1. Concept groen- en recreatiebeleidsplan ‘(be)leefbaar voor iedereen’
Tekst van het document
(be)leefbaar
CONCEPT Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen mei 2024
m(be)leefbaar
m(be)leefbaar
Inhoudsopgave Voorwoord
4
1. Inleiding
5
1.1 Doel en reikwijdte 1.2 Leeswijzer
5 6
2. Beleidsopgaven
7
2.1 Europese kaders 2.2 Nationale en provinciale kaders 2.3 Omgevingsvisie
3. Visie 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8
Groene vingers als drager van de hoofdgroenstructuur De (meer)waarden van groen De druk op het groen Groene structuren en kansen en knelpunten Groenleidraad Beheer Bedrijventerreinen Buitengebied
4. Bouwstenen 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5
Leidraad groen Bomen Biodiversiteit en natuur Klimaat Integraliteit als sleutel voor vergroening
5. Recreatie
5.1 Extensieve recreatie 5.2 Intensieve recreatie 5.3 Gezond en actief aan en in het water
2
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
7 7 8
9
9 10 10 11 22 22 23 23
24
24 27 30 32 35
36
36 37 38
6. De 10 ambities
40
7. Uitvoeringsprogramma
44
8. Participatie en proces
45
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
3
m(be)leefbaar
m(be)leefbaar
Voorwoord
1. Inleiding Zwolle is een groene stad met een
Zwolle is een groene stad, met meer dan 70.000 bomen, oude en nieuwe stadsparken, groenblauwe structuren en een afwisselend groen ommeland. We koesteren ons groen en zijn trots op onze beroemde groene vingers: groen dat direct vanuit het buitengebied zonder onderbreking de stad in komt. We beseffen steeds meer dat die vingers onze groene longen vormen en goud waard zijn voor Zwolle. Voor mens, plant en dier!
uniek landschap om en in de stad. Zwollenaren genieten en profiteren daarvan, op allerlei manieren. Maar
Al dat groen in onze stad zorgt voor biodiversiteit. Groen in je leefomgeving draagt aantoonbaar bij aan een goede gezondheid. Je kunt ervan genieten, naar kijken, maar er ook in recreëren, ontmoeten, spelen en zelfs leren. Bomen brengen verkoeling en schaduw in tijden van hitte, zuiveren de lucht en houden het water vast. De stad groeit de komende jaren en dat vraagt ruimte. Dat legt druk op het groen, maar het biedt ook kansen. We willen dat het groenoppervlak meegroeit met de groei van de stad. Daarom gaan we werken met leidraden voor groen bij nieuwe ontwikkelingen. En introduceren we de 2-22-200 leidraad. Het is belangrijk dat groen voor iedereen in Zwolle dicht bij is. En dat er meer ruimte komt rond de stad voor recreatie. Deze en andere ambities voor ons groen- en recreatiebeleid beschrijven we in dit beleidsplan. Zodat we bij nieuwe ontwikkelingen de juiste keuzes kunnen maken om ons kostbare groen te bewaren en versterken en ook onze kinderen en kleinkinderen kunnen genieten van dit buitengeluk.
onze stad groeit en dat legt druk op de ruimte. Waar wonen, werken, leren Monique Schuttenbeld Wethouder Groen en recreatie
en recreëren al die mensen straks? Waar is ruimte om in te spelen op klimaatverandering of duurzame energie op te wekken? Het groene karakter is belangrijk voor de inwoners en de biodiversiteit van Zwolle en dit willen we graag behouden. De komende jaren liggen er grote opgaven voor Zwolle. Er komen veel nieuwe woningen bij, in de stad en daar buiten. Ook vragen de energie-opgave en het klimaat om ruimte en een andere inrichting en gebruik van stad en land. En er liggen veel opgaven in het buitengebied, vanuit landbouw en natuur. Al deze opgaven vragen erom dat we de juiste keuzes maken voor en in het groen. Ons groenbeleid dateert uit 1998 en is in de basis nog prima. Maar nieuwe vraagstukken maken dat we het beleid moeten en willen aanpassen. Zodat Zwolle, ondanks de uitdagingen die voor ons liggen, een prettig leefbare en aantrekkelijke stad blijft. Voorliggend groen- en recreatiebeleidsplan gaat daarom in op de waarde van groen en hoe we het groen kunnen laten meegroeien met de stad. Naast dat groen zorgt voor een aantrekkelijke en herkenbare omgeving draagt groen in belangrijke mate bij aan biodiversiteit, gezondheid en welzijn en het opvangen van de gevolgen van klimaatverandering. Ook beschrijven we in dit plan de mogelijkheden voor recreatief gebruik van groen en water door Zwollenaren
4
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
1.1 Doel en reikwijdte Dit groen- en recreatiebeleidsplan geeft onze koers en visie op het groen weer hoe we in de periode tot 2040 willen omgaan met de opgaven waar we als Zwolle voor staan. We beschrijven de groene ambities die we hebben en benoemen de knelpunten die we signaleren. Hierbij kijken we goed welke maatregelen en invulling we willen geven aan bomen, natuur en recreatie. Deze nadere uitwerkingen staan niet op zich, maar worden altijd in samenhang met elkaar en andere disciplines beschouwd. Bij inrichtingsvraagstukken, maar ook in de beheerfase. Zo kan de groene leidraad richting geven in de integrale afweging in gebiedsontwikkelingen. Niet als harde eis, maar wel als ambitie om die groene stad te blijven die we zijn. De scope van groen Voor groen gaat dit plan in op het groen en het water binnen de gemeentegrenzen. In de basis betreft het openbare ruimte, maar sommige onderdelen hebben ook betrekking op groen of water (groenblauwe structuren) wat niet in eigendom of beheer bij de gemeente is. De scope van recreatie Het groen vervult ook een belangrijke recreatieve functie. In dit beleidsplan gaan we in op de kosteloze vrijetijdsbesteding in bovengenoemde groenblauwe openbare ruimte van gemeente Zwolle. Zowel in als om de stad. Het richt zich in eerste instantie op de behoefte van onze eigen inwoners.
Het gaat in op onder meer wandelen, fietsen en extensieve waterrecreatie. Dit beleid kent grote raakvlakken met, maar is niet gelijk aan, het beleid voor natuur- en milieueducatie (NME), leisure, toerisme, en BOSS (Bewegen, Ontmoeten, Spelen en Sporten).
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
5
m(be)leefbaar
m(be)leefbaar
2. Beleidsopgaven
1.2 Leeswijzer In hoofdstuk 2 gaan we in op de beleidskaders die op Europees, nationaal, provinciaal en gemeentelijk niveau worden meegegeven. Hoewel dit beleidsplan ingaat op het groen, staat dit nooit op zichzelf en kijken we altijd met het groen naar de andere onderwerpen die raakvlak hebben met het groen. In hoofdstuk 3 schetsen we de visie en ambitie die we de komende jaren vanuit groen willen invullen. Ook schetsen we hier met kaarten het toekomstbeeld wat we nastreven. Knelpunten- en kansenkaarten geven inzicht in waar knelpunten moeten worden opgelost en kansen benut om invulling te geven aan de ambities. Hoofdstuk 4 gaat op de inhoudelijke groene bouwstenen in. Dit hoofdstuk geeft een inhoudelijke verdieping van de verschillende onderwerpen.
In hoofdstuk 5 wordt de bouwsteen recreatie beschreven. Hoofdstuk 6 geeft de ambities en visie weer in 10 schetsen, onze ’10 ambities’. Hoofdstuk 7 gaat in op het uitvoeringsprogramma. Hoe geven we de komende jaren invulling aan ons beleid. Het uitvoeringsprogramma is een losse bijlage. Deze wordt elke 2 jaar geactualiseerd, op basis van de dan voordoende kansen, mogelijkheden en noodzaken. Tot slot wordt in hoofdstuk 8 geschetst hoe dit beleidsplan tot stand is gekomen middels participatie. Ook wordt hier beschreven hoe we in de uitvoering partners en inwoners meenemen in de verschillende activiteiten.
