CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2. Vervolgaanpak VSV 2020-2024

Raad Besluitvormingsronde 14 juni 2021, gemeente ZwolleBij agendapunt: Meerjarenbeleidsplan VSV 2021-2024 en Vervolgaanpak VSV 2020-202413.382 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

L E E R P LIC H

JEUGDHULP

Uitgangspunt: regionaal uitvoeringsplan Jeugdhulp.

Scholen, leerplichtambtenaar en RMC-consulent werken samen en betrekken jeugdhulp

C

5 mbo’s 3 samenwerkingsverbanden vo Netwerk 16 Pro-vso scholen

M

ONDERWIJS

JEUGD HU LP

WIJS R E D N O

R & T

LEERPLICHT & RMC Regio IJssel-Vecht

pagina 33

6.2 Start.Route

3. Versterken begeleiding op de stage-/werkplek.

2. Versterken hybride maatwerktrajecten.

4. Opzetten van begeleiding richting arbeidsmarkt of vervolgtraject in het mbo.

ONDERWIJS EN SOCIALE DOMEIN

BEDRIJFSLEVEN

ENTREEOPLEIDING MBO NIVEAU 2

Vanuit vmbo

1.

2.

4.

WARME OVERSTAP

Versterken routebepaling met een sluitende aanpak:

Versterken hybride maatwerktrajecten:

Opzetten van begeleiding richting arbeidsmarkt of vervolgtraject:

(Door)Ontwikkelen gezamenlijke routebepaling.

Hybride en flexibel inrichten van de BOT-tijd samen met partnerbedrijven.

‘PASPOORT VOOR SUCCES’

Vanuit pro-vso

Uitstippelen maatwerkroute naar duurzame inzetbaarheid: samen met de jongere en ketenpartners.

3. Versterken begeleiding op stage-/werkplek:

Vanuit gemeente

Praktijkopleiders professionaliseren.

Vanuit RMC

Onderzoek behoeften van studenten. Begeleidingstraject ontwikkelen: professionaliseren coaches. Begeleiding richting arbeidsmarkt of vervolgtraject implementeren.

Werkgevers informeren.

INTAKE BEGELEIDING RICHTING ARBEIDSMARKT OF VERVOLGTRAJECT

SUCCESVOLLE DOORSTROOM VERVOLGTRAJECT

Binnen Start.route wil men de samenwerking versterken, zodat er in de regio een sluitende route naar de arbeidsmarkt ontstaat. Het belang van de jongere of (jong)volwassene staat daarin altijd voorop en diens route naar werk staat centraal. Men heeft de missie om deze specifieke groep te begeleiden naar een kansrijke, duurzame plek op de arbeidsmarkt en in de samenleving.

1. Versterken routebepaling middels sluitende aanpak.

DUURZAME ARBEDSMARKT EN SAMENLEVING

In het project Start.route wil men in de regio Zwolle als onderwijs, overheid, ondernemers en sociale partners investeren in de talenten en ontwikkeling van jongeren in een kwetsbare positie. Ondanks de aantrekkende economie en de arbeidsmarkttekorten in de regio Zwolle dreigt er namelijk een groep jongeren en (jong)volwassenen buiten de boot te vallen, voor wie een plek op de arbeidsmarkt niet vanzelfsprekend is. Zij hebben echter de potentie om de vraag van het bedrijfsleven invullen, mits er in hen geïnvesteerd wordt als meer dan alleen ‘handen’.

Dit wordt gedaan aan de hand van de volgende speerpunten, waarin de relatie met de VSV-aanpak duidelijk te zien is:

6.3 Versterkt beroepsonderwijs vmbo-mbo2 De aansluiting tussen vmbo en mbo is aandachtspunt, waar de overheid de laatste jaren extra aandacht heeft en mogelijkheden voor biedt. De overheid ziet verschillen onder jongeren groeien en daarmee de behoefte om hen maatwerk te bieden. Daarnaast is het belangrijk om de overstap tussen verschillende onderwijssystemen te verkleinen. Dit kan het aantal VSV’ers verminderen en beter toespitsen op de onderwijsbehoeften van jongeren in het vmbo. In dit kader houden verschillende vo- en mbo-scholen uit de regio IJssel-Vecht zich bezig met doorlopende leerlijnen vmbo-mbo. Een voorbeeld is technologieroute binnen de sector Groen voor de gemengde leerweg (Zone.college, gericht op mbo niveau 4). Ook in het kader van Sterk Techniekonderwijs wordt samengewerkt tussen vo- en mbo-scholen om de doorstroom in de regio te versterken.

