CConstaterende datZwartewaterland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Bouwsteen Visie Buitengebied

Raadsvergadering 22 januari 2026, gemeente ZwartewaterlandBij agendapunt: Raadsvoorstel Bouwsteen visie buitengebied13.620 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Bouwsteen visie buitengebied Zwartewaterland 1

December 2025

Voorwoord Veranderen, versterken en het goede behouden Zwartewaterland is een prachtige, gevarieerde gemeente. Met kernen, elk met een eigen karakter, waar vogels van verschillende pluimage vertoeven, maar vooral ook gevarieerd in landschap. Die variatie is waardevol en waard om te beschermen. Die bescherming is nodig want tal van ontwikkelingen, bijvoorbeeld uitbreiding van woningbouw- en bedrijfsterreinen, leggen een claim op schaarse ruimte. Die ruimte ligt in het buitengebied en dat is met name ‘boerenland’. Het agrarische karakter weerspiegelt in de verschillende landschapstypen, of het nu om de rivierdijken met hun uiterwaarden gaat, om het slagenlandschap in de ‘Olde Maten’ of om de weidse veenweide en kleipolders. Als je inzoomt op een stukje Zwartewaterland ontdek je zaken die het behouden waard zijn, maar ook zaken die om aandacht vragen, zoals biodiversiteit. De tijd staat niet stil en we leven niet in een openluchtmuseum. Nieuwe ontwikkelingen leiden tot ingrepen in het landschap. Dat is altijd zo geweest; de boerderijen uit mijn jeugd, voor een deel nog stadsboerderijen, zijn er niet meer. In plaats daarvan zien we grote stallencomplexen met melkrobots. Sommige veranderingen zijn echt noodzakelijk. We moeten rekening houden met de gevolgen van bevolkingsgroei, vergrijzing, klimaatverandering, bodemdaling en zo kan ik nog even doorgaan.

Er gaan in de nabije toekomst zaken veranderen, dat is zeker. Juist als verandering onvermijdelijk is, is het goed om de vraag al te hebben gesteld welke veranderingen in ons buitengebied we wel en welke we minder of helemaal niet gewenst vinden. Samen met een grote groep geïnteresseerde inwoners hebben we geprobeerd die vraag te beantwoorden. De uitkomst van dat proces is onderdeel van deze ‘Bouwsteen Visie Buitengebied’. Samen hebben we gekeken naar waardevolle elementen in ons buitengebied en hebben we gezocht naar mogelijkheden om die te versterken. Daarbij vormt deze bouwsteen geen blauwdruk voor het hele buitengebied, juist vanwege de grote variatie in landschapstypen. Er is geen sprake van ‘eenheidsworst’ maar juist van maatwerk. Wat in het ene deel van ons buitengebied een kans lijkt, kan heel goed op een andere plek een bedreiging vormen. We proberen recht te doen aan het unieke van elk stukje Zwartewaterland. Met deze bouwsteen, die later onderdeel wordt van onze Omgevingsvisie, hebben we een kader gevormd, waarmee we kunnen beoordelen aan welke toekomstige ontwikkelingen we misschien wel of juist niet willen meewerken. Eén ding is wel duidelijk geworden; ons ‘buitengebied’ is vooral ‘boerenland’ en dat willen we behouden. Maar dat betekent niet dat het ‘buitengebied’ op slot gaat; we zijn toch echt geen openluchtmuseum. Harrie Rietman Wethouder Ruimtelijke Ordening

2

Inhoudsopgave Voorwoord

2

Samenvatting

5

2 Inleiding 2.1 Omgevingsvisie Zwartewaterland 2.2 Participatie 2.3 Leeswijzer

6 6 7

3 Samenhang met andere Bouwstenen 3.1 Bouwsteen Ontwikkellocaties Zwartewaterland 3.2 Herijking Programma energietransitie 3.3 Bouwsteen wonen

8 8 8

4 Visie 4.1 Afwisselend en waardevol landschap met zichtbare ontstaansgeschiedenis 4.1.1 Koers 4.1.2 Wat willen we bereiken 4.1.3 Hoe gaan we aan de slag 4.2 Laaggelegen (veen)polders in de IJssel-Vechtdelta 4.2.1 Koers 4.2.2 Wat willen we bereiken 4.2.3 Hoe gaan we aan de slag 4.3 Een leefbaar platteland met een vitale gemeenschap 4.3.1 Koers 4.3.2 Wat willen we bereiken 4.3.3 Hoe gaan we aan de slag 4.4 Behoud en ontwikkeling van de agrarische sector 4.4.1 Koers 4.4.2 Wat willen we bereiken 4.4.3 Hoe gaan we aan de slag

9 9 9 9 9 10 10 10 10 11 11 11 12 12 12 12 13

5 Gebiedsgerichte uitwerking 5.1 Deelgebied 1: De Wieden 5.1.1 Koers 5.1.2 Welke waarden willen we behouden en versterken 5.2 Deelgebied 2: Veldiger Binnenlanden 5.2.1 Koers 5.2.2 Welke waarden willen we behouden en versterken 5.3 Deelgebied 3: Zwarte Water en Zwarte Meer 5.3.1 Koers 5.3.2 Welke waarden willen we behouden en versterken 5.4 Deelgebied 4: Zeekleipolders 5.4.1 Koers 5.4.2 Welke waarden willen we behouden en versterken 5.5 Deelgebied 5: Dijken 5.5.1 Koers 5.5.2 Welke waarden willen we behouden en versterken 5.6 Deelgebied 6: Polder Mastenbroek 5.6.1 Koers 5.6.2 Welke waarden willen we behouden en versterken 5.7 Deelgebied 7: Zwartewatersklooster 5.7.1 Koers 5.7.2 Welke waarden willen we behouden en versterken

14 15 15 16 17 17 18 19 19 20 21 21 22 23 23 24 25 25 26 27 27 28

3

5.8 Deelgebied 8: Genne-Holten-Streukel 5.8.1 Koers 5.8.2 Welke waarden willen we behouden en versterken 5.9 Deelgebied 9: Gennegerbroek 5.9.1 Koers 5.9.2 Welke waarden willen we behouden en versterken

29 29 30 31 31 32

6 Uitvoering 6.1 Verwerken in de Omgevngsvisie 6.2 Concrete acties

33 33 33

7 Bijlagen Bijlage 1 Lijst met afkortingen Bijlage 2: Plan- en participatieproces Bijlage 3: Participatieverslagen Bijlage 4: Kenmerkenkaart Bijlage 5: Waardenkaart Bijlage 6: Ontwikkelingen kaart Bijlage 7: Opzet kansen cirkels Bijlage 8: Kansenkaart Bijlage 9: Visiekaart

34 34 35 38 45 50 52 53 55 56

4

Samenvatting Ons buitengebied is klaar voor de toekomst, zo luidt één van de ambities in de omgevingsvisie. Het platteland heeft te maken met meerdere grote opgaven die invloed zullen gaan hebben op hoe we in het buitengebied van Zwartewaterland willen wonen, werken en recreëren. Om een goede afweging te kunnen maken tussen alle waarden, functies en belangen hebben we de voorliggende visie buitengebied opgesteld. Deze visie is een bouwsteen voor de Omgevingsvisie van Zwartewaterland. Omgevingsvisie Veel ontwikkelingen overstijgen het buitengebied en komen samen in de Omgevingsvisie. Deze wordt in 2025-2026 beleidsluw herzien, hiervoor loopt een apart traject parallel aan de Bouwsteen visie buitengebied. Er worden meerdere bouwstenen voor de Omgevingsvisie opgesteld die een relatie hebben met de bouwsteen visie buitengebied en in afstemming op elkaar worden ontwikkeld. Dit zijn de bouwstenen: Wonen, Ontwikkellocaties en de herijking van het programma energietransitie. Visie buitengebied De gemeente Zwartewaterland ligt in de IJssel-Vechtdelta, aan het Zwarte Water en is omringd door een afwisselend landschap met bijzondere gebieden. De ontstaansgeschiedenis is nog duidelijk herkenbaar. De landbouw is een belangrijke drager van het landschap. Het landschap heeft mede door het agrarisch gebruik zijn huidige vorm gekregen.

