Bpl Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten) toelichting bijlagen.pdf
Tekst van het document
4.3
Egel
4.3.1 Leefgebied egel In 2020 is binnen het plangebied op egel onderzocht met cameravallen (conform Soortenbescherming in Overijssel, handreiking voor het aanvragen van een ontheffing, versie juli 2019). Tijdens het onderzoek zijn op de beelden van de losse wildcamera’s passerende egels waargenomen (zie afbeelding 4.4). De egel is op meerdere dagen meerdere keren waargenomen. Het plangebied maakt daarmee onderdeel uit van een foerageergebied voor de egel. Vaste rust- en verblijfplaatsen van de egel zijn in de zomerperiode niet uit te sluiten, vanwege de aanwezigheid van dichtbegroeide struiken. Daarnaast is het niet uit te sluiten dat de egel voor de winterperiode een winternest aanmaakt (meestal met droge bladeren) tegen de schuren of onder de aanwezige heggen. Voor een meer gedetailleerd verslag van het nader onderzoek wordt verwezen naar Eco Reest rapport 192454 (15 december 2020).
Activiteitenplan bij ontheffingsaanvraag Erfgenamenweg 16 te Wijthmen (kenmerk: 210065 v1.0)
Pagina 17 van 32
Afbeelding 4.4. Passerende egel voorbij camera 3 (Eco Reest (rapportnummer 192454),2 juni 2020, 00:53).
Afbeelding 4.5. te verwijderen (fase 3) geschikt leefgebied egel op het erf Erfgenamenweg 16.
4.3.2 Staat van instandhouding egel Vijf soorten (bunzing, hermelijn, wezel, egel en ondergrondse woelmuis) zijn van de vrijstellingslijst gehaald, omdat de staat van instandhouding van de marterachtigen en egel onvoldoende vaststaat (bron: Handreiking Soortenbescherming in Overijssel, februari 2021). Tien jaar geleden stond de status van de egel op ‘niet-bedreigd’ op de Rode Lijst. Dit is veranderd naar de huidige status ‘bedreigd’. In verspreiding is de egel de afgelopen tien jaar met 50% verminderd (bron: Egelwerkgroep Nederland).
Activiteitenplan bij ontheffingsaanvraag Erfgenamenweg 16 te Wijthmen (kenmerk: 210065 v1.0)
Pagina 18 van 32
4.4
Vleermuizen
4.4.1 Verblijfplaatsen In 2020 is het plangebied onderzocht conform de eisen uit de destijds meest vigerende Vleermuisprotocol (versie 2017). In de zomerperiode is op 13 juli 2020 één zomerverblijfplaats van twee gewone grootoorvleermuizen vastgesteld in de nok van de hooischuur. De locatie van de verblijfplaats bevindt zich tussen de liggers en golfplaat van het dak. Er zijn eveneens vier gewone grootoorvleermuizen aangetroffen in de nok van de hooischuur tijdens het onderzoek van 6 augustus 2020. Dit betreft dezelfde eerdere waargenomen zomerverblijfplaats van gewone grootoorvleermuis. Bij de onderzoeksrondes in de paarperiode, in augustus en september, zijn baltsende gewone dwergvleermuizen waargenomen nabij de woonboerderij en de hooischuur. De gewone dwergvleermuis stoot tijdens het vliegen sociale geluiden uit, en roept niet vanaf één plek. Hierdoor is het lastig de exacte locatie van de paarverblijfplaats aan te wijzen. Er wordt gezien de waarnemingen uitgegaan van een paarverblijfplaats van de gewone dwergvleermuis ter plaatse van de zuidwestzijde van de woonboerderij. De baltsende twee gewone dwergvleermuizen ter plaatse de hooischuur gebruiken vermoedelijk de reeds eerdere waargenomen zomerverblijfplaats van de grootoorvleermuizen eveneens als paarverblijfplaats. In afbeelding 4.6 zijn de vastgestelde verblijfplaatsen en de functie van de verblijfplaatsen opgenomen.
Voor een meer gedetailleerd verslag van het nader onderzoek wordt verwezen naar Eco Reest rapport 192454 (15 december 2020).
Activiteitenplan bij ontheffingsaanvraag Erfgenamenweg 16 te Wijthmen (kenmerk: 210065 v1.0)
Pagina 19 van 32
Afbeelding 4.6. Waarnemingen vleermuizen (bron achtergrondkaart: ArcGIS).
4.4.2 Staat van instandhouding vleermuizen Gewone dwergvleermuis Gewone dwergvleermuis is zowel binnen Europa als binnen Nederland de meest voorkomende vleermuissoort. Deze is onderdeel van de landelijke populatie die wordt geschat op 300.000 tot 600.000 dieren (Dietz et al., 2009). Uitwisseling tussen verschillende populaties vindt waarschijnlijk met name plaats in winterverblijfplaatsen (Dietz et al., 2009). Uit de Vogel- en habitatrichtlijn-rapportage 2019 blijkt dat het verspreidingsgebied van deze soort gunstig is. Er zijn echter onvoldoende gegevens beschikbaar om een duidelijk beeld van de landelijke staat van instandhouding te bepalen (Vogel-en-Habitatrichtlijnrapportage, 2019). Gewone grootoorvleermuis Uit de Vogel- en habitatrichtlijn-rapportage 2019 (Adams et al., Wageningen University & Research, 2020) blijkt dat de populatie en verspreiding als gunstig en het toekomstperspectief zijn als matig ongunstig is gekwalificeerd. Gewone grootoorvleermuis komt verspreid over heel Nederland voor, maar nergens in grote aantallen. De soort is sterk gebonden aan kleinschalig landschap en bosgebieden en is in de open polderlandschappen in West- en Noord-Nederland zeldzamer Het aantal gewone grootoorvleermuizen in Nederland wordt geschat op minimaal 5.000 tot 7.500 dieren.
Na een afname van de aantallen overwinterende gewone grootoorvleermuizen in de tweede helft van de vorige eeuw is de trend nu weer stabiel (Kennisdocument gewone grootoorvleermuis, versie 1.0 Juli 2017).
Activiteitenplan bij ontheffingsaanvraag Erfgenamenweg 16 te Wijthmen (kenmerk: 210065 v1.0)
Pagina 20 van 32
5. MITIGATIE EN COMPENSATIE In dit hoofdstuk zijn de maatregelen uitgewerkt om de effecten op (verblijfplaatsen van) beschermde diersoorten zo goed mogelijk te mitigeren of te compenseren. Dit hoofdstuk vorm de basis voor het ecologisch uitvoeringsplan, zoals aangegeven in paragraaf 5.7.
5.1
Tijdelijke compensatie
5.1.1 Effect van de werkzaamheden, zonder mitigerende en compenserende maatregelen Uit het huismussenonderzoek is gebleken dat zes nestlocaties van huismussen aanwezig zijn binnen het plangebied. Vier nestlocaties bevinden zich in de woonboerderij en twee nestlocaties in de oostelijke koeienschuur. Daarnaast vormt het opgaand groen en watervoorzieningen essentieel onderdeel als foerageergebied voor huismus. Ook zijn diverse zandplekken aanwezig waar huismus gebruik van maakt om zand te baden. Uit het nader onderzoek naar boerenzwaluw is gebleken dat acht in gebruik zijnde nestlocaties van boerenzwaluw aanwezig zijn binnen het plangebied. Vijf nestplaatsen bevinden zich in de noordelijke koeienschuur en drie nestplaatsen en de oostelijke koeienschuur. Uit het egelonderzoek is gebleken dat binnen het plangebied een essentieel leefgebied van egel aanwezig is. Vaste rust- en verblijfplaatsen van egel zijn in de zomer- en winterperiode niet uit te sluiten, vanwege de aanwezigheid van dichtbegroeide struiken. Uit het vleermuisonderzoek is gebleken dat binnen het plangebied drie vaste rust- en verblijfplaatsen van vleermuizen zijn vastgesteld. In totaal gaat het om twee paarverblijfplaatsen van de gewone dwergvleermuis en één zomerverblijfplaats van de gewone grootoorvleermuis (met vier exemplaren).
Als gevolg van de werkzaamheden komen de bovengenoemde vaste rust- en verblijfplaatsen te vervallen en vervalt essentieel leefgebied van huismus en egel. Dit is echter pas aan de orde tijdens de uitvoering van fase 3. De woningen en het openbaar gebied van fase 1 is dan ‘natuurinclusief’ opgeleverd met voorzieningen voor huismus, gierzwaluw, vleermuizen en egel. De woningen en het openbaar gebied van fase 2 is dan in aanbouw. Extra tijdelijke voorzieningen voor deze dieren is derhalve niet nodig. In het nieuwbouwplan worden geen voorzieningen opgenomen voor boerenzwaluw. Voor deze soort is een woonwijk niet geschikt. Als compensatie voor de te verloren gaande nestplaatsen, worden vóór het broedseizoen 2022 (vóór half april 2022) 16 nestkommen aangebracht op geschikte plaatsen op het boerenerf Erfgenamenweg 45. Tijdens de eerste weken van het broedseizoen 2022 en 2023 (tweede helft april / eerste helft mei) worden lokgeluiden gebruikt zodat de boerenzwaluwen in staat zijn de nieuwe nestlocaties te ontdekken. Hiermee worden tijdig voldoende geschikte nestlocaties aangeboden om de lokale populatie in stand te houden.
