CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Ruimtelijk Toekomstperspectief

Raad Besluitvormingsronde 7 juli 2025, gemeente ZwolleBij agendapunt: Voorkeursrechtbeschikking gebied ten zuiden van Zwolle Zuid27.908 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Kaartbeeld Wonen

Gebiedsproces Stadsbroek

Gebiedsontwikkeling Vechtrand (Ceintuurbaanzone, Vechtpoort 1, Stadspark Vechtrand en Vechtpoort 2)

Gebiedsontwikkeling Zwolle Zuid Legenda

44

Let op: de kaart is indicatief. Er kunnen geen rechten aan worden ontleend. Nadere uitwerking volgt.

4.4 Economie 4.4.1. Visie en ambities Zwolle kent een breed en divers economisch profiel en wil de economie en het transitievermogen van de stad en de regio versterken. Dit is noodzakelijk voor een duurzame en circulaire toekomst. Zwolle bouwt aan een duurzaam en inclusief verdienvermogen voor ondernemers voor stad en regio. Op circulaire en duurzame wijze, met een duidelijke focus op de samenleving van de toekomst. Om dit te bereiken heeft Zwolle een aantal ambities, dat de kern vormt van de inzet van de stad op economisch vlak: • De economie van Zwolle heeft een positieve impact op de brede welvaart. Economische groei is niet het doel op zich, maar een middel om de brede welvaart van de inwoners van Zwolle te behouden en te versterken. We werken daarom aan een duurzame, circulaire en inclusieve economie, die toekomstgericht en -bestendig is. • Zwolle beschikt over een sterke en aantrekkelijke stedelijke economie. We ambiëren een stedelijke economie waarin mensen, bedrijven en kennisinstellingen samenwerken in een krachtig netwerk voor innovatie en kennisontwikkeling. Daarom werken we aan het aantrekken en behouden van talent, door een dynamische en aantrekkelijke leefomgeving te realiseren. Een leefomgeving met een bruisend aanbod van culturele en toeristische voorzieningen die meegroeit met de groei van de stad.

• Krachtige sectoren in Zwolle worden optimaal bediend én benut. De toekomst zal er anders uitzien en Zwolle verandert mee. Om dat te realiseren, blijven we inzetten op onze sterke sectoren: de slimme maakindustrie, ICT en e-commerce, de creatieve en de health sector. Ook benutten we de kennis en kunde van deze sectoren om de economische ambities en transities waar we voor staan te realiseren. • Zwolle gaat efficiënt om met schaarste. We kiezen ervoor de circulaire economie fysiek een plek te geven, waarbij gestuurd wordt op intensief ruimtegebruik, circulaire productieprocessen en reductie van energie- en waterverbruik. Daarnaast werken we aan een oplossing voor de structurele krapte op de arbeidsmarkt, door human capital beleid te combineren. We trekken nieuw talent aan en benutten het talent in onze gemeente optimaal.

•

Zwolle richt zich specifiek op kenniswerkers en pioniers. Zwolle wil zich extra inspannen om meer kenniswerkers en pioniers aan de stad te binden. Om voor deze doelgroepen een aantrekkelijke stad te zijn, besteden we extra aandacht aan het richten van wonen en werken voor de doelgroepen die we willen aantrekken, met bijbehorende vrijetijds- en culturele voorzieningen. Het vasthouden van en aantrekken van nieuw talent is noodzakelijk om mee te kunnen in de maatschappelijke transities en onze stedelijke voorzieningen divers en betaalbaar te houden.

Deze visie en ambities vragen om meer ruimte, maar ook om beter omgaan met de bestaande ruimte voor economie. 4.4.2. Economie vraagt ruimte De verandering van de economie vraagt om ruimte, ook na 2030. Deze ruimtevraag komt boven op de huidige ruimtevraag die ontstaat door de groei van de economie. Het gaat hierbij om ruimte voor bedrijven die zich willen vestigen op bedrijventerreinen, evenals ruimte voor bedrijven en organisaties die opereren in een kantooromgeving. Naast het ontwikkelen van nieuwe locaties is het noodzakelijk om onze bestaande werklocaties in omvang te behouden en tegelijkertijd beter te benutten: • Als gevolg van de verschillende gebiedsontwikkelingen is de verwachting dat kantoorruimte aan de voorraad zal worden onttrokken. Dit vraagt om nieuwe kwalitatieve kantoorruimtes op strategische locaties zoals de Spoor- en Singelzone. Deze locaties moeten aansluiten bij de veranderende eisen van moderne werkmilieus, zoals flexibiliteit, duurzaamheid en een goede bereikbaarheid met openbaar vervoer en fiets. Ook moeten we een kwalitatieve mismatch tussen vraag en aanbod zien te voorkomen, de bestaande voorraad verduurzamen en diversiteit en betaalbaarheid van het kantorenaanbod waarborgen. We zijn terughoudend in het omzetten van kantoren naar andere functies, zoals wonen.

We zetten in op renovatie en herontwikkeling van kantoren om vraag en aanbod in balans te houden. Functieverandering is maatwerk per locatie en wordt mede ingegeven door de specifieke integrale gebiedsontwikkeling. • Het uitbreiden van bedrijventerreinen vraagt veel ruimte. Daarom 45

•

•

gaan we ook inzetten op het beter benutten van bestaande bedrijventerreinen(intensiveren). Een betere benutting betekent een effectiever gebruik van de ruimte, bijvoorbeeld door hoger te bouwen en functies te stapelen. Dit kan ook betekenen dat we bedrijven met een grote ruimteclaim en relatief weinig arbeidsplaatsen op bestaande bedrijventerreinen in de stad een plek willen bieden op bijvoorbeeld Hessenpoort. Beter benutten van werklocaties gaat ook over het goed benutten van bijvoorbeeld de milieuruimte en de watergebonden kavels. In de toekomst gaan we meer sturen op ‘het juiste bedrijf op de juiste plek’. Door de ligging in het snelwegnetwerk is Zwolle aantrekkelijk voor logistieke bedrijvigheid en industrie. Tegelijkertijd vraagt een groeiende en veranderende stad ruimte voor nieuwe woningen én banen, zowel voor praktijk- als theoretisch geschoolden. Eén van de basiswaarden van de stad is nabijheid: ook van werk en voorzieningen. Daarom zijn we terughoudend met het transformeren van bedrijfsbestemmingen naar andere functies. Bedrijvigheid in de stad is namelijk belangrijk voor een compacte stad waar werk en woning niet ver van elkaar verwijderd zijn.

In de ontwikkeling van de bestaande bedrijventerreinen zien we wel ruimte en kansen voor optimalisatie door intensivering van bedrijvigheid met een hoog aantal banen en het eventueel uitplaatsen van bedrijvigheid waar relatief weinig mensen werken. Door de gunstige positie in het landelijk netwerk van spoor- en snelwegen is Zwolle een aantrekkelijke vestigingsplaats voor bedrijven en werknemers. Door de goede verbindingen is het relatief eenvoudig om in Zwolle te wonen en elders te werken of andersom. Dit willen we behouden en versterken. Daarom zetten we in op verdere versterking van de ZwolleTwente-Munster-corridor. Ook een station in Zwolle-Zuid draagt hieraan bij. We verkleinen hierdoor de relatieve afstand tot nabijgelegen economische agglomeraties in het oosten van het land, waar clusters van hightech en innovatieve bedrijven ons kunnen helpen bij de transitieopgaven van onze economie.

4.4.3. Ruimtelijke uitwerking Er wordt ingezet op een duidelijke profilering van bedrijventerreinen. Door nu zelf te bepalen welke sector(en) bij welk bedrijventerrein past, 46

creëren we gunstige vestigingsvoorwaarden voor bedrijven binnen deze sectoren. Dit vergroot de kans dat deze bedrijven voor Zwolle kiezen als vestigingslocatie. Zo binden we ondernemingen die goed aansluiten bij de beschikbare terreinen en het bijbehorende bereikbaarheidsprofiel, wat zowel de stad als de bedrijven ten goede komt. •

Wijk- en winkelcentra: in woonwijken. Goed bereikbaar voor langzaam verkeer door veilige dekkend fietsnetwerk en aantrekkelijke openbare ruimte voor actieve mobiliteit. • Locaties: Alle wijkcentra en dorpscentra.

