Nota van zienswijzen BP Stadshagen I, uitbreiding winkelcentrum d.d. 08-02-2022 - GEANONIMISEERD.docx
Tekst van het document
Datum Titel
8 februari 2022 Bestemmingsplan Stadshagen I, uitbreiding winkelcentrum in het verkeer. Er is bijvoorbeeld sprake van andere verdelingen per modaliteit ten opzichte van de ‘normale’ dagelijkse situatie, maar ook dat er anders gebruik wordt gemaakt van vervoersmiddelen. Ook hier zijn verschuivingen orde van de dag. Zolang er sprake is van, door de overheid opgelegde, corona maatregelen (zoals bijvoorbeeld thuiswerken en quarantainemaatregelen) is er geen vergelijkingsmateriaal van de situatie voor de pandemie, en zal ook dagelijks/wekelijks er sprake zijn van een veranderende situatie. Maar ook zal thuiswerken voor een deel standaard worden in de nabije toekomst. Kortom de data vanuit 2018 is het beste wat er voorhanden is, en voldoende representatief. Verder is het verkeersmodel van de gemeente Zwolle 2020 (basisjaar) gehanteerd als huidige situatie en 2030 als toekomstjaar voor gemotoriseerd verkeer. Dit is actueel goed om te gebruiken.
2.12.23
Samenvatting zienswijze Verder geldt dat voor de verkeersgeneratie, net als bij de parkeernormering, de verzamelfunctie 'wijkcentrum groot' is toegepast, en niet gekeken is naar de verkeersgeneratie die volgens de CROW-publicatie voortkomt uit de individuele functies. Verwezen wordt naar hetgeen hierover is opgemerkt in het kader van het aspect parkeren, op basis waarvan appellant deze systematiek ondeugdelijk acht. Reactie gemeente Voor wat betreft de verkeersgeneratie is er binnen het verkeersonderzoek onderscheid gemaakt tussen wonen en de andere functies. Voor ‘wonen’ is geen verzamelfunctie toegepast, voor de andere functies juist wel. Dit is welbewust en verantwoord gedaan omdat het solitair beschouwen van de functies geen recht doet aan de toekomstige situatie. Het onnodig en onrealistisch verhogen van de verkeersgeneratiecijfers werkt op veel terreinen door. Gedacht kan bijvoorbeeld aan het ‘over dimensioneren’ van infrastructuur. De benadering in de vorm van een verzamelfunctie doet recht aan de specifieke situatie, is gebruikelijk om toe te passen, en wordt dus in dit geval op een verantwoorde wijze toegepast. De functie ‘Wijkcentrum Groot’ is een representatie van winkelcentra.
Uiteraard zullen er altijd ‘solitaire bezoeken’ plaatsvinden, maar dit winkelcentrum leent zich uitstekend voor zogenaamde ‘combinatiebezoeken’ omdat het winkelcentrum een groot gebied ‘bedient’. Naast solitaire bezoeken worden in deze functie ook gecombineerde bezoeken meegeteld.
