1 Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Tekst van het document
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 26 van 82 April 2022 Versie 04
Conclusie Het plan is in overeenstemming met het waterbeleid. 2.5
Volkshuisvestingsbeleid Het gemeentelijk volkshuisvestingsbeleid is vastgesteld in de Zwolse woonvisie: 'Ruimte voor Wonen 2017 – 2027', zoals die is vastgesteld door de raad op 8 mei 2017. Conclusie Het plan heeft geen connectie met het beleid ten aanzien van volkshuisvesting omdat er geen nieuwe woonbebouwing mogelijk hoeft worden gemaakt, immers de boerderij staat er al. Wel wordt deze geschikt gemaakt voor dubbele bewoning.
2.6
Economisch beleid Beroep- en bedrijf aan huis Beroep en bedrijf aan huis wordt toegestaan. Conclusie Het plan is in overeenstemming met het economisch beleid.
2.7
Milieubeleid Algemeen beleid De gemeenteraad heeft in 2005 de milieuvisie 'Milieu op scherp' vastgesteld. De milieuvisie geeft de richting aan van het Zwolse milieubeleid. In de milieuvisie worden ambities en doelstellingen geformuleerd en worden prioriteiten gesteld in de ontwikkeling en uitvoering van het Zwolse milieubeleid. In de milieuvisie is de strategie geformuleerd die Zwolle wil hanteren om te komen tot een effectief en efficiënt milieubeleid. Er worden parallelle sporen gevolgd. Per sector (geluid, bodem, externe veiligheid, luchtkwaliteit enzovoort) wordt beleid geformuleerd. Op dit moment (anno 2017) is voor de sectoren energie, duurzaam bouwen, bodem, grondwater, geluid, afval, luchtkwaliteit en externe veiligheid beleid vastgesteld. Zwolle heeft daarnaast gebiedsgericht milieubeleid ontwikkeld. Door middel van gebiedsgerichte aanpak wordt het sectorale milieubeleid per gebied geïntegreerd. Het principe is dat binnen het grondgebied van Zwolle diverse gebiedstypen worden onderscheiden op basis van ruimtelijke kenmerken en functies. Vervolgens wordt vastgesteld welke milieukwaliteit nagestreefd wordt bij een dergelijk gebiedstype. Uiteindelijk zal dit referentie milieukwaliteitsprofiel de basis vormen voor de uitwerking van het milieubeleid in een specifiek gebied. Voor het plangebied worden de verschillende milieuthema's hierna kort beschreven.
Bedrijvigheid en Inwaartse zonering Zowel de ruimtelijke ordening als het milieubeleid stellen zich ten doel een goede kwaliteit van het leefmilieu te handhaven en te bevorderen. Dit gebeurd onder andere door milieuzonering. Onder milieuzonering verstaan we enerzijds het aanbrengen van een voldoende ruimtelijke scheiding tussen milieubelastende bedrijven of inrichtingen en gevoelige bestemmingen zoals woningen. Anderzijds worden milieugevoelige functies zoals wonen en recreëren beoordeeld.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 27 van 82 April 2022 Versie 04
De ruimtelijke scheiding bestaat doorgaans uit het aanhouden van een bepaalde afstand tussen milieubelastende en milieugevoelige functies. De onderlinge afstand moet groter zijn naarmate de milieubelastende functie het milieu sterker belast. Milieuzonering heeft twee doelen: 1. Het voorkomen of zoveel mogelijk beperken van hinder en gevaar bij woningen en andere gevoelige functies; 2. Het bieden van voldoende zekerheid aan bedrijven dat zij hun activiteit duurzaam onder aanvaardbare voorwaarden kunnen uitvoeren. Zwolle hanteert bij de uitwerking van het bovenstaande principe de veel gebruikte VNGhandreiking “Bedrijven en Milieuzonering”(2009). Hierin zijn richtafstanden aangegeven die aangehouden kunnen worden tussen bedrijven c.q. voorzieningen en woningen. In paragraaf 3.7.5 is nader ingegaan op deze milieuzonering voor het plangebied.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle
Blad 28 van 82
Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
April 2022 Versie 04
Hoofdstuk 3 Planbeschrijving In dit hoofdstuk wordt de bestaande ruimtelijke en functionele structuur van het plangebied omschreven. Daarnaast wordt een beschrijving gegeven van de uitgangspunten die gehanteerd zijn bij het maken van dit bestemmingsplan. 3.1
Stedenbouw
3.1.1
Huidige situatie Het plangebied aan de Herfterlaan 30 te Zwolle bevindt zich in het buitengebied van de gemeente Zwolle. De meest nabijgelegen plaats betreft Herfte, deze bevindt zich ten noorden van het plangebied op een afstand van circa 600 meter. Ten opzichte van de stad Zwolle bevindt het perceel zich op een afstand van hemelsbreed circa 1,8 kilometer ten oosten van het bedrijventerrein De Marslanden. Op onderstaande foto is de ligging ten opzichte van Herfte en het bedrijventerrein De Marslanden weergegeven.
Het perceel bevindt zich verder nog in de nabijheid van het recreatiegebied van de Wijthmener Plas en een golfterrein. In de bestaande situatie is sprake van een bestaand agrarisch bedrijf, een melkrundveehouderij, Herfterlaan 30-2. Op onderstaande luchtfoto is het bestaande bedrijf in zijn geheel te zien. Op het bedrijf worden in totaliteit 244 stuks vee gehouden. De woning Herfterlaan 30, een dubbele boerderij uit 1880, was tot 20 jaar geleden in gebruik als bedrijfswoning bij het bedrijf. Later is een deel van de oude boerderij verwijderd en omgezet naar een 2 woningen (Herfterlaan 30-1 en 30-2).
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 29 van 82 April 2022 Versie 04
De oude boerderij bleef bestaan, echter zonder dat er nog sprake was van uitoefening van melkveehouderij. De inmiddels gepensioneerde boer bleef wonen in de bedrijfswoning, Herfterlaan 30. Op de hierna weergegeven foto is de ligging van de woning Herfterlaan 30 weergegeven bij de oranje pijl.
