CConstaterende datZwartewaterland
Koppel je AI →
Document · PDF

Programma Energietransitie 2019

Raadsbijeenkomst 2 december 2024, gemeente ZwartewaterlandBij agendapunt: 19.30 uur: Herijking programma Energietransitie12.027 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

INHOUD Resultaten van de verkenning van de mogelijke bijdrage van de gemeente Zwartewaterland aan de Energietransitie. Een vertaling in ruimtelijke bouwstenen, mogelijke aanpak van de warmteopgave en intensivering op thema’s.

April 2019

Programma Energietransitie

1

COLOFON Uitgave Gemeente Zwartewaterland Auteur Dick Neuteboom – DNAdvies in opdracht van de gemeente Zwartewaterland met inhoudelijke ondersteuning van: Over Morgen H+N+S Landschapsarchitecten ROM 3D en alle bovengenoemde partijen aanwezig bij de energieateliers en in bij de verdere inhoudelijke uitwerking. Illustratie voorkant Studio Ilva, bewerking MOOI graphic studio

2

Inhoud 1. 2. 3. 4. 5.

Achtergrond en opgave Visie Ruimte voor duurzame energie Ontwikkelpaden en versnelling Uitvoering

Bijlagen 1. Energiemix Zwartewaterland 2. Dashboard energiemix 3. Energietransitie kaarten 4. Uitgangspunten Energietransitie kaarten 5. Analyse van de ruimtelijke potentie 6. Afwegingskader grootschalige energieprojecten – Zon 7. Bouwstenen ruimtelijke projecten 8. Warmteplan: wijkgerichte benadering 9. Energietransitie Atlas links 10. Prioriteiten projecten van stakeholders Top 3

3

1

Achtergrond en opgave.

Aanleiding De gemeente Zwartewaterland is begin 2018 een traject gestart op weg naar een Omgevingsvisie. Komende twee jaar verkennen we samen met burgers en maatschappelijke partijen wat de belangrijkste ontwikkelingen en ambities voor ons grondgebied zijn. De Omgevingsvisie toont de hoofdlijnen voor het langetermijnbeleid en bevat de strategische hoofdkeuzen voor de fysieke leefomgeving. De visie geeft aan waar kansen en ontwikkelingen zich voordoen voor initiatiefnemers, bewoners en bedrijven op de langere termijn. Energie is een van de thema’s van de omgevingsvisie. Het college heeft begin dit jaar besloten om dit thema verder uit te werken in een programma en te gebruiken als input voor de Omgevingsvisie. Dit gezien de maatschappelijke opgave die ons de komende jaren staat te wachten rond de transitie van fossiele naar duurzame energie en de rol die de gemeente daarbij gaat spelen. De gemeenten hebben vanuit het Klimaatakkoord de opdracht om in 2019 in beeld te hebben wat hun bijdrage zal zijn aan de landelijke doelstelling van 49% CO2 reductie in 2030. Dit zal in 2020 uitgewerkt moeten zijn in gemeentelijke Warmteplannen en via een regionaal traject (Regionale Energie Strategie) in gemeentelijke ruimtelijke plannen (Gemeentelijke Omgevingsvisie).

Op basis van deze nieuwe urgentie en opgaven voor de gemeente heeft het college in het Coalitieprogramma 2018-2020 “Inwoners maken Zwartewaterland mogelijk” aangegeven een actualisering van de duurzaamheidvisie op te gaan stellen. Met daarin een eigen visie op het energielandschap in Zwartewaterland en een vertaling naar een helder en concreet uitvoeringsprogramma. Voor u ligt het resultaat van een verkenningstocht met maatschappelijke partijen, bedrijven, beleidsspecialisten en externe deskundigen. In beeld is gebracht wat Zwartewaterland kan betekenen in de energietransitie en wat er nodig is om serieus stappen te zetten om de ambitie “uiterlijk in 2040 onafhankelijke van aardgas” te realiseren. De volgende activiteiten maakten onderdeel uit van het participatie proces: 27 maart, 10 april, 8 mei, 6 juni, 10 juli, 21 aug

Interne informatie en werkbijeenkomsten beleidsmedewerkers

19 april

Informatiebijeenkomst met gemeenteraad

22 mei

Start- en informatiebijeenkomst Energietransitie

5 juni 27 juni

Ruimteatelier 1 Komen tot kansen Ruimteatelier 2 Van kansen naar projecten

10 juli

Bedrijvenbijeenkomst OKG

Daarnaast zijn er gesprekken (verdieping) geweest met netwerkbeheerders Enexis en Rendo, provincie Overijssel en waterschap Drents Overijsselse Delta. 4

Van het aardgas af, naar fossielvrij De energietransitie naar een fossielvrije samenleving in 2040 is veelomvattend. Voor Nederland betekent het in het bijzonder dat in betrekkelijk korte tijd - de komende twee decennia - afscheid wordt genomen van het gebruik van aardgas en we verdere stappen zetten naar een fossielvrije samenleving. Dat betekent dat er ingrijpende maatregelen moeten worden genomen, met grote gevolgen voor burgers en het bedrijfsleven. De versnelling van dit traject is inmiddels ingezet. Ook de gemeente zal op korte termijn voor ingrijpende beslissingen staan. Voor de huidige collegeperiode betekent dit: - De gemeente stelt met regiogemeenten en partners uit de regio (bedrijven, maatschappelijk organisaties, overheden, netwerkbeheerders) voor 1 juli 2019 een regionale energiestrategie vast. - Een intensivering op de energiebesparing in de bestaande bouw. - Alle nieuwbouw aardgasvrij (sinds 1 juli 2018) en de mogelijkheden van gebouw gebonden duurzame energieproductie optimaal gebruiken. - Aardgastransitie bij bestaande bouw oppakken, uitfaseringsplannen per wijk opstellen en implementeren. - Als gemeente zelf het goede voorbeeld met de eigen gebouwen, eigen vervoer en een klimaatvriendelijk inkoop-, aanbesteding- en subsidiebeleid. Dit programma is de vertaling van deze opgave.

Als eerste werken we de ruimtelijke betekenis van de opgave uit en verkennen we de mogelijkheden en kansen binnen de gemeente. Daarna volgt een verkenning van de warmteopgave bij bestaande wijken. Tot slot gaan we dieper in op een aantal specifieke thema’s. Opgave Rijk en decentrale overheden streven gezamenlijk de doelstelling na om te komen tot 49% CO2reductie in 2030 (t.o.v. 1990) en energieneutraal in 2050 (Gezamenlijke ambitie Overheden – Interbestuurlijk Programma - IP, 2018). Het college heeft aangegeven versneld onafhankelijk te willen zijn van aardgas, tenminste voor 20401. Om deze opgave inzichtelijk te maken hebben we het huidige en gewenste toekomstige energiegebruik met een Energiemix in beeld gebracht. De Energiemix van de gemeente Zwartewaterland geeft inzicht in mogelijke vraag en aanbod van energie in 2050. Uitgangspunt op basis van (inter)nationale afspraken is dat de gemeente dan bijna vrij is van fossiele brandstoffen zoals aardgas, benzine, diesel en kolen. De Energiemix geeft een mogelijke toekomstige fossielvrije invulling van de vraag voor de gemeente. In de Energiemix hieronder is rekening gehouden met een toekomstige bijdrage van restwarmte en geothermie. Een andere versie sluit deze twee bronnen uit. Er zijn dan 3 windmolens meer opgenomen (Zie bijlage 1a en 1b).

Restwarmte is nu nog wel aanwezig bij de diverse bedrijven maar zal door aanpassing van productieprocessen en besparing naar verwachting afnemen. Geothermie is mogelijk winbaar in de gemeente maar onderzoek is kostbaar en winning is iets voor de lange termijn.

