6a. bijlage-1-achtste-voortgangsrapportage-phs-over-2022-2
Tekst van het document
4.1.3
Raakvlakken
Om een hoogfrequente dienstregeling te kunnen rijden is de aanpak van de overwegen Guisweg (Zaanstad) en Beverwijkerstraatweg (Castricum) vanuit veiligheidsoptiek nodig. De aanpak van de beide overwegen behoort niet tot de scope van PHS. Voor de Guisweg is de vervoerregio gestart met de uitwerking van de maatregelen. Er zijn inmiddels middelen beschikbaar gesteld (uit de recente BO MIRT besluiten 7) om het tekort voor het project Guisweg te dekken. Er wordt momenteel gewerkt aan het definitieve voorkeursalternatief. Echter kampt het project Guisweg ook met stikstofproblematiek. Dit heeft vooralsnog geen gevolgen voor de frequentieverhogingen op de corridor. Bij de Beverwijkerstraatweg blijken de haalbare maatregelen die hier in het kader van het Landelijk Verbeterprogramma Overwegen (LVO) genomen worden niet voldoende voor de langere termijn. Zowel de frequentieverhoging van het treinverkeer als de autonome groei van het wegverkeer maken dat er een toekomstvaste oplossing noodzakelijk is. In de afgelopen periode is de maakbaarheid, haalbaarheid en financierbaarheid van een ongelijkvloerse oplossing 6 7
Bron: IMA Referentieprognose 2022 (ProRail) Kamerstukken II 2022/23, 38 200, nr. A -9.
P agina 26 van 49
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
(de centrum tunnel Oost variant) onderzocht. Partijen proberen daarbij oplossingen te vinden die groei op de corridor mogelijk maken om zo invulling te geven aan de PHS-doelstelling. De uitkomsten hiervan en besluitvorming hierover worden eerste helft 2023 verwacht. 4.1.4
Risico’s
Tabel 4.4: Top 3 risico’s corridor Alkmaar-Amsterdam Risico
Beheersmaatregelen
Ontwikkeling
De Tracéwetprocedure
In de afgelopen periode is de
Verhoogd
vertraagt door
maakbaarheid, haalbaarheid
onvoldoende voortgang
en financierbaarheid van een
t.a.v. overweg
ongelijkvloerse oplossing (de
Beverwijkerstraatweg te
centrum tunnel Oost variant)
C astricum.
onderzocht.
Vertraging start PHS-
Besluitvorming t.a.v. voortgang
dienstregeling door
ZuidasDok heeft plaatsgevonden,
ontbreken vastgestelde
het ingroeimodel is in onderzoek.
Verlaagd
planning ZuidasDok.
Prijsstijging als gevolg van o.a. indexering en ontwikkelingen (ongelijkvloerse kruising Beverwijkerstraatweg) op de corridor.
4.2
Opstellen impactanalyse en verwerken maatregelen in Tracébesluit. Voor prijsstijgingen zijn geldende afspraken met IenW.
Reizigerscorridor Amsterdam-Eindhoven
P agina 27 van 49
Verhoogd
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
Eind 2022 was er nog geen uitspraak van de Raad van State (RvS) in de beroepsprocedure inzake het Tracébesluit PHS Amsterdam. Eventuele effecten van een vertraging van de uitspraak op het project worden in de stuurgroep PHS behandeld. Tegelijkertijd zijn diverse onderdelen van het project volop in uitvoering en zijn meerdere contracten gegund. Voor de beschikbaarheid van de douanefaciliteiten voor vertrekkende treinen naar het Verenigd Koninkrijk (VK) tijdens de verbouwing op Amsterdam Centraal en de periode tot realisatie van Zuidasdok en het derde perron Amsterdam Zuid, is een oplossing gevonden door gebruik te maken van de Amstelpassage. Dit brengt extra risico’s met zich mee voor de uitvoering van PHS Amsterdam. Voor eventuele tegenvallers zijn extra middelen gereserveerd. Een ander belangrijk risico dat is toegenomen betreft de tijdige oplevering van software-aanpassingen in het kader van de Maatregelen Verkorten Opvolgtijden (MVO). Deze aanpassing zorgt voor een betere benutting van de capaciteit op het spoor zodat Amsterdam Centraal na de ombouw weer met volledige geplande functionaliteit in dienst genomen kan worden. Voor het project PHS Aziëhaven worden conditionerende werkzaamheden uitgevoerd en worden onderzocht hoe het stikstofissue opgelost kan worden zodat het project naar de projectbeslissing toe kan werken.
Voor PHS Sloterdijk (sporen van/naar Alkmaar) zijn in de stuurgroep afspraken gemaakt over de vervolgaanpak van de planuitwerking. Hierbij wordt ook gekeken naar een ingroeimodel voor de corridor Alkmaar - Amsterdam. Besluitvorming over het ingroeimodel is voorzien in 2023. Een deel van het project PHS Sloterdijk (sporen van en naar Haarlem) is in de afgelopen verslagperiode in gebruik genomen. PHS Amstel is afgerond en de trap en de tunnel onder de metrosporen worden goed gebruikt. 4.2.1
Maatregelen
Tabel 4.5: Maatregelen corridor Amsterdam-Eindhoven Indienststelling Maatregel Start BR (2018) VGR 2022 -1 VGR 2022 -2 realisatie Amsterdam Centraal Q4-2028 Q2-2032 Q2-2032 gestart (perrons, transfer, herinrichting emplacement, vrije kruising Dijksgracht, aansluiting Transformatorweg, Kabelweg overweg, seinoptimalisatie) Amsterdam Aziëhaven Q4-2024 Q4-2024 Q4-2024 Q3-2022 extra opstelcapaciteit (niet gestart) goederenmaterieel Amsterdam Westhaven extra opstelcapaciteit reizigersmaterieel
Q4-2023
Q1-2024
Q1-2024
gestart
Be- en bijsturing Amsterdam Sloterdijk Alkmaarsporen
Q4-2024
Q2-2032
Q2-2032
Q4-2026
P agina 28 van 49
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
Overige maatregelen (transfer Culemborg, geluid, overwegen, externe veiligheid, been bijsturing en extra onderhoud)
Q4-2028
Q4-2028
Q4-2028
NTB
Transfer Amsterdam Amstel Be- en bijsturing Amsterdam Sloterdijk Haarlemsporen Spooromgeving Geldermalsen (station, vrijleggen Merwede-Lingelijn, aanpassing emplacement) Be- en bijsturing Amsterdam Amstel Muiderpoort
Q2-2021
gereed
gereed
gereed
Q4-2024
Q4-2022
gereed
gereed
Q4-2021
gereed
gereed
gereed
Q4-2020
gereed
gereed
gereed
4.2.2
Prognose en realisatie reizigersvervoer en dienstregeling
Tabel 4.6: Reizigersaantallen corridor Amsterdam-Eindhoven (bron NS & ProRail)
Realisatie Meetpunt Ams terdam – Utrecht9 Utrecht – ‘s -Hertogenbosch
2015
2016
2017
Prognose 8 2018
2019
2030 L
2030 H
100.000 103.000 110.000 115.000 122.000 152.800 170.600 65.000 65.000 66.000 70.000 74.000 80.000 87.500
Aantal reizigers op gemiddelde werkdag op meetpunten Maarssen-Utrecht Zuilen en Utrecht Lunetten-Houten. Voor de prognose worden prognoses voor 2030 in een laag en hoog scenario gebruikt (WLO-laag en WLO-hoog).