3.1.2
Nieuwe situatie In de gewenste situatie wordt de bestaande bedrijfswoning in de vorm van de oude boerderij uit 1880 herbestemd naar een plattelandswoning en daarbij geschikt gemaakt voor dubbele bewoning. Door de bedrijfswoning om te zetten naar een plattelandswoning wordt het naastgelegen agrarisch bedrijf niet belemmerd in de bedrijfsvoering. Door deze te gaan herbestemmen naar een plattelandswoning kan deze woning ‘regulier’ worden bewoond door twee huishoudens die geen directe binding hebben met het aanwezige agrarische bedrijf en omgekeerd is de plattelandswoning niet ‘milieugevoelig’ voor het bestaande agrarische bedrijf waar de woning tot 20 jaar geleden als bedrijfswoning deel van uit heeft gemaakt. Op de hierna weergegeven figuur zijn de opstallen die behoren bij het perceel Herfterlaan 30 weergegeven in hun bestaande setting en uiterlijke verschijningsvorm Het gaat daarbij om de bestaande vervallen boerderij en een viertal vervallen bijgebouwen. Deze bijgebouwen worden allen gesloopt. De bestaande hooiberg wordt aangepast en blijft deel uit maken van het waardevolle erfensemble. (zie onder terreininrichting). De bestaande boerderij wordt grotendeels gesloopt, herbouwd met behoud van de authentieke uitstraling en geschikt gemaakt voor dubbele bewoning.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 30 van 82 April 2022 Versie 04
Op de figuur hierna is weergegeven hoe het perceel er na de herontwikkeling uit zal komen te zien met tevens een visualisatie van de nieuwe dan wel herbouwde bebouwing.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 31 van 82 April 2022 Versie 04
Onderstaand is weergave gedaan van het gewenste bouwplan van de plattelandswoning. Bij de tekeningen die hierna worden weergegeven wordt eerst de bestaande situatie weergegeven gevolgd door de nieuwe situatie na uitvoering van de plannen. Let wel, de hierna volgende tekeningen liggen momenteel bij de welstandscommissie ter beoordeling en dienen voor nu als ondersteunend beeldmateriaal en kunnen dus op onderdelen nog worden gewijzigd.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 32 van 82 April 2022 Versie 04
Bestaande plattegrond van de woning
Gewijzigde plattegrond
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 33 van 82 April 2022 Versie 04
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 34 van 82 April 2022 Versie 04
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 35 van 82 April 2022 Versie 04
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 36 van 82 April 2022 Versie 04
Goed zichtbaar is geworden is dat de bestaande karakteristieke hoofdvorm van de boerderij behouden blijft. Authentieke elementen komen terug in de nieuwe bebouwing (gebinten, gemetselde steken, raampartijen etc.) Het volume van de boerderij wordt optimaal benut door er nu twee wooneenheden in te realiseren. De kwaliteit van de ruimte wordt verbeterd door vervallen bijgebouwen te amoveren en daardoor weer zicht te hebben op het volledige volume van de boerderij, en beter zicht te hebben op het erfensemble. 3.1.3
Landschappelijke inpassing De verouderde en minder fraaie bebouwing wordt vervangen door moderne bebouwing met een uitstraling die refereert aan de bebouwing zoals die er stond. Op die wijze blijft het perceel een uitstraling hebben alsof het nog behoort bij het agrarische bedrijf.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle
Blad 37 van 82
Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
April 2022 Versie 04
Daar waar mogelijk wordt groen ingepast op het erf. Op deze wijze ontstaat een verfraaiing van het erf hetgeen kan worden gezien als een verbetering van de landschappelijke kwaliteit. 3.2
Archeologie In de toelichting moet worden aangegeven hoe het cultureel erfgoed wordt beschermd in relatie tot de wettelijke bepalingen (Erfgoedwet 2016) en hoe met het oog op het noodzakelijk onderzoek met het aspect archeologie is omgegaan. Eventuele onderzoeksrapporten moeten als bijlage bij de toelichting worden gevoegd. Onderstaand is inzichtelijk gemaakt of er ter plaatse sprake is van archeologische waarden.
Het gebied is aangemerkt als ‘archeologisch zeer waardevol’. Ten behoeve van het plan wordt echter niet voorzien in nieuw ruimtebeslag. De bestaande ruimte wordt meer optimaal gebruikt. Daar waar wordt voorzien in nieuwe functies en gebouwen/gebouwtjes staan momenteel ook al gebouwen.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 38 van 82 April 2022 Versie 04
Op dezelfde plaats als waar deze gebouwen staan worden die gesloopt en vervangen door nieuwe gebouwen die qua omvang niet groter zijn dan hetgeen er wordt gesloopt. Er worden geen extra gronden geroerd.
3.3
Cultuurhistorie Modernisering Monumentenwet (MoMo)/Wijziging Bro Per 1 januari 2012 is de wijziging van het Bro in werking getreden die een verplichting inhoudt om in de toelichting van het bestemmingsplan een beschrijving op te nemen van de wijze waarop met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden. Wat zijn cultuurhistorische waarden? De Memorie van Toelichting bij het Besluit ruimtelijke ordening zegt met betrekking tot artikel 3.1.6 het volgende: "Bij cultuurhistorische waarden gaat het over de positieve waardering van sporen, objecten, patronen en structuren die zichtbaar of niet zichtbaar onderdeel uitmaken van onze leefomgeving en een beeld geven van een historische situatie of ontwikkeling. In veel gevallen bepalen deze cultuurhistorische waarden de identiteit van een plek of gebied en bieden ze aanknopingspunten voor toekomstige ontwikkelingen. Deze cultuurhistorische elementen kan men niet allemaal als beschermd monument of gezicht aanwijzen, maar zijn wel onderdeel van de manier waarop we ons land beleven, inrichten en gebruiken" Het begrip cultuurhistorie heeft drie aspecten: 1. Historische (stede)bouwkunde / bovengrondse monumentenzorg; bijvoorbeeld kastelen, kerken, oude boerderijen of landhuizen, maar ook stedenbouwkundige elementen als beschermde stads- of dorpsgezichten; 2.
Archeologie; sporen en vondsten van menselijk handelen in het verleden in de bodem zijn achtergebleven, bijvoorbeeld potscherven, resten van voedselbereiding, graven, maar ook verkleuringen in de grond die duiden op bewoning of infrastructuur. Een verzamelterm hiervoor is 'archeologische waarden'. Alle archeologische waarden bij elkaar zijn het 'bodemarchief'. Deze sporen kunnen zich ook onder water bevinden zoals bijvoorbeeld verdronken nederzettingen of scheepswrakken; 3. Cultuurlandschap/historische geografie: alle landschappelijke elementen die het gevolg zijn van menselijk handelen in het verleden, bijvoorbeeld verkavelingspatronen, pestbosjes, landgoederenzones of ontginningsassen. Karakterisering Landschap Waardevol is de verhoogde ligging op de zandrug in het besloten landschap van Herfte. Het (oude) erfensemble is kleinschalig van opzet.
Erfensemble en erfstructuur Waardevol is de streekeigenheid van het erf door de eenvoud van de inrichting, de transparantie van het erf, het agrarische karakter, het ensemble van boerderij met kleine schuur en hooiberg, en het streekeigen plantmateriaal. Het kleine nutstuintje draagt bij aan het streekeigen karakter. Het erf van de tweede bedrijfswoning heeft een meer eigentijds assortiment aan beplanting, maar verstoort de kenmerken niet.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 39 van 82 April 2022 Versie 04
Gebouwen Waardevol is het ensemble van boerderij met schuur en hooiberg. Waardevol als afzonderlijk volume zijn de hooiberg en de boerderij, met als waardevolle elementen de karakteristiek ingedeelde voor- en achtergevel. De verhoogde ligging op de zandrug in het besloten landschap van Herfte blijft bestaan, daar wordt geen inbreuk op gepleegd. Tevens wordt in de beoogde nieuwe situatie ook het oude erfensemble intact gelaten, de nieuwe bijgebouwen komen op de plaats te staan van de bestaande bijgebouwen maar zijn kleiner. Daarmee blijft de strooiing van de bebouwing op het perceel intact zoals ie ook in de bestaande situatie aanwezig is, de volumes verminderen. De figuren op bladzijde 30 en 31 van deze toelichting laten dat ook goed zien. Ook is daarbij zichtbaar dat bijvoorbeeld de hooiberg als vorm weer terugkeert als vernieuwd bijgebouw. Ook de bestaande boerderij blijft deels staan, maar wordt opnieuw opgebouwd, verduurzaamd en gemoderniseerd waarbij de uiterlijke verschijningsvorm intact blijft. Het agrarisch karakter dat zo cultuurhistorisch waardevol is blijft op deze wijze aanwezig. Voor nummer 30 is een Waarde-Cultuurhistorie opgenomen op de verbeelding en zijn er regels voor opgenomen. Op die wijze wordt zorggedragen voor voldoende bescherming van het cultuurhistorisch erfgoed. Onderstaand is de bestaande en nieuwe situatie zichtbaar gemaakt.
