CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Samen leren: Eindevaluatie Proeftuin Samenspel in de wijk

Raad Besluitvormingsronde 14 oktober 2024, gemeente ZwolleBij agendapunt: Eindvaluatie Proeftuin Jeugd 'Samenspel in de wijk24.829 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

gthuis

Samen leren

Eindevaluatie Proeftuin Samenspel in de wijk april 2024

Zwolle

mthuis

Voorwoord

Michiel van Willigen

Wethouder Kansengelijkheid, waaronder Jeugd

Samenspel in de wijk - gestart als proef in twee wijken - is nu de reguliere werkwijze geworden van de Sociaal wijkteams in West en Zuid. Bijna twee jaar lang hebben deze wijkteams samen met partners uit de wijk en gezinnen geleerd en ontwikkeld. Samen zijn zij op zoek gegaan naar andere antwoorden op ondersteuningsvragen. Er is veel kennis en ervaring opgedaan om er samen voor te zorgen dat kinderen in Zwolle gezond, veilig en kansrijk kunnen opgroeien. We weten allemaal dat opgroeien niet altijd vanzelf gaat. Dat werd ook duidelijk in de ruim 180 casussen die de afgelopen twee jaar voorbijkwamen in de Proeftuin. We zagen veel verschillende ondersteuningsvragen. Vragen van gezinnen of jeugdigen die een extra steuntje in de rug nodig hadden. De wijkteams in West en Zuid hebben samen met partners in de wijk gezocht naar zo normaal mogelijke oplossingen, dicht bij het gezin: thuis, op school of in de wijk. Door goed te kijken naar de context en de relaties die voor gezinnen belangrijk zijn.

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

De werkwijze in de Proeftuin laat zien dat breder samenwerken helpt. Dat we specialistische hulp erbij kunnen halen voor gezinnen en kinderen voor wie dit echt nodig is. Meer samen optrekken en niet meer direct doorverwijzen. Een grote veranderbeweging op het gebied van jeugdhulp is in gang gezet in Zwolle. Daar ben ik de wijkteams in West en Zuid, en de betrokken partners in de wijken dankbaar voor. In de Proeftuin is in het klein begonnen wat we ook in de andere wijken in Zwolle zullen uitrollen. We zitten in een grote verandering die we als gemeente niet alleen kunnen realiseren. Samenspel gaat juist over hoe we samenwerken. Daar hebben we iedereen hard bij nodig. Ik heb er alle vertrouwen in dat Samenspel in de wijk, het anders omgaan met hulpvragen, dè manier is om het verschil te maken. Voor al die gezinnen en kinderen in Zwolle die ondersteuning nodig hebben. Zo bouwen we samen aan sterke gezinnen.

2

mthuis

Inhoud Inleiding Wat ging vooraf?

4 5

Hervormingsagenda

5

AEF-rapport

6

Tussenevaluatie

6

Werkwijze Proeftuin Samenspel in de wijk

7

Fasering en focus op leren en ontwikkelen

7

De werkwijze Samenspel in de wijk

8

Financiële resultaten

22

Resultaten in samenspel met partners

25

Resultaten in samenspel met ouders en jeugdigen

29

Blik vooruit: borgen en uitbreiden van Samenspel in de wijk

31

Stevig fundament

31

Borgen West en Zuid

31

Uitbreiding naar Noord, Oost en Midden

32

Systeemvraagstukken breder dan de Proeftuin

34

De doelen die we hebben bereikt

34

Proeftuincasussen

12

Bredere systeemvraagstukken

34

Soorten casussen

12

Ouders en jeugdigen

38

Patronen in casussen

14

Risico’s voor borging en verspreiding

39

Geleerde lessen

14

Bijlagen Resultaten

40

18

1. Geleerde lessen over gewenste werkwijze

41

Relevante cijfers op hoofdlijnen

18

2. Ontwikkeling van de leervragen in de vijf leercycli

47

Resultaten in casuïstiek

20

3. Samen leren van casuïstiek en Partnerbijeenkomsten

61

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

3

mthuis

Inleiding Dit is de eindevaluatie van de Proeftuin Samenspel in de wijk. De afsluiting van een intensief veranderproces, waarin we twee jaar lang samen hebben geleerd en ontwikkeld in de wijken West en Zuid om te komen tot een nieuw samenspel in die wijken. In augustus 2023 verscheen de tussenevaluatie van de Proeftuin, waarin we verslag deden van de start en de eerste leer- en ontwikkelcycli. In deze eindevaluatie schetsen we een totaalbeeld van het geleerde gedurende de hele Proeftuinperiode van 1 september 2022 tot en met 31 januari 2024. Dat betekent enige overlap met de tussenevaluatie. We beschrijven de aanleiding van de Proeftuin en de kenmerkende werkwijze die in de afgelopen twee jaar is ontwikkeld. We gaan in op de casussen die voorbij zijn gekomen; de kenmerken, de rode draden en de geleerde lessen die we daar uit halen. Ook staan we stil bij de behaalde resultaten op inhoud en welke middelen we niet hebben uitgegeven door voor andere oplossingen te kiezen. We geven adviezen over de borging van de werkwijze in de wijken West en Zuid en de uitbreiding naar de andere wijken in Zwolle. Tot slot vragen we aandacht voor de bredere systeemveranderingen die nodig zijn om de nieuwe werkwijze te faciliteren. Het blijft voor iedereen uitdagend om niet in de groef van de oude manier van werken te komen.

Vooral als het ingewikkeld en spannend wordt, als visies verschillen en een gezamenlijke taal lijkt te ontbreken. Tegelijk kunnen de wijkteams, de teammanagers en de intensief betrokken partners in en buiten de wijken inmiddels niet meer anders werken. Wat begon als een experiment is nu uitgegroeid tot de reguliere werkwijze van de Sociaal wijkteams in de Proeftuinwijken.

“Als je eenmaal anders kijkt, kun je het niet meer anders zien.” Geraldine IJzerman en Karin Otten, teammanagers Sociaal wijkteam West en Zuid

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

4

mthuis

Wat ging vooraf? In Zwolle willen we de jeugdhulp transformeren. Met als doel: Zwolse kinderen groeien gezond, veilig en kansrijk op en gezinnen vinden steeds gemakkelijker oplossingen dichtbij; thuis, op school en in de wijk. We werken aan een verschuiving van specialistische hulp voor jeugdigen en gezinnen naar meer ondersteuning door het Sociaal wijkteam en in de sociale basis. We normaliseren daarmee ondersteuningsvragen en helpen mensen uitdagingen in het leven beter aan te kunnen gaan.

Hervormingsagenda

De Hervormingsagenda Sociaal Domein heeft tussen 2020 en 2023 een extra impuls gegeven aan de verschuiving van zware naar lichtere ondersteuning. Spoor 3 in dat programma gaat over de transformatie binnen de jeugdhulp: Herstel in het gewone leven. In de Hervormingsagenda staan vier bewegingen om deze ambitie te realiseren: 1. Van apart naar gewoon; 2. Van deelprobleem naar totaaloplossing; 3. Van zorgen voor naar zorgen dat; 4. Van individuele zorg naar samenbrengen van vragen.

Ambitie

Verschillende losse interventies werden uitgevoerd. Maar de ambitie bleef: een brede verandering van het hele systeem met alle betrokken partners. Daarom hebben we gekozen voor een Proeftuin op kleine schaal, op wijkniveau, waar we aan alle onderdelen van de hervorming van het jeugdstelsel werken. Het aantal betrokken partijen is dan overzichtelijker. Het voorstel voor de Proeftuin werd goedgekeurd door het college en de raad (oktober 2021) en de Proeftuin Samenspel in de wijk startte halverwege 2022 in de Zwolse wijken West en Zuid met een looptijd van twee jaar.

De ambitie van de Proeftuin is om hulp en steun dichtbij de jeugdige en zijn gezin te organiseren. Hiervoor is een nieuw samenspel nodig tussen partners in de wijk, zoals kinderopvang, het onderwijs, welzijn, jeugdhulp en het Sociaal wijkteam. In de Proeftuin ontwikkelen we dit nieuwe samenspel al doende en monitoren we wat daarin werkt en niet werkt. Om deze lessen vervolgens weer toe te passen op de grotere schaal van het jeugdstelsel en breder in alle Zwolse wijken. Zo maken we de beweging van een Proeftuin op kleine schaal, naar een stadsbrede werkwijze.

