CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Visie Openbare Ruimte Spoorzone

Raad Besluitvormingsronde 16 december 2024, gemeente ZwolleBij agendapunt: Visie Openbare Ruimte Spoorzone29.689 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Identiteit Het Stationscarré vormt samen met het aansluitende Lübeckplein en het Hallenplein en de binnenhoven in deelgebied Hanzehoven een aantrekkelijk en groen verblijfsgebied waar de voetganger centraal staat. Het is er druk en hoogstedelijk. De openbare ruimte ‘leest’ als een logisch onderdeel van het totale circuit zonder dat het daarbij een kopie is van het Stationsplein aan de andere zijde van het spoor. De binnenhoven vormen in dat geheel juist weer een groene oase die als tegenhanger fungeert met rust en stilte.

Ontwerpthema’s en opgaves Samenhang en verschil met de overzijde van het spoor Het Stationsplein aan de zuidzijde van het station en de verbinding richting Passerelle vormen een samenhangend circuit met de overzijde. Er is geen sprake van een ‘voor’ en ‘achter’zijde van het Station. Tegelijkertijd is het Stationsplein zuid zeker geen kopie van het noordelijk stationsplein. De Spoorzone is immers een andersoortig gebied en dat wil je voelen, ook in de inrichting van de openbare ruimte. De vraag wat voor samenhang zorgt met de overzijde van het spoor en hoe de eigenheid wordt benadrukt is daarmee een belangrijke ontwerpopgave voor de openbare ruimte van dit deel van de Spoorzone.

Bijzondere aandacht vraagt ook de vertaling van het industrieel DNA van de Spoorzone naar een manier die en recht doet aan de ruwheid en ongepolijstheid van de Spoorzone maar ook past bij de verfijndheid en gecultiveerdheid van de wereld die via de Passerelle over het spoor wordt heen getild. Hetzelfde geldt voor het dragende concept van Urban Rewilding dat in het Spoorpark wordt toegepast. Dit Spoorpark loopt langs het spoor door richting Hanze-Oost en verknoopt zich daarom met het Stationscarré. In het ontwerp van de openbare ruimte tussen Passerelle en Stationsplein moet daarbij op een overtuigende manier een keuze worden gemaakt of die beide werelden gecombineerd kunnen worden of dat er gekozen moet worden voor één van de sferen. De relatie met het Lübeckplein Het Stationscarré is geen afgesloten circuit maar is op drie plekken verknoopt met andere belangrijke structuurdragers; het Engelenpad, het Hallenplein richting Wärtsilä-hal en het Lübeckplein. De inrichting van de openbare ruimte van het Lübeckplein zien we daarbij als verlengstuk van het Stations carré en de wereld van District-Z. Het Stationsplein ‘rolt’ zich daarom letterlijk uit richting het Koggepark met meer groen, een ander soort verharding en een levendige programmering van de plinten.

Natuurinclusieve gebouwen in District Z en Hanzehoven bepalen binnentuinen, groene gevels, daken en interieurs van gebouwen de (groen)beleving van de openbare ruimte. Integratie van groen in het gebouwontwerp is daarom al in het ontwikkelkader als leidend principe opgenomen. Vanuit de visie openbare ruimte wordt daarbij extra aandacht gevraagd voor de ecologische samenhang van dat 83

verticale stadslandschap. het gaat niet om ‘groen behang’ maar om gebouwen die aantoonbaar een bijdrage leveren aan het stedelijk ecosysteem. Ontwerp de gevel en het dak daarom altijd vanuit doelsoorten. Verschillende hoogtes zijn daarbij voor andere diersoorten en planten van belang en er dient een logische samenhang te zijn met het soort groen dat op maaiveld in de volle grond staat. Om dat te bereiken zal er voordat kan worden begonnen met de architectonische uitwerking van de gebouwen eerst een heldere totaalvisie moeten worden opgesteld op het ecologisch functioneren van dat groene stadslandschap van maaiveld, gevels en daken. Daarin worden per gebouw, oriëntatie en hoogte concrete ontwerpuitgangspunten geformuleerd waar welk soort maatregelen zinvol zijn en hoe dit samenhangt met het ecologisch netwerk van het groene raamwerk in de Spoorzone. Groene interieurs als visuele connectie tussen binnen en buiten Ook het binnengroen in de gebouwen speelt een rol in de beleving van de Spoorzone. Juist in het meest intensief bebouwde deel van de Spoorzone is de ambitie dat er op maaiveldniveau altijd zicht is op levend groen dat zich in entreehallen, trappenhuizen en atria bevindt. Groene binnenhoven en aantrekkelijke entrees Net als buiten blijft ook in binnenhoven de verharding tot een minimum beperkt.