Zwartewaterland kenmerkt zich als een vitale plattelandsgemeenschap door hechte gemeenschappen en een actieve, betrokken bevolking waarin men omziet naar elkaar. Het platteland heeft te maken met meerdere grote opgaven die invloed hebben op hoe het landschap eruit ziet en hoe we in het buitengebied van Zwartewaterland willen wonen, werken en recreëren. Met deze visie zetten we in op de volgende punten: • Lokale kenmerken, natuurlijke-, landschappelijke-, cultuurhistorische- en sociale waarden zijn leidend bij nieuwe ontwikkelingen. • We beheren en ontwikkelen klimaat adaptief, waterveilig, duurzaam, met oog voor biodiversiteit en houden rekening met het water- en bodemsysteem. • We zetten in op een leefbaar platteland met een vitale plattelandsgemeenschap. • We zetten in op het behoud en doorontwikkeling van de agrarische sector en bieden onder voorwaarden ontwikkelruimte voor erftransformatie. Gebiedsgerichte uitwerking Het buitengebied is een gevarieerd gebied, naast de verschillende landschapstypen hebben we te maken met verschillende opgaven en ontwikkelingen. Hierdoor verschillen ook de koers en ontwikkelmogelijkheden per gebied. De visie voor het buitengebied is daarom gebiedsgericht uitgewerkt in negen deelgebieden. Uitvoering In de visie is omschreven hoe we aan de slag gaan om de visie uit te voeren en doelen te bereiken.

De visie is het nieuwe toetsingskader voor ontwikkelingen in het buitengebied. Waar dat nodig is werken we de visie verder uit. Zoals het uitwerken van beleid voor vrijkomende agrarische bebouwing, wonen, werken en recreatie en toerisme. De Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving gaan we actualiseren. Wanneer de maatregelen concreet zijn verwerken we dat in het Omgevingsplan. We zetten in op het faciliteren van verduurzaming. Voor klimaatadaptatie en waterveiligheid zetten we onder andere in op bewustwording, communicatie en het mogelijk maken van ingrepen. We stimuleren en faciliteren initiatieven die ontmoeten en mogelijk maken en bijdragen de leefbaarheid en gemeenschapszin. Samenwerking Het realiseren van deze visie kunnen we niet alleen. We zijn afhankelijk van andere overheden, gebiedspartijen, ondernemers en inwoners. Daarnaast beperken opgaven en vraagstukken zich zelden tot het buitengebied van Zwartewaterland alleen. We blijven overleggen, afstemmen en samenwerken met de gebiedspartijen om gezamenlijk tot goede plannen en uitvoering daarvan te komen.

5

2 Inleiding De gemeente Zwartewaterland heeft een gevarieerd en waardevol buitengebied. Veenweide gebieden, zeekleipolders, Polder Mastenbroek en Natuurgebieden zoals de Olde Maten & Veerslootslanden en het rivierenlandschap van het Zwarte Water en Zwarte Meer. Sporen uit het verleden zijn nog zichtbaar in de verkaveling, waterwerken of vele kolken, kreken en zandruggen in het gebied. Inwoners wonen in karaktervolle kleine kernen, buurtschappen of op erven in het buitengebied. Het gebied is grotendeels in agrarisch gebruik. Ons buitengebied is klaar voor de toekomst, zo luidt één van de ambities in de omgevingsvisie. Het platteland heeft te maken met meerdere grote opgaven die invloed hebben op hoe we het buitengebied van Zwartewaterland gebruiken en beleven. Het buitengebied krijgt te maken met verschillende opgaven die ruimte vragen. Net als in andere delen van Nederland heeft ook Zwartewaterland te maken met een flinke woningbouwopgave. Hierbij gaat inbreiding voor uitbreiding, maar is uitbreiding in het buitengebied niet altijd te voorkomen. Ook bedrijven vragen ruimte en daarmee om uitbreiding van bedrijventerreinen. Daarnaast wordt hard gewerkt aan de energietransitie. Ook de Europese doelen voor natuur en water moeten een plek krijgen in het buitengebied, vaak binnen de Natura 2000-gebieden (N2000) maar soms ook daarbuiten.

Vanuit het klimaatakkoord liggen er opgaven voor het reduceren van de uitstoot van broeikasgassen waaronder CO 2, methaan en ammoniak. Een deel van deze opgaven moet gerealiseerd worden door veenoxidatie te remmen. De Kaderrichtlijn Water (KRW) bepaalt de doelen voor het verbeteren van de waterkwaliteit. Klimaatverandering en extremere weersomstandigheden zorgen ervoor dat we met andere ogen naar ons water- en bodemsysteem kijken. Is alles nog technisch op te lossen of moeten we het water- en bodemsysteem eerder bij ruimtelijke ontwikkelingen meewegen en klimaat adaptief ontwikkelen? Boven genoemde opgaven zijn een flinke klus voor alle betrokken partijen en hebben veel impact. Vooral de grondgebonden1 agrarische bedrijven zullen de gevolgen voelen. De agrarische sector is beeldbepalend in het buitengebied. Het landschap heeft mede door het agrarisch gebruik zijn huidige kwaliteit gekregen. Het toekomstperspectief van de landbouw is onzeker, er is onduidelijkheid over het verdienmodel en de bestaanszekerheid staat onder druk.

Hoe zorgen we voor een goede balans tussen de bestaande waarden en karakteristieken en alle opgaven die een plek moeten krijgen in Zwartewaterland? Hoe zorgen we ervoor dat het buitengebied een fijne en mooie plek is voor inwoners en toeristen om te verblijven en bieden we tegelijkertijd ruimte voor agrariërs en andere ondernemers in het buitengebied? Er nog veel onzekerheid. Hoe geven we duidelijkheid zonder alle flexibiliteit weg te nemen? Om een goede afweging te kunnen maken tussen alle waarden, functies en belangen stellen we deze richtinggevende visie op voor het buitengebied van Zwartewaterland. Deze visie is tevens een bouwsteen voor de Omgevingsvisie van Zwartewaterland. De Omgevingsvisie heeft een tijdshorizon tot 2040. 2.1 Omgevingsvisie Zwartewaterland De visie buitengebied is een Bouwsteen voor de Omgevingsvisie. De Omgevingsvisie is de basis voor ruimtelijke ontwikkeling in de toekomst. De huidige Omgevingsvisie Zwartewaterland in 2021 door de raad vastgesteld. Het uitgangspunt van de visie is dat het een dynamisch document is. Met de beleidsluwe herziening maken we de basis op orde, verbeteren we de indeling van de visie en ontsluiten we meer informatie via de (interactieve) kaart. Het actualiseren van de Omgevingsvisie kan deels modulair worden opgepakt door middel van het opstellen van Bouwstenen.

De Bouwstenen in de Omgevingsvisie vormen een samenhangend bouwwerk. Een agrarische bedrijfsvoering die hoofdzakelijk niet in gebouwen plaatsvindt en het gebruik van agrarische gronden noodzakelijk is voor het functioneren van het bedrijf. 1

6

Er wordt ook een m.e.r.-beoordeling uitgevoerd voor de Bouwsteen visie buitengebied. De m.e.r beoordeling onderzoekt of er onderdelen zijn waarbij een negatief effect op de omgeving niet kan worden uitgesloten en of de visie buitengebied m.e.r. plichtig is. 2.2 Participatie De Bouwsteen visie buitengebied is tot stand gekomen met behulp van een uitgebreid participatie proces. Verschillende onderwerpen, vraagstukken en tussenproducten zijn voorgelegd aan een klankbordgroep met vertegenwoordigers van verschillende belangen en in meerdere participatieavonden besproken. Daarnaast zijn er tien interviews geweest met verschillende sleutelfiguren en bewonersgroepen. De bijeenkomsten en interviews hebben bijgedragen aan het opstellen van de waardenkaart, inzicht gegeven in sociale structuren en de leefbaarheid van het buitengebied en geholpen bij het aanscherpen van de gebiedsgerichte uitwerking. Een uitgebreid participatie verslag is te vinden in bijlage 3. 2.3 Leeswijzer Hoofdstuk 3 beschrijft de relatie van deze bouwsteen met de andere bouwstenen die in het kader van de Omgevingsvisie ontwikkeld worden. Hoofdstuk 4 bevat de visie voor het buitengebied. Dit hoofdstuk volgt inhoudelijk de structuur en volgorde van het doorlopen (participatie)proces. Daarbij beginnen we met wat er al is zoals de ondergrond, landschap kenmerken en waarden.

