CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 01 - Ladderonderzoek

Raad Besluitvormingsronde 16 december 2024, gemeente ZwolleBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Spoorzone - District Z, Werkplaatsen en Lurelui23.003 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

De Spoorzone is aantrekkelijk voor leisurefuncties door de strategische ligging, herkenbaarheid en bereikbaarheid. Denkbare functies zijn: 1) functies met grote bezoekersstromen (bijvoorbeeld congresfaciliteiten of een poppodium) en/of 2) functies die een strategische ligging wensen en/of zich op een jonge en innovatieve doelgroep richten (Urban sports, Escape rooms, etc.). 6. Om ondernemers optimaal te faciliteren, is het nodig dat de beschikbare locaties in beeld zijn en dat voor de ondernemer duidelijk is welke kaders hier gelden. Het moet snel duidelijk zijn of en hoe een initiatief op een plek haalbaar is. Cultureel perspectief Zwolle 2040 (mei 2021) In 2040 is Zwolle de experimentele Hanzestad, het kloppend culturele hart van de regio waar kunst en cultuur bijdraagt aan de hoge kwaliteit van leven van eenieder die in de gemeente of regio woont, werkt of deze bezoekt. Zwolle omarmt de volle breedte van het culturele veld door de ontwikkeling van de culturele infrastructuur te omvatten in drie pijlers: cirkels, spots en sterren. Het rijke culturele leven van Zwolle in 2040 oefent grote aantrekkingskracht op het hele land en zelfs daarbuiten. In 2040 staat Zwolle bekend om het experiment en de interdisciplinariteit. Dat maakt de stad spannend voor iedere vrijdenker.

In de historische binnenstad worden inwoners en bezoekers verrast door aanbod van verschillende kleine en grote podia en expositieruimtes. Het maakproces is inmiddels onderdeel van de presentatie. Nieuwe broedplaatsen voor creatieve ondernemers verhogen de creatieve vibe in de stad. Deze is gerealiseerd in de Spoorzone waar cross-overs zijn ontstaan tussen de creatieve industrie, de maakindustrie en het onderwijs. De culturele infrastructuur past bij een stad die inmiddels is uitgegroeid tot de vierde economische regio. Binnen alle disciplines zijn voorzieningen voor beginnende en gevestigde makers, er zijn minstens twee theater- of muziekgezelschappen die cofinanciering vanuit het rijk ontvangen en er zijn presentatieplekken voor experimenteel werk, kleine en grote podia, galeries voor nieuw talent en musea van internationale statuur. Zwolle heeft een bloeiend makerklimaat en er zijn meerdere ‘spots’ met landelijke aantrekkingskracht. Deze nieuwe spots bieden kansen voor grootstedelijke moderne architectuur. Een aantal bestaande instellingen is uit hun voegen gegroeid en deels verhuisd naar de Spoorzone. Museum De Fundatie, Cibap en ArtEZ hebben hier een spot gecreëerd waar tevens nieuw talent gepresenteerd wordt aan (inter)nationaal publiek. Hun aanwezigheid stimuleert de creatieve industrie en de maakindustrie in de Spoorzone.

Het Celekwartier staat bekend om cultuur, diverse podia en expositieruimtes dichtbij Museum De Fundatie en het Academiehuis Grote Kerk Zwolle (hierna te noemen Academiehuis). En er zijn spots waar crossovers gemaakt en gepresenteerd worden van disciplines die we nu nog niet kennen.

45/55

De eerste stappen richting 2040 betreffen het op orde brengen van de basis en een eerste stap te zetten om de schaalsprong te maken naar de hoge ambities richting 2040. Dit wil de gemeente doen binnen de pijlers op diverse gebieden waaronder uitbreiding van het aantal instellingen in de Basisinfrastructuur en door het ophogen van de budgetten voor de incidentele subsidieregelingen. Naast deze investeringen in de breedte brengt de gemeente focus aan op drie specifieke aandachtsgebieden: ● Ruimte voor kunstenaars om te creëren en te presenteren; ● structurele budgetten voor makers in de podiumkunsten; ● investering in talentontwikkeling. De culturele groei van Zwolle loopt over drie parallelle sporen: (1) hogere kwaliteit van het aanbod, (2) een grotere diversiteit van het aanbod en (3) uitbreiding van de capaciteit. Om dit te kunnen realiseren zijn op korte termijn investeringen nodig. De gevestigde culturele instellingen vervullen een rol in het divers maken van het aanbod en het verhogen van de kwaliteit, maar er is meer nodig voor de groei naar grootstedelijkheid. Uit onderzoek blijkt dat momenteel een groot gebrek is aan ruimte voor makers van verschillende disciplines; atelierruimte, expositieruimtes en broedplaatsen. Maar ook kleine podia (ook in de vorm van experimentele festivals) ontbreken in de keten. De regeling Cultuur & Kwaliteit wordt sterk overvraagd.