1

INWONERS MAKEN ZWARTEWATERLAND MOGELIJK-coalitieprogramma 2018 -2022 CU-SGP-BGZ

5

Deze Energiemix geeft dus weer hoeveel er bespaard moet worden (jaarlijks 1,5%), welke energiebehoefte er in de toekomst wenselijk is en welke duurzame bronnen we kunnen gaan gebruiken om hierin te voorzien. Rond het scenario van 2050 kun je aan diverse knoppen draaien: wind, zon, biomassa enz. Waar zet de gemeente op in en wat is haalbaar? De berekeningen zijn gebaseerd op bekende technieken van dit moment. De Energiemix moet dan ook niet gezien worden als een eind doel maar als houvast voor een route. Voor de komende jaren is de invulling van deze route redelijk helder te maken. Verder naar de toekomst gaat deze met steeds meer onzekerheden gepaard: hoe ontwikkeld zich de energievraag werkelijk, welke nieuwe technieken komen er bij, hoeveel duurzame opwekking hebben we gerealiseerd…….. Voorlopig moeten we het doen met huidige kennis en bestaande technieken. Op basis van deze toekomstige Energiemix en huidige kennis is de opgave voor Zwartewaterland: 1. Een stevige inzet op energiebesparing van 1, 5% per jaar en totaal 772 TJ (32%) 2. Oogsten en inzetten van binnen de gemeente vrijkomende biomassa, met name mest (288 TJ) 3. De warmtevoorziening ombuigen van aardgas gedragen naar collectieve warmte en/of elektrisch (670 TJ) 4. Alle geschikte daken voorzien van zonnepanelen en/of zonnecollectoren (277 TJ) 5. Ruimte zoeken voor 80 ha zonneveld en 6 – 9 windmolens (361 TJ)

6

Haalbaarheid van de opgave Op basis van allerlei databronnen2 is een analyse gemaakt van de ruimtelijke potentie voor windmolens, zonnevelden, zon op daken en biomassa (zie hoofdstuk 3 Ruimte voor duurzame Energie). Gebaseerd op de huidig geldende regelgeving en beleid. Op basis van deze theoretische verkenning kunnen we concluderen dat er voldoende ruimte en potentie is om de opgave Zwartewaterland energieneutraal binnen de gemeentegrenzen te realiseren.

2

Voor de gemeente verwerkt in de Energie Transitie Atlas op GEOportaal Zwartewaterland.

7

2

Visie.

Visie en ambitie De negatieve gevolgen van ons huidige fossiele energiemix zoals eindigheid, schade en vervuiling bij winning en gebruik, betaalbaarheid en de afhankelijkheid van derden, gecombineerd met de gevaren van klimaatverandering, vereisen een versnelling van de transitie naar een duurzame energiehuishouding. De gemeente Zwartewaterland zet deze versnelling in met de ambitie om uiterlijk in 2040 onafhankelijk te zijn van aardgas. De gemeente ondersteunt de landelijke ambitie om in 2030 de uitstoot van CO2 49% naar beneden te hebben gebracht en maakt haar bijdrage hieraan concreet. Voor een succesvolle aanpak zijn er flinke inspanningen op lokaal en regionaal niveau nodig. Samenwerking op de opgave versterkt, versnelt en verbetert. Daarom betrekt de gemeente bewoners en bedrijven bij deze opgave en zoekt ze de samenwerking met provincie, buurgemeenten, netwerkbeheerders, waterschap en andere stakeholders. Wij realiseren ons dat de energietransitie alleen mogelijk is als duurzame energie de nieuwe norm wordt en iedereen kan en wil bijdragen. Daarom werken met en in onze omgeving aan dit nieuwe bewustzijn en de mogelijkheid om mee te doen. Met kennis, handelingsperspectieven en financiën. De gemeente Zwartewaterland neemt de regie op deze opgave als: 1. gebouweigenaar en beheerder van gemeentelijke infrastructuur en openbare ruimte 2.

bevoegd gezag voor ruimtelijke plannen en toezicht op de Wet milieubeheer 3. facilitator door maatschappelijke initiatieven te ondersteunen en ruimte te maken voor experimenten 4. aanjager via financiële instrumenten, lokale participatie en communicatie Bij het concretiseren van deze ambitie zoekt de gemeente mee koppel kansen met de twee andere duurzaamheidopgaven voor de komende jaren: klimaatadaptatie en circulaire economie. Planning en uitvoering De stip op de horizon is gezet. Wat dit betekent voor de komende jaren (tot 2050) geeft onderstaande grafiek weer: geleidelijk afbouwen van aardgas en fossiele elektriciteit gecombineerd met de inzet van lokale duurzame elektriciteit, groengas en warmte. Een stevige besparing bij bewoners en bedrijven is een belangrijk onderdeel. Dit is een grafische verwerking van het effect van grootschalige projecten en maatregelen bij bedrijven en inwoners. Hierin zijn bijvoorbeeld meegenomen: zonnepanelen op geschikte daken, vervanging CV door biogas, hybride en elektrische warmtepompen, woningen verbetering met twee labelsprongen, besparing bij bedrijven, wind-, zon en bodemenergie. Het totale overzicht aan maatregelen en de stappen in tijd staan in bijlage 2.

8

Bij zowel de Energiemix (bijlage 1) als in de vertaling van de maatregelen op korte en lange termijn in deze grafiek, zit aan het eind toch een deel aardgas in het energieverbruik van 2050. Voor de gemeentelijke doelstelling van aardgasvrij in 2040 zal gedurende dit tijdpad ergens een intensivering op de lokale opwek nodig zijn. Met de beschikbare hoeveelheid biomassa gaat dat niet lukken. Vergisting van het slib uit RWZI Genemuiden gebeurt in Zwolle en komt niet voor onze gemeente beschikbaar(regionale bijdrage). We verwachten dat waterstof als vervanger van aardgas in Zwartewaterland een serieuze optie gaat worden. Ontwikkeling op dit gebied gaan we actief volgen. Maar zoals gezegd in een lange termijn invulling onmogelijk vandaar dat we de uitvoering opknippen in drie tijdperioden: huidige college periode (2022), landelijke afspraak Klimaatakkoord (2030) en het punt op de horizon (2040). Verdeeld over deze 3 perioden zou onze inspanning er als volgt uit kunnen zien. Verdere uitwerking en aanvullingen hierop volgen in de komende hoofdstukken.

Besparing t.o.v. 2016 Zonnevelden (ha) Zonnepanelen (aantal) Windmolens (3MW)

Biogas (aantal mest co-vergisters) Monovergisters Warmtenet Lage temperatuur Restwarmte Geothermie (bron) Individuele Warmte Elektrisch verwarmen Doel percentage Energie neutraal

Tot 2022

2022-2030

2030-2040

216 TJ Intensivering 30 Pilots en evaluatie 32.000 Onderdeel nieuwbouw Grote daken benutten 0 Ruimtelijke verkenning en voorbereiding 1

463 TJ Opschaling 50

772 TJ

160.000

251.000

5

6-9

1

2

Verkenning Pilots bestaande bouw Verkennen

80

411 TJ

0 Nieuwbouw Pilots bestaande bouw

0

0-1 259 TJ

20%

50%

95%

9

3

Ruimte voor duurzame energie.

Potentie voor duurzame energieproductie in Zwartewaterland Energietransitie betekent dat we naar een energiesysteem toegaan met minimale CO2 uitstoot. Om dit te bereiken worden de Nederlandse energievraag, infrastructuur en energiebronnen verduurzaamd. Dit betekent concreet dat de gaskraan dicht gaat voor woningen, kantoren en de meeste bedrijven. Als alternatief gaan we collectieve warmtenetten gebruiken of individueel verwarmen. Dit vraagt om de aanleg van warmtenetten of verzwaarde elektriciteitsnetten. Motorvoertuigen rijden niet langer op fossiele brandstoffen maar elektrisch, op waterstof of op biobrandstof. De elektriciteit die we voor verwarming en mobiliteit nodig hebben wekken we duurzaam op. We hebben voor de gemeente berekend hoeveel duurzame energie er opgewekt moet worden voor energieneutraliteit. Daarnaast is voor de gemeente de potentie verkend voor wind, zon, water, mestvergisting, Warmte Koude Opslag (WKO) en geothermie. De mogelijkheden zijn weergegeven in potentiekaarten per energiebron (zie bijlage 3). In de figuur hieronder staan alle mogelijkheden in één kaart.

10

Ruimte voor projecten Samen met vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties, overheden en net beheerders hebben we gezocht naar goede locaties en projecten voor energieopwekking. In twee ruimteateliers hebben we verkend waar de kansen voor projecten en de ruimtelijke mogelijkheden liggen en waar het initiatief en het enthousiasme bij de deelnemers zit. Met veel enthousiasme en een zorgvuldige afweging zijn kansrijke projecten ingetekend op de kaart van Zwartewaterland. De projecten zijn vertaald als bouwstenen en hebben een globale plek op de kaart gekregen. De projectbouwstenen illustreren de ruimteclaim bij de energietransitie. Ze hebben dus niet de status van vastgesteld beleid. Wel zullen ze samen met andere ruimtelijke wensen vanuit dit programma Energietransitie, worden ingebracht bij integrale verkenning en opstelling van de Omgevingsvisie en de doorwerking hiervan in Omgevingsplannen.