Activiteitenplan bij ontheffingsaanvraag Erfgenamenweg 16 te Wijthmen (kenmerk: 210065 v1.0)
Pagina 21 van 32
Afbeelding 5.1. compensatie nestkommen boerenzwaluw Erfgenamenweg 45 (blauw). In rood de huidige locatie van de nesten boerenzwaluw.
Activiteitenplan bij ontheffingsaanvraag Erfgenamenweg 16 te Wijthmen (kenmerk: 210065 v1.0)
Pagina 22 van 32
5.1.2 Minimale aantallen voorzieningen en gewenningstijd In eerste instantie wordt de nieuwbouw in fase 1 en fase 2 gerealiseerd met natuurinclusieve maatregelen (zie paragraaf 5.1.3). De bouw van de eerste fase staat gepland in 4e kwartaal van 2022 / 1e kwartaal van 2023 en zal fase 2 starten na afronding van fase 1 of eerder indien dit markttechnisch kan. Daaropvolgend worden de sloopwerkzaamheden van de aanwezige gebouwen uitgevoerd en wordt het aanwezige opgaand groen verwijderd (fase 3). In fase 3 vinden bij de voorgenomen sloopwerkzaamheden negatieve effecten op de aanwezige beschermde soorten plaats. Doordat natuurinclusieve maatregelen tijdens fase 1 en fase 2 worden gerealiseerd, is tijdelijke mitigatie niet noodzakelijk. Van belang is dat voorafgaand aan de sloopwerkzaamheden in fase 3 het minimale aantal permanente mitigerende voorzieningen aanwezig is en dat voor deze voorzieningen is voldaan aan de in tabel 5.1 genoemde gewenningsperiodes. Tabel 5.1. Eisen gewenningsperiode per soort
Soort
Gewenningsperiode
Boerenzwaluw
Mitigatie aanwezig vóór 15 maart 2022 Mitigatie aanwezig vóór 1 mei 2023
Egel
Huismus
Minimum aantal mitigerende voorzieningen aanwezig voorafgaand sloop 16 voorzieningen t.p.v. Ergenamenweg 45 2 voorzieningen en aanwezigheid groenstructuren in nieuwbouwplan 12 voorzieningen en aanwezigheid groenstructuren in nieuwbouwplan 8 voorzieningen in nieuwbouwplan
Mitigatie aanwezig tenminste 3 maanden voorafgaand natuurvrij maken te slopen gebouwen* Gewone dwergvleermuis Mitigatie aanwezig tenminste 6 maanden voorafgaand natuurvrij maken te slopen gebouwen (tijdens actieve periode tussen april en oktober) * Gewone grootoorvleermuis Mitigatie aanwezig tenminste 1 4 voorzieningen in maand voorafgaand natuurvrij nieuwbouwplan maken te slopen gebouwen (tijdens actieve periode tussen april en oktober) * *Van belang dat de genoemde aantallen mitigerende voorzieningen opgeleverd zijn in fase 1 en fase 2 EN voldoen aan de gewenningsperiode, alvorens het natuurvrij maken / sloop van de gebouwen in fase 3.
De voorzieningen voor boerenzwaluw zijn beschreven in 5.1.1. De overige voorzieningen zijn in 5.1.2 beschreven. Hieruit blijkt dat zowel aan de minimale hoeveelheden als aan de gewenningsperiode wordt voldaan.
Activiteitenplan bij ontheffingsaanvraag Erfgenamenweg 16 te Wijthmen (kenmerk: 210065 v1.0)
Pagina 23 van 32
5.2
Permanente compensatie
5.2.1 Permanente compensatie voor aanwezige beschermde soorten Als compensatie voor de verloren gaande vaste rust- en verblijfplaatsen worden de woningen in het plangebied alle natuurinclusief gebouwd. Daarnaast wordt het plangebied ‘groen’ ingericht om het leefgebied van de beschermde soorten te waarborgen. Van belang is dat wordt voldaan aan het minimale aantal compenserende maatregelen. De ontwikkelaar neemt alle woningen op om natuur inclusief te bouwen. De exacte wijze wordt door de ontwikkelaar afgestemd met de projectecoloog. De compensatieopgave is per soort opgenomen in tabel 5.2. Er worden alleen bewezen technieken toegepast, die worden beschreven op de websites: www.bouwnatuurinclusief.nl en www.checklistgroenbouwen.nl. Indien compenserende maatregelen worden voorgesteld die hierin niet zijn beschreven, wordt di na afstemming met de projectecoloog, ter goedkeuring voorgelegd aan provincie Overijssel.
5.2.2 Compensatieopgave woningen Alle woningen worden natuurinclusief ontworpen en gebouwd. In het stedenbouwkundige plan is aangegeven dat de gevels worden gebouwd van bakstenen en de daken worden voorzien van dakpannen. Dat maakt de woningen geschikt om integraal ecologische voorzieningen op te nemen. Bij voorkeur worden die in het ontwerp opgenomen, bijvoorbeeld ruimte en toegang tot de spouw en het dak voor vleermuizen en vogels. De minimale compensatieopgave is navolgend vastgelegd: Tabel 5.2: compensatieopgave natuurinclusief bouwen
Woningtype (aantal)
Opgave huismus
Opgave gierzwaluw1)
Opgave vleermuis
Vrijstaand (19) Dubbel (2x18) Blok (9)
2 per woning 2 per woning 2 per woning
1 per woning 1 per woning 2 per blok
1 klein verblijf per woning 1 klein verblijf per woning 9 kleine verblijven 9 grote verblijven
Totaal
224
73
64 kleine verblijven 9 grote verblijven
1)
Alleen oriëntatie oost en noord
Het ontwerp van de compensatie in de woningen wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de begeleidend ecoloog en het bevoegd gezag.
Activiteitenplan bij ontheffingsaanvraag Erfgenamenweg 16 te Wijthmen (kenmerk: 210065 v1.0)
Pagina 24 van 32
5.2.3 Compensatie groenstructuren 5.2.3.1 Randvoorwaarden Randvoorwaarden waaraan voldaan dient te worden voor een ecologische plus: Essentiële aspecten leefgebied huismus en egel Vergroting biodiversiteit; Meerjarig; Lokaal inheems; Jaarrond ecologische meerwaarde; Relatief eenvoudig beheer. 5.2.3.2 Groenvoorzieningen In de omgeving worden groenvoorzieningen geplaatst die het leefgebied voor huismus, egel en andere soorten verbeteren. Het planten van een variatie aan bomen, struiken, kruiden is belangrijk ten behoeve van voedsel, voortplanting, schuilplaats voor insecten, vogels en kleine zoogdieren. Hiermee wordt geschikt leefgebied gecreëerd voor een groot aantal inheemse soorten. Ook worden de toekomstige bewoners gestimuleerd om groenvoorzieningen in de tuin te plaatsen. 5.2.3.3 Waterberging Er wordt binnen het plangebied een wadi aangelegd. De wadi wordt ‘groen’ ingericht met diverse planten, die ervoor zorgt dat er meerdere insecten en amfibieën worden aangetrokken binnen het plangebied, die daarop weer andere soorten zullen aantrekken en de biodiversiteit in het plangebied vergroot. Het oppervlaktewater kan essentieel zijn voor de voortplanting van insecten en amfibieën, waardoor het een duurzame ecologische functie heeft. Om het oppervlaktewater ecologisch optimaal te laten functioneren bestaat het uit een flauw talud met deels ondiepe stukken.
5.2.3.4 Ontwerp inrichtingsplan Het ontwerp van het inrichtingsplan wordt te goedkeuring voorgelegd aan de projectecoloog en het bevoegd gezag.
5.3
Effect van de werkzaamheden met compenserende maatregelen
De vaste rust- en verblijfplaatsen die komen te vervallen worden tijdig gecompenseerd met hiervoor geschikte maatregelen in de vorm van natuurinclusief bouwen. Daarnaast wordt het plangebied ‘groen’ ingericht, waarin een variatie aan ecotopen gecreëerd wordt. Door het tijdig treffen van genoemde compenserende maatregelen leiden de voorgenomen sloop van de gebouwen en verwijderen van bosschage, niet tot verslechtering van de staat van instandhouding van de aanwezige beschermde soorten. Het natuurinclusief bouwen en de groeninrichting leidt tot een groter, meervoudig en gevarieerder potentieel habitat voor inheemse soorten.
