CConstaterende datZutphen
Koppel je AI →
Document · PDF

Handelingen raad 14 december 2021

Raadsvergadering 31 januari 2022, gemeente ZutphenBij agendapunt: Handelingen Raad 14 december 2021 (19:30 - 23:00)19.897 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

849

HANDELINGEN VAN DE RAAD DER GEMEENTE ZUTPHEN vergadering van de raad der gemeente Zutphen op 14 december 2021 om 19.30 uur in de Burgerzaal van het Oude Stadhuis

Voorzitter: mevrouw A. Vermeulen Griffier: de heer A.V. Dewkalie Aanwezig bij de opening van de vergadering zijn 24 leden, te weten: mevrouw P. Ackermans, de heer J. Bloem, de heer H. Brouwer, de heer G.H. Brunsveld, mevrouw A. van Dijk, de heer A. van Dijken, de heer S.G.J.G. de Groen, de heer H. Hissink, de heer H.W. Hissink, de heer A.W. Jansen, de heer H. Krans, de heer D. Logemann, de heer J. Lok, de heer F.J.G.M. Manders, mevrouw M. Moester, mevrouw E. Müller, de heer G. Pelgrim, de heer A.J.A. Putker, de heer M. de Ridder, de heer R. Rutten, de heer M.G.S. Siemes, de heer H.J.M. Verschure, mevrouw K. van Wamel, mevrouw M.T.E. Westerik

Voorts zijn aanwezig de wethouders: mevrouw E. Boswinkel, de heer M. ten Broeke, mevrouw A. de Jonge, en mevrouw L. Werger Verslag: Verslagbureau More Support Pers: Aanwezig

Afwezig: de heer J. Boersbroek, mevrouw Y. ten Holder, mevrouw I. Kleinrensink, de heer G.J.N. Müller, de heer Yildirim

850

AGENDA HANDELINGEN 14 december 2021

pagina

Inhoudsopgave 1 2 2.a

HEROPENING ..................................................................................................... 851 AGENDA .............................................................................................................. 851 Mogelijkheid tot indienen, aanhouden en intrekken van moties en amendementen ..................................................................................................... 851 2.b Vaststelling van de agenda, inclusief eventuele rechtstreeks uit het Forum geagendeerde onderwerpen .........................................................................................851

3 4.a 4.b 5.a 5.b 5.c 6 7 8 9

10 10.a 10.b 11

(Audiopositie (00:11:59))....................................................................................... 851 ACTIEVE INFORMATIEVOORZIENING VANUIT HET COLLEGE ...................... 851 OPRICHTING ZUTPHENS SPORT EN ACCOMMODATIEBEDRIJF (ZSA BV) ... 852 MOTIE IJSSELMEEUWEN ................................................................................... 863 OVERNEMEN CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN REKENKAMERONDERZOEK INVOERING OMGEVINGSWET 2016-2021 ......................................................... 864 Motie ‘Regie op de invoering van de Omgevingswet’ ............................................ 869 Motie ‘Kan het anders? raad beter in haar rol’ ...................................................... 869 KREDIET HERSTEL BOUWFOUTEN BERKENLAAN 389 ................................... 870 CORONAMIDDELEN JEUGD 2022 ...................................................................... 872 VASTSTELLING BELASTINGVERORDENINGEN GEMEENTE ZUTPHEN 2022 874 BEANTWOORDING VAN AAN DE RAAD GERICHTE BRIEF OVER HET VOORNEMEN VAN TRIBUUT OM LID TE WORDEN VAN DE LANDELIJKE VERENIGING LOKALE BELASTINGEN (LVLB) ................................................... 875 MOTIES VREEMD AAN DE ORDE VAN DE DAG................................................ 876 Motie ‘De versterking van de lokale (onderzoeks-)journalistiek’ ............................

876 Motie: Menstruatiearmoede .................................................................................. 882 SLUITING ............................................................................................................. 885

851

1

HEROPENING (Audiopositie (00:11:00)

De VOORZITTER: “Oké, ik heropen de vergadering. Welkom allemaal. Afwezig zijn mevrouw Kleinrensink, de heer Boersbroek, de heer Yildirim, mevrouw Ten Holder en de heer Müller.”

2

AGENDA

2.a

Mogelijkheid tot indienen, aanhouden en intrekken van moties en amendementen (Audiopositie (00:11:25))

De VOORZITTER: “Dan gaan wij naar agendapunt 2.a: ‘Mogelijkheid tot indienen, aanhouden en intrekken van moties en amendementen’. Ik zie Burgerbelang, de heer Verschure.” De heer VERSCHURE: “Dank u wel, voorzitter. Mede namens D66, Kies Lokaal, GroenLinks, het CDA, de VVD, de PvdA, de ChristenUnie, Bewust Zutphen Warnsveld en Burgerbelang dienen wij een motie in met betrekking tot De IJsselmeeuwen. Deze wil ik vanavond graag meteen behandelen. Dat kan – denk ik – in combinatie met de Sport- en Accommodatie BV.” De VOORZITTER: “Dat begrijp ik. Dat gaan we doen.”

2.b Vaststelling van de agenda, inclusief eventuele rechtstreeks uit het Forum geagendeerde onderwerpen (Audiopositie (00:11:59))

De VOORZITTER: “Verder geen wijzigingen? Dan gaan wij de agenda volgen, zoals die voorligt met de net genoemde motie erbij.” Besluit: De agenda wordt conform vastgesteld.

3

ACTIEVE INFORMATIEVOORZIENING VANUIT HET COLLEGE (Audiopositie 00:12:07)

De VOORZITTER: “Er was nog een cliffhanger van het College. Wethouder Werger.” Wethouder WERGER: “Ja, voorzitter, dank u wel. De raad heeft van mij tegoed wie het is geworden naar aanleiding van de aanbesteding van inburgering. Want, gisteravond om twaalf uur was de termijn afgelopen. Dat is het ‘Computer learning center’ geworden en dat is op zich heel mooi, want zij geven al een aantal jaren inburgeringsles hier in Zutphen. Wij hebben goede ervaringen met ze, qua samenwerking en ze zijn ook al bezig een locatie hier in Zutphen te organiseren. Ze zijn ook al meteen begonnen met allerlei lijntjes met allerlei organisaties uit te zetten om zo goed mogelijk van start te gaan. Dat is hartstikke mooi en een positief bericht. Dat wilde ik graag nog even aan u mededelen. Dank u wel voorzitter.

852

4.a OPRICHTING ZUTPHENS SPORT EN ACCOMMODATIEBEDRIJF (ZSA BV) GRIFFIENR. 2021-0131 (Audiopositie 00:13:05)

De VOORZITTER: “Dank u wel. Dan komen we bij agendapunt 4: ‘Oprichting Zutphens Sport en Accommodatiebedrijf’. U heeft vandaag nog de toegezegde mail doorgestuurd gekregen. Ik ga een rondje maken. Wie wil hierover het woord voeren? Ik zie de SP, D66, het CDA, Burgerbelang, de VVD, de Stadspartij, KiesLokaal, de PvdA, BewustZW en GroenLinks. Ja. Oké, dan beginnen we met de SP. Meneer De Ridder.” Eerste termijn De heer DE RIDDER: “Dank u, voorzitter. Wij hebben als SP best wel vaak met wethouder Werger best wel vaak gediscussieerd over de vorm en organisatie van het sport- en accommodatiebedrijf. Dat zijn discussies over zeggenschap, over het mogelijk vermarkten, over aandelen, over de term ‘winstoogmerk’ en over investeerders. Want, een bedrijf dat aandelen heeft en externe aandeelhouders kan hebben, heeft eigenlijk altijd als primair doel om winst te maken. Dat zal in ons geval betekenen dat gemeenschapsgeld wegvloeit van de gemeenschap naar een selecte groep mensen. Zo is dat dus ook recent gebeurd in Amsterdam bij het gemeentelijk afval- en energiebedrijf. Jarenlang was dit bedrijf volledig in handen van de Amsterdamse gemeenschap en uiteindelijk is het de afgelopen maand verkocht door de gemeente naar een derdenpartij.

Toen is de gemeente dus van enig handelspartner naar aandeelhouder gegaan en daarmee is de zeggenschap over een groot deel van je afvalbeleid en je energieopbrengst kwijt. Daarom is het - naar onze mening - belangrijk dat je echt zeggenschap hebt. Zeggenschap over dat wat bij ons hoort te liggen. Over zeggenschap van de raad had ik dus in het Forum laatst nog wat vragen. Want, wanneer veranderingen plaatsvinden, wanneer er mogelijk nieuwe investeerders komen en wanneer een volgende wethouder plannen heeft een bedrijf toch op de markt te gooien, hebben wij dan nog wel het laatste woord? Gelukkig werd ik tijdens het Forum wel zeer gerustgesteld over de reactie van de wethouder, namelijk: dat wij als raad nooit aan de kant geschoven kunnen worden. Maar, uiteindelijk zal ‘een’ wethouder - en of dat wethouder Berger is of een van haar opvolgers - zal er altijd een keuze gemaakt moeten worden. Er zullen altijd – ook in onze gemeente – bezuinigingsgolven aankomen. Uiteindelijk zal er dan ‘gesneden’ moeten worden in de begroting van de gemeente. Dan zal altijd nog de keuze volgen wat er gebeurt met het sport- en accommodatiebedrijf.

