CConstaterende datZutphen
Koppel je AI →
Document · PDF

Handelingen Raad 26 april 2021

Raadsvergadering 31 mei 2021, gemeente ZutphenBij agendapunt: Handelingen Raad 26 april 202127.171 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Als je nu vastlegt dat elk advies ook een besluitadvies zou kunnen zijn, dan vraag ik me af of dat wel de keuze in de doelstelling is van de motie. Daar kunnen we wellicht op een later moment, desnoods in het Presidium, procedureel iets over afspreken.” De VOORZITTER: “Oké, maar vooralsnog stemt u in met deze motie.” De heer JANSEN: “Ja.” De VOORZITTER: “Prima. Dat is het geluid wat ik unaniem hoor. De heer Boersbroek.” De heer BOERSBROEK: “Namens de Stadspartij wil ik het graag nog even bevestigen. Wij steunen deze motie van harte.” De VOORZITTER: “Prima. Ik zie de heer Verschure. Kleine verheldering.” De heer VERSCHURE: “Voorzitter, wat de heer Jansen zegt, klopt natuurlijk. Het wordt als besluitstuk in de raad aangeboden, maar de raad staat natuurlijk vrij om voor of tegen te stemmen en om zaken aan te passen. Het gaat er juist om dat we het moeten bespreken en formaliseren. Dus, ik begrijp wat de heer Jansen zegt. De keuze ligt altijd nog bij onszelf, op dat moment.” De VOORZITTER: “Prima. De heer Bloem, PvdA.” De heer BLOEM: “Voorzitter, de PvdA is ook voor deze motie.” De VOORZITTER: “Mooi. Dan constateer ik, dat u unaniem deze motie steunt. Dan is deze motie aangenomen.” Besluit: Aangenomen

14

MOTIE: AANPAK SANERING PROBLEMATISCHE SCHULDEN GRIFFIENR. 2021-M0005

322

(Audiopositie 02:34:30)

De VOORZITTER: “Dan komen we bij agendapunt 14 ‘Motie: Aanpak sanering problematische schulden.’ De motie is ingediend door de heer Van Dijken en licht gewijzigd. Meneer Van Dijken, wilt u dat toelichten?” Eerste termijn De heer VAN DIJKEN: “Ik zal het even toelichten. Allereerst wil ik de PvdA, GroenLinks, het CDA en ook Burgerbelang van harte danken omdat ze deze motie mede-indienen. Ergens staat in een rapportage een termijn van 1 mei. Dat leek ons wat snel. Dat hebben we gewijzigd in 1 juni. Aanleiding van de motie was een bespreking eind vorig jaar over de aanwending van middelen die wellicht vrijkomen als we meer parkeergelden binnenhalen dan gewenst. Toen kwamen we op het idee om dat geld aan te wenden om problematische schulden onder onze inwoners te helpen oplossen. Ik heb met wat mensen gesproken, onder andere ook met het ambtelijk apparaat. Het blijkt dat in Zutphen bijna 2.000 huishoudens te kampen hebben met problematische schulden. Slechts 250 daarvan zitten in de sanering. Waar ik met deze motie naar streef, is vooral om wat forser in te zetten op het opkopen van schulden door de gemeente. Niet door de gemeente, maar door de Gemeentelijke Kredietbank, zodat mensen wat sneller uitzicht hebben dan nu het geval is op een einde van hun schuldentraject. U weet allen wat het betekent als je in de schulden zit.

Ik hoop ten minste niet dat er te veel mensen in de schulden zitten, maar als je daarover leest, dan weet iedereen dat dat leidt tot psychische nood. Bijna. Vooral kinderen lijden hieronder. Ik beveel deze motie van harte bij u aan. Ik hoop op brede steun van deze motie. Dank u.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Mevrouw Ten Holder.” Mevrouw TEN HOLDER: “Dank u wel, voorzitter. D66 is voor een brede schuldenaanpak die zich richt op preventie van schulden en het ondersteunen en ontzorgen van mensen die met schulden te maken hebben, zodat de mens achter de problematiek centraal staat. Het kwijtschelden van schulden kan ervoor zorgen, dat veel meer andere problematiek in een gezin aan bod komt. Wat dat betreft, willen wij heel graag deze motie steunen. De gemeente moet wel steeds de best passende maatregelen bieden en ook daartoe toereikende budgetten hebben. We zien graag het voorstel van het College tegemoet.” De VOORZITTER: “Dank u wel. De heer Siemes.” De heer SIEMES: “Voorzitter, de heer Van Dijken heeft hierover al een zeer goed verhaal afgestoken. Wij ondersteunen deze motie van harte. We willen nog even twee dingen toevoegen. Het eerste is de nadruk op de rente, want de rente op schulden en zeker op problematische schulden, is idioot hoog, terwijl de rente voor gemeenten idioot laag c.q. negatief is.

Dit is een gelegenheid om hier nu eindelijk een keer goed gebruik van te maken. Pak die kans, zou ik willen zeggen. Dan het tweede punt. Wij staan niet alleen. Er zijn zeker meer gemeenten die nu overstappen op dit soort oplossingen. Het heeft zich ook al bewezen in andere gemeenten. Ik weet dat Deventer en Apeldoorn ermee bezig zijn. Mijn advies zou zijn, om ook in de regio te kijken of samenwerking mogelijk is. Verder is deze motie helemaal goed en kunnen wij hem steunen.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Mevrouw Kleinrensink, GroenLinks.” Mevrouw KLEINRENSINK: “Dank u, voorzitter. GroenLinks was heel blij met deze motie van de ChristenUnie. Daarom dienen we ‘m ook graag mee in. Voor ons is het wel pas het begin. Zoals al eerder genoemd, hebben schulden een enorme impact op de gezondheid en het welbevinden van mensen. In de transformatie van het sociaal domein missen wij heel erg een vernieuwende

