CConstaterende datZutphen
Koppel je AI →
Document · PDF

Handelingen Raad 26 april 2021

Raadsvergadering 31 mei 2021, gemeente ZutphenBij agendapunt: Handelingen Raad 26 april 202127.171 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

285

HANDELINGEN VAN DE RAAD DER GEMEENTE ZUTPHEN vergadering van de raad der gemeente Zutphen op 26 april 2021 om 19.30 uur in de vorm van een digitale vergadering

Voorzitter: mevrouw A. Vermeulen Griffier: de heer J.A. Vullings Aanwezig bij de opening van de vergadering zijn 28 leden, te weten: mevrouw P. Ackermans, de heer J. Bloem, de heer J. Boersbroek, de heer H. Brouwer, de heer G.H. Brunsveld, mevrouw M. Dolfing, mevrouw A. van Dijk, de heer A. van Dijken, de heer S.G.J.G. de Groen, de heer H.W. Hissink, mevrouw Y. ten Holder, de heer A.W. Jansen, , mevrouw I. Kleinrensink, de heer H. Krans, de heer D. Logemann, de heer F.J.G.M. Manders, mevrouw M. Moester, mevrouw E. Müller, de heer G.J.N. Müller, de heer G. Pelgrim, de heer G. Peteroff, de heer M. de Ridder, de heer R. Rutten, mevrouw M. Schriks, de heer M.G.S. Siemes, de heer H.J.M. Verschure, mevrouw K. van Wamel, de heer E. Yildirim

Voorts zijn aanwezig de wethouders: M. ten Broeke, A. de Jonge, H. Matser en L. Werger

Verslag: Verslagbureau More Support Publiek: Een onbekend aantal personen Pers: Aanwezig Afwezig: mevrouw M.T.E. Westerik

286

AGENDA HANDELINGEN 26 APRIL 2021

pagina

Inhoudsopgave 1 2

3.a 3.b 4

5

6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 15

OPENING ................................................................................................................. 287 AGENDA .................................................................................................................. 287 2.a Mogelijkheid tot indienen, aanhouden en intrekken van moties en amendementen ...................................................................................................................... 287 2.b Vaststelling van de agenda ............................................................................ 288 PETITIE VOOR EEN VOLWAARDIG ZIEKENHUIS IN ZUTPHEN ........................... 288 ALGEMEEN SPREEKRECHT .................................................................................. 289 ACTIEVE INFORMATIEVOORZIENING VANUIT HET COLLEGE ........................... 289 Mededeling portefeuillehouder Werger over de hoogspanningsleidingen ................. 289 Mededeling portefeuillehouder Matser over het subsidieregister ...........................289 Mededeling portefeuillehouder burgemeester Vermeulen over de ontwikkelingen rondom corona ........................................................................................................... 289 Mededeling n.a.v. vraag over Kerkpad, portefeuillehouder Werger ...........................

290 VRAGEN BETREFFENDE DE ACTUALITEIT .......................................................... 292 5.a Vraag CDA – inzake toegankelijkheid mindervaliden in de binnenstad .......... 292 5.b Vraag Kies Lokaal – inzake Kompas GGZ ..................................................... 292 5.c Vraag BewustZW – inzake Jongeren in de Zuidwijken ................................... 293 5.d Vraag Burgerbelang – inzake Vaccinatie corona ........................................... 294 5.e Vraag D66 – inzake Verkeersituatie bij het Vispoortplein ............................... 294 VASTSTELLEN HANDELINGEN .............................................................................. 295 6.a Handelingen Raad 29 en 30 maart 2021 ....................................................... 295 LIJST INGEKOMEN STUKKEN RAAD 26 APRIL 2021 ............................................ 295 HAMERSTUKKEN (GEEN) ...................................................................................... 295 VASTSTELLEN BESTEMMINGSPLAN KATTENHAVESTRAAT, ZUTPHEN ........... 296 AANVULLENDE MAATREGELEN ONDERSTEUNING ONDERNEMERS TIJDENS Covid-19 CRISIS ...................................................................................................... 305 INVESTERINGSPROGRAMMA TRANSFORMATIE SOCIAAL DOMEIN ................. 309 KADER ANDERS SAMENWERKEN AAN EEN STERK ZUTPHEN..........................

316 MOTIE: ADVIEZEN REKENKAMER EN AUDITCOMMISSIE ALS BESPREEK- EN BESLUITPUNT OP DE RAADSAGENDA ................................................................. 320 MOTIE: AANPAK SANERING PROBLEMATISCHE SCHULDEN ............................ 321 MOTIE: BEHOUD VOLWAARDIG ZIEKENHUIS IN ZUTPHEN ................................ 325 SLUITING ................................................................................................................. 331

287

1

OPENING (Audiopositie 00:00:00)

De VOORZITTER: “Dames en heren, ik open de vergadering. Welkom aan onze raadsleden, forumleden, medewerkers en mensen die geïnteresseerd zijn, onze inwoners. Het is een bijzondere dag om te vergaderen: Koningsnacht. We zullen er niet zoveel van merken, maar toch ... het idee. Morgen is het natuurlijk Koningsdag. Wat wel zo was – net zoals anders – is het uitreiken van de lintjes. Vandaag mocht ik drie koninklijke onderscheidingen laten opspelden, namelijk aan mevrouw Rikie Smallegoor - Wentink, aan mevrouw Corrie van der Boogh - Vos en aan de heer Cor Weerkamp. Dat was mooi. We hebben het allemaal volgens de coronaregels gedaan, maar de verrassing en ontroering was er niet minder om. Dat was mooi en dankbaar werk om te doen. We hebben drie prachtige mensen die ons leven allemaal een stukje mooier kleuren. Dus ik vond het heel mooi om hen namens de Koning op deze manier in het zonnetje te zetten. Afwezig vanavond is mevrouw Westerik.”

2

AGENDA

2.a

Mogelijkheid tot indienen, aanhouden en intrekken van moties en amendementen (Audiopositie 00:01:09)

De VOORZITTER: “Dan gaan we door naar agendapunt 2 met onder 2.a ‘Mogelijkheid tot indienen, aanhouden en intrekken van moties en amendementen’. Als u het goed vindt, noem ik vast op wat mij bekend is. De volgende moties zijn aangekondigd:  Motie Behoud volwaardig ziekenhuis in Zutphen. Deze motie gaan wij vanavond direct in de raadsvergadering bespreken.  Er is een debat aangevraagd - door de VVD - over kernenergie. De indiener heeft aangegeven dit eerst te bespreken in een Forum.  Motie ‘Veilige Stad vanuit PvdA’ met mede-indiener GroenLinks. De indiener heeft aangegeven eerst een bespreking in een Forum te willen.  Motie ‘Voor kernenergie geen plaats in Zutphen’ ingediend door GroenLinks. Ook hiervoor geldt: eerst bespreken in een Forum. Dan zijn er twee gewijzigde moties:  ‘Aanpak sanering problematische schulden’, te behandelen onder agendapunt 14  ‘Adviezen van de Rekenkamer en Auditcommissie’ onder agendapunt 13 We kunnen bij bespreking van de agendapunten ook de wijzigingen horen. Zijn er nog andere zaken die ik niet heb genoemd of die u wilt toelichten? De heer Logemann.” De heer LOGEMANN: “Dank u, voorzitter. Er zijn twee moties ingediend tegen kernenergie. Ik wil benadrukken, dat deze elkaar aanvullen. De motie van de VVD pleit voor een brede discussie over kernenergie onder regie van de Provincie.

De motie van GroenLinks heeft vooral betrekking op de situatie in Zutphen. Ze sluiten elkaar niet uit. Dat wil ik benadrukken. De aanleiding is overigens wel dezelfde, namelijk het verzoek van Gedeputeerde Staten aan alle gemeenten in Gelderland om aan te geven of zij ruimte zien voor kernenergie in hun gemeente. De VOORZITTER: “Zou u zich via de chat van Teams kenbaar willen maken? Dat is makkelijker, denk ik. Ik zag ook een handje van mevrouw Van Dijk.”

288

Mevrouw VAN DIJK: “Voorzitter, ik vond het niet nodig om nu commentaar te geven op de motie die wij hebben ingediend. De heer Logemann heeft dat al gedaan. Er is tijd genoeg als deze ter behandeling in een Forum terechtkomen. Dank u wel.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Verder nog iemand op dit agendapunt? Mevrouw Van Wamel.” Mevrouw VAN WAMEL: “Dank u wel. Ik was niet zo snel in de chat. Ik vroeg mij af of wij nu de motie ook nog even aankondigen of dat u dat zojuist heeft gedaan. De VOORZITTER: “Ik heb het geprobeerd om dat zo te doen.” Mevrouw VAN WAMEL: “Oké, dat is even anders dan het normaal gaat. Dus, ik was even in verwarring.” De VOORZITTER: “Snap ik. De vorige keer heb ik het ook zo gedaan. Ik probeer met u samen – het is wel goed, dat u mij die kans nu even geeft – vanavond deze raadsvergadering ook in één avond te voltooien. Anders wordt het namelijk heel ingewikkeld wanneer wij hiermee verder moeten.”

