CConstaterende datZwolle
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Beleidsnota Basisvaardigheden

Raad Besluitvormingsronde 18 december 2023, gemeente ZwolleBij agendapunt: Beleidsnota Basisvaardigheden13.310 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

23

Bron: Stichting Lezen en Schrijven

Voor werkgevers is het van belang om aandacht te besteden aan taal op de werkvloer. Het is voor een leidinggevende of collega’s niet altijd duidelijk dat iemand laaggeletterd is. Het is dan ook voor werkgevers zinvol om aandacht te besteden aan taal op de werkvloer met als resultaat: een afname van het ziekteverzuim, veiligere werkomstandigheden, er worden minder fouten gemaakt en de productiviteit en kwaliteit gaat omhoog. Ook het welbevinden op het werk wordt vergroot. Een mogelijkheid om het bereik van mensen met geringe basisvaardigheden via werkgevers te vergroten is het geven van voorlichting en deskundigheidsbevordering. Hierbij kunnen het signaleren van laaggeletterdheid, laaggecijferdheid en geringe digitale vaardigheden aan bod komen en de mogelijkheden van (taal)onderwijs. PACT laaggeletterdheid Zwolle Op initiatief van DeltaWonen is er in 2019 een congres Laaggeletterdheid georganiseerd voor samenwerkingspartners, leveranciers en andere relaties. De inzet was bewustwording van laaggeletterdheid. Tijdens dat congres hebben 17 samenwerkingspartners, waaronder de gemeente Zwolle, een PACT ondertekend om laaggeletterdheid aan te pakken27. Na het congres hebben nog meer partners zich aangesloten. De ondertekenaars zetten zich in om laaggeletterdheid aan te pakken. Dit houdt in: • Bewustmaken van medewerkers.

• Verbeteren van de eigen communicatie met klanten en medewerkers. • Verwijzen van klanten naar de Taalpunten. Jaarlijks ontmoeten de deelnemers van het PACT elkaar om ervaringen uit te wisselen en kennis te delen. Deze bijeenkomst wordt door een steeds wisselende organisatie aangesloten bij het PACT georganiseerd.

27 artikel-congres-laaggeletterdheid-_marco-vd-berg-def.pdf (deltawonen.nl)

24

Naast de gemeente Zwolle maken ook de gemeente Oldebroek en de gemeente Kampen deel uit van het PACT. Beide gemeenten maken ook deel uit van de Arbeidsmarktregio Zwolle. In 2024 slaan deze gemeenten de handen ineen om de PACT bijeenkomst te organiseren. Concreet en meetbaar doel:

•

In 2024 organiseert de gemeente Zwolle in samenwerking met de gemeente Kampen en Oldebroek de jaarlijkse PACT bijeenkomst.

Traject naar Werk In 2022 heeft Team Educatie Zwolle een succesvol Traject naar Werk opgezet in samenwerking met de adviseurs SROI van de regio Zwolle. Aan het Traject naar Werk deden cursisten uit de taalgroep B1-B2 mee (formeel onderwijs). Deze anderstalige cursisten (NT2) hebben een hogere opleiding genoten in hun eigen land, maar hebben in Nederland erg veel moeite om een baan te vinden op hun eigen niveau. De positieve ervaringen die met dit traject zijn opgedaan willen we verder uitbouwen door opnieuw met een traject naar werk te starten. De doelgroep wordt verbreed. Naast de anderstaligen uit de WEB-groepen worden ook de kansen op de arbeidsmarkt van statushouders en ex-inburgeraars vergroot. Provinciaal project: Taalroute naar werk Dit project heeft tot doel om een aantal best practices uit Overijssel op te schalen om mensen met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt te helpen een baan te vinden. Een voorbeeld van zo’n best practices is MatzSocial28. Provinciaal project: Arbeidsmarktbenadering provincie Overijssel (april 2023 – eind 2024).