Het karakter van de boerderij blijft bestaan. Ook de te realiseren bijgebouwen worden gebouwd in een stijl die aansluiting vindt bij de nu nog aanwezige gebouwtjes rondom de woning Herfterlaan 30. Het plan is verenigbaar met het onderdeel cultuurhistorie en blijft zo dicht mogelijk bij de bestaande setting aansluiten.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 40 van 82 April 2022 Versie 04
3.4
Verkeer
3.4.1
Huidige situatie Het bedrijf wordt ontsloten via de Herfterlaan, zo ook de woning Herfterlaan 30. Deze aansluiting op de Herfterlaan blijft bestaan en is toereikend voor het ruimtelijke plan.
Weergave ontsluiting perceel Herfterlaan 30
3.4.2
Uitgangspunten bestemmingsplan Ontsluiting en parkeren In de nieuwe situatie blijft de ontsluiting op dezelfde wijze plaatsvinden, hierin treedt geen verandering op. Het parkeren moet op eigen terrein opgelost worden. Binnen het plangebied is ruimte genoeg voor parkeren op eigen terrein. Dit wordt voorzien aan de ‘achterkant’ van het terrein. Op onderstaande figuur is de ontsluiting op de Herfterlaan en het parkeren zichtbaar gemaakt.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 41 van 82 April 2022 Versie 04
3.5
Natuur De Wet natuurbescherming (Wnb) is in werking getreden op 1 januari 2017. Deze wet vervangt de volgende drie wetten: de Natuurbeschermingswet 1998 (gebiedsbescherming), de Flora- en faunawet (soortenbescherming) en de Boswet (houtopstanden). De provincie is bij de Wnb het bevoegd gezag voor de toetsing van werkzaamheden en handelingen bij Natura 2000-gebieden en dier- en plantensoorten. Het Rijk blijft bevoegd gezag bij ruimtelijke ingrepen met grote nationale belangen. Voor gemeenten geldt dat zij het bevoegd gezag zijn voor omgevingsvergunningen. In het bestemmingsplan dient rekening te worden gehouden met Europese en nationale wetgeving en beleid ten aanzien van de natuurbescherming. Hierin wordt onderscheid gemaakt tussen gebiedsbescherming en soortenbescherming.
3.5.1
Gebiedsbescherming In de Wnb is de bescherming van specifieke natuurgebieden geregeld. Het betreft de Natura 2000-gebieden, die een internationale bescherming genieten. Plannen en projecten met negatieve effecten op deze gebieden zijn vergunning plichtig. Relevant daarbij is dat de Wnb een externe werking kent. Van externe werking is sprake als activiteiten buiten een Natura 2000-gebied van invloed zijn op de natuurwaarden in een Natura 2000-gebied. Per Natura 2000-gebied zijn instandhoudingsdoelen voor soorten en vegetatietypen opgesteld.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle
Blad 42 van 82
Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
April 2022 Versie 04
Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) - voorheen Ecologische Hoofdstructuur - is een samenhangend netwerk van bestaande en nog te ontwikkelen belangrijke natuurgebieden in Nederland en vormt de basis voor het natuurbeleid. Ten aanzien van ontwikkelingen binnen het NNN geldt het 'nee, tenzij-principe'. Het NNN is als beleidsdoel opgenomen in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte. De provincies zijn verantwoordelijk voor de begrenzing, ontwikkeling en bescherming van het NNN. Van belang is om na te gaan of zich in de directe nabijheid van het plangebied waardevolle natuurgebieden bevinden.
Natura 2000 Binnen de externe invloedsfeer op een afstand van ca. 1,6 kilometer ten noorden van het plangebied ligt het N2000-gebied Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht. Op de hierna volgende kaart zijn de N2000 gebieden in het ‘geel’ weergegeven.
Ligging ten opzichte van Natura 2000 (geel weergegeven zijn de Natura 2000 gebieden).
Het N2000 aanwijzingsbesluit is weergegeven in bijlage II van het ecologisch rapport die als bijlage bij het bestemmingsplan is gevoegd. Met behulp van de effectenindicator van het Ministerie kan een oriëntatie worden uitgevoerd naar potentiële (significante) negatieve effecten op kwalificerende soorten door bepaalde activiteiten. De effectenindicator geeft informatie over de meest voorkomende storingsfactoren en de gevoeligheid hiervoor van de aangewezen beschermde Habitat- en Vogelrichtlijnsoorten. In figuur 6 zijn de resultaten van de effectenindicator en daarmee de potentiële optredende storingsfactoren voor het betreffende Natura2000 gebied opgenomen ten aanzien van de activiteit woningbouw. In deze paragraaf wordt verder ingegaan op de eventuele effecten die de geplande ruimtelijke ingrepen kunnen hebben op de kwalificerende Habitat- en Vogelrichtlijnsoorten van het dichtstbijzijnde N2000gebied.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 43 van 82 April 2022 Versie 04
Effectenbeoordeling potentiële storingsfactoren N2000 Vanwege de aard van de ingrepen en de ligging / terreingesteldheid van het plangebied kunnen de volgende negatieve effecten op kwalificerende N2000 soorten door de storingsindicator opgesomde storingsfactoren worden uitgesloten. Oppervlakteverlies (1) en versnippering (2) Het plangebied ligt niet binnen de begrenzing van een beschermd N2000 gebied. Uit het natuurwaardenonderzoek blijkt dat de kwalificerende Habitat- en Vogelrichtlijn-soorten niet zijn aangetroffen of te verwachten zijn in het plangebied. Vanwege de geplande ingrepen treedt geen oppervlakteverlies of versnippering op omdat het plangebied buiten de N2000 begrenzing ligt. Verontreiniging Verontreiniging heeft meestal betrekking op afstroming van water (‘run-off’) met daarin bijvoorbeeld zware metalen, organische stoffen of strooizout. Het plangebied ligt niet binnen de begrenzing van een beschermd N2000 gebied. Door de geplande ingrepen komen geen verhoogde concentraties gebieds-, ecosysteem vreemde stoffen vrij. Er wordt gewerkt volgens de reguliere wettelijke normen, waardoor negatieve effecten als gevolg van verontreiniging op kwalificerende Habitat- en Vogelrichtlijn soorten daarom niet aan de orde zijn. Dit aspect wordt derhalve niet verder in deze effectenbeoordeling meegenomen.
NNN (NatuurNetwerk Nederland) Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) NNN bestaat in Overijssel uit een netwerk van natuur- en groen-blauwe landschapselementen, waaronder de Ecologische Hoofstructuur (EHS) en de Zone Ondernemen met Natuur en Water (ONW). In de ONW gebieden buiten de EHS is ruimte voor economische ontwikkeling, in combinatie met versterking van natuur, landschap en water. In de zone ONW geldt voor ruimtelijke ontwikkelingen een ‘Ja, mits' principe. De bestaande functies zijn uitgangspunt voor de bestemmingen in dit deelgebied. Het plangebied ligt niet binnen de EHS of ONW begrenzing, zo is onderstaand zichtbaar.