Dit groen- en recreatiebeleid is een nadere uitwerking onder de omgevingsvisie. Tegelijk zijn de opgaven en ambities niet enkel op zichzelf staand. Dit beleid geeft mede invulling aan de opgaven en regels die op Europees, nationaal en provinciaal niveau gelden.
en broedplaats voor vogel- en bestuiversoorten die verbonden zijn met landbouw- en boshabitats, en bieden belangrijke habitats voor bijvoorbeeld trekvogels. Om ervoor te zorgen dat stedelijke groene ruimten de nodige ecosysteemdiensten blijven leveren, moet het verlies ervan een halt worden toegeroepen en moeten zij worden hersteld en uitgebreid, onder meer door groene infrastructuur en op de natuur gebaseerde oplossingen, zoals groene daken en gevels, te integreren in het ontwerp van gebouwen. Op die manier wordt er niet enkel toe bijgedragen dat het door de stedelijke groene ruimte bestreken gebied toeneemt, maar ook, indien de integratie bomen omvat, de oppervlakte van de stedelijke boomkroonbedekking.”
2.2 Nationale en provinciale kaders
2.1 Europese kaders We geven met de uitwerking van dit beleidsplan invulling aan artikel 6 van de Europese natuurherstelwet vooruitlopend op een eventuele in werking treding. Deze wet is nog niet aangenomen. De beoogde wet gaat ondermeer in op hoe onze biodiversiteit versterkt moet worden en stelt dat er geen afname van biodiversiteit en groen (in de stad) mag zijn. Tot 2030 dient een afname van het areaal en de kwaliteit voorkomen te worden en na 2030 moet een stijgende lijn plaatsvinden. “De uitbreiding van de stedelijke groene ruimte is een belangrijke parameter voor het vergroten van het vermogen van stedelijke ecosystemen om deze belangrijke diensten te bieden. Het vergroten van de groenbedekking in een stedelijk gebied vertraagt de waterafstroming (wat het risico op verontreiniging van waterlopen ten gevolge van overstorting van hemelwater vermindert), helpt de zomertemperaturen te beperken en de klimaatbestendigheid te vergroten, en biedt de natuur extra ruimte om in te gedijen. Het vergroten van het niveau van stedelijke groene ruimte zal in veel gevallen de gezondheid van het stedelijke ecosysteem verbeteren.
Gezonde stedelijke ecosystemen zijn dan weer van essentieel belang voor het ondersteunen van de gezondheid van andere belangrijke Europese ecosystemen: ze sluiten aan op natuurgebieden in het omringende platteland, verbeteren de gezondheid van de waterlopen buiten de stad, bieden een toevluchtsoord
In de Nationale Omgevingsvisie (NOVI; vastgesteld 20 september 2020) is de realisatie van sterke en gezonde steden een van de prioriteiten De stad Zwolle is in de NOVI opgenomen als een belangrijk onderdeel van het stedelijk netwerk van Nederland. De regio Zwolle is op basis van de NOVI aangewezen als een van de zeven verstedelijkingsgebieden in het land. Op basis van die status heeft het Rijk samen met de regiopartners een Verstedelijkingsstrategie opgesteld. Onder de titel "Warme Harten in een Klimaatadaptieve Delta”, wordt de samenhang van de verschillende opgaven in de regio helder neergezet. Inmiddels wordt er in de regio –samen met het Rijk en de vier provincies en waterschappen verder gewerkt – onder de status van NOVEXgebied - aan een aantal programma's. Centraal staat het accommoderen van de ontwikkelopgave (woningen en bedrijvigheid), waarbij groen meegroeit, het behoud van de huidige ruimtelijke kwaliteit op basis van een klimaatadaptieve verstedelijkingsstrategie. Een klimaatadaptieve verstedelijking vraagt op alle schaalniveaus (van straat en sloot tot de hele regio) dat we de opgave niet vergroten en dat we conform nationaal beleid water en bodem leidend laten zijn. Dat geldt niet alleen voor de nieuwe ontwikkelingen, maar ook voor de bestaande. We hebben als regio de ambitie om met de ontwikkelopgave de klimaatopgave vooruit te helpen.
Voor de groei van de steden gaat de NOVI uit van inbreiding boven uitbreiding. Daarbij wordt het belang
1. Regio Zwolle | De Nationale Omgevingsvisie - Natuur in en om de stad (pbl.nl) - eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=CONSIL:ST_ 10719_2023_INIT
6
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
7
m(be)leefbaar
m(be)leefbaar
3. Visie van groen in en om de stad consequent benadrukt, bijvoorbeeld in de beleidskeuze (3.6) "we versterken het aanbod en de kwaliteit van het groen in de stad en verbeteren de aansluiting op het groene gebied buiten de stad in een samenhangende aanpak van de stedelijke groenstructuur. Een natuurinclusieve ontwikkeling van de stedelijke regio's en natuurinclusief bouwen zijn het uitgangspunt”.
dagrecreatie. Er is de ambitie gesteld om 10% van het buitengebied te laten bestaan uit landschapselementen met grote diversiteit. Deze nationale ambitie is ook door provincie Overijssel overgenomen. In hoofdstuk 4, bouwsteen biodiversiteit en natuur wordt hier nader op in gegaan. Voor het buitengebied blijft het bestaande Landschapsontwikkelingsplan van kracht.
Inmiddels wordt er door het Rijk gewerkt aan een nieuwe Nota Ruimte, als opvolger van de NOVI. Daartoe is als eerste stap de Contourennotitie gepubliceerd. Daarin benoemt het Rijk de keuzes die in de Nota Ruimte gemaakt moeten worden om de schaarse ruimte eerlijk te verdelen. We kunnen niet alles de ruimte geven. Wonen, werken, voorzieningen, infrastructuur voor mobiliteit, energie, defensie, groen en water vragen allemaal om meer ruimte. Voor een groot deel zullen we deze ruimte binnen de bestaande steden en dorpen moeten vinden. Vooral in de dichtbebouwde steden vergt het inpassen van al deze opgaven verbeelding, inzet, creativiteit en innovatiekracht, zowel in de boven- als de ondergrond. Belangrijk hierbij is dat er in het bestaande bebouwde gebied naast nieuwe ontwikkelingen ook grote opgaven liggen ten aanzien van wat er al is. Denk aan de verduurzaming van de bestaande woningen en gebouwen en het creëren en behouden van klimaatbestendige en groene inrichting van de openbare ruimte. Voor de verdere verstedelijking is het principe ‘water en bodem sturend’ leidend. En de aandacht voor een klimaatadaptieve inrichting met groenblauwe dooradering, voldoende groenvoorzieningen en een goede verbinding met het landschap en grootschalig natuurnetwerk blijft onverminderd.
2.3 Omgevingsvisie
Onderdeel van de Nota Ruimte is het landelijk programma Mooi Nederland, waarin het behoud en het versterken van ruimtelijke kwaliteit centraal staat. Dit programma ontwikkelt verschillende handreikingen, waaronder ‘Groen en Gezond leven in de stad'. Binnen onze gemeentegrenzen liggen Natura-2000 gebieden (IJssel uiterwaarden, Zwarte water en Vecht) en gebieden die onderdeel uitmaken van het Nationaal Natuur Netwerk. Deze landelijke structuren zijn bepalend voor de structuur en keuzes die we maken. Het nationaal en provinciaal beleid wat voor deze gebieden geldt is uiteraard leidend voor deze gebieden. In aanvulling hierop worden voor het buitengebied samen met onze partners doelen gesteld voor de basiskwaliteit natuur, groenblauwe dooradering en recreatieve routes en
8
Zwolle kent een ijzersterk ‘fundament’, een basis om op verder te groeien: de kwaliteiten van de bestaande stad en haar natuurlijke omgeving. Dit zijn de kwaliteiten op het gebied van landschap, cultuurhistorie en biodiversiteit: dit heet het fysiek kapitaal. Centraal staat de ambitie dat Zwolle haar ruimtelijke, cultuurhistorische en landschappelijke kwaliteiten behoudt en versterkt. De betekenis van groen en water neemt toe. Een goed ontwikkelde groen- en waterstructuur voegt waarde toe aan onze leefomgeving. Het leidt tot een beter vestigingsklimaat, verbetering van welzijn en gezondheid, een meer klimaatadaptieve omgeving met minder hittestress en wateroverlast en meer biodiversiteit. Gemeenten die veel in groen en water investeren en een goede groen- en water- structuur bezitten, zijn economisch sterker, omdat mensen hier graag wonen en werken. De opgaven voor Zwolle zijn groot, omvangrijk, veelzijdig. We gaan in dit decennium aan de slag met onze stad, met ons buitengebied. We voegen woningen toe en parken. We verbeteren de leefbaarheid en bereikbaarheid voor de Zwollenaar en alle bezoekers van onze gemeente. Meer woningen gaat dus samen met het groener maken van de stad. Zodat het aangenamer en koeler wordt, de biodiversiteit toeneemt en meer stadse ecosystemen ontstaan. Een dichtere stad, betekent ook meer ‘dichtheid’ van het groen in de stad.
