Armoede en schuldenmonitor 2024
Tekst van het document
86
Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024 Ontwikkelingen in armoede- en schuldenproblematiek
Opdrachtnemer Versie Datum
Data, Geo & Onderzoek Definitief 29 augustus 2024
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Colofon Conceptrapport Armoede- en Schuldenmonitor 2024 Gemeente Zwolle Augustus 2024
Opdrachtgever Maatschappelijke Ontwikkeling, Gemeente Zwolle
Samenstelling Afdeling Informatievoorziening/ Gemeente Zwolle
2/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave
3
Samenvatting
6
1 1.1 1.2
Inleiding Gebruik van brondata Leeswijzer
11 11 11
Deel I Huishoudens met een laag inkomen in Zwolle
13
2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7
Huishoudens met een laag inkomen in Zwolle Definitie armoede Ontwikkeling in huishoudens met een laag inkomen Huishoudens met laag inkomen naar huishoudtype Huishoudens met laag inkomen naar leeftijd hoofdkostwinner Huishoudens met laag inkomen naar inkomensbron Huishoudens met laag inkomen naar Zwolse wijken Kinderen in huishoudens met laag inkomen
14 14 14 17 18 20 21 22
3 3.1 3.2 3.3 3.4
Huishoudens met langdurig laag inkomen in Zwolle Ontwikkeling in huishoudens met een langdurig laag inkomen Huishoudens met langdurig laag inkomen naar kenmerken Huishoudens met langdurig laag inkomen naar inkomensbron Kinderen in huishoudens met langdurig laag inkomen
26 26 27 27 28
4 4.1 4.1.1 4.1.2 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.9.1 4.9.2 4.9.3 4.9.4 4.9.5 4.10
Bereik van inkomensondersteunende regelingen in Zwolle Uitkeringen Aantal uitkeringen, ontwikkeling en populatie Instroom en uitstroom uitkeringen Bijzondere bijstand Zorgkostenregeling Individuele inkomenstoeslag Participatiefonds Studietoeslag Energietoeslag Kwijtschelding van gemeentebelasting Regelingen voor kinderen Kindregeling Sport- en cultuuractiviteiten en vakanties Armoede en gezondheid kinderen Peuterspeelzaal Zwemvangnet Stichting Noodfonds
30 30 30 32 36 37 37 38 38 39 39 40 40 41 43 44 44 45 3/86
86
Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
4.11
Voedselbank
45
Deel II Schuldenproblematiek in Zwolle
47
5 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9 5.10 5.11 5.12
Omvang en ontwikkeling schuldenproblematiek Definitie schuldenproblematiek Omvang en ontwikkeling hulpvraag OpOrde Omvang en ontwikkeling hulpvraag Schulddienstverlening Gemiddelde schuldenlast bij schuldregelingen Aandeel schulden uitbetaald aan schuldeiser Aantal schuldeisers Meest voorkomende schuldeisers Beslagleggingen op bijstandsuitkeringen Huisuitzettingen Crisisaanvragen Gebruik bijzondere bijstand voor beschermingsbewind Betaalgedrag en risicoprofiel
48 48 48 49 50 50 51 51 52 53 53 54 54
6 6.1 6.1.1 6.1.2 6.1.3 6.1.4 6.1.5 6.1.6 6.2 6.2.1 6.2.2 6.2.3 6.2.4
Bereik van ondersteuning bij geldzorgen in Zwolle Bereik inzet op voorkomen van geldproblemen Bezoek website Geldfit.nl Gebruik geldplannen Nibud Gebruik instrument BerekenUwRecht Deelname Week van het Geld Vroegsignalering Gebruik Financieel Spreekuur Deltion College Bereik ondersteuning bij geldproblemen Bereik schulddienstverlening Bereik Perspectieffonds Bezoek website Mijn Geldzaken Doorlooptijden schulddienstverleningstrajecten
56 56 56 57 58 59 60 61 61 61 64 64 65
7 7.1 7.2 7.3
Kenmerken inwoners aangemeld schulddienstverlening Type huishouden Leeftijd Wijk
66 66 66 67
8 8.1 8.2 8.3
Ondernemers en schulden Faillissementen van bedrijven en instellingen Gebruik Bbz door ondernemers Bereik schulddienstverlening ondernemers
68 68 68 69
Datum
4/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Bijlage 1 Gebruikte databronnen
71
Bijlage 2 Verklarende begrippenlijst
72
Bijlage 3 Grafieken huishoudens inkomen tot 130% sociaal minimum
75
Bijlage 4 Tabel huishoudens met laag inkomen
81
Bijlage 5 Grafieken huishoudens langdurig inkomen tot 130% sociaal minimum
82
Bijlage 6 Tabel huishoudens met langdurig laag inkomen
84
Bijlage 7 Tabellen uitkeringen
85
5/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Samenvatting Om een effectief armoede- en schuldenbeleid voor de inwoners van Zwolle te maken, volgt de gemeente Zwolle de ontwikkelingen in de armoede- en schuldenproblematiek. Elk jaar wordt een rapportage opgesteld met de resultaten van deze monitoring.
Ontwikkelingen armoedeproblematiek in Zwolle Deel I van deze rapportage gaat in op de armoedeproblematiek in Zwolle. Hoofdstukken 2 en 3 gaan over de huishoudens (en personen) met lage inkomens (tot 110% en 130% van het sociaal minimum). Deze gegevens zijn afkomstig uit het Integrale Inkomens- en Vermogensonderzoek (IIV) van het CBS. Het peiljaar is 2021, tenzij anders vermeld. Regelmatig worden ook de voorlopige cijfers van 2022 gepresenteerd. Meer recente cijfers zijn niet beschikbaar.1 Het aantal huishoudens met een laag inkomen is licht afgenomen De cijfers laten zien dat het aandeel huishoudens met een laag inkomen (tot 110% en 130% van het sociaal minimum) tussen 2020 en 2021 is afgenomen, respectievelijk van 10,7% naar 10,3% en van 15,9% naar 15,2%. Ook laten de voorlopige cijfers zien dat tussen 2021 en 2022 dit aandeel verder zal dalen. Deze ontwikkeling is in lijn met de landelijke trend. De cijfers laten ook zien dat het aandeel Zwolse kinderen dat in een huishouden met een laag inkomen (tot 110% en 130% van het sociaal minimum) woont, sinds 2016 daalt van respectievelijk 8,8% in 2016 naar 7,0% in 2021 en 12,2% in 2016 naar 10,8% in 2021. Er is meer gebruik gemaakt van Zwolse inkomensregelingen voor kinderen We zien dat meer gebruik is gemaakt van Zwolse inkomensregelingen voor kinderen tussen 2022 en 2023.
Dit is deels een gevolg van de verruimingen van de inkomensen/of leeftijdsgrenzen in deze regelingen. Ook is extra ingezet op het bereiken van de doelgroep.
Ontwikkelingen schuldenproblematiek in Zwolle Deel II van de monitor gaat in op de schuldenproblematiek in Zwolle. Hiervoor worden veelal gegevens gebruikt uit gemeentelijke bronnen met als peiljaar 2023, tenzij anders vermeld. Mensen met financiële zorgen vinden eerder de weg naar hulp Uit deze cijfers komt een beeld naar voren dat de inspanningen om mensen met schulden eerder in beeld te krijgen, z’n vruchten begint af te werpen. Het lijkt er op dat mensen de weg naar hulp bij financiële zorgen eerder vinden. Zo hadden de spreekuren van Op Orde en het Deltion College in 2023 de hoogste bezoekersaantallen sinds jaren. Ook zijn meer inwoners met schulden geholpen met het Perspectieffonds en meer inwoners benaderd in het kader van vroegsignalering als in 2023.
1 Het Integrale Inkomens- en Vermogensonderzoek wordt jaarlijks door het CBS uitgevoerd. De cijfers op
gemeenteniveau komen pas (veel) later beschikbaar. Zodoende rapporteren we in deze monitor cijfers van 2020 en voorlopige cijfers van 2021. 6/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Cijfers duiden op een toename van mensen met financiële problemen De cijfers van Geldfit laten zien dat het aandeel Zwolse huishoudens dat een groot risico loopt om problematische schulden te krijgen, is gestegen. In 2023 waren er dan ook meer aanvragen voor schulddienstverlening dan in het jaar ervoor. Verder zien we dat de gemiddelde schuldenlast van inwoners met een schuldregeling in 2023 het hoogst was sinds jaren. Er zijn meer ondernemers bereikt Tot slot zien we dat, in lijn met de landelijke ontwikkelingen, ondernemers met financiële problemen steeds beter worden bereikt. Hieronder wordt in detail een samenvatting gegeven van zowel de armoede- als de schuldenproblematiek in Zwolle.
