CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Sociaal Wijkteam Zwolle. Aangescherpte opdracht

Raad Besluitvormingsronde 13 februari 2024, gemeente ZwolleBij agendapunt: Aangescherpte opdracht Sociaal Wijkteam16.351 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Hervormingsagenda Sociaal Domein, 2019 (Gemeente Zwolle)

23

•

•

•

en behandeld. De hulpverlener is hierbij de expert die de oplossingen voor de problemen van de inwoner bepaalt; Het psychologisch model: Dit mensbeeld gaat ervan uit dat problemen voortkomen uit psychologische processen en dat de hulpverlener inzicht kan bieden in deze processen en de inwoner kan ondersteunen bij het vinden van oplossingen; Het empowermentmodel: Dit mensbeeld gaat uit van de kracht en eigen mogelijkheden van mensen, waarbij de hulpverlener de inwoner ondersteunt bij het ontdekken en versterken van zijn eigen krachten en mogelijkheden om problemen op te lossen. De hulpverlener is hierbij meer een coach dan een expert; Het contextuele model: Dit mensbeeld gaat ervan uit dat problemen voortkomen uit de maatschappelijke context waarin mensen leven en dat de hulpverlener aandacht moet hebben voor deze context bij het ondersteunen van de inwoner. Hierbij wordt onder andere gekeken naar de invloed van familie, vrienden, werk en de bredere samenleving.

Het STW werkt vanuit een combinatie van het empowermentmodel en het contextuele model. Soms ligt de oplossing van een probleem (of deel daarvan) bij het ondersteunen van een ander gezinslid of bij iemand in de omgeving een actieve rol bij het herstel te geven.

4. Van deelprobleem naar totaaloplossing Bij inwoners met een hulpvraag speelt soms meer, het kan een symptoom zijn van problemen op andere leefgebieden. Bij jeugd gaat het vaak om een gewoon kind in ongewone omstandigheden. Problemen bij het kind zijn vaak de symptomen van problemen binnen het gezin. Daarom is het belangrijk dat er 1 procesregisseur is; het Sociaal Wijkteam, dat overzicht houdt over de ondersteuningsvragen en ook prioriteert welk probleem als eerste wordt aangepakt om tot een totaaloplossing te komen met alle betrokkenen. Want soms wordt de eerste hulpvraag opgelost door een probleem op een ander leefgebied aan te pakken, bijvoorbeeld een baan of aanpassingen aan de woning. De procesregisseur behoudt de brede blik. 5. Van zorgen voor naar zorgen dat Ondersteuning en hulp worden zo licht als mogelijk georganiseerd ter versterking van de eigen context, door een ‘basisteam’: De hulpverlening versterkt het eigen leven en houdt bestaande structuren zo veel mogelijk intact. Specialistische hulp wordt waar nodig ingezet om het basisteam te versterken. Soms is het nodig dat een expert een inwoner tijdelijk apart ondersteunt, zodat de inwoner thuis weer verder kan. Dat gebeurt dan zo kort als kan, in de context van de inwoner en collectief waar van meerwaarde.

24

6. Van individuele hulp naar samenbrengen van vragen Veel lichte ondersteuning kan prima vorm krijgen in de sociale basis door de inzet van ervaringsdeskundigen, maar ook door het samenbrengen van bijvoorbeeld inwoners die met dezelfde vragen zitten. Of door ontlasting van inwoner of gezin door een vrijwilliger. Inwoners kunnen ondersteund worden door een expert, maar ook ervaringen met elkaar uitwisselen. Ondersteuningsteams op de scholen kunnen meerdere kinderen met dezelfde vraag helpen en ondersteunen, die ook weer van elkaar kunnen leren. 7. Leefwereld centraal Niet de systeemwereld met alle wetten en regels staat centraal bij het bepalen van een oplossing, maar de leefwereld van een inwoner. Er wordt breder gekeken dan de schotten tussen wetten en systemen om zo tot de beste oplossing te komen. Hulpvragen worden vanuit het perspectief van de individuele inwoner en zijn/haar context benaderd. Op basis daarvan wordt bekeken wat het meest passend is, waarbij rekening gehouden wordt met de mogelijkheden van de persoon, het gezin en de omgeving.

richting de inwoner. Waar mogelijk ook wanneer het meerdere organisaties betreft. Problematiek van inwoners laat zich niet 100% in strak omlijnde kaders en regels gieten. Daar waar regels of schotten een goede oplossing in de weg staan, hebben medewerkers het mandaat om waar nodig beargumenteerd af te wijken. Zo wordt voorkomen dat mensen tussen wal en schip vallen en problematiek verergert of een oplossing te lang duurt. Voor deze gevallen werkt het SWT volgens de (principes van de) doorbraakmethode zoals ontwikkeld door het Instituut Publieke Waarde (IPW). Met deze methode wordt de inwoner centraal gezet en bekeken wat er echt nodig is. Als dit niet in reguliere oplossingen zit, dan kan daarvan afgeweken worden. Hierdoor wordt de totale hulp beter en goedkoper. Het SWT heeft hier speciaal budget voor. 8. Stapsgewijs naar herstel Uit de theorie7 blijkt dat daar waar meerdere vraagstukken spelen het effectiever is om niet alles tegelijk op te pakken, maar deze stapsgewijs aan te pakken. De prioriteiten worden in samenspraak met de inwoner gesteld en vastgelegd in een ondersteuningsplan.

Het streven moet zijn dat de inwoner geen schotten ervaart, in welke zin dan ook. Ondersteuning uit verschillende regels en wetten wordt integraal ingezet 7

Mobility Mentoring

25

9. Integrale samenwerking

4.2 Taken

Daar waar meerdere organisaties bij een inwoner betrokken zijn, stimuleert het SWT de samenwerking. Hierbij hoort een goede onderlinge informatieuitwisseling en het opstellen van een integraal ondersteuningsplan. Het SWT borgt dat dit ook gebeurt. Waar nodig neemt het SWT de procesregie op zich om de samenwerking te bevorderen.

De taken van het SWT zijn in het vorige hoofdstuk op hoofdlijnen al kort benoemd. In deze paragraaf worden de volgende taken nader toegelicht.

10. Leren en ontwikkelen Het sociaal domein is niet statisch. Er doen zich allerhande maatschappelijke ontwikkelingen voor waar een organisatie als het SWT op in moet spelen. Het SWT staat dicht bij de inwoners en ziet als een van de eersten wat er speelt en of er ander of aangepast ondersteuningsaanbod vereist is. Incidenteel kan het SWT lacunes opvangen, maar structureel zijn mogelijk andere oplossingen nodig. Hierin heeft het SWT een belangrijke signalerende rol naar beleid. Dit vereist een lerende organisatie die zelfkritisch is en haar eigen functioneren periodiek evalueert, structurele knelpunten herkent en experimenteert met nieuwe oplossingen. Hierbij worden zowel inwoners als samenwerkingspartners betrokken. Dit alles stelt eisen aan de inrichting en cultuur van de organisatie maar vraagt ook financiële speelruimte.