Tabel 4.7: Aantal reizigerstreinen corridor Amsterdam-Eindhoven (bron NS) Jaartal Aantal Aantal Toelichting productverbetering intercity’s sprinters Meetpunt Maarssen-Utrecht Zuilen 10, aantal per uur/richting Basis (2013) 4 4 excl. 1 ICE per 2 uur 2017 6 4 excl. 1 ICE per 2 uur 2021 6 4 excl. 1 ICE per 2 uur 2029 6 4 excl. 1 ICE per 2 uur Meetpunt Utrecht Lunetten-Houten, aantal per uur/richting Basis (2013) 4 4 2017 6 6 inclusief 2 sprinters in spitsrichting 2021 6 6 inclusief 2 sprinters in spitsrichting 2029 6 6 alle sprinters continu 8 9
Bron: IMA Referentieprognose 2022 (ProRail) Samenloop met corridor Schiphol-Nijmegen A lleen de IC’s die tussen U trecht en Amsterdam Centraal rijden, zijn genoemd
10
P agina 29 van 49
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
Het genoemde jaartal van de productverbetering betreft een kalenderjaar, doorgaans in december, en is een jaar eerder dan het dienstregelingsjaar.
4.2.3
Raakvlakken
De laatste bouwstap van PHS Amsterdam kan pas gerealiseerd worden als het derde perron bij Amsterdam Zuid gereed is. Nu er besluitvorming heeft plaatsgevonden over de financiering van Zuidasdok en het derde perron Amsterdam Zuid is een grote onzekerheid weggevallen. Over Zuidasdok is eerder gemeld dat de oplevering kan doorschuiven naar 2036. De mijlpaal betreffende de laatste bouwstap (bouwfase 3) kan worden vastgesteld als de planning van het derde perron bij Amsterdam Zuid duidelijk is. Uitgangspunt bij de projectbeslissing (MIRT3) voor PHS Amsterdam was dat de tijdelijke douanefaciliteiten voor de vertrekkende treinen naar het VK weg zijn tijdens de bouwfase 2024-2029 op Amsterdam Centraal. Inmiddels is anders besloten en is de Amstelpassage de tijdelijke alternatieve locatie voor deze douanefaciliteiten. Het risicoprofiel voor PHS neemt hierdoor toe. Aanpassing van de regelgeving voor verkort opvolgen maakt dat treinen elkaar sneller kunnen opvolgen en leidt zo tot capaciteitswinst. Voorzien is om de vastgelegde maximum remweg voor treinen die maximaal 40 km/uur rijden in te korten van 400 meter naar 300 meter en om een kleiner gemakkelijker plaatsbaar sein te introduceren. Door deze maatregelen kunnen treinen elkaar sneller opvolgen en wordt capaciteitswinst behaald.
Dit is nodig om de doelstellingen van PHS bij Amsterdam Centraal te kunnen realiseren (zie paragraaf 2.5). 4.2.4
Risico’s
Tabel 4.8: Top 3 risico’s corridor Amsterdam-Eindhoven Risico
Beheersmaatregelen
Ontwikkeling
Geen toestemming voor
Bewaken dat resultaten in
Verhoogd
indienststelling (bouwstap 1j)
het Programma MVO tijdig
en/of terugval in
beschikbaar komen voor
vervoerscapaciteit tijdens of na de
het project.
bouw van PHS Amsterdam vanwege ontbreken benodigde Maatregel Verkort Opvolgen (MVO) Treintype afhankelijke rijweginstelling (TTARI).
Maken van een veiligheidsonderbouwing inclusief de MVOmaatregelen.
Lange looptijd
Onderzoek en advies t.a.v.
(project/programma) vs.
gerichte besluitvorming.
veranderende omgeving wat kan leiden tot aanpassing van
Inrichten nieuwe governance
uitgangspunten wat leidt tot meer hinder, vertraging en/of hogere kosten als gevolg van aanpassen
op afstemming raakvlakken Amsterdam C entraal incl. escalatie lijn.
fasering reeds gegunde contracten (het toegenomen belang met bijbehorend uitgangspunt van de UK-terminal en IJ-viaduct zijn hier voorbeelden van).
P agina 30 van 49
Ongewijzigd
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
Benodigde vergunningen en/ of
Intensief traject met
ontheffingen worden niet of niet
stakeholders om tot
tijdig verkregen of bevoegd gezag
gedragen ontwerp te komen.
koppelt zeer strikte eisen aan vergunningverlening. (perron 5 t.a.v. veiligheid is hier een voorbeeld van).
Ongewijzigd
Bouwhinderanalyse opstellen en bespreken met gemeente. Hinderbeperkende maatregelen als onderdeel van realisatie contracten.
4.3
Reizigerscorridor Breda-Eindhoven
Binnen deze PHS-corridor valt onder andere de productverbetering toevoegen 3e en 4e intercity per uur tussen Breda en Eindhoven. De eerste stap is in voorbereiding voor eind 2024 (dienstregeling 2025): de 4 intercity’s tussen Breda en Eindhoven. Voor 2029-2030 is gepland tussen Tilburg en Breda het aantal sprinters te verhogen van 2 naar 4 per uur.