11

TOP 5 kansrijke projecten In de bijlage staan alle bouwstenen genoemd die we uit de ateliers hebben opgehaald en de mogelijke locaties. Uit deze mogelijkheden hebben we in samenspraak de landschapsarchitecten van H+N+S de hieronder genoemde top 5 gekozen van kansrijke projecten. De illustraties van ROM 3D geven een beeld hoe een dergelijk project er zou kunnen gaan zien als voor realisatie wordt gekozen. 1. Grootschalig Zonneveld Combineer vernatting van het veen en natuurontwikkeling met een extensief zonneveld bij het middenspanningsstation bij Zwartsluis. Zet houtwallen en bomenrijen in om het veld op te delen en het op te nemen in het landschap.

12

2. Kleinschalige windturbines Sta per boerderij-erf een kleinschalige windturbine toe. Molens hebben voldoende capaciteit voor eigen stroomverbruik.

3. Windturbines en Geothermie Bekijk op de schaal van de regio (samen met omliggende gemeentes) waar clusters van windturbines ontwikkeld kunnen worden en of er kansen zijn voor geothermie. Zorg dat inkomsten het gebied en de samenleving ten goede komen.

13

Onderzoek ook de haalbaarheid van een Buurtmolen. De Buurtmolen is een kleinere, stillere coöperatieve windmolen die stroom opwekt voor de omwonenden. Huishoudens die stroom afnemen zijn automatisch mede-eigenaar, zonder geld in te leggen. En omdat je dan geen energiebelasting betaalt, profiteer je van goedkope stroom.

14

4. Financieel model Zet een financieel interessant model op voor eigenaren van daken (bedrijven, boeren) en inwoners, om alle daken te bedekken met PV-panelen. Productie voor eigen gebruik is financieel (veelal) niet interessant door lage inkoopprijs van elektriciteit. Willen ze overgaan tot investeringen voor zon op dak is stimulering noodzakelijk.

5. Zonneparkjes Ontwikkel recreatieve kwaliteiten, waterberging en natuurwaarden nabij de stadsranden van Hasselt (reeds initiatiefnemer), Genemuiden en Zwartsluis door het ontwikkelen van kleine zonnevelden met een educatieve werking en zorgvuldige inpassing. Waterschap DO-Delta wil op haar terrein bij de waterzuivering Genemuiden (1 ha) een zonneveld realiseren voor eigen en medegebruik.

15

Ruimte voor zon Voor grootschalige duurzame energie opwek is ruimte nodig. Hierboven en in bijlage 3 is aangegeven waar deze ruimte voor Zwartewaterland kan liggen. Deze mogelijkheden worden ingebracht in de Omgevingsvisie waar een integrale afweging zal plaatsvinden met andere ruimteclaims. Vooruitlopend op de Omgevingsvisie wordt een afwegingskader opgesteld om ervaring op te doen en om een start te kunnen maken met de energietransitie. Omdat dit voor ons een nieuw traject is starten we met een 3-tal pilots voor zonnevelden en hebben we een aantal criteria uitgewerkt waaraan initiatieven moeten voldoen. In de tabel hieronder staan deze op hoofdlijnen uitgewerkt. In bijlage 6 is de aanpak verder uitgewerkt met een beschrijving van kaders, criteria, vereiste onderdelen van een aanvraag en de procedure.

Kader / Criterium Geldend Ruimtelijk beleid

Identiteit van het landschap

Afwegingskader zonne-energie Invulling Het initiatief moet passen binnen het Provinciaal beleid en huidig gemeentelijke bestemmingsplan buitengebied. We sluiten gebieden met natuurdoestellingen uit. Gebieden die overblijven toetsen we aan onderstaande punten. Goede ruimtelijke en landschappelijke inpassing volgens Werkboek Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (KGO); provinciale catalogus gebiedskenmerken en de gemeentelijke uitwerking. Kleinschalige / educatief willen we aan meewerken als nieuwe dorpsfunctie bij de kernen. Grootschalige initiatieven zien we als aansluiting bedrijventerreinen en in open landelijk gebied.

16

In geval van verlies aan belevings- en natuurwaarden vereisen we compensatie via gebiedsfonds, maatregelen bij de inrichting, randen met kwaliteit. In het ontwerp is aandacht voor omringende landschap, directe omgeving, het zonneveld zelf en de bewaking van de beeldkwaliteit van de zonnevelden.

Slimme koppeling aan andere opgaven

Dubbel ruimtegebruik zoals: natuurontwikkeling, vernatting, waterberging zien we als een plus evenals en bijdrage aan andere beleidsdoelstellingen zoals: educatie, werkgelegenheid en economie

Procesparticipatie

Actieve betrokkenheid van direct omwonenden en betrokken partijen is vereist. Zo veel mogelijk koppeling van opwek aan lokaal gebruik. Afspraken over afname van stroom door bewoners / bedrijven uit de gemeente.

Lokaal medeeigendom

Omwonenden en andere inwoners uit de gemeente krijgen de mogelijkheid om financieel te participeren. Streven naar 50% medeontwikkelaarschap met inwoners (lokaal > regionaal > provinciaal). Lokale ondernemers betrekken bij realisatie. Sluitende businesscase (inclusief beëindigingsplan) / inzicht in financiële haalbaarheid kan worden aangetoond. Aandacht voor: In oude staat herstellen, recycling zonnepanelen en installatie, behoud waardevolle elementen.

Financiële haalbaarheid

Ruimte voor Warmte en Koude Naast besparing zal de gemeente ook aan de slag moeten met het regelen van de warmtevoorziening van gebouwen nu de afbouw van het Groningse gas is gestart. Nieuwbouw moet al per 1-7-2018 gasloos. Voor bestaande bouw gaan we een warmteplan per wijk maken. Deze wijkbenadering is een intensief participatief traject. Vooruitlopend op een Warmtevisie en -plan, met het programma tot 2030, willen we met een aantal pilots in Zwartewaterland starten. Ondersteuning hierbij komt o.a. van de netwerkbeheerders. Met hun warmtemodel CEGOIA kunnen we op basis van een technische benadering een quick-scan maken. Andere belangrijke ingrediënten voor de het bepalen van de volgorde en invulling van de wijkaanpak: - Wijkkenmerken: leeftijd en kwaliteit woningen; percentage corporatiebezit; renovatieplannen en andere te verwachten werkzaamheden in de wijk - Sociale kenmerken wijkbewoners, organisatiegraad en betrokkenheid - Toekomst van het landelijke gasnet, staat van het netwerk - Ruimtelijke potentie van de wijk en gemeentelijke plannen m.b.t.

de grootschalige lokale energievoorzieningen - Mogelijkheden voor warmtenetten - Kostenplaatje en mogelijke financiering In grote lijnen zijn er 3 categorieën oplossingen: volledig elektrisch, verwarming door hoge en/of lage temperatuurbronnen (zoals restwarmte industrie, warmte uit bodem/lucht/water en geothermie) en hybride (combinatie van elektriciteit en duurzaam gas zoals waterstof en biogas). 17

Voor alle oplossingen ligt er een duidelijk relatie met de keuze van energiebronnen waarvoor de gemeente ruimte wil maken.

In bijlage 8 worden drie wijken met de quick-scan tegen het licht gehouden als verkenning voor een mogelijk pilot en om concreetheid en moeilijkheidsgraad in beeld te brengen. De wijken kwamen naar voren tijdens de workshop “energiebesparing en gasloos” tijdens het tweede ruimteatelier. 1. Binnenlanden-West Genemuiden: deel met gemengd bezit corporatie/particulier; start traject van aanpassing en herinrichting. 2. Barsbeek Zwartsluis: wijk waar een groot deel van woningeigenaren voor vervanging CV ketel staat en met ambassadeurs voor de transitie naar gasloos 3. Hasselt - oude kern: als verkenning van wat er mogelijk is bij een moeilijke opgave: oude huizen, dicht bebouwd, veel infra in de grond maar ook potentie heeft vanwege water als warmtebron. Voor uitwerking van een gebiedsgerichte aanpak richting gasloos is subsidie beschikbaar. In 2018 bij de provincie. In 2019 vanuit het Rijk. Deze eerste verkenning is een eerste stap naar een succesvolle aanvraag. Leggen we de drie wijken naast elkaar dan is de wijk Barsbeek het meest kansrijk om op korte termijn mee aan de slag te gaan. De wijk heeft met ondersteuning van Buurkracht een enthousiaste ambassadeur om de transitie van gas in de wijk aan te zwengelen. Energiek Zwartewaterland kan een rol gaan spelen en het Waterschap OD Delta gaat graag mee in de verkenning van de mogelijkheden van water als warmtebron.

Het plaatje hieronder laat zien welke alternatieven er zijn voor aardgas in deze wijk vanuit de modelmatige CEGOIA benadering uitgedrukt in maatschappelijke kosten per maatregel.

