CConstaterende datZwartewaterland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Reactienota zienswijzen energievisie Zwartewaterland

Raadsvergadering 18 juni 2026, gemeente ZwartewaterlandBij agendapunt: Energievisie11.051 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Reactienota zienswijzen Energievisie Zwartewaterland 2026-2036

Inhoudsopgave 1. Inleiding .............................................................................................................................................................................................................2 2. Terinzagelegging energievisie ...........................................................................................................................................................................2 3. Beantwoording zienswijzen ...............................................................................................................................................................................2 Veiligheidsregio IJsselland .................................................................................................................................................................................3 Provincie Overijssel ...........................................................................................................................................................................................6 LTO Noord .......................................................................................................................................................................................................11 Ondernemerskring Zwartsluis (OKZ)

................................................................................................................................................................17 Ondernemerskring Genemuiden (OKG) ...........................................................................................................................................................21 Bedrijvenkring Hasselt .....................................................................................................................................................................................30 Energiek Zwartewaterland ...............................................................................................................................................................................33 Wetland Wonen ...............................................................................................................................................................................................37 RENDO............................................................................................................................................................................................................39 4.

Overzicht ambtshalve wijzigingen ................................................................................................................................................................43

1. Inleiding In deze Reactienota Zienswijzen en het vooroverleg met de overheidsinstanties zijn de binnengekomen zienswijzen op de Energievisie Zwartewaterland 2025 samengevat en voorzien van een gemeentelijke reactie. In het tweede hoofdstuk is eerst de procedure omschreven. Daarna wordt in hoofdstuk 3 aangegeven welke zienswijzen zijn ingediend. Tot slot is in hoofdstuk 4 een overzicht opgenomen van wijzigingen die ambtshalve worden doorgevoerd

2. Terinzagelegging energievisie De Ontwerp-beleidsregel Energievisie Zwartewaterland 2025 heeft overeenkomstig met ingang van 28 februari 2026 gedurende zes weken voor eenieder digitaal ter inzage gelegen op www.officielebekendmakingen.nl. Hiervan is vooraf openbare kennisgeving gedaan in De Stadskoerier en op social media. Op grond van de Inspraakverordening Zwartewaterland (Verordening inzake de wijze waarop ingezetenen en belanghebbenden bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid worden betrokken) kan eenieder bij de gemeenteraad schriftelijk of mondeling hun zienswijzen op een ontwerpplan naar voren brengen. Van de mogelijkheid tot het schriftelijk kenbaar maken van een zienswijze is door negen betrokkenen gebruik gemaakt. Deze zienswijzen zijn tijdig ontvangen respectievelijk tijdig aangevuld en zijn daarom ontvankelijk. Naast de zienswijzen is actief vooroverleg gepleegd met organisaties met belang bij de beleidsregel zoals Enexis, Wetland Wonen en Rendo.

3. Beantwoording zienswijzen Bij de beantwoording van de zienswijzen wordt de opdeling van de zienswijze gevolgd per indiener en per onderwerp zoals deze door de indiener van de zienswijze is aangebracht. Per zienswijze wordt eerst kort weergegeven wat de strekking is, vervolgens volgt de gemeentelijke reactie op het betreffende deel van de zienswijze en in hoeverre de zienswijze aanleiding geeft tot een aanpassing van de Energievisie Zwartewaterland 2025.

Veiligheidsregio IJsselland Inhoud van de zienswijze In de visie wordt ingezet op energiehubs met batterijopslag en waterstofconversie om netcongestie tegen te gaan (3.1.7). Wij adviseren om al in deze fase van de visie kaders voor externe veiligheid op te nemen. Batterijsystemen en waterstofopslag brengen risico’s met zich mee (brand, explosie e.d.) die ruimtelijke gevolgen hebben (denk aan veiligheidsafstanden). Neem in de visie op dat locaties hiervoor getoetst moeten worden aan de Risicokaart en de bereikbaarheid voor de hulpdiensten; De betrouwbaarheid van het energiesysteem is een speerpunt in de visie (ER-doel 3). Wat ontbreekt is de invloed van klimaatverandering hierop. Ons advies is om op te nemen dat nieuwe vitale infrastructuur (zoals de vergrote transformatorstations en wijkbatterijen) 'waterrobuust' moet worden aangelegd. Dit betekent: bouwen op veilige hoogte of waterdicht, zodat bij wateroverlast of overstroming de stroomvoorziening (en daarmee onze crisisbeheersing) niet direct uitvalt; De visie zet zwaar in op zon-op-dak en isolatie bij industrie en woningen. Aandachtspunt vanuit de brandweer: bij grootschalige toepassing van zonnepanelen op bedrijfsdaken (zoals benoemd in 3.3.3) verandert het brandverloop en de blusmogelijkheden. Adviseer om bij de 'professionalisering van ondernemerskringen' Ook brandveiligheid en compartimentering mee te nemen als thema

Beoordeling Het betreft hier een visie. De concretisering hiervan zal verwerkt worden in het uitvoeringsprogramma. Hierbij nemen we uw opmerking mee.

Aanpassing visie Niet noodzakelijk.

Chemische opslag van energie zien we niet als een marktrijpe, toepasbare techniek en nemen we niet op in de visie en het uitvoeringsprogramma. Wij danken u voor het onder de 3.3.4 onder kopje ‘verzwaren’: aandacht brengen van dit punt. Dit zal worden betrokken bij de verdere We zetten ons in om deze uitwerking van de visie. ruimtelijke processen zo soepel mogelijk te laten verlopen. Hierbij borgen we dat de verzwaring van het net waterrobuust wordt aangelegd met voldoende groen en parkeerplaatsen in de wijken. We zullen in het Niet noodzakelijk uitvoeringsprogramma hier aandacht voor hebben.

In de strategie wordt gesproken over windenergie (o.a. het project Genne-Holten en mogelijk kleinschalige windmolens op erven). Vanuit veiligheidsoogpunt vragen wij aandacht voor de volgende punten, volgens het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) en Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl):  externe veiligheid (werpafstanden) bij windturbines is er onder andere een risico op bladworp (het afbreken van wieken) en ijsworp. Het omgevingsplan hoort te borgen dat de veiligheidsafstanden (het plaatsgebonden risico) tot kwetsbare objecten en openbare wegen worden gerespecteerd.  voor zowel de bouw als incidentbestrijding moeten de toegangswegen en opstelplaatsen berekend zijn op zware (brandweer)voertuigen. Dit is noodzakelijk om bij calamiteiten minimaal de omgeving veilig te kunnen stellen; De ambitie om groen gas te produceren en de agrarische sector te verduurzamen, zal leiden tot meer (mono)mestvergistingsinstallaties op boerenerven. Dit introduceert industriële procesrisico's in het buitengebied. Bij vergisting komen namelijk biogassen vrij die brandbaar en explosief zijn. Daarnaast is er kans op het vrijkomen van giftige stoffen zoals waterstofsulfide. Volgens het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) gelden hier specifieke veiligheidsafstanden voor.

Wij adviseren om in de visie expliciet op te nemen dat initiatieven voor vergisters vroegtijdig getoetst worden op deze veiligheidscontouren ten opzichte van omliggende woningen en (recreatie)verblijven; In de visie (o.a. in 3.1.1) wordt gesproken over het hergebruik van bouwmaterialen. Wat ontbreekt is het onderwerp biobased bouwen. Aandachtspunt bij deze manier van bouwen is dat het andere risico’s geeft op het gebied van brandveiligheid en de bestrijdbaarheid van incidenten. We adviseren om in de visie biobased bouwen te benoemen en daarbij op te nemen dat deze manier van bouwen niet ten koste mag gaan van de brandveiligheid

Voor de windturbines in het gebied Genne‑Holten is de provincie het bevoegd gezag. Bij de vergunningverlening wordt aandacht besteed aan externe veiligheidsrisico’s en de mogelijkheden voor incidentenbestrijding.

Niet noodzakelijk.

In het gemeentelijke beleid voor kleinschalige windturbines op erven is reeds een minimale afstand tot kwetsbare objecten vastgelegd. Het betreft hier een visie. De concretisering hiervan zal verwerkt worden in het uitvoeringsprogramma.