De dienstregeling en lijnvoering op deze corridor heeft een samenhang met de dienstregeling op de HSL, de route Den Haag-Rotterdam-Eindhoven en de IC’s op de route Roosendaal-Tilburg-’s-Hertogenbosch en verder naar Nijmegen en Zwolle. Het werk aan station Tilburg is volop in uitvoering, de eerste resultaten buiten zijn zichtbaar. Leverantieproblemen en personeelskrapte zijn merkbaar in het project, maar hebben nog geen uitwerking op de mijlpalen. In de afgelopen periode is het project Eindhoven module 2 succesvol in dienst genomen. Hiermee kan dit project ook afgesloten gaan worden. Tegelijkertijd leveren de financiering en de voortgang bij de overwegen in GilzeRijen en Boxtel risico’s op voor het tijdig realiseren van het gewenste
P agina 31 van 49
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
veiligheidsniveau met betrekking tot de overwegen op deze corridor. Ook staat de planning van de benodigde tractie- en energievoorzieningenonderstation bij Haaren – Esch en Best onder druk. In alle gevallen wordt daarom ook gekeken hoe de productstap kan worden ingevoerd als de maatregelen iets later gereedkomen. Samenvattend is het risico op het niet tijdig gereed hebben van de gewenste productverbetering van eind 2024 in de afgelopen periode toegenomen. 4.3.1
Maatregelen
Tabel 4.9: Maatregelen corridor Breda-Eindhoven Indienststelling Maatregel BR (2018) VGR 2022 - 1 VGR 2022 - 2
Start realisatie
Eindhoven extra opstelcapaciteit (diverse modules) Tilburg 4 e perronspoor en 3 e perron
Q3-2023
Q3-2023
gereed
gereed
Q4-2023
Q4-2023
Q4-2023
gestart
Overwegen Boxtel inclusief verkeersmaatregelen
Q4-2028
Q4-2028
Q4-2028
Q4-2023
Overige maatregelen (o.a., overweg Boxtel (Esch), overkruistijden Liempde, bijdrage Gilze Rijen, externe veiligheid, onderhoud)
Q4-2028
Q4-2028
Q4-2028
NTB
4.3.2
Prognose en realisatie reizigersvervoer en dienstregeling
Tabel 4.10: Reizigersaantallen corridor Breda-Eindhoven (bron NS & ProRail)
Prognose 11
Realisatie 2015 Breda – Ti lburg
2016
2017
35.000 36.000 37.000
2018
2019
2030 L
2030 H
38.000 39.000 48.000
51.000
Aantal reizigers op een gemiddelde werkdag op meetpunt Breda -Gilze Rijen. Voor de prognose worden prognoses voor 2030 in een laag en hoog scenario gebruikt (WLO laag en WLO-hoog).
11
Bron: IMA Referentieprognose 2022 (ProRail)
P agina 32 van 49
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
Tabel 4.11: Aantal reizigerstreinen corridor Breda-Eindhoven (bron NS) Jaartal Aantal Aantal Toelichting intercity’s productsprinters verbetering Meetpunt Breda-Gilze Rijen, aantal per uur/richting Basis (2013) 4 2 2017 4 2 2021 4 2 2029 6 4 Het genoemde jaartal van de productverbetering betreft een kalenderjaar, doorgaans in december, en is een jaar eerder dan het dienstregelingsjaar.
4.3.3
Raakvlakken
Derde spoor Betuweroute Een relatie is er de komende jaren met de aanleg van het derde spoor van de Betuweroute in Duitsland, waardoor in de periode van aanleg in Duitsland , er meer paden voor het goederenvervoer nodig zijn op de corridor Breda -Eindhoven dan in de eindsituatie. Dit is van belang voor de timing van de productverbeteringen op de Brabantroute. Inmiddels zijn de gevolgen van de 80-weekse buitendienststelling (nov 2024 – mei 2026) in Duitsland grotendeels in beeld. Door omleidingen zullen de mogelijkheden voor werkzaamheden vooral in Brabant beperkt zijn zodat werkzaamheden veelal voor november 2024 afgerond moeten zijn. De eindsituatie wordt bereikt als het derde spoor in Duitsland gereed is en als ook de PHSmaatregelen Meteren-Boxtel gereed zijn. Gilze-Rijen Door de gemeente zijn maatregelen aan twee overwegen verder uitgewerkt. Met de gemeente en provincie is een bestuursovereenkomst overeengekomen over de aanpak. Er is sprake van een spanning tussen beschikbaar budget en gewenste scope, die recent is toegenomen door omissies uit het verleden en nadere uitwerking. PHS is voor een beperkt aandeel risicodragend voor eventuele tegenvallers. Op dit moment zijn de bestuurlijk partijen met elkaar in overleg om te zoeken naar een passende en sluitende oplossing.
Eindhoven Oost Aan de oostzijde van het emplacement in Eindhoven zijn aanpassingen noodzakelijk die onderdeel zijn van het project internationale IC Eindhoven-Düsseldorf. De werkzaamheden zijn gepland in 2026 na de 80-weekse buitendienststelling in Duitsland. Het was niet mogelijk deze werkzaamheden vóór de buitendienststelling uit te voeren. Zonder aanpassingen zou het niet mogelijk zijn om de productverbetering 3 e en 4 e IC Breda-Eindhoven te starten. Inmiddels is er een alternatieve oplossing gevonden waardoor de aanpassingen aan de oostzijde van het emplacement Eindhoven niet langer een belemmering zijn. Door logistieke maatregelen in de dienstregeling te treffen blijft de start van de 3 e en 4 e IC mogelijk. Voor het gewenste eindbeeld blijven de maatregelen op Eindhoven oost noodzakelijk.
P agina 33 van 49
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
4.3.4
Risico’s
Tabel 4.12: Top 3 risico’s corridor Breda-Eindhoven Risico
Beheersmaatregelen
Ontwikkeling
Het overwegveiligheidsvraagst uk is knellend voor de MLT-productstap NS0015 3e en 4e IC Breda – Eindhoven.
Treffen van maatregelen ter verbetering veiligheid overwegen in overleg met ILT.
Verhoogd
Tractie en
Onderzoeken welke
energievoorziening: de aanleg van twee onderstations zijn mogelijk niet tijdig gereed.
versnellingsmaatregelen mogelijk zijn.
Oplopende leverantietijden
ProRail neemt maatregelen om
en prijzen i.v.m. verstoring toeleveringsketens wereldwijd.
gevolgen schaarste te beperken.