• • • • • • • • • 4.2.1

Informeren en adviseren Signaleren Vraagverheldering Opstellen en monitoren ondersteuningsplan Zelf ondersteuning bieden Regie voeren Leun en steuncontact Toegang: toewijzen van maatwerkondersteuning Secundaire preventie Informeren en adviseren

Het SWT adviseert en informeert inwoners met een hulpvraag. Het informeren kan gaan over welke voorzieningen in de gemeente beschikbaar zijn, bijvoorbeeld in de sociale basis. De sociale basis is zelf primair verantwoordelijk om inwoners en professionals te informeren over de mogelijkheden in de sociale basis. De advisering betreft hoe inwoners zelf met bepaalde problematiek om kunnen gaan. Doelen zijn: herkennen, begrijpen en handvatten geven. Vaak gaat het om eenmalige contactmomenten met individuele inwoners of groepen inwoners. 4.2.2

Signaleren

Het is belangrijk dat problemen in een zo vroeg mogelijk stadium gesignaleerd en opgevolgd worden. Dit om verergering te voorkomen. Signalen kunnen door externe partijen zoals buren, familieleden en professionals bij het SWT gemeld

26

worden. Het SWT beoordeelt het signaal en neemt waar nodig contact op met de inwoner of vraagt een andere partij dit te doen. Het SWT borgt dat signalen niet tussen wal en schip vallen en houdt hier zo nodig regie op. Het SWT kan ook zelf problemen signaleren en opvolgen, maar gaat daar zelf niet actief naar op zoek. Een uitzondering hierop vormt de RMC- taak, daar wordt bij verzuimsignalen wel outreachend gehandeld. 4.2.3

Vraagverheldering

Om te zorgen dat iemand de ondersteuning en zorg ontvangt die nodig is, vindt eerst vraagverheldering plaats. Hiervoor kunnen meerdere gesprekken nodig zijn waarbij samen met de inwoner inzicht verkregen wordt in de mogelijkheden en belemmeringen die iemand ervaart in het dagelijks leven en wat daarin belangrijke omgevingsfactoren zijn. Uitgangspunten bij de vraagverheldering zijn: • • • • •

Oprecht luisteren naar het verhaal van de inwoner (presentie) Aandacht voor het totaalbeeld, hoe gaat het op alle leefgebieden? Zoals daginvulling en sociale contacten, maar ook financiën; Aandacht voor het hele systeem, d.w.z. alle betrokkenen en de onderlinge relaties; Wat kan iemand zelf (autonomie en competentie)? Hoe ziet iemands netwerk eruit en wat kan de omgeving bieden (verbondenheid)?

Aan de hand hiervan wordt bepaald hoe iemand het beste geholpen kan worden. Daarbij wordt de volgende volgorde gehanteerd: • •

Informeren en adviseren, inwoner lost het zelf op; Attenderen op en verbinden met voorliggende voorzieningen in bijvoorbeeld de sociale basis;

• • 4.2.4

Lichte ondersteuning/coaching vanuit het SWT; Toekennen en organiseren van geïndiceerde ondersteuning. Opstellen en monitoren ondersteuningsplan

Indien een inwoner voor ondersteuning in aanmerking komt, wordt door het SWT samen met de inwoner een ondersteuningsplan opgesteld. Zowel in geval van eigen inzet als bij verwijzing naar een aanbieder. Het ondersteuningsplan beschrijft o.a. de doelen en het tijdspad. Het SWT monitort samen met de inwoner of de uitvoering conform plan verloopt. 4.2.5

Ondersteuning door het SWT

Het SWT biedt waar mogelijk zelf lichte ondersteuning aan inwoners (gemiddeld tussen de 1 en 15 gesprekken per hulpvraag). Deze ondersteuning is zeer divers en verschilt per wet. Voorbeelden van wat het SWT zelf aan ondersteuning biedt zijn: •

Eenmalige consultatie

•

Hulp bij crisis (geen 24 uur)

•

Begeleiding en coaching

•

Bemiddeling, pleitbezorging en belangenbehartiging

•

Groepswerk

•

Leun- en steuncontact Om terugval of verergering van problemen te voorkomen wordt met sommige kwetsbare inwoners periodiek contact gehouden. Dit heeft als doel om (hernieuwde) problemen tijdig te signaleren en zwaardere

27

hulp in de toekomst te voorkomen. Dit wordt het leun- en steuncontact genoemd.

•

Daar waar meerdere partijen bij een inwoner (of huishouden) betrokken zijn, is het belangrijk dat er regie gevoerd wordt op de integraliteit. Deze rol ziet toe op de samenhang van het geheeld en voorkomt dubbelingen of gaten in de ondersteuning. Vanuit de regierol wordt ook gestuurd op de gewenste transformatie van zwaar naar licht en het werken vanuit dezelfde leidende principes. Deze rol wordt daarom meestal door het SWT vervult.

De kaders uit hoofdstuk 3 zijn richtinggevend om te bepalen of het SWT zelf ondersteuning biedt of een ander inschakelt (aanbieder of sociale basis). Omdat situaties van inwoners enorm verschillen wordt de afweging op casusniveau aan de medewerkers van het SWT overgelaten. Om te grote verschillen tussen medewerkers te voorkomen, worden keuzes periodiek geëvalueerd. Onder andere door medewerkers onderling.

4.2.7

Om te voorkomen dat een inwoner tussen wal en schip valt, kan het SWT van kaders situationeel afwijken. Hierbij geldt het principe pas toe en leg uit. Ook beschikt het SWT over een speciaal maatwerkbudget om uitzonderingen uit te bekostigen. In voorkomende gevallen wordt tevens gekeken of er sprake is van een structureel probleem en of nadere afspraken vereist zijn.

Op basis van de vraagverheldering kan het SWT een beschikking afgeven voor een maatwerkvoorziening. Het SWT bepaalt samen met de inwoners de zorgbehoefte en welke ondersteuning het best passend is. De inwoner mag kiezen welke zorgaanbieder (in de meeste gevallen zal de inwoner het advies van het SWT vragen en volgen).

4.2.6

4.2.8

Regie

Er zijn verschillende vormen van regie: procesregie en casusregie en regie op de integraliteit. •

•

De procesregisseur heeft de regie op het proces, het tot stand komen van een plan van aanpak, het monitoren van de uitvoering en een evaluatie bij de afsluiting. Deze rol ligt meestal bij het SWT. De casusregisseur heeft regie op de uitvoering van het plan van aanpak. Het organiseren van de operationele samenwerking rondom een ondersteuningsvraag. Deze rol ligt meestal bij de aanbieder.

Toewijzen

Secundaire preventie

Primaire preventie richt zich op het voorkomen van sociale problemen nog voordat deze zich hebben ontwikkeld en is een taak van de sociale basis. Secundaire preventie richt zich op het voorkomen van verergering en dat is een taak van het SWT. Het betreft hier inwoners die al in beeld zijn van het SWT. Naast voorkomen van erger wordt ook naar risicosignalen of hulpvragen op andere leefgebieden dan die van de initiële hulpvraag gekeken.

28

5 Kwaliteitscriteria Voor de dienstverlening van het SWT gelden de volgende kwaliteitscriteria

5.1 Wettelijke kaders Het SWT werkt vanuit de volgende wettelijke kaders: • • • • • • • •

Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo) Jeugdwet Participatiewet Leerplichtwet Wet Politiegegevens (WPG) Privacywet (AVG) Archiefwet Per 1 juli 2024 komt hier de Wet Aanpak meervoudige problematiek Sociaal Domein (WAMS) bij.

