Beleidsrapportage 2025-2 - Versie ambtelijke organisatie
Tekst van het document
Gekeken wordt welke optimalisaties mogelijk zijn die een positief effect hebben op de businesscase, bijvoorbeeld vergroten van het aantal woningen en/of de parkeeroplossing. Ook wordt gekeken naar subsidiemogelijkheden. Fase van het project, wat hebben we het afgelopen half jaar gedaan, stand van zaken? Het project bevindt zich in de definitiefase. Doel van deze fase is het vaststellen van ruimtelijke randvoorwaarden en het vaststellen van de businesscase. Het aafgelopen half jaar is hard gewerkt aan de sloop van het Kegelhuis, deze is in juni 2025 afgerond. Het gebied wordt in afwachting van de herontwikkeling onderhouden door de ROVA. Wat gaan we het komend half jaar doen en wat zijn de belangrijkste mijlpalen op de langere termijn Het komende half jaar werken we aan afronding van de ruimtelijke randvoorwaarden en het (laten) vaststellen van de verwachtte businesscase voor de gemeente. Er gaat gewerkt worden aan een nieuw en actueel voorkeursscenario voor de ontwikkeling naar woningbouw. Zodra blijkt dat het scenario financieel acceptabel of haalbaar is, wordt het participatieproces op grond van HANZA! opgestart. Vervolgens worden de ruimtelijke randvoorwaarden ter vaststelling aangeboden aan het college en de raad. Daarna kan het aanbestedingstraject starten, de hoop is dat we daar dit jaar nog de eerste stappen in kunnen zetten.
Nadat deze fase is afgerond, start de ontwerpfase met de aanbesteding, waar een uitvraag zal worden gedaan om een schetsontwerp/VO te maken voor deze locatie. Vervolgens wordt op basis daarvan door de ontwikkelaar een Ruimtelijk Ontwikkelplan opgesteld, op basis waarvan de ruimtelijk procedure doorlopen wordt. Risicografiek:
89
Beleidsrapportage 2025-2
Risicografiek 2 - Herontwikkeling Stilohallocatie
Risicografiek 1 - Herontwikkeling Stilohallocatie
Niet actie-vereisend
Niet actie-vereisend
1
3
5
1
10
4
4
15
3
2
Actie-vereisend Direct actie-vereisend
Projectresultaat / kwaliteit Imago
2
3
4
Geld / budget Tijd / planning
Gevolg
Gevolg
4
1
3
5
2
11
2
4
14
4
4
2
1
3
1
2
3
Kans
Geld / budget
Veiligheid
Na maatregelen
2
Imago
Tijd / planning
Voor maatregelen
Voor maatregelen
Actueel
1
Direct actie-vereisend
Projectresultaat / kwaliteit
2
Veiligheid
1
Actie-vereisend
Na maatregelen
1
4
2
3
Kans
16-1-2025
Peildatum 1 januari 2025
4
Actueel
23-6-2025
Peildatum 1 juli 2025
Toelichting risicotabel Ten opzichte van januari 2025 is het juridische risico rondom het Kegelhuis kleiner geworden. Wel loopt het hoger beroep in het kort geding nog, hiervoor geldt een lage risicoinschatting. Het (financiële) risico ten aanzien van de businesscase blijft groot, met name als gevolg van marktomstandigheden en oplopende gemeentelijke kosten. Ook blijft in de huidige marktsituatie het aanbesteden van grond voor woningbouw een risico. Toelichting op de grootste risico’s Het grootste risico betreft op dit moment de financiële haalbaarheid van de herontwikkeling van de locatie & het vinden van een passende parkeeroplossing in deze groene ‘vinger’. Oorzaken daarvoor liggen zowel aan de kosten- als aan de opbrengstenkant. Onderzocht wordt welke aanpassingen in de ruimtelijke randvoorwaarden mogelijk zijn om de financiële haalbaarheid te vergroten. Effecten stikstof Onderzoek heeft uitgewezen dat in de gebruiksfase sprake is van stikstofdepositie. Dit betreft een oud onderzoek. Zodra een marktpartij geselecteerd is wordt gezamenlijk gekeken naar de noodzakelijk stappen waarbij in ieder geval het onderzoek geactualiserd moet worden.