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

5

mthuis

De Proeftuin Samenspel in de wijk heeft de volgende doelen: • We vormen nieuwe samenwerkingsbanden/coalities tussen sociale basis, Sociaal wijkteam en jeugdhulpaanbieders om beter passend aanbod te creëren op ondersteuningsvragen. • We bekijken of differentiatie in aanpak nodig is van enkelvoudige, meervoudige en complexe ondersteuningsvragen van jeugdigen en gezinnen. • We verkennen wat nodig is om het Sociaal wijkteam meer de regierol te laten vervullen en meer zelf te laten ondersteunen (eigen inzet). • We bekijken wat nodig is om de administratieve lasten voor alle betrokkenen te verminderen. • We identificeren welke systeemprikkels nu wel/niet helpen om de gewenste beweging te bewerkstelligen. • We beïnvloeden de beeldvorming bij Gecertificeerde Instellingen, huisartsen, onderwijs en gesubsidieerde instellingen door hen mee te laten denken in alternatieve oplossingen.

AEF-rapport

Adviesbureau AEF maakte in het voorjaar van 2023 inzichtelijk wat nodig is om de potentie van lopende interventies van jeugd – waaronder de Proeftuin Samenspel in de wijk – te vergroten. AEF concludeerde in haar rapport ‘Onderzoek voortgang transformatie jeugdhulp in Zwolle’ dat van de lopende interventies de meeste versnellingspotentie bij de Proeftuin zit. Door Samenspel in de wijk stadsbreed te implementeren én door het wegnemen van belemmeringen die het samenspel tussen partners in de weg staan.

Tussenevaluatie

In augustus 2023 presenteerden we in een tussenevaluatie de eerste resultaten van de Proeftuin van april 2022 tot en met juni 2023. In die eerste periode zijn ruim 80 bestaande en nieuwe casussen ingebracht en op de ‘Proeftuinmanier’ besproken. Veertien casussen werden afgesloten en de overige casussen liepen nog. De eerste geleerde lessen werden zichtbaar net als de eerste positieve resultaten. We kondigden aan dat bij positieve resultaten de laatste fase van de Proeftuin gericht is op de borging van de werkwijze in West en Zuid en het maken van een plan voor de verspreiding naar de andere wijken. Sociaal Domein 2024 | Samen leren

6

mthuis

Werkwijze Proeftuin Samenspel in de wijk Fasering en focus op leren en ontwikkelen Continu leren en ontwikkelen De Proeftuin is een veranderbeweging naar een andere manier van kijken, denken en doen in de wijken. We zetten in op een tweede orde verandering. Daarmee bedoelen we een verschuiving van de aandacht van gedrag en individuele oplossingen naar inzicht in de betekenis, relaties en interacties. Dat betekent ook dat gezinnen die hulp vragen kunnen verdragen dat er soms geen directe oplossing voorhanden is. Pas als dit verdragen kan worden, dan kunnen de gevolgen van nietoplossen worden aangepakt. Dat is hard werken. We laten het oude en bekende los, zonder precies te weten wat daarvoor in de plaats komt en hoe de ondersteuning eruit komt te zien. We kunnen niet meer van hetzelfde blijven doen als we andere antwoorden op onder­ steuningsvragen van ouders en jeugdigen willen. In de Proeftuin stoppen we daarom met het herhalen van wat niet werkt en ontwikkelen we al lerend wat wel werkt.

“We cannot solve problems using the same kind of thinking we used when we created them.” Albert Einstein

Het faciliteren van het leren en ontwikkelen is de kern van de verander­ beweging in de Proeftuin. In West en Zuid hebben we de Sociaal wijkteam (SWT) professionals en hun partners stap voor stap meegenomen in het veranderproces. Dat proces laat zich lastig plannen bij tweede orde veranderingen. Het is een gezamenlijke zoektocht. Geen vastomlijnd ontwerp met een strak plan. We hebben organisch gestuurd. Maar wel vanuit een visie, een veranderstrategie, actiegericht en met vaste leermomenten.

Bij onvoorziene omstandigheden kozen we bewust om flexibel mee te bewegen en nieuwsgierig te blijven naar wat werkt en niet werkt. Gevoed door data en verhalen hebben we onderweg steeds getoetst of we nog op de goede weg zijn. We volgden de casuïstiek en voor het monitoren van de veranderbeweging hebben we de reflexieve monitoring en een dynamische leeragenda ingezet1. Reflexieve monitoring in actie In de Proeftuin reflecteren we continu op wat we doen, terwijl we het doen. De methodiek reflexieve monitoring in actie is bedoeld om in de praktijk te leren en verbeteren. De actieonderzoeker, oftewel de reflexieve monitor, ondersteunt en monitort het veranderproces door aanwezig te zijn bij de wekelijkse leersessies, de overleggen van het programmateam en de driemaandelijkse partnerbijeenkomsten. Zij vertaalt de knelpunten, dilemma’s en verhalen naar leer- en ontwikkelvragen. Zo houden we focus op onze doelen, blijven we scherp op het veranderproces en op wat er nodig is om te blijven leren. Dynamische leeragenda De leer- en ontwikkelvragen van de SWT-professionals, de partners en andere betrokkenen houden we bij in de dynamische leeragenda. We werken kortcyclisch. Iedere drie maanden verzamelen en toetsen we de opbrengsten in gezamenlijke partnerbijeenkomsten in de wijken en bespreken we de leeropbrengsten in het programmateam.

Zijn we nog op de goede weg? Is er vooruitgang? Wat kunnen we hieruit leren voor de verdere ontwikkeling van het samenspel in de wijk? Wat gaan we anders doen? De uitgebreide beschrijving van de leervragen en thema’s per leercyclus is opgenomen in bijlage 2.

1. D  e methodiek ‘reflexieve monitoring in actie’ is ontwikkeld door dr. Barbara van Mierlo e.a. (2010) van de Wageningen University. Dit is een participatief-actieonderzoeksmethode voor het volgen en begeleiden van systeeminnovaties zoals Samenspel in de Wijk.

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

7

mthuis

Planning Proeftuin

2022 Jan

Onderzoeksen ontwerpfase

Onderzoeken en ontwerpen

Dynamische leercyclus 1

2023 Apr 15 mei - 15 jun

Jul

Apr

Jul

Okt

Jan

Apr

Startbijeenkomst met partners (wijkniveau) Wekelijkse Proeftuinsessies

1 sept - 31 dec 10 & 12 jan

Leerbijeenkomst partners (terug- en vooruitblik) Wekelijkse Proeftuinsessies

15 jan - 15 apr

Training Systemisch werken

9 mrt - 1 jun

Leerbijeenkomst partners (terug- en vooruitblik)

13 & 18 apr

Dynamische leercyclus 3

Wekelijkse Proeftuinsessies

15 apr - 30 jun 26 & 28 jun

Leerbijeenkomst partners (terug- en vooruitblik) Wekelijkse Proeftuinsessies

1 jul - 5 okt

Dynamische leercyclus 4

28 sept & 3 okt Leerbijeenkomst partners (terug- en vooruitblik) 5 okt - 31 jan Wekelijkse Proeftuinsessies

Dynamische leercyclus 5 Borging en implementatie

Jan

Stadsdeel Werksessies (SWT) 7 jul

Dynamische leercyclus 2 Leren en ontwikkelen in de Proeftuin

Okt

2024

15 feb Gezamenlijke bijeenkomst met partners (zuid en west)

Evaluatierapport, implementatieen borgingsvoorstel

1 jan - 30 mrt

Veranderproces in drie fases Zoals in bovenstaande figuur staat, hebben we in drie fases toegewerkt naar een nieuwe manier van werken in de wijken. De onderzoeks- en ontwerpfase liep van april tot juli 2022. In de tweede fase - van september 2022 tot januari 2024- stond het leren en (door)ontwikkelen centraal. In de laastste fase - van 1 januari tot eind maart 2024 - hebben we de leeropbrengst van de Proeftuin vertaald naar een evaluatierapport en een implementatie- en borgingsvoorstel.

Onderzoeks- en ontwerpfase In de eerste fase zijn de wijkteams en de partners voorbereid op de Proeftuin en is een ‘startfoto’ (zie volgende pagina) gemaakt van beide wijken. De SWTprofessionals en hun partners kregen zo een eerste indruk: wie zijn de inwoners, wat houdt hen bezig, wat zijn de belangrijkste vraagstukken die spelen en met welke partners in de wijk heeft het wijkteam verbinding en met wie niet?