323

aanpak op minima en schulden. In voorliggende motie is wel sprake van een vernieuwende aanpak. Als mensen straks nog maar één schuldeiser hebben, kunnen ze veel beter geholpen worden en daarnaast kunnen ze eerder uit de schulden zijn en een nieuwe, frisse start maken. Daarnaast zou GroenLinks graag zien, dat het hebben van schulden beter bespreekbaar wordt. Het feit dat slechts 250 gezinnen van de 2.000 gezinnen met problemen gebruikt maken van schuldsanering, zegt natuurlijk genoeg. Er is vaak enorm veel schaamte. Dat kan leiden tot eenzaamheid en psychische klachten. Als we het hebben over preventie, is het oplossen van schulden heel belangrijk. Binnenkort behandelen we de nota Passende Schuldhulp. We hopen dat er straks echt sprake is van een vernieuwende en ambitieuze schuldhulpverlening. Uiteindelijk zien we natuurlijk het liefst alle Zutphenezen en Zutphenaren schuldenvrij. Dank u.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Mevrouw Van Wamel, het CDA.” Mevrouw VAN WAMEL: “Dank u wel, voorzitter. ‘In de schulden zitten’ is een ontzettend vervelende situatie. Het geeft zó verschrikkelijk veel stress. Mensen hebben eigenlijk nooit schulden bij één schuldenaar, maar vaak bij meerdere schuldenaren. Juist dit helpt daar heel erg bij, als de gemeente via de Kredietbank de schuld overneemt. Als er ergens iets misloopt, dan loopt de schuld weer verder op. Dat wordt hiermee voorkomen.

Dat geeft voor mensen een stuk meer rust. Het is niet zo, dat ze meteen van hun schuld af zijn, maar het overzicht wordt gewoon beter en dat geeft al heel veel rust. Dit is al een hele goede stap in de richting. Natuurlijk moeten we veel verder kijken naar hoe we de schuldenproblematiek gaan aanpakken. Zeker ook onder jongeren is het een groot probleem. Dit is al een stap in de goede richting.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Dan ga ik naar de heer De Ridder, de SP. De heer DE RIDDER: “Dank u wel, voorzitter. Dank u wel aan alle partijen die deze motie hebben ingediend. Ik zal meteen zeggen dat we er volledig mee instemmen en dat we het voorstel van het College graag tegemoetzien. Ik wil graag mededelen, dat armoede toch vaak veel diepere problemen heeft, waar wij misschien niet direct wat aan kunnen doen, maar dat we met dit voorstel wat iets kunnen doen aan die foute markt die er omheen is gebouwd. In voorbereiding op wat ik nu aan het zeggen ben, keek ik gisteren nog even de aflevering ‘Pak de macht’ van Tim Hofman terug van afgelopen 22 april. Dan zie je toch echt hoe het snelle geld probeert een verdienmodel te maken van alle problemen waar Zutphenezen tegenaan lopen. Ik ben ‘n soort van trots, dat we daar hopelijk met dit voorstel een stokje voor kunnen steken. Als SP-fractie zijn we het daar volledig mee eens.

Laten we samen naar een mooi plan gaan om dit soort industrieën te bestrijden. Dank u wel.” De VOORZITTER: “Dank u wel. De heer Peteroff, VVD.” De heer PETEROFF: “Dank u wel, voorzitter. De fractie van de VVD vindt het in beginsel natuurlijk goed en verstandig om hulp te bieden bij problematische schulden aan inwoners, als dat later grotere problemen voorkomt. De fractie van de VVD vraagt zich wel af om hoeveel geld het gaat en welke risico’s er spelen, zoals de verhaalbaarheid. Het is immers de gemeente die de schulden overneemt en financiert bij de Gemeentelijke Kredietbank en niet per se met parkeergeld overigens. Tegelijkertijd zien we, dat deze motie ook oproept tot het komen van een voorstel vanuit het College. Als de indieners beogen dit voorstel straks uitvoerig te bespreken in het Forum en/of raad, dan stemt de raad graag in met deze motie. Dank u wel.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Dan ga ik verder naar de heer Jansen, BewustZW.” De heer JANSEN: “Voorzitter, ik kan aansluiten bij wat de heer Peteroff heeft gezegd. Ik wil er nog iets aan toevoegen, namelijk dat bij het document, dat straks vanuit het College komt, wordt gekeken of het eenmalige schuldhulpmomenten zijn en hoe we ermee omgaan als er nieuwe momenten zijn.

Ik denk dat het veel breder is dan alleen de motie zoals die nu voorligt, namelijk alleen maar het inventariseren om hoeveel mensen het gaat en hen schuldenvrij te maken.

324

We kunnen ook verder kijken. Mijn voorstel aan het College is om wat verder te kijken in de bewoording zoals ik het net heb aangegeven en dat mee te nemen in het voorstel wat we op een later moment met elkaar gaan bespreken. Ik hoor graag de reactie van het College daarop.” De VOORZITTER: “Dank u wel. De heer Bloem.” De heer BLOEM: “Dank u, voorzitter. De PvdA maakt zich zorgen over de 2.000 huishoudens die kampen met problematische schulden. Het heeft een enorme impact op het leven van deze mensen. We hebben ook signalen dat zelfstandigen in financiële nood komen door Covid en dat de kans groot is, dat het beroep op de schuldhulpverlening gaat toenemen. Mensen met schulden kunnen in een wirwar van procedures en concurrerende schuldeisers terechtkomen. Een deel van de mensen met schulden heeft ook nog eens last van bewindvoerders die hun werk niet goed doen en die er eigenlijk een verdienmodel op na houden. Het is dus tijd voor een extra impuls in de aanpak van schulden. De ervaring in andere gemeenten laat zien dat het opkopen van schulden een effectieve manier is om problematische schulden op te lossen. Het creëert rust, het voorkomt escalatie en het zorgt ervoor dat schuldsanering sneller kan starten. De PvdA dient daarom deze motie mede in.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Mevrouw Ackermans, Kies Lokaal.” Mevrouw ACKERMANS: “Dank u wel, voorzitter.