6.4 Perspectief op werk In de arbeidsmarktregio is er een actieprogramma Perspectief op Werk opgesteld. In dit regionaal actieplan werken publieke en private partijen samen om de kansen op de arbeidsmarkt optimaal te benutten. De uitgangspunten van de arbeidsmarktregio Zwolle (zoals ook beschreven in de Human Capital Agenda) zijn inclusiviteit, wendbaarheid en inzetbaarheid. Tezamen werkt men aan vier pijlers:

1. Aanbod: werkfitte kandidaten aanbieden 2. Vraag: een werkplek aanbieden 3. Route: matchen in een toegankelijk bestand en begeleiding 4. Scholing als onderdeel van begeleiding.

sen met een entreediploma, zonder diploma of een diploma in een richting waar weinig werk in is) op de arbeidsmarkt te versterken. Daarnaast liggen biedt het ook kansen voor oud-VSV’ers en de samenwerking in het kader van nazorg.

Binnen deze aanpak liggen veel aanknopingspunten om de kansen voor jongeren en (jong)volwassenen in een kwetsbare positie (bijvoorbeeld men-

Het actieprogramma Perspectief op Werk versterkt de kansen voor jongeren in een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt. pagina 35

7. Financiën

Op basis van definitieve toekenning van de rijksmiddelen Vervolgaanpak VSV 2020-2024 is de volgende begroting opgesteld.

Werkbudget programma contactgemeente Zwolle Werkbudget programma contactschool Deltion 1. Ondersteunen en versterken LOB Gezamenlijke beroeps en doorstoomvisie, incl Pasport voor Succes in hele schoolloopbaan Meelopen in het MBO en in bedrijf Netwerkcafe's LOB Pro/vso , vo en mbo 2. Overstapmomenten en jongeren in beeld Intake sluitende aanpak en warme overstap breed Intergrip (vo/mbo mbo/mbo en terugkoppeling naar vo)) Evalueren en onderzoek, borging netwerk SMP (monitoring en registratie) Netwerkcafe's 3. Preventie en ondersteuning Verzuimaanpak 3.0 Integraal preventieprogramma sociaal-emotionele vaardigheden (in kaart brengen en realiseren aansluiting met VSV) Plusvoorziening Playing for succes Netwerkcafe's preventie 4. Kansen voor VSV Projectgroep oud VSV 5. Onderzoek, monitoring maatregelen en vervolg Projectmedewerker/onderzoeker Regelruimte nieuwe maatregelen VSV event tweejaarlijks Totaal Projecten Tbv contactgemeente Zwolle

2021 € 40.000 € 41.842 € 72.500 € 15.000 € 50.000 € 7.500 € 189.500 € 125.000 € 32.000 € 25.000 € 7.500 € 137.500 € 80.000 € 10.000 € 230.000 € 40.000 € 7.500 € 140.000 € 140.000 € 20.000 € 20.000

€ 871.342 € 599.500

2022 € 40.000 € 41.842 € 67.500 € 10.000 € 50.000 € 7.500 € 187.000 € 125.000 € 32.000 € 25.000 € 5.000 € 137.500 € 80.000 € 10.000 € 230.000 € 40.000 € 7.500 € 140.000 € 140.000 € 68.788 € 10.000 € 48.788 € 10.000

2023 € 40.000 € 41.842 € 62.500 € 5.000 € 50.000 € 7.500 € 164.500 € 125.000 € 32.000 €0 € 7.500 € 127.500 € 80.000 € 10.000 € 230.000 € 30.000 € 7.500 € 140.000 € 140.000 € 40.000 € 40.000

€ 35.000 € 10.000

totaal € 160.000 € 167.368 € 265.000 € 35.000 € 200.000 € 30.000 € 698.000 € 500.000 € 128.000 € 50.000 € 20.000 € 520.000 € 320.000 € 30.000 € 920.000 € 140.000 € 30.000 € 560.000 € 560.000 € 173.788 € 30.000 € 123.788 € 20.000

