Bijlage 1: Integraal Huisvestingsplan 2026-2041
Tekst van het document
Integraal Huisvestingsplan Onderwijs Zwolle “Samen bouwen aan sterke scholen en sterke wijken!”
2026-2041
Voorwoord Zwolle is een echte onderwijsstad. En dat willen we blijven. Goed onderwijs is enorm belangrijk. Op scholen leren onze kinderen niet alleen rekenen, schrijven, Engels of aardrijkskunde. Ze ontdekken wie ze zelf zijn, ze ontmoeten anderen en vinden hun plek in de samenleving. Hier wordt de basis gelegd voor kansengelijkheid, voor de toekomst en voor een sterk Zwolle. Goed onderwijs vraagt om ruimte die daarbij past. Een groot deel van onze schoolgebouwen is verouderd en past niet meer bij het onderwijs van nu. Daarom investeren we de komende jaren fors in onze onderwijshuisvesting. We vernieuwen en verduurzamen tientallen scholen en gymzalen. Niet als doel op zich, maar als voorwaarde voor goed onderwijs. Een schoolgebouw dat gezond, veilig en inspirerend is, helpt kinderen groeien. En het biedt leraren een fijne werkplek. We doen dat samen met de Zwolse schoolbesturen en kinderopvangorganisaties. In nauwe afstemming hebben we het Integraal Huisvestingsplan opgesteld. Dit is een plan dat verder kijkt dan gebouwen. Het laat de rol zien die scholen en kinderopvang spelen in het hart van onze wijken. Het zijn plekken waar kinderen leren en opgroeien en waar ouders elkaar ontmoeten, waar sport en beweging vanzelfsprekend zijn, waar zorg dichtbij komt en waar een wijk tot leven komt. Sterke scholen dragen bij aan sterke wijken, en andersom.
De opgave waar we voor staan is groot. Het vraagt aanzienlijke investeringen en slimme keuzes. We moeten onze middelen efficiënt inzetten, verbindingen leggen met andere ontwikkelingen in de stad en toekomstbestendige, multifunctionele gebouwen realiseren. Dat lukt alleen met samenwerking, creativiteit en vertrouwen. Ik ben dankbaar voor de manier waarop we dit als stad samen oppakken. Want onderwijs raakt ons allemaal. Het vormt onze kinderen en daarmee de toekomst van Zwolle. Met dit Integraal Huisvestingsplan bouwen we voort op het fundament van de afgelopen jaren en versterken we Zwolle als onderwijsstad die blijft investeren in de groei van ieder kind.
Colofon Integraal Huisvestingsplan (IHP) Gemeente Zwolle
Michiel van Willigen Wethouder Onderwijs, Jeugd, Sociale basis, Sport en gezondheid
Procesbegeleiding en opsteller IHP: Robbert Jan Sluiter en Janthe Nieuwenhuis van MaatWijs uit Zwolle
Ambtelijke begeleiding: Guido Hooiveld - Portefeuillemanager onderwijshuisvesting gemeente Zwolle Datum uitgave: 20 oktober 2025
2
3
Inhoud Samenvatting 7 Leeswijzer 9
1.
Waarom dit IHP nu echt nodig is! 10
1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6
Aanleiding 10 Zwolse context 11 De omvang van de vernieuwingsopgave in beeld 13 Veranderingen in wet- en regelgeving 19 Vraagstelling 20 Een IHP dat richting geeft 21
2.
Terugblik projecten 2024 22
2.1. 2.2 2.3
Inleiding 22 Vernieuwingsopgave IHP 2020 22 Opgeleverde projecten 2020-2025 22
3.
Onderwijs dat raakt en verbindt! 26
3.1 3.2 3.3
Inleiding 26 Waar kinderen groeien, groeit de samenleving mee 26 Gebouwen die meedoen, meebewegen en meehelpen 28
5.
Opgave, prioritering en financiën 39
5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7
Inleiding 39 Korte termijn met dekking in de begroting 2026-2029 39 Middellange termijn zonder dekking in de begroting 2030-2041 39 Prioriteringscriteria: Strategisch en samenhangend 40 Prioriteringsoverzicht IHP 2025 42 Uitvoeringsagenda 2026-2029 44 Financiële doorrekening stichtingskosten 48
6.
Samen sturen op koers en prioritering 54
6.1 6.2 6.3 6.4
Inleiding 54 Financiële koers en stabiliteit voor de vernieuwingsopgave 54 Prioriteringsgesprek tussen gemeente en schoolbesturen 54 Rolopvatting bouwheerschap 56
7.
Conclusie en advies 57
7.1 7.2
Conclusie 57 Advies 57
Bijlage 1: Zorgplicht en verordening 60 Bijlage 2: Kernzaken uit de verordening 62
4.
Scholen verstandig vernieuwd 33
4.1 4.2 4.3 4.4
Inleiding 33 Wettelijke en landelijke uitgangspunten 33 Zwolse ambitie: Werken aan de stad van morgen begint bij de scholen van vandaag 33 Verduurzaming als overbrugging naar vernieuwing 35
4
Bijlage 3: Onderbouwing Prioritering 65 Bijlage 4: Prioritering IHP 2020 69 Bijlage 5: Vernieuwingsopgave en Prioritering IHP 2025 74 Bijlage 6: Financiën uitgangspunten 82 Bijlage 7: Van idee naar gebouw 85
5
Samenvatting De gemeente Zwolle en de Zwolse schoolbesturen staan voor een uitzonderlijk grote vernieuwingsopgave in de onderwijshuisvesting. Meer dan 60% van de gebouwen is in 2041 technisch en functioneel verouderd. Tegelijkertijd groeit de stad, nemen de bouwkosten structureel toe en legt Zwolle de lat hoger dan landelijke minimumnormen met ambities rond kansengelijkheid, duurzaamheid en sterke wijken. Waarom een nieuw IHP?
Opgave en financiën
Terugblik 2020–2024
Uitvoering en sturing
Sinds de vaststelling van het vorige IHP in 2020 is de context ingrijpend veranderd. Bouwkosten zijn met 35-50% gestegen, de woningbouwopgave is urgenter geworden en wetgeving verandert. Vanaf 2026 worden gemeenten bovendien wettelijk verplicht een IHP op te stellen. Zwolle actualiseert daarom de visie en brengt de opgave voor 2026-2041 in beeld.
De totale opgave beslaat 56 schoolgebouwen en 44 gymzaaldelen. De investeringsbehoefte bedraagt circa € 571 miljoen euro (prijspeil 2025 inclusief btw, exclusief indexatie en aanvullende Zwolse ambities). Voor de periode 2030-2041 is nog geen structurele dekking aanwezig. Dit vraagt om stevige bestuurlijke keuzes.
In de afgelopen periode zijn diverse projecten gerealiseerd, waaronder: Het Saffier, de Lassus Campus, Het Mozaïek en Het Atelier. Deze voorbeelden laten zien hoe duurzaamheid, functionaliteit en verbinding met de wijk centraal staan.
De uitvoering van IHP wordt verankerd in de jaarlijkse PPN-cyclus van de gemeente. Gemeente en schoolbesturen voeren elk najaar een prioriteringsgesprek om ambities, middelen en planning in balans te houden. Bouwheerschap wordt per project bepaald, afhankelijk van complexiteit en capaciteit.
Visie: Onderwijs dat raakt en verbindt
Conclusie en advies
Schoolgebouwen zijn méér dan stenen. Ze vormen ankerpunten in de wijk en dragen bij aan kansengelijkheid, bestaanszekerheid, gezondheid en ontmoeting. Zwolle kiest voor scholen die meebewegen met kinderen, gezinnen en maatschappelijke opgaven. Basisscholen zijn stevig verankerd in de wijk, het gespecialiseerd onderwijs ontwikkelt zich richting inclusievere scholen. En het voortgezet onderwijs behoudt zijn regionale rol.
Het IHP maakt duidelijk dat Zwolle alleen met structurele financiering, gezamenlijke prioritering en een robuuste uitvoeringsorganisatie de opgave kan waarmaken. De belangrijkste adviezen zijn: 1. C reëer structurele financiële zekerheid: reserveer middelen voor de wettelijke taak en de Zwolse ambitie in het kader van Ons Zwolle van Overmorgen en compenseer prijsstijgingen. 2. M aak keuzes over Ons Zwolle van Overmorgen: vertaal de ambitie per project naar concrete maatregelen en euro’s en bepaal wat haalbaar is. 3. I nvesteer in verduurzaming als tussenstap: verbeter het binnenklimaat van scholen die de eerste 10 jaar niet worden vernieuwd. 4. B ouw samen een robuuste uitvoeringsorganisatie: helder bouwheerschap en continue samenwerking moeten vertraging voorkomen.