2.12.24
Samenvatting zienswijze Ten aanzien van de dubbeltellingen geldt dat, zoals appellant ten aanzien van het aspect parkeren heeft aangegeven, niet is gemotiveerd dat het aannemelijk is dat het gestelde dubbelgebruik ook daadwerkelijk zal plaatsvinden. Gelet daarop kan deze stelling ook niet als motivering voor een lagere verkeersgeneratie worden gebruikt. Reactie gemeente Omdat er in de CROW-publicatie 381 geen sprake is van een combinatie van een wijkcentrum inclusief wonen is er een schifting gemaakt tussen deze twee functies. Daardoor is er sprake van dubbeltellingen in de kencijfers tussen de onderdelen wonen en commercieel/maatschappelijk. Er worden in de kencijfers meer verkeersbewegingen 25/33
Datum Titel
8 februari 2022 Bestemmingsplan Stadshagen I, uitbreiding winkelcentrum meegenomen in de kencijfers dan in de praktijk (door de concentratie van verschillende functies) het geval is. Er is immers sprake van de functie wonen in het winkelcentrum. In de kencijfers van het CROW voor wonen worden de dagelijkse bewegingen meegenomen, zo ook bezoek van winkels per auto. Voor de functie wonen in een winkelcentrum zal deze beweging niet voorkomen. Het is aannemelijk dat bij de ontwikkeling van het bestaande winkelcentrum de winkels als solitaire functie zijn meegenomen in de bepaling van het parkeren. Zonder dat er nader onderzoek naar gedaan is zegt de overcapaciteit binnen de bestaande parkeergarage daar iets over. Het CROW heeft niet voor niets een onderscheidt gemaakt in solitaire functies en bijvoorbeeld een Stadsdeel-, wijk-, buurt- en dorpscentrum. Dit wordt dan ook ingezet om voor wat betreft verkeersgeneratie dicht bij de toekomstige praktijksituatie te komen. Nogmaals, voor parkeren wordt deze functie niet gehanteerd. Citaat vanuit de richtlijn CROW: ‘Stadsdeel-, wijk- en buurtcentra zijn ondersteunende winkelgebieden (voornamelijk voor doelgerichte boodschappen) die een aanvulling vormen op de binnenstad of het hoofdwinkelgebied van een kern in een gemeente’.
Dit feit (dat er sprake is van dubbeltellingen) verantwoordt om het minimum in de bandbreedte te hanteren en dat er aantoonbaar sprake is van minder bewegingen door autoverkeer door wonen in het winkelcentrum.
2.12.25
Samenvatting zienswijze Ten aanzien van het gestelde hoge fietsgebruik en openbaar vervoersopties geldt eveneens hetgeen daarover ten aanzien van het aspect parkeren is opgemerkt. Te verwachten valt dat mensen die de discountsupermarkt zullen bezoeken wel degelijk met de auto zullen komen en daarnaast is niet gemotiveerd waarom deze locatie in Zwolle zich ten aanzien van fietsverkeer en openbaar vervoersmogelijkheden wezenlijk onderscheidt van andere locaties in Nederland. Reactie gemeente Het winkelcentrum ligt centraal in de wijk en midden in een netwerk van zeer goede fietsverbindingen. De gemeente Zwolle stimuleert als Fietsstad het fietsgebruik en wil dit ook faciliteren (conform Mobiliteitsvisie 2019): Website Stadshagen: ‘Stadshagen is optimaal bereikbaar. Met de auto, maar vooral ook met de fiets! Er zijn directe fietsroutes naar bijvoorbeeld de Mastenbroekerpolder en het Zwarte Water. Je fietst zelfs helemaal autovrij, binnen 20 minuten, naar het centrum van Zwolle’.
2.12.26
Samenvatting zienswijze Los van het feit dat het gelet op het voorgaande waarschijnlijk is dat de verkeersgeneratie daadwerkelijk hoger ligt dan waarvan Sweco is uitgegaan, concludeert Sweco in het onderzoek dat de inrichting van de Werkerlaan niet meer passend is bij de toekomstige verkeersintensiteiten. In de toelichting op het bestemmingsplan is geenszins op deze conclusie ingegaan, nu daarin wordt gesteld dat geen negatieve effecten optreden.
26/33
Datum Titel
8 februari 2022 Bestemmingsplan Stadshagen I, uitbreiding winkelcentrum Ook voor de Duiker en Overtoom geldt dat deze volgens Sweco de toekomstige verkeersintensiteiten niet goed kunnen verwerken. Ook voor deze straten geldt dat de toelichting op deze conclusie van Sweco niet ingaat. Reactie gemeente In de verkeerstoenames dient het onderscheid te worden gemaakt tussen de verkeerstoename als gevolg van autonome (wijk)groei en de toename als gevolg van de stedelijke uitbreiding. Er is onderzoek gedaan naar de verkeerskundige effecten van de uitbreiding (de ontwikkeling) op de omliggende verkeersstructuur. De verkeersintensiteiten zijn op wegvakniveau getoetst aan ‘wenswaarden’ voortkomend uit landelijke CROW-richtlijnen. Voor de Werkerlaan -deel Mastenbroekerallee/nieuwe aansluiting Overtoom- geldt dat de inrichting conform de verkeersintensiteiten uit tabel 3-1 in het “Verkeersonderzoek bestemmingsplan De Stadsmaker” niet meer passend is en waar nodig zal worden aangepast. Waar nodig past de gemeente Zwolle de inrichting aan conform de CROW-richtlijnen afhankelijk van de uitkomsten van een monitoringsprogramma eindigend minimaal 1 jaar na in gebruik name van de uitbreiding. De inrichting van de huidige Duiker en Overtoom voldoen in de huidige situatie niet aan de gewenste vorm die past bij de toekomstige gebruikssituatie na realisatie van de uitbreiding van het winkelcentrum.