€ 912.630 € 640.788

€ 846.342 € 574.500

€ 833.842 € 562.000

€ 3.464.156 € 2.376.788

Geel: Werkbudget dat uitgekeerd wordt aan contactgemeente Zwolle en contactschool Deltion, tbv de uivoer van het VSV-programma. Groen: budget uitgekeerd aan contactschool Deltion voor Plusvoorziening. - Activiteiten benoemd in het vervolgprogramma maar niet opgenomen in de meerjarenbegroting worden gefinancierd uit reguliere middelen of aangrenzende programma’s - Conform de VSV regeling wordt binnen het Vervolgprogramma gerekend met een uurtarief van € 50,- Uitwerking van begroting per project wordt door projectleider opgesteld conform werkwijze huidige programma

2024 € 40.000 € 41.842 € 62.500 € 5.000 € 50.000 € 7.500 € 157.000 € 125.000 € 32.000 €0 € 117.500 € 80.000 €0 € 230.000 € 30.000 € 7.500 € 140.000 € 140.000 € 45.000

Excl.Plusvoorziening

8. Projectorganisatie 8.1 Stuurgroep

Stuurgroep Evaluatiebijeenkomsten: 2x per jaar met bredere vertegenwoordiging vanuit de stakeholders. Voorstellen voor onderzoek/nieuwe projecten in het kader van de 10% innovatie worden tijdens deze bijeenkomsten gedaan.

Gemeente: RMC-Coördinator (programmamanager) MBO: contact school Deltion (programmamanager)

• MBO: 2 personen • Arbeidsmarkt • Pro/vso • Vo: 2 personen • Zorg (ondersteunend, op afroep) • Vertegenwoordiging / expertise op afroep

De stuurgroep beslist over inzet van middelen.

Dashboard met KPI’s voortgang programma

Programmamanagers

• Helen van der Haar • Louise van de Beerekamp Regiegroep

Project

Project

Dashboard met KPI’s voortgang projecten

Project

Project

Project

Project

• Projectleiders • Expertise op afroep

VSV staat op de agenda in andere bestuurlijke overleggen onderwijs, gemeenten, zorg en arbeidsmarkt.

De stuurgroep vormt het strategisch en inhoudelijk bestuur van het VSV-programma en voert regie over de uitvoering, verantwoording en financiën. Zodoende bepaalt de stuurgroep de koers van het programma. De stuurgroep bestaat dan ook uit beslissingsbevoegde personen vanuit vo, pro/vso, mbo, gemeente, de arbeidsmarkt en het zorgdomein. Vanuit elk van deze domeinen vertegenwoordigen een of maximaal twee personen de belangen van hun domein in de stuurgroep, namens de andere organisaties. Om dit te kunnen doen, hebben zij regelmatig afstemming met andere organisaties uit hun domein. Andersom agenderen zij de VSV-aanpak ook in andere bestuurlijke overleggen, zodat initiatieven aangesloten en geborgd kunnen worden. Afhankelijk van de onderwerpen en beslissingen die aan bod komen, kan de stuurgroep worden aangevuld met vertegenwoordiging of expertise. Op deze manier kan adequaat en efficiënt sturing worden gegeven aan het

pagina 37

VSV-programma, terwijl er rekening gehouden wordt met de perspectieven van de verschillende stakeholders. De stuurgroep komt vier keer per jaar bij elkaar. Halverwege en aan het einde van het jaar vinden de evaluatiebijeenkomsten plaats. Tijdens deze bijeenkomsten (zie ook 7.5) wordt indien nodig de koers van de VSV-aanpak bijgesteld en wordt het budget voor onderzoek en aanvullende maatregelen verdeeld.

• VSV agenderen en borgen in bestaande samenwerkingsverbanden en initiatieven; • Verdelen van budget voor onderzoek en aanvullende maatregelen, o.b.v. de evaluaties en binnengekomen projectvoorstellen.

8.2 Programmamanagers Het programmamanagement wordt uitgevoerd door Helen van der Haar (RMC-coördinator, namens contactgemeente Zwolle) en Louise van de Beerekamp (VSV-coördinator, namens contactschool Deltion). Zij zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van het VSV-programma en vormen de spil tussen de bestuurlijke en uitvoerende organen. De programmamanagers leggen verantwoording af aan de stuurgroep.

