar de stoppels van het vorige jaar nog staan. Doordat het tegenwoordig verplicht is om een nagewas na mais te verbouwen staat er op de maisakkers in het voorjaar een flink gewas waardoor deze niet meer geschikt zijn voor de kievit om te broeden. De kievit gaat de laatste jaren dan ook hard achteruit. Patrijs. Patrijzen komen vooral voor op akkers en graslanden, vooral in open en half open kleinschalig akker- en weidelandschap. De kuikens zijn volledig van insecten afhankelijk.

Daardoor overleven patrijzen alleen op plekken waar voldoende insecten in (ruige) akkerranden en graslanden te vinden zijn. De patrijs is in de Achterhoek de afgelopen 50 jaar met meer dan 95% afgenomen. Recent neemt het aantal broedparen in Aalten weer toe door op de soort gericht agrarisch natuurbeheer waar vele agrariërs enthousiast aan meedoen. Steenuil. Deze kleine uil broedt in Aalten vooral op boerenerven in kleinschalige, half open tot open landschappen. In bosrijke gebieden ontbreekt de soort. De steenuil bereikt in Nederland de hoogste dichtheden in de Achterhoek. De steenuil broedt in Aalten vooral in schuurtjes en speciaal voor de steenuil opgehangen nestkasten.

Gemeente Aalten

Pagina 35

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

Knelpunten Stikstof. Diverse stikstofverbindingen, met name ammoniak afkomstig uit de landbouw, hebben een enorme impact op de landschapselementen in het cultuurlandschap. In wegbermen en slootkanten leidt de toename van de stikstofneerslag tot de uitspoeling van mineralen, verzuring en toename van de voedselrijkdom waardoor kruiden vervangen worden door grassen. Bloemrijke vegetaties verdwijnen en daarmee ook allerlei insecten die hieraan gebonden zijn. In houtsingels en -wallen en bosjes speelt hetzelfde, alleen is het resultaat dat de kruidlaag meer en meer overheerst wordt door de groei van braam. De veranderde voedingswaarde van planten als gevolg van verzuring en vermesting heeft een sterk negatief effect op veel soorten fauna die van deze planten afhankelijk is. Verdroging. De afwatering van het gebied is in het verleden optimaal ingericht voor de landbouw. Daarbij is het afwateringssysteem vaak zodanig ingericht dat ook op de meest laaggelegen landbouwpercelen een voldoende drooglegging gegarandeerd wordt. Het gevolg van dit systeem is dat er op de hoger gelegen landbouwpercelen al gauw droogteschade optreedt en er minder gewasopbrengst is of beregening wordt toegepast. Door deze optimalisatie van de waterhuishouding ten behoeve van de landbouw hebben veel landschapselementen te maken met verdroging, met als gevolg een verarming van de flora en fauna.

Verdroging versterkt bovendien de negatieve effecten van de toegenomen stikstofdepositie. Versnippering. Door de aftakeling van het netwerk van landschapselementen in het cultuurlandschap is de genetische uitwisseling tussen populaties van planten en dieren sterk afgenomen. Het gevolg is inteelt en het lokaal uitsterven van soorten. Door het opruimen van houtsingels, -wallen en bosjes en verdwijnen van gradiënten als graspaden, esranden, overhoekjes en dergelijke in het verleden liggen veel van de resterende elementen tegenwoordig geïsoleerd in het landschap. De afgelopen honderd jaar is in het agrarische cultuurlandschap meer dan 90% van houtsingels en -wallen verdwenen. De watergangen en wegbermen (vaak met een laanbeplanting) vormen wel een aaneengesloten netwerk. Dit netwerk kan echter niet de gevolgen van de hiervoor beschreven versnippering opvangen omdat de structuur van deze elementen niet de functie van de houtwallen, -singels en bosjes in de ecologische structuur van het gebied kan vervangen. Omvang. Door verkleining van landschapselementen verdwijnen soorten. Vaak gaat verkleining samen met achteruitgang in kwaliteit, waardoor het verdwijnen van soorten verder versterkt wordt. Doordat in de moderne landbouw elke vierkante meter telt zijn in de afgelopen tientallen jaren veel houtwallen en -singels smaller geworden.

Landbouwkundige bodembewerkingen hebben daardoor steeds meer directe invloed op het wortelstelsel van bomen waardoor deze beschadigen en afsterven. Vaak resteren door deze ontwikkelingen slechts bomenrijen of soms slechts een enkele solitaire boom. Overhoekjes zijn vrijwel allemaal verdwenen. Bijenkasten. Het plaatsen van bijenkasten met tamme honingbijen leidt tot concurrentie om voedsel met wilde bijen en allerlei andere bloem bezoekende insecten, waardoor deze achteruitgaan in het cultuurlandschap. Daar staat tegenover dat imkers vaak veel maatregelen uitvoeren om de biodiversiteit te verhogen. Het houden van bijen hoort bovendien bij de historie van het agrarische cultuurlandschap. Onderzoeken hebben

Gemeente Aalten

Pagina 36

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

aangetoond dat wilde bestuivers net zo belangrijk zijn voor de bestuiving van bepaalde gewassen, zoals fruitbomen, bonen en dergelijke, als honingbijen. Honingbijen kunnen wel een alternatief zijn bij het bestuiven van cultuurgewassen als er onvoldoende wilde bestuivers zijn. Voor het garanderen van voldoende bestuiving is het verstandiger om in te zetten op behoud en versterking van wilde-bijenpopulaties, dan op vergroting van de populatie honingbijen. Honingbijen zijn gevoelig voor ziektes en ongunstige weersomstandigheden. Beheer. De meeste houtwallen, -singels en bosjes in het gebied kenden tot ongeveer honderd jaar geleden een hakhoutbeheer waardoor deze zeer dicht van structuur waren en een zeer hoge biodiversiteit hadden. Deze hoge biodiversiteit hing samen met de toen nog vrij natuurlijke waterhuishouding en goede kwaliteit van water en lucht en het extensieve landbouwkundige gebruik van aangrenzende gronden. Het hakhoutbeheer met een cyclus van ongeveer 10 tot 20 jaar leverde hout op dat vele gebruiksdoelen had. Dit hout was op een gegeven moment niet meer nodig waardoor het hakhoutbeheer achterwege bleef en vele landschapselementen gerooid werden. De resterende houtwallen en -singels groeiden uit tot opgaande elementen met een hoogte van 20 tot 25 meter.