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

8

mthuis

‘Startfoto’ stadsdeel West

Leer- en ontwikkelfase In de tweede fase stond het leren- en ontwikkelen met partners centraal. We doorliepen vijf leercycli van drie of vier maanden per cyclus. Na de tussenevaluatie van de Proeftuin hebben we nog twee leercycli doorlopen, tussen 1 juli 2023 en 31 januari 2024. Door samen met onze partners te leren en reflecteren op casuïstiek in wekelijkse leersessies kwamen we tot andere oplossingen.

Leersessies en partnerbijeenkomsten Tijdens de wekelijkse leersessies brengen SWT-professionals en/of hun partners casuïstiek van jeugdigen en gezinnen in om daar meer systemisch naar te kijken. De leersessies zijn specifiek bedoeld om samen te leren. Het zijn geen behandelingen van jeugdigen en/of ouders, maar momenten om uit te zoomen en met een brede blik vanuit verschillende perspectieven te leren kijken, te reflecteren en te oefenen.

‘Startfoto’ stadsdeel Zuid

Een leercyclus sluiten we af met een partnerbijeenkomst met de SWT-professionals en alle betrokken partners in en buiten de wijk. In deze bijeenkomsten nemen we partners mee in de veranderbeweging. Ook geven we een inhoudelijke verdieping op de werkwijze, blikken we samen terug door lessen en inzichten van de afgelopen leercyclus te delen. Ook kijken we gezamenlijk vooruit naar de nieuwe leercyclus.

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

9

mthuis

Programmateam-overleggen Elke twee weken kijken we tijdens programmateam-overleggen met enige afstand naar het veranderproces in zijn geheel. Daar worden antwoorden besproken op vragen als: wat hebben de SWT-professionals en de partners nodig om vooruit te komen en te blijven leren? Zijn we de afgesproken resultaten aan het realiseren? Wat is er nodig voor het borgen van de werkwijze in de wijken West en Zuid en het uitbreiden van de werkwijze in de hele stad? Hoe krijgen we meer partners mee? Ook hier luistert de reflexieve monitor mee. Zij haalt leer- en ontwikkelvragen op en houdt deze bij in de dynamische leeragenda. Vanuit de reflexieve monitoring sturen we de veranderbeweging bij. Vertaal- en borgingsfase In de derde en laatste fase hebben we ons gericht op de eindevaluatie van de Proeftuin. De leeropbrengst uit de wekelijkse leersessies, de driemaandelijkse partnerbijeenkomsten en de programmateam-overleggen vertalen we naar een plan voor het borgen van de werkwijze in de wijken West en Zuid en het uitrollen van de werkwijze naar de andere drie Zwolse wijken. Vanwege de positieve tussenresultaten van de Proeftuin Samenspel in de Wijk, sorteren we in deze eindevaluatie (hoofdstuk ‘Blik vooruit’) vast voor op wat er nodig is na afronding van deze fase.

De werkwijze Samenspel in de wijk Het beantwoorden van ondersteuningsvragen van gezinnen en jeugdigen doen we door te leren van casuïstiek. In wekelijkse leersessies kunnen SWT-professionals en/of hun partners casussen inbrengen. De sessies zijn specifiek bedoeld om samen te leren en niet om gezinnen en jeugdigen te ‘behandelen’. In beide Proeftuinwijken is de werkwijze grotendeels hetzelfde en tegelijkertijd zien we ook nuanceverschillen. Elke wijk ontwikkelt een werkwijze afgestemd op de ondersteuningsvragen van inwoners, de SWT-professionals en de partners. We vertrekken wel altijd vanuit dezelfde uitgangspunten.

Uitgangspunten Samenspel in de wijk • Samen met ouders, jeugdigen en het informele netwerk bedenken we andersoortige oplossingen. • We dragen samen met andere professionals bij aan het normaliseren van de vragen van jeugdigen en gezinnen. Het vertrekpunt is dus altijd het gewone leven. • Onze kennis, ervaring en perspectief zijn dienstbaar aan wat de jeugdige/ het gezin nodig heeft, ook als dat iets anders is dan het reguliere jeugdhulpaanbod. • We gaan altijd op zoek naar ondersteuning dichtbij de jeugdige en zijn gezin (thuis, op school en in de wijk). In dit filmpje vertellen een SWT-professional en een GZ-psycholoog over de waardevolle samenwerking, het samenspel in de wijk. https://ap.lc/fYkFL

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

10

mthuis

Elementen van de werkwijze In de werkwijze komt altijd een aantal elementen terug. We werken systeemen contextgericht. Voordat we op zoek gaan naar oplossingen ligt de focus op stilstaan, uitzoomen en kijken naar het hele systeem. Want wie met jeugd werkt, werkt met alle relaties die ertoe doen. We kijken naar het gezin zelf, naar familie, vrienden, de wijk, de sportcoach, de school, eventueel aanwezige ondersteuning en hulpverlening en andere belangrijke personen en contexten voor het gezin. We willen eerst begrijpen in welke context de vraag speelt. Hiervoor gebruiken we verschillende hulpmiddelen.

Steeds met het gezin aan het roer, dus zonder de regie van ouders en het gezin over te nemen. Dat vraagt andere vaardigheden en een andere mindset van hulpverleners. In de Proeftuin-periode zien we dat steeds meer partners dezelfde taal zijn gaan spreken en steeds beter begrijpen waarom we de ondersteuningsvragen systeem- en contextgericht aanvliegen. En waarom dit nodig is om gezinnen en jeugdigen nog beter te helpen.

Hulpmiddelen bij het bespreken van casuïstiek • Het tekenen van een genogram; een tekening van het familiesysteem van (groot) ouders en kinderen, die inzicht geeft in de verbindingen en relatiepatronen over meerdere generaties. • Ook maken we een systemogram; een overzicht van andere betrekkingen en relaties, welke (hulpverlenings)instanties betrokken zijn, welke andere relaties een rol spelen in het gezin en op wie zij zich richten. • Het tekenen van een tijdlijn om inzicht te krijgen in voor de jeugdige en ouders impactvolle gebeurtenissen en wat de betekenis daarvan is. We willen het verhaal beter begrijpen. • Formuleren van vijf hypothesen rond de ondersteuningsvraag om tot nieuwe aanknopingspunten te komen voor verandering.

De hulpmiddelen worden gebruikt bij de wekelijkse leersessies van de wijkteams en betrokken partners in West en Zuid én bij de gesprekken met gezinnen en jeugdigen. Van daaruit kijken we naar mogelijke oplossingen gericht op normaliseren van de ondersteuningsvraag. Als er andere expertise nodig is dan halen we die erbij, in plaats van te verwijzen naar bestaand aanbod. We zorgen ervoor dat we blijven samenwerken én dat de expertise bijdraagt aan verandering.

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

11

mthuis

Proeftuincasussen Soorten casussen

Over de gehele Proeftuinperiode van september 2022 tot en met januari 2024 hebben we in de wijken West en Zuid geleerd aan de hand van 181 casussen, waarvan 171 jeugdcasussen. Doordat we het afgelopen half jaar in Zuid ook kleine Proeftuinsessies hebben georganiseerd, konden we in de laatste twee leercycli

Het aantal bestaande en nieuwe casussen per stadsdeel 35

West, bestaand West, nieuw Zuid, bestaand Zuid, nieuw

30 25

7 6

10

10 5 0

9

6

6

7

8

Leercyclus 1

Het aantal casussen per stadsdeel per leeftijdsgroep Stadsdeel West

20 15

meer casussen bespreken. We deden dit samen met de SWT-professionals en partners. In een aantal casussen leerden we in een kleiner gezelschap met ouders en jongeren.

1 7

Leercyclus 2

181

Totaal aantal casussen

15

9

11

6 Leercyclus 3

3

7

9 20

3

1

9

10

Stadsdeel Zuid

21

5

2

12

28

46

14

10

Leercyclus 4

Leercyclus 5

171 Jeugd casussen

30

24

0-3 jaar

4-11 jaar

Geen jeugd casus

12-15 jaar

16-17 jaar

Heel gezin

Bron: Casusmonitoring Proeftuin Samenspel in de Wijk

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

12

mthuis

We hebben in de Proeftuin nieuwe vragen en bestaande casuïstiek opgepakt. Bij de bestaande casuïstiek kan het gaan om een herindicatie, meer of zwaardere hulpverlening, vastgelopen casuïstiek of vanuit de vraag of de huidige inzet wel passend is. In de figuren op de vorige pagina geven we een beeld van de verdeling van bestaande en nieuwe casussen per leercyclus (LC), uitgesplitst naar de wijken West en Zuid. Daarnaast geven we een overzicht van de verschillende leeftijdsgroepen van de casussen die per wijk in de Proeftuinsessies zijn besproken.