4.4
Onderzoek en overleg met gemeenten over tijdelijke maatregelen vooruitlopend op definitieve oplossing. Nieuw
Onderzoeken of dit tijdelijk opgevangen kan worden door andere onderstations. Verhoogd
Reizigerscorridor Den Haag-Rotterdam-Breda
Binnen deze PHS-corridor wordt met een variant gewerkt voor een hoogfrequente lijnvoering: 8 intercity’s tussen Den Haag HS en Rotterdam Centraal, 6 sprinters per uur Den Haag Centraal-Rotterdam Centraal-Dordrecht en 4 intercity’s per uur Rotterdam Centraal-Breda. Deze productverbeteringen zijn gepland voor eind 2024 (dienstregeling 2025). De uiteindelijke dienstregeling en lijnvoering op deze corridor heeft een samenhang met de dienstregeling op de HSL en op de route BredaEindhoven (treinen Roosendaal-Den Bosch).
P agina 34 van 49
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
In de afgelopen periode zijn er belangrijke besluiten genomen over het (exogene) risico omtrent de baanstabiliteit op de corridor. De besluiten gaan over de definitieve situatie, maar ook over de tijdelijke situatie wanneer het baanlichaam nog niet versterkt is en er al wel een productverbetering plaatsvindt in 2025. Door de combinatie van instroom van nieuw materieel en de productstap van PHS zijn er tevens extra maatregelen nodig op het gebied van tractieenergievoorziening. Inmiddels wordt er gewerkt aan een nieuw onderstation Kethel. Dit onderstation is een kritieke stap in de planning voor de productstap. De uitvoering van de werkzaamheden tussen Rijswijk en Delft Campus en de voorbereiding van de werkzaamheden op het traject Schiedam-Rotterdam Centraal is in volle gang. Ook in dit project is de schaarste van mensen en middelen merkbaar. Voor het veilig werken onder laagspanning zijn extra werkzaamheden nodig die tijdens de bouw voor meer hinder voor het treinverkeer zullen zorgen. Tevens vragen dit soort werkzaamheden om gespecialiseerd personeel dat momenteel moeilijk voorhanden is. Er wordt hard gewerkt door alle betrokken partijen om de werkzaamheden in de geplande buitendienststellingen uitgevoerd te krijgen zodat de productstap gehaald kan worden. 4.4.1
Maatregelen
Tabel 4.13: Maatregelen corridor Den Haag-Rotterdam-Breda Indienststelling Maatregel
Rijswijk-Delft Zuid spoorverdubbeling (incl. seinverdichting)
BR (2018)
VGR 2022 - 1
VGR 2022 - 2
Q3-2024
Q3-2024
Q3-2024
P agina 35 van 49
Start realisatie
gestart
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
SchiedamRotterdam seinoptimalisatie en wissels Keervoorziening Rotterdam
4.4.2
Q4-2024
Q4-2024
Q4-2024
gestart
-
Q4-2024
Q4-2024
gestart
Prognose en realisatie reizigersvervoer en dienstregeling
Tabel 4.14: Reizigersaantallen corridor Den Haag-Rotterdam-Breda (bron NS & ProRail)
Prognose 12
Realisatie 2015
2016
2017
2018
2019
2030 L
2030 H
Den Haag – Rotterdam
73.000 75.000 74.000 78.000 82.000
94.600
109.100
Rotterdam – Breda
63.000 64.000 65.000 66.000 70.000 101.300
110.800
Aantal reizigers op gemiddelde werkdag op meetpunten Rijswijk-Delft en Rotterdam centraal- Blaak (exclusief internationale treinreizigers Thalys, Eurostar en IC Brussel). Voor de prognose worden prognoses voor 2030 in een laag en hoog scenario gebruikt (WLO-laag en WLO-hoog). Ontwikkeling mede beïnvloed door uitbreiding treindienst HSL-zuid en lijn E metro Den Haag- Rotterdam.
Tabel 4.15: Aantal reizigerstreinen corridor Den Haag-Rotterdam-Breda (bron NS) Jaartal Aantal Aantal Toelichting Productintercity’s sprinters verbetering Meetpunt Rijswijk-Delft, aantal per uur/richting Basis (2013) 6 4 2017 6 4 2021 8 4 2029 8 6 Meetpunt Rotterdam Centraal-Blaak, aantal per uur/richting Basis (2013) 6 4 excl. internationale treinen 2017 8 4 excl. internationale treinen 2021 8 6 excl. internationale treinen 2029 8 6 excl. internationale treinen Het genoemde jaartal van de productverbetering betreft een kalenderjaar, doorgaans in december, en is een jaar eerder dan het dienstregelingsjaar. Vanwege personeelstekorten zijn de 5 e en 6e sprinters tot 2024 afgeschaald.
4.4.3
Raakvlakken
Baanstabiliteit Delft Campus-Schiedam Vanwege de vanaf eind 2024 geplande frequentieverhoging met extra sprinters tussen Den Haag en Rotterdam heeft ProRail in 2021 een analyse uitgevoerd naar de baanstabiliteit. Daaruit blijkt dat bij elke groei van het treinverkeer ten opzichte van de huidige situatie maatregelen nodig zijn om de spoorbaan tussen Delft Campus en Schiedam stabiel te houden. In de periode najaar 2021 tot en met voorjaar 2022 zijn verschillende onderzoeken uitgevoerd naar de mogelijke oplossingen voor de baanstabiliteit Delft Campus – 12
Bron: IMA Referentieprognose 2022 (ProRail)
P agina 36 van 49
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
Schiedam. In het directeurenoverleg PHS van september 2022 is besloten voor de uitwerking van het scenario: “Steunbe rmen toepassen voor het huidige 2-sporige tracé”. Hiervoor is de planuitwerking gestart. Uitgegaan wordt van zo veel mogelijk steunbermen, die deels buiten de gronden van ProRail gerealiseerd moeten worden, waardoor grondverwerving en mogelijk onteigening nodig is. Waar steunbermen niet mogelijk zijn (of te duur) zal een variant gekozen moeten worden. Als onderdeel van de afspraken voor mobiliteit en woningbouw zijn er middelen voor de aanpak van de baanstabiliteit Schiedam-Delft Campus gereserveerd, om zo meer sprinters tussen Den Haag en Rotterdam mogelijk te maken. 4.4.4
Risico’s
Tabel 4.16: Top 3 risico’s corridor Den Haag-Rotterdam-Breda Risico
Beheersmaatregelen
Ontwikkeling
De maakbaarheid van het werk verkleint en de hinder wordt groter dan voorzien naar aanleiding van een aanwijzing van de Arbeidsinspectie aan ProRail t.a.v. veilig werken onder laagspanning. Er zijn grotere onttrekkingsgebieden nodig en er ontstaan leverantieproblemen van met name condensatoren.
