CConstaterende datZutphen
Koppel je AI →
Document · PDF

560931-bijlage 2-5e Wijziging beleidsvoorschriften werk, inkomen en participatie

Raadsvergadering 3 juli 2023, gemeente ZutphenBij agendapunt: Diverse wijzigingen van de Beleidsvoorschriften werk, inkomen en participatie gemeente Zutphen15.948 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Regeling van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zutphen houdende bepalingen over de wijziging van de Beleidsvoorschriften werk, inkomen en participatie gemeente Zutphen 2019 (5e wijziging) (Regeling tot wijziging van de Beleidsvoorschriften werk, inkomen en participatie gemeente Zutphen 2019 (5e wijziging)) Ons kenmerk: 560931 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zutphen, gelezen het advies van de Brede Adviesraad Sociaal Domein van 19 april 2023; gelet op artikel(en) 6.1 van de Verzamelverordening werk en inkomen gemeente Zutphen 2017 en 4:81 e.v. van de Algemene wet bestuursrecht; besluit: vast te stellen de Regeling van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zutphen houdende bepalingen over de wijziging van de Beleidsvoorschriften werk, inkomen en participatie gemeente Zutphen 2019 (5e wijziging) (Regeling tot wijziging van de Beleidsvoorschriften werk, inkomen en participatie gemeente Zutphen 2019 (5e wijziging))

Artikel I Wijziging regeling De Beleidsvoorschriften werk, inkomen en participatie gemeente Zutphen 2019 worden als volgt gewijzigd: A.

Paragraaf 1.1 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

Het Werkgeversservicepunt is een

Het Werkgeversservicepunt is een

samenwerkingsverband tussen

samenwerkingsverband tussen UWV,

gemeente, UWV, Stichting Werkbedrijf

team GelreWerkt!, als onderdeel van de

Zutphen, onderwijsinstellingen,

gemeente Zutphen,

kenniscentra en andere partijen.

onderwijsinstellingen, kenniscentra en andere partijen.

B.

Paragraaf 1.2 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

1.2 Stichting Werkbedrijf Zutphen (Gelre

1.2 Team GelreWerkt!

Werkt!)

Naast de regionale dienstverlening aan

Naast de regionale dienstverlening aan

werkgevers via het

werkgevers via het

Werkgeversservicepunt, heeft de

Werkgeversservicepunt, heeft de

gemeente Zutphen de begeleiding voor

gemeente Zutphen bij Stichting

mensen met een kwetsbare positie op de

Werkbedrijf Zutphen (Gelre Werkt!) de

arbeidsmarkt bij team GelreWerkt!, als

begeleiding voor mensen met een

onderdeel van de gemeente Zutphen,

kwetsbare positie op de arbeidsmarkt

georganiseerd. Het team:

georganiseerd. De stichting: •

•

•

werkvoorziening en beschut werk

werkvoorziening voor werknemers die

volgens artikel 10b Participatiewet

uitsluitend onder aangepaste

voor werknemers die uitsluitend

omstandigheden kunnen werken;

onder aangepaste omstandigheden

detacheert werknemers met een

kunnen werken; •

detacheert werknemers met een

regio;

arbeidsbeperking bij werkgevers in de

brengt vraag en aanbod op de

regio en draagt zo bij aan de

arbeidsmarkt in de regio bij elkaar;

Banenafspraak;

informeert werkgevers over de lokale

•

arbeidsmarkt en over vragen over personeel, vacatures, subsidies en/of •

organiseert de sociale

organiseert de sociale

arbeidsbeperking bij werkgevers in de •

•

brengt vraag en aanbod op de arbeidsmarkt in de regio bij elkaar;

•

informeert werkgevers over de lokale

aantrekkelijke regelingen;

arbeidsmarkt en over vragen over

begeleidt personen uit de doelgroep,

personeel, vacatures, subsidies en/ of

indien nodig, op de arbeidsplaats.

aantrekkelijke regelingen;

Voor meer informatie over de werkzaamheden van de stichting: www.gelrewerkt.nl.

•

begeleidt personen uit de doelgroep van artikel 7, eerste lid, aanhef en onder a, van de Participatiewet, indien nodig, op de arbeidsplaats.

Voor meer informatie over de werkzaamheden van het team: www.gelrewerkt.nl.

C.

Paragraaf 1.3 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

Op rijksniveau zijn er voor werkgevers

Op rijksniveau zijn er voor

meerdere aantrekkelijke regelingen gecreëerd

werkgevers meerdere aantrekkelijke

om werknemers met een kwetsbare positie op

regelingen gecreëerd om

de arbeidsmarkt in dienst te nemen. Een aantal

werknemers met een kwetsbare

van deze regelingen wordt door de

positie op de arbeidsmarkt in dienst

Belastingdienst uitgevoerd. Denk aan het lage

te nemen. Deze regelingen worden

inkomensvoordeel

door het UWV uitgevoerd.

(www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/nl/ Bijvoorbeeld de Wet ondernemers/content/nieuw-in-2017-hetlageinkomensvoordeel) en de loonkostenvoordelen voor oudere werknemers en werknemers met een arbeidsbeperking (per 1 januari 2018). Deze voordelen vervangen de premiekortingen

tegemoetkomingen loondomein (Wtl). Deze wet bestaat uit 3 tegemoetkomingen voor werkgevers en heeft als doel om werknemers met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt in dienst te nemen of te houden. De Wtl

voor deze doelgroepen), die worden uitgevoerd vervangt de premiekortingen door de Belastingdienst. Daarnaast arbeidsgehandicapte werknemer en ondersteunt UWV werkgevers door o.a. de

looncompensatie bij ziekte (‘no-riskpolis’), mobiliteitsbonus (premiekorting), en werkplekaanpassingen. Voor meer informatie, zie: www.uwv.nl.

oudere werknemer door het loonkostenvoordeel (LKV) voor deze groepen. Daarnaast bestaat de Wtl uit het lage-inkomensvoordeel (LIV) en het jeugd-LIV. Daarnaast ondersteunt UWV werkgevers ook door onder andere de looncompensatie bij werkplekaanpassingen en ziekte (‘no-riskpolis’). Bijvoorbeeld als

aanvulling op de wettelijke loonkostensubsidie die per 1 januari 2022 doorloopt bij ziekte. Voor meer informatie, zie: www.uwv.nl.