In de leeftijdsgroep tot 15 jaar is in bijna 4 van de 10 casussen sprake van gescheiden ouders. Vragen gaan met name over psychische klachten van jeugdigen, ‘lastig’ gedrag op school en de moeilijkheden in de omgang met een van de ouders. Daarnaast zijn instanties als Veilig Thuis en Jeugdbescherming Overijssel vaker betrokken bij gezinnen waarvan de ouders gescheiden zijn. Door de korte lijnen met het Relatie- en Scheidingsteam kunnen we deze expertise in de casuïstiek goed benutten.

Nieuwe casuïstiek In beide Proeftuinwijken gaan veel nieuwe vragen van ouders en/of school over individuele diagnostiek en/of behandeling voor het kind. Dit zijn de ‘voorgesorteerde vragen’, waarbij van het Sociaal wijkteam alleen nog een indicatie wordt gevraagd om het traject te starten.

In de leeftijdsgroep 12-17 jaar zijn de vragen ook gericht op individuele hulp voor de jeugdige en zien we de vastgelopen casussen terugkomen. Waar meer van dezelfde hulp ingezet is, maar dan zwaarder. Vaak is daardoor een grote afhankelijkheid van de hulpverlening ontstaan en is (een gedeelte van) de regie van ouders verschoven naar de hulpverlening. Daarnaast valt op dat een aanzienlijk gedeelte van deze jongeren (ongeveer twee derde) niet of bijna niet meer naar school gaat.

Bestaande casuïstiek In de bestaande casuïstiek zien we vooral veel casussen van jongeren waar langdurige hulpverlening is ingezet die in de loop van de tijd steeds verder is verzwaard, soms zelfs tot uithuisplaatsing toe. In 16 procent van alle casussen op het moment van bespreken in de Proeftuin, of in de periode voorafgaand aan de Proeftuin, is sprake van jeugdhulp met verblijf. De verzwaring heeft vaak geen positief effect gehad op de jeugdige en het gezin. In deze casussen is de grootste uitdaging om uit de vaste groeven van ‘meer van hetzelfde maar dan zwaarder’ te komen, en ruimte te maken voor nieuwe perspectieven. We komen in de bestaande casuïstiek ook hulpvragen tegen rondom gameverslaving, (seksueel) geweld en suïcide.

Verschil ondersteuningsvragen naar wijk Hoewel een gedeelte van de ondersteuningsvragen in beide wijken overeenkomt, zien we ook verschillen. Zo zien we in Zuid meer casussen rondom veiligheid, jongeren die problemen ervaren na grote levensgebeurtenissen en het omgaan met een diagnose in een nieuwe levensfase. In West zien we meer casussen rondom scheidingen met veel conflicten, sociaal-emotionele problemen en problemen in de context van school.

Ondersteuningsvragen in verschillende leeftijdsgroepen In de leeftijdsgroep 0-12 jaar gaan de meeste vragen over individuele hulp op kindniveau. In die gevallen betreft het thema’s als angst en prikkelverwerking in de context van de school en/of emotieregulatie binnen het gezin. We zagen in de laatste leercycli ook vaker casuïstiek met gezinnen waarin sprake was van een licht verstandelijke beperking. Ook werden meer gezinnen besproken die als vluchteling naar Nederland zijn gekomen.

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

13

mthuis

Patronen in casussen

Als we wat verder uitzoomen en breder kijken dan de cijfers en ondersteuningsvragen, dan zien we een aantal patronen in de jeugdcasussen. De belangrijkste delen we hier. Het eerste patroon is dat de SWT-professionals in de Proeftuinwijken steeds vaker het hele gezin als hulpvragen gaan zien, in plaats van alleen de aangemelde jeugdige. De initiële jeugdvragen worden door de SWT-professionals dus steeds meer gezien als bredere vragen over de interacties en patronen in het gezin. De inzet van de hulpverlening verschuift daarmee ook van inzet gericht op de jeugdige alleen, naar ondersteuning voor het hele gezin.

Geleerde lessen

In de tussenevaluatie beschreven we de eerste zes geleerde lessen over de gewenste werkwijze uit de Proeftuincasuïstiek (bijlage 1). In de laatste fase van de Proeftuin zijn daar nog drie belangrijke lessen bijgekomen. Bij elke les beschrijven we de nieuwe praktijk en de oude praktijk. De vragen die we stellen in de Proeftuin zijn vragen die prikkelen om anders naar de casuïstiek te kijken. Ze maken ruimte voor een ander perspectief.

In dit filmpje vertelt projectleider Marianne Volaart over Samenspel in de wijk.

Een tweede patroon gaat over de constatering dat bij 41 van de 66 ‘nieuwe’ jeugdcasussen in het verleden al een vorm van (specialistische) jeugdhulp is ingezet. Nu we in de Proeftuin opnieuw naar de hulpvraag kijken, spelen oude werkwijzen op. Ouders en verwijzers verwachten vaak dat we weer specialistische jeugdhulp inzetten, omdat dat in het verleden ook gebeurde. Daarnaast is de verwachting dat de inzet van specialistische hulp op het individuele kind gericht zal zijn. Een derde patroon is dat we in de tijdlijn van gezinnen uitsluitingsmechanismes signaleren. Ouders komen met een diagnostiekvraag bij het wijkteam, regelmatig door het onderwijs verwezen. De interventies die vervolgens worden ingezet zijn gericht op het kind als probleem. Vaak volgt een schoolwisseling en zien we dat de jongere vervolgens steeds minder naar school gaat. Het niet meer meedoen gaat vaak samen met somberheid en zich afsluiten van de omgeving. Van de SWTprofessional wordt dan gevraagd om de inzet van zwaardere hulpverlening.

In dit filmpje vertellen een SWT-professional en een intern begeleider van een basisschool over de samenwerking.

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

14

mthuis

Les 7: Gedeelde verantwoordelijkheid voorbij de eigen expertise De nieuwe praktijk

We voegen onze expertise toe als extra perspectief. We waken voor overnemen en het oplossen van deelproblemen vanuit onze expertise. We dragen verantwoordelijkheid voor de totaaloplossing. We hebben extra aandacht voor een goede afronding van ondersteuning, zodat mensen zelf weten hoe ze kunnen omgaan met hun uitdagingen.

Vragen die we stellen

Wat is ieders visie op het vraagstuk en de mogelijke oplossingsrichting? Wie zit vast in het patroon van meer van hetzelfde doen (remmende invloed) en wie kan een ander geluid of een andere visie inbrengen? Wie heeft daarvoor ook de beste samenwerkingsrelatie met het gezin (kan helpen veranderen)? Hebben we alle betrokkenen die belangrijk zijn in beeld of moeten we nog breder kijken en daarbij vooral kijken naar het eigen netwerk? Wat is er nodig om goed af te ronden?

Het oude verhaal

Blijven doorgaan met meer van hetzelfde. Overleggen gaan over het nog effectiever maken van de hulpverlening. Over meer en zwaarder. Expertise wordt ingezet om een deel van het probleem op te lossen zonder oog voor de hele context. Blijven hangen in eigen expertise en oplossingen, waardoor de hulpverlener onderdeel van het probleem wordt. Ondersteuning wordt onvoldoende goed afgerond (van alle regie overnemen tot alles weer teruggeven).

Les 1: Begrijpen

Les 2: Leren (niet weten)

Les 3: Gezinnen aan tafel

Les 4: Regie

Praktijkvoorbeeld

Een meisje van 14 jaar, hoogbegaafd en al meerdere keren vastgelopen op school. Zowel in het basisonderwijs als het voortgezet onderwijs. Ze heeft hulp vanuit de Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ) gericht op hoogbegaafdheid en somberheid. Daarnaast heeft school gekozen voor een aantal dagen inzet van een zorgboerderij als vervanging van school. Ouders, school en hulpverlening zijn sterk gericht op de problematiek van het meisje. Omdat het steeds slechter met haar gaat, wordt steeds meer gekozen voor individuele oplossingen. School kiest voor nog meer inzet van de zorgboerderij en de GGZ voor zwaardere inzet van specialistische Jeugd-GGZ. Na meerdere interventies en gesprekken met professionals, met school en de GGZ is het gelukt om een systeemtherapeut vanuit het Sociaal wijkteam in te zetten. De hulp werd afgebouwd. Van de focus op het kind konden we verschuiven naar de focus op het gezinssysteem. Ouders ervaren dat ze zelf het verschil kunnen maken in het veranderen van patronen. Met het meisje gaat het steeds beter. Met school is afgesproken om toe te werken naar onderwijs en niet meer te kiezen voor een uitzonderingspositie.