•

Dynamisch centrum: in het hart van de stad. Stadsfuncties, regionale voorzieningen-functie, overwegend commerciële functie, alsmede cultuur en horeca. Langzaam verkeer is dominant, centrum goed bereikbaar via openbaar vervoer (regio) en fiets (omliggende wijken). Autoverkeer wordt zoveel mogelijk ontmoedigd, het hub-systeem rondom het centrum is hier een belangrijk onderdeel van. • Locaties: centrumgebied

•

Kennisclusters: dynamische locaties, talentontwikkeling, mengbaar met stadse voorzieningen (zoals ziekenhuis of HBO • Locaties: Spoorzone, Ceintuurbaanzone

•

MKB: aan de randen van de stad, goed bereikbaar met fietsroutes, HOV, mobiliteitshubs en auto. • Locaties: Marslanden, Berkum/ Vrolijkheid (OVB)

•

Logistiek en zwaardere industrie: In principe buiten de stad, tenzij binnenstedelijke locatie unieke kwaliteiten heeft (zoals: havengerelateerde industrie). Kenmerken: hogere milieucategorie, verbonden met regio, goed bereikbaar via weg, spoor en/of water • Locaties binnen de stad (watergerelateerde kavels): Voorst • Locaties buiten de stad: Hessenpoort.

•

Horeca, Retail en Leisurefuncties: Zoals eerder aangegeven is er al voldoende aanbod van detailhandel en horeca, passend bij de verwachte groei van Zwolle. Extra toevoegingen zijn daarom niet nodig. • Daarnaast geldt voor detailhandel dat uitbreiding van winkels in principe niet mogelijk en gewenst is. Alleen bij

•

grootschalige nieuwe ontwikkelingen is het denkbaar dat er ruimte ontstaat voor het programmeren van nieuwe winkels. De bestaande winkelstructuur staat onder druk en willen we niet verder verzwakken met individuele toevoegingen. Voor horeca geldt dat de programmatische ruimte al is verdeeld over de stad en de markt verzadigd is. In de huidige programmering is al rekening gehouden met de verwachte groei van de stad. We willen alleen nog selectief toevoegen wanneer het een overduidelijke meerwaarde heeft voor de stad.

Uit onderzoek blijkt dat er vraag is naar ruimte voor Leisure. Zwolle heeft nog geen ruimte bestemd voor de circa 30.000m2 nieuwe leisurefuncties. Uit onderzoek blijkt dat het gaat om extra marktruimte voor outdoor, cultuur/erfgoed, entertainment, afhankelijk van de groei van de stad met woningen. Er is extra marktruimte nodig als sprake is van grootschalige leisurefuncties, zoals de evenementenhal, verplaatsing Dinoland en Hedon. We nemen de vraag naar leisure mee bij de uitwerking van nieuwe gebiedsontwikkelingen. Ook starten we een verkenning waar in Zwolle ruimte is voor dergelijke functies (stad en buitengebied). 4.4.4. Specifieke werklocaties Ceintuurbaanzone – Gezondheidscampus (inclusief Vrolijkheid/Berkum - Future Makersdistrict) De Ceintuurbaanzone (Ceintuurbaan, Oosterenk, Vrolijkheid) ontwikkelt zich tot een toonbeeld van een gezonde stadswijk, waarin het economische gezondheidsprofiel (sport), onderwijs, kantoren en wonen samenkomen. Met het Isala ziekenhuis als centraal ankerpunt ontstaat een gebied dat gezondheid en innovatie stimuleert, gemengd met een mix van stedelijke en groenstedelijke woontypologieën. Vrolijkheid ontwikkelt zich tot een Makerspace: een broedplaats voor innovatie, talentontwikkeling (MBO) met een focus op de maakindustrie en techniek. Dit bouwt voort op de dynamiek van de Makersfabriek, ook gelegen aan de Ceintuurbaan.

Een Makerspace combineert praktische ervaring met moderne technologie en biedt een omgeving waarin innovatie, ondernemerschap en onderwijs samen komen en waar jongeren worden opgeleid tot technisch talent van de toekomst.

Bedrijventerreincluster OVB (Berkum) is in de toekomst een levendig en modern bedrijventerrein met een mix van bedrijven en maatschappelijke functies. Het gebied wordt sterk met elkaar én met de woonwijken die er direct omheen liggen verbonden. Hierdoor ontstaat een open uitstraling met reuring. De maatschappelijke functies, zoals het MBO Landstede en de sportfuncties, sluiten hier goed op aan. Marslanden Marslanden ontwikkelt zicht tot een groen, divers en intensief bedrijventerrein voor Toekomstbestendig MKB, met focus op de maakindustrie (geen kantooromgeving). Ondanks de grootte van het terrein ligt de nadruk op kleinschalige(re) bedrijvigheid. De groenstructuur is van grote waarde voor het terrein en geeft het terrein een natuurlijk karakter. Marslanden is het belangrijkste bedrijventerrein voor MKB-bedrijven in de stad. Met de groei van Zwolle zal ook extra ruimte voor kleine en middelgrote bedrijvigheid in de stad moeten worden gecreëerd (50 ha). Efficiënter ruimtegebruik is de komende jaren een belangrijk thema op Marslanden (bijvoorbeeld door meerlaags bouwen). Ook is er de wens om grootschalige bedrijvigheid op Marslanden uit te plaatsen. Intensivering en uitplaatsen hebben een langdurig karakter.

In de tussentijd blijft een grote vraag bestaan naar kleinschalige kavels (bovenop wat Hessenpoort 3 kan bieden en wat door intensivering en uitplaatsing op termijn vrijgespeeld kan worden). Een uitbreiding van Marslanden kan, naast schuifruimte voor intensivering, dan ook voor een deel voorzien in de grote vraag naar kleinere kavels vanuit MKB-ondernemers en voor scale-ups). Om deze benodigde ruimte te bieden, werken we aan intensivering van het bestaande bedrijventerrein. Parallel verkennen we ook de mogelijkheden voor uitbreiding omdat de intensivering niet voldoende en/of tijdig ruimte oplevert en gezien de vraag naar kleinschalige kavels. Met inzet op beide sporen blijven we wendbaar en adaptief. Marslanden kan zo een sterke schakel vormen tussen de kleinere start-ups (voornamelijk uit de binnenstad) en de grootschalige bedrijvigheid en logistiek op Voorst en Hessenpoort. Herontwikkeling van Marslanden biedt ook ruimte voor nieuwe vestigers of voor groeiende bedrijven op Marslanden. Door te werken met kansenzones van omliggende 47

kavels en bedrijven kan een maatwerkplan worden opgesteld om naast de kavel zelf ook de directe omgeving te revitaliseren. Daarnaast moeten er in de komende jaren stappen worden gezet op het gebied van verduurzaming. Dit omvat zowel vergroening van het terrein (natuur en biodiversiteit) als van de energievoorziening van bedrijven (elektrificatie). Dit is niet alleen nodig voor duurzaamheidsdoelstellingen, maar ook om de komende jaren economisch concurrerend te blijven. Voorst – Watergebonden en circulair (arbeidsintensief) Voorst vormt een belangrijke schakel in de circulaire transitie van Zwolle en Regio Zwolle vanwege de aanwezigheid van watergebonden bedrijvigheid. Het terrein heeft kavels met veel milieuruimte en kademogelijkheden. Dit sluit aan bij grote partijen in de maakindustrie en de (multimodale) logistiek. Om de transitie naar een circulaire economie te kunnen maken zijn grootschalige kavels met ruime milieucontouren nodig. Voorst kan dit bieden waardoor het een belangrijke rol kan spelen in deze transitie. Zeker in combinatie met de watergebondenheid biedt dit kansen voor Zwolle.