Uitgangspunten voor vernieuwing
De stad sluit aan bij landelijke kaders (zoals Bbl, PvE Frisse Scholen, Ruimte-OK) en voegt daar eigen ambities aan toe: klimaatneutraliteit in 2050, circulair en natuur inclusief bouwen en hogere kwaliteitseisen voor bewegingsonderwijs. Verduurzaming van bestaande scholen geldt als noodzakelijke overbrugging waar nieuwbouw of renovatie op korte termijn niet haalbaar is.
Inhoud
6
Samenvatting
7
Leeswijzer Het IHP 2026-2041 beschrijft hoe gemeente Zwolle en de Zwolse schoolbesturen samen investeren in toekomstbestendige schoolgebouwen. Het plan brengt de opgave in beeld, schetst de ambities en maakt duidelijk welke keuzes nodig zijn voor een haalbare en samenhangende vernieuwing. Het IHP bestaat uit zeven hoofdstukken: 1. Aanleiding en urgentie Waarom dit plan nú nodig is. Dit hoofdstuk beschrijft de verouderde gebouwenvoorraad, maatschappelijke en wettelijke ontwikkelingen. En de stijgende bouwkosten die een actualisatie van het IHP uit 2020 noodzakelijk maken.
5. De opgave, prioritering en financiële vertaling Hier staat de omvang van de vernieuwing centraal: hoeveel gebouwen zijn verouderd, welke prioritering is leidend en wat is de investeringsopgave voor de periode 2026-2041? 6. Uitvoering en sturing Hoe houden gemeente en schoolbesturen grip op de uitvoering? In dit hoofdstuk lees je hoe de regie, planning en bestuurlijke bijsturing worden ingericht.
2. Terugblik op het IHP 2020–2024 Wat is er de afgelopen vier jaar gerealiseerd? Welke projecten zijn opgeleverd. 3. Visie op onderwijshuisvesting Hoe dragen schoolgebouwen bij aan bredere doelen uit de Strategische Onderwijsagenda Koers Sociaal Domein en specifiek de thema’s: kansengelijkheid, gezondheid, doorgaande leerlijn, duurzaamheid en verbinding in de wijk?
7. Conclusie en advies Het IHP sluit af met een conclusie en advies. De bijlagen bevatten verdiepende informatie over o.a. de wettelijke zorgplicht, de financiële onderbouwing en de gehanteerde prioriteringssystematiek.
4. Uitgangspunten en kaders voor vernieuwing Dit hoofdstuk bevat de landelijke richtlijnen én Zwolse ambities op het gebied van onderwijskwaliteit, klimaat, circulariteit en toekomstgericht bouwen.
Inhoud
8
Leeswijzer
9
1. Waarom dit IHP nú nodig is Zwolle staat voor een grote vernieuwing van haar schoolgebouwen. Veel gebouwen zijn verouderd, de stad groeit en de wettelijke eisen veranderen. Dit IHP biedt een overzicht van de opgave voor de komende zestien jaar. Het legt de basis voor gezonde, toekomstbestendige en passende onderwijshuisvesting.
Zwolle ook voor het bewegingsonderwijs, waarvoor 77 binnensportaccommodaties worden ingezet. Hoewel deze voorzieningen geen expliciet onderdeel waren van het IHP uit 2020, hebben ze wel expliciet een positie in de vernieuwingsopgave.
1.1. Aanleiding
Op basis van de toen geldende normbedragen schatte Zwolle in 2020 de investeringsopgave op circa 260 miljoen euro voor de periode 2020-2035. Die bedragen zijn inmiddels achterhaald. De realiteit van vandaag vraagt om een herijking. Daarom actualiseert dit IHP de visie, brengt het de opgave voor de periode 2026-2041 in beeld. En legt het een basis voor realistische en onderbouwde keuzes. Alleen zo kunnen gemeente en schoolbesturen samen koers houden in een veranderende stad.
stegen de loonkosten, werden duurzaamheidseisen aangescherpt onder meer door de vaststelling van een nieuw bouwbesluit en nam de druk op de bouwcapaciteit toe door de brede maatschappelijke investeringsopgave. Deze combinatie van factoren zorgt voor structurele prijsdruk in de bouw. Ook de woningbouwopgave in Zwolle is urgenter en concreter geworden. De stad groeit door binnenstedelijke herontwikkeling en nieuwe uitbreidingswijken. Dat heeft directe gevolgen voor het bestaande scholenbestand. Soms staan scholen letterlijk in de weg voor woningbouw. Ook vergroot de woningbouwopgave de kans op de behoefte aan nieuwe basisscholen in de toekomst. De gemeente Zwolle ontvangt hiervoor vanuit het gemeentefonds middelen van de Rijksoverheid, alleen zijn deze niet toereikend. Hiermee neemt de financiële druk op de gemeentelijke begroting verder toe. Evenals de druk op de uitvoeringscapaciteit. Er is niet aan te ontkomen vanwege de wettelijk zorgplicht van de gemeente Zwolle. Deze zorgplicht heeft de gemeente
1.1.1 Tijd voor de volgende stap! In 2020 heeft de gemeenteraad van Zwolle het vorige Integraal Huisvestingsplan (IHP) vastgesteld. Dat plan vormde een belangrijke stap richting toekomstbestendige onderwijshuisvesting, met een uitvoeringsagenda voor de periode 2020-2023 en een doorkijk tot 2035. Sindsdien is de situatie ingrijpend veranderd. De coronapandemie bracht het belang van gezonde, goed geventileerde en flexibele schoolgebouwen scherp in beeld. Tegelijkertijd stegen de bouwkosten fors. Sinds 2020 namen de gemiddelde kosten per vierkante meter met 35% tot 50% toe. Deze stijging raakt zowel nieuwbouw als levensduurverlengende renovatie van schoolgebouwen. De oorzaken zijn meervoudig. In 2021 en 2022 leidde de coronapandemie tot materiaaltekorten, logistieke verstoringen en prijsstijgingen. In de jaren daarna
tot 2041. Daarnaast heeft de raad voor jaarschijf 2029 van de PPN-periode 2026-2029 middelen gereserveerd voor de vernieuwing van het Meander College. Voor de jaren na 2029, waar dit IHP ook betrekking op heeft is nog geen harde financiële ruimte in de begroting beschikbaar. Wel heeft de raad de intentie uitgesproken om in de jaren 20302039 jaarlijks circa € 21 miljoen te reserveren, in totaal € 210 miljoen. Dit is geen hard kader maar een richtinggevende uitspraak. Dit IHP voedt het college en de raad om, in het licht van deze intentie, tijdens de coalitieonderhandelingen 2026 en de PPNtrajecten in de jaren 2027, 2028 en 2029 te bepalen hoeveel structurele middelen de gemeente voor de vernieuwingsopgave wil vrijmaken. Ook heeft de gemeenteraad via de Perspectiefnota 2026-2029 besloten om de afschrijvingstermijn van onderwijshuisvesting weer op 50 jaar te stellen. In de jaren daarvoor werd gerekend met een kortere termijn van 40 jaar. Deze wijziging is zonder afstemming met de schoolbesturen doorgevoerd. Deze verlenging van de afschrijvingstermijn heeft twee belangrijke effecten. De structurele lasten in de begroting vallen lager uit doordat de lasten over een langere periode worden uitgesmeerd. Anderzijds benadrukt het besluit dat schoolgebouwen die deze grens bereiken, of al zijn gepasseerd, daadwerkelijk aan het einde van hun levensduur zijn.
Veel van deze gebouwen kampen met technische en energetische gebreken, sluiten niet meer aan bij eigentijdse onderwijsconcepten en zijn niet geschikt voor brede functies in de wijk. Ze zijn voor schoolbesturen nauwelijks nog verantwoord in stand te houden, zowel technisch als financieel. Door opnieuw uit te gaan van 50 jaar als afschrijvingstermijn, onderstreept de gemeente het belang van tijdige vernieuwing: schoolgebouwen die deze leeftijd bereiken, verdienen een structurele oplossing in plaats van tijdelijk oplapwerk.
1.1.2 Wat gisteren genoeg was, schiet vandaag tekort In 2020 stelde Zwolle de investeringsopgave voor onderwijshuisvesting vast op basis van de toen geldende normbedragen: € 2.650 per m² voor het basisonderwijs en € 2.404 per m² voor het voortgezet onderwijs, inclusief btw. De actuele gemiddelde bouwkosten bedragen € 4.016 per m² voor kleine scholen in het basisonderwijs en € 3.253 per m² voor scholen in het voortgezet onderwijs (inclusief btw)1. Deze bedragen zijn berekend door Ruimte-OK en BDB (Bouwkosten DataBasis), twee landelijk gerenommeerde instellingen gespecialiseerd in onderwijshuisvesting en bouwkostendata. Ze baseren hun cijfers op recente aanbestedingsresultaten en marktanalyses binnen het maatschappelijk vastgoed. De gemeente Zwolle gebruikt deze bedragen als uitgangspunt bij het opstellen van investeringsramingen. Tegelijkertijd stelt de gemeente hogere ambities dan de landelijke minimumnormen. Zwolle werkt aan een klimaatneutrale stad in 2050 en wil dat ook schoolgebouwen hieraan bijdragen. Dat vraagt om investeringen in energieneutraliteit, circulair bouwen, biodiversiteit, klimaatadaptatie, natuurinclusieve inrichting en toekomstbestendige installaties. Deze ambities gaan verder dan de wettelijke eisen en brengen extra kosten met zich mee.