Activiteitenplan bij ontheffingsaanvraag Erfgenamenweg 16 te Wijthmen (kenmerk: 210065 v1.0)
Pagina 25 van 32
5.4
Zorgvuldig handelen
5.4.1 Periode natuurvrij maken Door de werkzaamheden uit te voeren buiten de voor de aanwezige beschermde soorten meest kwetsbare periodes, worden effecten verder geminimaliseerd. In tabel 5.3 zijn voor de betreffende soortgroepen de kwetsbare periodes opgenomen. Tabel 5.3. Kwetsbare periodes aanwezige soorten soort
jan feb ma ap
mei jun jul
au
se
ok
Huismus
nov dec kwetsbare periode Broedperiode (maart - september) Vorstperiode
Boerenzwaluw
Broedperiode (mei - september) Voortplantingsperiode (juni – oktober) Winterperiode (november – maart) Winterperiode (november - maart) Kraamperiode (half mei – half juli) Paarperiode (augustus – half oktober) Kraamperiode (half mei – half juli) Paarperiode (augustus – half oktober)
Egel Gewone dwergvleermuis (paarverblijfplaats woonboerderij) Gewone dwergvleermuis (paarverblijfplaats hooischuur) Gewone grootoorvleermuis (zomerverblijfplaats hooischuur)
Zomerperiode (april – half oktober)
De genoemde perioden kunnen eerder beginnen of later eindigen afhankelijk van de lokale klimatologische omstandigheden en de meteorologische omstandigheden voorafgaand aan of tijdens de werkzaamheden en worden afgestemd met een ecoloog. In tabel 5.4 worden de optimale periodes voor het uitvoeren van de voorgenomen werkzaamheden weergegeven, waarbij rekening wordt gehouden met potentiële verblijfplaatsen van vleermuizen. Tabel 5.4. Optimale uitvoeringsperiode natuurvrij werkzaamheden per fase. Voorgenomen werkzaamheden Fase 1 Fase 2
jan
feb
ma
ap
mei
jun
jul
au
se
ok
nov
dec
Niet van toepassing – start nieuwbouw gehele jaar door Niet van toepassing – start nieuwbouw gehele jaar door
Fase 3 - vogels Fase 3 - egel Fase 3* - vleermuizen
Werkzaamheden niet uitvoeren Werkzaamheden in principe uitvoeren, afhankelijk van klimatologische omstandigheden op advies van ecoloog Optimale periode uitvoeren van werkzaamheden
*De schuren worden niet geschikt geacht als winterverblijfplaats voor vleermuizen, in verband met koude tocht. Derhalve valt de geschikte uitvoeringsperiode van natuurvrij maken voor de schuren ook in de winterperiode van november tot april.
Activiteitenplan bij ontheffingsaanvraag Erfgenamenweg 16 te Wijthmen (kenmerk: 210065 v1.0)
Pagina 26 van 32
In onderstaande figuur 5.2 worden de geschikte periode voor het natuurvrij maken per gebouw weergegeven. Hierbij wordt vanuit gegaan dat fase 1 en (deels) fase 2 zijn afgerond, waarbij voldaan wordt aan het minimale aantal voorzieningen en de daarbij horende gewenningsperiode (zie paragraaf 5.1.2). Rood: natuurvrij maken boerenzwaluw en huismus tussen oktober 2023 en 1 februari 2024 Blauw: natuurvrij maken vleermuis tussen half oktober 2023 en 1 februari 2024 Geel: natuurvrij maken vogels tussen 1 september 2023 en 1 februari 2024 Geel: natuurvrij maken vleermuis oktober 2023 of april 2024 Groen: geen beschermde soorten aanwezig sloop gehele jaar door, rekening houdend met het broedseizoen (globaal tussen maart en september). Indien in het broedseizoen wordt gesloopt, dient er voorafgaand de sloop een nestencheck te worden uitgevoerd. Verwijderen opgaand groen: oktober/november 2023
Afbeelding 5.2. Geschikte periode natuurvrij maken per gebouw.
Activiteitenplan bij ontheffingsaanvraag Erfgenamenweg 16 te Wijthmen (kenmerk: 210065 v1.0)
Pagina 27 van 32
5.4.2 Methode natuurvrij maken Fase 3 De sloopwerkzaamheden worden uitgevoerd, nadat fase 1 is afgerond en fase 2 deels is afgerond. Het is nog onbekend wanneer fase 2 zal worden afgerond. In onderstaande tabel 5.5 wordt de methode weergegeven op welke wijze natuurvrij wordt gemaakt per gebouw. De gebouwen zijn aangeduid A tot en met E (zie afbeelding 5.3).
A C
B
D E
Afbeelding 5.3. Letteraanduiding per gebouw.
Activiteitenplan bij ontheffingsaanvraag Erfgenamenweg 16 te Wijthmen (kenmerk: 210065 v1.0)
Pagina 28 van 32
Tabel 5.5. Methode natuurvrij maken per gebouw
Gebouw
Wijze van natuurvrij maken
A
Zorgvuldig slopen buiten het broedseizoen, waarbij het golfplaten dak laagsgewijs verwijderd wordt en balken (en de nesten) zorgvuldig verwijderd worden. Hierbij wordt naar één kant toe gewerkt en begeleidt door een ecoloog. Zorgvuldig slopen buiten het broedseizoen, waarbij het golfplaten dak laagsgewijs verwijderd wordt en balken zorgvuldig verwijderd worden. Hierbij wordt naar één kant toe gewerkt en begeleidt door een ecoloog. Zorgvuldig slopen tijdens de winterperiode van vleermuizen, waarbij het golfplaten dak laagsgewijs verwijderd wordt en balken (en de nesten) zorgvuldig verwijderd worden. Hierbij wordt naar één kant toe gewerkt begeleidt door een ecoloog. Voorafgaand de sloop wordt de hooischuur endoscopisch onderzocht door een ecoloog op aanwezigheid van vleermuis.
B
C
Indien blijkt dat vleermuis nog aanwezig is, worden kieren tussen de balken dichtgezet met vulmateriaal (borstels of vulschuim) met uitvliegmogelijkheden via exclusion flaps.
D
Optimale periode voor natuurvrij maken: tussen 15 oktober en 1 november. Huismus: Buiten het broedseizoen de ruimte onder de dakpannen (onderste rij dakpan, nokpan en kapotte dakpannen) dichtzetten door middel van vogelwerende borstels (zie figuur 5.10). Voorafgaand worden de dakpannen beklopt, zodat huismussen het dak gaan verlaten. Hierbij is een ecologisch deskundige aanwezig. Vleermuis: Buiten de kwetsbare periode van vleermuis de ruimte tussen het overstek en gevels dichtzetten met vulschuim of houten latten. Hierbij worden exclusion flaps toegepast (zie figuur 5.11), zodat er altijd een uitvliegmogelijkheid voor vleermuis aanwezig is. Overige gaten en kieren in gevels, loodslabben en in schoorstenen worden eveneens dichtgezet met vulschuim of houten latten en voorzien van exclusion flaps.
E Opgaand groen (egel en broedvogel)
Het natuurvrij maken wordt ten minste drie dagen voor de werkzaamheden uitgevoerd, met ten minste één nacht met temperaturen van minimaal 10 graden Celsius. Geen beschermde soorten aangetroffen, sloop kan gehele jaar door plaatsvinden. Verwijderen van dichte bosschages in de periode van oktober-november 2023
Activiteitenplan bij ontheffingsaanvraag Erfgenamenweg 16 te Wijthmen (kenmerk: 210065 v1.0)
Pagina 29 van 32
Figuur 5.10. Vogelwerende borstel WB1 (Unitura).
Figuur 5.11. Exclusion flap EF1 van Unitura.
5.5
Ecologische werkprotocol
Alle mitigerende en compenserende maatregelen worden in een ecologisch werkprotocol uitgewerkt. Hierin worden tevens eventueel aanvullende voorwaarden van bevoegd gezag opgenomen. In het werkprotocol wordt ecologische begeleiding van de werkzaamheden voorgeschreven waarbij een ecoloog op het werk is op de volgende kritische momenten:
Advies ontwerp woningen en plan omtrent de te nemen natuurinclusieve maatregelen door projectecoloog; Definitief ontwerp woningen en plan voorleggen aan het bevoegd gezag door ontheffinghouder; Start werkzaamheden natuurinclusieve werkzaamheden fase 1 en 2; Oplevering natuurinclusieve maatregelen en controle door projectecoloog fase 1 en 2; Start werkzaamheden natuurvrij maken onder ecologische begeleiding; Oplevering natuurvrij maken en controle door projectecoloog; Start werkzaamheden natuurinclusieve werkzaamheden fase 3; Oplevering natuurinclusieve maatregelen en controle door projectecoloog fase 3.
Alle betrokken partijen, met name ook de uitvoerenden op de bouw- of projectlocatie, dienen voorafgaand aan de start van de werkzaamheden van het werkprotocol op de hoogte gesteld te worden. De begeleidend ecoloog houdt een logboek bij van alle relevante werkzaamheden en controles.