D.

Paragraaf 1.4 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

1. Toets door het UWV

1. Toets door het UWV

Begin 2015 is een procedure ingericht,

Begin 2015 is een procedure ingericht,

waarbij het UWV bepaalt of iemand

waarbij het UWV bepaalt of iemand

behoort tot de doelgroep. De beoordeling

behoort tot de doelgroep. De beoordeling

door het UWV vindt in een aantal situaties

door het UWV vindt in een aantal situaties

plaats op basis van bewijsstukken die

plaats op basis van bewijsstukken die

worden overlegd (bijv. een indertijd door

worden overlegd (bijvoorbeeld een

het UWV afgegeven WSW-indicatie, of een

indertijd door het UWV afgegeven WSW-

bewijs van deelname aan het

indicatie, of een bewijs van deelname aan

praktijkonderwijs). In andere situaties

het praktijkonderwijs). In andere situaties

verricht het UWV zelf een individuele

verricht het UWV zelf een individuele

beoordeling. Hierbij kijkt het UWV of

beoordeling. Hierbij kijkt het UWV of

iemand niet in staat is het WML te

iemand niet in staat is het WML te

verdienen dan wel of hij/zij alleen met

verdienen dan wel of hij/zij alleen met

jobcoaching in staat is het WML te

jobcoaching in staat is het WML te

verdienen. Wanneer de inwoner aan de

verdienen. Wanneer de inwoner aan de

criteria voldoet, wordt deze opgenomen

criteria voldoet, wordt deze opgenomen

in het doelgroepregister. Werkenden

in het doelgroepregister. Werkenden

binnen deze groep worden vervolgens bij

binnen deze groep worden vervolgens bij

de landelijke registratie meegeteld.

de landelijke registratie meegeteld.

Aanmelding bij UWV kan slechts door

Aanmelding bij UWV kan slechts door

gemeente of werkgever. Werknemers

gemeente of werkgever.

kunnen niet zelf een aanvraag indienen.

2. Praktijkroute 2. Praktijkroute Met een wetswijziging is in 2017 de Met een wetswijziging is in 2017 de zogenoemde praktijkroute van kracht geworden. Daarmee kunnen ook mensen onder de doelgroep banenafspraak vallen, namelijk wanneer de gemeente heeft vastgesteld dat hun loonwaarde onder het wettelijk minimumloon ligt en de werkgever in aanmerking kan komen voor loonkostensubsidie. De vaststelling van de loonwaarde wordt gedaan volgens

zogenoemde praktijkroute van kracht geworden. Daarmee kunnen ook mensen onder de doelgroep banenafspraak vallen, namelijk wanneer de gemeente heeft vastgesteld dat hun loonwaarde onder het wettelijk minimumloon ligt en de werkgever in aanmerking kan komen voor loonkostensubsidie. De vaststelling van de loonwaarde wordt gedaan volgens de (landelijke geüniformeerde werkwijze.

een gecertificeerde methodiek (voor de gemeente: Dariuz).

De definitie voor een baan uit de baanafspraak is 25 uur per week. Banen

De definitie voor een baan uit de baanafspraak is 25 uur per week. Banen van minder uren tellen naar rato mee. Hetzelfde geldt voor banen die meer uren per week tellen. Mocht uit de monitoring blijken dat het aantal afgesproken extra arbeidsplaatsen niet gehaald wordt de komende jaren, dan is het mogelijk dat een wettelijke verplichting van kracht wordt voor grotere werkgevers (minimaal 25 werknemers) voor een minimaal

van minder uren tellen naar rato mee. Hetzelfde geldt voor banen die meer uren per week tellen. Mocht uit de monitoring blijken dat het aantal afgesproken extra arbeidsplaatsen niet gehaald wordt de komende jaren, dan is het mogelijk dat een wettelijke verplichting van kracht wordt voor grotere werkgevers (minimaal 25 werknemers) voor een minimaal percentage aan banen voor mensen met een arbeidsbeperking.

percentage aan banen voor mensen met een arbeidsbeperking.

De gemeente Zutphen, onderdeel team GelreWerkt!, ondersteunt werkgevers bij

Stichting Werkbedrijf Zutphen (Gelre Werkt!) ondersteunt werkgevers bij het

het plaatsen van werknemers die in het doelgroepregister zijn opgenomen. Voor

plaatsen van werknemers die in het

deze groep zijn ook aantrekkelijke

doelgroepregister zijn opgenomen. Voor

regelingen van toepassing, zoals de

deze groep zijn ook aantrekkelijke

looncompensatie bij ziekte, het lage-

regelingen van toepassing, zoals de

inkomensvoordeel en

looncompensatie bij ziekte, het lage-

loonkostensubsidie.

inkomensvoordeel en loonkostensubsidie.

E.

Paragraaf 1.7.3 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

‘Stichting Werkbedrijf Zutphen (Gelre

De gemeente Zutphen of een door haar

Werkt!)’ kan als werkgever optreden.

aan te wijzen derde kan als werkgever optreden.

F.

Paragraaf 1.7.5 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

Wat houdt het in?

Wat houdt het in?

Loonkostensubsidie is een maandelijkse

Loonkostensubsidie is een maandelijkse

tegemoetkoming in de loonkosten. De

tegemoetkoming in de loonkosten die

wettelijke loonkostensubsidie is bedoeld

wordt verstrekt door de gemeente waar

voor een werkgever, die iemand in dienst

de te subsidiëren of gesubsidieerde

neemt, die minder productief is door een

werknemer woonachtig is. Deze

arbeidsbeperking. Hoe lager de

wettelijke loonkostensubsidie is bedoeld

productiviteit, hoe hoger de

voor een werkgever, die iemand in dienst

loonkostensubsidie. De werknemer

neemt, die minder productief is door een

ontvangt het normale cao-loon of het

arbeidsbeperking. Hoe lager de

wettelijk minimumloon, als er geen cao

productiviteit, hoe hoger de

is.

loonkostensubsidie. De werknemer ontvangt het normale cao-loon of het

Voor wie is het?

wettelijk minimumloon, als er geen cao is.