Zwolse gezelschappen zijn landelijk steeds beter zichtbaar, maar missen structurele subsidie om door te kunnen groeien naar landelijke statuur met bijbehorende cofinanciering. Daarnaast knelt de huidige capaciteit van een aantal bestaande voorzieningen. In 2021 behoren tot de basisinfrastructuur binnen de Spots: ANNO, Filmtheater Fraterhuis, Museum De Fundatie, Hedon, Herman Brood Experience, Zwolse Theaters. Het is wenselijk om vanaf 2022 de basis te verbreden met het Academiehuis de Grote Kerk, Landgoed Anningahof en inzet te plegen voor ruimte voor makers (creëren en presenteren) en een aantal gezelschappen uit de podiumkunsten. In het Zwolle van 2040 versterken creativiteit en economie elkaar. De creatieve opleidingen, kunstinstellingen, studenten en makers vormen een actief en energiek ecosysteem dat het innovatieve vermogen van het Zwolse bedrijfsleven verhoogt. De regeling ArtPitch038 slaat een brug tussen de creatieve sector en andere sectoren zoals welzijn en het MKB. Creatief talent vindt in Zwolle de weg naar de top. Zwolse productiehuizen in verschillende disciplines hebben een internationale reputatie en kunnen rekenen op cofinanciering vanuit het rijk, ook door de samenwerking met creatieve opleidingen uit andere steden.

De samenwerking tussen Museum De Fundatie en Cibap heeft geleid tot een spot in de Spoorzone met internationale allure waarin nieuw talent en experimenteel werk getoond wordt in de klimaatneutrale Future Factory. Zwolle: Actieplan Sport en Bewegen (2016) Op het gebied van sport staat de stad Zwolle er goed voor. De sportparticipatie is hoog en het aandeel bewoners dat lid is van een sportvereniging is hoog ten opzichte van landelijke cijfers. Er is een hoge sportparticipatie onder Zwollenaren, er is een goede en stevige sportinfrastructuur met een kwalitatief goed sportaanbod en een zeer stevig accommodatiebeleid. De huidige cijfers over sport zijn in tabel 8.1 opgenomen. De gemeente wil sport en bewegen gebruiken om bij te dragen aan gezondheids-, participatie-, welzijns- en zorgdoelstellingen. De bestaande verworvenheden wil de gemeente in stand houden, maar waar de gemeente eerder actief stimuleerde en participeerde, wordt het initiatief nu meer bij de sportverenigingen zelf gelegd.

46/55

Tabel 8.1: Kernindicatoren sport gemeente Zwolle Kernindicatoren

Zwolle

Landelijk

Percentage 4-17 jarigen dat voldoet aan de NNGB1

13%

26%

Percentage 4-17 jarigen dat voldoet aan de fitnorm2

64%

36%

Percentage 18-65 jarigen dat voldoet aan de NNGB3

66%

61%

Percentage 18-65 jarigen dat voldoet aan de fitnorm2

22%

20%

Percentage inactieven 18 jaar en ouder4

9%

4%

Percentage 4-18 jarigen dat lid is van een sportvereniging

74%

71%

Percentage 18-75 jarigen dat lid is van een sportvereniging

36%

33%

1Nederlandse Norm Gezond Bewegen 4-17 jaar: dagelijks 60 minuten matig intensieve lichamelijke activiteit , waarbij de activiteiten minimaal tweemaal per week

gericht zijn op het verbeteren of handhaven van lichamelijke fitheid (Bron: Jeugdsportmonitor SSO 2014) 2Ten minste drie keer per week gedurende minimaal 20 minuten zwaar intensieve activiteit (Bron: Gezondheidsatlas GGD 2012) 3Nederlandse Norm Gezond Bewegen 18-65 jaar: minstens 30 minuten matig intensieve activiteit op minimaal 5 dagen per week (Bron: Gezondheidsatlas GGD

2012) 4Geen enkele dag in zomer en winter ten minste 30 minuten matig intensief lichamelijk actief (Bron: Rapport Fit en Gezond in Overijssel).