Daarna behandelen we de ontwikkelingen en als laatste het gebruik. Omdat niet alle gebieden hetzelfde zijn wordt de visie gebiedsgericht uitgewerkt in hoofdstuk 5. Hoofdstuk 4 en 5 worden opgenomen in de Omgevingsvisie. In hoofdstuk 6 geven we een eerste aanzet voor uitvoering van de visie. In de bijlagen zitten de tussenproducten en achtergronddocumenten die geholpen hebben bij het opstellen van deze visie.

7

3

Samenhang met andere Bouwstenen

Zoals in de inleiding geschetst zijn er veel ontwikkelingen waar we als gemeente mee te maken krijgen, niet alleen in het buitengebied. Veel van deze ontwikkelingen overstijgen het buitengebied en komen samen in de Omgevingsvisie. Deze wordt in 2025-2026 beleidsluw herzien, hiervoor loopt een apart traject parallel aan de Bouwsteen visie buitengebied. De omgevingsvisie moet volgens de Omgevingswet de volgende onderwerpen bevatten: • de hoofdlijnen van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving; • de hoofdlijnen van de voorgenomen ontwikkeling, het gebruik, het beheer, de bescherming en het behoud van het grondgebied, en; • de hoofdzaken van het beleid op alle relevante terreinen van de fysieke leefomgeving. De bouwsteen visie buitengebied gaat in op deze punten voor het buitengebied van Zwartewaterland. Er worden meerdere bouwstenen voor de Omgevingsvisie opgesteld die een relatie hebben met de Bouwsteen visie buitengebied. Een Bouwsteen is de voorbereiding van een herziening van de omgevingsvisie. Een Bouwsteen start altijd met een thematische of gebiedsgerichte aanleiding of een strategische opgave. De afstemming tussen de verschillende Bouwstenen is essentieel om ervoor te zorgen dat de inhoud aansluit, niet tegenstrijdig is en er geen dubbel werk wordt gedaan. Hieronder beschrijven we een aantal Bouwstenen die gerelateerd zijn aan de Bouwsteen voor het buitengebied.

3.1 Bouwsteen Ontwikkellocaties Zwartewaterland De Bouwsteen Ontwikkellocaties bevat een integrale ruimtelijke afweging voor potentiële ontwikkellocaties. Het doet een voorstel voor het opnemen van nieuwe ontwikkellocaties voor woningbouw en bedrijventerreinen in Zwartewaterland. Het doel is om voor de (middel)lange termijn te kunnen voorzien in de woon- en werkbehoefte in onze gemeente. De Bouwsteen bevat zowel inbreidings- als uitbreidingslocaties. Uitbreidingslocaties hebben invloed op het grondgebruik en karakter van het buitengebied. 3.2 Herijking Programma energietransitie De Bouwsteen bevat een herijking van onze energieopgave en ambitie. Daarnaast wordt onderzocht welke bestaande en nieuwe ontwikkellocaties voor zon en wind na 2030 mogelijk en gewenst zijn om onze ambitie te kunnen verwezenlijken. Voor de periode tot 2030 zijn al zoekgebieden aangewezen. De meeste zoekgebieden landen in het buitengebied en zijn dus van direct belang voor de Bouwsteen visie buitengebied. het Programma energietransitie gaat ook over de warmtetransitie en over de vraag hoe alle woningen voor 2050 van het aardgas af gaan. Hier krijgen de inwoners en ondernemers in het buitengebied ook mee te maken. 3.3 Bouwsteen wonen De Bouwsteen wonen geeft aan wat de gemeente kwalitatief en kwantitatief wil bouwen. Daarin worden geen locatiekeuzes gemaakt.

Nieuwe locaties komen aan de orde in de Bouwsteen Ontwikkellocaties. Hooguit worden al eerder aangewezen locaties benoemd. De Bouwsteen wonen wordt ingebracht in het Volkshuisvestingsprogramma.

8

4

Visie

4.1 Afwisselend en waardevol landschap met zichtbare ontstaansgeschiedenis De gemeente Zwartewaterland ligt aan het Zwarte Water en is omringd door een afwisselend landschap met bijzondere gebieden: het Nationaal Landschap IJsseldelta, Nationaal Park WeerribbenWieden, de Natura 2000 gebieden Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht, De Wieden, Olde Maten & Veerslootslanden en het Zwarte Meer. De ontstaansgeschiedenis is nog duidelijk herkenbaar. Eerder werd er gewoond en gewerkt binnen de mogelijkheden die binnen de natuurlijke condities mogelijk waren. Al vrij vroeg hebben we het landschap naar onze hand gezet. De inpoldering van polder Mastenbroek in 1364, één van de oudste polders in Nederland, is daar een voorbeeld van. Water speelt nog steeds een belangrijke rol bij de inrichting en het gebruik van ons landschap en de ontwikkeling van de kernen. Waterlopen en dijken zijn belangrijke elementen als het gaat om de huidige kwaliteit van het landschap. Ook de landbouw is een belangrijke drager van het landschap en is van grote cultuurhistorische betekenis. Het landschap heeft mede daardoor zijn huidige vorm gekregen. Ons uitgangspunt is dat we zorgvuldig met waardevolle landschapskwaliteiten omgaan en deze behouden en verder ontwikkelen.

Vanuit dit uitgangspunt is er ruimte voor nieuwe ontwikkelingen en willen we invulling geven aan de ruimtebehoefte van onze inwoners en ondernemers. Het principe van inbreiding voor uitbreiding passen we hierbij expliciet toe. De landschappelijke kenmerken zijn per gebied in beeld gebracht en beschreven op basis van het Landschapsontwikkelingsplan Zwolle-Zwartewaterland-Kampen uit 2010. Dit de basis voor de kenmerkenkaart met gebiedsbeschrijvingen (bijlage 4). De herkenbaarheid en gaafheid van de kenmerken zijn samen met de waardering van inwoners en wettelijk beschermde kwaliteiten verwerkt in de waardenkaart (bijlage 5). 4.1.1 Koers Lokale kenmerken, natuurlijke-, landschappelijke-, cultuurhistorische- en sociale waarden zijn leidend bij nieuwe ontwikkelingen. 4.1.2 • • • • • • • • • 4.1.3 •

Wat willen we bereiken Behoud en versterking van bijzondere ruimtelijke, landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten. Ruimtelijke ontwikkelingen houden rekening met landschappelijke waarden en dragen bij aan het behoud en versterken van de lokale kenmerken zoals beschreven in de kenmerkenkaart. Grootschalige nieuwe ontwikkelingen die het landschap blijvend veranderen compenseren dat door waarden aan een gebied toe te voegen. In de gebieden met de hoogste waarden zetten we in op het behoud van de waarden zoals beschreven in de kenmerken- en waardenkaart. In de gebieden met middelhoge waarden zetten we in op het herstel van de lokale kenmerken zoals beschreven in de kenmerken- en waardenkaart. In de gebieden met de laagste waarden zetten we in op het herstel, ontwikkelen en toevoegen van (nieuwe) waarden. Kwalitatief hoogwaardige en multifunctionele dorps- en stadsranden. Goed ingepaste kernen om negatieve uitstraling (zoals lichtvervuiling) op het buitengebied zoveel mogelijk te beperken. Duisternis in het buitengebied behouden en lichtvervuiling in het buitengebied voorkomen door functioneel, veilig, spaarzaam en duurzaam te verlichten. Hoe gaan we aan de slag Nieuwe functies zijn mogelijk als ze bijdragen aan behoud en/of herstel van de landschappelijke kwaliteiten zoals beschreven in de kenmerken- en waardenkaart.

9

• • •

Bij ruimtelijke ontwikkelingen, in of grenzend aan het buitengebied, is een landschappelijk inpassingsplan vereist. We actualiseren de beleidsregel Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (KGO 2015) en passen deze waar nodig aan. Gewenste ontwikkelingen toetsen we aan de beleidsregel Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (KGO). Deze bepaalt de investering in de ruimtelijke kwaliteit ter compensatie van de ontwikkeling.