“We zijn vaak geneigd om aannames te doen, maar het is beter om op voorhand niet het antwoord in te vullen. We moeten kijken naar de functie, de reden van het gedrag van een kind. Dan kom je misschien wel tot hele andere inzichten.” Jeugdhulpverlener

Les 5: Verandering

Les 6: Klein

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

Les 7: Verantwoordelijk

Les 8: Oplossingen

Les 9: Samenwerken

15

mthuis

Les 8: Collectieve oplossingen in de sociale basis De nieuwe praktijk

Ouders of jeugdigen (op wijkniveau) samenbrengen om ervaringen uit te wisselen met elkaar. Voor een luisterend oor, herkenning, erkenning en steun. Dit samenbrengen doen (we samen met) partners in de sociale basis.

Vragen die we stellen

Zou het je helpen om met andere ouders/jeugdigen in gesprek te gaan over wat je meemaakt? Waar ben jij ervaringsdeskundig in? Ben je benieuwd hoe anderen in dezelfde situatie hiermee om gaan?

Het oude verhaal

Individuele oplossingen voor het gezin en jeugdige. Onvoldoende inzicht in de mogelijkheden in de sociale basis. Geloven dat individuele en specialistische oplossingen beter zijn dan oplossingen dichtbij en met anderen in de sociale basis.

Praktijkvoorbeeld

Een alleenstaande moeder komt met zorgen over haar zoon bij het wijkteam. Acht jaar geleden is de diagnose Autisme Spectrum Stoornis (ASS) gesteld en meerdere jaren is jeugdhulp ingezet. Ze merkt dat haar zoon veel gamet en spijbelt van school. Thuis gaat hij zijn eigen gang. Zijn moeder denkt dat er weer jeugdhulp nodig is. Iemand moet helpen om te zorgen dat haar zoon niet verder afglijdt. De casus wordt in de Proeftuin besproken. Vanuit Travers wordt geopperd dat zij graag in contact willen komen met deze jongen om te kijken wat hij leuk vindt. Moeder en de jongen gaan hiermee akkoord. De jongerenwerker komt thuis en na een aantal gesprekken met de jongen gaan ze samen naar het Jongerencentrum. Een paar keer per week gamen jongeren daar met elkaar. De jongen komt daar klasgenoten tegen. Na een paar keer opgehaald te zijn door de jongerenwerker, gaat hij uit zichzelf naar het jongerencentrum. Moeder is hier blij mee. De jongerenwerker vertelt de moeder over een praatgroep van moeders met pubers met de diagnose autisme. Is dat iets voor haar om bij aan te sluiten? Na een paar keer geweest te zijn, vertelt ze dat ze zich minder zorgen maakt over het gedrag van haar zoon.

“Ik vond het fijn om te horen dat andere ouders opvoeden ook ingewikkeld vinden, het er samen over praten geeft mij weer moed om de week door te komen.” Een moeder over haar deelname aan een gespreksgroep voor ouders die een kind hebben met de diagnose ASS.

Les 1: Begrijpen

Les 2: Leren (niet weten)

Les 3: Gezinnen aan tafel

Les 4: Regie

Les 5: Verandering

Les 6: Klein

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

Les 7: Verantwoordelijk

Les 8: Oplossingen

Les 9: Samenwerken

16

mthuis

Les 9: Samenwerken met scholen De nieuwe praktijk

We nemen de tijd met partners om uit te zoomen en stil te staan bij wat er echt speelt in gezinnen. We vragen hen wat zij nodig hebben om te verdragen en vol te houden, thuis en binnen de schoolcontext.

Vragen die we stellen

Hoe kan school verantwoordelijk blijven voor passend onderwijs, ook als het moeilijk is? In het verdragen door de school wordt veel van hen gevraagd. Wat hebben zij nodig om het vol te kunnen houden?

Het oude verhaal

We plaatsen kinderen vanwege gedragsproblematiek buiten school en geven daarmee de boodschap af van buitensluiten en schuld bij het kind leggen in plaats van insluiten.

“Wat mooi dat de ruimte wordt genomen om het hele verhaal van het gezin beter te begrijpen. Met het uitzoomen en breder kijken naar de vraag wordt duidelijk dat de oplossing niet zit in het overplaatsen van de jongens naar het speciaal onderwijs. Die zit in het werken aan de relatie tussen de ouders.” Betrokken GGD-medewerker

Les 1: Begrijpen

Les 2: Leren (niet weten)

Les 3: Gezinnen aan tafel

Les 4: Regie

Praktijkvoorbeeld

Twee jongens van zes en acht jaar wonen bij hun ouders. De casus is al eens besproken in de leersessies en dit keer komt de vraag vanuit de basisschool. Ze weten niet of deze jongens op school kunnen blijven, want er zijn incidenten in fysiek contact met andere kinderen. Andere kinderen zijn bang voor hen en andere ouders klagen. De oudste jongen houdt het niet een hele dag vol op school. Ze laten hem regelmatig even wat anders doen om te ontprikkelen. Uit het genogram blijkt dat de moeder van de jongens geen contact meer heeft met haar gezin van herkomst en in het verleden zelf de diagnose ADHD heeft gekregen. De vader komt uit een warm steunend gezin. De relatie tussen de ouders is niet goed. Ze steunen elkaar niet, ook niet in de opvoeding van hun twee zonen. Het vraagt tijd om met de relatie tussen de ouders aan de slag te gaan. Het gedrag van hun kinderen kan daardoor wel beter begrepen worden. De vraag aan school is: nu jullie gehoord hebben dat er gewerkt gaat worden aan de relatie van ouders - wat tijd kost - kunnen we het dan met jullie hebben over wat jullie nodig hebben om het vol te houden met beide jongens? Zodat zij niet naar het speciaal basisonderwijs hoeven? De intern begeleider van de school is hiermee akkoord gegaan en wil ook met de leerkrachten overleggen wat zij nodig hebben.

We werken aan een samenhangende aanpak waarbij we proberen om naast inzet op relaties tussen de gezinsleden onderling ook informele gezinsondersteuning door steunouders mogelijk te maken.

Les 5: Verandering

Les 6: Klein

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

Les 7: Verantwoordelijk

Les 8: Oplossingen

Les 9: Samenwerken

17

mthuis

Resultaten In dit hoofdstuk beschrijven we de resultaten van de Proeftuin. Eerst op hoofdlijnen door inzicht te geven in de cijfers van het jeugdhulpgebruik van de Proeftuinwijken, ook in relatie tot de rest van Zwolle en Nederland. We schetsen de cijfers van het jaar voorafgaand aan de Proeftuin en vergelijken deze met de cijfers van dezelfde periode tijdens de Proeftuin.

Stadsdelen en Proeftuinwijken in Zwolle

Vervolgens geven we de resultaten weer op vier niveaus. • De resultaten van de casussen die behandeld zijn in de Proeftuin: wat is anders ingezet en welke beweging zien we daarin? • De financiële resultaten; door andere oplossingen in te zetten hebben we veel specialistische inzet voorkomen. • De resultaten in het samenspel met partners. • De resultaten in het samenspel met ouders en jeugdigen.

Relevante cijfers op hoofdlijnen

De Proeftuin startte in 2022 in de wijken West en Zuid en de ontwikkelde werkwijze is vanaf februari 2024 de reguliere werkwijze geworden in deze wijkteams. De cijfers van de nulmeting (T0) zijn van de periode september 2021 tot en met augustus 2022, de periode vóór de start van de Proeftuin. Deze cijfers vergelijken we met de cijfers tijdens de Proeftuinperiode (van september 2022 tot en met augustus 2023). Deze periode wordt aangeduid als T1. Op 1 januari 2024 woonden in West en Zuid, vergeleken met de andere drie wijken, de meeste mensen. Deze twee wijken hebben ook het grootste aantal huishoudens. Deze situatie is onveranderd vergeleken met de nulmeting.