Daarom wordt ingezet op het behoud van grote kavels en, waar mogelijk, het samenvoegen van kleinere kavels tot grotere eenheden Voorsterpoort – hoogwaardige werklocatie in een gemengd gebied Voorsterpoort maakt ruimtelijke onderdeel uit van Voorst maar kenmerkt zicht door een andere invulling. Kleinschaligere bedrijven en bedrijven met een lagere milieucategorie zorgen voor een overgangszone aan de randen van het bedrijventerrein Voorst. Dit zijn de gebieden waar hoge milieucategorieën niet zijn toegestaan en waar geen watergebonden kavels zijn. De kansen voor circulariteit zijn hierdoor minder groot in deze gebieden. Wel bieden deze zones kansen voor MKB-bedrijven die in de keten van de grote bedrijven zitten. In deze overgangszones is efficiënt en meervoudig ruimtegebruik belangrijk. Deze gebieden vormen daarmee een natuurlijke overgang van het extensieve en grootschalige kerngebied aan het water naar de intensief bebouwde woonwijken rondom Voorst en Voorsterpoort. Vooral in de strook aan de A28 sluit meerlaags bouwen aan bij de huidige hoogbouw van kantoren in Voorsterpoort. Als kantoorlocatie heeft het gebied een kwaliteitsimpuls nodig. De nog beschikbare ruimte kan worden ingezet om die impuls ruimtelijk te faciliteren. Een mogelijke mix van 48

functies kan Voorsterpoort versterken tot een aantrekkelijke, hoogwaardige werk- en verblijfslocatie. Hessenpoort – Grootschalig, slim en duurzaam functionele bedrijfsomgeving met grootschalige industrie en handel met een bovenregionale functie industrie en handel met een bovenregionale functie. Hessenpoort kenmerkt zich door hoge kwaliteit duurzame bedrijvigheid met grote ruimtevraag. Hier is ruimte om te experimenteren binnen de transities en in te zetten op circulariteit en op de energietransitie. Bijvoorbeeld smart factories en geavanceerde productie, grootschalige producenten van geautomatiseerde machines voor duurzame productie, duurzame logistieke en mobiliteitsbedrijven, circulaire bouw en industrie, en fabrikanten van plantbased voedsel. Op Hessenpoort 3 en 4 maken we ruimte voor bedrijven die nodig zijn voor de verduurzaming van onze economie. Bestaande en nieuwe bedrijven werken aan uitdagingen op het gebied van stroomvoorziening en duurzame materiaalstromen. Door slim combinaties van bedrijven te maken transformeert Hessenpoort als geheel richting een werklandschap van de toekomst. Op dit moment onderzoeken we de uitbreiding van Hessenpoort met maximaal 50 hectare (netto) in drie windrichtingen: west, noord en oost. We kijken daarbij onder andere naar de impact op stikstof, landbouw en weidevogels. We werken toe naar een voorkeursrichting.

Die keuze is waarschijnlijk ook bepalend voor een mogelijk daaropvolgende uitbreiding om invulling te geven aan de (regionale) behoefte voor grootschalige bedrijvigheid. We trekken hierin samen op met onze buurgemeenten. Bij de verdere ontwikkeling van Hessenpoort zoeken we ruimtelijke samenhang met de mogelijke komst van een railterminal. We betrekken bij de planvorming voor de uitbreiding van Hessenpoort de opgestelde ‘Gebiedsvisie Zwartewaterland-Staphorst-DalfsenZwolle’. Een uitgangspunt daarin is het ‘ordenen door middel van clusteren’. Dat wil zeggen dat nieuwe functies aansluiten bij bestaande vergelijkbare functies. Innovatiedistrict Spoorzone Zwolle Zwolle werkt hard aan het vernieuwen van de Spoorzone met daarin het innovatiedistrict als vliegwiel voor het

vergroten van de regionale innovatiekracht. De ambitie is om rondom het station een innovatief vestigingsmilieu voor bedrijven, kantoren en creatieve ondernemers te realiseren. We zien een grote potentie om een hoogstedelijk gemengd kantorenmilieu te realiseren met woningen, onderwijsinstellingen en voorzieningen in de nabijheid van de binnenstad boven op een internationaal ov-knooppunt. Nieuwe culturele voorzieningen, creatieve vakopleidingen en de aanwezigheid van de Universiteit Twente versterken de aantrekkingskracht van de al aanwezige kantoren en bedrijven. Het Innovatiedistrict Zwolle (IDZ) is voor de stad en de Regio Zwolle een belangrijke omgeving om ambities rond maakindustrie, creatieve industrie, ICT, E-Commerce, klimaatadaptatie en smart sustainable living te realiseren. Hier liggen grote kansen om het regionale innovatie-ecosysteem te versterken. De Makersfabriek (voormalig Philipsterrein) Zwolle heeft ambitieuze plannen om innovatie en ondernemerschap te bevorderen, zodat de stad kan inspelen op economische veranderingen en maatschappelijke verschuivingen. Het voormalige Philipsterrein aan de Ceintuurbaan speelt hierbij een cruciale rol. In de toekomst zullen bedrijven, startende ondernemers en onderwijsinstellingen op deze innovatieve werklocatie nauw samenwerken aan nieuwe technische toepassingen en product-marktcombinaties.

Dit terrein wordt omgevormd tot een innovatieve werkplek waar toegepaste kennis op het gebied van techniek en (circulaire) systemen en materialen centraal staat. Dit draagt bij aan de toekomstige transities. Startende ondernemers, startups en kleine bedrijven krijgen hier ruimte. Ze profiteren van de nabijheid van nieuwe ideeën, onderzoek, onderwijs en gedeelde voorzieningen zoals machines, laboratoria en proeffabrieken. Betaalbare bedrijfs- en kantoorruimte zijn essentieel voor de positie van het voormalige Philipsterrein in het Zwolse innovatie-ecosysteem. De voordelen van de nabijheid van onderzoek, onderwijs en talent kunnen zelfs aan de overkant van de Ceintuurbaan een positief effect hebben op het vestigingsklimaat van nabijgelegen terreinen, zoals de Vrolijkheid.

49

Kaartbeeld economie

Hessenpoort

Vrolijkheid Ceintuurbaanzone

Voorst Voorsterpoort

Spoorzone

Marslanden

Wijkeconomie

Legenda

50

Let op: de kaart is indicatief. Er kunnen geen rechten aan worden ontleend. Nadere uitwerking volgt.

4.5 Mobiliteit Zwolle als scharnierpunt voor auto, logistiek en spoor Door de strategische ligging in Nederland is Zwolle een belangrijk scharnierpunt. De stad ligt op het kruispunt van (internationale) waterwegen, spoorverbindingen en auto(snel) wegen. De ontwikkelingen in de afgelopen decennia hebben deze positie van Zwolle verder versterkt.

het huidige netwerk naar een Ring waarbij doorstroming van en betrouwbaarheid voor het autoverkeer belangrijk is. Dit is een grote opgave met forse investeringen. En temeer omdat de stad en de regio door de realisatie van extra woningen ook verder groeit. Dat betekent dat er op delen van de Ring capaciteitsuitbreiding of ongelijkvloerse kruisingen nodig zullen zijn om de bereikbaarheid en betrouwbaarheid te kunnen borgen.

Station Zwolle is het tweede spoorwegknooppunt van Nederland met spoorlijnen in acht richtingen. Met de opening van de Hanzelijn in 2012 werd niet alleen de verbinding tussen Zwolle en de Randstad verbeterd, maar ook bijgedragen aan een robuuster spoornetwerk. De ligging van Zwolle aan de rijkswegen A28, N35 en N- en A50, brengen weliswaar uitdagingen met zich mee op het gebied van bijvoorbeeld geluid en fijnstof, maar anderzijds biedt het de stad een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor zowel inwoners als bedrijven. Multimodale bereikbaarheid voor vervoerders en verladers is van groot belang. Door de ligging aan de IJssel, in combinatie met goede havenfaciliteiten is (de Regio) Zwolle ook goed ontsloten via water. Mobiliteit draagt hiermee bij aan onze economisch sterke positie en regionale aantrekkingskracht, met een goede bereikbaarheid voor inwoners, forensen, logistiek verkeer, studenten en scholieren. De knooppuntfunctie en goede multimodale bereikbaarheid willen we de komende jaren verder versterken. Cruciaal in het versterken van de knooppuntfunctie is het hoofdautonetwerk van Zwolle. Het hoofdnetwerk bestaat uit vier delen: IJsselallee, Oldeneelallee, Ceintuurbaan en Zwartewaterallee / Blaloweg. Drie van deze delen hebben ook een belangrijke scharnierfunctie in de ontsluiting van de regio.