1.2 Zwolse context 1.2.1 Onderwijsstad in beweging Zwolle is een jonge, groeiende stad met een sterke regionale functie. In Zwolle wordt onderwijs geboden op alle niveaus: van voorschools tot en met het hoger beroepsonderwijs. Het onderwijsaanbod in Zwolle is veelzijdig. Van basisonderwijs tot
1.1.3 PPN 2026-2029 In de Perspectiefnota 2026-2029 zette de gemeenteraad van Zwolle de koers uit voor de vernieuwing van de onderwijshuisvesting. Het college kreeg de opdracht een nieuw Integraal Huisvestingsplan (IHP) te maken met een doorkijk
1
Inhoud
10
Zie bijlage 6 voor de onderbouwing van deze bedragen.
1. Aanleiding
11
gespecialiseerd en voortgezet gespecialiseerd onderwijs . En van praktijkonderwijs tot voortgezet onderwijs. Daarnaast telt Zwolle vier mbo- en vier hbo-instellingen van nationale betekenis. Gezamenlijk bieden deze instellingen een breed palet aan onderwijsrichtingen en -stromingen. Dat maakt Zwolle aantrekkelijk voor leerlingen en studenten uit de stad, de regio en ver daarbuiten.
stand-alone, zoals de WRZV-hallen en Het Anker, maar ook diverse losse gymzalen die geen onderdeel zijn van een schoolgebouw. Deze binnensportaccommodaties vragen om een zelfstandige benadering in beheer en vernieuwing. De overige accommodaties maken fysiek deel uit van een schoolgebouw en worden gelijktijdig vernieuwd met de school. Zo blijft het aanbod voor bewegingsonderwijs toekomstbestendig en goed afgestemd op de behoefte van het onderwijs.
Zorgplicht onderwijs en bewegingsonderwijs In 2024 volgen elke dag ruim 26.000 kinderen in Zwolle onderwijs in het basisonderwijs, gespecialiseerd (basis)onderwijs, voortgezet gespecialiseerd onderwijs of voortgezet onderwijs. Zij doen dat in 74 scholen, verspreid over 88 gebouwen, samen goed voor 208.000 m² bruto vloeroppervlakte onderwijsvoorzieningen. Deze scholen vallen onder het bevoegd gezag van 12 schoolbesturen. De gemeente Zwolle heeft voor deze scholen een wettelijke zorgplicht. Waarbij de gemeente zorgt voor: voldoende, adequate en onderwijskundig passende schoolgebouwen.
Dit IHP vormt, samen met de huisvestings verordening, het kader om de bestaande gebouwen tijdig en gericht te vernieuwen volgens de zorgplicht van de gemeente Zwolle. Bijlage 1 laat zien hoe de wettelijke zorgplicht is verdeeld tussen gemeente en schoolbesturen. De gemeente investeert in nieuwbouw, renovatie en uitbreiding. Schoolbesturen zorgen voor het beheer en de exploitatie van schoolbesturen. Voor het uitvoeren van deze taken ontvangen gemeente en schoolbesturen middelen vanuit het Rijk. De omvang van deze middelen is echter niet gebaseerd op de werkelijke kosten. Samen nemen gemeente en schoolbesturen de verantwoordelijkheid om ieder kind in Zwolle een schoolgebouw te bieden dat klopt. In Bijlage 2 staan de belangrijkste bepalingen uit de huisvestingsverordening overzichtelijk op een rij.
Het bewegingsonderwijs is hier onlosmakelijk mee verbonden. Dit wordt in Zwolle georganiseerd in 77 binnensportaccommodaties, bestaande uit gymzalen, sportzalen en sporthallen. Van de 77 binnensportaccommodaties zijn 25 accommodaties
Gebouwen BO GBO (V)BO VO
11 Schoolbesturen
11.000 BO leerlingen 10/24
1.500 GBO-(V)GO leerlingen 10/24
13.000 VO leerlingen 10/24
208.000 m2 onderwijsvoorzieningen
77 binnensportaccomodaties
1.3 De omvang van de vernieuwingsopgave in beeld
Geen zorgplicht Voor een aantal middelbare scholen ligt de verantwoordelijkheid voor huisvesting bij het schoolbestuur in plaats van bij de gemeente. Hierover zijn landelijke afspraken gemaakt. De schoolbesturen ontvangen voor deze scholen van het rijk middelen om de huisvestingstaak uit te voeren. Het gaat om de volgende scholen: •Z one College •T homas a Kempis College •C entre for Sports & Education (CSE Topsportacademie) • JenaXL • DOC93
1.3.1 De opgave in cijfers op portefeuilleniveau De vernieuwing van de Zwolse schoolgebouwen dringt zich ook van binnenuit op. Veel gebouwen voldoen niet meer aan de eisen van deze tijd. Ze kampen met technische mankementen, hebben een slecht binnenklimaat, slechte energieprestaties en sluiten functioneel onvoldoende aan op hedendaagse onderwijsvormen. Afbeelding 1 laat zien dat de fysieke veroudering van de Zwolse schoolgebouwen snel toeneemt. In 2025 zijn 27 gebouwen ouder dan vijftig jaar. Zonder extra investeringen loopt dit aantal in 2041 op naar 53 gebouwen. Daarmee is ruim 60% van het schoolgebouwenbestand dan voorbij de technische levensduur van 50 jaar. Waar nu nog 53 gebouwen jonger zijn dan vijftig jaar, zijn dat er in 2041 nog maar 27. Die verschuiving vergroot de druk op de bestaande vernieuwingsopgave. De onderhoudslast stijgt voor de schoolbesturen. En de kwaliteit van de schoolgebouwen daalt.
Ook volgen circa 50.000 jongeren en volwassenen beroepsonderwijs in Zwolle. Hiermee is het beroepsonderwijs niet alleen een opleidingsmotor, maar ook een drager van werkgelegenheid en innovatie voor de regio. De huisvesting van mboen hbo-instellingen valt buiten de gemeentelijke zorgplicht, maar hun aanwezigheid is wél van belang voor een integrale visie op onderwijs en stad.
In de periode 2026-2029, gelijk aan de PPNperiode, worden acht schoolgebouwen vernieuwd die in 2025 al in voorbereiding zijn via lopende projecten. Deze gebouwen zijn samen goed voor
De gemeente heeft ook geen wettelijke zorgplicht voor de huisvesting van voor- en vroegschoolse educatie (VVE), peuter- en kinderopvang.
Inhoud
12
1. Aanleiding
13
140.000
100
120.000
80 60 40
100.000
In lopende projecten
Lopende projecten
80.000
in 2025
50 jaar of ouder
60.000
50 jaar of ouder
40.000
in 2025
20.000
50 jaar of ouder
20
Jonger dan 50 jaar
0
Totaal 2025
2026-2041
in 2041
0
Afbeelding 1: Verdeling leeftijd schoolgebouwen op portefeuilleniveau
Afbeelding 4: Analyse leeftijd m² bvo gebouwen
250.000 200.000 150.000 Lopende projecten
100.000
50 jaar of ouder
50.000
Jonger dan 50 jaar Totaal
0
2025
2026-2041
Afbeelding 2: verdeling m² bvo schoolgebouwen op portefeuilleniveau
circa 17.000 m² bruto vloeroppervlakte. Daarmee wordt een eerste deel van de verouderde voorraad aangepakt, maar het grootste deel van de opgave ligt nog in het verschiet. In 2025 is ruim 52.000 m² aan onderwijshuisvesting ouder dan vijftig jaar. Die veroudering zit verspreid over 27 gebouwen. In 2041 stijgt dat aantal naar 53 gebouwen, samen goed voor 131.000 m². Dan is meer dan zestig procent van de totale oppervlakte (m² bvo) van de Zwolse schoolgebouwen afgeschreven. De forse toename in vierkante meters, ten opzichte van 2025, komt vooral door het voortgezet onderwijs. Die gebouwen zijn aanmerkelijk groter dan basisscholen en drukken daardoor zwaarder op de totale vernieuwingsopgave.
in alle onderwijssoorten, maar het basisonderwijs voert de lijst aan qua omvang. Afbeelding 3 laat drie peilmomenten zien: het aantal lopende projecten in 2025, het aantal gebouwen dat in 2025 al vijftig jaar of ouder is. En het aantal gebouwen dat in 2041 die leeftijd bereikt als er niets gebeurt. Het basisonderwijs kent de grootste verouderings opgave in absoluut aantal gebouwen. In 2041 is meer dan een derde van alle basisschoolgebouwen vijftig jaar of ouder. De zes lopende projecten vormen nog maar het begin van de benodigde vernieuwing. De situatie in het gespecialiseerd basisonderwijs (GBO) is stabiel maar kwetsbaar. Er zijn geen lopende projecten, terwijl alle vier gebouwen in 2025 al vijftig jaar of ouder zijn. In het gespecialiseerd onderwijs is sprake van een stille groeiversnelling in veroudering. Waar nu nog maar twee gebouwen oud zijn, is dat in 2041 meer dan verdrievoudigen tot elf. Dit vraagt om tijdige herijking van de aanpak in deze sector. Hoewel het aantal VO-gebouwen beperkt is, neemt de veroudering fors toe. In 2041 is drie keer zoveel verouderd als in 2025.