Loonkostensubsidie is bedoeld voor een werkgever die iemand in dienst neemt die

Het besluit tot loonkostensubsidie wordt genomen binnen vijf weken

niet in staat is het wettelijk minimumloon

a. nadat de loonwaarde is vastgesteld; of

te verdienen vanwege een lichamelijke,

b. nadat is vastgesteld dat de

verstandelijke of psychosociale

vaststelling van de loonwaarde

beperking.

achterwege kan blijven als sprake is van een vaste loonkostensubsidie, bedoeld in artikel 10d, vijfde lid, van de Participatiewet. Deze loonkostensubsidie is aan het einde van paragraaf 1.7.5 beschreven.

Voor wie is het?

Loonkostensubsidie is bedoeld voor een werkgever die een persoon uit de doelgroep van artikel 7, eerste lid, aanhef en onder a van de Participatiewet in dienst neemt of houdt die niet of niet meer in staat is het wettelijk minimumloon te verdienen vanwege een lichamelijke, verstandelijke of psychosociale beperking. Zowel de persoon die tot de doelgroep loonkostensubsidie behoort als de werkgever kunnen een aanvraag indienen. De loonkostensubsidie kan ook ambtshalve worden toegekend. Voor de persoon die een dienstbetrekking heeft, moet de aanvraag binnen 6 maanden na

het begin van de dienstbetrekking worden ingediend.

G.

Paragraaf 1.7.5 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

Hoe wordt de loonkostensubsidie

Hoe wordt de loonkostensubsidie

bepaald?

bepaald?

Op basis van de functie wordt beoordeeld

Op basis van de functie wordt beoordeeld

wat iemand kan verdienen (de zgn.

wat iemand kan verdienen (de

loonwaarde). Dat gebeurt met een

zogenaamde loonwaarde). Dat gebeurt

goedgekeurde methodiek, ‘Dariuz’

door een loonwaardedeskundige die ten

genaamd. Belangrijke aspecten bij het

minste voldoet aan de kwalificaties in

meten van de loonwaarde zijn: de

paragraaf 3 van de Regeling

kwaliteit van de productie, het

loonkostensubsidie Participatiewet 2021.

werktempo en de productieve tijd van de

De loonwaardedeskundige stelt de

werknemer. Dat wordt vergeleken met

loonwaarde op de werkplek vast aan de

een gemiddelde werknemer in een

hand van de (landelijk) geüniformeerde

functie die qua samenstelling van de

werkwijze. Belangrijke aspecten bij het

werkzaamheden het dichtst bij de

meten van de loonwaarde zijn: de

werkzaamheden van de (nieuwe)

kwaliteit van de productie, het

werknemer ligt. De loonwaarde wordt

werktempo en de productieve tijd van de

gemeten als percentage van het wettelijk

werknemer. Dat wordt vergeleken met

minimumloon. Als onduidelijk is of de

een gemiddelde werknemer in een

functie echt bij de werknemer past, kan

functie die qua samenstelling van de

de werknemer toestemming krijgen om

werkzaamheden het dichtst bij de

eerst maximaal 3 maanden met behoud

werkzaamheden van de (nieuwe)

van uitkering te werken (proefplaatsing).

werknemer ligt. De loonwaarde wordt gemeten als percentage van het wettelijk

Hoe gaat een meting van de loonwaarde in zijn werk?

minimumloon. Als onduidelijk is of de functie echt bij de werknemer past, kan de werknemer toestemming krijgen om

eerst maximaal 2 maanden met behoud De loonwaarde wordt vastgesteld door

van uitkering te werken (proefplaats).

de zgn. loonwaarde-expert. Het proces van de loonwaardebepaling volgens de Dariuz-methodiek bestaat uit de volgende stappen: a. Eerst stelt de loonwaarde-expert samen met de werkgever de normfunctie, functieloon en hoofdtaken vast. b. Daarna brengt de loonwaarde-expert een werkplekbezoek aan de werkgever. Hij spreekt de werkgever en werknemer en beoordeelt de prestatie van de werknemer ter plekke. c. De loonwaarde-expert bespreekt zijn bevindingen omtrent de beoordeling van de prestaties van de werknemer met de werkgever. d. Dan stelt de loonwaarde-expert een

Hoe gaat een meting van de loonwaarde in zijn werk?

De loonwaarde op de werkplek wordt aan de hand van de (landelijk) geüniformeerde werkwijze vastgesteld. Het college wordt voor de vaststelling van de loonwaarde geadviseerd door een loonwaardedeskundige die ten minste voldoet aan de kwalificaties in paragraaf 3 van de Regeling loonkostensubsidie Participatiewet 2021. Deze kwalificaties betreffen de aanwezigheid van een getuigschrift, werkervaring, kennis van toepasselijke wet- en regelgeving met betrekking tot de loonwaardebepaling en van de arbeidsmarkt.

rapportage op en berekent de loonwaarde en de loonkostensubsidie. e. Ten slotte legt de loonwaarde-expert

Het proces van de loonwaardebepaling

in een beschikking vast of er

bestaat uit de volgende stappen:

loonkostensubsidie wordt verstrekt en

a. Eerst stelt de loonwaardedeskundige

zo ja, hoe hoog die dan is. De beschikking wordt zowel aan de werkgever als de werknemer verstuurd.

samen met de werkgever de normfunctie, functieloon en hoofdtaken vast. b. Daarna brengt de loonwaardedeskundige een

Wat is de hoogte van de loonkostensubsidie?

werkplekbezoek aan de werkgever. Hij spreekt de werkgever en werknemer

en beoordeelt de prestatie van de […] De werkgever ontvangt daarnaast een

werknemer ter plekke. c. De loonwaardedeskundige bespreekt zijn bevindingen omtrent de

vergoeding voor de werkgeverslasten. Dit

beoordeling van de prestaties van de

is het percentage genoemd in artikel 1 van de Regeling loonkostensubsidie Participatiewet. […]

werknemer met de werkgever. d. Dan stelt de loonwaardedeskundige een rapportage op en berekent de loonwaarde en de loonkostensubsidie. e. Ten slotte legt de loonwaardedeskundige in een beschikking vast of er