Wij vinden het een hele mooie motie. Armoedeen schuldenproblematiek zijn hele belangrijke onderwerpen voor ons. Wij vinden het van heel groot belang dat elk kind een goede start krijgt. Armoede en schulden helpen hier natuurlijk niet bij. Wij hebben gekeken hoe ze het in Amsterdam doen. Naar aanleiding daarvan, wil ik graag een klein stukje voorlezen uit de preventie en aanpak van schulden. “Om problematische schulden in de stad tegen te gaan, hebben we een aanpak vroegsignalering geïntensiveerd. De maatschappelijke dienstverlening gaat eerder op meldingen van betalingsachterstanden af en blijft langer proberen om in contact te komen met Amsterdammers die mogelijk schulden hebben. Het resultaat hiervan is, dat het percentage Amsterdammers dat we met een vroegsignalering bereiken flink is toegenomen. Het aantal meldingen van partners steeg in 2020 met ruim vijf procent en het aantal inwoners dat met de aanpak is bereikt, nam toe van 55 procent in 2019 tot 65 procent in 2020.” Daarnaast hebben ze met diverse maatschappelijke dienstverleners gewerkt en ook bewindvoerders, om de kwaliteit van bewindvoering te verhogen door het Convenant Kwaliteit Beschermingsbewind. Ook hebben ze gekeken naar hun eigen rol. Wat als je als gemeente schuldeiser bent? Dat hebben ze tegen het licht gehouden. Dat geldt ook voor andere ontwikkelingen op het gebied van schuldhulpverlening.

Wij willen heel graag van onze wethouder horen: hoe is onze rol als gemeente, als schuldeiser? Denk aan de gemeentelijke heffingen, uitkeringen, terugbetalingen of andere schulden waar de gemeente mee heeft te maken. Hoe hebben wij onze rol hierin tegen het licht gehouden of is de wethouder voornemens deze rol op te pakken om te kijken welke invloed dat heeft op de schulden van onze inwoners? En hoe gaat de gemeente om met de kwaliteit van de bewindvoering? Kijken wij ook naar het Convenant Kwaliteit Beschermingsbewind? Wij zijn ook heel erg benieuwd, hoeveel procent wij zijn gestegen in Zutphen, nu de woningbouw met Perspectief samenwerkt op het gebied van huurschulden. Wij horen heel graag hierover.” De VOORZITTER: “Dank u wel. De heer Boersbroek.” De heer BOERSBROEK: “Dank u, voorzitter. Voor ons ligt een zeer nobel voorstel. We moeten wat doen aan schuldenproblematiek. Maar we verwachten toch ook wel haken en ogen wat betreft de uitvoering. Maar dat er hulp nodig is, mag duidelijk zijn.

325

Wat wij wel interessant vinden, en daarom zouden we dat graag van de wethouder willen horen, is wat het voor de boekhouding van de gemeente Zutphen betekent. Daar wil ik het bij laten. Dank u.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Dan geef ik het woord aan wethouder Werger.” Reactie College (Audiopositie 02:47:55)

Wethouder WERGER: “Dank u wel, voorzitter. Het doet me deugt, dat u allen zo betrokken bent bij dit onderwerp. Wat mij daarbij het meest verheugt, is het feit dat - als het goed is - u inmiddels als gemeenteraad het nieuwe beleid met betrekking tot schuldhulp heeft ontvangen, waar eigenlijk maatwerk in staat. Je kunt het niet alleen op één onderdeel doen. Je doet het op verschillende onderdelen. Er moet samenhang zijn. Wat bij de één werkt - bijvoorbeeld het opkopen van de schuld, wat we ook al doen als gemeente - werkt voor een ander niet altijd. We hebben het beleid naar u toegestuurd. Het is een kwestie van agenderen door uw eigen agendacommissie. Dan kunnen we met elkaar uitgebreid gaan praten over alle zaken die u net hebt benoemd. Dan kan ik u in ieder geval zeggen, dat ik me erop verheug en eigenlijk wel vermoed dat het grootste gedeelte erin staat van wat u geroepen en gevraagd heeft. Ik ga er eigenlijk van uit, dat u best heel blij kunt instemmen met dat beleid. Anders zou ik nog eens het advies van de BASD erop nalezen, die zeer verheugd waren met het beleid. Ik omarm deze motie gewoon omdat u het totaalpakket al in uw bezit heeft en wij erover gaan spreken. Dan kunt u zien hoe we daarmee omgaan.” De VOORZITTER: “Dat is een mooi antwoord. Even kijken ... Zijn er naar aanleiding van het antwoord nog vragen? Dat is niet het geval.

Mag ik dan constateren dat u unaniem met deze motie instemt? Zo niet, dan hoor ik dat graag. Het blijft stil, dus de motie is unaniem aangenomen.” Besluit: Aangenomen

15

MOTIE: BEHOUD VOLWAARDIG ZIEKENHUIS IN ZUTPHEN (Audiopositie 02:49.40)

De VOORZITTER: “Dan gaan we naar het laatste agendapunt. Althans, het een na laatste. De sluiting is het laatste, natuurlijk. Dat is de motie: Behoud volwaardig ziekenhuis in Zutphen. Die is – volgens mij – ingediend door D66. Maar u kunt zelf met de handjes aangeven, wanneer u het woord wil voeren. Mevrouw TEN HOLDER: “Het is ingediend door het CDA.” De VOORZITTER: “Oh, door het CDA. Sorry, sorry. Even kijken ... Dan ga ik eerst even naar het CDA toe. Zag ik mevrouw Van Wamel al met een handje?” Mevrouw VAN WAMEL: “Ja, dat klopt.” De VOORZITTER: “Oké. Gaat uw gang.” Eerste termijn Mevrouw VAN WAMEL: “Dank u wel, voorzitter. Ik wil allereerst even zeggen, dat deze motie, heel uniek, door alle fracties wordt ingediend. Dus, echt iedereen dient ‘m in en dat is heel uniek en daar ben ik echt heel erg blij mee. Het is niet zozeer dat ik hem indien, maar ik ben de initiatiefnemer en dat is het dan.