Deel I Huishoudens met een laag inkomen in Zwolle Huishoudens met een laag inkomen ▪ De voorlopige cijfers duiden op een daling in het aandeel huishoudens met een laag inkomen. Deze ontwikkeling is in lijn met de landelijke trend. ▪ Zwolle heeft in 2021 circa 5.900 huishoudens (exclusief studenten) met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum. Dat is 10,3% van de huishoudens in Zwolle, wat een kleiner aandeel is dan in 2020 (10,7%). Huishoudens met een laag inkomen zijn verhoudingsgewijs vaak eenpersoonshuishoudens (73%). ▪ Het grootste deel (70%) van de huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum in Zwolle heeft een hoofdkostwinner in de leeftijd van 25 t/m 64 jaar. De leeftijdsverdeling van de huishoudens met een laag inkomen verschilt niet met die van de Zwolse bevolking. ▪ Van de huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum heeft ruim de helft (54%) een uitkering bestaande uit een sociale voorziening als bron van inkomen en 8% een inkomen uit arbeid. ▪ Huishoudens met een laag inkomen zijn relatief vaak te vinden in de wijken Diezerpoort (18%) en Holtenbroek (16%). ▪ In Zwolle wonen 26.300 kinderen, waarvan ruim 1.800 kinderen in een huishouden met een laag inkomen wonen (7,0%). Dit aandeel vertoont een dalende trend (in 2016 was dit 7,8%). Het overgrote deel van de kinderen uit deze huishoudens woont in een eenoudergezin.
Huishoudens met een langdurig laag inkomen ▪ In 2021 telt Zwolle 3.400 huishoudens met een langdurig laag inkomen tot 110% van het sociaal minimum. Dat is ruim de helft (58%) van alle 5.900 huishoudens met een laag inkomen tot 110% van het sociaal minimum. In 2021 waren er 5.400 huishoudens met een langdurig laag inkomen tot 130% van het sociaal minimum. Dat is 69% van alle huishoudens met een laag inkomen tot 130% van het sociaal minimum. ▪ Van alle Zwolse huishoudens in 2021 behoort 6,2% tot de huishoudens met een langdurig laag inkomen. Dit percentage is iets lager dan in 2020 (6,3%).
7/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
▪
In Zwolle wonen in 2021 ongeveer 1.000 kinderen in een huishouden met een langdurig laag inkomen. Dit is 4,0% van alle kinderen. Dit percentage is iets hoger dan in 2020 (3,9%).
Gebruik van Zwolse inkomensregelingen ▪ Het aantal bijstandsuitkeringen in Zwolle neemt iets toe in 2023: van 3.400 begin 2023 tot bijna 3.500 bijstandsuitkeringen begin 2024. ▪ De instroom in uitkeringen van de gemeente Zwolle is in 2023 groter dan in 2022. De uitstroom neemt al een aantal jaren af. In 2023 is de instroom (847) groter dan de uitstroom (677). ▪ In 2023 maken ongeveer 2.200 huishoudens gebruik van bijzondere bijstand. Dit aantal nam af tussen 2021 en 2023. ▪ In 2023 wordt bijna 1.300 keer de zorgkostenregeling toegekend vanwege hoge zorgkosten en ongeveer 2.100 keer voor de vergoeding van het eigen risico. Deze aantallen zijn vergelijkbaar met 2022. ▪ In 2023 maken circa 2.600 huishoudens gebruik van de individuele inkomenstoeslag. Dit aantal is vergelijkbaar met voorgaande jaren. ▪ Het aantal toekenningen voor het Participatiefonds is in 2023 bijna 2.800. Dit is vergelijkbaar met voorgaande jaren. ▪ In 2023 ontvangen 252 studenten een studietoeslag. Dit is meer dan in 2022 toen 180 studenten deze toeslag ontvingen. ▪ De Energietoeslag 2023 is bijna 7.900 keer verstrekt. Dat is minder vaak dan de Energietoeslag 2022 die bijna 10.600 keer is verstrekt. De afname in het aantal toekenningen komt door de daling van de energieprijzen. Verder geldt voor de Energietoeslag 2023 dat studenten en jongeren tot 21 jaar zijn uitgesloten.
Zij konden de Energietoeslag 2022 wel aanvragen. ▪ In 2023 is aan ongeveer 3.800 huishoudens kwijtschelding van de gemeentebelasting verleend. Dit is iets meer dan in 2022 maar iets minder dan in 2020 en 2021. ▪
▪
▪
▪
▪
In 2023 zijn circa 1.100 aanvragen voor de Kindregeling toegekend. Daarmee zijn ruim 2.000 kinderen en jongeren bereikt. Dit is meer dan in 2021 en 2022. Deze toename komt door de verruiming van de inkomensgrens, de vereenvoudiging van de regeling en de extra inzet op de bekendheid van de regeling. Er zijn in 2023 781 kinderen en jongeren geholpen door het Jeugdfonds Sport. Dit is meer dan in voorgaande jaren. Dit is een gevolg is van de verruiming van de leeftijdsgrens (4 tot en met 23 jaar) en de extra inzet op het bereiken van kinderen. Acht Zwolse scholen waren aangesloten bij het Jeugdeducatiefonds in 2023. Deze scholen hebben 133 aanvragen gedaan voor ondersteuning aan zowel individuele kinderen als groepen. Daarnaast maakten 14 scholen gebruik van de mogelijkheid om een ontbijt of lunch aan te bieden. In 2023 zijn 40 gezinnen en 36 alleenstaanden met een bijdrage van Stichting Weekje Weg op vakantie geweest. Dit is evenveel als in 2022. Tien kinderen zijn mee geweest met een zeilkamp van de Ruime Wind. Dit zijn er minder dan in voorgaande jaren. In 2023 zijn 204 kinderen en jongeren uit huishoudens met een laag inkomen financieel ondersteund middels de regeling Armoede en gezondheid kinderen. Dat zijn er fors meer dan de 126 die in 2022 deze ondersteuning kregen.
Dit komt waarschijnlijk mede door een verruiming van de leeftijdsgrens (tot 18 jaar) en inkomensgrens (130% van het sociaal minimum). 8/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
▪
170 peuters kregen in 2023 gratis peuteropvang. Dit aantal ligt hoger dan in 2022 (142) en is vergelijkbaar met 2021 (167).
▪
In 2023 hebben 358 kinderen gebruik gemaakt van het Zwemvangnet. Dit aantal is vergelijkbaar met dat in 2022 (365). Voor het Noodfonds zijn in 2023 269 aanvragen toegekend. Dit is het hoogste aantal sinds 2019. Het aantal aanvragen is weer op hetzelfde niveau als voor de coronajaren. Gemiddeld maakten in 2023 351 huishoudens uit Zwolle, Dalfsen en Nieuwleusen gebruik van de Voedselbank. Het gebruik nam in de loop van 2023 af, na een forse stijging tussen half 2022 en begin 2023 als gevolg van de hoge energieprijzen.
▪
▪
Deel II Schuldenproblematiek in Zwolle Omvang en samenstelling problematische schulden ▪ In 2023 bezochten 3.600 Zwolse inwoners een inloopspreekuur van Op Orde. Dat is meer dan in 2022 (3.200) en 2021 (2.500). De Sociaal Raadlieden hielpen 326 inwoners met schulden. Dat is meer dan in 2022 (228). ▪ Er waren 308 aanvragen voor schulddienstverlening in 2023. Dat is meer dan in 2022 toen er 270 aanvragen waren. Deze toename is in lijn met de landelijke trend ▪ De gemiddelde schuldenlast van inwoners voor wie een schuldregeling is opgestart, was in 2023 ongeveer €35.000. Dit is hoger dan het gemiddelde in 2022 (€25.000) en de gemiddelden in de jaren daarvoor. Het ligtonder het landelijk gemiddelde. ▪ De Belastingdienst is de meest voorkomende schuldeiser van Zwolse inwoners die schulddienstverlening ontvangen, gevolgd door zorgverzekeraar Zilveren Kruis Achmea en het Centraal Justitieel Incasso Bureau. ▪ Bij 433 inwoners is geprobeerd beslag te leggen op de bijstandsuitkering. Dit is het laagste aantal in de afgelopen vijf jaar. ▪ In 2023 zijn zeven huizen ontruimd. Dit is een kleiner aantal dan in voorgaande jaren. ▪ Er zijn 9 crisisaanvragen gedaan in 2023. Dit is evenveel als in 2022. ▪ In 2023 hebben bijna 1.400 inwoners bijzondere bijstand gebruikt voor de bekostiging van het beschermingsbewind. Dit aantal daalt sinds 2021.