4.2 Laaggelegen (veen)polders in de IJssel-Vechtdelta De gemeente Zwartewaterland ligt in de IJssel-Vechtdelta. Dit deltagebied is kwetsbaar voor klimaatverandering doordat verschillende bodem- en watersystemen bij elkaar komen. De regio krijgt in de toekomst mogelijk te maken met fluctuerende waterpeilen op het IJsselmeer en afwisselingen van hogere en lagere wateraanvoeren uit het achterland in combinatie met hoosbuien en extreem droge perioden in de regio zelf. Een groot deel van het buitengebied van Zwartewaterland bestaat uit veenweidegebied. Het gaat hier bijvoorbeeld om Polder Mastenbroek, de Barsbekerbinnenpolder, de Veldiger Binnenlanden en het Gennegerbroek. Wanneer veen in aanraking komt met zuurstof, als gevolg van een lage grond- en-of oppervlaktewaterstand of grondbewerking, oxideert het. Dit proces is onomkeerbaar en leidt tot bodemdaling en de uitstoot van broeikasgassen zoals CO2 en methaan. Om de uitstoot van broeikasgassen te voorkomen en bodemdaling te remmen is het belangrijk om de afbraak van veen te voorkomen. Het verhogen van de grondwaterpeilen speelt daarbij een belangrijke rol. Het verhogen van de grondwaterstanden heeft effect op het bestaande agrarische gebruik. Daarnaast heeft bijvoorbeeld Polder Mastenbroek te maken met wegzijging van het water naar onder andere de Koekoekspolder.

Waterbeschikbaarheid is ook een aandachtspunt, er zijn momenten dat er onvoldoende water beschikbaar is om de veengebieden nat te houden. Om tot een duurzame en bestendige inrichting te komen, moeten keuzes op regionale schaal gemaakt worden én inrichtingskeuzen op locatieniveau. Zo voorkomen we afwenteling van landgebruik op de omgeving, op toekomstige generaties en van de private op de publieke sector. 4.2.1 Koers We beheren en ontwikkelen klimaat adaptief, waterveilig, duurzaam, met oog voor biodiversiteit en houden rekening met het water- en bodemsysteem. 4.2.2 • • • • • • •

Wat willen we bereiken We houden rekening met de bodem en het watersysteem bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Een duurzame oplossing van de veenweideproblematiek waarbij we inzetten op een toekomstperspectief voor het behoud en gebruik van de veenweidegebieden en het beperken van de bodemdaling. Voor waterveiligheid zetten we in op de compartimentering van dijkringen. Dit om te voorkomen dat er bij overstromingen in één keer een groot gebied overstroomt. We stellen eisen aan nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen om wateroverlast te voorkomen en water vast te houden. Daarbij zetten we in op multifunctioneel ruimtegebruik. Voorkomen dat we ontwikkelingen toestaan die latere oplossingen in de weg staan zoals in de randzone van de Koekoekspolder en langs de primaire waterkeringen. Meer aandacht en bewustwording voor meerlaagsveiligheid2 in overstromingsgevoelige gebieden zoals de Zuiderzeepolder en polder Pieper. Waarbij de focus ligt op laag 2, duurzame ruimtelijke ontwikkeling en laag 3, rampenbestrijding. Een groenblauwe dooradering van het buitengebied. Water- en groenstructuren dragen bij aan meerdere doelen, zoals klimaatadaptatie, biodiversiteit, maar ook gezondheid en sociale verbinding.

Een strategie om overstromingen uit het hoofdwatersysteem te voorkomen en de mogelijke gevolgen te beperken. Het gaat uit van drie lagen: preventie (laag 1), duurzame ruimtelijke ontwikkeling (laag 2) en rampenbeheersing (laag 3). 2

10

• 4.2.3 • • • • •

•

We streven naar energie neutrale erven en bieden, onder voorwaarden, ruimte aan ontwikkelingen als deze bijdragen aan verduurzaming van de bedrijfsvoering. Hoe gaan we aan de slag Samen met partners werken we aan de Gebiedsgerichte aanpak Noordwest-Overijssel. Het doel hiervan is een integrale visie op de veenweideproblematiek, landbouw, klimaat, natuur, waterkwaliteit, landschap en toerisme. We werken met andere overheden en partijen in de regio Zwolle samen aan de Sponsstrategie. Bij nieuwe ontwikkelingen wegen we bodem, waterkwaliteit, waterbeschikbaarheid, waterveiligheid en klimaatadaptatie vroegtijdig mee. We verkennen of we signaleringsgebieden voor bijvoorbeeld meerlaagsveiligheid, rond de dijken of voor de randzone koekoekspolder op kunnen nemen in het Omgevingsplan. We faciliteren verduurzaming van het erf. Dit kan door middel van zonnepanelen op daken of grondgebonden installaties, erfmolens en mestvergisting. We faciliteren de plaatsing van erfmolens en zonnepanelen op daken en op eigen grond. Het huidige beleid hiervoor blijven we evalueren en aanpassen. We bieden informatie en subsidies aan woningeigenaren om hun woning te kunnen isoleren en aardgasvrij te kunnen verwarmen.

4.3 Een leefbaar platteland met een vitale gemeenschap Zwartewaterland kenmerkt zich als een vitale plattelandsgemeenschap door hechte gemeenschappen en een actieve, betrokken bevolking waarin men omziet naar elkaar. Sport, cultuur en kerk vormen het fundament van de samenleving. In de kernen is het voorzieningenniveau op orde en er zijn er voldoende mogelijkheden om elkaar te ontmoeten. Inwoners in het buitengebied maken zich zorgen over het instant houden van de voorzieningen in de kleine kernen en buurtschappen. Voorzieningen staan onder druk en dreigen te verdwijnen. Scholen, en daarmee ook ontmoetingsplekken, zijn op sommige plekken al verdwenen. Verenigingen en stichtingen spelen een belangrijke rol bij de ontmoeting van onze inwoners en zijn sterk betrokken bij het vitaal houden van het landschap. In voormalige agrarische gebouwen hebben zich nieuwe functies gevestigd, van burgerwoningen tot niet-agrarische bedrijven. Door deze veranderingen is het evenwicht tussen de verschillende functies en waarden in het buitengebied veranderd. Dit heeft effect op de gemeenschap. Nieuwe inwoners nemen nieuwe energie en ideeën met zich mee maar het leidt soms ook tot wederzijds onbegrip voor elkaars belangen. Inwoners geven aan dat er behoefte is aan woningen voor jongeren en toekomstig bedrijfsopvolgers die in Zwartewaterland willen blijven wonen.

Daarnaast is er ook behoefte aan woningen voor senioren en degene die het bedrijf over hebben gedragen aan de volgende generatie. Door een passend woningaanbod voor starters en senioren toe te voegen dragen we bij aan een evenwichtige bevolkingsopbouw en instandhouding van de gemeenschap. Goede en veilige wandel- en fietsroutes zorgen ervoor dat inwoners vanuit hun woonomgeving kunnen recreëren in de omgeving van hun woonplaats. Daarnaast dragen ze bij aan de bereikbaarheid van voorzieningen. 4.3.1 Koers We zetten in op een leefbaar platteland met een vitale plattelandsgemeenschap. 4.3.2 • • •

Wat willen we bereiken We willen voorzieningen in het buitengebied zoveel mogelijk behouden. We zorgen dat de voorzieningen in de omliggende kernen goed bereikbaar zijn vanuit het buitengebied. We stimuleren en faciliteren initiatieven die gericht zijn op ontmoeting, het behouden van de sociale samenhang en leefbaarheid van buurtschappen en kleine kernen.

11

• • • • • 4.3.3 • • • •

Het buitengebied als uitloopgebied van de kernen faciliteren door middel van lokale ommetjes. Zichtbaar, beleefbaar en (deels) toegankelijk maken van landschap, water en natuur door goede en veilige wandel- en fiets- en vaarroutes, rustpunten en informatievoorziening. Voorkomen dat criminelen een kans krijgen om zich in onze gemeente te vestigen en criminele activiteiten te ondernemen. We hebben daarbij aandacht voor de risico’s op ondermijning op bedrijventerreinen en in het buitengebied Begrip tussen agrariërs en niet-agrariërs voor elkaars belangen vergroten. We blijven in gesprek met inwoners en maatschappelijke partijen in het buitengebied en stimuleren het gesprek tussen de verschillende partijen. Hoe gaan we aan de slag We ondersteunen initiatieven die gericht zijn op ontmoeting. We faciliteren inwoners met goede plannen voor de leefbaarheid met projecten en subsidies. Ook helpen we initiatiefnemers met het vinden van andere subsidies en fondsen. We gaan de huidige mogelijkheden voor wonen in het buitengebied inventariseren, waar nodig aanvullen of aanpassen en communiceren. Hierbij kunnen we aansluiten bij het volkshuisvestingsprogramma. We bieden onder voorwaarden ruimte aan verschillende woonvormen op bestaande erven die passen bij de omgeving en inspelen op ‘niche’- behoeften.