Activiteitenplan bij ontheffingsaanvraag Erfgenamenweg 16 te Wijthmen (kenmerk: 210065 v1.0)
Pagina 30 van 32
6. BELANG EN ALTERNATIEF 6.1.1 Belang van het project De technische staat van de woningen en schuren is dusdanig dat ze niet meer voldoen aan de eisen van deze tijd. Duurzaamheid De gebouwen worden niet langer als duurzaam beschouwd en kan op den duur een gevaar vormen voor de openbare veiligheid. De openbare veiligheid is bedreigd wanneer een gebouw geheel of gedeeltelijk bouwvallig is en er instortingsgevaar is van het volledige gebouw of een deel ervan. De kans bestaat dat dakpannen loskomen of dakgoten gaan verzakken. In de plannen voor de nieuwe woningen wordt ruimschoots rekening gehouden met het verbeteren van de luchtkwaliteit waardoor vocht- en schimmelproblemen die een gevaar kunnen vormen voor de gezondheid. Hierdoor dient de voorgenomen herontwikkeling het belang “volksgezondheid”. Gemeentelijke ambities In de ontwikkelingsplannen wordt rekening gehouden met integrale duurzaamheid en is het doel om toekomstbestendige woningen te realiseren. Dit is in lijn met de gemeentelijke ambities. Dit houdt in dat tijdens de bouw rekening gehouden wordt met de behoeftes van de bestaande flora en fauna in de omgeving. Er wordt zoveel mogelijk ontwikkeld met het gedachtegoed van natuurinclusief bouwen. Daarnaast wordt ingezet op de bouw van energieleverende, gezonde en circulair woningen in een groene omgeving.
Energieverbruik Naast dat het voldoet aan de gemeentelijk ambities is het verminderen van energieverbruik en beperken van CO2-uitstoot is een verplichte opgave vanuit de Rijksoverheid. De energiebesparing door de isolatie van de woningen en andere duurzame toepassingen in het plangebied staat niet op zichzelf, maar is onderdeel van maatregelen die landelijk worden genomen. Op deze grotere schaal hebben dragen de energiebesparende maatregelen wel degelijk bij aan het tegengaan van klimaatverandering. Daarnaast verdwijnt er een agrarisch bedrijf, waarvoor minder CO2 uitstoot van de dieren en werktuigen van het bedrijf worden uitgestoten. De energiebesparing dient derhalve een groot maatschappelijk belang. Sociale en economische redenen Op dit moment is er landelijk een groot tekort aan betaalbare woningen. De vraag naar woningen in de regio is groot. Zwolle is aangewezen als één van de ontwikkelgebieden door het Rijk en kent een enorm woningtekort. Specifiek in Wijthmen speelt de behoefte dat er gebouwd moet worden voor de eigen bevolking en om het dorp leefbaar te houden. Als de ontwikkeling niet op deze plaats kan vinden, zou er elders in of rondom Wijthmen een locatie moeten worden gevonden. Ook daar zullen natuurwaarden aanwezig zijn. Daarnaast zijn er weinig andere grote locaties voor een uitbreiding van deze aard (112 woningen).
Deze liggen dan verder van de bestaande bebouwing waardoor versnippering van het landschap zou ontstaan wat ook niet wenselijk is. Op basis van een zorgvuldige afweging waar onder andere het aspect natuur meeweegt is voor deze locatie gekozen. De sloop van de boerderij is daarmee noodzakelijk. Om de boerderij heen bouwen is ook geen optie gezien de hindercontour van de boerderij.
6.1.2 Alternatief De technische staat van de gebouwen zijn dusdanig dat ze niet meer voldoen aan de eisen van deze tijd. De gebouwen zijn onvoldoende geïsoleerd, waardoor er veel energieverlies optreedt. Op dit moment is er landelijk een groot tekort aan betaalbare woningen. De vraag naar woningen in de regio is groot. Zwolle is aangewezen als één van de ontwikkelgebieden door het Rijk en kent een Activiteitenplan bij ontheffingsaanvraag Erfgenamenweg 16 te Wijthmen (kenmerk: 210065 v1.0)
Pagina 31 van 32
enorm woningtekort. Specifiek in Wijthmen speelt de behoefte dat er gebouwd moet worden voor de eigen bevolking en om het dorp leefbaar te houden. Als de ontwikkeling niet op deze plaats kan vinden, zou er elders in of rondom Wijthmen een locatie moeten worden gevonden. Ook daar zullen natuurwaarden aanwezig zijn. Daarnaast zijn er weinig andere grote locaties voor een uitbreiding van deze aard (112 woningen). Deze liggen dan verder van de bestaande bebouwing waardoor versnippering van het landschap zou ontstaan wat ook niet wenselijk is. Op basis van een zorgvuldige afweging waar onder andere het aspect natuur meeweegt is voor deze locatie gekozen. De sloop van de boerderij is daarmee noodzakelijk. Om de boerderij heen bouwen is ook geen optie gezien de hindercontour van de boerderij. Bij de gekozen werkwijze is rekening gehouden met aanwezige beschermde soorten, door de werkzaamheden buiten de kwetsbare periodes te plannen en in de nieuwe situatie nieuwe verblijfplaatsen te integreren. De huidige nestplaatsen van boerenzwaluw bevinden zich aan dwarsbalken van de schuren binnen het plangebied. Binnen het plangebied worden geen soortgelijke bebouwing in de vorm van schuren met balken teruggebracht. Er is gekozen om de nieuwe (varkens)schuren ten noorden van het plangebied op circa honderd meter te gebruiken voor de permanente mitigatie voor boerenzwaluw.
Door in de toekomstige situatie de nestplaatsen op dezelfde wijze terug te brengen, is de kans groot dat boerenzwaluwen de nestkommen zullen gebruiken.
6.2
Verantwoording
De initiatiefnemer of opdrachtgever is verantwoordelijk voor het gebruik van de rapportage. Eco Reest aanvaardt dan ook geen aansprakelijkheid voor de inhoud, interpretaties of conclusies, indien gebruik wordt gemaakt van deelaspecten van deze rapportage, zonder verwijzing naar de volledige rapportage. Bovendien aanvaardt Eco Reest geen aansprakelijkheid voor kosten en vertraging die optreden als gevolg van het voorkomen van beschermde flora en fauna. Eco Reest BV
Activiteitenplan bij ontheffingsaanvraag Erfgenamenweg 16 te Wijthmen (kenmerk: 210065 v1.0)
Pagina 32 van 32
LITERATUURLIJST Boeken / documenten BIJ12 (2017). Kennisdocument Gewone dwergvleermuis Pipistrellus pipistrellus. Versie 1.0, juli 2017 BIJ12 (2017). Kennisdocument Huismus Passer domesticus. Versie 1.0, juli 2017 BIJ12 (2017). Kennisdocument Gewone grootoorvleermuis Plecotus auritus. Versie 1.0, juli 2017 Broekhuizen, S., Spoelstra, K., Thissen, J.B.M., Canters, K.J. & Buys, J.C. (2016). Atlas van de Nederlandse zoogdieren. – Natuur van Nederland 12. Naturalis Biodiversity Center & EIS Kenniscentrum Insecten en andere ongewervelden. Leiden Dietz, C., O. von Helversen, D. Nill (2011): Vleermuizen; Alle soorten van Europa en noordwest-Afrika, De Fontein / Tirion Uitgevers B.V., Utrecht Netwerk Groene Bureaus, werkgroep 'Standaarden en protocollen' (2017). Soortinventarisatieprotocollen in het kader van de Wet natuurbescherming, versie juli 2017 Vleermuisvakberaad Netwerk Groene Bureaus, Zoogdiervereniging (2021) Vleermuisprotocol 2021, januari 2021. Websites www.BIJ12.nl www.NDFF.nl1 www.natuurloket.nl www.soortenbank.nl www.vleermuis.net www.vleermuizenindestad.nl www.zoogdierenatlas.nl www.zoogdiervereniging.nl
1
In dit rapport worden gegevens gebruikt welke (deels) afkomstig zijn uit de NDFF. Deze mag niet zonder toestemming van BIJ12 worden verstrekt aan derden of op enige andere wijze openbaar gemaakt worden.
Activiteitenplan bij ontheffingsaanvraag Erfgenamenweg 16 te Wijthmen (kenmerk: 210065 v1.0)
september 2022 bestemmingsplan Erfgenamenweg 16 e.o. (Het Buyten)
Bijlage 3 Akoestisch onderzoek industrielawaai
58/926
Akoestisch onderzoek industrielawaai
Erfgenamenweg, Wijthmen
De Milieuadviseur Datum: 31 januari 2022 Projectnummer: 18024
Samenvatting Bij de nieuwe woningen worden de richtwaarden van de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering, editie 2009’ niet overschreden. Bij de nieuwe woningen is hierdoor sprake van een goed woon- en leefklimaat.