▪ Het aandeel inwoners in Zwolle dat een groot risico loopt op schulden, afgeleid uit hun betaalgedrag, is gestegen (van 33% in 2022 naar 43% in 2023). Het aandeel huishoudens met een laag risico is juist kleiner geworden (van 36% in 2022 naar 27% in 2023). Bereik informatie en ondersteuning ▪ Het aantal Zwolse inwoners dat in 2023 de website Geldfit heeft bezocht, is met bijna 6.000 lager dan in 2022 (7.400) maar nog altijd hoger dan in de jaren 2018 t/m 2021. ▪ Het gebruik van de geldplannen van het Nibud door Zwolse inwoners neemt ieder jaar toe. ▪ Het online instrument BerekenUwRecht werd in 2023 door bijna 1.600 Zwolse inwoners gebruikt. Dit is minder dan in 2022. In de jaren 2020 t/m 2022 nam het gebruik juist flink toe.
9/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
▪ ▪
▪
▪
▪
▪ ▪
▪
In 2023 namen 15 Zwolse basisscholen deel aan de Week van het Geld. Dit aantal is vergelijkbaar met de voorgaande jaren. Naar aanleiding van vroegsignalen bij betalingsachterstanden zijn in 2023 bijna 3.000 huishoudens benaderd met een hulpaanbod. Dat is een stijging ten opzichte van 2022 toen bijna 2.600 huishoudens werden benaderd, en de twee jaren daarvoor. Het financieel spreekuur van het Deltion College wordt steeds vaker bezocht door studenten. In 2023 waren het er 771. In 2022 waren het er 700 en in de jaren 20192021 lag het aantal rond de 600. Het aantal mensen dat budgetbeheer ontving in 2023 via de gemeente Zwolle was 276. Dat is een hoger aantal dan in 2022 (240) maar een lager aantal dan in de jaren 2018-2020. Het aantal statushouders dat budgetbeheer ontvangt is in 2023 113, wat minder is dan in 2022, maar nog altijd meer dan in de jaren 2018-2021. Bij de schuldregelingen zien we een verschuiving: het aantal schuldbemiddelingen neemt elk jaar af (5 in 2023), terwijl de inzet van saneringskredieten juist toeneemt (109 in 2023). In 2023 werden 35 mensen geholpen met het Perspectieffonds. Dit is meer dan in 2022 (19). In 2023 werd de gemeentelijke website Mijn Geldzaken door ruim 36.000 mensen bezocht. Dit aantal is vergelijkbaar met dat in de jaren 2020 en 2021, maar hoger dan dat in 2022, wat waarschijnlijk een gevolg is van de gestegen energieprijzen.
De gemiddelde wachttijd tussen de aanmelding bij Schulddienstverlening en het intakegesprek was in 2023 14 dagen. Dit is de kortste wachttijd sinds 2018. De gemiddelde tijd tussen de intake en de beschikking met plan van aanpak is in 2023 25 dagen. Dat is één dag korter dan in 2022 (26).
Schuldenaarsprofiel ▪ Inwoners met schulden die zich hebben aangemeld bij de afdeling Schulddienstverlening, wonen relatief vaak in een eenpersoonshuishouden (40%) en zijn relatief vaak tussen de 25 en 45 jaar oud (53%). ▪ In 2023 was 21% van de mensen die zich had aangemeld bij de afdeling Schulddienstverlening 18 tot 25 jaar. ▪ Inwoners met schulden die ondersteuning ontvangen wonen relatief vaak in Diezerpoort (24%) en Holtenbroek (17%). Ondernemers en schulden ▪ Het aantal faillissementen van bedrijven en instellingen in Overijssel is in 2023 hoger dan in 2021 en 2022. Ook landelijk is een stijging gaande, na de daling als gevolg van de coronacrisis. ▪ Het aantal Bbz (Besluit bijstandverlening zelfstandigen) aanvragen is tussen 2022 en 2023 flink afgenomen. Tussen 2021 en 2022 was het aantal Bbz aanvragen juist fiks gestegen door de tijdelijke aanpassing van het Bbz voor ondernemers die na afloop van de Tozo nog last hadden van corona gerelateerde problemen. ▪ In 2023 hielp de afdeling Schulddienstverlening 70 ondernemers. Dit is meer dan in 2022 (45) en 2021 (10). Daarnaast zijn er 114 ondernemers geholpen door Over Rood wat ook een flinke stijging is ten opzichte van 2022 (42) en 2021 (13).
10/86
86
Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
1
Inleiding
Datum
Net als voorgaande jaren, geeft de Armoede en Schulden Monitor van de gemeente Zwolle inzicht in de omvang van de groep huishoudens met lage inkomens en de schuldenproblematiek in Zwolle. Daarbij wordt een vergelijking gemaakt met de landelijke ontwikkelingen op dit gebied. De armoede- en schuldenproblematiek stond de afgelopen jaren volop in de schijnwerpers, onder meer door de inflatie en de energiecrisis als gevolg van de oorlog in Oekraïne. Ook de toeslagenaffaire heeft bijgedragen aan de toegenomen aandacht voor dit onderwerp. Bestaanszekerheid is op dit moment dan ook één van de belangrijkste politieke thema’s. De recente landelijke ontwikkelingen Het aantal mensen in armoede daalt in 2024 en 2025. Dat verwacht het CPB in een nieuwe raming. Het CPB hanteert het niet-veel-maar-toereikendcriterium als armoedegrens. In 2023 leefde 4,6% van de bevolking onder de armoedegrens. In 2025 is dat naar verwachting 4,1%. Ook het percentage kinderen in armoede daalt, van 5,8% in 2023 naar 4,6% in 2025. Na 2025 stijgt de armoede wel weer licht, is de verwachting. In de raming zijn maatregelen uit het hoofdlijnenakkoord van het nieuwe kabinet meegenomen, voor zover ze duidelijk genoeg waren..2 Het aantal huishoudens met problematische schulden in Nederland was in 2023 8,8%. Dit is hoger dan de gemiddelde 8% in de jaren 2015-2022.
Volgens het CBS komt deze toename met name door een stijging van problematische schulden bij de belastingdienst, wat vermoedelijk een gevolg is van de uitgestelde invordering van de coronaschulden van ondernemers bij de Belastingdienst.3 Landelijk nam het aantal aanvragen voor schulddienstverlening ook toe tussen 2022 en 2023. Verder laten de landelijke cijfers zien dat steeds meer ondernemers aankloppen bij de gemeentelijke schulddienstverlening.4
1.1
Gebruik van brondata De gegevens in het armoede en schulden gedeelte van de monitor zijn afkomstig uit verschillende bronnen. Cijfers over bijvoorbeeld de aantallen huishoudens met een laag inkomen en hun kenmerken, worden beschikbaar gesteld door het CBS. Voor het inzicht in het gebruik van lokale inkomensregelingen maken we gebruik van de gemeentelijke registraties en die van onze partners. Voor een beeld over de schuldenproblematiek in Zwolle maken we gebruik van de registraties van een aantal landelijke partijen, zoals Nibud en Geldfit, de gemeentelijke registraties en registraties van partners. Een gedetailleerd overzicht van de gebruikte databronnen is in bijlage 1 te vinden.
1.2
Leeswijzer In deel I van deze monitor worden de ontwikkelingen in het aantal huishoudens met een laag inkomen en hun aandeel in de totale Zwolse bevolking in beeld gebracht. 2
Rijksoverheid (25-6-2024). Voortgang aanpak geldzorgen, armoede en schulden. Nieuwsbericht. Zie: www.rijksoverheid.nl 3 Rijksoverheid (19-12-2023). Voortgang aanpak geldzorgen, armoede en schulden. Nieuwsbericht. Zie: www.rijksoverheid.nl 4 NVVK Jaarverslag 2023 11/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Daarnaast worden kenmerken van deze huishoudens, zoals het type huishouden, leeftijd en inkomensbron, gepresenteerd (hoofdstukken 2 en 3). Vervolgens wordt het bereik van de regelingen waar huishoudens met een laag inkomen in Zwolle gebruik van kunnen maken, geschetst (hoofdstuk 4). In deel II van de monitor wordt ingegaan op de schuldenproblematiek in Zwolle. Er wordt inzicht gegeven in de omvang en de ontwikkeling ervan (hoofdstuk 5). Daarna laten we zien in hoeverre er gebruik wordt gemaakt van voorzieningen om geldproblemen te voorkomen en op te lossen (hoofdstuk 6). In hoofdstuk 7 worden de kenmerken van inwoners die zich hebben aangemeld bij de afdeling Schulddienstverlening op een rij gezet. Deze worden vervolgens vergeleken met de kenmerken van alle Zwolse inwoners. In hoofdstuk 8 ten slotte wordt ingegaan op de schuldenproblematiek van ondernemers en hun gebruik van schulddienstverlening.