Niet noodzakelijk

We zien een groeiende toepassing van biobased bouwmaterialen. Daarom voegen we dit toe. In het uitvoeringsprogramma beschrijven we in hoeverre we als gemeente hier actief op in gaan zetten.

We voegen in 3.1.1 toe dat we een groeiende toepassing zien van biobased bouwmaterialen.

van de gebruikers en de bestrijdbaarheid van incidenten door de hulpdiensten; Waterstof wordt o.a. genoemd als alternatieve brandstof voor vrachtwagens. Waar niet op wordt ingegaan is of de gemeente verwacht dat er op termijn een waterstoftankstation binnen de gemeentegrenzen gerealiseerd wordt. Ik adviseer u om over de wenselijkheid hiervan na te denken en dit op te nemen in de visie. Wanneer de gemeente positief staat tegenover de komst van zo’n tankstation dan is ons advies om hiervoor kaders op te nemen in de visie in relatie tot externe veiligheid. Een waterstoftankstation brengt namelijk risico’s met zich mee die ruimtelijke gevolgen hebben;

In de visie wordt in 3.3.2 het STOMP-principe genoemd. Het is niet duidelijk of dit ook een leidend principe is bij ruimtelijke ontwikkelingen. We adviseren u om dit duidelijker aan te geven in de visie. Daarbij is het ook belangrijk dat het STOMP principe de bereikbaarheid voor de hulpdiensten niet belemmerd. Ons advies is om dit als voorwaarde op te nemen in de visie; Tot slot wordt in de visie aangegeven dat het de verwachting is dat de installatie van een Small Modular Reactor (SMR) niet beschikbaar is voor 20240 en dat ze daarom niet worden opgenomen in de visie. We adviseren u om, wanneer dit wel aan de orde is, de veiligheidsregio tijdig te betrekken bij zo’n ontwikkeling en rekening te houden met de ruimtelijke impact en externe veiligheid van een SMR.

Onze verwachting is dat waterstof in hoofdzaak zal worden ingezet als brandstof voor industriële toepassingen. Op dit moment bestaan er geen concrete plannen om een waterstoftankstation te realiseren. Tegelijkertijd wordt een dergelijke ontwikkeling niet op voorhand uitgesloten. Bij een eventuele realisatie zal externe veiligheid nadrukkelijk een aandachtspunt vormen.

Toevoegen bij 3.3.2 onder mobiliteit: We onderzoek de mogelijkheid tot het realiseren van een waterstof tankstation.

De visie energietransitie is niet de plek Niet noodzakelijk om voorwaarden bij het STOMPprincipe te beschrijven. Uw advies is doorgegeven aan team verkeer. We zullen dit advies ter harte nemen

Niet noodzakelijk

Provincie Overijssel Inhoud van de zienswijze De visie biedt een beschrijvend overzicht van mogelijke ontwikkelingen, maar bevat naar onze indruk beperkte concretisering in termen van acties en doelstellingen. De inhoud sluit op hoofdlijnen aan bij onze provinciale energievisie, maar het toekomstbeeld is sterk gericht op elektrificatie met lage mate van zelfvoorzienendheid. Dit zou mogelijk door het grote aandeel tapijtcluster in de energievraag verklaard kunnen worden, maar deze relatie wordt in de visie zelf niet expliciet gemaakt. Het toekomstige energiesysteem en de energiemix binnen de gemeente is sterk afhankelijk van de verduurzamingsroute van dit cluster.

Beoordeling Het betreft hier een visie. De concretisering hiervan zal verwerkt worden in het uitvoeringsprogramma Dit klopt inderdaad, bijna de helft van het energieverbruik binnen de gemeente Zwartewaterland komt door de industrie. En de cluster 6 bedrijven waarvan de tapijtindustrie onderdeel van uitmaakt is verantwoordelijk voor bijna 90% van dat verbruik.

We missen in deze visie de ambitie om samen met de industrie een verduurzamingsstrategie te ontwikkelen, met heldere keuzemomenten.

Dit was al wel opgenomen in de uitvoeringsagenda. Maar is ook goed om in de visie te vermelden.

De ambitie ten aanzien van zelfvoorzienendheid blijft beperkt. De regio kiest voor een duurzame energievoorziening, zowel lokaal

Bijna 50% van het totale energieverbruik in de gemeente

Aanpassing visie Niet noodzakelijk

Toevoeging aan 3.1.2: De energievraag in de industrie wordt voor 90% bepaald door de zogenaamde cluster-6-bedrijven. Zin toevoegen aan het eind: het toekomstige energiesysteem en de energiemix binnen Zwartewaterland is sterk afhankelijk van de verduurzamingsroute van de cluster-6 bedrijven. We voegen aan 3.3.2 onder industrie toe: Onder de noemer ‘sociale innovatie’ ontwikkelen we samen met bedrijven en aanverwante organisaties nieuwe manieren van organiseren, samenwerken en kennis delen om de complexe energietransitieopgave aan te pakken. Samen ontwikkelen we een routekaart voor de energievoorziening in 2050, met tussenstappen in 2030 en 2040. Niet noodzakelijk

geproduceerd als elders betrokken, en komt daarmee uit op een zelfvoorzienendheidsniveau van circa 54%. Als onderbouwing wordt aangegeven dat aanvullende windenergie en grootschalige zonnevelden na 2030 niet mogelijk zouden zijn vanwege provinciaal beleid. Met Arne afgestemd dat hier zeker nog wat mogelijk is: Gemeente kan meer doen aan invullen van een eventuele restopgave richting 2030 en daarna ontstaan nieuwe mogelijkheden op weg naar 2050 (bv bij invullen van de energiemix uit Energievisie Overijssel). Ook is op basis van paragraaf 2.2.2 PPE wind op of nabij bedrijventerreinen mogelijk.

Zwartewaterland is toe te schrijven aan de industriële sector. Van dit industriële energieverbruik wordt circa 90% ingezet door zogenoemde cluster-6 bedrijven. Hierdoor is de gemeente in sterke mate afhankelijk van de mate waarin deze bedrijven in staat zijn hun energiegebruik te verduurzamen.

Paragraaf 3.1.6 over de mogelijkheden voor opwek kan anders ingestoken worden. Er is wind op en nabij bedrijventerreinen mogelijk (zie par. 2.2.2 uit het PPE). Ook uit paragraaf 3.3.3 kan meer ambitie blijken. Er is meer mogelijk dan nu gesteld.

Tegelijkertijd is de beschikbare ruimte voor aanvullende duurzame energieopwek binnen Zwartewaterland beperkt. Dit wordt onder meer veroorzaakt door de aanwezigheid van Natura 2000gebieden, het Nationaal Landschap IJsseldelta en beschermde weidevogelgebieden.

Invullen van een restopgave kan op of nabij bedrijventerreinen (waar de clustereis van 4 buiten voorkeursgebied niet geldt) of in andere gebieden (zoals de gemeentelijke voorkeursgebieden). De haalbaarheid moet natuurlijk wel onderzocht worden gezien andere doelstellingen (landschap, natuur etc.).

Voor het aangewezen zoekgebied voor windenergie nabij Zwartsluis geldt dat dit is ingedeeld in trede 4 van de provinciale windladder, hetgeen betekent dat sprake is van een ‘nee, tenzij’-regime. Het betreffende gebied is gelegen nabij een bestaand industrieterrein. Voor het industrieterrein Hasselt geldt dat dit in de nabijheid is gelegen van een Natura 2000gebied en hoogspanningsinfrastructuur,

hetgeen aanvullende randvoorwaarden stelt aan ruimtelijke ontwikkelingen. In het gebied Genemuiden – Mastenbroekerpolder is, gelet op de landschappelijke waarden (waaronder de Belvedèrestatus) en de aanwezigheid van weidevogelgebieden, de realisatie van windenergie uitgesloten. We willen verzoeken om meer aandacht aan de kansen voor biogas (transitiebrandstof), waterstof en warmte te besteden en de ambitie op mate van zelfvoorzienendheid nog eens kritisch te onderbouwen. Wij twijfelen of deze aansluit bij een klimaatneutraal NL en het principe om niet af te wentelen.

