4. gewijzigd bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
Tekst van het document
De actualisatie toont aan de capaciteit en kwaliteit van de sportaccommodaties stadsbreed in Zwolle voldoende is. Op onderdelen zou modernisering van het aanbod gewenst zijn (bijv. gymzalen die meer geschikt zijn voor moderne vormen van bewegingsonderwijs).
2.13
Coffeeshopbeleid
Het Zwolse coffeeshopbeleid gaat, onder andere, uit van de handhaving van maximaal 5 te gedogen coffeeshops in Zwolle. In Zwolle zuidoost bevinden zich geen coffeeshops.
2.14
Prostitutiebeleid
Het Zwolse prostitutiebeleid gaat uit van een maximaal stelsel. Het maximum aantal seksinrichtingen is daarbij gesteld op 10 (inclusief escortbedrijven). Deze mogen zich alleen bevinden in het zogenaamde vestigingsgebied. Dit gebied bestaat uit het gebied binnen de stadsgrachten, enige uitvalswegen (Willemskade, Harm Smeengekade, Pannekoekendijk, Schuttevaerkade, Zamenhofsingel, Diezerkade, Thomas à Kempisstraat tot de hoek Vechtstraat, Groot Wezenland, Assendorperstraat tot Molenweg), alsmede het gebied buiten de bebouwde kom. Gelet op het voorgaande zijn er in Zwolle zuid oost geen seksinrichtingen toegestaan.
2.15
Milieubeleid
Algemeen beleid De gemeenteraad van Zwolle heeft in 2005 de milieuvisie "Milieu op scherp" vastgesteld. De milieuvisie geeft de richting aan van het Zwolse milieubeleid. In de milieuvisie worden ambities en doelstellingen geformuleerd en worden prioriteiten gesteld in de ontwikkeling en uitvoering van het Zwolse milieubeleid. In de milieuvisie is de strategie geformuleerd die Zwolle wil hanteren om te komen tot een effectief en efficiënt milieubeleid. Er worden parallelle sporen gevolgd. Per sector (geluid, bodem, externe veiligheid, luchtkwaliteit enz.) wordt beleid geformuleerd. Op dit moment is voor de sectoren energie, duurzaam bouwen, bodem, grondwater, geluid, afval en externe veiligheid beleid vastgesteld. Het beleid voor de aspecten die relevant zijn voor het plangebied worden in de volgende paragrafen beschreven. Bedrijvigheid Zowel de ruimtelijke ordening als het milieubeleid stellen zich ten doel een goede kwaliteit van het leefmilieu te handhaven en te bevorderen. Dit gebeurd onder andere door milieuzonering. Onder milieuzonering
26/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
verstaan we enerzijds het aanbrengen van een voldoende ruimtelijke scheiding tussen milieubelastende bedrijven of inrichtingen en gevoelige bestemmingen zoals woningen. Anderzijds worden milieugevoelige functies zoals wonen en recreëren beoordeeld. De ruimtelijke scheiding bestaat doorgaans uit het aanhouden van een bepaalde afstand tussen milieubelastende en milieugevoelige functies. De onderlinge afstand moet groter zijn naarmate de milieubelastende functie het milieu sterker belast. Milieuzonering heeft twee doelen: Het voorkomen of zoveel mogelijk beperken van hinder en gevaar bij woningen en andere gevoelige functies; Het bieden van voldoende zekerheid aan bedrijven dat zij hun activiteit duurzaam onder aanvaardbare voorwaarden kunnen uitvoeren. Zwolle hanteert bij de uitwerking van het bovenstaande principe de veel gebruikte VNG-handreiking “Bedrijven en Milieuzonering”(2009). Hierin zijn richtafstanden aangegeven die aangehouden kunnen worden tussen bedrijven c.q. voorzieningen en woningen. Geluid In de milieuvisie 'Milieu op scherp' wordt de ambitie voor geluid als volgt omschreven: "Zwolle is een dynamische stad met geluidniveaus die passen binnen de wettelijke grenswaarden. Er zijn alleen geluiden die passen bij de functie van een gebied en ook de geluidbelasting binnen het gebied is gerelateerd aan de functie van het gebied.
Dit is vastgelegd in de 'Handreiking gebiedsgericht werken aan milieu gemeente Zwolle'. Een belangrijke doelstelling is het verminderen van geluidshinder in bestaande woningen en voorkomen van geluidshinder bij renovatie en nieuwbouw. Een belangrijke maatregel om deze doelstelling te bereiken is het toepassen van stillere wegdeksoorten. Een andere maatregel is het meenemen van de geluidsdoelstellingen bij de ruimtelijke planontwikkeling". In de door de gemeenteraad vastgestelde 'Handreiking gebiedsgericht werken aan milieu gemeente Zwolle' (juli 2007) en in de beleidsregel 'Hogere waarden Wet geluidhinder' (2 april 2007) worden de ambities en de grenswaarden (dit is de maximale waarde waarvoor nog hogere grenswaarden worden vastgesteld) per gebiedstype genoemd. Is de geluidsbelasting lager dan de grenswaarde uit het Gebiedsgericht Milieubeleid dan kan na een eenvoudige administratieve toets de hogere waarde worden vastgesteld. Is de geluidsbelasting hoger dan de grenswaarde uit het Gebiedsgericht Milieubeleid, maar onder het wettelijke maximum dan is een meer diepgaande beoordeling noodzakelijk.
Bij de beoordeling komt het onderzoeken van varianten nadrukkelijk aan bod en wordt gekeken naar mogelijkheden van bijvoorbeeld een geluidsluwe gevel, aangepaste indeling van de woning (hoofdslaapkamer aan de geluidsluwe gevel), een balkon of tuin aan de geluidsluwe zijde van de woning, indien het balkon aan de voorzijde is gesitueerd wordt gekeken naar mogelijkheden om deze afsluitbaar te maken, waardoor akoestische compensatie wordt verkregen. Het plangebied ligt in het gebiedstype Groen stedelijk. Hiervoor geldt vanuit geluid een ambitiewaarde van 43 dB en een grenswaarde van 53 dB. In dit plan worden geen (grote) nieuwe ontwikkelingen mogelijk gemaakt waarbij akoestische onderzoek nodig is gezien het conserverende karakter. Via een wijzigingsbevoegdheid is er enige ruimte voor doorontwikkeling naar een functie wonen. Luchtkwaliteit Het luchtkwaliteitsplan gemeente Zwolle 2007-2011 beschrijft de luchtkwaliteitssituatie in Zwolle, de opgave, de ambitie en de aanpak om de vastgestelde doelen te bereiken. Zwolle wil binnen de beïnvloedingssfeer van de gemeente, een significante bijdrage leveren aan de verbetering van de luchtkwaliteit. Om dat te bereiken zijn de volgende doelen geformuleerd: voldoen aan wet- en regelgeving; anticiperen op de toekomst; Knelpunten in de toekomst moeten voorkomen worden. Dit betekent dat de luchtkwaliteit in het
27/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
planvormingsproces van ruimtelijke plannen en verkeersplannen wordt meegenomen; beleid ten aanzien van luchtkwaliteit inbedden in bestaand gemeentelijk beleid. De gemeente streeft ernaar dat het aspect door gaat werken in het verkeers- en vervoersbeleid, het ruimtelijke ordeningsbeleid en het beleid van vergunningen en handhaving. Externe veiligheid De beleidsvisie externe veiligheid is op 6 maart 2007 vastgesteld door de gemeenteraad. De gemeente streeft ernaar voor haar gehele grondgebied te voldoen aan de basisveiligheid. Dit betekent dat: Overal voldaan wordt aan de normen voor plaatsgebonden risico; Een gebiedsgericht invulling wordt gegeven aan groepsrisicobeleid met een gebiedsgericht kader externe veiligheid; Veiligheidsdoelstellingen passend bij de typering van het gebied worden ontwikkeld; Zoveel mogelijk geanticipeerd wordt op de landelijke beleidsontwikkeling die een ongunstige invloed kunnen hebben op de veiligheidssituatie in Zwolle met als doel het bewaken van een optimaal veiligheidsniveau. Op 20 januari 2009 heeft het college van B & W het gebiedsgericht beleidskader externe veiligheid vastgesteld. Het gaat om een ruimtelijke uitwerking van het externe veiligheidsbeleid dat aansluit op het gebiedsgerichte milieubeleid.