18

Alle soorten warmtepompen komen in dit plaatje als “goedkoopste” opties in beeld naast de HRketel. Bij deze keuze is uitgegaan van het energieaanbod in 2050 waarbij de lokale potenties voor energie opwekking zijn gerealiseerd. Dit betekent groene lokale sstroom en duurzaam gas. Keuze voor bovenstaande opties zijn dus tevens no-regret oplossingen ricjting toekomst. In beide andere wijken is een no-regret keuze op dit moment ingewikkelder. Met name het aanleggen van een warmtenet en het realiseren van de warmtebron (zoals geothermie) hiervoor, is niet iets dat op korte termijn te realiseren is. Neemt niet weg dat bij alle wijkaanpakken naast een diepgaandere analyse, het bewonersperspectief een belangrijk ingredient vormt.

19

4

Ontwikkelpaden en versnelling.

Bij een eerste inventarisatie onder stakeholders bleek dat er door verschillende partijen actie invulling wordt gegeven aan de energietransitie; als aanbieder en als gebruiker. Er is veel kennis, kunde en organisatievermogen binnen de gemeentegrenzen aanwezig. Met de lokale en landelijke afspraken en bestaande en nieuwe beleidsuitgangspunten kunnen we aan deze lokale potentie een impuls geven. De energieke samenleving is, naast een voorwaarden scheppende overheid, een belangrijke bouwsteen voor het behalen van resultaten. Hieronder geven we per thema aan wat er speelt en afgesproken is op dit thema in het Klimaatakkoord; wat bestaande en nieuw uit te werken uitgangspunten voor beleid zijn, welke mijlpalen landelijk en gemeentelijk zijn vastgelegd en welke acties we hierop gaan ondernemen. Elektriciteit Met het uitfaseren van fossiele brandstoffen zoals aardgas, wordt de rol van (duurzame) elektriciteit in de toekomstige energiemix groot. Zoals hiervoor al is aangegeven moeten we op zoek naar ruimte voor het opwekken van duurzame elektriciteit. Aan de Sectortafel Elektriciteit van het Klimaatakkoord is afgesproken dat invulling van de ruimtelijke opgave voor hernieuwbare energie (zonne-energie, wind op land, geothermie en biomassa) gemeentelijk wordt opgepakt via de zgn. Regionale Energie Strategie-RES. De opwek van wind op zee wordt landelijk opgepakt.

De wijze waarop hernieuwbare opwek op land dient te worden gerealiseerd is niet voorgeschreven (techniekneutraal). Deze methode biedt de gemeente de mogelijkheid om samen met stakeholders de ruimtelijke opgave lokaal in te passen. Daarbij wordt een afweging gemaakt tussen betrouwbaarheid en betaalbaarheid van de energievoorziening, ruimtelijke kwaliteit en andere (lokale) overwegingen. Borging van de besluitvorming vindt plaats via het omgevingsbeleid: Omgevingsvisie en Omgevingsplannen. Eind 2019 is duidelijk hoe de regio’s invulling gaan geven aan de landelijke opgave. BELEIDUITGANGSPUNTEN Bestaand: - De ruimtelijke reservering voor (grootschalige) energieprojecten moet aansluiten bij het eigen karakter van landschappen en kernen. Ruimtelijke beslissingen worden zo lokaal mogelijk genomen, met veel aandacht voor participatie van burgers, bedrijven en belangenorganisaties3. - Kansen voor zonnevelden liggen in het buitengebied en op daken. Het grote areaal aan platte bedrijfsdaken zien we daarom graag voorzien van zonnepanelen. Windenergie is ongewenst in het landschap. Bodemenergie zien we als kansrijk wat betreft WKO en Geothermie4 - Braakliggende verloederde terreinen kunnen we opwaarderen tot zonnevelden 5 - Voor Noordwest Overijssel is een gezamenlijke doelstelling afgesproken van 30 Kton CO2emissie in 2020 door zonne-energie.

In 2020 is het gezamenlijke vermogen aan windenergie van de regio Noordwest Overijssel 80 MW. Opbrengt uit windenergie is dan 1,1 PJ per jaar. Bio-energie gaat voor de helft bijdragen aan de regionale energiedoelstellingen. Door de 3

INWONERS MAKEN ZWARTEWATERLAND MOGELIJK-coalitieprogramma 2018 -2022 CU-SGP-BGZ 4 Gemeentelijke Structuurvisie 2013 5 Zonnepanelen op bedrijfsdaken en of braakliggende gronden - Gemeentelijk onderzoek 31-8-2015

20

inzet van biomassa gaan de gemeenten gezamenlijk een CO2 reductie van 1140 Kton realiseren. Regionale doelstelling om uiteindelijk 60 Kton CO2 te reduceren door gebruik te maken van de bodem als warmtebron6. Nieuw: - Afwegingskader met voorwaarden en criteria voor grootschalige energieopwekking (bijlage 6) - Omgevingsvisie met ruimtelijke reservering energieopwekking (zie input projecten bijlage 7) - Verkenning beleid windenergie op bedrijventerreinen - Verankering “zon op dak” als standaardvoorwaarde bij nieuwbouw - Stimuleringsbeleid zon op bedrijfsdaken: praktische bezwaren wegnemen door ontzorging en advies. MIJLPALEN 2019 Ondertekening landelijk Klimaatakkoord. Vaststelling “startnotitie RES” door bestuur van gemeenten, provincie en waterschap (dec) Regionaal bod hernieuwbare energie (RES) met bijdrage gemeente Zwartewaterland bij Rijk aangeboden Landelijke verdeelsystematiek van de regionale invulling van de nationale opgave 2020 Keuzes tot 2030 vastgelegd in gemeentelijke Omgevingsvisie en –plannen 2023 16% duurzame energie (landelijk) Gemeentelijke bijdrage via zonnevelden en flinke stijging aantal zonnepanelen op daken 2030 49% CO2 reductie (landelijk) Gemeentelijke bijdrage met zonnevelden, zonnepanelen op daken, windmolens en mestvergisting 2040 Gemeente Zwartewaterland onafhankelijk van aardgas.

ACTIES - Opstellen van slimme kaders voor inpassing grootschalige energieopwekking in het landschap: Afwegingskader zon verder uitbreiden met wind en biomassa. - Stimulering zonne-energie door uitwerking afwegingskader zonnevelden en start met pilots - Vertaling bouwstenen (bijlage 7) in ruimtelijk beleid en projecten - Actieve deelname aan regionaal traject Regionale Energie Strategie met overheden en stakeholders - Samenwerking met buurgemeenten rond mestvergisting en geothermie; in overleg met buurgemeenten en provincie over locaties wind en uitsluitingsgebieden. - Begeleiding en beoordeling van initiatieven en ontwikkelaars vanuit gemeentelijke doelstellingen en voorwaarden - Faciliteren en ondersteunen van de energieke samenleving: burgerparticipatie mogelijk maken en ruimte geven aan activiteiten van lokale energie coöperatie

6

Rapport Duurzame energietransitie regio Noord-West Overijssel Regionaal 17-10-2011

21

Gebouwde Omgeving (aardgasvrij) Sinds 1 juli worden nieuwbouwwoningen niet meer aangesloten op aardgas. Deze datum is het begin van de transitie naar aardgasvrije wijken. Van gemeenten wordt verwacht dat ze deze transitie gaan regisseren. Belangrijke partijen hierbij zijn de netwerkbeheerders, de woningcorporatie en natuurlijk de wijkbewoners. In goed overleg maken zij plannen over de wijze waarop de wijken van warmte zullen gaan voorzien: all-electric, warmtenet (hoge of lage temperatuur) of hybride (groen gas en elektrisch). Voor deze transitie is een stevige besparing op de warmtevraag noodzakelijk. Op isoleren en energiebesparing in combinatie met zonnepanelen moet de komende jaren stevig worden ingezet. Belangrijk onderdeel is een aantrekkelijke financiering. BELEIDUITGANGSPUNTEN Bestaand: - Eén plek voor zowel technische als financiële arrangementen om woningen aan te passen aan de toekomst. Voorlichting over en facilitering door de gemeente van woningeigenaren om onafhankelijk te worden van aardgas voor 2040. Samenwerking met woningcorporatie Wetland op deze opgave. Woningen worden duurzaam gebouwd en de gemeente zet in op verduurzaming van bestaande woningen (nul-op-de-meter). De duurzaamheidslening is in Zwartewaterland beschikbaar3. - Om de bestaande bouw naar energielabel B op te waarderen heeft de gemeente een stimuleringstraject via het energieloket ingezet.