Als gemeente zien we wel kansen Niet noodzakelijk voor biogas productie. Maar de productie is bij lange na niet voldoende om in de energievraag van de industrie te voorzien. Bijna 50% van het totale energieverbruik in de gemeente Zwartewaterland is toe te schrijven aan de industriële sector. Van dit industriële energieverbruik wordt circa 90% ingezet door zogenoemde cluster-6 bedrijven. Hierdoor is de gemeente in sterke mate afhankelijk van de mate waarin deze bedrijven in staat zijn hun energiegebruik te verduurzamen.

Goed om volgens de trias energetica in te zetten op isoleren. De ambitie wordt vooral uitgesproken om woningen via het individuele spoor aardgasvrij te maken (warmtepompen). Er staat

Onderzoeken hebben uitgewezen dat aquathermie en (on)diepe geothermie op dit moment

Niet noodzakelijk

dat er onderzoek gedaan wordt naar warmtebronnen zoals aquathermie en bodemenergie, maar we missen een duidelijke visie op hoeveel % van de gebouwde omgeving ze op deze warmtebronnen willen aansluiten. Nu is er geen ambitie geformuleerd en dit is niet in de lijn met de (stevige) ambitie in de energievisie.

financieel niet haalbaar zijn. Toekomstige ontwikkelingen kunnen hier verandering in brengen. We kunnen hier echter niet vanuit gaan. Daarom is het ook niet mogelijk om een percentage te noemen. Daarnaast stond in de omgevingsvisie nog restwarmte vanuit de In het verleden is onderzocht of de tapijtindustrie als mogelijke bron maar die zien we hier niet in restwarmte uit de tapijtindustrie terugkomen. gebruikt kan worden voor verwarming van de gebouwde omgeving. Dit is helaas niet mogelijk. Wellicht is het mogelijk om de restwarmte in te zetten bij de verwarming van het eigen bedrijfspand of van omliggende panden. Genoemde onzekerheden over beschikbaarheid van biogas/groen Een van de activiteiten in het gas zijn begrijpelijk, maar het zou haalbaar moeten zijn daar de uitvoeringsprogramma zal zijn het komende jaren meer duidelijkheid in te scheppen, Dit wordt ook vaststellen van het beschikbare genoemd in de Energievisie, en is geland in de potentieel aan biogas in de Uitvoeringsagenda: inzicht creëren in waar biomassa t.b.v. de gemeente Zwartewaterland. productie van biogas/groen gas duurzaam beschikbaar blijft.

Toevoeging aan 3.3.3: de restwarmte van bedrijven is een potentiële bron voor de verwarming van eigen of omliggende bedrijfspanden.

Naast de opwek van elektriciteit zetten we in op de opwek van biogas. We gaan uit van twee mono(mest)vergisters in 2035. Wordt in 3.3.3: We wekken niet alleen elektriciteit op, maar willen ook biogas produceren. Daarom onderzoeken we hoe we organische reststromen uit de openbare ruimte hiervoor kunnen gebruiken. Ook zetten we in op mestvergisting. Eerst bepalen we hoeveel biogas we in theorie kunnen produceren. Daarna streven we ernaar dat er in 2030 minimaal minimaal twee

mono(mest)vergisters in gebruik zijn. Bovendien: biogas en groen gas zijn niet nieuw. Als onzekerheid over beschikbaarheid reden is om een energiedrager niet op te nemen in toekomstige energiemix, waarom dan wel waterstof opnemen?

Voor het deel van de Biogas wordt opgenomen in de energiebehoefte dat niet lokaal kan figuur met de energiemix. worden ingevuld, wordt gekeken naar import van duurzame energiedragers. Groen gas en biogas kunnen hierbij gebruikmaken van de bestaande gasinfrastructuur. Voor waterstof geldt dat de toepassing daarvan de aanleg van nieuwe infrastructuur vereist en daarmee een fundamenteel andere systeemkeuze met zich meebrengt.

Zoals eerder aangegeven mag er dus meer aandacht voor de kansen op biogas. Plannen voor het plaatsen van twee monomestvergisters getuigt ervan dat hier niet uitsluitend onzekerheden liggen, maar ook mogelijkheden. Een stevigere rol voor biogas sluit ook aan bij de provinciale energievisie.

We conformeren provinciale lijn.

ons

aan

de Niet noodzakelijk

De visie legt sterk de nadruk op opwek door zonne-energie op daken, wat logisch is gezien het provinciale verbod op nieuwe grootschalige zonnevelden. Daarmee blijft de focus beleidsmatig consistent en in lijn met het provinciale beleid.

We conformeren ons aan de provinciale lijn.

Niet noodzakelijk

Zolang de doelstelling wind 2030 (2,3 TWh) niet is gehaald is er een restopgave die via nieuwe Programmeringsafspraken (PA) tussen gemeente en provincie wind kan worden ingevuld. Of deze restopgave ontstaat en zo ja hoe groot deze is kan op dit moment

We zetten ons volop in om onze bijdrage aan het realiseren van deze doelstelling waar te maken. Voor het gebied Genne-Holten

Niet noodzakelijk

nog niet gezegd worden. De provincie gaat in 2026 beleid evalueren en mogelijke restopgave bepalen.

hebben we hierover concrete afspraken gemaakt. Gezien de verschillende ruimtelijke beperkingen binnen onze gemeente zoals Natura 2000, weidevogelbescherming en het Nationaal Landschap IJsseldelta verwachten wij echter dat er in Zwartewaterland weinig tot geen ruimte beschikbaar is voor het invullen van de resterende opgave, noch voor een eventuele aanvullende opgave na 2030.

Ook ontstaat na 2030 een nieuwe opgave. Hoe groot deze is wordt mede bepaald door de studie naar opwek via SMR's (zie ook de concept Energievisie Overijssel).

We volgen de ontwikkelingen rondom een eventuele SMR op de voet.

Niet noodzakelijk

Netcongestie: ambities zijn helder en zeker niet verkeerd. Maar de vertaling naar activiteiten ontbreekt nog. Wellicht dat Zwartewaterland ook een uitvoeringsprogramma gaat opstellen. Of wellicht haar ambities in de uitvoeringsagenda van de Energievisie Overijssel wil onderbrengen. Dat is nu ongewis. Vraag aan de gemeente: waar gaan plannen/ambities concreet worden vertaald in actie?

Het betreft hier een visie. De concretisering hiervan zal verwerkt worden in het uitvoeringsprogramma

Niet noodzakelijk

Beoordeling We zijn het met u eens dat elektrificatie en waterstof niet automatisch leiden tot efficiency. Zo was het ook niet bedoeld in de

Aanpassing visie De energievraag in de industrie daalt door een verbetering van de efficiency en verduurzaming. De energievraag blijft echter fors. Deze vraag moet ingevuld worden door

LTO Noord Inhoud van de zienswijze In uw visie richting 2050 is het finale beeld van het energiesysteem vooral gebaseerd op elektrificatie en waterstof waarbij waterstof vooral voor industrieel gebruik ingezet wordt. Deze transitie naar andere energiebronnen noemt de gemeente in één adem genoemd met een hogere efficiency. We willen hier

een kritische opmerking bij maken. Elektrificatie en het gebruik van waterstof kan een noodzakelijke stap zijn om los te komen van fossiele energiebronnen. Het betekent echter niet dat de energie-efficiency altijd toe neemt. Soms is juist het tegenovergestelde het geval. Daarbij heeft de eenzijdige focus op energiebronnen gevolgen als het gaat over netcongestie. In combinatie met de forse energievraag binnen Zwartewaterland is het de vraag hoe realistisch de weergegeven energiemix is. Wij verwachten dat u gaat vastlopen in de realisatie. Maar nog belangrijker: wij denken dat u kansen laat liggen.