Bron: Integraal sturingsdashboard jeugdhulp – gemeente Zwolle

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

18

mthuis

Inwoners per wijk In onderstaande tabel zien we dat in stadsdeel West en Zuid de meeste mensen wonen. Deze twee stadsdelen hebben ook de meeste huishoudens. Inwoners op 1 januari 2024

Huishoudens

Stadsdeel Midden

21.825

10.964

Stadsdeel Noord

24.056

11.275

Stadsdeel Oost

23.997

11.879

Stadsdeel Zuid

28.806

12.185

Stadsdeel West

34.486

12.850

Totaal Zwolle

133.170

59.153

Bron: Cijfers over Zwolle - gemeente Zwolle

Percentage kinderen en jongeren Stadsdeel West

Percentage kinderen en jongeren Stadsdeel Zuid

15%

15%

11,5%

10% 5%

5,3%

10,2%

7,9%

5%

0% 0-3 jaar

10%

8,6%

7,1%

7,5%

Als we inzoomen op de verdeling van kinderen en jongeren over de twee wijken West en Zuid, dan zien we dat in West de meeste kinderen onder de 17 jaar wonen. In Zuid is de verdeling bijna gelijk aan het Zwolse gemiddelde (grijze balken). Ook deze situatie is sinds de nulmeting vrijwel onveranderd gebleven. Jeugdhulpgebruik In het jaar voor de start van de Proeftuin (T0) kregen 3630 Zwolse jeugdigen een vorm van jeugdhulp. Bijna de helft van de kinderen en jongeren (49%) kwam uit de stadsdelen West en Zuid. Als we de data over jeugdhulpgebruik vergelijken met andere gemeenten in Nederland, dan zien we dat in 2021 in Zwolle 12,7% van de jongeren een vorm van jeugdhulp ontving. Dat is bij benadering 1 op de 8 jeugdigen tussen de 0 en 17 jaar. Landelijk gezien was dat iets meer dan één op de zeven jongeren, daarmee zat Zwolle toen in de middenmoot. In de periode van de Proeftuin (van september 2022 tot en met augustus 2023) kregen 3364 Zwolse jeugdigen een vorm van jeugdhulp, dat is 266 minder dan in diezelfde periode het jaar ervoor (T0). De stadsdelen West en Zuid hebben gezamenlijk nog steeds de helft van het aantal jeugdigen dat een vorm van jeugdhulp ontvangt. De twee wijken hebben gezamenlijk ook de meeste jeugdigen. Landelijk zien we in de eerste helft van 2023 een toename van het gebruik van jeugdhulp.

In totaal kreeg gemiddeld 8,8% van alle jongeren tot 23 jaar een of meerdere vormen van jeugdhulp. Zwolle zat in de eerste helft van 2023 met 8% net onder het landelijk gemiddelde (bron: CBS voorlopige cijfers jeugdhulgebruik 2023).

4,0%

0% 4-11 jaar

12-17 jaar

18-24 jaar

Zwolle

Bron: Cijfers over Zwolle - gemeente Zwolle

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

19

mthuis

Aandeel jongeren (tot 23 jaar) met jeugdhulp, 1e halfjaar 2023*

(vraagverheldering). De tijdsinvestering voor de brede vraagverheldering wordt op dit moment wel uitgevoerd door de SWT-professionals, maar is op dit moment niet inzichtelijk in sturingsdata. De brede vraagverheldering draagt wel bij aan het voorkomen van specialistische hulp. De beweging naar minder inzet van specialistische hulp zien we terug in zowel de nieuwe als in bestaande casussen. In totaal zijn 181 casussen besproken volgens de nieuwe werkwijze, waarvan 171 jeugdcasussen. Om een betrouwbaar beeld te kunnen geven van de beweging, hebben we de casussen verwijderd waarvan we te weinig gegevens hebben. Bijvoorbeeld vanwege verhuizing van het gezin naar een andere gemeente of omdat de casus nog te recent is besproken waardoor we nog niet kunnen zeggen welke ondersteuning daadwerkelijk is ingezet. De analyse van de beweging hebben we daarom gemaakt voor 157 jeugdcasussen.

*voorlopige cijfers. Bron: CBS

Resultaten in casuïstiek

In de Proeftuin-casussen zetten we in op het normaliseren van ondersteuningsvragen van ouders en jeugdigen. We verwachten verder dat SWT-professionals en hun partners meer werken vanuit het herstellen en versterken van het gewone leven. Daarom willen we in de monitoring meer eigen inzet van het Sociaal wijkteam zien en minder inzet van specialistische hulp en ondersteuning. In de grafiek hier rechts zien we duidelijk de beweging van meer eigen inzet door de SWT-professionals in jeugdcasuïstiek tijdens de Proeftuinperiode. Die toename is het grootst voor de stadsdelen West en Zuid. Zij kregen ook extra formatie voor de Proeftuin.

Van deze jeugdcasussen werden 66 casussen benoemd als nieuw. In de praktijk bleek dat bij 41 van deze 66 nieuwe casussen in het verleden al wel enige vorm van jeugdhulp is ingezet. In maar 25 casussen was dit dus niet het geval. Bij de overige 91 casussen was op het moment van bespreking al een vorm van jeugdhulp betrokken. Nieuwe trajecten eigen inzet per stadsdeel en Proeftuinperiode 500 400 300

267

200

219 236

239 142

100 0

Een belangrijk element in de nieuwe werkwijze van de SWT-professionals is het maken van een brede systemische analyse van de ondersteuningsvraag

Proeftuinperiode: T0 T1

429

162 103

114 129 49

West

Noord

Zuid

Oost

Midden

Bron: SWT sturingsinformatie eigen inzet (voor jeugdigen onder de 18 jaar)

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

76

Buiten Zwolle

20

mthuis

Nieuwe casuïstiek De grootste beweging zien we bij de casussen met een verwijzingsvraag voor diagnostiek en behandeling, waar nog geen specialistische jeugdhulp betrokken was toen de ondersteuningsvraag gesteld werd. De vraag naar specialistische jeugdhulp werd vaak gesteld door ouders, de huisarts en/of school. Door de vraag anders aan te vliegen was het meestal voldoende dat de SWT-professional zelf ondersteuning bood. Soms in combinatie met kortdurende expertise van een GZpsycholoog of systeemtherapeut. In een klein aantal casussen is specialistische jeugdhulp, zoals Jeugd-GGZ of opvoedondersteuning erbij gehaald, maar nog via de route van de reguliere verwijzingen. In die gevallen is wel eerst een brede systemische en contextuele analyse uitgevoerd als basis voor de inzet van de specialistische jeugdhulp.

Beweging inzet jeugdhulp na Proeftuinperiode bij start Proeftuin

gevraagde inzet

inzet na Proeftuin

Bestaande casuïstiek Ook bij casussen waar al vormen van hulpverlening betrokken was, is het vaak gelukt om af te schalen naar lichtere vormen van ondersteuning. Het ging dan bijvoorbeeld over intensieve ambulante gezinsbehandeling, spoedhulp, residentiële jeugdhulp of een ondertoezichtstelling. Door eerst te begrijpen wat de betekenis is van het gedrag van het gezin en de jeugdige, begrijpen we beter waarom de ingezette hulp niet voldoende werkt. Vaak komen we uit op andere oplossingen dan de vraag om zwaardere inzet. Het lukt geregeld om af te schalen en meer gezinsgerichte ondersteuning te bieden. In casuïstiek waar sprake is van een ondertoezichtstelling is het ingewikkelder om de draai te maken. Dit kost meer tijd. Toch is het in een casus wel gelukt om samen met JbOV (Jeugdbescherming Overijssel) toe te werken naar het stoppen van de ondertoezichtstelling en het bieden van meer gezinsgerichte ondersteuning. In een andere casus hebben we samen met JbOV de residentiële jeugdhulp kunnen stoppen. Dat is gelukt door een woonplek te financieren voor de jongere, aangevuld met hulpverlening door de SWT-professional.

zwaarste vormen van jeugdhulp

zoals uithuisplaatsing of gesloten jeugdzorg

Na een flinke hulpverleningsgeschiedenis, woont Jim (17) in een jeugdhulpinstelling voor behandeling en begeleiding. Deze plek geeft hem te veel prikkels, maar op zichzelf wonen lijkt nog een stap te ver. Op alle mogelijke manieren laat hij in zijn gedrag zien dat hij geen hulp wil. Een oplossing in het jeugdhulpsysteem zoals we dat kennen, is gedwongen hulp in de gesloten jeugdzorg. Daarmee zou de afstand tot zijn gezin nog verder vergroot worden. De oplossing vanuit de Proeftuin is een passende woonplek voor moeder en zoon, waarbij stevige systemische hulp wordt ingezet op het herstel van de relatie tussen moeder en zoon in plaats van behandeling en regulatie van het gedrag van Jim.