1.2.3 D e vernieuwingsopgave in beeld per onderwijssoort Analyse absoluut aantal gebouwen Deze analyse biedt een verdieping van de vernieuwingsopgave voor de onderwijshuisvesting in Zwolle, specifiek gericht op de situatie in 2025 en de doorkijk naar 2041. De vernieuwing speelt zich af 60 50
In lopende projecten
40
in 2025
30
50 jaar of ouder
20
in 2025
10
50 jaar of ouder
0
BO
GBO
GO
VO
Afbeelding 3: verdeling leeftijd schoolgebouwen absoluut per onderwijssoort
Totaal
in 2041
Analyse leeftijd m² bvo gebouwen Deze analyse geeft een verdieping van de huis vestingsopgave in Zwolle, bekeken vanuit het totale bruto vloeroppervlak (bvo) per onderwijssoort in 2025 en 2041. Afbeelding 4, op de volgende pagina, laat zien hoeveel vierkante meter aan schoolgebouwen op dit moment in vernieuwing zijn, welke al vijftig jaar of ouder zijn in 2025. En welke gebouwen de leeftijdsgrens in 2041 overschrijden als er niets gebeurt.
In totaal bedraagt het verouderde oppervlak in 2025 ruim 52.000 m² bvo. En groeit zonder vernieuwing naar circa 132.000 m² bvo in 2041. De lopende projecten beslaan een oppervlakte van 17.000 m² bvo. Deze cijfers maken duidelijk dat de grootste opgave nog voor de boeg ligt. En dat die zich niet alleen in aantallen gebouwen, maar vooral in vierkante meters uitdrukt. Dat is essentieel voor de te maken financiële en ruimtelijke keuzes de komende jaren.
In het basisonderwijs is in 2025 ruim 25.000 m² bvo ouder dan vijftig jaar. Dit loopt zonder ingrijpen op tot meer dan 41.000 m² bvo in 2041. De vijf lopende projecten zijn samen goed voor circa 7.000 m². Dit is een fractie van de aankomende verouderingsopgave.
1.2.3 Extra verouderde schoolgebouwen Voor het totaalbeeld is een overzicht gemaakt van schoolgebouwen die in 2025 al 60 jaar of ouder zijn en waarvoor nog geen vernieuwingsproject loopt. Het gaat om veertien gebouwen, verspreid over verschillende onderwijsbesturen in Zwolle. Deze gebouwen zijn gebouwd vóór 1965 en hebben daarmee de technische levensduur van vijftig jaar ruim overschreden.
Het gespecialiseerd basisonderwijs (GBO) kent een overzichtelijke maar urgente opgave. Alle vier de GBO-gebouwen in Zwolle zijn in 2025 vijftig jaar of ouder. Dat betekent dat de volledige voorraad, circa 8.300 m² bvo, nu al de eindgrens van de technische levensduur heeft bereikt. Omdat er in Zwolle slechts vier GBO-scholen zijn, kan deze opgave niet verder groeien. Tegelijkertijd betekent het dat zonder actie het GBO structureel in verouderde gebouwen blijft functioneren.
Opvallend is dat deze panden nog nooit levensduurverlengend zijn gerenoveerd. Ze zijn functioneel, bouwkundig én energetisch sterk verouderd. Dit betekent dat schoolbesturen op deze locaties steeds meer moeite hebben om het gebouw geschikt en veilig te houden voor eigentijds onderwijs. Onderwijskundige beperkingen, hoge onderhoudskosten en slechte energieprestaties stapelen zich op. Het onderhouden en exploiteren van deze gebouwen kost de schoolbesturen aanzienlijk meer geld dan de instandhoudingsvergoeding die ze hiervoor van het rijk ontvangen. Dit gaat ten koste van de middelen die bestemd zijn voor het directe onderwijsproces.
In het gespecialiseerd onderwijs (GO) is de opgave stevig. Hoewel de lopende projecten een kleine 3.500 m² bvo beslaan, groeit het verouderde oppervlak van ruim 3.000 m² bvo in 2025 naar ruim 23.000 m² bvo in 2041. Deze stille toename vereist extra aandacht. Bij het voortgezet onderwijs (VO) is het aantal gebouwen kleiner, maar de gemiddelde omvang veel groter. In 2041 is bijna 63.000 m² bvo ouder dan vijftig jaar. Dat is een verdrievoudiging ten opzichte van 2025. De verouderingsopgave concentreert zich hier dus in relatief weinig, maar grote gebouwen.
Inhoud
14
1. Aanleiding
15
School
Bevoegd gezag
Bouwjaar*
Leeftijd in 2025
Carolus Clusius College (deel)
Landstede
1925
100 jaar
Ambelt - Herfte (gebouw B)
OOZ
1932
93 jaar
Ambelt - Herfte (gebouw J)
OOZ
1932
93 jaar
Thorbecke PRO (Sleedoornstraat)
OOZ
1950
75 jaar
Enkeschool
Kentalis
1960
65 jaar
De Brug
Vivente
1960
65 jaar
De Sluis
OOZ
1960
65 jaar
Vrije Michaëlachool
St. Vrije School
1961
64 jaar
Carolus Clusius College (deel)
Landstede
1961
64 jaar
De Schatgraver
Florion
1961
64 jaar
De Smaragd
Florion
1961
64 jaar
De Campherbeek
OOZ
1965
60 jaar
De Duyvencamp
Vivente
1965
60 jaar
De Springplank
OOZ
1965
60 jaar
*Dit betreft het oorspronkelijke bouwjaar. Sommige gebouwen zijn later in de tijd uitgebreid maar nog niet eerder levensduurverlengend gerenoveerd.
1.2.4 W oningbouwopgave raakt de onderwijsvoorzieningen Zwolle groeit het komende decennium naar ruim 150.000 inwoners. De stad kent een forse woningbouwopgave, met nieuwe ontwikkelingen in De Tippe, Breecamp West, Nieuwe Veemarkt en Vechtrand, maar ook met verdichtingsopgaven in bestaande wijken (zoals het Noorderkwartier en Spoorzone) en stadsrandontwikkelingen. Daarnaast werkt Zwolle aan wijkversterking: het verbeteren van bestaande buurten door toevoeging van woningen, voorzieningen en kwaliteit in de openbare ruimte. Al deze ruimtelijke ingrepen hebben directe impact op de vraag naar onderwijshuisvesting. Door nieuwe woningen ontstaan wijzigingen in leerlingenstromen en voedingsgebieden van scholen. Dat vraagt om een scherpe afstemming van capaciteit, spreiding en kwaliteit van scholen over de stad. Tegelijk vergrijzen sommige buurten, waardoor leerlingaantallen dalen. Deze combinatie van groei, verdichting en herstructurering maakt het nodig om het onderwijsnetwerk te herzien. Het nieuwe IHP zorgt voor richting, balans en toekomstbestendigheid.
2025-2045. Voor de berekeningen is gebruikgemaakt van het softwareprogramma G4PRO, dat voldoet aan de landelijke richtlijnen van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) voor leerlingenprognoses. De prognoses combineren demografische gegevens over de basisgeneratie (4-18 jaar) met cijfers over leerlingstromen, herkomstgebieden en belangstelling per school. Belangrijkste databronnen van de leerlingen prognose zijn: ■ de bevolkingsprognose van de gemeente Zwolle (2025), aangevuld met prognoses van omliggende gemeenten; ■ leerlingentellingen per 1 oktober 2024 (DUO en schoolbesturen); ■ actuele woningbouwprognoses en geplande uitbreidingslocaties binnen de stad. Deze prognose vormt een belangrijk hulpmiddel in de uitvoering van het IHP. Vooral in de initiatieffase van elk project. Met de prognose is te bepalen hoeveel onderwijsruimte in m² bruto vloeroppervlak (bvo) per wijk nodig is. En helpt daarmee om de omvang van nieuwe of vernieuwde scholen zorgvuldig vast te stellen. Op basis van het aantal leerlingen wordt de toekomstige ruimtebehoefte bepaald volgens de uitgangspunten van de Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs van de gemeente Zwolle. Daarmee sluit de prognose rechtstreeks aan op het wettelijk kader waarbinnen de gemeente haar zorgplicht uitvoert.