12/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Deel I Huishoudens met een laag inkomen in Zwolle
13/86
86
Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
2
Huishoudens met een laag inkomen in Zwolle
Datum
In dit hoofdstuk presenteren we de gegevens over de huishoudens (of personen) met een laag inkomen in Zwolle. Nagenoeg alle gegevens in dit hoofdstuk zijn afkomstig uit het Integrale Inkomens- en Vermogensonderzoek (IIV) van het CBS. Het peiljaar is 2021, tenzij anders vermeld. Regelmatig worden ook de voorlopige cijfers van 2022 gepresenteerd. Meer recente cijfers zijn niet beschikbaar5. In dit hoofdstuk wordt regelmatig verwezen naar bijlage 3, waarin aanvullende informatie staat over huishoudens met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum. In bijlage 4 staat een overzichtstabel met kenmerken van de huishoudens in Zwolle en Nederland met een inkomen tot 110% en 130% van het sociaal minimum.
2.1
Definitie armoede In deze monitor spreken we over huishoudens met een laag inkomen. Hiermee bedoelen we huishoudens met een inkomen tot 110% of tot 130% van het sociaal minimum gedurende minimaal 1 jaar. Sociaal minimum Het sociaal minimum is gelijk aan de hoogte van de bijstandsuitkering (tot aan de pensioengerechtigde leeftijd) en de AOW (vanaf de pensioengerechtigde leeftijd). Zie voor de huidige normbedragen bijlage 2, tabel B2.3. Inkomstenbron Deze bedragen gelden voor alle typen inkomens, dus zowel inkomen uit arbeid of onderneming als inkomen uit een uitkering. Het gaat dus niet alleen over huishoudens met een bijstandsuitkering of AOW, maar ook over huishoudens met een inkomen uit arbeid. Verder worden ook de mensen met een schuldregeling tot de doelgroep huishoudens met een laag inkomen gerekend omdat zij van een laag bedrag moeten rondkomen. Langdurig laag inkomen Wanneer huishoudens minimaal 3 jaar een inkomen hebben tot 110% van het sociaal minimum, worden zij in Zwolle tot de huishoudens met een langdurig laag inkomen gerekend. Hiermee hanteert de gemeente Zwolle een andere definitie dan het CBS dat bij een langdurig laag inkomen uitgaat van minimaal 4 jaar een inkomen tot 110% of 130% van het sociaal minimum.
Inkomensgrens Omdat voor steeds meer gemeentelijke regelingen 130% van het sociaal minimum als inkomensgrens wordt gehanteerd, laten we sinds 2023 ook de ontwikkelingen zien voor huishoudens met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum.
2.2
Ontwikkeling in huishoudens met een laag inkomen In figuur 2.1 is te zien dat het aantal huishoudens met tenminste één jaar een laag inkomen iets is gedaald. Dit geldt zowel voor het aantal huishoudens met een inkomen 5 Het Integrale Inkomens- en Vermogensonderzoek wordt jaarlijks door het CBS uitgevoerd. De cijfers op
gemeenteniveau komen pas (veel) later beschikbaar. Zodoende rapporteren we in deze monitor cijfers van 2021 en voorlopige cijfers van 2022. 14/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
tot 110% van het sociaal minimum als voor het aantal huishoudens met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum. Daarnaast laten de voorlopige cijfers van 2022 een verdere daling zien voor wat betreft het aantal huishoudens met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum. Het aantal huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum lijkt niet te wijzigen tussen 2021 en 2022. Figuur 2.1 Ontwikkeling aantal huishoudens met een inkomen tot 110% en 130% van het sociaal minimum, 2016-2022
130% 9.000
9.000
8.900
9.000
6.000
6.000
6.100
6.000
2016
2017
2018
2019
8.900
8.700
8.600
6.000
5.900
5.900
2020
2021
2022
110%
Zwolle (werkelijk)
Zwolle (voorlopig)
Bron: CBS IIV
In figuur 2.2 is te zien dat in 2021 10% van de Zwolse huishoudens een inkomen tot 110% van het sociaal minimum had. Ongeveer 15% had een inkomen tot 130% van het sociaal minimum. Verder is in figuur 2.2 te zien dat beide percentages zijn gedaald tussen 2020 en 2021. De voorlopige cijfers laten zien dat deze daling waarschijnlijk doorzet. In vergelijking met de landelijke cijfers heeft Zwolle een iets groter aandeel huishoudens met een laag inkomen. Dit geldt overigens voor veel (middel)grote steden en komt mede doordat (middel)grote steden relatief veel eenpersoonshuishoudens hebben.
15/86
86
Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Figuur 2.2 Ontwikkeling percentage huishoudens met een inkomen tot 110% en 130% van het sociaal minimum, 2016-2022 Percentage (%) huishoudens met laag inkomen
Datum
20
130% 18 16
16,7 16,7
16,6 16,5
16,4
15,9
15,9 15,2
16,1
15,6
15,6
14
110% 12 10
11,3 11,0
11,2 10,9
11,2
10,6
14,9
10,7
10,7
10,2
10,2
2019
2020
14,9
14,6
10,3
10,2
9,8
9,6
2021
2022
8 2016
2017
2018
Zwolle (werkelijk)
Nederland (werkelijk)
Zwolle (voorlopig)
Nederland (voorlopig)
Bron: CBS IIV
We hebben de ontwikkeling in het percentage personen in huishoudens met een inkomen tot 110% en 130% van het sociaal minimum in Zwolle in kaart gebracht. Ook hebben we deze percentages vergeleken met de landelijke cijfers. In figuur 2.3 is te zien dat ook het percentage personen in huishoudens met een laag inkomen, daalt. Dit geldt zowel voor de groep tot 110% als de groep tot 130% van het sociaal minimum. Ook de voorlopige cijfers laten een daling zien. Verder is in de figuur te zien dat de percentages personen in Zwolse huishoudens met een laag inkomen nagenoeg overeenkomen met de landelijke percentages.
16/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Percentage (%) personen in huishoudens met laag inkomen
Figuur 2.3 Ontwikkeling percentage personen in huishoudens met een inkomen tot 110% en 130% van het sociaal minimum, 2016-2022 16
130%
14
12,4
12,1
11,7
12
12,0
11,9
11,7
11,3
11,3
11,4
11,2
110%
10
8,0
10,4 10,7
7,9
8
8,0
10,8
7,8
7,6 7,8
7,5
7,4
10,3
7,2 6,9
7,4
7,3
6
7,0
6,8
4 2016
2017
2018
2019
2020
2021
2022
Zwolle (werkelijk)
Nederland (werkelijk)
Zwolle (voorlopig)
Nederland (voorlopig)
Bron: CBS IIV
2.3
Huishoudens met laag inkomen naar huishoudtype Huishoudens met een laag inkomen zijn verhoudingsgewijs vaak eenpersoonshuishoudens. Bijna driekwart van de huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum zijn eenpersoonshuishoudens (73%), terwijl slechts 39% van alle Zwolse huishoudens een eenpersoonshuishouden is (zie figuur 2.4). Ook eenoudergezinnen zijn oververtegenwoordigd onder de huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum: 12% van deze huishoudens is een eenoudergezin, terwijl slechts 7% van alle Zwolse huishoudens een eenoudergezin is. Paren (zonder of met kinderen) zijn juist ondervertegenwoordigd onder de huishoudens met een laag inkomen: van de huishoudens met laag inkomen is 13% een paar (zonder of met kinderen), terwijl 53% van alle Zwolse huishoudens een paar (zonder of met kinderen) is. Eenzelfde soort beeld zien we bij huishoudens met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum (zie figuur B3.1 in bijlage 3).
17/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Figuur 2.4 Huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum naar huishoudtypen, 2021 Alle huishoudens in Zwolle
eenpersoonshuishouden
eenoudergezin
Minimahuishoudens in Zwolle
39
73
7
12
paar zonder kinderen
28
8
paar met kinderen
25
5
overig huishouden
2
1 0%
100% 0%
50%
50%
100%
Bron: CBS IIV
Kijken we naar de aantallen dan zien we dat het aantal eenpersoonshuishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum iets is afgenomen tussen 2020 en 2021 (zie figuur 2.5). Bij eenpersoonshuishoudens met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum is een vergelijkbaar beeld zichtbaar (zie figuur B3.2 in bijlage 3). Figuur 2.5 Ontwikkeling aantal eenpersoonshuishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum, 2016-2022 4.200
4.200
4.300
4.200
2016
2017
2018
2019
4.400
4.300
4.300
2020
2021
2022
Bron: CBS IIV
2.4
Huishoudens met laag inkomen naar leeftijd hoofdkostwinner In figuur 2.6 staat de verdeling van huishoudens met een laag inkomen over de leeftijdsgroepen. Het grootste deel (70%) van de huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum in Zwolle heeft een hoofdkostwinner6 in de leeftijd van 25 t/m 64 jaar. De leeftijdsverdeling komt grotendeels overeen met die van de Zwolse bevolking.