Op basis van kenmerken (fysieke omgeving, hulpverleningsniveau en zelfredzaamheid) die bij een bepaald gebiedstype horen is een beleidsstandpunt bepaald ten aanzien van een mogelijke toename van het groepsrisico. Tevens is op basis van dezelfde kenmerken van een gebiedstype bepaald of er plaats is voor nieuwe risicobronnen. Een afwijkend gebiedstype vormen de stroomzones. Stroomzones zijn gebieden rondom infrastructuur (spoorlijnen, wegen en waterwegen) waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd. Voor stroomzones is een apart beleidskader geformuleerd. Het plangebied behoort tot het gebiedstype 'Groen stedelijk' en ligt grotendeels buiten het gebiedstype stroomzone. Gezien het conserverende karakter van het plan is externe veiligheid geen aandachtspunt. Duurzaamheid Klimaatadaptatie en Energietransitie zijn belangrijke pijlers in het coalitieakkoord en in de Zwolse omgevingsvisie. Het college heeft klimaatadaptatie en energietransitie benoemd als speerpunten voor de toekomstige stad Zwolle waarin het prettige wonen, werken en recreëren is. Zwolle wil koploper zijn in het praktisch maken van het energieakkoord en de deltabeslissing en het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie en ziet klimaatadaptatie en energietransitie als kans om te innoveren en als verdienmodel.
Klimaatadaptatie (aanpassing) gaat over het verminderen van de kwetsbaarheid voor klimaatverandering (zowel fysiek als mentaal = acceptatie) en het profiteren van de kansen die een veranderend klimaat biedt. Belangrijk is om schade door (weers)extremen te voorkomen en de woon-werkomgeving zodanig in te richten dat mensen zo min mogelijk last hebben van extreme weersomstandigheden. Kenmerken van een veranderd klimaat zijn bijvoorbeeld extreme regenbuien, overstromingskansen en langdurige droogte en langdurige hitte. Voorbeelden van uitwerking zijn een groene inrichting/gevel, waterdoorlatende verharding, beperkte zoninval in de zomer, maar ook een regenafvoer met een noodoverlaat zodat er bij een hoosbui geen regenwater het gebouw instroomt of het gebouw zodanig inrichten dat water in het gebouw niet tot schade leidt. Rekening houden met een veranderd klimaat levert tevens wooncomfort op. Denk bijvoorbeeld aan slapen of werken in (te) warme ruimten wat onprettig is en bij langdurig aanhoudende hitte zelfs negatieve effecten heeft op de gezondheid. Door bij het ontwerp hier rekening mee te houden kunnen gebouwen en openbare ruimte robuust, gezond en comfortabel worden ingericht én voorbereid zijn op extremen.
Ten aanzien van water is het beleid verder uitgewerkt in 2.6 Waterbeleid Energie Met betrekking tot energie heeft Zwolle diverse aanscherping van de eigen doelstellingen doorgevoerd vanaf
28/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
2018. Zo is vastgelegd dat de gemeentelijke tussendoelstelling voor 2025 voor CO2 reductie 25% is (t.o.v. 1990) en dat 25% van het energiegebruik (lokaal) duurzaam wordt opgewekt. Voor nieuwbouw wordt de landelijke aanscherping van het bouwbesluit en aardgasloos ontwikkelen aangehouden. In de Europese Energy Performance of Buildings Directive (EPBD) is vastgelegd dat vanaf 31december 2020 alle nieuwe gebouwen in Nederland als bijna energie neutrale gebouwen (BENG) worden gerealiseerd. Voor nieuwe ontwikkelingen in het plangebied houdt het in dat deze dienen bij te dragen aan de realisatie van een ergieneutrale wijk. Dit betekent dat evenveel duurzame energie wordt opgewekt als wordt gebruikt door bewoners, bedrijven en in de openbare ruimte. Op hoofdlijnen houdt het in dat er bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen geen (nieuwe) gasinfrastructuur in de wijk wordt aangelegd. Deze ambitie betekent dat de energie ten behoeve het gebouwgebonden en gebruikersgebonden gebruik voor iedere (nieuwe) woning en voorziening duurzaam wordt opgewekt. Opwekking van duurzame energie vindt plaats binnen de wijk of binnen een straal van 10 kilometer rondom de wijk.
Ervaring en onderzoek heeft aangetoond dat de doelstellingen haalbaar zijn, mits de principes van de trias energetica gehanteerd worden: minimaliseer de energiebehoefte (isolatie); wek de benodigde energie duurzaam op; maak gebruik van zo efficiënt mogelijke systemen, bijvoorbeeld door middel van een warmtepomp, lage temperatuurverwarming, warmteterugwinning. Doorwerk ing overstap van aardgas naar andere warmtevoorziening: Om een overgang te maken naar aardgasvrij en energieneutraal wonen, werkt de gemeente Zwolle aan een plan hoe Zwolle in fasen kan overstappen van verwarming door aardgas op alternatieven zoals een warmtenet, all electric en/of duurzaam gas. In nauwe samenwerking met netbeheerder Enexis, de provincie en woningcorporaties wordt op stads- en wijkniveau in kaart gebracht welke alternatieve bronnen aanwezig zijn, wat de beste oplossing is voor een bepaald gebied en wat een geschikt moment is om over te stappen. Denk aan de vervangingstermijn voor bestaande netwerken. Deze strategie wordt vastgelegd in de Zwolse Warmtegids (vanaf 2021 voor iedere gemeente verplicht) en geconcretiseerd in warmteplannen. Die warmteplannen raken iedere bewoner direct en met impact. Om tijdig de gehele woningvoorraad energieneutraal en aardgasvrij te hebben, moeten in 2025 de eerste 5.000 woningen aangesloten zijn op een aardgasvrije warmtevoorziening.
Dit betekent twee of drie Zwolse wijken! Hierdoor wordt een besparing gerealiseerd van 0,225 PJ. Berkum, bestaande uit circa 2.000 woningen, is de eerste wijk die aangepakt wordt. Het project Berkum Energieneutraal 2025 is inmiddels gestart. Op dit moment wordt onderzocht welke volgende wijk(en) tot de scope van deze gebiedsgerichte aanpak kunnen horen. Bodem Het bodembeleidsplan (2010) kent in overeenstemming met het gemeentelijk milieubeleid een gebiedsgerichte benadering. In het plan wordt onderscheid gemaakt tussen de bovengrond en de ondergrond. Bovengrond Op 1 juli 2008 is het Besluit bodemkwaliteit in werking getreden. In dat kader heeft de gemeente Zwolle op 24 augustus 2015 een bodemfunctieklassenkaart vastgesteld, waarop voor de hele gemeente wordt aangegeven welke functie de bodem heeft of welke functie in de toekomst wordt nagestreefd. De functieklassenindeling is gebaseerd op het gebiedsgericht milieubeleid van de gemeente. De volgende functies worden onderscheiden: wonen, industrie, water, buitendijksgebied, landbouw/natuur en hoofdwegen. Het plangebied “Zuiderkerkstraat ” valt binnen het functieklassengebied wonen. Met de invoering van het Besluit bodemkwaliteit zijn de kwaliteitsklassen landbouw/natuur, wonen en industrie ingevoerd.
Op 24 augustus 2015 heeft de gemeente ook de bodemkwaliteitskaart vastgesteld gebaseerd op de kwaliteitsklassen van het Besluit bodemkwaliteit. Het plangebied valt binnen het gebied 29/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
met de kwaliteitsklasse 'industrie' vanwege de oud-stedelijke verontreiniging van de bovengrond. Volgens het gemeentelijke Bodembeleidsplan (van kracht per 11 januari 2010) mag de bodemkwaliteitskaart als kwaliteitsbewijs worden gebruikt bij het ontwikkelen van een locatie. Een onderzoek is dan niet nodig. Eventueel vrijkomende grond mag volgens het bodembeleid binnen de gemeente worden hergebruikt met de bodemkwaliteitskaart als kwaliteitsbewijs. Voorwaarde hiervoor is dat de bodem niet verdacht is van verontreiniging op basis van het huidige of historische gebruik, en er geen (al dan niet gesaneerd) geval van bodemverontreiniging bekend is. Indien er aanwijzingen zijn dat de bodemkwaliteit niet geschikt is voor de functie, kan een bodemonderzoek nodig zijn om te bepalen of de locatie gesaneerd dient te worden. In principe worden verontreinigingen in de bovengrond functiegericht gesaneerd.