De landelijke richtlijnen van het CROW is het kader waar de uitwerking (ontwerp) van de infrastructuur aan moet voldoen. In paragraaf 3.3 wordt verwezen naar de CROW-richtlijnen als te hanteren kader alsook paragraaf 3.4 wat ingaat op de toetsing op verkeersveiligheid. Daar wordt gesteld dat de voorlopige ontwerpen zijn getoetst aan de hand van de genoemde CROW-richtlijnen (‘verkeersveiligheid vooraf’). Het bovenliggende doel is een veilige en klantvriendelijke omgeving. De bewering dat de huidige inrichting van de Duiker en Overtoom niet passend zijn bij de toekomstige verkeersintensiteiten en het gebruik, klopt. Dit is verwerkt in de voorlopige ontwerpen om aan te sluiten bij de toekomstige situatie. De Duiker en Overtoom worden aangepast om zowel de autonome groei als de groei vanuit de uitbreiding van het winkelcentrum te kunnen opvangen.
2.12.27
Samenvatting zienswijze Appellant stelt zich gelet op het voorgaande op het standpunt dat de huidige uitwerking van het bestemmingsplan onvoldoende verkeersveilig is. Appellant is graag bereid met uw gemeente in overleg te treden over de wijze waarop de ontwikkeling verkeerskundig goed kan worden ingepast. Reactie gemeente Voor wat betreft de onderbouwing van het aspect verkeersveiligheid wordt verwezen naar voorgaande reactie. De gemeente Zwolle staat open voor ideeën en suggesties vanuit de omgeving.
2.13
Zienswijze 13
2.13.1
Samenvatting zienswijze
27/33
Datum Titel
8 februari 2022 Bestemmingsplan Stadshagen I, uitbreiding winkelcentrum “De winkeliersvereniging heeft gedurende het planproces voortdurend aandacht gevraagd voor een evenwichtig commercieel programma in het winkelcentrum met evenwichtige koop- en loopstromen en juiste verdeling van twee gelijkwaardige full service-supermarkten en discountsupermarkt over het gehele winkelcentrum. Ten aanzien van dit uitgangspunt maken we bezwaar tegen de voorgestelde bestemmingsplanregeling. Volgens de oorspronkelijke aanbestedingsleidraad van de gemeente Zwolle voor het winkelplan is een uitbreiding van het winkelcentrum met 5.150-6.650 m² BVO toegestaan. Wij lezen in artikel 9 van de gebruiksregels echter dat 5.575 tot 6.900 m² BVO wordt toegestaan. Wij dringen erop aan om het aantal vierkante meters zoals dit in de aanbestedingsleidraad is vastgelegd ook in het ontwerpbestemmingsplan op te nemen, omdat anders planologisch een groter winkelprogramma wordt mogelijk gemaakt dan vooraf is afgesproken in de aanbestedingsleidraad. Dit is ook in lijn met het eerder opgestelde DPO voor de toekomstige uitbreiding van het winkelcentrum.”. Reactie gemeente Vanwege het feit dat het distributief planologisch onderzoek dat aan de aanbestedingsleidraad ten grondslag lag al wat ouder is, is ten behoeve van het bestemmingsplan opnieuw onderzoek gedaan. Dit betreft de Ecorys uitgevoerde laddertoets.