326

Ik zal even kort zeggen waar deze motie over gaat. We vragen het College om zich maximaal in te zetten voor het behoud van een volwaardig ziekenhuis in Zutphen en daarvoor alles uit de kast te halen wat maar mogelijk is en hierbij nadrukkelijk de samenwerking te zoeken met de colleges van de omliggende gemeenten. Omdat het ziekenhuis niet alleen de inwoners van de gemeente Zutphen bedient, maar ook die van de omliggende gemeenten. Eerder, in december vorig jaar, heeft het CDA al schriftelijke vragen gesteld over de toekomst van het ziekenhuis. Het antwoord wat we toen kregen, was kortweg: “Daar gaan we niet over en dat is nu niet aan de orde.” Inmiddels zijn, helaas, door het lawaai wat we hierover samen met een heleboel anderen hebben gemaakt, de plannen van het ziekenhuis duidelijk geworden. Helaas is het niet altijd leuk om gelijk te krijgen, maar wat wij vreesden: dat misschien een Eerste Hulp en de IC niet kan blijven in Zutphen, heeft het ziekenhuis al aangegeven. We roepen het College op om er alles, alles, alles aan te doen om voor Zutphen toch een volwaardig ziekenhuis te kunnen behouden. Want, we gaan er misschien niet over, maar we vinden er wel wat van en daar heeft het ziekenhuis wel wat mee te doen.” De heer MÜLLER: “Dank u wel, voorzitter, ook wij dienen deze motie mee in en ondersteunen ‘m daarom ook.

Dat is ook omdat Zutphen een rijke ziekenhuisgeschiedenis kent. We hadden het oude Gasthuis, het nieuwe Gasthuis, het oude én nieuwe Gasthuis, het Sint Walburgis Ziekenhuis, het algemeen ziekenhuis aan de Coehoornsingel, het nieuwe Spittaal wat het oude Spittaal werd en toen kwam Gelre ziekenhuizen. Nog niet zo lang geleden – vorige spreker refereerde er ook al aan – kregen wij hier te horen, dat dát ziekenhuis bezig is met een ‘locatie profileringstraject’ en iedereen weet dat dat managementjargon is voor: afdelingen sluiten. Eerst reageerde het ziekenhuis, door te stellen dat er niets aan de hand was. Vervolgens zei het ziekenhuis dat er wel iets aan de hand was, maar dat er nog geen plan was. Inmiddels hebben we al in de krant kunnen lezen, dat niet wordt uitgesloten dat er ook afdelingen gesloten gaan worden. De Zutphense bevolking maakt zich zorgen en ondertekende, samen met inwoners uit de regio, massaal de petitie die zojuist is ingediend. Wat was de reactie van ziekenhuisbaas Galjé: “Iedereen wil bij elke snackbar wel een spoedeisende hulp.” Alsof de wens een volwaardig ziekenhuis te hebben hetzelfde is als de wens kroketten in de buurt te hebben... Voorzitter, ik vind het kleinerende uitspraken. Ik vind het bagatelliserende uitspraken.

Ik vraag mij af: Wie is deze man, die ons financieel gezonde ziekenhuis wil uitkleden? Wie is deze man, die na zijn aanstelling in 2016, naar de rechter ging om een hoger salaris te krijgen? Want € 170.000,= per jaar was niet genoeg. Moet deze man wel ziekenhuisbaas zijn? vraag ik mij hardop af. Hoe kan het dat deze man baas is van het ziekenhuis? Want Zutphen verdient, de hele regio trouwens, gewoon een volwaardig ziekenhuis en dat kàn ook gewoon. Daarom steunen wij natuurlijk deze motie en ik vraag de wethouder wat hij van de snackbaruitspraken van deze ziekenhuisbaas vindt, want ik vind het niet kunnen en ik vind dat wij het moeten afkeuren. Dank u wel.” Mevrouw KLEINRENSINK: “Dank u, voorzitter. Mooie woorden van meneer Müller. Ik wil graag beginnen om te zeggen, dat GroenLinks heel erg blij is het met het initiatief van de heer Bloemen om de handtekeningen op te halen en het is prachtig om te zien dat de gehele raad zich aansluit bij deze motie van het CDA. Het behoud van een volwaardig ziekenhuis is letterlijk van levensbelang. Mijn nichtje, Jet – die is nu vier – heeft een zeer ernstige vorm van epilepsie. De afgelopen vier jaar is ze, met vrij grote regelmaat, met gillende sirenes afgevoerd naar het ziekenhuis. Dat is iedere keer weer vreselijk, maar 2,5 jaar geleden ging het écht mis. Haar adem stopte en vervolgens liepen haar longen vol.

Op de spoedeisende hulp hebben ze met man en macht aan haar gewerkt en uiteindelijk moest ze naar de IC om te worden geïntubeerd. Dankzij corona weet iedereen wel wat dat is, geloof ik. Op de IC hadden ze niet zulke kleine tubes, dus de verpleegkundige is van hot naar her gerend en heeft uiteindelijk op de kinderafdeling een kleine tube gehaald. Om een lang verhaal kort te maken: als we in Zutphen geen spoedeisende hulp of IC hadden gehad, was mijn nichtje er waarschijnlijk niet meer geweest. Ik moet er niet aan denken. Ze is natuurlijk niet de enige. E zijn nog veel meer mensen in Zutphen en omgeving afhankelijk van een volwaardig ziekenhuis. GroenLinks hoopt van ganser harte dat het College alles zal doen

