Eindrapport Rkc Zwolle - Sleutel voor jeugdhulp_april 2023.pdf
Tekst van het document
In 14 van de 15 casussen was sprake van een stabiele situatie na afronding van het traject. In 1 van de casussen was sprake van een instabiele situatie. In geen van de casussen was sprake van een volledig opgeloste situatie.
Tot slot geeft de laatste regel van het schema weer of het een casus betreft die te maken had met het Sociaal Wijkteam of een andere toegang.
76
Tabel 3: Analyseschema Casus 1
Casus 2
Casus 3
Casus 4
Casus 5
Casus 6
Casus 7
Casus 8
Casus 9
Casus 10 Casus 11 Casus 12 Casus 13 Casus 14 casus 15
Tijdige signalering problematiek Tijdig bezoek van SWT Bewoner wist waar hij/zij met problemen/hulpvragen terecht kon De gemeente Zwolle bereikt gezinnen die met dezelfde vragen en problemen zitten Klik/ goed contact met medewerker SWT Kwaliteit Langdurig dezelfde consulent ondersteuning vanuit SWT Goed overgedragen naar ondersteuning Medewerker SWT zocht/had contact met aanbieder van de hulp SWT voerde regie (Na afloop) hulp afgeschaald naar voorliggend veld Evaluaties van de hulp met medewerker SWT gehad Tijdig hulp ontvangen Goed ontvangen na overdracht vanuit SWT Kwaliteit ondersteuning Klik/ goed contact met de aanbieder/ hulpverlener zorg Tijdens de hulp (tussentijdse) evaluatie(s) gehad aanbieder(s) De ontvangen hulp werd tijdig op- en afgeschaald Hulp sluit aan bij de gezinssituatie Hulp voorkwam verergering van problemen Effectiviteit Hulp maakte het probleem behapbaar van de ondersteuning Hulp liet de problemen afnemen/ loste de problemen op Na afronding hulp overgedragen aan een andere organisatie School (leraar, intern begeleider, zorg(advies)team Huisarts/ POH Betrokken Jeugdverpleegkundige/ consultatie bureau/ kinderarts hulpverleners Overige zorginstelling/arts / instanties Jongerenwerker Meerdere jeugdhulp-partijen Politie situatie na afronding hulptraject
stabiel / instabiel / opgelost
stabiel
stabiel (onzeker) Stabiel
Stabiel
Stabiel
Stabiel
Stabiel
Stabiel
Stabiel
Stabiel
Stabiel
Stabiel
Stabiel
Stabiel
Instabiel
Toegang
SWT / medisch specialist / huisarts / consultatiebureau
SWT (via school)
Gecertific Medisch eerde specialist instelling
SWT
SWT
SWT
Huisarts
SWT
Huisarts
Gecertific eerde instelling
SWT
SWT (via school)
SWT en rechter
SWT (via school)
SWT en rechter
77
Werkzame bestanddelen Ouders gaven verder aan wat voor hen bepaald wat een ondersteuning van goede kwaliteit maakt. Onderstaande tabel geeft de verdeling weer. Terugkijkend, wat bepaalt voor jou het meest of de hulp die je gekregen hebt van goede kwaliteit is?*
Aantal keer genoemd (meerdere antwoorden mogelijk)
Kenmerken sociaal werker Sociaal Wijkteam
Serieus worden genomen en je als ouder gehoord voelen
7
Klik / wederzijds vertrouwen met medewerker Sociaal Wijkteam
5
Vast contactpersoon vanuit het Sociaal Wijkteam Onpartijdigheid Sociaal Wijkteam, niet aan de kant van één ouder gaan staan (in het geval van scheiding)
3
Goede, snelle en transparante communicatie vanuit het Sociaal Wijkteam
3 3
Werken aan de hand van een doordacht plan van aanpak dat goed wordt nageleefd (dit biedt perspectief en houvast)
3
1
Snel en doortastend handelen om te voorkomen dat een situatie uit de hand loopt Klik / wederzijds vertrouwen met hulpverlener
Kenmerken 5 hulpverlener Algemeen / Goede samenwerking tussen alle betrokken partijen (school, hulpverlener, Sociaal Wijkteam etc.) die om het gezin heen gaan 5 betrekking op staan en gezin gezamenlijk goed ondersteunen gehele traject Hulp niet alleen gericht op het kind, maar op het hele gezin (ook ondersteunen van de ouders en broertjes/zusjes) 4 *Ouders kregen de vraag welke aspecten bij een hulptraject voor hen het meest van belang zijn voor de kwaliteit van het traject. Als een ouder de klik met de hulpverlener bijvoorbeeld niet benoemt, betekent dit niet dat de klik er niet was. Ouders geven alleen aan welke aspecten zij het meest belangrijk vonden.