De kerndoelen van het Actieplan Sport en Bewegen zijn als volgt: 1. Vitale inwoners. De belangrijkste pijlers hierbij zijn: a. Inzet van buurtsportcoaches ten behoeve van sport- en maatschappelijke participatie voor kwetsbare groepen. b. Het initiëren van, participeren in- en/of uitvoeren van gerichte programma’s en projecten op het gebied van sport-, sociale en (een opmaat naar) arbeidsparticipatie, gezonde leefstijl, zorg en op andere beleidsterreinen. c. Activering en stimulering van de rolneming van verenigingen op maatschappelijk vlak. 2. Vitale verenigingen. De gemeente draagt bij aan het behouden en versterken van vitale verenigingen door maatwerk te bieden in ondersteuning en facilitering. Onder meer door middel van: a. Zo veel mogelijk ruimte te bieden aan verenigingen om hun verdienmodellen te optimaliseren door het vergroten van de exploitatiemogelijkheden en -ruimte, het overnemen van beheerstaken door e verenigingen en het zo mogelijk wegnemen van belemmeringen die daaraan in de weg staan. b. Individuele en collectieve verenigingsondersteuning van SSZ (al dan niet tegen betaling) ten behoeve van deskundigheidsbevordering, ontwikkelen van een kwalitatief sportaanbod en bij planontwikkeling in het kader van vergroten van de vitaliteit. c.

Nog nadrukkelijker de buurtsportcoaches in te zetten op de verbinding tussen wijkbehoefte en de maatschappelijke rol van de sportverenigingen en de ontwikkeling van een daarbij passend aanbod. 3. Vitale sportaccommodaties. Accommodaties zijn een belangrijke maar kostbare basis om te komen tot vitale verenigingen en vitale inwoners. Hierbij wordt ingezet op: a. Optimale en efficiënte benutting van de sportaccommodaties waarbij: i. Accommodatievraagstukken en –knelpunten stadsdeelgericht en zo nodig stedelijk worden opgelost. ii. Sportaccommodaties ingezet worden voor meer en andersoortige activiteiten al dan niet voor nieuwe en andere doelgroepen. b. De openbare ruimte als stimulerende sport- en beweegomgeving te handhaven en waar mogelijk (verder) te ontwikkelen ten behoeve van het ongeorganiseerd, anders georganiseerd, maar ook het georganiseerd sporten.

8.2

Trends en ontwikkelingen

Platform Vrijetijdskennis: Vrijetijdstrends voor 2023 Het vrijetijdsgedrag van de Nederlander wordt in 2023 met name beïnvloedt door de inflatie. Het is echter opvallend dat de consument nog steeds veel geld uitgeeft aan leisure. Echter letten zij wel op hun budget. Toerisme en recreatie helpen mensen ‘te genieten van het nu’. Door de diverse onverwachte crisissen van de afgelopen twee jaar leven mensen met

47/55

‘Carpe Diem” motto. Het live ontmoeten van mensen maar ook hosts wordt steeds belangrijker. Zeker nu door personeelstekorten veel proces geautomatiseerd worden. In reizen lijkt de gap tussen grote rondreizen (met een groot budget) en de doelgroepen die echt op het budget letten steeds groter. Reizen lijkt meer en meer een luxe product. Sectorale trends Sport en Bewegen (SBB Trendrapport Zorg, Welzijn en Sport) 1. Groeiende maatschappelijke rol van sport: De sport en bewegen branche raakt steeds intensiever verbonden met andere domeinen. Met gezondheidszorg maar ook participatie en leefbaarheid. Ook die verbinding met cultuur is iets wat meer en meer in beeld komt. De verbinding met beleidssectoren wordt intensiever en breder. Sport wordt vaker ingezet als middel voor het bevorderen van bijvoorbeeld gezondheidszorg of participatie. 2. Meer diversiteit in sport: Het sportlandschap verandert. De aantallen sporters, het aantal verschillende sporten, sportaanbieders en de manier van sporten zijn anders dan 20 jaar geleden. Mensen nemen minder genoegen met een massaproduct, ook binnen de sport verwachten mensen dat het aanbod zo nauw mogelijk aansluit op hun voorkeuren. 3. De veranderende sporter: Mensen gaan steeds meer ‘ongeorganiseerd’ sporten en er is een toename in sporten die mensen zelf gemakkelijk alleen kunnen ondernemen op het moment dat het hen uitkomt.

De afgelopen jaren is een groei waarneembaar in sportdeelname van fitness en duursporten. De sporter stelt steeds meer en andere eisen aan het sportaanbod. 4. Knowledge-based sporten: De sportbranche en de gezondheidszorg groeien steeds dichter bij elkaar. Doordat de zorgvraag verder stijgt is er ook steeds meer behoefte aan ‘knowledge-based’ sporten. Dat betekent dat er voorafgaand wetenschappelijk onderzoek is uitgevoerd naar welke bewegingen of behandelplannen het beste aanslaan bij bepaalde diagnoses. 5. Digitalisering: Digitale technologie oefent steeds meer invloed uit op de sportbranche. De grens tussen offline en online sport begint steeds meer te vervagen. Er is een behoefte om steeds meer kennis te vergaren over hoe mensen bewegen (bijvoorbeeld via smartwatches). Klimsport De klimsport blijft de laatste jaren groeien. Dat is te zien aan het toenemend aantal klim- en boulderhallen en de stijging in het aantal klimmers (Mulier instituut, 2018). Zo was het aantal leden van de Koninklijke Nederlands Klim- en Bergsportvereniging in 2015 58.766 en eind 2018 al bijna 65.000 (jaarverslag NKBV 2018). Dit bevestigt dat de klimsport een volwassen sport is geworden. De toelating van de klimsport tot de Olympische Spelen van Tokyo heeft verder bijgedragen aan de populariteit van de sport.