Daarom is mijn enige vraag aan de wethouder eigenlijk, of zij haar reactie in het Forum, op haar vraag, kan herhalen zodat wij, en ook onze opvolgers in deze raad én de opvolger van wethouder Berger, in handelingen kunnen zien dat wij als raad altijd moeten toestemmen bij veranderingen in de bedrijfsvoering en bij nieuwe aandeelhouders. Als laatste punt: ik heb nu net gehoord dat wij meteen de motie van De IJsselmeeuwen gaan bespreken. Ik wil graag eerst even de reactie horen van de wethouder, want ik begin een beetje het gevoel te krijgen alsof de discussie tussen de IJsselmeren en het stadsbestuur al een paar jaar loopt en dat er een paar jaar al weinig beweging in zit. Ik denk niet dat als wij dat opnieuw gaan oproepen, met meerdere partners, dat dat echt verandering gaat brengen. Dank u wel.” De VOORZITTER: “Dank u wel. D66.” De heer RUTTEN: “Dank u wel, voorzitter. D66 kan zich vinden in de gekozen opstelling. Dus, wij hebben geen wensen of bedenkingen ten aanzien van de oprichting van de vennootschap.

853 We zijn het eens met de vastgestelde uitgangspunten en wij hebben kennisgenomen van de te hanteren huurtarieven. Een korte terugblik op het proces waar we doorheen zijn gegaan. We hebben er lang over gedaan. D66 zat aanvankelijk in het proces met de gedachte: “Dat moet je zelf organiseren. Zo moeilijk is dat niet. Dat kunnen we beter allemaal zelf organiseren.” En dát in het licht van de keuze die we een paar jaar geleden gemaakt hebben, om het sociaal domein, Delta en het Plein, zélf te organiseren. Een veel grotere operatie en veel complexer. Dus, in principe waren wij er toentertijd tegen. Maar, eenmaal gekozen voor deze opstelling vinden wij dat wij zaken in eigen regie moeten houden. Maar, we zijn gekanteld. Dat is niet zozeer door toedoen van de argumenten van het College, maar door de gebruikers. Die waren vrijwel unaniem in het ondersteunen van het plan. Politiek is richting geven en consistentie bieden, maar ook pragmatisme. Dat laatste heeft ons over de streep getrokken. De gebruiker vindt dit de beste oplossing. Wij scharen ons daarachter. Tenslotte, het is een bittere pil voor een aantal mensen dat nu hogere prijzen moet gaan betalen. Maar ik laat dat initiatief over aan Burgerbelang. Dank u.” De VOORZITTER: “Dank u wel meneer Rutte. Dan het woord aan het CDA, mevrouw van Wamel.” Mevrouw VAN WAMEL: “Dank u wel, voorzitter.

Het is goed dat de sportaccommodaties nu goed geregeld gaan worden. Dat was tijd. Dat was nodig. Het was een rommeltje, om het eerlijk te zeggen. Er moest een aantal dingen gelijkgetrokken worden. Ja, sommige mensen trekken daarbij aan het kortste eind. Sommige verenigingen trekken daarbij aan het kortste eind. Dat is niet leuk. Aan de raad wordt gevraagd of we bedenkingen hebben. Ik heb nog wel een bedenking. Want, ja ... Er zijn partijen die aan het kortste eind trekken en je maakt dan een gelijk speelveld. Maar, het kan niet zo zijn, dat een vereniging dan niet meer kan bestaan. Het is ook zo, dat een vereniging zelf de zaken op orde moet brengen en dat valt niet mee. Ik ben zelf oudvoorzitter van een vereniging en je moet dan soms hele impopulaire beslissingen nemen. Daar zou de gemeente ook best wel wat ondersteuning in kunnen bieden. Een vereniging draaiend houden, is tegenwoordig geen kattenpis meer. Het moet ook een eerlijk verhaal zijn. Dat betekent, dat én het sportbedrijf eerlijk moet zijn en óók de vereniging eerlijk moet zijn. Ook over de financiën. Het kan zijn, dat het een rommeltje is in je vereniging. Dat kan gebeuren. Sommige verenigingen hebben al tachtig jaar hetzelfde bestuur. Dan gebeurt dat soort dingen. Daar moet openheid voor zijn van allebei de kanten.

Vandaar ook onze oproep in de motie om daar nog écht een keer open, bloot, goed mee om de tafel te gaan. Er kunnen soms ook misschien wel moeilijke keuzes voorkomen. Want, ik snap ook bij een zwembad waar een vereniging in zit die zwemlessen geeft, dat dat lastig is voor een zwembad. Er zijn ook gemeenten die dat gewoon verbieden. Dat kan. Dat is een keuze. Het zou niet mijn keuze zijn, maar dat is een andere. In die zin hebben wij nog wel wat bedenkingen. Als de wethouder daar nog niet iets anders op kan vertellen, dan wil ik straks graag een stemverklaring afleggen.” De VOORZITTER: “Ja, dank u wel. Dan Burgerbelang.” De heer VERSCHURE: “Ja, dank u wel voorzitter. Voorzitter, ik doe het niet vaak, maar ik ga nu wel zo beginnen. Ik wil een compliment maken aan de wethouder die tijdens dit hele traject de raad - mijns inziens - goed heeft meegenomen om dit stuk op tafel te krijgen. Wij ondersteunen alles wat erin staat. Een gelijk speelveld vinden wij enorm belangrijk. Tot gisteren kriebelde het wel als we het over De IJsselmeeuwen hadden. Vandaar dat wij ook wel enigszins verblijd waren met een dag extra vergaderen, zodat we nog iets op konden stellen waarin we toch ook aan De IJsselmeeuwen denken. Maar, niet alleen aan De IJsselmeeuwen. Ook aan de Koninklijke Nederlandse Zwembond, Stichting Zutphens Sportaccommodatie BV in oprichting en de gemeente.

Uiteindelijk denk ik, dat het vier partijen zijn in overleg met elkaar en die zullen er samen uit moeten

854 komen. Er lijkt een impasse te zitten tussen mensen, tussen organisaties, in ... Dat moet doorbroken worden. Ik denk, dat we naar een duurzame oplossing moeten kijken. Maar, inderdaad, zoals mevrouw van Wamel ook zegt, openheid bieden. Leg alles open op tafel. Dìt zijn de feiten en op basis van die feiten kunnen wij verder. Er staat in de motie om ook De IJsselmeeuwen in de transitie te ondersteunen. Maar, ondersteunen is niet de beurs trekken. Nee, ondersteunen is helpen, is faciliteren, is kijken wat de mogelijkheden zijn. De beurs trekken, is niet primair het woord wat hier bij ‘ondersteunen’ gezocht moet worden. We willen daar graag vóór 1 maart een duidelijk antwoord op hebben of het gelukt is. Want, laten we eerlijk zijn, De IJsselmeeuwen is toch wel sinds jaar-en-dag een gerenommeerde vereniging binnen de Zutphense samenleving en ook in de omgeving. De mensen zwemmen daar op hoog niveau, spelen waterpolo op hoog niveau. Daar moeten we zuinig op zijn. We moeten sowieso zuinig zijn op heel ons verenigingsleven. Daarin is niet alleen deze motie met betrekking tot De IJsselmeeuwen van belang, maar het gaat ook over de hele Sport en Accommodatie BV. Ik denk dat we daarmee iets neerzetten waarmee we het sportverenigingsleven voor de toekomst kunnen borgen. Ik ben zeer benieuwd naar de zienswijze van de wethouder.