Per sector splitsen relaiskasten/huizen zodat niet een heel emplacement buiten dienst genomen hoeft te worden. Hiervoor zijn andere buitendienststellingen nodig dan initieel aangevraagd.
Nieuw
Door leverantieproblemen of resource tekorten moet gepland werk worden uitgesteld naar latere (schaarse) buitendienststellingen met gevolgen voor beoogde productstappen.
Tijdig inplannen van kritieke resources en inkopen van kritieke onderdelen.
Verhoogd
De aanpak van onderstation Kethel (Schiedam) is niet op tijd gereed voor de productstap.
Hoger prioriteren Tractie en Energie Voorziening (TEV) maatregel Kethel binnen TEVprogramma.
Ongewijzigd
4.5
Gesprekken met de taskforce, beheerder en aannemer vinden plaats t.a.v. levering kritieke materialen.
Goederencorridor Zuid-Nederland
Door het goederenverkeer dat nu vanuit Rotterdam via Dordrecht, Breda, Tilburg (Brabantroute) richting Zuidoost-Nederland gaat, om te leiden via de Betuweroute en via een nieuwe boog bij Meteren wordt de route Dordrecht-Breda-TilburgEindhoven ontlast en gaat de Betuweroute intensiever worden gebruikt. In het Tracébesluit Meteren – Boxtel is aangegeven dat 43 goederentreinen per dag in 2040 over deze boog worden verwacht via ’s-Hertogenbosch en Vught naar Eindhoven en verder.
P agina 37 van 49
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
De planning is om de Goederenroutering Zuid Nederland vanaf 2029 (dienstregeling 2030) in dienst te stellen. Maar als gevolg van het lang uitblijven van een uitspraak van de Raad van State zal de planning moeten worden aangepast. Inmiddels heeft de Raad van State eind december 2022 uitspraak gedaan en is het Tracébesluit nagenoeg onherroepelijk geworden. Op een onderdeel moet een aanpassing plaatsvinden, maar dit lijkt geen belemmering te zijn voor de verdere voortgang van de projecten. Nu de uitspraak bekend is wordt in de komende periode gewerkt aan het vaststellen van een nieuwe planning, zodat het project de verdere uitvoering beheerst kan vervolgen. Om de vertraging in de projecten zo veel mogelijk te beperken, zijn in overleg met ProRail de risico’s voor de realisatiefase gewogen en zo veel als mogelijk gemitigeerd. Hierdoor kon reeds voor Den Bosch - Vught gestart worden met de aanbesteding van de aanleg van het tijdelijke spoor. Ook het project Meterenboog kan nu de contractering vervolgen.
4.5.1
Maatregelen
Tabel 4.17: maatregelen goederencorridor Zuid-Nederland Indienststelling Maatregel
Meterenboog en milieumaatregelen ’Den Bosch-Vught (4-sporig, vrije kruising, verdiept Vught, overwegen, geluid, trillingen)
Start realisatie
BR (2018)
VGR 2022 -1
VGR 2022 -2
Q1-2027
Q3-2029
Q3-2029
gestart
Q1-2027
Q3-2029
Q3-2029
gestart
P agina 38 van 49
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
Overige maatregelen (transfer Zaltbommel, geluid, trillingen, milieumaatregelen, onderhoud) Transfer ’sHertogenbos ch korte termijn 4.5.2
Q1-2027
Q3-2029
Q3-2029
gestart
Q1-2027
gereed
gereed
gereed
Raakvlakken
Aanpak station ‘s-Hertogenbosch De aanpak van het station voor de middellange termijn in de vorm van een extra zijperron wordt samen met de gemeente verder uitgewerkt. Voor de lange termijn oplossing voor transfercapaciteit wordt samen met de gemeente ‘s-Hertogenbosch een integrale verkenning gestart, in afstemming met de gebiedsontwikkeling aan de westzijde van het station. De projectscope en –middelen voor dit onderdeel zijn uit het programma genomen. N65 Vught-Haaren De benodigde ‘omkering’ van de kruising van het spoor en de N65 in Vught dient aan te sluiten op het MIRT-project N65 Vught-Haaren. De planning van uitvoering van het project N65 Vught - Haaren is door de vernietiging van het bestemmingsplan door de Raad van State nog onzeker. Bij het project Den Bosch Vught is rekening gehouden met de mogelijkheid het werk gescheiden van het N65 project uit te voeren. 4.5.3
Risico’s
Tabel 4.18: Top 3 risico’s goederencorridor Zuid-Nederland Risico Beheersmaatregelen Ontwikkeling Na de Raad van State procedure is Monitoren van reparatie noodzakelijk met ontwikkelingen. gevolgen voor de doorlooptijd. Issue analyse opstellen.
Verlaagd
Beperkte ruimte voor
Afstemming met overige
Nieuw
buitendienststellingen op de corridor, geen ruimte om tegenvallers op te vangen (door schaarste, samenhang met andere projecten, beperkt materieel en personeel).
ProRail projecten. In samenwerking met Opdrachtnemer logistiek plan afstemmen met C apaciteitsmanagement ProRail.
P agina 39 van 49
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
Er blijken extra maatregelen nodig Aanvullend grondonderzoek
Ongewijzigd
om bestaande baanlichamen te en zettingsberekeningen. versterken. Deze baanlichamen bevinden zich boven voormalige landbouwgrond hierbij bestaat een risico op ongelijke zettingen van de baan.
4.6
Reizigerscorridor Schiphol-Amsterdam-Almere-Lelystad
SAAL behelst uitbreiding en verbetering van capaciteit en kwaliteit van het openbaar vervoer op de corridor Schiphol-Amsterdam-Almere-Lelystad. Het gaat om kansrijke en kosteneffectieve oplossingsrichtingen om te komen tot hoogfrequent spoorvervoer in relatie tot de metropolitane ontwikkeling van de Noordvleugel.