5.2 Bereikbaarheid Het SWT is op verschillende manieren bereikbaar: fysiek, telefonisch of digitaal. In het algemeen geldt dat het SWT iedere werkdag bereikbaar is van 9:00 tot 17:00. Naar behoefte in de wijk zijn de wijkteams ook op een aantal avonden in de week geopend om zo werkenden goed te bedienen. Afhankelijk van de behoefte worden per wijk op een of meerdere ochtenden inloopspreekuren georganiseerd. Mocht er in de eigen wijk op een bepaalde

dag geen inloopspreekuur zijn, dan kan een inwoner altijd terecht bij een van de andere wijkteams.

5.3 Toegankelijkheid Het SWT sluit zo nauw mogelijk aan bij de leefwereld van de inwoner. Dit houdt onder andere in dat het SWT zo veel als mogelijk naar die leefwereld toe gaat en aanwezig is om de drempel naar hulp zo laag mogelijk te houden. Dit heeft gevolgen voor: • • • 5.3.1

Fysieke locatie Bejegening door medewerkers Imago Fysieke locatie

De fysieke toegankelijkheid wordt op de volgende manieren vormgegeven: •

Het SWT heeft een aantal hoofdlocaties verdeeld over de stadsdelen, te weten: midden, noord, oost, zuid en west. Dat is de plek waar de meeste inwoners naar toe zullen gaan. Voor de hoofdlocaties gelden de volgende eisen: o informele uitstraling van de fysieke locatie; o ruimte voor informele ontmoeting (koffiehoek en leeshoek); o voldoende privacy; o gedeeld met andere organisaties (voorkomen stigma).

29

•

•

5.3.2

Daarnaast is het SWT aanwezig op gedeelde locaties om de drempel naar hulp verder te verkleinen. Dit zijn onder andere: o Wijkcentra o Huisartsenpraktijken o Scholen, zowel primair, voortgezet als Deltion De aanwezigheid van het SWT op deze locaties wordt bepaald door de behoefte van inwoners maar zal in de regel beperkt zijn. Waar nodig hoeft de inwoner niet naar het SWT te komen, maar komt het SWT naar de inwoner toe (bijvoorbeeld voor een keukentafelgesprek). Criteria om naar de inwoner toe te gaan zijn: o mobiliteit van de inwoner; o beeldvorming situatie; o drempel andere locatie te hoog. Bejegening medewerkers

Medewerkers dragen bij aan toegankelijkheid door de volgende principes te hanteren bij de bejegening: • • • • • 5.3.3

Presentie (in contact komen en blijven) Open nieuwsgierige houding Goed luisteren en inlevingsvermogen (empathie) Positie van de waarderende bondgenoot innemen (contextueel model) Verantwoordelijkheid en regie bij de inwoners laten (zij zijn eigenaar van de vraag en oplossing) Imago

profileert het SWT zich naar buiten toe als een zelfstandige organisatie. Dit betekent het volgende: • • •

Het SWT heeft een eigen huisstijl en website Medewerkers presenteren zich meer als hulpverlener dan als indicatiesteller Inwoners ervaren dat ze bij het SWT terecht kunnen ook als het moeilijk wordt

5.4 Effectiviteit Het SWT stuurt op effectiviteit van zijn dienstverlening door deze periodiek te onderzoeken, bijvoorbeeld middels cliëntervaringsonderzoeken. Voor diensten die onder eigen inzet vallen, gelden dezelfde criteria als bij ingekochte zorg. Effectiviteit wordt als volgt gedefinieerd: • • • • • • • •

De mate waarin doelen gerealiseerd zijn De mate waarin de ondersteuning aan realisatie van de doelen heeft bijgedragen De mate waarin het welbevinden van de inwoner is toegenomen De mate waarin een inwoner zelfredzamer is geworden Het aantal inwoners dat na de ondersteuning terugvalt De mate waarin duurdere ondersteuning is voorkomen De mate waarin inwoners tevreden zijn De mate waarin inwoners het SWT weten te vinden

Op basis van de uitkomsten worden verbeterplannen opgesteld.

Voor inwoners moet het SWT het imago hebben van een laagdrempelige plek waar je terecht kunt bij hulpvragen. Het SWT moet meer zijn dan de plek waar je naar toegaat voor een indicatie (voor een maatwerkvoorziening). Hiervoor

30

5.5 Efficiëntie Het SWT organiseert zijn dienstverlening zo efficiënt mogelijk. Bijvoorbeeld door werkwijzen zo veel als mogelijk en wenselijk te uniformeren en in functies te differentiëren (specialisten en generalisten). Onderdeel van deze aangescherpte opdracht is om een bijpassend inrichtingsplan voor de organisatie op te stellen en te implementeren.

5.6 Kwaliteitsborging Het SWT borgt de kwaliteit van zijn dienstverlening door deze periodiek te meten en waar nodig bij te sturen. Dat betekent dat werkprocessen zijn beschreven, medewerkers er bekend mee zijn en naleving wordt getoetst. In de kwaliteitsmetingen worden minimaal de wettelijke kwaliteitseisen meegenomen zoals termijnen en het kwaliteitskader jeugd.

31

6 Samenwerking Dit hoofdstuk beschrijft de formele samenwerkingsrelaties die het SWT zowel intern als extern heeft. De externe relaties zijn onderverdeeld in organisaties waar de gemeente wel een contractuele relatie mee heeft en organisaties waar dat niet het geval is. Dat heeft gevolgen voor de mate van invloed die de gemeente heeft op de uitvoering. Met de belangrijkste uitvoeringsorganisaties onderhoudt het SWT nauw contact en bespreekt zaken op uitvoeringsniveau.

Beleid en uitvoering werken nauw met elkaar samen, dit omvat het volgende: • • • • •

Afstemming dienstverlening gecontracteerde partijen Evaluatie dienstverlening gecontracteerde partijen Gezamenlijk vormgeven en uitvoeren van pilots vernieuwende woonzorgconcepten Signalen uit het werkveld bespreken voor eventueel aanpassing beleid Input leveren voor beleidscyclus

6.1 Interne organisatieonderdelen

6.1.2

Voor de opdracht van het SWT zijn met name de volgende organisatieonderdelen van de gemeente van belang.

De afdeling inkomensondersteuning is net als het SWT een uitvoeringsonderdeel en levert de volgende diensten:

6.1.1

Afdeling Maatschappelijke ondersteuning (MO)

De afdeling MO in verantwoordelijk voor het beleid binnen het sociaal domein en heeft verschillende beleidsteams waarmee samengewerkt wordt. Hoewel het SWT primair een uitvoeringsorganisatie is die het door de beleidsteams ontwikkelde en vastgestelde beleid uitvoert, levert het SWT ook input voor beleid. Voor een goede dienstverlening aan inwoners is het belangrijk dat de expertise en ervaring van de uitvoering in nieuw beleid wordt meegenomen. De afdeling MO is verder verantwoordelijk voor de subsidierelaties en het contractmanagement voor de Jeugdhulp, Wmo en Participatie. Ook de sociale basis valt onder MO.