Daarin is onderzocht welke planologische ruimte er is voor verschillende functies.
Uit dit onderzoek volgt dat: 1. De distributieve ruimte voor dagelijkse detailhandel berekend is op circa 2.850 m² winkelvloeroppervlakte (wvo) in 2021 en conform de prognoses groeit deze naar 4.850 m² wvo in 2026 en 5.500 m² wvo in 2031. 2. De distributieve ruimte voor niet-dagelijkse detailhandel berekend is op circa 1.325 m² wvo in 2021) en conform de prognoses groeit deze naar 2.675 m² wvo in 2026 en 3.000 m² wvo in 2031. 3. De distributieve ruimte voor horeca is berekend op circa 1.175 m² verhuurbaar oppervlak in 2021 en conform de prognoses groeit deze naar 1.550 m² verhuurbaar oppervlak in 2026 en 1.775 m² verhuurbaar oppervlak in 2031. Het programma dat de initiatiefnemers voor ogen hebben past ruimschoots binnen de behoefte zoals aangetoond in de Laddertoets. Het huidige programma behelst in totaal 5.575m² bruto vloeroppervlak (bvo), wat ook in artikel 9.1 is opgenomen als toegestaan aantal vierkante meters aan commerciële voorzieningen. Het in artikel 9.1 sub a van de planregels opgenomen maximum oppervlakte van commerciële voorzieningen van 5.575m² Bvo kan op grond artikel 9.2 sub a middels een afwijking vergroot kan worden tot 6.900m² Bvo. Dit is gebaseerd op het aan de aanbestedingsleidraad ten grondslag liggende onderzoek van DTNP, waar in de formulebank methode een uitbreidingsruimte (2018-2028) is aangegeven van 5.650 m²6900 m² Bvo.
Hoewel uit het onderzoek van Ecorys blijkt dat de distributieve ruimte in 28/33
Datum Titel
8 februari 2022 Bestemmingsplan Stadshagen I, uitbreiding winkelcentrum 2031 nog groter is, is de afwijkingsmogelijkheid veiligheidshalve begrensd op maximaal 6.900m2 Bvo. Wel moet geconstateerd worden dat in artikel 9.1 geen onderscheid gemaakt wordt in dagelijkse en niet-dagelijkse detailhandel en horeca. Om deze reden wordt artikel 9.1 sub a als volgt aangepast: “Het gebruik van de gronden/bouwwerken voor commerciële functies, mits in overeenstemming met de geldende bestemmingsregels, is toegestaan tot een totaal bruto-vloeroppervlakte van maximaal 5.575 m² bvo, waarbinnen maximaal 2.850 m2 wvo voor dagelijkse detailhandel; maximaal 1.325 m2 wvo voor niet-dagelijkse detailhandel en maximaal 1.175 m2 verkoopvloeroppervlakte voor horeca;” Deze metrages zijn gebaseerd op de door Ecorys in 2021 berekende marktruimte voor de betreffende sectoren. Artikel 9.2 sub a wordt om dezelfde reden eveneens aangepast en komt te luiden: “de maximaal toegestane bruto-vloeroppervlakte voor commerciële voorzieningen als bedoeld in 9.1 onder a tot maximaal 6.900m2 bvo, waarbinnen maximaal 4.950 m² wvo voor dagelijkse detailhandel, maximaal 2.700 m2 wvo voor niet dagelijkse detailhandel en maximaal 1600 m2 verkoopoppervlakte voor horeca.” Deze metrages zijn gebaseerd op de door Ecorys in 2031 berekende marktruimte voor de betreffende sectoren met een robuustheid/ zekerheidsmarge van 10%
2.13.2