327

wat in haar macht ligt om een volwaardig ziekenhuis met spoedeisende hulp, IC én verloskunde te behouden. Dank u wel.” Mevrouw TEN HOLDER: “Dank u wel, voorzitter. D66 vindt het jammer dat opnieuw maatschappelijke onrust is ontstaan over ons ziekenhuis en dat over precies dezelfde thema’s zoals een aantal jaar geleden. Het lijkt alsof er kennelijk, de afgelopen jaren, na de onrust in 2017, geen visie door het ziekenhuis is ontwikkeld. In ieder geval geen visie, gericht op de twee locaties. Een visie waarin – wat D66 betreft – beide locaties zouden kunnen schitteren en een klein ziekenhuis als Zutphen, groot gemaakt kan worden. Maatschappelijke ontwikkeling en de schaarste in de zorg maken, dat er een gedegen visie op de toekomst moet liggen.” De VOORZITTER: “Ik heb een interruptie van de heer Müller.” De heer MÜLLER: “Dank u wel, voorzitter. Een korte vraag aan D66: u geeft aan, dat u de onrust betreurt, maar begrijp ik goed dat u betreurt dat er onrust is ontstaan of betreurt u het dat het ziekenhuis zelf ter discussie is komen te staan? Of dat we het risico lopen dat er afdelingen worden afgebouwd.” Mevrouw TEN HOLDER: “Ik denk, dat ik heel graag mijn betoog even afmaak en dat u dan precies begrijpt wat D66 bedoelt. Maar, wij betreuren zeker, dat er een discussie ontstaat over het ziekenhuis, waarvan wij vinden dat we daar eigenlijk bij aan tafel moeten zitten.

Dat de onrust, die er nu is, echt overbodig zou moeten zijn, omdat het - volgens ons - ook normaal is, dat je bij tijd en wijle een discussie kunt voeren over hoe de zorg geregeld zou moeten worden. Ik vervolg heel graag mijn verhaal, als u het goedvindt, voorzitter. Maatschappelijke ontwikkelingen en de schaarste in de zorg maken dat er een gedegen visie op de toekomst móet liggen. We begrijpen van het College, maar ook uit de krant, dat het bestuur van het ziekenhuis hierover met ons in gesprek wil. Goed om te lezen, dat het ziekenhuis daarbij van overtuigd is, dat zij niet in hun eentje kunnen bepalen hoe ze het ziekenhuis vorm gaan geven, maar dat daarover het gesprek gevoerd moet worden, met ons en ook met het gemeentebestuur, naast allerlei andere belanghebbenden. D66 wil dat Zutphen de zorg heeft, die toegesneden is op de behoefte van onze inwoners. Dat betekent de visie op het gehele zorglandschap. Daarnaast, vervullen wij als Zutphen, door de eeuwen heen – dat noemde de heer Müller ook al – een regionale zorgfunctie. We hebben een prachtige ziekenhuisaccommodatie. Dat, samen met die regionale kracht, maakt dat D66 niet verontrust is, dat onze regionale voorziening voor ziekenhuiszorg zal verdwijnen. D66 vindt het van essentieel belang, dat wij in gesprek gaan met de Raad van Bestuur en dat we daarin ook een gezagspositie verwerven.

Dat kan door met een gedegen verhaal, in een vaste positie te participeren in dat overleg. Graag zien wij, dat daarvoor een regiovisie ontwikkeld wordt, die toegespitst is op de zorgbehoefte van onze inwoners en afgestemd is op de gehele keten van voorzieningen: een visie met de juiste zorg op de juiste plek. Zorg dichtbij huis en als het kan meer zorg thuis. We begrijpen, dat op andere plaatsen in het land het ontwikkelen van zo’n regiovisie heel goed heeft gewerkt. Ook blijkt dat het Zilveren Kruis, de belangrijkste zorgverzekeraar, zeker te porren is voor het opstellen van zo’n regionale visie. D66 denkt, dat vanuit de petitie die er nu ligt en waarmee een duidelijk signaal vanuit de inwoners is afgegeven en met deze raadsbrede motie, de volgende stap vanuit ons gemeentebestuur zoals we het zelf ook heel vaak noemen - de stap van slim samenwerken moet zijn. Dat betekent, vanuit kennis van zaken meepraten, want ook Apeldoorn en Deventer hebben al jaren geen volwaardig ziekenhuis meer. Dus, wat willen we daar precies onder verstaan? Wij weten dat er inwoners zijn met specifieke expertise in deze kwestie, die geen enkel belang hebben, dan alleen het belang van goed burgerschap, en die bereid zijn om met het College hierin op te trekken en hen te adviseren.

Uit landelijke cijfers blijkt, dat er tussen de tachtig en negentig procent van de zorg in de eigen regio wordt geleverd: de zogenaamde planbare zorg. Dat biedt – volgens ons – voldoende mogelijkheden en we hebben dan ook de volgende vraag aan het College: “Ziet het College kans om samen met de Colleges uit de regio en een expertisegroep van inwoners een regiovisie te ontwikkelen?” Dank u wel, voorzitter.”

328

De heer BLOEM: “Dank u, voorzitter. Maar liefst 14.000 inwoners van Zutphen en uit de omgeving hebben de petitie ondertekend om het belang van een volwaardig ziekenhuis in Zutphen te onderstrepen. Daarnaast heeft een aantal buurgemeenten – Brummen, Bronckhorst, Lochem en nu ook in Zutphen - een debat gevoerd over het belang van een volwaardig ziekenhuis in Zutphen. Dit ook om te onderstrepen hoe belangrijk de functie van ons ziekenhuis is voor onze regio. Het verhaal wat de vorige spreekster, mevrouw Kleinrensink, noemde, was een treffend verhaal. De afgelopen weken heb ik meerdere van dat soort verhalen gehoord. Ook heel veel positieve verhalen. Ook juist wat mensen aangaven, in reactie op de petitie, was hoe goed ze behandeld worden in het Zutphense ziekenhuis. Dat ze zich niet als nummer behandeld voelen, maar juist dat ze heel blij zijn met de kwaliteit van de zorg, die wordt geleverd. Ook dat ze het een soort geruststelling vinden, dat toch een aantal zaken dichtbij is. Dat ze snel ter plekke zijn voor de zorg die ze nodig hebben. Sterker nog, ik heb zelfs van een aantal mensen gehoord, dat het een rol speelde in het uitzoeken van de plek waar ze willen wonen. Het feit, dat er een ziekenhuis in de buurt is, stelt hen gerust. Wat de vorige spreekster – mevrouw Ten Holder – aangaf, is om met deskundigen een soort regiovisie te gaan opstellen.