De verwachting is dan ook dat dat de verenigingen nog veel meer groeien de komende jaren (Nederlandse Koninklijke Klim- en Bergsportvereniging). De klimsport bestaat uit een drietal onderdelen: ● ‘Lead’. De klassieke discipline waarbij de klimmer aan een touw zit en het doel is om zo hoog mogelijk te komen in moeilijke en alsmaar wisselende routes op wanden tot 20 meter hoog. ● ‘Speed’. Een explosieven en opkomende discipline waarbij de klimmer zo snel mogelijk boven moet komen in een vaste route. ● ‘Boulderen’. Een uiterst populaire discipline, waarbij er wordt geklommen op een klimwand met een sterk gereduceerde hoogte. Het touw is vervangbaar door een vangmat. Vooral boulderen is de afgelopen jaren flink in populariteit toegenomen. Zo is het aantal locaties die specifiek ingericht zijn voor het boulderen sinds 2012 hard gestegen (Mulier instituut, 2018). Het precieze aantal mensen dat boulderen als sport beoefent is niet bekend. Zo wordt binnen de NKBV geen onderscheid gemaakt tussen touwklimmers en boulderaars. Wel blijkt uit onderzoek dat ongeveer 40 procent van de boulderaars geen lid is van de NKBV. Ook wordt de sport beoefend door bijvoorbeeld dagjesmensen. De mensen die de sport boulderen beoefenen bestaan veelal uit een jong publiek, en onder kinderen wordt het steeds populairder (Mulier instituut, 2018).

48/55

8.3

Onderzoek

Ten aanzien van bepaalde basisvoorzieningen voor een wijk heeft het onderzoeksbureau Stipo kengetallen ontwikkeld (Kennisbank, Voorzieningenscan, van mensen naar meters, 2012). Met de kengetallen kan een inschatting gemaakt worden van de behoefte aan maatschappelijke, culturele, zorg- en sport binnenvoorzieningen in een (nieuwe) buurt (tabel 8.2). De kengetallen zijn berekend op basis van gemiddelden. Tabel 8.2 Voorzieningenscan functie/voorziening apotheek basisonderwijs* basisonderwijs speciaal onderwijs* bibliotheek buitenschoolse opvang* buurthuis, dorpshuis en wijkcentrum consultatiebureaus** fysio- ergo- en oefentherapeuten gymzaal huisarts jongerencentra*** kinderdagverblijf**** maatschappelijk werk muziekschool en creativiteitscentra peuterspeelzaal***** sporthal tandarts verloskundigen****** verpleeghuis******* verzorgingshuis******* voortgezet onderwijs******** zwembad

gemiddeld aanbod per 1.000 inwoners in m² 31 5.800 1.000 60 585 70 195 54 140 56 110 2.025 25 10 2.650 165 57 39 1.760 2.440 5.200 45 indicatie totaal

Plangebied (1.995 inwoners) 60 670 120 120 70 140 20 110 280 110 30 220 50 20 290 330 110 20 570 790 1.250 90 5.470

* per 1.000 4- tot 11-jarigen (CBS leeftijdsgroep 5-10 jaar) ** per 1.000 0-4-jarigen (CBS leeftijdsgroep 0-5 jaar) *** per 1.000 12- tot 19-jarigen (CBS leeftijdsgroep 10-15 en 15-20 jaar) **** per 1.000 2- en 3-jarigen (CBS leeftijdsgroep 0-5 jaar) ***** per 1.000 0 tot 3-jarigen (CBS leeftijdsgroep 0-5 jaar) ****** per 1.000 vrouwen 15-39 jaar (CBS leeftijdsgroep 15-20, 20-25 en 25-45 jaar) ******* per 1.000 65+'ers (CBS leeftijdsgroep 65-80 en 80+ jaar) ******** per 1.000 12- tot 18-jarigen (CBS leeftijdsgroep 10-15 en 15-20 jaar) De scan is indicatief, mede omdat er nog geen inzicht is in de toekomstige leeftijdsgroepen. Op basis van het te verwachten inwonertal in de nieuwe wijk kunnen er verschillende voorzieningen worden verwacht. Dit betekent niet dat al deze functies in de nieuwe buurt gerealiseerd moeten worden. Dit is een indicatie voor een passend voorzieningenaanbod berekend op basis van gemiddelden. Duidelijk is dat er behoefte is aan ruimte voor verschillende maatschappelijke, culturele, zorgen sportvoorzieningen.