6
Het CBS hanteert als definitie voor hoofdkostwinner: de persoon in het huishouden met de belangrijkste sociaaleconomische positie. Daarbij wordt gekeken naar het inkomen, de inkomensbron en de samenstelling van het huishouden. Zie voor nadere uitleg van dit begrip bijlage 2. 18/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Huishoudens met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum hebben relatief vaak een hoofdkostwinner die 65 jaar of ouder is (32% t.o.v. 24%), zie figuur B3.3 in bijlage 3. Figuur 2.6 Huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum naar leeftijd hoofdkostwinner, 2021
Alle huishoudens in Zwolle t/m 24 jaar 4
Minimahuishoudens in Zwolle 5
25 t/m 44 jaar
37
36
45 t/m 64 jaar
36
34
65 jaar of ouder
24
0%
25
100% 0%
50%
50%
100%
Bron: CBS IIV
De verdeling van de huishoudens naar leeftijdsgroepen is nauwelijks gewijzigd sinds 2016. Kijken we naar de aantallen (zie figuur 2.7), dan zien we dat het aantal huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum met een hoofdkostwinner van 65 jaar of ouder iets toeneemt tussen 2019 en 2022. Bij huishoudens met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum zien we juist een afname tussen 2020 en 2021 (zie figuur B3.5 in bijlage 3). Figuur 2.7 Ontwikkeling aantal huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum met hoofdkostwinner in leeftijd 65 jaar en ouder, 2016-2022
1.400
1.400
1.400
1.400
1.500
1.500
1.600
2016
2017
2018
2019
2020
2021
2022
Bron: CBS IIV
In figuur 2.8 is te zien dat het aantal huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum met een hoofdkostwinner tussen 25 en 45 jaar tussen 2019 en 2021 stabiel is. De voorlopige cijfers laten een daling zien tussen 2021 en 2022. Bij de huishoudens met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum met een hoofdkostwinner tussen 25 en 45 jaar zien we eenzelfde beeld (zie figuur B3.4 in bijlage 3).
19/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Figuur 2.8 Ontwikkeling aantal huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum met hoofdkostwinner in leeftijd 25-45 jaar, 2016-2022
2.200
2.200
2.100
2016
2017
2018
2.100
2.100
2.100
2019
2020
2021
2.000 2022
Bron: CBS IIV
2.5
Huishoudens met laag inkomen naar inkomensbron Van de huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum heeft ruim de helft (54%) een uitkering op grond van een sociale voorziening7 als voornaamste bron van inkomen (zie figuur 2.9). Ter vergelijking: van alle Zwolse huishoudens heeft 7% een uitkering in de vorm van een sociale voorziening. Verder zien we dat een relatief klein deel van de huishoudens met een laag inkomen een inkomen uit arbeid heeft (8%), terwijl 59% van alle huishoudens in Zwolle een inkomen uit arbeid heeft. Als we de huishoudens met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum vergelijken met alle huishoudens in Zwolle, zien we een zelfde beeld. Vergeleken met de huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum, hebben de huishoudens met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum iets vaker een inkomen uit een dienstverband (14%). Ook ontvangen ze wat vaker een pensioen (32%) en minder vaak een uitkering sociale voorziening (41%). Zie figuur B3.6 in bijlage 3. Figuur 2.9 Huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum naar inkomensbronnen, 2021 Alle huishoudens in Zwolle werknemer
Minimahuishoudens in Zwolle 8
59
zelfstandige
8
5
uitkering werkloosheid
1
2
uitkering 3 arbeidsongeschiktheid pensioen
uitkering sociale voorziening
7 25
23
54
7
0%
50%
100% 0%
50%
100%
Bron: CBS IIV
We zien vergeleken met 2020 een afname van het aantal huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum uit een dienstverband (zie figuur 2.10). Ook
De term “uitkering sociale voorziening” wordt door het CBS gehanteerd. Hieronder vallen de uitkeringen op grond van de Participatiewet, IOAW, IOAZ, BBZ en Wajong. 7
20/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
is bij deze groep het aantal huishoudens met een uitkering in de vorm van een sociale voorziening iets afgenomen (zie figuur 2.11). Het aantal huishoudens met een laag inkomen én een onderneming is juist iets toegenomen (zie figuur 2.12). Bij huishoudens met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum zien we dezelfde ontwikkelingen. Daarnaast zien we bij deze groep dat het aantal huishoudens met een inkomen uit pensioen ook iets is afgenomen (zie figuur B3.10 in bijlage 3). Figuur 2.10 Ontwikkeling aantal huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum met inkomen uit dienstverband, 2016-2022
600
2016
500
500
2017
2018
600
600
2019
2020
500
500
2021
2022
Bron: CBS IIV
Figuur 2.11 Ontwikkeling aantal huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum met inkomen uit uitkering sociale voorziening, 2016-2022 3.100
3.200
3.300
3.200
3.300
3.200
3.100
2016
2017
2018
2019
2020
2021
2022
Bron: CBS IIV
Figuur 2.12 Ontwikkeling aantal huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum met inkomen als zelfstandige, 2016-2022 300
300
300
300
2016
2017
2018
2019
200
2020
300
300
2021
2022
Bron: CBS IIV
2.6
Huishoudens met laag inkomen naar Zwolse wijken Van alle huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum, woont circa één derde (34%) in Diezerpoort of Holtenbroek (zie figuur 2.13). Dit terwijl in deze twee wijken slechts 18% van de Zwolse huishoudens woont. Er wonen dus relatief veel huishoudens met een laag inkomen in Diezerpoort en Holtenbroek. In Stadshagen en Schelle wonen juist relatief weinig huishoudens met een laag inkomen. Ook in voorgaande jaren woonden in de wijken Diezerpoort en Holtenbroek relatief veel huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum. Als we kijken naar huishoudens met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum zien we eenzelfde beeld (zie figuur B3.11 in bijlage 3). 21/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Figuur 2.13 Huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum naar wijken8, 2021 Alle huishoudens in Zwolle Minimahuishoudens in Zwolle Diezerpoort
10
18
Holtenbroek
8
16
Aa-landen
11
12
Assendorp
11
12
Ittersum
11
9
Stadshagen
8
17
Schelle
6
10
Wipstrik
5
5
KamperpoortVeerallee
3
4
Binnenstad
4
4
Westenholte
4
3
Berkum
3
2
Buitengebied 2
1
0%
10%
20%
30%
40%
50%
0%
10%
20%
30%
40%
Bron: CBS IIV
2.7
Kinderen in huishoudens met laag inkomen In Zwolle wonen in totaal 26.300 kinderen9 waarvan er 1.840 wonen in een huishouden met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum Dit betekent dat in 2021 7,0% van de Zwolse kinderen in een huishouden met een laag inkomen woonde (zie figuur 2.14). Het aandeel Zwolse kinderen dat in een huishouden met een laag inkomen woont, neemt gestaag af en de voorlopige cijfers van 2022 laten zien dat deze daling doorzet. Deze daling geldt zowel voor de groep met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum als de groep met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum. Verder is in figuur 2.14 te zien dat het aandeel Zwolse kinderen dat opgroeit in een huishouden met een laag inkomen, kleiner is dan het landelijk gemiddelde.