De landbouw is een sector die van oudsher al een grote bijdrage levert aan de opwek van duurzame energie. En ook in de toekomst kan de landbouw deze rol vervullen. In uw visie komt u voor de landbouw niet verder dan een aantal erfmolens en 2 mono-mestvergisters. Hier doet u de landbouw en Zwartewaterland tekort. Wij zien namelijk meer mogelijkheden voor de agrarische sector om bij te dragen aan duurzame opwek van energie. De laatste jaren heeft, wat betreft de productie van duurzame energie op het agrarische erf, vooral de focus gelegen op opwek voor eigen gebruik. Hierbij lag de focus vooral op zonne-energie. De belangrijkste oorzaak zit hem in de netcongestie. Maar er ligt potentie op daken voor grotere PV installaties in combinatie met accu-opslag waarbij het net meer ontzien wordt. Op het gebied van kleinschalige opwek van windenergie sluit het beleid niet aan bij de potentie van erfmolens. Het beleid is voor

tekst, dus we passen dit voor de duidelijkheid aan. Bedrijven hebben zelf baat bij energiebesparing, kostentechnisch en met het oog op hun concurrentiepositie. Machines worden ook steeds efficiënter. Daarom daalt de energievraag van de industrie. Het restant moet ingevuld worden met waterstof en elektriciteit. Wij zien de uitdaging van netcongestie ook. We zetten ons in om binnen onze cirkel van invloed hier aan te werken. Het wordt gewaardeerd dat de landbouwsector een actieve rol voor zichzelf ziet in de energietransitie. Deze rol ligt primair op het eigen erf en, waar mogelijk, in de levering van duurzame energie aan de directe omgeving, met inachtneming van de capaciteit en belastbaarheid van het energienet. Dit nemen we mee in het uitvoeringsprogramma. In de vorm van zelfvoorzienende erven.

EAZ is failliet verklaard. De activiteiten van deze onderneming

elektriciteit aangezien bedrijven hun processen veelal elektrificeren. Daarnaast wordt de vraag mogelijk ingevuld door waterstof. Dit is met name bedoeld voor productieprocessen met hoge temperaturen van de cluster-6 bedrijven. In 2050 moet deze transitie voltooid zijn.

Toevoegen bij 3.3.2. onder landbouw: We zetten in op zelfvoorzienendheid op eigen erf en, waar mogelijk, in de levering van duurzame energie aan de directe omgeving, met inachtneming van de capaciteit en belastbaarheid van het energienet. Niet noodzakelijk

Niet noodzakelijk.

een belangrijk deel gebaseerd op de eerste generatie erfmolens. Vaak werd de EAZ-molen met houten wieken als uitgangspunt gehanteerd. EAZ is inmiddels failliet en de huidige inzichten maken wel duidelijk dat voor een rendabele business-case hogere as- en tiphoogten nodig zijn. Wanneer u erfmolens een serieuze kans wilt geven dan zult u beleidsmatig meer ruimte moeten bieden. Ook in een Nationaal Landschap.

zijn inmiddels overgenomen door Ecoways. Als gemeente hebben wij vooralsnog geen signalen ontvangen dat de recent gewijzigde regelgeving met betrekking tot erfmolens in de praktijk onwerkbaar zou zijn. Daarbij wordt opgemerkt dat het college beschikt over een afwijkingsbevoegdheid ten aanzien van de realisatie van hogere turbines of een alternatieve situering op of nabij het bouwblok. Indien zich desondanks knelpunten voordoen, staan wij open voor overleg hierover. Ten aanzien van de hoogte van erfmolens binnen het Nationaal Landschap is de gemeente niet het bevoegd gezag. De provincie heeft in haar beleidskader vastgelegd dat windturbines binnen het Nationaal Landschap een maximale hoogte van 25 meter mogen hebben.

Met 2 mono-mestvergisters in 2035 legt u de ambitie niet hoog en daagt u uzelf niet uit. Terwijl, gekeken naar de situatie in Zwartewaterland, er in onze ogen meer potentie is. Al is het alleen maar in de transitiefase richting 2050. Een belangrijke reden dat mono-mestvergisting de laatste jaren nog niet van de grond kwam had met een aantal factoren te maken. De installaties waren vaak

Ook andere indieners van zienswijzen hebben ons op dit punt geattendeerd. De gemeente Zwartewaterland kent al geruime tijd een ambitieuze

Naast de opwek van elektriciteit zetten we in op de opwek van biogas. We gaan uit van twee mono(mest)vergisters in 2035. Wordt

nog gericht op grote bedrijven, de SDE was gericht op grote installaties en de vergunningverlening was zeer moeizaam. Maar de situatie begint te veranderen: 

De voorlopige bedragen voor de SDE++ 2026 maken de businesscase voor monomestvergisting een stuk positiever. Adviseurs spreken al over een haalbare case bij bedrijven van 80-90 melkkoeien. Doordat de derogatie op de plaatsingsruimte van stikstof uit dierlijke mest geëindigd is, moeten veel bedrijven mest afzetten. Daarnaast is er Europees toestemming gegeven voor het gebruik van Renure (herwonnen kunstmest uit dierlijke mest). Het produceren van deze meststoffen wordt vooral interessant in combinatie met monomestvergisting door de benutting van de restwarmte. Doordat het proces voor het produceren van Renure ook een bijdrage kan leveren aan het reduceren van de stikstofemissie lijkt dit een kansrijke route.

De potentie van mono-mestvergisting groeit dus. Het ambitieniveau van maar 2 mono-mestvergisters in 2035 zien wij als een gemiste kans. Wij denken dat er meer mogelijk is en dat 2 sporen die naast elkaar kunnen bestaan kansrijk zijn: 

Mono-mestvergisting op boerderijniveau. De keuze voor de productie van elektriciteit, groen gas of biogas is afhankelijk van de locatie. o Elektriciteit doormiddel van een WKK als het lastig is om groen gas of biogas te leveren op het net of dat het opwaarderen tot groen gas niet rendabel is. o Groen gas als het mogelijk en rendabel is om groen gas in het net te voeden. Hier ligt mogelijk een rol voor de gemeente om samen met de netbeheerder belemmeringen weg te nemen. Eventueel zou een centrale opwaardeerlocatie van

doelstelling op het gebied van groen gas. In de afgelopen periode is ervoor gekozen ruimte te bieden aan initiatieven vanuit de markt en de sector, in afwachting van concrete voorstellen. De initiatieven die zich in dit kader bij de gemeente hebben gemeld, hebben tot op heden helaas niet geleid tot de realisatie van één of meerdere monovergisters. Om deze ontwikkeling te versnellen, kiest de gemeente er daarom voor om een meer proactieve rol te vervullen en actief het gesprek aan te gaan met agrariërs en andere relevante partijen, gericht op de totstandkoming van monovergisters. Naar aanleiding hiervan wordt de tekst in de visie aangepast, in die zin dat wordt ingezet op de realisatie van ten minste twee monovergisters. Daarbij wordt nadrukkelijk de ambitie uitgesproken om deze ontwikkeling waar mogelijk te versnellen en niet uitsluitend te beperken tot dit aantal.

We wekken niet alleen elektriciteit op, maar willen ook biogas produceren. Daarom onderzoeken we hoe we organische reststromen uit de openbare ruimte hiervoor kunnen gebruiken. Ook zetten we in op mestvergisting. Eerst bepalen we hoeveel biogas we in theorie kunnen produceren. Daarna streven we ernaar dat er in 2030 minimaal twee mono(mest)vergisters in gebruik zijn.

biogas naar groen gas hierbij een rol kunnen spelen o Biogas rechtstreeks aan eindverbruikers. Dit vraagt een gezamenlijke aanpak voor de benodigde infrastructuur. De gemeente zou een rol kunnen spelen in partijen bij elkaar brengen. Grootschalige mestvergisting op een centrale locatie. Bijvoorbeeld op het industrieterrein van Genemuiden of Hasselt waar ook de grootste afnemers zitten. Dit kan voordelen bieden op het gebied van investeringen in de installatie maar ook op het gebied van infrastructuur.