49/55

De behoefte aan leisure en cultuur is onderzocht door Sweco (Voorzieningenonderzoek, september 2023. Hieronder vallen de volgende functies: sociale, maatschappelijke, educatieve en openbare dienstverlening, waaronder begrepen: gezondheidszorg, jeugd/kinderopvang, onderwijs, cultuur en ontmoetingsvoorzieningen: bibliotheken en buurt- en wijkcentra, sport (sporthallen en zwembaden). In totaal is voor drie deelgebieden (Spoorzone, Stadshart en Nieuwe-Veemarkt/Meeuwenlaan) een behoefte berekend van 17.800 tot 18.900 m2 bvo. Voor maatschappelijke voorzieningen is over het algemeen een evenredige ruimtelijke spreiding aan te bevelen die tevens past bij de inwoneraantallen. Omdat de grootste groei is voorzien in de Spoorzone, is het ook aannemelijk dat de het grootste deel van de behoefte hier moet worden geaccommodeerd. Leisure en cultuur zijn twee zeer heterogene sectoren met een sterk gedifferentieerd aanbod. Ook doelgroepen en verzorgingsbereik verschillen sterk per vrijetijdsvoorziening. Zo zijn er voorzieningen met een landelijke aantrekkingskracht (Museum De Fundatie en theater De Spiegel) gemeentelijke of regionale vrijetijdsvoorzieningen (Pathé, Bowlen & Zo, Filmtheater het Fraterhuis) of voorzieningen met een buurt- of wijkfunctie (een zonnebank of sportvoorzieningen).

Doordat leisure uiteenloopt in vorm, doelgroep en functie, laat de behoefte eraan zich niet gemakkelijk kwantificeren. De behoefte is daarom geduid op basis van een kwalitatieve argumenten voor bepaalde leisure en culturele voorzieningen en een analyse waarbij is gekeken naar het huidige aanbod en daarbij ontbrekende concepten. Indoor (actieve) leisure Populair is alles op het gebied van urban sport en zippen en klimmen; bouldering, sport of VR gaming. Ook opkomend is de arcadehal waar jong en oud plezier beleven. Verder wordt leisure meer en meer gecombineerd met horeca, als gevolg van de toenemende borrelcultuur, zoals een ping-pong café of jeu-de-boules bar. Amusement kan bestaan uit meerdere functies los van elkaar of onder éen dak, met groot verschil in oppervlakten tussen verschillende amusement functies. (kleinschalige) sport en fitness. Uit het Voorzieningenonderzoek, september 2023 blijkt dat Zwolle lqua fittness-aanbod net iets onder het landelijk gemiddelde van vestigingen per inwoner ligt. Tot 2035 kan Zwolle 12 vestigingen toevoegen (ca. 4.400 m² bvo). Omdat deze voorzieningen goed passen bij de (toekomstige) bewoners, kan ca. 75% landen in de deelgebieden Stadshart, Spoorzone en Nieuwe Veemarkt/Meeuwenlaan (9 vkp, 3.300 m² bvo). Voor een aantrekkelijk woon- en vestigingsklimaat is een compleet pakket aan (kleinschalig) sport en fitnessvoorzieningen van belang.

Denk daarbij aan één groter fitnesscentrum en ruimte voor meerdere kleinschalige sportconcepten in de plinten, zoals spinning, yoga, barre, crossfit of (reformer) pilates. Sportschool of boulderhal Voor de invulling van sportvoorzieningen in dit deel van de Spoorzone wordt gedacht aan een sportschool of boulderhal. In de directe omgeving van het plangebied zijn verschillende sportscholen (fitnesscentra) aanwezig (figuur 8.1). Aan het Hanzeplein zit een vestiging van fit20. Dit is een sportstudio waar onder begeleiding in 20 minuten gesport kan worden. Daarnaast zit op het terrein van Windesheim sportschool ‘On Campus’. Deze is niet alleen voor studenten bedoeld, maar is voor iedereen toegankelijk. Aan de overzijde van het spoor zijn ook twee sportscholen. De overige sportscholen liggen op grotere afstand tot het plangebied. De sportscholen liggen verspreid over de verschillende wijken in Zwolle. Rond het station is een aantal sportvoorzieningen aanwezig. Deze profiteren vanwege de centrale ligging. Toevoeging van een sportschool op deze locatie betekent een uitbreiding van het sportaanbod in dit gebied. Toevoeging van een sportschool op deze locatie is logisch, juist door deze centrale ligging, zeker wanneer rekening wordt gehouden met de grote woningbouwontwikkeling in de Spoorzone. In Zwolle is het aanbod aan bouldermogelijkheden beperkt.