In veel van deze elementen werden de ondergroei steeds ijler totdat slechts bomenrijen restten, die vaak ook nog tot grote hoogte opgesnoeid worden. De biodiversiteit van deze bomenrijen is over het algemeen gering in vergelijking met een dichte hakhoutbegroeiing. Het beheer van het aaneengesloten netwerk van watergangen en wegbermen is vrijwel geheel gericht op de water afvoerende functie en de verkeersfunctie. De enorme potentie van dit netwerk voor de biodiversiteit wordt te weinig benut, terwijl dit netwerk voor vele soorten van het agrarisch cultuurlandschap het laatste toevluchtoord is. Het gevolg is een enorme afname van vooral flora en fauna van grasland- en zoomvegetaties. Invasieve exoten. Een aantal invasieve exoten hebben op een aantal locaties (vooral wegbermen en slootkanten) de groeiplaatsen van inheemse plantensoorten overgenomen. Het gaat hierbij vooral om Aziatische duizendknopen, reuzenberenklauw, reuzenbalsemien en uitheemse guldenroedesoorten. De trend is dat deze groeiplaatsen zich uitbreiden en er steeds meer groeiplaatsen ontstaan. In watergangen speelt hetzelfde probleem, daar gaat het vooral om soorten als watercrassula en waterteunisbloem. Invasieve soorten zorgen er in toenemende mate voor afname van de biodiversiteit. Chemische gewasbeschermingsmiddelen.

Drift via wind en water van chemische gewasbeschermingsmiddelen vanuit de agrarische percelen heeft directe invloed op de plantengroei in de aangrenzende landschapselementen. Honderden jaren ontwikkeling van de vegetatie in een landschapselement kan door één verkeerd uitgevoerde spuitbeweging op het aangrenzende cultuurland verloren gaan. De impact van de meer diffuse drift van chemische bestrijdingsmiddelen op de biodiversiteit van de landschapselementen is onvoldoende bekend. Kunstmest. Direct contact tussen kunstmestkorrels en dieren met een dunne huid (amfibieën, vele soorten ongewervelden) kan voor deze dieren dodelijk zijn. Voor het bodemleven van cultuurgronden heeft dit negatieve effecten. Kunstmestkorrels die in landschapselementen terechtkomen zorgen voor dezelfde negatieve effecten die hierboven onder “stikstof” zijn beschreven.

Gemeente Aalten

Pagina 37

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

Intensief grondgebruik. Door het intensieve gebruik van agrarische percelen kunnen weidevogels niet meer voldoende jongen grootbrengen waardoor de aantallen afnemen en soorten uitsterven. Door het intensieve gebruik van de percelen is het beschikbare voedsel voor kuikens afgenomen waardoor deze aanzienlijk langer naar voedsel moeten zoeken. Door de monoculturen vallen de jongen veel meer op dan in kruidenrijke graslanden. Beide factoren zorgen voor een toename van predatie van de jongen door allerlei roofdieren, met als gevolg een langzaam maar zeker uitsterven van de weidevogels. Monoculturen zijn bovendien in trek bij veel soorten muizenjagers doordat hier vaak muizenplagen optreden en de muizen door de eenvormige vegetatie opvallen en bejaagbaar zijn. Jonge weidevogels vormen hier voor de predatoren een extra hapje. Recreatie. Veel bosjes in het cultuurlandschap in Aalten kennen een recreatief medegebruik. In veel bosjes staan al dan niet legaal bouwsels die recreatief gebruikt worden. Dit heeft een negatief effect op verstoringsgevoelige soorten zoals reeën en roofvogels. Daarnaast heeft ook het recreatief gebruik van de onderhoudspaden van watergangen lokaal een negatief effect op verstoringsgevoelige soorten. Handhaving illegale activiteiten. Stroperij leidt tot de directe dood van individuele dieren.

De afgelopen jaren is bijvoorbeeld gebleken dat op een aantal locaties in de gemeente Aalten roofvogelvervolging plaatsvindt. Handhaving op dergelijk praktijken is zeer gecompliceerd. Bestrijding eikenprocessierups. Bij de actieve bestrijding van de eikenprocessierups met diverse biologische middelen leggen ook veel andere soorten insecten het loodje. De bestrijding helpt slechts in het jaar van toepassing om de overlast van de eikenprocessierups te beperken. Inzaai bermen. Het inzaaien van bermen met soorten die in Aalten niet thuishoren of inzaai met akkerkruiden. Dit gaat ten koste van de inheemse flora in de bermen én het leefgebied van kritische soorten insecten die van de inheemse soorten afhankelijk zijn. De ingezaaide soorten zijn vaak juist populair als nectarbron voor honingbijen en andere minder kritische insecten. Tevens heeft inzaai een negatieve impact op gradiënten en structuur. Ingezaaide bermen zijn vaak monotoon van opbouw en structuur. Jacobskruiskruid. Jacobskruiskruid is een inheemse plant die giftig is voor het vee. Vee graast om deze plant heen, maar als het in het hooi zit wordt het wel gegeten en kunnen gezondheidsproblemen ontstaan als er vele kilo’s van worden gegeten. Paarden en koeien zijn het meest gevoelig. Er zijn weinig concrete gevallen bekend van vee dat het eten van jakobskruiskruid niet heeft overleefd.

