Toelichting bp Kudelstaart 2020.pdf
Tekst van het document
Unesco erfgoederen van uitzonderlijke universele waarden (artikel 20 t/m 22, artikel 6.44 Omgevingsverordening) Voor de gronden gelegen binnen de grenzen van de Stelling van Amsterdam dienen in het bestemmingsplan regels te worden opgenomen ten behoeve van het behoud of versterking van de kernkwaliteiten van de erfgoederen van de uitzonderlijke universele waarde, zoals omschreven in de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie. De grenzen van de Stelling van Amsterdam liggen binnen het bestemmingsplan over een gebied waar glastuinbouw is gevestigd. Dit is tevens zo bestemd in het voorgaande bestemmingsplan Kudelstaart 2006. In dit bestemmingsplan worden de gronden bestemd conform de bestaande situatie en regelingen van het voorgaande bestemmingsplan.
Ligging Stelling van Amsterdam
Glastuinbouw (artikel 26c, artikel 6.32 Omgevingsverordening) Het oostelijk deel van het plangebied valt onder het glastuinbouwconcentratiegebied. In de PRV zijn de volgende regels opgenomen ten aanzien van glastuinbouwbedrijven: <0000> Nieuwvestiging of verplaatsing van glastuinbouwbedrijven is alleen mogelijk in glastuinbouwconcentratiegebied
Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 44 van 91
<0000> <0000>
<0000> <0000>
<0000> <0000>
<0000>
Uitbreiding van bestaande glastuinbouwbedrijven, waardoor de totale omvang van het agrarisch bouwperceel meer dan 2 ha gaat bedragen, is alleen mogelijk in glastuinbouwconcentratiegebied of tuinbouwconcentratiegebied Een bestemmingsplan voorzien in de uitbreiding van een glastuinbouwbedrijf tot een totale omvang van meer dan 2 ha, mits het bedrijf grenst aan bestaand stedelijk gebied, niet grenst aan andere glastuinbouwbedrijven, sprake is van grondgebonden teelt en de uitbreiding leidt tot een verbeterde duurzame bedrijfsvoering, waarbij het bedrijf een aantoonbare duurzame synergie heeft met de aangrenzende stedelijke functies. Een bestemmingsplan dat betrekking heeft op een glastuinbouwconcentratiegebied, kan bestemmingen of regels bevatten voor bedrijven met kassen gericht op zaadveredeling, plantenveredeling, scholing en onderzoek. Een bestemmingsplan dat betrekking heeft op een glastuinbouwconcentratiegebied, kan bestemmingen of regels bevatten die activiteiten mogelijk maken die niet zijn gelieerd aan glastuinbouw mits deze bedrijven aantoonbaar bijdragen aan de verduurzaming van de aanwezige glastuinbouwbedrijven. Er geldt geen maximale omvang voor een agrarisch bouwperceel van een glastuinbouwbedrijf in een glastuinbouwconcentratiegebied of tuinbouwconcentratiegebied.
Indien sprake is van verplaatsing van een glastuinbouwbedrijf naar glastuinbouwconcentratiegebied en er op de bestaande locatie geen sprake is van een opvolgend glastuinbouwbedrijf, dient zeker te worden gesteld dat de kassen worden gesloopt. Gedeputeerde staten kunnen, gehoord de desbetreffende commissie van provinciale staten, de begrenzing van het glastuinbouwconcentratiegebied en tuinbouwconcentratiegebied, zoals aangegeven op kaart 7 en de verbeelding ervan, wijzigen.
In het oostelijk deel van het plangebied is glastuinbouw gevestigd. Dit is tevens zo bestemd in het voorgaande bestemmingsplan Kudelstaart 2006. In dit bestemmingsplan worden de gronden bestemd conform de bestaande situatie en regelingen van het voorgaande bestemmingsplan.
Ligging glastuinbouwconcentratiegebied
Zaadveredelingsbedrijven (artikel 26d, artikel 6.34 Omgevingsverordening) In de provinciale verordening zijn 4 percelen opgenomen waar zich zaadveredelingsbedrijven bevinden. Zaadveredelingsbedrijven zijn uitsluitend Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 45 van 91
toegestaan in een zaadveredelingsconcentratiegebied. Uitbreiding is alleen toegestaan van bestaande zaadveredelingsbedrijven.
Locaties zaadveredelingsbedrijven
Regionale waterkeringen (artikel 30, artikel 6.72 Omgevingsverordening) Langs de Herenweg, Kudelstaartseweg en Bachlaan is een regionale waterkering gelegen. Deze waterkering is op de verbeelding van dit bestemmingsplan opgenomen waaraan regels verbonden zijn. 6.3.3 Leidraad Landschap en Cultuurhistorie Zie voor de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie paragraaf 7.4.2.
6.4 Gemeentelijk beleid 6.4.1 Gebiedsvisie Aalsmeer 2020 Het actuele ruimtelijke beleid van de gemeente is neergelegd in de Gebiedsvisie Aalsmeer 2020, zoals vastgesteld door de raad van de gemeente op 26 november 2009. De Gebiedsvisie heeft de status van structuurvisie op grond van de Wet ruimtelijke ordening. Ingevolge de gebiedsvisie dient het ruimtelijke beleid van de gemeente gericht te zijn op een duurzame en kwalitatief sterke ontwikkeling van economie, wonen en recreatie met als voorwaarde het behoud van de leefbaarheid, het dorpse karakter, de bereikbaarheid en het op peil brengen en houden van voorzieningen. De aandacht dient verlegd te worden van uitbreiding naar verbetering van de kwaliteit van de leefomgeving. Functies of ontwikkelingen die dit frustreren moeten worden tegengegaan. Uit de gebiedsvisie volgt voor het plangebied Kudelstaart een aantal thema's die in het kader van de kwaliteit van de leefomgeving aandacht behoeven: Ruimtelijk karakter Voor Aalsmeer zijn er goede mogelijkheden in een ontwikkelingsrichting die uitgaat van het besef dat de gemeente Aalsmeer over unieke cultuurhistorische en landschappelijke kwaliteiten beschikt. De ruimtelijke structuren zoals de Westeinderplassen, de Bovenlanden, de historische dorpskernen en de lintstructuren, vertellen gezamenlijk het verhaal van de ontstaansgeschiedenis van de gemeente. Ten aanzien van het
Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 46 van 91
ruimtelijk karakter wordt er voor gekozen het accent te leggen op het behoud en versterken van het dorpse karakter. Dit karakter wordt voor Kudelstaart bepaald door haar historische dorpskern en in de lintstructuur van de Hoofdweg, Mijnsherenweg, Kudelstaartseweg en Herenweg. De dorpskern Kudelstaart ligt ten zuiden van de Kudelstaartseweg, tussen de Herenweg en de Madame Curiestraat. De kenmerkende bebouwing voor Kudelstaart is individuele en afwisselende bebouwing, afwisselend in 1 of 2 bouwlagen met kap. Karakteristieke elementen zijn doorzichten naar het water en de kerk. Daarnaast is het van belang de lintstructuren met kleinschalige bebouwingspatronen te waarborgen waarbij een afwisseling tussen openheid en dichtheid behouden dient te blijven. Gestapeld bouwen kan een inspirerende invulling geven aan herstructurerings en transformatielocaties. Het kan plekken markeren waar wonen en werken samenkomen (kruispunten en belangrijke assen) en het kan bovendien bijdragen aan het creëren van aantrekkelijke woonmilieus (zoals hoogbouw in een groenblauwe setting). Als gestapeld bouwen wordt toegepast, zal deze op een goede manier stedenbouwkundig worden ingepast in de omgeving en het landschap.
Concrete zoekgebieden zijn bijvoorbeeld de Stommeer en de te ontwikkelen groenrode locaties aan de Legmeerdijk (Machineweg/Hornweg, Aalsmeerderweg/Legmeerdijk en Kudelstaart Herenweg/ Bilderdammerweg). Groen en water De gebiedsvisie richt zich op het creëren van een duidelijke hoofdstructuur en het verkrijgen van meer kwaliteit op het gebied van groen en water op wijkniveau. Door de schaarse ruimte zijn de mogelijkheden daarvoor echter beperkt en is daarom maatwerk gewenst. Behoud en herstel van bestaande structurele water en groenelementen zijn daarom belangrijke doelen in de gebiedsvisie. Deze doelen kunnen op hoofdlijn worden bereikt door op gemeenteniveau: <0000> de Westeinderplassen en Bovenlanden aan te wijzen als structuurdragers van het groenblauw netwerk; <0000> de gebieden die deel uitmaken van het Groene Hart en de sloopzone (veiligheidscontour Schiphol) aan te wijzen als kansrijke zoeklocaties voor verdere structuurversterking van groen en water; <0000> de parken als de groene parels van Aalsmeer te beschouwen. En op wijkniveau: <0000> aandacht voor de aanwezigheid van groen en water in en nabij nieuwe en bestaande woongebieden. Wonen Op het gebied van wonen wil de gemeente de accenten verleggen en meer aandacht besteden aan de kwaliteit van de woonomgeving.