Behalve een digitaal loket worden er ook inloop avonden en bijeenkomsten voor specifiek genodigde groepen georganiseerd. Duurzame voorbeeldwoningen zijn gerealiseerd. Doelstelling 50% van de huurwoningen heeft energielabel B 7 in 2015 is niet gerealiseerd. Duurzaamheidsmaatregelen koppelen aan minimabeleid (bestrijden energiearmoede) moet ook nog vorm krijgen. Plan van aanpak Energieloket 2.1 vertaalt de provinciale opgaven naar die voor Zwartewaterland naar ongeveer 858 woningen op label B niveau krijgen tussen 2016 en 2020, waarvan een deel energieneutraal. Hiervoor zijn woonafspraken ondertekend, evenals de intentieverklaring8. - Duurzaamheid wordt meegenomen bij uitvoering en onderhoud gemeentelijk vastgoed9. Met een verduurzamingsplan voor schoolgebouwen en gemeentelijke gebouwen zorgen wij ervoor dat de eigen behoefte aan energie duurzaam en liefst binnen de gemeentegrenzen wordt opgewekt3. Nieuw: - Beleid financiering maatregelen energietransitie; specifiek voor kwetsbare groepen - Langjarig (co)financieringsbeleid voor de Regionale Energieloketten (min 0,66-1€ per inwoner). De klantreis duurt gemiddeld zo'n 18 maanden. De bekostiging hiervan zal te zijner tijd (maar vooralsnog niet) door de markt worden overgenomen.

MIJLPALEN 2019 Gemeenten hebben uiterlijk 1 mei 2019 een routekaart opgesteld over de wijze en het tempo waarop zij haar eigen vastgoed gaat verduurzamen 2020 Alle nieuwbouw (bijna) energieneutraal (BENG) Huurwoningen gemiddeld energielabel B 80% particulieren woningen minstens energielabel C 2021 Elke gemeente heeft een transitievisie warmte voor de gehele gemeente. Hierin legt de gemeenteraad het tijdspad vast waarop wijken van het aardgas gaan. Voor de wijken 7

Notitie duurzaamheidbeleid gemeente Zwartewaterland 2011 – 2015 Plan van aanpak Energieloket 2.1 Zwartewaterland 01-06-2016 9 Krachtig accommoderen, gemeentelijk 12-6-2017 8

22

2023 2025 2026 2040 2050

waarvan de transitie vóór 2030 gepland is, zijn ook de potentiële alternatieve energie infrastructuren bekend. De visie wordt vergezeld door een uitvoeringsplan op wijkniveau. energielabel C-verplichting (minimaal) voor zowel publieke als private gebouwen die volgens de Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG) een kantoorfunctie hebben. bestaande bouw heeft energielabel A. Bedrijfsvoering overheden volledig energieneutraal Actualisatie gemeentelijk transitievisie Energie neutrale voorraad maatschappelijk vastgoed Woningen, maatschappelijk vastgoed en commercieel vastgoed is aardgasvrij

ACTIES - Opstellen routekaart verduurzaming maatschappelijk vastgoed - Verduurzamen van de gemeentelijke beheersplannen openbare ruimte: openbare verlichting, gemalen, inkoop en aanbesteding - Oude plannen met gasvariant proberen om te buigen naar gasloos; gebruik maken van de landelijke inkeerregeling en task force - Verkenning samen met lokale bedrijven naar grootschalige aanpak (concepten) en compleet aanbod gasloos en nul op de meter bouwen. - Opstellen gemeentelijk warmteplan per wijk. De gemeente werkt met woningcorporaties, netbeheerders, buurtorganisaties, energiecoöperatie en lokale bedrijven een plan uit waarmee álle wijken en buurten voor 2035 energie-neutraal zijn. Bodemwerkzaamheden en afspraken over beheer hiervan maken onderdeel van dit plan uit.

- Communicatie- en participatietraject opstellen voor aardgasloze wijken en warmteplannen o Gemeentelijk loket voor wijken en buurten - Ontwikkelen van een langlopende lokale energiebesparingsaanpak, inclusief een realistisch financieringsplan o Bewustwordingscampagne inwoners o samenhangende aanpak tussen losse besparingsmaatregelen en aardgasloos wonen o Uitbreiding diensten en activiteiten via het Energieloket (wijkacties, adviezen, coaching) - Ervaring opdoen met de wijkgerichte aanpak met 3 pilotwijken; mogelijkheden verkennen van lage temperatuurbronnen als lucht, bodem en water; warmtepompen en all-electric en hybride systemen. - Rijks proeftuinsubsidie voor aardgasvrije wijk voor 2019 proberen binnen te halen met Pilot Barsbeek - (regionale) verkenning van de mogelijkheden warmtevoorzieningen (hoge temperatuur); biogas, restwarmte toekomstbestendig, geothermie. Aanbevelingen gasloze wijken Erken dat de communicatie met de wijk en daadwerkelijke bewonersparticipatie een intensief proces is. Zorg ervoor dat hier voldoende capaciteit voor beschikbaar is. Ga uit van minimaal 2 fte per 1.000 woningen. Zorg voor een vast aanspreekpunt. Erken dat er nog geen goed besluitvormingsproces is en ga in overleg met bewoners over de randvoorwaarden waaraan een dergelijk proces moet voldoen.

Zorg voor een goede faciliteit, waar bewoners terecht kunnen met de vraag wat de alternatieven zijn voor de eigen woning en de wijk, wat de verwachte kosten hiervan zijn en welke financieringsmogelijkheden er zijn. Combineer de wijkaanpak met een structureel professioneel lokaal energiebesparingsbeleid 23

Industrie De bijdrage van de industrie en bedrijven aan de energietransitie zal vorm krijgen via verhoging van de energie-efficiency (warmtepompen, lagere temperaturen, gebruik restwarmte, beperken warmte verliezen), overgang naar duurzame energie gekoppeld aan elektrificering, verandering en hergebruik van grondstoffen. Van belang hiervoor zijn de Klimaatwet, Omgevingswet en de Wet milieubeheer. Landelijke financieringsinstrumenten worden via het Klimaatakkoord verder ingevuld. Voor de gemeente is vooral stimulering via economisch en ruimtelijk beleid van belang. De keuzes die bedrijven maken met betrekking tot verduurzaming slaan neer in gemeentelijk gebied. Denk daarbij aan de energiebronnen die benut gaan worden, de infrastructuur die hiervoor nodig is en mogelijk een ruimtevraag voor nieuwe of andere productieprocessen. Daarnaast is de gemeente bevoegd gezag voor de handhaving van de energievoorschriften in het kader van de Wet milieubeheer. BELEIDUITGANGSPUNTEN Bestaand: - Het bedrijfsleven stimuleren we om duurzamer te worden. Dit aspect betrekken we bij vergunningverlening, toezicht en handhaving. We stellen extra eisen ten aanzien van duurzaamheid. Waar dat niet kan belonen we duurzaamheid ten opzichte van niet duurzaam. We streven naar verduurzaming van bedrijventerreinen: nieuwe terreinen worden duurzaam ingericht. Bij voorkeur functioneren zij klimaatneutraal.

Samen met het bedrijfsleven zetten we ons in voor de verduurzaming van bestaande bedrijventerreinen. 3 - 50% van het MKB heeft een energiescan laten uitvoeren op basis waarvan maatregelen met een terugverdientijd van maximaal 5 jaar getroffen. 10 - Verder onderzoek naar mogelijkheden qua restwarmte, PV-panelen, houtstoomketel, geothermie. 11 Nieuw: - Verkenning beleid windenergie op bedrijventerreinen - Verduurzaming tapijtcluster in het kader van provinciale Topwerklocatie

10 11

Notitie duurzaamheidbeleid gemeente Zwartewaterland 2011 – 2015 Verduurzaming bedrijventerreinen Zwartewaterland Gemeentelijk onderzoek 28-11-2012

24

MIJLPALEN 2018 Wet milieubeheer-plichtige bedrijven moeten alle energiebesparende maatregelen nemen die een terugverdientijd van vijf jaar of minder hebben. Aan artikel 2.15 Activiteitenbesluit Wet milieubeheer wordt een verplichting toegevoegd om vierjaarlijks te melden hoe aan deze energiebesparingsverplichting wordt voldaan. ACTIES - Gezamenlijke bewustwordingscampagne bedrijven en gemeente (incl. Omgevingsdienst). Verspilling van energie en scheiden van afval bij ondernemers onder de aandacht brengen - Praktische uitvoering via One-stop-shop voor MKB en industrie: lokale installateurs als energieregisseur binnen een consortium van dienstverleners (één loket voor vragen, advies en ontzorging). - Intensivering toezicht op Wet Milieubeheer – energievoorschriften rond de meldplicht - Duurzame uitbreiding industrieterrein Genemuiden: energieneutraal - Samenwerking met bedrijven in het kader van Topwerklocatie tapijtcluster ‘GenemuidenHasselt’. - Onderwijsplatform met bedrijven opzetten rond duurzame technieken en energiebesparing. Mobiliteit Gemotoriseerd verkeer draagt in grote mate bij aan de CO2-uitstoot. Het Regeerakkoord streeft er naar dat alle nieuwe auto’s uiterlijk in 2030 emissieloos zijn. Dit heeft consequenties voor hoe wij ons verplaatsen en voor de investeringen in de openbare ruimte.