Er ligt potentie voor opwek van duurzame energie op het boerenerf. Om dit potentieel extra aan te wakkeren zien wij mogelijkheden voor de gemeente Zwartewaterland. Allereerst natuurlijk met beleid wat ruimte biedt. Maar ook doormiddel van actief stimuleren van agrarische ondernemers met bijvoorbeeld kennisbijeenkomsten, excursies of bijvoorbeeld vouchers voor de inhuur van adviseurs.

Als gemeente willen we inzetten op zelfvoorzienende erven. De energie die opgewekt wordt op het erf wordt dan ingezet voor eigen bedrijfsvoering.

Niet noodzakelijk

Vanwege netcongestie is opwekken voor consumptie elders lastig. We gaan onderzoeken of boerderijen gelegen nabij de industrie daar wel geschikt voor zijn.

De doelstelling is om in 2050 CO2-neutraal te zijn. Dat kan dus ook doormiddel van compensatie door CO2 vast te leggen in de bodem of planten. De landbouw in Zwartewaterland bestaat

Uitwerking daarvan zal plaatsvinden in het uitwerkingsprogramma energietransitie en niet opgenomen worden in de visie De markt voor carbon credits in de landbouw is nog volop in ontwikkeling; zowel de meetmethoden, de borging van

Niet noodzakelijk.

voornamelijk uit sectoren met een grondgebonden karakter. Een groot aandeel van het landgebruik is de teelt van gras. CO2 wat door grasland vastlegt wordt in gras kan verzilverd worden als Carbon Credits en kan ingezet worden ten compensatie van uitgestoten broeikasgassen. Daarbij kunnen Carbon Credits een aanvulling op het verdienmodel van agrarische ondernemers zijn. Deze route missen wij in zijn geheel in uw visie. Door de grote energievraag in relatie tot de oppervlakte van het grondgebied van de gemeente Zwartewaterland maakt dat het vrijwel onmogelijk is om alle duurzame energie op eigen grondgebied op te wekken. Wanneer dit allemaal met PVinstallaties en windmolens opgewekt zou moeten worden binnen de gemeentegrenzen dan krijgen we een onleefbare gemeente. Terecht dat er voor gekozen wordt om dit niet na te streven. Momenteel sluit het provinciaal beleid grote delen van de gemeente uit als zoekgebied voor grootschalige opwek van windenergie en / of zonne-energie. Vanuit het provinciaal bestuur is deze keuze gemaakt ter bescherming van ons landelijk gebied. Wij zijn van mening dat het terecht is dat de provincie het landelijk gebied beschermd voor een wildgroei aan projecten voor grootschalige opwek van duurzame energie. Wij zijn daarom ook teleurgesteld dat u als gemeente uw zoekgebieden in stand houdt terwijl ze door een hogere overheid uitgesloten zijn.

Het lijkt ons ook onjuist dat u een visie maakt die haaks staat op het beleid van een hogere overheid. Daarbij bent u aan het voorsorteren op een situatie waarbij u met de vingers tussen de deur komt. Zodra er ruimte komt in het provinciaal beleid, en uw visie biedt ruimte voor initiatieven, dan gaat u geconfronteerd worden met aanvragen voor projecten. Projecten waarvan het maar de vraag is als de gemeenschap daar zo gelukkig mee is. We roepen u daarom op om de zoekgebieden die conflicterend zijn met het provinciaal beleid op dit moment te schrappen. Komt er ruimte in het provinciaal beleid dan kunt u snel genoeg schakelen om ook in het gemeentelijk beleid gewenste ontwikkelingen ruimte te

langdurige CO₂vastlegging als de prijsontwikkeling zijn onzeker. Hierdoor is op dit moment nog niet goed te bepalen welke bijdrage deze route realistisch en structureel kan leveren aan de lokale opgave. Dit is in lijn met onze conclusie. Goed te lezen dat deze conclusie ook wordt gedeeld door andere partijen.

Niet noodzakelijk

De huidige provinciale regels maakt het realiseren van zon op land en meer windenergie niet mogelijk. De regels verbieden niet om zoekgebieden in stand te houden. We kunnen ze echter niet benutten. Zodra de regels van de hogere overheid gewijzigd zijn kunnen we snel doorschakelen. We zijn dan nog steeds het bevoegd gezag voor het beoordelen van mogelijke aanvragen. Dit zal dan ook zorgvuldig, met oog voor de gemeenschap, gebeuren.

Niet noodzakelijk

We hoeven op dat moment niet nogmaals een proces te doorlopen voor het instellen van deze zoekgebieden.

bieden. Zo houdt u de regie. Met de huidige werkwijze bent u de regie kwijt. Wanneer er aanvullende ruimte komt voor grootschalige opwek van duurzame energie willen we u vragen om zeer terughoudend te zijn met zon-op-land. Bekijk en benut eerst andere alternatieven. De ruimte in ons land is schaars en het dak potentieel is nog niet benut. Laten we zuinig zijn op ons areaal landelijk gebied. Wat betreft grootschalige windturbines willen we oproepen om in beleidsmatige keuzes extra aandacht te hebben voor de direct betrokkenen “de mensen die in het gebied wonen”. In Zwartewaterland is lokaal kapitaal aanwezig. Financieel lokaal eigenaarschap is daarmee in te vullen. Maar dat is niet altijd met de personen die de meeste invloed gaan ondervinden.

In onze visie gaan we ook vanuit dat de resterende opgave uit de RES 1.0 zon op land gerealiseerd gaat worden op dak. Daar gaan we ook extra middelen op inzetten.

Niet noodzakelijk

Dank voor uw opmerkzaamheid. Voor de invulling van lokaal eigendom hebben we apart beleid opgesteld waarin dit geregeld is.

Niet noodzakelijk

Inhoud van de zienswijze Ondernemers in Zwartsluis herkennen de ambitie van de gemeente om toe te werken naar een duurzaam en toekomstbestendig energiesysteem. Dat is noodzakelijk en daar willen bedrijven ook aan bijdragen. Tegelijk zien wij vanuit de praktijk dat de energietransitie alleen kan slagen als plannen realistisch uitvoerbaar zijn voor bedrijven.

Beoordeling Dit nemen we ter harte. In samenwerking met bedrijven streven wij ook naar realistische, uitvoerbare plannen.

Aanpassing visie Niet noodzakelijk.

1. De eerste stappen liggen bij bedrijven zelf – achter de meter

Het Rijk en de provincie stellen verschillende regelingen beschikbaar ter ondersteuning van de energietransitie, waarvan wordt verwacht dat deze in de toekomst verder worden uitgebreid.

We voegen industrie toe:

Ondernemerskring Zwartsluis (OKZ)

Veel ondernemers zijn al bezig met energiebesparing, efficiënter energiegebruik en het slimmer organiseren van hun energievoorziening. Denk aan flexibiliteit in productieprocessen, het laden van voertuigen op rustige momenten, lokale opslag en het beter benutten van eigen opwek. Juist deze maatregelen achter

De gemeente ondersteunt bedrijven bij het benutten van deze

aan

3.3.2

onder

Goed georganiseerde ondernemerskringen zijn een cruciale succesfactor voor de energietransitie op bedrijventerreinen. De gemeente zet in op sociale innovatie door het

de meter kunnen helpen om piekbelasting te verminderen en het regelingen door middel van informatievoorziening en bestaande elektriciteitsnet beter te benutten. begeleiding. Om deze stappen te versnellen verwachten ondernemers ook praktische ondersteuning van overheid en netbeheerder. Daarbij Tevens wordt ingezet op het denken wij onder andere aan: versterken van de samenwerking met en tussen bedrijven. De  Subsidieen stimuleringsregelingen voor nadere uitwerking hiervan vindt energiebesparing, energieopslag en slimme plaats in het energieoplossingen bij bedrijven. uitvoeringsprogramma. 

Voorlichting en kennisdeling over wat bedrijven concreet achter de meter kunnen doen om energie slimmer te gebruiken. Ondersteuning bij gezamenlijke initiatieven op bedrijventerreinen, bijvoorbeeld rond energiegebruik, opslag en lokale opwek.

versterken van samenwerking en collectieve organisatie van ondernemers. Met ondernemerskringen worden afspraken gemaakt over verdere professionalisering, gericht op bestuurlijke en organisatorische versterking, gezamenlijke belangenbehartiging en effectieve uitvoering van verduurzamingsmaatregelen.