We hebben onze bedenkingen geschetst en ik vraag naar wat bedenkingen op de motie. Ik ben dus benieuwd.” De VOORZITTER: “Dank u wel, dan is het woord aan de VVD.” De heer HISSINK: “Dank u wel, voorzitter. In maart hebben wij als raad besloten om een gemeentelijk sport- en accommodatie bedrijf op te richten. Nu is het dan zover. De ZSA BV in oprichting ligt hier voor ons. Wij als VVD zijn, erg tevreden over het proces gedurende een aantal jaren dat uiteindelijk tot deze oplossing heeft geleid. Zeker het gelijke speelveld – of speelvelden, ho je het wilt bekijken – alle gebruikersportalen per accommodatie een vergelijkbaar tarief. Geen losse eilandjes meer, maar een gezamenlijk – naar mijn idee – doel om iedereen te laten meedoen. Ook de sturing door de raad en het College is wat ons betreft goed geborgd. Al met al een prettig stuk. Het enige minpunt is nu afgevangen in de motie die Burgerbelang net heeft toegelicht. Die zullen wij ondersteunen. Wij staan er ook onder vermeld. Al met al hebben wij ook geen wensen en bedenkingen wat dit stuk betreft. Dank u wel.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Geef ik het woord aan de Stadspartij.” De heer PELGRIM: “Dank u wel, voorzitter. In maart heeft de raad opdracht gegeven tot de oprichting van dit Zutphens Sport- en Accommodatiebedrijf. Wij hebben als enige partij toen tegengestemd.

Dus, 27 raadsleden waren vóór en twee raadsleden waren tegen. Niet omdat wij tegen een goed accommodatiebeleid zijn. Nee, daar zeker vóór. Maar, het Zutphens Sporten Accommodatiebedrijf is voor ons niet het middel. Daar zit een winstoogmerk en vercommercialisering in. Wij vinden dat de amateursport en het verenigingsleven moet kunnen functioneren en sport bedreven worden zonder dat winstoogmerk. Met de oprichting van het Zutphens Sport- en Accommodatiebedrijf vercommercialiseren wij de amateursport in Zutphen. De sportbedrijven betalen straks die winst. Kostenneutraal accommodatiebeheer dat kòn en kàn. Maar, de gemeente schuift de maatschappelijke verantwoordelijkheid voor sport ten opzichte van haar inwoners naar de commercie. De VOORZITTER: “Er is een interruptie? Nee, geen interruptie.” De heer PELGRIM: “Sport moet toegankelijk zijn voor iedereen in Zutphen. Sport is belangrijk en wij willen gezonde - fysiek en mentaal - sterke inwoners. Sporten helpt daarbij. Door het vermarkten en op afstand zetten, heeft de gemeente geen invloed of indirecte invloed meer op de problemen van de verenigingen. Dan brengen wij ook verenigingen in de problemen.

855 Dat zien we nu met het voorbeeld van De IJsselmeeuwen. Dat willen en moeten wij lokaal oppakken. Die sportbeleving en investering moeten we een gemeentelijke taak en gemeentelijk beleid laten zijn. Dan betreffende de motie rond De IJsselmeeuwen. Ik heb echt te doen met De IJsselmeeuwen, maar de motie die er nu ligt, vind ik te vrijblijvend. Ik wil een oplossing. Die oplossing moet er niet komen door alleen maar te praten. We praten al heel lang. Dat hoorde ik net ook al van de SP. Maar, laat de wethouder dan vóór 1 maart met een oplossing komen, in plaats van dat we weer in gesprek gaan. Geef een oplossing voor hoe De IJsselmeeuwen wél kunnen blijven zwemmen, hoe ze als een vereniging kunnen blijven bestaan en hoe de voortgang wordt bestendigd. Dank u wel.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Dan het woord aan mevrouw Ackermans, KiesLokaal.” Mevrouw ACKERMANS: “Dank u wel, voorzitter. Wij hebben dit plan ook uitvoerig in de fractie besproken en op zich zijn wij enthousiast over het sportaccommodatiebedrijf. Al drijven er zwarte wolken boven Zutphen nu de aandacht zo op De IJsselmeeuwen is gevestigd. Het lijkt alleen daarover te gaan en eigenlijk willen wij dat voorkomen. Wij hebben zoveel mooie sportverenigingen waar wél een positieve uitkomst voor is als dit Sportaccommodatiebedrijf er komt.

Wij zien twee stromingen, het Sportaccommodatiebedrijf, waar De IJsselslag onder valt - en dat is waar wij nu over moeten beslissen - én de onderhuurders, welke met de consequenties te maken krijgen van dit besluit. Ook daar dienen wij verantwoordelijk mee om te gaan. Wij maken ons zorgen over de situatie waarin vereniging De IJsselmeeuwen verstrikt is geraakt en het maakte dat KiesLokaal met Bewust Zutphen een motie aan het voorbereiden was. Toen Burgerbelang aangaf met een gelijkwaardige motie bezig te zijn, hebben wij besloten deze samen te voegen met alle partijen die deze indienen. Wij maken ons zorgen en dan met name omdat er sprake is van grote belangen die de onderhuurders, De IJsselmeeuwen, hebben. Zorgen ook, dat dit mooie plan voor een sportaccommodatiebedrijf bijna verzuipt voordat de raad heeft besloten. We begrijpen ook uit eerdere Fora, de reacties van insprekers en eerdere uitspraken van de wethouder, dat zij voor de wethouder weliswaar geen partij zijn, maar dat zij wel het gesprek is aangegaan. Dat dat niet voldoende is gebleken naar mening van De IJsselmeeuwen, heeft ons doen besluiten ook met deze motie mee te werken. In de motie roepen wij dan ook - net als anderen - op een duurzame oplossing te vinden in het belang van De IJsselmeeuwen, maar ook in het belang van De IJsselslag en vooral in het belang van de gebruikers van het zwembad.

Want, laten we hen vooral vooropzetten. Of De IJsselmeeuwen daadwerkelijk niet voldoende betrokken zijn tijdens dit proces kunnen we gewoon niet beoordelen. Betrokken worden en tevreden zijn met de uitkomst zijn twee verschillende dingen. Wel schrikken wij van het feit, dat zij tachtig procent meer moeten gaan betalen. We vragen ons ook eigenlijk af hoe dat dan zit met de andere huurders. Want, daar horen we niet veel over. Maar, wij kunnen ons ook voorstellen dat ook zij met een verhoging te maken krijgen. Wat Kies Lokaal belangrijk vindt, is gelijkwaardigheid. Dat alle huurders en alle sportverenigingen gelijkwaardig worden. Dat we transparant zijn in de afspraken en dat iedere vereniging van dezelfde lusten en lasten profiteren en onze inwoners niet de dupe worden van een nieuw te nemen besluit. Als raad dienen wij het algemeen belang en het grote belang is, dat het sportbedrijf er komt, naar onze mening. Dat neemt niet weg dat wij vinden dat er meer gedaan moet worden om instanties nóg beter te betrekken. Want, dit signaal horen wij ook van andere maatschappelijk betrokken organisaties. Dus, wij doen een oproep aan het College om er nòg meer aandacht aan te schenken dan dat u nu al heeft gegeven. In dit geval is het dus het belang van onze inwoners dat De IJsselmeeuwen blijven bestaan, maar ook om het zwembad te behouden. We kunnen het niet los zien van elkaar.

Tegelijkertijd vinden wij ook van belang dat er benoemd wordt dat er meer gebruikers zijn, zoals mensen met reuma die er gebruik van maken. Dat daar voldoende mogelijkheden voor

856 zijn. Scholen, zoals de Anne Flokstra, de praktijkschool, die gebruik maken van het zwembad. Deze hebben ook recht op voldoende tijd en ruimte. Daar moet heel goed naar gekeken worden. Veel sporters maken hier gebruik van. Nu we aan het College vragen om nogmaals om tafel te gaan, hopen wij dat dit echt effect gaat hebben. Uiteindelijk moet er een oplossing komen. Om alles te doen wat nodig is, hebben wij vertrouwen in dit College. Wij horen van de wethouder graag wat zij van de motie vindt en wij willen weten dat áls wij met dit plan instemmen of wij dan instemmen met een faillissement van De IJsselmeeuwen? Óf is dit – zoals ik eerder aangaf – twee stromingen die wij apart van elkaar moeten beoordelen.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Dan ga ik naar de PvdA. Mevrouw Moester.” Mevrouw MOESTER: “Dank u wel, voorzitter. De PvdA is vóór dit voorstel. Het Sport- en Accommodatiebedrijf biedt voor alle verenigingen en wijkcentra een eerlijk, gelijk en transparant speelveld. De tarieven zijn voor alle organisaties vastgesteld en zijn inzichtelijk gemaakt en gelijk. Dit betekent niet, dat er niet op basis van beleidsdoelen, subsidies of anderszins middelen verstrekt kunnen worden aan bepaalde organisaties. De PvdA is nog even benieuwd hoe het gaat aflopen met de huurachterstand van het Warnshuus.