Maar tegelijkertijd wil Aalsmeer ook het woningaanbod op peil houden en in de toekomst geschikte woningen kunnen blijven aanbieden, passend bij de vraag en het karakter van Aalsmeer. De volgende aspecten zijn daarbij van belang: meer differentiatie in het woningbouwprogramma, aandacht voor de woonomgeving, duurzaam bouwen en duurzame energie, herstructurering en het op peil houden van het woningaanbod. Voor Kudelstaart zijn de volgende doelen van toepassing: <0000> ruimte voor goedkopere en kleinere woningen voor de doelgroepen één en tweepersoonshuishoudens, gelijkvloerse woningen en levensloopbestendige woningen, moet zoveel mogelijk in bestaand dorpsgebied worden gezocht en door middel van herontwikkeling of herstructurering worden gerealiseerd;
Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 47 van 91
<0000> <0000>
de ruimte voor wonen en zorg wordt vooral gezocht in of in directe nabijheid van de woonzorgzones in de kernen Aalsmeer dorp, Nieuw Oosteinde en Kudelstaart; het gebied tussen de Bilderdammerweg en de Herenweg (Westeinderhage) is het uitleggebied voor nieuwbouw. Hierbij kan maximaal invulling worden gegeven aan de juiste doelgroepen en kan bijzonder aandacht worden besteed aan groen en water in de wijk.
Bedrijvigheid Aalsmeer wil de groei van de economie accommoderen door het Greenportbeleid uit te voeren en overige economie, toerisme en recreatie te bevorderen. Glastuinbouwbedrijven met perspectief worden op de daarvoor aangewezen terreinen (Kudelstaart en Schinkelpolder) gevestigd. Buiten deze terreinen is in de gemeente geen plaats meer voor nieuwvestiging of verplaatsing van grootschalige glastuinbouw. Groei van grootschalige bedrijvigheid in de linten dient tegen te worden gegaan. Actieve uitplaatsingen zullen niet worden ondernomen. In de linten dient ontvlechting van wonen en bedrijvigheid plaats te vinden. Het gaat hier in eerste instantie om lokale bedrijven die vanwege de aard en schaal op de huidige locatie klem zitten. In de linten met diepe achtererven is in de loop der tijd bedrijfsbebouwing in diverse maatvoeringen en vormgeving gerealiseerd. Dit heeft niet in alle gevallen bijgedragen aan een hoge beeldkwaliteit. Grootschalige (bedrijfs)bebouwing doet afbreuk aan het rechtlijnige karakter van de landschapslijnen en aan de oorspronkelijke lintstructuur. Het is niet reëel te veronderstellen dat dergelijke ontwikkelingen kunnen worden teruggedraaid. Uitgangspunt is dat verdergaande grootschalige ontwikkelingen zoveel mogelijk moeten worden beperkt en nieuwe ontwikkelingen moeten bijdragen aan een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit ter plaatse.
Oplossingsrichtingen hierbij zijn het zoeken naar nieuwe locaties voor bedrijven die op de huidige plek ‘op slot’ zitten. Bij nieuwe initiatieven (sloopherbouw of kleinschalige uitbreiding) vormen de verhouding met de maatvoering van de woningen, het lijnvormig karakter van de linten en de haakse landschappelijke structuren en eventuele doorzichten naar het achterliggende polderlandschap een belangrijke elementen in het afwegingskader. Er zal moeten worden gezorgd voor afscherming van de woonlinten door een groenzone tussen het woonlint en de bedrijvigheid te plaatsen. Detailhandel De detailhandel in Aalsmeer heeft en houdt een lokale functie. de groei van de detailhandel volgend op de bevolkingsgroei wordt gestimuleerd en gefaciliteerd. Groei van detailhandel vindt enkel plaats om de bestaande detailhandelskernen (Aalsmeer Centrum, Ophelialaan, Kudelstaart en NieuwOosteinde). Het perspectief voor de detailhandel in Aalsmeer is in belangrijke mate gebaseerd op het bedienen van de eigen inwoners. Daarnaast zet de gemeente in op een groei van recreatie e toerisme, waarbij ook de winkelcentra zullen profiteren. In Aalsmeer wordt onderscheid gemaakt in een hoofdwinkelcentrum (Aalsmeer Dorp), boodschappencentra (Nieuw Oosteinde, Ophelialaan en Kudelstaart) en perifere detailhandel (Hornmeer).
Bij deze indeling wordt aangesloten bij de bestaande winkelstructuur en wordt verdere spreiding van winkelvestigingen in bijvoorbeeld linten tegengegaan. De inzet daarbij is om de bestaande vestigingen in of achter de linten geen uitbreiding meer te bieden. Recreatie en toerisme De ontwikkeling van recreatie en toerisme wordt bevorderd. De nadruk zal liggen op de kwaliteit van het toeristischrecreatieve product en niet op het aantrekken van grote hoeveelheden toeristen (over water). Aalsmeer kiest voor een tweeledige ontwikkeling. Enerzijds heeft Aalsmeer een internationale uitstraling op het gebied van bloemen. Anderzijds heeft Aalsmeer een meer authentiek dorps karakter, waarbij de kleinschaligheid juist de charme is.
Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 48 van 91
In algemeenheid wordt het verbeteren van de vaar, fiets en wandelroutes aanbevolen. Daarnaast is er behoefte aan extra hotelbedden ten behoeve van een langer verblijf van gasten. Ook kan worden gedacht aan het vergroten van de mogelijkheden voor bed en breakfast accommodaties. Maatschappelijke voorzieningen Aalsmeer streeft naar een optimaal voorzieningenniveau op het gebied van zorg, welzijn, onderwijs, kinderopvang, sport cultuur en vrije tijd. Aalsmeer wil vooral werken aan de juiste voorziening op de juiste plaats, en de aantrekkelijkheid en bereikbaarheid van de verschillende verzorgingsgebieden (Aalsmeer, Oosteinde en Kudelstaart) en de maatschappelijke voorzieningen op deze centrale locaties concentreren. Ten aanzien van zorg en welzijn wordt ingezet op multifunctionele accommodaties waarin een samenhangend geheel van zorg en welzijnsvoorzieningen wordt gehuisvest voor de kernen Nieuw Oosteinde, Aalsmeer en Kudelstaart. Ten aanzien van onderwijs en kinderopvang is het van belang de capaciteit van basisscholen op peil te houden. Daarnaast is voldoende kwalitatief goede voorzieningen voor buitenschoolse opvang en kinderopvang essentieel voor een goed werkende economie. De aanwezigheid van kwalitatief goede voorzieningen in de directe woonomgeving is belangrijk. De ruimte voor deze voorzieningen kan gezocht worden op locaties waar nu al basisscholen gevestigd zijn.
Op cultureel gebied en op het gebied van sport zijn in kwantitatief opzicht voldoende voorzieningen aanwezig. Belangrijk voor de toekomst is te streven naar een kwaliteitsverbetering en goede spreiding van accommodaties over de kernen. Bereikbaarheid en infrastructuur Het evenwicht tussen de groei van de woningbouw, bedrijvigheid en recreatie en de capaciteit van het wegennetwerk ontbreekt. Aalsmeer ziet het als een noodzaak om het evenwicht te herstellen en de wegenstructuur van Aalsmeer te optimaliseren. Ook zijn ingrepen in het lokale wegennet noodzakelijk, om de bereikbaarheid van wijken en de verkeersveiligheid te kunnen verbeteren. Een verdere druk op de linten kan indirect worden voorkomen, door in de linten geen (nieuwe) grootschalige, verkeersaantrekkende functies toe te staan. Groen-rode identiteit Oosteinde en Kudelstaart In de Gebiedsvisie is voor de vijf meest belangrijke ontwikkelingsgebieden een nadere uitwerking gemaakt. Kudelstaart valt binnen het ontwikkelingsgebied 'Groenrode identiteit Oosteinde en Kudelstaart'.
Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 49 van 91
Groen-rode identiteit Kudelstaart Zuid
Het driehoekige gebied ten zuiden van Kudelstaart is één van de weinige plekken waar nog geen bebouwing heeft plaatsgevonden of waar specifieke plannen voor zijn gemaakt. Het is daarmee één van de gebieden langs de zuidrand van de gemeente waar de identiteit nog blanco is en in het kader van deze gebiedsvisie moet worden bepaald. Voor het bepalen hiervan wordt uitgegaan van de gebiedseigen kwaliteiten: de ligging in de directe nabijheid van de Westeinderplassen, het overgangsgebied van bebouwd naar open agrarisch gebied, de ligging binnen geluidscontouren van Schiphol. Het gebied ligt tegen de grens met twee buurgemeenten: Uithoorn en Kaag en Braassem. Vanuit deze optiek leent het gebruik van dit gebied zich het beste voor een overwegend groene invulling, gecombineerd met een licht toeristischrecreatief gebruik. Gedacht kan worden aan mogelijkheden voor kleinschalige verblijfsrecreatie en het uitzetten van aantrekkelijke fiets/wandelroutes richting het Groene Hart. Mogelijk vindt de Drechtdoorsteek zijn weg in de Vriesekoopsepolder (Provincie ZuidHolland). Dit wordt vanuit deze visie van harte ondersteund. De doorsteek is een belangrijke stap in de ambitie om meer watersportrecreanten naar de Westeinderplassen en Aalsmeer Dorp te trekken. Met de doorsteek wordt een kansrijke verbinding in het Toervaartnet gerealiseerd en worden problemen bij de Leimuiderbrug verminderd.
Vanuit ruimtelijk oogpunt zijn daarbij de volgende randvoorwaarden van belang: <0000> De doorsteek dient een belangrijke drager te zijn voor groenblauwe ontwikkelingen, deels gecombineerd met een toeristischrecreatief gebruik. Gedacht kan worden aan mogelijkheden voor kleinschalige verblijfsrecreatie en het uitzetten van aantrekkelijke fiets/wandelroutes richting het Groene Hart; <0000> Het toevoegen van een waterverbinding leidt tot extra barrières in de bestaande wegeninfrastructuur (Herenweg en Hoofdweg). Hier dienen veilige en duurzame oplossingen voor gevonden te worden Uitvoeringsparagraaf Gebiedsvisie Op 18 december 2014 heeft de gemeenteraad de uitvoeringsparagraaf met uitvoeringsagenda van de Gebiedsvisie Aalsmeer 2020 vastgesteld. Hierin worden
Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 50 van 91
verschillende strategische beleidsvoornemens uitgewerkt in concrete acties. Aangegeven wordt hoe deze activiteiten financieel gedekt worden en op welke termijn deze worden gerealiseerd. De activiteiten en maatregelen worden uitgesplitst in doe, denk en droomplannen. Doeplannen kenmerken zich door een hoogste prioriteit waarmee met beperkte middelen snel resultaat kan worden geboekt. Hiermee kan direct aan de slag worden gegaan. Denkplannen hebben ook een hoge prioriteit maar vragen meer onderzoek. Hier dienen vooral kansen benut te worden zodra ze zich voordoen. Tot slot dragen de droomplannen bij aan de ontwikkeling van Aalsmeer maar zijn deze niet op korte termijn realiseerbaar. Dit bestemmingsplan is conserverend van aard. Het plan frustreert de realisatie van de ambities niet. Uit de uitvoeringsagenda vloeien verschillende voor het plangebied relevante beleidsacties. Deze zijn recent uitgevoerd/vastgesteld of zullen de komende jaren worden opgepakt. Dit betreft bijvoorbeeld de realisatie van een horecagelegenheid op de kruising Kudelstaartseweg/ Robend. Deze is gerealiseerd en de herinrichting van het fietspad langs de Hoofdweg welke in 2014 is uitgevoerd. In de uitvoeringsparagraaf van de gebiedsvisie is ten aanzien van de groenrode identiteit van Kudelstaart zuid aangegeven dat vast is komen te staan dat in dit gebied geen nieuwe initiatieven worden uitgevoerd.
De agrarische doelstelling blijft gehandhaafd, het sportgebied wordt eventueel geïntensiveerd en woningbouw wordt pas na 2020 voorzien. 6.4.2 Aalsmeers Verkeer- en vervoerplan Voor de bereikbaarheid van Aalsmeer is de aanleg van de 'omgelegde N201' van cruciaal belang. De omlegging van de N201 leidt tot een gehele nieuwe verkeersstructuur in Aalsmeer. Voor de toekomst is de opgave de gemeente bereikbaar te houden en tegelijkertijd de woonkernen te ontlasten. In het eind 2009 vastgestelde Aalsmeers verkeer en vervoerplan (AVVP) zijn drie doelstellingen vastgelegd: <0000> het verbeteren van de regionale en lokale bereikbaarheid met alle vervoerswijzen; <0000> zorgen voor een verkeersveilige leefomgeving; <0000> zorgen voor een leefbaar verblijfsklimaat. In de AVVP zijn diverse wensbeelden opgenomen voor de wegcategorisering binnen Aalsmeer. In het AVVP is per kern ingegaan op de gemaakte afwegingen voor de verkeerssituatie. De belangrijkste discussiepunten in Kudelstaart hebben betrekking op de Kudelstaartseweg, Hoofdweg, de Mijnsherenweg en de Bilderdammerweg. Het gaat hierbij vooral om de verkeersveiligheid. De belangrijkste keuzes die betrekking hebben op Kudelstaart vinden plaats op de Kudelstaartseweg en de Mijnsherenweg. De variaties in snelheid laten een verschuiving van intensiteit zien tussen beide wegen. In het AVVP is ook gekeken naar routes voor goederenvervoer.
Uitgangspunt is dat de werkgebieden en bedrijventerreinen goed toegankelijk moeten zijn voor vrachtverkeer zonder dat sprake is van overlast in woon en werkgebieden. De wegen voor goederenvervoer moeten voldoende breed zijn en er geldt in principe een maximum snelheid van 50 km/uur. Ten aanzien van het goederenvervoer is het wensbeeld dat deze over de Hoofdweg en Mijnsherenweg rijdt en daarmee Kudelstaart bediend. Ten aanzien van het fietsverkeer moet deze op korte afstanden (< 7,5 kilometer) een serieus alternatief vormen voor de interne autoverplaatsingen. Aalsmeer moet daarom een herkenbare fietsinfrastructuur krijgen, waarbij naast veiligheid comfort en snelheid uitgangspunten zijn. Dit betekent naast directe en veilige routes ook goede en voldoende stallingvoorzieningen bij de belangrijkste (publiekstrekkende) bestemmingen. De nadruk in het fietsbeleid ligt op verbeteren van utilitaire verbindingen. De aanleg van ontbrekende schakels in de regionale en lokale hoofdroutes heeft de hoogste prioriteit, omdat hiervan het meeste effect wordt verwacht. Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 51 van 91
Het beleid van de gemeente Aalsmeer is erop gericht om in nieuwe woon en werkgebieden voldoende parkeerplaatsen aan te leggen (conform de parkeernota van Aalsmeer). Voor de bestaande wijken geldt dat het uitbreiden van parkeerruimte vaak moeilijk is te realiseren vanwege de beschikbare ruimte. Als richtlijn voor een acceptabele loopafstand tussen parkeerplaats en de woning wordt maximaal 100 meter gehanteerd. Het parkeren op bedrijventerreinen van bedrijfswagens en personenauto's moet in principe op eigen terrein van de bedrijven gebeuren. 6.4.3 Nota Parkeernormen Aalsmeer 2016 Eind 2012 heeft het CROW (Landelijk kenniscentrum voor verkeer en vervoer) nieuwe parkeerkencijfers gepubliceerd. De 'oude' cijfers dateren van 2004 en dienden als basis voor de parkeernormen zoals vastgesteld in het Aalsmeer Verkeer en Vervoerplan (AVVP). In het AVVP zijn echter alleen normen opgenomen voor de categorie 'wonen'. De aanleiding voor deze Nota Parkeernormen Aalsmeer is als volgt: <0000> Naast de normen voor de categorie wonen zijn er nog geen parkeernormen vastgesteld voor Aalsmeer en Kudelstaart; <0000> De parkeernormen uit 2004 en uit het AVVP zijn niet meer actueel; <0000> De nieuwe kencijfers van het CROW zijn gebaseerd op de meest actuele en recente ervaringscijfers; <0000> Parkeernormen moeten vanaf 2018 zijn opgenomen in bestemmingsplannen.