Het verduurzamen van het verkeer en vervoer reduceert niet alleen het gebruik van fossiele brandstoffen, maar zal tevens een belangrijke verbetering van de luchtkwaliteit met zich mee brengen. Voor de gemeente gaat het om duurzame aanleg van de infrastructuur, duurzaam benutten van de infrastructuur, vergroenen van personen en goederen vervoer (incl. tank- en laadinfrastructuur) en innovatie mobiliteitsdiensten (mensen bewegen zich anders te verplaatsen). BELEIDUITGANGSPUNTEN Bestaand: - We realiseren LED-verlichting zo snel mogelijk in alle straten. Er zijn voldoende laadpalen voor elektrisch rijden. 3 Nieuw: - Beleidskader laadinfrastructuur: voldoende ruimte voor oplaadpalen bij elke nieuwbouw ontwikkeling en binnen huidige bebouwing. MIJLPALEN 2020 Elke grote parkeerplaats bij nieuwe of gerenoveerde bedrijven moet minstens één oplaadpunt hebben, plus lege bekabeling om meer oplaadpunten in de toekomst op aan te kunnen sluiten. 2025 zero emissie als eis bij aanbesteding doelgroepenvervoer. 2030 alle nieuwe auto’s zijn emissieloos 17% minder CO2 uitstoot in mobiliteit dan in 1990 35% van de verplaatsing is per schone tweewielers het hele openbaar vervoer schoon. ACTIES - Met partners uit de samenleving werkt de gemeente binnen twee jaar een integraal plan uit voor versnelde stimulans van duurzame mobiliteit: 25

-

o Organiseren van kennisatelier rond schone brandstoffen met lokale transporteurs o Uitgangspunten voor duurzame aanbesteding gemeentelijke infrastructuur o Stimulering en facilitering van duurzame vervoersopties als OV, fiets, autodelen o Vergroening (eigen) wagenpark en woon-werk verkeer o koppeling maken tussen gebiedsontwikkeling en mobiliteit Een belangrijk onderwerp bij de komende aanbestedingsronde Openbaar Vervoer is de transitie naar zero emissie busvervoer Stimuleren elektrisch rijden door versnelde uitrol laadpalen in openbare ruimte.

Landbouw en landgebruik De afspraken die in het klimaatakkoord zijn gemaakt over landbouw en landgebruik hebben vooral betrekking op de CO2 opslag (bomen, bos en natuur), terugdringen van andere broeikasgassen als methaan en lachgas (via stalvernieuwing) en gebruik van de veengronden (bodemdaling). Van gemeenten wordt gevraagd om jaarlijks een inspanning te leveren om netto 1% meer bomen in het gebied te realiseren. Op het gebied van de inzet voor hernieuwbare energie buiten gebouwde omgeving wordt van gemeenten verwacht ze hier via de Regionale Energie Strategie gewogen besluiten over nemen. Energieneutraliteit mag de klimaatadaptatie doelen niet in de weg staan. BELEIDUITGANGSPUNTEN Nieuw: - Versnelde vervanging asbest daken door zonnedaken MIJLPALEN 2024 Asbestdaken zijn verdwenen ACTIES - Onderzoek (regionaal) naar mogelijkheden en wensen voor energie uit de polder (zie bouwstenen bijlage 7 biogas, boerderijmolens, lokale windopbrengsten) - Verkenning boeren energie coöperatie wind en zon

26

5

Uitvoering en begroting.

In hoofdstuk 2 is op hoofdlijnen een tijdpad geschetst rond de invulling van de ruimtelijke opgave en de aanpak van besparing. In de tabel hieronder hebben we dat aangevuld met de projecten en acties uit de hoofdtukken 3 en 4. Het overzicht hieronder geeft een beeld van hoe de energietransitie in de gemeente Zwartewaterland de komende jaren wordt uitgevoerd en welke bijdrage dat levert aan de doelstellingen.

Besparing t.o.v. 2016 Acties gebouwde omgeving Acties Industrie Acties Mobiliteit Educatie en opleiding Zonnevelden (ha) Groot zonneveld bij trafostation Zon op bedrijfsdaken Zon, natuur en recreatie na zandwinning Drijvende zonnepanelen Kleine zonneparken in standsrand Acties elektriciteit Zonnepanelen (aantal) Financiële strategie zon op boeren (asbest) bedrijfsdaken Acties gebouwde omgeving Acties Landbouw Windmolens

Wind op boeren erven Windturbines op bedrijventerreinen Molens met gebiedsfonds Acties elektriciteit

Tot 2022

2022-2030

2030-2040

216 TJ Intensivering X

463 TJ Opschaling X

772 TJ

30 Pilots en evaluatie X

50

80

X

X

X

X X X

X

X

X

X 32.000 Onderdeel nieuwbouw Grote daken benutten X

X X 0 Ruimtelijke verkenning en voorbereiding X

X

X

X

X

160.000 Opschalen

251.000

X

X

X

5

6-9

X X

X

X

X

X

27

Biogas (aantal mest co-vergisters) Monovergisters Kleine vergisters op erven Of: grote covergister Acties elektriciteit Warmtenet Lage temperatuur Restwarmte Geothermie (bron) Waterwarmte Acties gebouwde omgeving Individuele Warmte Elektrisch verwarmen Acties gebouwde omgeving

1

1

2

X

X

Verkenning

X Pilots bestaande bouw Verkennen 0 X X

411 TJ

0 X

0-1

259 TJ Nieuwbouw Pilots bestaande bouw X

28

Bijlagen

29

Bijlage 1a. Energiemix Zwartewaterland (zonder geothermie en restwarmte)

30

Bijlage 1b. Energiemix Zwartewaterland (met geothermie en restwarmte)

31

Bijlage 2 Dashboard: overzicht van maatregelen en effecten

Samenvattende tabel duurzame energiebronnen

Groei in aantallen t.o.v. 2015 2020

2030

2050

Particulier ZonPV bij woningen - 10 panelen Zonthermie bij woningen - 3 m2 Biowarmte bij woningen - houtpellet CV-ketel Biowarmte bij woningen - biomassakachel Warmtepomp - alleen bij A woningen met Lage temperatuur verwarming Hybride warmtepomp Isolatiemaatregelen - 2 labelsprongen

500 300 60 60 60 60 800

2000 2000 75 75 400 800 3000

4000 4000 100 100 800 2000 6000

Zakelijk Zon PV systemen bij bedrijven - 100 panelen Zonthermie bij bedrijven - 30 m2 Biowarmte bij bedrijven - 0,5 MWth ketel Warmtepompen bij bedrijven - gesloten WKO Besparing bij bedrijven - Warmte, per TJ Besparing bij bedrijven - Elektriciteit, per TJ

18 9 0 10 42 33

100 50 1 100 128 100

200 100 1 200 302 239

3 10 0 2 1 0 0 0

4 30 0 5 1 0 10 0

6 70 1 10 2

0 0 0

0 0 0

0 0 0

0 0 0 0 0 0

0 0 0 0 0 1

0 0 0 0 0 1

Centrale projecten Windenergie - molen 3 MW Zonnepark - per ha Geothermisch doublet - 9 MWth WKO-netwerk - open WKO Mestcovergister - groengas Mestcovergister - elektriciteit & warmte voor hygienisering digestaat Monomestvergister - groengas, kleinschalig Monomestvergister - elektriciteit, kleinschalig RWZI centrale thermofiele vergisting, secundair slib - elektriciteit en warmte AWZI/RWZI - Thermische drukhydrolyse, WKK - elektriciteit AWZI/RWZI WKK - hernieuwbaar gas AWZI/RWZI AHPD Hogedruk vergister - hernieuwbaar gas (in ontwikkeling) Biomassa ketel - warmte 1 MWth Biomassa ketel - warmte 10 MWth Biomassa ketel - stoom 30 MWth Thermische conversie biomassa - 8 MWth + 1,6 MWe Restwarmte uitwisseling - per MW

32

20 0

33

Bijlage 3. Energietransitie Kaarten: ruimtelijke mogelijkheden voor grootschalige duurzame energie.

34

35

36

Bijlage 4: Uitgangspunten Energie Transitie Kaarten De Energie Transitie Kaarten gemeente Zwartewaterland geven inzicht in de mogelijkheden voor energieopwekking uit bio-, wind, zonne-energie, geothermie en WKO. De belangrijkste uitgangspunten, selectiecriteria en bronnen die gehanteerd zijn bij de totstandkoming van deze kaarten worden in deze memo verder toegelicht.