De taken van de stuurgroep zijn: • Vaststellen van de investering- en exploitatiebegroting; • Bewaken van de uitvoering van het beleid; • Bewaken van de financiën met betrekking tot de investeringen en exploitatie; • Informeren en verantwoording afleggen aan de besturen van de samenwerkende organisaties;

• Contacten onderhouden met partners van het VSV-programma en overige relevante partners binnen en buiten het project; • (Procesmatig) Aansturen van de projectleiders van de projecten op basis van de gestelde activiteiten en doelstellingen (dashboard met kritieke prestatie-indicatoren: KPI’s); • Zorg dragen voor de implementatie en duurzame verankering van de VSV-initiatieven in de verschillende organisaties; • Afstemmen en bewaken van kwaliteitsafspraken met leveranciers;

De taken van de programmamanagers zijn:

• Rapporteren aan de stuurgroep aan de hand van voortgangsrapportages per kwartaal;

• Uitvoeren van het beleid en doelstellingen op basis van het programmaplan en de programmabegroting;

• Evaluatie en monitoring van de voortgang van de projecten ten opzichte van de programmadoelstellingen.

• Opstellen en bewaken van het strategisch plan; • Bewaken en opstellen van (deel) begrotingen;

pagina 38

8.3 Regiegroep In de regiegroep vindt vier keer per jaar overleg plaatst tussen de projectleiders van de projecten en de programmamanagers, voorafgaand aan de evaluatiebijeenkomsten van de stuurgroep. De regiegroep bespreekt de inhoudelijke voortgang, knelpunten, kansen en stemt onderling af over de samenhang tussen projecten. Indien gewenst kan de regiegroep dan ook uitgebreid worden met expertise vanuit de samenwerkende partners (bijvoorbeeld docenten, onderwijskundigen, jongerenwerkers). De voortgang wordt besproken aan de hand van een projectendashboard, waarop de doelstellingen van de projecten in relatie tot de KPI’s van het hele VSV-programma worden bijgehouden. Op deze manier houden de programmamanagers grip op de uitvoering en kunnen zij de stuurgroep en andere stakeholders informeren. Omdat dit halfjaarlijks en voorafgaand aan de evaluatiemomenten wordt gedaan, dient het dashboard met KPI’s ook als evaluatie-instrument.

8.4 Projecten en projectleiders Binnen elk thema worden een aantal projecten uitgevoerd, die in hoofdstuk 5 beschreven zijn. De projecten worden geleid door projectleiders, die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van hun project en de aansturing van projectmedewerkers. De projectleiders zijn verantwoordelijk voor de vertaling van de ambities uit het VSV-programma naar concrete projectplannen. Zij werken dit telkens uit voor een (behapbare) periode van een half jaar, waarin zij SMART doelstellingen formuleren, die aan het eind van elke periode geëvalueerd kunnen worden. Op basis van de uitkomsten van de evaluaties kunnen de uitvoeringsplannen voor het komende half jaar bijgesteld worden. Zo wordt de gestructureerde en evidence-based manier van werken geborgd in de uitvoering.

De taken en verantwoordelijkheden van de projectleiders zijn: • Het uitwerken van programmadoelstellingen in concrete projectplannen planningen; • Het aansturen van projectleden; • Contacten onderhouden met verschillende partners en organisaties ten behoeve van het project;

uitgenodigd. Zij hebben een adviserende rol. In de evaluatie worden de VSV-cijfers en de resultaten van de projecten besproken. Daarnaast worden voorstellen gedaan voor onderzoek en nieuwe projecten en wordt besproken waar het hiervoor beschikbare budget voor zal worden ingezet. De beslissing hierover wordt door de stuurgroep genomen.

• Evaluatie en monitoring van de resultaten van de projecten ten opzichte van het projectplan; • Zorg dragen voor de implementatie en duurzame verankering van het project; • Rapporteren aan de programmamanagers aan de hand van projectdoelstellingen.