Terugkijkend, wat ging volgens jou goed in het traject?*
Aantal keer genoemd (meerdere antwoorden mogelijk)
Goede klik met het Sociaal Wijkteam / korte lijnen met het Sociaal Wijkteam
9
Goede klik met de hulpverlener
8
Regie vanuit Sociaal Wijkteam, medewerker die je ondersteunt het overzicht te bewaren en met je meedenkt over de volgende stappen die moeten worden gezet in het traject
3
Als gezin handvatten ontvangen vanuit de hulpverlener om thuis beter met het kind om te kunnen gaan
3
78
Serieus worden genomen / gehoord voelen
3
Vaste medewerker vanuit het Sociaal Wijkteam die het verhaal en gezin goed kent
2
Nazorg door Sociaal Wijkteam / na afronding van de hulp de mogelijkheid hebben om nog bij medewerker terug op de lijn te komen
2
Professioneel handelen en inzicht in wat er nodig is
2
Heldere communicatie vanuit Sociaal Wijkteam en hulpverlener
1
*Voor deze tabel geldt hetzelfde als voor de eerste tabel, ouders geven aan wat zij het beste vonden gaan in het traject. Dat betekent niet dat de rest automatisch niet goed ging, maar we hebben gevraagd naar de paar aspecten die zij goed vonden gaan.
Terugkijkend, wat ging volgens jou niet goed in het traject?
Aantal keer genoemd (meerdere antwoorden mogelijk)
Te veel personen rond het kind, veel wisselingen in hulpverleners en/of Sociaal Wijkteam medewerkers
4
De overgang van de leeftijd 18- naar 18+ verliep niet goed / de grens is te hard / ouders mogen meer betrokken worden zodra het kind 18 wordt / nazorg na 18e verjaardag vanuit Sociaal Wijkteam onvoldoende
4
Ontbreken klik met hulpverlener en ontbreken mogelijkheid om van hulpverlener te wisselen
3
De communicatie vanuit het Sociaal Wijkteam
3
Sociaal Wijkteam kwam te laat in het traject in beeld (omdat verwijzing niet via Sociaal Wijkteam verliep)
3
Vanuit school werd hulp niet tijdig ingeschakeld en niet tijdig opgeschaald
2
Het Sociaal Wijkteam was niet onpartijdig en koos partij voor één van de ouders
2
Ouders beter meenemen / betrekken in de hulp
2
79
Goede/passende hulporganisatie niet nabij (grote afstand)
2
Ontbreken brede uitvraag aan de voorkant / te snelle doorverwijzing voor goed vastgesteld was wat nodig was
1
Sociaal Wijkteam gaf ons het gevoel dat het bepalen van de hulp kostengedreven is in plaats van te doen wat nodig is
1
Aanpak richtte zich alleen op het kind in plaats van het hele gezin (systeemdenken)
1
Plan van aanpak en goede uitleg bij hulpverlening ontbrak
1
Onduidelijkheid waar je met een hulpvraag naartoe kunt
1
Wachtlijst van hulporganisatie
1
* Voor deze tabel geldt hetzelfde als voor de eerste en tweede tabel, ouders geven aan wat zij niet goed vonden gaan in het traject. Dat betekent niet dat de overige onderdelen van het traject automatisch wel goed gingen, maar we hebben gevraagd naar de paar aspecten die zij niet goed vonden gaan.