2.b

Vaststelling van de agenda

De VOORZITTER: “Dan komen we bij de vaststelling van de agenda. Als het goed is, staan de moties die u wilt behandelen hierop en de andere gaan naar een Forum.” Besluit: De agenda wordt vastgesteld.

3.a PETITIE VOOR EEN VOLWAARDIG ZIEKENHUIS IN ZUTPHEN (Audiopositie 00:05:21)

De VOORZITTER: “Dan gaan wij naar agendapunt 3.a: ‘Petitie voor een volwaardig ziekenhuis in Zutphen’. Ik heb begrepen dat de heer Mehdi deze petitie wil aanbieden. Welkom heer Mehdi. Aan u is meegegeven om uw verhaal in ongeveer vijf minuten te doen. Dan zijn er nog vijf minuten over voor de nodige vragen. Binnen tien minuten moet dit agendapunt dan ook zijn afgerond. Meneer Mehdi aan u het woord.” De heer MEHDI: “Dank u, mevrouw de voorzitter. Geachte raadsleden en beste mevrouw de voorzitter, het zal jullie niet ontgaan zijn: de wandelgangenverhalen over het ziekenhuis. Ons is het in ieder geval niet ontgaan, vandaar dat wij een petitie zijn gestart. Deze petitie, genaamd ‘Petitie voor een volwaardig ziekenhuis in Zutphen’, is inmiddels getekend door ruim 14.000 bewoners. Deze bewoners komen uit onze gemeente en omliggende gemeentes. Wij zijn bezorgd over de berichten dat het Gelre Ziekenhuis onderzoek doet naar het verplaatsen van de zorg. De indruk is, dat dit primair wordt overwogen om kosten te besparen. Voor de inwoners van de gemeente Zutphen en ook voor de omliggende gemeenten is het juist belangrijk dat er in Zutphen een volwaardig ziekenhuis is. Zeker wanneer het gaat om zorg waar korte aanrijtijden en nabijheid belangrijk voor zijn, zoals de intensive care. Het ziekenhuis is ook de grootste werkgever voor de gemeente Zutphen.

Een volwaardig ziekenhuis zorgt voor langere termijn voor werkgelegenheid. We vragen vanavond of de gemeenteraad zich wil uitspreken voor een volwaardig ziekenhuis in Zutphen. Ik dank jullie wel.”

289

De VOORZITTER: “Dat is heel snel gedaan. Dank u wel. We hebben natuurlijk straks ook nog een motie hierover, maar zijn er nu raadsleden die een vraag willen stellen of een opmerking willen maken? De heer Van Dijken.” De heer VAN DIJKEN: “Voorzitter, ik wil de inspreker toch even danken en ik wil tevens even wijzen op het feit, dat vanavond inderdaad die motie wordt aangenomen. Ja, het is misschien wel verstandig, dat de inspreker ook samen met alle indieners van de petitie optrekt. Dat zou wel mooi zijn.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Het is zeker zo, dat dit agendapunt nog inhoudelijk wordt besproken bij de motie. Ik kan mij voorstellen, dat de raad daar dan ook de petitie bij betrekt. Dus, meneer Mehdi, ik spreek – denk ik – namens de voltallige gemeenteraad wanneer ik u in ieder geval ontzettend bedank voor uw initiatief. We zullen hierin zeker samen nog een goed gevolg aangeven.” De heer MEHDI: “Top. Dank jullie wel.” De VOORZITTER: “Dank u wel.”

3.b ALGEMEEN SPREEKRECHT (Audiopositie 00:08:20)

De VOORZITTER: “Dan zijn we bij agendapunt 3, het algemeen spreekrecht. Hier heb ik verder geen aanmeldingen voor gekregen.”

4

ACTIEVE INFORMATIEVOORZIENING VANUIT HET COLLEGE (Audiopositie 00:08:31)

De VOORZITTER: “Dan gaan we door met agendapunt 4: ‘Actieve Informatievoorziening vanuit het College’. Hiervoor geef ik als eerste het woord aan wethouder Werger.”

Mededeling portefeuillehouder Werger over de hoogspanningsleidingen Wethouder WERGER: “Dank u wel, voorzitter. Graag wil ik in het kader van de hoogspanningsleidingen melden, dat wij met TenneT contact hebben opgenomen over wanneer wij de offerte kunnen verwachten. Zij hebben aangegeven, dat wij over ongeveer twee weken de offerte waarschijnlijk in de bus hebben. Dus, daar zit op dit moment wat schot in. Uiteraard informeer ik u dan verder.”

Mededeling portefeuillehouder Matser over het subsidieregister Wethouder MATSER: “Dank u, voorzitter. In november 2020 is door uw raad de motie ‘Subsidieregister’ aangenomen. De motie geeft aan, dat er een subsidieregister online wordt gezet en daarbij alle verstrekte subsidie boven een bedrag van vijfhonderd euro zou moeten worden opgenomen. De een na laatste raadsvergadering heeft de heer Verschure gevraagd hoe het daarmee staat. Ik moet daarvoor mijn excuses aanbieden, want dat had sneller afgehandeld moeten worden. Door tussenkomst van de heer Verschure en een paar gesprekken heen en weer, is het gelukkig goed opgepakt. Per 1 oktober 2021 zal het subsidieregister online beschikbaar zijn.”

Mededeling portefeuillehouder burgemeester Vermeulen over de ontwikkelingen rondom corona De BURGEMEESTER: “Dan zal ik u bijpraten over de ontwikkelingen met betrekking tot corona.

290

Vanaf morgenavond twaalf uur is het einde van de avondklok. De terrassen mogen vanaf woensdag open van twaalf tot zes. Wij hebben gesproken over hoe wij dat in Zutphen gaan doen. Is om zes uur het terras dicht en iedereen weg? Hoe ga je daarmee om? Wij hebben afgesproken, dat mensen tot zes uur hun drankje kunnen drinken en wij gaan ervanuit, dat om 18.30 uur de terrassen leeg zijn. Mensen moeten aan tafel bediend worden. Dus je kunt niet zelf naar de bar lopen. Winkels gaan zonder afspraak open met eigen regels per vierkante meters. De markten zijn weer helemaal open, dus ook niet-levensmiddelen zijn nu toegestaan. We hebben extra financiële ondersteuning voor ondernemers. Dat staat vanavond geagendeerd. Dus, daar komt u vast later wel op. Leuk om te melden, is dat vanuit de VVV initiatieven zijn gekomen voor horeca-wandelingen. Deze zijn een groot succes, steeds volgeboekt en allemaal blije mensen. Dus, dat is mooi. Nog niet zo mooi zijn de besmettingen. Ook in Zutphen. De cijfers zakken wel iets, maar wij zitten nog steeds in code donkerrood, zeer ernstig. Er zijn veel besmettingen per dag. Dertig, vijfentwintig, de afgelopen dagen op veertien. Gelukkig geen een toename in overlijdens. Dat is fijn. Wij hebben vele malen gesproken over de onrust onder de jongeren. U heeft in de media ook veel kunnen lezen over de Zuidwijken.

Ik ben heel blij dat dit nu zo zulke mooie oplossingen krijgt. Een ontzettende dank voor de inzet van eenieder hierin. We blijven kijken naar activiteiten en mogelijkheden om jongeren perspectief te bieden. Er zijn twee scholen gesloten in verband met besmettingen, namelijk de Lea Dasbergschool en De Waaier. Dit is overigens een besluit van de scholen zelf. Dit is even heel in het kort bijpraten over corona. Zijn hier nog vragen over? Ik zie de heer Van Dijken en de heer Manders.” De heer VAN DIJKEN: “Dank u, voorzitter. Ik vraag mij af of er in Zutphen sprake is van terrashouders, die zeggen hun terras niet open te doen?” De VOORZITTER: “Dat heb ik niet vernomen. Eigenlijk integendeel. Er zijn nu terrashouders die gezamenlijk terrassen openen op nieuwe plekken. Dat is – denk ik – voldoende antwoord op de vraag van de heer Van Dijken. Dan nu de heer Manders.” De heer MANDERS: “Landelijk wordt gemeld, wat betreft de coördinatie vanuit Apeldoorn door het Veiligheidsberaad, dat daar is afgesproken, dat u als burgemeester onafhankelijk kunt reageren bij het uitvoeren van plannen, waardoor de regels in Apeldoorn misschien anders kunnen zijn dan in Zutphen. Wat voor ‘n verschil kan dat uitmaken voor Zutphen?” De VOORZITTER: “Zo heb ik het niet begrepen. Dat is voor mij volkomen nieuw. Nee, dat heb ik absoluut niet zo begrepen.