Door in toekomstige bestemmingsplannen via de regels een verwijzing op te nemen naar deze Nota Parkeernormen inclusief toepassingsregels wordt aan deze verplichting voldaan en geldt voor iedereen een eenduidig kader. Het vaststellen van parkeernormen en toepassingsregels is om diverse redenen belangrijk en nuttig. Door het parkeren nadrukkelijk te toetsen en de juiste parkeernorm zo vroeg mogelijk in een planproces te bepalen wordt parkeeroverlast voorkomen en wordt de verkeersveiligheid verbeterd. Indien een ontwikkelaar namelijk te weinig parkeerplaatsen realiseert op eigen terrein, gaan er ook mensen in de omgeving parkeren met mogelijk parkeeroverlast en verkeersonveilige situaties tot gevolg. Voor burgers, bedrijven en ontwikkelaars is met deze nota duidelijk welke normen gehanteerd worden bij een aanvraag. Bovendien bevat de nota duidelijke toepassingsregels om uit te leggen hoe de parkeernormen gehanteerd moeten worden. Hierdoor zorgen we er als gemeente voor dat er voldoende parkeerplaatsen aanwezig zijn en dat mogelijk verwachte parkeerproblemen vanaf het begin van het planproces worden voorkomen. 6.4.4 Horecabeleid Aalsmeer 2016-2020 Horeca vormt één van de belangrijke pijlers voor de Aalsmeerse economie en voor recreatie en toerisme. Zo zorgt horeca voor meer bestedingen, werkgelegenheid en een aantrekkelijk vestigingsklimaat.
Ook zorgt een goed horecaaanbod ervoor dat bezoekers, van regiobewoners tot buitenlandse toeristen, langer in Aalsmeer verblijven en dat zij hun bezoek positiever waarderen. Een goed horecaaanbod bevordert het floreren van andere sectoren, zoals detailhandel en de watersportsector. Kortom, horeca maakt Aalsmeer aantrekkelijker voor bewoners en bezoekers en draagt bij aan de Aalsmeerse economie. De horeca in Aalsmeer is voornamelijk in het centrum en in de waterrijke gebieden gevestigd. Ook kent Aalsmeer een bloeiend verenigingsleven waarin horeca een rol vervult.
Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 52 van 91
Het horecabeleid, dat was opgesteld in 2005, was verouderd. In 2014 is het Aalsmeerse horecabeleid geëvalueerd. De aanbevelingen die uit de evaluatie naar voren zijn gekomen zijn uitgewerkt in deze geactualiseerde horecanota. Ook zet het college in op deregulering en vermindering van administratieve lasten ten gunste van ondernemers. Voor toerisme en recreatie in brede zin en voor de specifieke invulling door horeca in het bijzonder, is een aantal ontwikkelgebieden te onderscheiden. Voor deze gebieden worden suggesties en wensen genoemd met betrekking tot het toevoegen van recreatie en horeca. Voor Kudelstaart betreft dit het versterken van de verblijfsfunctie van het waterfront in Kudelstaart en het creëren van een Toeristisch Overstappunt bij de loswal (beide gelegen buiten het plangebied) en het exploiteren van een café in Kudelstaart (café Op de Hoek). 6.4.5 Woonvisie 2011-2020 Op 14 juli 2011 heeft de gemeenteraad de Woonvisie Aalsmeer 20112020 vastgesteld. De woonvisie Aalsmeer verwoordt het woonbeleid van de gemeente voor de periode 20112020.
Speerpunten zijn: het inspelen op woonwensen, een blijvende zorg voor betaalbaarheid, een voldoende aanbod in de sociale huur, een goede woonruimteverdeling, een goede bereikbaarheid van de koopsector, de beperking van de energielasten, meer kansen voor jongeren/starters op de woningmarkt, een zorgzame gemeente en een ombuiging van kwantiteit naar kwaliteit. Het woonbeleid is vertaald in een woningbouwprogramma. Het woningbouwprogramma sluit aan bij de gewenste aandacht voor betaalbaarheid. Daarnaast wordt er gestreefd naar een grotere variatie van het woonaanbod. De gemeente zet in op variatie op kleine schaal. Dat sluit aan bij de dorpse sfeer en voorkomt het gevoel in een grootschalige nieuwbouwwijk te wonen. Begin 2014 is er een herijking van dit woonbeleid geweest. De conclusie uit deze herijking was dat de doelstellingen uit de Aalsmeerse Woonvisie nog steeds van kracht was, maar dat er in de uitvoering een aantal aanpassingen noodzakelijk was. Dit is vastgelegd in de 'Actualisatie uitvoeringsprogramma Woonvisie Aalsmeer 2014'. Als gevolg van veranderende marktomstandigheden, veranderde wetgeving (Woningwet en Huisvestingswet 2015) is er behoefte aan een actueel uitvoeringsprogramma. De Woonagenda voorziet in deze behoefte. Het onderhavige bestemmingsplan is in hoofdzaak conserverend van aard.
Dit betekent dat het gebied na vaststelling van het bestemmingsplan er niet wezenlijk anders uit komt te zien hetgeen aansluit bij het streven van de Woonvisie naar kwaliteit en een dorpse sfeer. Arbeidsmigranten is in Aalsmeer een specifieke doelgroep waarvoor een grote vraag naar kwalitatieve en betaalbare woonruimte is. Specifiek hiervoor heeft de gemeenteraad een kadernota vastgesteld. 6.4.6 Kadernota huisvesting arbeidsmigranten 2018 Op 13 december 2018 heeft de gemeenteraad van Aalsmeer de "Kadernota huisvesting arbeidsmigranten 2018" (hierna Kadernota) vastgesteld. Deze Kadernota stelt de uitgangspunten vast voor een integraal beleidskader (kleinschalige) huisvesting voor arbeidsmigranten en geeft een uitwerking voor een realistisch beheer voor dit beleidskader. Deze Kadernota vervangt de Kadernota "Ruimte voor huisvesting arbeidsmigranten" welke op 14 maart 2013 door de gemeenteraad is vastgesteld en op 2 oktober 2014 door de gemeenteraad op bepaalde punten is verduidelijkt en gewijzigd.
Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 53 van 91
Uit evaluatie blijkt dat het systeem zoals dat in 2013 is ingevoerd werkt. Het toezicht is uitgevoerd conform het handhavingsbeleid en de op basis daarvan vastgestelde uitvoeringsprogramma’s. In het algemeen is de naleving goed. Dat komt doordat veel voorzieningen worden beheerd door professionele huisvesters die aangesloten zijn bij het keurmerk voor de huisvesting van arbeidsmigranten (SNFkeurmerk). Bij overtredingen is conform het handhavingsbeleid handhavend opgetreden. Wel zijn er locaties in de gemeente waarbij een clustering van voorzieningen is ontstaan. Ruimtelijk gezien, vooral vanuit het oogpunt van een goede leefomgeving, is dit een ongewenste ontwikkeling. Voldoende huisvesting is afhankelijk van de ruimte die daarvoor beschikbaar is. Ten aanzien van een goede huisvesting heeft de gemeente hier een primaire rol in. Dit houdt in dat de gemeente aangeeft waar bepaalde vormen van huisvesting van arbeidsmigranten plaats mogen vinden en onder welke voorwaarden. Dit voorziet in de behoefte van duidelijkheid voor huisvesters, werkgevers, werknemers en omwonenden. Hierbij spelen niet alleen de kwaliteit en veiligheid van de huisvesting voor arbeidsmigranten zelf een rol, maar eveneens de invloed op de woonomgeving en het woongenot van de omwonenden.
In de Kadernota heeft de gemeente aangegeven waar binnen haar grenzen kwalitatieve huisvesting voor arbeidsmigranten mogelijk is. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen kamergewijs langdurig verblijf in woonwijken en tijdelijk verblijf (logies) op bedrijventerreinen. De gemeentelijke bestemmingsplannen vormen het primaire kader voor de huisvesting van arbeidsmigranten. De gemeente kan met een bestemmingsplan regelen waar ze verschillende woonvormen zoals het huisvesten van arbeidsmigranten, wel en niet willen toestaan. De gehanteerde beleidslijn, ook doorgevoerd in de meest recent vastgestelde bestemmingsplannen, is dat een woning niet alleen door één huishouden behoeft te worden bewoond. Ook een huishouden plus maximaal drie overige bewoners wordt als passend binnen de woonfunctie gezien. Hierbij wordt aansluiting gezocht bij de regelgeving uit het Bouwbesluit waar onderscheid wordt gemaakt tussen de 'gewone woonfunctie' en de 'woonfunctie voor kamergewijze verhuur'. Onder een 'gewone woonfunctie' wordt verstaan: 1. huisvesting van één huishouden; 2. huisvesting van één huishouden + 3 mensen zonder onderlinge band; 3. huisvesting van 4 mensen zonder onderlinge band. In de planregels is deze definitie van 'wonen/ woning' vastgelegd.