Ligging ten opzichte van NNN
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 44 van 82 April 2022 Versie 04
Er is geen afname van EHS of ONW areaal en er wordt niet binnen de EHS of ONW begrenzing gewerkt. De geplande ingrepen veroorzaken daarmee geen negatieve effecten op de samenhang en kwaliteit van de bestaande flora en fauna, natuur-, bosen landschapselementen en gebieden die aangewezen zijn voor groene en blauwe nieuwe natuur. Negatieve effecten op de wezenlijke kenmerken en waarden van de EHS en ONW gebieden, zijn daarmee uitgesloten. 3.5.2
Soortenbescherming Het uitgangspunt van de Wnb is dat er geen (opzettelijke) schade mag worden gedaan aan beschermde dieren of planten, tenzij dit uitdrukkelijk is toegestaan. De soortenbescherming binnen de Wnb is daarbij opgedeeld in drie beschermingsregimes: Vogelrichtlijnsoorten, Habitatrichtlijnsoorten en andere soorten. Bij beoordeling van de toelaatbaarheid van bouwwerken en/of andere activiteiten moet rekening worden gehouden met de mogelijke aanwezigheid van te beschermen dier- en plantensoorten. Er dient een ontheffing op grond van artikel 3.3, 3.8 en/of 3.10 Wnb te worden aangevraagd voor een (bouw)werkzaamheid of activiteit indien het volgende van toepassing is: • uit gegevens of onderzoek blijkt dat er sprake is van verstoring of doden van (een) beschermde soort(en); • het bouwwerk en/of de activiteit veroorzaakt beschadiging of vernieling van voortplanting- of rustplaatsen van dieren, dan wel ontworteling of vernieling van plantensoorten; • er kan geen gebruik gemaakt worden van een vrijstelling op grond van de W et natuurbescherming; • er kan niet gewerkt worden volgens een goedgekeurde gedragscode. Van belang is om na te gaan of één of meerdere van deze verbodsactiviteiten van toepassing zijn of kunnen zijn. In het kader van de planontwikkeling worden verouderde gebouwen gesloopt. Er is zodoende een ecologische quickscan uitgevoerd.
Het bij het onderzoek behorende rapport is als bijlage bij het bestemmingsplan gevoegd. Uit de effectentoetsing Soortbescherming Wet natuurbescherming wordt geconcludeerd dat bij uitvoering van de geplande ingrepen negatieve effecten mogelijk zijn op: • (Broed)vogels. Er worden door de geplande ingrepen geen negatieve effecten verwacht op de overige beschermde ontheffing plichtige soorten of aanwezige functies. (Broed)vogels Gedurende de werkzaamheden dient rekening te worden gehouden met het broedseizoen van vogels. Verstoring van broedgevallen van vogels dient ten alle tijde te worden voorkomen. Voor de in het plangebied te verwachten vogelsoorten kan hiermee rekening gehouden worden door werkzaamheden buiten de broedperiode uit te voeren. Voor het broedseizoen wordt geen standaardperiode gehanteerd, globaal wordt de periode half maart tot medio juli aangehouden. Hierbij dient rekening gehouden te worden met het feit dat veel vogels meerdere legsels per jaar kunnen hebben.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 45 van 82 April 2022 Versie 04
Om te voorkomen dat vogels tot broeden komen binnen het plangebied kunnen, in overleg met een ecoloog, voorbereidende maatregelen worden getroffen om het plangebied ongeschikt te maken. Zorgplicht en vrijgestelde grondgebonden zoogdieren en amfibieën Indien de planning het toelaat, kan schade aan de algemene vrijgestelde grondgebonden zoogdieren en amfibieën worden geminimaliseerd door werkzaamheden zoveel als mogelijk uit te voeren buiten de voortplantingsperiode februari t/m augustus. De minst schadelijke periode is de vorstvrije periode in september t/m november. 3.5.3
Stikstofdepositie Het project voorziet in het bouwen en gebruiken van een bestaande woning voor dubbele bewoning. De woning moet daarvoor door verbouwingen geschikt voor worden gemaakt. Tijdens de bouwwerkzaamheden wordt kortstondig gebruikt gemaakt van machines. Door het verstoken van brandstof stoten die stikstof uit aan de atmosfeer. Deze activiteiten zijn eenmalig en kortdurend. Het gebruiken en wonen in de woning gaat niet gepaard met uitstoot van stikstof. Het aantal vervoersbewegingen in de gebruiksfase bedraagt circa 7 extra vervoersbewegingen per etmaal ten opzichte van de bestaande situatie. Vanwege de geringe omvang van het project, de eenmalige uitvoering van het project en de afstand tussen het plangebied en het Natura 2000-gebied zal de ontwikkeling niet leiden tot een toename van de stikstofbelasting op dit Natura 2000-gebied.
3.6
Water Op 11 februari 2021 is de watertoets uitgevoerd. Het plangebied bevindt zich in het beheersgebied van het waterschap Drents Overijsselse Delta. Op basis van deze digitale toets geldt dat er geen sprake is van een waterschapsbelang. Het waterschap gaat akkoord met het plan. Er kan direct doorgegaan worden met de planvorming van het plan en het waterschap verzoekt om onderstaande tekst op te nemen in de toelichting van het plan (de waterparagraaf). WATERPARAGRAAF GEEN WATERSCHAPSBELANG Deze standaard waterparagraaf heeft betrekking op het plan Herbestemmen voormalige agrarische bedrijfswoning Herfterlaan 30 naar een plattelandswoning die voor dubbele bewoning geschikt wordt gemaakt. Het plan betreft alleen een functieverandering van bestaande bebouwing en heeft geen invloed op de waterhuishouding. Er is geen sprake van (grond) wateroverlast in de omgeving van het plan. Er is geen waterschapsbelang. Deze conclusie is automatisch getrokken op basis van de ingevoerde gegevens op www.dewatertoets.nl. Het proces van de watertoets is goed doorlopen. Het waterschap Drents Overijsselse Delta gaat akkoord met het plan. Verder kan over het onderdeel water en dan specifiek het aspect riolering nog het volgende worden aangegeven.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 46 van 82 April 2022 Versie 04
De bestaande woning is aangesloten op het drukriool van Herfte. Het vuilwater gaat (samen met een enkele andere woningen in de buurt) naar pompput 18014, waarna het verpompt wordt met dit drukriool naar Oosterenk/Wipstrik. Op dit drukriool mag geen regenwater worden afgevoerd, de bestaande boerderij zal daarom zijn eigen regenwaterafvoer behouden. 3.7
Wonen
3.7.1
Huidige situatie In de bestaande situatie is sprake van een bedrijfswoning waarin gewoond wordt ten dienste van het bedrijf. In de nieuwe situatie gaat de bedrijfswoning als plattelandswoning worden bewoond en geschikt worden gemaakt voor dubbele bewoning. De woonfunctie blijft intact.
3.7.2
Milieu In deze paragraaf wordt ingegaan op de milieuaspecten die van belang zijn bij het toekennen van bestemmingen.
3.7.3
M.e.r.-beoordeling De milieueffectrapportage is een hulpmiddel om bij diverse procedures het milieubelang een volwaardige plaats in de besluitvorming te geven. De m.e.r.-procedure is gekoppeld aan de 'moederprocedure'. Dit is de procedure op grond waarvan de besluitvorming plaatsvindt, bijvoorbeeld de bestemmingsplanprocedure, of een milieuvergunningsprocedure. In het Besluit m.e.r., bijlage D, onder artikel 11 (Woningbouw, Stedelijke ontwikkeling, Industrieterreinen) staat onder artikel 11.3 genoemd dat een m.e.r-beoordeling moet plaatsvinden in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject (met inbegrip van winkelcentra of parkeerterreinen): indien: De oppervlakte een aaneengesloten gebied betreft van 100 hectare en groter dan 2000 woningen betreft. Qua aard, omvang en ligging is voorliggend ruimtelijk plan niet gelijk te stellen aan de betreffende en omschreven activiteit zoals bedoeld in het Besluit m.e.r. en lijkt een nadere verantwoording niet nodig te zijn.