De doelstelling van dit project is, om in samenwerking met werkgevers (meer specifiek MKB, semioverheidsorganisaties en maatschappelijke en/of vrijwilligersorganisaties) het bereiken van laaggeletterden op de werkvloer (en waar mogelijk hun gezin) en het aanbieden van maatwerkondersteuning die bijdraagt aan het vergroten van de basisvaardigheden en daardoor de zelfredzaamheid van werknemers op het werk en daarbuiten (sociale inclusie). 5.3.2. Financiële redzaamheid Naar schatting heeft ongeveer de helft van de mensen met betalingsachterstanden moeite met lezen en schrijven. Door de toenemende digitalisering wordt het voor hen nog ingewikkelder om goed met geld om te gaan. Geldzorgen staan vaak aan het begin van een reeks problemen: financiële problemen, maar ook problemen op gebieden als opleiding en werk, fysieke en mentale gezondheid, opvoeding en wonen. Door geldzorgen aan te pakken, halen we dus de bron van tal van andere problemen weg. Vroege signalering en ondersteuning betekent dat met kleine interventies een groot verschil kan worden gemaakt. Dat is ook van belang met het oog op maatschappelijke kosten die ontstaan indien niet tijdig wordt ingegrepen.

Naast onvoldoende bestaanszekerheid vraagt preventie van geldzorgen oog voor de andere oorzaken: bijvoorbeeld het beschikken over onvoldoende financiële vaardigheden, laaggeletterd of anderstalig zijn of een licht verstandelijk beperking hebben29. Het begrijpen van rekeningen, het aanvragen van toeslagen en het overzicht houden van hun inkomsten en uitgaven zijn niet gemakkelijk. We zien kansen in een intensievere samenwerking tussen de beleidsdomeinen armoede, schulddienstverlening en basisvaardigheden en externe partners. Dit doen we door bij professionals die werken met inwoners met schuldenproblematiek meer bekendheid en bewustwording te creëren voor het belang van geletterdheid.

28 Matz Social B.V. | Overbrugt afstanden tot de arbeidsmarkt | MVO-expert 29 Kamerbrief aanpak geldzorgen, armoede en schulden (12 juli 2022)

25

Concrete en meetbare doelen:

•

We starten in 2024 een pilot project financiële redzaamheid in relatie tot basisvaardigheden waarbij we: - de bekendheid en bewustwording vergroten bij professionals die werken met inwoners met schuldenproblematiek en/of die in armoede leven; - professionals trainen in het signaleren van laaggeletterdheid, laaggecijferdheid en digitaal geringe vaardigheden en het doorverwijzen naar een passend aanbod; - maatwerk bieden bij de leervraag van de inwoner t.a.v. basisvaardigheden en financiële vaardigheden. Dit kan bij Taalpunt Zwolle zowel individueel als in een groep.

•

We verkennen samen met Taalpunt Zwolle en Op Orde de toegevoegde waarde van een gecombineerd spreekuur.

5.3.3. Gezondheid: een gezonde levensstijl Eén op de vier Nederlanders heeft beperkte gezondheidsvaardigheden. Bij mensen met een laag opleidingsniveau is dit zelfs ruim één op de drie (38%). Functionele gezondheidsvaardigheden zijn het kunnen lezen, begrijpen en toepassen van gezondheidsinformatie. Het gaat hierbij om het vermogen om informatie te vinden en op juiste waarde te schatten. Digitale vaardigheden spelen hier ook in toenemende mate een rol in. Het gevolg van geringe gezondheidsvaardigheden is een slechtere fysieke en mentale gezondheid, een grotere kans om eerder te sterven, het minder goed in staat zijn tot zelfmanagement en het hebben van een minder gezonde leefstijl. Mensen met een geringe woordenschat, die moeite hebben met lezen en rekenen, hebben onvoldoende toegang tot informatie over ziekte en gezondheid en het op juiste waarde schatten van de gevonden informatie. Ook maken zij meer gebruik van ziekenhuisen huisartsenzorg en minder van preventieve zorg30. Onderzoek toont aan dat taalscholing bijdraagt aan een betere (ervaren) gezondheid, zowel lichamelijk als geestelijk31. Het werken aan basisvaardigheden draagt bij aan het bevorderen van een gezonde leefstijl en vermindering van overgewicht. Op deze manier draagt het bij aan de gestelde doelen in het gezondheids- en sportbeleid.