Ondergrond In juni 2007 heeft de gemeenteraad van Zwolle ingestemd met de Visie op de Ondergrond en besloten de volgende vijf basisprincipes vast te stellen en te gaan toepassen in projecten: Werken met ondergrondse bestemmingen / functies Structureel en georganiseerd gebruik maken van WKO (warmte- / koudeopslag) en WKO koppelen aan grondwatersanering en waterwinning en peilbeheer Bodemsanering gebiedsgericht benaderen Natuur, recreatie, agrarische activiteiten, waterwinning en bescherming van kwalitatief hoogwaardig grondwater met elkaar te combineren in één gebied Structureel en georganiseerd afstemmen van vraag en aanbod van (grond)water, koude en warmte. Deze vijf basisprincipes vormen ook het vertrekpunt voor de beleidsmatige invulling voor het omgaan met de ondergrond. Het bodembeleidsplan levert een bijdrage aan de implementatie van de basisprincipes door: Het kader te geven voor gebiedsgericht benadering van de bodemsanering De doelstelling voor sanering te koppelen aan de beoogde functies in de ondergrond De mogelijkheid te creëren om de aanpak van bodemverontreiniging integraal af te wegen tegen en af te stemmen met koude-warmte opslag, peilbeheer en/of grondwaterwinning. Conclusie Het plan kent geen ontwikkelingen gezien de conserverende aard.
Uit voorgaande beschouwing kan geconcludeerd worden dat het bestemmingsplan in overeenstemming is met het gemeentelijk milieubeleid.
30/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
Hoofdstuk 3
Planbeschrijving
In dit hoofdstuk wordt de bestaande ruimtelijke en functionele structuur van het plangebied omschreven. Daarnaast wordt een beschrijving gegeven van de uitgangspunten die gehanteerd zijn bij het maken van dit bestemmingsplan.
3.1
Stedenbouw
3.1.1
Huidige situatie
Gebiedsbeschrijving De uitbreidingswijk Zwolle-Zuid is vanaf de jaren ´80 gebouwd op een langgerekte dekzandrug en op de overgang naar het rivierkleigebied langs de IJssel. Tussen de oude ontginningslinten en uitvalswegen liggen de verschillende deelgebieden. De IJsselallee en de spoorlijn vormen een barrière naar de rest van Zwolle. Deze netwerken vormen samen de ruimtelijke scheiding in het gebied. Kenmerkend voor Zwolle-zuid is de ligging in het landschap. De zuidelijke rand van het gebied wordt geheel begrensd door het rivierkleigebied en de IJssel. De rand van de wijk is ingepast in het rivierkleilandschap en vormgegeven met gevarieerde vrijstaande bebouwing en parken. Deze gebieden worden gebruikt als recreatiegebied en vormen de overgang naar het landelijk gebied. Het oorspronkelijke landschap is bij de ontwikkeling van de woonbuurten nauwelijks van invloed is geweest op de stedenbouwkundige verkaveling. Het gebied is ontwikkeld in twee delen rondom de oude kernen Ittersum en Schelle. Het eerste deel bestaat uit de deelplannen Geren, Gerenlanden, Gerenbroek en Ittersumerlanden en wordt vooral gekenmerkt door een woonervenstructuur. Het tweede deel is ontwikkeld in de latere jaren tachtig en negentig en bestaat uit de deelplannen Oldenelerlanden, Schellerbroek, Schellerlanden, Oldenelerbroek en Ittersumerbroek. In het zuiden van de wijk ligt het landgoed Zandhove.
Door zijn lange ontstaansgeschiedenis vormt Zwolle-zuid een staalkaart van de in de loop der tijd gewijzigde stedenbouwkundige en architectonische opvattingen. De eerste buurten laten een zich vertakkende structuur van woonerven zien. De latere uitbreidingen hebben een veel formeler uiterlijk, met een heldere structuur van straten. Van de periode voor de snelle verstedelijking zijn nog een paar oude linten terug te vinden in het gebied, vaak nog met de oorspronkelijk historische bebouwing. De oude linten en uitvalswegen zijn gehandhaafd, maar op veel plaatsen aangetast en doorsneden door de nieuwe wegen. De wijk wordt ontsloten door de Ittersumerallee en de Oldeneelallee, die aansluiten op de IJsselallee. Door de wegen en het spoor is de wijk ruimtelijk opgedeeld in verschillende woonbuurten. De doorgaande wandel- en fietsroutes liggen vaak langs de groen- en waterstructuur of lopen over een oud lint. Het oude dorp Ittersum en het landgoed Zandhove liggen op een van de hoger gelegen zandruggen en werden met elkaar verbonden door de Nieuwe Deventerweg/Hollewandsweg. Langs het lint staan forse bomen, die een dragende groenstructuur vormen. In de laagte aan weerszijden van de zandrug, liggen van oudsher weteringen voor de afwatering van het gebied. Aan de westelijke rand ligt de Steenwetering, aan de oostelijke rand een zijtak van de Zandwetering.
Deze zijn nog te herkennen in de groenstructuur van de wijk. Het watersysteem loopt door de hele wijk en is in de jaren 1967-2000 gemaakt bij de aanleg van het nieuwe woongebied. Aan de waterstructuur staan bijzondere woningtypen; langs stenige kades of groene singels of met achtertuinen met terrassen aan het water. De waterstructuur en de oude linten vallen veelal samen met de doorgaande fietsroutes naar het centrum. Deze drie elementen zijn dragers van de openbare ruimte van geheel Zwolle-Zuid. Deelgebieden/woonbuurten Oude linten Het oude lint Nieuwe Deventerweg / Hollewandsweg is één van de auto-ontsluitingswegen. Dit lint vormt de verbinding met de binnenstad, het landgoed Zandhove en het buitengebied. Op sommige delen is de 31/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
cultuurhistorie nog duidelijk zichtbaar door de oorspronkelijke bebouwing, die tussen woningen van meer recentere datum staat. De oudere bebouwing bestaat uit boerderijen, vrijstaande woningen en twee-onder-een-kap-woningen uit de jaren dertig met overwegend een zadeldak dat haaks op de weg staat. De nieuwe woningen hebben een architectuur die past bij de aansluitende/achterliggende buurten. Locatie Nieuwe Deventerweg 24 De locatie ligt achter een oude boerderij aan het oude lint. Het buurtje bestaat uit 56 woningen, die een soort eilandje vormen dat ruimtelijk gezien op zichzelf staat. Er zijn verschillende soorten woningen gebouwd, maar doordat ze allemaal geïnspireerd zijn op de jaren-30 architectuur is er toch een samenhangend buurtje ontstaan. De architectuur verwijst naar de woningen aan de Nieuwe Deventerweg uit de jaren 20 en 30. Enkele woningen grenzen met de achtertuinen aan een groene speelplek. De kwaliteit van de openbare ruimte wordt mede bepaald door de erfafscheidingen van deze woningen. Het buurtje wordt ontsloten via de Nieuwe Deventerweg. Aan de buurtentree staat een appartementenblokje, zodat het nieuwe buurtje zichtbaar wordt aan de Nieuwe Deventerweg. Om te passen in de bestaande bebouwing is het blokje gericht op het lint en is de ruimtelijke opbouw erop gericht de overgang te maken tussen de bestaande bebouwing aan de linker en de rechter kant.
Locatie Nieuwe Deventerweg 89 Op een diepe kavel aan de Nieuwe Deventerweg zijn 14 woningen gerealiseerd. Aan de Nieuwe Deventerweg zijn drie nieuwe vrijstaande woningen neergezet, die passen in het beeld van de bestaande vrijstaande woningen aan het lint. Daarachter staat een aantal twee-onder-een-kapwoningen rondom een doodlopend hofje. De achtertuinen van deze woningen grenzen zoveel mogelijk aan bestaande achtertuinen, zodat er zo min mogelijk zicht op achtertuinen is vanuit het openbaar gebied. De volumes van de nieuwe woningen, met kap, passen bij de bestaande woningen, die ook een kap hebben. Ittersum Voormalig lint, gelegen aan de uitvalsweg vanuit Zwolle naar Deventer. Het dorp Ittersum is in de jaren zestig uitgebreid met woningen van de centrale Harculo, en ook met de woningen aan de Prof. Veldmanweg. De wijk heeft een duidelijke hiërarchische opbouw en een ruim opgezette groenstructuur in samenhang met de aangrenzende tuinen. De woningen bestaan uit eenvoudige bouwblokken van twee lagen met zadeldak. Bijzondere elementen: • knooppunt Schellerallee • oude linten en uitvalswegen • winkelcentra Geren, Gerenlanden, Gerenbroek en Ittersumerlanden Dit zijn zelfstandige woonbuurten met een kenmerkende woonervenstructuur. De woonerven hebben een informeel en besloten karakter.