Dit aanvullend op de bestaande hoofdgroenstructuur die we behouden, beschermen en versterken. Een werkwijze die we al decennia hanteren en waar we ook volop mee doorgaan.
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
Zwolle is een gemeente met veel groen. Natuurlijk in het buitengebied, maar ook in de stad. Vaak vormt dit groen een combinatie met water. Want al van oudsher is het water een drager van het (stads)landschap van Zwolle. De stad Zwolle ligt veelal iets hoger dan het omliggende water, maar het water is altijd aanwezig. De IJsselzone in het westen, de Vecht en Zwarte water in het oosten en noorden, de polders in het noorden en de landgoederen en bossen in het zuidoosten zijn alle waardevolle natuuren landschapsgebieden met elk hun eigen recreatieve belevingswaarde. Door de stad lopen groen-blauwe structuren, die de verbinding vormen van stad naar buitengebied. De groen-blauwe structuren bestaan veelal uit water (de grachten en de weteringen) met oevers of parkachtige groene stroken. Deze groen-blauwe structuren zijn sterk bepalend voor de identiteit en het karakter van Zwolle en noemen we de ‘groene vingers’ van Zwolle. Deze groene vingers moeten duidelijk herkenbaar en beleefbaar zijn, zodat we vanuit de stad het buitengebied kunnen beleven. Naast deze groene vingers, willen we dat elke inwoner ook in zijn of haar eigen straat en buurt het groen ervaart. We investeren dus in de grotere groenstructuren, maar ook in groen nabij elke woning. Met de groei van de stad neemt ook de hoeveelheid groen in de stad toe.
Omgevingsvisie: ”De buitenruimte vormt het cement dat de stad bij elkaar houdt en biedt lucht, licht en ruimte om gezond en gelukkig te leven. Niet alleen voor mensen, maar ook voor planten en dieren.”
3.1 Groene vingers als drager van de hoofdgroenstructuur van Zwolle De hoofdgroenstructuur van Zwolle is een aaneenschakeling van groenelementen die gezamenlijk van grote betekenis zijn voor de stad. Deze groene gebieden bieden ruimte voor (recreatieve) routes en
voor ontmoeting. Doordat de verschillende groene gebieden hun eigen structuur en soorten hebben, geeft het herkenbaarheid voor de omgeving. Het groen is ook de leefomgeving voor veel dieren en planten, de zogenoemde ‘biodiversiteit’. Het groen in de stad zorgt voor een leefbare stad en een gezonde leefomgeving. Deze hoofdgroenstructuur willen we daarom niet alleen maar behouden. Ze moet ook versterkt worden op die plekken waar ze nu nog onvoldoende is en uitbreiden op die plekken waar onze inwoners en natuur er om vragen. Daarnaast zorgen we voor goede groene routes vanuit alle wijken en buurten naar de hoofdgroenstructuur, zodat iedereen via deze groene gebieden ons buitengebied kan bereiken. Deze groene routes zijn opgenomen in de nevengroenstructuur. Met deze hoofden nevengroenstructuur beschermen we de kwaliteit en de aanwezigheid van het groen. Onze hoofdgroenstructuur is opgebouwd uit 4 lagen, die samen zorgen voor een aaneengesloten groen netwerk in Zwolle: • De IJssel, het Zwarte Water en de Vecht zijn van landelijke betekenis in de ecologische, landschappelijke en recreatieve structuur. Het is van belang dat de stedelijke hoofdgroenstructuur goed is verbonden met deze laag, zodat mens en dier vanuit de stad hier naar toe kan.
Natuur en natuurontwikkeling staan voor deze laag centraal; • De Zwolse ‘groene vingers’ zijn de belangrijkste groen-blauwe geleidingszones die de stad met het omliggende landschap verbinden. De meeste groene vingers liggen in de beekdalen langs waterlopen. Sommige liggen op een zandrug. De belangrijkste recreatieve gebruiksruimtes en recreatieve routes op stedelijk niveau liggen in de groene vingers, evenals de belangrijkste onderdelen van de stedelijke ecologische structuur. De toegankelijkheid en de kwaliteit van de groene vingers verdient op vele plekken versterking. Hierbij moet het water beter beleefbaar gemaakt worden. • Vanuit de binnenstad (de singel) naar het buitengebied zijn vier groenblauwe structuren zeer beeldbepalend voor Zwolle. Deze structuren willen we herstellen en/of versterken: • De Groene Vinger Binnenstad – Park De Weezenlanden – Almelose Kanaal; • De Groene Vinger Binnenstad (Rode Torenplein) – Zwarte Water, overgaand in de groene drager gevormd door Twistvlietpark – Oude Weteringzone Stadshagen;
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
9
m(be)leefbaar
• De groenblauwe scheg vanuit Het Engelse Werk met de Willemsvaart, die vroeger vanuit de IJssel via het huidige Eekhoutpark uitmondde in de Stadsgracht; • De groenblauwe drager, waarin de Nieuwe Vecht is gelegen, die komend vanuit de Turfmarkt via het voetbalstadion (MAC³PARK stadion) doorloopt richting Berkum en de Overijsselse Vecht. • Groen langs (spoor)wegen en kanalen zijn vaak smallere groene zones. Deze liggen vaak dwars op het landschap, maar soms volgen ze het oude landschapspatroon. Deze laag is belangrijk voor de identiteit van de gemeente en ondersteunt bij de oriëntatie in het landschap. Vaak zijn dit ook cultuurhistorisch belangrijke lijnen die ook ecologische verbindingen vormen. Naast deze hoofdgroenstructuur willen we groene rust- en koelteplekken nabij de woningen verder uitbouwen. Door elke woning binnen 200 meter toegang te geven tot een plantsoen of park ontstaan ‘stapstenen’ waardoor iedereen vanuit de woning naar de hoofdgroenstructuur kan.
3.2 De (meer)waarden van groen Binnen de verschillende types groen hebben bomen een bijzondere plek. Bij aanplant vaak nog klein, vragen ze de tijd om te kunnen uitgroeien. Maar eenmaal volgroeid zijn ze erg belangrijk voor klimaat en gezonde leefomgeving. Daarom wordt een verkorte weergave van ons bomenbeleid in hoofdstuk 4 Bouwstenen beschreven. 3.2.1 Biodiversiteit Biodiversiteit is belangrijk, niet alleen voor de natuur maar ook voor de stad. Een grote diversiteit aan soorten maakt het groen minder kwetsbaar voor ziekte en de effecten van klimaatextremen. Bij herinrichting en woningbouwopgaven kijken we ook altijd naar de biodiversiteit. En proberen we die zo veel mogelijk te versterken. Ook de bodem is daarbij belangrijk. De kwaliteit van de bodem bepaalt het leven boven de grond en is de basis voor gezonde beplanting. Het bodemleven is onmisbaar bij de vorming van mineralen, de samenhang van bodemdeeltjes, de bodemstructuur en draagt bij aan de weerbaarheid tegen ziektes. Het is belangrijk groen zoveel mogelijk in open grond te plaatsen, zodat regenwater makkelijk bij de wortels kan komen. 3.2.2 Gezondheid en welzijn Er is een groot verband tussen groen en gezondheid. Grote bomen en een groene omgeving helpen om hittestress te voorkomen en bieden koelte en schaduw
10
in de zomer. Eén grote boom staat gelijk aan 10 airco's. Ook vangen bomen fijnstof en CO2 op. En bomen en groen geven ruimte voor bewegen, spelen en sporten, ontmoeten, stilte en rust. Daarom is voldoende (openbaar) groen noodzakelijk voor gezonde mentale en fysieke leefomstandigheden. 3.2.3 Recreatief gebruik Door Corona is duidelijk geworden dat onze inwoners graag gebruik maken van een groene omgeving. Bij voorkeur al dicht bij huis. Met de komst van nieuwe (extra) woningen in de stad, wordt het aanwezige groen ook intensiever gebruikt. Daardoor is het belangrijk om ook meer groen aan te leggen, zodat iedereen voldoende ruimte in het groen heeft om te wandelen, spelen of recreëren. Uit onderzoek is gebleken dat we in en om Zwolle meer groen (en water) nodig hebben. Dit is nodig om alle inwoners een plek om te recreëren te kunnen blijven bieden, ook als Zwolle groeit. Hoe en waar we dit gaan doen moeten we nog bepalen. Hierin wordt onderscheid gemaakt tussen watergebonden recreatie, intensieve en extensieve (landgebonden) recreatie. 3.2.4 Klimaat: droogte, hitte, wateroverlast In stedelijk gebied creëren we met nieuwe groene ontwikkelingen meer ruimte voor water door: • Grote aaneengesloten blauw-groene gebieden aan te leggen of te versterken. Dit vergroot de robuustheid en flexibiliteit om water een plek te kunnen geven.