Alle regels zijn gewoon echt landelijk voor ons uitgestrooid, om het zo maar even te zeggen. Natuurlijk heb je wel accentverschillen hoe je dan precies de handhaving invult, maar de regels zijn voor iedereen hetzelfde. De heer MANDERS: “Oké. Dank u wel. De VOORZITTER: “Als u andere informatie heeft, hoor ik dat ook buiten de vergadering nog graag even. Dan ga ik naar de heer Logemann.”

Mededeling n.a.v. vraag over Kerkpad, portefeuillehouder Werger De heer LOGEMANN: “Dank u, voorzitter. U heeft een memo rondgestuurd over de stand van zaken wat betreft het Kerkpad. Daar staat een zin in, dat de datum van 1 juli voor de openstelling van de omlegging mogelijk niet wordt gehaald, omdat de aannemer slechts een paar dagen tot zijn beschikking heeft. Het staat er iets anders, maar ik zou graag een toelichting hierop hebben. Met name is het de vraag wat nou precies het probleem is, om dat pad niet op 1 juli klaar te krijgen.

291

Daarnaast de vraag op welke datum dan met redelijke zekerheid het pad kan worden opengesteld?” Wethouder WERGER: “Dank u, voorzitter. Wat wij natuurlijk moeten doen - en wat voor ons net zo goed als gemeente geldt als voor ieder ander - is dat er een vergunning aangevraagd moet worden om het pad aan te leggen. Daarbij hebben wij te maken met juridische kaders, als het gaat om inspraak en bezwaar en beroep. Dat laat op zich wachten omdat er nog wat discussiepunten waren met zowel de omwonenden, als met de boer zelf, als het gaat over het landschappelijk inpassen. Dat betekent, dat de definitieve vergunningaanvraag, op basis waarvan geoordeeld moet worden, vrij recent pas is afgekomen en dan gaat de periode van bezwaar en beroep lopen. We moeten dat gewoon zorgvuldig doen. Ik neem aan, dat u dat helemaal met mij eens bent. Dat betekent, dat we daarom in tijd uitlopen. Natuurlijk doen wij ons uiterste best, om dat allemaal zo snel mogelijk en zo goed mogelijk te realiseren, maar ik kan niet voorbijgaan aan juridische trajecten die echt gewoon netjes gelopen moeten worden en waarin iedereen bezwaar kan maken.” De heer LOGEMANN: “Is er wel een prognose te geven over de termijn waarop het wél wordt opengesteld? Is het een kwestie van dagen, weken of maanden?” Wethouder WERGER: “Voorzitter, ik durf het niet helemaal met zekerheid te zeggen.

Laat ik daar schriftelijk antwoord op geven, dan ga ik het specifiek na bij de afdeling die de vergunningen aan het afgeven is.” De VOORZITTER: “Mevrouw ten Holder, heeft u ook een vraag op dit punt?” Mevrouw TEN HOLDER: “Voorzitter, het lijkt op basis van ontvangen informatie alsof de inwoners niet aan tafel zitten en worden betrokken. Klopt dat? Als dat niet zo is, zou ik het College willen verzoeken om hen alsnog uit te nodigen. Het lijkt vanuit de informatie dat zij zich nog steeds grote zorgen maken.” De VOORZITTER: “Die grote zorgen, dat kunnen wij misschien niet helemaal wegnemen. Maar, wij zijn wel degelijk aan tafel geweest met de mensen van het meldpunt, in een brede delegatie. Wij hebben uitgebreid met elkaar gesproken.” Mevrouw TEN HOLDER: “Is dat eenmalig geweest of wordt dat gecontinueerd totdat het probleem is opgelost?” De VOORZITTER: “Nee, er valt nu verder niks te bespreken. We zijn drukdoende om het pad aan te leggen. De politie en handhaving houden hun taken op dat front, zoals u dat ook kunt lezen. Er valt nu even niets te overleggen. Het moet gewoon uitgevoerd worden. We hebben het plan overlegd. Mensen weten hoe het pad gaat lopen. Daar was overeenstemming over. Wat dat betreft, is het niet aan de orde.” Mevrouw TEN HOLDER: “Ik zou toch graag een beroep willen doen op het College. We spreken over samenwerken en participeren van inwoners.

Als inwoners hier toch graag gezien en gehoord zouden willen worden door het College totdat de oplossing naar alle tevredenheid voor iedereen er is, dan zou het misschien een gemiste kans zijn, om het contact met hen niet te onderhouden.” Wethouder WERGER: “Voorzitter, mag ik een aanvulling doen. Het is namelijk wel zo, dat elke wijziging die wij hebben gedaan in de aanvraag voor het plan wel degelijk met de omwonenden wordt gecommuniceerd. Dus: er is wel contact. Zij weten van de wijzigingen en wat er nodig is.” Mevrouw TEN HOLDER: “Ik zou het prettig vinden, dat inderdaad de contacten onderhouden blijven worden. Dank u wel.”

292

De VOORZITTER: “Dank u wel.”

5

VRAGEN BETREFFENDE DE ACTUALITEIT (Audiopositie 00:19:40)

De VOORZITTER: “Dan gaan wij door met agendapunt 5: vragen betreffende de actualiteit. Ik heb vier meldingen gehad. Komen hier nog meldingen bij? Nee? Dan begin ik met het CDA, mevrouw Van Wamel.’

5.a

Vraag CDA – inzake toegankelijkheid mindervaliden in de binnenstad (Audiopositie 00:20:00)

Mevrouw VAN WAMEL: “Dank u wel, voorzitter. De terrassen gaan deze week weer open. Wordt er, nu de stoepen daardoor bezet gaan worden, weer rekening gehouden met de mindervalide medemensen, die zich daardoor op de kinderkopjes moeten begeven? Vorig jaar hebben wij al aangegeven, dat dit lastig is en zelfs gevaarlijke situaties kan opleveren, vooral in het gebied rondom de Wijnhuistoren. Wat gaat het College doen voor deze mensen, zodat zij zich veilig kunnen voortbewegen door de stad?” Wethouder MATSER: “Dank u, voorzitter. Vorig jaar was er sprake van een tijdelijke situatie, zoals dat dit jaar ook is. Dat maakt het lastig om duurzaam te gaan investeren in een dergelijke voorziening. Wat niet wegneemt, dat ik uw zorg deel. Het is natuurlijk niet prettig op het moment dat je beperkt bent. Laatst heb ik een halve dag meegereden met iemand die zich niet te voet kan voortbewegen. Het is inderdaad best heftig als je over de kinderkopjes moet. Ook als je slecht ter been bent, is dat overigens niet prettig. Tegelijkertijd is het heel erg lastig om daar nu duurzame investeringen in te doen. We zijn bezig met een opzet voor een autoluwe binnenstad in het kader van de Mobiliteitsvisie die u twee jaar geleden heeft goedgekeurd. We hopen eigenlijk deze maatregelen structureel te gaan meenemen in de uitvoering van die Visie.

Op dit moment is het heel erg lastig om daar maatregelen voor te treffen.” Mevrouw VAN WAMEL: “Voorzitter, mag ik nog iets zeggen? Ik vind het eigenlijk niet kunnen. Wat u nu zegt, is dat het heel jammer is voor die mensen, maar daar kunnen wij niks voor doen. Er zijn heus tijdelijke oplossingen en ook niet superdure oplossingen voor te verzinnen. Ik vind toch echt wel, dat het College daartoe een inspanningsplicht heeft.” Wethouder MATSER: “Als mevrouw Van Wamel daar goede en goedkope oplossingen voor heeft, houd ik mij van harte aanbevolen. Het gaat mij niet om het principe, het gaat mij om de zaak. Als we de zaak kunnen oplossen door goedkope voorzieningen te treffen die en ook houdbaar zijn in het seizoen waarin de beperkingen zijn, dan houd ik mij van harte aanbevolen. Dus, als mevrouw Van Wamel tips heeft – ik heb ze nog niet gehad – houd ik mij van harte aanbevolen.” Mevrouw VAN WAMEL: “Ik houd contact.”

5.b

Vraag Kies Lokaal – inzake Kompas GGZ (Audiopositie 00:23:14)

Mevrouw ACKERMANS: “Dank u wel, voorzitter. Naar aanleiding van het onderzoek van Follow the Money is gebleken, dat het niet goed gaat bij Kompas GGZ. Het gaat onder andere over neptherapeuten.