M.e.r.-aanmeldnotitie Op 7 juli 2017 is een wetswijziging van het Besluit milieueffectrapportage inwerking getreden. Eén van de belangrijkste gevolgen van deze wetswijziging is dat vanaf 16 mei 2017 een vormvrije m.e.r.-beoordeling moet worden aangevraagd door middel van een aanmeldnotitie. Dit is een extra stap in de procedure voor de vormvrije m.e.r.-beoordeling. Het nut van deze notitie is dat al in een vroeg stadium beoordeeld wordt of de activiteit belangrijke nadelige milieugevolgen heeft. De beslissing van het bevoegd gezag of een milieueffectrapportage moet worden opgesteld, vindt plaats op basis van deze notitie.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle
Blad 47 van 82
Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
April 2022 Versie 04
Een aanmeldnotitie moet alleen worden opgesteld indien een particulier of een ondernemer de initiatiefnemer is van de voorgenomen activiteit. De notitie moet ingediend worden bij het bevoegd gezag. Deze aanmeldnotitie is vormvrij, maar heeft wel een aantal inhoudelijke voorwaarden. De aanmeldnotitie moet in ieder geval informatie bevatten over de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële effecten van de activiteit. Binnen zes weken nadat de initiatiefnemer deze informatie heeft verstrekt, moet het bevoegd gezag beslissen of een milieueffectrapportage moet worden opgesteld. In onderstaande tabelvorm is nog een kwalitatief oordeel geveld over de effecten op diverse milieufactoren, zoals in het voorgaande hoofdstuk is beschreven. Milieueffect Archeologie
Effecten
Bijzonderheden
Geen effecten
De ontwikkeling leidt niet tot nieuwe ruimtelijke en daarmee gepaard gaande bodemverstorende activiteiten. Er is geen onderzoek nodig.
Bodem
Geen effecten
Er is geen verkennend bodemonderzoek nodig, immers er is sprake van een bestaande verblijfsruimte.
Ecologie
Er zijn geen nadelige effecten
Er is ecologisch onderzoek
ten aanzien van ecologie te
uitgevoerd. Indien rekening wordt
verwachten
gehouden met de aanbevelingen is het plan uitvoerbaar vanuit het aspect ecologie bezien.
Geluid
Er zijn geen nadelige effecten
Woningen van derden bevinden
ten aanzien van geluid te
zich op voldoende afstand, deze
verwachten.
worden niet gehinderd vanuit het aspect geluid.
Geur
Er zijn geen nadelige effecten
De plattelandswoning is niet voor
ten aanzien van geurhinder te
geur gevoelig van het
verwachten.
melkrundveebedrijf waar het aanvankelijk deel van uit heeft gemaakt. Overige agrarische bedrijven liggen op voldoende afstand.
Milieuhinder
Er zijn geen nadelige effecten
Door de herbestemming naar
ten aanzien van milieuhinder te
plattelandswoning ontstaat geen
verwachten.
extra milieuhinder voor omringende bedrijven vanwege de onderliggende afstand die voldoende groot is.
Luchtkwaliteit
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Het project is niet nadelig voor
Het project is via de NIBM-tool als
de luchtkwaliteit, er worden
niet nadelig voor de luchtkwaliteit
geen normen overschreden.
beoordeeld.
Gemeente Zwolle
Blad 48 van 82
Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
April 2022 Versie 04
Verkeer en vervoer en parkeren
Het project voorziet niet in een
De ontsluiting richting de weg is
significante verkeer
goed te noemen. Op eigen terrein
aantrekkende werking. Ook het
is voldoende plaats voor parkeren.
parkeren is inpasbaar.
Water
Het plan is verenigbaar met de
Er is geen sprake van een
belangen van het waterschap.
waterschap belang.
Middels voorliggende m.e.r.-beoordeling zijn de verwachte milieueffecten van de voorgenomen activiteit overeenkomstig de beoordelingscriteria van bijlage III bij de Europese Richtlijn ‘betreffende de milieubeoordeling van bepaalde openbare en particuliere projecten’ in beeld gebracht. Uit deze effectbeoordeling blijkt dat er geen significant negatieve milieueffecten te verwachten zijn bij uitvoering van de voorgenomen activiteit. De algehele conclusie is dan ook dat voor de gekozen procedure er geen m.e.r.-plicht geldt en er dus geen milieueffectenrapportage hoeft te worden opgesteld. 3.7.4
Geluid Regels ten aanzien van geluidhinder zijn vastgelegd in de Wet geluidhinder (Wgh). Het doel van de Wet geluidhinder is tweeledig. Enerzijds de bescherming van het milieu en anderzijds de bescherming van de volksgezondheid. Bepalend is steeds de situering van geluidsbronnen ten opzichte van geluidsgevoelige bestemmingen zoals woningen en scholen. De Wgh gaat uit van zones langs wegen, spoorwegen en industrieterreinen. Binnen dergelijke zones zijn nieuwe geluidsgevoelige bestemmingen alleen toegestaan indien de geluidsbelasting op de buitengevel onder of hoogstens gelijk is aan de voorkeursgrenswaarde. Ontheffing van de voorkeursgrenswaarde is toegestaan indien maatregelen om de geluidsbelasting op de buitengevels te beperken niet mogelijk zijn of onvoldoende helpen en indien aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan. Wet geluidhinder (wegverkeerslawaai) Er is reeds sprake van een bestaande bedrijfswoning. Deze is aan te merken als een bestaand geluidsgevoelig object vanuit de Wet geluidhinder bezien. De bestaande woning blijft bestaan en gaat regulier worden bewoond. is geen akoestisch onderzoek nodig. Ook blijkt uit de hierna weergegeven kaart vanuit de Atlas van de Leefomgeving dat ter plaatse van de bedrijfswoning sprake is van een goed woon- en leefklimaat vanuit het aspect ‘wegverkeerslawaai’ gezien.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle
Blad 49 van 82
Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
April 2022 Versie 04
Industrielawaai Er is geen sprake van industrielawaai. Spoorlawaai Het plangebied bevindt zich niet binnen een geluidszone van spoorweglawaai. 3.7.5
Bedrijvigheid (Wet milieubeheer) In het kader van een goede ruimtelijke ordening is het van belang dat bij de aanwezigheid van bedrijven in de omgeving van geplande milieugevoelige functies, zoals woningen, ter plaatse van de woningen een goed woon- en leefklimaat kan worden gegarandeerd en dat rekening wordt gehouden met de bedrijfsvoering en de milieuruimte van de betreffende milieubelastende functies. Om te komen tot een ruimtelijk relevante toetsing van bedrijfsvestigingen op milieu hygiënische aspecten wordt milieuzonering gehanteerd. Hieronder wordt verstaan een voldoende ruimtelijke scheiding tussen enerzijds milieubelastende bedrijven of inrichtingen en anderzijds milieugevoelige gebieden zoals woongebieden. Milieuzonering beperkt zich tot milieuaspecten met een ruimtelijke dimensie: geluid, geur, gevaar en stof. Om milieuzonering hanteerbaar te maken wordt gebruik gemaakt van de VNG publicatie 'Bedrijven en milieuzonering' (uitgave 2009). Deze publicatie bevat onder meer lijsten met richtafstanden van diverse milieuhinderlijke activiteiten en stappenplannen voor concrete situaties. De richtafstanden uit bijlage 1 voor de VNG publicatie gaan uit van een 'rustige woonwijk'. Indien er sprake is van het omgevingstype 'gemengd gebied' dan kan de richtafstand terug worden gebracht met één afstandsstap.