Dat vind ik sowieso een goed idee. Ik ben benieuwd naar het antwoord van het College daarop. We zien dat ook in andere delen van het land een discussie bestaat over het verplaatsen van acute zorg. Ook in deze landelijke context gezien, denk ik, dat het belangrijk is, dat we juist vanuit Zutphen een krachtig signaal laten horen. Niet alleen vanuit Zutphen zelf, maar ook vanuit de omliggende gemeenten. Dat we dat krachtige signaal ook neerleggen bij de Raad van Bestuur van het Gelre Ziekenhuis. Alleen dan maken wij kans, dat we uiteindelijk een volwaardig ziekenhuis in Zutphen kunnen behouden. Dank u wel, voorzitter.” Mevrouw VAN DIJK: “Dank u wel, voorzitter. We zijn al direct met het CDA in gesprek geweest om de motie in te dienen. We zijn ook blij dat die er ligt en we zijn zeker ook heel blij dat deze raadsbreed is ingediend. Ik ga ervanuit, als wij het hebben over een volwaardig ziekenhuis, dat we het hebben over wat we nu hebben in Zutphen. Want, het begrip ‘volwaardig’ is natuurlijk wel aan allerlei invullingen onderhevig. Wij hebben bepaalde afdelingen in Zutphen niet en daarvoor moeten we nu al naar Zwolle of moeten we naar Deventer of Apeldoorn. Dat is het uitgangspunt, op dit moment, voor de VVD. Wij realiseren ons heel goed, dat de hele ziekenhuisorganisatie in Nederland, uit zeer veel lagen bestaat, die ver weg staan van de gemeentelijke context.

Ik denk, dat een regionale visie daarop zeker helpend zal zijn. Ook voor onszelf, om goed in kaart te brengen in welke omstandigheden wij ten aanzien van andere plaatsen staan om ons heen. Ik kan alleen maar het College oproepen om, met alle steun en alle informatie die zij krijgen, een goede onderhandelingspositie ten aanzien van het ziekenhuis in te nemen.” De heer PELGRIM: “Dank u wel, voorzitter. Ook de Stadspartij is voorstander van een volwaardig ziekenhuis, zoals wat mevrouw Van Dijk zegt: “Wat is een volwaardig ziekenhuis?” Dat is in ieder geval een ziekenhuis zoals dat nu in Zutphen staat: een ziekenhuis dat beschikt over een spoedeisende Eerste Hulp, waar een IC-afdeling is en waar, als men met hartproblemen zit, men ook snel terecht kan. Zutphen heeft een regiofunctie. Er is een aantal omliggende gemeenten die afhankelijk zijn. Een ziekenhuis bij spoedeisende hulp moet snel bereikbaar zijn. Daar ligt Zutphen in de kern. Deventer, Apeldoorn of Doetinchem liggen heel ver weg en dat zijn de eerstvolgende ziekenhuizen in de buurt. De Stadspartij staat voor een volwaardig ziekenhuis in Zutphen en we willen ook dat het College zich daar sterk voor maakt. We vinden het heel mooi dat de raad dit unaniem steunt en dat we, als raad, deze motie unaniem hebben ingediend. Dank u wel. “ De heer VAN DIJKEN: “Dank u, voorzitter.

De uitspraak van meneer Galjé is echt een schoolvoorbeeld van doorgeschoten marktwerking in de zorg. Het gaat bij de zorg niet meer om zorg, maar om efficiency. Dat is eigenlijk wel heel raar. Een ziekenhuis dat zorgt voor goede zorg – om het zo uit te drukken – draait verlies of draait mogelijk verlies. Een ziekenhuis wat veel dure,

329

exclusieve operaties uitvoert, maakt winst. Dat is toch wel een heel raar model wat we hier in Nederland gecreëerd hebben. Eigenlijk is het te gek voor woorden. Als hier in Zutphen de Eerste Hulpafdeling verdwijnt – om maar iets te noemen – dan verdwijnt ook zestig procent van de opnamecapaciteit. Uit de eerste hand weet ik, dat gemiddeld zestig procent uit de Eerste Hulp doorschuift naar afdelingen in het ziekenhuis. Je kunt je haast niet voorstellen wat het betekent voor het ziekenhuis hier in Zutphen. Ik ondersteun van harte alle uitspraken, met name ook van D66, om te komen tot een regiovisie. Ik vond dat een goed voorstel. Dan sta je als gemeentelijk bestuur een stuk sterker als je straks met verzekeraars en zorgbestuurders gaat praten. Ik wil het hier even bij laten. Dank u wel.” De heer VERSCHURE: “Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, Streekziekenhuis Het Nieuwe Spittaal staat in mijn geheugen gegrift. Mooi centraal gelegen. We hebben een ‘achtergebied’ waar 100.000 mensen wonen: ons verzorgingsgebied en daar dient een ziekenhuis voor te zijn. Wij gaan niet herhalen wat er allemaal is gezegd. Wij ondersteunen alle woorden die hier zijn gebezigd. Ik ben het met de heer Van Dijken eens – en de heer Müller zal misschien gaan glimlachen – de marktwerking in deze zorg, op deze manier, is inderdaad doorgeschoten.