De SAAL-corridor bevindt zich in de Planuitwerkingsfase. ProRail werkt de maatregelen uit behorende bij het aangepaste en maakbare dienstregelingsmodel. Voor de maatregel Geluidsscherm Bloemendalerpolder is het realisatiecontract gegund begin juli 2022. Daarnaast is de omgevingsvergunning verleend. In Q1 2023 is de aannemer gestart met de werkzaamheden. Beoogde realisatie is medio 2024. 4.6.1
Maatregelen
Tabel 4.19: Maatregelen corridor SAAL Maatregel Indienststelling Start realisatie BR (2018) VGR VGR 2022 - 1 2022 - 2 Maatregelen infra Q4-2027 Q4-2027 Q4-2027 Deels lay-out Weesp, gestart Amsterdam-Zuid
P agina 40 van 49
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
Keervoorzieningen keverdijk en Muiderberg en Hoofddorp gelijktijdigheid) Overige maatregelen (o.a. transfer Muiderpoort, wissels Almere Oostvaarders, omgevingseffecten) Naarden-Bussum emplacement Extra opstelcapaciteit Lelystad
Q4-2027
Q4-2029 Q4-2029
deels gestart; deels gereed
Q3 2019
Gereed
Gereed
gereed
Q4 2020
Gereed
Gereed
gereed
In overleg met ProRail zijn de maatregelen voor de SAAL-corridor geclusterd tot de twee bovenstaande mijlpalen. 4.6.2
Prognose en realisatie reizigersvervoer en dienstregeling
Tabel 4.20: Reizigersaantallen corridor SAAL (bron NS & ProRail)
Prognose II13
Realisatie 2017
2018
2019
2030 L
2030 H
Ams terdam Centraal – Weesp
51.000 52.000 51.000
50.000
51.000
61.000
64.100
Ams terdam Zuid – Weesp
44.000 46.000 51.000
52.000
53.000
72.500
80.500
Weesp – Al mere
53.000 55.000 58.000
59.000
59.000
73.700
81.200
2015
2016
Aantal reizigers op een gemiddelde werkdag op meetpunten Diemen-Weesp, Diemen ZuidWeesp, Weesp-Almere Poort. Voor de prognose zijn de cijfers weergegeven voor treindienstmodel II.
Tabel 4.21: Aantal reizigerstreinen corridor SAAL (bron NS) Jaartal Aantal Aantal Toelichting intercity’s productsprinters verbetering Meetpunt Diemen-Weesp, aantal per uur/richting Basis (2013) 4 4 2017 4 4 2021 4 4 2029 0 10 Meetpunt Diemen Zuid-Weesp, aantal per uur/richting Basis (2013) 6 4 2017 6 4 2021 6 4 2029 8+4 0 8 intercity’s en 4 sneltreinen Meetpunt Weesp-Almere Poort (incl. Gooiboog), aantal per uur/richting Basis (2013) 4 6 2017 6 6 2021 6 6 2029 4+4 8 4 intercity’s en 4 sneltreinen
13
Bron: IMA Referentieprognose 2022 (ProRail)
P agina 41 van 49
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
Het genoemde jaartal van de productverbetering betreft een kalenderjaar, doorgaans in december, en is een jaar eerder dan het dienstregelingsjaar.
4.6.3
Raakvlakken
ERTMS SAAL-corridor Buiten de infrastructuurmaatregelen om de frequentie te verhogen is invoering van ERTMS op de corridor noodzakelijk. Er is een nauwe samenwerking tussen de programma’s ERTMS en PHS om ervoor te zorgen dat de benodigde ERTMS-aanpassingen zorgvuldig en tijdig worden uitgevoerd om zodoende het dienstregelingsmodel SAAL mogelijk te maken. Beide programma’s zullen middels de eigen voortgangsrapportages melding blijven maken over de voortgang van SAAL en ERTMS. Zoals onder hoofdstuk 2 gemeld, is er zonder aanvullende maatregelen sprake van een aangepaste planning van ERTMS die van invloed kan worden op de planning van SAAL. Uit diverse analyses van het programma ERTMS komt naar voren dat de probabilistische planning voor SAAL aangepast wordt van 2027-2029 naar 20292031. Deze nieuwe planning betekent dat de vroegste opleverdatum van ERTMS voor de SAAL-corridor past binnen de bestuurlijke afspraak over oplevering van de productstap SAAL. Daarbij dient duidelijk te zijn dat de bandbreedte ook het risico met zich meebrengt dat de oplevering van ERTMS later kan uitkomen dan 2029 waarmee indienststelling 2030 niet haalbaar is. 4.6.4
Risico’s
Tabel 4.22: Top 3 risico’s corridor SAAL Risico Beheersmaatregelen Uitrol ERTMS op de SAALcorridor is niet gereed in 2029.
Technische oplossing uitwerken na gunning ERTMS-systeem in de infrastructuur.
Ontwikkeling Ongewijzigd
Invullen randvoorwaarden en impact PHS SAAL bepalen. Baanstabiliteit op de SAALcorridor is onvoldoende.
Landelijke analyse baanstabiliteit uitvoeren. Na beschikbaar komen van de definitieve resultaten kan meer inzicht gegeven worden in de omvang van dit risico en mogelijke beheersmaatregelen.
Nieuw
Keerknelpunt bij Amsterdam C entraal kan niet worden opgelost.
Onderzoeken of keertijdtekort van 30 seconden in logistiek kan worden opgelost.
Nieuw
4.7
Reizigerscorridor Schiphol -Utrecht- Nijmegen
Binnen deze PHS-corridor wordt met zogenoemd het 6/4 model gewerkt voor een hoogfrequente lijnvoering: 6 intercity’s per uur Schiphol-Amsterdam Zuid-Utrecht
P agina 42 van 49
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
Centraal-Arnhem Centraal (-Nijmegen), 1 ICE per 2 uur Amsterdam CentraalUtrecht Centraal-Arnhem Centraal-Duitse grens en 4 sprinters per uur BreukelenUtrecht Centraal-Driebergen-Zeist waarvan er 2 per uur naar Ede-Wageningen doorrijden en 2 per uur doorrijden naar Veenendaal Centrum/Rhenen.