De meeste groeiplaatsen van jakobskruiskruid bevinden zich in de bermen van de provinciale wegen. Lokaal komt de soort ook voor in lage dichtheden in gemeentelijke wegbermen, braakliggende terreinen, half natuurlijke graslanden en paardenweitjes. Het maaisel van al deze terreinen wordt doorgaans niet gebruikt als diervoedsel. Door de grote droogte van 2018 – 2020 is op vele plekken het gras doodgegaan in percelen en hebben kruiden als jakobskruiskruid zich uit kunnen breiden. Eigenaren van paarden en koeien kunnen zelf de risico’s voor vergiftiging van hun vee sterk verkleinen door ervoor te zorgen dat jakobskruiskruid zich niet in hun grasland kan vestigen. In een goed onderhouden weiland met een dichte graszode kan jakobskruiskruid niet kiemen. Voorkom

Gemeente Aalten

Pagina 38

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

daarom overbegrazing. De open plekken die daardoor ontstaan bieden prima vestigingsmogelijkheden voor de plant! Huiskatten. Zwerfkatten zorgen in het buitengebied voor overmatige sterfte van vooral vogels en kleine zoogdieren en kunnen daarmee ook impact hebben op weide- en akkervogelpopulaties. Doordat zwervende huiskatten doorgaans door de eigenaren worden gevoerd kan er een hoge dichtheid aan katten in stand worden gehouden en wordt het evenwicht tussen prooidieren en predatoren verstoord. Daarmee beïnvloeden huiskatten ook in negatieve zin de aantallen van natuurlijke predatoren. Verwijderen oude bouwwerken. Het opruimen en slopen van oude gebouwtjes, stallen, schuren, kippenhokken e.d. en het verwijderen van rommelhoekjes (oude bomen, opslag braam, ruigtehoekjes). Hierdoor verdwijnen broedplaatsen van onder andere steenuil, kerkuil en gekraagde roodstaart.

Invloed knelpunten op de ambassadeursoorten: knelpunt stikstof verdroging vernatting versnippering omvang landschapselementen bijenkasten beheer invasieve exoten chemische bestrijdingsmiddelen kunstmest intensief grondgebruik huiskatten verwijderen oude bouwwerken

kamsalamander x xxx xx xxx xxx

patrijs xx x

xxx xx xx xx

xx x xxx xx xxx xx

x x

xx xx

steenuil x

kievit xx xxx

grasklokje xxx xx x

xx xx x xxx xx xx xxx

xxx

xxx x xx

xxx xxx

Kansen Natuurinclusieve landbouw. Het gaat in dit kader te ver om alles uit te schrijven wat de landbouw kan doen om de biodiversiteit helpen te herstellen. Het Europese en Nederlandse landbouwbeleid zal vooral de richting van de toekomstige landbouw in de gemeente Aalten bepalen. Dit beleid zal er steeds meer op gericht zijn om de import van veevoer en het gebruik van kunstmest en chemische bestrijdingsmiddelen te beperken, gecombineerd met het stimuleren van herstel van het netwerk van landschapselementen. Uiteindelijk zal dit leiden tot een fraai biodivers landschap waar het nog aantrekkelijker wordt om te werken, te wonen en te recreëren. Een belangrijke voorwaarde daarbij is dat de landbouw en de afzetmarkt voor landbouwproducten zodanig georganiseerd worden dat boeren een goede boterham kunnen blijven verdienen in het gebied. Initiatieven voor een meer natuurinclusieve landbouw zullen door de gemeente Aalten waar mogelijk worden ondersteund. Dat kan bijvoorbeeld door voorlichting te geven over de mogelijkheden van agrarisch natuurbeheer,

Gemeente Aalten

Pagina 39

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

het aanleggen van landschapselementen en het verhogen van het organisch stofgehalte van agrarische percelen door het verwerken van bermmaaisel in de vorm van compost of bokashi op agrarische percelen. Verdroging tegengaan. Herinrichting van het afwateringssysteem zodat droogteschade in de landbouw voorkomen wordt. Dat heeft wel als consequentie dat in natte perioden niet elk agrarisch perceel te bewerken is. Door laaggelegen percelen in te richten en te beheren als kruidenrijk grasland kunnen deze later in het jaar gemaaid worden en ontstaat geen landbouwkundige schade. Uitgangspunt moet zijn dat droogteschade veel schadelijker is dat incidentele schade door teveel water. Verhoging van de grondwaterstand heeft een sterk positief effect op de biodiversiteit van landschapselementen, bossen en natuurgebieden. Dit is passend binnen de klimaatadaptatiestrategie van de gemeente Aalten en een kans om klimaatadaptatie en herstel van de biodiversiteit gezamenlijk op te laten gaan. Landschapsherstel. In het buitengebied wonen veel particulieren die veel grond in eigendom hebben. Hier ligt een kans om de opgave om het netwerk van landschapselementen te herstellen deels te realiseren, ondersteund door verschillende subsidieregelingen.

Ook voor boeren zijn de mogelijkheden om het landschap te herstellen verruimd, doordat de waardevermindering van de grond sinds kort uitgekeerd kan worden bij het omzetten van cultuurgrond in landschapselementen, los van subsidies voor aanleg en beheer. Natuurlijker inrichten van watergangen. Watergangen met onderhoudspaden omvormen in houtwalbeken. Vooral bij watergangen met voldoende verval liggen hier mogelijkheden. Natuurvriendelijk beheer bermen en watergangen. Wegbermen en watergangen, inclusief de onderhoudsstroken daarlangs, vormen gezamenlijk een dicht, aaneengesloten netwerk in het landschap. Het beheer bestaat nu doorgaans uit het klepelen van de vegetatie waardoor de bodem steeds voedselrijker wordt. De stikstofneerslag doet daar nog een schepje bovenop. Het resultaat is dat veel kruiden verdwijnen en er slechts enkele grassoorten en probleemonkruiden voor de landbouw als brandnetel, ridderzuring en akkerdistel overblijven. Deze soorten kruipen vervolgens de aangrenzende percelen in en worden dan vaak chemisch bestreden. Door de opeenhoping van voedingsstoffen en residuen van de chemische bestrijding op en langs de onderhoudsstroken spoelen deze deels uit naar het oppervlaktewater waardoor de waterkwaliteit achteruitgaat. Het netwerk van wegbermen en watergangen in de toekomst optimaal ecologisch beheren zou een enorme impuls betekenen voor de biodiversiteit.