8
Hierbij wordt de wijkenindeling van het CBS gehanteerd. Daar waar staat “alle Zwolse kinderen”, bedoelen we Zwolse kinderen van 0-18 jaar, uitgezonderd de kinderen die in een instelling of tehuis wonen. Als we spreken van “ouder/verzorger” bedoelen we de hoofdkostwinner van het huishouden. Dit zal in enkele gevallen iemand anders zijn dan de ouder of verzorger. 9
22/86
50%
86
Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Figuur 2.14 Ontwikkeling percentage kinderen in huishoudens met een inkomen tot 110% en 130% van het sociaal minimum, 2016-2022 Percentage (%) kinderen in huishoudens met laag inkomen
Datum
14
12,2
11,9
12
10,7
10,6
11,6
11,4
10,4
10,2
11,4 10,8 10,2
9,9
10
8,8
8,5
9,8
8,2
7,9
7,9 7,4
8
7,8
7,4
7,4
7,3
7,1
6
130% 9,3 7,0
110% 7,0
6,5
4 2016
2017
2018
2019
2020
2021
Zwolle (werkelijk)
Nederland (werkelijk)
Zwolle (voorlopig)
Nederland (voorlopig)
2022
Bron: CBS IIV
Ook het aantal kinderen dat in een huishouden met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum woont, neemt gestaag af in de periode 2016-2021 en de voorlopige cijfers laten zien dat deze trend waarschijnlijk doorzet (zie figuur 2.15). We zien eenzelfde daling in het aantal kinderen in huishoudens met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum (zie figuur B3.12 in bijlage 3). Figuur 2.15 Ontwikkeling aantal kinderen in huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum, 2016-2022 2.100
2016
2.000
2017
2.000
2018
1.900
2019
1.900
2020
1.800
2021
1.700
2022
Bron: CBS IIV
In figuur 2.16 staan enkele kenmerken van kinderen uit huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum weergegeven. Het meest opvallend is dat 61% van de kinderen uit deze huishoudens in een eenoudergezin woont, terwijl van alle kinderen in Zwolle 15% in een eenoudergezin woont. 23/86
86
Dit verschil zien we ook bij huishoudens met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum (zie figuur B3.13 in bijlage 3). Figuur 2.16 Kenmerken van kinderen in huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum, 2021 Alle huishoudens in Zwolle
leeftijd kind
Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
type huishouden
Datum
Minimahuishoudens in Zwolle
t/m 5 jaar
31
33
6 t/m 11 jaar
34
38
12 t/m 17 jaar
35
30
eenoudergezin
61
15
paar met kinderen
39
84
overig huishouden 1 0%
0
50%
100%
0%
50%
100%
Bron: CBS IIV
In figuur 2.17 is per wijk het aandeel kinderen in huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum aangegeven. Het aandeel kinderen dat in deze huishoudens woont, is het grootst in de wijken Diezerpoort (21%) en Holtenbroek (20%). In beide wijken wonen bijna drie keer zo veel kinderen in een huishouden met en laag inkomen als gemiddeld in Zwolle. In de jaren 2016-2020 zien we grotendeels hetzelfde beeld. Wel is in de wijk Kamperpoort-Veerallee het aandeel kinderen uit een huishouden met een laag inkomen iets afgenomen: van 9% in 2016 naar 6% in 2021. Ook kinderen uit huishoudens met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum wonen relatief vaak in de wijken Holtenbroek (28%) en Diezerpoort (27%), zie figuur B3.14 in bijlage 3.
24/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Figuur 2.17 Aandeel kinderen in huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum per wijk, 202110 Diezerpoort
21
79
Holtenbroek
20
80
Aa-landen
11
89
Kamperpoort-Veerallee
6
94
Assendorp
6
94
Westenholte
6
95
Schelle
5
95
Ittersum
5
95
Wipstrik
5
96
Binnenstad
4
96
Stadshagen
4
96
Buitengebied 1
99
Berkum 1
99
0%
20%
minimahuishouden
40%
60%
80%
100%
geen minimahuishouden
Bron: CBS IIV
10
Hierbij wordt de wijkenindeling van het CBS gehanteerd. 25/86
86
Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
3
Huishoudens met langdurig laag inkomen in Zwolle
Datum
In dit hoofdstuk presenteren we gegevens over huishoudens met een langdurig laag inkomen in Zwolle. Deze gegevens zijn afkomstig uit het Integrale Inkomens- en Vermogensonderzoek (IIV) van het CBS. Dit betekent dat we hier de definitie van het CBS hanteren, te weten: “huishoudens die 4 jaar of langer een inkomen hebben tot 110% (of tot 130%) van het sociaal minimum”. Ook voor deze gegevens geldt dat meestal het peiljaar 2021 is. Indien beschikbaar worden de voorlopige cijfers over 2022 vermeld. In bijlage 6 staat een overzichtstabel met kenmerken van de huishoudens in Zwolle en Nederland met langdurig een inkomen tot 110% en 130% van het sociaal minimum.
Ontwikkeling in huishoudens met een langdurig laag inkomen In 2021 telde Zwolle 3.400 huishoudens met een langdurig laag inkomen tot 110% van het sociaal minimum. Dat is ruim de helft van alle 5.900 huishoudens met een laag inkomen. In 2021 waren er 5.400 huishoudens met een langdurig laag inkomen tot 130% van het sociaal minimum (69% van alle huishoudens met een laag inkomen tot 130% van het sociaal minimum). In 2021 heeft 6,2% van de Zwolse huishoudens al langere tijd een inkomen tot 110% van het sociaal minimum. Dit aandeel is niet tot nauwelijks gewijzigd sinds 2018 (zie figuur 3.1). In figuur 3.1 is ook te zien dat in 2021 10,1% van de Zwolse huishoudens langere tijd een inkomen tot 130% van het sociaal minimum heeft. Dit aandeel lijkt iets af te nemen. De Zwolse percentages liggen iets hoger dan de landelijke cijfers. Figuur 3.1 Ontwikkeling percentage huishoudens met een langdurige laag inkomen tot 110% en 130% van het sociaal minimum, 2016-2022 Percentage (%) huishoudens met langdurig laag inkomen
3.1
16
14
12
10,3
10,3
10,3
10,3
10,1
9,9
10,0
10,3
10,3
10,3
10,0
9,8
5,7
5,8
6,2
6,2
6,3
6,2
6,3
5,9
5,9
6,0
5,9
5,7
5,9
2016
2017
2018
2019
2020
2021
10,2 10
10,0
130%
8
6
110% 5,8
4
2 Zwolle (werkelijk)
Nederland (werkelijk)
Zwolle (voorlopig)
Nederland (voorlopig)
2022
26/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Bron: CBS IIV
3.2
Huishoudens met langdurig laag inkomen naar kenmerken Wanneer we naar de kenmerken van de huishoudens met een langdurig laag inkomen tot 110% van het sociaal minimum kijken, zien we dat eenpersoonshuishoudens zijn oververtegenwoordigd: bijna driekwart (74%) van de huishoudens met een langdurig laag inkomen is een eenpersoonshuishouden, terwijl 37% van alle Zwolse huishoudens een eenpersoonshuishouden is. Verder zien we in figuur 3.2 dat ouderen oververtegenwoordigd zijn: bij 30% van de huishoudens met een langdurig laag inkomen is de hoofdkostwinner 65 jaar of ouder, ten opzichte van 25% van alle huishoudens in Zwolle. Dit beeld komt overeen met het beeld bij huishoudens met een langdurig inkomen tot 130% van het sociaal minimum. Wel is in die groep het aandeel 65+ nog groter, namelijk 40% (zie figuur B5.1 in bijlage 5). Figuur 3.2 Verdeling huishoudens met langdurig laag inkomen tot 110% van het sociaal minimum, diverse kenmerken, 2021 Alle huishoudens in Zwolle
leeftijd hoofdkostwinner
type huishouden
eenpersoonshuishouden eenoudergezin
Minimahuishoudens in Zwolle
37
74
7
12
paar zonder kinderen
28
9
paar met kinderen
27
6
overig huishouden 1
0
t/m 24 jaar 2
0
25 t/m 44 jaar
35
30
45 t/m 64 jaar
37
39
65 jaar of ouder
30
25
0%
50%
100%
0%
50%
100%
Bron: CBS IIV
3.3
Huishoudens met langdurig laag inkomen naar inkomensbron Voor het merendeel van de huishoudens die langere tijd een inkomen tot 110% van het sociaal minimum hebben, is een uitkering op grond van een sociale voorziening of een pensioen de voornaamste inkomensbron (85%). Van alle huishoudens in Zwolle is dat in 31% van de gevallen zo (zie figuur 3.3). 27/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Ook huishoudens met een langere tijd een inkomen tot 130% van het sociaal minimum, hebben vaak een inkomen uit een uitkering of pensioen (83%) (zie figuur B5.2 in bijlage 5). Dat werkloosheidsuitkeringen geen inkomstenbron zijn van huishoudens met een langdurig laag inkomen, komt doordat dit type uitkeringen maximaal twee jaar worden verstrekt. Figuur 3.3 Verdeling huishoudens met langdurig laag inkomen tot 110% van het sociaal minimum naar inkomensbron, 2021
Alle huishoudens in Zwolle werknemer
Inkomensbron
zelfstandige
Minimahuishoudens in Zwolle
58
3
8
0
uitkering werkloosheid
1
0
uitkering arbeidsongeschiktheid
3
6
pensioen uitkering sociale voorziening
25
29
56
6
0%
50%
100%
0%
50%
100%
Bron: CBS IIV
3.4
Kinderen in huishoudens met langdurig laag inkomen Het aandeel kinderen dat in Zwolle opgroeit in een huishouden met een langdurig laag inkomen tot 110% van het sociaal minimum, steeg tussen 2019 en 2021 naar 4,0%. Dit aandeel ligt iets boven dan het landelijk gemiddelde en het betreft 1.000 kinderen. De voorlopige cijfers van 2022 voorspellen een kleine daling. Ook het aandeel kinderen in een huishouden met een langdurig laag inkomen tot 130% van het sociaal minimum is gestegen in de periode 2019-2021. Dit aandeel ligt wel onder het landelijk gemiddelde. Ook hierbij is de verwachting dat het aandeel zal dalen (zie figuur 3.4).