Maar, wethouder Werger heeft daarover gezegd dat het opgelost is voordat het Sporten Accommodatiebedrijf gaat starten. We hebben naar aanleiding van de insprekers van De IJsselmeeuwen gisteren nog twee vragen, namelijk 1) “Wat is het verhaal achter de tachtig procent huurverhoging voor De IJsselmeeuwen?” en 2) “Wat is er nog mogelijk om, nadat dit plan is vastgesteld, in gesprek met De IJsselmeeuwen tot goede afspraken te komen?” Het zou toch mooi zijn als ook deze vereniging kan meedoen met het Sport- en Accommodatiebedrijf. Maar dan wel op basis van eerlijke en gelijke tarieven. Dank u wel.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Dan het woord aan meneer Jansen, BewustZW.” De heer JANSEN: “Voorzitter, dank u wel. Gisteravond heb ik ook - net als u - de voorzitter van De IJsselmeeuwen aangehoord. Ik wil me daar even op richten. Over het andere is al veel gezegd en gevraagd. Ik heb even teruggekeken in een stukje geschiedenis. Ik heb ook gekeken naar wat de basis is geweest op grond waarvan De IJsselslag is gebouwd en hoe het tot stand is gekomen. De vraag is een noodkreet van de vereniging om te overleven. Dat is heel duidelijk binnengekomen bij mij en mijn fractie. Dan is de vraag: ‘Hoe kunnen we de vereniging daar nog in ondersteunen.’ De Stadspartij zegt dat de motie geen oplossing vraagt, maar een gesprek.

Ik heb toen straks toch nog verder gedacht en ik heb gedacht, hoe het nou kan. Ik dacht in 2016 is door de raad het beluit genomen op basis van een ‘x’-hoeveelheid informatie De IJsselslag te gaan bouwen op basis van een afschrijving van veertig jaar. Niet alles, maar een deel is op basis van veertig jaar. Een deel is op basis van de toen beschikbare nieuwe gelden van vier miljoen euro die in een depot werden gezet en waar uiteindelijk ook nog rente vanaf gehaald kon worden, die geïnvesteerd kon worden. Dat is ongeveer de basis waarop het besluit is gebaseerd. Als je kijkt hoever we nu zijn en ook kijkt naar de wereldontwikkelingen, ook in Nederland, dan kost het geld dat je leent vrijwel nul aan rente. Ik weet niet of daarnaar is gekeken? Ik doe een oproep aan het College om in het gesprek wat plaatsvindt in het onderzoek wat misschien nog volgt, dat er wellicht een oplossing is ... Want, als er een noodkreet is, dan gaat het bijna altijd in beginsel over geld. Als wij in gesprek gaan, is het misschien toch goed om te kijken naar de penningen van ‘n zo’n dure IJsselslag die zó veel weerslag kent en doorslag kent, om het zo maar te zeggen, ook op de gebruikers. Dan kan ik mij voorstellen dat wij daar toch iets mee moeten. Dat is geen oproep om in de algemene middelen te grijpen, maar misschien is het een oplossing om te kijken of

857 de duur van de lening veranderd kan worden in een nieuwe lening - ook voor veertig jaar maar misschien op basis van nul procent rente. Misschien geeft dat ruimte? Misschien is dat ook de oplossing? Dan is het ook zodanig gericht op het gebruik, maar ook op de personen die er gebruik van maken. Ik hoor graag van de wethouder of dat een optie is. Ik kan me voorstellen dat ze dat niet direct kan beantwoorden, dat kan ook op een later moment. Maar, misschien is het handig om dit ook mee te nemen in het vervolgtraject wat we met elkaar afspreken. Dus, ik ben heel benieuwd of de verbroedering die in de sport kan plaatsvinden, ook in dit geval uiteindelijk gaat leiden tot nieuwe verbroedering, nieuwe kansen en ook samenwerking. Tot zover mijn eerste termijn, voorzitter.” De VOORZITTER: “Oké, dank u wel. Dan is het woord aan GroenLinks, meneer Krans.” De heer KRANS: “Dank u, voorzitter. Voorzitter, beleid is één ding en uitvoering is wat anders. We hebben allemaal gezien hoe het juist in de uitvoering vreselijk kan misgaan. Bent u ook zo nieuwsgierig naar het regeerakkoord en wat er daarin over die uitvoering komt te staan? Ik in elk geval wel. Maar, vanavond gaat het natuurlijk over Zutphen. Het Zutphense Sport- en Accommodatiebeleid wordt in uitvoering gelegd bij het Zutphense Sport- en Accommodatiebedrijf. Een Overheids-BV.

GroenLinks, u weet dat, is vóór, aangezien de democratische controle voldoende verzekerd is. Daar hebben wij vertrouwen in en wij zien uit naar de voortgang. Een technisch dingetje - anders dan in het voorstel staat – is dat de Sport BV geen verbonden partij betreft. Zie de nota, daar staat met zoveel woorden in dat een verbonden partij een partij is waarbij sprake is van meerdere eigenaren en opdrachtgevers. Dit is gewoon onze eigen overheids BV. Dat is maar goed ook, want anders is de democratische controle niet te waarborgen. Althans, veel moeilijker. Over het een en ander is voldoende gezegd in eerdere raadsvergaderingen en Fora. GroenLinks heeft geen verder inhoudelijk commentaar. Maar, net als de sprekers voor mij zijn er nog wel De IJsselmeeuwen. Net als onze vicevoorzitter, Bert Jansen, ben ik ook even in het verleden gedoken. In 2015 / 2016, heeft De IJsselmeeuwen in haar eigen woorden: ‘exploitatie verantwoordelijkheid’ willen nemen en zitting willen nemen in het zwembadbestuur. Ook adviseerde De IJsselmeeuwen toen dat het zwembad zou stoppen met de eigen zwemschool. Die geluiden, voorzitter, zijn er niet meer. De IJsselmeeuwen is een gewaardeerde vereniging die net als vele andere verenigingen accommodatie húúrt. De heer Oud sprak gisteren in en daar waren we verdrietig en blij mee.

Verdrietig omdat er direct gedreigd werd met opheffing als de raad een bepaald besluit zou nemen. Blij, omdat De IJsselmeeuwen zelf ook, en met zoveel woorden, inzien dat een gelijk speelveld voor zichzelf spreekt. Voorzitter, ik wil het niet over de kortere tijd hebben, maar over langere termijn. Ja, je moet natuurlijk ook de belangen van de gemeente en van de verenigingen in het oog houden. GroenLinks zit er in dit dossier simpel in: De IJsselslag moet duurzaam zijn voor alle verenigingen en voor alle inwoners van Zutphen. Dat was altijd al onze insteek. Duidelijk werd, uit de inspraak, dat er in ieder geval, wat betreft De IJsselmeeuwen nog een verdere transitie nodig is. En, natuurlijk: een Sport BV is nieuw. Daar geldt het ook voor de verhouding met de andere spelers in het veld. GroenLinks dient de motie van Burgerbelang mede in om De IJsselmeeuwen bij die transitie te steunen en ook zo te werken aan een lange termijn voor de IJsselslag. Een duurzame lange termijn, zowel voor de vereniging, als voor de inwoners. Daar wil ik het bij laten. Dank u.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Dan, tot slotte, het woord aan de ChristenUnie.” De heer VAN DIJKEN: “Dank u wel, voorzitter. Last but not least, denk ik dan. Ik snap de zorg van de SP bij de oprichting van zo’n sportbedrijf. Maar, kennis en ervaring samenbrengen in één bedrijf, dat snap ik ook wel. Zeker als het gaat om vastgoed.

Daar heb

858 ik ervaring in. Ik heb gewerkt bij het grootste vastgoedbedrijf van dit land en ook de grootste verhuurder. Het zorgt voor consistentie in contractvordering met verenigingen en andere huurders. Het vraagt echter ook om een groot invoelend vermogen wat er bij onze gebruikers, afnemers, speelt en wat hun zorgen zijn. Het is dus geen normale BV. Het is een BV die namens College en raad een publieke en géén commerciële functie heeft. Mijn vraag is ook aan het College, hoe wij dit gaan borgen, opdat dit een publieke functie blijft. Het is wel jammer dat we zo veel tijd aan het zwembad moeten besteden. Ik ben blij met de simpele en helder geformuleerde motie, die ik mede indien. Laten we over die motie stemmen en de wethouder de ruimte geven. Dan praten we in maart opnieuw met elkaar. Dank u wel.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Dan zou ik de wethouder willen uitnodigen om antwoord te geven op de vragen die zijn gesteld.” Reactie College (Audiopositie 00:41:09) Wethouder WERGER: “Dank u wel, voorzitter. Ik probeer het rijtje af te gaan. Aan de SP. Ja, dit is gewoon een overheids-BV. Dat betekent dat wij als gemeente de enige aandeelhouder zijn en dat u als gemeenteraad inderdaad gewoon altijd moet stemmen, kiezen en akkoord gaan met iets.