• Bij een stedelijke ontwikkeling de sponswerking altijd te vergroten, zowel op gebouwniveau als in de ondergrond. Sponswerking houdt in dat het gebied (of gebouw) het water weet op te nemen, zodat er niet op een andere plek overlast ontstaat. Sponsen zijn aangesloten op het groenblauw stedelijke netwerk en sluiten aan bij ‘water en bodem sturend’.
m(be)leefbaar
die de verschillende grote maatschappelijke opgaves zoals klimaatadaptatie, de woningbouwopgave en de energietransitie op de ruimte leggen. Naast dat deze opgaves een claim leggen op de ruimte, bieden de woningbouwopgave en mobiliteitstransitie ook kansen en aanleiding om te vergroenen. We willen immers die leefbare, groene stad blijven. Onze opgave is om te zoeken naar een versterking van de ruimtelijke kwaliteit door opgaven en kansen aan elkaar te koppelen en groen hier volwaardig in mee te nemen. Naast de druk op groen door de vele functies die op dezelfde plek liggen, geeft ook het klimaat een druk op het groen. Het stadsklimaat verandert momenteel in een versneld tempo. De stad wordt steeds warmer en kan de warmte ook steeds slechter kwijt. Daardoor is kans op verdroging van bomen in de stad steeds groter, ook voor bomen die hier juist goed tegen (moeten) kunnen. Hierdoor worden de bomen zwakker en leveren ze minder verkoeling en bijdrage aan de biodiversiteit. Dit vraagt om het zoeken naar de juiste groeiplaats en boomsoorten om ook in de toekomst de positieve eigenschappen van bomen te kunnen behouden.
3.4 Groene structuren en kansen en knelpunten De verschillende ambities van het groene karakter van Zwolle worden in verschillende kaarten zichtbaar. Deze kaarten geven de groene hoofdstructuur weer, maar ook de belangrijkste knelpunten in deze structuur. Ook wordt de ecologische hoofdstructuur in kaart weergegeven, waarbij knelpunten en kansen binnen deze
ecologische structuur worden benoemd. Tot slot worden vanuit recreatie een aantal kansen en opgaven in kaart weergegeven. Deze kaarten vormen de basis voor uitbreiding en behoud van het groen in de bestaande stad en bij toekomstige ontwikkelingen in het stedelijk gebied. 3.4.1 Hoofdgroenstructuur; natuurlijk voor iedereen Door heel Zwolle lopen groene gebieden. Deze zijn zoveel mogelijk aan elkaar verbonden, waardoor alle buurten en wijken verbonden zijn met het buitengebied. Deze grotere groene structuur noemen we de hoofdgroenstructuur en is weergegeven op de Hoofdgroenstructuurkaart (pagina 12). Binnen de wijken en buurten is ook groen aanwezig, wat zorgt voor de leefbaarheid van de buurt. Dit noemen we de nevengroenstructuur en deze zorgt dat alle buurten en wijken een prettige en groene route naar de hoofdgroenstructuur hebben. De hoofdgroenstructuur is ruim begrensd, zodat het particulier groen wat essentieel is voor de structuur ook beschermd is. De hoofdgroenstructuur zoals op kaart weergegeven is onze ambitie. Nog niet overal in de stad is dit groen aanwezig of bereikbaar. De belangrijkste knelpunten (ontbrekend groen) in de groene vingers en in de bomenstructuur zijn in kaart gebracht (pagina 14). De komende jaren kijken we hoe we bij ontwikkelingen deze knelpunten kunnen oplossen.
Daarnaast zoeken we met de groei van Zwolle naar nieuwe groene parken en structuren, ook langs de rand van de stad.
Daarnaast wordt invulling gegeven aan de opgaven op het gebied van hitte en droogte. We passen robuuste soorten toe die ook bij lange periodes van droogte gezond blijven. Binnen de verschillende gebieden is voldoende schaduw aanwezig door de juiste boomsoorten te kiezen. Dit aspect heeft grote raakvlakken met paragraaf 3.2.3 Gezondheid en welzijn. In Hoofdstuk 4 Bouwstenen maken we dit concreet.
3.3 De druk op het groen Groen in en om de stad levert grote meerwaarde aan een leefbare stad. Deze meerwaarde willen we behouden en verder benutten. Ook (of juist) met de druk
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
11
G ro enstructuurkaart G ro enstructuurkaart
m(be)leefbaar
Groenstructuurkaart
m(be)leefbaar
Zwolse ecologische structuurkaart
Ecologische structuurkaart
LEGENDA Basis
LEGENDA Basis
12
LEGENDA zeer waardevol landschap
Basis
Gebieden en verbindingen
waardevol landschap zeer waardevol landschap
zeer waardevol landschap
natte milieus grenzend aan het water
NNN gebieden waardevol landschap
waardevol landschap
bossen/ landgoederen
Natura 2000 gebieden NNN gebieden
NNN gebieden
parken
hoofdgroenstructuur Natura 2000 gebieden
Natura 2000 gebieden
groen/blauwe verbinding (deels bestaand)
nevengroenstructuur hoofdgroenstructuur
hoofdgroenstructuur
stedelijke verbinding nat/vochtig
water nevengroenstructuur
nevengroenstructuur
stedelijke verbinding droog
water
water
verbinding stapstenen bos
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
natuurbestemming in de stad
13
m(be)leefbaar
Groenstructuur knelpuntenkaart Groenstructuur knelpuntenkaart Groenstructuur knelpuntenkaart
Ruimtelijk
1 Stilohal
Middelweg
x
x
2 Ruusbroecstraat
Middelweg
x
x
3 Zwartewaterallee x Westerveldse Aa
Brinkhoek
4 Zuidkant Vegtlusterbos
Nieuwe Vecht
5 Kuijerhuislaan x spoorlijn Groningen
Westerveldse Aa
6 Gebied tussen Brinkhoekweg en A28
Brinkhoek
7 Zwartewaterzone jachthavens
Zwartewater
Locatie duiding
22 22 14
23
14
3
7 7
8
2 1
9 2 1 8 10 26 9 11 10 15 26 18 16 11 17 15 25 24 16 18 17 25 24
3
23
6
4 6 21 19 20 4 21 19 20 12
5
12
5
Basis
waardevol landschap zeer waardevol landschap NNN gebieden waardevol landschap
13
knelpunt
13
groenevingers knelpunt
x
Verbinden van Park Hogenkamp met Park Oude Rijksweg (openbare groene route)
x
Verbinden van het groen en de routes langs de Westerveldse Aa ten noorden en zuiden van de Zwartewaterallee
x
Betere verbinding tussen Goosebroek en Parklandschap Herfte - Wijthmen
x
Structuur van het gebied verbeteren en toegankelijker maken
x
x
Meer doorlopend groen in de uiterwaarden van het Zwarte Water (ecologische verbinding, en recreatieve route)
8 Zwartewaterzone bedrijven Zwartewater
x
x
Meer doorlopend groen in de uiterwaarden van het Zwarte Water (ecologische verbinding, recreatieve route)
9 Zwartewaterzone Burg. Roelenweg oever
x
Zwartewater
x
Groene, toegankelijke oever aan het Zwarte Water maken bij bedrijventerrein (ecologische verbinding, recreatieve route)
10 Zwartewaterzone Burg. Zwartewater Roelenweg onderdoorgang
x
Viaduct A28 over het Zwartewater is, in verband met veiligheid, afgesloten met hekken. Groene route/ ecologische verbinding doortrekken
Almelose kanaal
x
x
Groenere Turfmarkt als onderdeel van de groene vingers langs het Almelose Kanaal en de Nieuwe Vecht
12 Marslanden A en Edonterrein
Almelose kanaal
x
x
Terreinen groener en toegankelijker maken voor betere verbinding in de groene vinger langs het Almelose kanaal
13
13 Soestwetering
Almelose kanaal
x
Toegankelijkheid en natuurwaarden Soestwetering; betekenis voor Marslanden als bedrijventerrein vergroten
13
14 Oude Weteringzone
Hasselterweg
x