Als het daar vaststaat hebben niet alleen de inwoners van Zwolle er last van, maar ook de bezoekers, forensen en het (vracht)verkeer uit de regio. Ook staat de bereikbaarheid voor hulpdiensten van het ziekenhuis dan onder druk. Omdat het hoofdautonetwerk van Zwolle direct verbonden is met de A28 ontstaan er bij calamiteiten direct opstoppingen op het hele wegennetwerk van Zwolle. Om de knooppuntfunctie en de bereikbaarheid van de regio goed te kunnen borgen is het essentieel dat het hoofdnetwerk van Zwolle een volwaardige Ring gaat worden, de Zwolse stadsring. Dat vraagt een opwaardering van

Afbeelding 8 Autonetwerk en Ringweg Zwolle

We zetten maximaal in op de mobiliteitstransitie De mobiliteitstransitie vraagt een fundamenteel andere benadering van mobiliteit, waarbij we inzetten op een verschuiving naar schonere vervoersmiddelen zoals lopen en fietsen. Deze transitie is ook faciliterend in het streven naar brede welvaart, waaronder de kwaliteit van onze leefomgeving, economische vitaliteit, sociale inclusiviteit, de energietransitie en de gezondheid van onze inwoners. In de huidige Omgevingsvisie en de Dynamische Mobiliteitsprogramma zijn hier al de eerste stappen in gezet. We richten ons op het volgende: • De Ring moet veel meer gaan fungeren als stadsring, voor afhandeling van het Zwolse en regionale autoverkeer én als drager van een lokaal en regionaal openbaar vervoersysteem en is daarmee een fundamentele bereikbaarheidsopgave. Door het verschuiven van het autoverkeer kunnen we de singel van Zwolle een opwaardering geven voor zowel voetgangers, fietsers en klimaat- en 51

•

groenambities. Het STO(M)P-principe leidend zijn bij alle ontwerpkeuzes voor infrastructuur en bij de inrichting van de buitenruimte. Dat doen we door eerst de mens centraal te zetten en keuzes te maken vanuit Stappen (voetgangers). Vervolgens kijken we naar Trappen (fietsers), dan het openbaar vervoer en tot slot de personenauto’s. Inprikkers vormen de verbinding vanaf de Ring richting de singel van Zwolle. Centrumhubs aan het einde van deze inprikkers, aan de rand van de singel, bieden parkeergelegenheid. Dit creëert de benodigde ruimte voor extra woningen en ruimtelijke kwaliteit.

De realisatie van een volwaardige Ring maakt het voor de stad Zwolle mogelijk om het gebied binnen de ring in te richten als verblijfsgebied, met meer ruimte voor groen, water en speelplekken. Dat doen we door parkeren zoveel mogelijk te clusteren in (stadsrands) hubs en de wegen binnen de ring vooral een functie te geven voor bestemmingsverkeer. Bij een volwaardige Ring zal sluipverkeer tot een minimum gereduceerd worden. Om de groei van de stad conform voorliggend Ruimtelijk Toekomstperspectief mogelijk te maken en tegelijk te zorgen dat we onze unieke positie qua knooppuntfunctie en goede bereikbaarheid versterken, hanteren we een mobiliteitsstrategie met zeven speerpunten: 1. De strategische positie van Zwolle verder versterken Zwolle ligt strategisch op het kruispunt van nationale hoofdnetwerken voor auto en spoor. Deze positie willen we verder versterken. Dit betekent op nationaal niveau dat we de oostwestrelatie van en naar Hengelo/ Twente/ Duitsland willen versterken, zowel over de weg (A35/N35) als over het spoor (Zwolle – Twente – Munster (Berlijn). Op regionaal niveau wordt Zwolle in alle richtingen met het spoor ontsloten. Die positie willen we verder uitbouwen door extra stations en meer (vaker) treinen van en naar Zwolle.

Wat betreft de N764 is de provincie Overijssel in samenwerking met onder andere de gemeenten Kampen en Zwolle een toekomstvisie aan het ontwikkelen waarbij leefbaarheid, veiligheid en doorstroming op en rondom N764 (meer) met elkaar in balans komen. De start van de eerste fase van deze toekomstvisie (de knelpuntenanalyse) moet nog voor de zomer starten. 52

2. Bouwen aan robuuste hoofdnetwerken voor voetganger, fiets en openbaar vervoer We willen in de stad robuuste hoofdnetwerken voor de voetganger, fietser en openbaar vervoer realiseren. Voor de voetganger betekent dit duidelijke, voldoende brede looproutes die goed toegankelijk zijn. Er wordt aan gewerkt om het hoofdnetwerk voor de voetganger vast te leggen. Voor de fietsers betekent dit dat conflicten met hoge intensiteiten en snel rijdend autoverkeer moeten worden voorkomen. Dit kan door meer in te zetten op ongelijkvloerse kruisingen met de ring. Verder moeten de fietsroutes verbreed worden als er capaciteitsproblemen ontstaan, en moeten er goede en voldoende fietsparkeermogelijkheden zijn. Voor het openbaar vervoer zetten we in op de realisatie van station Zwolle-Zuid. Dit station draagt bij aan de verdere ontwikkeling van het stadsdeel, en het zorgt voor een volwaardig alternatief voor de auto voor de nieuw toe te voegen woningen. Een station is daarin cruciaal om het mobiliteitsprofiel te veranderen. Verder kijken we naar mogelijkheden om op het regionale spoor, in combinatie met ontwikkelingen aldaar, extra stations toe te voegen. Vechtrand is één van de grootste ontwikkellocaties in Ons Zwolle van Overmorgen. Voor dit gebied zetten we in op een robuuste en sterke HOV-busstructuur vanaf het station via de Vechtrand naar de stadsrandhub bij Hessenpoort.

Dit kan in eerste instantie via de bestaande infrastructuur. We verkennen of in de toekomst een nieuwe busbaan vanaf station Zwolle langs het spoor naar de Ceintuurbaan een mogelijkheid is. 3. De ring als regionaal scharnierpunt versterken (robuust netwerk auto) Het hoofdnetwerk van IJsselallee, Oldeneelallee, Ceintuurbaan en Zwartewaterallee functioneert als regionaal scharnierpunt die zowel de regionale verbindingen aan elkaar knoopt als ook de Zwolse bestemmingen goed bereikbaar maakt. Voor het functioneren van de mobiliteit in de stad en de regio is het cruciaal dat het ‘scharnier’ blijft functioneren. Hiervoor is het nodig de capaciteit van de Ring op met name kruispuntniveau structureel te vergroten. Dit is onafhankelijk van mogelijke toekomstige uitbreiding van wegen aan de oostzijde van de stad. Die hebben beperkt effect op de hoeveelheid verkeer op de Ring. Dus de

Ring zal het regionale scharnierpunt blijven. Investeringen zijn nodig om deze functie robuust en toekomstbestendig te houden. We denken daarbij aan capaciteitsuitbreiding bij de Holtenbroekerbrug, kruispuntaanpassingen op de IJsselallee, fietstunnels bij de Oldeneelallee en de Zwartewaterallee en capaciteitsuitbreiding, wellicht deels ongelijkvloers, op de Ceintuurbaan. Bij de Ceintuurbaan ligt de grootste opgave in combinatie met de ruimtelijke ontwikkelingen aldaar (sleutelgebied Vechtrand) en het goed verbinden van beide zijden van de Ceintuurbaan zodat de oostkant volwaardig bij de stad betrokken wordt. 4. Bouwen aan de stad die we willen zijn! We bouwen niet alleen aan woningen, maar aan een stad met een hoge leefkwaliteit. Nabijheid is hierbij een sleutelbegrip. Door voorzieningen te concentreren in clusters op loop- en fietsafstand, op aantrekkelijke plekken in de wijk, houden we mobiliteit in de wijk vast en bevorderen we lopen en fietsen. Ook op stadsniveau kiezen we ervoor om nieuwe woonlocaties zoveel mogelijk binnen fietsafstand van het centrum te ontwikkelen. Mobiliteit moet een sturende factor zijn in de ruimtelijke ontwikkeling van Zwolle. Het toekomstperspectief, inclusief de ontwikkellocaties, is hier een voorbeeld van. Voor de nieuwe ontwikkelgebieden is het een uitwerkingsopgave hoe de exacte autoontsluiting eruit komt te zien.