Ik moet u heel eerlijk zeggen dat ik zeker zelf nooit een advies zou geven om een sportbedrijf te vercommercialiseren, dan wel een andere partij over te laten gaan. Want, in principe heeft een sportbedrijf gewoon een maatschappelijke functie. Zeker met wat wij hier hebben, want het is natuurlijk breder, hè? Het is een Sport- en Accommodatiebedrijf. Er zitten ook gewoon buurthuizen in. Dat zijn écht maatschappelijke functies en geen zaken die je moet vermarkten. Sterker nog: die laten zich slecht vermarkten. Dat moet je ook niet willen. Dus, ik ben het volledig met u eens en zeg u hier – als deze wethouder – meteen dat het een overheids-BV is waar u over gaat. En ja, ik zal in elk geval nooit dat voorstel doen, want volgens mij, gaat het hier om het realiseren van maatschappelijke functies en dat is nou juist iets waar de overheid bij uitstek over gaat. Dat moet je zeker niet gaan vermarkten. Dat neemt niet weg dat bij het uitvoeren van de functies er ook gewoon situaties zijn waar je commerciële tarieven kunt vragen omdat je te maken hebt met commerciële partijen die inderdaad jouw bedrijf willen huren, jouw locaties willen huren om vergaderingen te houden en dergelijke. Dat is ook waarom we een tariefstructuur hebben gecreëerd en daarom heb ik u ook toegezegd dat - als je kijkt naar de volgorde der dingen - de maatschappelijke functie natuurlijk altijd voorgaat.

Het kan niet zo zijn, dat als het onderwijs wil zwemmen omdat dat onderdeel is van het pakket, dat we dan ineens een commerciële activiteit laten voorgaan. Natuurlijk gaan onze maatschappelijke activiteiten dan voor. Dus, die toezegging heeft u ook gewoon van mij. Ik ben het ook met u eens dat de discussie rond De IJsselmeeuwen al jaren loopt. In ieder geval al vanaf 2015. Dat is ook de reden waarom wij gehoor hebben gegeven aan uw oproep dat toen we eenmaal begonnen met het sportbeleid en vervolgens ook een gelijk speelveld creëerden voor de buitensportverenigingen, dat we dat hebben voortgezet. Dat past ook binnen de lijn van het beleid wat we hebben ingezet en dat geldt dus ook hier. Dan kan ik mij voorstellen – en als het om wensen en bedenkingen gaat, moet ik u heel eerlijk zeggen, dat het dan in principe om de statuten en alles daar omheen gaat, rond de oprichting en niet zozeer over de tarieven – maar, ik snap best dat u daar vragen over heeft. Ook omdat dat er in dit geval bij zit. Daar heb ik alle begrip voor en dat is ook niet erg. Dat is nou waarom we het nou zo transparant en open mogelijk hebben willen doen. Als ik dan nog ietsje vooruitloop op een aantal vragen is het misschien goed om het een en ander te zeggen. Als het gaat om de tariefstructuur van het zwembad, het zwemwater, dat komt dan meteen in de richting van een aantal van uw vragen.

Dan is het zo dat vanaf 2015, omdat De IJsselmeeuwen daar naar een tarief zouden gaan van 88 euro ... Excuses, 86 euro,

859 en het er toen al niet mee eens was, bedongen is door deze, uw voorgangers, de gemeenteraad van Zutphen, dat de IJsselmeeuwen als een van de grote afnemers een kortingspercentage van veertig procent zouden krijgen. Effectief betekende dat, dat De IJsselmeeuwen in plaats van het toen geldende tarief van 86 euro daarvoor in de plaats veertig procent korting, dus in principe 52 euro, betaalde. Wij hebben toen wel met elkaar afgesproken, dat dit in een contract vastgelegd zou worden, dat daar ook een aantal tegenprestaties voor zouden komen – en die zijn eigenlijk niet echt geleverd – maar, dat, dat contract ook eindig zou zijn op 31 december 2021. Dat is het binnenkort. Dat betekent, dat De IJsselmeeuwen al die jaren heeft kunnen toewerken naar een situatie waarbij ze wisten dat hun contract eindig zou zijn. Als we kijken naar wat er nu wordt voorgesteld, dan komen we nu op een tarief uit in 2024. Dus, niet nu, hè? Pas in 2024 geldt een tarief van 88 euro per uur. Effectief is dat dus twee euro duurder dan het tarief dat ze in 2015 zouden moeten betalen. Dat hebben ze alleen niet betaald omdat ze die veertig procent korting hebben gehad. Dus, waar hebben we het nu eigenlijk met elkaar over? Dan vraagt een aantal van u hoe het nu met de andere partijen zit. Ja, die andere partijen hebben allemaal gewoon wél dat tarief betaald.

Die hebben misschien hier en daar, als ze wat meer uren hadden, wat hogere korting gekregen op het uurtarief, maar niet veel. Daarom is er ook geen discussie met de zeven andere huurders. Die hebben we meegenomen in het proces. Zij weten dit, en zij hebben altijd wél dit tarief betaald. Als ik dan de stap daarna maak, want de heer Jansen heeft het over “de lening anders aanpassen” ... Toen ik hier aantrad ...” De VOORZITTER: “Interruptie van mevrouw Van Wamel.” Mevrouw VAN WAMEL: “Even ter verduidelijking: bij die andere huurders zitten daar ook verenigingen bij?” Wethouder WERGER: “Ja, zeker voorzitter. De reumavereniging is ook gewoon een vereniging. De twee verschillende duikverenigingen zijn ook verenigingen. Ja, dus ja daar zitten verenigingen bij. Absoluut. Ik ga terug naar toen ik hier aantrad, met het zwembad. Een van de zaken die ik meemaakte, was dat we constant, ieder jaar, een exploitatietekort hadden van ten minste € 100.000,=. U heeft als raad gezegd daarvan af te willen omdat u dat niet vindt kunnen. Dat is de reden waarom we erin zijn gedoken. Dat is de reden waarom we hebben gekeken wat hier nu aan de hand is dat er iedere keer zo’n tekort is geweest. Dat is tweeledig geweest: 1) aan de basis toen we ooit eens met het nieuwe zwembad, de IJsselslag, startten is eigenlijk niet een goeie exploitatiebijdrage berekend. Die was te laag. Dat hebben we hersteld.

Aan de ándere kant hebben we - dan zeg ik het toch nog even een keer heel eerlijk, zoals ik het al vaker heb gezegd - ook de exploitatie van ons eigen zwembad de nek omgedraaid door geen zwemlessen op dat moment uit te voeren en door zo’n groot kortingspercentage door te voeren voor de vereniging die eigenlijk de meeste uren afnam. Dus, ja. Dan wil het nogal scheefgroeien. We hebben nu inmiddels met elkaar na zoveel jaar ervoor gezorgd dat de exploitatiebijdrage op zo’n niveau is, dat het passend is. We hebben ook tegen de IJsselslag, of toen was het SSAZ, de beheerstichting die nog tot 31 december dit jaar nog aanwezig is, gezegd: “Luister, je kan wel zeggen dat je ruim € 125.000,= nodig hebt om het exploitatietekort te dichten. Dat is ons te gortig. Je gaat ook maar voor een deel de zaken zelf regelen, want het kan niet zo zijn, dat de gemeente of de samenleving daar alleen voor opdraait.” We hebben dus ook gezegd: “Ga naar de tarieven kijken. Zorg voor een transparant speelveld, maak het duidelijk en geef aan dat je daar ook zelf een aantal stappen in zet.” Dat hebben zij gedaan. Met als effect nu, dat we in de afgelopen twee jaar, ondanks corona maar met de regelingen erbij, gewoon inderdaad een passende exploitatie hebben en weinig

860 tekort hebben, ook al kon het zwembad niet open zijn. Daarnaast, dat we nu met elkaar een businesscase hebben, een beeld hebben, en over kunnen stappen naar een situatie waar een Sport- en Accommodatiebedrijf gewoon met een schone lei kan starten. Dat geldt dus ook voor het onderdeel rond het Warnshuus, waar we inderdaad de zaken gaan regelen zodat het op een schone en lege manier opgeleverd wordt. Dat zijn stappen die u mij heeft aangegeven en die we samen met elkaar hebben gezet. U wilde ook dat wij het op deze manier deden. Ja, dan is het vervelend natuurlijk dat er een vereniging last heeft van alle afspraken die in het verleden zijn gemaakt en die eigenlijk ook met ons samen niet voldoende is meegegroeid in de ontwikkeling waarvan ze eigenlijk wisten dat die er zou komen. Dan is het natuurlijk ook zo, dat we daar echt wel een stukje hulp moeten bieden. Dat hebben wij ook echt wel gedaan en dat blijven wij ook doen. Dat blijven we doen omdat het Sport- en Accommodatiebedrijf – en dat wil ik toch echt even tegen de Stadspartij zeggen – dat komt er omdat we het sportbeleid hebben vastgesteld en de bedoeling van het Sport- en Accommodatiebedrijf is om - meer nog dan wij als gemeente zelf kunnen doen - ervoor te zorgen dat er ondersteuning voor de vereniging is: ondersteuning voor de verenigingen die het inderdaad moeilijk hebben.