8.5 Evaluatiebijeenkomsten Twee keer per jaar vinden de evaluatiebijeenkomsten plaats. Dit zijn in principe stuurgroepvergaderingen, maar hiervoor wordt een bredere vertegenwoordiging van stakeholders

pagina 39

Bijlagen

pagina 40

Bijlage 1: achtergrondinformatie regionale VSV-cijfers VSV in het voortgezet onderwijs VSV in de onderbouw van het vo en in de bovenbouw van havo en vwo verdienen extra aandacht, omdat deze boven de landelijke streefnorm uitkomen. Verdere uitsplitsing van de getallen (zie Tabel 2) laat zien dat brug 1-2 in de onderbouw vo een hoog VSV-percentage kent. In de bovenbouw vmbo kent vavo-vmbo een opvallend hoog VSV-percentage. Daarnaast dient er aandacht gegeven te worden aan havo 4-5, vavo-havo en vavo-vwo, waar de VSV-percentages boven de streefnorm uitkomen. Hierbij is het opvallend dat vavo-vwo in het vorige schooljaar (2017-2018) een VSV-percentage van 0,00% kende, waar dit in schooljaar 2018-2019 1,82% betreft. Binnen de gemeenten valt op de gemeente Hattem met VSV-per-

centage van 0,88% boven het landelijk VSV-percentage uitkomt. De andere gemeenten blijven onder het landelijk percentage.

Voor de stijging in zowel de regionale als landelijke VSV-cijfers in het voortgezet onderwijs is geen eenduidige verklaring te vinden. Ook in de huidige

VSV-aanpak van de regio IJssel-Vecht zijn geen duidelijke verklaringen te vinden, hoewel het opvalt dat veel initiatieven zich richten op de overstap

Tabel 2. VSV naar normcategorie en deelnemers, convenantjaar 2018-20196. Met rode cijfers is aangegeven dat een percentage boven de VSV%-streefnorm uitkomt. Normcategorie Leerweg leerjaar Onderbouw VO Brug 1-2 Brug 3 Havo 3 Lwoo 1-2 Vwo 3 Bovenbouw vmbo Lwoo 3-4 Vavo-vmbo Vmbo 3-4 Bovenbouw havo/vwo Havo 4-5 Vavo-havo Vavo-vwo Vwo 4-6 Totaal VO

deelnemers 10.760 195 1.094 201 1.155 13.405 240 39 6.364 6.643

VSV-ers 21 0 1 0 1 23 1 5 31 37

VSV% 0,2 0 0,09 0.00 0,09 0,17 0,42 12,82 0,49 0,56

VSV% streefnorm 0,10% 0,10% 0,10% 0,10% 0,10%

3.303

11

0,33

0,10%

136 551 2.939 6.433 26.481

5 1 3 20 80

3,68 1,82 0,1 0,31 0,3

0,10% 0,10% 0,10% 0,48% 0,29%

1,00% 1,00% 1,00%

pagina 41

vo-mbo en preventie voor het mbo. Voor het vo zelf zijn er niet zo veel programma’s opgenomen. Vanuit de regiegroep, waarin de projectleiders van de projecten periodiek overleg voeren, werd de verklaring geopperd dat vo-leerlingen, meer dan voorgaande jaren, last lijken te hebben van druk op sociaal-emotioneel vlak. Daarnaast lijken zij het moeilijk(er) vinden om met stress, tegenslagen, prestatiedruk en het maken van de juiste studiekeuze om te gaan.

Conclusies VSV in het mbo Evenals de vo-cijfers, laten de VSV-cijfers voor het mbo in schooljaar 20182019 een daling zien ten opzichte van schooljaar 2017-2018, zowel regionaal als landelijk. Uitzondering betreft echter niveau 4: niveau 4 laat in 2018-2019 een stijging zien in het VSV-percentage, terwijl de landelijke trend daarentegen wel een daling laat zien. Indien gekeken wordt naar verdere uitsplitsing van

de getallen, is te zien dat bbl niveau 2, niveau 3 bbl en bol, en niveau 4 bol en bbl boven de streefnorm uitkomen. Deze niveaus en leerjaren dienen extra aandacht te krijgen. Bij de gemeenten valt op dat de gemeenten Steenwijkerland en Zwolle boven het landelijke VSV-percentage uitkomen, terwijl de

andere gemeenten onder het landelijke percentage blijven. Met name de stijging in niveau 3 en 4 is opvallend en is sterker dan landelijk, hoewel deze cijfers landelijk ook zijn gestegen. Oorzaken hiervoor zijn niet goed bekend, maar zouden volgens

de onderwijsinspectie kunnen liggen in de aantrekkende economie en arbeidsmarkt (groenpluk). Andere mogelijke oorzaken liggen in toenemende multiproblematiek onder jongeren en een toenemend aantal verkeerde studiekeuzes. In het huidige VSV-programma wordt er echter juist veel aandacht