De definitieve invulling hiervan is onderdeel van een nadere integrale ruimtelijke uitwerking. Bij deze uitwerking hanteren we aanvullend op de principes vanuit de mobiliteitstransitie, de volgende uitgangspunten: • Voor voetganger en fietser rechtstreekse routes naar de belangrijkste voorzieningen en de andere wijken van de stad. • Stedelijk ov-systeem wordt uitgebreid naar de nieuwe wijken en moet vanaf het begin van het bouwen van woningen bij de gebiedsontwikkeling beschikbaar zijn. Grootste keuzeverandering maken mensen als ze verhuizen. • Voor de auto zorgen we dat er naar de ring minimaal twee routes zijn naar iedere woning.

door meer ruimte te bieden voor water en groen, fietsers en voetgangers. Dit doen we door de meeste wegen binnen de Ring 30 km/u te maken en in te richten voor bestemmingsverkeer. Doorgaand verkeer kan via de Ring rijden. Verkeer dat een bestemming binnen de Ring heeft, willen we zo lang mogelijk op de Ring houden. Dat stimuleren we door bewegwijzering, slimme parkeerverwijssystemen en door wegen binnen de Ring, zoals bijvoorbeeld de Singel, opnieuw in te richten. Hiermee laten we zien dat de auto in dit gebied te gast is en dat de snelle route via de Ring is. 6. Samenwerken met partners We weten als Zwolle goed wat we willen en waarom. Maar we beseffen ook dat we alleen in een goede samenwerking met regionale partners, provincie en Rijk tot de gewenste ontwikkeling kunnen komen. En de positie van Zwolle als knooppunt maakt dat het belangrijk is om samen op te trekken met onze partners. Keuzes die hier gemaakt worden hebben effect op hen en vice versa. We hebben elkaar daarin hard nodig. 7. Monitoren van de ontwikkeling We realiseren ons dat de transitie naar de gewenste mobiliteitsontwikkeling een langdurig proces is, waarbij we stap voor stap vooruitgang boeken. Het moment om deze stappen te zetten of de snelheid waarmee ze gezet moeten worden kan afhankelijk zijn van daadwerkelijke ontwikkelingen.

Daarom zetten we in op een actieve monitoring, zodat we tijdig kunnen bijsturen en de juiste keuzes maken. Om het goederenvervoer te verduurzamen moeten we inzetten op de omslag van individuele bedrijfsoplossingen naar collectieve systemen op werklocaties en natuurlijk de mobiliteitshubs. Ook het internationale transport vraagt aandacht. Gezien de beperkte ruimte en de mogelijkheden binnen het netwerk, is een langjarige, geïntegreerde aanpak op verschillende schaalniveaus noodzakelijk.

5. Verblijfsgebied maken binnen de Ring De kwaliteit van de oude binnenstad, zoals we die nu kennen, is mede gevormd doordat we geleidelijk meer ruimte voor verblijfskwaliteit hebben gemaakt. Op vergelijkbare wijze willen we in het gebied binnen de Ring de ruimtelijke kwaliteit verder versterken, 53

Kaartbeeld mobiliteit

Legenda

54

Let op: de kaart is indicatief. Er kunnen geen rechten aan worden ontleend. Nadere uitwerking volgt.

4.6 Energie Om in 2050 klimaatneutraal te zijn, zetten we in op een toekomstbestendig energienetwerk. Met een robuuste energiemix, bestendige infrastructuur en slimme functiecombinaties. We maken gebruik van een variatie van energiebronnen. Voor warmte richten we ons op bodemenergie, zoals WKO’s, diepe- en ondiepe geothermie. Daarnaast verkennen we de mogelijkheden van aquathermie (oppervlaktewater en afvalwater). Bij nieuwbouw voor wonen of andere functies zetten we in op energieleverende gebouwen. Daarnaast zal grootschalige zonne- en windenergie voorzien in de elektriciteitsbehoefte. Om de energie-infrastructuur te versterken, breiden we onderstations uit, voegen we middenspanningsstations (MS-stations) toe en realiseren we nieuwe tracés. Dit vindt plaats in de stad, maar ook in het buitengebied en in Hessenpoort. Ook hier geldt ‘nieuw helpt bestaand,’ we zoeken naar slimme functiecombinaties door bijvoorbeeld zonnepanelen op dak toe te passen op (grootschalige) bedrijventerreinen. Ruimte in de ondergrond is cruciaal voor het robuust maken van het energienetwerk, vooral in de bestaande stad. Wijkversterkingslocaties fungeren daarbij als hefboom binnen de stad om de energie-infrastructuur toekomstbestendig in te passen. Hieronder worden specifieke ingrepen toegelicht. 1.

Toekomstbestendige (Zwolse) energie-infrastructuur Om aan de groeiende energievraag te voldoen en het netwerk toekomstbestendig te maken moet het bestaande netwerk van zowel Enexis (lokaal) als TenneT (regionaal en landelijk) verzwaard worden. Voor Zwolle zijn de volgende uitbreidingen gepland: • Aanleg van een nieuw ondergronds 110 kV-tracé ten zuidoosten van Zwolle vanuit Meppel via de Lichtmis naar de TenneTstations bij Hessenpoort en verder naar de zuidoostkant van Marslanden. • Aan de westzijde (lijn tussen IJsselmuiden en Stadshagen) van Zwolle zal TenneT mogelijk een nieuwe hoogspanningslocatie voor een 110 kV station nodig hebben met bijbehorende onderstations van Enexis en ondergrondse kabeltracés richting het bestaande station Frankhuis en Weteringkade. • Versterken van de energie-instrastructuur bij de Sekdoornplas • Onderzoek en opstart project verzwaren

• •

• • •

110kV-traject tussen Hessenweg en Frankhuis, al dan niet langs de bestaande route via Weteringkade, of via een nieuwe route noordelijk of zuidelijk om de stad heen. Realisatie van nieuwe MS-stations in zoekgebieden, waaronder het knooppunt A28-N35 en nabij de Lichtmis. Aansluiting van een waterstof-backbone prioritair in Hessenpoort (in combinatie met elektrolyse) en daarnaast ook verder onderzoek naar aantakking tot Voorst. (Regionale opgaven) nieuw 380kv tracé ten noorden van Zwolle. Voor de periode na 2040; Opslagfaciliteiten bij Hessenpoort en Voorst en kleinere opslagsystemen bij (drijvende) zonne- en windparken. Mogelijke ontwikkeling duurzame gasinstallaties.

2. Hessenpoort als energiehub Hessenpoort ontwikkelt zich als een belangrijk knooppunt binnen het Zwolse energienetwerk. Hessenpoort biedt zowel ruimte aan energieintensieve bedrijvigheid als ruimte voor opweklocaties en infrastructuur. Circulariteit is een belangrijk focus in de ontwikkeling van Hessenpoort. Belangrijkste ontwikkelingen en principes: • Er wordt ruimte geboden aan uitbreiding 380 kV en 220 kV stations en de bouw van een nieuw 110 kV station. Deze laatste is voor Zwolle Noord en omliggende gebieden in 3 buurgemeenten van belang. Ook het bestaande 110 kV station zal worden vervangen door een sterker nieuw station. • Er worden locaties ontwikkeld voor de productie van biogassen en waterstof (via elektrolyse) met aansluiting op de waterstofbackbone. • Er komen nieuwe windturbines (op bedrijventerrein Hessenpoort en Haerst). • Clustering van energie-intensieve bedrijvigheid die voorzien wordt door de nabijheid van energie-infra en opwek, maar ook profiteert van voorzieningen zoals truckloading en aan de TenneTstations gekoppelde grootschalige energieopslagsystemen in de directe nabijheid. 3. Warmtenetten voor bestaande wijken en nieuwe ontwikkelingen Zwolle investeert in warmtevoorzieningen die bijdragen aan duurzame wijken: • WKO-systemen worden ingezet bij nieuwe ontwikkellocaties. • Diepe en ondiepe geothermie als 55

• •

warmtebron voor Holtenbroek en de AA-landen. Het afvalwater uit de RWZI als warmtebron. Mogelijkheden voor aquathermie uit IJssel, Vecht, Willemsvaart, Nieuwe Vecht, Materiaalhaven en Kolenhaven worden onderzocht als aanvullende bron.

4. Slimme functiecombinaties voor duurzame opwekking • Slimme toepassing energieopwekopslag-gebruik op Hessenpoort, Voorst en (uitbreiding van) Marslanden. • Het benutten van wijkversterkingslocaties om ruimte voor energie infra te integreren in de wijken (win-win).

56

Kaartbeeld energie

Legenda

Let op: de kaart is indicatief. Er kunnen geen rechten aan worden ontleend. Nadere uitwerking volgt.

57

5.