Verenigingen die inderdaad steeds minder makkelijk aan vrijwilligers komen. Verenigingen die met hun boekhouding soms in de knoop zitten. Door die professionalisering, door die stap te zetten en professionals in te zetten, zorgen we ervoor dat we toekomst bestendig met elkaar een situatie creëren waar ons verenigingsleven – dat geldt dat niet alleen voor de sportverenigingen, maar alle verenigingen die huren in het Warnshuus en alle verenigingen die gebruik maken van de Hanzehal – dat zij straks inderdaad kunnen doorgaan, dat zij ondersteuning krijgen. Een van de mooie dingen daaraan is dus, dat voor De IJsselmeeuwen geldt, dat de ZSA BV eigenlijk onmiddellijk die rol kan oppakken en daar ook toe bereid is. Sterker nog, wij zijn natuurlijk op dit moment al in gesprek. Dat waren wij al en blijven wij ook. Ik kan u melden dat in ieder geval vandaag de penningmeester van De IJsselmeeuwen samen met ons het gesprek heeft gevoerd waarin we met elkaar een aantal dingen nog eens de revue hebben laten passeren. We hebben aangegeven waar wij mogelijke kansen zien en gezegd dat we met elkaar samen kunnen kijken hoe we ervoor kunnen zorgen dat zij inderdaad een boekhouding krijgen die op orde is en kunnen toegroeien naar gewoon het betalen van die € 88.= in 2024. Dat willen zij ook best doen. De penningmeester heeft aangegeven dat het een goed eerste gesprek was. Dat vonden wij ook.

De toon was anders dan deze voorheen was. Dit is de kans die we met elkaar moeten pakken. Daar hoort ook de KNZB bij, want ook zij hebben daar een rol in. Dus, ja. Die handschoen pakken we op. Dus, die motie is een steun in de rug. Ik vind het belangrijk en fijn om van de heer Verschure te horen dat dit wel betekent dat ondersteunen niet direct het trekken van de beurs is, maar dat we juist met elkaar gaan kijken hoe we dit zo goed mogelijk kunnen doen. Ik denk dat er ruimte is, als we dit met elkaar op deze manier pakken en als we dit nu vaststellen en die duidelijkheid ook naar alle verenigingen creëren met de tariefstructuur, dat we de kans hebben om dat verder vorm te geven. Dat was het, voorzitter. Dank u wel.” De heer PELGRIM: “Voorzitter ...?” De VOORZITTER: “Dank, ik kijk even voor de tweede termijn. De Stadspartij in ieder geval.” De heer PELGRIM: “Voorzitter, ik heb een aanvullende vraag.” De VOORZITTER: “Ja, dat mag. Maar, dat is niet uw tweede termijn.” De heer PELGRIM: “Nee, dat is niet de tweede termijn.” De VOORZITTER: “Oké, ga uw gang.”

861 De heer PELGRIM: “De wethouder zegt, dat ze in gesprek gaat met verenigingen. Gaat ze dan in gesprek met alle verenigingen die dan in de problemen komen? Of is dat van het Sport- en Accommodatiebedrijf?” De VOORZITTER: “Wethouder.” Wethouder WERGER: “Ja, voorzitter, ik denk dat het wel goed is om ons te realiseren dat wij als gemeente niet de verantwoordelijkheid op ons kunnen nemen om alle verenigingen in Zutphen te laten draaien. Wat we kunnen doen, is hen faciliteren. Wat we met elkaar hebben afgesproken in het beleid wat ú heeft opgesteld en wat u ook in de toekomst als gemeenteraad blijft opstellen ... U stelt dat vast, hè? Wij stellen het voor en u stelt het vast. Het is dat we juist het Sport- en Accommodatiebedrijf oprichten om de verenigingen te ondersteunen. Ter ondersteuning om juist toekomstgericht en toekomstbestendig voort te kunnen gaan zodat hun toekomst en voortbestaan gegarandeerd is. Dus, wat er gaat gebeuren, is dat de ZSA BV die rol gaat oppakken en die kan dat ook meteen nu ten uitvoering brengen. Juist als het gaat richting De IJsselmeeuwen.” De VOORZITTER: “Ja, dan ga ik even kijken ... Nog een aanvullende vraag?” De heer PELGRIM: “Ja, aanvullende vraag.

Want, als het Sport- en Accommodatiebedrijf in conflict blijft met een vereniging, wat is dan de rol van de gemeente?” De VOORZITTER: “Wethouder.” Wethouder WERGER: “Ja, voorzitter, daar hebben we natuurlijk gewoon een controlerende functie, hè? Er is gewoon een government code. Maar, laten we één ding vooropstellen: Het is niet de intentie dat een Sport- en Accommodatiebedrijf in conflict raakt. Het is de intentie dat het Sporten Accommodatiebedrijf faciliteert en ondersteunt. Dat is hun taak en dat weten ze ook. Op het moment dat daar iets spaak loopt, dan is er in ieder geval de aandeelhouder, de gemeente, en ook gewoon de verantwoordelijke wethouder voor het beleid – want die bestaat gewoon – waar een aanspreek punt is die het gesprek aangaat. Maar, de doelstelling van het Sport- en Accommodatiebedrijf is juist faciliteren en ondersteunen. Daarom doen wij dit! Een stukje professionalisering, een stukje hulp. Ik kan u garanderen dat wij dat op dit moment vanuit onze organisatie onvoldoende kunnen bieden. Daar heb je professionals voor nodig.” De VOORZITTER: “Oké, wethouder, mag het alstublieft een heel klein beetje korter? Ik begrijp dat u helemaal gegrepen wordt door het enthousiasme. Maar, lange antwoorden roepen vaak nieuwe vragen op en u heeft al zo’n lang besluitvormingstraject hierover dat ik hoop dat het langzaam – misschien – naar een besluit kan.

Ik kijk even voor de tweede termijn. Meneer Jansen.” Tweede termijn (Audiopositie 00:54:27)

De heer JANSEN: “Ja, voorzitter. Ik hoor graag een bevlogen en enthousiaste wethouder omdat ik dan ook zie en hoor hoe gedreven zij is om wat er nu ligt ook daadwerkelijk voor te brengen. Ook om het te controleren en weer naar de raad terug te koppelen. Daar prijs ik haar zeker in. Ik had nog wel een vraag gesteld, voorzitter. De wethouder was met de beantwoording begonnen richting mij, maar toen kwam er een interruptie. Ik ben wel benieuwd of ze daar toch een antwoord op wil geven, of dat ze zegt: ‘Ik neem het mee en we kijken wel wat we ermee doen.’ Ik snap de vraag en de afkadering van dit moment. Ook de motie. Maar, zoals ik heb aangegeven: vaak zit het niet alleen in woorden, maar ook in cijfers. Mocht het zo zijn, dat de cijfers uiteindelijk toch op tafel moeten komen, kan dit een mogelijke oplossing zijn. Ik weet het niet.

862 Ik leg het neer. U kunt er mee doen wat u wilt en ik hoor ook anders later wel wat de uitkomst is.” De VOORZITTER: “Ja, ik kijk even. Want, we zijn nu eigenlijk wel met de tweede termijn begonnen. Ik ga even gewoon het rondje af, hoor. Burgerbelang.” De heer VERSCHURE: “Ja, dank u wel voorzitter. Ik ben ook blij met een enthousiaste wethouder. Ook hierover. Ik ben ook blij dat er een positieve toon aan het einde zat, richting de partijen om wie het allemaal gaat. Alleen als ik dan aan het rekenen ga, dan ben ik blij dat deze wethouder niet de wethouder van financiën is. Of misschien juist wel. Want, als ik 52 euro plus tachtig procent doe, zit ik op € 93,60 in plaats van op 88 euro. Dus, ik ben even benieuwd waar dan die tachtig op gebaseerd is en hoe de tariefstelling is geweest?” De VOORZITTER: “Meneer Jansen?” De heer JANSEN: “Voorzitter, daar wil ik graag even op reageren. Ik heb ook gekeken naar de prijsstellingen uit het verleden. Ik stel voor dat de wethouder dat in de beantwoording later helder en duidelijk gaat maken, want anders gaan we te veel – volgens mij – in de cijfertjes zitten waarvan we het straks niet meer weten, waar wij het over hebben met elkaar.