Tabel 3. VSV naar normcategorie en deelnemers, convenantjaar 2018-20194. Met rode cijfers is aangegeven dat een percentage boven de VSV%-streefnorm uitkomt. Normcategorie Leerweg leerjaar Mbo niveau 1 Bbl1 Bol2 Mbo niveau 2 Bbl2 Bol2 Mbo niveau 3 Bbl3 Bol3 Mbo niveau 4 Bbl4 Bol4 Onbekend Totaal

deelnemers 25 215 240 893 1.266 2.105 899 2.034 2.933 346 7.249 7.595 2 2 12.875

VSV-ers 3 40 43 78 102 180 30 79 109 10 271 281 0 0 613

VSV% 12,00% 18,60% 17,92% 9,30% 8,06% 8,55% 3,34% 3,88% 3,72% 2,89% 3,74% 3,70% 0,00% 0,00% 4,76%

VSV% streefnorm 26,40% 26,40% 8,60% 8,60% 3,20% 3,20% 2,70% 2,70% 0,00%

pagina 42

besteed aan LOB, zodat jongeren de juiste keuze kunnen maken. Terugkoppeling naar het vo over uitval en switchgedrag op het mbo kan volgens de regiegroep helpen om de LOB-programma’s te verbeteren.

Redenen van uitval De mbo-scholen in de regio vragen bij uitschrijving naar de reden daarvoor. Deze zijn weergegeven in de VSV-analyses van de mbo’s. Deze documenten geven deels inzicht in de redenen van uitval. De voornaamste redenen die opgegeven worden zijn7:

• Studiekeuzeproblematiek (verkeerde keuze) • Prestaties onvoldoende Dit betreft studenten waarvan de prestaties onvoldoende zijn door redenen als het niveau niet aankunnen en/of onvoldoende motivatie/ inzet. • Diploma behaald Dit betreft studenten van de entreeopleiding die hun diploma behaald hebben, maar om diverse redenen geen starkwalificatie (niveau 2) willen of kunnen behalen. Dit wordt officieel gezien als VSV.

Uit een afstudeeronderzoek naar uitval op niveau 4 in de gemeente Zwolle blijkt dat zowel risicofactoren op individueel niveau (gedragsproblemen, gedragsstoornissen, cognitieve vaardigheden, problematische thuissituatie), als op schoolniveau (begeleiding, relatie met de docent, hoge werkdruk) van invloed zijn bij uitval. Risicofactoren op individueel niveau spelen de grootste rol, maar de factoren kunnen elkaar versterken. In dit kader wordt het belangrijk gevonden om te zorgen voor een goede preventie, evenals signalering en ondersteuning van studenten die dreigen uit te vallen. In

de huidige VSV-aanpak zijn hiervoor diverse maatregelen uitgevoerd die mogelijk versterkt kunnen worden door het zorgdomein nog sterker te betrekken. In de tabel hieronder is het aantal en % VSV’ers in de regio IJssel-Vecht over drie schooljaren weergegeven. Hieruit blijkt dat er onderlinge verschillen zijn tussen de vijf mbo’s. Nadere analyse door de werkgroep Verzuim van de VSV-cijfers in combinatie met uitvalredenen en maatregelen per school kan leiden tot interessante leerpunten onderling en versterking van de VSV-aanpak.

• Privéredenen Dit betreft een zeer diverse groep van studenten, vaak met persoonlijke problemen c.q. problemen in de privésituatie. ‘Privéredenen’ is echter een containerbegrip, dat niet veel inzicht geeft in de precieze redenen om te stoppen. • Student is gaan werken Dit betreft studenten die ondanks dat ze geen startkwalificatie hebben ervoor kiezen om te gaan werken.

pagina 43

VSV een jaar later Naast de cijfers van het aantal VSV’ers, zijn ook cijfers bekend van VSV’ers die weer terug zijn gegaan naar het onderwijs. Deze cijfers zijn in kaart gebracht voor de jaren 2014 tot en met 2017. Tabel 4 geeft weer hoeveel VSV’ers er jaarlijks waren en hoeveel van hen een jaar later teruggekeerd was in het onderwijs, of een baan had.