Het is eigenlijk een ordinaire bezuiniging om tot dit te komen, terwijl de zorg voor de mensen … Ik weet hoe het is als iemand in het ziekenhuis ligt, die stervende is. Dan wil je er zo snel mogelijk zijn. Mij is het nog gelukt, maar ik gun het de generaties na ons ook om dat te kunnen doen. Ook het verhaal van lieve Jet, die ik ook ken van mevrouw Klein Rensink, dat zijn de verhalen waar het om gaat. Die mensen, die kinderen, moeten altijd zo snel mogelijk geholpen kunnen worden. De mensen die afscheid moeten nemen van dierbaren, dat moet zo dichtbij mogelijk kunnen. Daar moeten we ons hard voor maken. Het enige wat mij verbaast in het hele verhaal – dat gebeurde ook met de rechtbank – wij worden als gemeente regelmatig door dit soort ontwikkelingen overvallen. Ik vraag mij dus af: hoe kan het structureel zijn, dat wij als gemeente, u als College, niet altijd de lijnen strak heeft met alle grote werkgevers, organisaties, die hier zijn in de gemeente? Daar moeten wij veel meer bovenop zitten. We moeten ons realiseren, dat de mensen die daar werken, die wonen hier en dat moeten wij faciliteren. Dat is nog wel een vraag: “Hoe kan het dat het contact met het College en de Raad van Bestuur van het Gelre Ziekenhuis niet op dat niveau gevoerd wordt?” Want, daar worden beslissingen genomen en daar ben je als eerste aan zet en kun je het als eerste horen.

Dat zou ik graag eens willen horen van het College. Hetzij van u, burgemeester of hetzij van de wethouder.” De heer JANSEN: “Voorzitter, evenals de VVD, is de fractie al heel snel met het CDA in contact gekomen om in ieder geval raadsbreed een statement te maken richting het ziekenhuisbestuur. We doen ook een moreel appèl op dat bestuur om alles in het werk te stellen om het ziekenhuis, in de volwaardigheid zoals het nú is, ook operationeel te houden voor de komende jaren. Áls dat betekent, dat op een of ander manier iets gevraagd wordt, dan horen wij dat graag, als raad. Want, dan kunnen we daarover praten met elkaar. Dat wil niet zeggen dat we daar iets mee kúnnen doen, maar wellicht dat er andere mogelijkheden zijn. Want, het College is uitgenodigd en er zijn meerdere Colleges uitgenodigd om aan tafel te komen zitten. Dat is anders dan de vorige keer, wat ik al eerder heb gezegd. Toen is de raad ook collectief actief geworden en heeft ook collectief een statement gemaakt richting het bestuur van toentertijd. Dat heeft zijn effecten gehad.

Waarom is het huidige College nu uitgenodigd om aan tafel te komen zitten? Is dat omdat het de vorige keer echt compleet mis is gegaan en daarmee ook maatschappelijk onrust is ontstaan en daarmee het bestuur van toentertijd is overruled en verrast? Óf is dat nu met voorbedachten rade om eventuele maatschappelijke onrust – die waarschijnlijk toch komt – op een of andere manier wat af te vlakken en te verbreden. Er werd ook gezegd – ik weet even niet meer door wie – “De effecten voor de gemeente zijn niet zo groot”. Wel degelijk zijn de effecten voor de gemeente en de eventuele werkgelegenheid enorm. Als er minder werkgelegenheid is, dan heb je kans dat de werkzoekenden straks weer bij het Werkbedrijf gaan aankloppen. In de keten heeft het wel degelijk grote maatschappelijke en

330

andere effecten. Dus, daar staat de raad wel voor aan de lat, om daar iets van te vinden en iets mee te doen. Natuurlijk hebben andere organisaties daar ook de effecten van. We moeten veel meer in de breedte zoeken, met andere organisaties, die in de keten een verantwoordelijkheid hebben en die daar ook de effecten van sorteren. Het rare is, in Nederland is alles versnipperd, maar de kunst is nu om die versnippering terug te brengen tot de hoofdmoot en het bestuur van het ziekenhuis, desnoods met ondersteuning van de Minister die daarover gaat. Er zijn ook al Kamervragen over gesteld. Misschien kan de Commissaris van de Koning hier nog een rol in spelen. Laten we het breed en groot aanpakken en daadwerkelijk dat bestuur tot bezinning brengen waar ze voor zit en een moreel appèl op hen doen. Ik wil graag van het College horen: “Wat heeft het College besproken? Wat is het doel geweest om het College als zodanig aan tafel uit te nodigen? Wat heeft het College wel of niet bereikt op dit moment?” Want het College zit aan tafel namens de gemeenteraad, volgens mij. Dat is het, voorzitter.” Mevrouw ACKERMANS: “Dank u wel, voorzitter. Er is al heel veel gesproken en iedereen heeft deze motie ook mee ingediend. Maar, eigenlijk zijn hier geen woorden voor. We zitten in een enorme crisis, genaamd corona.

Daarnaast hoor ik regelmatig de sirenes om mijn huis heen vliegen met spoedeisende hulp. En dan horen we dit ... Eigenlijk wil ik het hierbij laten. Ik heb er gewoon geen woorden voor. Ik hoop, dat het College dit signaal oppakt en heel duidelijk gaat overbrengen aan het ziekenhuis: dat dit niet mogelijk is in onze gemeente.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Dan is het woord aan wethouder Ten Broeke.” Reactie College (Audiopositie 03:14:27)

Wethouder TEN BROEKE: “Dank u wel, voorzitter. Ik heb er wel woorden voor, maar het is wel bijzonder om deze discussie te voeren, op dit moment. Ook op dit moment in de crisis, waarin we zitten. Dat ben ik eens met mevrouw Ackermans. Volgens mij, kan ik er relatief kort op reageren, vooral omdat zowel de motie als ook de toelichting van alle fracties, ook in lijn is met hoe wij als college hier volop mee bezig zijn. Wat wel treffend is, wat ik voorbij hoorde komen – in ieder geval de strekking – dat onze zeggenschap klein is, maar het belang enorm groot. Dat beseffen we ons iedere dag sinds het onderwerp speelt. Goed om te zeggen, is dat wij al wel druk bezig zijn en al veel contacten hebben gelegd, onder andere met wethouders van buurgemeenten, uiteraard. Dat ten eerste, maar ook hebben we inmiddels enkele gesprekken met deskundigen gevoerd. Ook met artsen. Dat gaan we ook de komende tijd nog doen. Ik zag het in de motie staan. Het lijkt mij goed te zeggen, dat wij daar al mee bezig zijn en dat zullen blijven doen, uiteraard. En ook verder om tafel zullen zitten met het bestuur van het ziekenhuis. Daar wil ik niet te veel reageren op wat er ook in de krant wordt gezegd over die uitspraak met de snackbar. Ik ben het er ook niet helemaal mee eens, omdat het – volgens mij – niet is wat mensen willen: overal maar om de hoek een Eerste Hulp.