• • • •

Afdeling Inkomensondersteuning (IO)

Het verstrekken van bijstandsuitkeringen Schulddienstverlening en andere financiële ondersteuning Inburgering asielzoekers Handhaving

Met al deze onderdelen wordt nauw samengewerkt. De afdeling IO onderschrijft de leidende principes zoals beschreven in hoofdstuk 4 waardoor er binnen het sociaal domein vanuit dezelfde principes gewerkt wordt. Dat is belangrijk richting de burger. De grootste taak van de afdeling IO is het verstrekken van bijstandsuitkeringen. Zoals ook uit het Innovatielab participatie blijkt is een goede afstemming

32

belangrijk bij inwoners die zowel een uitkering als ondersteuning van of via het SWT ontvangen. Daarnaast afdeling IO biedt financiële ondersteuning op het vlak van financiën en schulden. Dat kan zijn met bijvoorbeeld bijzondere bijstand en minimaregelingen. Verder helpt de afdeling bij complexe schulden met Schulddienstverlening en budgettering. Net als het SWT, kijkt IO bij een intake ook of er problemen/vraagstukken zijn op de andere leefgebieden. Indien dat het geval is wordt het SWT erbij gehaald. Omgekeerd haalt het SWT IO erbij in geval van financiële vraagstukken. Daar waar een inwoner ook ondersteuning van of via het SWT krijgt is het belangrijk dat de integraliteit van de ondersteuning gewaarborgd is. Die verantwoordelijkheid ligt bij het SWT. Ook de wettelijke verantwoordelijkheid voor de inburgering van statushouders is ondergebracht bij de afdeling IO te weten het team IPA. Ook het SWT kan betrokken zijn bij een statushouder. In alle gevallen ligt de regie op de integraliteit tijdens de periode van inburgering bij team IPA. 6.1.3

Wijkbeheer

Wijkbeheer valt onder de afdeling fysiek. Wijkbeheer heeft voornamelijk een taak in het fysieke domein maar omdat ze veel in de wijk zijn weten ze ook breder wat er in een wijk leeft. Samenwerking en taakverdeling met SWT is op sommige gebieden onontbeerlijk, bijvoorbeeld als het gaat om overlast in de wijk of om vervuilde huishoudens. Het wijkbeheer heeft in ieder stadsdeel een Wijkservicepunt (WSP). Een WSP vormt de schakel tussen wijkbewoners, organisaties en de gemeente. Inwoners van de wijk kunnen bij het WSP terecht voor allerlei vragen en ideeën over zaken die beheer, leefbaarheid en veiligheid van de wijk aangaan.

6.2 Externe organisaties met contractuele relatie Met een aantal organisaties in het sociaal domein heeft de gemeente een formele relatie, dat kan door middel van een inkoop- of subsidierelatie of middels prestatieafspraken. Dit zijn: • • • • • • • • • • 6.2.1

Wmo-aanbieders Maatschappelijke opvang Jeugdhulp aanbieders Welzijn Sociale werkvoorziening (Tiem) Sociaal Raadslieden | Op Orde ZwolleDoet! Veilig Thuis Zorg- en Veiligheidshuis IJsselland GGD WMO-aanbieders

Vanuit de WMO kunnen inwoners in aanmerking komen voor ondersteuning op het gebied van hulp bij het huishouden, hulpmiddelen, ambulante ondersteuning, dagbesteding of logeeropvang. Het SWT kent deze ondersteuning formeel toe, stelt een ondersteuningsplan op en maakt afspraken met de aanbieder op casusniveau. Een inwoner wordt door het SWT warm overgedragen naar een aanbieder. Het SWT stuurt binnen de kaders van het contract op kwaliteit en inzet. In de evaluatie wordt gekeken naar duur, omvang en kwaliteit van inzet. Dit kan resulteren in nadere afspraken.

33

De afdeling MO maakt de contractuele afspraken met de Wmo-aanbieders en monitort de uitvoering op niveau van het contract. Het SWT levert hiervoor input. 6.2.2

Maatschappelijke Opvang

De maatschappelijke opvang is een centrumgemeente taak van de gemeente Zwolle. De maatschappelijke opvang in Zwolle wordt door verschillende organisaties verzorgd: Leger des Heils, de Herberg, stichting Timon, Limor, RIBW en Kadera. De afdeling MO maakt de contractuele afspraken met de aanbieders en monitort de uitvoering op niveau van het contract. Het SWT levert hiervoor input. Met de maatschappelijke opvang vindt afstemming plaats over ondersteuning van inwoners die in de maatschappelijke opvang verblijven en de uitstroom van deze personen. 6.2.3

Jeugdhulp aanbieders

Het SWT is een van de toegangen tot specialistische jeugdhulp. Het SWT kent deze ondersteuning formeel toe, stelt een ondersteuningsplan op en maakt afspraken met de aanbieder op casusniveau. In het ondersteuningsplan kan de inzet van jeugdhulp een onderdeel zijn van een bredere inzet in het gezin. Er wordt regelmatig geëvalueerd of de ondersteuning nog passend is en indien mogelijk wordt er afgeschaald. Het Regionaal Serviceteam Jeugd IJsselland (RSJ) maakt de contractuele afspraken met de jeugdhulpaanbieders en monitort de uitvoering op niveau van het contract. Het SWT levert hiervoor input.

6.2.4

Welzijn

Zwolle telt twee welzijnsorganisaties: Travers Welzijn en Wijz, zij vormen de belangrijkste samenwerkingspartners in de sociale basis. De dienstverlening van Welzijn is onderverdeeld in de volgende thema’s: • • • • •

Participatie en integratie Leefomgeving Zorg en ondersteuning Weerbaarheid en eigen kracht Leren en ontwikkelen

De diensten van Welzijn zijn zeer uitgebreid. Het SWT attendeert inwoners op de mogelijkheden van Welzijn en kan Welzijn bij bepaalde casussen betrekken. In de beweging van zwaar naar licht is een goede taakverdeling tussen Welzijn en SWT is erg belangrijk. De afdeling MO maakt de contractuele afspraken met de Welzijnsaanbieders en monitort de uitvoering. Het SWT levert input en neemt deel aan periodieke evaluaties. Het SWT signaleert indien er discrepanties zijn tussen de behoefte van inwoners en het aanbod van Welzijn. 6.2.5

Sociale werkvoorziening (Tiem)

Tiem begeleidt inwoners op het vlak van arbeidsparticipatie en is een belangrijke samenwerkingspartner op het vlak van participatie. Het SWT begeleidt inwoners op het vlak van maatschappelijke participatie. Als iemand klaar is voor arbeidsparticipatie draagt het SWT de inwoner over aan Tiem. Iemand kan ook terugvallen op de participatieladder en worden overgedragen aan het SWT.