Hoe lang duurt de loonkostensubsidie?

loonkostensubsidie wordt verstrekt en zo ja, hoe hoog die dan is. De

De loonkostensubsidie loopt door tot het

beschikking wordt zowel aan de

einde van de dienstbetrekking of tot het

werkgever als de werknemer

moment waarop de arbeidsproductiviteit

verstuurd.

zo toegenomen is, dat er geen loonkostensubsidie meer nodig is. Er kan tussentijds onderzoek worden gedaan naar de arbeidsproductiviteit en de

De loonwaarde op de werkplek wordt op een (landelijk) geüniformeerde wijze

loonwaarde. Als een werknemer ziek

vastgelegd. Dat betekent dat:

wordt tijdens de dienstbetrekking, dan

•

wordt de loonkostensubsidie

er gebruik wordt gemaakt van het model-rapport dat een bijlage is bij

onderbroken zo lang de ziekte

paragraaf 2 van de Regeling

voortduurt.

loonkostensubsidie Participatiewet 2021; •

het bepalen van de mogelijkheden tot arbeidsparticipatie bij loonkostensubsidie, de vaststelling van de loonwaarde, het bepalen van de normfunctie, de arbeidsprestatie per hoofdtaak zijn gebaseerd op de paragrafen 2 en 3 van het Besluit

loonkostensubsidie Participatiewet 2021.

Wat is de hoogte van de loonkostensubsidie?

[…] De werkgever ontvangt daarnaast een vergoeding voor de werkgeverslasten. Dit is het percentage genoemd in artikel 1 van de Regeling loonkostensubsidie Participatiewet 2021.

Hoe lang duurt de loonkostensubsidie?

De loonkostensubsidie loopt door tot het einde van de dienstbetrekking of tot het moment waarop de arbeidsproductiviteit zo toegenomen is, dat er geen loonkostensubsidie meer nodig is. Er kan tussentijds onderzoek worden gedaan naar de arbeidsproductiviteit en de loonwaarde.

H.

Paragraaf 1.7.5 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

Vaste loonkostensubsidie

Vaste loonkostensubsidie

[…]

[…]

Aan de vaste loonkostensubsidie zijn

Aan de vaste loonkostensubsidie zijn

enkele nadelen verbonden voor

enkele nadelen verbonden voor

werknemer en werkgever:

werknemer en werkgever:

a. de werknemer wordt niet opgenomen

a. de werknemer wordt niet altijd

in het Doelgroepregister voor de

opgenomen in het Doelgroepregister

banenafspraak

voor de banenafspraak waardoor de

b. de werkgever kan niet in aanmerking

banen tijdens de fase van vaste

komen voor de ‘no-risk-polis’ als de

loonkostensubsidie dan niet

werknemer ziek wordt

meetellen voor de banenafspraak;

c. de werkgever kan niet in aanmerking

b. de werkgever kan hierdoor niet in

komen voor premiekorting

aanmerking komen voor de ‘no-risk-

werknemerspremies ende

polis’ als de werknemer ziek wordt;

vrijwaringsregeling in het kader van

c. de werkgever kan niet in aanmerking komen voor het loonkostenvoordeel;

de WGA-regeling.

d. het volgtijdelijk inzetten van een proefplaats en (daarna) een vaste loonkostensubsidie verlengt de nadelen vermeld onder a tot en met c. Hierdoor is de gemeente Zutphen terughoudend met het aanbieden van de combinatie van beide voorzieningen; een verkenning door de Werkkamer wijst uit dat 80% van de dienstbetrekkingen waarop een vaste loonkostensubsidie van toepassing is, gaat om mensen die tot de Doelgroep Banenafspraak behoren.

I.

Paragraaf 1.7.7 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

Wat houdt het in?

Wat houdt het in?

De gemeente is ook verantwoordelijk

De gemeente Zutphen is ook

voor het inzetten van zogenoemde

verantwoordelijk voor het inzetten van

‘persoonlijke voorzieningen’ voor

zogenoemde ‘persoonlijke en op werk en

mensen met een arbeidsbeperking die

opleiding gerichte voorzieningen’ voor

onder de doelgroep van de gemeente

mensen met een arbeidsbeperking die

vallen. Het gaat om de volgende

onder de doelgroep van de gemeente

categorieën voorzieningen:

vallen. Het gaat om de volgende

a. Vervoersvoorzieningen: om naar het werk te reizen, in de vorm van

categorieën voorzieningen: a. Vervoersvoorzieningen: om naar het

aanpassing van het eigen

werk of opleidingslocatie te reizen, in

vervoermiddelen of van een

de vorm van aanpassing van het eigen

vergoeding voor ander vervoer.

vervoermiddelen of van een

b. Intermediaire voorzieningen: voor medewerkers met arbeidsvermogen

vergoeding voor ander vervoer. b. Intermediaire voorzieningen: voor

die moeite hebben met zien, horen of

medewerkers met arbeidsvermogen

bewegen, bijv. doventolk of

die moeite hebben met zien, horen of

voorleeshulp.

bewegen, bijv. doventolk of

c. Meeneembare voorzieningen: aanpassingen of hulpmiddelen die

voorleeshulp. c. Meeneembare voorzieningen:

ook op een andere werkplek gebruikt

voorzieningen voor de inrichting van

kunnen worden (en niet standaard

de werkplek, de productie- en

beschikbaar zijn binnen een bedrijf),

werkmethoden; het gaat daarbij om

bijvoorbeeld orthopedische schoenen

aanpassingen of hulpmiddelen die

en brailleleesregels.

ook op een andere werkplek gebruikt

d. Noodzakelijke persoonlijke

kunnen worden (en niet standaard

ondersteuning: begeleiding op de

beschikbaar zijn binnen een bedrijf),

werkplek (jobcoaching) of tijdens een

bijvoorbeeld orthopedische schoenen

proefplaatsing.

en brailleleesregels.