Ter plaatse is sprake van een menging van functies waarbij naast woonbestemmingen ook diverse agrarische bestemmingen en bedrijven in de omgeving aanwezig zijn. Het omgevingstype is daarbij te karakteriseren als ‘gemengd gebied’, waarbij genoemde richtafstanden uit de VNG-Reeks één afstandstrede naar beneden mogen worden bijgesteld.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 50 van 82 April 2022 Versie 04
Voor het ‘eigen’ agrarische bedrijf waar de woning voorheen onderdeel van uitmaakte als bedrijfswoning geldt dat de plattelandswoning hiervoor niet als ‘milieugevoelig’ wordt beschouwd. Er gaat zodoende geen wederzijdse hinder uit van het agrarisch bedrijf naar de plattelandswoning en andersom vormt de plattelandswoning geen belemmerende factor voor de uitoefening van het agrarisch bedrijf.
Naar het noorden toe bevinden zich een tweetal woonbestemmingen. Van wonen naar wonen is geen sprake van wederzijdse milieuhinder. In de omgeving van de plattelandswoning bevinden zich meerdere veehouderijen. Dit zijn: ➢ Oude Dalfserweg 1 (melkrundveehouderij); ➢ Herfterlaan 71 (melkrundveehouderij) ➢ Herfterlaan 73 (rundveehouderij) ➢ Herfterlaan 77-1 (melkrundveehouderij) ➢ Herfterlaan 77 (melkrundveehouderij) ➢ Herfterlaan 30-1 en 30-2 (melkrundveehouderij) Op de adressen Oude Dalfserweg 1a, Oude Dalfserweg 2, Herfterlaan 71a en Herfterlaan 75 wordt, hoewel zij wel een agrarische bestemming hebben, geen vee (meer) gehouden. Hierna is de ligging van de locaties te zien.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 51 van 82 April 2022 Versie 04
In de bestaande situatie is de woning nog in gebruik als bedrijfswoning. Als bedrijfswoning is deze woning niet milieugevoelig voor het eigen bedrijf, maar wel milieugevoelig voor rondom gelegen (agrarische bedrijven). Als plattelandswoning blijft de woning eveneens milieugevoelig voor rondom gelegen bedrijven. Ten opzichte van de bestaande situatie wijzigt dat niet. De plattelandswoning leidt niet tot meer hinder voor de omringende bedrijven. Voor de melkveehouderijen geldt, uitgaande van het omgevingstype ‘gemengd gebied’ een grootste normafstand voor geur van 50 meter, gemeten vanaf het emissiepunt van de dierenverblijven. De afstand van de plattelandswoning tot aan de meest nabijgelegen stalruimte van dieren bedraagt circa 102 meter afstand en is daarmee voldoende groot.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 52 van 82 April 2022 Versie 04
Tevens is door adviesbureau Van’t Erve Advies nog een motivering opgesteld die aantoont dat de plattelandswoning ook vanuit het milieuaspect ‘fijnstof’ bezien niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. Deze milieukundige motivering is als bijlage bij dit bestemmingsplan gevoegd. Er is geen wederzijdse milieuhinder te verwachten. 3.7.6
Trillingen Het onderdeel trillingen is niet van toepassing, spoorwegen en wegen waarover zwaar vrachtverkeer rijdt liggen op voldoende afstand.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 53 van 82 April 2022 Versie 04
3.7.7
Luchtkwaliteit
NSL Op 15 november 2007 is het onderdeel luchtkwaliteit van de Wet milieubeheer in werking getreden. Kern van de wet is het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). Projecten die ‘niet in betekende mate’ (nibm) van invloed zijn op de luchtkwaliteit hoeven niet meer getoetst te worden aan de grenswaarden voor luchtkwaliteit. In de AMvB-nibm zijn de criteria vastgelegd om te kunnen beoordelen of voor een project sprake is van nibm. Met de inwerkingtreding van de NSL op 1 augustus 2009 geldt de volgende bovengrens om als NIBM-project te worden aangemerkt: de bouw van 1500 woningen aan één ontsluitingsweg. Het bouwplan biedt de mogelijkheid tot het kunnen bouwen van extra wooneenheid in de plattelandswoning en is daarmee in vergelijking met genoemd project van 1500 woningen qua omvang en verkeer aantrekkende werking kleinschaliger dan de bouw van 1500 woningen aan één ontsluitingsweg. Het project kan daarom worden beschouwd als een nibm-project. Onderzoek naar de luchtkwaliteit is niet verder nodig. 3.7.8
Bodemkwaliteit In het bestemmingsplan dient aangegeven te worden wat de kwaliteit van de bodem ter plaatse van het plangebied is. Tevens dient, op basis van de Mor (Ministeriële regeling omgevingsrecht), bij de aanvraag van een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen een rapportage van een recent uitgevoerd verkennend bodemonderzoek toegevoegd te worden. Voor verkennend bodemonderzoek op een locatie wordt de norm NEN 5740 gehanteerd (onderzoeksstrategie voor verkennend bodemonderzoek). De bodemonderzoeksplicht geldt alleen voor bouwwerken waarvoor: • een reguliere omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen is vereist; • waarin voortdurend of nagenoeg voortdurend (twee of meer uren per dag) mensen zullen verblijven; • die de grond raken; • waarvan het bestaande gebruik wijzigt (interne verbouwing); • die niet naar aard en omvang gelijk zijn aan een bouwwerk genoemd in het Besluit bouwwerken; • waarvan geen reeds bruikbare recente onderzoeksresultaten aanwezig zijn; • die geen tijdelijk bouwwerk betreffen waarbij uit het vooronderzoek blijkt dat de locatie onverdacht is. Er is geen sprake van een nieuw te realiseren verblijfsruimten immers de woning wordt al volledig als verblijfsruimte gebruikt. Er is geen verkennend bodemonderzoek nodig.
3.7.9
Verzuring Het onderdeel verzuring is niet van toepassing
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 54 van 82 April 2022 Versie 04
3.7.10
Externe veiligheid Het Besluit richt zich primair op inrichtingen zoals bedoeld in de Wet milieubeheer. In artikel 2, lid 1 van het BEVI staan de inrichtingen genoemd waarop het besluit van toepassing is. Deze inrichtingen brengen risico’s met zich mee voor de in de omgeving aanwezige risicogevoelige objecten. Er is sprake van een bestaande bedrijfswoning, als gevolg van de wijziging van de bestemming is er slechts sprake van een zeer geringe toename van het groepsrisico, zodat onderzoek naar externe veiligheid niet nodig is.
3.7.11
Afval Ten aanzien van het afvoeren van huishoudelijk afval zal aansluiting worden gezocht bij de reguliere afvalophaaldienst zoals die in de bestaande situatie reeds aanwezig is. Het plan leidt niet tot een grotere afzet van bedrijfs- en huishoudelijk afval.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle
Blad 55 van 82
Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
April 2022 Versie 04
4
Hoofdstuk 4 Juridische aspecten
4.1
Inleiding Dit bestemmingsplan is gemaakt conform het 'Handboek bestemmingsplannen Zwolle' versie 21. Dit handboek is gebaseerd op de Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen SVBP2012, zoals vastgelegd in de Regeling standaarden ruimtelijke ordening 2012. De regels zijn binnen de systematiek van de SVBP2012 aangepast aan de Zwolse situatie en uitgebreid met extra standaardbestemmingen, waaraan in Zwolle behoefte is. De regels van het bestemmingsplan ‘Buitengebied – Herfterlaan 30 Zwolle’ zijn voor zover nodig op hun beurt weer aangepast aan specifieke situaties in het plangebied van dit bestemmingsplan. De regels van het bestemmingsplan bestaan uit de volgende hoofdstukken: • Hoofdstuk 1 Inleidende regels; • Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels; • Hoofdstuk 3 Algemene regels; • Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels. Hoofdstuk 1 Inleidende regels: De inleidende regels zijn van algemene aard en bestaan uit de volgende regels: Artikel 1 : Begrippen Hierin worden de in de regels gebruikte begrippen gedefinieerd. Ze zijn alfabetisch gerangschikt met uitzondering van de begrippen plan en bestemmingplan die als eerste zijn genoemd. Het doel van deze regels is om misverstanden of verschillen in interpretatie te voorkomen. Dit als aanvulling op de gevallen waarbij het woordenboek van Dale geen uitsluitsel geeft.