Enkel Boulderhal Roest op sportpark de Marslanden biedt hier de mogelijkheden voor. In klim- en outdoorcentrum Yosemite en On Campus is een klimhal aanwezig. Dit is echter een andere discipline dan boulderen. Uitbreiding van het aanbod met een tweede boulderhal in de Spoorzone is, gelet op de ruimtelijke spreiding en populariteit van boulderen, passend.

50/55

Figuur 8.1 Inventarisatie sportscholen en klim-/boulderhallen Zwolle omgeving Spoorzone Musea, galerieën en expositieruimtes Uit marktonderzoek van Sweco (Voorzieningenonderzoek, september 2023) blijkt dat er behoefte is aan cultuuraanbod. Het succes van musea is sterk afhankelijk van het initiatief en de locatie. De vraag is niet goed te becijferen door middel van kengetallen. Wel zit de populariteit van musea in de lift; zo is het aantal museumbezoeken tussen 2009 en 2019 toegenomen. De verwachting is dat de cultuursector qua bezoekersaantallen in 2024 weer op hetzelfde niveau komt als in 2019. Zwolle telt 13 musea (klein en groot), met Museum De Fundatie als belangrijke trekker. Ook zijn er diverse kleinere musea, zoals het Herman Brood, buurtmuseum Kamperpoort en Bonami Spelcomputer museum. Een sterk en aantrekkelijk museumconcept draagt zeker bij aan de profilering van Zwolle. De beoogde Fundatie Future Factory (ca. 2.000 m² bvo) is hier een voorbeeld van. Daarnaast is er ruimte voor een nieuw concept, bijvoorbeeld een digital art museum (ca. 1.500 m² bvo) in combinatie met educatie gericht op het DNA van Zwolle (high-tech, handel, en maakindustrie). Gedacht kan worden aan een interactief museum waar kinderen en volwassenen spelenderwijs iets leren. Eventueel in combinatie met ruimtes voor exposities en galerieën.

Fundatie Future Factory Museum De Fundatie is al jaren een zeer succesvolle publiekstrekker en een icoon voor de stad. De gemeente ziet kansen in dit deel van de Spoorzone om Museum De Fundatie meer ruimte te bieden met mogelijkheden om experimenteel werk te tonen en ruimte te bieden aan nieuw talent. Deze Future Factory wordt een nieuw spot met landelijke en mogelijk internationale aantrekkingskracht en draagt daarmee bij aan zowel de versterking van de pijlers sterren als de pijler spots. Museum De Fundatie wordt nu ondersteund vanuit het rijk (als enige Zwolse instelling opgenomen is in de landelijke culturele Basisinfrastructuur 2021-2024). Deze subsidie wil Museum De Fundatie komende periode besteden aan publieksactiviteiten waarin de rol van de kunsten in de noodzaak tot verandering centraal staat. Ze doet dit in samenwerking met creatieve opleidingen (Cibap en ArtEZ) en branchenetwerk Creative Works. Er is daarnaast de ambitie om het eerste klimaatneutrale museum van Nederland te worden.

51/55

Galerieën en expositieruimtes. Recent onderzoek (Verkenning Accommodaties culturele en creatieve sectoren Zwolle, HEVO, 2020) laat een grote behoefte zien aan galerieën en expositieruimte in Zwolle. Momenteel is er maar 750 m² bvo beschikbaar aan expositieruimten. De creatieve industrie is al jaren één van de snelst groeiende sectoren van de Nederlandse economie. De komende jaren is er behoefte aan toename van het aanbod naar 2.000 m² bvo, variërend van circa 200 m² bvo tot 1.000 m² bvo per vestiging. Gezondheidscentrum en ontmoetingsplekken In de spoorzone is ruimte voor een gezondheidscentrum, waarin diverse functies worden geclusterd. Gezondheidscentra liggen bij voorkeur op goed bereikbare locaties, zodat deze ook voor mensen met een beperking en mensen op een hogere leeftijd toegankelijk zijn. Buurten met een groot aantal appartementen (geschikt voor senioren) en een goede ligging en bereikbaarheid zijn Stadshart en de Spoorzone. Basisontmoetingsplekken kunnen mogelijk geïntegreerd worden in andere maatschappelijke voorzieningen. Bij voorkeur bij andere (goed bereikbare) zorg- en welzijnsvoorzieningen. Al is ook integratie in een kindcentrum denkbaar.

8.4

Conclusie

Om de gewenste culturele groei van de stad mogelijk te maken is er behoefte aan een tweede locatie van Museum de Fundatie waar experimenteel werk kan worden getoond en waar ruimte kan worden geboden aan nieuw talent. De nieuwe inwoners zorgen ook voor extra vraag naar maatschappelijke voorzieningen, zorg, leisure en sport. Een gezondheidscentrum is een basisvoorziening in de buurt. Sport en bewegen draagt bij aan gezondheids-, participatie-, welzijns- en zorgdoelstellingen. De beoogde culturele-, maatschappelijke en sportvoorzieningen (totaal circa 11.600 m2 bvo) dragen bij aan een compleet en divers aanbod voor de toekomstige inwoners en gebruikers van het nieuwe gebied. Dit past bij de ambities voor de Spoorzone als levendige en dynamische stedelijke locatie.