Voor het project PHS Nijmegen is in de verslagperiode de projectbeslissing genomen. Het project kan hiermee nu ook gaan starten met het aanbesteden van het werk. Het project Spoorzone Ede heeft de benodigde PHS-maatregelen in een grote buitendienststelling kunnen uitvoeren welke na de afronding van de buitendienststelling in gebruik zijn genomen. Ook dit project kampte met o.a. leveringsproblemen. Dankzij enorme inspanning van alle betrokken partijen en medewerkers in de voorbereiding is het gelukt om de werkzaamheden uitgevoerd te krijgen in de grote buitendienststelling zomer 2022. Hierbij zijn onvoorziene meerkosten gemaakt om veel hogere vertragingskosten te voorkomen. 4.7.1
Maatregelen
Tabel 4.23: Maatregelen corridor Schiphol-Utrecht-Nijmegen Indienststelling Maatregel BR (2018) VGR 2022 -1 VGR 2022 -2 Nijmegen integrale Q1-2027 Q4-2028 Q4-2028 aanpak en extra opstelcapaciteit (extra perron, transfer, nieuwe toegang) Seinoptimalisatie Q4-2028 Q4-2028 Q4-2028 Arnhem-Nijmegen
P agina 43 van 49
Start realisatie gestart
NTB
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
Overige maatregelen (externe veiligheid, be- en bijsturing en onderhoud)
Q4-2028
Q4-2028
Q4-2028
NTB
Ede-Wageningen extra zijperron Overige maatregelen (Perronverlengingen, overweg Veenendaal Klompersteeg) Doorstroomstation Utrecht (DSSU) Driebergen-Zeist keerspoor
Q4-2020
Q4-2022
gereed
gereed
Q4-2028
gereed
gereed
gereed
gereed
gereed
gereed
gereed
Q1-2020
gereed
gereed
gereed
4.7.2
Prognose en realisatie reizigersvervoer en dienstregeling
Tabel 4.24: Reizigersaantallen corridor Schiphol-Utrecht-Nijmegen (bron NS & ProRail)
Prognose 14
Realisatie 2015
2016
2017
2018
2019
2030 L
2030 H
Ams terdam – Utrecht15
100.000 103.000 110.000 115.000 122.000 152.800 170.600
Utrecht – Arnhem
54.000
53.000
56.000
55.000
60.000
76.800
82.700
Aantal reizigers op gemiddelde werkdag op meetpunten Maarssen-Utrecht Zuilen en Utrecht Vaartsche Rijn-Bunnik. Voor de prognose worden prognoses voor 2030 in een laag en hoog scenario gebruikt (WLO-laag en WLO-hoog).
Tabel 4.25: Aantal reizigerstreinen corridor Schiphol-Utrecht-Nijmegen (bron NS) Jaartal Aantal Aantal Toelichting intercity’s productsprinters verbetering Meetpunt Maarssen-Utrecht Zuilen 16, aantal per uur/richting Basis (2013) 4 4 Excl.1 ICE per 2 uur 2017 4 4 Excl. 1 ICE per 2 uur 2021 6 4 Excl. 1 ICE per 2 uur 2029 6 Excl. 1 ICE per 2 uur 4 Meetpunt Utrecht Vaartsche Rijn-Bunnik, aantal per uur/richting Basis (2013) 4 4 Excl. 1 ICE per 2 uur 2017 4 4 Excl. 1 ICE per 2 uur 2021 6 4 Excl. 1 ICE per 2 uur 2029 6 4 Excl. 1 ICE per 2 uur Het genoemde jaartal van de productverbetering betreft een kalenderjaar, doorgaans in december, en is een jaar eerder dan het dienstregelingsjaar. Vanwege personeelstekorten zijn de 5 e en 6e IC’s tot 2024 afgeschaald.
14 15 16
Bron: IMA Referentieprognose 2022 (P roRail) Samenloop met corridor Amsterdam-Eindhoven A lleen de IC’s die tussen U trecht en Amsterdam Zuid-Schiphol rijden, zijn genoemd
P agina 44 van 49
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
4.7.3
Risico’s
Tabel 4.26: Top 3 risico’s corridor Schiphol-Utrecht-Nijmegen Risico Beheersmaatregelen Ontwikkeling C apaciteitsgebrek (materialen/resourc es) waardoor aanbesteding Nijmegen vertraagd/mislukt.
Aanbesteding vroegtijdig bij Markt aankondigen.
Er is onvoldoende ruimte in en naar projectgebied PHS Nijmegen voor alle logistiek tijdens realisatie.
Uitdagen Markt op gebied van hinderbeperking. Randvoorwaarden t.a.v. logistiek vastleggen i.s.m. Gemeente. Afstemmen tussen verschillende projecten in Spoorzone gebied.
Ongewijzigd
De geplande buitendienststelling en en daarna gekoppelde bouwperiode op Nijmegen zijn gekoppeld aan de Nijmeegse wandelvierdaagse. Bij het wijzigen of niet halen van een buitendienststelling schuift de planning daardoor direct een jaar.
De kans op verschuivingen van buitendienststellingen minimaliseren door o.a. het zo robuust mogelijk maken van de uitvoeringsplanning door een challenge van de fasering. Vroegtijdige en nauwe afstemming met de vervoerders bij dreigende verschuivingen.
Ongewijzigd
4.8
Ongewijzigd
Markt niet overvragen t.a.v. EMVI producten. Extra dialoogrondes houden. Juridische review op aanbestedingsdossier.