Volgens mij, wat iedereen wel wil, is goede en toegankelijke zorg, zo dichtbij mogelijk. Dat is – volgens mij – de gemene deler en wat het belang is, hier in Zutphen, en waar wij voor moeten staan en waar wij ook onze inzet op moeten plegen. Wij gaan niet direct over het ziekenhuis. Dat is duidelijk. Waar wij als gemeente wel medeverantwoordelijk voor zijn, is het totale zorglandschap: zowel voor de toekomst, niet alleen voor Zutphen, maar voor de hele regio. Daar hebben we wél wat over te zeggen. Wat – volgens mij – ook verstandig is om te doen, is zowel met buurgemeenten, maar ook met zorgorganisaties en andere partijen, nadenken over wat dit voor de toekomst betekent. Het ziekenhuis staat niet op zichzelf. Het is geen eiland. De meeste patiënten, daar gaat een verwijzing van de huisarts aan vooraf of na een ziekenhuisbehandeling volgt er nog heel wat aan bijvoorbeeld thuiszorg, verpleegzorg of andere. Het is een hele keten. Daar zijn we wel – deels – voor verantwoordelijk. Op die manier grijpen wij wel juist de plek waar wij wel over gaan.

331

Wat D66 noemde over een regiovisie: volgens mij, is dat waar het hier over gaat en waar wij wél wat mee kunnen voor de komende tijd. Verder vind ik het nog wel belangrijk om te onderstrepen wat mevrouw Van Dijk zei, die ook wat nuance bracht in het woord ‘volwaardig’. Volgens mij, is dat in ieder geval belangrijk om in het achterhoofd te houden, zoals zij het noemde. Ik ben het er niet helemaal mee eens, dat wij hierdoor volledig overvallen worden. Het ziekenhuis heeft ons voor dit gesprek uitgenodigd. Niet helemaal aan het einde, als er al een compleet plan ligt, maar eerder en wil ons ook uitnodigen terwijl ze nog plannen aan het maken zijn. Wij worden er dus niet volledig door overvallen. Daarmee gaat de vergelijking ook niet helemaal op met andere onderwerpen, waar dit het geval zou zijn. Wat ook nog belangrijk is om te benadrukken, is de werkgelegenheid. Ook dat vind ik iets genuanceerder liggen, omdat wij begrijpen dat niet direct banen in de zorg op de tocht staan, want die zijn juist hartstikke nodig, maar er is ook sprake van indirecte werkgelegenheid. Dus van de ziekenhuisvestiging in Zutphen, daar zijn ook weer toeleveranciers. Dus dat heeft ook wel allemaal effect. Dus wij proberen dat in die hele breedte te bekijken. Tot slot, de laatste vraag van de heer Jansen: wat het doel is, dat wij zijn uitgenodigd en wat we bereikt hebben.

Ik wil heel graag daar bij u op terugkomen, zoals in de motie ook staat, voor 1 juni. Dat wij u informeren over hoe het er dán voorstaat. Dat is – pak ‘m beet – de komende maand eigenlijk, ruim een maand. Dan zullen we u informeren en dan kunnen wij het duidelijkst over zijn hoe het er dan voorstaat.” De heer JANSEN: “Ja, voorzitter, even een reactie op de wethouder en met name op de laatste uitgesproken zinnen. Ik vind het verstandig – overmorgen hebben we Presidium – dat we dan ook direct een datum met elkaar afspreken waar we, in het openbaar, met elkaar het vervolgtraject gaan bespreken, zoals de wethouder net aangaf. Dat we ook direct een datum hebben vastgelegd. Dat we niet eerst wachten totdat het College zover is, maar dat we nu een datum prikken voor de komende maand. Ergens. Anders gaat het weer verder en zitten we zomaar in juni, juli. We zitten er bovenop en dat blijven wij ook.” De VOORZITTER: “Prima. Dank u wel. De raad is duidelijk. Unanimiteit is er. De wethouder heeft – denk ik – de vragen goed beantwoord. Dit zal zeker niet het laatste moment zijn, dat wij over het ziekenhuis spreken. Het is heel mooi dat de petitie zo breed is ondersteund en de motie erbij. We gaan daar in het Presidium ook nog even over hebben hoe we daar precies mee verder gaan. Zo hebben we dat ook afgesproken met de heer Bloem.

Als u het goed vindt, wil ik nu constateren dat de motie unaniem is aangenomen. Dat is mooi. In andere gemeenten speelt dit ook. Dus daar zijn we ook goed met elkaar over in gesprek.” Besluit: Aangenomen.

15

SLUITING (Audiopositie 03:20:36)

De VOORZITTER: “Dan doet het mij groot genoegen, dat dit – volgens mij – onze eerste raadsvergadering in tijden is, die wij in één avond afronden. Misschien heeft de brownie er wel bij geholpen. Wie weet? Als u nog tot na twaalven wacht, kunt u zelfs u uw oranjebitter drinken. Maar dat mag natuurlijk ook gewoon morgen. Ik dank iedereen voor de inzet weer van vanavond en voor het resterende deel van de avond, wens ik u nog een prettige tijd. Fijne Koningsdag morgen! Ik sluit de vergadering. (De voorzitter sluit de raadsvergadering om 22.52 uur) Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 31 mei 2021,

332

, de voorzitter

, de griffier

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zutphen&id=f4933775-25af-4075-87a4-155b9bffa569