Dit karakter ontstaat door het ontbreken van een duidelijk onderscheid tussen voor- en achterkant van de woning, verspringende rooilijnen en de ligging aan kronkelige woonstraten met groenstroken en speelplekken. Kenmerkend is het ontbreken van een representatieve voorgevel aan de straat. Het ontwerp van de openbare ruimte en de bebouwing toont weinig samenhang. Direct aansluitend aan de binnenstad en rondom de wijkvoorzieningen in Ittersumerlanden zijn enkele hogere appartementencomplexen gelegen. De bebouwing in de buurten Geren, Gerenlanden, Gerenbroek en Ittersumerlanden is overwegend uitgevoerd in twee lagen met verschillende kapvormen, vaak een variatie op een asymmetrisch zadeldak. De variatie in de dakvorm ontstaat door de schakeling van de woningen en doorstekende uitbouwen voor de entree en berging. Kenmerkend zijn de materialen licht rode baksteen, houten gevelelementen, betonnen dakpannen en zichtbare constructieonderdelen, zoals betonnen lateien. De hoogbouw heeft een sobere uitstraling en heeft vooral platte daken.
32/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
Ittersumerbroek Ittersumerbroek is een uitbreiding uit de jaren negentig met een thematische opzet en eigen expressie. Kenmerkend is de Kamerledenlaan, een route met zicht op bijzondere elementen en het landschap, de oriëntatie op Zandhove en het Ittersumerpark. De bebouwing in Ittersumerbroek presenteert zich duidelijk aan de openbare ruimte. De bebouwing bestaat uit vrijstaande, geschakelde en rijenhuizen van twee en drie lagen met diverse kapvormen of met plat dak. De woningen zijn veelal samengestelde volumes met bijzondere architectonische accenten en divers materiaal- en kleurgebruik. Landgoed Zandhove Het voormalige landgoed Zandhove bestaat uit een Engels landschapspark met cultuurhistorische bebouwing dat in gebruik is als verpleeghuis. Het monumentale pand is in de loop van de jaren uitgebreid met bebouwing in één laag met kap en recentelijk met een bouwdeel in twee lagen met kap. Het kleur- en materiaalgebruik zijn divers door de verschillende bouwstijlen. Naast de oorspronkelijke bebouwing liggen rond het landgoed boerderijen en verschillende vrijstaande woningen. Het landgoed is een groene voorziening die mede gebruikt wordt voor recreatieve doeleinden en vormt de overgang naar het landelijk gebied. 3.1.2
Uitgangspunt bestemmingsplan
Het bestemmingsplan Zwolle zuidoost is een conserverend bestemmingsplan. De stedenbouwkundige structuur van het plangebied blijft ongewijzigd. De bebouwing en het openbaar gebied in het plangebied wordt in het bestemmingsplan Zwolle zuidoost conserverend bestemd.
3.2
Archeologie
3.2.1
Huidige situatie
In de geest van het Verdrag van Malta heeft het college van burgemeester en wethouders al in 2000 opdracht gegeven om een Archeologische Waarderingskaart te maken van het gemeentelijk grondgebied. Met behulp van deze beleidsadvieskaart, die in september 2003 in gebruik is genomen, kunnen tijdig maatregelen genomen worden bij planologische procedures. Het is een onontbeerlijk instrument om actief beleid op te baseren, waardevolle gebieden aan te wijzen en bouwplannen in een vroeg stadium te toetsen. Belangrijk aandachtspunt is dat de Archeologische Waarderingskaart een dynamisch karakter heeft en op basis van nieuwe inzichten en informatie kan worden geactualiseerd. Deze actualisatie zal ook in de bestemmingsplannen moeten worden doorgevoerd. Voor een groot deel van de bestemmingsplannen is in het kader van de campagne 'Zwolle op Orde' de Archeologische Waarderingskaart aangepast. De door de gemeente zelf opgestelde Archeologische Waarderingskaart Zwolle (AWZ) is fijnmazig van karakter. De binnenstad is vrij gedifferentieerd gewaardeerd terwijl het buitengebied qua potentieel vrij nauwkeurig in kaart is gebracht. Het archeologisch potentieel van de verschillende gebieden is in de volgende percentages uitgedrukt. 0%
archeologisch leeg, geheel verstoort of reeds opgegraven.
10% archeologische waarde onbekend; geen onderzoek nodig wel meldingsplicht toevalsvondsten 50% archeologisch waardevol; een opgraving is noodzakelijk en de vondstkans is 1:2. Voor de binnenstad betekent een 50% locatie meestal dat de eerste meter bodemarchief verdwenen is, maar dat de onderste lagen nog bewaard zijn gebleven. 90% archeologisch zeer waardevol; een opgraving is noodzakelijk en de vondstkans is nagenoeg 100%. 100% archeologische toplocatie; indien bescherming niet kan is een opgraving altijd noodzakelijk, de vondstkans is uiteraard 100%.
33/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
34/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
Voor de gebieden met een waardering van 50% of hoger is hierna een beschrijving opgenomen. 29 Hoog Zuthem - Waardering: 50 % - Toponiem: De Roskam De Roskam was net als het aan de overzijde gelegen huis de Hollewand een van de vele herbergen in het gebied. Over de daadwerkelijke ouderdom is (nog) niet veel bekend. In 1828 bestond het huis al. 31 Hoog Zuthem - Waardering: 100% - Toponiem: De Vrijhof In de winter van 1998-99 zijn op deze locatie opgravingen verricht naar de boerderij de Vrijhof. Wat echter te voorschijn kwam waren grondsporen uit de IJzertijd. Ook hier bleek sprake te zijn van een dekzandrug langs de Aalvangersweg, waarop niet alleen in de prehistorie gewoond werd, maar waarop in de Late Middeleeuwen ook woningen verrezen. 58 Hoog Zuthem - Waardering: 50 % - Toponiem: Het Zand Dit gebied omvat het totale grondgebied van het landgoed Zandhove. Zandhove is ontstaan uit een boerenerf het Zand, waarbij een spijker is gebouwd. Het erf het Zand en het spijker komt voor het eerst in het vuurstedengeld van 1675 voor. Uit welke periode het erf en spijker dateren is niet bekend. Beide gebouwen waren in 1675 eigendom van Albert Molkenbour. Deze Albert was burgerhopman en werd in 1681 benoemd tot schout van Dalfsen.
Door financiële perikelen en een daardoor ontstane strijd met zijn zus over de bezittingen in Ittersum werd de helft van zijn bezittingen in 1702 bij executie verkocht aan Samuel Johannes Scriverius.Hij liet het spijker vervangen door een buitenhuis het Huis op ´t Zandt. Na lang eigendom te zijn geweest van verschillende leden van de familie Scriverius kwam Zandhove in 1828 in handen van de steenrijke Johannes Sebastiaan Van Naamen van Eemnes, een telg uit een oude stedelijke regentenfamilie. Na 1902 kwam het huis via Henriette Wilhelmina van Naamen van Eemnes in handen van jonkeer mr. Daniel de Blocq van Haersma de With. In 1942 werden het huis en omringende tuin en bos verkocht door weduwe De With aan Barend Laverman. Laverman werd beschuldigd van werkzaamheden voor de Wehrmacht en collaboratie en is na de bevrijding in 1945 gearresteerd. In 1947 is beslag gelegd op zijn bezit. Zandhove kreeg vanaf die tijd een bestemming als verpleeginrichting en sanatorium. Tegenwoordig is het nog steeds een verpleeginrichting. De boerderijen en het onroerend goed in de omgeving van de buitenplaats zijn pas in 1974 overgegaan naar de gemeente Zwolle. Zandhove ligt voor een deel op een natuurlijke dekzandrug en een jong rivierduin. In de ondergrond kunnen archeologische sporen uit de prehistorie en middeleeuwen aanwezig zijn.