De Vrije Universiteit Amsterdam (VU) vraagt aan de gemeente Zwolle om te participeren in het door hen ontwikkelde programma ‘Gezond en goed met elkaar’ (GGME). Het programma bestaat uit een cursusprogramma, gericht op het verbeteren van zowel de positieve gezondheidsvaardigheden als de taalvaardigheid bij de deelnemers van de cursus, waarbij de doelgroep bestaat uit mensen die laaggeletterd zijn dan wel beperkte gezondheidsvaardigheden hebben.

5.4.

Specifiek voor kinderen: preventie van laaggeletterdheid

In Zwolle willen we dat alle kinderen dezelfde kansen krijgen en goed toegerust zijn voor hun toekomst. De eerste jaren zijn van groot belang voor de (taal)ontwikkeling van het jonge kind en de beheersing van basisvaardigheden op latere leeftijd. Ouders spelen hierin een cruciale rol. Ouders die hun kinderen voorlezen, verhalen vertellen en met ze praten en zingen zorgen voor een taalrijke omgeving. Als ouders voldoende (taal)vaardig zijn biedt dit niet alleen voor hen, maar ook voor hun kinderen kansen. Het omgekeerde is ook het geval. Als ouders laaggeletterd zijn, is de kans groot dat ze dit aan hun kinderen doorgeven, net zoals zij zelf hun taalproblemen hebben ‘gekregen’ van hun ouders. Om te voorkomen dat kinderen van ouders die moeite hebben met lezen en schrijven moet de ‘cyclus van laaggeletterdheid’ worden doorbroken.

30 Laaggeletterdheid en Gezondheid | Stichting Lezen en Schrijven 31 De Greef, M., Hanekamp, M., Nijhuis J. en Lam J.F. (2014). Impact onderzoek taaltrajecten Taal voor het Leven door

Stichting Lezen en Schrijven op het gebied van sociale inclusie en leesvaardigheid Deel A. Maastricht: Maastricht University.

26

Ten aanzien van (jonge) kinderen ligt een sterke link met ander gemeentelijk beleid namelijk: Kansrijke Start en het Onderwijskansenbeleid (OKB). De gemeente Zwolle subsidieert diverse activiteiten zoals: • Kinderopvang Plus, de Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) platform en ondersteuning en VVE Taal & Gezin uitgevoerd door Travers Welzijn. • Vanuit Stadkamer wordt ingezet op het programma ‘Alle Zwolse Kinderen lezen’ en daarmee op waarin wordt een doorgaande leeslijn van 0 – 18 jaar. Binnen de programmalijn wordt ook gebruik gemaakt van Boekstart en de Voorleesexpress. De doorleesexpress voor kinderen van 8 tot 12 jaar is in ontwikkeling. Eén van de doelen uit het Onderwijskansenbeleid is dat ouders meer betrokken worden bij de taal- en bredere ontwikkeling van hun kind. De acties ten behoeve van preventie van laaggeletterdheid zijn daarom, naast gericht op het kind zelf, met name ook gericht op het zo vroeg mogelijk signaleren van laaggeletterdheid bij (aankomende) ouders, met hen hierover in gesprek gaan en een passend aanbod beschikbaar te hebben. Gemeentelijke Gezinsaanpak Geletterdheid Het project Gemeentelijke Gezinsaanpak Geletterdheid wordt in opdracht van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap uitgevoerd in een samenwerkingsverband van Stichting Lezen, Stichting Lezen en Schrijven en de Koninklijke Bibliotheek.

Het project helpt gemeenten bij het nemen van de regierol bij laaggeletterdheid. Vanaf november 2023 neemt de gemeente Zwolle (beleidsterreinen Basisvaardigheden en Onderwijskansenbeleid) samen met Stadkamer, gemeente Kampen en bibliotheek Kampen deel aan dit project. De Gemeentelijke Gezinsaanpak Geletterdheid is gericht op het doorbreken van de cyclus laaggeletterdheid door: • bewust te maken van hun rol bij de taalontwikkeling van hun kinderen, vooral wanneer kinderen nog heel jong zijn (0-6 jaar); • handvatten te geven zodat ze de taalontwikkeling van hun kinderen beter te stimuleren; • uit te nodigen ook met hun eigen taalvaardigheid aan de slag te gaan, zodat ze met meer vaardigheid en zelfvertrouwen de rol van taalopvoeder kunnen innemen. Concreet en meetbaar doel:

•

Gemeente Zwolle (Onderwijskansenbeleid en Basisvaardigheden) neemt vanaf november 2023 tot april 2024 deel aan de Gemeentelijke Gezinsaanpak Geletterdheid.