Continuïteit groene zones langs de Oude Wetering verbeteren, voor betere beleefbaarheid en toegankelijkheid
15 Willemskade
Willemsvaart
x
Groene vinger en Willemsvaart doorzetten bij huidige Emmadek
16 Willemsknoop
Willemsvaart
17 Willemskwartier
Willemsvaart
Groenvisie Groenvisie
Doortrekken groene vinger tussen Singelpark en Park Hogenkamp betreft het groen langs de Van Wevelinckhovenstraat
11 Turfmarkt
LEGENDA
zeer waardevol landschap
x
Groener en toegankelijker maken van het gebied aan de zuidkant van het Vegtlusterbos
groenevingers
Natura 2000 gebieden NNN gebieden hoofdgroenstructuur Natura 2000 gebieden
x
x x
x
IJsselallee x Willemsvaart Willemsvaart
19 Ceintuurbaan x Nieuwe Vecht
Basis
Toelichting op verbeterpunten
x
18
LEGENDA
Groene vinger
Infrastructureel
Groen ontbreekt
Soort knelpunt
Lopend project
m(be)leefbaar
Nieuwe Vecht
x
Groene vinger en Willemsvaart doorzetten over verkeersknooppunt
x
Bij bebouwing voldoende groen realiseren om het gebied onderdeel te laten zijn van de groene vinger langs de Willemsvaart
x
Groene vinger Willemsvaart beter laten doorlopen bij kruisen met de IJsselallee
x
Groene vinger Nieuwe Vecht beter laten doorlopen bij het kruisen met de Ceintuurbaan
20 Westerveldse Aa ten Westerveldse oosten van bedrijventerrein Aa de Vrolijkheid
x
x
Verbeteren Westerveldse Aa ter hoogte van bedrijventerrein de Vrolijkheid
21 Boerendanserdijk ter hoogte Vrolijkheid
Nieuwe Vecht
x
x
Voldoende groen realiseren langs de Boerendanserdijk voor de continuiteit van de groene vinger Nieuwe Vecht
22 Steenwetering x A28
Steenwetering
x
Verbetering (ecologie, recreatie) van de kruising van de Steenwetering met de A28
23 Steenwetering x spoorlijn
Steenwetering
x
Verbetering (ecologie, recreatie) van de kruising van de Steenwetering met de spoorlijn Zwolle – Groningen
24 Campus Windesheim: Zandwetering x spoor
Zandwetering
25 Groene vingers Zandwetering Willemsvaart
Zandwetering Willemsvaart
26 Schuttevaerkade
Singelpark
x
x
Verbeteren waterverbinding (en ecologie) van de kruising van de Zandwetering met de spoorlijn Zwolle - Amersfoort x
x
Verbeteren van de verbinding tussen de groene vinger Zandwetering en de groene vinger Willemsvaart. Verbetering ecologie, en recreatie Stenige kade groener en toegankelijker maken, als onderdeel van het Singelpark
nevengroenstructuur hoofdgroenstructuur
Tabel 3.4.1 Toelichting op Groenstructuur knelpuntenkaart
water nevengroenstructuur
14
water
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
15
m(be)leefbaar
m(be)leefbaar
Zwolse ecologische structuurkaart Knelpuntenkaart
Ecologische structuur knelpuntenkaart
Beschrijving 1 Verbinding tussen Ruimzichtkreek en Nieuwe Wetering 2 Verbinding tussen Westerveldse Aa en Zwarte Water 3 Verbinding Steenwetering onder A28 4 Harde beschoeiing Zwarte Water 5 Kruising Middelweg - Waallaan 6 Verbinding Westerveldse Aa onder Zwarte Waterallee 7 Verkeersplein Zwolle Zuid A28 8 Groenverbinding A28 t.h.v. Rieteweg
1
3
9 Verbinding t.h.v. Beatrixbrug 10 Onderdoorgang A28 - Monteverdilaan 11 Onderdoorgang A28 - Middelweg en groene verbinding kruispunt Zwartewaterallee-Middelweg
2
12 Onderdoorgang A28 - Rijnlaan
15
5
4
6
10
11
12
16
14 Groenblauwe verbinding t.h.v. Berkumerbrug 15 Doorontwikkleing ecologische zone Hessenpoort richting Vecht
14
13
16 Harde overgang Katerveersluizen 17 Onderdoorgang Willemsvaart bij IJsselallee 18 Kruispunt Nieuwe Veerallee - Willemsvaart
20
9
19 Verbinding Willemsvaart met stadsgracht 20 Verbinding Nieuwe Vecht t.h.v. Centuurbaan
8 7
13 Verbinding Westerveldse Aa t.h.v. Ceintuurbaan - A28
21 Kruising Ijsselallee - Spoor t.h.v. Engelse Werk
19
22 Kruising IJsselallee - Hanzeallee
18 17 21 22 23 24 25 29 30
26 27
28
23 Kruising IJsselallee - Schellertunnel en Keulenstraat 24 Kruising IJsselallee - Hanzelaan/Reysigerweg 25 Kruising Spoor - IJsselallee 26 Kruising Spoor - Marsweg
32
27 Kruising Spoor - Almelose Kanaal
31
28 Kruising Spoor - Ceintuurbaan
33
30 Kruising IJsselallee-Ittersumallee
29 Onderbreking groenstrook t.h.v. Ittersumallee-Oldermannenlaan 31 Onderbreking groenstrook t.h.v. Oldeneelallee-Gouverneurlaan 32 Kruising IJsselallee-Oldeneelallee 33 Spoorwegovergang IJsselcentraleweg Tabel 3.x ?
LEGENDA Basis
16
Gebieden en verbindingen natuurbestemming in de stad
zeer waardevol landschap
natte milieus grenzend aan het water
waardevol landschap
bossen/ landgoederen
NNN gebieden
parken
ontbrekende oeververbinding
Natura 2000 gebieden
groen/blauwe verbinding (deels bestaand)
knelpunt
hoofdgroenstructuur
stedelijke verbinding nat/vochtig
knelpunt verbinding droog nat
nevengroenstructuur
stedelijke verbinding droog
water
verbinding stapstenen bos
Knelpunten
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
17
m(be)leefbaar
m(be)leefbaar
Bio d iversiteit kansenkaart
Kansenkaart biodiversiteit
Beschrijving 26
1 Verbetering van de ecologische onderdoorgang van de Westerveldse Aa waar deze de Zwartewaterallee kruist. 2 Verbetering van de waterkwaliteit Dobbe en Wijde Aa en het aanleggen van natuurvriendelijke oevers ten behoeve van de ecologie. 3 Optimaliseren van bestaand water ten oosten van Sportpark de Pelikaan naar voortplantingswater voor de knoflookpad. 4 Extensivering van het recreatief gebruik van de Agnietenplas (vooral de Vechtzone en noordelijke zijde). 5 Optimaliseren beheer en uitbreiding van Kievitsbloem-hooiland rond de Hoevebrink 6 Weilanden tussen de Brinken en maïsland ten westen van de Kranenburg begraafplaats omvormen van agrarische grond naar natuur. 7 Het ontwikkelen van bos ten westen van de HTC-voetbalvelden.
29
8 Realisatie van nieuwe doorgaande groen/blauwstructuur langs het spoor (ter hoogte van Deventerstraatweg, Oosterlaan, Westerlaan en Rieteweg) voor het verbeteren van het ecologisch functioneren van het gebied.
16
9 (Ecologisch) herstel van de Willemsvaart.
30
10 Realisatie van ecologische verbinding van het groen vanuit Kamperpoort naar de Veerallee. 11 De aanleg van natuurvriendelijke oevers in park Eekhout zou de biodiversiteit in het park kunnen laten toenemen.
4
14
12 Vergroening van de singelstructuur en daarbij inzetten op herstel van laanstructuren ter begeleiding van verbindingen en vliegroutes van o.a. vleermuizen. Het Ontwikkelkader Stadshart biedt veel kansen voor de natuur zoals het vergroenen van de Burg. Drijbersingel en het vergroenen van de Turfmarkt
6 20 28
5
1 2
19
7
3
6
24
13 10 9
18
13 Het versterken van verscheidene groenstructuren waardoor leefgebieden en verbindingen van vele soorten wordt verbeterd. Hieronder vallen bijvoorbeeld de groenstructuur langs de A28 richting het Zwarte Water en de structuur langs de oevers van het Zwarte Water en de stadsgracht. 14 Het doortrekken en realiseren van blauwgrasland langs de Urksteeg en Kolksteeg. 15 Herontwikkeling van het gebied biedt kansen voor natuurinclusief ontwerp waar verblijfplaatsen en leefgebied voor gebouwbewonende soorten wordt gecreëerd.