28/86
86
Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Figuur 3.4 Ontwikkeling percentage kinderen in huishoudens met langdurig laag inkomen tot 110% en 130% van het sociaal minimum, 2016-2022 Percentage (%) kinderen in huishoudens met laag inkomen
Datum
10
8
6,7 6
6,6
6,5
6,5
6,6
6,2
6,2
6,1
6,2
4,0
3,9
3,9
3,9
4,0
4,0
3,8
3,7
3,8
3,7
3,7
3,9
3,9
3,6
2016
2017
2018
2019
2020
2021
2022
6,0
6,5 6,3
4
6,1 6,0
110%
2
0 Zwolle (werkelijk)
Nederland (werkelijk)
Nederland (voorlopig)
Zwolle (voorlopig)
130%
Bron: CBC IIV
29/86
86
Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
4
Bereik van inkomensondersteunende regelingen in Zwolle
Datum
De gemeente Zwolle heeft inkomensregelingen voor inwoners met een laag inkomen. Deze regelingen zijn bedoeld om te zorgen dat deze inwoners voldoende geld hebben om van te kunnen leven, tegenvallers op te vangen en te participeren. In dit hoofdstuk gaan we in op het gebruik van de volgende inkomensregelingen: 1) uitkering, 2) bijzondere bijstand, 3) zorgkostenregeling, 4) individuele inkomenstoeslag, 5) participatiefonds, 6) studietoeslag, 7) energietoeslag, 8) kwijtschelding van belastingen, 9) regelingen voor kinderen, 10) noodfonds en 11) voedselbank. Aan elk van deze regeling is een paragraaf gewijd. Waar mogelijk geven we de gebruikscijfers weer voor de periode 2016 – 2023.
4.1
Uitkeringen Op grond van de Participatiewet, IOAW en IOAZ verstrekt de gemeente Zwolle uitkeringen aan inwoners voor noodzakelijke kosten zoals huur, elektriciteit en voeding. Deze ondersteuning is tijdelijk. Iemand die een beroep doet op de gemeente voor een uitkering dient zich in te zetten om, zo snel en veel als mogelijk is, zelf voldoende inkomsten te krijgen om het levensonderhoud te bekostigen. In bijlage 7 staan tabellen met aanvullende gegevens over de ontwikkelingen in de tijd van het aantal uitkeringen van de gemeente Zwolle en redenen voor in- en uitstroom.
4.1.1
Aantal uitkeringen, ontwikkeling en populatie In figuur 4.1 is te zien dat het aantal bijstandsuitkeringen dat de gemeente Zwolle verstrekt, in 2023 iets toenam: van 3.400 begin 2023 tot bijna 3.500 bijstandsuitkeringen begin 2024. Het aantal is begin 2024 vergelijkbaar met de aantallen begin 2022 en begin 2019. Begin 2024 verstrekte gemeente Zwolle 123 IOAW/IOAZ uitkeringen. Dit aantal daalt gestaag sinds 2019. Een verklaring voor deze afname is dat een aantal jaren geleden in de IOAW als extra wettelijke bepaling is opgenomen dat men vóór 1965 moet zijn geboren om in aanmerking te komen voor een IOAW/IOAZ uitkering. In figuur 4.1 is verder te zien dat het aantal uitkeringen dat de gemeente Zwolle verstrekt, met een duur van meer dan 3 jaar, stabiel is sinds begin 2021. Ook het aandeel uitkeringen met een duur van meer dan 3 jaar is gestabiliseerd: begin 2024 heeft 62% van de uitkeringen een duur van meer dan 3 jaar. Kijken we verder terug, dan zien we dat de duur van de uitkeringen is toegenomen: begin 2016 had ‘slechts’ 46% van de uitkeringen een duur van meer dan 3 jaar.
30/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Figuur 4.1 Aantal uitkeringen van gemeente Zwolle, naar soort en duur, peildatum 1 januari 2024 4.000
3.617
3.494 3.500 3.000 2.500
2.218
2.000 1.500 1.000
722 366
500
311
123 0
soort uitkering 2017
duur uitkering 2018
2019
2020
2021
2022
2023
2024
In tabel 4.1 is te zien dat in 2024 bijna driekwart (74%) van de huishoudens die afhankelijk zijn van een uitkering (bijstand of IOAW/IOAZ) alleenstaanden zijn. Bij een groot aandeel van deze huishoudens is de hoofdbewoner 55 jaar of ouder (28%). Dit is niet tot nauwelijks gewijzigd in de afgelopen jaren. Tabel 4.1 Huishoudens met uitkering van gemeente Zwolle, naar samenstelling en leeftijd op 1 januari 2024 Kenmerk
2021
2023
2024
2024
gehuwd / samenwonend
13%
13%
13%
460
alleenstaande
72%
72%
74%
2.659
alleenstaande ouder
15%
14%
14%
492
t/m 26 jaar
16%
16%
17%
596
27 t/m 34 jaar
15%
15%
15%
552
35 t/m 44 jaar
20%
19%
19%
696
45 t/m 54 jaar
23%
22%
21%
760
55 jaar en ouder
27%
28%
28%
1.007
Totaal
100%
100%
100%
3.611
Samenstelling huishouden
Leeftijd hoofdbewoner
31/86
86
Datum Titel
4.1.2
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Instroom en uitstroom uitkeringen Naast de aantallen is het interessant om te bekijken hoe de in- en uitstroom van de uitkeringen zich de afgelopen jaren heeft ontwikkeld. In figuur 4.2 is te zien dat de instroom toenam tussen 2022 en 2023 en dat de uitstroom juist afnam. Ook tussen 2021 en 2022 nam de uitstroom af. In 2023 was de instroom flink hoger dan de uitstroom. Figuur 4.2 Instroom en uitstroom uitkeringen van gemeente Zwolle, 2017-2023
995
989 963 893
865 957
883
847 770
899 813
2017
2018
2019 Instroom
677
2020
748
726
2021 Uitstroom
2022
2023
We hebben ook de reden van de in- en uitstroom uit de uitkeringen geanalyseerd. Daarbij zijn de CBS categorieën samengevoegd tot voor Zwolle relevante categorieën (zie bijlage 2, tabellen B2.1 en B2.2 voor de keuzes die daarbij zijn gemaakt). In figuur 4.3 is te zien dat in 2023 het wegvallen van overige inkomsten en het wegvallen van inkomsten uit werk de meest voorkomende redenen waren voor instroom in een uitkering van de gemeente Zwolle. Deze redenen komen net als de andere reden wat vaker voor dan in de jaren 2021 en 2022. Dit is een gevolg van de toegenomen instroom.
32/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Figuur 4.3 Reden instroom in uitkeringen van gemeente Zwolle, 2017-2023 300
250
234
222
200
150 119 100
90
83
66 50
33
0
2017
2018
2019
2020
2021
2022
2023
In figuur 4.4 is te zien dat uitstroom naar werk de meest voorkomende reden is voor uitstroom uit de uitkering van de gemeente Zwolle, gevolgd door verhuizingen naar een andere gemeente. Het aantal keren dat er uitstroom uit de uitkering plaatsvond wegens het vinden van werk, is nog nooit zo laag geweest als in 2023.
33/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Figuur 4.4 Reden uitstroom uit uitkeringen van gemeente Zwolle, 2017-2023 450 400 350 300
283
250 200 137
150 100
58
61
54 36
50
26
22
0
2017
2018
2019
2020
2021
2022
2023
In figuur 4.5 is te zien dat jongeren tot en met 26 jaar het grootste aandeel hebben in de jaarlijkse instroom in de uitkeringen van de gemeente Zwolle. In 2024 is in alle leeftijdsgroepen, uitgezonderd de 55+ers, de instroom toegenomen. De instroom van 55+ers neemt elk jaar iets af.
34/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Figuur 4.5 Leeftijd bij instroom in uitkeringen van gemeente Zwolle, 2017-2023 450 400 350
350 300 250 200
175 149
150 104 100
69
50 0 t/m 26 jaar 2017
27 t/m 34 jaar 2018
2019
35 t/m 44 jaar 2020
45 t/m 54 jaar 2021
55 jaar en ouder
2022
2.023
In figuur 4.6 is te zien dat de groep t/m 26 jaar het grootste aandeel heeft in de uitstroom uit de uitkeringen van de gemeente Zwolle. Verder zien we bij alle leeftijdsgroepen een afname in de uitstroom, in lijn met de afname in de totale uitstroom. Figuur 4.6 Leeftijd bij uitstroom uit uitkeringen van gemeente Zwolle, 2017-2023 300 250 218 200 150
121
127
114 97
100 50 0 t/m 26 jaar
2017
27 t/m 34 jaar
2018
2019
35 t/m 44 jaar
2020
45 t/m 54 jaar
2021
55 jaar en ouder
2022
2023
35/86
86
Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
4.2
Bijzondere bijstand
Datum
Wie als gevolg van bijzondere onvoorziene omstandigheden extra noodzakelijke kosten heeft en deze niet zelf kan betalen, kan bijzondere bijstand aanvragen. Voor deze vorm van ondersteuning is het niet goed mogelijk om de omvang van de doelgroep te bepalen. Het is namelijk niet bekend hoeveel huishoudens met een hoger inkomen, vanwege hun uitgavenverplichtingen, in aanmerking komen voor bijzondere bijstand. Daarom geven we alleen de gebruikscijfers weer. In 2023 maakten 2.235 huishoudens minimaal één keer gebruik van bijzondere bijstand (zie tabel 4.2). Dit is 2,9% van de Zwolse huishoudens. Dit aandeel Zwolse huishoudens dat gebruik maakt van bijzondere bijstand, is stabiel de laatste jaren. Tabel 4.2 Gebruik bijzondere bijstand Doel
Een bijdrage leveren aan de draagkracht van Zwollenaren die bepaalde noodzakelijke kosten vanwege bijzondere omstandigheden niet zelf kunnen opbrengen.