27

5.5.

Specifiek voor jongeren: preventie van laaggeletterdheid

Een voldoende woordenschat is een voorwaarde om jezelf, je talenten en ambities en de wereld om je heen te benoemen en te begrijpen. Taal is daarbij van essentieel belang. We vinden het daarom belangrijk om jongeren en jong volwassenen specifiek aandacht te geven, zeker omdat we zien dat het percentage Nederlandse jongeren dat risico loopt om laaggeletterd te worden blijft toenemen. Van 11% in 2003, naar 18% in 2015 en 24% in 2018. Dit blijkt uit internationaal onderzoek onder 15jarigen, door de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO). Het aandeel leerlingen met lage leesvaardigheden in Nederland is hoger dan het OESO-gemiddelde van 22,7% en vrijwel gelijk aan het EU-28 gemiddelde van 24,0%. Daarnaast nemen de motivatie om te lezen en het leesplezier bij leerlingen af; 60% van de leerlingen geeft aan alleen te lezen als het moet, bijvoorbeeld voor het opzoeken van informatie voor schoolopdrachten32. Tot dusver is er vanuit het beleidsterrein basisvaardigheden niet de focus op jongeren gelegd. Dit willen we nu wel doen om zo te voorkomen dat de jongere van nu de laaggeletterde van de toekomst wordt. Inspraak van jongeren is daarbij extra belangrijk.

We gaan in gesprek met de Jongerenraad, het Jongerenplatform en voeren gesprekken met jongerenwerkers en het onderwijs met als doel meer inzicht te krijgen in de jongeren waar het hier om gaat en om zo tot een vraaggerichte aanpak te komen.

Concrete stap: We formeren een aparte werkgroep om de mogelijkheden ten aanzien van jongeren en jongvolwassenen verder uit te werken. Aangrijpingspunten zijn bijvoorbeeld:

•

Het betrekken van jongeren om bekendheid en bewustzijn ten aanzien van het onderwerp te vergroten en om behoeften te bepalen. Dit kan onder andere door de Jongerenraad en het Jongerenplatform een actieve rol te geven.

•

Gesprekken voeren met jongerenwerkers om signalen op te halen en om de bekendheid en bewustwording te vergroten.

•

Verkennende gesprekken voeren met beleidsmedewerkers onderwijs om in kaart te brengen waar verbetering mogelijk is.

•

Gesprekken met professionals van het regionaal bureau leerlingenzaken.

Met de verzamelde input bepalen we onze doelen voor de komende jaren. Ook in dit vervolg blijft de inspraak van jongeren belangrijk.

32 Resultaten_PISA_2018_in_vogelvlucht.pdf (utwente.nl)

28

6. Monitoren, evalueren en verbeteren Meten is weten. Het is van belang om de uitvoering en de opbrengsten van de aanpak basisvaardigheden systematisch in kaart te brengen, conclusies te trekken en het beleid waar mogelijk te verbeteren. Zo wordt geëvalueerd of de goede dingen worden gedaan en of de dingen goed worden gedaan. Dit proces heet de kwaliteitscyclus. De kwaliteitscyclus heeft tot doel om de uitvoering en kwaliteit te monitoren en te evalueren en tegelijkertijd inzicht te bieden in de voortgang van de resultaten. De uitkomsten komen vervolgens weer terug in de beleidscyclus. Bij het inrichten van de kwaliteitscyclus wordt de Plan-Do-Check-Act cyclus (PDCA) gebruikt.

6.1.

Plan: afspraken maken

De voorliggende notitie is in samenwerking met interne- externe partners tot stand gekomen. Hierbij zijn de doelen gezamenlijk geformuleerd over de te bereiken (sub)doelen en de onderliggende doelstellingen.

6.2.