Samengevat bestaat dit beheer uit gefaseerd maaien op de, ecologisch gezien, juiste tijdstippen en het maaisel afvoeren. Hierdoor krijgen allerlei kruiden en de bijbehorende fauna weer een kans en kan het netwerk van bermen en sloten als een dicht netwerk van ecologische verbindingen gaan functioneren. Bermen inzaaien: Het inzaaien van bermen als akkerrand achterwege laten. Het inzaaien van bermen kan overwogen worden bij nieuwaanleg of reconstructie. Inzaai kan dan eventueel plaatsvinden met maaisel van een kruidenrijke berm in de directe omgeving. Niet inzaaien en een beetje geduld hebben is in de meeste gevallen de beste optie. Vanuit de zaadbank in de grond en natuurlijke aanvoer zullen allerlei van nature hier thuishorende soorten vestigen.

Gemeente Aalten

Pagina 40

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

Invasieve exoten bestrijden. Structurele bestrijding van invasieve exoten, zoals de Aziatische duizendknopen en de reuzenberenklauw. Voor de bestrijding van invasieve exoten is een lange adem en samenwerking noodzakelijk. Door het opstellen van een gemeentelijk plan van aanpak kan dit in gang gezet worden. De provincie stelt subsidie beschikbaar voor het opstellen van dergelijke plannen. Erven vergroenen. Op veel erven liggen kansen om de biodiversiteit te bevorderen en een bijdrage te leveren aan landschappelijke kwaliteit. Aanleg van erfbeplanting in de vorm van bomen, hagen en hoogstam boomgaarden. Ecologische bestrijding eikenprocessierups. De eikenprocessierups op termijn niet meer actief bestrijden, mits dat mogelijk wordt. Het geld wat daarmee bespaard wordt inzetten voor een meer op biodiversiteit gerichte inrichting en beheer van de probleemlocaties. Dit is een duurzame investering, in tegenstelling tot het spuiten tegen de eikenprocessierups. Zwerfkatten bestrijden. Het accent bij de jacht verleggen naar zwerfkatten en enkele invasieve exoten zoals de muskusrat. Daarnaast het aantal zwerfkatten verminderen via sterilisatieprojecten. Herstel oude bouwwerken.

Oude, vaak cultuurhistorisch en landschappelijk waardevolle kippenhokken, schuurtjes, bakhuisjes en dergelijke niet slopen, maar herstellen op zodanige wijze dat vogels en vleermuizen hier een geschikt onderkomen vinden. Een op te richten klusbrigade van vrijwilligers (vooral gepensioneerden uit de bouw) kan hiermee aan de slag. In de gemeente Winterswijk is sinds enkele jaren een dergelijke klusbrigade met succes aan het werk.

Invloed verzilvering kansen op de ambassadeursoorten:

kansen natuurinclusieve landbouw verdroging tegengaan landschapsherstel natuurvriendelijk beheer bermen en watergangen erven vergroenen zwerfkatten bestrijden behoud oude bebouwing

kamsalamander x x x

patrijs x x x

steenuil x x x

x x

x x x

x x x x

kievit x x

grasklokje x

x x

Uitgevoerde en actuele initiatieven •

In de afgelopen 20 jaar zijn er, eerst via de GPL (Gemeentelijke projecten Landschapsbeheer) en later de Landschapsregeling Aalten, vele projecten uitgevoerd. Daarbij gaat het herstel en aanleg van landschapselementen, maar ook om educatie. In de periode 2014-2018 zijn in het kader van de Landschapsregeling Aalten op ruim 180 locaties verspreid over de gemeente projecten uitgevoerd. Een mooi overzicht hiervan geeft de Eindrapportage Landschapsregeling Aalten 20142018. Het huidige traject loopt tot 2024. Vele projecten zijn inmiddels weer uitgevoerd

Gemeente Aalten

Pagina 41

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

•

•

•

•

• •

of in uitvoering. Na 2024 stopt deze regeling. Het is niet bekend of de provincie Gelderland nog een vervolg geeft op deze succesvolle regeling. In 2012 is het akkerrandenproject in de gemeente Aalten gestart met als doel de patrijs voor de gemeente te behouden. De gemeente Aalten geeft jaarlijks een financiële ondersteuning voor de inzaai van vele akkerranden. De vrijwilligers van de werkgroep Akkerranden zorgen voor de uitvoering Samen met de akkerranden en de kruidenrijke akkers die onderdeel zijn van het ANLb (Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer) vormen deze maatregelen de ruggengraat van het project “Samen voor de patrijs”, geïnitieerd en uitgevoerd door een aantal vrijwilligers. Door dit project is het aantal patrijzen de afgelopen 10 jaar flink toegenomen, evenals de aantrekkelijkheid van het landschap voor bewoners en bezoekers die gebruik kunnen maken van verschillende wandelroutes langs de akkerranden. Het agrarisch natuur- en landschapsbeheer heeft na 2015 een enorme impuls gekregen door de regeling ANLb (Agrarisch Natuur en Landschapsbeheer) die door de VALA (Vereniging Agrarisch Landschap Achterhoek) wordt uitgevoerd. De VALA is één van de 40 collectieven in Nederland die als intermediair tussen overheid en grondgebruiker verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van het ANLb.

Via het ANLb kunnen grondgebruikers een vergoeding krijgen voor natuurvriendelijk grondgebruik en het beheer van landschapselementen. Anno 2021 is in de gemeente Aalten voor 123,5 hectare landbouwgrond een contract afgesloten, verdeeld over 167 beheereenheden. Het gaat daarbij vooral om botanisch hooiland en kruidenrijke akkers en akkerranden. Daarnaast is voor het beheer van 146 landschapselementen een contract afgesloten. Vóór 2016 waren in de gemeente Aalten de mogelijkheden voor een vergoeding voor natuurvriendelijk beheer van agrarische percelen en landschapselementen zeer beperkt. Op 30 november 2004 is Stichting SAAP (Samenwerkend Actief Aaltens Platteland) opgericht. De stichting heeft ten doel: het stimuleren en ondersteunen van het proces van plattelandsvernieuwing en plattelandsontwikkeling in de gemeente Aalten, onder andere op het gebied van landbouw, leefbaarheid, recreatie en toerisme, natuur en landschap, cultuurhistorie en economie. Jaarlijks voert de stichting het Uitvoeringsprogramma Landschapsontwikkelingsplan Aalten uit waarvoor de gemeente geld beschikbaar stelt. Inwoners kunnen bij de stichting projecten indienen die na goedkeuring uitgevoerd kunnen worden. Het project Basiskwaliteit Natuur van Vogelbescherming omschrijft welke milieu-, inrichtings- en beheercondities in de verschillende landschappen aanwezig moeten zijn en welke hersteld moeten worden.