Overige aanbevelingen vanuit ouders
Het zou mooi zijn als iemand bij je thuis komt om mee te draaien in je gezin, om n.a.v. die observatie meer tips en handvatten te kunnen geven aan ouders
Er werd heel veel vergoed vanuit de gemeente, zoals kleren, eten en zakgeld. Wij hadden prima mee kunnen betalen en denken dat het geld beter af was geweest ergens anders. Combineren van PGB en ZIN
80
Vergelijkende analyse casussen perspectief gezin, Sociaal Wijkteam en hulpverlener jeugdzorg Toelichting analyseschema Ordening van de bevindingen uit de casestudies met sociaal werkers en hulpverleners jeugdzorg De bevindingen zijn grafisch weergegeven in tabelvorm. Vijf sociaal werkers en/of hulpverleners jeugdzorg gaven hun perspectief op acht casussen uit de casusstudie met de ouders/jeugdige. Aanvankelijk was het doel om voor vijf casussen zowel de ouder, de sociaal werker en de hulpverlener te spreken. Dat is bij drie casussen gelukt, bij vijf casussen is of een sociaal werker of een jeugdhulpverlener gesproken. De vraagstelling was open, maar wel gericht op het ophalen van bevindingen op een aantal aspecten: ▪ ▪ ▪
Start van de hulp Ondersteuning door het sociaal team/andere instanties Ondersteuning door informeel netwerk
Op deze wijze kunnen kwalitatieve uitspraken worden gedaan over de wijze waarop de ondersteuning van de onderzochte casussen in de praktijk is verlopen en wat daaruit geleerd kan worden. De bevindingen zijn langs deze lijnen weergegeven in het analyseschema. Leeswijzer en interpretatie van de betekenis van het analyseschema In de casussen 1, 2, 3, 7, 8, 9, 10 en 11 is naast het perspectief van de ouder ook het perspectief van de sociaal werker en/of de hulpverlener onderzocht. De verschillende perspectieven zijn per casus naast elkaar gezet zodat overeenkomsten en verschillen makkelijk te zien zijn. Hieronder gaan we per aspect in op de opvallende bevindingen. Niet alle (kleine) afwijkingen worden benoemd, er wordt aandacht besteed aan de opvallende afwijkingen en de afwijkingen die vaker voorkomen. Voor de start van de hulpvraag is een aantal elementen in de tabel te zien zoals tijdigheid van signalering, het in gang zetten van de hulp en de bereikbaarheid van de gemeente. Groen geeft hier aan dat de stelling van toepassing is op de casus. De grijs gekleurde vakken betekenen dat de stelling niet van toepassing is op de casus of dat de desbetreffende persoon hier geen zicht op had. De hulpverlener van casus 3 vond het bijvoorbeeld aan de ouder zelf om te bepalen of de hulpvraag behapbaar was gemaakt en/of opgelost was en kon de vragen daarom zelf niet beantwoorden.
Een oranje score geeft aan dat de stelling gedeeltelijk waar was en rode scores dat de stelling niet van toepassing was terwijl dit volgens de gesproken persoon wel wenselijk was. Wanneer we de verschillende perspectieven met elkaar vergelijken zien we dat de perspectieven van SWT medewerkers, hulpverleners en de ouders bij de meeste stellingen overeen komen. Dit laat zien dat de situaties waar ouders ontevreden (of juist tevreden) over zijn, vaak worden herkend en erkend door medewerkers van het SWT en de hulpverleners. Wel zijn een aantal opvallende verschillen te zien. Zoals bijvoorbeeld bij de vraag Problematiek tijdig gesignaleerd / hulpvraag snel opgepakt. Bij casus 8, 9 en 10 gaf de ouder een lagere score dan de SWT medewerker of de hulpverlener. Bij casus 11 is dit juist andersom, daar vond de SWT medewerker dat de hulpvraag sneller opgepakt had kunnen worden maar waren de ouder en hulpverlener juist wel tevreden over de tijdigheid van de signalering. Een ander opvallend verschil is te zien bij de vraag Gelukt hulpvraag op te lossen. De ouder is in casus 2 van mening dat het is gelukt de hulpvraag op te lossen terwijl de SWT medewerker vindt dat dit niet is gelukt. Bij de vraag Op tijd hulp ontvangen 82
vinden casus 10 en casus 8 dat dit niet of slechts gedeeltelijk het geval is, terwijl hulpverlener en SWT medewerker dat wel vinden. Al met al zien we in sommige gevallen dat ouders een situatie negatiever beoordelen dan de SWT medewerker of hulpverlener. In een aantal andere gevallen zien we dit juist andersom. Voor het onderdeel ondersteuning door het sociaal team/andere instanties is gekeken naar de rol van de SWT medewerker, het contact met andere instanties en het contact met de ouders/jeugdige. Groen geeft hier aan dat de stelling van toepassing is op de casus. De grijs gekleurde vakken betekenen dat de stelling niet van toepassing is op de casus of dat de desbetreffende persoon hier geen zicht op had. Bij casus 7 bijvoorbeeld pleegt het Sociaal Wijkteam eigen inzet en is geen sprake van een betrokken hulpverlener, waardoor de vragen die betrekking hebben op het contact met de hulpaanbieder niet van toepassing zijn. Een oranje score geeft aan dat de stelling gedeeltelijk waar was en rode scores dat de stelling niet van toepassing was terwijl dit volgens de gesproken persoon wel wenselijk was. Ook voor dit onderdeel geldt dat de perspectieven van SWT medewerkers, hulpverleners en ouders in de meeste gevallen overeen komen. De paar opvallende uitkomsten volgen hieronder.