Een voorziening kan in natura beschikbaar worden ingesteld of in de vorm van een geldbedrag.

d. de inrichting van de opleidingslocatie of de proefplaats en de bij het werk of opleiding te gebruiken hulpmiddelen;

e. Noodzakelijke persoonlijke ondersteuning: begeleiding op de werkplek (jobcoaching) of tijdens een proefplaats. Een voorziening kan in natura beschikbaar worden ingesteld of in de vorm van een geldbedrag.

J.

In paragraaf 1.7.7 wordt voor ‘1.8 Voorzieningen personen met korte afstand tot

de arbeidsmarkt’ de volgende tekst toegevoegd: Nieuwe tekst

Belanghebbende en medebelanghebbende (invoegen na tekst onder kopje Wat is er geregeld over de uitvoering)

De wettelijke verankering van de aanvraagmogelijkheid voor zowel werknemer als werkgever die eveneens in de Verzamelverordening is opgenomen leidt ertoe dat gemeenten aandacht moeten besteden aan het belang voor beiden. Wanneer de werkgever een aanvraag voor ondersteuning indient, is de werknemer medebelanghebbende. In dit geval ontvangt de werkgever een besluit op de aanvraag in de vorm van een beschikking en brengt de gemeente Zutphen werknemer hiervan op de hoogte. Dat doen we bijvoorbeeld met een informatieve brief met daarbij een kopie van de beschikking (aan de werkgever). Als medebelanghebbende heeft de werknemer bovendien bezwaar- en beroepsrecht en is het wenselijk dat hij hierop geattendeerd wordt. Als de werkgever medebelanghebbende is, geldt het vorengaande eveneens.

K.

Paragraaf 1.8 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

[…]

[…]

Naast de genoemde voorzieningen

Naast de genoemde voorzieningen

kunnen met name een tijdelijke

kunnen met name een tijdelijke

loonkostensubsidie en proefplaatsing als

loonkostensubsidie en proefplaats als

stimulans worden aangeboden.

stimulans worden aangeboden.

L.

Paragraaf 1.8.1 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

1.8.1 Proefplaatsing

1.8.1 Proefplaats

Wat houdt het in?

Wat houdt het in?

Een proefplaatsing betekent werken met

Een proefplaats betekent werken met

behoud van uitkering met het

behoud van uitkering met het

vooruitzicht op een dienstverband van

vooruitzicht op een dienstverband van

minimaal zes maanden (zonder proeftijd-

minimaal zes maanden (zonder proeftijd-

of uitzendbeding), als de proefplaatsing

of uitzendbeding), als de proefplaats

succesvol is. Het gaat erom dat de

succesvol is. Het gaat erom dat de

werkgever de bedoeling heeft om na de

werkgever de bedoeling heeft om na de

proefplaatsing een dienstverband aan te

proefplaats een dienstverband aan te

bieden, met een minimale omvang van

bieden, met een minimale omvang van

hetzelfde aantal uren hebben als tijdens

hetzelfde aantal uren hebben als tijdens

de proefplaatsing.

de proefplaats.

Voor wie is het?

Voor wie is het?

De gemeente kan een proefplaatsing

De gemeente Zutphen kan een

aanbieden aan een werkgever, die twijfelt

proefplaats aanbieden aan een

over de vaardigheden en inzetbaarheid

werkgever, die twijfelt over de

van een inwoner met een

vaardigheden en inzetbaarheid van een

bijstandsuitkering of een IOAW-uitkering.

inwoner met een bijstandsuitkering of

Zowel de gemeente als de werkgever

een IOAW-uitkering. Zowel de gemeente

moet proefplaatsing als een

als de werkgever moet de proefplaats als

noodzakelijke voorfase van een

een noodzakelijke voorfase van een

dienstverband zien.

dienstverband zien.

Wat zijn de voorwaarden?

Wat zijn de voorwaarden?

De volgende voorwaarden zijn van

De volgende voorwaarden zijn van

toepassing:

toepassing:

a. Werkgever verklaart schriftelijk dat bij

a. Werkgever verklaart schriftelijk dat bij

goed gevolg een

goed gevolg een

arbeidsovereenkomst met de klant

arbeidsovereenkomst met de klant

wordt aangegaan van minimaal zes

wordt aangegaan van minimaal zes

maanden

maanden

b. Proefplaatsing is volgens de

b. De proefplaats is volgens de

werkgever en de gemeente

werkgever en de gemeente

noodzakelijk als voorfase van een

noodzakelijk als voorfase van een

arbeidsovereenkomst

arbeidsovereenkomst

c. De proefplaatsing duurt niet langer

c. De proefplaats duurt twee maanden

dan noodzakelijk is, maar maximaal

en kan met maximaal vier maanden

drie maanden

worden verlengd als individuele omstandigheden of de situatie

Wat doet de gemeente nog meer?

daartoe aanleiding geven; een voorbeeld is dat de werkgever redelijkerwijs nog iets meer tijd nodig

De gemeente biedt tijdens de proefplaatsing op verzoek van de werkgever coaching aan op de werkplek. De Stichting Werkbedrijf (Gelre Werkt!) verzorgt zelf de coaching, of vergoedt, indien nodig de kosten van een coach die

heeft om tot het aangaan van de dienstbetrekking over te gaan. Verlenging kan plaatsvinden nadat werkgever en klant daartoe een schriftelijk gemotiveerd en gezamenlijk verzoek hebben ingediend.

door de gemeente of de werkgever wordt ingehuurd. De gemeente kan de kosten van een

Wat doet de gemeente Zutphen nog meer?

noodzakelijke opleiding of training van de klant vergoeden, als de opleiding of training in een arbeidsontwikkelingsplan is opgenomen. Zie verder par. 1.7.6

De gemeente biedt tijdens de proefplaats op verzoek van de werkgever coaching aan op de werkplek. Team GelreWerkt! verzorgt zelf de coaching, of vergoedt,

Hoe lang duurt een Proefplaatsing?

als dat nodig is, de kosten van een coach die door de gemeente of de werkgever

Een proefplaatsing duurt maximaal twee maanden en kan met één maand worden verlengd, op basis van een schriftelijk gemotiveerd en gezamenlijk verzoek van de werkgever en de klant. Voorwaarde is dan dat het aansluitende dienstverband

wordt ingehuurd. De gemeente kan de kosten van een noodzakelijke opleiding of training van de klant vergoeden, als de opleiding of training in een arbeidsontwikkelingsplan is opgenomen. Zie verder paragraaf 1.7.6

minimaal een jaar duurt.