Artikel 2 : Verwijzing Dit is de handleiding voor de manier van meten van diverse in het plan bepaalde maten. Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels: Artikel 3 : Agrarisch met waarden – Landschap Deze bestemming is opgenomen op de gronden waarvan de beoogde plattelandswoning deel van uitmaakt. De bestaande rechten van het agrarisch bedrijf zijn overgenomen en aangevuld met een regeling die het mogelijk maakt dat de woning Herfterlaan 30 kan worden gebruikt als plattelandswoning en waarbij tevens door middel van een aanduiding is vastgelegd dat deze plattelandswoning voor dubbele bewoning geschikt kan worden gemaakt.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 56 van 82 April 2022 Versie 04
Artikel 4 : Waarde – Archeologie Uitgangspunten voor deze dubbelbestemming zijn: • De gebieden die volgens de gemeentelijke archeologische waarderingskaart een grote vondstkans hebben (50% of meer) zijn mede bestemd tot archeologisch waardevol gebied; • Bij de regeling voor de dubbelbestemming is nauwe aansluiting gezocht bij de Erfgoedwet; • Bij verstoringen in de bodem met een grotere diepte dan 0,5 meter en een grotere oppervlakte dan 100 m² zijn specifieke bouwregels en een omgevingsgunningenstelsel conform de regeling uit de Wet op de archeologische monumentenzorg van toepassing. Artikel 5 : Waarde - Cultuurhistorie De bebouwing die is gewaardeerd als van hoge cultuurhistorische waarde heeft de dubbelbestemming Waarde – Cultuurhistorie gekregen. De cultuurhistorisch waardevolle elementen zijn beschreven in de lijst van waardevolle objecten, welke is opgenomen in de bijlage bij de regels. Hiermee worden de cultuurhistorische waarden van de bebouwing beschermd.
Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 6 Anti-dubbeltelregel De anti-dubbeltelregel moet op grond van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) worden opgenomen om bijvoorbeeld te voorkomen dat, wanneer volgens een bestemmingsplan bepaalde gebouwen en bouwwerken niet meer dan een bepaald deel van een perceel mogen beslaan, het opengebleven terrein niet nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw of bouwwerk, waaraan een soortgelijke eis wordt gesteld. Artikel 7 Algemene afwijkingsregels In deze regels is als eerste de op grond van vaste jurisprudentie vereiste algemene afwijking in de vorm van de zogenaamde 'toverformule' opgenomen. Bij een omgevingsvergunning moet van het gebruiksverbod worden afgeweken, indien strikte toepassing zou leiden tot een beperking van het meest doelmatige gebruik, welke niet door dringende redenen wordt gerechtvaardigd. Daarnaast wordt in deze regels de bevoegdheid gegeven om bij een omgevingsvergunning af te wijken van bepaalde in het bestemmingsplan geregelde onderwerpen. Hierbij gaat het om afwijkingsregels die gelden voor alle bestemmingen in het plan. Deze regels zijn niet van toepassing, indien en voor zover er specifieke in de bestemming zelf geregelde afwijkingsregels van toepassing zijn. Ten slotte zijn de criteria voor de toepassing van deze afwijkingsregels hier opgenomen.
Artikel 8 Algemene procedureregels Hierin wordt de standaardprocedure voor de voorbereiding van een besluit tot het stellen van een nadere eis beschreven.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle
Blad 57 van 82
Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
April 2022 Versie 04
Artikel 9 Overige regels In dit artikel wordt geregeld dat een bouwplan moet voorzien in voldoende ruimte voor parkeren, laden en lossen. Wat voldoende is, wordt op basis van het algemene parkeerbeleid van de gemeente Zwolle bepaald tijdens de beoordeling van een bouwplan. Bij een omgevingsvergunning kan hiervan worden afgeweken, indien anderszins in voldoende ruimte kan worden voorzien. Ten slotte kan bij een omgevingsvergunning worden afgeweken in bijzondere omstandigheden, onder andere op basis van criteria van het algemene parkeerbeleid. Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Artikel 9 Overgangsrecht Het overgangsrecht is vastgelegd in de vorm zoals in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is voorgeschreven. Tevens is een hardheidsclausule opgenomen in de vorm van persoonsgebonden overgangsrecht op de wijze zoals door de regering bij de totstandkoming van het Bro werd aanbevolen. Artikel 10 Slotregel Als laatste wordt de slotregel opgenomen. Deze regel bevat zowel de aanhalingstitel van het plan, de aanhalingstitel van de regels van het plan als de vaststellingsregel van het plan. 4.2
Handboek Dit bestemmingsplan is vervaardigd conform de richtlijnen van het 'Handboek bestemmingsplannen Zwolle' versie 21.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 58 van 82 April 2022 Versie 04
5
Hoofdstuk 5 Uitvoerbaarheid
5.1
Economische uitvoerbaarheid Algemeen Indien sprake is van een of meerdere aangewezen bouwplannen in de zin van artikel 6.2.1 Besluit ruimtelijke ordening, in combinatie met een planologische maatregel is afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (Grondexploitatiewet) van toepassing. Dit brengt met zich mee dat de gemeenteraad een exploitatieplan dient vast te stellen tenzij middels gemeentelijke gronduitgifte dan wel, of in combinatie met, een anterieure overeenkomst de kosten in de grondexploitatie anderszins verzekerd zijn en, indien noodzakelijk, er afspraken zijn gemaakt over een tijdvak, fasering en locatie-eisen. De kosten in verband met het uitvoeren van het bestemmingsplan komen voor rekening van de initiatiefnemer. De Initiatiefnemer heeft voldoende aannemelijk gemaakt het risico ten aanzien van de exploitatie van de in het bestemmingsplan voorziene ontwikkeling te kunnen dragen. De gemeentelijke kosten in verband met de procedure die moet leiden tot het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan worden middels een anterieure overeenkomst tussen de gemeente en initiatiefnemer voor rekening van de initiatiefnemer gebracht . In deze anterieure overeenkomst zal ook een planschadeverhaalsbepaling worden opgenomen. Hiermee wordt gewaarborgd dat eventueel te vergoeden planschade voor rekening van de initiatiefnemer komt.
Ook overige kosten die de gemeente maakt in verband met onderhavige bestemmingsplan worden middels de anterieure overeenkomst voor rekening van de initiatiefnemer gebracht. Het vaststellen van een exploitatieplan is derhalve niet noodzakelijk. De gronden in het plangebied zijn in eigendom bij de initiatiefnemer. Conclusie Het vaststellen van een exploitatieplan door het college van burgemeester en wethouders blijft achterwege, omdat met het aangaan van een anterieure overeenkomst met de initiatiefnemer de kosten van de grondexploitatie anderszins verzekerd zijn (art 6.12, tweede lid, sub a). Ook is de economische uitvoerbaarheid van het project voldoende aangetoond.