Het oostelijke deel van de gemeente Aalten is, samen met aangrenzende delen van de gemeenten Oost Gelre en Winterswijk, sinds 2021 één van de pilotgebieden voor dit project. Dit project ligt in het verlengde van dit biodiversiteitsplan. Samen met de verschillende actoren in het gebied wordt er vanuit deze pilot Basiskwaliteit Natuur en Landschap Oost Achterhoek op detailniveau gekeken welke maatregelen nodig zijn om een basiskwaliteit voor natuur en landschap in de toekomst te garanderen. Door de gemeente Aalten zijn in verschillende bermsloten gronddammetjes aangebracht om verdroging tegen te gaan. Bij de bestrijding van de eikenprocessierups is de gemeente Aalten gestart met het verhogen van de biodiversiteit op de probleemlocaties door de hierna genoemde

Gemeente Aalten

Pagina 42

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

•

•

•

•

maatregelen. Het maaien rond bomen in bermen is komen te vervallen, bermen worden ingezaaid met bloemrijke mengsels, het planten van bolgewassen, het ophangen en uitdelen aan inwoners van nestkasten voor vogels en het verstrekken van informatie aan inwoners over de bestrijding van de eikenprocessierups door het verhogen van de biodiversiteit. Over het inzaaien van de bloemrijke mengsels is vooral buiten de bebouwde kom discussie. De soorten in het toegepaste mengsel zijn deels niet passend in landschap met alleen exoten en ver buiten Nederland gekweekte ‘inheemse’ soorten. Deze ‘inheemse’ soorten als knoopkruid, margriet en peen doen het overal goed, maar deze zorgen er juist voor dat het streekeigen karakter van regio’s in Nederland verloren gaat: knoopkruid en peen komen van nature helemaal niet rond Aalten voor. Het is wenselijker om door middel van het ecologisch beheer de kruidenrijkdom van de bermen te verhogen. Wanneer inzaaien om wat voor reden dan ook wenselijk is, is het toepassen van een inheems mengsel voor het ontwikkelen van kruidenrijke graslanden op zandgrond het meest geschikt, bijvoorbeeld het B102 Margrietmengsel van de firma Biodivers. In de afgelopen jaren zijn van het voormalige asielzoekerscentrum op Groot Deunk in Barlo de gebouwen grotendeels verwijderd en is het terrein omgevormd in een natuurterrein.

Voor het beheer van het terrein is de Stichting Groot Deunk opgericht. Verschillende vrijwilligers voeren het beheer uit. Op het terrein wordt geëxperimenteerd met strokenteelt. Vanaf 2015 verzorgt Staring Educatie jaarlijks natuureducatie in het basisonderwijs in opdracht van de gemeente Aalten. De lessen woorden over het algemeen buiten gehouden op natuurrijke plekken. Daarnaast worden leskisten en materialen aan scholen beschikbaar gesteld ten behoeve van natuur- en milieueducatie. Het IVN Beleefweekend op 1,2 en 3 oktober 2021 is een initiatief van IVN Natuureducatie en is georganiseerd in samenwerking met de Gastheren van het Landschap (ondernemers met een groen hart), de gemeente Aalten en Achterhoek Toerisme. Een weekend vol met activiteiten voor inwoners en bezoekers, waarin landschap, natuur, landbouw en cultuurhistorie centraal staan. Het landelijke thema van het Nederlands Bureau voor Toerisme is in 2021 ‘Ode aan het landschap’. De gemeente Aalten heeft als onderdeel van dit thema in 2021 een fotowedstrijd uitgeschreven. Er zijn meer dan 150 foto’s ingezonden. Van de ontvangen foto’s is een selectie gemaakt voor een expositie in het gemeentekantoor en een verjaardagskalender, als een Ode aan het Aaltense landschap. De drie winnende foto’s zijn in dit plan opgenomen.

Gemeente Aalten

Pagina 43

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

Kleuverspad. Foto: Gerjo te Linde. Tweede prijs fotowedstrijd Ode aan het Landschap.

Gemeente Aalten

Pagina 44

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

8 Bebouwd gebied Het stedelijk gebied, met een afwisseling tussen bebouwing, tuinen, openbaar groen en waterelementen, is voor een aantal soorten het kenmerkende habitat. Soorten als huismus, gierzwaluw, gewone dwergvleermuis, kauw, laatvlieger, steenmarter en Turkse tortel vinden hier hun belangrijkste leefgebied. Deelgebied Bebouwd gebied De gestage achteruitgang van broedvogels in steden en dorpen in Nederland wijst erop dat de biodiversiteit in het bebouwde gebied achteruit gaat. In Aalten zal dat niet anders zijn. Verstening van tuinen, nieuwbouw die niet toegankelijk is voor vogels en vleermuizen, het na-isoleren van woningen, groen dat opgeofferd wordt voor nieuwbouw en niet optimaal op biodiversiteit gerichte inrichting en beheer van openbaar groen zijn enkele oorzaken van deze achteruitgang. Biodiversiteit stimuleren in de bebouwde omgeving kan op vele manieren. Dit plan geeft daarvoor verschillende mogelijkheden.