20
31
17
16 Voorkomen van verkeersslachtoffers rond de A28 door het aanleggen van rasters en faunapassages.
12
17 aanplanten van bos in de ‘oksels’ van de N340-afritten.
11 8 15
18 Het doortrekken van de blauwgroene zone naar de Vecht bij de ontwikkeling van het Energiecluster.
25
21 23 22
19 "Aanleg van oeverzones langs de watergangen. Door de beschoeiing aan te passen, ontstaat er meer ruimte voor oevervegetatie waar watergebonden vogels, zoogdieren en insecten als libellen van profiteren." 20 De huidige kadewanden langs het Zwarte Water (tussen de A28 en Holtenbroekerbrug) kunnen ecologisch versterkt worden door drijvende oevers te introduceren. 21 Optimaliseren van het kruidmagazijn als winterverblijf voor vleermuizen. 22 Door de oevers van de watergangen binnen dit gebied ecologisch te beheren, wordt de natuurwaarde van deze verbindingen en het leefgebied sterk vergroot. Herstel van waterverbinding Willemsvaart-IJssel vergroot het ecologisch functioneren in de binnenstad.
33
23 Het spoorwegcomplex vormt een barrière tussen het Engelse Werk en Landgoed Schellerberg. De aanleg van faunapassages en het aanhouden van ecologisch verantwoord lichtregime vermindert het barrière-effect. 24 Kleinschalige bosaanleg en natuurbouw in de gemeentelijke weilanden naast de Zwartewaterallee. 25 Versterking van de ecologische passage in de A28 van de Vecht, als onderdeel van Ruimte voor de Vecht.
27
26 Optimaliseren van het ecologisch beheer van de natuur-stroken op de golfbaan zal de natuurwaarden doen verhogen. 27 Ecologische verbindingen kunnen worden verbeterd door de ecopassage bij de kruising A28-Steenwetering te optimaliseren en door de ecologische barrière van de N377 op te heffen middels ecopassages. 28 Bij de herinrichtingsplannen van het gebied bij de oude IJsselcentrale zijn kansen voor de natuur door tijdens de werkzaamheden en inrichting rekening te houden met de huidige ecologische waarden. Daarnaast kan de biodiversiteit worden versterkt door natuurinclusief te ontwerpen en bouwen.
32 LEGENDA Biodiversiteit
Basis zeer waardevol landschap
kansen
29 Het versterken van de natuurwaarden in het Frankhuispark. 30 Meer natuurontwikkeling rond de verkeersknoop bij Ruimzicht (o.a. op oude tracé Werkerlaan en het weiland tussen Milligersteeg en N331) 31 Aan de noordzijde van de Milligerplas is er ruimte voor natuurontwikkeling, door de ontwikkeling van een brede groenzone en natuurvriendelijke oevers met rietzones. 32 Samen met bewoners onderzoeken of de westrand van Westenholte meer natuurwaarde kan krijgen. 33 Het beter faciliteren van de paddentrek bij de Fabrieksweg. 34 Het openbare gebied van de Oude Mars kan nog beter op de ontwikkeling van natuurwaarden worden ingericht. Er is weinig water, nieuwe poelen en waterlopen greppels bieden kansen.
waardevol landschap NNN gebieden
Tabel 3.x ?
Natura 2000 gebieden hoofdgroenstructuur nevengroenstructuur water
18
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
19
m(be)leefbaar
m(be)leefbaar
Recreatie kansenkaart
Recreatie kansenkaart
Beschrijving 1 Versterken van waterrecreatie aan de Westzijde van de Milligerplas. Na de uitwerking van Visie Milligerplas aandacht blijven houden voor gebruik en gebruikswensen. 2 Oevergebruik aan de oost en Westkant van de plas optimaliseren en duidelijk markeren. 3 Versterken relatie met het water, waar mogelijk icm een recreatieve verbinding over het Zwarte Water. 4 Optimaliseren van de recreatieve mogelijkheden bij de Wijde AA en onderzoeken mogelijkeden tot ontwikkelen zwemwaterlocatie. 5 Verbeteren van de waterkwaliteit en recreatieve mogelijkheden bij - en in de nabijheid van - de Agnietenplas. 6 Optimaliseren route naar en aanmeervoorziening van 't Haesterveer. 7 Varen op de Vecht kwalitatief verbeteren, binnen programma Ruimte voor de Vecht 8 Optimaliseren van de recreatieve mogelijkheden van de botenhelling van de Westerveldse Kolk en het omliggende gebied. 9 Versterken van de recreatieve mogelijkheden aan de Holtenbroekerdijk thv Holtenbroek. 10 Kansrijk gebied voor de ontwikkeling van waterrecreatie, aansluitend bij mogelijke ontwikkelingen.
1 2
3 8
4
11 Het water toegankelijker en beleefbaarder maken bij de Pannenkoekendijk en de Schuttevaerkade.
5 6
12 Het uitbreiden en versterken van de recreatieve mogelijkheden bij de singel en van Park Noordereiland. Anticiperen op de behoeften van huidige en toekomstige omwonenden.
7
9
13 Kwalitatieve verbetering van het recreeeren aan het water, bijvoorbeeld door de toevoeging van rustpunten langs het water. 14 Vaarroute via de Willemsvaart realiseren en het versterken van de beleving van de Katerveersluizen en omgeving. 15 De kwaliteit van de voorzieningen aan de Wijthmenerplas verbeteren en waar nodig uitbreiden. 16 Verbeteren van het gebied onder aan de dijk ten behoeve van de waterrecreatie en de wandelaar en fietser.
10
17 Het benutten van recreatieve mogelijkheden binnen de gebiedontwikkeling Harculo en versterken van het gebied ten noorden hiervan (waaronder het Oldenelerpark).
11 12
Tabel 3.x ?
13 16
14
15
17
LEGENDA Beleving in de wijk
Basis zeer waardevol landschap
bebouwde kom
waardevol landschap
stadspark
NNN gebieden
buurtpark
Routestructuren
doorontwikkelen NME-wijklocaties
versterken of realiseren recreatieve verbinding te ontwikkelen vaarrondjes
Vergroening versterken groenlocaties met recratief (mede)gebruik
Natura 2000 gebieden
zoekzone dagrecreatie
hoofdgroenstructuur
te versterken uitloopgebieden
rondje Zwolle
Recreatie op en langs het water
17
ontwikkelmogelijkheden oeveren/of waterrecreatie
nevengroenstructuur water
20
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
21
m(be)leefbaar
3.4.2 Ecologische hoofdstructuur; Groen en blauw verbindt Om de biodiversiteit in Zwolle te behouden en te versterken, is er een variatie van doorgaande structuren nodig. Geleidende boomstructuren voor vogels en vleermuizen, droge verbindingen voor kleine (zoog) dieren en natte verbindingen voor vissen en waterdieren. Kleine ‘snippers’ die niet aaneengesloten liggen, geven onvoldoende leefruimte en voortplantingsmogelijkheden voor fauna (en flora). Juist de migratiemogelijkheden (mogelijkheid om zich van de ene naar de andere plek veilig te verplaatsen) zijn van belang voor een duurzame ecologische omgeving. De Zwolse Ecologische Structuur bestaat uit de belangrijkste natte en droge ecologische verbindingen die zorgen voor een robuust systeem. Om invulling te geven aan deze ecologische structuur moeten een aantal knelpunten worden opgelost. De knelpuntenkaart ecologie (pagina16) geeft de belangrijkste knelpunten weer. Naast een aantal knelpunten zijn er ook kansen om de natuur te versterken. De natuurwaarden en -ambities zijn per deelgebied beschreven. Op de kansenkaart (pagina 18) is weergegeven waar de belangrijkste locaties liggen om hier invulling aan te geven. 3.4.3 Recreatief gebruik; een frisse neus Water en groen in de openbare ruimte biedt ook ruimte om te recreëren. In alle buurten en voor alle inwoners zorgen we dat groen dichtbij is.