90
Beleidsrapportage 2025-2
Nieuwstad Van
Proces-, Programma- en Projectmanagement
Project
Nieuwstad
Project(risico)profiel
Midden
Project nummer OneWorld
54000035
Begrotingsdoel
6.2.1 We sturen op een woningaanbod dat aansluit bij de vraag
Voortgang betreft de afgelopen periode met peildatum Bestuurlijke opdrachtgever
: 1 juli 2025 : Gerdien Rots
Project omschrijving In Dieze-oost aan de Bisschop Willebrandlaan is sinds 1998 de garage Oving gevestigd. In 2020 is er een koopovereenkomst getekend met projectontwikkelaar BEMOG die de locatie wil ontwikkelen naar een locatie waar gewoond kan worden. In 2021 is er een gemeentelijk projectteam samengesteld. Begin 2024 is er een Anterieure Overeenkomst gesloten en is het Bestemmingsplan (incl. ROP) door de gemeenteraad vastgesteld. Woningbouwproductie Jaar Categorie Vorige rapportage - Nu Goedkoop Middelduur 1 Middelduur 2 Duur
Oplevering 2023
Oplevering 2024
Oplevering 2025
Oplevering 2026
Oplevering 2027
V
V
V
V 25 8 25 26
V
Nu
Nu
Nu
Nu
Nu 25 8 25 26
Oplevering 2028 en later V
Nu
Financiën De ambtelijke kosten zijn gedekt doordat er in Q1 2024 een anterieure overeenkomst gesloten is. Fase van het project, wat hebben we het afgelopen half jaar gedaan, stand van zaken? De sloop van de oude garage is begin 2025 afgerond. Ook is aan het begin van het jaar de 70%-grens van woningverkoop behaald, waardoor de ontwikkelaar kan starten met bouwen. 2 lindes zijn verplant in februari, om de start van de bouw mogelijk te maken. In april is de omgevingsvergunning verleend, in mei is deze onherroepelijk geworden. Ook is in mei het deel van de grond wat eigendom was van de gemeente overgedragen aan BEMOG. Wat gaan we het komend half jaar doen en wat zijn de belangrijkste mijlpalen op de langere termijn In juni is het bouwbord onthuld. Na de bouwvak wordt gestart met de bouw van de appartementen. Dit duurt naar verwachting 1,5 tot 2 jaar, waarna de buitenruimte nog aangelegd moet worden en een deel hiervan overgedragen moet worden aan de gemeente. In oktober is een start-bouw feestje gepland met o.a. betrokkenen en toekomstige bewoners. Ambtenaren vanuit de gemeente en de portefeuillehouder zijn hiervoor ook uitgenodigd.
91
Beleidsrapportage 2025-2 Risicografiek:
Peildatum 1 januari 2025 Peildatum 1 juli 2025
Toelichting risicotabel In de vorige voortgangsrapportage van 1 januari 2025 is al benoemd: “De risico’s zijn allemaal verkleind of niet meer van toepassing. Gezien de huidige fase van het project, met geringe projectrisico's zal dit het laatste risicodossier zijn wat voor het project wordt gemaakt.” Voor het maken van deze voortgangsrapportage is de risicoanalyse nog eenmaal bijgewerkt, resulterend in bovenstaande risicografiek. Dit is de laatste risicoanalyse. Toelichting op de grootste risico’s Schade aan bomen door werkzaamheden Door de bouw van de appartementengebouwen, wordt mogelijk schade veroorzaakt aan bestaande en de verplantte bomen. Directievoering op de bouw moet dit zo veel als mogelijk voorkomen. Effecten stikstof Er zijn bij dit project geen effecten van stikstof.