Met deze ondersteuning kunnen bedrijven sneller investeren in oplossingen die niet alleen hun eigen energiegebruik verbeteren, maar ook bijdragen aan een stabieler energiesysteem. op Wij zien deze belemmering ook. Daarom zetten we naast energiebesparing en energieopwek Bedrijven die willen verduurzamen of uitbreiden lopen steeds vaker ook in op een betrouwbaarder vast op de beperkte capaciteit van het elektriciteitsnet. Dit raakt niet netwerk. Binnen dit laatste alleen verduurzaming, maar ook economische ontwikkeling en onderwerp richten we ons op werkgelegenheid. Naast netverzwaring is het daarom noodzakelijk verzwaren, verslimmen en om serieus in te zetten op oplossingen zoals energiehubs, lokale besparen. Hier werken we graag opslag en het beter afstemmen van vraag en aanbod op samen met bedrijven aan. bedrijventerreinen.

Niet noodzakelijk.

3. Realistische energieplanning en ruimte voor duurzame We kiezen er niet voor om extra scenario's op te nemen. Dit heeft opwek vier redenen:

Niet noodzakelijk.

2. Netcongestie ontwikkeling

is

momenteel

de

grootste

rem

Door elektrificatie van productieprocessen, mobiliteit en verwarming zal de vraag naar elektriciteit naar verwachting toenemen. Het is daarom verstandig om in de planning rekening te houden met verschillende scenario’s voor de energievraag.

1. Bij de energiebehoefte is rekening gehouden met een uitbreiding van het bedrijventerrein en het aantal woningen. Op dit moment is het niet de verwachting dat dit sterk gaat toenemen. 2. Scenario’s hebben geen gevolgen voor de energieopwek omdat we nu aan de max zitten qua energie die opgewekt kan worden binnen de gemeentegrenzen. 3. Energievraag is afhankelijk van de cluster-6 bedrijven. De keuzes die zij maken m.b.t. uitbreiding of vertrek kunnen we niet voorspellen en zijn daarom niet in scenario’s te vatten. We gaan graag met ondernemers in gesprek over de gebruikerskant van de industrie. 4. Het maken van scenario's voor elke mogelijke ontwikkeling leidt tot een versnipperde visie. Dat maakt het lastig om keuzes te maken.

Tegelijk zien ondernemers veel potentie in duurzame opwek, De genoemde aspecten nemen we bijvoorbeeld via zonnepanelen op bedrijfsdaken. In de praktijk zijn mee in het uitvoeringsprogramma. er echter ook belemmeringen zoals constructieve eisen, verzekeringsvoorwaarden en terugleverbeperkingen. Deze praktische aspecten verdienen nadrukkelijk aandacht in de verdere uitwerking.

Niet noodzakelijk.

voor Deze rol zien wij ook en we zijn blij om te horen dat u hier actief aan wilt bijdragen. Concrete initiatieven De energietransitie vraagt om samenwerking tussen overheid, op dit gebied worden beschreven netbeheerder en bedrijfsleven. Daarnaast zien wij ook een in de uitvoeringsagenda. belangrijke rol voor samenwerking tussen bedrijven onderling. Als ondernemerskring willen wij hier actief aan bijdragen.

In 3.3.2 hebben we de samenwerking extra benadrukt met de term ‘sociale innovatie’.

de We zijn benieuwd naar de resultaten van het onderzoek en zullen deze gebruiken om In dat kader is het goed te benoemen dat de ondernemers in vervolgstappen te bepalen. Zwartsluis inmiddels samen met PM Energie Regie zijn gestart met een onderzoek naar de energieontwikkeling op het bedrijventerrein. Dit traject wordt mogelijk gemaakt door een subsidie van gemeente en provincie, in combinatie met inzet van de ondernemers zelf.

Niet noodzakelijk.

4. Samenwerking bedrijventerreinen

en

een

praktische

Belangrijke stap: gezamenlijk energieontwikkeling in Zwartsluis

agenda

onderzoek

naar

Met dit onderzoek willen wij beter inzicht krijgen in de toekomstige energievraag, de mogelijkheden voor efficiënter energiegebruik en de kansen voor gezamenlijke oplossingen op het bedrijventerrein. De eerste uitkomsten van dit traject worden in Q2 2026 verwacht Wij zien dit als een belangrijke stap, omdat hiermee concreet inzicht ontstaat in wat ondernemers in Zwartsluis gezamenlijk kunnen bereiken op het gebied van energiebesparing, lokaal energiegebruik, duurzame opwek, opslag en mogelijke

energiehubs. Tegelijk worden in dit traject ook de wensen en behoeften van ondernemers zichtbaar gemaakt.

De uitkomsten van dit onderzoek kunnen daarmee een waardevolle basis vormen voor de verdere uitwerking van de energievisie, niet alleen voor Zwartsluis maar mogelijk ook voor andere bedrijventerreinen binnen Zwartewaterland. Wij delen deze inzichten dan ook graag met de gemeente en de andere ondernemerskringen, zodat we gezamenlijk kunnen bepalen welke stappen realistisch en haalbaar zijn.

Wij geloven dat de energietransitie alleen kan slagen wanneer beleid en praktijk samenkomen. Dit traject helpt om de ambities uit de energievisie te vertalen naar concrete stappen voor ondernemers en bedrijventerreinen.

Wij herkennen ons sterk in dit uitgangspunt en delen de overtuiging dat de energietransitie alleen echt vooruitkomt als beleid en praktijk goed op elkaar aansluiten. Dit traject biedt een mooie kans om de ambities uit de energievisie samen te vertalen naar concrete en werkbare stappen voor ondernemers en bedrijventerreinen. We kijken uit naar een prettige en constructieve samenwerking.

Niet noodzakelijk

Beoordeling

Aanpassing visie

Ondernemerskring Genemuiden (OKG) Inhoud van de zienswijze

Memo – Reactie OKG op visie document met aanbevelingen

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Aan: College van B&W, Gemeenteraad, beleidsafdelingen, ondernemerskringen Van: PM Energie regie, namens OKG Datum: 26 november 2025 Onderwerp: Aanvullende aandachtspunten voor een realistische en uitvoerbare Energievisie Zwartewaterland 1. Inleiding De Energievisie Zwartewaterland wordt door het lokale bedrijfsleven positief ontvangen. De visie laat ambitie zien en pakt brede onderwerpen aan zoals duurzaamheid, energiearmoede, samenwerking en circulariteit. Ondernemers waarderen deze koers. Tegelijkertijd vindt OKG dat op enkele punten extra duidelijkheid, realisme en praktische uitwerking gewenst zijn. Dit schrijven bundelt de belangrijkste aanvullingen om beleid en uitvoering goed op elkaar aan te laten sluiten 2. Algemeen beeld De energietransitie is bij uitstek een onderwerp waarbij er weinig De visie vormt een stevige basis, maar ondernemers signaleren dat voorspelbaarheid en zekerheid is. bepaalde aannames, met name over energievraag en Ontwikkelingen gaan snel en netcapaciteit, optimistisch zijn. De behoefte ligt vooral bij uitspraken en gebeurtenissen realistische verwachtingen, praktische uitvoerbaarheid en kunnen voor onverwachte veranderingen zorgen. voorspelbaar beleid. Wat betreft netcapaciteit gaan we uit van de planning van Enexis. 3. Energiebehoefte 2050: meerdere scenario’s gewenst Zie het antwoord bij OKZ.

Niet noodzakelijk.