Do: uitvoering

De gemeente heeft de regie. Wij zetten de kaders en lijnen uit voor het vergroten van basisvaardigheden, nemen het voortouw en zien toe op het halen van de ambities en daarbij behorende actiepunten. Hierbij laten we ons adviseren door Stichting Lezen en Schrijven. Vanuit relaties met partners in de stad kan de gemeente ook aan hen vragen om op dit thema zich in te zetten. De stuurgroep basisvaardigheden geeft invulling aan het gemeentelijke beleid basisvaardigheden. Alle betrokken partners nemen deel in deze stuurgroep. Dit betekent dat we vanuit de stuurgroep gaan verkennen hoe het basis-, voortgezet en beroepsonderwijs meer betrokken kan worden bij de aanpak. Het beleid basisvaardigheden wordt samen met de stuurgroep vertaald naar een concrete uitvoeringsagenda. Op basis van deze vertaling wordt jaarlijks bepaald waar de focus ligt, wie we nodig hebben om aan de slag te gaan en welke financiële middelen hiervoor ingezet worden. Er worden (tijdelijke) werkgroepen geformeerd om met acties en/of projecten aan de slag te gaan. Na het behalen van het resultaat, vieren we het succes en gaat de werkgroep uiteen. Tot slot geeft de gemeente Zwolle ook zelf het goede voorbeeld op het gebied van basisvaardigheden door in haar eigen organisatie en aan haar gelieerde organisaties op integrale en enthousiaste wijze onder andere de signalering en de toeleiding naar het aanbod te bevorderen.

6.3.

Check: monitoring van de resultaten

Er zijn verschillende manieren om meer inzicht te krijgen in het bereik van de doelgroep, de kwaliteit en de resultaten van het beleid basisvaardigheden. Onderdeel hiervan zijn:

29

-

CBS-monitor Landelijk Beeld Volwasseneneducatie33 Sinds 2021 werkt OCW samen met het CBS, de centrumgemeenten (waarvan Zwolle er één is) en de VNG aan de ontwikkeling van een landelijke monitor – het Landelijk Beeld Volwasseneneducatie. Het doel hiervan is om meer inzicht te krijgen in de sociodemografische kenmerken van deelnemers (geslacht, moedertaal en leeftijd) en de kenmerken van de educatietrajecten (formeel of non-formeel, taal, rekenen en/of digitale vaardigheden en het soort traject NT1 of NT2). De arbeidsmarktregio Zwolle is sinds 2023 aangesloten bij deze monitor. De eerste halfjaarlijkse regionale rapportage laat echter een incompleet beeld zien. Slechts een klein deel van de regionale formele en non-formele aanbieders volwasseneneducatie heeft de monitor ingevuld. Een speerpunt vanuit de Arbeidsmarktregio basisvaardigheden is dan ook om de urgentie en noodzaak van de monitor bij formele (onder andere ROC’s) en non-formele (Taalpunten) aanbieders volwasseneneducatie te benadrukken en meer sturing te geven aan het proces. Dit omdat we als regio meer inzicht willen krijgen in wie gebruik maakt van het formele of nonformele aanbod en van welk aanbod gebruik wordt gemaakt. Ook willen we weten hoeveel inwoners gebruik maken van het aanbod volwasseneneducatie. Hierdoor krijgen we meer inzicht in en kunnen we gerichter bijsturen, niet alleen regionaal maar ook lokaal.

De urgentie en noodzaak om deel te nemen aan de monitor wordt versterkt omdat na 2024 het aanleveren van de gegevens door de gemeenten als voorwaarden wordt gesteld voor het ontvangen van de WEB-middelen (Wet educatie beroepsonderwijs). Deze middelen worden ingezet voor de volwasseneneducatie.

•

Impactmeting volwasseneneducatie34 De impact volwasseneneducatie brengt de impact in kaart van volwasseneneducatie op het dagelijks leven en op de arbeidsmarktpositie. Deze impactmeting wordt uitgevoerd door Dr. Prof. Maurice de Greef (Unesco Leerstoelhouder Volwasseneducatie). Als arbeidsmarktregio Zwolle hebben we in 2023 een eerste impactmeting laten uitvoeren. De impactmeting kent twee meetmomenten waarin men kijkt naar: taalvaardigheden, digitale vaardigheden, assertiviteit, ontmoeten & ondernemen, natuur – en sportactiviteiten en arbeidsmarktpositie. Daarnaast zijn er items die toegevoegd kunnen worden aan deze vaststaande inhoudelijke items. De eerste resultaten van deze impactmeting laten zien dat regionaal een groot aantal deelnemers een beter plek in de samenleving heeft gekregen, dankzij deelname aan trajecten volwasseneneducatie in 2023. Zo wordt het duidelijk dat: circa 64% van de deelnemers een betere taalbeheersing krijgt, circa 45% tot 60% van de deelnemers een betere plek in de samenleving krijgt en circa 15% tot 30% van de deelnemers een betere arbeidsmarktpositie krijgt. Binnen de Arbeidsmarktregio basisvaardigheden wordt de impactmeting op dit moment geëvalueerd (plan, do, check, act).