zware vormen van jeugdhulp

zoals IOG, residentiële jeugdhulp of spoedhulp

gemiddelde vormen van jeugdhulp

zoals diagnostiek en behandeling, opvoedondersteuning of (netwerk)pleegzorg

lichte ondersteuning

zoals eigen inzet door SWT + eventueel aantal consulten systeemtherapeut of jeugd-ggz

geen ondersteuning/sociale basis*

beweging lichter

beweging gelijk of zwaarder

* bij veel van deze "nieuwe" ondersteuningsvragen gaat het om casussen waarin in het verleden al jeugdhulp is ingezet

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

21

mthuis

Niet altijd succesvol In 21 van de 157 casussen is het niet gelukt om de draai te maken naar lichtere inzet van jeugdhulp. In een aantal casussen was sprake van complexe problematiek, waarbij het ingewikkeld bleek om voldoende in te voegen bij het gezin. Vaak waren veel hulpverleners betrokken en was er sprake van onmacht of angst waardoor het bewegen naar een ander perspectief niet voldoende lukt. In die casussen is het gezamenlijk leren niet van de grond gekomen en is zwaardere (jeugd)hulp ingezet dan werd beoogd. Ook zien we dat ouders nog vaak bij het Sociaal wijkteam komen met de verwachting dat zij een doorverwijzing krijgen voor hun kind. En dat ouders hun verwachting niet altijd los kunnen laten. Ouders blijven bij het SWT aandringen op een verwijzing en krijgen deze als de SWT-professional geen ruimte ervaart om een ander perspectief in te voegen. Daarnaast wordt de verwijzing voor diagnostiek en behandeling regelmatig via de huisarts alsnog afgegeven.

Financiële resultaten

In de tussenevaluatie hebben we eerste besparingen laten zien op de uitgaven van specialistische jeugdhulp. In de eindevaluatie wilden we laten zien welke besparing we hebben gerealiseerd vanuit de cijfers van het dashboard Jeugdhulp. Dat is complexer gebleken dan gedacht. De implementatie van het nieuwe regionale inkoopmodel voor jeugdhulp in 2023, indexering van de tarieven2 en de wijziging in het woonplaatsbeginsel maken het lastig om op alle onderdelen een betrouwbare financiële vergelijkingen te maken tussen de begin- en eindsituatie. Daarom kijken we naar de indicatoren die we wel kunnen vergelijken om te laten zien of de gewenste veranderbeweging in de Proeftuinwijken in gang is gezet. Verderop maken we daarnaast gebruik van de data die voortkomt uit onze casusmonitoring.

2. De tarieven voor jeugdhulp zijn gedurende de Proeftuinperiode sterk gestegen als gevolg van inflatie, cao-stijgingen en de beleidsdoelstelling kleinschalige gezinsgerichte residentiële jeugdhulp.

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

22

mthuis

We zoomen eerst in op de eerste verwijzingen en de kosten van de ambulante hulpverlening. Bij beiden willen we een daling zien.

Verhouding tussen eerste verwijzing en herindicaties 100%

972 929

1.000

Gebruik ambulante jeugdhulp Een andere indicator is de afname van het gebruik en de kosten voor ambulante hulp. In de eerste grafiek zien we dat in West en Zuid het aantal jeugdigen met een vorm van ambulante jeugdhulp afneemt. In de tweede grafiek zien we in de kosten van ambulante jeugdhulp een dalende trend in West. Zuid is hierin wat later op stoom gekomen. We verwachten dat de daling ook hier zal inzetten. Stadsbreed zien we 7% minder jeugdigen die gebruik maken van jeugdhulp.

3. Eerste verwijzingen zijn verwijzingen naar specialistische jeugdhulp van jeugdigen die in deze

500 0

707 672

631 642

750

80% Eerste verwijzingen jeugdhulp In de volgende figuren zien we een 685 563 784 60% 600 vergelijking tussen de nulmeting (T0) en de periode van de Proeftuin 40% (T1) in West en Zuid. We zien stadsbreed een trend van minder 20% 309 211 3 239 eerste verwijzingen . De daling is 146 0% wel het sterkst in de Proeftuinwijken T0 T1 T0 T1 West (23%) en Zuid (31%). Het West Zuid totale aantal herindicaties ligt Eerste verwijzing naar jeugdhulp hoger dan voor de start van de Herindicaties Proeftuin. Dat kan te maken hebben met het nieuwe inkoopmodel. Een andere verklaring is dat er meer maatwerk samenwerking tussen partners is, wat leidt tot meerdere (korte) indicaties per cliënt.

regio nog niet eerder een vorm van specialistische jeugdhulp hebben gehad.

Aantal cliënten ambulante zorg per wijk en Proeftuinperiode

296

227

T0 T1

415 417

339 320

T0 T1

Buiten Zwolle Midden

T0 T1

Noord

T0 T1

Oost

T0 T1

West

T0 T1

Zuid

Bron: Integraal sturingsdashboard jeugdhulp - gemeente Zwolle

Uitgaven ambulante zorg per wijk en Proeftuinperiode 6.3 6.1

€ 6M

4.7 5.0

€ 4M € 2M € 0M

2.1

T0 T1

T0 T1

Buiten Zwolle Midden

5.2

3.4 3.5

2.6

2.0 2.0

4.8

T0 T1

Noord

T0 T1

Oost

T0 T1

West

T0 T1

Zuid

Bron: Integraal sturingsdashboard jeugdhulp - gemeente Zwolle

Voorkomen uitgaven en besparingen Proeftuincasusssen In de Proeftuin hebben we de beweging van jeugdhulpinzet gemonitord door bij de start te vragen wat er aan specialistische hulp ingezet zou zijn als we niet volgens de ‘Proeftuinmanier’ zouden kijken. Hoe langer we aan het leren waren, hoe lastiger het was voor SWT-professionals om in te schatten welke inzet zij ‘vroeger’ hadden gekozen. Toch geeft deze monitoring op casusniveau ons waardevolle informatie over de beweging die wordt gemaakt.

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

23

mthuis

In de analyse van de beweging hebben we de casussen meegenomen waarvan we voldoende gegevens hebben om betrouwbare uitspraken te doen. Dat betekent dat we naar 157 jeugd- en gezinscasussen hebben gekeken. We hebben bij elke casus de volgende vragen beantwoord: • Wat zou ingezet zijn als het geen Proeftuincasus was? • Wat zijn de kosten voor de werkelijke inzet geweest? Die hebben we afgetrokken van de kosten die gemaakt zouden zijn als het geen Proeftuincasus was geweest. Daarin is de eigen inzet van het wijkteam meegenomen (gedifferentieerd in kort-midden-lang), maar ook de inzet van partners vanuit de flexibele schil op basis van hun uurloon. • Tot slot hebben we de data gecheckt met de financiële data over jeugdhulpgebruik. Is er bijvoorbeeld toch nog een verwijzing gekomen? Dan hebben we daarvoor in onze data een correctie doorgevoerd.

We zien in de resultaten een daling van het aantal verwijzingen naar specialistische jeugdhulp, meer eigen inzet door het wijkteam en minder ambulante jeugdhulp in aantallen en kosten. Dit levert gemiddeld een besparing op van €7.000 per casus. Dit is na aftrek van de gemaakte kosten door het SWT en de partners in de Proeftuin, die in de casuïstiek inzet geleverd hebben. In totaal hebben we met 151 casussen bij benadering voor 1.075.000 euro aan specialistische jeugdhulp niet ingezet of bespaard.

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

24

mthuis

Resultaten in samenspel met partners

Het samenspel met onze partners in en buiten de wijken is de belangrijkste uitdaging in de Proeftuin. In de tussenevaluatie beschreven we de verschillende manieren van samenspel die we met partners hebben uitgeprobeerd. En we beschreven wat we van partners verwachten als ze meedoen. In de Proeftuin stellen we bijvoorbeeld dat de expertise van partners nuttig is als een van de perspectieven, maar dat er juist een brede blik nodig is om te komen tot duurzame oplossingen. We vragen van partners om hun expertise dienstbaar te maken aan wat nodig is en samen met het Sociaal wijkteam te leren van casuïstiek. Om niet over te nemen, maar mee te denken en samen aan andere oplossingen te werken. In de laatste leercycli van de Proeftuin hebben we dit met nóg meer partners geoefend.