1.2.5 Leerlingenprognose 2025-2045 De leerlingenprognose voor dit IHP geeft inzicht in de ontwikkeling van het aantal leerlingen per onderwijssoort: basisonderwijs, (voortgezet) gespecialiseerd onderwijs en voortgezet onderwijs. De prognose is opgesteld door xxllnc Sociaal, in opdracht van de gemeente Zwolle (april 2025) en bestrijkt de periode
Basisonderwijs In 2025 volgen circa 11.000 leerlingen basisonderwijs in Zwolle. De prognose laat een lichte stijging zien tot ongeveer 11.100 leerlingen in 2045. Daarmee blijft het totale aantal leerlingen de komende twintig jaar nagenoeg stabiel, met beperkte fluctuaties per wijk.
De prognose ondersteunt daarmee een zorgvuldige, adaptieve aanpak waarin vernieuwing, clustering en uitbreiding gelijktijdig inspelen op de demografische dynamiek én de ruimtelijke koers van Ons Zwolle van Overmorgen. (Voortgezet) Gespecialiseerd Onderwijs In 2025 volgen circa 1.460 leerlingen gespecialiseerd onderwijs in Zwolle: ongeveer 450 in het gespecialiseerd basisonderwijs (GBO), 550 in het gespecialiseerd onderwijs (GO) en 460 in het voortgezet gespecialiseerd onderwijs (VGO). De aantallen blijven de komende twintig jaar vrijwel stabiel. In 2045 telt Zwolle naar verwachting nog steeds ongeveer hetzelfde aantal leerlingen. De prognose laat zien dat de behoefte aan gespecialiseerd onderwijs structureel aanwezig blijft, maar niet groeit.
De prognose van xxllnc Sociaal (april 2025) laat zien dat het aantal leerlingen in de meeste wijken stabiliseert of licht afneemt, terwijl de groei zich concentreert in gebieden met woningbouwuitbreiding. Het gaat vooral om Stadshagen, de Spoorzone, Zwolle-Zuid, Westenholte en Stadshagen II. In wijken als Diezerpoort, Holtenbroek en Aa-landen daalt het aantal leerlingen licht door vergrijzing en een kleinere instroom van jonge gezinnen. Volgens het Ruimtelijk Toekomstperspectief Ons Zwolle van Overmorgen groeit Zwolle tot 2040 met circa 12.400 huishoudens, met een bandbreedte van 15.000 tot 25.000 nieuwe woningen. De belangrijkste uitbreidingslocaties liggen aan de Vechtrand (Ceintuurbaanzone en Vechtpoort) en Zwolle-Zuid, terwijl bestaande wijken worden versterkt door kwalitatieve verdichting. Woningbouw fungeert hier als hefboom voor wijkvernieuwing en de ontwikkeling van maatschappelijke voorzieningen, waaronder onderwijs.
Het (voortgezet) gespecialiseerd onderwijs vervult in Zwolle een stedelijke én regionale functie. Leerlingen komen uit verschillende wijken en omliggende gemeenten, waardoor de gebouwen vaak een breder verzorgingsgebied bedienen dan reguliere basisscholen. De stabiele leerlingaantallen betekenen dat extra capaciteit niet nodig is. De bestaande voorzieningen vragen wel structureel om vernieuwing om toekomstbestendig te blijven.
De leerlingenpopulatie in het basisonderwijs blijft stabiel, omdat de demografische groei door woningbouw de vergrijzing in oudere wijken compenseert. Tegelijk verschuift de spreiding van leerlingen structureel. De groei concentreert zich in de nieuwe woongebieden aan de stadsranden en in herontwikkelingslocaties binnen de stad, terwijl wijken als Diezerpoort, Holtenbroek en Aa-landen juist een dalende vraag laten zien. Deze verschuiving vraagt om een herijking van de positionering van basisscholen in de wijk. En in de stad. De huidige spreiding sluit niet meer vanzelfsprekend aan bij de toekomstige bevolkingsgroei en woningbouwpatronen. Herijking betekent: ■ Concentreren van voorzieningen in wijken met dalende leerlingenaantallen, zodat kwaliteit behouden blijft en gebouwen efficiënt worden benut. ■ Uitbreiden of vernieuwen in groeigebieden zoals Stadshagen, Zwolle-Zuid, de Ceintuurbaanzone en Vechtpoort, om voldoende capaciteit en goede spreiding te garanderen. ■ Combineren van basisscholen met maatschappelijke functies zoals kinderopvang, zorg, sport en ontmoeting, zodat gebouwen ook bij stabiele leerlingaantallen waardevol blijven voor de wijk.
De huidige gebouwen zijn gemiddeld ouder dan vijftig jaar en sluiten onvoldoende aan bij hedendaagse eisen voor binnenklimaat, duurzaamheid en passend onderwijs. Veel locaties liggen bovendien op plekken die inmiddels verdicht of verkeersintensief zijn geworden, wat herhuisvesting of herontwikkeling wenselijk maakt. De komende jaren ligt de nadruk op: ■ Vernieuwen en verduurzamen van verouderde GBO-, GO- en (V)GO-gebouwen, zodat ze voldoen aan de eisen van gezonde, inclusieve en veilige leeromgevingen; ■ Clustering van voorzieningen waar dat ruimtelijk en functioneel logisch is, bijvoorbeeld nabij voortgezet onderwijs of kindcentra, om samenwerking en doorlopende leerlijnen te versterken; ■ Verbinden van gespecialiseerd en regulier onderwijs, zodat leerlingen met extra ondersteuningsbehoeften steeds vaker binnen de wijk kunnen blijven leren; ■ Verankeren van deze opgave binnen gebiedsontwikkelingen zoals de Ceintuurbaanzone en Vechtpoort, waar nieuwe maatschappelijke functies samenkomen.
Inhoud
16
1. Aanleiding
17
1.4
Veranderingen in wet- en regelgeving
onderwijs, eigen middelen mogen inzetten voor huisvestingsvraagstukken.
1.4.1 Wettelijk verplicht IHP2 Vanaf 1 januari 2026 zijn alle gemeenten wettelijk verplicht om samen met de schoolbesturen een Integraal Huisvestingsplan (IHP) vast te stellen. Deze verplichting vloeit voort uit het wetsvoorstel “Wet actualisatie bekostiging PO en VO”, dat het huidige huisvestingsstelsel op meerdere punten aanscherpt. Het wetsvoorstel ligt ten tijde van het schijven van dit IHP ter advisering bij de Raad van State. Inwerkingtreding wordt verwacht per 1 januari 2026. Daarmee is het opstellen van een IHP geen vrijwillige afspraak meer, maar een wettelijk vereiste met duidelijke inhoudelijke en procedurele eisen.
Het IHP richt zich daarmee niet op groei, maar op kwaliteit, functionaliteit en toekomstwaarde van de speciale onderwijsvoorzieningen. Door deze gericht te vernieuwen ontstaat een dekkend netwerk van scholen dat kwetsbare leerlingen ondersteunt én bijdraagt aan de inclusieve stad die Zwolle wil zijn.
opgave draait daarmee niet om groei, maar om vernieuwing, verduurzaming en herpositionering van bestaande gebouwen. Door de prognose te koppelen aan de woningbouwontwikkeling en de gemeentelijke verordening ontstaat een realistisch beeld van de toekomstige ruimtebehoefte per wijk. Het IHP legt hiermee een stevige basis voor een adaptieve en toekomstbestendige onderwijshuisvesting: voldoende plekken, op de juiste locaties, in gebouwen die werken én raken.
Voortgezet Onderwijs In 2025 volgen circa 12.900 leerlingen voortgezet onderwijs in Zwolle. De prognose laat een tijdelijke daling tot ongeveer 12.300 leerlingen in 2032 zien, gevolgd door een lichte stijging richting 12.600 leerlingen in 2045. Daarmee blijft het totaal aantal leerlingen de komende twintig jaar stabiel, met beperkte schommelingen per school.