Colofon
De Milieuadviseur Amsterdamseweg 86 6814 GG Arnhem 06 - 29 33 43 53 info@milieuadviseur.nl
Project: Gemeente: Projectnummer: Datum
Akoestisch onderzoek industrielawaai Erfgenamenweg, Wijthmen Zwolle 18024 31 januari 2022
Opdrachtgever: Contactpersoon:
Witpaard Ruben Beens
Inhoud 1 1.1 1.2 2 2.1 2.2 2.3 3 3.1 3.2 4 4.1 4.2 4.3 4.4 5 5.1 5.2
Inleiding Aanleiding Doel van het onderzoek Wettelijk kader VNG-publicatie bedrijven en milieuzonering Activiteitenbesluit Schrikkelcirculaire Uitgangspunten Situatieschets Representatieve bedrijfssituatie Resultaten Onderzoeksopzet Resultaten in het kader van een goede ruimtelijke ordening Resultaten op grond van het Activiteitenbesluit Onderzoeken naar geluidsreducerende maatregelen Conclusie Toetsing in het kader van goede ruimtelijke ordening Toetsing in het kader van het Activiteitenbesluit
3 3 3 4 4 6 8 9 9 11 15 15 15 20 22 26 26 26
Bijlagen Bijlage A: Stedenbouwkundige schets van het zuidelijke deel Bijlage B, Overzichtstekening 1: Ligging van de waarneempunten Bijlage C: Langtijdgemiddelde geluidsbelastingen in het kader van een goede ruimtelijke ordening, in tabelvorm Bijlage E: Geluidsbelastingen afkomstig van indirecte hinder, in tabelvorm Bijlage F: Langtijdgemiddelde geluidsbelastingen op grond van het Activiteitenbesluit, in tabelvorm Bijlage G: Maximale geluidsbelastingen op grond van het Activiteitenbesluit, in tabelvorm Bijlage H, Overzichtstekening 2: Grafische weergave van het model ‘Goede ruimtelijke ordening’ Bijlage I: Invoergegevens van het model ‘Goede ruimtelijke ordening’ Bijlage J, Overzichtstekening 3: Grafische weergave van het model ‘Activiteitenbesluit’ Bijlage K: Invoergegevens van het model ‘Activiteitenbesluit’
1
2
1
Inleiding
1.1
Aanleiding Aan de noordzijde van Wijthmen, aan de Erfgenamenweg, wordt een woningbouwlocatie ontwikkeld die ruimte moet bieden aan 112 woningen. Deze ontwikkeling is ongeveer 4,3 hectare groot. Daarnaast wordt middels dit bestemmingsplan de ontwikkeling van één woning op de hoek Veldwijkweg Erfgenamenweg mogelijk gemaakt. In onderstaande figuur is de ligging van het plangebied zichtbaar gemaakt.
Figuur 1: Globale ligging van de nieuwe woningen
In bijlage A is de stedenbouwkundige schets ten zuiden van de Erfgenamenweg weergegeven.
1.2
Doel van het onderzoek Binnen het bestaande bestemmingsplan is realisatie van de nieuwe woningen niet mogelijk. Om dit planologisch mogelijk te maken wordt het bestaande bestemmingsplan herzien. In het kader van de planologische procedure moet de haalbaarheid van de realisatie van de nieuwe woningen worden aangetoond. Dit onderzoek heeft tot doel inzicht te geven in het akoestisch klimaat van de nieuwe woningen ten gevolge van de omliggende voetbalvereniging en school.
3
2
Wettelijk kader In het akoestisch onderzoek wordt getoetst op basis van verschillende toetsingskaders, te weten: • VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering • Activiteitenbesluit • Schrikkelcirculaire In onderstaande paragrafen staat een beknopte samenvatting weergegeven van deze drie toetsingskaders.
2.1
VNG-publicatie bedrijven en milieuzonering De VNG-publicatie ‘Handreiking bedrijven en milieuzonering, editie 2009’ is een algemeen geaccepteerd instrument om na te gaan of sprake is van een goede ruimtelijke ordening in situaties waar geluidgevoelige bestemmingen dicht bij bedrijfsactiviteiten worden voorzien. De VNG-publicatie geeft richtafstanden per bedrijfscategorie of activiteit. De afstanden worden gegeven voor milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar. De richtwaarde voor de aan te houden afstand is van toepassing tussen de perceelgrenzen van de inrichting en de gevels van de geluidgevoelige bestemming. Er is sprake van een ‘goede ruimtelijke ordening’ indien aan de richtwaarde wordt voldaan. Is dit niet het geval, dan is nader onderzoek nodig om vast te stellen of sprake is van een ‘goede ruimtelijke ordening’. De VNG-richtafstanden zijn afhankelijk van de bedrijfsactiviteiten en de gebiedstypering. Bij de gebiedstypering wordt in deze publicatie onderscheid gemaakt tussen een rustige woonwijk enerzijds en woningen in een gemengd gebied (menging van bedrijven en woningen) anderzijds. In een rustige woonwijk is minder geluidshinder acceptabel dan in een gemengd gebied. Aan de noordwestzijde ligt het Kulturhus. In dit Kulturhus zijn een school, bso, sporthal en voetbalvereniging gevestigd. Tevens zijn er nabij woningbouwlocatie diverse veehouderijen gelegen.
Aan de zuidzijde van ontwikkeling ligt de N35, de ontwikkeling ligt binnen de zone van deze N35. Gezien de activiteiten van het Kulturhus en van de veehouderijen en nabijheid van N35 is sprake van een gemengd gebied. In onderstaande tabel is een overzicht gegeven van de omliggende bedrijven, met de daarbij behorende bedrijfscategorie en richtafstand voor geluid: Overzicht van de omliggende bedrijven
Basisschool De Kubus (Erfgenamenweg 14a) BSO BoemBoem (Erfgenamenweg 14a) Voetbalvereniging Wijthmen (Erfgenamenweg 14) Sporthal (Erfgenamenweg 14)
Bedrijfscategorie
Richtafstand voor geluid in meters (rustige woonwijk)
Richtafstand voor geluid in meters (gemengd gebied)
Afstand tot de nieuwe woningen in meters
2 (SBI-2008: 852)
30
10
25
2 (SBI-2008: 8891)
30
10
25
3.1 (SBI-2008: 931G)
50
30
26
3.1 (SBI-2008: 931A)
50
30
60
Tabel 1: Overzicht van de omliggende bedrijven
Uit bovenstaande tabel blijkt dat bij voetbalvereniging Wijthmen (Erfgenamenweg 14) niet wordt voldaan aan de richtafstanden uit de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering, editie 2009’ (zogenoemde stap 1 uit de VNG-publicatie). Voor deze voetbalvereniging is akoestisch onderzoek noodzakelijk.
4
Bij basisschool De Kubus en BSO BoemBoem wordt net voldaan aan de richtafstand, echter in het kader van een goede ruimtelijke ordening is de basisschool toch betrokken in het akoestisch onderzoek. De boerderij in het plangebied (Erfgenamenweg 16) stopt en de bedrijfsopstallen worden gesloopt. De nieuwe woningen komen in plaats van deze boerderij. Aangezien deze boerderij stopt om de woningen mogelijk te maken, hoeft de boerderij Erfgenamenweg 16 niet in het akoestisch onderzoek te worden betrokken. Op de hoek van de Veldwijkweg en de Erfgenamenweg staan dat een voormalige boerderij (Erfgenamenweg 49). Van deze boerderij zijn de bedrijfsactiviteiten al geruime tijd beëindigd. Ook is de agrarische bestemming van het perceel gewijzigd in een woonbestemming, hierdoor is het niet meer mogelijk op dit perceel een agrarisch bedrijf te vestigen.
2.1.1 Normstelling Het akoestisch verblijfsklimaat bij geluidgevoelige bestemmingen wordt getoetst volgens de systematiek van de VNG-publicatie. In de VNG-publicatie is aangegeven op welke wijze de toetsing op het aspect geluid dient plaats te vinden, indien niet aan de richtafstand wordt voldaan: • Het realiseren van woningen op kortere afstand dan de richtafstanden is mogelijk indien de geluidbelasting ter plaatse van de woningen voldoet aan de richtwaarde uit onderstaande tabel (zogenaamde stap 2 uit de VNG-publicatie).
Richtwaarden behorend bij stap 2 uit de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering, editie 2009’ Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) in dB(A)
Maximale geluidsbelasting (LAmax) in dB(A)
Indirecte hinder (LAr,LT) in dB(A)
Dagperiode (07:00 t/m 19:00) Avondperiode (19:00 t/m 23:00) Nachtperiode (23:00 t/m 07:00)
50 45 40
70 65 60
50 45 40
Letmaal
50
70
50
Tabel 2: Richtwaarden behorend bij stap 2 uit de VNG-publicatie bij een gemengd gebied
•
Wanneer bij stap 2 uit de VNG-publicatie niet aan de richtwaarden kan worden voldaan, dan kan de gemeente ter plaatse van de woningen een hogere geluidbelasting toestaan tot de richtwaarden uit de onderstaande tabel (zogenaamde stap 3 uit de VNG-publicatie), indien maatregelen om de geluidbelasting te verlagen niet wenselijk of niet haalbaar zijn.
Richtwaarden behorend bij stap 3 uit de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering, editie 2009’ Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) in dB(A)
Maximale geluidsbelasting (LAmax) in dB(A)
Indirecte hinder (LAr,LT) in dB(A)
Dagperiode (07:00 t/m 19:00) Avondperiode (19:00 t/m 23:00) Nachtperiode (23:00 t/m 07:00)
55 50 45
70 65 60
65 60 55
Letmaal
55
70
65
Tabel 3: Richtwaarden behorend bij stap 2 uit de VNG-publicatie bij een gemengd gebied
5
De piekgeluiden voor het aan- en afrijdend verkeer zijn uitgezonderd van toetsing in een gemengd gebied bij het toepassen van stap 3 op basis van de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering, editie 2009’.