Ten aanzien van de vraag Goed contact tussen ouder en SWT geldt dat 14 van de 15 antwoorden van ouders overeen komen met de antwoorden van het SWT of de hulpverlener. Bij de vraag SWT op hoogte andere instanties valt op dat casus 3 en casus 8 hier niet of gedeeltelijk tevreden over waren terwijl het SWT wel tevreden was. Bij casus 2 valt op dat de hulpverlener dit veel positiever ervaart dan hoe dit beoordeeld wordt door het SWT en de ouder. Bij de stelling Goed contact SWT met andere organisaties is te zien dat het SWT dit in drie casussen positiever beoordeelt dan de ouder. Voor één casus geldt dit juist andersom. Ten aanzien van de regie van het SWT geldt ook dat drie ouders hier negatiever over oordelen dan de betrokken SWT medewerker. Aanvullende bevindingen vanuit gesprekken hulpverleners en SWT medewerkers: ▪ Meerdere hulpverleners en SWT medewerkers benadrukken het belang van het ‘outreachend werken’, ofwel de aanwezigheid van het SWT op scholen en bij huisartsen. De hoge caseload en het beperkt aantal uren dat het SWT aanwezig is op scholen en bij huisartsen maken het lastiger om goed ‘outreachend’ te kunnen werken en te doen aan vroegsignalering. ▪ Een van de gesproken hulpverleners ziet regelmatig dat ouders geen hulp durven te zoeken.
Ze ziet dat deze ouders bang zijn om een ‘dossier’ te worden en meerdere hulpverleners over de vloer te krijgen die van alles van je gezin vinden. Mede hierom is het volgens deze hulpverlener belangrijk om ouders gerust te stellen en te voorkomen dat zij steeds verschillende gezichten zien. Ouders hebben behoefte aan één gezicht, één iemand waar zij zich vertrouwd mee voelen. Dit werd ook bevestigd in de gesprekken met ouders (zie analyse hierboven).
83
Analyseschema
Perspectief SWT
Casus 1
Casus 2
Perspectief verlener hulp
Perspectief verlener hulp
Perspectief ouder
Perspectief SWT
Casus 3 Perspectief ouder
Perspectief verlener hulp
Perspectief ouder
Casus 11 Perspectief SWT
Perspectief verlener hulp
Casus 9 Perspectief ouder
Problematiek tijdig gesignaleerd / Hulpvraag snel opgepakt Hulpvraag voldoende helder gekregen start van de hulp
Gelukt om de hulpvraag behapbaar te maken Gelukt om de hulpvraag op te lossen Op tijd hulp ontvangen
Gemeente Zwolle bereikt bewoners die met dezelfde vragen/problemen zitten Goed contact tussen ouder(s)/jeugdige en medewerker SWT SWT op de hoogte van andere instanties Goed contact tussen ouder(s)/jeugdige Ondersteuning en hulpverlener zorgaanbieder door het sociaal Goed contact tussen SWT en andere team/andere instanties/hulpverleners instanties SWT heeft regie op proces (eventueel samen met de ouder) Hulp van andere organisaties getoetst / evaluaties gehad Ondersteuning door informeel netwerk
Nagegaan of informeel netwerk betrokken kan worden Hulp vanuit het informele netwerk heeft bijgedragen aan het verhelpen van de hulpvraag
1
Perspectief SWT
Perspectief ouder
Casus 10 Perspectief verlener hulp
Perspectief ouder
Casus 7 Perspectief SWT
Perspectief ouder
Casus 8 Perspectief SWT
Perspectief ouder