Windenergie Deze kaart toont resultaten van een analyse naar de mogelijke locaties voor het plaatsen van windmolens. Hierbij zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd:    

Windmolen 3MW Hoogte 120 m Rotordiameter 110 m Werpafstand nominaal toerental 193 meter

De gemeente is verdeeld in hexagonen die zijn gedimensioneerd naar het ruimtebeslag van 1 windmolen met deze karakteristieken. Per hexagon zijn belemmeringen geïnventariseerd. De niet kansrijke hexagonen zijn de hexagonen waar meer dan de helft het strengste regime de oppervlakte vult. Op basis van de belemmeringen, worden de volgende categorieën gehanteerd: 1. Ja, mits 2. Nee, tenzij 3. Niet mogelijk. De categorie ‘Ja, mits’ houdt in dat er in deze zone geen belemmeringen gelden t.a.v. externe veiligheid, geluid, vliegverkeersveiligheid en radarverstoring, wet natuurbescherming en landschap en erfgoed. Mits slaat op het feit dat er altijd nog een nadere studie gedaan moet worden naar de locatie aangezien onze analyse is gedaan op basis van geografische informatie waar onvolledigheid, onjuistheid of actualiteit tot verkeerde conclusies kunnen leiden. ‘Nee tenzij’ criteria zijn bijvoorbeeld de invloedzones rondom rijks-, spoor- en waterwegen, NatuurNetwerk en Natura2000. In gebieden met regime ‘niet mogelijk’ zijn windturbines uitgesloten. Hieronder vallen ook gebieden die in de Omgevingsverordening Overijssel 2017 zijn aangewezen als ‘Uitsluiting windturbines’. Het volgende overzicht toont de belemmeringen en bijbehorende regimes.

37

Thema

Externe Veiligheid

Categorie

Subcategorie

Min. afstand

Bebouwing

Kwetsbare objecten (o.a.: woningen, ziekenhuizen, bejaardenhuizen en verpleeghuizen, scholen)

193

Nee

Beperkt kwetsbare objecten (o.a.: verspreid liggende woningen)

55

Nee

Rijkswegen Spoorwegen Waterwegen Buisleidingen Dijklichamen en waterkeringen Hoogspanningsinfrastructuur Industrie Geluid

Slagschaduw Lucht

Woningen Andere geluidsgevoelige gebouwen Geluidsgevoelige terreinen Gevoelige objecten op een gezoneerd industrieterrein Stiltegebieden Schaduw Vliegverkeersveili gheid Radarverstoring

Wet natuurbesche rming

Gebiedsbescherm ing

Landschap en erfgoed

Werelderfgoed Stads- en dorpsgezichten Nationale landschappen

55 62.85 55 193 Kernzone 193

Kanalen, rivieren en havens

onderwijsgebouwen, ziekenhuizen en verpleeghuizen, verzorgingstehuizen, psychiatrische inrichtingen, kinderdagverblijven woonwagenstandplaatsen, bestemde ligplaatsen voor woonschepen

Invloedszone

193 193 193

Regime

Nee Nee Nee Nee, tenzij Nee

Regime invloeds zone

Nee, tenzij Nee, tenzij Nee, tenzij

Nee, tenzij

Risicocontour 480 480

Nee, tenzij

480

Nee

Nee Nee

Ja, mits

480 1320 toetsingsvlakken rondom vliegvelden

Nee Ja, mits Nee, tenzij

militaire radarverstoring civiele radarverstoring Natura2000 Natura 2000 invloedszone

Ja, mits Ja, mits Nee, tenzij Nee, tenzij

niet begrensd

NatuurNetwerkNederland

Nee, tenzij

Nee, tenzij Nee Nee Ja, mits

Databronnen      

Zoeklocaties windturbines (3 MW) – Over Morgen Omgevingsverordening Provincie Overijssel 2017 Belemmering – Beschermde stads- en dorpsgezichten – Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed |(2017) Risicokaart – Inrichtingen gevaarlijke stoffen (Risicokaart 2017) Risicokaart – Kwetsbare objecten (Risicokaart 2017) Hoogspanningsnet – www.hoogspanningsnet.com (2016)

Zonne-energie Deze kaart toont de potentie voor zonne-energie voor zonnevelden en drijvende zonneparken. Zon op dak valt buiten de scope van deze opdracht. Deze analyse bestaat uit drie componenten.

38

1. Ruimtelijke inpassing; Zonneparken kunnen op verschillende gronden gerealiseerd worden, grasland, akkerland zijn meest voorkomende typen, maar ook braakliggende percelen op bedrijventerreinen of grote waterpartijen kunnen geschikt zijn. 2. Beleid; Er zijn restricties op gemeentelijk, provinciaal en landelijk niveau waardoor zonneparken op bepaalde locaties niet, of onder voorwaarden gerealiseerd mogen worden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan bestemmingsplannen, Natura2000, NatuurNetwerkNederland en cultuurhistorisch erfgoed. 3. Businesscase; Aangezien de netaansluiting van grote invloed is op de businesscase van een zonnepark is de afstand tot mogelijke aansluitpunten op het elektriciteitsnet mede bepalend in deze analyse. Enexis heeft twee typen aansluitingen die geschikt zijn voor aansluiten van zonneparken groter dan 2 ha. Hoofdstations zijn geschikt voor zonneparken tot ca 13 ha, transportverdeelstations voor oppervlaktes tot ca 8 ha. Voor een gezonde businesscase is er een minimumoppervlakte nodig om hoge aansluitkosten van de aansluiting te kunnen dekken. Deze minimumoppervlakte is bij aansluiting op een hoofdstation ca. 8 ha en bij een transportverdeelstation ca. 2 ha. In de zonnevelden potentiekaart worden kansrijke locaties getoond waar geen belemmeringen t.a.v. ruimtelijke inpassing en beleid gelden. Deze locaties zijn vervolgens in een van deze categorieën ingedeeld:

Categorie

Minimale oppervlakte bij aansluiting hoofdstation (tot 13 ha)

Zeer gunstig Gunstig Redelijk gunstig Matig gunstig Onzeker

6 8 10 12 Afstand tot aansluiting groot, businesscase mogelijk niet rendabel

Minimale oppervlakte bij aansluiting transportverdeelstation (tot 8 ha) 2 4 6 nvt Afstand tot aansluiting groot, businesscase mogelijk niet rendabel

Potentiele locaties voor drijvende zonneparken zijn geselecteerd op basis van dezelfde ruimtelijke en beleidscriteria, omdat er nog niet veel ervaring is met drijvende zonneparken is hier geen inschatting van de businesscase gemaakt. In de berekeningen is van de volgende kengetallen uitgaan:  

2725 panelen/ha 320 Wp per zonnepaneel

Databronnen  

Hoofdstations, transportverdeelstations, Enexis, 2017 Potentie zonnevelden – TOP10NL (Kadaster, 2017), Digitale Kadastrale Kaart (DKK, Kadaster, 2017), Basisregistratie Gewaspercelen (BRP, Ministerie van Economische Zaken Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, 2016), Administratieve Grenzen (CBS, 2017), Over Morgen Staatseigendom, Kadaster (2016)

39

Bio-energie Deze kaart toont de potentie voor bio-energie uit mestvergisting en hout. Concentratiegebieden mestproductie Mestvergisting is in kaart gevisualiseerd als concentratiegebieden mestproductie. Op basis van data van veehouderijbedrijven (diersoort en aantallen) is de totale hoeveelheid mest per bedrijf berekend. Deze concentratiegebieden geven inzicht in de spreiding van de mestproductie in de gemeente. Niet in kaart, wel als basis voor factsheet: De potentie voor mestvergisting is per postcodegebied (PC4) berekend op basis van mestgegevens uit de Digitale Atlas Natuurlijk Kapitaal. Uitgangspunten die hierbij zijn gehanteerd zijn de volgende:    

Mest is gegeven in ton vast en ton dun, voor vergisting kunnen deze bij elkaar Uit 1 ton mest kan 25 m3 biogas worden gemaakt. Uit 1 ton van 50% mest en 50% covergister kan 175 m3 biogas gemaakt worden 1 m3 biogas = 20,5 MJ

Biomassa - Potentie uit hout De potentie voor hout uit bos/bebouwd gebied is ook bekend op PC4 niveau. Deze cijfers zijn teruggerekend naar ruimtelijke objecten in deze postcodegebieden. Databronnen  Veehouderijbedrijven, Bestand Veehouderijbedrijven Provincie Gelderland  Mestvergisting - Totalen per postcodegebied, DANK (Digitale Atlas Natuurlijk Kapitaal), Alterra, Wageningen UR (2012), Over Morgen  Biomassa - Potentie uit hout (in bos), DANK (Digitale Atlas Natuurlijk Kapitaal), Alterra, Wageningen UR (2012), Over Morgen  Biomassa - Potentie uit hout (in bebouwd gebied), DANK (Digitale Atlas Natuurlijk Kapitaal), Alterra, Wageningen UR (2012), Over Morgen  Bio-installaties, RVO - ministerie van EZK (2018)