De hoogste biodiversiteit binnen dit deelgebied wordt met name in de grotere woonkernen behaald. Dit komt met name omdat hier een grotere afwisseling is tussen oude bebouwing, nieuwe bebouwing, groene begraafplaatsen, waterelementen, parken, braakliggende percelen en bomenrijen. Met name in oude wijken worden de grootste populaties gebouw bewonende vleermuizen, huismussen en gierzwaluwen gevonden. Vooral de wat oudere bebouwing biedt nog voldoende mogelijkheden voor nestel- en verblijfplaatsen onder dakpannen, in de spouwmuren en achter regenpijpen. Helaas zijn veel moderne huizen en tuinen weinig interessant als leefgebied voor vogels, zoogdieren, insecten en daarmee ook vleermuizen. Kritische soorten van het stedelijk gebied, die afhankelijk zijn van voldoende braakliggende terreinen en andere ruige begroeiing met onkruiden, zoals de Europese kanarie, kuifleeuwerik en ringmus zijn nagenoeg verdwenen uit het bebouwd gebied. Bij voldoende afwisseling tussen bebouwing en robuuste groenstructuren zijn vleermuizen, egel, bunzing konijn en vogels als appelvink, goudvink, groenling en verschillende spechtensoorten ook in het stedelijk gebied te vinden. Bijzondere muurflora is zeldzaam. Op enkele oude en vochtige muren en in waterputten zijn nog enkele waarnemingen van soorten als muurvaren, steenbreekvaren en tongvaren te vinden.

Ambassadeursoorten In bijlage 1 is uitgebreide informatie opgenomen over de ambassadeursoorten. Hieronder worden de ambassadeursoorten kort toegelicht. Braamsluiper. De braamsluiper is een zangvogel die in de loop van april uit zijn overwinteringsgebied in Afrika terugkeert. De braamsluiper is als broedvogel vrijwel geheel uit het buitengebied verdwenen. Zijn ratelende zang wordt tegenwoordig vrijwel uitsluitend in de bebouwde kom gehoord waar structuurrijke tuinen en parken met dicht struikgewas de belangrijkste onderdelen van zijn leefgebied vormen.

Gemeente Aalten

Pagina 45

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

Gierzwaluw. De gierzwaluw arriveert rond 30 april uit zijn overwinteringsgebied in Afrika. De gierzwaluw vliegt altijd, met uitzondering wanneer er gebroed wordt. Oude stadswijken en gebouwen vormen de favoriete broedhabitat waar de gierzwaluw vooral onder dakpannen broedt. Door renovatie van oude gebouwen gaan vaak nestlocaties verloren. Zowel bij nieuwbouw als bij renovatie kan kunstmatige broedgelegenheid aangebracht worden. Huismus. Huismussen broeden in een los kolonieverband. Het nest wordt vooral gemaakt onder dakpannen, in gaten en kieren van gebouwen en in mussenkasten. De soort is het talrijkst aanwezig in oudere buitenwijken, met rommelige tuinen. De afgelopen 20 jaar is de huismus sterk in aantal achteruit gegaan. Als er teveel hoge bomen verschijnen, verdwijnt de huismus. Door renovatie en na-isolatie gaan vaak nestlocaties verloren. Zowel bij nieuwbouw als bij renovatie kan kunstmatige broedgelegenheid aangebracht worden. Laatvlieger. Kraamkolonies van deze vleermuis komen voor zover bekend alleen in gebouwen voor. Ze wonen in de spouwmuur, achter de betimmering, onder daklijsten en dakpannen of onder het lood rondom de schoorsteen. Soms worden ze ook op zolders aangetroffen. Bij renovatie en na-isolatie van woningen gaan veel verblijfplaatsen verloren en worden levende dieren soms ingesloten met de dood tot gevolg.

Vleermuizen zijn erg kwetsbaar omdat de vrouwtjes maar één of twee jongen per jaar krijgen.

Knelpunten Gemeentelijk groen. Vaak bestaat de beplantingen uit monoculturen van uitheemse soorten. De meeste graslanden in de bebouwde kom worden intensief als gazon beheerd. Bomen kunnen vaak niet oud worden omdat ze ondergeschikt zijn in allerlei ruimtelijke plannen. Groenstructuren zijn vaak onderbroken en vormen geen netwerk. De hier voor genoemde punten hebben alle een negatieve impact op de biodiversiteit. Straat- en trottoirkolken. Veel kleine dieren, vooral amfibieën, die op straat belanden kunnen door de trottoirbanden niet meer van de straat af komen en worden langs de trottoirbanden naar de trottoirkolken geleid waar ze vervolgens invallen en een gewisse dood tegemoet gaan. Na-isolering woningen en andere gebouwen. Als gevolg van de grote opgave om zoveel mogelijk energie te besparen worden bestaande woningen en gebouwen aanvullend geïsoleerd. Vaak komen daarbij vleermuizen, huismus en gierzwaluw in het gedrang. Vaste verblijf- en broedplaatsen van deze soorten verdwijnen. Verstening tuinen. Door tijdgebrek en desinteresse voor groen is in de afgelopen jaren het groen in veel tuinen vervangen door steen. Dit heeft grote nadelen voor de biodiversiteit en ook leidt dit tot extra wateroverlast op momenten met veel neerslag. Door deze verstening daalt het grondwaterniveau en kan schade aan woningen (verzakkingen) ontstaan. Chemische bestrijdingsmiddelen en kunstmest.