Samenvatting zienswijze De nog in te stellen Brancheadviescommissie (Bac) voor de invulling van de beschikbare commerciële meters in het nieuwbouwplan zal een belangrijke adviesrol moeten hebben om tot een evenwichtige brancheverdeling in het hele winkelcentrum te komen. Belangrijk daarbij vinden we ook om hierbij niet alleen aandacht te hebben voor de winkels en horecabedrijven, maar eveneens voor dienstverlenende bedrijven. Reactie gemeente De Bac betreft geen onderwerp dat in een bestemmingsplan gereguleerd kan worden. Dit betreft een privaatrechtelijk aspect en wordt contractueel geregeld. Privaatrechtelijk is vastgelegd dat de Bac over tenminste de helft van het te realiseren commerciële ruimte/winkeloppervlakte advies mag geven
2.13.3
Samenvatting zienswijze Wij dringen erop aan de bestemmingsplanregels voor de bestemming Centrum-1 aan te scherpen en de bestemming discountsupermarkt toe te voegen met het maximaal aantal toegestane van 1.400 m2 wvo. Hiermee wordt een evenwichtig supermarktaanbod ook planologisch juridisch verankerd. Reactie gemeente 29/33
Datum Titel
8 februari 2022 Bestemmingsplan Stadshagen I, uitbreiding winkelcentrum Een onderscheid tussen discountsupermarkten en full-service supermarkten mag in beginsel in een bestemmingsplan niet gemaakt worden, omdat dit niet ruimtelijk relevant is. Dit volgt uit vaste jurisprudentie van de RvS (o.a. zaaknummers: 201207404/1 en 201410474/1. Omdat in artikel 9.1 en 9.2 geen onderscheid gemaakt is tussen dagelijkse en nietdagelijkse detailhandel en horeca wordt dit wel aangepast, zoals hierboven onder de reactie op zienswijze 2.12.1 en 2.13.1 is aangegeven.
2.13.4
Samenvatting zienswijze In het onderzoeksrapport van Sweco zijn de berekeningen die achter de parkeerbehoefte liggen niet opgenomen. Ondanks de toezegging dat deze achterliggende berekeningen met ons gedeeld zouden worden, zodat wij die kunnen laten controleren, hebben wij die berekeningen niet ontvangen. Reactie gemeente Op 7 januari 2022 is de onderbouwing per email richting de winkeliers verstuurd.
2.13.5
Samenvatting zienswijze Wij vinden de door het verkeerskundig bureau Sweco berekende parkeerbehoefte optimistisch en onnodig afwijken van de reguliere parkeernormen die voor winkelcentra van toepassing zijn. Reactie gemeente Kortheidshalve wordt verwezen naar de reactie op de zienswijzen 2.12.2 tot en met 2.12.20
2.13.6
Samenvatting zienswijze Weliswaar komen veel bezoekers met de fiets naar het winkelcentrum, maar dit wijkt volgens ons niet wezenlijk af van andere vergelijkbare winkelcentra. Dit fietsgebruik rechtvaardigt dan ook niet de soepeler omgang met de parkeernormen. Reactie gemeente Kortheidshalve wordt verwezen naar de reactie van de gemeente op zienswijze 2.12.7.
2.13.7
Samenvatting zienswijze Hoewel de bestaande garage nog een restcapaciteit heeft, wil dit niet zeggen dat de parkeerbehoefte voor de uitbreiding hier ook voor een groot deel moet worden opgelost. De winkeliersvereniging vindt dat het parkeervraagstuk primair in het plangebied zelf moet worden aangepakt en waarbij eventueel een kleine restcapaciteit daarbuiten wordt ingevuld.