• 2.2
Indien stap 3 uit de VNG-publicatie niet toereikend is, zal buitenplanse inpassing doorgaans niet mogelijk zijn.
Activiteitenbesluit Wanneer een bedrijf het milieu belast, moet het aan regels voldoen. De mate waarin het bedrijf hinder mag veroorzaken kan worden vastgelegd in een milieuvergunning, die per bedrijf wordt opgesteld. De meeste bedrijven veroorzaken echter een beperkte milieuhinder en vallen onder het Activiteitenbesluit (formeel ‘Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer’). Deze bedrijven hoeven geen milieuvergunning aan te vragen, maar doen een aanvraag voor een ‘omgevingsvergunning voor milieu’. In het Activiteitenbesluit zijn de maximale geluidsbelastingen vastgelegd die mogen optreden op de omliggende woningen. Deze zogenaamde grenswaarden zijn weergegeven in tabel 2.17a in het Activiteitenbesluit. In onderstaande tabel staan de grenswaarden uit het Activiteitenbesluit weergegeven:
Grenswaarden uit het Activiteitenbesluit Langtijdgemiddelde
Maximale geluidsbelasting
beoordelingsniveau (LAr,LT) in dB(A)
(LAmax) in dB(A)
Dagperiode (07:00 t/m 19:00) Avondperiode (19:00 t/m 23:00) Avondperiode (23:00 t/m 07:00)
50 45 40
70 65 60
Etmaalwaarde
50
70
Tabel 4: Grenswaarden uit het Activiteitenbesluit
Wanneer niet kan worden voldaan aan de grenswaarden uit het Activiteitenbesluit, kunnen door middel van een maatwerkvoorschrift hogere grenswaarden worden vastgelegd bij de verlening van de ‘omgevingsvergunning voor milieu’. Het is niet gebruikelijk om in een maatwerkvoorschrift hogere grenswaarden vast te leggen dan zijn beschreven in het gemeentelijke geluidbeleid en/of de ‘Handreiking industrielawaai en vergunningverlening’. Op basis van het Activiteitenbesluit zijn diverse activiteiten van toetsing uitgesloten. Deze activiteiten hoeven dan ook niet te worden meegenomen bij de bepaling van de geluidsbelasting in het kader van het Activiteitenbesluit. Bij een sportvereniging mogen de geluiden afkomstig van de volgende activiteiten buiten beschouwing worden gelaten: • stemgeluid van bezoekers op het open terrein van een inrichting voor sport- of recreatieactiviteiten (artikel 2.18 lid 1b van het Activiteitenbesluit) • stemgeluid van kinderen op een onverwarmd of onoverdekt terrein dat onderdeel is van een inrichting voor primair onderwijs, in de periode vanaf een uur voor aanvang van het onderwijs tot een uur na beëindiging van het onderwijs (artikel 2.18 lid 1h van het Activiteitenbesluit) • stemgeluid van kinderen op een onverwarmd of onoverdekt terrein dat onderdeel is van een instelling voor kinderopvang (artikel 2.18 lid 1i van het Activiteitenbesluit)
6
•
piekniveaus tijdens laden en lossen in de dagperiode (07.00 t/m 19.00 uur) (artikel 2.17 lid 1b van het Activiteitenbesluit).
7
2.3
Schrikkelcirculaire Het rijden van voertuigen van en naar het bedrijf op de openbare weg veroorzaakt ook enige hinder, indirecte geluidshinder genoemd. Deze indirecte hinder wordt beoordeeld conform de Schrikkelcirculaire (formeel ‘Beoordeling geluidhinder wegverkeer in verband met vergunningverlening w.m.’, d.d. 29 februari 1996). Op basis van de Schrikkelcirculaire wordt het verkeer op de openbare weg alleen beoordeeld op het equivalente geluidsniveau (LAr,LT). Voor de normstelling wordt aangesloten bij de voorkeursgrenswaarde (50 dB(A)) uit de Wet geluidhinder. Deze voorkeursgrenswaarde wordt overschreden tot 65 dB(A) (zogenaamde maximaal toelaatbare geluidsbelasting).
8
3
Uitgangspunten
3.1
Situatieschets Voetbalvereniging Wijthmen heeft twee wedstrijd- en trainingsvelden. Tevens beschikt de vereniging over een kleiner oefenveld met kunstgras. De vereniging heeft 200 leden, van wie 150 leden voetballen. De vereniging telt 5 seniorenteams, 6 juniorenteams en 8 pupillenteams. Basisschool De Kubus heeft 72 leerlingen, verdeeld over 4 klassen. Kinderopvang/BSO BoemBoem biedt plaats aan maximaal 40 kinderen. In de onderstaande luchtfoto is de ligging van de verschillende gebruikers (Basisschool, kinderopvang/BSO, de voetbalvereniging en sporthal) van het kulturhus weergegeven.
Voetbalvereniging
Sporthal
Basisschool Kinderdagopvang en BSO
Figuur 2: Ligging van de gebruikers van het Kulturhus
9
Niet alle activiteiten vinden gelijktijdig plaats. Zo vinden de wedstrijden bij de voetbalvereniging alleen in het weekend plaats in de dagperiode en de trainingen zijn alleen maatgevend op doordeweekse dagen in de avondperiode. De basisschool en het kinderdagverblijf zijn alleen geopend in de dagperiode op doordeweekse dagen. In onderstaande tabel is per inrichting weergegeven op welke dag en in welke periode de representatieve bedrijfssituatie plaatsvindt.
Maatgevende periode per inrichting Doordeweekse dag Dagperiode (07:00 t/m 19:00)
Avondperiode (19:00 t/m 23:00)
Nachtperiode (19:00 t/m 23:00)
Dagperiode (07:00 t/m 19:00)
Avondperiode (19:00 t/m 23:00)
Nachtperiode (19:00 t/m 23:00)
Voetbalvereniging Wijthmen Sporthal Basisschool De Kubus Kinderdagopvang BoemBoem
Weekenddag
--
X
--
X
--
--
X
X
--
X
X
--
X
--
--
--
--
--
X
--
--
--
--
--
Tabel 5: Maatgevende periode per inrichting
De maatgevende periodes van de voetbalvereniging zijn niet dezelfde als de maatgevende periodes van de school en het kinderdagverblijf. Hierdoor is geen sprake van cumulatie van geluid van de voetbalvereniging en sporthal met de school en het kinderdagverblijf en sporthal.
10
3.2
Representatieve bedrijfssituatie De representatieve bedrijfssituatie (RBS) is maatgevend voor de toetsing aan de geluidnormen. Bij wisselende capaciteiten betreft het in het algemeen een situatie zoals deze zich bijvoorbeeld éénmaal per maand zal kunnen voordoen. Dit is dus een ruimere bedrijfssituatie dan men op basis van gemiddelde capaciteiten zou berekenen.
3.2.1 Voetbalvereniging Wijthmen Bij het spelen van voetbal zijn drie geluidsbronnen te onderscheiden, namelijk: • stemgeluid van de spelers • stemgeluid van de toeschouwers • scheidsrechtersfluit In de VDI-richtlijn 3770 ‘Emissionskennwerte von Schallquellen Sport- und Freizeitanlagen’ d.d. september 2012 zijn de bronvermogens voor veel sporten gepubliceerd. In dit akoestisch onderzoek is gebruikgemaakt van de brongegevens uit deze VDI-richtlijn. Stemgeluid van spelers Uit de publicatie blijkt dat het bronvermogen van de 22 spelers tijdens de wedstrijd 94 dB(A) bedraagt. Uit de VDI-publicatie blijkt dat het langtijdgemiddelde bronvermogen (LWr) op het wedstrijdveld 94 dB(A) bedraagt. Op een wedstrijddag kunnen op de twee wedstrijdvelden maximaal 4 wedstrijden per veld worden gespeeld. Dit betekent dat het veld 6 uur per wedstrijdveld wordt gebruikt. Doordeweeks vinden er trainingen plaats. Het veld kan wordt in de avondperiode maximaal 3 uur gebruikt voor trainingen. Het kleinere kunstgrasveld is te klein voor het spelen van wedstrijden. Dit veld wordt alleen voor trainingen gebruikt. Het kunstgrasveld wordt maximaal 6 uur in de dagperiode en 3 uur in de avondperiode gebruikt. Als maximaal bronvermogen (LW,max) tijdens wedstrijden is 108 dB(A) aangehouden. Dit komt overeen met schreeuwen met verhoogde stem.