Naast het SWT kunnen de huisartsen, medisch specialisten en de Gecertificeerde Instellingen (GI) verwijzen naar jeugdhulp. Er zijn met de GI’s afstemmingsafspraken gemaakt als zij jeugdhulp willen inzetten. 34

Op casusniveau werken de afdeling IO, Tiem en het SWT nauw met elkaar samen. Daar waar Tiem constateert dat een inwoner ook ondersteuning op andere leefgebieden nodig heeft, wordt afgestemd met het SWT. De contractuele relatie met Tiem ligt bij de afdeling MO. Het SWT levert input voor de afspraken met Tiem en wordt betrokken bij de jaarlijkse evaluatie. 6.2.6

Sociaal Raadslieden | Op Orde

Het SWT levert geen ondersteuning op het vlak van financiën, daarvoor wordt onder andere een beroep gedaan op Sociaal Raadslieden en Op Orde. De Sociaal Raadslieden van De Kern brengen orde aan in de administratie van inwoners, geven inzicht in de financiële situatie en helpen je deze gezond te krijgen en te houden. Op Orde Zwolle is een samenwerkingsverband tussen verschillende organisaties: Sociaal Raadslieden van De Kern, WIJZ, Humanitas, SchuldHulpMaatje van Voor Elkaar Zwolle en de vrijwilligers van Op Orde. Op Orde is het centrale aanmeldpunt voor hulp en advies bij thuisadministratie. Aansluitend bij de Sociaal Wijkteams hebben Sociaal Raadslieden en de vrijwilligers van Op Orde een open inloop. 6.2.7

ZwolleDoet!

ZwolleDoet! is makelaar, steunpunt en expertisecentrum op het gebied van vrijwillige inzet, informele zorg en mantelzorg. Ze ondersteunen vrijwillige en informele kracht. Door te bemiddelen in vraag en aanbod. Door individuele vrijwilligers en mantelzorgers te adviseren. Door het stimuleren van onderlinge hulp en het organiseren van collectieve aanpakken in groepen. Door expertise te delen in de stad en partijen te motiveren, bijvoorbeeld door het ontwikkelen van trainingen en campagnes.

Voor het SWT is ZwolleDoet! Een samenwerkingspartner op het vlak van maatschappelijke participatie. 6.2.8

Veilig Thuis

Veilig thuis is het meldpunt voor huiselijk geweld en kindermishandeling. Veilig Thuis is voor het SWT een samenwerkingspartner. Er zijn nadere samenwerkingsafspraken gemaakt over het overdragen van meldingen naar de wijkteams, die verder gaan dan de landelijke afspraken. 6.2.9

Zorg- en Veiligheidshuis IJsselland

Voor een kleine groep mensen met (ernstig) risicogedrag en waar de problemen zich aan het opstapelen zijn, is zorg nodig. Dat betekent het organiseren van zorg voor en het creëren van veiligheid voor zichzelf, hun omgeving en de samenleving. Dat is waarvoor het onafhankelijke Zorg- en Veiligheidshuis in het leven is geroepen. Het Zorg- en Veiligheidshuis IJsselland is de plek waar experts op het gebied van straf-, bestuur,- en civielrecht, sociaal domein en zorg samen komen. Hier worden afspraken gemaakt over een overstijgende aanpak op zorg en veiligheid die past bij een specifieke casus. Afstemming met het Veiligheidshuis vindt plaats als onderdeel van de Aanpak Voorkomen Escalatie (AVE). 6.2.10 GGD De GGD is op verschillende terreinen een samenwerkingspartner voor het SWT: • • •

Toegang Maatschappelijke Opvang Bemoeizorg (team VIA) Jeugdgezondheidszorg

35

Er vindt veelvuldig overleg met de GGD plaats op casusniveau. De toegang voor Beschermd Wonen is nu nog onderdeel van de GGD maar gaat in 2024 geleidelijk over naar SWT. Het SWT pakt eerst de nieuwe aanmeldingen op en de bestaande cliënten blijven vooralsnog bij de GGD. Het betreft hier onder andere de herbeoordelingen.

6.3 Externe organisaties zonder contractuele relatie Er zijn ook organisaties waar de gemeente geen contractuele relatie mee heeft, maar die wel relevant zijn voor de opdracht van het SWT. Ten eerste vervult het een spilfunctie in het ‘verwijzen’ van inwoners naar andere organisaties. Het is belangrijk dat het SWT hier overzicht over houdt om inwoners goed te informeren en adviseren. Vanuit deze centrale rol is het SWT ook een uitgelezen partij om lacunes in het aanbod van externe organisaties te identificeren. De afdeling MO houdt overzicht over de formele organisaties en netwerken in de sociale basis en deelt dit met het SWT. Belangrijke externe organisaties zonder contractuele relatie zijn: • • • • • • • 6.3.1

Woningcorporaties Politie Huisartsen en POH Scholen (primair en voorgezet onderwijs en MBO) Kinderopvang Ziekenhuizen GGZ Woningcorporaties

In Zwolle zijn drie woningcorporaties: DeltaWonen, SWZ en Openbaar Belang, waar het SWT op verschillende manieren mee samenwerkt.

• • •

Op het gebied van vroegtijdig signaleren van schulden; Op het gebied van signalen of zorgen over inwoners en op het gebied van overlast en vervuiling; Vinden van woonruimte voor kwetsbare inwoners (prioritair toewijzen).

Er vindt regelmatig overleg met de woningcorporaties plaats. Onder andere in het kernoverleg dat het stadsdeelmanagent organiseert waar ook de politie, Welzijn en het SWT aan deelnemen. Gezamenlijk werken het SWT en de woningcorporaties aan het doel om huisuitzettingen te voorkomen. Op het gebied van jongerenhuisvesting wordt nauw samengewerkt met het SSH (Stichting Studenten Huisvesting) die betaalbare kamers en woningen verhuurt voor jongeren. 6.3.2

Politie

De politie is een belangrijke partner op het vlak van veiligheid. Wijkagenten doen zorgmeldingen bij het SWT in het kader van signalering. Ook is de politie vaak betrokken bij zaken rondom de Aanpak Voorkomen Escalatie (AVE). Afstemming met de politie vindt periodiek plaats in het kernoverleg per stadsdeel. 6.3.3

Huisartsen en POH

Huisartsen en praktijkondersteuners (POH) zijn op verschillende gebieden een belangrijke samenwerkingspartner: • • •

Verwijzingen jeugdzorg Ouderen MDO overleggen

36

Voor de jeugdhulp zijn huisartsen een belangrijke verwijzer. Voor de beweging zo licht als mogelijk en zo zwaar als nodig is het belangrijk om hierover met huisartsen in gesprek te gaan en hen bewust te maken van de alternatieven. Dit gebeurt al vanuit het relatiemanagement. Vanuit het SWT is er sinds 2019 bij 80% van de huisartsenpraktijken een jeugden gezinswerker van het sociaal wijkteam aanwezig. Deze medewerker kan vragen rondom jeugd snel oppakken d.m.v. advies, verbinding met oplossingen uit de sociale basis, eigen inzet SWT of door specialistische (jeugd)hulp erbij te halen. Doordat deze medewerkers bre(e)d(er) kijken wordt het sociaal domein beter aan de huisartsenpraktijken verbonden en wordt er beter gestuurd op normaliseren en andersoortige oplossingen voor jeugd en hun ouders. Vanuit de proeftuin jeugd is de beweging ingezet om het gesprek met de huisartsen op wijkniveau in te vullen. Om die reden is bij de meeste huisartspraktijken iemand van het SWT betrokken. Dat is op locatie van de huisartsenpraktijk, zowel op afroep als op vaste momenten. Dit aanbod is primair gericht op de doelgroep jeugd (als alternatief of voorligger voor de Jeugd GGZ), 18+ en ouderen). Het SWT heeft periodiek bestuurlijk overleg met de huisartsen over de samenwerking en eventuele verbeteringen. 6.3.4

Scholen

Het SWT is d.m.v. ondersteuningsteams verbonden aan alle basisscholen, speciaal onderwijs scholen en het voortgezet onderwijs (VO), plus MBO (beperkt). Het SWT geeft hiermee uitvoering aan de ontwikkelagenda passend onderwijs en jeugdhulp. De ondersteuningsteams vormen een soort basisteam op school met professionals vanuit het onderwijs en een jeugd- en gezinswerker uit het sociaal wijkteam.