Sleutelgebieden 5.1 Inleiding Binnen het Ruimtelijk Toekomstperspectief is een aantal gebieden cruciaal voor de ontwikkelrichting van de stad. Het zijn gebieden waar meerdere ruimtelijke opgaven samenkomen. Die noemen we in deze context ‘sleutelgebieden’ die we hieronder toelichten. Voor de locatiekeuze van de sleutelgebieden is een integrale afweging gemaakt, waarbij de opgaven mobiliteit, wonen, energie, economie en water en bodem gelijkwaardig zijn benaderd. Om invulling te kunnen geven aan sectorale ambities zal in de uitwerking van de sleutelgebieden met betrokken partners, in een ‘coalitie’ gezocht worden naar innovatieve toepassingen en vormen (de HOE), waarbij samenhang van opgaven en meerwaarde creëren uitgangspunten zijn. De sleutelgebieden zijn aanvullend op de reeds bekende ontwikkelgebieden uit de huidige Omgevingsvisie. Ze zijn specifiek gekozen en afgebakend omdat hier meerdere opgaven spelen en een hoge mate van complexiteit in de ontwikkeling wordt voorzien. Het zijn daarmee cruciale ontwikkellocaties voor diverse opgaven en kunnen worden beschouwd als voorzet voor een uitvoeringsagenda voortkomend uit de vernieuwde Omgevingsvisie. De onderstaande sleutelgebieden vormen tezamen ook de inzet van de gemeente Zwolle voor de regio als NOVEX-gebied.

Generieke en specifieke condities voor verdere planuitwerking van de Sleutelgebieden Voor elk sleutelgebied zijn specifieke condities genoemd, als uitgangspunten voor verdere planuitwerking. Zie hiervoor de uitwerking per sleutelgebied. Generiek geldt ook een aantal condities voor alle sleutelgebieden: • Huidige wet- en regelgeving van hogere overheden is van toepassing. Bijvoorbeeld op het gebied van: geluid, luchtkwaliteit, externe veiligheid, stikstof, etc. • Basis voor een (stedenbouwkundige) planuitwerking is een analyse van de bestaande (ruimtelijke) kwaliteiten in het gebied, in relatie ook met de omliggende gebieden. Dan gaat het om: • Cultuurhistorie; • Biodiversiteit. Hiervoor gebruiken we onder andere de natuurwaardenkaart uit het recent vastgesteld ‘Groen- en recreatiebeleid’; • Landschappelijke kwaliteiten;

58

•

• Waterhuishouding. We streven naar een leefomgeving die uitnodigt voor sociale interactie en voorziet in een passend voorzieningenniveau. Onder andere door: • Een ontwerp van de buitenruimte die uitnodigt tot ontmoeting; • Een voorzieningenniveau (zorg, onderwijs, horeca, sport, etc.) dat een aanvulling is op het al aanwezige voorzieningenniveau in de omgeving en die ook versterkt.

Tot slot betrekken we ook overige ontwikkelingen die spelen in de verdere planuitwerking bij de verschillende sleutelgebieden, zoals de koploperprojecten in het kader van de provinciale Toekomst voor ons Platteland en andere ontwikkelingen op regionaal, provinciaal en landelijk niveau.

5.2 Sleutelgebieden

Stadsrivier: Zwarte Water- Almelose kanaal in combinatie met Nieuwe Vecht-Stadssingel-Willemsvaart: blauwgroene ruggengraat van Zwolle

De Stadsrivier is onderdeel van het regionaal én landelijk watersysteem. De Stadsrivier staat letterlijk voor de verbinding tussen stad, landelijk gebied (of Regio) en de rest van Nederland. Water uit Salland stroomt door de stad naar het IJsselmeer. Een bron van leven, biodiversiteit, beleving en ruimtelijke kwaliteit (waaronder een hoge gebruikswaarde). En tegelijkertijd staat de Stadsrivier voor (water)veiligheid in een watersysteem dat door klimaatverandering onder druk staat. Meer en minder water in extreme situaties, waar techniek tegen haar grenzen aanloopt. Niettemin blijven ook voor de toekomst technische maatregelen nodig. Door meer balans aan te brengen tussen techniek (dijken, pompen) en het oorspronkelijk natuurlijk systeem van de delta geven we in de stad meer ruimte aan water en vergroten de veerkracht van Zwolle en haar omgeving als onderdeel van de Regionale Sponsstrategie. Door de stad opnieuw te richten naar het water, sluiten we ook aan op een rijk verleden met water. Bijvoorbeeld met de Willemsvaart en Nieuwe Vecht. Hierdoor wordt water beleefbaar, wat weer bijdraagt aan bewustzijn en identiteit rondom het Zwolse leven, met water in de delta.

Voor sleutelgebieden Vechtrand, Zwolle-zuid en Bedrijventerreinen zetten we in op vormgeving van gebouwen en openbare ruimte, zodat deze gebieden onderdeel worden van het grotere geheel en vanuit meerlaagse veiligheid, bijvoorbeeld met bergend vermogen in extreme situaties als onderdeel van de Regionale Sponsstrategie Salland en het kunnen omgaan met overstromingen. Zodat ruimtelijke ontwikkelingen no-regret bouwstenen worden van een klimaatbestendig en veerkrachtig Salland. Samen met regiopartners wil Zwolle de samenhang tussen lokaal en regionaal watersysteem optimaliseren met maatregelen die aansluiten bij het natuurlijk water en bodem systeem. In het verlengde van dit ruimtelijk toekomst perspectief zal

Zwolle de samenwerking zoeken om op gebiedsniveau van Salland te komen tot een gedeelde visie, waarbij de vormgeving van ruimtelijke ontwikkelingen noregret bouwstenen kunnen zijn van een toekomstig klimaatbestendig Salland. Condities voor ontwikkeling • Water krijgt structureel meer ruimte binnen het stedelijk gebied om zowel de klimaatadaptieve als recreatieve functies te versterken. Dat betekent dat locaties zoals de afslagen van de A28, Burgemeester bij de Roelenweg en de Katerdijk vragen om een herontwikkeling zodat er meer ruimte wordt geboden aan de stadsrivier. • Met gebiedspartners (Novex) zal samenwerking worden gezocht om de uitwerking van Stadsrivier te duiden in het grotere geheel. Stadsrivier als onderdeel van het regionaal systeem van de Sallandse Weteringen met meenemen van invloed van lange termijn veranderingen in het hoofdwatersysteem (Zwartewater / Vecht en IJsselmeer). • De ontwikkeling van de stadsrivier moet bijdragen aan de bredere binnenstedelijke wateropgave en als ontmoetings- en verblijfsplek voor stedelijke functies. • We reserveren ruimte voor verbindingen tussen de Willemsvaart, de singel en de Nieuwe Vecht, zodat aaneengesloten blauwgroene gebieden ontstaan met gebruikswaarde. • Oevers transformeren naar zoveel mogelijk natuurvriendelijke oevers met ruimte voor biodiversiteit, belevingswaarden en ecologische waarden.

59

Vechtrand: gezond en veilig wonen/werken samen met water in het landschap 3.

In de Verkenning Ceintuurbaanzone is verkend wat de stedelijke potentie kan zijn het bebouwde gebied en het aangrenzende landelijke gebied en Herfte. Uit de verkenning komt naar voren dat het gebied met de Ceintuurbaanzone en Vechtpoort 1 een substantiële bijdrage kan leveren aan de ontwikkeling van Zwolle de opgaven voor wonen, werken, mobiliteit en water/ klimaat. Randvoorwaardelijk hiervoor is dat de opgaven in samenhang worden uitgewerkt. Zwolle is zich bewust dat Vechtrand laag is gelegen en kwetsbaar voor wateroverlast en vanuit de regionale Sponsstrategie (Novex) potentie heeft voor waterberging in extreme situaties. In de uitwerking is water en bodem en samenhang met (water)systeemniveau daarom leidend, waarbij de het (woon)gebied onderdeel wordt van het watersysteem. Dit vraagt om innovatieve toepassingen van vormgeving woningen, bijvoorbeeld terpen en/ of drijvend, en mobiliteit waarbij hoogtelijnen van infrastructuur kunnen helpen om water te geleiden. Hierbij ligt een sterke relatie met het gebied Vechtpoort 2, Daar zien we primair kansen voor waterberging. We zien Vechtpoort 2 dan ook niet als locatie voor grootschalige woningbouw, maar wel als een gebied waar we de opgave van het regionaal watersysteem om in extreme situaties water te bergen kunnen realiseren, met mogelijk kleinschalige woningbouw die ondergeschikt is aan deze opgave.