Gewasbeschermingsmiddelen die particulieren en bedrijven gebruiken zijn bestrijdingsmiddelen tegen onder andere onkruid, insecten, slakken en schimmels. De verkoop van gewasbeschermingsmiddelen aan particulieren is in de periode 2014-2019 gestegen. Naast het gebruik van chemische

Gemeente Aalten

Pagina 46

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

bestrijdingsmiddelen is ook het gebruik van kunstmest een belangrijke oorzaak voor de afname van de biodiversiteit in de bebouwde omgeving. Katten. Veel buiten rondstruinende huiskatten doden grote aantallen kleine gewervelde dieren, vooral muizen en vogels. Dat is ook de reden dat binnen de bebouwde kom op de grond broedende vogels, zoals de roodborst, nagenoeg als broedvogel ontbreken. Invloed knelpunten op de ambassadeursoorten:

knelpunt huismus laatvlieger gierzwaluw braamsluiper gemeentelijk groen xx xx xx xxx na-isolering gebouwen xxx xxx xxx verstening tuinen xxx xx xx xxx bestrijdingsmiddelen en kunstmest xxx xxx xxx xxx katten xxx xxx

Kansen Natuurlijk gemeentelijk groen. Bij vervanging van bomen en struiken of bij nieuwaanleg kiezen voor inheemse soorten, waarbij autochtoon plantmateriaal gebruikt wordt. Monoculturen in beplantingen omvormen in soortenrijke beplantingen. Gazonbeheer vervangen door hooilandbeheer zonder bemesting op plekken waar dat niet op te grote bezwaren stuit. Bij ruimtelijke plannen meer rekening houden met aanwezige (oude) bomen. Streven naar een aaneengesloten netwerk van groenstructuren (gemeentelijk groen én overig groen). Aanpassen straat- en trottoirkolken. Straat- en trottoirkolken zodanig aanpassen dat minder dieren hier het slachtoffer van worden. Ook kunnen aan weerszijden van de kolken de trottoirbanden die met het straatoppervlak een hoek van 90 graden maken vervangen worden door banden die een hoek van 45 graden of minder met de straat maken. Deze vormen voor trekkende amfibieën geen belemmering. Diervriendelijke na-isolering woningen en andere gebouwen. Maatregelen om te voorkomen dat vleermuizen ingesloten en gedood worden en nestlocaties van bijvoorbeeld gierzwaluw en huismus verloren gaan door na-isolatie vraagt om samenwerking tussen vleermuisdeskundige ecologen en na-isolatiebedrijven. Een natuurinclusieve aanpak is belangrijk omdat deze soorten meer nodig hebben dan alleen een verblijfplaats.

De omgeving moet ook geschikt zijn om voedsel te zoeken (natuurlijk groen, divers insectenaanbod, duisternis), om zich door te bewegen (groene donkere natuurwegen) en om in verschillende seizoenen en weersomstandigheden te verblijven (netwerk van verblijfplaatsen). Ontstening tuinen. Steen eruit, planten (die niet zijn behandeld met chemische bestrijdingsmiddelen) erin. Voorlichting aan inwoners. Koppelen aan bestrijding eikenprocessierups, hittestress, verdroging, groen is relaxed, etc. Schade door katten verminderen. Bevolking voorlichten over schade door katten en wat je er aan kunt doen.

Gemeente Aalten

Pagina 47

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

Invloed verzilvering kansen op de ambassadeursoorten:

kansen huismus laatvlieger gierzwaluw braamsluiper natuurlijk gemeentelijk groen x x x x aanpassen straat- en trottoirkolken diervriendelijke na-isolering bebouwing x x x ontstening tuinen x x x x schade door katten verminderen x x

Uitgevoerde en actuele initiatieven Eikenprocessierups: zie uitgevoerde en actuele initiatieven hoofdstuk 8. Omvorming gazons. In de bebouwde kommen heeft de gemeente Aalten bezig een derde van de gazons (circa 10 hectare) omgevormd in bloemrijk grasland door het inzaaien van bloemenmengsels. De biodiversiteit zal hierdoor flink toenemen, terwijl op termijn de beheerkosten zullen afnemen. De delen van dit bloemrijke grasland onder eiken wordt alleen in het najaar gemaaid om zo een maximale bijdrage te leveren aan het bestrijden van de eikenprocessierups. Gevelgroen. Op diverse plekken in het centrum van Aalten heeft de gemeente gevelgroen aangebracht om de biodiversiteit te verhogen en het klimaat te verbeteren. Prairiebeplanting. Op verschillende plekken is in de bebouwde kom het gemeentelijke groen verrijkt met prairiebeplanting. Dit zijn visueel aantrekkelijke, rijk bloeiende, onderhoudsarme plantvakken met uitheemse soorten. Veel algemeen voorkomende insecten vinden hier voedsel in de vorm van nectar maar kunnen hier niet hun hele levenscyclus voltooien. Dat kan opgelost worden door prairiebeplanting af te wisselen met stroken inheems kruidenrijk grasland. Belangrijk is dat de prairiebeplanting die geplant wordt vrij van gif is (On the way to PlanetProof, Groenkeur certificering of het NL Greenlabel duurzaamheidscertificaat). Groene Stad Challenge.

De gemeente Aalten heeft zich in 2021 aangemeld voor de Groene Stad Challenge. Het vergroenen van de gemeente begint bij inzicht. Welke buurt is het groenst? Hoeveel groen heeft iedere inwoner tot zijn beschikking? En waar ontbreekt het juist aan beplanting? De Groene Stad Challenge geeft op basis van data-analyses, satellietbeelden, luchtfoto’s en Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT) diepgaand inzicht in de mate van vergroening per wijk of buurt binnen de gemeente. Zo wordt duidelijk waar het al goed gaat en waar de vergroeningspotenties aanwezig zijn. Voor een periode van 3 jaar worden de resultaten van het data-onderzoek geanalyseerd en krijgt de gemeente Aalten een goed inzicht in het groen binnen de bebouwde kommen. Meer info over het project is te vinden via https://groenestadchallenge.nl/. Ben je nou helemaal betegeld?! Tijdens de Duurzaamheidsdag van de gemeente Aalten is speciale aandacht besteed aan de actie ‘Ben je nou helemaal betegeld?!’ Inwoners konden een (stoep)tegel meebrengen en kregen in ruil daarvoor een plant voor in de tuin. Van de actie is veel gebruik gemaakt; al voor aanvang van de dag stonden mensen met hun tegels op de stoep van de gemeentewerf. Bij de actie werd samengewerkt met het Waterschap Rijn

Gemeente Aalten

Pagina 48

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

en IJssel en met lokale duurzame kwekers. Acties als deze vergroten op een positieve wijze het bewustzijn van mensen, om hun tuin zodanig in te richten dat deze bijdraagt aan het versterken van de biodiversiteit, ook binnen de bebouwde kom.