1.2.6 Maatschappelijke opgaven Zwolle ziet in haar wijken een aantal ontwikkelingen samenkomen die niet los van elkaar staan. Sommige inwoners krijgen te maken met armoede, kansenongelijkheid en een groeiende behoefte aan ondersteuning voor kinderen en gezinnen. Tegelijk verandert de samenstelling van buurten door de woningbouwopgave: nieuwe gezinnen vestigen zich, terwijl andere bewoners ouder worden of wegtrekken. Dit vraagt iets van de stad. De gemeente herkent hierin een overkoepelende opgave. Onder de noemer sociaal-maatschappelijke opgave komt er een vraag op Zwolle af die verder gaat dan afzonderlijk beleid. Het gaat om bestaanszekerheid, ontwikkelkansen en verbinding in de haarvaten van de stad. Deze opgave raakt aan onderwijs, zorg, opvoeding en ontmoeting. En vraagt om plekken waar die werelden samenkomen. Deze beweging vormt een aanleiding om in het Integraal Huisvestingsplan (IHP) duidelijke keuzes te maken over de rol van scholen in het bredere sociaalmaatschappelijke netwerk.
Het voortgezet onderwijs in Zwolle heeft een stedelijke en regionale betekenis. Een aanzienlijk deel van de leerlingen komt uit omliggende gemeenten, waardoor Zwolle fungeert als onderwijscentrum voor de regio. De stabiele leerlingenaantallen betekenen dat de totale capaciteit voldoende blijft, maar de kwaliteit, duurzaamheid en functionaliteit van de gebouwen aandacht vragen. Conclusie De Zwolse leerlingenprognose laat een stabiel totaalbeeld zien. Het aantal leerlingen verandert de komende twintig jaar nauwelijks, maar de spreiding over de stad verschuift. Nieuwe woningbouw aan de stadsranden en herontwikkeling binnen de stad vragen om een ander netwerk van scholen. De
Wat betekent dit voor Zwolle en de gemeenteraad? Het IHP krijgt in Zwolle hiermee een andere positie. Het is geen beleidsintentie, maar een formeel, verplicht en toetsbaar plan. Het zorgt ervoor dat de opgave voor onderwijshuisvesting niet alleen bij de uitvoering, maar ook bestuurlijk en politiek in beeld komt. Door deze wettelijke verankering ontstaat een transparant en actueel overzicht van de totale investeringsbehoefte, de planning en een financieel beeld dat is als basis dient voor de te maken keuzes door de gemeenteraad voor de begroting van de gemeente. De gemeenteraad krijgt hiermee het instrument in handen om weloverwogen besluiten te nemen. Niet achteraf, maar tijdig en met zicht op de volle omvang van de opgave. Daarmee versterkt het IHP de kaderstellende én controlerende rol van de raad. En ontstaat bestuurlijke ruimte om te sturen op inhoud, tempo, samenhang en haalbaarheid in een stad die volop in beweging is.
Achtergrond en noodzaak van de wetswijziging Sinds 1997 ligt de verantwoordelijkheid voor onderwijshuisvesting bij gemeenten, terwijl schoolbesturen verantwoordelijk zijn voor het onderhoud. Beiden ontvangen rijksmiddelen, maar vaak zonder heldere afstemming (niet gelabeld). Dat leidt in de praktijk tot knelpunten: ■ een gebrek aan een integrale en planmatige aanpak, ■ onduidelijkheid over verantwoordelijkheden, vooral bij renovatie, ■ en beperkte mogelijkheden voor primair onderwijsbesturen om financiële overschotten in te zetten voor huisvesting. De sectorraden en de VNG pleiten daarom al langer voor wettelijke maatregelen die deze knelpunten structureel oplossen. Het wetsvoorstel maakt hier nu werk van.
1.4.2 Aanpassingen instandhouding De staatssecretaris van OCW werkt aan nieuwe landelijke regels voor het behoud en opheffen van basisscholen. Deze aanpassing is nodig door meerdere uitdagingen die op het onderwijs afkomen, zoals het groeiende lerarentekort, de huisvestingsdruk en het hoge aantal kleine scholen in vooral stedelijke gebieden. Het doel van het nieuwe beleid is om goed en bereikbaar onderwijs te blijven garanderen, zowel in steden als in krimpregio’s. Vier maatregelen worden nu voorbereid: ■ de kleinescholentoeslag krijgt een andere vorm; ■ de regels rond de gemiddelde schoolgrootte worden aangepast; ■ het blijft mogelijk om op afstand onderwijs aan te bieden; ■ samenwerking tussen scholen wordt actief gestimuleerd.
Wat verandert er precies? Het wetsvoorstel introduceert een reeks verplichtingen: 1. E en vierjaarlijks IHP dat gemeenten samen met schoolbesturen opstellen. 2. E en verplicht MJOP voor schoolbesturen, op basis van bouwkundige inspecties. 3. E en officiële vaststellingsprocedure, waarbij: de gemeenteraad het IHP pas mag vaststellen na overleg met schoolbesturen, de Onderwijsraad op verzoek binnen acht weken kan adviseren, en gemeenten het vastgestelde IHP moeten melden aan het ministerie van OCW. 4. E en wettelijke definitie van ‘renovatie’, die grootschalige vernieuwing als alternatief voor nieuwbouw erkent, inclusief heldere verantwoordelijkheidsverdeling. 5. R uimte voor investeren uit overschotten in het primair onderwijs, zodat ook deze schoolbesturen nu, net als in het voortgezet
De nieuwe landelijke regels kunnen leiden tot spanningen als het gaat om het behoud van kleine scholen in stedelijk gebied. De Zwolse schoolbesturen zijn al actief in gesprek met elkaar en met de gemeente over samenwerking, spreiding en schaalgrootte van basisscholen. Deze gesprekken maken deel uit van de bredere vernieuwingsopgave en anticiperen op mogelijke landelijke veranderingen. Het IHP benoemt deze ontwikkeling expliciet, omdat de aangekondigde wetswijziging 2
Inhoud
18
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2025-4387.html
1. Aanleiding
19
Onderwijskundig & maatschappelijk ■ Welke gebouwen zijn nu, in 2025 en in 2041, 50 jaar of ouder en vragen om vernieuwing? ■ Op welke manier beïnvloeden ruimtelijke ontwikkelingen, zoals woningbouw en wijkversterking, de vernieuwingsopgave van onderwijshuisvesting in Zwolle? ■ Hoe ondersteunt het IHP de Strategische Onderwijsagenda van Zwolle en de Koers Sociaal Domein 2024-2030 en geeft het invulling aan uitdagingen zoals kansengelijkheid, bestaanszekerheid en de veranderende rol van scholen in de wijk? ■ Hoe draagt de vernieuwingsopgave bij aan het Toekomstperspectief “Ons Zwolle van Overmorgen”?
Zo ontstaat een stevig fundament voor scholen die meegroeien met de stad én met de samenleving. Het IHP 2025 maakt de vernieuwingsopgave tot en met 2041 volledig inzichtelijk. Die lange termijn is nodig, want de veroudering van het gebouwenbestand is fors en het investeringsniveau hoog. Door deze opgave scherp in beeld te brengen, biedt het IHP het college en raad een solide basis om tijdig keuzes te maken: over tempo, fasering, prioriteit en de benodigde financiële middelen. Keuzes die nu niet direct gekoppeld zijn aan dit IHP. Maar keuzes die de komende decennia via de PPN-cyclus aan de raad worden voorgelegd en de gemeente de komende jaren de mogelijkheid biedt om gefaseerd de benodigde financiële ruimte in de begroting vrij te maken.
Financieel & wettelijk ■ Wat is het effect van de toegenomen bouwkosten op de uitvoerbaarheid van het IHP en hoe verhoudt dit zich tot de financiële uitgangspunten van het IHP uit 2020? ■ Op welke manier wordt aangesloten op landelijke ontwikkelingen, zoals de wettelijke plicht tot het opstellen van een IHP per 1 januari 2026 en andere wetswijzigingen?
invloed kan hebben op toekomstige keuzes. Tegelijk doet dit IHP nog géén concrete voorstellen op basis van die beoogde nieuwe regelgeving. Daarvoor is het nog te vroeg. Zodra de landelijke regels definitief zijn, gaan gemeente en schoolbesturen samen aan tafel om de gevolgen voor het Zwolse scholenlandschap uit te werken.
aan via ouderverklaringen. Voor Zwolle ligt de stichtingsnorm momenteel op 247 verklaringen. De minister besluit vóór 1 juni in het jaar daarna of de school bekostiging krijgt. Na goedkeuring geldt een opstarttermijn van veertien maanden. De gemeente heeft dan de plicht om huisvesting te regelen. Dit IHP houdt geen rekening met de komst van een nieuwe school. In de afgelopen jaren is slechts één initiatief ingediend en goedgekeurd: basisschool Buitenwijs. Deze school is in schooljaar 2023-2024 gestart en maakt medegebruik van het gebouw van Het Facet in Holtenbroek.