Of op de plek van het landhuis zelf en de vele later bijgebouwde vleugels ook nog sporen aanwezig zijn is niet bekend. 68 Gerenbroek - Waardering: 50 % - Toponiem: Buurschap Ittersum In dit gebied dat wordt begrensd door de Oldeneelallee, de Nieuwe Deventerweg / Hollewandsweg en de waterloop die parallel ligt aan de Rietbergmate heeft al in de 14de eeuw een belangrijk goed Ittersum gelegen. Waar dit oude huis exact heeft gelegen is onduidelijk. Het huidige Huize Ittersum, kantoor KWS, ligt mogelijk niet op de plek van het oude stamhuis. Dit huis staat al wel op de Hottingerkaart aangegeven. Bij het huis hoorde ook een boerderij. Op het kadastrale minuutplan uit 1832 zijn verder in het gebied nog vier erven te vinden waarvan er twee een naam hebben: de Timmerman en Den Belt. Alleen het erf Den Belt gaat vermoedelijk verder terug. Dit is immers het enige huis wat op de oudere Hottingerkaart uit 1773-1794 is aangegeven. In de buurschap Ittersum wordt in verschillende publicaties melding gemaakt van een huis Vogelweide. Dit huis schijnt bezit te zijn geweest van de bisschop van Utrecht. De aard en de ligging van het huis is echter niet bekend.
69 Gerenlanden - Waardering: 50% - Toponiem: De Ittersumer Luure en Buurschap Ittersum Het gebied tussen de Ittersumallee, Nieuwe Deventerweg, Oldeneelallee, Bloksteeg/Gerenpad/Munterkamp/Splijtloffpad en de Oldeneelallee ligt vermoedelijk op een natuurlijke dekzandrug. Op het kadastrale minuutplan is te zien dat de oostelijke grens van het gebied wordt gevormd door een sloot. Deze sloot was tevens de grens tussen het grondgebied van de stad Zwolle en Zwollerkerspel. Tegenwoordig ligt op de plek van de sloot voor een groot deel een fietspad: het Gerenpad. In
35/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
het gebied zijn in 1832 vier boerderijen aangegeven die ook op de Hottingerkaart 1773- 1794 al voorkomen. Op de Hottingerkaart valt op dat de vier boerenerven de kern van de buurschap Ittersum lijken te vormen. De boerderijen hebben daarom een grote ouderdom en gaan vermoedelijk tot aan de Middeleeuwen terug. 70 Ittersumerbroek - Waardering: 50 % - Toponiem: Den Esch In dit gebied dat wordt begrensd door de IJsselcentraleweg, Hollewandsweg, de Schemerhornstraat en het Van Schaikpad is in 1990 een nederzetting uit de Bronstijd aangetroffen. Tijdens diverse opgravingen tussen 1993 en 1997 zijn nog meer sporen van erven uit de Midden- en Late-Bronstijd (1200-800 v. Chr.) en de Vroege IJzertijd 800 v-chr-0) aangetroffen. Naast erven zijn er zelfs ronde cirkels van paalsporen waargenomen die geïnterpreteerd zijn als zonnekalenders. Opmerkelijk is de vondst van een klein standvoetbekertje, een verwijzing naar een graf uit de Standvoetbekercultuur. Tegenwoordig zijn delen van de wijk Ittersumerbroek te beschouwen als 0 % gebieden. Het gaat dan om de terreinen van de vijver en bijbehorende waterlopen en delen van de opgegraven wegcunetten. Onder de nieuwbouw kunnen echter nog veel sporen bewaard zijn gebleven. Vooral onder het bosperceel tussen de vijver en de Staatssecretarislaan/Van Schaikstraat zijn nog veel sporen te verwachten.
71 Ittersum - Waardering: 50 % - Toponiem: Ittersumer Wei- en Hooilanden Het gebied tussen de spoorlijn Zwolle-Deventer, Nieuwe Deventerweg en Oldeneelallee ligt op een dekzandrug. Op het kadastrale minuutplan uit 1832 staan aan deze zijde van de Nieuwe Deventerweg drie kleine erven aangegeven. Alleen het meest oostelijke erf heeft een naam: de Snijder. Dit erf was eigendom van kapper Hermannus van den Beld. Van de overige twee erven is geen naam overgeleverd. Het gebouw tegenover het erf Disselhof behoort bij dit erf en is vermoedelijk niet meer dan een schuur of bijgebouw. Het gebouw staat enigszins schuin georiënteerd op de Nieuwe Deventerweg en is eigendom van Jan Middelburg. Ook deze drie gebouwen staan al op de Hottingerkaart uit de periode 1773-1794 aangegeven. 326 Wijk : de Geren - Waardering: 50% - Toponiem: De Schellerhoek Het gebied tussen de IJsselallee, Oldermannenlaan, Van den Toernebelt, Meensliedenlaan, Ittersumallee en de Bloksteeg ligt vermoedelijk op een natuurlijke dekzandhoogte. Op oud kaartmateriaal valt in dit gebied weinig te ontdekken. Op het kadastrale minuutplan uit 1832 staat alleen de Bloksteeg aangegeven. Deze Bloksteeg vormde vanouds de grens tussen twee gebieden: Schellerhoek en De Blokken. Archeologisch onderzoek ten zuiden van de Van den Toernebelt heeft aangetoond dat de zandhoogte al in het Mesolithicum in gebruik is genomen.
Naast twintig brandkuilen zijn ook enkele stukken vuursteen en een aardewerkfragment uit het Laat Neolithicum of Vroege Bronstijd aangetroffen. Deze scherf vorm mogelijk een indicatie voor een nederzetting ergens in de nabijheid van het onderzoeksgebied. 327 Ittersumerlanden - Waardering: 50 % - toponiem: Ittersumer Wei- en Hooilanden Het gebied tussen de Oldeneelallee, Nieuwe Deventerweg, IJsselcentraleweg en de Ministerlaan ligt op dezelfde dekzandrug als de hierboven genoemde gebieden. In dit gebied zijn op de Hottingerkaart en het kadastrale minuutplan uit 1832 geen gebouwen aangegeven. Later in de 19de eeuw is langs de Nieuwe Deventerweg een school gebouwd. Deze school die later dienst deed als brandweerkazerne bestaat nog steeds en wordt tegenwoordig gebruikt als woonhuis. Archeologische sporen in het gebied gaan mogelijk terug tot de prehistorie en volle middeleeuwen. 3.2.2
Uitgangspunt bestemmingsplan
De gebieden die volgens de gemeentelijke archeologische waarderingskaart (zie 3.2.1 Huidige situatie) een grote vondstkans hebben (50% of meer), hebben in het bestemmingsplan de dubbelbestemming Waarde Archeologie gekregen . Deze dubbelbestemming bevat een regeling om op een passende manier rekening te houden met de kans op archeologische vondsten. Informatie over de dubbelbestemming is opgenomen in paragraaf 4.3 Bestemmingsregels.,
36/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
3.3
Cultuurhistorie
3.3.1
Huidige situatie
Inleiding Voor het plangebied zijn inventarisaties van cultuurhistorische waarden uitgevoerd door Monumenten Advies Bureau uit Nijmegen. Het betreft de cultuurhistorische quickscan Onderzoeksgebied Zwolle Zuid en Schelle/Oldeneel, gemeente Zwolle.(oktober 2013) De cultuurhistorische quickscan dient als input voor het bestemmingsplan. Met name is onderzoek verricht naar de cultuurhistorisch waardevolle bebouwing, maar ook andere aspecten zoals de historisch-ruimtelijke structuren zijn geanalyseerd en gewaardeerd. Huidige situatie Het plangebied omvat het zuid oostelijk deel van de bebouwde kom van “Zwolle-Zuid” Het gebied is gesitueerd zuidwestelijk van de spoorlijn richting Almelo en noordoostelijk van de spoorlijn richting Deventer. Het terrein van de voormalige buitenplaats Zandhove en het aangrenzende buitengebied vormt de zuidelijke grens van dit gebied. De IJsselallee (N337) aan de noordoostgrens is onderdeel van de hoofdontsluitingsring rondom de kern van Zwolle. Voorbij de Oldeneelallee gaat de IJselallee over in de Wijheseweg die via een bocht de oostelijke grens van het gebied vormt (Hoog-Zuthem). Het plangebied omvat de naoorlogse woonbuurten: Geren, de Gerenlanden en het Gerenbroek, Oud Ittersum, de Ittersumerlanden en het Ittersumerbroek. Zuidwestelijk in het plangebied ligt het Ittersumpark.