Steeds meer partners leren mee Het samen leren met partners gaat niet vanzelf en moet op wijkniveau doorontwikkeld worden. Daar betrekken we partners niet alleen bij casuïstiek, maar ook bij het leren en (door)-ontwikkelen van het samenspel. Dat doen we op twee momenten: aan het einde en aan het begin van een leercyclus. Met als doel om het samen leren te faciliteren. Het Sociaal wijkteam en haar partners leren zo dezelfde taal te spreken en de veranderbeweging samen vorm te geven.

“Deze manier van werken heeft werkplezier opgeleverd.” Systeemtherapeut van Perspectiev

Tot en met leercyclus 3 waren 80 partners betrokken bij de Proeftuin. Tot en met leercyclus 5, de laatste leercyclus in de Proeftuinperiode, zijn 115 partners aangesloten bij de leersessies in de wijk. De één was intensiever betrokken dan de ander. Soms was een samenwerkingspartner al aanwezig bij het inbrengen van een casus in een leersessie, soms later bij het zoeken naar oplossingen. In bijlage 3 is een overzicht opgenomen van de partners die in de verschillende leercycli hebben meegeleerd. De grafieken op de volgende pagina laten zien dat de leersessies steeds vaker mét partners hebben plaatsgevonden. In het samen leren van casuïstiek brachten deze partners zelf een casus in of werden uitgenodigd om mee te leren omdat ze al bij de casus betrokken waren. Daarnaast leren steeds meer vaste partners wekelijks met ons mee en op de driemaandelijkse partnerbijeenkomsten. Zoals de welzijnspartners, zij brengen mooie andersoortige oplossingen en helpen bij het normaliseren van ondersteuningsvragen.

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

25

mthuis

Aandeel leersessies per stadsdeel

Met partner Zonder partner

18 16 14 12

SWT-professional

10 8 6 4 2 0

“Een mooie les uit de training was dat je mag flirten met je hypotheses, maar er niet mee mag trouwen. Zekerheid is de grootste vijand van verandering. Dat hangt ook samen met ons werk, dat we continu uitnodigen om aandacht te hebben voor de andere contexten van het gezin en de invloed daarvan.”

Zuid West

LC1

Zuid West

LC2

Zuid West

LC3

Zuid West

LC4

Zuid West

LC5

Een andere versneller is de flexibele inzet van jeugdhulpaanbieders (flexibele schil). Hiermee hebben we in de laatste fase van de Proeftuin geëxperimenteerd. Door partners met specifieke expertise erbij te halen als extra perspectief, versterken we het leren van het Sociaal wijkteam en de partners. Daardoor verwijzen we jeugdigen niet zomaar daar naar bestaand aanbod. Partners in de flexibele schil staan achter de visie en werkwijze van de Proeftuin en springen zonder beschikking kortdurend bij als dat nodig is. Dat vermindert de administratieve lasten en de inzet van zwaardere jeugdhulp.

Bron: Casusmonitoring Proeftuin Samenspel in de Wijk

Versnellers In de eerste fase van de Proeftuin bleek de systemische vierdaagse maatwerkopleiding van de Swolsche School een versneller om anders te kijken en werken. We zien nu het positieve effect daarvan. Partners die hebben meegeleerd in de Proeftuin – en deze manier van werken hebben ervaren - laten zich nu ook trainen. Het Ondersteuningsteam (OT) in het voorgezet onderwijs wil zich bijvoorbeeld laten scholen in het breder kijken. Yarin, Trias en Jeugdbescherming Overijssel (JbOV) laten zich scholen in zowel de brede blik als het systemisch en contextueel kijken, denken en doen. Ook op het niveau van het gemeentelijk beleid speelt de vraag om beter te begrijpen wat de ‘Proeftuinmanier van kijken’ is, en ontstaat steeds meer enthousiasme om systeem- en contextgericht te leren.

Uitdagingen met het experimenteren met de flexibele schil hebben vooral te maken met systeemvraagstukken binnen het regionale inkoopmodel. Daar is alleen de mogelijkheid voor ‘consultatie zonder toewijzing’. Een manier die veel administratie vraagt en kostbaar is. Helpers Helpers in de wijken ondersteunen ons bij het verspreiden van het gedachtegoed en de taal van de Proeftuin. Op 16 oktober 2023 organiseerden we een partnerbijeenkomst met collega’s van verschillende organisaties in Zwolle die het systeemgericht werken een warm hart toedragen. Het doel was om elkaar beter te leren kennen, nieuwe contacten te leggen en te verkennen hoe wij elkaar kunnen versterken. Hoe we verbonden kunnen blijven in de wijken. Het netwerk gaat aan de slag om de veranderbeweging verder te brengen. Als helpers voor professionals in samenspel in de wijk en als verbinders in de samenwerking tussen de verschillende organisaties.

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

26

mthuis

Uitdagingen Natuurlijk zijn er ook uitdagingen met partners. De nieuwe werkwijze schuurt soms in de uitvoering. Bijvoorbeeld als er visieverschillen zijn tussen het Sociaal wijkteam en de partners of als de druk hoog is vanuit het professionele- of hulpverlenerssysteem om het oude patroon te herhalen. Hoe lukt het ons om dan toch uit te zoomen, te vertragen en verdragen en de werkwijze samen vol te houden? Met name in relatie tot onderwijs en partners in de jeugd(hulp) veiligheidsketen is heldere communicatie nodig (in alle lagen) over het beleid in de praktijk. Over de waarde van de veranderbeweging die we in de Proeftuin in gang hebben gezet en wat die in de uitvoering betekent.

“Het schuurde in de samenwerking. We hebben allemaal onze eigen visies en belangen, die spelen hier ook gewoon mee. De Proeftuin is een mooie basis geweest om samen verder te komen.” Jeugdhulpverlener van Trias

In de samenwerking met scholen schuurt het nog regelmatig in de Proeftuinwijken. Leervragen in de laatste fase van de Proeftuin gingen bijvoorbeeld over ‘Hoe kan het onderwijs verantwoordelijk blijven voor passend onderwijs, ook als het moeilijk is? Hoe kunnen we positieve ervaringen met de Proeftuinwerkwijze delen, zodat ook het onderwijs weer vertrouwen krijgt dat het mogelijk is?’

zijn onlangs geëvalueerd. We ervaren dat het beter gaat dan bij de start van de Proeftuin, maar hier en daar ervaart het Sociaal wijkteam nog wel tegenkracht. Vooral in situaties waarin de jeugdbeschermer werd ontlast, was JbOV positief. De opbrengst is dat de aanwezige expertise in de leersessies als waardevol wordt ervaren, dat JbOV en de wijkteams elkaar op uitvoeringsniveau beter weten te vinden én benutten. De wens is dat de werkwijzen in het proces van vrijwillige naar gedwongen hulpverlening beter op elkaar worden afgestemd, de aanwezige informatie over het gezin beter wordt benut en dat het samen leren ook na de leersessies wordt vervolgd. Een deel van deze lessen nemen we mee in de leersessies met het Instituut voor Publieke Waarden. Hier leren we aan de hand van tien casussen hoe we het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming willen vormgeven, in aansluiting op de werkwijze van Samenspel in de Wijk. Daarnaast hebben we ook casussen besproken waarbij het Zorg- en Veiligheidshuis en/of procesregisseurs zorg en veiligheid (jeugd) betrokken waren. Ook die partners hebben meegeleerd. Daar hebben we wel de uitdaging om de persoonsgerichte aanpak vanuit veiligheid en de contextgerichte aanpak vanuit de Proeftuin goed aan elkaar te verbinden omdat die vanuit verschillende perspectieven werken.

In casuïstiek waarbij Jeugdbescherming Overijssel (JbOV) uitvoering geeft aan een maatregel ondertoezichtstelling of jeugdreclassering, zien we dat de beweging naar lichtere ondersteuning niet meevalt. De hoge druk van de rechterlijke opdracht en de tijdsdruk voor een oplossing wordt daar stevig gevoeld. JbOV hebben we gevraagd om juist rond die casuïstiek samen te leren. In 2023 heeft JbOV negen casussen ingebracht in de Proeftuinleersessies. Deze

Sociaal Domein 2024 | Samen leren

27

mthuis

“Mijn eerste gedachte bij de vraagverheldering was: jullie doen mijn werk. Maar tegelijk realiseer ik me dat ik hierdoor meer tijd heb voor wat echt mijn expertise is.” Manager AT-Zorg

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=7a2f3477-2598-43de-bf0b-7b36246fe2f1