Doordat elektrificatie, bedrijvigheid en woningbouw blijven groeien, is onzeker of de energievraag daadwerkelijk zal dalen. Ondernemers adviseren om: 

meerdere scenario’s te gebruiken (stabiel, +20%, +40%)

ondernemers te betrekken bij het opstellen ervan

deze scenario’s te gebruiken voor netverzwaring, infrastructuur en opwek

planning

van

Dit voorkomt nieuwe tekorten in de toekomst 4. Netcongestie: GTO’s zijn aanvullend, niet structureel

In de visie worden enkele voorbeelden genoemd waarmee GTO’s bieden tijdelijke verlichting, maar lossen de schaarste niet netcongestie tegengegaan kan op. Daarom wordt geadviseerd om: worden. De verdere uitwerking vindt plaats in het  GTO’s als aanvullend instrument te positioneren uitwerkingsprogramma. Hierin  energiehubs met opslag en conversie verder te nemen we uw adviezen mee. ontwikkelen 

Niet noodzakelijk.

samen met Enexis een gebiedsgericht capaciteitsplan op te stellen (in hoeverre is Enexis bereid mee te denken in het decentraal opwekken en behouden van energie in de vorm van een energy hub?)

Hiermee krijgen bedrijven beter zicht op hun uitbreidings- en verduurzamingsmogelijkheden 5. Zonnepanelen op bedrijfsdaken: veel potentie, maar ook We herkennen uw aandachtspunten en nemen deze beperkingen mee in het uitvoeringsprogramma. Ondernemers steunen de focus op zonnepanelen op bedrijfsdaken. Wel zijn er technische en organisatorische De verwachting is dat dit gestalte belemmeringen: zal krijgen in de vorm van een lokale daken collectief.

Niet noodzakelijk.

Veel oude daken zijn constructief niet geschikt.

Verzekeraars stellen steeds scherpere eisen.

Businesscases worden door terugleverbeperkingen onder druk gezet.

Aanbeveling: 

Richt een lokale dakversnellingsregeling in: combinatie van constructiesubsidie, verzekeringsadvies en ontzorging

Onderzoek of regionale energiecoöperaties of ondernemersverenigingen een rol kunnen spelen bij collectieve ontwikkeling van daken en subsidieer deze inspanningen

Werk met “opwek volgt vraag”: stimuleer PV-installaties die direct gekoppeld worden aan productieprocessen, laadpleinen of opslag.

6. Opslag, batterijhubs en energiehubs: richting is nodig

We snappen de behoefte aan duidelijkheid. Op dit moment is dat Bedrijven vragen om duidelijkheid of Zwartewaterland kiest voor voor ons nog onbekend. We decentrale opslag bij bedrijven of centrale opslag op denken na over het opstellen van bedrijventerreinen. een visie per bedrijventerrein waarin alle onderwerpen Aanbevolen stappen: samenkomen. Denk daarbij aan  per bedrijventerrein bepalen welke oplossing wordt energie, maar ook aan water, veiligheid en andere onderwerpen. gekozen Dit staat in het uitvoeringsplan.  ruimtelijke en veiligheidsregels vooraf vastleggen 

duidelijkheid bieden over financiering en deelname

Niet noodzakelijk.

7. Infrastructuur en beleidszekerheid

We nemen deze punten mee bij het schrijven van het Voor verduurzaming is voorspelbaarheid nodig. Dit geldt ook en uitvoeringsprogamma. Veel ligt vooral voor Cluster-6 bedrijven die moeten investeren in echter buiten de cirkel van invloed elektrificatie, waterstof en efficiëntie. Zij missen echter: van de gemeente 

Duidelijkheid over de beschikbaarheid van toekomstige infrastructuur (waterstofbackbone, stationverzwaring, aansluiting op SMR-beleid provincie).

Langjarig gemeentelijk investeringspad waarin duidelijk is wanneer welke gebieden worden aangewezen voor warmte- of elektriciteitsoplossingen.

Perspectief voor nieuwvestiging en uitbreiding binnen de huidige congestie-realiteit.

Niet noodzakelijk.

Daarom wordt geadviseerd om: 

Ontwikkel een 10-jaars investerings- en ruimtepad voor bedrijventerreinen (energie, warmte, logistiek).

Creëer een één-loket Energietransitie Bedrijventerreinen voor alle technische, juridische en financiële vragen.

Sluit als gemeente actief aan bij provinciale lobby’s voor waterstof en SMR’s en communiceer periodiek de stand van zaken.

8. Warmtetransitie in realistisch tempo

Al deze aanbevelingen komen terug in het warmteprogramma. Hierin beschrijven we hoe en wanneer wijken van het aardgas af

Niet noodzakelijk.

Ondernemers waarderen de focus op isolatie en terughoudendheid gaan. Het warmteprogramma met verplichtingen, maar wijzen op de afhankelijkheid van wordt in 2027 vastgesteld. netcapaciteit en lokale omstandigheden. Aanbevelingen: 

gebiedsgerichte warmte- en elektrastudies uitvoeren

duidelijk maken toepasbaar is

expliciet aandacht geven restwarmte

wanneer

de

aanwijsbevoegdheid

aan hybride systemen en

9. Windenergie en Biogas behoefte aan een veel duidelijkere Wij beschouwen windenergie als een belangrijke pijler binnen de strategie duurzame energievoorziening. 9.1 Windenergie: onduidelijkheid over locaties, rol en Binnen de grenzen van de alternatieven gemeente Zwartewaterland zijn de mogelijkheden voor het realiseren Windenergie is een belangrijke bron voor winteropwek. In de winter van windturbines echter beperkt. is de energievraag het hoogst (o.a. door warmtepompen), terwijl zon-opwek dan beperkt is. Daarom is wind een essentieel Indien het windproject onderdeel van een robuuste energiemix. GenneHolten niet tot uitvoering komt, zal het tekort aan lokaal In de huidige visie zijn echter meerdere punten nog onduidelijk: opgewekte duurzame energie in 1. Wat als windpark Genne Holten niet doorgaat? Zwartewaterland verder toenemen. Het project is onzeker. Wanneer het niet gerealiseerd wordt, ontstaat direct een groot tekort aan lokale opwek (ca. In de visie wordt aangegeven dat op de middellange termijn wordt 60 GWh/jaar richting 2030). ingezet op het vergroten van de 2.

Waarom worden mogelijkheden bij bedrijventerreinen niet opwekcapaciteit door middel van onder andere […] en de realisatie onderzocht? Landelijke wetgeving verbiedt grote windparken in open van één of meerdere windturbines op of in de nabijheid van landschap, maar laat juist méér ruimte toe voor wind op of bedrijventerreinen. Dit onderstreept

Niet noodzakelijk.

de het belang van windenergie binnen de energiestrategie, juist gezien de beperkte alternatieven binnen de 3. Wat is het alternatief voor winterstroom als er geen wind gemeentegrenzen. komt? Zonnedaken en kleine erfmolens zijn daarvoor geen In dit kader is het tevens van belang volwaardig alternatief, omdat zij weinig winter opwek aandacht te besteden aan het fenomeen dunkelflauwte — leveren. perioden met weinig zoninstraling Geadviseerde vervolgstappen voor wind: en lage windsnelheden. Deze periodes benadrukken het belang  scenario’s uitwerken voor: geen van een robuuste en wind, mislukt Genne Holten en wind bij bedrijventerreinen gediversifieerde energiemix,  onderzoeken welke bedrijventerreinen geschikt zijn voor waarbij naast zon en wind ook wordt ingezet op flexibiliteit, opslag één of enkele turbines en regionale samenwerking. blijft hierin een  opties meenemen waarin wind wordt gekoppeld aan Windenergie energiehubs of industrie (zoals RVO en Rijksoverheid essentiële component, omdat deze in andere seizoenen en stimuleren) weersomstandigheden juist een  participatiemogelijkheden voor bedrijven en coöperaties belangrijke bijdrage kan leveren aan de leveringszekerheid. benoemen naast bedrijventerreinen. Deze Energyvisie nog niet benut.

kans

wordt

in

Deze keuzes bepalen in grote mate of de opwekdoelen van 2030 en 2050 haalbaar blijven. 9.2 Biogas: rol, opbrengst en lokale waarde nog onvoldoende Dit passen we aan in de visie. uitgewerkt Biogas kan bijdragen aan de energiemix, vooral voor bedrijven die hoge-temperatuurwarmte nodig hebben. In de Energievisie wordt echter slechts kort verwezen naar twee monomestvergisters in 2035, zonder verdere onderbouwing.