Het ruimtelijke beeld van het plangebied wordt door de naoorlogse ontwikkelingen sterk gekenmerkt door de verstedelijking, met enerzijds woonbuurten die karakteristiek zijn voor de stedenbouw in de jaren 1960 en 1970 (Oud Ittersum, Ittersumerlanden, Geren, Gerenbroek en Gerenlanden). Oud Ittersum(staatsliedenbuurt) dateert uit de vroege jaren 1960 en is orthogonaal aangelegd, terwijl de overige buurten zijn opgezet volgens de bloemkoolstructuur. Dit met uitzondering van Ittersummerbroek die een representant is van de woningbouw uit de jaren 1980 en 1990 waarbij ortogonale structuren zijn gecombineerd met ronde structuren. Speels aangelegde en autoluwe woonerven met meanderende reeksen woningen die worden afgewisseld door markante water- en groenstructuren zetten de toon. Tussen de woonbuurten vertellen bewaard gebleven oude verbindingsstructuren zoals de Nieuwe Deventerweg en de Hollewandsweg nog steeds op een herkenbare manier het verhaal van de prestedelijke periode. In die periode verdichte zich de lintbouwing langs deze wegen en kwamen er steeds meer burgerhuizen. Toch zijn hier nog steeds enkele verspreide boerderijen te vinden uit de periode van het Zwollerkerspel toen het gebied nog werd bepaald door een landelijk karakter. In het algemeen wordt het onderzoeksgebied dan ook bepaald door het contrast 'dicht-stedelijk' en 'landschappelijk-open'.
37/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
In het gebied behoren de Nieuwe Deventerweg en de Hollewandsweg tot de belangrijkste prestedelijke verbindingsstructuren. Laatstgenoemd tracé vormt de centrale ontsluitingsweg in het plangebied. Historische ensembles Voor de verstedelijking werd het ruimtelijke beeld van het onderzoeksgebied bepaald door een landelijk en agrarisch karakter met verspreid liggende boerderijen. Door de verstedelijking en de ontwikkeling van diverse woonbuurten is dit karakter verdwenen. Wel bleven in het verstedelijkte gebiedsdeel de oude hoofdverbindingen behouden. Ze vormen deels nog markante historische ensembles, met lintbebouwing die vooral uit het interbellum dateert. Hieronder volgen de verschillende waardevolle ensembles. De Nieuwe Deventerweg heeft een opmerkelijk breed profiel. Vooral naar het zuiden toe is er vrij jonge bebouwing, maar ook aan deze weg wordt het beeld sterk bepaald door lintbebouwing met vrijstaande woningen en burgerhuizen uit het interbellum. Net als aan de Oude Deventerstraatweg en de Zwarteweg staan ook aan de Nieuwe Deventerweg enkele Spitswoningen (bij de aansluiting op de Oldeneelweg). Verder is er nog een enkele oude boerderij zoals op nummer 103 (De Handschoen = Rijksmonument), en bevinden zich langs deze straat het voormalige buiten Berkenhove (nr. 99) en Huize Ittersum (nr. 129 = Rijksmonument ).
Met name bij deze buitens en de historische boerderijen zijn delen van de prestedelijke verkavelingsstructuren herkenbaar gebleven. Ook de naoorlogse uitbreidingsbuurten in Zuid geven een interessant beeld van de historische gelaagdheid van het onderzoeksgebied, vooral in de in de jaren 1970 ontwikkelde wijkdelen. Van een bijzondere betekenis zijn hier de volgende twee opmerkelijke ensembles: Als onderdeel van de Gerenlanden het complex woningen aan de Gruitmeesterslaan 150-160, Mulertkamp 18-42, 19-25, 31-67, Munterkamp 1-69 en Snavel van Emekamp 1-47, 38-90. Deze woningen uit 1978-1980 zijn ontworpen door G.J. van den Belt. Het gaat om eengezinswoningen rond kronkelige woonerven ('bloemkoolstructuur') en grachtjes. Ze geven een goed beeld van de vernieuwende en door het
38/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
Structuralisme beïnvloede ideeën over stadsplanning rond 1975-1980, als een reactie op de grootschalige en strakke woonwijken met strokenbouw. Een tweede opmerkelijk ensemble is te vinden aan de Scriveriusmate 1-52 (Gerenbroek). Het betreft 47 woningen uit 1979, naar ontwerp van architect Jan Plas van het bureau J. Plas en C.P. Bos. Hij combineerde de houtbouwtraditie uit het Waterland met de nieuwe richtlijnen voor houtskeletbouw, beïnvloed door het Structuralisme. Ook hier is in de stedenbouwkundige opzet van de wijk uitgegaan van de bloemkoolstructuur. Tot de overige historische bebouwing behoren objecten zoals het vroegere schooltje van de buurtschap Ittersum aan de Nieuwe Deventerweg 158-164, maar bijvoorbeeld ook het buitenhuis Zandhove, Hollewandsweg (nr. 17 Gemeentelijk monument). Ze behoren tot de oudste bebouwing in het gebied en worden gekenmerkt door een historiserende vormentaal, met kenmerken van de neorenaissance of het classicisme. Historische groenstructuren Het plangebied is voor een groot deel verstedelijkt maar toch bleven er diverse historische groenstructuren behouden. Bovendien zijn natuurlijke elementen zoals weteringen en kleine bosjes in de stadsplanning opgenomen. Ze herinneren aan het oorspronkelijke agrarische gebied. Een aantal bomen in Zwolle-Zuid is opgenomen op de gemeentelijke lijst van waardevolle of monumentale bomen.
Wanneer deze kwalificaties zijn vermeld wordt dan ook expliciet verwezen naar deze lijst. De Mars Gevarieerde laanbeplanting (o.m. beuk, eik), in de vorm van enkelvoudige bomenreeksen langs een bos en opgenomen in de bomenlijst. Hollewandsweg Aan deze weg is een groot aantal bomen als waardevol en monumentaal aangemerkt. Het gaat langs deze weg deels om een enkelvoudige bomenreeks, aan de oostzijde van de weg. Ter hoogte van het oude landgoed Zandhove is aan beide zijden van de weg laanbeplanting, in de vorm van hoge en zware zomereiken.
Nieuwe Deventerweg Aan deze weg bestaat de aan weerskanten van het tracé gelegen laanbeplanting uit tamelijk jonge bomen, vermoedelijk zo'n kwart eeuw oud. De beplanting gaat terug op een historisch gegeven, en bevindt zich vooral langs het weggedeelte ten noorden van de Oldeneelallee. In het verleden was ook langs het zuidelijke gedeelte aaneengesloten beplanting te vinden. Oldermannenlaan De Oldermannenlaan ligt parallel aan de spoorlijn Zwolle-Deventer. De laanbeplanting bestaat hier uit drie reeksen met 51 als waardevol aangemerkte zomereiken. De Oldermannenlaan vormt een historische aftakking van de Nieuwe Deventerweg, die direct langs het spoor kwam te liggen. Thorbeckelaan/Goeman Borgesiuslaan De Thorbeckelaan en de hier haaks op aansluitende Goeman Borgesiuslaan maken deel uit van de stedenbouwkundige structuur van één van de eerste woonbuurten die in de zeventiger jaren in Ittersum zijn gerealiseerd. Aan beide lanen staan reeksen hoge en zware platanen die zijn aangemerkt op de bomenlijst. Een aantal exemplaren is vrij jong, maar de zware bomen dateren uit de prestedelijke fase. Mogelijk verwijzen ze naar de beplanting van een oud erf. Tuinen Van de historische tuinen in het onderzoeksgebied valt onder meer de nog deels historische aanleg van het Huize Ittersum (Nieuwe Deventerweg 129) en het Huize Zandhove (Hollewandsweg 17-19) op. In beide 39/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
gevallen gaat het om een landschappelijke tuinaanleg die is gecombineerd met bospercelen. Langs de straat hebben beide landhuizen een vijverpartij. Het terrein van Huize Ittersum heeft lindenreeksen aan de kant van de Oldeneelallee. Parken en plantsoenen Tot de naoorlogse periode behoort het Ittersumerpark. Dit langs de oostkant van de spoorlijn Zwolle-Deventer gelegen wijkpark kwam in de jaren 90 van de 20ste eeuw tegelijk met de stedelijke ontwikkeling van het Ittersumerbroek tot stand. Het is een karakteristiek park uit deze periode, gekenmerkt door een speelse en ruime opzet met lig- en speelweiden, deels lusvormige paden en verspreide bosschages. Er is een grote vijverpartij met een aanpalend terras. Cultuurhistorische waarden Objecten met een hoge cultuurhistorische waarde Gruitmeesterslaan 156-160 Hollewandsweg 14-16 Hollewandsweg 23-23.1 Hollewandsweg achter 23 (toegangsposten) Hollewandsweg 25-27 Mulertkamp 18-42, 19-25, 31-67 Munterkamp 1-69 Scriveriusmate 1-52 Snavel van Emekamp 1-47, 38-90 Objecten met een zeer hoge cultuurhistorische waarde De Mars 9-9a-11 bij Hollewandsweg 17-19 (= hekposten Zandhove) bij Hollewandsweg 17-19 (= paal bij Zandhove) Hollewandsweg 18 Hollewandsweg 20 Nieuwe Deventerweg 95 Nieuwe Deventerweg 158-164 (schooltje)
40/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
Het onderscheid tussen de cultuurhistorische waarde is als volgt: Zeer hoge cultuurhistorische waarde: Objecten en/of ensembles, met hoge architectuurhistorische waarden: d.w.z. met een relatief hoge
41/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
ontwerpkwaliteit of representatief voor een bepaalde bouwstijl, stroming, bouwperiode of typologie. Tevens kan er sprake zijn van bijzondere stedenbouwkundig-historische of landschappelijke waarden, d.w.z. als onderdelen van bijzondere complexmatige ontwikkelingen door bijvoorbeeld woningbouwcorporaties, particulieren e.d. of vanwege specifieke andere situationele aspecten (bijvoorbeeld markante hoeklocaties, focus- en oriëntatiepunten, landmarks) Deze waarde is dusdanig hoog, dat behoud (en bescherming) van deze objecten te overwegen is. Vanwege deze zeer hoge waarde is ook de authenticiteit van het gebouw van belang. Te denken valt hierbij aan het originele metselwerk van de gevels, de detaillering van de kozijnen en de oorspronkelijke dakbedekking. Het gaat hier om het uitwendige beeld, zichtbaar vanaf openbaar gebied. Om de cultuurhistorische waarden te borgen is een regeling tot voorkomen van sloop opgenomen. Sommige objecten zijn reeds als gemeentelijk of rijksmonument beschermd. Hoge cultuurhistorische waarde: Objecten en/of ensembles met architectuurhistorische waarden: d.w.z. kenmerkend voor een bepaalde bouwstijl, stroming, bouwperiode of typologie. Tevens kan er sprake zijn van stedenbouwkundig-historische of landschappelijke waarden, d.w.z.