52/55

9. BEHOEFTE HOTEL In dit deel van de Spoorzone wordt het Engelenpad gezien als de meest kansrijke plek voor een nieuw hotelconcept. Hier wordt een hotel met een oppervlakte van maximaal 6.200 m2 bvo mogelijk gemaakt. Dit komt neer op een toevoeging van ongeveer 125 kamers. Het hotelconcept moet passen in de gedachte van het Hanzekwartier, een open en uitnodigende uitstraling en een publiek karakter hebben. Als het hotel niet doorgaat kan dit kantoorruimte worden.

9.1

Beleid

Horecavisie 2019-2023 Voor de hotelsector in Zwolle geldt dat vernieuwing wenselijk is, het liefst op locaties dicht bij de binnenstad. Het uitbreidingspotentieel van het aantal kamers in Zwolle tot 2023 is ongeveer 200 kamers, met een bandbreedte van 10%. Grote hoteluitbreiding zal met name plaatsvinden in de Spoorzone en/of Zwarte Waterzone. Indien een concept aantoonbaar marktverruimend is door het aantrekken van nieuwe doelgroepen, dan hoeft het kameraantal niet per definitie ten laste te vallen van de uitbreidingsruimte. Nieuwe hotelconcepten worden getoetst aan de hand van een toetsingskader, de zogenoemde hotelladder. Harde eisen zijn voorzien van een asterisk (*). Andere criteria zijn meer ‘softe’ voorwaarden. Een nieuw hotelconcept wordt getoetst aan de volgende punten: 1. Voegt het hotel iets toe aan bestaand aanbod? a. Worden er nieuwe doelgroepen bediend? b. Valt het beoogde niveau binnen de segmenten waarvoor ruimte is vastgesteld?* c. Zorgt het initiatief voor een kwaliteitsimpuls van directe omgeving (veiligheid, openbare functies, fysieke pandverbetering etc.)? 2. Is er sprake van transformatie? a. Krijgt een bestaand gebouw een nieuwe functie of wordt een gebouw gesloopt en komt er nieuwbouw voor terug? 3. Voldoet initiatief aan ruimtelijke criteria? a.

Zijn er OV verbindingen in directe omgeving of zorgt hotel zelf voor vervoer? Hotel aan snelweg wordt met name door automobilisten bezocht. b. Leidt de verkeersaantrekkende werking niet tot problemen en zijn de parkeervoorzieningen in orde in relatie tot parkeerdruk?* c. Past het initiatief binnen milieu wet- en regelgeving?* d. Past de maat en schaal binnen de ruimtelijke omgeving (geen grote bouwvolumes in woonwijk of natuurgebied)?* 4. Voldoet initiatief aan kwalitatieve en economische criteria? a. Heeft het initiatief een hoogwaardige bedrijfsfilosofie m.b.t. duurzaamheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen? b. Is er aantoonbare financiële haalbaarheid?* c. Is er een financier/eindbelegger/exploitant?

9.2

Trends en ontwikkelingen

Platform Vrijetijdskennis, VrijetijdsTrends 2023 Nu reizen weer mogelijk is ziet het platform een enorme inhaalslag op reizen. Tegelijkertijd stijgen de kosten van vliegen en accommodaties. De reden hiervoor ligt ook bij de inflatie maar ook de hogere kosten voor de gastvrijheidsindustrie. Er zal een groter verschil tussen echt reizen en goedkopere vakanties ontstaan. In reizen lijkt de gap tussen grote rondreizen (met een groot budget) en de doelgroepen die echt op het budget letten steeds groter. Het verre reizen lijkt meer en meer voor

53/55

de rijkere consument weggelegd te zijn. In de financiële banken crises bleek de consument echter niet te stoppen met reizen maar juist in eigen land op vakantie ging. In de corona tijd is het eigen land en zijn de dichtbij bestemmingen zoals Duitsland, Frankrijk en België al populair geworden. De hogere vraag naar accommodaties zal de prijs wel blijven opdrijven. Mogelijk kiezen reizigers dan nu ook voor een ‘Staycation’. Ze blijven thuis, verluxen hun huis en plannen kleine uitjes naar horeca of attracties. ING: Horeca Outlook 2023 De vooruitzichten voor de horeca voor 2023 zijn gematigd positief. Met een historisch laag consumentenvertrouwen, hoge inkoop- personeels- en energiekosten en aanhoudende personeelsschaarste blijven het uitdagende tijden voor horecaondernemers. Voor 2023 verwacht ING toch een volumegroei van circa 5%. Dit betreft deels herstel van de coronapandemie, aangezien de horeca in de eerste twee maanden van 2022 nog met beperkingen had te maken. In 2023 is het volume in de horeca naar verwachting weer terug op het pre-coronaniveau van eind 2019. Het herstel van de coronapandemie verloopt bij de hotels langzamer dan bij de restaurants. Dit komt met name doordat de terugkeer van de zakelijke en intercontinentale reiziger nog enigszins achterblijft. Veel bedrijven zijn nog terughoudend met betrekking tot zakenreizen.