Tabel 4. VSV een jaar later terug in onderwijs. De cijfers betreffen totaalcijfers van het vo, vavo en mbo niveau 1, 2, 3 en 4 samen. Jaar van startpopulatie 2014 2015 2016 2017

Aantal terug in Aantal in Aandeel terug in Aandeel Aantal vsv Aantal werkend startpopulatie onderwijs onderwijs werkend 38.771 513 152 140 30% 27% 39.262 479 139 150 29% 31% 39.891 541 141 184 26% 34% 40.011 608 164 216 27% 36%

De cijfers laten zien dat het aantal VSV’ers die een jaar na uitval terugkeren naar het onderwijs, de laatste jaren geleidelijk afneemt. Een mogelijke oorzaak hiervoor kan de aantrekkende arbeidsmarkt zijn met de zogenoemde groenpluk. De cijfers laten namelijk zien dat het aandeel VSV’ers dat een jaar na uitval werkt, de laatste jaren is toegenomen

pagina 44

Bijlage 2: VSV en maatregelen in de kwaliteitsagenda’s Landstede

Alfa College

Deltion College

Zone.college

Cibap

Ontwikkeling van SLB naar brede loopbaanbegeleiding: opleiden voor wendbaar vakmanschap en leven lang ontwikkelen

•

In de opleiding aandacht schenken aan het beroepsprofiel (leren in de praktijkomgeving) en brede inzetbaarheid

•

Versterking bedrijfsnetwerk t.b.v. LOB (bedrijfsbezoeken, account-management, projecten, kennisdeling)

•

Inzet alumni

Versterken BPV-toeleiding en -begeleiding.

•

Aandacht voor LLO en arbeidsmarkt

•

Verbeterplan BPV

•

Inzet op LLO

•

Sterk alumnibeleid: in beeld, in contact.

Streefcijfers en maatregelen op-

Streefcijfers en maatregelen

genomen, ook in de begroting.

opgenomen. Samenwerking met landstede op diverse punten.

Onderhouden en

•

Aandacht voor LOB/LLO in verschillende onderdelen curricula Landstede

•

nadruk op ondersteunen, ook op niet-loopbaangerelateerde hulpvragen

versterken lob

Overstapmomenten en jongeren in beeld

•

Opzet alumnibeleid

•

Maatregelen warme overstap (o.a docentprofessionalisering Paspoort voor Succes) en Sluitende aanpak (inzet schakelfunctionaris, keten in beeld) opgenomen vanuit VSV-aanpak.

•

Aandacht voor LOB/LLO: motievenreflectie, capaciteitenreflectie, werkexploratie, loopbaansturing en netwerken.

•

•

•

Begeleiding bij het vinden van BPV-plek, extra ondersteuning jongeren in een kwetsbare positie

•

Samenwerking met maatschappelijke partners (in verschillende RMC-regio’s).

•

Brede niveau-2-opleiding (doorstroom entree -> niveau 2 onder de aandacht)

•

Versterken verbinding met beroepspraktijk

•

Uitvoering entree i.s.m. andere ROC’s, koppeling niveau 2.

•

Actieve en intensieve doorstroom voor jongeren in een kwetsbare positie met vakmanschapsroute

•

Samenwerking met mbo, vso en brancheopleidingen

pagina 45

Preventie en

Landstede

Alfa College

Deltion College

Zone.college

Cibap

•

Handboek verzuim is in gebruik

•

•

•

professionaliseren van de begeleiding

Er wordt een kader opgesteld voor het maken van (individuele) ondersteuningsplannen: een kader voor beschikbaar maatwerk en wanneer dat begint.

Passend onderwijzen: protocollen, ondersteunings-mogelijkheden en brede docent-professionalisering

•

•

Passende ondersteuning voor jongeren in een kwetsbare positie, vanuit gesprek met de jongeren. Dicht bij het onderwijsproces georganiseerd (door loopbaanadviseurs, coaches en mentoren). Elke locatie heeft een ondersteuningsprofiel.

•

Deltion Jongeren Team (sociaal wijkteam binnen de school)

•

Monitoren VSV-resultaten

begeleiding studieloopbaan o.b.v. succes- en kritische factoren, advies.

•

aandacht voor soft skills

•

persoonlijke begeleiding

•

•

Studenten Succes Centrum

passende opleiding en ondersteuning.

Inzet op verzuimpreventie en -coördinatie.