Overige Maatregelen
Om PHS mogelijk te maken zijn er, naast de maatregelen per corridor, ook aanvullende maatregelen nodig om hogere treinfrequenties mogelijk te maken. Dit betreft maatregelen in verband met leefbaarheid (geluid, trillingen, externe veiligheid, overwegveiligheid), maar bijvoorbeeld ook het o pstellen van treinen en tractie- en energievoorziening (TEV). In deze verslagperiode zijn een aantal TEVmaatregelen gerealiseerd en zijn de onderstations Riekerpolder en Driebergen/Austerlitz in gebruik genomen. Tabel 4.27: Overzicht overige maatregelen Indienststelling Maatregel BR (2018) VGR 2022 - 1
P agina 45 van 49
VGR 2022 - 2
Start realisatie
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
Sloe elektrificatie (goederen) Tractie en energievoorziening (TEV)
Q2-2022
Q4-2023
Q4-2023
gestart
Q4-2028
Q4-2028
Q4-2028
ICT be- en bijsturing
Q4-2028
Q4-2028
Q4-2028
deels gestart ; deels gereed deels gestart
Opstelcapaciteit Onnen Seinoptimalisatie Gouda Woerden
Q4-2028
Q4-2028
Q4-2028
NTB
Q4-2028
Q4-2028
Q4-2028
Vervallen
P agina 46 van 49
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
Bijlage A
Budget en prognose
Conform hoofdstuk 2 is de tabel kostenprognose en budget hier opgenomen, maar aangevuld met de standen uit de Basisrapportage (2018) voor de historische vergelijking. Mutaties zijn toegelicht in de tussenliggende voortgangsrapportages. Tabel A.1: Kostenprognose en budget x € 1 mln., incl. btw, prijspeil 2022
Prognose eindstand verkenning en planuitwerking BR (2018) 2022-1 2022-2
Prognose eindstand realisatie BR (2018)
2022-1
2022-2
Projectkosten IenW
4,7
5,2
5,2
-
-
-
Verkenning
12,9
12,6
12,6
-
-
-
Alkmaar - Amsterdam
13,8
17,1
17,8
244,1
239,3
249,2
Amsterdam - Eindhoven
59,3
60,2
60,2
1121,7
1301,3
1318,7
Breda - Eindhoven
17,5
17,3
17,3
163,1
151,6
138,0
Den Haag - Breda
13,2
13,2
16,6
358,9
408,5
408,5
Goederen Oost-Nederland19
10,4
10,4
10,4
-
-
-
Goederen Zuid-Nederland
45,8
45,2
45,0
852,0
883,9
884,7
SAAL
29,6
29,5
29,5
271,7
186,2
186,6
Schiphol - Utrecht – Nijmegen TEV
34,9
38,0
38,0
543,4
552,4
570,9
-
9,1
9,1
-
142,3
142,3
Overige maatregelen
38,0
36,7
36,3
113,7
78,1
95,5
-
-
-
-
23,7
23,2
280,0
294,5
298,0
3668,6
3967,2
4017,7
3948,6
4261,7
4315,8
PHS budget (artikel 17.10 IF) 20 Verwachte IBOI pp2022
3467,3
3511,7
3647,5
Overige financiering (bijbestellingen en subsidies derden)21
126,7
415,9
442,8
3594,0
4056,0
4090,3
354,6
205,7
225,5
Programmakosten Subtotalen Totaal Kosten Budget
Totaal budget Potentieel tekort
128,4
De som der delen kan afwijken van het totaal door afrondingen, de totalen zijn leidend.
P agina 47 van 49
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
Bijlage B
Budgetontwikkelingen van 2018 tot heden
Rapportage
Basisrapportage (2018)
Tabel B.1: Budgetontwikkelingen Begrotingsstuk x€ 1 mln., incl. btw Stand NajaarsNota 2018
Type mutatie
x€ 1 mln., incl. btw
3.467,3 -2,2 scopeoverdracht
1e VGR (2020-1)
Stand VoorjaarsNota 2019
3.465,0 66,1 prijsbijstelling 2020 16,2 scopetoevoeging -21,8 overdracht tbv EOV 48,8 meevaller oplevering 15,0 scopetoevoeging 43,0 scopetoevoeging -28,5 scopeoverdracht -0,1 scopeoverdracht
2e VGR (2020-2)
Stand NajaarsNota 2019
3.603,6 0,3 scopetoevoeging -8,2 overdracht tbv EOV -0,4 scopeoverdracht
3e VGR (2021-1)
Stand VoorjaarsNota 2020
3.595,3
4e VGR (2020-2)
Stand NajaarsNota 2020
3.644,5
49,2 prijsbijstelling 2021
0 5e VGR (2021-1)
Stand VoorjaarsNota 2021
3.644,5 65,0 prijsbijstelling 2020 3,4 scopetoevoeging 6,2 scopetoevoeging -40,0 scopeoverdracht -24,6 scopeoverdracht -4,3 scopeoverdracht desaldering -130,6 ontvangsten -2,3 overdracht tbv EOV
6e VGR (2021-2)
Stand NajaarsNota 2021
3.517,3 -5,6 overdracht tbv EOV
7e VGR (2022-1)
Stand VoorjaarsNota 2022
3.511,7 128,4 prijsbijstelling 2022 11,5 scopetoevoeging -4,1 overdracht tbv EOV
8e VGR (2022-2)
Stand NajaarsNota 2022 Totaal m utatie
3.647,5 180,2
P agina 48 van 49
P rogramma Hoogfrequent Spoorvervoer – VGR 8 2022-2
Bijlage C
Financiële aansluiting voortgangsrapportage en begrotingsstukken
ProRail en IenW werken met een systeem van periodieke bevoorschotting en afrekening. Afrekening van bevoorschotting die over de jaargrens heen gaat en het verwerken van negatieve uitgaven leiden in de begrotingssystematiek van IenW tot hogere aangegane verplichtingen, uitgaven en ontvangsten. Tabel C.1 - Gerealiseerde administratieve ontvangsten t/m x € 1000, incl. btw 2022 Totaal Opmerkingen 2021 Terugontvangen voorschotten
Correctie negatieve uitgaven Gerealiseerde administratieve ontvangsten
47.056
14.964
431
614
62.020 H et (terug)ontvangen bedrag betreft
te veel betaalde voorschotten. O p grond van artikel 28 van de C omptabiliteitswet 2001 worden deze als ontvangst opgenomen in het O verzicht van budgettaire gevolgen van uitvoering in het jaarverslag.
1.045
47.487 17 15.578 63.065
Naast de negatieve uitgaven en terugontvangen voorschotten, hier samengevat als administratieve ontvangsten, is het budget IenW toegelicht. De eerste uitgevoerde maatregelen voor OV SAAL Korte Termijn zijn geen onderdeel van het Grote Project PHS maar zijn wel geboekt op Art 17.10 en hebben daarom een effect op de financiële historie en het totale budget. Tabel C.2 - Budget IenW (in mln. €) VGR-budget OV SAAL KT Planuitwerking OV SAAL KT Realisatie Programmabudget Afrekening administratieve ontvangsten 18
3.648 32
Zie tabel 2.2
630 4.310 63
2e Suppletoire 2022, tabel 42
P er abuis is in vorige Voortgangsrapportages (6 en 7) de 431 twee maal in de administratieve ontvangsten meegenomen. D it is in deze voortgangsrapportage gecorrigeerd. 18 P er abuis is in de Rijksbegroting € 6 1 mln. opgenomen. E chter ontbreekt in dit bedrag de terugontvangen voorschotten uit de planstudiefase. I nclusief deze voorschotten komt het bedrag uit op bovenstaande € 6 3 mln. 17
P agina 49 van 49