Indien niet aan de voorwaarden zoals gesteld in het bestemmingsplan wordt voldaan dient een omgevingsvergunning in afwijking van het bestemmingsplan te worden aangevraagd. Deze wordt getoetst aan de Kadernota. Voor huisvesting van arbeidsmigranten in woonwijken zijn in de Kadernota de volgende voorwaarden opgenomen: <0000> er is sprake van kamergewijs, langdurig verblijf gerelateerd aan wonen (geen shortstay of logies); <0000> het dient te gaan om bedrijfsmatige huisvesting; <0000> het is enkel toegestaan in legale in het bestemmingsplan als zodanig bestemde woningen; <0000> er zijn maximaal 6 personen per woning toegestaan in de woonkernen en maximaal 8 personen per woning in de woonlinten zoals omschreven in het Lintenbeleid;
Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 54 van 91
<0000>
<0000> <0000> <0000> <0000> <0000>
een nieuwe omgevingsvergunningplichtige voorziening voor kamergewijs gebruik voldoet aan een afstandscriterium. Namelijk: een omgevingsvergunningplichtige voorziening voor kamergewijs gebruik ligt niet in een straal van 100 meter van een al bestaande voorziening voor kamergewijs gebruik waarvoor al een omgevingsvergunning is verleend, gemeten vanuit het midden van de voorgevel; op grond van het Bouwbesluit dient er sprake te zijn van minimaal 12 m2 gebruiksoppervlakte per persoon; er dient voldoende parkeergelegenheid in de nabije omgeving of op het eigen perceel te zijn (conform vastgesteld gemeentelijk parkeerbeleid); inschrijving van de bewoners in de basisregistratie personen is verplicht; de huisvesting van arbeidsmigranten dient te voldoen aan de huisvestingsnormen van de Stichting Normering Flexwonen; de huisvester van de arbeidsmigranten is geregistreerd bij de Stichting Normering Flexwonen.
De huisvesting van arbeidsmigranten is niet toegestaan in: <0000> woningen bestemd voor mantelzorg; <0000> woningen bestemd voor bijzondere woonvormen; <0000> bedrijfswoningen; <0000> woningen bestemd voor woonvormen die op basis van de overgangsbepalingen uit het geldende bestemmingsplan zijn toegestaan; <0000> woonarken; <0000> de huisvesting van arbeidsmigranten in woningen is niet toegestaan binnen LIB zone 3. 6.4.7 Detailhandelsnota Gemeente Aalsmeer heeft op 2 november 2017 de detailhandelsnota Aalsmeer vastgesteld. Deze borduurt voort op de detailhandelstructuurvisie uit 2008. Het Aalsmeerse winkelaanbod is in de onderlinge samenhang bekeken. De Detailhandelsnota verschaft duidelijkheid over de gewenste ontwikkelingsrichting voor de detailhandel en een toetsingskader bij nieuwe initiatieven. Ook is de nota bedoeld om marktpartijen te prikkelen om in te spelen op de kansen die de Aalsmeerse markt hen biedt. Het beleid is in samenspraak met de winkeliersverenigingen en Ondernemend Aalsmeer uitgewerkt en is voor besluitvorming aangeboden aan de gemeenteraad. De gemeente Aalsmeer is een solide marktgebied. De gemeente zal de komende jaren verder groeien en het inkomensniveau ligt relatief hoog. De gemeente wordt bovendien omgeven door grote bevolkingsconcentraties en heeft op het gebied van recreatie en toerisme veel te bieden. Toch is de winkelstructuur kwetsbaar.
Met name de positie van het centrumgebied kan worden versterkt. De visie die onderliggend is aan het detailhandelsbeleid voor de gemeente luidt daarom als volgt: <0000> Versterk het aanbod in het centrumgebied; <0000> Behoud de wijkverzorgende functie van de drie wijk en dorpscentra; <0000> Cluster het grootschalig winkelaanbod; <0000> Bouw het verspreid regulier winkelaanbod af. Het centrumgebied van Kudelstaart is compact en compleet en bedient de kern in de behoefte aan dagelijkse aankopen. In het bestemmingsplan wordt detailhandel in het centrum van Kudelstaart mogelijk gemaakt. 6.4.8 Standplaatsen- en ventbeleid 2011 Het standplaatsen en ventbeleid is in werking getreden op 19 oktober 2012. Om de gang van zaken rondom standplaats en ventvergunningen voor zowel de
Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 55 van 91
standplaatshouders, de venters, de gemeente en de omgeving voldoende op elkaar af stemmen, is er voor gekozen om het standplaats en ventbeleid 2011 tot stand te brengen. De primaire doelstellingen van dit beleid zijn: <0000> Het actualiseren van beleid ten aanzien van standplaats en ventvergunningen; <0000> Duidelijkheid scheppen voor iedereen die van doen heeft met standplaatsen en venters (gemeente, burgers en ondernemers); <0000> Het verbeteren van dienstverlening en advisering op het gebied van regelgeving en vergunningverlening; <0000> Een consequente handhaving van regelgeving en beleid ten aanzien van standplaats en ventvergunningen. <0000> Een vergunning voor het innemen van een standplaats kan geweigerd worden vanwege strijd met het geldend bestemmingsplan. Daar waar aanwezig en toegestaan volgens dit beleid in Kudelstaart wordt ambulante detailhandel in dit bestemmingsplan mogelijk gemaakt. 6.4.9 Het Lintenbeleid Het doel van de op 22 december 2011 vastgestelde beleidsnota "Ruimtelijke beoordeling bouwen in de Linten van Aalsmeer" is om te komen tot een helder toetsingskader voor het beoordelen van ontwikkelen in woonlinten. Inzet van het beleid is om bestaande lintenstructuur te behouden en te versterken. De linten van Aalsmeer hebben van oorsprong een hoge landschappelijke, ecologische en cultuurhistorische kwaliteit.
Op grond van de beleidsnota worden de Kudelstaartseweg en de Herenweg gerekend tot de historische linten en de Mijnsherenweg en Hoofdweg tot de planmatig aangelegde linten. Om de lintenstructuur te beschermen zijn in het lintenbeleid verschillende ruimtelijke en architectonische uitgangspunten geformuleerd, waarmee bij ontwikkelingen in de linten rekening gehouden dient te worden. Naast algemene ruimtelijke voorwaarden die aan ontwikkelingen binnen worden gesteld, gelden voor de verschillende linten tevens specifieke voorwaarden afgestemd op het oorspronkelijke kenmerkende karakter van het betreffende lint. Op 31 oktober 2013 heeft de gemeenteraad het Lintenbeleid 1e herziening vastgesteld. In dit beleidsdocument zijn de linten van Aalsmeer beschreven en is aangegeven onder welke ruimtelijke randvoorwaarden het toevoegen van een woning is toegestaan. Bovendien zijn stedenbouwkundige en architectonische uitgangspunten opgenomen waaraan het bouwen van een woning in de linten van Aalsmeer moet voldoen. Lintenbeleid tweede herziening Op 18 juni 2020 is het Lintenbeleid tweede herziening vastgesteld. Behoefte was aan het aanscherpen en actualiseren van dit beleid op onderdelen. Dit heeft onder andere te maken met de gewijzigde wetgeving ten aanzien van vergunningvrij bouwen en ervaringen uit de praktijk.
De gewijzigde inzichten van het Lintenbeleid tweede herziening zijn, voor zover relevant voor dit bestemmingsplan, overgenomen in de regels van het bestemmingsplan. 6.4.10 Globale Cultuurhistorische Analyse, 'Gebroken landen, geheelde gronden' De cultuurhistorische nota "Gebroken landen, geheelde gronden, Globale Cultuurhistorische analyse Gemeente Aalsmeer", zoals vastgesteld door de raad van de gemeente op 29 maart 2012 is, geeft inzicht in de ontstaansgeschiedenis van het landschap binnen de gemeente en de cultuurhistorische waarden die hieraan ontleend zijn.
Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 56 van 91
Cultuurhistorie heeft betrekking op historische bouwkunde, archeologie en historische geografie. Het gaat daarbij om erfgoed in ruimtelijke zin, zoals toegepast binnen de ruimtelijke ordening in brede zin. De analyse richt zich daarom vooral op historisch geografische aspecten en op aspecten, criteria en samenhangen die een rol spelen bij gemeentelijke beschermde dorpsgezichten. Voor nadere uitwerking van de cultuurhistorische analyse wordt verwezen naar paragraaf 7.4.2 6.4.11 Ruimtelijke Visie Greenport Aalsmeer 2015-2025 De ruimtelijke visie is gericht op de ruimtelijke ontwikkeling van de glastuinbouwproductiebedrijven in de Greenport Aalsmeer van 2015 tot 2025. De kern van de Ruimtelijke Visie Greenport Aalsmeer 20152025 is als volgt geformuleerd: 1. De Greenport Aalsmeer wil inzetten op de kansen: a. Een regionale ruimtelijke strategie / visie om investeringen te sturen. b. Zorgen voor voldoende grootschalig kwalitatief goed en modern glasareaal. c. Ondernemers met niches / specialisaties ruimte geven. Deze versterken de handelsfunctie. d. Inzetten op duurzaamheid: CO2 en restwarmte gebruiken in kansrijke gebieden. Lagere energielasten zijn belangrijk voor de productie (groot deel van de uitgaven). 2. De Greenport Aalsmeer gaat samenwerken aan de opgave: a. Er is te veel (verouderd) glasareaal.
Dat verouderde aanbod wil de Greenport Aalsmeer de komende tien jaar zoveel mogelijk transformeren. b. Eigenaren van verouderd glasareaal zijn de eerste probleemhouders. Afboekingen zullen noodzakelijk zijn. De samenwerkende partijen binnen de Greenport Aalsmeer spelen een faciliterende rol. c. Een regionale aanpak in de transformatie van verouderd glasareaal is van belang. d. Door de gerichte en flexibele inzet van een regionale instrumentenkoffer, benutten bedrijfsleven en overheid kansen om gedoseerd en gefaseerd verouderd glasareaal van de markt te halen. In het plangebied Kudelstaart is aan de oostzijde een glastuinbouwconcentratiegebied gelegen. In deze visie is dit gebied in twee categorieën verdeeld: categorie 1 'bestaand modern grootschalig glastuinbouwgebied' (ten zuiden van de Mijnsherenweg) en categorie 4 'tuinbouwgebieden met maatwerkopgave' (ten noorden van de Mijnsherenweg).
Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 57 van 91
Categorie 1: Bestaand modern grootschalig glastuinbouwgebied Voor moderne glastuinbouw zijn kavelgrootte, een goede draagkrachtige bodem, infrastructuur en ontsluiting op het hoofdwegennet belangrijke randvoorwaarden. Om rendabele investeringen te kunnen doen in infrastructuur voor duurzaamheid is vaak schaalgrootte nodig. Deze gebieden hebben een minimale omvang van circa 100 hectare fysiek glas. De oudere gebieden of deelgebieden in deze categorie hebben een opgave voor modernisering. De mate waarin dat moet gebeuren, loopt uiteen. Er is een beperkte hoeveelheid ontwikkelruimte in deze gebieden. In de gebieden in categorie 1 wordt maximaal ingezet op het investeren in duurzaamheid en innovatie. Uit onderzoek blijkt dat er in deze gebieden kansen zijn voor collectieve duurzaamheid zoals CO2 aanvoer per buisleiding en de inzet van restwarmte. Om deze gebieden aantrekkelijker te maken, zullen de overheden modernisering van het teeltareaal hier als eerste faciliteren. De teelt in deze gebieden is primair met daarnaast ruimte voor glasgebonden veredeling. Voor veredelingslaboratoria en verwante bedrijfsgebonden logistieke en andere functies is ruimte. Handhaving van de bestemming is (zoals in elk glastuinbouwgebied) zeer belangrijk om het gebied als concentratiegebied te behouden.
In dit bestemmingsplan is de bestaande situatie en planologische regeling uit het bestemmingsplan Kudelstaart 2006 vastgelegd. Dit betreft de bestemming AgrarischGlastuinbouw met de daarbij behorende regels. Categorie 4: Tuinbouwgebieden met maatwerkopgave Gezien de trends, de kwaliteit van het aanbod en het te veel aan (verouderd) teeltareaal in de regio, zijn deze gebieden minder kansrijk als vitaal teeltareaal in 2025. Er is veel variatie binnen deze categorie. Er zijn goede en kansrijke tuinbouwbedrijven gevestigd in deze gebieden, welke bijdragen aan de diversiteit van het aanbod van de Greenport Aalsmeer. In deze oudere teeltgebieden wordt teelt onder glas ook gecombineerd met opengrond sierteelt. Er zijn kansen voor extensievere en biologische teelten. Er zijn in deze categorie meer dan in andere categorieën bedrijven die geen opvolger hebben en is er veel verouderd glas. Voor de eventueel vrijkomende ruimte is het zoeken naar een combinatie met andere functies om daarmee de vitaliteit van het gebied te dienen. Indien financieel en ruimtelijk goed onderbouwde plannen voorliggen, kan regionaal worden afgesproken om planologische ruimte te bieden voor uitvoering. Hier draait het om regionale fasering en afstemming (en instrumentarium),
Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 58 van 91
gecombineerd met lokaal maatwerk. Kansrijke lokale ontwikkelingen van goede bedrijven worden zeker niet tegengehouden. Bovenlokale overheidsinvesteringen in energie, grootschalige herstructurering of bereikbaarheid, ten behoeve van de glastuinbouw, liggen in deze gebieden niet voor de hand. De gebieden die als categorie 4 zijn bestempeld, vormen samen circa 250 hectare bruto areaal, waarvan circa 90 hectare netto glasareaal. Deze gebieden kennen een lange glastuinbouwgeschiedenis. Vanwege verkaveling en weginfrastructuur en vaak matige bodemgesteldheid (veengrond) en ligging ten opzichte van burgerwoningen zijn deze gebieden minder geschikt voor modernisering en infrastructuur voor duurzaamheid van de glastuinbouw. Er zijn wel toekomst bestendige bedrijven met glas en vollegronds teelt. Belangrijk is dat de sector (groepen ondernemers in een gemeente, LTO Noord en LTO Glaskracht) onderling en met de omgeving met goed afgestemde initiatieven komt. In overleg met andere partijen (ondernemers, banken, gemeente, provincie) wordt verkend welke ontwikkelingskansen er zijn voor andere functies (agrarisch, wonen, recreatie, natuur, zorg, anders). De overheden komen dan in een positie om de juiste plannen te kunnen faciliteren. In dit bestemmingsplan is de bestaande situatie en planologische regeling uit het bestemmingsplan Kudelstaart 2006 vastgelegd.
Dit betreft de bestemming AgrarischGlastuinbouw met de daarbij behorende regels. Er zijn voor dit gebied nog geen concrete initiatieven en ontwikkelingen bekend, die er toe hebben geleid het bestemmingsplan aan te passen. 6.4.12 Evenementenbeleid Aalsmeer 2016 Het evenementenbeleid bestaat een bedrijfskader dat voor een langere periode door de gemeenteraad is vastgesteld en het uitvoeringskader dat gedelegeerd is aan de burgemeester respectievelijk het college van B&W. Door de knip te maken kunnen wijzigingen in de uitvoering van het evenementenbeleid sneller en flexibeler doorgevoerd worden. Aalsmeer heeft een rijke evenemententraditie, die van grote waarde is voor de sociale samenhang onder de inwoners. Kenmerkend voor de evenementen in Aalsmeer is dat zij voor en door Aalsmeerders worden georganiseerd. Met het nieuwe evenementenbeleid streeft de gemeente naar een optimale balans tussen enerzijds levendigheid en gezelligheid en anderzijds veiligheid en leefbaarheid. De gemeente zet daarbij in op maatregelen die de evenementenorganisatoren meer ondersteunen en stimuleren. Zo investeert de gemeente verder in het verbeteren van de relatie met de organisatoren door onder andere de functie van evenementencoördinator structureel te borgen. Daarnaast wordt de vergunningaanvraag vereenvoudigd en gedigitaliseerd en vindt er een dereguleringsslag plaats.