•

6.4.

Certificering Taalpunt Taalpunt Zwolle heeft in 2021 het kwaliteitscertificaat ontvangen van de Certificeringsorganisatie Bibliotheekwerk, Cultuur en Taal (CBCT). Hiermee voldoet het Taalpunt aan belangrijke kwaliteitsnormen ten aanzien van het non-formele aanbod volwasseneneducatie. De certificering loopt tot 2025.

Act: evalueren en hoe verder?

Op basis van het Landelijk Beeld Volwasseneneducatie, de landelijke monitor Volwasseneneducatie en de klantreizen kan de balans worden opgemaakt. De bevindingen worden in een rapportage verwerkt en besproken in de kerngroep. Centraal daarbij staan de vragen: 33 Landelijk Beeld Volwasseneneducatie | Aan de slag | Tel mee met Taal 34 Landelijke monitor Volwasseneneducatie – MONITOR I Volwasseneneducatie I Qwasp B.V.

30

• • •

In hoeverre zijn de afspraken nagekomen? Welke resultaten zijn behaald? Wat waren hierbij succesfactoren en knelpunten? Wat betekent dit voor het vervolg?

Op basis van de input van bovenstaande kunnen beleidsonderdelen gehandhaafd of bijgesteld worden en een plek krijgen in de uitvoeringsagenda. De gemeenteraad wordt jaarlijks met een informatienota geïnformeerd over de resultaten van het beleid en de eventuele verbeteracties. Concrete en meetbare doelen:

•

De stuurgroep basisvaardigheden legt in 2024 verbinding met partners uit het basis- en voortgezet onderwijs.

•

De gemeente stelt samen met de stuurgroep basisvaardigheden een uitvoeringsagenda op inclusief prioritering en de daarbij de te formeren werkgroepen.

•

De gemeente en het Taalpunt gaan in gesprek over de certificering van het Taalpunt vanaf 2025.

•

De gemeente informeert jaarlijks de raad met een informatienota over de voortgang van het beleid basisvaardigheden en de eventuele verbeteracties.

6.5.

Welke partners worden betrokken bij de aanpak?

Om de vaardigheden van inwoners te verbeteren op gebied van lezen, schrijven, rekenen en het gebruik van digitale mogelijkheden is het belangrijk dat de gemeente en maatschappelijke partners (nog beter) samenwerken. Op dit moment doen we dit onder andere al in de stuurgroep basisvaardigheden. In november 2023 starten we ook (opnieuw) met een werkgroep basisvaardigheden. Zowel in de stuurgroep als in de werkgroep zijn de maatschappelijke partners uit de stad vertegenwoordigd. Daarnaast leggen we ook actief contact met andere partners die contact met inwoners hebben die laaggeletterd, laaggecijferd of digitaal geringe vaardigheden. Denk hierbij aan afdelingen binnen de gemeente, werkgevers, onderwijs (alle niveaus), VluchtelingenWerk, UWV, GGD, JGZ, huisartsen, woningbouwverenigingen, (sport)verenigingen, (taal)vrijwilligers, Op Orde enzovoorts. Alleen door met elkaar in gesprek te blijven, elkaar aan te vullen en samen werken kunnen we een passend antwoord geven op lokale vraagstukken ten aanzien van het versterken van basisvaardigheden.