In deze webkaart staan de huidige voorzieningen aangegeven. Deze willen we behouden en versterken. Daarnaast zorgen we dat ook in de toekomst aandacht is voor een passend aanbod bij de recreatiebehoefte. Op de ambitiekaart (pagina 20) staan de belangrijkste groenstructuren aangegeven en zijn verschillende kansen benoemd.
3.5 Groenleidraad Voor een gezonde stad en het behoud van het groene karakter van Zwolle, is het nodig dat er voldoende groen is en blijft (in verhouding tot het aantal woningen). In het coalitieakkoord is ook aangegeven dat dit niet alleen wenselijk maar ook nodig is om invulling te kunnen geven aan een leefbare stad. Dit is een belangrijke invulling bij verdichting van de stad, want groen is niet alleen ‘mooi om te zien’, maar zorgt voor herkenbaarheid en is nodig voor gezondheid, biodiversiteit en klimaataanpassing (hitte en koelte, water). Om dit te bereiken hanteert Zwolle een leidraad van 75 m2 openbaar groen (met onder andere parken en plantsoenen) per woning in het stedelijk gebied.
22
Dit 75 m2 nieuw groen is gebaseerd op een hoeveelheid groen die alle functies kan bedienen en die de hoeveelheid groen per woning die we in Zwolle hadden in 2021 (ca. 90m2 per woning) niet te veel achteruit laat gaan. Dit sluit aan bij de beoogde Europese natuurherstelwet, die stelt dat de hoeveelheid en de kwaliteit van het groen in de stad niet mag achteruitgaan. Dit nieuwe groen wordt deels lokaal en deels stadsbreed aangelegd. Stadsbreed wordt de hoofdgroenstructuur versterkt en uitgebreid. Zodat de hoofdgroenstructuur de vele functies ze vervult kan blijven borgen en voor mens en dier een bruikbare verbinding tussen stad en buitengebied vormt. Lokaal zoeken we op straat en buurtniveau naar vergroening om elke inwoner schaduw en groene routes te kunnen bieden dicht bij huis. Niet alleen op de locaties waar gebouwd wordt, maar ook in de bestaande stad waar nu maar weinig groen in de straten aanwezig is. Deze lokale invulling is vertaald in het 2-22-200 principe. Die lichten we verder toe in paragraaf 4.1. 2-22-200 principe 2: Elke straat heeft ten minste 2 toekomstbomen – Voor een straat hanteren we een afstand van max 100m, een toekomstboom heeft boven- en ondergronds de ruimte om minstens 80 jaar oud te worden. 22: Zwolle heeft stadsbreed een kroonbedekking van minstens 22% - Hierbij zijn we ons ervan bewust dat er wijken en buurten zijn waar dit niet wordt gehaald.
Hier is de noodzaak van een toekomstboom per straat en het zoeken naar alternatieve schaduwroutes groot. 200: Alle inwoners hebben binnen 200m toegang tot een plantsoen of park – Een plantsoen of park heeft een oppervlak van minimaal 200m2 en biedt schaduw en zitplekken. Idealiter wordt dit gecombineerd met ontmoeting, spelen en of beweegmogelijkheden.
m(be)leefbaar
en dus eerder zorgen voor wortelopdruk.) Daarom geldt bij elke ontwikkeling dat er goede uitgangspunten moeten worden meegegeven. We werken met een Handboek bomen en een website met richtlijnen voor een (toegankelijke) openbare ruimte. Ook denken de beheerders graag mee in ontwerpfase en toetsen of plannen ook over de jaren heen goed in stand zijn te houden. Na realisatie dient overdracht naar beheer plaats te vinden, onderbouwd met een beheerplan met financiële paragraaf.
3.7 Bedrijventerreinen De groenleidraad en ontwerprichtlijn gelden specifiek voor woonbuurten. Maar ook de bedrijventerreinen vragen om verduurzaming en vergroening. Bij nieuwe bedrijventerreinen als Hessenpoort is dit vanaf ontwerp meegenomen, bij oudere bedrijventerreinen als Voorst en Marslanden ligt hier een opgave. Er is een apart proces duurzame bedrijventerreinen. Hierin wordt groen als speerpunt meegenomen om te zoeken naar vergroening van de bedrijventerreinen en het creëren van aantrekkelijke fiets- en wandelroutes.
3.8 Buitengebied Het groen van Zwolle betreft niet enkel het groen in de stad. Ook in het buitengebied liggen veel kansen en opgaven. We zoeken naar een goede verbinding tussen stad en land. Om invulling te geven aan de opgaven die er liggen op klimaat, recreatief medegebruik en biodiversiteit. Voor het buitengebied maken we gebruik van ons Landschapsontwikkelingsplan en sluiten we aan bij de kaders en programma’s die provincie en rijksoverheid hanteert. We zoeken in het buitengebied de samenwerking met onze gebiedspartners en buurgemeentes, want structuren en routes stoppen niet bij onze gemeentegrens. We zoeken naar mogelijkheden om door het hele buitengebied landschapselementen en natuurlijke elementen aan te leggen. Hiermee geven we invulling aan de opgave om 10% groen-blauwe dooradering te realiseren, wat aansluit bij de ingezette lijn voor basiskwaliteit natuur van de provincie. Omdat in het buitengebied een aantal grote opgaven liggen, krijgt het buitengebied een eigen focus en uitwerking vanuit de omgevingsvisie.
3.6 Beheer De keuze om het areaal groen te laten meegroeien met de stad leidt ook tot consequenties in beheer. Meer groen en recreatiegebieden en voorzieningen betekent ook meer beheer(kosten) voor groen. Tegelijk geldt dat waar groen in de plaats van verharding komt, er een mindering op het beheer van verharding komt. Goede ontwerp- en aanleguitgangspunten zijn sterk bepalend voor de benodigde beheerinspanningen en -kosten die nodig zijn om het groen langdurig in goede staat te houden en te laten uitgroeien. (Ter illustratie: een boom die weinig ondergrondse ruimte krijgt voor voeding en om te wortelen, zal zijn weg naar ruimte elders zoeken
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
23
m(be)leefbaar
4. Bouwstenen
m(be)leefbaar
Hoeveelheid m2 groen per woning in 2021
De bouwstenen geven op inhoudelijke onderdelen een nadere toelichting en onderbouwing hoe de ambities op groen invulling krijgen binnen Zwolle. Deze paragrafen zijn primair bedoeld ter verduidelijking voor de lezer die meer verdieping wil lezen. Hierdoor kan het voorkomen dat bepaalde teksten al eerder gelezen zijn in bijvoorbeeld hoofdstuk 3. 4.1 Leidraad groen Groennormen zijn in discussie sinds de grote stadsuitbreidingen vanaf het begin van de 20e eeuw. Er zijn veel verschillende normen ontwikkeld, met bijhorende definities. Het gaat hierbij om de hoeveelheid openbaar en/of toegankelijk en beleefbaar groen in het bebouwde gebied die nodig is om alle verschillende functies van en in groen een plek te kunnen geven. Tegenwoordig worden de gesprekken over groennormen weer veelvuldig gevoerd, op nationaal en lokaal niveau. Om hier in Zwolle invulling aan te geven hanteren wij een leidraad van 75m2 nieuw groen per nieuwe woning. Zo voorkomen we afname van het nettoverlies met de komst van nieuwe woningen, en geven we alle functies die groen moet en kan bedienen een plek. De groenleidraad geeft een beeld van de benodigde ruimte voor groen in en om de stad die nodig is om: • De inwoners van Zwolle voldoende mogelijkheden te geven voor recreatie en verblijf in de stad, • Groene klimaatadaptieve maatregelen te kunnen nemen (gezonde bodem, waterberging en -infiltratie),
• Bij (toenemende) hitte voldoende schaduwrijke woongebieden en routes te hebben waar mensen koelte kunnen vinden • Voldoende ruimte te hebben om de lokale biodiversiteit te versterken, • Zwolle een stad te laten blijven die innig verbonden is met het rijke landschap eromheen. Een stad die groen kleurt op alle schaalniveaus: het landschap begint bij de voordeur en loopt via groene verbindingen, plantsoenen, parken en groene vingers naar de diverse landschappen om de stad, • In Zwolle bij toenemende stedelijkheid een tegenhanger te bieden, met voldoende plekken in de stad waar mensen even in de luwte kunnen zijn. Groene openbare plekken voor stilte, verkoeling, ontmoeting, ontspanning en beweging. In de huidige stad ligt de gemiddelde hoeveelheid groen per woning stadsbreed boven de 75m2 per woning. Het algemene beeld in Zwolle is dat de oudere wijken, in en rond de binnenstad, relatief weinig groen hebben. Binnen deze oudere wijken is het juist belangrijk te zoeken naar meer groen, voor schaduw en ontmoeting, om zo invulling te geven aan de leefbaarheid van de wijk. In afbeelding 1 (pagina 25) is de hoeveelheid m2 groen per woning aangegeven in 2021. Het gaat om (woon)buurten binnen de bebouwde kom2.