293

We hebben gezien dat onze gemeente op de website van deze instantie onder gecontracteerde zorg staat. Wij willen graag vragen hoe wij omgaan met dit soort zaken en hoe wij dit kunnen voorkomen? Heeft Zutphen rekeningen betaald voor zorg die nooit is geleverd? Gaat de wethouder stappen ondernemen om geen zaken te doen met deze instantie? En kunnen wij van deze website afgehaald worden?” Wethouder TEN BROEKE: “Voorzitter, dit bericht heb ik ook gezien. Voor zover wij weten, hebben wij geen contract met deze partij. Wat wel vaker is voorgekomen, dat zorgaanbieders graag op hun site laten zien met hoeveel gemeenten zij een contract hebben en waar zij allemaal actief zijn. Dat zijn er vaak meer dan waarmee zij feitelijk een contract hebben. Voorzitter, bij mijn weten gaan wij niet in zee met deze aanbieder. Dus speelt het probleem ook niet in onze gemeente. Voor de zekerheid gaan wij dit wel even na. Als dit toch het geval blijkt te zijn, dan laten wij u dit weten. Tot die tijd gaan wij ervanuit, dat het in ons geval in orde is.” Mevrouw ACKERMANS: “Met ‘nagaan’, bedoelt u daar ook mee, dat u dan zorgt dat wij niet meer als gemeente op de website staan van bedrijven waar wij geen contract mee hebben?” Wethouder TEN BROEKE: “Dat is een mooie vervolgactie, want wij hebben hier uiteindelijk wel last van als wij worden genoemd op dit soort plekken. Dus, dat is wel de bedoeling.”

5.c

Vraag BewustZW – inzake Jongeren in de Zuidwijken (Audiopositie 00:25:06)

De heer JANSEN: “Voorzitter, in de media hebben wij kunnen vernemen en u – als u het gelezen heeft, wellicht ook als College – dat er in de Zuidwijken toch wat jongeren buitensporig zijn geweest. Laat ik het maar zo zeggen. Het bijzondere is ook, dat uiteindelijk en via de media en zo lees ik in het artikel, het College actief is geworden. In het artikel staat ook, dat het College excuus heeft aangeboden, omdat het gelopen is, zoals het is gelopen en klaarblijkelijk niet eerder de voelsprieten aanwezig waren om daar actie in te ondernemen. We weten ook, dat in het kader van jongerenbeleid enorm veel organisaties al dan niet betrokken zijn en vaak niet van elkaar weten waar ze mee bezig zijn. Misschien ligt hier ook een grond waarom het gelopen is, zoals het is gelopen. De vraag aan het College is of het College dit signaal niet eerder heeft gehoord, dan dat het in de media is gekomen? Hoe voorkomt het College dat het in het vervolg niet meer in de media terechtkomt, maar daadwerkelijk de zaken worden opgepakt voordat het escaleert en dat er ook goed gecommuniceerd wordt met de jongeren? Hoe eerder het College dit soort zaken kan oppakken en invullen, hoe minder ernstig de situatie voor eenieder is op dat moment.

Dus, ik hoor graag van het College wat de aanleiding is geweest en wat eraan wordt gedaan om het te voorkomen?” Wethouder DE JONGE: “Voorzitter, het College was wel degelijk al een tijdje op de hoogte van wat er gebeurde in de Zuidwijken. Helaas hebben wij moeten constateren, dat verschillende teams langs elkaar heen hebben gewerkt. Het zat niet zozeer bij jeugd, maar meer tussen verschillende teams in de organisatie. Dat hebben wij opgelost door er andere personen op te zetten. Ik kan u zeggen, dat er nu een supervoortvarende en goede samenwerking is gevonden tussen de juiste personen. Ik denk dus ook niet, dat wat er is gebeurd – het langs elkaar heen werken – nog een keertje gebeurt. Ik ben ook naar de dansschool toegegaan, om uit te leggen wat er is gebeurd achter de schermen en hòè het heeft kunnen gebeuren. Daar heb ik mijn excuses voor aangeboden, want het is heel vervelend geweest voor die mensen, dat zij niet op de hoogte waren van wat er al liep, hoe het liep en wat de bedoeling was. Inmiddels zijn zij helemaal mee en werken wij mooi en strak samen.”

294

De heer JANSEN: “Dank aan de wethouder, dat er daadwerkelijk actie is ondernomen. Blijkbaar waren er twee teams die niet met elkaar communiceerden, maar nu wel. Zijn er nog andere teams, die op een of andere manier contacten hebben - met wie dan ook waarnaar gekeken wordt? Anders gaan wij over een aantal maanden misschien eenzelfde situatie met andere teams krijgen. Wordt daar ook naar gekeken?” Wethouder DE JONGE: “Voorzitter, als wethouder mag je nooit beloftes doen, hè. Dat is best wel lastig, omdat je op een zeker moment daar ook weer op aangesproken kunt worden. Maar, ík zou het heel raar vinden als er nog iemand is, die langs elkaar heen werkt op dit onderwerp. Als het goed is, is het helemaal opgelost.” De heer JANSEN: “Helder, voorzitter.”

5.d

Vraag Burgerbelang – inzake coronavaccinatie (Audiopositie 00:28:23)

De heer YILDIRIM: “Voorzitter, in de Volkskrant van 23 april jongstleden staat het volgende te lezen: “Huisartsen uit minder welvarende wijken luiden noodklok. De opkomst voor coronavaccinatie bij mensen met een migrantenachtergrond en laaggeletterden is zorgwekkend laag. Is deze situatie ook in de gemeente Zutphen van toepassing en wat doet de gemeente eraan om deze inwoners alsnog te bereiken?” Wethouder TEN BROEKE: “Het enige wat ik er op zou willen antwoorden, is dat we vooral moeten zorgen, dat wij geen minder welvarende wijken hebben. Verder kan ik daar geen antwoord op geven.” De VOORZITTER: “Ik zal het aanvullen. Het is een verantwoordelijkheid van de GGD. Wij hebben ook geen inzage in wie er al dan niet is gevaccineerd. Ik heb deze signalen in mijn beleidsteams niet gehoord.” De heer YILDIRIM: “Voorzitter, doen jullie er iets aan om die groep wel te bereiken? Hebben jullie daarvoor stappen gezet?” De VOORZITTER: “Het is een zaak van de GGD. Voldoende? Ja? Oké.”

5.e

Vraag D66 – inzake Verkeerssituatie bij het Vispoortplein (Audiopositie 00:30:04)

De heer BROUWER: “Voorzitter, een betrokken en oplettende inwoner wees de raad en het College onlangs op de onveilige verkeerssituatie bij het Vispoortplein. Vooral voor het fietsverkeer dat vanuit de Vispoortstraat wil oversteken, is het bijna een onmogelijke opgave om daar veilig over te steken: heel onoverzichtelijk en het verkeer rijdt daar naar omstandigheden veel te hard. Een oplossing is bijvoorbeeld om de maximumsnelheid aan te passen. Nu is mijn vraag of het voor een gemeente een mogelijkheid is om in dit soort situaties een tijdelijke verkeersmaatregel te treffen? In dit geval dus een maximumsnelheid van dertig kilometer.” Wethouder MATSER: “Dank u, voorzitter. Het zou een hele mooie wens van mij zijn als die zou uitkomen, als wij op zoveel mogelijke plekken waar het kan en waar de weg zich daartoe leent, de snelheid zouden kunnen aanpassen naar dertig kilometer. Maar, dat doe je eigenlijk in een totaal verkeerscirculatieplan. Daar zijn wij nog niet aan toe gekomen. Dus, die vraag moet ik nog even parkeren. Ik zou het wel mooi vinden als dat in de toekomst gaat lukken.

295

Hier is de opbouw van de weg zodanig, dat een bord van dertig kilometer er nog niet voor zorgt, dat er ook daadwerkelijk dertig kilometer per uur wordt gereden. Dat heeft te maken met de bestratingssoort en de manier waarop de weg verder is geleid. Aanpassingen zijn – zoals u weet – best heel kostbaar. Wij willen wel heel graag, maar dat moet eigenlijk in een wat groter plaatje tot u komen. Nu weet ik wel, dat binnen een half jaar – als het gaat over wegen en onderhoud van wegen – een overzicht naar u toekomt, zodat wij in de komende jaren weten welke wegen voor onderhoud in aanmerking komen. Dit is ook zo’n soort route: Houtwal tot aansluiting IJsselkade, die nu nog bestaat uit een teerweg. Die komt voor aanpassing in aanmerking, maar niet nù.” De VOORZITTER: “Laten wij de inhoud niet te veel uitdiepen nu. Is dit voldoende zo, meneer Brouwer?” De heer BROUWER: “Even een verhelderende vraag: “Een tijdelijke verkeersmaatregel is dus mogelijk?” Wethouder MATSER: “Dat antwoord ga ik u nog geven. Ik zit niet zo diep in de regelgeving, dat ik u dat antwoord nu kan geven. Dat gaan we schriftelijk aan u melden of een tijdelijke maatregel op die plek mogelijk is.” De VOORZITTER: “Prima. U krijgt daar schriftelijk antwoord op. Vanuit BewustZW zie ik: nee geen teer.