4.4 Behoud en ontwikkeling van de agrarische sector We zetten in op een toekomstbestendige, klimaat neutrale agrarische sector. We willen agrariërs een duidelijk toekomstperspectief bieden. Tegelijkertijd streven we naar een zorgvuldig evenwicht tussen agrarisch gebruik en andere ruimteclaims zoals natuur, wonen, energie en recreatie. De landbouw is een belangrijke drager van het landschap. Het landschap heeft mede door het agrarisch gebruik zijn huidige kwaliteit gekregen. Veranderingen in de landbouw zoals de intensivering en schaalvergroting beïnvloeden het landschap en natuurwaarden. Tegelijkertijd wordt de agrarische sector beïnvloed door de maatschappelijke opgaven voor water, bodem, klimaat en biodiversiteit. Economisch gezien wordt het buitengebied vooral gebruikt door grondgebonden (rund)veehouderij. Landelijke trends geven aan dat het aantal agrarische bedrijven afneemt. Bijvoorbeeld door het ontbreken van een opvolger. Tegelijkertijd zien we andere ruimteclaims en ontwikkelingen op het buitengebied afkomen. Hierdoor kan de agrarische sector zijn huidige omvang, in aantal bedrijven en areaal, mogelijk niet behouden. Om de agrarische sector te behouden werken we mee aan (gedeeltelijke) wijziging van de agrarische functie, het toevoegen van niet-agrarische functies en alternatieve verdienmodellen voor agrarische bedrijven.

Het is van belang dat het agrarisch ondernemerschap niet in gevaar komt. Bij al deze ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met omliggende bedrijven, landschappelijke waarden en natuur. 4.4.1 Koers We zetten in op het behoud en doorontwikkeling van de agrarische sector en bieden onder voorwaarden ontwikkelruimte voor erftransformatie. 4.4.2 • • • •

Wat willen we bereiken We zetten in op het behoud van de grondgebonden agrarische sector in het buitengebied. We zetten, onder voorwaarden, in op inbreiding en transformatie van het bestaande erf. Nieuwe erven in het buitengebied zijn niet toegestaan. We bieden onder voorwaarden ruimte aan ontwikkeling en verbreding van de landbouw, hierbij denken we aan functies zoals wonen, andere bedrijvigheid, matschappelijke functies recreatie en toerisme. We zetten in op het behouden en ontwikkelen van (nieuwe) verdienmodellen voor het buitengebied.

12

• • • 4.4.3 •

• • • • • •

We behouden zoveel mogelijk goede landbouwgronden voor de landbouw zoals in de zeekleipolders. Een veilig vestigingsklimaat en weerbare ondernemers die zich bewust zijn van de gevaren van ondermijning en digitale criminaliteit. We hebben aandacht voor de mentale gezondheid van agrarische ondernemers. Hoe gaan we aan de slag We zetten in op het invullen van vrijgekomen agrarische bebouwing (vab) en erftransformatie. We bieden ruimte aan verbreding met nevenactiviteiten voor agrariërs. Bij het uitwerken van het vab-beleid verkennen we hoe we dit kunnen borgen in het Omgevingsplan. We evalueren het huidige vab-beleid en passen deze waar nodig aan. Indien mogelijk doen we dit samen en in afstemming met omringende gemeenten. We verkennen de mogelijkheden om binnen het omgevingsplan gebiedsgericht te werken met geur- en geluidsnormen. We volgen landelijke ontwikkelingen op gebied van bijvoorbeeld dierenwelzijn, mestvergisting en brandveiligheid. We evalueren of de regels voor het bouwvlak nog actueel zijn. Verval van erven en ondermijning voorkomen door ruimte te bieden om vrijgekomen (agrarische)erven toekomstbestendig in te vullen. We blijven in gesprek met agrariërs en belangenvertegenwoordigers van de sector en dragen actief bij aan gebiedsprocessen. We gaan de mogelijkheden voor kleinschalige verblijfsrecreatie op erven verder uitwerken.

13

5

Gebiedsgerichte uitwerking

Het buitengebied is een gevarieerd gebied, naast de verschillende landschapstypen hebben we te maken met verschillende opgaven en ontwikkelingen. Hierdoor verschillen ook de koers en ontwikkelmogelijkheden per gebied. In de gebiedsgerichte uitwerking onderscheiden we negen verschillende deelgebieden. De gebieden voor de gebiedsgerichte uitwerking zijn bepaald op basis van landschappelijke kenmerken en de ontwikkelingen. De ontwikkelingen zijn meegenomen bij het toekennen van functies die passen binnen een gebied. Per gebied hebben we gekeken welke functies daar het beste passen en bijdragen of invulling geven aan de visie. Daarbij maken we onderscheid tussen hoofdfuncties, ondersteunende functies en functies die botsen met de hoofdfunctie of de ontwikkelingen die in een gebied plaats vinden. Deze indeling is voor elk deelgebied uitgewerkt in een cirkel. Voor de hoofdfuncties hanteren we een positieve houding (Ja; in de buitenste ring), voor de ondersteunende functies hanteren we een Ja, mits houding (Ja, mits; in de middelste ring) en voor de ongewenste functies hanteren we een Nee of Nee, tenzij houding (Nee of Nee, tenzij; in de binnenste cirkel). Dat een functie in de Ja of Ja, Mits categorie valt wil niet zeggen dat dit altijd en zonder voorwaarden mogelijk is.

Alle concrete plannen en ideeën worden altijd integraal afgewogen en getoetst aan relevant beleid en de lokale situatie.

14

5.1 Deelgebied 1: De Wieden Het gebied rond Zwartsluis ten noorden van het Zwarte Water en ten westen van het Meppelerdiep. 5.1.1 Koers Dit veengebied en kraggenlandschap met hoge landschappelijke- en natuurwaarden is onderdeel van het N2000 gebied De Wieden en leent zich vooral voor natuurontwikkeling, waarin water een belangrijke rol speelt, met daaraan ondergeschikt landbouwkundig- en recreatief gebruik.

Wonen Nee tenzij; het op een bestaand erf is, het geen belemmeringen oplevert voor N2000 doelen en positief bijdraagt aan andere doelen in het gebied. Agrarisch Ja mits; het agrarische gebruik aangepast wordt aan de veenbodem en N2000 doelen. Agrarisch gebruik is belangrijk voor het behoud van het kenmerkende landschap en weidevogels. Natuur Ja; het gebied is grotendeels onderdeel van het N2000 gebied De Wieden, de natuurlijke waarden en doelen staan hier voorop. Water Ja mits; het bijdraagt aan het behouden van het veenweidegebied, het verbeteren van de waterkwaliteit, of het vasthouden en bergen van water. Energie Ja mits; het noodzakelijke nutsvoorzieningen zijn of op het erf is ten behoeve van de verduurzaming van het bedrijf en/of de woning. Recreatie en toerisme Ja mits; het geen afbreuk doet aan de N2000 doelen. Er is ruimte voor extensief recreatief medegebruik en kleinschalige verblijfs- en dagrecreatie op erven. Er zijn kansen voor routestructuren om Zwartsluis met De Wieden te verbinden. Bedrijvigheid Nee tenzij; het op het erf is en het geen belemmeringen oplevert voor omliggende woningen, N2000 doelen en positief bijdraagt aan andere doelen in het gebied. Maatschappelijk Nee tenzij; het op het erf is, het geen belemmeringen oplevert voor N2000 doelen en positief bijdraagt aan andere doelen.

15

5.1.2 •

• • • • 5.1.3 •

Welke waarden willen we behouden en versterken In dit gebied met hoge waarden zetten we in op het behoud van de waarden zoals beschreven in de kenmerken- en waardenkaart. Kraggenlandschap • Slagenverkaveling • Rafelige percelen door moerasbossen • Water open karakter • Moerasbossen gesloten karakter • Ruimtemaat 20-750 meter • Doolhof van plassen, kreken, sloten en trekgaten & petgaten • Er groeien bijzondere planten, zoals krabbescheer en verschillende soorten wilde orchideeën • Wonen aan het water (incidenteel) • Veelal rieten daken Veenontginningen • Evenwijdige, langgerekte, smalle kavels, iets uitwaaierend • Zeer open karakter • Enkel beplantingsmassa's van enkele omzoomde eendenkooien en erven • Ruimtemaat 500-3000 meter • Weteringen verdelen de kavels, geen afrastering nodig • Sommige weteringen zijn begroeid met rietkragen • Beplanting bij eendenkooien; els, wilg, populieren • Beplanting op erven; fruitbomen, paardenkastanje, essen en meidoorn • Nieuwe erven aan wegen • Incidenteel lintbebouwing Natuurwaarden Weidevogelgebied Veenweidegebied Toegankelijkheid en beleving van het gebied voor recreanten en toeristen Wat gaat de gemeente doen Zie Hoofdstuk 4 voor de algemene teksten onder “hoe gaan we aan de slag”.