Alle binnenhoven zijn bovendien autovrij en alleen bij uitzondering is het hof onderdeel van een fietsroute. Bomen zijn de dragers van het groene beeld en zorgen voor schaduw, schuil- en nestelgelegenheid. De kwaliteit van elke binnenhof begint al bij de entree. Deze zijn open, overzichtelijk en kwaliteitsvol gedetailleerd. Via entrees is er altijd zicht op groen. De binnenhoven worden geprogrammeerd op basis van de behoeftes van de direct omwonenden. De inrichting stimuleert ontmoeting en interactie tussen bewoners.

Samenhang met de overkant

Een ecologisch functionerend stadslandschap

Via de Passerelle steekt de klassieke wereld van de bin-

Integreer het ontwerp van gevels, daken en maaiveld

nenstad het spoor over. Welke elementen zijn daarmee

binnen District Z zodat er naast een ruimtelijke samen-

continue en welke elementen veranderen? Hoe komt

hang ook een ecologische samenhang ontstaat.

het industrieel DNA tot uiting en is dit te combineren met een vorm van Urban Rewilding?

Stationscarré, Lübeckplein, District Z, Hanzehoven 84

Identiteit De buitenruimte van de binnenhoven rondom het Stationsplein en het Lübeckplein wijkt qua schaal, opzet en invulling duidelijk af van de rest van de Spoorzone. Het zijn groene oases; plekken in de luwte gericht op de direct omwonenden. Kleinschalig, intiem en niet of maar zeer beperkt geprogrammeerd met publiek programma.

Ontwerpthema’s en opgaves

Zicht op de groene binnenwereld

Groene oases

Kwaliteitsvolle entrees

Geef gebouwen een groen hart dat zichtbaar is vanuit

RIcht binnenhoven zo groen mogelijk in als luwtege-

Realiseer uitnodigende, mooi gedetaileerde toegangen

de openbare ruimte en zo bijdraagt aan de beleving van

bieden binnen de Spoorzone. Zorg voor voldoende

naar binnenhoven als visitekaartje van wat er binnen

een groene stationsomgeving.

verticaal groen dat in verhouding staat tot de maat en

aan kwaliteit aanwezig is.

schaal van de ruimte.

Het stationsplein steekt het spoor over 85

86

16. Hanzekwartier Een collectief tuinenrijk op een eiland Identiteit Het Hanzekwartier vormt een ruimtelijk duidelijk afgebakend deelgebied binnen de Spoorzone. Zowel de ligging als ‘eiland’ binnen de Hanzesingel als de stedenbouwkundige opzet geeft aanleiding om hier de openbare ruimte vorm te geven die zich duidelijk onderscheid van de omgeving. De inspiratie voor die eigen identiteit ligt in het kwekerijverleden van dit deel van de Spoorzone. We zetten in op de realisatie van een zo’n groot mogelijk voedselproducerend tuinenrijk waar het eetbare groen zich tussen, in en op de gebouwen bevindt. Een onderscheidende identiteit die als innovatielab en voorbeeldtuin laat zien hoe we voedselproductie weer een plek kunnen geven als onderdeel van het stedelijk ecosysteem.

aan de productie van fruit, noten en groente voor mens en dier. De openbare ruimte bestaat daarom uit een patchwork van voedselproducerende eenheden. Het kan gaan om boomgaarden, moestuinen, voedselbosjes (tiny forests), in zowel de volle grond als in verticale zin (verweven met het KASKO) of in bakken. Het KASKO: gelaagde overgangen tussen gebouw en openbare ruimte In het Hanzekwartier is het KASKO geïntroduceerd als middel om de overgang tussen gebouwen en openbare ruimte vorm te geven. De principes daarvoor zijn vastgelegd in het NVU en vormen naast de identiteit van het collectieve productie landschap de drager voor de openbare ruimte identiteit. De uitwerking van het KASKO vormt een onlosmakelijk onderdeel van het gebouwontwerp. Het NVU is daarbij toetsingskader.