Doelgroep
Alle Zwolse huishoudens
Jaar
2016
2017
2018
2019
2020
2021
2022
2023
1.162
1.314
1.409
1.475
1.517
1.504
1.442
1.372
Kosten woonvoorzieningen
491
431
433
350
355
419
336
367
Medische kosten
234
229
262
320
425
449
462
496
Aantal huishoudens Kosten bewindvoering
Overige BB Totaal
695
750
765
740
814
880
794
729
2.014
2.188
2.293
2.325
2.423
2.542
2.342
2.235
In tabel 4.3 staan de kenmerken van de huishoudens die in 2023 bijzondere bijstand ontvingen. We zien dat het relatief vaak eenpersoonshuishoudens die gebruik maken van bijzondere bijstand. Dit is niet verwonderlijk aangezien deze groep ook sterk vertegenwoordigd is binnen de Zwolse huishoudens met een laag inkomen. Daarnaast maken jongeren t/m 24 jaar relatief vaak gebruik van bijzondere bijstand. Dit kan voor een deel te maken hebben met het feit dat uitwonende jongeren tot 21 jaar, die geen beroep kunnen doen op hun ouders, extra bijzondere bijstand ontvangen van de gemeente voor hun levensonderhoud.
36/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
Tabel 4.3 Kenmerken huishoudens met bijzondere bijstand (BB) in 2023, peildatum 1 januari 2024 Kenmerk
% BB
% Zwolle
62 8 3 17 10
38 28 3 6 25
11 45 36 8
4 35 35 26
Samenstelling eenpersoonshuishoudens paar zonder kinderen paar met kinderen eenoudergezin overig Leeftijd hoofdbewoner t/m 24 jaar 25 t/m 44 jaar 45 t/m 64 jaar 65 jaar e.o.
4.3
Zorgkostenregeling Met de zorgkostenregeling wordt het verbruikte eigen risico door inwoners met een laag inkomen deels vergoed. Ook krijgen inwoners met een chronisch ziekte of een beperking en een laag inkomen via deze regeling een vergoeding voor hoge zorgkosten. Verder kunnen inwoners met een laag inkomen elk najaar hulp krijgen bij het kiezen van de juiste zorgverzekering die aansluit bij de persoonlijke zorgbehoefte. Zo wordt ervoor gezorgd dat inwoners alleen voor de zorg die zij werkelijk nodig hebben, betalen. De zorgkostenregeling is voor inwoners met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum. In 2023 werd de zorgkostenregeling bijna 1.300 keer toegekend vanwege hoge zorgkosten en ongeveer 2.100 keer voor de vergoeding van het eigen risico (zie tabel 4.4). Tabel 4.4 Gebruik Zorgkostenregeling Doel
Een bijdrage leveren in de meerkosten of de kosten van het eigen risico bij inwoners met chronische ziekte en/of lichamelijke beperking.
Doelgroep
Inwoners wiens inkomen niet hoger is dan 130% van de bijstandsnorm en die hoge zorgkosten hebben.
Jaar
2016
2017
2018
2019
2020
2021
2022
2023
407
497
495
571
1.030
1.060
1.523
1.267
2.272
2.129
Aantal toekenningen voor hoge zorgkosten* voor vergoeding eigen risico
*Tussen 2016 en 2021 werden hoge zorgkosten vergoed via de regeling tegemoetkoming hoge zorgkosten.
4.4
Individuele inkomenstoeslag De Individuele inkomenstoeslag (IIT) wordt verstrekt aan huishoudens die drie jaar of langer een inkomen hebben van niet meer dan 110% van het wettelijk sociaal minimum11. Het bedrag is vrij besteedbaar, maar wordt wel als een middel gezien bij de
11 Daarnaast zijn er nog enkele voorwaarden, zoals de hoogte van het vermogen.
37/86
86
Datum Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
aanschaf of vervanging van duurzame gebruiksgoederen, zoals een bankstel, koelkast of wasmachine. In 2023 maakten 2.609 huishoudens gebruik van de individuele inkomenstoeslag (zie tabel 4.5). Dit is 4,2% van alle Zwolse huishoudens. Tabel 4.5 Gebruik individuele inkomenstoeslag Doel Doelgroep
Financiële tegemoetkoming voor Zwolse huishoudens die langdurig op een minimuminkomen zijn aangewezen. Huishoudens waarvan hoofdaanvrager tussen de 21 en AOW-gerechtigde leeftijd is, met minimaal 3 jaar een inkomen tot 110% van het sociaal minimum*.
Jaar
2015
2016
2017
2018
2019
2020
2021
2022
2023
Aantal huishoudens
2.321
2.364
2.486
2.670
2.616
2.754
2.546
2.592
2.609
* Daarnaast zijn er nog enkele voorwaarden, zoals de hoogte van het vermogen
4.5
Participatiefonds Als een inwoner een laag inkomen heeft, lang ziek is of een beperking heeft, is het vaak moeilijk om rond te komen. Meestal blijft er weinig geld over voor zaken als theaterbezoek of een lidmaatschap bij een sportvereniging. Om het mogelijk te maken dat inwoners toch kunnen meedoen aan culturele, maatschappelijke of sportieve activiteiten, is er sinds 2017 het Participatiefonds. Volwassenen tot de AOWgerechtigde leeftijd met een laag inkomen kunnen een tegemoetkoming krijgen in de kosten voor zaken als een lidmaatschap van de Stadkamer, vervoer, entree voor een sportgelegenheid, een lidmaatschap van een sportvereniging of een museumkaart. Een volwassene kan voor maximaal twee soorten kosten een bijdrage krijgen. Per kostensoort is de bijdrage € 60. In tabel 4.6 is te zien dat in 2023 2.757 huishoudens een bijdrage hebben gekregen uit het Participatiefonds. Tabel 4.6 Gebruik Participatiefonds
4.6
Doel
Een bijdrage leveren in de meerkosten voor de maatschappelijke participatie van volwassenen.
Doelgroep
Huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociaal minimum (van 18 jaar tot AOW gerechtigde leeftijd) en chronisch zieken met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum.
Jaar
2017
2018
2019
2020
2021
2022
2023
Aantal huishoudens
1.668
2.846
2.502
2.663
2.732
3.198
2.757
Studietoeslag Studenten die door ziekte of een beperking onvoldoende kunnen bijverdienen naast hun studie, kunnen een studietoeslag aanvragen. Sinds 1 april 2022 wordt de studietoeslag (bij nieuwe aanvragen) per maand uitbetaald. Daarvoor vond de uitbetaling eens per schooljaar plaats. In 2023 ontvingen 252 studenten een studietoeslag. Dit is meer dan de 198 studenten die in 2022 een studietoeslag ontvingen.
38/86
86
Titel
September 2024 Armoede- en Schuldenmonitor Zwolle 2024
4.7
Energietoeslag
Datum
De energietoeslag is bedoeld om huishoudens met een laag inkomen deels te compenseren voor de gestegen energieprijzen. De energietoeslag is aanvullend op maatregelen van het Rijk, zoals het ingestelde energieprijsplatform over 2023. De doelgroep voor de Energietoeslag waren inwoners met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum. De Energietoeslag 2023, die € 800 bedroeg, is 7.870 keer verstrekt. Dit is minder vaak dan de Energietoeslag 2022 die 10.588 keer is verstrekt. Dat de Energietoeslag 2023 minder vaak is verstrekt dan de Energietoeslag 2022 komt doordat de energieprijzen in 2023 zijn gedaald en er dus minder aanleiding was voor het aanvragen van de Energietoeslag. Een andere reden voor de afname in het aantal verstrekkingen is dat de Energietoeslag 2023 niet kon worden aangevraagd door studenten en jongeren tot 21 jaar. Dit was bij de Energietoeslag 2022 wel het geval.