30/33
Datum Titel
8 februari 2022 Bestemmingsplan Stadshagen I, uitbreiding winkelcentrum Reactie gemeente De bestaande garage wordt optimaal benut om zodoende een minimaal aantal parkeerplaatsen op het maaiveld te realiseren wat nodig is, het centrale plein hierdoor vrij te spelen en geparkeerde auto’s zoveel mogelijk uit het zicht te houden. Op basis van de uitgevoerde parkeerdrukmeting van RHDHV in 2018 tijdens het piekwinkelmoment blijkt dat er ruimte is om een deel van de parkeervraag in de bestaande parkeergarage op te vangen. Het aandeel dat uit de bestaande parkeergarage is ingezet voor de parkeerbalans is haalbaar omdat de gehanteerde parkeerdrukmeting is opgehoogd met een robuustheidsmarge van 15%, en omdat de inzet van een dynamisch en passend parkeerverwijssysteem (zijde Werkerlaan en zijde Belverderelaan) zorgt voor spreiding van het verkeer, minder zoekverkeer en meer duidelijkheid voor de bezoeker. De efficiënte inzet van bestaande ongebruikte parkeerfaciliteiten is een optie in de Regeling Parkeernormen 2016, versie 2021 en ligt in lijn met de mobiliteitsvisie van de gemeente Zwolle. Strikt genomen is het ophogen van de huidige parkeerbezetting met een robuustheidsmarge niet verplicht conform de Regeling Parkeernormen 2016, versie 2021. Dit is echter wel gedaan met het oog op de toekomstbestendigheid van de aangeboden parkeeroplossing.
De parkeeroplossing wordt primair gezocht in de nieuwe ontwikkeling: circa 75% van de parkeervraag wordt opgelost in de nieuwe parkeergarage De Stadsmaker, het Parkeerhuis en op het maaiveld. De efficiënte inzet van de bestaande capaciteit in de huidige parkeergarage is een fundamenteel onderdeel van de parkeeroplossing voor het gehele winkelgebied.
2.13.8
Samenvatting zienswijze Het risico bestaat dat de overlast in het gebied Werkerlaan richting de bestaande parkeergarage zal toenemen, omdat deze maaiveldparkeerplaatsen waarschijnlijk niet in een dynamisch parkeerverwijssysteem worden meegenomen. Reactie gemeente Om de totale bestaande en nieuwe parkeerfaciliteiten efficiënt in te zetten wordt gebruik gemaakt van een dynamisch en passend parkeerverwijssysteem. Bebording met actuele informatie wordt met de weggebruiker gedeeld op strategische locaties om bezoekers tijdig te informeren over de beschikbare faciliteiten. In het “Verkeersonderzoek bestemmingsplan De Stadsmaker” wordt verwezen naar een extensief dynamisch parkeerverwijssysteem in het gehele plangebied en bij alle parkeerfaciliteiten waar een beroep op wordt gedaan, dus ook de parkeerfaciliteiten op het maaiveld en de bestaande parkeergarage. De bezoeker wordt aan beide zijdes van het winkelcentrum tijdig geïnformeerd, zowel aan de kant van de Belvédèrelaan als aan de kant van de Werkerlaan. De verkeersdruk op de Werkerlaan zal als gevolg van de ontwikkeling van De Stadsmaker toenemen, er is ook voorzien in de inzet van het parkeerverwijssysteem – aan zijde Werkerlaan, waarmee bezoekers tijdig naar beschikbare parkeercapaciteit worden genavigeerd.
Tevens wordt vanaf de zijde Werkerlaan een groot deel van het verkeer afgevangen in de nieuwe parkeergarage onder De Stadsmaker, bereikbaar via de Overtoom.
31/33
Datum Titel
2.13.9
8 februari 2022 Bestemmingsplan Stadshagen I, uitbreiding winkelcentrum Samenvatting zienswijze Wij vragen u het ontwerpbestemmingsplan hierop aan te passen, zodat ook planologisch de mogelijkheid niet op voorhand wordt uitgesloten om een grotere parkeergarage te realiseren. Reactie gemeente Conform de Regeling parkeernormen 2016, versie 2021, van de gemeente Zwolle en de gefundeerde lichte afschaling is het mogelijk om de parkeervraag binnen de aangepaste plankaart op te lossen (zie ook beantwoording 2.12.2).