Ontwerpthema’s en opgaves Collectief karakter: een doorwaadbaar tuinenrijk Het manifest van de ‘Hanze Habitat’ vanuit het NVU voor het Hanzekwartier zet in op het realiseren van een samenhangend gebiedsconcept waarbij de buitenruimte bepalend is voor de identiteit. Het streven daarbij is: • Laat terreingrenzen vervagen. Plots zijn grotendeels openbaar toegankelijk middels een dwaalnetwerk van wandelroutes. • Plaats gebouwen met hun voeten in de volle grond en richt het maaiveld maximaal groen in. • Als er grenzen nodig zijn doe dat dan met biodiverse natuurhagen. Productief landschap: voedsel voor mens en dier Het kwekerijverleden krijgt vorm en inhoud door in te zetten op een productief landschap; een buitenruimte die bijdraagt 87

Voedselbos

Het kwekerijverleden

Het KASKO

Maak van het Hanzekwartier een groot voedselbos voor

Maak het oude kwekerijverleden weer zichtbaar door

Maak het in het NVU Hanzekwartier geintroduceerde

mens en dier.

een patchwork van tuinen te realiseren waar je tussen-

KASKO onderdeel van het landschapsbeeld en verknoop

door kunt dwalen.

het met het kwekerijthema door er bijvoorbeeld een enorme druiven- of hopstellage van te maken.

Hanzekwartier Een collectief tuinenrijk op een eiland 88

Samen oogsten Zorg dat het thema van voedselproductie zo vorm krijgt dat het een basis is voor meer collectiviteit, ontmoeting en interactie tussen bewoners.

89

87 - 118

90

17. Willemskwartier, Hanze-Oost

Wonen in een park

Identiteit De ontwikkelgebieden Willemskwartier en Hanze-Oost kennen een stedenbouwkundige opzet van losse bouwblokken in een groene parkachtige setting. Deze parkachtige ruimtes zijn de gecultiveerdere tegenhangers van het Spoorpark. Met minder of geen ruimte voor urban rewilding en meer regie op het eindbeeld. Ondanks de vergelijkbare stedenbouwkundige typologie kennen beide ontwikkelgebieden ook duidelijke verschillen qua openbare ruimte. In het Willemskwartier wordt de sfeer van het Spoolderbos doorgezet. Bij Hanze-Oost ontstaat een centraal groengebied op het dak van een parkeergarage dat tussen de gebouwen doorloopt richting natte oeverzones aan de rand van het ontwikkelgebied.

Ontwerpthema’s en opgaves Groen vraagt ruimte Het concept van losse woonblokken in een park staat of valt bij een overtuigende uitwerking van dat parkbeeld. Dat maakt het concept kwetsbaar voor versnippering. Ruimtes tussen gebouwen hebben daarom voldoende maat nodig om ruimte te bieden aan bestaande en toekomstige volwassen bomen. De openbare ruimte tussen gebouwen is autovrij. Noodzakelijke verhardingen voor nooddiensten, verhuizingen en glazenbewassing worden op een landschappelijke manier ingepast. Het is de kunst dat niet de routes maar het groen het beeld bepaalt.

bouwd. De eerste stap bij elk plan is daarom het in kaart brengen van de exacte standplaats, kroonprojectie, levensverwachting en verplantbaarheid van elke boom. Bestaande bomen blijven uiteraard zoveel mogelijk staan en er wordt al in het stedenbouwkundig plan een duurzame standplaats gegarandeerd. Als bomen aantoonbaar niet behouden kunnen blijven worden ze verplant in het ontwikkelgebied. Op die manier kan er al bij oplevering een overtuigend groenbeeld ontstaan dat in verhouding staat tot de forse schaal en maat van de gebouwen. Voeten in het groen Gebouwen staan in beide gebieden altijd met hun voeten in het groen. Er zijn geen private buitenruimtes in de vorm van tuinen buiten de grenzen van het bouwblok. Paden richting gebouwen liggen op afstand gevels en vooral ramen om privacy te garanderen en te zorgen dat er voldoende groen om de gebouwen heen kan spoelen. Beperkte programmering Het parklandschap van zowel het Willemskwartier als Hanze-oost wordt maar beperkt geprogrammeerd. Voorzieningen in de openbare ruimte zijn gericht op de dagelijkse gebruikers en worden zo ingepast dat ze het doorlopende bosbeeld niet onderbreken. Op strategische plekken (b.v.

op knooppunten van doorgaande routes, eindpunten van belangrijke zichtlijnen, entrees van het gebied) is er beperkt ruimte om een meer publiek stedelijk programma in te passen dat ook van betekenis is voor niet direct omwonenden.