Voor het basisonderwijs heeft het SWT een wijkgerichte samenwerking voor het speciaal onderwijs en voor het voortgezet onderwijs een stedelijk team. De ondersteuningsteams hebben drie kerntaken: •

• •

Preventie en collectieve schoolondersteuning (SWT draagt bij aan het normaliseren en kan het vraagstuk van het kind vanuit verschillende contexten bekijken) en benutten van de sociale basis; (Lichte) eigen inzet SWT; Toegang door expertise vanuit gespecialiseerde (jeugdhulp) aanbieders in te schakelen.

Voor de taken die onder de leerplicht vallen vormen scholen een belangrijke samenwerkingspartner. Leerplicht en RMC werken preventief samen met de ondersteuningsteams op scholen. Onderwerpen waarop met scholen wordt samengewerkt en waarvoor de ondersteuningsteams op uitvoeringsniveaus de basis vormen zijn: • • • •

Preventie Jeugdhulp, maar ook breder Jeugd en veiligheid Vroegtijdig schoolverlaters

Formele afstemming met de scholen vindt als volgt plaats: •

•

Afstemmingsoverleggen kinderopvang (KO), praktijkonderwijs (PO) en voortgezet onderwijs samen met de afdeling MO en het SWT. Deze overleggen zijn gericht op doorontwikkeling ondersteuningsteams en voortgang leerplicht; Voor het VO jaarlijks per school een gesprek met het ondersteuningsteam (relatiemanagement);

37

•

6.3.5

Op wijkniveau d.m.v. het directeurenoverleg. Hier zijn de wijkteammanagers van het SWT bij betrokken.

Kinderopvang

De kinderopvang vormt een belangrijke samenwerkingspartner in combinatie met anders partners rondom het jonge kind. In iedere wijk is er een ‘Netwerk jonge kind’ met o.a. verloskunde, jeugdgezondheidszorg, kinderopvang, welzijn jonge kind en het SWT. Het SWT coördineert deze netwerken. Hiernaast zijn er ondersteuningsteams 0-4/jonge kind, deze zijn gekoppeld aan voorschoolse en vroegschoolse educatie (VVE) locaties en scholen. Er zijn nu 10 ondersteuningsteams actief op locaties waar integrale gezinsondersteuning het hardst nodig is. Deze samenwerking wordt voor de zomer geëvalueerd. De verwachting is dat deze zullen worden voortgezet. De kerntaken zijn hetzelfde als bij de ondersteuningsteams in het onderwijs.

6.3.6

Ziekenhuizen

Inwoners die uit het ziekenhuis worden ontslagen hebben soms extra ondersteuning nodig. Er is veel contact met de transferverpleegkundigen van Isala en met de wijkverpleging om een soepele overgang te waarborgen. Daarnaast vindt er nauwe afstemming plaats met de POP-poli (zwangerschap en psychische begeleiding) en kinderafdelingen wanneer er sprake is van kwetsbare zwangeren die integrale ondersteuning nodig hebben en/of kinderen die ondersteuning vanuit de jeugdwet nodig hebben. Vanuit de zorgverzekeraar vindt periodiek overleg plaats over de rol van zorginstellingen en de gemeente. Een van de onderwerpen is een gezamenlijke visie en goede aansluiting tussen de verschillende domeinen. 6.3.7

GGZ

De GGZ is voor het SWT vooral een samenwerkingspartner op casusniveau bij psychische problematiek. Vanuit de contractrelatie met de gemeente is er voor jeugd een structureel overleg met de Jeugd GGZ aanbieders.

38

7 Randvoorwaarden Voor een goede dienstverlening van het SWT gelden de volgende randvoorwaarden. Deze randvoorwaarden zijn beïnvloedbaar door het SWT, maar het SWT kan hier niet (alleen) over besluiten. Samenhangend beleid Het SWT heeft met veel individuele beleidsmedewerkers te maken. Er is behoefte aan iemand die de samenhang van alle losse onderdelen voor het SWT bewaakt en daarop stuurt. Dat geldt ook voor de ondersteuning die bij externe partijen is belegd. Het helpt als er een gemeenschappelijke visie is die door alle partijen gedragen wordt. Zo kan er gewerkt worden aan een effectief functionerend sociaal domein en dubbelingen of lacunes voorkomen. Stevige sociale basis Een van de doelstellingen van het SWT is de beweging te ondersteunen om meer in de sociale basis op te lossen. Hiervoor is het belangrijk dat heldere afspraken gemaakt worden over wat de sociale basis biedt en dat daar ook op gestuurd wordt. Om meer op te lossen in de sociale basis moet de sociale basis daar wel toe in staat zijn. Dan kan het SWT inwoners stimuleren daar (eerst) gebruik van te maken. Welzijn organisaties zijn de belangrijkste partners in de sociale basis. Er moet een goede taakverdeling met Welzijn worden afgesproken, in het bijzonder rondom de beweging van meer oplossen in de sociale basis.

Gemeenschappelijk mensbeeld Inwoners worden door de verschillende uitvoeringsonderdelen van de gemeente soms verschillend benaderd, ook binnen het sociaal domein. Het SWT benadert de inwoner vanuit vertrouwen en gaat uit van het goede in de mens. Bij misbruik wordt getracht dit achteraf te corrigeren. Met deze benadering blijft de drempel naar ondersteuning laag en kan snel worden gehandeld waardoor problemen niet onnodig verergeren en zwaardere hulp kan worden voorkomen. Omwille van de effectiviteit is het wenselijk dat alle uitvoeringsonderdelen de ruimte zoeken om zo veel mogelijk vanuit dezelfde principes te werken (zie ook paragraaf 4.1). Afspraken met zorgaanbieders De aangescherpte opdracht van het SWT vraagt ook om een aanscherping of herijking van afspraken met gecontracteerde zorgaanbieders. Het is belangrijk dat aanbieders de leidende principes uit hoofdstuk 4 onderschrijven en ook in praktijk brengen. Nu kijken zorgaanbieders veelal vanuit hun eigen specialisme daar waar nu meer een integrale blik gewenst is. Ook zal meer gekeken worden of aanbieders kunnen afschalen. In de proeftuin samenspel in de wijk zijn daar met een aantal aanbieders al stappen in gezet. Dit bevalt aan beide kanten goed (SWT en aanbieder) en de

39

verwachting is dan ook dat dit uitgebreid moet worden naar alle aanbieders. Niet alleen op operationeel en tactisch niveau, maar ook bestuurlijk. Afspraken met scholen Bij het SWT komen nu ook taken terecht die beter door de scholen opgepakt kunnen worden. Hierbij gaat het vooral om het informeren van jongeren. Om te zorgen dat het SWT zich op zijn kerntaken kan richten, zullen afspraken met scholen gemaakt moeten worden over wie wat doet. Mandaat van andere partijen In gevallen waarbij meerdere partijen betrokken zijn, vervult het SWT een regierol. Betrokken partijen moeten het SWT wel erkennen in deze rol. Met sommige partijen is dat geregeld in de verordeningen van de vier wetten.