92
Beleidsrapportage 2025-2
Oude Mars Van
Proces-, Programma- en Projectmanagement
Project
Oude Mars
Project(risico)profiel
Midden
Project nummer OneWorld
53067
Begrotingsdoel
6.2.1 We sturen op een woningaanbod dat aansluit bij de vraag
Voortgang betreft de afgelopen periode met peildatum Bestuurlijke opdrachtgever
: 1 juli 2025 : A. Spaans
Projectomschrijving Gefaseerde uitgifte en realisatie van 102 vrije sectorkavels in het topsegment. Verkoop van de monumentale boerderij De Oude Mars en herbestemming naar een zorgboerderij. Woningbouwproductie Jaar
Uitgifte 2025
Uitgifte 2026
Uitgifte 2027
Uitgifte 2028
Categorie Vorige rapportage - Nu Goedkoop Middelduur 1 Middelduur 2 Duur
V
Nu
V
Nu
V
Nu
4
6
4
2
2
2
V
Nu
0
Financiën In totaal gaat het om 102 kavels die te koop waren. Inmiddels zijn 97 kavels verkocht. Voor de jaren tot 2026-2027 verwachten we dat er gemiddeld 2 per jaar worden verkocht. Oude Mars is een gemeentelijke grondexploitatie. De totale kosten (zonder rekening te houden met winstneming, rente en inflatieparameters) worden geraamd op € 20,3 miljoen, deze worden gedekt door de opbrengsten van € 39,2 miljoen. Het nominale saldo is € 18,9 miljoen positief. Rekening houdend met rente, inflatie en een winstneming van € 13 miljoen bedraagt het verwacht voordelig saldo per 1-1-2024 contant gemaakt € 5,9 miljoen. Het omslagpunt waarbij het verlies omgezet wordt in een winst (break even point) van Oude Mars lag in 2022. Ten opzichte van de MPV 2025 is prognose voor Oude Mars zonder winstneming met € 0,25 mln. gestegen naar € 5,9 mln. positief. Dit wordt met name veroorzaakt door wijziging van de opbrengsten. Fase van het project, wat hebben we het afgelopen half jaar gedaan, stand van zaken? Op dit moment zijn 4 kavels in verkoop. Er zijn werkzaamheden gedaan op het gebied van woonrijp maken en de aanleg van groen. Er zijn kleine ontwerp aanpassingen gemaakt op het gebied van de waterhuishouding in fase 2. Daarnaast worden klachten en vragen vanuit de omgeving en kopers behandeld.
Wat gaan we het komend half jaar doen en wat zijn de belangrijkste mijlpalen op de langere termijn De nog niet verkochte kavels zijn in verkoop. Verder zal een deel openbaar gebied nog opgeleverd moeten worden. Dit jaar streven we er naar 15% woonrijp te maken. We houden een informatieavond voor bewoners. Risicografiek
Toelichting risicotabel Het grootste risico ligt in de veranderende markt waardoor de kavels minder goed verkopen en mogelijke opbrengsten niet worden gehaald. Met name het afgelopen jaar zien we de kans op die risico’s toenemen. De overige risico’s hebben betrekking op de 93
Beleidsrapportage 2025-2 tijdelijke beheersituatie van Oude Mars en de geluidsschermen, wateroverlast etc. Op dit moment is vooral de wateroverlast een belangrijk aandachtspunt. De bodemgesteldheid op de oude mars maakt dat het water niet goed kan wegzakken. Dit in kombinatie met diverse bouwwerkzaamheden die deze bodemgesteldheid verslechten maakt dat bij piek buien en hoge grondwaterstanden het water niet goed weg kan. Als beheersmaatregel nemen we hiervoor een extra post op in de grondexploitatie, daarnaast worden kleine ontwerpaanpassingen doorgevoerd voor fase 2. Het realiseren van deze maatregelen is echter gebonden aan het woonrijp maken van de oude mars, welke in navolging van de oplevering van de woning plaatst vindt. De financiële risico’s zijn nominaal ten opzichte van de MPV jan 2025 licht gedaald aangezien er in 2025 meer verkocht gaat worden dan voorzien. Per saldo zijn de gewogen risico's met € 31.000 gedaald. Toelichting op de grootste risico’s Zie de tekst in de vorige paragraaf. Effecten stikstof Voor de Oude Mars is geen sprake van stikstofproblematiek. Nieuwe bouwaanvragen zullen ook voor de bouwfase bij aanvraag vergunning een stikstof berekening moeten doen. Verwachting, omdat het individuele woningen zijn, is dat het effect hiervan nihil is.