Bovendien gelden soms nog beperkende maatregelen voor reizigers. Niettemin deden Nederlandse hotels in het tweede en derde kwartaal 2022 goede zaken. Met het wegvallen van de beperkende maatregelen kwamen, naast de binnenlandse gasten, ook de buitenlandse toeristen weer in grotere getalen terug naar Nederland. Branche in beeld: het 4-sterrenhotel (Van Spronsen en Partners, 2019) Onderzoeksbureau van Spronsen en Partners heeft een onderzoek uitgevoerd naar de trends en ontwikkelingen in de 4sterrenhotelbranche. Voor deze hotelbranche worden de volgende ontwikkelingen verwacht: ● Strategische posities worden ingenomen: Hotelontwikkelingen zullen voornamelijk plaatsvinden rondom ‘high-traffic locaties’. Dit zijn sleutelposities rondom snelweg- en stadslocaties. Deze locaties zijn goed bereikbaar in de buurt van snelwegen, stadscentra, bedrijvigheid en toeristische voorzieningen. ● Marktpositie hotels is veranderd: het is steeds belangrijker voor een hotel om hun merk relevant te houden. Concept en branding en een kwalitatieve verbetering van het aanbod worden belangrijker. ● Duurzaamheid wordt belangrijker. Duurzame producten, transparant beleid en maatschappelijk verantwoord ondernemen moeten zichtbaar worden gemaakt voor de hotelgast.

9.3

Onderzoek

In 2019 heeft onderzoeksbureau Van Spronsen en Partners onderzoek uitgevoerd naar het logiesaanbod in Zwolle. De volgende uitspraken zijn gedaan over het hotelaanbod in Zwolle: ● De lokale zakelijke individuele vraag naar hotelkamers is zeer goed. Dit komt onder andere door het grote aantal arbeidsplaatsen ten opzichte van de bevolking in Zwolle en de groeiende werkgelegenheid. De stad heeft een sterk zakelijk karakter. ● Lokaal gezien zorgt met name het culturele bezoekmotief voor aantrekkingskracht voor de toeristische hotelvraag. Daarnaast is er volgens hoteliers in Zwolle relatief veel afgeleide toeristische hotelvraag door attracties en evenementen in de regio. De behoefte aan hotelkamers is recent onderzocht (Sweco, voorzieningenonderzoek, september 2023). Hieruit blijkt dat Zwolle tot 2035 een uitbreidingsruimte van ca. 274 tot 532 hotelkamers heeft (13.700 tot 26.600 m2 bvo). De behoefte bestaat uit de autonome groei (in een basisscenario en een hoog groei scenario) en de vervangingsvraag min de harde plancapaciteit. De zachte plannen voor hotelkamers omvatten een groter potentieel aanbod dan de behoefteberekening in het basisscenario aangeeft. Voor de Spoorzone wordt geadviseerd om de ontwikkeling van een hotel in de Spoorzone te stimuleren met 100 - 125 kamers (ca. 5.000 – 6.250 m² bvo).

Deze kan in de behoefte voorzien van bezoekers (evenementenlocatie) gedurende het weekend en is op werkdagen beschikbaar voor de zakelijke- en toeristische markt.

54/55

Hotelgasten kiezen hun hotel voornamelijk vanwege de locatie, de functie en het (unieke) concept. Bijzondere kwalitatieve aspecten leiden over het algemeen tot extra autonome vraag. Denk hierbij aan een urban hostel of een pop-up hotel, die tijdelijk kan worden neergezet wanneer er een groot of meerdaags evenement plaatsvindt in Zwolle of in de beoogde nieuwe evenementenlocatie.

9.4

Conclusie

Er is marktruimte voor een hotel in de Spoorzone. Daarmee kunnen werknemers en bezoekers hun bezoek verlengen en worden combinatiebezoeken (dagrond) gestimuleerd. Een hotel met een omvang van circa 6.200 m2 bvo kan in de behoefte voorzien van bezoekers (evenementenlocatie) gedurende het weekend en is op werkdagen beschikbaar voor de zakelijke- en toeristische markt.

55/55

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=788be9ac-7242-41a5-b3b4-41a06fcecb4d