Samen met de grutto zijn veel soorten uit het cultuurlandschap rond Aalten verdwenen of bijna verdwenen.

Gemeente Aalten

Pagina 49

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

9 Top 3 acties Per actor zijn in dit hoofdstuk de 3 belangrijkste (mogelijk) uit te voeren acties weergegeven.

Top 3 acties gemeente Aalten In deze paragraaf zijn de 3 belangrijkste acties weergegeven die de gemeente Aalten kan uitvoeren om de biodiversiteit te vergroten. Overige mogelijke acties zijn in hoofdstuk 10 opgenomen.

1. Bermbeheer: Opstellen en uitvoeren ecologisch beheerplan bermen en sloten Het beheer van bermen en aangrenzende bermsloten bestaat vaak uit het klepelen van de begroeiing, waarbij de planten tot kleine stukjes worden versnipperd en in de berm achterblijven. Hierdoor wordt de berm steeds voedselrijker en verdringen grassen de kruiden. Dit proces wordt versterkt door de neerslag van stikstofverbindingen. Bovendien verzuren bermen door deze neerslag waardoor mineralen uitspoelen en de groeiplaatsomstandigheden voor kruiden slechter en voor grassen beter wordt. Voor de biodiversiteit van de bermen en sloten is maaien en vervolgens afvoeren van het maaisel de beste optie. Tijdens het maaien worden regelmatig stukken overgeslagen (bijvoorbeeld stukken die volop in bloei staan) ten behoeve van de fauna. Niet meer dan 80% van de berm wordt gemaaid. Het maaischema (maaifrequentie en tijdstippen van maaien) moet daarbij aangepast zijn op de bermtypen en de doeltypen waar het beheer vervolgens op gericht is. Uitvoering van het beheer kan het beste door de vegetatie te maaien en het maaisel vervolgens enkele dagen te laten liggen alvorens het uit de berm verwijderd wordt. Zaden hebben dan de tijd af te rijpen en in de berm te vallen en allerlei dieren in het maaisel hebben de tijd om een goed heenkomen te zoeken.

Dit is een bewerkelijke methode met meerdere werkgangen en daarom relatief duur. Een goed alternatief is een maaizuigcombinatie met ecokop. Daarbij vinden alle werkzaamheden in één werkgang plaats. Door het gebruik van de ecokop worden geen zaden en dieren van de bodem opgezogen. Op dit moment is de ecokop nog in ontwikkeling, dus kan momenteel nog niet ingezet worden. Ideaal is een GIS-systeem op de trekker waarop de beheerder tijdens de uitvoer van het beheer kan zien welk beheer gewenst is op locatie en waar exact struiken, dwergstruiken als struikheide en invasieve exoten staan welke gespaard moeten blijven. De neerslag van stikstofverbindingen neemt al enkele tientallen jaren af. De verwachting is dat dit doorzet in de toekomst. De meeste schade door stikstof is in het verleden veroorzaakt. Wellicht is het een optie om bij wijze van experiment op een aantal plekken met ecologisch bermbeheer door het toevoegen van kalk en mineralen (steenmeel) de mineraalhuishouding weer op orde te brengen. Als dit uitgevoerd wordt op plekken die zich ondanks ecologisch bermbeheer slecht ontwikkelen kan het geen kwaad. Optimaal zou zijn: in 5 topbermen met ecologisch beheer en in 5 bermen die in kwaliteit aanzienlijk achteruit

Gemeente Aalten

Pagina 50

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

zijn gegaan bodemonderzoek uitvoeren en op basis van de uitkomsten maatregelen uitvoeren en goed volgen wat de effecten zijn. De uitvoering van ecologisch bermbeheer is vooral in het begin duurder dan het klepelen. Op lange termijn kan het aantal maaibeurten bij ecologisch bermbeheer zodanig teruglopen dat het kan concurreren met klepelbeheer. Bovendien kan bij voorzetting van klepelbeheer het aantal maaibeurten op den duur toenemen doordat de bermen steeds voedselrijker worden en daardoor het klepelbeheer duurder wordt. Het is zinvol om voordat gestart wordt met ecologisch bermbeheer er eerst een plan van aanpak wordt opgesteld op basis van een inventarisatie van de bermen waarbij de bermen ingedeeld worden in een aantal bermtypen en het beheer op deze typen en/of doeltypen afgesteld. Het bermmaaisel kan verwerkt worden tot bokashi of compost dat vervolgens in de landbouw wordt toegepast ter verbetering van de bodem.

Gemeente Aalten

Pagina 51

Inspiratiegids biodiversiteit gemeente Aalten, op weg naar biodiversiteit

Figuur 4. De kosten van de verschillende vormen van bermbeheer (bon: www.stad-en-groen.nl 2018).

In een artikel op www.stad-en-groen.nl uit 2018 zijn de kosten voor de verschillende vormen van bermbeheer weergegeven. Zie figuur 4. De praktijk kan echter nogal afwijken van dit overzicht. Zo zijn de kosten van het hooilandbeheer (maaien en enkele dagen later het maaisel oprapen en afvoeren) door de agrarische natuurvereniging Groengoed in de gemeente Oost Gelre (inclusief het verwerken van het maaisel in de vorm van bokashi) € 0,10 per vierkante meter per jaar, uitgaande van tweemaal maaien per jaar (prijspeil 2020). Dit is aanzienlijk voordeliger dan de € 0,27 die in figuur 4 genoemd staat en is in prijs vergelijkbaar met klepelbeheer. Daarbij moet wel opgemerkt worden dat de bermen in de gemeente Oost Gelre gemiddeld al vrij schraal zijn en dat het werk door leden (agrariërs) van de vereniging wordt uitgevoerd waardoor de transportafstanden laag zijn en het maaisel op de bedrijven van deze agrariërs verwerkt wordt. Zowel vanuit kostenoverwegingen als vanuit biodiversiteitsoogpunt is het gunstig om rond bomen niet handmatig bij te maaien en

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Aalten&id=e2d7ddf2-ad88-42c7-a9aa-f566a2adc2ad