Tijdens de trainingen is sprake van minder opwinding, daarom is bij de trainingen uitgegaan van een maximaal bronvermogen van 100 dB(A). Dit komt overeen met luid roepen. Stemgeluid van de toeschouwers Het bronvermogen van de toeschouwers is afhankelijk van het aantal toeschouwers. Bij de trainingen is uitgegaan van 10 toeschouwers (kengetallen VDI 3770). Op basis van de gegevens uit de VDI-publicatie bedraagt het langtijdgemiddelde bronvermogen (LWr) 90 dB(A)1 voor de aanwezige toeschouwers. Bij wedstrijden van het eerste team zullen maximaal 400 toeschouwers [LWr: 106 dB(A) 2] naar de wedstrijd kijken. In dit onderzoek is ervan uitgegaan dat het eerste elftal op het zuidelijke wedstrijdveld speelt. Bij de overige wedstrijden zijn maximaal 30 toeschouwers aanwezig. Op basis van de gegevens uit de VDI-publicatie bedraagt het langtijdgemiddelde bronvermogen (LWr) 95 dB(A) 3 voor de aanwezige toeschouwers. Als maximaal geluidsniveau (LW,max) is 115 dB(A) aangehouden voor de wedstrijden van het eerste team; dit komt overeen met heel luid schreeuwen. Tijdens trainingen is sprake van minder opwinding, daarom
1L
Wr = 80+10*log(10 toeschouwers) = 90 dB(A)
2L
Wr = 80+10*log(400 toeschouwers) = 106 dB(A)
3
LWr = 80+10*log(30 toeschouwers) = 95 dB(A)
11
is bij de trainingen uitgegaan van een maximaal bronvermogen van 108 respectievelijk 100 dB(A). Dit komt overeen met luid roepen. Scheidsrechtersfluit Het langtijdgemiddelde bronvermogen van de scheidsrechtersfluit is afhankelijk van het aantal toeschouwers bij de voetbalwedstrijd. Bij de wedstrijden van het eerste team zijn maximaal 400 toeschouwers aanwezig. Uit de VDI-richtlijn blijkt dat het langtijdgemiddelde bronvermogen (LWr) (98,5 + 3*log(1+400 toeschouwers)=) 106,3 dB(A) bedraagt. Bij de overige wedstrijden zijn 30 toeschouwers aanwezig. Uit de VDI-richtlijn blijkt dat het langtijdgemiddelde bronvermogen (LWr) (73,0+20*log(1+30)=) 102,8 dB(A) bedraagt. Voor het geluid van de scheidsrechtersfluit is een tonale toeslag van 5 dB toegepast. Bij wedstrijden wordt maximaal 5% van de tijd op de scheidsrechterfluit geblazen. Het maximale geluidsniveau (LW,max) voor een scheidsrechtersfluit bedraagt 118 dB(A) Bij de trainingen is geen scheidsrechter aanwezig, daarom is hier evenmin sprake van geluid van een scheidsrechtersfluitje. Terras Aan de noordzijde van het clubgebouw is een terras aanwezig. In dit onderzoek gaan we er vanuit dat alle 400 toeschouwers van de wedstrijden op het terras kunnen zitten. Uit de kengetallen uit de VDI-publicatie 3770 blijkt dat het langtijdgemiddelde bronvermogen van een bezoeker op het terras 67 dB(A) bedraagt.
Het langtijdgemiddelde bronvermogen (LWr) van het gehele terras bedraagt 93 dB(A). Als maximaal bronvermogen (LW,max) van de toeschouwers is 108 dB(A) aangehouden; dit komt overeen met schreeuwen met verhoogde stem bij wedstrijden van het eerste team. Tijdens de overige wedstrijden en de trainingen is sprake van minder opwinding, daarom is bij de overige wedstrijden en de trainingen uitgegaan van een maximaal bronvermogen van 100 dB(A). Dit komt overeen met luid roepen. Op een mooie dag zitten er gedurende dagperiode 4 uur en avondperiode 3 uur mensen op het terras.
3.2.2 Sporthal Op het dak van de sporthal staat een luchtbehandelingsinstallatie. Deze installatie is in het gebruik gedurende de dag- en avond. In het akoestisch onderzoek is er vanuit gegaan dat de luchtbehandeling gedurende de gehele dag- en avondperiode aan staat.
3.2.3 Basisschool De Kubus De enige relevante geluidsbron is het stemgeluid afkomstig van de 72 buitenspelende kinderen. Aan de oostzijde en zuidzijde van de school ligt het schoolplein. Dit wordt door de leerlingen voor en na schooltijd gebruikt, 15 minuten tijdens de ochtendpauze en een half uur tussen de middag. In totaal zal een leerling per dag maximaal 1,25 uur buiten spelen. Uit geluidsmetingen uitgevoerd door DGMR bij een schoolplein blijkt dat het langtijdgemiddelde bronvermogen (LWr) van spelende kinderen 75 dB(A) bedraagt. Het langtijdgemiddelde bronvermogen (LWr) van het gehele schoolplein bedraagt hierdoor 93,6 dB(A). Het maximale bronvermogen (LW,max) van spelende kinderen bedraagt maximaal 95 dB(A).
12
3.2.4 Kinderdagopvang BoemBoem De enige relevante geluidsbron is het stemgeluid afkomstig van de 40 buitenspelende kinderen. De buitenschoolse opvang vangt 26 kinderen op en de kinderopvang vangt 14 kinderen op. Aan de oostzijde en zuidzijde van het gebouw ligt de buitenruimte van de buitenschoolse opvang en de kinderopvang. Deze buitenruimte wordt op woensdag maximaal 5,75 uur gebruikt door 26 kinderen van de buitenschoolse opvang. Deze buitenruimte wordt maximaal 10,75 uur gebruikt door 14 kinderen van de kinderopvang. Uit geluidsmetingen bij een schoolplein uitgevoerd door DGMR blijkt dat het langtijdgemiddelde bronvermogen (LWr) van spelende kinderen 75 dB(A) bedraagt. Het langtijdgemiddelde bronvermogen (LWr) van de buitenschoolse opvang en het kinderdagverblijf bedraagt 89,1 respectievelijk 86,5 dB(A). Het maximale bronvermogen (LW,max) van spelende kinderen bedraagt maximaal 110 dB(A).
3.2.5 Indirecte hinder Het rijden van auto’s op de parkeerplaats zorgt voor enige geluidshinder bij de nieuwe woningen. Aangezien de parkeerplaats openbaar is en wordt gebruikt door zowel basisschool, kinderdagverblijf, buitenschoolse opvang als de sportverenigingen is de geluidshinder geen directe geluidshinder, maar is hier sprake van indirecte hinder. De verkeersgeneratie van de parkeerplaats is bepaald op basis van kerngetallen. Voor school, buitenschoolse opvang en kinderdagverblijf is uitgegaan van de verkeersgeneratie uit de CROWpublicatie 272 ‘Verkeersgeneratie voorzieningen, kengetallen gemotoriseerd verkeer’. Voor de sportvoorzieningen is uitgegaan van de verkeersgeneratie uit de CROW-publicatie 381 ‘Toekomstig parkeren’. Een doordeweekse dag is voor de indirecte hinder de maatgevende dag. In het akoestisch onderzoek is ervan uitgegaan dat de verkeersgeneratie van school, kinderdagverblijf en buitenschoolse opvang plaatsvindt in de dagperiode. De verkeersgeneratie van de voetbalvereniging en de sportzaal vindt in dit akoestisch onderzoek alleen plaats in de avondperiode. De berekening van de verkeersgeneratie van de indirecte hinder zijn in onderstaande tabel weergegeven:
Verkeersgeneratie Functie
Basisschool Kinderdagverblijf en buitenschoolse opvang Sportzaal Voetbalvereniging
Verkeersgeneratie in mvte
aantal
7,6 / 10 leerlingen 23,6 / 10 leerlingen 17,8 / 100 m2 27,0 / hectare
Totaal
Verkeersgeneratie in mvt Dagperiode (07:00 t/m 19:00)
Avondperiode (19:00 t/m 23:00)
72 leerlingen
56
--
40 kinderen
94
--
---
53 59
150
112
2
300 m 2,2 hectare
Tabel 6: Verkeersgeneratie van de indirecte hinder
13
3.2.6 Overzicht van brongegevens In onderstaande tabel is de representatieve bedrijfssituatie (RBS) weergegeven. Tevens is weergegeven welke geluidsbronnen bij de toetsing aan het Activiteitenbesluit moet worden meegenomen.
Representatieve bedrijfssituatie Toetsing Bronvermogen in dB(A) o.g.v. LangtijdMaximale Activiteiten- gemiddelde (LW,max) besluit (LWr)
Bedrijfsduur of aantal voertuigbewegingen Dagperiode Avondperiode Avondperiode (07:00 t/m 19:00)
(19:00 t/m 23:00)
itemnr.