Condities voor ontwikkeling: 1. In Vechtrand komen stedelijke NOVEX-opgaven en regionale NOVEX-opgaven samen als het gaat om wonen en werken enerzijds en de mobiliteitstransitie en de klimaatopgave anderzijds. Vechtrand ontwikkelt zich tot dynamische stadswijk waar stad en landschap samenkomen. Het gebied wordt een woon-werkgebied dat flink wordt verdicht met woningen en bijbehorende werk-, kantoor-, sport-, en gezondheidsvoorzieningen. 2. Het is daarbij van belang dat er een ruimtelijke samenhang ontstaat tussen de ontwikkelgebieden Ceintuurbaanzone, Vechtpoort 1 en bijvoorbeeld

60

4.

5.

6.

Berkum. Het stadspark Vechtrand is daarin de verbindende schakel met onder andere wandel- en fietspaden, speel- en recreatieve voorzieningen en mogelijk een enkele woning. De twee horizontale zwarte pijlen verbeelden dat en impliceren dan ook dat het park Vechtrand, Vechtpoort 1 ingetrokken kan worden. De (water)veiligheid van Zwolle in relatie met het regionaal watersysteem van de Sallandse Weteringen (zie Blauwgroen) is in dit gebied maatgevend. In de Regionale Sponsstrategie (NOVEX) is een deel van het gebied benoemd als potentieel bergingsgebied in extreme situaties en in dit Ruimtelijk Toekomstperspectief wordt deze bevestigd (in lijn ook met de huidige Omgevingsvisie) om in Zwolle in de toekomst droge voeten te houden. Door het landschap, waarin hogere delen en lagere delen elkaar afwisselen, heeft het gebied veel potentie om vernieuwende vormen van wonen vorm te geven. Daarbij gaan waterberging en woonwijk in elkaar op en geleiden fietspaden, wegen en spoorlijnen het water of ze bieden een extra bescherming bij extreem veel water. Een goede verbinding van Vechtrand met de rest van Zwolle en naar het omliggend gebied is nodig. De Ceintuurbaan is en blijft hierin dé centrale schakel, ook voor de regio, waarbij we de Ringfunctie willen versterken. Tegelijk is de Ceintuurbaan een barrière om Vechtrand met de stad te verbinden.

Dit is een grote opgave en vraagt om nader onderzoek naar de ruimtelijke inpassing van de Ceintuurbaan en de kruisende verbindingen. Belangrijk is dit onderzoek op korte termijn te starten vanwege de randvoorwaardelijkheid daarvan voor de ontwikkeling en bereikbaarheid van Zwolle. Bij het onderzoek voor de Ceintuurbaan houden we ook de lange termijn bereikbaarheid (na 2040), en andere opties die er zijn om de Ceintuurbaan te ontlasten, nadrukkelijk in het vizier. Zodat keuzes in het hier en nu mogelijke aanvullende keuzes naar de toekomst (bijv. een rondweg) niet onmogelijk maken. En daarmee de bereikbaarheid en cruciale scharnierfunctie van Zwolle in het regionale mobiliteitssysteem goed geborgd blijft. Samenwerking met onze regionale partners en Rijk, onder andere in het kader van NOVEX, is daarbij van groot belang. De ontsluiting van een grootschalige woningbouwontwikkeling in Vechtpoort 1 voor de auto kan niet volledig lopen via het bestaande wegennet. Dat geeft problemen in Oosterenk en Berkum. We zetten in op een nieuwe extra wijkontsluitingsweg voor Vechtpoort 1 naar de Ceintuurbaan en de Hessenweg/ N340. Deze weg kan ook bijdragen aan een robuuster regionaal mobiliteitssysteem. Verder onderzoek is nodig om de ligging van deze weg scherper te krijgen. Het betreft daarbij een integrale opgave waarbij landschap en de klimaatopgave medebepalend zijn.

Voor voetganger en fiets wordt conform het STOMPprincipe ingezet op directe verbindingen naar Berkum en Oosterenk. We zien in Vechtrand een gefaseerde ontwikkeling van woningbouw voor ons vanuit het gegeven dat we ‘van buiten naar binnen’ ontwikkelen. Dit betekent

7.

dat gestart kan worden met kleinschalige woningbouwontwikkeling van enkele honderden woningen aansluitend aan, dan wel deels in, het open landschap dat grenst aan de Ceintuurbaanzone (stadspark Vechtrand). Een woningbouwontwikkeling die nog via het bestaande wegennet te ontsluiten is. Voor een deel is het gebied Vechtrand archeologisch zeer waardevol. De kans op archeologische vondsten op basis van deelonderzoeken in het gebied is 90% tot 100%. Het beleid is behoud ‘in situ’. Wanneer sprake is van grondverstoring, als gevolg van het ontwikkelen van een nieuwe woonwijk, is archeologisch onderzoek nodig.

8.

9.

De Nieuwe Vecht maakt onderdeel uit van het gebied Vechtrand als robuuste blauwgroene verbinding tussen de Vecht en de stadsgracht van Zwolle. En is daarmee gelijktijdig een buffer tussen het dorp Berkum en Vechtpoort 1 voor het behoud van het dorpse karakter van Berkum; In Vechtrand komen Regio, Rijk en Zwolle samen, ook organisatorisch. Essentieel is samen met buren en gebiedspartners uitstijgen boven de eigen taken en verantwoordlijkheden van vandaag en samenwerken vanuit de (systeem)opgaven en lange termijn.

Referenties en afbeeldingen die sfeerimpressies geven van het sleutelgebied:

Parc de Boulogne, Boulogne, Frankrijk

Broparken, Linköping, Zweden

Funenpark, Amsterdam

L’écoquartier Ginko, Bordeaux, Frankrijk

Schoonschip, Amsterdam

Kristalbad, Hengelo/Enschede

61

Zwolle-Zuid/zuid: (nieuwe) stadswijk met nieuw station

•

•

• Zwolle-Zuid/zuid ontwikkelt zich met een nieuwe woonwijk (circa 2000-3000 woningen) aan de zuidkant en een nieuw te ontwikkelen stationsomgeving tot aantrekkelijk en toekomstbestendig woongebied. De te ontwikkelen stationsomgeving (circa 250-500 woningen) bevindt zich ter hoogte van het huidige winkelcentrum Zwolle-zuid. De afstand van het nieuwe station tot Zwolle Centraal is ongeveer gelijk aan de afstand tussen station Stadshagen en Zwolle Centraal. Condities voor ontwikkeling: • Zwolle-Zuid is gelegen nabij de IJssel. Op lange termijn kan de IJssel in natte perioden wellicht meer water te verwerken krijgen. Voor de uitwerking van Zwolle-Zuid gelden dezelfde uitgangspunten als bij Vechtrand voor de verbinding met het regionaal systeem van de Sallandse Weteringen. Ook zal met het waterschap worden onderzocht hoe waterveiligheid voor de lange termijn kan worden geborgd in de plannen. Denk bijvoorbeeld aan overslag over de dijk van water uit de IJssel in een extreme situatie. Dit vraagt ruimte om water op te kunnen vangen met berging. • We ontwikkelen de nieuwe woonwijk Zwolle-Zuid/ zuid als klimaatadaptief woongebied. De nieuwe wijk is het toonbeeld van een innovatief klimaatbestendig woonlandschap (klimaatbestendig bouwen) met focus op grondgebonden woningen.

• De realisatie van station Zwolle-Zuid draagt bij aan de verdere ontwikkeling van het stadsdeel, geeft invulling aan het STOMP-principe en het zorgt voor een volwaardig alternatief voor de auto bij nieuw toe te voegen woningen. Een station is daarin cruciaal om een ander mobiliteitsprofiel te krijgen. • Ontsluiting per auto van de nieuwe wijk Zwolle-Zuid/ zuid voorzien we op de N337. De wijze waarop dat vorm krijgt (waar en hoe) is nadere planuitwerking. Daarbij houden we rekening met het toekomstige verwachte autogebruik op de weg. • Met een nieuw station en de daarbij horende noodzakelijke spoorverdubbeling op het traject

62

•

•

•

•

Deventer-Olst dragen we bij aan de doelen en ambities uit het landelijke ‘Toekomstbeeld Openbaar Vervoer 2040’. Daarin is vastgelegd om vaker en sneller treinen te laten rijden op het traject ZwolleDeventer. De capaciteit op het traject en eventuele ongelijkvloers spoorwegovergangen vraagt nader onderzoek. Het parkachtige karakter van de landgoederen Zandhove en Windesheim worden doorgetrokken en versterkt in combinatie met de nieuwe woonwijk Zwolle-Zuid/zuid. Mede in combinatie met het doortrekken van de parkachtige structuren ontwikkelen we een ecologische corridor tussen Zandhove en de IJssel. We onderzoeken of de bestaande (recreatieve) functies onderdeel kunnen zijn van de beoogde ontwikkeling van het gebied met woningbouw en het doortrekken van de landschappelijke structuren. Het ‘Rondje Zwolle’ (fietsroute) betrekken we daarbij; We dragen zorg voor een goede balans tussen de recreatieve druk, de leefbaarheid en de natuurwaarden in het gebied en de aangrenzende uiterwaarden van de IJssel; In de verdere planuitwerking zorgen we voor een goede stedenbouwkundige overgang tussen de bestaande wijk Zwolle-zuid en de nieuw te ontwikkelen woonwijk. Voorwaarde op de lange termijn voor de uitbreiding van Zwolle-Zuid met woningen, is het verwijderen van de hoogspanningskabels en bijbehorende hoogspanningsinfrastructuur.