Bestaande bomen blijven behouden In beide ontwikkelgebieden staan een aanzienlijk aantal bestaande bomen. Vanuit dit startkapitaal wordt het parkbos opge91

bestaand RVB

-2m

gemiddelde hoogste grondwaterstand

CHAP

bestaand RVB

-2m

gemiddelde hoogste grondwaterstand

CHAP

Het landschap naar binnen halen

Koester de bestaande bomen

Voeten in het groen

Geef het groen de ruimte en zorg dat het beeld niet

Het concept van wonen in een park kan alleen overtui-

Zorg dat het parklandschap tot aan de gevel doorloopt

door de gebouwen maar door de parksfeer bepaald

gend zijn bij de gratie van volwassen groen. Een enkele

en dat gebouwen voldoende groene ruimte om zich

wordt.

volwassen boomgroep kan daarbij een hele ruimte

heen hebben.

dragen. Behoud van de bestaande bomen is daarom uitgangspunt. De bebouwing voegt zich naar het groen, niet andersom.

Willemskwartier, Hanze-Oost

Wonen in een park 92

Informele inpassing van paden en voorzieningen

Beperkte programmering

Pas paden en noodzakelijke verhardingen voor nood-

De groene parksfeer van de beide deelgebieden kent

diensten, glasbewassing etc. zo onopvallend mogelijk

een bescheiden programmering gericht op het dagelijks

is. Gebruik materialen die refereren naar het bos of

gebruik met alleen op een enkele strategische plek een

in combinatie met verstevigd gras kunnen worden

openbare voorziening.

toegepast.

93

94

18. IJsselallee Landschap van formaat Connectie met het landschap De IJsselallee was bij aanleg midden in het landschap gelegen. Aan weerzijden van de weg zijn nu geluidswallen aangelegd om achterliggende woningen af te schermen van geluid. Op twee plekken in de Spoorzone is er wat van de bebouwing te zien: aan de westzijde liggen kantoorgebouwen achter een ‘kasteelmuur en slotgracht’ Aan de oostzijde is het kantoor van Landal net zichtbaar achter een bomenrij.

Identiteit De IJsselallee is een regionale route voor autoverkeer met een geheel eigen, autonome identiteit. De weg kent een heldere opbouw met brede kruidenrijke midden- en zijbermen en een omzoming van volwassen houtwallen of bomenrijen. De omgeving, inclusief de Spoorzone, blijft visueel op afstand. Alleen hogere elementen zijn in de tweede lijn zichtbaar zoals de torens in het Hanzekwartier en de hogere delen in Hanze-oost. Daarnaast vormt de aanlanding van het Engelenpad (‘het balkon’) een markant element als visitekaartje van de Spoorzone richting de IJsselallee.

Ontwerpthema’s en opgaves Oversteekbaarheid: twee nieuwe bruggen De IJsselallee vormt voor fietsers en voetgangers een fysieke en mentale barrière richting de campus, de woonwijken en het IJssellandschap dat er vlak achter ligt. In het ontwikkelkader zijn daarom meerdere nieuwe verbindingen gepland. De prioriteit ligt bij de ‘stap over de IJsselallee’ voor fietsers en voetgangers via het Engelenpad vanuit het Hanzekwartier naar de campus en in tweede instantie vanuit het Koggepark via Hanze-Oost naar de Oude Deventerweg.