5.2
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
5.2.1
Overleg met de buurt Vanuit de initiatiefnemers is veelvuldig overleg gevoerd met alle directe buren en omwonenden. Op voorhand is een ieder enthousiast over de beoogde plannen. De bewoners van Herfterlaan nummer 67, 75, 77, 77-1 en 28,32 en 32a, alsmede de bewoners van Oude Dalfserweg 2 en 2-1 zijn enthousiast over de verbeterplannen van omgeving en hebben geen problemen met de nieuwe bestemming. Ook de directe meest nabijgelegen buren op nummer 30-1 en 30-2 waar een deel van hun grondgebied deel uitmaakt voor voorliggend bestemmingsplan hebben schriftelijk door de concept anterieure overeenkomt mede te tekenen- en mondeling aangegeven hier mee in te kunnen stemmen.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 59 van 82 April 2022 Versie 04
5.2.2
Uitkomsten overleg Rijk In berichtgeving vanuit het voormalige ministerie van VROM is aangegeven dat slechtst plannen die aantoonbaar van nationaal belang zijn, aan VROM aangeboden dienen te worden. Daarvan is in casu geen sprake. Provincie De provincie Overijssel heeft aangegeven dat het plan past in het provinciaal ruimtelijk beleid, er zijn geen bezwaren.. Waterschap De watertoets is uitgevoerd en op basis daarvan geldt er geen waterschapsbelang. Het waterschap is akkoord gegaan met het plan.
5.2.3
Uitkomst ter inzage ligging Het bestemmingsplan heeft, met de daarbij behorende stukken, met ingang van 17 februari 2022 voor een ieder ter inzage gelegen. Er zijn geen zienswijzen ingediend.
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle
Blad 60 van 82
Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
April 2022 Versie 04
`
Regels bij Bestemmingsplan Herfterlaan 30 Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleidende regels Artikel 1 Begrippen Artikel 2 Wijze van meten Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Artikel 3 Agrarisch met waarden – Landschap Artikel 4 Waarde – Archeologie Artikel 5 Waarde – Cultuurhistorie 1 Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 6 Anti-dubbeltelregel Artikel 7 Algemene afwijkingsregels Artikel 8 Algemene procedureregels Artikel 9 Overige regels Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Artikel 10 Overgangsrecht Artikel 11 Slotregel Bijlagen bij de regels 1 Overzicht te verwijderen objecten 2 Cultuurhistorisch waardevolle objecten
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
61 61 68 69 69 75 76 78 78 78 79 79 80 80 81 82 82 83
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 61 van 82 April 2022 Versie 04
Hoofdstuk 1 Inleidende regels Artikel 1 Begrippen In deze regels wordt verstaan onder: 1.1 plan: het bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30 met identificatienummer NL.IMRO.0193.BP21002-0004 van de gemeente Zwolle; 1.2 bestemmingsplan de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen; 1.3 aanduiding: een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.4 aanduidingsgrens: de grens van een aanduiding, indien het een vlak betreft; 1.5 agrarisch bedrijf: een bedrijf dat is gericht op het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen (houtteelt daaronder begrepen) en/of het houden van dieren; 1.6 agrarisch hulp- en nevenbedrijf bedrijf: Een bedrijf dat in hoofdzaak gericht is op het verlenen van diensten en/of het toeleveren van zaaien pootgoed, gewasbeschermingsmiddelen en/of andere producten en/of machines aan agrarische bedrijven en hoveniersbedrijven, inclusief de verhuur van machines alsmede het verzorgen van praktijkopleidingen ten behoeve van de agrarische sector en de tuinbouw ; 1.7 bebouwing: één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde; 1.8 bebouwingspercentage: a. indien het percentage een bestemmingsvlak betreft: 1.
de verhouding tussen de oppervlakte van het te bebouwen terreingedeelte en de totale oppervlakte van het bestemmingsvlak; b. indien het percentage een perceel betreft: 1. een percentage, dat de grootte aangeeft van het deel van een perceel, dat ten hoogste mag worden bebouwd; c. dit percentage wordt slechts berekend over het gedeelte van het bestemmingsvlak of het perceel, waarbinnen de bouwwerken mogen worden gebouwd; 1.9 bed & breakfast: ruimte in of direct bij de hoofdwoning, waar gasten voor een beperkte periode verblijven en het ontbijt wordt geserveerd door de hoofdbewoner en/of leden van zijn gezin;
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
Blad 62 van 82 April 2022 Versie 04
1.10 bedrijf: het uitoefenen van bedrijfsmatige activiteiten; 1.11 bedrijf aan huis: een dienstverlenend bedrijf of ambachtelijk bedrijf, dat in of bij een woning wordt uitgeoefend, waarbij de woning in overwegende mate de woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitwerking of uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is; 1.12 bedrijfsgebouw: een gebouw, dat dient voor de uitoefening van een bedrijf; 1.13 bedrijfswoning: een woning in of bij een gebouw of op een terrein, kennelijk slechts bedoeld voor (het huishouden van) een persoon, wiens huisvesting daar gelet op de bestemming van het gebouw of het terrein noodzakelijk is; 1.14 beroep aan huis: een dienstverlenend beroep, dat in of bij een woning wordt uitgeoefend, waarbij de woning in overwegende mate de woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitwerking of uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is; 1.15
beroeps- c.q. bedrijfsvloeroppervlakte: a. de totale vloeroppervlakte van de ruimte die wordt gebruikt voor beroep aan huis c.q. een (dienstverlenend) bedrijf of een dienstverlenende instelling, inclusief opslag- en administratieruimten en dergelijke; b. een daaraan vast gebouwde of er deel van uitmakende woning wordt niet meegeteld;
1.16 bestemmingsgrens: de grens van een bestemmingsvlak; 1.17 bestemmingsvlak: een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; 1.18 bijbehorend bouwwerk: uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd en met de aarde verbonden bouwwerk met een dak; 1.19 bouwen: het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk; 1.20 bouwgrens: de grens van een bouwvlak; 1.21 bouwlaag: een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw en zolder;
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
Gemeente Zwolle
Blad 63 van 82
Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30
April 2022 Versie 04
1.22 bouwperceel: een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten; 1.23 bouwperceelgrens: de grens van een bouwperceel; 1.24 bouwvlak: een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten; 1.25 bouwwerk een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden; 1.26 dagrecreatie: recreatie in de open lucht uitsluitend gedurende een dagperiode op speciaal daarvoor ingerichte terreinen, zoals een wandelbos, wandelpark, strandbad, vis- en zwemvijvers, speel- en ligweide, speelterrein, kinderspeelplaats, dierenpark, volkstuinen of nutstuinen; 1.27 detailhandel het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, verkopen, verhuren en leveren van goederen aan personen die die goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit, waaronder zijn begrepen grootschalige detailhandel, volumineuze detailhandel, een tuincentrum en een supermarkt; 1.28 erf: al dan niet bebouwd perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct gelegen is bij een hoofdgebouw; 1.29 extensieve dagrecreatie: recreatie in de open lucht uitsluitend gedurende een dagperiode, waarbij vooral het landschap of
bepaalde delen ervan sterk beleefd worden, waarbij weinig of geen gebouwde voorzieningen nodig zijn en waarbij tevens in het algemeen het aantal recreanten per oppervlakte-eenheid beperkt is, zoals wandelen, fietsen, verpozen en natuur- en landschapsbeleving; 1.30 gebouw: elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; 1.31 grondgebonden agrarische bedrijfsvoering: een agrarische bedrijfsvoering die hoofdzakelijk niet in gebouwen plaatsvindt; 1.32 groothandel: het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen, het verhuren en/of het leveren van goederen aan wederverkopers dan wel aan instellingen of personen ter aanwending in een andere bedrijfsactiviteit; 1.33 groothandel gebonden detailhandel: detailhandel, welke een geïntegreerd en groothandelsbedrijf;
NL.IMRO.0193BP21002-0004 Toelichting
ondergeschikt
deel
uitmaakt
van
een
Gemeente Zwolle Bestemmingsplan Buitengebied, Herfterlaan 30