Informatie-uitwisseling en privacy Samenwerking met andere partijen vereist ook een goede onderlinge informatie-uitwisseling. Dit kan in sommige gevallen lastig zijn vanwege onduidelijkheden rondom privacy. Niet alle systemen ondersteunen integrale informatie-uitwisseling, daar moet in geïnvesteerd worden. Integrale sturing De ondersteuning vanuit het SWT is integraal, hiervoor is het wenselijk dat de aansturing vanuit de portefeuillehouders ook zo veel mogelijk integraal geschiedt. Om dit te waarborgen vindt er naast het reguliere portefeuilleoverleg, 2 x integraal overleg met alle portefeuillehouders plaats. Het SWT verantwoordt zich ook integraal richting portefeuillehouders waarbij afspraken over specifieke portefeuilles herkenbaar terug te vinden zijn.

Voor de overige partijen moet dit ook geformaliseerd worden (bijvoorbeeld in een samenwerkingsovereenkomst of convenant).

40

8 Externe communicatie Een goede informatievoorziening is belangrijk voor iedere dienstverlenende organisatie. De communicatie is onderverdeeld in website, publicaties en overige communicatiemiddelen.

8.1 Website Het SWT draagt zorg voor een goede website waar ten minste de volgende informatie te vinden is: • • • •

Diensten van het SWT Diensten in de sociale basis Informatie ter bevordering van zelfredzaamheid Voorwaarden voor hulp

De website is ook geschikt voor anderstaligen en mensen met een visuele beperking.

Daarnaast biedt de website inwoners de mogelijkheid om digitaal vragen aan het SWT te stellen over bepaalde thema’s. Het SWT monitort welke thema’s actueel zijn om daarmee goed te anticiperen op maatschappelijke ontwikkelingen en beleid te voeden.

8.2 Publicaties Inwoners moeten weten dat ze voor vragen op het vlak van zorg en ondersteuning bij het SWT terecht kunnen. Dat is meer dan alleen een website, maar vraagt ook een actieve communicatie naar buiten. Bijvoorbeeld door iets te publiceren in bestaande media over actuele thema’s.

8.3 Overige communicatiemiddelen Naast digitale media maakt het SWT ook gebruik van fysieke communicatiemiddelen om de bekendheid van het SWT te vergroten. Te denken valt aan posters en flyers op plekken om specifieke doelgroepen te bereiken.

41

9 Monitoring en sturing Bereikbaarheid

9.1 Vaste KPI’s Het SWT monitort zijn eigen dienstverlening zoals in deze opdrachtformulering beschreven aan de hand van de volgende vaste KPI’s. Omdat systemen en werkwijzen hierop ingericht moeten worden, wijzigen deze jaarlijks zo min mogelijk. Voor het gelden de volgende KPI’s. De KPI’s zijn niet gekwantificeerd omdat normen ontbreken. Daarom zal na vaststelling van dit document gestart worden met een nulmeting op basis waarvan streefwaarden bepaald kunnen worden. Ook zal mogelijk nog iets gedaan moeten worden aan de registratie van brondata of het inrichten van periodieke metingen. KP Bekendheid en vindbaarheid

T Het wil goed gevonden worden door inwoners met een ondersteuningsvraag. Voor de veel inwoners geldt dat zij via een vindplek huisarts school etc.. bij het komen. Voor deze groep is de bekendheid bij de vindplekken belangrijk. Dit wordt kwalita ef gemeten door o.a. te vragen naar bekendheid van het en bekendheid van de diensten van het . De overige inwoners vinden het zelf of via hun eigen netwerk. Het streeft naar een goede bekendheid en vindbaarheid. Ook dit wordt periodiek gemeten middels peilingen onder inwoners.

achttijd intake achttijd ondersteuning

Doorloop jd

Onder bereikbaarheid wordt verstaan de mate waarin het bereikbaar is via verschillende communica ekanalen. Per kanaal wordt daar het volgende onder verstaan: • Fysiek: de jd dat iemand moet wachten totdat hij een medewerker te spreken krijgt die de vraag beantwoordt of registreert. • elefonisch: de jd dat iemand in de wacht staat voordat hij een medewerker te spreken krijgt die de vraag beantwoordt of registreert. • e-mail: de jd tussen het ontvangen van een email en het versturen van een reac e. Hiermee wordt niet een geautoma seerde ontvangstbeves ging bedoeld. • Chat: de jd tussen het stellen van de vraag en het ontvangen van een antwoord. De chat dient voor het stellen van eenvoudige vragen voor andere vragen neemt een medewerker contact op. De jd tussen het ontvangen van de ondersteuningsvraag en het eerste gesprek De jd tussen het intakegesprek en de daadwerkelijke start van de ondersteuning door het . In geval van een verwijzing is deze laatste het moment van doorverwijzen. De totale jd dat een inwoner ondersteuning van het ontvangt. Dit wordt gemeten per

42

Cliëntervaringen

Klachten

Effec viteit

ondersteuningsvraag als de jd van het eerste ondersteuningsgesprek tot slui ng van het dossier. NB. Om dit te meten zijn wel aanpassingen in de IC systemen vereist Het meet de ervaringen van cliënten met de dienstverlening van het . Deze verschilt per dienst. • Voor de ondersteuning die het zelf levert geldt dat de cliëntervaringen op vergelijkbare wijze als bij gecontracteerde mo of Jeugd aanbieders wordt gemeten. • Daar waar het de toegang tot maatwerkondersteuning regelt wordt specifiek daarvan de cliëntervaringen gemeten. Het rapporteert jaarlijks het aantal ontvangen klachten en het aantal dat daarvan ontvankelijk verklaard is en het aantal dat is opgelost. De belangrijkste doelstelling van het is de beweging van zwaar naar lichte ondersteuning te maken. Hoewel het daar niet volledig invloed op heeft zal het wel aangeven in hoeverre deze beweging gemaakt wordt en de bijdrage van het daarin. Hiervoor zal het de volgende indicatoren gebruiken: • Aantal inwoners met verblijf • Aantal inwoners met ambulante ondersteuning • Aantal inwoners dat ondersteuning krijgt van het zelf • Aantal inwoners dat voorliggend geholpen is • Aantal inwoners dat het probleem zelf oplost Dit zal nog verder doorontwikkeld worden. Mogelijk dat de werkwijze van de proeftuin jeugd om aanvullende indicatoren vraagt.