16

5.2 Deelgebied 2: Veldiger Binnenlanden Oostzijde van de gemeente tussen Het Meppelerdiep, Zwarte Water en de Olde Maten en Veerslootslanden. 5.2.1 Koers Dit veengebied gelegen in de randzone van de N2000 gebieden Olde Maten en Veerslootslanden en Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht leent zich voor, aan de veenbodem aangepast, agrarisch gebruik en (agrarische)natuur. Verbreding en transformatie van bestaande (agrarische)erven is onder voorwaarden mogelijk.

Wonen Ja mits; het op een bestaand erf is en het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven en N2000 doelen. Agrarisch Ja; de landbouw is belangrijk voor het behoud van het kenmerkende landschap. Het agrarische gebruik wordt aangepast aan de veenbodem en houdt rekening met de twee aangrenzende N2000 gebieden. Natuur Ja; het gebied ligt tussen twee N2000 gebieden. Er zijn kansen om verbindingen tussen beide gebieden te maken, dit kan ook door middel van agrarische natuur. Water Ja mits; het bijdraagt aan het behouden van het veenweidegebied of het vasthouden en bergen van water. Een aandachtpunt in dit gebied is het verbeteren van de waterkwaliteit in verband met de Olde Maten en Veerslootslanden. Energie Ja mits; het noodzakelijke nutsvoorzieningen zijn of op het erf is ten behoeve van de verduurzaming van het bedrijf en/of de woning. Een aandachtspunt in dit gebied is de uitbreiding van het HSMS station Zwartsluis. Recreatie en toerisme Ja mits; het op het erf is en het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven en N2000 doelen. Het gebied is slecht toegankelijk, er zijn kansen om routes te maken en het gebied te verbinden met Zwartsluis en Zwartewatersklooster. Bedrijvigheid Ja mits; het op het erf is, het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven, woningen en N2000 doelen.

17

Maatschappelijk Ja mits; het op het erf is, het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven en N2000 doelen. 5.2.2 •

▪ 5.2.3 • •

Welke waarden willen we behouden en versterken In dit gebied met middelhoge waarden zetten we in op het herstel van de lokale kenmerken zoals beschreven in de kenmerken- en waardenkaart. Veenontginningen • Evenwijdige, langgerekte, smalle kavels, iets uitwaaierend • Zeer open karakter • Enkel beplantingsmassa's van enkele omzoomde eendenkooien en erven • Ruimtemaat 500-3000 meter • Weteringen verdelen de kavels, geen afrastering nodig • Sommige weteringen zijn begroeid met rietkragen • Beplanting bij eendenkooien; els, wilg, populieren • Beplanting op erven; fruitbomen, paardenkastanje, essen en meidoorn • Nieuwe erven aan wegen • Incidenteel lintbebouwing Veenweidegebied Wat gaat de gemeente doen Zie Hoofdstuk 4 voor de algemene teksten onder “hoe gaan we aan de slag” Waar mogelijk bijdragen aan het gebiedsproces Veldiger Binnenlanden

18

5.3 Deelgebied 3: Zwarte Water en Zwarte Meer Het Zwarte Water en Zwarte Meer met bijbehorend buitendijks gebied. 5.3.1 Koers Het Zwarte Water en Zwarte Meer zijn onderdeel van het nationale watersysteem en de N2000 gebieden Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht en Zwarte Meer en hebben hoge landschappelijke- en natuurwaarden. Dit gebied leent zich vooral voor water- en natuur gerelateerde ontwikkelingen met daaraan ondergeschikt landbouwkundig- en recreatief gebruik. De gebruiksmogelijkheden kunnen verschillen per gebied. Dit is afhankelijk van de aanwijzing van het gebied als Vogelrichtlijn (omgeving Zwartsluis en Genemuiden) en het gebied aangewezen als Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn (omgeving Hasselt).

Wonen Nee; we bouwen buitendijks en in N2000 geen woningen. Agrarisch ja mits; het past binnen de vastgestelde N2000 doelen en de watervoerende en bergende functie van het gebied niet belemmert. Natuur Ja; het gebied is onderdeel van het N2000 gebieden Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht en Zwarte Meer, de natuurwaarden en doelen staan hier voorop. Water Ja; het buitendijks gebied biedt ruimte voor wisselende waterstanden in Zwarte Water en Zwarte Meer. Energie Nee; we leggen buitendijks geen voorzieningen voor energie aan. Recreatie en toerisme Ja mits; het geen afbreuk doet aan de N2000 doelen en de watervoerende en bergende functie van het gebied. Er is ruimte voor waterrecreatie en sportvisserij op het Zwarte Water en in beperkte mate op het Zwarte Meer. Waar mogelijk extensief recreatief gebruik in de uiterwaarden. Bedrijvigheid Nee tenzij; het op bestaande bedrijventerreinen bij Hasselt, Genemuiden en Zwartsluis is. Op het Zwarte Water en Zwarte Meer is wel ruimte voor scheepvaart. Maatschappelijk Nee; we staan buitendijks en in N2000 geen maatschappelijke functies toe.

19

Vanwege de waterbergende functie van het gebied zijn kwetsbare functies in dit gebied niet gewenst. 5.3.2 •

• • 5.3.3 •

Welke waarden willen we behouden en versterken In dit gebied met hoge waarden zetten we in op het behoud van de waarden zoals beschreven in de kenmerken- en waardenkaart. Rivierenlandschap • Onregelmatige blokverkaveling • Bij de weiden van de uiterwaarden langs het water veelal openheid • Afwisseling van ruimtes door restanten van buitenplaatsen • Ruimtemaat 500-1500 meter • Afwisselende reeksen van graslanden, beplantingssingels, meidoornhagen, rietlanden en restanten van buitenplaatsen • Meanderende rivier met natuurrijke randen van overstromingsgebieden, plassen en kreken • Bosjes en dijktaluds hebben waardevolle flora • Patroon van waterlopen is kronkelig • Patroon van Zwarte water is zeer verschillend ten opzichte van de Vecht; Vecht: natuurlijke regenrivier - Zwarte water: scheepvaartrivier • Zwart water: breder, stenen beschoeiing • Kievietsbloemen • Boerderijen liggen tegen de dijken en een enkele keer op ruggen op enige afstand van de dijk • Op erven; paardenkastanje, linde, taxus en fruitbomen Natuurwaarden Beleving van het gebied vanaf het water, de uiterwaarden en de dijk Wat gaat de gemeente doen Zie Hoofdstuk 4 voor de algemene teksten onder “hoe gaan we aan de slag”.

20

5.4 Deelgebied 4: Zeekleipolders De Zuiderzeepolder en Polder de Pieper 5.4.1 Koers Dit buitendijkse gebied met overwegend kleigronden leent zich goed voor landbouwkundig gebruik en functioneert als waterberging in het geval van extreme situaties waarbij hoge waterstanden optreden. Omdat het buitendijks gebied is werken we aan meerlaagsveiligheid. Andere economische ontwikkelingen op het erf, agrarische natuur en recreatie zijn onder voorwaarden mogelijk.