1.4.3 Wet ‘Meer ruimte voor nieuwe scholen’ In Nederland mag iedereen een school starten. Sinds 2020 geldt daarvoor de wet ‘Meer Ruimte voor Nieuwe Scholen’. Die wet maakt het eenvoudiger om een nieuwe school op te richten, zonder dat deze moet vallen onder een erkende richting zoals openbaar of protestants-christelijk. Het doel: beter aansluiten bij de wensen van ouders en leerlingen. Wie een nieuwe school wil beginnen, voert eerst een gesprek met bestaande schoolbesturen, het samenwerkingsverband en de gemeente. Samen onderzoeken ze of de ideeën ook binnen een bestaande school vorm kunnen krijgen. De doorlooptijd voor een nieuwe school bedraagt ruim twee jaar. Initiatieven moeten vóór 30 juni worden ingediend. De initiatiefnemer toont de belangstelling
1.5 Vraagstelling
Hoe realiseren we de komende zestien jaar voldoende, gezonde en toekomstbestendige onderwijshuisvesting in Zwolle, die meegroeit met de woningbouwopgave, aansluit op veranderende wet- en regelgeving, bijdraagt aan een goede spreiding van onderwijsvoorzieningen en -vormen, inspeelt op de sociaal maatschappelijke opgave én de veroudering van schoolgebouwen structureel aanpakt?
Uitvoering & organisatie ■ Wat is een werkbare prioritering van vraagstukken dat recht doet aan opgave van de verouderde schoolgebouwen en de visie van het IHP? ■ Welke vraagstukken starten in tijdvak 1 (20262029) van dit IHP met de initiatieffase? ■ Hoe blijft de opgaveagenda actueel en sturend in een dynamische context van groei, krimp en wetgeving?
1.6 Een IHP dat richting geeft
Zwolle bouwt aan een stad waar ieder kind, iedere jongere en student ruimte krijgt om zich te ontwikkelen. Het IHP vormt daarbij meer dan een bouwkundig plan: het geeft richting. Richting aan hoe gemeente en onderwijsinstellingen samen investeren in veilige, gezonde en toekomstgerichte scholen. Richting aan onderwijshuisvesting die niet alleen werkt, maar ook raakt. Zwolle kiest voor slimme investeringen die de doorgaande ontwikkellijn van kind naar jongere naar volwassene versterken. Het IHP sluit daarom nadrukkelijk aan op de Strategische Onderwijsagenda van Zwolle, de Koers Sociaal Domein, de visie op ondersteuning én het ruimtelijk toekomstperspectief Ons Zwolle van Overmorgen.
Inhoud
20
1. Aanleiding
21
2. Terugblik projecten 2024 Zwolle investeerde de afgelopen jaren in onderwijshuisvesting. Dit hoofdstuk laat zien wat daarvan terecht kwam. 2.1. Inleiding
2.3. O pgeleverde projecten 2020-2025
Zwolle werkt al langer planmatig aan de vernieuwing van schoolgebouwen. In 2020 stelde de gemeenteraad het vorige Integraal Huisvestingsplan vast. Dat IHP bevatte een uitvoeringsagenda voor de periode 2020-2023 en een doorkijk naar de huisvestingsvraagstukken tot 2035. Ook stonden er toen al lopende projecten in beschreven, waaronder investeringen uit het eerdere Masterplan Onderwijshuisvesting 2011 en de notitie Toekomstgerichte Onderwijshuisvesting 2017. Inmiddels zijn verschillende projecten uit dat plan afgerond of in gang gezet.
Het Saffier
2.2. Vernieuwingsopgave IHP 2020
Tijdens de vaststelling van het IHP in 2020 waren de volgende projecten in uitvoering en tussen 2020 en 2025 opgeleverd: ■ Vervangende nieuwbouw Lassus Campus (voorheen Van der Capellen) voortgezet onderwijs Nieuwbouw Het Saffier in De Tippe basisonderwijs
Nieuwbouw Het Saffier (bron: Jansman Bouw) Vervangende nieuwbouw Lassus Campus
Het eerste gebouw in de nieuwe buurt De Tippe is de huisvesting van gereformeerde basisschool Het Saffier. Deze basisschool zat vanaf de start jarenlang in tijdelijke huisvesting bij het winkelcentrum van Stadshagen. Samen met kinderdagopvang en buitenschoolse opvang vormt de school een integraal kindcentrum (IKC Het Saffier). Begin 2021 hebben beide organisaties intrek genomen in het nieuwe gebouw. De nieuwe locatie ligt tegen een geluidswal langs de Belvédèrelaan en de Hasselterweg. Een bijzondere locatie die ook bijzondere eisen stelt aan het ontwerp. Het gebouw staat namelijk op een zichtlocatie bij de entree van de wijk. Het gebouw heeft twee bouwlagen en een plint van bamboe gevelbekleding gecombineerd met cortenstaal. De onderwijscapaciteit kan met een omvang van circa 1.500 m2 BVO onderdak bieden aan ongeveer 250 kinderen. Bij de bouw is extra geïnvesteerd in duurzaamheid waardoor een energieneutraal is gerealiseerd. Het gebouw voldoet aan Frisse Scholen klasse B. Het gebouw is via een geïntegreerde contractvorm (Design-Build-Maintain) gerealiseerd met Florion als bouwheer.
In de uitvoeringsagenda van het IHP 2020 zijn de volgende projecten opgenomen en inmiddels in uitvoering en deels opgeleverd. Opgeleverd: ■ Renovatie en uitbreiding Het Mozaïek basisonderwijs ■ Vervangende nieuwbouw Het Atelier basisonderwijs Anno 2025 nog in uitvoering: ■ Vervangende nieuwbouw Aquamarijn basisonderwijs ■ Renovatie en uitbreiding Koningin Emmaschool basisonderwijs ■ Vervangende nieuwbouw Geert Groteschool basisonderwijs In de volgende paragraaf zijn de opgeleverde projecten toegelicht.
Lassus Campus
in de gevel en kleine overstekken beperken de opwarming in het gebouw. Een luifel voorzien van zonnepanelen zorgt voor beschaduwing van de leerlingen en docenten op het grote dakterras. Een open aula maakt de constructieve, houten kern zichtbaar over drie verdiepingen. Het hout geeft warmte en sfeer aan het interieur, draagt bij aan een goede akoestiek en slaat grote hoeveelheden CO2 op. Het constructieve ontwerp is erop gericht om een flexibele indeling van het gebouw mogelijk te maken. Binnen de kaders van het project is daarnaast gezocht om te werken met duurzame materialen.
In Holtenbroek is in maart 2024 de Lassus Campus (onderdeel van Openbaar Onderwijs Zwolle) in gebruik genomen. De periode van ontwerpen en bouwen heeft circa zes jaar in beslag genomen. In deze periode braken ook de Corona-pandemie en oorlog in Oekraïne uit. Dit heeft onder meer effect gehad op de bouwkosten. Het nieuwe schoolgebouw is gerealiseerd op de sportvelden naast het bestaande verouderde schoolgebouw dat bijna zestig jaar oud was. Hierdoor was er voor de school tijdens de bouw geen tijdelijke huisvesting nodig. In de nieuwbouw hebben de verschillende onderwijsconcepten een eigen herkenbaar domein met gevarieerde les- en werkruimten passend bij de identiteit van de betreffende onderwijsroutes, waaronder 10-14. De totale omvang van het gebouw, inclusief gymzalen, bedraagt ruim 10.400 m2 bvo en kan zo’n 1.350 leerlingen huisvesten. De ambities voor een duurzame, circulaire en energiezuinige campus zijn vertaald naar een compact drielaags gebouw. Tijdens het ontwerpproces is veel aandacht uitgegaan naar zonoriëntatie en het binnenklimaat. De knikken
Inhoud
22
2. Terugblik projecten 2024
23
Renovatie en uitbreiding Het Mozaïek (bron: Jansman Bouw)
Het Mozaïek
Impressie nieuwbouw kindcentrum Het Atelier
circa 1.450 m2 BVO is ontstaan. Hiervan wordt het grootste deel ingezet voor de school: ruim 1.300 m2 BVO, passend voor circa 220 leerlingen. Daarnaast biedt het gebouw nu ruimte voor kinderopvang en buitenschoolse opvang. Aan het gebouw vast zit ook een gymzaal die tevens gerenoveerd is en beter toegankelijk is gemaakt. Tijdens de renovatie heeft Het Mozaïek tijdelijk ingebruik gemaakt van het voormalige schoolgebouw ‘Mozadance’ aan de Assendorperstraat. Schoolbestuur Vivente was bouwheer voor deze renovatie en uitbreiding. Het schoolplein is ook vernieuwd door Vivente en ingericht met groene, multifunctionele elementen.