Nou, die nemen we mee.” Met uw goedvinden sluiten we dit blokje af, de actualiteiten en gaan we door naar punt 6 en wel naar 6.a.

6

VASTSTELLEN HANDELINGEN

6.a

Handelingen Raad 29 en 30 maart 2021 (Audiopositie 00:33:13)

De VOORZITTER: “Dan komen we bij agendapunt 6.a, de Handelingen van de Raad van 29 en 30 maart 2021. Bij dezen vastgesteld.” Besluit: Conform besloten.

7

LIJST INGEKOMEN STUKKEN RAAD 26 APRIL 2021 GRIFFIENR. 2021-0041 (Audiopositie 00:33:23)

De VOORZITTER: “Dan zijn we bij agendapunt 7, de lijst ingekomen stukken, raad 26 april 2021’. Ook voor kennisgeving aangenomen.” Besluit: Conform de gedane afhandelingsvoorstellen besloten.

8

HAMERSTUKKEN (GEEN)

De VOORZITTER: “Er zijn geen hamerstukken.”

296

9

VASTSTELLEN BESTEMMINGSPLAN KATTENHAVESTRAAT, ZUTPHEN GRIFFIENR. 2021-0035 (Audiopositie 00:33:33)

De VOORZITTER: “Dan gaan we nu verder met agendapunt 9, het vaststellen van het bestemmingsplan Kattenhavestraat, Zutphen. Waarbij ik eerst wil opmerken, dat er vanmiddag nog stukken naar u zijn toegestuurd vanuit de Griffie en ik heb zelfs nog een tekening voorbij zien komen vanmiddag. Wie kan ik hierover het woord geven? De heer Krans.” Eerste termijn De heer KRANS: “Voorzitter, ‘n beetje een pijnlijk iets. Jammer dat wij er zo laat achter kwamen. Dat lag overigens niet aan de wethouder. Die had vorige week de schriftelijke antwoorden al gegeven. Maar, wij kregen dat helaas pas vanmorgen. Dat was even haastwerk. Maar goed, dat moet af en toe. In het voorstel van het bestemmingsplan stond, dat het geldende bestemmingsplan bebouwing toelaat met een maximale hoogte van veertien meter. Tijdens het Forum heb ik gevraagd waar dat staat. In een aanvullend memo – vanmorgen gekregen – staat vermeld, dat het op afbeelding 42 van het bijlageboek staat: gevelwand-afbeelding nummer 42 dus. In het memo staat die afbeelding ook weer afgebeeld en daar staat ingevuld in woorden: “De Ezerman, garage en nieuw te bouwen pand.” In het origineel, voorzitter, staan deze woorden niet. En, helaas klopt de verwijzing in het memo niet. En wel om twee redenen: In de eerste plaats, een gevelwandkaart geeft alleen de bestaande bebouwing weer. Aldus letterlijk het bestemmingsplan uit 2012, bladzijde 34.

Hier was geen bestaande bebouwing ten tijde van de vaststelling van het plan. Verder: gevelwandkaarten worden genummerd en die worden genoemd in een plattegrond met mooie rode lijnen. Die kaart heb ik vanmiddag rond laten sturen door de Griffie. Deze kun je met héél véél moeite vinden op ruimtelijkeplannen.nl. Wat zie je daar: dat juist deze gevelwandkaart nummer 42 niet dit braakliggende terrein bevat. Afijn, wat betekent dit allemaal? Dat betekent, dat de raad – ik vermoed onbewust, maar dan nog ... – op het verkeerde been is gezet. Als raad dachten wij: als het onder het geldende bestemmingsplan veertien meter mag zijn, dan is er al een raadsafweging gemaakt. Dan hoeven wij die niet over te doen. Maar, als het geldende bestemmingsplan níet die veertien meter toelaat, dan zullen wij alsnóg die afweging moeten maken. Bij dit laatste geldt – onder andere – dat de stedenbouwkundige visie al vraagtekens had bij de hoogte. Letterlijk stond er: “Geen medewerking met de hoogte”. Als ik het goed zie, kan de wethouder op dit moment van de raad niet vragen om in te stemmen. Dank u.” De heer BROUWER: “In aansluiting op het vorige. Het moet inderdaad wel duidelijk zijn of die norm van de maximale hoogte geldt en waar die geldt. Als daar onduidelijkheid over is, dan zal het plan toch aangehouden moeten worden.

Want, wij moeten als raad over het hele bestemmingsplan een oordeel geven en dat moet dan in de correcte vorm aan de raad aangeboden worden. Anders zijn wij genoodzaakt tegen te stemmen. Dus, zekerheid is zeker geboden.” De heer MÜLLER: “Voorzitter, wij hebben een afweging te maken vanavond. Wij hebben daarin te maken met verschillende belangen:  De belangen van de omwonenden, die we al eerder hebben gehoord.

297

 Het belang van de projectontwikkelaar die natuurlijk graag op dat prachtige stukje Zutphen mooie, dure woningen wil neerzetten.  En de belangen van de rest van de inwoners. Die belangen bestaan onder andere uit beschikbaarheid van voldoende betaalbare woningen. De woningen die daar komen, kosten sowieso een half miljoen. Dat heeft de beste man ons al verteld. Dus, dat is niet in dat belang en de in het belang van de bestaande parkeerplaatsen, die daar nu verdwijnen. De wethouder gaf in het Forum aan, dat die parkeerplaatsen op papier niet bestaan, dus dat het geen probleem is als ze verdwijnen. Nou ja, die parkeerplaatsen bestaan misschien niet op papier, maar er staan toch echt auto’s en die auto’s zullen ergens heen moeten. Het is de vraag of dat kan, want iedereen die bij een paar deuren aanbelt in de binnenstad, weet dat daar een tekort is aan parkeerplaatsen. Die balans slaat uit in de richting dat het niet in het algemeen belang is om hier dure woningen neer te gaan zetten. Bovenop het verhaal komt hetgeen de heer Krans zojuist heeft verteld. Ik zie de reactie van de wethouder graag tegemoet.” De heer VAN DIJKEN: “Dank u, voorzitter. Ik heb met belangstelling naar de uiteenzetting van de heer Krans geluisterd.

Het komt inderdaad op mij over, dat de wethouder zijn of haar huiswerk overnieuw moet doen om te kijken of hier inderdaad opnieuw een bestemmingsplan moet worden vastgesteld. Daarbij kun je die overweging van de heer Müller overnemen. Overigens ben ik het niet met hem eens. Ik stel de wethouder voor, om dit plan op dit moment in te trekken en zijn of haar huiswerk over te doen.” De heer VERSCHURE: “Voorzitter, ik ben nog niet zover, dat de wethouder het plan moet intrekken en haar huiswerk opnieuw moet doen. Op zich wat de ontwikkelaar daar wil ontwikkelen, is – denk ik – alleen maar heel mooi, hoe het daar gepland is. Ik ben alleen even benieuwd naar de onderbouwing van de wethouder op het verhaal wat de heer Krans net neerlegde. Dat is wel heel essentieel. Als er een goede onderbouwing is en er is niet onbewust geen informatie gedeeld met ons, dan zouden we gewoon met dit plan kunnen instemmen.” De heer MANDERS: “Voor de PvdA geldt hetzelfde. We wachten op het antwoord van de wethouder op het verhaal van de heer Krans.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Ik ga het rondje afmaken en daarna krijgt de wethouder het woord. Dan nu de heer Brunsveld, CDA.” Audiopositie 00:40:13

De heer BRUNSVELD: “Voorzitter, ik heb exact dezelfde opmerking, die de heer Manders net ook maakte. Misschien wil ik daar wel een ordevoorstel aan koppelen, namelijk om nu de wethouder toch het woord te geven. Ik wil verder wel graag inhoudelijk reageren op het plan, maar wat ik nu hoor, vind ik wel een dusdanig argument, dat ik daar écht graag eerst een weerwoord op wil horen.” De VOORZITTER: “Ik hou niet zo van ordevoorstellen. Ik heb nog twee sprekers. Mevrouw Ackermans en de heer Jansen. Daarna heeft de wethouder de tijd om de antwoorden te geven. Mag dat?” De heer BRUNSVELD: “Ja, u heeft mij overtuigd.” De VOORZITTER: “Dank u. Dan mevrouw Ackermans, Kies Lokaal.”