Wonen Nee tenzij; Het op een bestaand erf is, het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven, er rekening wordt gehouden met meerlaagsveiligheid. Agrarisch Ja; vanwege de bodemgesteldheid is dit gebied geschikt voor agrarisch gebruik. Natuur Ja mits; het samen gaat met het agrarisch gebruik of agrarische natuur is. Het gebied is ook aangewezen voor weidevogels. Water Ja; het gebied functioneert als waterberging in het geval van extreme situaties waarbij hoge waterstanden optreden in het Zwarte Water en Zwarte Meer. Energie Ja mits; het noodzakelijke nutsvoorzieningen zijn of op het erf is ten behoeve van de verduurzaming van het bedrijf en/of de woning. Extra aandachtspunt is het hoger aanleggen van de voorzieningen vanwege de functie van het gebied als waterberging. Recreatie en toerisme Ja mits; het gaat om recreatieve structuren om recreanten, toeristen en inwoners op een aantrekkelijke en veilige manier door het gebied te leiden. Verblijfsrecreatie is beperkt mogelijk mits het op het erf is, het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven en er rekening wordt gehouden met meerlaagsveiligheid. Bedrijvigheid Ja mits; het op het erf is, het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven en woningen en er rekening wordt gehouden met meerlaagsveiligheid.

21

Maatschappelijk Nee; Vanwege de waterbergende functie van het gebied zijn kwetsbare functies in dit gebied niet gewenst. 5.4.2 •

• • 5.4.3 • •

Welke waarden willen we behouden en versterken In dit gebied met middelhoge waarden zetten we in op het herstel van de lokale kenmerken zoals beschreven in de kenmerken- en waardenkaart. Zeekleipolders • Polder de Pieper en Zuiderzeepolder hebben een strokenverkaveling • Landschap kenmerkt zicht door zeer open karakter • Erfbeplanting rondom bebouwing • Ruimtemaat 500-2000 meter • Brede waterlopen; Veneriete en de Goot • Brede sloten, veelal haaks op waterafvoerend kanaal • Bebouwing op regelmatige afstand langs wegen gelegen • Oriëntatie boerderijen naar weg • Bebouwing veelal bungalow met bedrijfsgebouw • Polder de 'Oude Pieper' heeft terpboerderijen uit jaren 30 • Karakteristiek erfbeeld, erfbeplanting als windkering rondom boerenerf (soorten; populier, meidoorn en es) Gronden voor de landbouw Routes en recreatieve voorzieningen Wat gaat de gemeente doen Zie Hoofdstuk 4 voor de algemene teksten onder “hoe gaan we aan de slag” Waar mogelijk bijdragen aan het gebiedsproces Zuiderzeepolder

22

5.5 Deelgebied 5: Dijken De oude dijkstructuren met bebouwing, Kamperzeedijk, Cellemuiden, Zwolsedijk en Gennerdijk 5.5.1 Koers De oude dijkstructuren met hoge landschappelijke- en cultuurhistorische waarden hebben (m.u.v. Kamperzeedijk) een belangrijke waterkerende functie en zijn recreatief en toeristische gezien aantrekkelijk. Bij ontwikkelingen rond de dijk houden we rekening met toekomstige dijkversterkingen uit het hoogwaterbeschermingsprogramma.

Wonen Ja mits; het op een bestaand erf is en het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven. Bij ontwikkelingen op het erf ruimte rond de dijk vrijhouden. De kern Kamperzeedijk heeft zich onderaan de dijk ontwikkeld en biedt kansen voor het toevoegen van woningen. Het is mogelijk om aan te sluiten bij bestaande bebouwing, de bereikbaarheid is goed is, er zijn voorzieningen aanwezig en het ligt achter de primaire kering. Agrarisch Ja mits; het gaat om het behouden van bestaande agrarische erven en extensief agrarisch medegebruik van de dijk. Bij ontwikkelingen op het erf houden we ruimte rond de dijk vrij. Natuur Ja mits; het samen gaat met waterkerende functie van de dijk. De bosjes, dijktaluds en kolken hebben ook natuurlijke waarden en verbinden verschillende gebieden met elkaar. Water Ja; de dijken zijn essentieel in de bescherming van het achterliggend gebied tegen overstroming en wateroverlast. Kunstwerken in en langs de dijk zijn essentieel voor het functioneren van het watersysteem. Energie Ja mits; het noodzakelijke nutsvoorzieningen zijn of op het erf is ten behoeve van de verduurzaming van het bedrijf en/of de woning. Recreatie en toerisme Ja; de dijken zijn belangrijke routes in het recreatieve netwerk in de gemeente. Er liggen kansen voor toeristische functies op het erf. Bij ontwikkelingen op het erf houden we ruimte rond de dijk vrij.

Verkeersveiligheid op de dijk is een aandachtspunt. Bedrijvigheid Ja mits; het op het erf is en het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven en woningen. Bij ontwikkelingen op het erf houden we ruimte rond de dijk vrij.

23

Maatschappelijk Ja mits; het op het erf is en het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven. Bij ontwikkelingen op het erf ruimte rond de dijk vrijhouden. 5.5.2 •

• • 5.5.3 •

Welke waarden willen we behouden en versterken In dit gebied met hoge waarden zetten we in op het behoud van de waarden zoals beschreven in de kenmerken- en waardenkaart. Rivierduinen en dijken • Dijklichaam heeft vaak kronkelend verloop • Onregelmatige blokverkaveling • Relatief kleinschalig karakter op de flanken van de dijk • Veel variatie in beplantingsmassa's • Vanaf dijk met haar relatief kleinschalige karakter contrastrijk uitzichtvergezicht op weidsheid van de polders • Ruimtemaat 20 á 50 meter in contrast met 1000 á 2000 meter in de polders • De dijken besloten & de polders open • Oude veenkreken aan de polderzijde • Kolken (wielen) aan weerszijden van het dijklichaam • Langs de wielen van de oude dijkdoorbraken opgaande beplanting en rietkragen • incidenteel lanen op de veelal bebouwde dijklichamen (soorten; iepen, essen) • Bebouwing op flanken van de dijk en onderaan de dijk • Verspreid gelegen dijkwoningen met veel beplanting • Voorzijde woning georiënteerd op het dijklichaam • Boerderijen met erfbeplanting, nieuwste stallen vaak buiten het erf Recreatieve routes en voorzieningen Zichtlijnen naar het omliggende landschap Wat gaat de gemeente doen Zie Hoofdstuk 4 voor de algemene teksten onder “hoe gaan we aan de slag”

24

5.6 Deelgebied 6: Polder Mastenbroek Polder Mastenbroek 5.6.1 Koers Polder Mastenbroek is één van de oudste polders van Nederland en heeft hoge landschappelijke- en cultuurhistorische waarden. Dit gebied leent zich voor, aan de veenbodem aangepast, agrarisch gebruik. We zetten in op het remmen van veenoxidatie en bodemdaling. De randzone van de Koekoekspolder is hierbij een extra aandachtsgebied. Verbreding en transformatie van bestaande (agrarische)erven is onder voorwaarden mogelijk. Het gebied is kansrijk voor weidevogels en aangewezen in het aanvalsplan Grutto.

Wonen Ja mits; het op een bestaand erf is en het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven. In het midden van polder bevinden zich de kerk, school en het dorpshuis. Rond deze locatie willen we, onder strikte voorwaarden meedenken over het toevoegen van een beperkt aantal woningen. Agrarisch Ja; de landbouw is een belangrijke economische drager van het gebied en is belangrijk voor het behoud van het kenmerkende landschap en de weidevogels. Het agrarische gebruik wordt aangepast aan de veenbodem. Natuur Ja mits; het samen gaat met het agrarische gebruik of het agrarische natuur is en het open karakter behouden blijft. Het gebied is ook aangewezen voor weidevogels en biedt kansen voor agrarisch natuurbeheer. Water Ja mits; het bijdraagt aan het behouden van het veenweidegebied of het vasthouden en bergen van water. De zone rond de Koekoekspolder daalt sneller dan de omgeving en vraagt extra aandacht. Energie Ja mits; het noodzakelijke nutsvoorzieningen zijn of op het erf is ten behoeve van de verduurzaming van het bedrijf en/of de woning. Recreatie en toerisme Ja mits; het op het erf is en het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven. Er liggen kansen om Polder Mastenbroek, door middel van recreatieve structuren te verbinden met omliggende kernen zoals Hasselt, Genemuiden, IJsselmuiden en Zwolle.