Beide bruggen vormen complexe ontwerpopgaves door de grote overspanning (circa 150 meter), het te overbruggen hoogteverschil tussen maaiveld en IJsselallee ( van 5 tot 7 meter) en de aantrekkelijkheid van beide routes qua comfort en sociale veiligheid. Voor de bruggen zijn op doelstellingenniveau de volgende ontwerpuitgangspunten geformuleerd voor de beeldkwaliteit: Engelenpad: voetgangersbrug • Een geleidelijke overgang van maaiveld naar het hoger gelegen ‘balkon’ aan de Hanzesingel op een landschappelijke manier (talud, groene trap, hellingbanen). • Een vanaf de IJsselallee duidelijk zichtbaar ‘balkon’ aan het water op hoogte als bijzonder punt langs het Engelenpad en als bruggenhoofd voor de voetgangersbrug. • Een verbinding over de IJsselaallee heen die als een van de beelddragers van het Engelenpad functioneert. • Een aanlanding op de Windesheim campus die een logisch vervolg van de route richting Campushart en verder richting IJsselvallei mogelijk maakt. Hanze-oost: fietsbrug • Een zorgvuldig maar minder architectonisch uitgesproken brug dan die van het Engelenpad. • Maximaal behoud van de wegbegeleidende beplantingen door de aanlandingen / hellingsbanen ‘achter’ deze volwassen boomstructuren te realiseren. • Een ruimtelijk niet dominante vorm van aanlandingen in zowel Hanze-oost als de zuidzijde van de IJsselallee (brug op palen i.p.v.) brug met taluds.

95

Behoud van kruidenrijke bermen en begeleidende houtwallen Bestaande boomstructuren zorgen voor koelte, fourageerroutes voor insecten, vogels en zoogdieren. De kruidenrijke bermen en de aanliggende zoom-mantelvegetaties langs de IJsselallee met een hoog percentage sleedoorn heeft een bijzondere ecologische waarde voor o.a. de Sleedoornpage. Behoud van deze robuuste bermen en de volwassen boomstructuur is uitgangspunt. Zichtbaarheid van de Spoorzone: het balkon van het Engelenpad Door de aanwezigheid van geluidschermen en beplante wallen zal het autonome karakter van de IJsselallee niet veranderen. Er blijft alleen zicht op hogere bebouwingselementen binnen de spoorzone achter een ‘vitrage’ van bomenrijen en houtwallen. De enige mogelijkheid om een meer direct ‘adres’ van de Spoorzone aan de IJsselallee te realiseren ontstaat bij het Hanzekwartier. Hier toont de Spoorzone zich aan de IJsselallee met een opgewaardeerd front met verzachte oevers en een bijzonder ‘balkon’ als aanlandingspunt van het Engelenpad. Vormgeving geluidschermen Bestaande houtwallen / bomenrijen blijven gespaard waardoor de schermen niet dicht op de IJsselallee maar achter of in de bestaande houtwallen worden gerealiseerd. Bij de vormgeving van nieuwe schermen wordt aangesloten op de bestaande. Aan de zijde van de Spoorzone (de binnenkant) wordt zorggedragen voor een zorgvuldige groene inpassing.

Nieuwe schermen worden zo ontworpen dat ze een bijdrage leveren aan de biodiversiteit van de wegbegeleidende groenstructuur.

Natuurrand Bermen en houtwallen vormen een ecologische verbinding van formaat. Versterk dat door het verrijken van de hoeveelheid gradiënten, soortenrijkdom en waar nodig het beheer.

De oversteek

Samenhang met de overkant

Ontwerp de nieuwe brug als een bescheiden, ranke oversteek van het robuuste natuurlandschap. Integreer voorzieningen om uit te rusten en even uit te kijken over de omgeving.

De nieuwe brug over de IJsselallee via het Engelenpad verbindt twee werelden. Maak dat zichtbaar in de manier hoe de brug aanlandt in twee onderscheidende landschappen.

IJsselallee Landschap van formaat 96

Natuurinclusieve geluidschermen Zet de bestaande lijn van groene en ‘onzichtbare’ groene schermen door. Vergroot de ecologische betekenis door extra aandacht te schenken aan kansen van de schermen als nestel- en schuilgelegenheid voor insecten en dieren door te kiezen voor deels open constructies en begroeiing.

97

98

Colofon Visie Openbare Ruimte Spoorzone Samenstelling Ruimtelijke Planvorming, gemeente Zwolle i.s.m. bureau TIJDLAAG definitieve versie, 28 augustus 2024 99

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=6a7cb71e-4f99-44da-b6e6-133689904d13