Naast de opwek van elektriciteit zetten we in op de opwek van biogas. We gaan uit van twee mono(mest)vergisters in 2035. Wordt We wekken niet alleen elektriciteit op, maar willen ook biogas

Onduidelijkheden die nu spelen: 

hoeveel biogas er jaarlijks wordt geproduceerd

hoeveel energie (TJ/GWh) dit toevoegt aan de lokale energiebalans

waar het biogas wordt ingevoed (gasnet, direct naar bedrijven, waterstofconversie)

welke bedrijven kunnen meeprofiteren

hoe de ruimtelijke inpassing is geregeld

hoe omwonenden en bedrijven kunnen deelnemen in eigendom of opbrengst

hoe biogas past in het totale 2050-plaatje als winteropwek of als alternatief bij uitval van wind)

(bijv.

Geadviseerde vervolgstappen voor biogas: 

een concrete opbrengstberekening opnemen (wat leveren 2 vergisters werkelijk op?)

locaties, netinpassing en gebruiksopties vanuit bedrijven uitwerken

beschrijven welke bijdrage biogas opwekdoelen in 2030 en 2050

onderzoeken of uitbreiding van biogas wenselijk is (agrarisch en industrieel)

levert

aan

de

mogelijk

en

Een duidelijke biogasstrategie helpt om beter in te schatten welke rol deze energiebron kan spelen als betrouwbare aanvulling op zon en wind.

produceren. Daarom onderzoeken we hoe we organische reststromen uit de openbare ruimte hiervoor kunnen gebruiken. Ook zetten we in op mestvergisting. Eerst bepalen we hoeveel biogas we in theorie kunnen produceren. Daarna streven we ernaar dat er in 2030 minimaal twee mono(mest)vergisters in gebruik zijn.

10. Structurele samenwerking

Deze aanbevelingen komen terug in het uitvoeringsprogramma. We Een vast overleg is waardevol om beleid, uitvoering en gaan het extra benadrukken in de praktijkervaring beter te verbinden. visie.

In 3.3.2 hebben we de samenwerking extra benadrukt met de term ‘sociale innovatie’.

Aanbeveling: 

Verdere professionalisering ondernemersverenigingen

Steun bij het opzetten van energie coöperaties

een Energieplatform Zwartewaterland inrichten met vaste vertegenwoordigers van gemeente, ondernemers, netbeheer en op te richten energiecoöperaties. Dit platform kan adviseren, knelpunten oplossen en voortgang bewaken.

11. Conclusie

We denken dat we in de visie daar voldoende oog voor hebben.

De Energievisie biedt een sterke basis en sluit goed aan bij de ambities van Zwartewaterland. Door extra aandacht te geven aan: Het uitvoeringsprogramma geeft hier verdere invulling aan. We  realistische energievraagscenario’s werken in de uitvoering graag met u samen!  een steviger aanpak van netcongestie 

hulp bij realisatie zon op dak doelstellingen en stimulering optimalisatie achter de meter

duidelijke keuzes voor opslag en energiehubs

een uitgewerkte windstrategie (inclusief scenario’s)

een concrete biogasstrategie

langjarige beleidszekerheid

Niet noodzakelijk.

structurele samenwerking

Visie geeft goede richting en erkent dat netcongestie grootste probleem is maar het is nog vrij abstract voor ondernemers moet het duidelijk zijn welke concrete stappen er genomen (kunnen) worden en welke prioriteiten per bedrijventerrein worden gesteld

Hoe snel kunnen oplossingen gerealiseerd worden?

o

Enerigehubs / accus?

o

Energiedeling?

o

GTOs?

o

Direct clabing?

Het betreft hier een visie. De concretisering hiervan zal verwerkt worden in het uitvoeringsprogramma

Niet noodzakelijk

Visie mag nog meer benoemen dat met name Genemuiden een We zijn het met u eens dat unieke situatie is met veel industrie en optimale samenwerking. Genemuiden uitermate geschikt voor gezamenlijke oplossingen. Uitermate geschikt voor gezamenlijke oplossingen Maar we zien ook in de kernen Hasselt en Zwartsluis mogelijkheden tot samenwerking.

Niet noodzakelijk

Bedrijvenkring Hasselt Inhoud van de zienswijze Wij vinden visie nog niet concreet genoeg. Er worden doelen gesteld, maar de invulling is flinterdun. Met name in de winter (dunkelflaute) wanneer wind en zon ontbreken.

Beoordeling Dank voor het delen van uw zienswijze. We herkennen de aandachtspunten die u benoemt, met name rondom de concretisering van de doelen en de uitdagingen in perioden met weinig zon- en windproductie, zoals tijdens dunkelflaute.

Aanpassing visie Niet noodzakelijk

In de visie kiezen we er bewust voor om op strategisch niveau richting te geven en kaders te schetsen. De uitwerking van maatregelen, keuzes in techniek en de concrete invulling voor verschillende seizoenen— waaronder de winterperiode— volgen in vervolgstappen zoals de uitvoeringsagenda en specifieke programma’s. Daarmee houden we ruimte om actuele ontwikkelingen, innovaties en nieuwe inzichten mee te nemen. We delen uw zorg over de leveringszekerheid in de winter en zien dit als een belangrijk aandachtspunt binnen de verdere uitwerking. Dit betekent echter niet dat de visie zelf wordt aangepast; de visie geeft het strategische kader waarbinnen deze vraagstukken verder worden ingevuld. Uw inbreng helpt ons om bij de vervolgfase gericht aandacht te besteden aan de robuustheid van het energiesysteem gedurende het hele jaar.

Het schrijven van OKG is concreet, ik kan daar helemaal in mee Zie reactie OKG gaan en een aantal beschreven punten (o.a. overlegstructuur) zijn we al aan het realiseren. We hebben bezwaar tegen het telkens terugkerende adagium dat we minder energie gaan verbruiken. Dit klopt niet: we geen veel meer elektriciteit verbruiken. Zowel door de transitie als door de gewenste groei.

In onze visie werken we via de trias energetica: eerst energie besparen, dan duurzaam opwekken en als laatste fossiele energie zo efficiënt mogelijk gebruiken.

Niet noodzakelijk

We hebben in de visie toevoegd dat ondanks besparing de energievraag fors blijft.

We gaan dus minder fossiele energie gebruiken en meer elektriciteit. Deze elektriciteit is in veel toepassingen energie efficienter dan fossiele brandstoffen. We zijn het wel met u eens dat het een niet perse hoeft te leiden tot het ander.

Het stuk moet echt concreter met concretere doelen, vertaald naar Het betreft hier een visie. De concretisering hiervan zal verwerkt acties worden in het uitvoeringsprogramma

Niet noodzakelijk

Energiek Zwartewaterland Inhoud van de zienswijze Beoordeling We hebben het document doorgenomen en besproken. Onze opbouwende aanvullingen en opmerkingen willen we graag via deze mail aanreiken.

Aanpassing visie

Allereerst onze kijk op het document.

Elke inrichting van een visie is Niet noodzakelijk. arbitrair. In dit geval hebben we In het visiedocument worden een aantal elementen van de voor een sectorale indeling energietransitie gestructureerd en toegelicht. De indeling in de gekozen. zuilen Gebouwde Omgeving, Industrie, Landbouw en Mobiliteit geeft een goed handvat.

Maar het laat zich lastig lezen wat dit betekent voor de verschillende elementen van het lokale energiesysteem : energiebesparing, -opwekking, -opslag,-conversie, energiemanagement en infrastructuur. De systematiek ER die daartoe als strategiemiddel aangedragen wordt, zou ons inziens beter toegelicht moeten worden, waar komt het concept vandaan wat betekent ER eigenlijk en waarom is hiervoor gekozen?

Met ER-doelen geven we een richting aan. Dus MeER energiebesparing, MeER opwek en een BetrouwbaardER energienetwerk.

De duiding is toegevoegd aan de visie.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16962100/1