298

Mevrouw ACKERMANS: “Voorzitter, ik sluit mij aan bij de heer Brunsveld. Voordat ik wat zeg, wil ik eerst iets van de wethouder horen.” De VOORZITTER: “Dit is wel gewoon uw eerste termijn?” Mevrouw ACKERMANS: “Ja.” De VOORZITTER: “Dan ga ik naar meneer Jansen, BewustZW.” De heer JANSEN: “Voorzitter, mijn fractie heeft de documenten – voor zover bekend – doorgespit. We hebben aanvullende informatie gekregen van de insprekers van afgelopen week. In beginsel zijn wij – laat ik het zo zeggen – niet tegen bebouwing, maar op de basis waarop het nu is gepresenteerd en aan de raad is voorgelegd, heeft het wat vraagtekens. Ik kan u zeggen, dat ik vanochtend contact heb gehad met de heer Krans om met elkaar op een of andere manier vast te stellen of datgene wat er nu ligt ook een gezamenlijk beeld is. We horen zeker graag de reactie van de wethouder om te kijken hoe we hier al dan niet mee verder gaan.” De VOORZITTER: “Prima. Dan kan ik nu het woord geven aan wethouder Werger.” Reactie College (Audiopositie 00:41:48)

Wethouder WERGER: “Voorzitter, dank u wel. Om maar te beginnen met de vraag van de heer Krans. Ik kan me voorstellen, dat het wat complex en onduidelijk lijkt, maar de gevelwand is écht de totale wand van zestig meter, die het hele stuk bestrijkt. Dus, zowel van de Ezermanlocatie met de garage, als het stuk Kattehavenstraat, dat op dat moment niet bebouwd was. Daar zie je ook, dat het complex wordt. Wat je bij een gevelwandkaart doet, is dat je eigenlijk alleen de gevels opneemt. Daar was op dat moment geen bebouwing. Dus, kun je ook geen gevel opnemen. Daarom zie je dat dat hoekje mist. Alleen in het bestemmingsplan en ook in de geldende stukken die er waren, zowel de Binnenstadvisie als de Ontwikkelvisie 2020 die ten grondslag lagen aan de vaststellingen van het bestemmingsplan destijds, was het wel degelijk opgenomen, als zijnde een woonlocatie waar gebouwd mocht worden. Dus, is het gewoon in het totale pakket meegenomen in het bestemmingsplan. Het zou raar zijn als we een heel verbouwingsvlak doen en er dan een klein stukje uitlaten bij een bestemmingsplan. Het is écht onderdeel van het bestemmingsplan. Het is ook vastgelegd, dat er gewoond mag worden.” De VOORZITTER: “Er is een interruptie van de heer Krans. Mensen, ik wil wel vragen om de wethouder het verhaal af te laten maken, voordat u interrumpeert. De heer Krans. ” De heer KRANS: “Dat moet ook zeker.

De wethouder heeft gelijk dat het bestemming ‘Wonen’ heeft. Daar is ook geen enkele discussie over. Laten we het niet naar die hoek verplaatsen. Ik lees alleen maar voor uit het bestemmingsplan: de tweede bijlage bij de regels betreft de gevelwandkaart, welke de maatvoering van de bestaande bebouwing aangeeft. Dat is precies de reden dat in dat rood gelijnde kaartje, ook uit hetzelfde bestemmingsplan, dit stuk ontbreekt, want daar waren geen gevels. Het zou fijn zijn, als daar niet omheen gesproken werd.” Wethouder WERGER: “Voorzitter, ik sprak nergens omheen. Ik gaf ook aan, dat je alleen de bestaande gevel op kunt nemen. Het bijzondere is, omdat we wisten, dat er bebouwd ging worden, is destijds – we hebben het over 2013 – ook al vast in de tekening van de gevelwanden – die hebben wij u meegestuurd – ook een tekening gemaakt van hoe het eruit zou zien op het moment dat daar wel degelijk die bebouwing zou plaatsvinden. Dan ziet u ook, dat er is uitgegaan

299

van dezelfde bouwhoogte in het totale vlak van – inderdaad – veertien meter en dat wat er nu wordt voorgesteld, 13,5 meter is. Dus: lager dan wat er eigenlijk is toegestaan. Nogmaals: het is gewoon opgenomen. Het is gewoon meegenomen in het bestemmingsplan. Het mag volgens het geheel. Ik begrijp, dat het verwarrend is. Het ligt echt vast in het bestemmingsplan.” De VOORZITTER: “Interruptie van de heer Krans.” De heer KRANS: “Voorzitter, de wethouder zegt nu dat het meegenomen is in 2012. Dan had de gevelwandkaart wel gewoon doorgetrokken geworden precies langs de gevel, zoals die nu gepland staat. Dat is gewoon níet gebeurd. Als dat speciaal opgenomen was, terwijl het strijdig was met de tekst van het bestemmingsplan, dan had dat wel in enigerlei toelichting gestaan. Ik heb me half scheel gezocht vanmiddag, maar ook die was er níet.” De VOORZITTER: “Wethouder, gaat u verder.” Wethouder WERGER: “Voorzitter, ik wil een toelichting geven op het parkeren. Ik moet constateren, dat het een welles-nietes-discussie tussen de heer Krans en mijzelf lijkt te zijn. Dat vind ik wel vervelend in deze situatie, omdat wij echt wel gewoon - ook met een projectontwikkelaar - proberen op een goede manier vorm te geven aan zaken en natuurlijk proberen juridisch de correcte dingen te doen. Als het gaat om de parkeerplaatsen.

Ik begrijp de heer Müller heel goed, maar we hebben met elkaar ook afgesproken dat we het parkeren juist uit de binnenstad willen halen. We hebben met elkaar ook afgesproken, dat deze parkeerplaatsen niet in de parkeerbalans opgenomen worden, omdat het eigenlijk geen echte, officiële parkeerplaatsen zijn. Dat hebben gebruikers ook altijd geweten. In de beantwoording van de vragen heeft u kunnen zien, dat er op andere plaatsen in de stad parkeergelegenheden gecreëerd worden. Ik realiseer me, dat het voor mensen betekent, dat ze wat verder moeten lopen. Dat is natuurlijk vervelend. Dat snap ik. Maar, het kan niet zo zijn, dat een parkeerplaats bestaat en blijft bestaan, terwijl die er eigenlijk niet hoort te zijn en die grond gewoon bebouwd mag worden.” Tweede termijn (Audiopositie 00:46:41)

De heer VAN DIJKEN: “Dank u, voorzitter. Ik snap zowel de wethouder, als meneer Krans. Meneer Krans zegt, dat er in het bestemmingsplan eigenlijk geen maximale hoogte is vastgesteld. Mevrouw de wethouder zegt, dat die er wel degelijk is: een maximum van veertien meter. Nu weet ik het even niet meer. Ik heb eigenlijk behoefte aan een onafhankelijke derde, die mij vertelt – een jurist voor mijn part – wat nu juist is. Ik heb alle vertrouwen in de heer Krans, maar ik heb toch behoefte aan een derde. Mijn voorstel aan de raad zou zijn, om de wethouder te vragen dit voorstel even terug te nemen en voor mijn part schriftelijk aan te geven of dit wat ze indient – al dan niet volgens een externe jurist - correct is: ja of nee? Want ik ben nu in verwarring.” De heer MÜLLER: “Wat mij betreft, hoeven wij er hier geen jurist bij te gaan halen. Als de wethouder stelt, dat wij niet hoeven te vrezen, dat het uitzicht verpest gaat worden, dan ga ik daar gewoon vanuit. Dan hoef ik daar geen onafhankelijke derde bij te betrekken. Ik begrijp, wat zij zegt over de parkeerplaatsen. Ons is het ook niet zozeer te doen om díé parkeerplaatsen. Wij snappen ook wel, dat die plek veel te mooi is om auto’s neer te zetten. Maar, mensen moeten wel even hun auto kwijt kunnen. Ik begrijp van de wethouder, dat er elders in de stad plekken zijn, waar dus ook vergunningshouders hun auto kwijt kunnen.

Dan móeten ze wel wat verder lopen. Ja, dat is een nadeel.