Dus, mijn voorstelling is ...” De VOORZITTER: “Meneer Jansen, met alle respect, meneer Verschure stelt een vraag en het is aan de wethouder of ze daar al dan niet antwoord op kan geven.” De heer JANSEN: “Voorzitter, met alle respect voor u. Maar, ik mag toch nog interrumperen en ik mag er iets op zeggen. Dat heb ik nu gedaan.” De VOORZITTER: “Nou, ik vind niet helemaal dat u op de juiste stoel gaat zitten als uw collega-raadslid een vraag stelt.” De heer JANSEN: “Voorzitter, met alle respect voor u. Maar, dat is uw opvatting en dit is mijn opvatting.” De VOORZITTER: “Ja, dat is mijn opvatting. Ja. Even verder voor de tweede termijn? Niemand meer? Wethouder, kunt u nog antwoord geven?” Reactie College in tweede termijn (Audiopositie 00:57:10)

Wethouder WERGER: “Ja, voorzitter, die tachtig procent is niet van ons. Die is van De IJsselmeeuwen. Zij hebben dat geroepen. Wij niet. Die hebben gewoon altijd de cijfers berekend en dit is de becijfering, de berekening.” De VOORZITTER: “Dat is voldoende antwoord. Op welke vraag gaat u nu nog antwoord geven?” Wethouder WERGER: “Dat is de vraag van de heer Jansen. Meneer Jansen, ik snap heel goed wat u zegt, maar volgens mij, is het hier niet een kwestie van geld. Ik heb u geprobeerd voor te spiegelen, dat we met elkaar naar een situatie zijn gegaan waar we een exploitatie hebben die passend is. Dat we met elkaar kijken hoe we een aantal dingen gaan regelen. Het zou een verkeerd signaal zijn als wij ineens allerlei financiële middelen beschikbaar gaan stellen, terwijl - volgens mij - de problematiek in iets anders zit. Namelijk, een goede bedrijfsvoering, een vereniging ondersteunen, om te zorgen dat zij hun zaken op orde hebben. Op een goede manier hun zwemlessen kunnen exploiteren. Dat kunnen wij gewoon doen.”

863 De VOORZITTER: “Laatste vraag, meneer Jansen.” De heer JANSEN: “Voorzitter, ik wil eerst een opmerking maken, namelijk: dat ik het eens ben – dat heb ik ook bedoeld richting de wethouder – dat ik het zo zie, en ook verwacht, ik heb alleen meegegeven, dat mocht het zich op enige manier daartoe gaan ontwikkelen ... Laat ik het dan anders zeggen, dan is het misschien een oplossing. Ik snap ook wel dat het niet verstandig is om dat nu neer te leggen. Maar, soms is het verstandig om te weten dat je oplossingen hebt.” De VOORZITTER: “Prima. Ik geloof niet dat dit nog een antwoord behoeft. Mag ik dan met u over tot stemming? Ja, dat mag. Dan gaan we eerst stemmen over het voorstel. Ja, stadspartij, de heer Pelgrim.” De heer PELGRIM: “Mag ik over de motie een stemverklaring afgeven?” De VOORZITTER: “Dat mag, maar zullen we dat dan doen als de motie aan de orde is? Ja. Mevrouw Van Wamel?” Mevrouw VAN WAMEL: “Ik had al gezegd dat ik een stemverklaring wilde afleggen. Wij zullen instemmen met het voorstel en de wethouder heeft eigenlijk al genoeg gezegd. Dus voor de rest hoef ik dan geen stemverklaring af te leggen.” De VOORZITTER: “Oké, dank. Wij gaan nu stemmen over de oprichting van Zutphens Sporten Accommodatiebedrijf.” De GRIFFIER: “De stemming is geopend. (...) ... en gesloten. Resultaat is 23 stemmen vóór en één tegen.” De VOORZITTER: “Dus aangenomen.” Besluit: Aangenomen.

4.b MOTIE IJSSELMEEUWEN Griffienr. 2021-M0047 (Audiopositie 00:59:46)

De VOORZITTER: “Dan nu de motie. Stemverklaring van de Stadspartij.” De heer PELGRIM: “Dank u wel, voorzitter. Het is mooi de wethouder op te roepen voor weer een gesprek. Maar, ik wil graag dat de wethouder met een oplossing komt. Ik zal tegen deze motie stemmen.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Nog anderen voor een stemverklaring? Nee? Dan wordt de motie in stemming gebracht.” De GRIFFIER: “De stemming is geopend. (,.,,) ... en gesloten. 23 vóór en één tegen.” De VOORZITTER: “Dus aangenomen.”

864

Besluit: Aangenomen.

5.a OVERNEMEN CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN REKENKAMERONDERZOEK INVOERING OMGEVINGSWET 20162021 GRIFFIENR. 2021-0108 (Audiopositie 01:00:38)

De VOORZITTER: “Dan gaan wij over naar agendapunt 5. Beginnend met 5.a, overnemen conclusies en aanbevelingen Rekenkameronderzoek invoering Omgevingswet. En de moties daarop, regie op de invoering. En 5.c, ‘Kan het anders? Raad beter in haar rol.’ Wie wil hierover het woord voeren? SP, GroenLinks, D66, de ChristenUnie, de PvdA, de Stadspartij, de VVD, BewustZW. Ja, de SP.” Eerste termijn De heer DE RIDDER: “Ja, dank u wel voorzitter. Laten wij beginnen met wat het SP-standpunt is wat betreft de Omgevingswet, want de Omgevingswet is echt een gedrocht van een wet. Het zwaard van Damocles dat al langere tijd over onze gemeente hangt. Al jaren wordt deze wet voorbereid door politiek Den Haag om besluitvorming en inspraak makkelijker te maken. Maar, zoals ik al net zei: “Het is gewoon een gedrocht.” Terwijl de wet in juni mogelijk al in juni wordt ingevoerd: is de ICT niet op orde, is er vanuit Den Haag geen duidelijkheid of ondersteuning en weten wij als raad zelf eigenlijk ook niet wat we ermee moeten. Dat toont wel in de voorstellen en de moties die hier liggen. Dat is eigenlijk ook niet gek, want deze wet komt uit de koker van Kabinet Rutte II. Een Kabinet dat in dezelfde periode koos voor wetten, zoals de Wmo, de Participatiewet, en de Jeugdwet. Dat zijn wetten waar wij nu nog allemaal de vruchten van plukken en dat bedoel ik niet op de positieve manier.

De Jeugdzorg is een verdienmodel geworden voor flitskapitaal. Mensen krijgen hun steun niet. De Wmo is ondemocratisch en inefficiënt. En over de Participatiewet hoorde we gisteren al een deel van de mankementen. Zo kunnen wij nog wel even doorgaan. Deze wet bereikt - zoals alle andere wetten - het tegenovergestelde van wat eigenlijk wordt voorgesteld. Inwoners worden meer buitenspel gezet en krijgen minder invloed op besluiten. Wie de macht en juridische middelen heeft, kan vrijuit zijn gang gaan. Zij weten inmiddels wél hoe het moet met juridische ondersteuning. Dus, onder het motto van zelfredzaamheid, gaan wij nu allemaal verdrinken. Dàt, beste mensen, beste collega-raadsleden, is het probleem. Het College weet niet wat hen te wachten staat. De wethouder meldde het zelf eigenlijk ook al in het Forum een paar weken geleden. Inwoners weten ook niet wat hen te wachten staat en wij proberen ons een weg te banen en iets te begrijpen van dit juridisch monster, maar ook wij komen er niet uit. Gelukkig zijn er dus geluiden dat deze wet in de ijskast gaat. Als het aan ons ligt hopelijk voor altijd. Dat is voor ons ook de enige oplossing. Daarom moeten wij als raad niet het boetekleed aandoen naar onszelf, niet aan zelfkastijding doen door nog een werkgroep en nog een oproep te doen aan onszelf. Maar, juist meer tijd en energie steken in het tegengaan van deze wetgeving.

We kunnen bij elkaar gaan zitten en kijken wat we gaan doen tot we een ons wegen, maar beter is het gewoon om te zeggen dat deze wet niet deugd. Daarom zullen wij wel vóór stemmen om het over te nemen, maar de motie ‘Regie op invoering Omgevingswet’ zullen we niet steunen. En wij hebben al sowieso onze twijfels bij de motie ‘Kan het anders? Raad beter in haar rol.’ Omdat het een motie is die de raad naar zichzelf richt. Volgens mij, kunnen we dat gewoon beter in het Presidium overleggen. Dank u wel.” De VOORZITTER: “Dank u wel. Dan GroenLinks, meneer Logemann.”