(23:00 t/m 07:00)
Voetbalvereniging Wijthmen Spelers Spelers noordelijke veld Spelers zuidelijke veld Spelers kunstgrasveld Max stemgeluid wedstrijd Max stemgeluid kunstgrasveld
94 94 94 --
---108
6 uur 6 uur 6 uur X4
3 uur 3 uur 3 uur --
-----
--
100
X
X
--
3374 3373 3372 3421 t/m 3424 3425 t/m 3428
Toeschouwers Toeschouwers wedstrijd noordelijke veld Toeschouwers wedstrijd 1ste team zuidelijke veld Toeschouwers wedstrijd overige team zuidelijke veld Toeschouwers wedstrijd kunstgrasveld Toeschouwers training Max stemgeluid 1ste team wedstrijd Max stemgeluid trainingen
95
--
6 uur
--
--
106
--
1,5 uur
--
--
95
--
4,5 uur
--
--
95
--
6 uur
--
--
90
--
--
3 uur
--
--
115
X
--
--
--
100
X
3378 3381 3379
X
3380 3381 t/m 3384 3430 t/m 3435
--
3436
Scheidsrechtersfluit
Scheidsrechtersfluit wedstrijd noordelijke veld Scheidsrechtersfluit wedstrijd 1ste team zuidelijke veld Scheidsrechtersfluit wedstrijd overige team zuidelijke veld Max Scheidsrechtersfluit
X
X
102,8 + 5 (tonale toeslag) 106,3 + 5 (tonale toeslag)
--
0,3 uur
--
--
3373
--
0,07 uur
--
--
3375
X
102,8 + 5 (tonale toeslag)
--
0,23 uur
--
--
3374
X
--
118
X
--
--
3443 t/m 3446
3 uur
---
3385 3419
4 uur X
---
52188 52189
---
---
3450 3451 t/m 3457
X
----
----
3458 3459 3460 t/m 3466
150 mvt
112 mvt
--
3617
Terras 93 --
Terras
-108
4 uur X
X
Sporthal Luchtbehandeling
X X
80 --
-83
12 uur X
Basisschool De Kubus Buiten spelende kinderen Stemgeluid Basisschool
105,6 --
-95
1,25 uur X
Kinderdagopvang BoemBoem Buiten spelende kinderen Stemgeluid BSO Stemgeluid KDV Max. stemgeluid
89,1 86,5 --
--95
5,75 uur 10,75 uur
Indirecte hinder Rijdende auto’s (10 km/uur)
89
--
Tabel 7: Representatieve bedrijfssituatie 4
14
Voor de modellering van piekniveaus is in het rekenmodel een bedrijfsduur van 199 dB(A) gebruikt.
4
Resultaten
4.1
Onderzoeksopzet Voor de nieuwe woningen zijn de geluidsbelastingen bepaald door middel van een overdrachtsberekening II.8 uit de ‘Handleiding Meten en Rekenen Industrielawaai’ met behulp van het computerprogramma GeoMilieu, versie 2021.1. De berekende geluidsbelastingen zijn getoetst aan de normen uit het Activiteitenbesluit en de VNGpublicatie ‘Bedrijven en milieuzonering, editie 2009’.
4.2
Resultaten in het kader van een goede ruimtelijke ordening In het kader van een goede ruimtelijke ordening zijn alle relevante geluidsbronnen betrokken in het akoestisch onderzoek (dus ook de geluidsbronnen die zijn uitgesloten op basis van het Activiteitenbesluit). De berekende geluidsbelastingen in het kader van een goede ruimtelijke ordening worden getoetst op basis van de richtwaarden uit de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering, editie 2009’. In het akoestisch onderzoek zijn de geluidsbelastingen bepaald bij de nieuwe woningen. In overzichtstekening 1, bijlage B, staat de nummering van de waarneempunten op de nieuwe woningen weergegeven. De grafische weergave van het model is weergegeven in overzichtstekening 2, bijlage H. In deze tekening is onder meer de ligging van de verschillende waarneempunten te zien. In bijlage I zijn de invoergegevens van het model weergegeven. Mocht het bevoegd gezag voor de beoordeling van het akoestisch onderzoek het rekenmodel digitaal willen ontvangen, dan kan hiervoor contact worden opgenomen met Johan van der Burg van De Milieuadviseur.
15
4.2.1 Langtijdgemiddelde geluidsbelasting In onderstaande tabel staan de hoogste langtijdgemiddelde geluidsbelastingen (LAr,LT) bij de nieuwe woningen van de individuele instellingen:
Langtijdgemiddelde geluidsbelastingen (LAr,LT) in dB(A) Basisschool en BSO
sporthal
Dagperiode (07:00 t/m 19:00)
Avondperiode (19:00 t/m 23:00)
Nachtperiode (19:00 t/m 23:00)
Etmaalwaarde
Dagperiode (07:00 t/m 19:00)
Avondperiode (19:00 t/m 23:00)
Nachtperiode (19:00 t/m 23:00)
Etmaalwaarde
Dagperiode (07:00 t/m 19:00)
Avondperiode (19:00 t/m 23:00)
Nachtperiode (19:00 t/m 23:00)
Etmaalwaarde
R01 R02 R03 R04 T01 T02 T10 V01 V02 V03 V04 V13
Voetbalvereniging
47 38 42 28 42 34 29 46 39 38 38 33
-------------
-------------
47 38 42 28 42 34 29 46 39 38 38 33
49 46 40 39 42 38 41 44 38 38 42 41
49 48 40 40 46 40 41 46 43 42 41 43
-------------
54 53 45 45 51 45 46 51 48 47 46 48
22 24 25 17 25 21 20 26 25 23 22 23
30 28 32 26 30 26 23 31 30 28 28 26
-------------
35 33 37 31 35 31 28 36 35 33 33 31
Toetsingskader Richtwaarden (stap 2) uit de VNG-publicatie Richtwaarden (stap 3) uit de VNG-publicatie
50
45
40
50
50
45
40
50
50
45
40
50
55
50
45
55
55
50
45
55
55
50
45
55
Tabel 8: Langtijdgemiddelde geluidsbelastingen
16
In onderstaande tabel staan de hoogste langtijdgemiddelde geluidsbelastingen (LAr,LT) bij de nieuwe woningen van het gehele kulturhus te samen: Langtijdgemiddelde geluidsbelastingen (LAr,LT) in dB(A)
R01 R02 R03 R04 T01 T02 T10 V01 V02 V03 V04 V13
Dagperiode (07:00 t/m 19:00)
Avondperiode (19:00 t/m 23:00)
Nachtperiode (19:00 t/m 23:00)
Etmaalwaarde
50 47 44 39 45 39 42 48 42 41 44 42
49 48 40 40 46 40 41 46 43 42 41 43
-------------
54 53 45 45 51 45 46 51 48 47 46 48
Toetsingskader Richtwaarden (stap 2) uit de VNG-publicatie Richtwaarden (stap 3) uit de VNG-publicatie
50
45
40
50
55
50
45
55
Tabel 9: Langtijdgemiddelde geluidsbelastingen
In bijlage C zijn de langtijdgemiddelde geluidsbelastingen weergegeven. Conclusie Bij de nieuwe woningen bedraagt de langtijdgemiddelde geluidsbelasting maximaal 54 dB(A) afkomstig van het gehele kulturhus te samen. Bij de nieuwe woningen wordt voldaan aan de richtwaarde (stap 3) van 55 dB(A) uit de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering, editie 2009’.
17
4.2.2 Maximale geluidsbelasting In onderstaande tabel staan de maximale geluidsbelastingen (LMAX) bij de nieuwe woningen weergegeven:
Maximale geluidsbelastingen (LMAX) in dB(A)
Dagperiode (07:00 t/m 19:00)
Avondperiode (19:00 t/m 23:00)
Nachtperiode (19:00 t/m 23:00)
-------------
Nachtperiode (19:00 t/m 23:00)
Nachtperiode (19:00 t/m 23:00)
-------------
Avondperiode (19:00 t/m 23:00)
Avondperiode (19:00 t/m 23:00)
57 45 54 41 51 42 38 57 49 46 48 38
Sporthal
Dagperiode (07:00 t/m 19:00)
Voetbalvereniging (stemgeluid, scheidsrechtersfluit en terras)
Dagperiode (07:00 t/m 19:00)
R01 R02 R03 R04 T01 T02 T10 V01 V02 V03 V04 V13
Basisschool, Kinderdagverblijf en BSO
67 66 59 61 60 55 62 63 53 53 61 61
61 58 54 54 62 58 50 58 60 59 54 49
-------------
25 27 29 21 28 25 23 30 29 27 27 25
33 31 35 29 33 29 26 34 33 31 31 29
-------------
Toetsingskader Richtwaarden (stap 2) uit de VNG-publicatie Richtwaarden (stap 3)uit de VNG-publicatie
70
65
60
70
65
60
70
65
60
70
65
60
70
65
60
70
65
60
Tabel 10: Maximale geluidsbelastingen
In bijlage D zijn de maximale geluidsbelastingen in tabelvorm weergegeven. Conclusie Bij de nieuwe woningen wordt voldaan aan de richtwaarden (stap 2) van de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering, editie 2009’ van de maximale geluidsbelasting ten gevolge van de omliggende basisschool, het kinderdagverblijf en de voetbalvereniging. De hoogste maximale geluidsbelastingen worden veroorzaakt door het fluiten van het scheidsrechtersfluitje.
18
4.2.3 Geluidsbelasting afkomstig van indirecte hinder In onderstaande tabel staan de hoogste geluidsbelastingen (LAr,LT) afkomstig van de indirecte hinder bij de nieuwe woningen aangegeven:
Geluidsbelastingen (LAr,LT) afkomstig van de indirecte hinder, in dB(A)
R01 R02 R03 R04 T01 T02 T10 V01 V02 V03 V04 V13
Dagperiode (07:00 t/m 19:00 uur)
Avondperiode (19:00 t/m 23:00 uur)
Nachtperiode (19:00 t/m 23:00 uur)
Letmaal
28 23 25 17 29 23 10 29 26 19 26 17
35 27 32 23 37 29 15 37 36 31 33 21