•

Handboek verzuim wordt gehanteerd

•

Ziekte- en verzuimbeleid

•

Samenwerkings-verbanden rond VSV (expliciet benoemd)

•

Plusvoorzieningen in samenwerking met Zwolle en Hardenberg

•

‘Arbodienst voor studenten’

•

Samenwerking met gemeenten, andere mbo’s, aanleverend onderwijs, sociaal domein.

ondersteuning

•

Kansen voor VSV

•

•

Maatwerk mogelijk, ook voor oud-VSV’ers (o.a in Entreeopleiding: project Start.route) Flexibele instroom

•

•

Inzet op flexibeler onderwijs en maatwerk (kan bijdragen aan instroomkansen oud-VSV’ers). Beloften opgenomen voor gelijke onderwijskansen (toegankelijkheid, doorlopende leerlijnen, LOB, burgerschap en inburgering en participatie).

•

•

Mogelijkheden binnen Start. route

•

Certificaattrajecten in ontwikkeling

•

alumnibeleid

•

Docent-professionalisering o.a. voor jongeren in een kwetsbare positie

Maatregelen Gelijke Kansen, gespecificeerd naar elke opleiding (succesvolle instroom, doorlopende leerlijnen, soft skills en ondersteuning)

pagina 46

Overig

Landstede

Alfa College

Deltion College

•

Project Maatje op Maat

•

•

•

Project Mentoring@Work

•

Start.route (samen met Deltion): praktijkgerichte leerwerktrajecten voor entree: maatwerk. Elementen van warme overstap en sluitende aanpak komen sterk terug in dit project.

Start.route (samen met Landstede): praktijkgerichte leerwerktrajecten voor entree: maatwerk. Elementen van warme overstap en sluitende aanpak komen sterk terug in dit project Start.route

•

Deelname aan pilots Motie Kwint samen met Landstede: onderzoek jongeren in een kwetsbare positie en inzet doorleer- en doorwerkcoaches

•

Deelname aan pilots Motie Kwint samen met Deltion: onderzoek jongeren in een kwetsbare positie en inzet doorleer- en doorwerkcoaches (o.a. in Start.route)

•

Keten in beeld

•

Symbiosetrajecten Startcollege

Versterking alumnibeleid voor onderwijsinnovatie.

Zone.college

Cibap

pagina 47

Eindnoten 1. zie model pagina’s 3 en 15 Pro is feitelijk onderdeel van het voortgezet onderwijs als geheel, waardoor het niet als apart onderdeel benoemd zou hoeven worden. Het pro en vso hebben echter vaker te maken met leerlingen in een kwetsbare positie en hebben zodoende specifieke kennis en expertise ontwikkeld in de begeleiding van deze jongeren. Om deze reden worden pro en vso als aparte doelgroep benoemd in het VSV-programma. Met de term vo worden de ‘reguliere’ scholen voor voortgezet aangeduid.

6. zie pagina 41 Deze tabel is afgeleid van de originele tabel uit de RMC factsheet 2018-2019. 7. zie pagina 43 De redenen ‘student wordt examendeelnemer’ en ‘andere opleiding extern’ zijn niet meegenomen, omdat de student hiermee in principe niet zonder startkwalificatie het onderwijs verlaat.

2. zie pagina 6 ‘IBO jongeren met (risico op) een afstand tot de arbeidsmarkt – Zichtbaar en zelfstandig maken’; ‘Uitkomsten Onderzoek Toezicht Sociaal Domein (TSD) – participatie zonder startkwalificatie jongvolwassenen’; Onderzoek ‘Themaonderzoek entreeonderwijs Inventariserend onderzoek naar het loopbaanperspectief van de entreestudent’. 3. zie pagina 7 De cijfers in de regionale analyse zijn gebaseerd op de gegevens over schooljaar 2018-2019. In de analyse zijn de streefnormen gebruikt die op dat moment gehanteerd werden. 4. zie pagina 7 De weergegeven conclusies zijn onderdeel van een uitgebreider evaluatierapport. Bijlage 1 bevat daarnaast aanvullende informatie over de VSV-cijfers. 5. zie pagina 8 Bron: Vsv een jaar later terug in onderwijs of aan het werk - voorlopige gegevens per RMC – RMC-regio IJssel-Vecht. Publicatiedatum 2-3-2020.

pagina 48

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=6b517268-d6ee-4531-98ac-04a1634a64f9