Efficiën e

Proceskwaliteit

NB. Effec viteit van de dienstverlening wordt kwalita ef op cliëntniveau gemeten met het cliëntervaringsonderzoek. Het stuurt op een zo efficiënt mogelijke dienstverlening. Meten van de efficiën e is nu nog las g maar zal ontwikkeld worden. Gedacht wordt aan caseload cijfers bijvoorbeeld per wet of onderdelen daarvan. Hier zullen richtgetallen voor ontwikkeld worden en een systema ek om dit goed te meten. Het heeft een eigen kwaliteitssysteem dat borgt dat er volgens de interne procedures en normen gewerkt wordt. Onderdeel van het kwaliteitssysteem zijn periodieke controles om de compliance te meten. Op dit moment is er nog geen kwaliteitssysteem waardoor het las g is om specifieke kwaliteitsindicatoren te noemen. In ieder geval worden de volgende kwaliteitsindicatoren opgenomen: • Percentage dossiers dat een ondersteuningsplan heeft • Percentage afgesloten dossiers waarvoor een evalua e heeft plaatsgevonden

9.2 Jaarplannen Het SWT stelt jaarlijks een jaarplan op en legt op basis daarvan verantwoording af. In het jaarplan staan de SMART-doelen die het SWT wil bereiken en periodiek wordt de voortgang op deze doelen gemonitord. Om de administratieve last zo klein mogelijk te houden wordt zo veel mogelijk gebruik gemaakt van de vaste KPI’s en gegevens die reeds in het primair proces worden bijgehouden.

43

Bijlage 1 – Bronnen Geraadpleegde bronnen • • • • • • • • •

Aangescherpte visie en doelen sociaal wijkteam. SWT (augustus 2022) Evaluatie Sociale Wijkteam Zwolle, Eindrapportage. AEF (september 2021) Hervormingsagenda sociaal domein. Gemeente Zwolle (oktober 2019) Sociale (wijk)teams: vijf jaar later, vierde landelijke peiling onder gemeenten. Movisie (zomer 2019) Wijkteams in opbouw: een bodemonderzoek. Buurman, J. (2022) Onderzoek leerplicht/RMC, Eindrapport. Lenselink, R. (juli 2022) Innovatielab – herontwerp uitvoering participatie. SWT (maart 2023) Toegevoegde waarde en effectiviteit van wijkteams. Zwaan (maart 2022) Tien aandachtsgebieden voor functioneren sociale wijkteams. Integraal werken in de wijk (2020)

• • • •

• • •

Opdrachtomschrijving Proeftuin Samenspel in de wijk. Ganzeboom, M. (april 2022) Plan van Aanpak – Proeftuin samenspel in de wijk. Volaart, M. (juni 2022) cenario’s fysiek domein – Gemeente Zwolle. Collegamento (jan 2023) Sociale Wijkteams Zwolle. Toezicht naar de vakbekwaamheid en cliëntgerichtheid bij probleemanalyse en het (gezins)plan. Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (april 2023) De (administratieve) Basis op Orde. SWT (juni 2023) Het verhaal van het inwonersperspectief bij de doorontwikkeling van het sociaal wijkteam. SWT (juni 2023) Lab SWT/Statushouders (tussenresultaten). SWT (juni 2023)

44

Bijlage 2 – Afkortingen en begrippen In deze bijlage zijn enkele begrippen opgenomen die niet bij iedereen bekend zijn. AVE

Aanpak Voorkoming Escalatie bij huishoudens met oplopende problematiek

MDO

Multidisciplinair overleg

Pas toe en leg uit

Dit is een aanpak waarbij aan medewerkers de keus wordt gelaten: zij mogen zelf bepalen of zij zich aan bepaalde kaders houden, maar als zij besluiten dat niet te doen moeten zij wel uitleggen waarom niet.

POH

Praktijkondersteuner Huisarts

RMC

Regionale Meld- en Coördinatiefunctie (RMC). Tegenwoordig doorstroompunt genaamd.

Sociale Basis

Sociale basis is het geheel aan informele en formele diensten, voorzieningen en relaties in de leefomgeving van mensen die eraan bijdragen dat mensen tot hun recht komen en kunnen floreren.

WAMS

Wet aanpak meervoudige problematiek sociaal domein

WSP

Wijk Service Punt

Doorstroompunt Nieuwe naam voor het RMC. Erbij halen

Dit is een alternatieve term voor het toewijzen van maatwerk ondersteuning. Bij toewijzen wordt de ondersteuning overgedragen, bij het erbij halen werkt de aanbieder samen met het SWT, bij voorkeur in de wijk.

IO

Afkorting voor de afdeling Inkomensondersteuning

IPA

Afkorting voor het team dat zich bezighoudt met Statushouders

KPI

Kritieke Prestatie Indicator. Met kritieke prestatieindicatoren worden de prestaties van de organisatie gemeten. Ze maken de voortgang meetbaar en concreet.

MO

Afkorting voor de afdeling Maatschappelijke Ondersteuning

45

Bijlage 3 – Tabel afwegingscriteria Onderstaande tabel geeft globaal de criteria weer die het SWT gebruikt om te bepalen wanneer het SWT zelf ondersteuning levert of een beroep doet op anderen. Het beoogd niet volledig te zijn voor alle partijen maar geeft globaal weer wat voor de afbakening van het SWT relevant is en dient als visuele samenvatting van hetgeen tekstueel in hoofdstuk 3 is verwoord. Daar waar een cel is leeg gelaten, wil dat zeggen dat het betreffende aspect daar geen rol speelt in de afweging. Zo speelt de duur van de ondersteuning wel een rol bij de afweging of het SWT de ondersteuning levert of een specialist/aanbieder maar niet voor de sociale basis. De tabel geeft dus niet de verschuiving weer, maar op welke aspecten afwegingen plaatsvinden. Een strikt kader is niet mogelijk is. De opdrachtbeschrijving geeft richting voor de keuzes die professionals moeten maken. Het geeft SWT professionals de ruimte om te doen wat nodig is. Op basis van een specifieke situatie maakt de professional de afweging welke ondersteuning nodig is en door wie deze verzorgd moet worden (SWT en/of sociale basis/specialisten). Sociale Basis

SWT

Specialisten/aanbieders*

Algemeen

Verbinden/steunen Signaleren

Begeleiden

Zelfredzaamheid

Licht beperkt in zelfredzaamheid

Matig beperkt in zelfredzaamheid

Behandeling 24-uur ondersteuning Crisis Ernstig beperkt in zelfredzaamheid

Duur ondersteuning

-

Specialistische kennis

-

Algemeen: max 15 contacten per jaar Jeugd: geen afbakening Generiek

Algemeen: langdurig bij slecht ontwikkelpotentieel Jeugd: kort en intensief Specialistisch

Ontwikkelpotentieel

-

Goed

Slecht

Regie

SWT niet betrokken

Indien één aanbieder betrokken

Participatie

-

Financiële ondersteuning

Eenvoudige administratieve ondersteuning

Meerdere partijen betrokken. SWT ondersteunt of heeft toewijzing geregeld Maatschappelijke participatie (behalve statushouders) Geen

Maatwerkvoorzieningen

-

Toewijzen en betrekken

Uitvoeren

Voorzieningen sociale basis

Uitvoeren

Attenderen en betrekken

-

Preventie (secundair)

Waakvlam contact

Leun- en steun contact

-

Arbeidsparticipatie, Maatschappelijke participatie statushouders Alle overige financiële ondersteuning

- niet relevant voor afbakening taken SWT

46

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=eb7490ee-9909-48a6-ad58-8fd5f9f8cde3