31

7. Financieel kader Het financiële kader voor de uitvoering van het beleid basisvaardigheden wordt gevormd door de specifieke uitkering (SPUK) vanuit de Wet educatie beroepsonderwijs (WEB), de decentralisatie uitkering laaggeletterdheid en eigen middelen. Voor de formele volwasseneneducatie (klassikaal en met de mogelijkheid van diplomering) ontvangt Zwolle als centrumgemeente een regionaal budget WEB (Wet educatie beroepsonderwijs). Dit WEBbudget wordt jaarlijks vastgesteld door het ministerie OCW en door Zwolle als centrumgemeente van de Arbeidsmarktregio verdeeld. In Zwolle worden deze middelen ingezet voor de inkoop van WEBlessen (formele volwasseneneducatie) bij ROC Deltion en Landstede. In 2023 is gestart met 8 groepen die 2 keer per week, drie uur les volgen. In de loop van het jaar zijn, om de wachtlijst te verkleinen, 2 extra groepen gestart. Ook zij volgen 2 keer per week, drie uur les. Daarnaast worden de WEB-middelen ingezet voor Taalpunt Zwolle. Om (centrum)gemeenten te ondersteunen bij de coördinatie en uitvoering van de regionale plannen, verstrekt het Rijk vanaf 2020 tot en met 2024 extra middelen. Dat gebeurt via een decentralisatie uitkering aan de centrumgemeenten. Deze middelen kunnen we vrij besteden aan bijvoorbeeld coördinatie, deskundigheidsbevordering, communicatie, wervingsactiviteiten, verbetering van de samenwerking en de impactmeting.

Vanaf november 2020 tot en met november 2023 is voor Zwolle vanuit deze middelen de extra personele inzet van Team Educatie (IO) bekostigd. Tot slot komen vanaf 1 juli 2023 de materiaalkosten van de regionale Taalpunten ten laste van dit budget. Daarnaast heeft de raad structureel extra budget beschikbaar gesteld voor de ondersteuning en coördinatie van taalvrijwilligers door het Taalpunt Zwolle. De middelen ten aanzien van de taaleducatie Oekraïense ontheemden is toegevoegd aan het WEBbudget. Hierdoor is het voor Oekraïense ontheemden mogelijk om formele volwasseneneducatie te volgen. Vanaf 2023 heeft de gemeente de regierol als het gaat om de Informatiepunten Digitale Overheid (IDO) en is zij verantwoordelijk voor de financiering. Tot slot zijn er middelen beschikbaar voor een pilot vergroten van financiële vaardigheden en basisvaardigheden. Op de volgende pagina is dit in een overzicht weergegeven.

32

Beschikbare middelen per jaar in de periode 2023-2026 Structureel € 462.248,- (lokaal budget voor 2023)*

Type budget

Bestemming

Wet educatie beroepsonderwijs (WEB) (structureel).

- In 2023: formeel taalonderwijs bij ROC Deltion en Landstede. Op dit moment zijn dat 10 groepen die ieder tweemaal per week drie uur les krijgen. Na de aanbesteding volwasseneneducatie starten we vanaf 1 januari 2024 met NL Training als formele taalaanbieder. - Taalpunt Zwolle - Taalpunt Zwolle - Informatiepunt Digitale Overheid verspreid over 4 locaties Stadkamer.

€ 84.000,€ 122.734,-

Begroting 2023 structureel Specifieke uitkering Informatiepunt Digitale overheid (structureel)

€ 122.734,-

Specifieke uitkering Informatiepunt Digitale overheid (structureel)

- Informatiepunt Digitale Overheid verspreid over 4 locaties Stadkamer.

Decentralisatie uitkering laaggeletterdheid Meerjarig incidenteel** (tot eind 2024)

- Impactmeting volwasseneneducatie (regionaal) - Deskundigheidsbevordering - Taalpuntcoördinatoren (regionaal) - Verbeteren regionale samenwerking - Coördinatie - Communicatie - Lesmateriaal voor deelnemers taalverhogingslessen en vrijwilligers - Personele inzet, op basis van detachering vanuit Tiem, t.b.v. Team Educatie (IO) tot medio november 2023*** - Formeel taalonderwijs bij ROC Deltion en Landstede. Vanaf 2024 is de formele taalaanbieder NL Training. - Pilot financiële vaardigheden en basisvaardigheden

Incidenteel € 120.406,- (lokaal budget)

€ 127.059,-

Middelen taallessen voor Oekraïense ontheemden (incidenteel) € 30.000,Budget bestaanszekerheid (incidenteel) * De WEB-middelen voor 2024 worden in Q4 2023 vastgesteld.