865 De heer LOGEMANN: “Dank u wel, voorzitter. De conclusies van het onderzoek van de Rekenkamercommissie zijn snoeihard, zo oordelen wij als GroenLinks fractie. Snoeihard, maar wel terecht. Even een korte samenvatting van een aantal van die conclusies. De raad heeft de minimale invulling gegeven aan de kerninstrumenten van de invoering van de Omgevingswet. Het zijn geen onbelangrijke zaken; denk aan de omgevingsvisie, het omgevingsplan en het vergunningsstelsel. Een andere conclusie: De rol van de raad in de voorbereidende fase is tot nu toe relatief beperkt geweest. Het College wordt door de raad verwacht aan zet te zijn waarna de raad haar kaders dan wel bepaalt. De raad heeft deze meerderheid niet op voorhand willen meegeven en ik voeg daar een voorbeeld aan toe. Toen GroenLinks en de PvdA samen probeerden om kaders bespreekbaar te maken voor de omgevingsvisie stedelijk gebied werd dit door BewustZW en Burgerbelang vakkundig om zeep geholpen. De raad heeft onvoldoende zicht op de voortgang en materiële voorwaarden voor het invoeren van de wet in deze gemeente. De raad heeft haar controlerende functie onvoldoende vormgegeven, mede doordat er geen duidelijke opdracht is afgegeven. Conclusies van de Rekenkamercommissie.

Ik voeg aan deze conclusies toe, dat de raad in geen enkel moment in controle is geweest over ...” De VOORZITTER: “Pardon, een interruptie van de heer Verschure. Ik zat er eigenlijk al op te wachten en toen ...” De heer VERSCHURE: “Ja, het moest even tot mij doordringen. Maar, ik wil graag weten wat wij om zeep hebben geholpen? Dat is mij niet geheel duidelijk.” De VOORZITTER: “De heer Logeman, kunt u helpen?” De heer LOGEMANN: “Er was een initiatiefvoorstel in een Forum voorgelegd om te spreken over kaderstellingen voor de omgevingsvisie Stedelijk Gebied. In plaats van dat er inhoudelijk over kaderzaken werd gesproken is er, met name door Burgerbelang en BewustZW, uitsluitend gesproken over procedurele zaken. Waarbij het zelfs zo ver ging, dat er ook gesproken is over achterkamertjespolitiek van de heer Hissink en mijzelf. Dat ging toch wel ver bezijden de doelstelling van dat initiatiefvoorstel. De VOORZITTER: “Ik zag twee vingers. Ik ga eerst even naar meneer Verschure en daarna naar meneer Jansen.” De heer VERSCHURE: “Ja, dank u wel voorzitter. Voorzitter, ik wil wel zeggen dat wij het inderdaad over de procedure hebben gehad, omdat wij zeer verbaasd waren dat vanuit de raadswerkgroep dit georganiseerd werd met een raadsmeerderheid. Dat is het punt wat wij wilden maken.

Volgens mij, hebben wij dat gemaakt.” De VOORZITTER: “Ja, meneer Jansen.” De heer JANSEN: “Voorzitter, de heer Logemann heeft het over achterkamertjespolitiek. Ik heb die woorden hier nooit uitgesproken in dit huis. Dat ga ik ook nooit doen. Als zodanig kloppen die woorden niet. Die zijn wellicht voor iemand anders bedoeld. Maar, ik hecht er waarde aan dat u dat corrigeert.” De VOORZITTER: “Meneer Logemann.” De heer LOGEMANN: “De heer Jansen heeft gelijk. Hij heeft die woorden niet gebruikt. De heer Verschure wél.

866 Wat betreft het punt wat de heer Verschure inbracht, dat ben ik even vergeten. Kunt u met één woord nog even zeggen wat het eerste punt van u was?” De VOORZITTER: “Meneer Verschure, helpt u meneer Logemann even?” De heer VERSCHURE: “Het begint een heel bijzonder debat te worden. Wat ik wilde zeggen, is dat wij het over de procedure hebben gehad en dat het ons bevreemde, dat de raadswerkgroep met een meerderheid van mensen, in de vorm van raadsleden, met een initiatiefvoorstel kwam.” De VOORZITTER: “Ja, meneer Logemann weet het.” De heer LOGEMANN: “Ja, ik heb u toen uitgelegd, dat de raadswerkgroep daar geen rol in heeft gespeeld. Dat herhaal ik nu. Goed, ik voeg daar een tweede conclusie aan toe. De raad is geen moment in control geweest over de invoering van de Omgevingswet. De raad heeft het probleemhouderschap van de invoering weggezet bij een raadswerkgroep en was daarmee zelf niet betrokken bij het geheel. Ook over de raadswerkgroep is de Rekenkamercommissie niet mals geweest. Deze is vooral bezig geweest met berichtgeving over de voortgang en het organiseren van Forumspecials die bij de raad interesse moest oproepen voor het onderwerp. Met niet al te veel succes, zoals blijkt.

De Rekenkamercommissie heeft een enquête gehouden onder de raadsleden en daaruit blijkt dat de helft van de raadsleden zelf vindt dat ze onvoldoende zicht heeft op de betekenis van de Omgevingsvet in relatie tot de rol van de raad. De meeste raadsleden weten niet welk traject is uitgezet en de helft geeft aan geen goede handvatten te hebben gezien voor de handhaving en control. De Rekenkamercommissie formuleert dat heel netjes. Ik citeer: “Het was voor de Rekenkamercommissie niet mogelijk om in dit stadium vast te stellen of te melden dat tekortkomingen in de informatievoorzieningen voortkomen uit niet-adequate informatiestromen vanuit het College of van een onvoldoende functioneren van de raadswerkgroep met betrekking tot het delen van informatie of anderszins.” Voorzitter, als lid van de raad, maar ook als lid van de raadswerkgroep, trek ik mij deze conclusies zeer aan. Ik herken ze en ben het er in hoofdzaak ook mee eens. Ik kan natuurlijk als verzachtende omstandigheid aanvoeren dat de werkgroep al vóór mijn aantreden in de raad bestond en dat ik in feite in 2018 op een rijdende trein sprong. Maar, dat neemt niet weg dat ik zelf ook ontevreden ben over hoe ik zelf ben in de groep en de groep met mij heeft gefunctioneerd. Daar draag ik dus ook medeverantwoordelijkheid voor. Ik heb inmiddels veel bijgeleerd en zou het niet weer zo doen.

Dan is het nu hoog tijd dat de raad zich weer zelf eigenaar van het proces gaat voelen. Daarvoor heb ik samen met de andere leden van de raadswerkgroep. Dus, in dit geval dus wel, meneer Verschure, heeft de raadswerkgroep de motie opgesteld die de regie voor de invoering van de Omgevingswet weer bij de raad neerlegt. Het CDA heeft zich daar inmiddels bij aangesloten. Wat de raadswerkgroep betreft, die heeft zichzelf op non-actief gezet. Maar, in voorkomende gevallen moeten we zo’n werkgroep nooit meer zonder duidelijke opdrachten aan het werk zetten. Mijn fractie is blij met het initiatief van de collega’s Ten Holder en Van Dijken voor de tweede motie, die kaders stelt voor de instelling van toekomstige raadswerkgroepen. Wij zijn inmiddels mede-indiener van die motie geworden. De GroenLinks fractie zal vóór beide moties stemmen.” De VOORZITTER: “Dank u wel meneer Logemann. Dan ga ik naar D66.” De heer RUTTEN: “Dank u wel, voorzitter. De heer Logemann heeft al een groot deel van mijn betoog gehouden. Ik focus mij toch op een aantal elementen. De Rekenkamer zegt: ‘Raad, u bent niet ‘in control’. U reageert reactief. Dat is niet alleen in deze zaak het geval, maar daar-

867 vòòr ook. Dus: ga jezelf beter organiseren. Neem je bestuurlijke verantwoordelijkheid als bevoegd gezag. Als je raadswerkgroepen instelt, wees daar heel duidelijk in. Wat is de taak, het doel en de termijn? Laat je ook vooral strategisch ondersteunen, want de expertise is niet gegarandeerd in eigen huis. ‘We streven na om in samenwerking met de raadsvoorzitter en de Griffie een voorstel op bovengenoemde punten nader uit te werken en voor 16 maart 2022 daarover te rapporteren. Dank u wel.” De VOORZITTER: “Dank u wel meneer Rutten. Dan is het woord aan de heer Van Dijken, de ChristenUnie.” De heer VAN DIJKEN: “Dank u, voorzitter. Iedereen die wel eens bij een coach is geweest of zelf coach is, die weet dat het schrikken is als je een spiegel wordt voorgehouden. Dat is wat mij is overkomen toen ik het Rekenkamerrapport las. Ik vond het nogal schrikken en ik hoop dat u allen in dit huis dat ook is overkomen. Ik ga verder niet op de inhoud in. Meneer Logemann is daar uitgebreid op ingegaan en dat hoeven we niet te herhalen. Ik zal mee instemmen met het Rekenkamerrapport en ook met beide moties. Het is nog niet tot mij doorgedrongen dat ik vier jaar wat labbekakkerig heb gefunctioneerd. Maar het zij zo. Dank u wel.” De VOORZITTER: “Dan geef ik het woord aan de PvdA.” De heer HISSINK: “Dank u wel, voorzitter.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zutphen&id=f7feb675-a292-4ced-b068-7b38064c26ca