Bijzonderheden Bijzonderheden De gemeente stemt uitsluitend met een De gemeente stemt uitsluitend met een proefplaatsing in als de klant niet eerder werkzaamheden voor de werkgever heeft verricht. In bijzondere situaties kan de

proefplaats in als de klant niet eerder werkzaamheden voor de werkgever heeft verricht. In bijzondere situaties kan de gemeente hiervan afwijken.

gemeente hiervan afwijken.

M.

Paragraaf 1.10 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

Voor drie groepen klanten die een

Voor vier groepen klanten die een

uitkering van de gemeente hebben, is er

uitkering van de gemeente Zutphen

de

hebben, is er de mogelijkheid om

mogelijkheid om inkomsten uit deeltijdwerk vrij te laten bij het bepalen van de hoogte van de uitkering. Het gaat om: a. inkomsten uit arbeid voor iedereen met een uitkering

inkomsten uit deeltijdwerk vrij te laten bij het bepalen van de hoogte van de uitkering. Het gaat om: a. inkomsten uit arbeid voor iedereen vanaf 27 jaar met een uitkering; b. inkomsten uit arbeid voor alleenstaande ouders vanaf 27 jaar

b. inkomsten uit arbeid voor

voor zover geen recht bestaat op een

alleenstaande ouders

vrijlating wegens een medische

c. inkomsten uit arbeid voor mensen

urenbeperking (onder c) of vrijlating

met een zgn. medisch-urenbeperking

op grond van arbeid verricht door mensen die tot de doelgroep wettelijke loonkostensubsidie behoren

Voor meer informatie: zie hoofdstuk 4 ‘Inkomen en vermogen’.

(onder d); c. inkomsten uit arbeid voor mensen met een zogeheten medischurenbeperking; d. inkomsten uit dienstbetrekking als bedoeld in artikel 10d van de Participatiewet voor mensen die tot de doelgroep wettelijke loonkostensubsidie behoren.

Voor meer informatie: zie Hoofdstuk 4 Inkomen en vermogen.

N.

Paragraaf 1.12 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

Aanvragen ondersteuning en

Aanvragen ondersteuning en

voorzieningen

voorzieningen

[…]

[…]

b. Inwoners die geen uitkering van de

b. Inwoners die geen uitkering van de

gemeente ontvangen, maar die

gemeente ontvangen, maar die

aanspraak willen maken op de

aanspraak willen maken op de

ondersteuning bij re-integratie door

ondersteuning bij re-integratie door

de gemeente dienen hun verzoek

de gemeente krijgen na melding altijd

daartoe in via een aanvraagformulier

een (intake)gesprek met een

(in ontwerp).

consulent Werk die de ondersteuningswensen van de niet

[…]

uitkeringsgerechtigde inventariseert en een plan van aanpak opstelt. […]

O.

Paragraaf 1.13.1 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

Opleggen zoektermijn 4 weken

Opleggen zoektermijn 4 weken

Iedere jongere tot 27 jaar krijgt direct na

Iedere jongere tot 27 jaar krijgt direct na

melding bij de gemeente een zoektermijn

melding bij de gemeente een zoektermijn

van vier weken. In deze vier weken ligt de

van vier weken. In deze vier weken ligt de

focus op het zelfstandig en actief zoeken

focus op het zelfstandig en actief zoeken

naar scholing en/of werk. De jongere en

naar scholing en/ of werk. De jongere en

de medewerker van de gemeente maken

de medewerker van de gemeente

samen afspraken over de uit te voeren

Zutphen maken samen afspraken over de

activiteiten gedurende de zoektermijn.

uit te voeren activiteiten gedurende de

Deze afspraken worden vastgelegd en

zoektermijn. Deze afspraken worden

ondertekend.

vastgelegd en ondertekend.

Na de zoektermijn van vier weken kan

Na de zoektermijn van vier weken kan

een aanvraag worden ingediend en in

een aanvraag worden ingediend en in

behandeling worden genomen. De

behandeling worden genomen. De

meldingsdatum is van belang

meldingsdatum is van belang

als(mogelijke) ingangsdatum voor het

als(mogelijke) ingangsdatum voor het

recht op uitkering. Jongeren met een

recht op uitkering. Jongeren met een

partner van 27 jaar of ouder kunnen wel

partner van 27 jaar of ouder kunnen wel

direct een aanvraag indienen. Voor hen

direct een aanvraag indienen. Voor hen

geldt geen zoektermijn.

geldt geen zoektermijn.

Als blijkt dat de jongere binnen vier

Als blijkt dat de jongere binnen vier

weken geen baan heeft gevonden of

weken geen baan heeft gevonden of

studie kan volgen, dan kan hij zich

studie kan volgen, dan kan hij zich

opnieuw melden bij de gemeente om een

opnieuw melden bij de gemeente

aanvraag in te dienen.

Zutphen om een aanvraag in te dienen.

Van deze zoektermijn zijn personen tot 27 jaar uitgezonderd die: •

een loonkostensubsidie ontvangen of tot de doelgroep loonkostensubsidie behoren;

•

een medische urenbeperking hebben; of

•

tot een jaar voor de aanvraag van bijstand op het praktijkonderwijs of voortgezet

•

speciaal onderwijs ingeschreven hebben gestaan. Dit geldt ook als zij voorafgaand aan de aanvraag al een baan hebben gehad.

Deze jongeren kunnen direct na de melding een aanvraag voor bijstand indienen die de gemeente direct in

behandeling kan nemen en daarmee zowel kan voorzien in ondersteuning bij de arbeidsinschakeling als in inkomensondersteuning (bijstand): hierbij geeft de gemeente tevens uitvoering aan het “Werkproces Praktijkonderwijs en Voortgezet speciaal onderwijs” dat op deze – specifieke – situatie ziet en waarmee uitkeringsafhankelijkheid zoveel mogelijk wordt voorkomen dan wel beperkt doordat de ondersteuning bij arbeidsinschakeling zich richt op (betaald) werk-aanvaarding al dan niet met inzet van (re-integratie-) voorzieningen, zoals een loonkostensubsidie.