4.1.1 Toepassing leidraad en ontwerpprincipe Zwolle is een groene stad met veel recreatieve en uitloopmogelijkheden en is voorloper op het gebied van ecologisch beheer (in de stad). Deze kwaliteiten omarmen we en willen we beschermen en niet laten afnemen. Met de groei van de stad willen we daarom ook de groei van het groen laten toenemen. Dit is, zeker in de bebouwde omgeving, niet altijd makkelijk. Daarom kijken we enerzijds naar toevoegen van groen op straatniveau en anderszijds naar het versterken en uitbouwen van de hoofdgroenstructuur. Om alle inwoners voldoende zicht op bomen, schaduw en uitloopgebied te bieden dicht bij huis, hanteren we in Zwolle het ontwerpprincipe 2-22-200.
2. De gegevens komen uit het openbare Zwolse Dashbord Wijk- en Datagericht werken. Het Dashbord gebruikt de Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT). Daarin is voor heel Nederland op éénduidige wijze de ligging van alle fysieke objecten geregistreerd. Er zijn zes categorieën; bebouwing, erf, verharding, water, groen en agrarisch gebruik. Onder groen vallen begroeide terreinen (bos, heesters, gras), openbaar en particulier. Naast parken en plantsoenen gaat het ook om bijvoorbeeld wegbermen en oevers. De indeling in buurten is die uit het Dashbord. De
Afbeelding 1: Huidige situatie van Zwolse buurten ten aanzien van de leidraad van 75 m2 groen / woning. (NB alhoewel er op het terrein Floresstraat
bebouwde kom is in dit geval die uit de Wegenverkeerswet (zoals gehanteerd in de BGT).
ook een woonbuurt is, is het hier nog gerekend tot de bedrijventerreinen.)
24
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
Groen- en recreatiebeleidsplan (Be)leefbaar voor iedereen - mei 2024
25
m(be)leefbaar
Bij de toepassing van het groen wordt gezocht naar een hoge mate van biodiversiteit. Hiervoor maken we gebruik van de wijkgerichte natuurwaardenkaart en de catalogus natuurinclusief bouwen. We zijn ons er van bewust dat verschillende gebieden verschillende mogelijkheden voor vergroening geven en nodig hebben. Het hoogstedelijk gebied als Centrum en Spoorzone hebben bijvoorbeeld minder ruimte voor groen dan de randstedelijke wijken (zie ook de profielen in de omgevingsvisie en de verschillende gebieden in de natuurwaardenkaart). Het karakter van deze wijken vraagt ook om een andere invulling, want we willen het unieke karakter van elk gebied behouden. Maar ook in de hoogstedelijke gebieden is de urgentie van groen in de nabije omgeving en de bereikbaarheid van grotere groeneenheden groot. Daarom hanteren we, ongeacht het gebied, een leidraad van 75m2 nieuw groen per nieuwe woning. Zo houden we voldoende groene ruimte in Zwolle. Naast de lokale groene invulling middels de reguliere plannen en het 2-22-200 principe hebben we meer ruimte nodig om tot een invulling van 75m2 groen per nieuwe woning te komen. We willen alle inwoners van Zwolle voldoende groen aan kunnen blijven bieden en ook natuur voldoende ruimte en robuuste structuren bieden.
Daarom zoeken we naast mogelijkheden voor groen dicht bij huis ook naar uitbreiding van groen door nieuwe grotere groengebieden in en aan de hoofdgroenstructuur te optimaliseren en uit te breiden. Om het groen op juiste wijze in de plannen en in de stad een plek te geven hanteren we een groenladder: Realisatie van 75m2* nieuw groen per nieuwe woning: 1. Kijk (samen met ontwikkelaars en andere disciplines) naar de groene invulling nabij de woningen en in het straatbeeld, hierbij invulling gevend aan het 2-22-200 principe. 2. Ontwikkel park of plantsoen op max 200m van de woningen (als dit nog niet aanwezig is) voor koelteplekken en ter stimulans voor ontmoeting en beweging. 3. Creëer een groene route naar de parken en plantsoenen en naar de Groene Vingers van Zwolle (grondgebonden groen, maar ook bomen). 4. Versterk bestaande parken en plantsoenen. 5. Versterk bestaande verbindingen naar de Groene
Vingers en de hoofdgroenstructuur. 6. Versterk de hoofdgroenstructuur. 7. Vergroot de hoofdgroenstructuur door nieuwe stadsparken en structuren (obv nadere analyse gewenste locatie). Met een schaarse ruimte wordt steeds vaker gekozen voor dakgroen. Dit heeft meerwaarde voor klimaat en biodiversiteit. Wanneer deze groene daken openbaar toegankelijk zijn, tellen deze volledig mee in de benodigde 75m2 per nieuwe woning. Als de groene daken niet (openbaar) toegankelijk zijn, dan kan 25% van het oppervlak meetellen in de 75m2. 4.1.2 Gezamenlijke en integrale opgave Als gemeente kiezen we voor uitbreiding van ons groen op stadsniveau en op straatniveau. De hoofdgroenstructuur is ons gemeentelijk kapitaal. Maar juist ook op straat- en perceelsniveau liggen er mogelijkheden voor vergroening. Hier zoeken we de samenwerking met ontwikkelaars en inwoners. De beleving van groen begint al in tuinen. Zeker bij inbreiding in de stad waar gekozen wordt voor hoogbouw is de ruimte voor particulier groen beperkt en moet de ruimte voor groen in de (semi) openbare ruimte worden gezocht. Hiervoor wordt aan ontwikkelaars en bewoners het puntensysteem natuurinclusief bouwen en ontwerpen meegegeven om te kiezen voor bijvoorbeeld dak- en gevelgroen. In de klimaatopgave (water en hitte) werkt dit positief mee.
En ook het zicht op groene gevels en daken heeft een positief effect op het welzijn van bewoners en gebruikers. Naast een groenleidraad in de openbare ruimte, wordt geïnvesteerd in bewustwording van de meerwaarde van groen in tuinen.
m(be)leefbaar
van wateroverlast. Ook willen we de biodiversiteit en de natuurwaarden vergroten. We reserveren middelen voor de uitvoering van deze ambities in een Natuur Investeringsagenda (NIA). Daarin nemen we ook investeringen op voor herstel van natuur in het buitengebied. De NIA geeft een totaaloverzicht van de beschikbare financiën die nodig zijn om de knelpunten in de hoofdgroenstructuur van Zwolle op te lossen en om de hoofdgroenstructuur verder te versterken en uit te breiden. Ook zijn hierin de kosten voor maatregelen van lokale vergroening op straatniveau opgenomen alswel maatregelen voor vergroting en versterking biodiversiteit. Ook de maatregelen die nodig zijn om onze inwoners voldoende uitloopgebied en extensieve recreatie in het groen aan te kunnen bieden zijn hierin meegenomen. Onderzocht moet worden welke (mede) financieringsmogelijkheden er zijn om de groei van het groen te financieren. Hiervoor wordt aanvullend op de omgevingsvisie en het omgevingsplan gekeken of hiervoor een thematisch omgevingsprogramma kan worden opgesteld. Voor de realisatie en prioritering van deze maatregelen wordt verwezen naar het Uitvoeringsprogramma Groen en Recreatie.
Private afspraken om groen te realiseren Ontwikkelaars moeten in hun plannen zorgen voor ruimtelijke kwaliteit en daarmee ook mede invulling geven aan de groenopgave en aan het 2-22-200 principe in hun plannen. De gevraagde bijdragen van ontwikkelende partijen worden in eerste instantie verhaald via het private spoor. In anterieure overeenkomsten worden afspraken gemaakt om een bepaalde ruimtelijke kwaliteit te behalen. De toepassing van groen hierbij is belangrijk voor een leefbare stad. Het 2-22-200 principe vraagt om invulling in de nieuwbouwplannen. Voor afspraken die al zijn gemaakt voor vaststelling van dit groen en recreatiebeleid wordt gekeken of dit principe in te passen is, maar worden de reeds gemaakte afspraken niet ter discussie gesteld.