94
Beleidsrapportage 2025-2
Transformatie Oosterenk Van
Proces-, Programma- en Projectmanagement
Programma
Transformatie Oosterenk
Project(risico)profiel
Midden
Project nummer OneWorld
54340897
Begrotingsdoel
6.1.2 We zorgen voor een stad met ruimtelijke kwaliteit en heldere toekomstbestendige ruimtelijke structuren op niveau van concrete projecten en initiatieven
Voortgang betreft de afgelopen periode met peildatum Bestuurlijke opdrachtgever
: 1 juli 2025 : Gerdien Rots
Programma omschrijving In november 2020 heeft de gemeenteraad de gebiedsvisie ‘sterk, groen en gezond Oosterenk’ vastgesteld. We streven de volgende doelen na: 1. We transformeren Oosteren tot een hoogwaardig, prettig en leefbaar gemend stedelijk woon- en werkgebied. 2. We creëren een aantrekkelijk, herkenbaar en bruisend centrum in het gebied. Een kloppend hart in Oosterenk. 3. We creëren een toekomstbestendig leef- en werkklimaat in Oosterenk met een uitnodigende uitstraling, ruimte voor ontmoeting en (sociale) verbinding. In september 2024 heeft de gemeenteraad het Ruimtelijk ontwikkelingsplan voor het centrumgebied van Oosterenk vastgesteld (circa 570 woningen). In juni 2024 heeft de gemeenteraad besloten om een ontwikkelkader op te stellen voor Oosterenk, om beter te kunnen sturen op de vastgestelde ambities en om de volgende stappen in de ontwikkeling van Oosterenk te zetten. Het Ontwikkelkader geeft richting aan de toekomstige ontwikkeling en transformatie van het gebied en dient als instrument om investeringen, beleid en besluitvorming te sturen. Hiervoor zijn ruimtelijke, programmatische, economische en kaders nodig. Dit kader leggen we eind 2025 ter besluitvorming aan het college voor. Woningbouwproductie
De woningbouwproductie bevat het programma o.b.v. het Ruimtelijk Ontwikkelplan centrumontwikkeling Oosterenk (577 woningen). Vanaf 2030 en verder bevat bovenstaande tabel vooralsnog aantallen gebaseerd op eerdere uitgangspunten (ontwikkeling Midwest). Het ontwikkelkader Oosterenk zal inzicht moeten geven in het beoogde programma. Deze zal na vaststelling van het ontwikkelkader verwerkt worden. Financiën Voor de uitvoering van het gebiedsprogramma zijn de middelen tot en met 2025 incidenteel toegekend en vanaf 2026 t/m 2029 50% structureel en 50% incidenteel. Het ontwikkelkader bevat o.a. een financiële strategie. Op basis van de uitwerking van dit kader zal duidelijk zijn welke investeringen nodig zijn om de volgende stap in de transformatie van Oosterenk te zetten. Dit ontwikkelkader leggen wij in eind 2025 ter besluitvorming aan het college voor. Voor het Centrumgebied is in het vierde kwartaal 2023 krediet beschikbaar gesteld. Dekking bestaat voor een deel uit een WBIbijdrage van het Rijk en vanuit eigen middelen (Strategische Investeringsagenda). Voor particuliere initiatieven sluiten we anterieure overeenkomsten af waarin we het kostenverhaal conform de Zwolse plankostenscan opnemen. 95
Beleidsrapportage 2025-2 Fase van het project, wat hebben we het afgelopen half jaar gedaan, stand van zaken? Ontwikkelkader We werken in een aantal stappen toe naar het eindproduct. Afgelopen half jaar is het concept toekomstperspectief opgesteld en zijn ontwikkelscenario's in beeld gebracht. Ook is het ruimtelijk raamwerk met daarin de diverse functies in het gebied (zoals groen, water, mobiliteit) t.b.v. het toekomstig leefbaar woon- en werkgebied verder verfijnd. Over de wijze van participatie is een gesprek gevoerd met de Ondernemersvereniging Oosterenk, Vrolijkheid, Berkum (OVB), met name als het gaat om huurders in het gebied. Eveneens is een start gemaakt met gesprekken met kantooreigenaren in het gebied. De provincie draagt, vanuit de opgave om woningbouw te faciliteren, bij aan de totstandkoming van dit product via een subsidie bijdrage. Centrumgebied Het Centrumgebied omvat twee ontwikkellocaties rondom het Isala ziekenhuis. BPD ontwikkelt aan ‘de Standsrand’ de voormalige waterschapslocatie aan de Dokter van Thienenweg, ongeveer 250 woningen. Op de ‘Kop van de Boulevard’ aan de Dokter Spanjaardweg ontwikkelt Jansen Vastgoed ongeveer 330 woningen en voorzieningen. Voor het deelproject Stadsrand is afgelopen half jaar het Ruimtelijk ontwikkelingsplan (ROP) uitgewerkt naar een structuurplan door de ontwikkelaar.