P.

Paragraaf 1.13.3.1 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

Hoe worden inkomsten en kosten

Hoe worden inkomsten en kosten

verrekend met de uitkering?

verrekend met de uitkering?

Maandelijks wordt het bruto inkomen

Maandelijks wordt het bruto inkomen

verrekend met de uitkering, op basis van

verrekend met de uitkering, op basis van

de inkomstenopgave, die bij de gemeente

de inkomstenopgave, die bij de gemeente

wordt ingediend. De inkomsten worden

wordt ingediend. De inkomsten worden

voor een deel vrijgelaten, als voldaan is

voor een deel vrijgelaten, als voldaan is

aan de voorwaarden die daarvoor gelden

aan de voorwaarden die daarvoor gelden

(zie par. 1.10.1).

(zie paragraaf 1.10).

[…]

[…]

Q.

Paragraaf 2.2 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

[…]

[…]

Tijdens de detentie is er geen recht op

Tijdens de detentie is er geen recht op

bijstand, ook al duurt dat maar een dag.

bijstand, ook al duurt dat maar een dag.

De dag van opname en de dag van

De dag van opname telt mee als dag

terugkeer tellen mee als dagen waarop

waarop iemand gedetineerd is. Iemand

iemand gedetineerd is. Iemand die zich

die zich onttrekt aan detentie heeft ook

onttrekt aan detentie heeft ook geen

geen recht op bijstand. […]

recht op bijstand. […]

R.

Paragraaf 3.4.2 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

[…]

[…]

De hoogte van uitkering wordt

De hoogte van de uitkering wordt

vastgesteld aan de hand van de formule

vastgesteld aan de hand van de formule

zoals deze in artikel 22a Participatiewet

zoals deze in artikel 22a Participatiewet

vermeldt staat.

vermeld staat.

[…]

[…]

Dat zijn:

Dat zijn:

1. personen jonger dan 21 jaar;

1. personen jonger dan 27 jaar;

2. […]

2. […]

S.

Paragraaf 3.4.2.1 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

3.4.2.1 Uitzondering 1: personen jonger

3.4.2.1 Uitzondering 1: personen jonger

dan 21 jaar

dan 27 jaar

Personen jonger dan 21 jaar zijn

Personen jonger dan 27 jaar zijn

uitgezonderd van de kostendelersnorm.

uitgezonderd van de kostendelersnorm.

De ouder(s) zijn in principe nog onderhoudsplichtig voor deze jongeren. Deze uitzondering werkt door in twee richtingen: •

Deze uitzondering werkt door in twee richtingen: •

aanspraak maken op bijstand, dan is

als personen jonger dan 21 jaar

op hen de jongerennorm van

aanspraak maken op bijstand, dan is

toepassing; ongeacht het aantal

op hen de jongerennorm van

bewoners op hetzelfde adres. Zie

toepassing; ongeacht het aantal bewoners op hetzelfde adres. Zie par. 3.5 •

personen jonger dan 21 jaar – hoewel meerderjarig – tellen niet mee als relevante bewoners op hetzelfde adres, als de hoogte van de uitkering van andere medebewoners moet worden vastgesteld volgens de kostendelersnorm.

als personen jonger dan 21 jaar

paragraaf 3.5. •

personen jonger dan 27 jaar – hoewel meerderjarig – tellen niet mee als relevante bewoners op hetzelfde adres, als de hoogte van de uitkering van andere medebewoners moet worden vastgesteld volgens de kostendelersnorm.

Voor personen tot 21 jaar geldt verder dat hun ouder(s) in principe nog onderhoudsplichtig zijn.

T.

Paragraaf 3.5 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

[…]

[…]

Zie par. 3.8 van Hoofdstuk 9 over het

Zie par. 3.8.

Armoedebeleid

U. Paragraaf 4.2.7 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

Inkomstenvrijlating voor medisch-

Inkomstenvrijlating voor medisch-

urenbeperking

urenbeperking

[…]

[…]

Deze vrijlating kan alleen worden

Deze vrijlating kan alleen worden

toegepast nadat de inkomstenvrijlating

toegepast nadat de inkomstenvrijlating

voor deeltijdwerk van 25% en de

voor deeltijdwerk van 25% is toegepast.

inkomstenvrijlating voor alleenstaande ouders van12,5% is toegepast (als er

[…]

sprake is van een alleenstaande ouder). […]

V.

In paragraaf 4.2.7 wordt voor ‘4.2.8 Activeringssubsidies van de gemeente’ de

volgende tekst toegevoegd: Nieuwe tekst

Inkomstenvrijlating voor mensen uit de doelgroep wettelijke loonkostensubsidie Deze inkomstenvrijlating is van toepassing als een persoon uit de doelgroep loonkostensubsidie op grond van een dienstverband volgens artikel 10d, eerste en tweede lid van de Participatiewet werkzaam is en er geen sprake is van een medische urenbeperking. Het recht op deze vrijlating bestaat nadat het college heeft vastgesteld dat uitbreiding van de omvang van het dienstverband niet mogelijk is als gevolg van “in de persoon gelegen factoren”. Nadere voorwaarden zijn dat de vrijlating van inkomsten uit deeltijdwerk (25%) niet (meer) van toepassing is, evenals dat geen aanspraak (meer) bestaat op de vrijlating medische urenbeperking.

W.

Aan de opsomming in paragraaf 4.2.10 wordt toegevoegd:

Nieuwe tekst

•

een uitkering voor geleden schade die een gedupeerde van de Kinderopvangtoeslagaffaire ontvangt (bijvoorbeeld de zogenaamde Catshuisregeling ad € 30.000)

•

een uitkering voor geleden schade die een gedupeerd kind van de Kinderopvangtoeslagaffaire ontvangt (de zogenaamde Kindregeling variërend van € 2.000 tot € 10.000, afhankelijk van de leeftijd van het gedupeerde kind).