25

Bedrijvigheid Ja mits; het op het erf is en het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven en woningen. Maatschappelijk Ja mits; het op het erf is en het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven en woningen. 5.6.2 •

• • • • 5.6.3 • •

Welke waarden willen we behouden en versterken In dit gebied met hoge waarden zetten we in op het behoud van de waarden zoals beschreven in de kenmerken- en waardenkaart. Veenpolder Mastenbroek • Verkaveling centrale deel van polder is in slagen, regelmatige, smalle langgerekte percelen • Gerichtheid zuidwestelijk, noordoostelijk • Weids en open polderlandschap • Vrijwel geen opgaande beplanting langs wegen en weteringen • Kleinschaligheid rond de erven • Ruimtemaat oost-west 2000 meter en noord-zuid 6000 meter • De Bisschopswetering, de Oude en Nieuwe Wetering, zijn 3 evenwijdig lopende ontginningsassen van zuidoost naar noordwest • Loodrecht hierop liggen de stegen • Oude inbraak- en getijdenkreken als sporen overgebleven van de periode voor bedijking 1390 • Deze oude inbraak- en getijdenkreken, zijn moerassige delen van de polder met o.a. blauwgraslanden • Gemaal Veneretie pompt het water uit de polders via Veneriete • Natuur water- en agrarisch gebonden • Beplanting; schietwilg, zwarte els op nattere gronden • Populier en es bij erven • Boerderijen langs de noord-zuid richting gelegen weteringen • De erven met boerderijen vóór 1940 staan op terpen, bijbehorende typen zijn het hallehuis en het dwarshuis • De erven uit de 20ste eeuw tot 1970 zijn zeer divers.

Boerderijen liggen niet meer op terpen, oriëntatie wel naar de weg, rode pannendaken • De erven gebouwd na 1970 worden gekenmerkt door vrijstaande woonhuizen met grote stallen en schuren daarachter. De jonge boerderijen liggen voornamelijk langs randen van de polder. • Beplanting enkel bij erven Veengronden Weidevogels Duisternis Recreatieve routes en voorzieningen Wat gaat de gemeente doen Zie Hoofdstuk 4 voor de algemene teksten onder “hoe gaan we aan de slag” Grens overstijgend samenwerken met andere partijen in Mastenbroek waaronder de gemeenten Kampen en Zwolle, de provincie en het waterschap WDOD

26

5.7 Deelgebied 7: Zwartewatersklooster De Velde en Zwartewatersklooster tussen het Zwarte Water en de Olde Maten en Veerslootslanden 5.7.1 Koers Dit veengebied met bebouwing op hoger gelegen zandduinen ligt in de randzone van de N2000 gebieden Olde Maten en Veerslootslanden en Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht en heeft hoge landschappelijke- en cultuurhistorische waarden. Dit gebied leent zich voor aan de veengrond aangepast agrarisch gebruik, natuurontwikkeling en de ontwikkeling van recreatieve en toeristische functies. Verbreding en transformatie van bestaande (agrarische)erven is onder voorwaarden mogelijk.

Wonen Ja mits; Het op een bestaand erf is, het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven en N2000 doelen en rekening houdt met het historische karakter van Zwartewatersklooster. Agrarisch Ja; de landbouw is belangrijk voor het behoud van het kenmerkende landschap. Het agrarische gebruik wordt aangepast aan de bodemcondities en houdt rekening met de twee aangrenzende N2000 gebieden en historische karakter van Zwartewatersklooster. Natuur Ja; het gebied ligt tussen twee N2000 gebieden. Er zijn kansen om verbindingen tussen beide gebieden te maken. Water Ja mits; het bijdraagt aan het behouden van het veenweidegebied of het vasthouden en bergen van water. Een aandachtpunt in dit gebied is het verbeteren van de waterkwaliteit in verband met de Olde Maten en Veerslootslanden. Energie Ja mits; het noodzakelijke nutsvoorzieningen zijn of op het erf is ten behoeve van de verduurzaming van het bedrijf en/of de woning. Recreatie en toerisme Ja; gebied met hoge culturele- en historische waarden en lokale verhalen. Zwartewatersklooster is een belangrijke locatie in het routenetwerk. Er liggen kansen voor kleinschalige toeristische functies op het erf. Bedrijvigheid Ja mits; het op het erf is en het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven, woningen en N2000 doelen.

27

Maatschappelijk Ja mits; het op het erf is en het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven, woningen en N2000 doelen. 5.7.2 •

• • • • 5.7.3

• •

Welke waarden willen we behouden en versterken In dit gebied met hoge waarden zetten we in op het behoud van de waarden zoals beschreven in de kenmerken- en waardenkaart. Rivierduinen en dijken • Dijklichaam heeft vaak kronkelend verloop • Onregelmatige blokverkaveling • Relatief kleinschalig karakter op de flanken van de dijk • Veel variatie in beplantingsmassa's • Vanaf dijk met haar relatief kleinschalige karakter contrastrijk uitzichtvergezicht op weidsheid van de polders • Ruimtemaat 20 á 50 meter in contrast met 1000 á 2000 meter in de polders • De dijken besloten & de polders open • Oude veenkreken aan de polderzijde • Kolken (wielen) aan weerszijden van het dijklichaam • Langs de wielen van de oude dijkdoorbraken opgaande beplanting en rietkragen • incidenteel lanen op de veelal bebouwde dijklichamen (soorten; iepen, essen) • Bebouwing op flanken van de dijk en onderaan de dijk • Verspreid gelegen dijkwoningen met veel beplanting • Voorzijde woning georiënteerd op het dijklichaam • Boerderijen met erfbeplanting, nieuwste stallen vaak buiten het erf Veenontginningen • Evenwijdige, langgerekte, smalle kavels, iets uitwaaierend • Zeer open karakter • Enkel beplantingsmassa’s van enkele omzoomde eendenkooien en erven • Ruimtemaat 500-3000 meter • Weteringen verdelen de kavels, geen afrastering nodig • Sommige weteringen zijn begroeid met rietkragen • Beplanting bij

eendenkooien; els, wilg, populieren • Beplanting op erven; fruitbomen, paardenkastanje, essen en meidoorn • Nieuwe erven aan wegen • Incidenteel lintbebouwing Zandduinen Veengronden Historische karakter Zwartewatersklooster Recreatieve routes en voorzieningen Wat gaat de gemeente doen Zie Hoofdstuk 4 voor de algemene teksten onder “hoe gaan we aan de slag” Waar mogelijk bijdragen aan het gebiedsproces Veldiger Binnenlanden

28

5.8 Deelgebied 8: Genne-Holten-Streukel Randzone Hasselt en de buurtschappen Genne, Holten en Streukel 5.8.1 Koers Deze hoger gelegen zandgronden zijn geschikt voor landbouwkundig gebruik. Vanwege deze hogere ligging, hoge landschappelijke- en cultuurhistorische waarden en de nabijheid van Zwolle en Hasselt kun je hier ook goed wonen en recreëren.

Wonen Ja; het gebied is vanwege de nabijheid van Hasselt en Zwolle en ligging op hogere zandgronden geschikt voor woningen. Er is ruimte voor woningen op bestaande erven als het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven. Agrarisch Ja; vanwege de bodemgesteldheid is dit gebied geschikt voor agrarisch gebruik. Natuur Ja mits; het samen gaat met het agrarisch gebruik of het agrarische natuur is. Water Ja mits; het bijdraagt aan het vasthouden en bergen van water. Energie Ja mits; het noodzakelijke nutsvoorzieningen zijn of op het erf is ten behoeve van de verduurzaming van het bedrijf en/of de woning. Recreatie en toerisme Ja, dit gebied biedt kansen voor recreatieve voorzieningen op het erf als het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven en woningen. Er liggen kansen om dit gebied door middel van recreatieve structuren te verbinden met de dijken, Hasselt en Zwolle. Bedrijvigheid Ja mits; het op het erf is en het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven en woningen. Maatschappelijk Ja mits; het op het erf is, het geen belemmeringen oplevert voor omliggende agrarische bedrijven en woningen.

29

5.8.2 •

Welke waarden willen we behouden en versterken In dit gebied met middelhoge waarden zetten we in op het herstel van de lokale kenmerken zoals beschreven in de kenmerken- en waardenkaart. Veenontginningen • Evenwijdige, langgerekte, smalle kavels, iets uitwaaierend • Zeer open karakter • Enkel beplantingsmassa's van enkele omzoomde eendenkooien en erven • Ruimtemaat 500-3000 meter • Weteringen verdelen de kavels, geen afrastering nodig • Sommige weteringen zijn begroeid met rietkragen • Beplanting bij eendenkooien; els, wilg, populieren • Beplanting op erven; fruitbomen, paardenkastanje, essen en meidoorn • Nieuwe erven aan wegen • Incidenteel lintbebouwing

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16455459/1