Voor het deelproject Kop van de Boulevard is een eerste ontwerpstudie gepresenteerd door de ontwikkelaar. De planning van de ontwikkelaar is erop gericht om in het najaar het schetsontwerp af te ronden zodat we daarna kunnen starten met het schrijven van het Omgevingsplan. Isala heeft afgelopen half jaar gewerkt aan het opstellen van een toekomstperspectief. Op korte termijn ligt de focus op onder meer de uitbreiding acute zorg. Waarbij Isala ook ziet dat er rondom het ziekenhuis op korte en langere termijn ontwikkelingen plaatsvinden en in het toekomstperspectief ook ontwikkelprincipes voorstelt voor de langere termijn. Dit perspectief presenteert Isala aan de gemeente en de ontwikkelaars betrokken bij het centrumgebied, waarna hierover besluitvorming plaatsvindt door de Raad van Bestuur van Isala. Als het gaat om de herinrichting van de openbare ruimte is afgelopen periode gewerkt aan het opstellen van een plan van aanpak. Flexwonen Stadsrandkavel In het voorjaar van 2024 is gestart met de realisatie van 58 flexwoningen op de Stadsrandkavel. Eind 2024 zijn de woningen opgeleverd en hebben de eerste bewoners hun intrede gedaan. 13 maart jl. heeft de officiële en feestelijke opening van de locatie plaatsgevonden. Mobiliteitsaanpak Bereikbaarheid (waar parkeren onderdeel van is) is een belangrijk thema op de Oosterenk.
In november 2024 is de eerste fase van de pilot slim parkeren gestart. De lessen van de pilot en het stimuleren van mobiliteitsmanagement willen we verder uitbreiden in het gebied. Hiervoor is het afgelopen periode een start gemaakt met het opstellen van een plan van aanpak 2025- 2028. Om een goed vertrekpunt te hebben, is een nulmeting uitgevoerd. Het gaan dan om een inventarisatie van beschikbare parkeerplaatsen, de bezetting, parkeerduur en parkeermotieven. Dit is de basis geweest voor een stevige doelgroepenanalyse. De provincie Overijssel subsidieert deze activiteiten. Bodemenergieplan Eind 2024 is op basis van de quick scan naar de mogelijkheden van WKO-systemen geconcludeerd dat het nodig is om een bodemenergieplan op te laten stellen voor het gebied. Het bodemenergieplan dient als sturingsmiddel om de beperkte ruimte en capaciteit in de ondergrond zo optimaal mogelijk te benutten. Afgelopen half jaar heeft in het teken gestaan van activiteiten om te komen tot een bodemenergieplan. Hiertoe zijn analyses verricht, zijn omgevingsbelangen in kaart gebracht en is de bodempotentie ingeschat. Hiermee is de basis gelegd voor het opstellen van het plan. Wat gaan we het komend half jaar doen en wat zijn de belangrijkste mijlpalen op de langere termijn
Ontwikkelkader Komend half jaar staat in het teken van nadere uitwerking van een voorkeursontwikkelscenario, ontwikkelstrategie en financiële strategie, communicatie en participatie en besluitvorming door het college eind 2025. We bieden het ontwikkelkader in 2026 aan de gemeenteraad ten behoeve van besluitvorming. Centrumgebied Voor het deelproject Stadsrand staat het komend half jaar in het teken van de beoordeling van het door de ontwikkelaar opgestelde structuurplan aan het Ruimtelijk Ontwikkelingsplan en de anterieure overeenkomst. Eveneens starten we met het schrijven van het Omgevingsplan en de ontwerpopgave. Initiatiefnemer streeft ernaar om eind 2025 een schets ontwerp gereed te hebben. Voor het 96
Beleidsrapportage 2025-2