Het gebouw van christelijke basisschool Het Mozaïek in Assendorp is in 2024 grootschalig gerenoveerd en uitgebreid. Het monumentale gebouw uit de jaren ’30 is met respect voor de historische uitstraling van het pand getransformeerd tot een moderne basisschool die klaar is voor de toekomst en een betere functionaliteit heeft die aansluit bij het huidige onderwijs. Er zijn nieuwe installaties geplaatst waarmee het binnenklimaat ook verbeterd is. Het gebouw is beter geïsoleerd en gasloos gemaakt. Aan de pleinkant is een eigentijdse uitbreiding gerealiseerd, zodat er een totale omvang van
Het Atelier
samen te kunnen opgroeien, leren, ontwikkelen, spelen en werken. Bij het ontwerp van het nieuwe gebouw is ook veel aandacht uitgegaan naar de verbinding met de buitenruimte en de inrichting en vergroening van het plein. De nieuwbouw heeft een omvang van circa 2.000 m2 BVO (inclusief gymzaal en ruimte voor kinderopvang) en biedt plek aan ongeveer 200 leerlingen. Schoolbestuur Catent was bouwheer voor het realiseren van de nieuwbouw.
In 2024 is de vervangende nieuwbouw van katholieke basisschool Het Atelier in Assendorp gestart. De nieuwbouw wordt gerealiseerd op de plek waar de oude school stond. Het oude schoolgebouw is circulair gesloopt. Basisschool Het Atelier en de BSO zijn tijdelijk gehuisvest in leegstand van het naastgelegen schoolgebouw van Landstede aan de Assendorperdijk. In de nieuwbouw worden naast onderwijscapaciteit ook ruimte voor kinderopvang en een gymzaal gerealiseerd. Het nieuwe gebouw is duurzaam, functioneel, flexibel, comfortabel en eigentijds. Een hele fijne plek midden in de wijk om
Inhoud
24
2. Terugblik projecten 2024
25
3. Onderwijs dat raakt en verbindt! Deze visie vormt een vertaling van de ambities uit de Koers Sociaal Domein 2024-2030 en de Strategische Onderwijsagenda 2022-2026 naar een huisvestingsvisie voor onderwijsgebouwen. Zwolle kiest voor sterke wijken waarin ieder kind telt, ieder gezin ertoe doet en publieke voorzieningen het verschil maken. 3.1. Inleiding
En vaak: op school of bij de kinderopvang. Juist daar raken de ambities van het sociaal domein aan de praktijk van kinderen, ouders en professionals. Onderwijs en kinderopvang vormen samen de sociale basis voor jongere generaties. Ze bieden ritme, veiligheid, ondersteuning en perspectief. Door deze plekken bewust te positioneren in de wijk. En door hun rol in te richten als meer dan alleen leerof opvangplek, dragen ze actief bij aan de realisatie van de sociaal maatschappelijke opgave. Dat vraagt om een andere blik op onderwijshuisvesting. Niet als stenen voor lessen, maar als plekken van betekenis. Waar kinderen gezien worden. Waar ouders gehoord worden. Waar professionals samenwerken. En waar de verbinding met zorg, welzijn en opvoedondersteuning vanzelfsprekend is. In dit hoofdstuk vertalen we de koers naar de wereld van onderwijs en kinderopvang en de sociaal maatschappelijke opgave van de stad. We laten zien hoe deze plekken bijdragen aan het versterken van bestaanszekerheid, het bevorderen van kansengelijkheid, het ondersteunen van een gezond leven en het organiseren van een doorlopende ontwikkellijn voor ieder kind. Want waar kinderen groeien, groeit de samenleving mee.
Onderwijs en kinderopvang spelen daarin een sleutelrol. Niet alleen als plek om te leren en op te groeien, maar ook als toegangspoort tot ondersteuning, ontwikkeling, gezondheid en ontmoeting. In deze visie is per onderwijssoort (basisonderwijs, gespecialiseerd onderwijs en voortgezet onderwijs) beschreven hoe de huisvesting bijdraagt aan de beleidsdoelen van de stad. Elk onderwijstype vervult daarin zijn eigen rol, afgestemd op de kinderen, jongeren en gezinnen in de wijk, stad en regio. Vanuit het sociaal domein zijn daarbij zes inhoudelijke thema’s leidend: bestaanszekerheid, kansengelijkheid, passend onderwijs, gezond leven, de doorgaande ontwikkellijn en voldoende schaal. Voor elk van deze thema’s is uitgewerkt wat dit vraagt van het gebouw. Hoe creëren we schoolgebouwen die meedoen in de wijk, meebewegen met de ontwikkeling van het kind en meehelpen om ieder kind een stap verder te brengen? Bij ieder thema zijn ontwikkelprincipes geformuleerd die richting geven aan keuzes in ontwerp, locatie en gebruik van het schoolgebouw. De ontwikkelprincipes zijn geen blauwdruk. Ieder vernieuwingsvraagstuk vraagt om maatwerk. Daarom wordt steeds gekeken welke elementen uit deze visie passen bij: de wijk, onderwijssoort, de opgave en de betrokken partners.
Zo ontstaat ruimte voor keuzes die werken in de praktijk én bijdragen aan de koers die Zwolle samen met de schoolbesturen is ingeslagen: onderwijs dat raakt en verbindt!
3.2.1 Basisonderwijs sterk verankerd in de wijk Zwolle kiest voor een samenleving waarin iedereen meetelt. De gemeente werkt wijkgericht en zoekt actief de samenwerking op met inwoners en maatschappelijke partners. Het zwaartepunt ligt bij preventie, nabijheid en maatwerk. De maatschappelijke opgave is voelbaar. Armoede, gezondheidsverschillen, kansenongelijkheid en eenzaamheid spelen in het dagelijks leven van veel inwoners. Zwolle pakt deze vraagstukken niet los aan, maar in samenhang en dichtbij huis. Niet vanuit systemen, maar vanuit relaties. Goed samenwerken en vroeg signaleren helpt om het verschil te maken. Onderwijs en kinderopvang vormen daarin samen de basis. Leerkrachten en pedagogisch medewerkers dicht bij kinderen en gezinnen, zijn laagdrempelig
3.2. Waar kinderen groeien, groeit de samenleving mee
De Koers Sociaal Domein 2024–2030 schetst een heldere ambitie: Zwolle groeit als stad waar iedereen meetelt. Een stad die inzet op bestaanszekerheid, kansengelijkheid, gezondheid, veiligheid en verbondenheid. Niet als losse doelen, maar als samenhangende beweging die dichtbij mensen begint. In de wijk. In het dagelijks leven.
en zien en horen dagelijks wat er speelt. Juist op die plekken waar mensen elkaar dagelijks ontmoeten, krijgt de sociaal-maatschappelijke opgave in de wijk haar uitwerking. Scholen en kinderopvang zijn zulke plekken. Daar ontstaat nabijheid. Daar groeit vertrouwen. Door samen te werken met jeugdgezondheidszorgorganisaties, wijkteams, welzijnsorganisaties en ouders ontstaat er een netwerk om het kind én het gezin heen. Signalen worden sneller herkend. Ondersteuning sluit beter aan. En ouders blijven betrokken.
de kinderopvang meer dan opvang alleen. Samen dragen zij bij aan een sterke wijk. Voor kinderen. Voor gezinnen. Voor de samenleving van morgen. 3.2.2 Gespecialiseerd onderwijs dat werkt, raakt en verbindt Zwolle zet samen met de schoolbesturen stappen richting inclusiever onderwijs. Niet alles hoeft vandaag anders, maar de koers ligt vast: elk kind krijgt een plek die past. Ongeacht de achtergrond, ondersteuningsvraag of beperking. In een stad die groeit ontstaat zo een netwerk van onderwijsvoorzieningen dat ruimte biedt voor verschil. De samenwerking tussen scholen voor basisonderwijs en gespecialiseerd (basis) onderwijs komt geleidelijk van de grond. Schoolbesturen verkennen hoe kinderen met een ondersteuningsbehoefte vaker naar een basisschool in de wijk kunnen. Soms lukt dat al. Steeds vaker worden arrangementen afgestemd, expertise gedeeld en verbindingen gelegd. Tegelijkertijd blijft er de komende jaren stevig behoefte aan gespecialiseerd onderwijs . Sommige kinderen floreren in een kleinere groep of hebben specifieke
Als de school een plek wordt waar ruimte is voor een huiskamer, een opvoedspreekuur of een inloop met wijkpartners, vervaagt de grens tussen leren, opvoeden en ondersteunen. De kinderopvang sluit daar vanzelf op aan. Samen vormen zij een natuurlijke toegangspoort tot de sociale basis. Niet als voorziening naast de wijk, maar als onderdeel van de wijk. Plekken waar zorgen bespreekbaar zijn. Waar perspectief ontstaat. Waar kinderen groeien en ouders meedoen. In die samenwerking ontstaat een nieuwe dynamiek. Zo verandert de school van een leerplek naar een ankerpunt. En wordt