** Op dit moment (2023) zijn er tussen MPVO, OCW, VNG, Divosa en Stichting Lezen en Schrijven gesprekken over de aanpak laaggeletterdheid. Deze gesprekken gaan onder andere een landelijke verkenning ten aanzien van de inzet van WEB-middelen en hoe deze effectiever en gemakkelijker kunnen worden ingezet in de uitvoeringspraktijk. In deze gesprekken wordt ook gesproken over het al dan niet continueren van de Decentralisatie Uitkering Laaggeletterdheid. *** Vanuit de Decentralisatie uitkering laaggeletterdheid is in 2021, 2022 en 2023 onder meer de personele inzet, op basis van detachering vanuit Tiem, voor Team Educatie (Inkomensondersteuning). Ook in de toekomst willen we de inzet van team Educatie ten aanzien van de wettelijke WEB taken continueren. Vanuit afdeling Inkomensondersteuning wordt hiervoor een voorstel tot budgetaanpassing met daarbij behorende toelichting gedaan.

Stichting Lezen en Schrijven De ondersteuning en advisering vanuit Stichting Lezen en Schrijven worden deels door het Rijk gedragen. Het is echter ook mogelijk om op basis van een lokale of regionale vraag vanuit Stichting Lezen en Schrijven maatwerk te bieden. Dit meerwerk wordt op basis van aanvullende afspraken en vergoeding uitgevoerd en komt ten laste van de decentralisatie uitkering.

7.1.

Overige mogelijkheden

Tel mee met Taal Ook buiten de gemeente zijn middelen beschikbaar voor de aanpak van laaggeletterdheid. Zo kunnen scholen, werkgevers, bibliotheken, instellingen voor jeugd(gezondheids)zorg, voorschoolse voorzieningen en andere organisaties jaarlijks subsidie aanvragen voor ‘Tel mee met Taal’, een 33

actieprogramma vanuit het Rijk. Het programma richt zich op het voorkomen en bestrijden van laaggeletterdheid en het bevorderen van lezen, aanvullend op het reguliere onderwijs. Een Zwols voorbeeld hierbij is het project ‘Samen taalkrachtig de school- en thuiswereld verbinden met de inzet van tekstloze prentenboeken’ van Hogeschool KPZ. In dit project werkt Hogeschool KPZ gedurende een jaar samen met verschillende basisscholen, Travers Welzijn en ouders. De Tel mee met Taal subsidie loopt tot en met 2024. Vanaf 1 januari is het mogelijk om weer een aanvraag te doen35. Werkgevers Voor werkgevers zijn er diverse subsidies mogelijk zoals bijvoorbeeld de Opleidings- en Ontwikkelingsfondsen (O&O fondsen). Deze kunnen een stimulerende rol spelen om werkgevers te motiveren aan de slag te gaan met taal op de werkvloer. In contacten met werkgevers worden zij op deze mogelijkheden gewezen. De provincie Overijssel De provincie Overijssel heeft nieuwe kaders36 voor basisvaardigheden vastgesteld voor de periode 2022 - 2024. Vanuit hun wettelijke taak ondersteunen zij bibliotheken in Overijssel om hun aanbod op het gebied van basisvaardigheden verder te versterken.

Daarnaast wordt budget vrijgemaakt voor het al bestaande programma Taal Werkt! Een initiatief via Rijnbrink (Provinciale Ondersteunings Instelling voor bibliotheken in Gelderland en Overijssel) om samen te werken en programma’s op te zetten met betrekking tot basisvaardigheden. Gemeente Zwolle werkt met de Provincie samen in de deze genoemde notitie projecten: Taalroute naar werk en de Arbeidsmarktbenadering provincie Overijssel. Gesubsidieerde landelijk werkende organisaties Er zijn verschillende landelijk werkende organisaties op het gebied van de aanpak van laaggeletterdheid die subsidie krijgen van de rijksoverheid. Voorbeelden hiervan zijn Stichting Lezen en Schrijven en Stichting ABC. Bij de uitvoering van dit plan wordt optimaal gebruik van de diensten van deze organisaties gemaakt.

35 Subsidie Tel mee met Taal | Tel mee met Taal 36 Statenvoorstel investeringsprogramma basisvaardigheden, november 2021

34

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zwolle&id=0eb708e7-5548-4f6e-ba7d-a108fd015936