als onderdelen van bijzondere complexmatige ontwikkelingen of vanwege specifieke situationele aspecten (bijvoorbeeld markante hoeklocaties, focus- en oriëntatiepunten, landmarks) Deze waarde is dusdanig hoog, dat behoud (en bescherming) van deze objecten te overwegen is. Vanwege dit hoge belang zijn in het bestemmingsplan beschermende maatregelen opgenomen die het beeld vanaf openbaar gebied beschermen. Attentiewaarde: Objecten en/of ensembles die voor de ontwikkelingsgeschiedenis van het gebied van (enig) historisch belang zijn, maar niet direct beschermenswaardig zijn. De objecten voegen zich in schaal, hoofdvormen en typologie min of meer binnen de historisch gegroeide situatie en dragen dus in beperkte mate bij aan de cultuurhistorische en ruimtelijke kwaliteit van het gebied. Behoud is mogelijk, maar niet noodzakelijk. Voor deze categorie objecten is geen beschermende regeling in dit bestemmingsplan opgenomen. 3.3.2
Uitgangspunt bestemmingsplan
De aanwezige cultuurhistorische waarden van de ruimtelijke structuur en de bebouwing in het plangebied worden in de opzet van dit bestemmingsplan gerespecteerd. Zie voor de beschrijving van deze waarden de Cultuurhistorische quickscan Zwolle-Zuid en Schelle/Oldeneel, gemeente Zwolle (okt. 2013) Bijlage 1. De bebouwing met bijbehorende erven die is gewaardeerd als van zeer hoge cultuurhistorische waarde hebben de dubbelbestemming Waarde - Cultuurhistorie -2gekregen. De bebouwing met bijbehorende erven die is gewaardeerd als van hoge cultuurhistorische waarde hebben de dubbelbestemming Waarde Cultuurhistorie -1 gekregen. Deze dubbelbestemmingen bevatten een regeling om op een passende manier rekening te houden met de cultuurhistorische waarden. Informatie over de dubbelbestemmingen is opgenomen in paragraaf 4.3 Bestemmingsregels.
3.4
Verkeer
3.4.1
Huidige situatie
Verkeersstructuur Categorisering
42/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
Om de gewenste afstemming tussen vorm en functie van de weg te kunnen bereiken, is het wegennet gecategoriseerd naar een aantal te onderscheiden verkeersfuncties. Bij de categorie-indeling is aangesloten bij de landelijk ontwikkelde richtlijnen hiervoor. Gebiedsontsluitingsweg De IJsselallee en Wijheseweg hebben een essentiële gebiedsontsluitende functie. Dit zijn wegen waar het verkeer zo goed mogelijk met zo min mogelijk verstoringen kan doorstromen. Deze wegen hebben een regionale binding en zijn gericht op de stroomfunctie. Deze gebiedsontsluitingswegen worden uitgevoerd met gescheiden rijbanen en de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom is 70 km/uur. Op deze wegen mogen de bromfietsers niet op de rijbaan rijden. De wegen met hoofdzakelijk een lokale binding en een ontsluitende functie, gericht op het bereikbaar maken van wijken en kernen zijn eveneens gebiedsontsluitingswegen. Ook hier is een goede doorstroming van belang, maar de nadruk ligt op de mogelijkheid dat er op kruispunten veelvuldig uitwisseling van verkeer plaatsvindt van en naar andere wegen. Dit type weg heeft een overrijdbare rijbaanscheiding en fietsvoorzieningen. Bromfietsers bevinden zich in principe op de rijbaan. De maximumsnelheid binnen de bebouwde kom is 50 km/uur.
In Zwolle-zuidoost zijn dit de Ittersumallee, Oldeneelallee, IJsselcentraleweg, Nieuwe Deventerweg (gedeelte tussen Oldeneelallee en IJsselcentraleweg) en Hollewandsweg. Erftoegangswegen De overige wegen in het gebied zijn aangewezen als erftoegangsweg. Tot deze categorie behoren de woonerven, waar stapvoets gereden mag worden, en de woonstraten met een maximumsnelheid van 30 km/uur. Op erftoegangswegen dienen de verkeersdeelnemers er rekening mee te houden dat het verkeer langs de hele weg zijn herkomst of bestemming heeft. In Geren, Gerenlanden, Gerenbroek, Ittersumerlanden en Ittersumerbroek zijn veel woonerven. Dit is kenmerkend voor de periode waarin dit deel van de wijk is ontwikkeld. In de periode van 1999 tot en met 2002 is Zwolle-zuidoost duurzaam veilig ingericht. Er zijn zo groot mogelijk aaneengesloten gebieden aangewezen als 30 km/uur-zone en er zijn op diverse punten (sobere) maatregelen getroffen om de snelheid te verlagen en de veiligheid te verhogen. Het gaat ondermeer om de aanleg van plateaus, drempels, geleiders, versmallingen en andere verkeersremmende maatregelen. Streven is om met reconstructie en onderhoud de inrichting meer aan te laten sluiten bij hedendaagse richtlijnen voor de inrichting van erftoegangswegen. De verkeersstructuur is weergegeven op kaart 6.
43/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
44/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
Openbaar vervoer Zwolle zuid oost wordt ontsloten middels de openbaar vervoerlijnen 6,8, 161 en 503. Lijn 161 en 503 rijden over de Hollewandsweg. Vervolgens rijdt lijn 161 via de Marslanden naar het station Zwolle. Stadslijn 8 rijdt een ronde door Zwolle Zuid via de Oldeneelallee, Nieuwe Deventerweg en Vrouwenlaan naar de Hanzelaan. Stadslijn 6 rijdt via de Provincieroute, het winkelcentrum aan de Oldeneelallee naar de Hollewandsweg. Alle lijnen halteren op diverse plaatsen op of langs de weg. De bereikbaarheid van Zwolle Zuid is met deze bediening niet optimaal.
Fietsverk eer Het fietsroutenetwerk van Zwolle bestaat uit hoofdfietsroutes en overige (recreatieve) fietsroutes. De belangrijkste hoofdfietsroutes in Zwolle-zuidoost zijn: de regionale fietsroute Zwarteweg, Nieuwe Deventerweg – Hollewandsweg (deels fietsstroken/deels vrijliggend); Oldeneelallee (deels fietsstroken/deels vrijliggend); De route Bloksteeg – Gerenpad (overwegend vrijliggend); Thorbeckelaan (geen fietsvoorzieningen aanwezig). De (vrij liggende) fietspaden hebben een belangrijke doorgaande verkeersfunctie en hebben daarom waar mogelijk /noodzakelijk voorrang op het kruisende verkeer.