deelproject Kop van de Boulevard beoordelen we de ontwerpstudie van de ontwikkelaar en gaan we verkennen op welke wijze alvast gestart kan worden met het Omgevingsplan om verdere vertraging te voorkomen. Als het gaat om de herinrichting van de openbare ruimte geven we komend half jaar uitvoering aan het plan van aanpak zoals deze het eerste half jaar is opgesteld. Na de zomerperiode wordt de reactie op het toekomstperspectief van Isala gedeeld en worden er nadere afspraken gemaakt over de uitwerking van de ontwikkelprincipes op korte- en langere termijn. Afstemming met het nog af te ronden ontwikkelkader voor Oosterenk is daarbij ook noodzakelijk. Mobiliteitsaanpak Begin juli a.s. organiseren we een stakeholderssessie via het platform mobiliteit. Dit platform bestaat uit de Ondernemersvereniging Oosterenk, Vrolijkheid, Berkum, enkele gebouweigenaren en mobiliteitsmakelaar van de provincie Overijssel. Doel is om input op te halen voor de mobiliteitsaanpak en om de samenwerking in het gebied verder vorm te geven. Komend half jaar zal in het teken staan van afronding van de mobiliteitsaanpak voor de komende jaren. Bodemenergieplan Om samenwerking tussen eigenaren in het gebied mogelijk te maken gaan we komend half jaar in gesprek met de ontwikkelaars en betrokkenen over het bodemenergieplan.
Hierbij maken we een knip tussen project centrumontwikkeling en het zuidelijke deel van Oosterenk. Streven is erop gericht om eind 2025 het bodemenergieplan af te ronden. Risicografiek:
Peildatum 1 januari 2025
Peildatum 1 juli 2025
Toelichting risicotabel Het risicoprofiel Oosterenk is te kwalificeren als gemiddeld. Het betreft hier een gebiedsontwikkeling waarbij de gemeente beperkt positie heeft. De impact op imagoschade en kwaliteit van de leefomgeving voor de bewoners van de circa 570 nieuwe woningen in het Centrumgebied van Oosterenk kan groot zijn als het programma geen vervolg krijgt. Een groot risico is de stagnatie van de bouw door marktomstandigheden. Ten opzichte van een half jaar geleden zien we beperkte wijzigingen in het risicoprofiel. Grootste relevante wijziging in de context is dat de gemeenteraad het Ruimtelijk Toekomstperspectief begin juli jl. heeft vastgesteld. Dit toekomstperspectief heeft impact op het gebied en wij zullen dit dan ook betrekken bij het af te ronden ontwikkelkader Oosterenk. Toelichting op de grootste risico’s 1.
Versnipperd eigendom en beperkt gemeentelijk bezit vraagt om een andere gemeentelijke rol. Het transformeren van Oosterenk naar een gemengd woon-/werkgebied vraagt een grote inzet en een andere rol van de gemeente om de partijen mee te krijgen in een goede transformatie. Dit vanwege het beperkte gemeentelijke grondbezit in het gebied en een versnippering van eigendommen. Om deze reden is de gemeente op dit moment bezig om een ontwikkelstrategie uit te werken (zie ook ontwikkelkader).
2. Onvoldoende financiering voor transformatie naar gemengd woon-/werkgebied Voor de investeringen in het centrumgebied van Oosterenk is dekking gevonden in o.a. een Rijksbijdrage uit het Woninbouwimpuls, bijdrage van ontwikkelende partijen en een gemeentelijke bijdrage. Dit betreft slechts een deel van Oosterenk. Om, overeenkomstig de door de gemeenteraad vastgestelde visie, een gemengd woon- en werkgebied in Oosterenk te creëren is het van belang om te investeren in mobiliteitsoplossingen om de bereikbaarheid van het gebied te kunnen garanderen en een oplossing te bieden aan het maaiveld parkeren. Daarnaast is het noodzakelijk om op termijn te investeren in het vergroenen van de buitenruimte, het toevoegen van wandel- en (vrij liggende) fietspaden en het goed bereikbaar houden van het gebied. Voor maatregelen buiten het centrumgebied is vooralsnog geen dekking.