Dit in combinatie met aanpassingen in de totale energie-infrastructuur rondom Zwolle. Zwolle is op landelijk en regionaal niveau een scharnierpunt als het gaat om die infrastructuur. De hoogspanningskabels zijn landschapsontsierend en vanuit milieukundig oogpunt niet te combineren met woningbouw. Doordat de Energiecentrale Harculo zijn functie heeft verloren liggen er kansen deze kabels terug te leggen richting de Sekdoornseplas. We kunnen starten met woningbouw, maar om de woonwijk af te kunnen maken en aan de bestaande stad stedenbouwkundig aan te kunnen hechten, zullen de kabels verwijderd moeten worden. Het gebied ten zuiden van de wijk Zwolle-Zuid is archeologisch zeer waardevol. De kans op archeologische vondsten op basis van deelonderzoeken in het gebied is 90% tot 100%. Het beleid is behoud ‘in situ’. Wanneer sprake is van grondverstoring, als gevolg van het ontwikkelen van een nieuwe woonwijk, is archeologisch onderzoek nodig. Naast benodigd onderzoek is de aanwezigheid van archeologische waarde een mogelijke inspiratiebron voor het stedenbouwkundig ontwerp van een nieuwe woonwijk. Het geeft een wijk identiteit en het is een kans verhalen uit het verleden weer tot leven te wekken.

•

De herontwikkeling van de voormalige Harculocentrale wordt verbonden met de nieuwbouwwijk en fungeert als balkon naar de IJssel en er komen culturele voorzieningen in de te behouden restanten van de Harculo-centrale.

Referenties en afbeeldingen die sfeerimpressies geven van het sleutelgebied:

Västra Hamnen, Malmö, Zweden

Quirijnpark, Tilburg

Het bosbad, Eindhoven

Molenwaterpark, Middelburg

Hortus Veemarkt, Utrechtt

Rietzoom, Rotterdam

63

Bedrijventerreinen

Structurele veranderingen in de economie, maatschappij en technologie hebben invloed op de rol van bedrijventerreinen in Zwolle en de regio. Bedrijventerreinen zijn het kloppend hart van de economie voor Zwolle, maar ook voor die van de bredere regio. De activiteiten op bedrijventerreinen zorgen niet alleen voor werkgelegenheid en toegevoegde waarde, maar zijn ook de innovatiemotor voor Zwolle en de regio. De stad Zwolle en haar werklocaties zijn daarmee het vliegwiel voor de nieuwe economie in de bredere regio. Bedrijventerreinen vormen het brandpunt van transities richting circulaire economie, toekomstbestendig ruimtegebruik en een duurzame energievoorziening. Om de economie de ruimte te geven om zich te ontwikkelen is er behoefte aan een divers palet aan werklocaties, waarbij elke locatie een krachtig en herkenbaar profiel heeft. Zo kan productontwikkeling uit het Innovatiedistrict Spoorzone Zwolle worden toegepast bij een industrieel bedrijf in Voorst, of kan een start-up uit de Makersfabriek doorgroeien op Marslanden. Elk terrein heeft daarmee zijn eigen functie in het samenhangende geheel van werklocaties in het Zwolse innovatie-ecosysteem. Er ligt een directe relatie tussen Hessenpoort en Marslanden als het gaat om de relatie groot- en kleinschalige bedrijvigheid en intensivering en uitbreiden.

De lopende ontwikkelingen op Hessenpoort en de nog openstaande vraag naar grootschalige bedrijvigheid, moet in onderlinge samenhang bezien worden met de toekomstige ontwikkeling van Marslanden. We zetten daarom op Marslanden in op intensivering van het bestaande bedrijventerrein en verplaatsen van grootschalige bedrijven naar Hessenpoort. Daarbij verkennen we tegelijkertijd een mogelijke uitbreiding van Marslanden in zuidelijke richting ten behoeve van de huidige vraag naar kleinschalige kavels en schuifruimte voor de genoemde intensivering. Voor de uitbreiding van Hessenpoort verkennen we drie uitbreidingsrichtingen. Richting Tolhuislanden, nabij de Bomhofplas en richting Dalfsen.

64

Condities voor ontwikkeling van bedrijventerreinen: • Rekening houden met de aanwezigheid van weidevogels. Het gebied Tolhuislanden is een hoogwaardig weidevogelgebied en als zodanig ook beschermd via provinciaal beleid. • Ontwikkeling Hessenpoort in samenhang met de mogelijke komst van een railterminal, truckloading en een stadslogistieke hub. • Meerlaagse bebouwing toestaan om ook in de openbare ruimte genoeg ruimte over te houden voor blauwgroene dooradering en aantrekkelijke fiets- en wandelroutes (ten behoeve van een lunchwandeling). • Aantakking op waterstof backbone – elektrolyse (Hessenpoort). • Voor de inrichting (gebouwen en openbare ruimte) de meerlaagse veiligheid afstemmen op mogelijke overstromingen van de Vecht en de Sallandse Weteringen. Een specifiek aandachtspunt zijn vitale en kwetsbare voorzieningen. Denk hierbij aan energievoorziening en communicatie, zowel op gebiedsniveau als individueel per bedrijf. Door bijvoorbeeld slim ICT hoger te plaatsen, zodat ook in extreme situaties met wateroverlast bedrijven door kunnen functioneren. • Zwolle is zich bewust dat Marslanden is gelegen midden in het regionaal watersysteem van Salland en vanuit de regionale Sponsstrategie (Novex) potentie heeft voor waterberging in extreme situaties. In de uitwerking is water en bodem en samenhang met (water)systeemniveau daarom leidend.

Dit vraagt om innovatieve toepassingen van vormgeving van gebouwen, waarbij het gebeid onderdeel wordt van het watersysteem. • In beeld brengen van intensiveringspotentie op bestaand terreinen. • Verkenning potentie uitbreiden Marslanden in zuidelijke richting. • Koppeling energie- en warmtevisie met de toekomstige ontwikkelingen van de bedrijventerreinen.

De Ring (IJsselallee, Oldeneelallee, Ceintuurbaan, Zwartewaterallee en Blaloweg)

Om de knooppuntfunctie en de bereikbaarheid van de regio goed te kunnen borgen is het essentieel dat het hoofdnetwerk van Zwolle een volwaardige Ring gaat worden, de Zwolse stadsring. De Ring moet veel meer gaan fungeren als stadsring, voor afhandeling van het Zwolse en regionale autoverkeer én als drager van een lokaal en regionaal openbaar vervoersysteem. Door het verschuiven van het autoverkeer kunnen we de singel van Zwolle een opwaardering geven voor zowel voetgangers, fietsers en klimaat- en groenambities. Dit komt ten gunste van de verblijfskwaliteit in dit gebied. Voor het functioneren van de mobiliteit in de stad en de regio is het cruciaal dat het ‘scharnier’ blijft functioneren. Ook als evacuatieroute en de bereikbaarheid van het ziekenhuis. Hiervoor is het nodig de capaciteit van de Ring op met name kruispuntniveau structureel te vergroten. Investeringen zijn nodig om deze functie robuust en toekomstbestendig te houden. Dat vraagt een opwaardering van het huidige netwerk naar een ring waarbij doorstroming van en betrouwbaarheid voor het autoverkeer belangrijk is. Dit is een grote opgave met forse investeringen. En temeer omdat de stad en de regio door de realisatie van extra woningen ook verder groeit.

Dat betekent dat er op delen van de ring capaciteitsuitbreiding of ongelijkvloerse kruisingen nodig zullen zijn om de bereikbaarheid en betrouwbaarheid te kunnen borgen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=d597bf37-406e-4a7f-8def-65e07d3f774f