Geothermie Deze kaart toont de potentie voor geothermie (aardwarmte) en een reeds aanwezige geothermiebron ten zuiden van de gemeente, in de Koekoekspolder IJsselmuiden. De volgende potentieklassen zijn gedefinieerd:

40

Categorie Goed, >50% kans op > 5MW

Mogelijk, 30 - 50% kans op > 5MW Aquifers > 10m en > 40 gr. Celcius Zeer beperkt aquifers < 10m of < 40 gr. Celcius Opties in kalksteenlagen > 40 gr. Celcius

Toelichting categorie gekarteerde aquifers zijn meer dan 10m dik en hebben een temperatuur hoger dan 40°/65°C. Er is meer dan 50% kans op het behalen van 5MW thermisch vermogen of meer gekarteerde aquifers zijn meer dan 10m dik en hebben een temperatuur hoger dan 40°/65°C. Er is 30 – 50% kans op het behalen van 5MW thermisch vermogen of meer gekarteerde aquifers zijn meer dan 10m dik en hebben een temperatuur hoger dan 40°/65°C. Er is minder dan 30% kans op het behalen van 5MW thermisch vermogen of meer de onderzochte aquifers zijn dunner dan 10m of de temperatuur is lager dan 40°/65°C de onderzochte aquifers zijn afwezig/dunner dan 10m maar er zijn waarschijnlijk wel

De potentiekaart bevat een classificering van gebieden naar potentie om aardwarmte te winnen (kans op haalbaar geothermisch vermogen). De potentie kaart geeft een indicatie hoe geschikt de ondergrond is voor de specifieke toepassing. Disclaimer, TNO: De kaarten zijn o.a. afgeleid van informatie die uit het ThermoGIS systeem komt. De kaarten in deze dataset kunnen echter afwijken van de informatie in ThermoGIS omdat: er verdere bewerkingen hebben plaatsgevonden ten einde aan te sluiten bij de doelstellingen van het VRODO project, de kaarten regelmatig worden bewerkt en verbeterd. De frequentie van publicatie van nieuwe gegevens op beide locaties kan afwijken en daardoor ontstaan mogelijk verschillen. Databronnen:  

Geothermie – Potentie TNO, Geologische Dienst Nederland (TNO-GDN), Locatie geothermiebron Koekoekspolder

WKO Deze kaart toont de provinciale WKO-potentiekaart uit de bodematlas van de Provincie Overijssel. De geschiktheid, of de potentie van de ondergrond bepaalt in welke mate de bodem technisch geschikt is voor de toepassing van WKO. Hoe meer potentie, hoe meer warmte of koude in de ondergrond kan worden opgeslagen en hoe meer WKO bij kan dragen aan energiebesparing. De potentie van de bodem voor WKO hangt af van een aantal aspecten:  Bodemgeschiktheid;  Grondwaterstromingssnelheid;  Grondwaterkwaliteit: redox.  De WKO-potentiekaart geeft inzicht in de bodemgeschiktheid voor open bodemenergiesystemen middels het maximaal doorlaatvermogen van watervoerend pakketten 1, 2a, 2b en 3. De volgende tabel geeft de klassen die in de kaart voor komen en een toelichting hierop:

41

Klasse

Zeer geschikt

Geschikt

Matig geschikt

Niet geschikt

Doorlaatbare vermogen watervoerende pakketten > 600 m2/d (therm.verm. > 900 kW) 300-600 m2/d (therm.verm. 450-900 kW) 150-300 m2/d (therm.verm. 225-450 kW) < 150 m2/d (therm.verm. < 225 kW)

Toelichting

De bodem is zeer geschikt voor de toepassing van WKO voor minimaal 150 woningen, met behulp van één onttrekkingsbron en één infiltratiebron. De bodem is geschikt voor de toepassing van WKO voor minimaal 75 woningen, met behulp van één onttrekkingsbron en één infiltratiebron. De bodem is geschikt voor de toepassing van WKO voor minimaal 25 woningen, met behulp van één onttrekkingsbron en één infiltratiebron. De bodem is niet geschikt voor het toepassen van een bodemenergiesysteem omdat het doorlaatvermogen van het pakket onvoldoende is.

Databronnen:   

WKO-potentiekaart, Bodematlas Provincie Overijssel WKO-tool Landelijk Grondwater Register

42

Bijlage 5. Analyse van de ruimtelijke potentie De basis voor energieneutraliteit (met huidige kennis en technieken) hebben we weergegeven in bijlage 1: Energiemix Zwartewaterland. In de Energie Transitie Kaarten wordt de ruimtelijke potentie voor grootschalige duurzame opwek gegeven, dit voor wind, zon, biomassa en biogas. Hieronder gaan we wat dieper op die potentie in.

1 Wind Op de windpotentiekaart is de gemeente is verdeeld in Ja, mits‘ en ‘nee, tenzij’ hexagonen die het ruimtebeslag van 1 windmolen verbeelden. Voor de toelating- en uitsluitingsgronden voor wind van ‘Ja, mits‘ , ‘nee, tenzij’ en ‘nee’ , zie de Memo uitgangspunten kaartenlagen (bijlage 3). De windkansenkaart geeft ruimte aan 9 ‘Ja, mits‘ locaties voor 3 MW windturbines. In de Energiemix exclusief geothermie zijn 9 windturbines benodigd. -

-

Nodig 9 windturbines Binnen de categorie “ja, mits” is er een ruimtelijke potentie voor 9 windturbines.

2 Zon De zonnepotentiekaart geeft de ruimtelijke potentie voor grondgebonden en drijvende zonnevelden. De potentie voor zonnevelden is hoger dan in de Energiemix aangegeven 80 hectare zonneveld. In de gemeente is ongeveer 3104 hectare beschikbaar voor zonnevelden. Hier vallen o.a. agrarische gronden en braakliggende percelen voor bedrijventerreinen onder. Hiervan is voorlopig 80 hectare zonneveld voldoende om energieneutraal te worden op basis van de Energiemix. De zonnepotentiekaart gaat verder dan het in kaart brengen van de ruimtelijke potentie. Deze kaart laat ook zien waar de kansrijke business cases liggen. Hier speelt de afstand tot een aansluiting op het middenspanningsnet een grote rol. Hoe kleiner de afstand tot de aansluiting is, hoe gunstiger de business case voor zonnevelden wordt. Daarom zijn voornamelijk de zonnevelden vallend onder de categorieën ‘Zeer gunstig’ en ‘Gunstig’ interessant als input voor de zoektocht naar ruimte voor zonnevelden. Voor drijvende zonneparken zijn nog weinig referentieprojecten beschikbaar. Hiervoor zijn alle de beschikbare wateroppervlakten boven de 2 hectare weergegeven. -

Nodig 80 ha zonneveld Ruimtelijke potentie Cat. zeer gunstig: 717 ha Ruimtelijke potentie Cat gunstig: 1062 ha Ruimtelijke potentie drijvende zonnevelden: 5 locaties totaal 31 ha

3 Biogas en biomassa De ‘bio’-potentiekaart toont de lokale mest- en houtachtige biomassaproductie. Via (co)vergistingsinstallaties kan de lokale mestproductie vergist worden tot biogas. De lokale mestproductie is 250 kton/jaar, waaruit ongeveer 262 tot 918 TJ/jaar aan biogas te (co)vergisten is. De Energiemix geeft aan dat ongeveer 250 TJ aan biogas nodig is om energieneutraal te worden. Het aantal mestvergisters om dit biogas te produceren hangt af van het gekozen vermogen van de installatie. Kiezen we voor een gemiddelde grootschalige vergister referentie-installatie12 dan produceert deze vergister met capaciteit van 273 kton mest per jaar, ongeveer 160 TJ/jaar aan biogas. Om 250 TJ aan biogas te produceren is dus 1,5 grootschalige biovergister en dus ruim 400 ton mest nodig. Voor de haalbaarheid van biovergisters is gericht vervolgonderzoek nodig. De business case is onder andere afhankelijk van SDE-subsidie en de haalbaarheid hangt onder andere af van de aanwezigheid van andere vergisters in de omgeving. Voor de bijstook naast mest is er weinig andere biomassa beschikbaar. Er is 8 TJ/jaar aan houtachtige biomassa uit lokaal ‘bos’ en openbaar groen. Te weinig voor co-vergisting.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14877676/1