300

Dan is de vraag, of wij het waard vinden om daar vier woningen van een half miljoen neer te zetten. Dat is niet echt het geval. Zutphen heeft een schreeuwend tekort aan betaalbare woningen. Met deze nadelen zien wij er geen reden om in te stemmen met de bouw van vier woningen van een half miljoen euro.” De heer KRANS: “Voorzitter, het is fijn als er een tweede termijn is, want dan kun je ook nog datgene zeggen, wat je in de eerste termijn was vergeten. Want het is goed om even een misverstand weg te nemen. Natuurlijk moet er ter plekke gebouwd worden. Dit braakliggend terrein is geen gezicht en het bestaande bestemmingsplan zegt niet voor niks: wonen. Ook nog eventjes: bij die bebouwing zul je niet procedureel, maar wel inhoudelijk rekening moeten en willen houden met de Berkel. Die ligt er nu eenmaal en nieuwbouw moet zich daartoe verhouden. Nu even de discussie met de wethouder. De wethouder maakt er een welles-nietes-discussie van. Dat is altijd makkelijk, want dan hoeft de ander alleen maar een knoop door te hakken of er een derde bij te halen. Het ís geen wel-nietes discussie en dat weet de wethouder ook. Ik wijs op teksten uit het vigerend bestemmingsplan. Ik wijs op kaarten. Ik heb de wethouder speciaal vanmorgen gebeld, om dat ook aan te kondigen, zodat zij zich zou kunnen voorbereiden.

De wethouder wijst op geen enkele tekst en op geen enkele kaart, terwijl de tekst en de kaart waar ik naar verwijs, volstrekt helder zijn. Ik vind het jammer van het debat als het teruggebracht wordt tot een welles-nietes-discussie. Verder is het natuurlijk aan de raad, maar het moge duidelijk zijn hoe ik daarin zit. Dank u.” De heer VERSCHURE: “Voorzitter, ik moet de wethouder hier toch wel beetje ‘n bijval geven. Want, als ik op de kaart kijk, zie ik ook heel veel gevels niet eens op de kaart staan. De hele Bult van Ketje heeft geen gevel. Daar is geen gevelwandstudie op gedaan. Dus, ik betwijfel of het verhaal, zoals de heer Krans het hier neerlegt, dat “als er geen lijntje omheen staat, dan is het niet binnen het bestemmingsplan mogelijk”, daar heb ik mijn twijfel over. Ik zie te weinig aanknopingspunten om te zeggen, dat de wethouder wel eens geen gelijk zou kunnen hebben. Dat is eigenlijk het enige wat ik hierover wil zeggen. Ik hoop, dat ik de heer Van Dijken hiermee enigszins wat heb geholpen, want ik heb – hetzelfde als de heer Müller zegt – geen interesse in een derde onafhankelijke jurist die dit moet gaan beoordelen.” De VOORZITTER: “De heer Krans, een interruptie?” De heer KRANS: “Voorzitter, bij De bult van Ketje staat geen gevelwandkaart. Dat klopt. Het grappige is, die staat hier nu juist wél.

De wethouder beroept zich daarop, terwijl die níet over dit gebied gaat. Dank u.” De VOORZITTER: “Oké. Laten wij ons wel vooral beperken tot dit gebied, want het is al ingewikkeld genoeg. De heer Brouwer, D66. De heer BROUWER: “Dank u wel, voorzitter, D66 sluit zich aan bij de stellingname van de heer Van Dijken. Er is onduidelijkheid en dan denk ik toch, dat wij er wel baat bij hebben dat we dit plan aanhouden om zekerheid te hebben over dit onderdeel van het bestemmingsplan. Het moet gewoon wel in de correcte vorm aan de raad aangeboden worden.” De heer MANDERS: “Dank u wel, voorzitter. De PvdA is het niet eens met wat de heer Van Dijken aandraagt. Wij staan achter de bouwplannen. Ze zitten onder de veertien meter, op die 13,5 meter. Als de wethouder aangeeft, dat het wel binnen het bestemmingplan kan, dan ga ik op dit moment met de wethouder mee. Dan steunen wij het voorstel.” De heer BRUNSVELD: “Voorzitter, misschien is het eerst even goed om te praten over de consensus over onze stad. Ik denk, dat de hoek van de Kattehavenstraat toch wel een verdrietig stukje Zutphen is: verrommeld en vol met blik. Daar moeten wij natuurlijk wel wat mee. Alleen de vraag is wàt we er nu mee moeten, want daar bestaat verschil van inzicht over.

301

Ik begrijp best wel, dat omwonenden op zich wat minder enthousiast worden van dit plan. Aan de andere kant: het CDA vindt het wel een fraai en verzorgt plan. Daar zijn wij op zich niet op tegen. Maar goed, andere geluiden horende vanuit de omwonenden, zijn er zeker zorgen voor het verminderen van zichtlijnen op de Walburgiskerk. Daar ben ik het wel mee eens. Waar gebouwd wordt, daar wordt het uitzicht altijd anders of zelfs ook wel minder. Dat geldt natuurlijk ook voor deze locatie. Het is – denk ik – wel een kwestie van perspectief. Als je gewoon een stap naar links zet, is de toren nog steeds zichtbaar. Ik heb dat de afgelopen periode geprobeerd. Wat ons betreft, is dat ook echt geen breekpunt om de wijziging van dit bestemmingsplan tegen te houden. Een ander punt wat natuurlijk meespeelt, is de ontwikkeling rond de Berkel in de Stad. Het CDA is buitengewoon blij met alle ontwikkelingen die er zijn en met alle inwoners die zich daarvoor inzetten en met alle energie die dat losmaakt. Ik denk, dat dat écht heel erg mooi is. Aan de andere kant zien wij nog steeds wel ontwikkelingen om die Berkel te verrijken en te ontwikkelen, terwijl er ook woningen worden gebouwd bij de Kattehavenstraat. Ik moet wel zeggen: er waren natuurlijk mooie voorstellen van studenten van Larenstein hoe die hoek van de Kattehavenstraat ook anders ontwikkeld zou kunnen worden. Een prachtig beeld.

Aan de andere kant – denk ik – dat we dat nog steeds wel kunnen. Het moet iets aangepast worden, maar dan kan dat nog steeds. Daarmee kan de Berkel ook beter en mooier worden, maar kan er ook een goed plan ontwikkeld worden op de Kattehavenstraat. Ik denk, met die bouw van woningen moeten wij er niet van uitgaan dat de Berkel bijna gedempt wordt. Sommige mensen geven dat bijna aan. Dat lijkt mij niet helemaal realistisch. Waar wij nu wel even mee zitten, is de discussie die nu werd gevoerd en gevoerd wordt over de gevel, de hoogte en dergelijke. Wij willen echt wel absoluut zekerheid hebben, dat dit correct is. Een aantal omwonenden heeft aangegeven, dat zij toch al niet zo blij zijn met dit plan en wellicht naar de Raad van State stappen. Dan willen wij gewoon zeker weten, dat de gemeente hierin en ook deze raad op basis van juiste en goede argumenten een afweging kan maken. Zo straks wil ik écht die zekerheid nog een keer écht van de wethouder horen opdat we hier de plank niet misslaan. Dank u wel, voorzitter.” (Audiopositie 00:54:55)

Mevrouw ACKERMANS: “Dank u wel, voorzitter. Door de opmerkingen van de heer Krans, vind ik het toch wel lastig worden. Ik maakte mij zorgen om deze locatie. Het is eigenlijk al de derde locatie binnen mijn domein, waar een langdurig proces plaatsvindt. We denken aan de Meisjesvakschool en zo zijn er meer. We hebben daar ook vragen over gesteld. Alles gaat traag en er wordt niet doorgepakt. Dan hoor ik de heer Krans vertellen, dat waarschijnlijk de informatie niet klopt. Dat maakt het lastig. Wij begrijpen ook de wethouder. Wij willen ook absoluut niet twijfelen aan wat ze ons aangeeft. Maar, wij moeten wel een beslissing nemen op basis van de aangeleverde stukken. Wij willen daar niet de verkeerde beslissing in nemen. Wij zijn wel van mening, dat iemand daar duidelijkheid in moet geven. Dat maakt het voor ons nu heel moeilijk om een beslissing te nemen. Misschien kan de wethouder – als er geen derde, een jurist, bij moet komen – ons adviseren hoe we het wel kunnen doen?” De VOORZITTER: “Dank u wel. Sowieso ga ik de wethouder zo nog het woord geven, zoals ook het CDA heeft gevraagd. De heer Peteroff, VVD.” De heer PETEROFF: “Dank u wel, voorzitter.

Gehoord hebbende de wethouder over de gevelhoogte en hoe dat tot nu toe hier allemaal wordt besproken, zien wij toch eigenlijk vooral na een hele lange periode, die eigenlijk al in 1988 is ingezet met allerlei plannen, aanpassingen, overleggen, nieuwe aanpassingen, zienswijzen, weer plannen, weer onderzoeken, toch een hele mooie kans ontstaan met de realisatie van vier woningen waar binnen bepaalde doelgroepen best wel veel vraag naar is.