Onder voorwaarden kunnen sommige evenementen volstaan met een melding en sommige evenementen kunnen meerjarig vergund worden. De gemeente heeft te maken met een nieuwe maatschappelijke context als gevolg van een aantal ernstige incidenten tijdens publieksevenementen. Veiligheid staat hoog op de agenda. Vooruitlopend op het landelijk handboek veiligheid bij evenementen gaat Aalsmeer evenementen breder beoordelen op basis van een risicoanalyse. De grootte van een evenement in relatie tot het aantal bezoekers is slechts één van de toetsingscriteria, daarnaast worden evenementen getoetst op het soort evenement, samenstelling bezoekers, activiteiten, locatie e.d. Op basis van een risicoscan worden evenementen geclassificeerd in reguliere, aandachts en risicovolle evenementen.
Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 59 van 91
De gemeente moet steeds een uitgebalanceerde afweging kunnen maken tussen de voor en nadelen van evenementen. Als uitgangspunt voor de beoordeling staat de locatie van het evenement centraal. De nota beschrijft in de locatieprofielen de bepalingen zoals het maximum aantal evenementdagen, eindtijden en geluidsnormen. Het aantal evenementen is nagenoeg gelijk gebleven aan de bestaande situatie. Voor wat betreft de geluidsnormen worden voortaan ook normen opgenomen voor de lage bastonen. In Kudelstaart vinden verschillende evenementen plaats zoals de Feestweek Kudelstaart, Carnaval en de Sinterklaasintocht. Het aantal evenementen in Kudelstaart is gemaximeerd op 20 dagen per jaar. Voor speciale markten en braderieën geldt een maximum van 4 evenementdagen per jaar en er is 1 kermis toegestaan. Voor evenementen geldt op vrijdag en zaterdag en op feestdagen een eindtijd van 01.00 uur en van zondag tot en met donderdag een eindtijd van 23.00 uur. Voor evenementen met versterkte muziek geldt een geluidsontheffing van 75 dB(A) en 85 dB(C). 6.4.13 Groenvisie Op 2 oktober 2014 heeft de gemeenteraad van Aalsmeer de Groenvisie 'Groen en blauw voor jou' vastgesteld. De visie geeft inzicht in de koers voor beleid, inrichting en beheer van het groen voor heel Aalsmeer. Een doel van de groenvisie is het verbeteren van de ruimtelijke structuur door samenhang van groen en water te bevorderen.
Het plangebied is gelegen in het bebouwd gebied waar het groen de status 'bovenwijks groen' en 'wijkgroen' heeft gekregen. Het westelijk deel van het plangebied valt in het buitengebied en heeft de status 'akkerbouw gebied' gekregen. Het bovenwijks groen betreft onderdelen van de groenstructuur die een hoofdrol spelen in de structuur van het bebouwd gebied en beeldbepalend zijn voor Aalsmeer. Bovenwijks groen heeft een functie voor de gehele gemeente en soms zelfs daarbuiten. Het wijkgroen bevat onderdelen van de groenstructuur die beeldbepalend zijn voor het groene karakter van de wijken. Het wijkgroen is van belang voor de leefkwaliteit van de Aalsmeerse wijken. Belangrijk verschil met het bovenwijks groen is dat het wijkgroen meer integraal onderdeel uitmaakt van de afzonderlijke wijken. Akkerbouwgronden zijn zeer beperkt aanwezig. De akkerbouwgrond ten zuiden van Kudelstaart behoort tot de hoofdgroenstructuur vanwege het open karakter. Een aantal parken in Aalsmeer heeft een bijzonder karakter en uitstraling waardoor ze zowel van (recreatieve) betekenis zijn voor de bewoners van Aalsmeer als voor bezoekers van Aalsmeer Het gaat hierbij om de het Hornmeerpark, het Seringenpark, Stokkeland, het Boomkwekerskerkhof en het park bij Kudelstaart. De wijkparken hebben een belangrijke recreatieve betekenis voor de omwonenden in de betreffende wijk.
De begraafplaats bij de katholieke kerk Kudelstaart behoort tot de hoofdgroenstructuur vanwege de hier aanwezige beplanting en/of cultuurhistorische waarde. De Aalsmeerse leefkwaliteit wordt versterkt door waardevol groen te behouden en de functionaliteit van het groen te versterken. Dit leidt ertoe dat Aalsmeer door bewoners en bezoekers als een waterrijke en groene, bloemrijke gemeente wordt ervaren. Om deze functionaliteit te versterken staan twee doelen centraal : 1. het verbeteren van de ruimtelijke structuur door groeneblauwe samenhang aan te brengen en verbindingen te leggen; 2. het verbeteren van de toegankelijkheid en beleefbaarheid van het groen en water voor omwonenden en recreanten.
Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 60 van 91
In Aalsmeer kunnen vier verschillende typen woongebieden worden onderscheiden: het oude dorpscentrum, de klassieke uitbreidingen, de moderne uitbreidingen en de bebouwingslinten. Binnen elk gebied zijn specifieke groenkwaliteiten te vinden. Het groenbeleid is erop gericht die specifieke kwaliteiten te versterken. Kudelstaart behoort tot de moderne uitbreidingen en wordt gekenmerkt door een opzet met veel ruimte en rust. Bewoners beschikken veelal over voor en achtertuinen. Het beeld van de wijk wordt bepaald door groen. Het groen in Kudelstaart wordt gekenmerkt door kleinschaligheid en eentonigheid. Er is veelvuldig gebruik gemaakt van sierbeplantingen. Voor de moderne uitbreidingen zijn er mogelijkheden de kwaliteiten van het groen te versterken. In de eerste plaats door versterking van de laanbeplanting. In de tweede plaats zijn er mogelijkheden de ruimtelijke kwaliteit te versterken door meer afwisseling aan te brengen in het groen. Doelen: <0000> Verbetering van de ruimtelijke kwaliteit door de versterking van laanbeplanting <0000> Versterking van de belevingswaarde van het groen door meer afwisseling aan te brengen in het groen 6.4.14 Masterplan Herenweg 2011 In 2011 is een “Masterplan Herenweg” opgesteld.
Dit masterplan is een visie op de (omgeving) van de Herenweg met een aantal doelen: <0000> Een ruimtelijke onderbouwing voor het toevoegen van individuele woningen in het bestaande lint met behoud van ruimtelijke kwaliteiten van de Herenweg; <0000> Een onderlegger voor het aanvragen van een ontheffing in het kader van het Luchthavenindelingbesluit; <0000> Een stedenbouwkundig toetsingskader voor nieuwbouwinitiatieven aan de Herenweg, inclusief “Nieuw Calslagen”; <0000> Richting geven aan de ontwikkeling van groen, water en recreatie in de (omgeving) van de Herenweg. Doorslaggevend voor de ruimtelijke kwaliteit van de Herenweg is de openheid en het zicht over de Westeinderplassen. De enscenering van deze doorzichten is van cruciaal belang. Nu al biedt de Herenweg panorama’s aan de waterzijde bij de entree aan de oostzijde. Er is een reeks van drie ‘vensters’ over het water, met ter hoogte van de recreatieve kade het meest langgerekte panorama. Daarna ontbreekt het aan deze doorzichten – zogenaamde vista’s – over het water. In dit plan worden tien nieuwe vista’s in het vooruitzicht gesteld. Deze nieuwe doorzichten worden gepland bij nieuw te bouwen woningen. Rondom Nieuw Calslagen wordt een ruimtelijk accent aan de Herenweg toegevoegd, met bijbehorende vista’s over het water. Bij Nieuw Calslagen liggen mogelijkheden een publiek toegankelijke plek direct aan het water te creëren.
In samenhang met het Rijksmonument begraafplaats Calslagen en een eventueel publieke functie voor het gemeentelijke monument Herenweg (83) kan dit een verrijking voor de verblijfskwaliteit van de Herenweg gaan vormen. De voormalige, maar inmiddels verdwenen, boerderij tegenover de jachthaven is een geschikte plek voor nieuwe bebouwing aan de polderzijde van de Herenweg (naast 99). Hierbij kan een maatschappelijke en/of verblijfsrecreatieve functie worden overwogen. Deze plek kan in combinatie met het ‘schapenweitje’ ook een maatschappelijke en/of verblijfsrecreatieve functie krijgen.
Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 61 van 91
Afbeelding visiekaart Masterplan Herenweg
Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 62 van 91
HOOFDSTUK 7 OMGEVINGSKWALITEIT 7.1 M.e.r.-beoordeling Het instrument milieueffectrapportage (m.e.r.) is ontwikkeld om het milieubelang een volwaardige plaats in bepaalde plan en besluitvormingsprocessen te geven. Enerzijds maakt het opstellen van een milieueffectrapport (MER) de initiatiefnemer bewust van de milieugevolgen en anderzijds kan de overheid diverse milieugevolgen in samenhang met elkaar en op een voor de burger transparante wijze bij de besluitvorming betrekken. De regelgeving met betrekking tot de milieueffectrapportage is verankerd in de Wet milieubeheer. Voor sommige plannen of activiteiten geldt direct de verplichting om een MER op te stellen, maar er zijn ook plannen waarvoor het bevoegd gezag moet beoordelen of zij het nodig vindt om ter voorbereiding van een besluit een MER te laten maken (m.e.r.beoordeling). Ook kan er sprake zijn van een zogenoemde vormvrije m.e.r.beoordeling. In het Besluit m.e.r. is opgenomen voor welke activiteiten de m.e.r.(beoordelings)plicht bestaat. Het gaat dan met name om activiteiten die aanzienlijke nadelige effecten op het milieu kunnen hebben. Voorliggend bestemmingsplan is op hoofdlijnen conserverend van aard waarin tevens een juridischplanologisch kader is opgenomen voor reeds verleende vergunningen.
In het bestemmingsplan worden geen stedelijke ontwikkelingen mogelijk gemaakt waarvoor een m.e.r.(beoordelings)plicht geldt.
7.2 Bodem 7.2.1 Beleid en regelgeving Het bodembeleid heeft tot doel een balans te vinden tussen bodemgebruik en bescherming van bodemfuncties. Met bescherming wordt bedoeld dat een bodemgebruik duurzaam, veilig en gezond is. Bescherming is niet alleen tegen verontreiniging gericht, maar in principe tegen elke aantasting die het gebruik benadeeld. Het beleid voor bodembescherming kent drie sporen. Het eerste spoor bestaat uit het oplossen van de knelpunten die zijn ontstaan door historische verontreinigingen. Hiervoor is een programmatische aanpak opgesteld, die in de Wet bodembescherming is opgenomen. Het doel, om in 2015 geen locaties meer te hebben waar acute gezondheidsrisico's optreden, is in Aalsmeer bereikt. Het 2e spoor richt zich op het voorkomen van nieuwe aantasting door het stellen van regels aan activiteiten in en op de bodem. De Wet Milieubeheer vormt hiervoor de basis. Ook het Besluit bodemkwaliteit is hier onderdeel van. Het 3e en laatste spoor is het ruimtelijke spoor (Wro) dat tot doel heeft te komen tot een ‘goede ruimtelijke ordening'. Dit gebeurt door nieuwe gebruiksfuncties (bv. wonen) alleen te bestemmen op gronden met voldoende bodemkwaliteit. Bij bestaand bodemgebruik worden natuurlijk momenten aangegrepen om de bodemkwaliteit zo nodig te verbeteren. Als ijkpunt kunnen de bodemnormen uit de Regeling bodemkwaliteit worden toegepast.
In gebieden met intensief bodemgebruik is het niet altijd mogelijk om de juiste bodemkwaliteit tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten te bereiken. Het Besluit bodemkwaliteit (Bkk) biedt dan de mogelijkheid om op projectniveau af te wijken van de generieke normen, mits op gebiedsniveau de kwaliteit niet verminderd en dit beleid door lokaal bestuur wordt vastgesteld. In Aalsmeer is dit gebiedspecifiek beleid opgenomen in de Nota bodembeheer regio AmstellandMeerlanden (2013). Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 63 van 91
De 3 sporen komen te zijner tijd samen in de Omgevingswet. De uitgangspunten van de Nota bodembeheer worden dan vertaald in de omgevingsvisie en respectievelijk omgevingsplannen. Provinciale structuurvisie In de geactualiseerde Structuurvisie Noord Holland 2040 (sept. 2015) is er aandacht voor bodem onder het aspect milieukwaliteit. In de zogenaamde bodemvisie wordt via kaarten aandacht besteed aan elementen van duurzaam bodemgebruik Provinciale milieuverordening De provincie beschermt aardkundig interessante gebieden, 'aardkundige waarden', die iets vertellen over de manier waarop het landschap is ontstaan. In de provinciale milieuverordening zijn daarnaast grondwaterbeschermingsgebieden opgenomen en geluidscontouren van bedrijfsterreinen van regionaal belang. In Kudelstaart bevinden zich geen aardkundige monumenten of bijzondere aardkundige beschermingsgebieden. 7.2.2 Relevantie plangebied Bodemopbouw Kudelstaart ligt volledig in de Zuider Legmeerpolder. Dit is een droogmakerij ingericht eind negentiende eeuw na de afronding van de vervening van de polders. De bodem ter plaatse van Kudelstaart bestaat grotendeels uit klei. Ten zuiden van de Kudelstaartseweg is er sprake van een veenbodem. Hier en daar is de klei zavelig en komen er zandbanen in voor.
Kaart bodemopbouw Kudelstaart
Bodemkwaliteit Het plangebied kent twee hoofdfuncties: wonen respectievelijk agrarisch. De gemiddelde bodemkwaliteit is op te maken uit de bodemkwaliteitskaart in de regionale Nota bodembeheer Amstelland 2013 (actualisatie voorzien 2019). Daaruit blijkt dat vrijwel geheel Kudelstaart de gemiddelde bodemkwaliteit in de klasse landbouw/natuur (specifiek) valt. Dit betekent dat de bodemkwaliteit aansluit bij de gebruiksfunctie. Een uitzondering hierop is de (historische) lintbebouwing langs de Kudelstaartseweg en Herenweg, waar de gemiddelde bodemkwaliteit klasse Industrie betreft. Dat is te wijten Toelichting bestemmingsplan Kudelstaart 2020
pagina 64 van 91
aan het langduriger en ouder gebruik van de bodem, waarbij het gebruikelijk was afvalstoffen (koolas, sintels, bouwpuin) n op eigen erf toe te passen. Klasse industrie leidt bij normaal gebruik niet tot risico’s voor de gebruikers, maar en uitzondering moeten worden gemaakt voor jonge kinderen (06jr). Deze kinderen zijn ook gevoelig voor lood in gehalten die binnen de klasse industrie vallen. Bij onzekerheid is de meest doelmatig om eenvoudige gebruiksadviezen op te volgen. Lokale afwijkingen Hierboven is de gemiddelde bodemkwaliteit uiteengezet. Op perceelsniveau kunnen lokale afwijkingen optreden door activiteiten zoals ophogen, brandstofopslag of gebruik van bestrijdingsmiddelen. Daarom wordt bij aanvragen voor Omgevingsvergunningen per geval beoordeeld of een bodemonderzoek (en vervolgstappen) nodig zijn. Uitvoerbaarheid Dit bestemmingsplan betreft hoofdzakelijk een conserverend bestemmingsplan. Binnen het plangebied vinden geen ontwikkelingen plaats die een dermate nieuw ruimtebeslag met zich meebrengen dat hiervoor bodemonderzoeken en/of saneringen noodzakelijk zijn.
7.3 Water 7.3.1 Beleid en regelgeving Het doel van waterbeheer in Nederland bestaat van oudsher uit het beschermen tegen overstromingen en het ontwateren van laaggelegen gebieden. Door de klimaatverandering is nieuw beleid gemaakt voor deze taken van veiligheid en peilbeheer. Dit vereist mogelijk ruimte vanwege de versterking en verbreding van dijken en waterkerende werken of voor extra waterberging. Een ander doel betreft het zorgen voor schoon en gezond water. Voor schoon water is een goed functionerend watersysteem vereist met voldoende volume en doorstroming. Een ecologische oeverinrichting is wenselijk, maar legt beslag op de ruimte. Grondwater wordt volop benut voor de productie van drinkwater. De laatste jaren ontwikkelt het grondwater zich tot een bron en/of opslagmedium voor warmte. Dit vormt een bijdrage aan de beperking van het gebruik van fossiele brandstoffen. Efficiëntie van benutting is een van de redenen voor ruimtelijke ordening van de ondergrond. Kaderrichtlijn Water De Kaderrichtlijn water is een Europese richtlijn die moet leiden tot een verbetering van de kwaliteit van het oppervlakte en grondwater. De Kaderrichtlijn moet in landelijke wet en regelgeving worden omgezet. Met de komst van de Implementatiewet EGkaderrichtlijn water is de KRW vertaald in de Nederlandse wetgeving.