97
Beleidsrapportage 2025-2
3. Impact van het Ruimtelijk Toekomstperspectief op Oosterenk is nog onzeker, waardoor investeringen achterblijven Het Ruimtelijk Toekomstperspectief is begin juli jl. door de gemeenteraad vastgesteld en de aanvulling van de Omgevingsvisie wordt naar verwachting eind 2025 vastgesteld. De uitkomsten van het Ruimtelijk Toekomstperspectief betrekken wij het opstellen van het ontwikkelkader Oosterenk. Op dit moment is het echter voor stakeholders onzeker waar de ontwikkeling van dit gebied naar toe gaat en waar we over tien jaar willen staan met dit gebied. Daar het gebrek aan een duidelijk eindbeeld van het gebied is het vooralsnog lastig om stakeholders aan ons te verbinden en kunnen investeringen van ondernemers achterblijven. Effecten stikstof Oosterenk is gezien de ligging ten opzichte van natura 2000 gebied één van de zes ontwikkelgebieden in Zwolle waar stikstof verhoogde aandacht vraagt. Er worden op basis van actuele gegevens berekeningen uitgevoerd om de stikstofruimte voor de ontwikkelingen van de deelgebieden te kunnen bepalen. De eerste doorrekening laat zien dat de ontwikkeling van het centrumgebied een geringe stikstofdepositie heeft op het meest nabij gelegen Natura 2000 gebied (Vecht). De mogelijke ecologische effecten worden per project nader onderzocht.
De gevolgen van de recente stikstofuitspraken van januari 2025 en worden op stads- en gebiedsniveau nader onderzocht.
98
Beleidsrapportage 2025-2
Ruimtelijke initiatieven (NRI) Van
Proces-, Programma- en Projectmanagement
Project
Nieuwe Ruimtelijke Initiatieven
Project(risico)profiel
Midden
Project nummer OneWorld 54360009 Begrotingsdoel
6.1.2 We zorgen voor een stad met ruimtelijke kwaliteit en heldere toekomstbestendige ruimtelijke structuren op het niveau van concrete projecten en initiatieven
Voortgang betreft de afgelopen periode met peildatum Bestuurlijke opdrachtgever
: 1 juli 2025 : Gerdien Rots
Project omschrijving Deze voortgangsrapportage beschrijft de voortgang van de nieuwe ruimtelijke initiatieven (NRI’s) in de stad. Het gaat vooral om ontwikkelingen op particuliere gronden waarvoor een planologische procedure voor doorlopen moet worden. Het zijn minder complexe projecten die na bespreking aan de initiatieventafel en het planbegeleidingsteam niet via de routekaart worden opgepakt. De projectleiders begeleiden de plannen tot aan het moment waarop een Omgevingsvergunning wordt aangevraagd. Ze blijven daarna voor de initiatiefnemers het eerste aanspreekpunt totdat de plannen gerealiseerd zijn. Het doel is om efficiënt en zorgvuldig van planidee tot realisatie te komen. Gedurende de begeleiding blijft de initiatiefnemer verantwoordelijk voor het doorlopen van het proces om het plan te realiseren. De gemeente neemt hierin een faciliterende/begeleidende rol. Woningbouwproductie Binnen de nieuwe ruimtelijke initiatieven worden er verschillende (type en aantallen) woningen gerealiseerd. Omdat wij zelf niet de initiatiefnemer zijn (en daarmee een beperkte invloed hebben op de voortgang van een initiatief), is het voor de nieuwe ruimtelijke initiatieven lastig om een prognose te geven wanneer woningen worden opgeleverd. Financiën De begeleiding van het plan wordt gedeeltelijk gefinancierd uit het budget ruimtelijke plannen.