302

De heer Brunsveld gaf het zojuist al aan, dat het toch ook wel een beetje een verdrietig stukje Zutphen is, dat hoekje. De fractie van de VVD erkent, dat het soms niet mogelijk is om aan alle wensen van alle betrokkenen te voldoen, maar ziet daarentegen toch ook ‘n heel grondig doorlopen traject. De VVD wil toch wel instemmen met dit bestemmingsplan.” De heer JANSEN: “Voorzitter, zoals ik in de eerste termijn al heb aangegeven: de bestemming van dat gedeelte is wonen. Als zodanig zijn wij niet tegen bebouwing, tenzij de raad in meerderheid zegt, dat we er niet meer gaan bouwen en we geven dat gebied een andere invulling. Dat kan. Daar kan de raad voor kiezen, maar ik heb de indruk dat dat niet gebeurt. Als je kijkt naar het gebied, maar ook naar de relatie met de Berkel - die is er van oorsprong en vanuit het lange verleden altijd geweest – dan zie ik ook wel mogelijkheden om een bouwplan in combinatie met de omgeving te ontwikkelen, waarin de relatie met de Berkel het een en ander kan versterken en twee kanten kan opgaan. Ik denk, dat ook voor de werkgroepen die daar als zodanig mee bezig zijn ook een nieuwe en mooie uitdaging ligt. Als je kijkt naar het parkeren: parkeren wordt daar – nou ja – ‘gedoogd’. Ja, ik vind dat altijd een raar woord, dat is ook niet juridisch: het is eigenlijk niet toegestaan, maar er is niet op gehandhaafd. Laat ik het maar zo zeggen.

Parkeren is geen basis meer, dat is voorbij. Ja, of het plan uit 1988 is, er zijn vaker plannen in ontwikkeling die een lange doorlooptijd hebben en ook vaak weer nieuwe impulsen krijgen of anderszins. Het besluit dat de raad moet nemen en ik als raadslid moet nemen, betekent wel dat ik een juridische basis moet hebben, die ook goed is. Zoals ik zo straks al aangaf: ik had al contact gehad met de heer Krans en zoals de heer Krans het op dit moment heeft verwoord, zie ik nog geen andere invulling dan dat ik zeker wil weten, dat we niet een of ander juridisch traject ingaan. Het kan twee kanten op. Als we dit plan tegenhouden, hebben we misschien ook wel een juridisch traject, namelijk met de planontwikkelaar. Dat weet ik niet. Ik weet niet wat het College achter de schermen heeft besproken en misschien heeft toegezegd of heeft vastgelegd, privaatrechtelijk. Ik weet het niet. Maar, als wij – dat is mijn inschatting op dit moment – op onvoldoende juridische basis een besluit nemen, dan kan het ook zomaar een juridisch traject gaan worden. Dat kost ook heel veel geld. Het zal niet de eerste keer zijn, dat wij heel veel juridische kosten moeten maken en uiteindelijk de plannen toch moeten bijstellen of weer moeten terugnemen.

Ik vraag aan het College om nog eens goed te kijken en daarmee ook zekerheidstelling aan de raad te geven op grond waarvan - of laat ik het zo zeggen - iets meer zekerheid op grond van het feit, zoals het er nu ligt en om ook de zorgen van de raad raadsbreed weg te nemen. Ik denk, dat dat heel belangrijk is. Dat zou inderdaad een derde kunnen zijn.” De heer BOERSBROEK: “Dank u wel, voorzitter. Dit was geen eenvoudige opgave. Ik heb alle stukken gelezen, de zienswijzen, de locatie bezocht en bewoners gesproken. Onzes inziens past dit plan we binnen de stedelijke bebouwing. Liever hadden wij – uiteraard – betaalbare starterswoningen gezien voor Zutphenaren, die een huis wensen in een wat lagere prijsklasse. Maar, dit is helaas terzijde. Graag onderstrepen wij wél het belang van een groene leefomgeving. Vergroening en verkoeling en tegengaan van hittestress. Het is van belang dat de buurt daarin participeert met de gemeente en de ontwikkelaar, zoals het ook door de projectontwikkelaar in het onlangs gehouden Forum is toegezegd. Desondanks: in vervolg op de reactie die wij van de heer Krans hebben vernomen, wachten wij ook eerst meer zekerheid af vanuit de wethouder alvorens hierover definitief te besluiten. Hier wil ik het even bij laten.” Reactie College tweede termijn (Audiopositie 01:01:15)

Wethouder WERGER: “Voorzitter, dank u wel.

303

Laat ik beginnen met hetgeen de SP aangeeft. Ik begrijp hun principe daarin. Ik snap ook, dat zij aangeven of zij het de moeite waard vinden, omdat het toch redelijk wat duurdere woningen zijn. Aan de andere kant wil ik meegeven, dat wij hier ook praten over doorstroming. Mensen kunnen doorstromen, waardoor er weer andere woningen vrijkomen. Zeker mensen die in de binnenstad wonen, vinden het vaak prettig door te stromen in de binnenstad. Dat betekent, dat ze vaak ook iets in de binnenstad laten vrijkomen. Dat geeft ook weer ruimte voor starters of mensen die ook op zoek zijn naar een woning. Dus, ik geef dat mee. Ik realiseer me, dat het niet helemaal binnen het SP-plaatje past, maar ik geef het wel mee, dat wij ook doorstroming bevorderen. Dan nogmaals de situatie met betrekking tot het bestemmingsplan. Het bestemmingsplan – dat heeft u ook kunnen lezen …” De VOORZITTER: “Wethouder Werger, ik zie een interruptie van de heer Müller.” De heer MÜLLER: “Dank u wel. Ik ben inmiddels bekend met het doorstroomargument. U bent ook bekend met mijn reactie daarop. Want, het enige dat doorstroomt, is de hoogte van de prijzen. Dus, als wij willen dat de woningnood wordt opgelost, zal er bijgebouwd moeten worden. Er zal betaalbaar bijgebouwd moeten worden. Ik begrijp, dat de wethouder op zoek is naar steun voor dit plan.

Ik begrijp ook, dat er op de Kattehaven niet de goedkoopste woningen gebouwd kunnen worden. Dus, ik vraag de wethouder om een toezegging in ruil voor steun van de SP voor dit plan. Dat is de toezegging, dat bij de eerstvolgende mogelijkheid, wanneer er grond beschikbaar gesteld gaat worden voor woningen, het College significant voor betaalbare woningen gaat kiezen. Gaat zij die toezegging doen? Kan zij ervoor zorgen, dat vanaf nu dit de laatste miljonairswoningen zijn die gebouwd worden en dat vanaf nu betaalbaar bijgebouwd gaat worden? Als dat zo is, kan de SP-fractie steun uitspreken voor dit plan. Anders niet.” Wethouder WERGER: “Voorzitter, een reactie daarop, als u mij toestaat. We hebben – volgens mij – met elkaar een Woonvisie vastgesteld. In die Woonvisie staan heel veel zaken. Daar heeft u ook gewoon mee ingestemd. Daar staat in, dat we moeten zorgen voor alle bevolkingsgroepen. Ik kan u niet garanderen, dat wij niet nog steeds voor het middensegment en het duurdere segment gaan bijbouwen, omdat wij daarover afspraken met elkaar hebben gemaakt. Maar, wij hebben u heel goed gehoord. Volgens mij, zijn wij ook met elkaar bezig om te kijken hoe we ervoor kunnen zorgen zoveel mogelijk woningen in Zutphen te krijgen voor zoveel mogelijk categorieën en ook voor de jonge mensen, starters en de jongeren. Dat is niet zomaar een uitspraak.

We zien allemaal heel goed, dat er behoefte is aan woningen in alle categorieën. Wat ik kan toezeggen, is dat wij: a. de Woonvisie goed uitvoeren; b. inderdaad met elkaar verder kijken wat er nog meer mogelijk is, omdat we allemaal zien dat alle doelgroepen in Zutphen bediend moeten worden.” De VOORZITTER: “Interruptie van de heer Verschure, Burgerbelang.” De heer VERSCHURE: “Voorzitter, ik heb een vraag aan de heer Müller. Hij vraagt hier nu iets over wonen aan wethouder Werger en vraag dat dit de laatste keer is. Ik zou het willen vragen of hij die vraag ook eens aan zijn eigen wethouder wil stellen. Aan de heer Ten Broeke, want die gaat per slot van rekening over wonen. Dus, laat hij het antwoord eens geven.” De VOORZITTER: “Ik begrijp uw vraag, maar ik zou toch liever bij dit onderwerp willen blijven.” De heer VERSCHURE: “Nou ja, het wordt wel aangehaald, voorzitter, om betaalbaar te bouwen. Dat is toch echt de portefeuille van de heer Ten Broeke.” DE VOORZITTER: “Ja, dat klopt, maar mevrouw Werger. Volgens mij, was u nog bezig.”

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zutphen&id=f4933775-25af-4075-87a4-155b9bffa569