2.13.10
Samenvatting zienswijze Appellant maakt zich zorgen over de effecten van de uitbreiding van het winkelcentrum op de verkeersstructuur rondom het winkelcentrum. In het verkeerskundig onderzoek van is hiernaar onderzoek gedaan. Daarbij is de conclusie dat “het stedenbouwkundig uitbreidingsplan met haar extra verkeersintensiteiten geen substantiële invloed heeft op de verkeersstructuur, de verkeersafwikkeling, het gebruik en de verkeersveiligheid”. Het bestuur van de winkeliersvereniging heeft moeit met deze conclusie. Er zijn momenteel reeds aan de kant van de Werkerlaan regelmatig verkeersopstoppingen als gevolg van veel bezoekend verkeer. Reactie gemeente Er is onderzoek gedaan naar de verkeerskundige effecten van de uitbreiding (ontwikkeling) op de omliggende verkeersstructuur. In de verkeerstoenames dient wel het onderscheid te worden meegenomen tussen de verkeerstoename als gevolg van autonome groei en als gevolg van de stedelijke uitbreiding. De verkeersintensiteiten zijn op wegvakniveau getoetst aan ‘wenswaarden’ voortkomend uit landelijke CROWrichtlijnen. Voor de Werkerlaan geldt dat de inrichting conform de verkeersintensiteiten uit tabel 3-1 in het “Verkeersonderzoek bestemmingsplan De Stadsmaker” niet meer passend is waar nodig zal moeten worden aangepast.
Waar nodig wordt voorgesteld de inrichting aan te passen conform de CROW-richtlijnen afhankelijk van de uitkomsten van een monitoringsprogramma eindigend minimaal 1 jaar na in gebruik name van de uitbreiding. Naast de wegvakbepaling zijn voor de direct aangrenzende kruispunten kruispuntberekeningen (methode Harders) uitgevoerd op basis van het drukste uur op de vrijdagmiddag in 2030. Vervolgens is een worst-case belasting gehanteerd. De kruispunten zijn voor wat betreft het voorlopig ontwerp op conceptniveau getoetst. Voor wat betreft het kruispunt Werkerlaan-Overtoom is het afwikkelend vermogen objectief verkeerskundig gezien geen aandachtspunt. De gemiddelde wachttijden en wachtrijen vallen binnen de acceptabele normen. Normaliter wordt er niet op incidentele piekmomenten gedimensioneerd. Incidenteel is het mogelijk dat er een wachtrij kan ontstaan zoals bij gelijkwaardige (winkel)situaties gebruikelijk is wanneer een groot deel van het verkeer op een gelijk moment vertrekt. Dezelfde exercitie is uitgevoerd voor de entrees van de parkeergarages (zowel huidig als nieuw). Voor wat betreft de ingangen geldt ook dat het aantal personenauto’s per uur (tijdens het drukste moment) binnen de richtlijnen voor verwerkingscapaciteit 32/33
Datum Titel
8 februari 2022 Bestemmingsplan Stadshagen I, uitbreiding winkelcentrum parkeercontroleapparatuur ligt en de richtlijnen voor kruispuntafwikkeling (methode Harders). Bij de uitwerking (ontwerp) van de inrichting (inclusief entrees) zal binnen de kaders Verkeersveiligheid worden gewerkt door gebruik te maken van landelijke CROW-richtlijnen (‘verkeersveiligheid vooraf’). Spreiding en verwijzing is essentieel onderdeel van de oplossing. Door het ontvlechten van de verschillende verkeersstromen naar de verschillende parkeerfaciliteiten en de inzet van een parkeerverwijssysteem kan een passende verkeersafwikkeling worden gewaarborgd in het gebied.
2.13.11
Samenvatting zienswijze Appellant pleit voor een herinrichting van de Werkerlaan die inspeelt op de toenemende verkeersintensiteiten. Reactie gemeente Waar de gevolgen van de uitbreiding van het stedelijk plan merkbaar zijn binnen het plangebied worden deze meegenomen in de verkeerskundige ontwerpen. Het kruispunt Overtoom-Werkerlaan is ook de aansluiting van de laad- en losstraat op de Werkerlaan. Daarbij wordt de daadwerkelijke verkeerstoename rond het winkelcentrum tot minimaal 1 jaar na ingebruikname van de uitbreiding gemonitord. Op basis van de uitkomsten van de monitoring zal afweging op nut en noodzaak worden bepaald of en zo ja welke maatregel(en) verkeerskundig noodzakelijk zijn.
33/33