45/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
3.4.2
Uitgangspunt bestemmingsplan
Het bestemmingsplan beoogt geen ontwikkelingen. De verkeersstructuur van het plangebied blijft ongewijzigd. Het openbaar gebied en de wegen in het plangebied worden in het bestemmingsplan conserverend bestemd.
46/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
3.5
Natuur
3.5.1
Huidige situatie
Structuurgroen in de zin van het structuurplan 2020 Zwolle-zuidoost is gesitueerd op een evenwijdig aan de IJssel liggende zandrug en in de laagtes aan weerszijden daarvan. Het oude dorp Ittersum en het landgoed Zandhove liggen op de zandrug. De oude landroute, die deze hoge en droge delen met elkaar en met de stad Zwolle verbindt, wordt vanouds gekenmerkt door een begeleiding met zware bomenrijen (lanen), zoals de Nieuwe Deventerweg en de Hollewandsweg. Door de aanleg van het spoor is deze oude route naar Deventer vlakbij de stad omgebogen (nu Oldemannenlaan). Het structuurgroen bestaat hierdoor in het centrale deel van de wijk uit een as van droge groene verbindingen. De bomenstructuur moet hier in stand worden gehouden en versterkt. Zowel het dwars- als lengteprofiel moeten hun groene karakter behouden. Het landgoed Zandhove behoort eveneens in zijn geheel tot het structuurgroen. Het is een gebied met hoge natuurlijke en landschappelijke waarden en de aanwezige bebouwing in de vorm van twee maneges, een verpleeghuis, een tuinbouwbedrijf en enkele woningen moet worden gebruikt en ontwikkeld met inachtneming van de natuurlijke en landschappelijke waarden. Aan weerszijden van de zandrug in de laagten zijn vanouds weteringen (gegraven waterlopen) aanwezig voor de afwatering.
Aan de westelijke rand van het plangebied geldt dat voor de Steenwetering, aan de oostelijke rand van het plangebied voor een zijtak van de Zandwetering. Deze zijn als natte verbindingen in het structuurgroen opgenomen. Ook hier geldt dat het gehele groene dwarsprofiel behouden moet blijven. Het water moet zoveel mogelijk (ook visueel) ononderbroken zijn. Bij de aanleg van Zwolle-zuid is de hoofdontsluiting in de oostelijke laagte langs het spoor naar Heino gelegd (IJsselallee) en van daaruit wordt de wijk ontsloten via twee dwarswegen (de Ittersumallee en de Oldeneelallee) die haaks op de zandrug liggen. Als jonge infrastructuurlijnen worden ook deze wegen beschouwd als onderdeel van het structuurgroen. Zowel de bermen, de taluds van de geluidswallen, de boombeplantingals de begeleidende watergangen en oevers behoren tot het groene dwarsprofiel van deze groene structuurlijnen en moeten hun groene karakter behouden. Binnen het plangebied is verder ook het Ittersumerpark, gelegen in de laagte van de Steenwetering, onderdeel van het structuurgroen. Ook de IJsselcentraleweg is vanwege de recreatieve betekenis (rondje Zwolle) en vanwege de functie als vliegroute voor vleermuizen tussen Zandhove en de IJssel onderdeel van het structuurgroen.
Buurtgroen in de zin van het structuurplan 2020 Typerend voor Zwolle-zuidoost is de groene dooradering van de woonbuurten, met grote groene ruimten, vaak verbonden door een (vrijliggende) langzaam verkeersroute. Geren, Gerenlanden, Gerenbroek en Ittersumerlanden zijn wat dat betreft van een sterk gelijkende structuur. Het oude dorp Ittersum heeft een veel fijnmaziger buurtgroenstructuur, zonder vrijliggende langzaam verkeersroutes, terwijl Ittersumerbroek gekenmerkt wordt door een formele structuur met een zichtlaan (Kamerledenlaan) en een gebogen singel (Dreessingel). De groene gebruiksruimtes zijn hier bijna allemaal geconcentreerd in het Ittersumerpark (structuurgroen) en in het Sportpark De Siggels, dat een wijkfunctie vervult. Tenslotte zijn er verspreid kleine groene ruimtes belangrijk, omdat er speelvoorzieningen in liggen of zichten en/of routes naar het buitengebied. Een overzicht van de groenstructuur is hieronder weergegeven.
47/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
48/275
5 juli 2021 bestemmingsplan Zwolle-zuidoost
3.5.2
Uitgangspunt bestemmingsplan
3.5.2.1 Natuurbescherming Het plangebied ligt op enige afstand (200 meter) van beschermd natuurterrein (Natura 2000 - gebied Rijntakken). Deze uiterwaarden bieden een biotoop voor vele soorten water-, moeras- en weidevogelsoorten. Met betrekking tot de weidevogels is het gebied van regionale betekenis. Voor doortrekkende en overwinterende vogelsoorten maakt het gebied deel uit van een groot pleistergebied tussen Windesheim en Zwolle, dat van internationale betekenis kan worden genoemd met name voor kleine zwanen. Duidelijk is dat de biologische waarden zich concentreren in de plassen, moerasjes en vochtige graslanden van de uiterwaarden en in de dijkzone. Dergelijke natuurwaarden zijn over het algemeen gebaat bij continuïteit in beheer en gebruik en vooral rust. Effecten op deze gebieden (ook van buitenaf) mogen de instandhoudingsdoelstellingen van de betreffende gebieden niet in gevaar brengen. De (externe) effecten op deze terreinen, door de activiteiten die dit bestemmingsplan mogelijk maakt, wijzigen echter niet. Binnen het plangebied ligt het landgoed Zandhove. Dit is een bos op rivierzand en lichte klei. De spontane bosvegetatie wordt gevormd door soorten als Boszegge, Bosanemoon, Grote muur, Bergbeemdgras, Zuurbes, Bosgierstgras, Weidegeelster en Akkergeelster. Er is een Blauwe reiger-kolonie.
Bosuil, Ransuil, Groene specht, Middelste bonte specht, Wielwaal, Eekhoorn, Das en diverse soorten vleermuizen komen in dit bos voor. Dit bos heeft een op de natuurwaarden toegesneden bestemming. 3.5.2.2 Flora en fauna Voor werkzaamheden ter uitvoering van dit bestemmingsplan kunnen de bepalingen uit de Flora- en faunawet in het geding zijn. Dit kan van invloed zijn op de vergunbaarheid en de wijze van uitvoering van de werkzaamheden. Er is geen limitatieve opsomming bekend over in het plangebied voorkomende soorten planten en dieren, die bescherming genieten in het kader van de Flora- en faunawet. Zeer waarschijnlijk zijn sommige gebouwen in het plangebied geschikt als verblijfplaats van vleermuizen. Deze zijn strikt beschermd. Ook is het mogelijk dat gebouwen in het plangebied dienen als vaste verblijfplaats van broedvogels. Vaste verblijfplaatsen van broedvogels zijn beschermd. In het openbaar groen komen beschermde planten en dieren voor. Voordat er sloop of ingrijpende verbouw van gebouwen plaatsvindt, moet de eventuele aanwezigheid van vleermuizen en broedvogels worden gecontroleerd. In het openbaar groen wordt gewerkt met een gedragscode.
3.6
Water
3.6.1
Huidige situatie
3.6.1.1 Waterstructuur en riolering Zwolle–-Zuid-Oost ligt in de polder De Vijf Marken welke onderdeel uitmaakt van het huidige waterschap Drents Overijsselse Delta. De polder wordt begrensd door de IJsseldijk, de spoorlijn Amersfoort-Zwolle-Meppel en de Soestwetering en sluit iets ten zuiden van de gemeentegrens met Olst-Wijhe weer aan op de IJsseldijk. Op de bijgevoegde kaart zijn de watergangen weergegeven. De polder was voorheen te typeren als een rivierdallandschap. Rond de op een rivierduin gelegen woonkern Ittersum en landgoed Zandhove-Oude Mars bevond zich regelmatige verkaveling en naar het zuiden een onregelmatigere verkaveling op een poldervaaggrond. Het maaiveld varieerde sterk in hoogte. Het noord-oostelijke deel van het plangebied lag op ca. +0,40 meter NAP tot ca. +1,00 meter NAP in Ittersum.