Het financiële risico voor de gemeente is echter beperkt omdat het eerste kostenverhaal al in een vroegtijdig stadium wordt verzekerd op het moment dat een initiatief als “kansrijk” wordt beoordeeld. We leggen dit vast in een procesbrief. Naast de kosten voor planbegeleiding worden de kosten voor het opstellen van een anterieure overeenkomst en de planologische procedure verhaald op de initiatiefnemer. Fase van het project / stand van zaken Op dit moment begeleiden we 50 initiatieven in verschillende fases van het NRI-proces. In de meeste plannen is er sprake van toevoeging van woningen, zowel binnenstedelijk als in het buitengebied in het kader van de kwaliteitsimpuls groene omgeving (KGO). Het gaat om 26 woningbouwplannen, 12 KGO’s in het buitengebied (doorgaans 1 woning per KGO) en 12 overige initiatieven waaronder transformatie van bestaand vastgoed, uitbreiding zandwinning en zonneparken. Toelichting op de grootste risico’s De afgelopen jaren is er bij elke risicoanalyse scherp gekeken naar de selectie van de risico’s. Aanvankelijk deden we dit voor ieder initiatief afzonderlijk, echter kwamen we daarin uit op een zelfde set risico’s. We zijn daarom overgegaan tot een beschrijving van algemene risico’s die zich kunnen voordoen binnen het NRI proces. We hebben geconcludeerd dat het grootste risico voor alle NRI’s is dat een procedure de eindstreep niet haalt.
Hier kunnen verschillenden redenen aan ten grondslag liggen. Omdat de gemeente het proces faciliteert is de initiatiefnemer degene die het grootste risico draagt; zowel op budget als op de haalbaarheid van het plan. Het invullen van het risicoregister met een uitsplitsing per initiatief is daardoor ook niet langer nodig. Risico op beperkte voortgang door beperkte capaciteit De oorzaken voor het gebrek aan voortgang zijn divers, maar kan het gevolg zijn van een beperkte capaciteit binnen de gemeentelijke organisatie. Of kan ontstaan door wisselingen onder de adviseurs die NRI’s beoordelen. We werken al een tijd met een vast team van projectleiders. En er zijn ook weinig wisselingen geweest onder de adviseurs van de adviestafels. Dit komt de continuïteit en voortgang ten goede. De capaciteit vanuit vastgoed en juridische planologie heeft onder druk gestaan, maar dat is het afgelopen jaar weer op sterkte gebracht. Positieve ontwikkeling voor de voortgang is dat we met een nieuw dossierformulier (via OneNote) werken. Adviezen en acties zijn goed te volgen, waardoor we minder kwetsbaar zijn bij overdracht van NRI’s aan andere adviseurs. Wijziging van gemeentelijk beleid kan leiden tot extra advieskosten 99
Beleidsrapportage 2025-2 De kans is aanwezig dat gedurende de planvorming van een project er sprake is van wijzigingen in het gemeentelijk beleid. De initiatieven die nog in de plan- of ontwerpfase zitten moeten in dat geval (opnieuw) getoetst worden aan het gewijzigde beleid. Dit betekent dat onze adviseurs extra tijd kwijt zijn voor de toetsing. Door de invoering van de Omgevingswet is dit risico in de afgelopen periode toegenomen. In de praktijk heeft dit nog geen grote inhoudelijke consequenties gehad voor lopende initiatieven. Plannen concurreren onderling met elkaar Indien het aantal plannen met vergelijkbaar bouwprogramma in een bepaald gebied toenenen kan sprake zijn van onderlinge concurrentie. Het belang van het ene project kan ten koste gaan van het andere, bijvoorbeeld doordat parkeren voor het ene initiatief wel (deels) in de openbare ruimte kan worden opgelost en voor een ander initiatief deze ruimte er niet meer is. Dit risico wordt beheerst door alle NRI’s te behandelen met een vaste groep adviseurs. Dat geldt voor zowel de initiatieventafel als het planbegeleidingsteam. De uitkomsten daarvan worden in een vroegtijdig stadium teruggekoppeld aan de initiatiefnemers. Effecten stikstof Tot nu toe is stikstof niet erg beperkend geweest voor de NRI omdat het gaat om relatief kleine ruimtelijke ontwikkelingen met minder impact op de directe omgeving.
Voor initiatieven waarbij stikstof een groter risico vormt, bijvoorbeeld vanwege de ligging nabij Natura2000, wordt in een vroegtijdig stadium de initiatiefnemer hierop geattendeerd. Hiermee willen we voorkomen dat een plan al ver is uitgewerkt, terwijl later blijkt dat ze geen doorgang kunnen vinden vanwege een te grote stikstofdepositie. Het risico is voor de gemeente beperkt aangezien het eerste kostenverhaal al in een vroegtijdig stadium plaatsvindt (na versturen van de procesbrief), en de gemeente niet de initiatiefnemer is van deze projecten.
100