X.

Paragraaf 4.2.11 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

4.2.11 Giften

4.2.11 Beoordelingskader giften

De gemeente laat giften vrij voor zover

Voor de beoordeling of een gift tot het

dit verantwoord is vanuit het oogpunt van inkomen of vermogen (ofwel, tot de bijstandverlening. Om dat te bepalen

middelen) moet worden gerekend,

wordt gekeken naar de hoogte én naar de

hanteert het college het volgende

bestemming van de gift. Er is geen

beoordelingskader:

verschil tussen giften van instellingen of personen. In ieder individueel geval moet opnieuw worden beoordeeld wat er met de gift moet gebeuren. Bij de beoordeling of iets een gift is, maakt het niet uit of de gift eenmalig of periodiek is. Punten die aanleiding kunnen zijn om de gift wel bij de bijstandverlening te betrekken: •

1. Een gift of (meerdere) giften die op kalenderjaarbasis de grens van €1.200 niet overschrijden, worden na een individuele beoordeling niet tot de middelen gerekend; 2. het bedrag van €1.200 noemen we de giftendrempel. Voor giften die op kalenderjaarbasis €1.200 overschrijden, zijn de

de gift heeft betrekking op kosten die

giftendrempel en het volgende

uit de algemene bijstand moeten

beoordelingskader van toepassing.

worden betaald (zoals kosten voor voeding en wonen); •

de gift heeft een vrij te besteden karakter;

Beoordelingskader.

•

de gift leidt ertoe, dat iemand veel

De gemeente laat giften boven de

meer te besteden heeft dan iemand

giftendrempel vrij voor zover dit

met alleen een bijstandsuitkering.

verantwoord is vanuit het oogpunt van bijstandverlening. Om dat te bepalen

Voorbeelden: •

een klant ontvangt iedere maand € 100,- van zijn ouders. Dat wordt als inkomen gezien;

•

een familielid betaalt maandelijks de huur voor de klant. Ook dat wordt als inkomen gezien;

•

een alleenstaande ouder krijgt een gratis ‘weekendje weg’ aangeboden door een charitatieve instelling of een maatschappelijke organisatie. Dit is een gift die vrijgelaten wordt;

•

wordt gekeken naar de hoogte én naar de bestemming van de gift. Er is geen verschil tussen giften van instellingen of personen. In ieder individueel geval moet opnieuw worden beoordeeld wat er met de gift moet gebeuren. Bij de beoordeling of iets een gift is, maakt het niet uit of de gift eenmalig of periodiek is. Punten die aanleiding kunnen zijn om de gift wel bij de bijstandverlening te betrekken: •

uit de algemene bijstand moeten

iemand krijgt een gift ‘in natura’ van

worden betaald (zoals kosten voor

een charitatieve instelling, zoals een wasmachine of een vergoeding voor de ouderbijdrage voor schoolgaande kinderen. Deze giften wordt ook vrijgelaten.

de gift heeft betrekking op kosten die

voeding en wonen); •

de gift heeft een vrij te besteden karakter;

•

de gift leidt ertoe, dat iemand veel meer te besteden heeft dan iemand met alleen een bijstandsuitkering.

Inkomen of vermogen? Voorbeelden: Giften die niet vrijgelaten kunnen worden en dus betrokken moeten worden bij de bijstandverlening, zijn in principe ‘inkomen’. Dat is anders, als het om een eenmalige gift gaat die niet vrij besteedbaar is. Denk bijvoorbeeld aan

een klant ontvangt iedere maand € 100 van zijn ouders. Dat wordt als inkomen gezien: •

een familielid betaalt maandelijks de huur voor de klant. Ook dat wordt als inkomen gezien;

een auto, die een klant krijgt van zijn

•

ouders. Dat wordt als vermogen gezien.

een alleenstaande ouder krijgt een gratis ‘weekendje weg’ aangeboden door een charitatieve instelling of een maatschappelijke organisatie. Dit is een gift die vrijgelaten wordt;

•

iemand krijgt een gift ‘in natura’ van een charitatieve instelling, zoals een wasmachine of een vergoeding voor de ouderbijdrage voor schoolgaande kinderen. Deze giften wordt ook vrijgelaten.

Inkomen of vermogen?

Giften die niet vrijgelaten kunnen worden en dus betrokken moeten worden bij de bijstandverlening, zijn in principe ‘inkomen’. Dat is anders, als het om een eenmalige gift gaat die niet vrij besteedbaar is. Denk bijvoorbeeld aan een auto, die een klant krijgt van zijn ouders. Dat wordt als vermogen gezien. Voor een juiste beoordeling vanwege paragraaf 4.2.11 en daarmee uitvoering van de Participatiewet, moeten giften wel altijd opgegeven worden.

Y.

Aan de opsomming in paragraaf 6.2.1 wordt toegevoegd:

Nieuwe tekst

k. de verplichting van de inburgeraar om mee te werken aan het door het college in naam van de belanghebbende verrichten van betalingen uit de toegekende bijstand van huur, gas, water en stroom en de verplichte zorgverzekering.

Z.

De eerste alinea van paragraaf 7.1.1 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

[…]

[…]

De klant heeft kortgezegd een

De klant heeft kort gezegd een

inlichtingenplicht. Dat is de verplichting

inlichtingenplicht. Dat is de verplichting

om informatie te geven en daarvan

om informatie te geven. Op grond van de

bewijzen te laten zien.

medewerkingsverplichting moet de klant desgevraagd bewijzen laten zien.

AA. De laatste zin van paragraaf 7.1.9 wordt gewijzigd als volgt: Oude tekst

Nieuwe tekst

In andere situaties dan bij de aanvraag,

In andere situaties dan bij de aanvraag en

verleent de gemeente geen voorschot.

een lopende uitkering die in paragraaf 7.2.3 is beschreven, verleent het college geen voorschot.

AB. De laatste zin van de eerste alinea van paragraaf 7.2.2 wordt gewijzigd als volgt: Oude tekst

Nieuwe tekst

Zie par. 3.2.3.

Zie paragraaf 7.2.3.

AC. Paragraaf 7.2.3 wordt gewijzigd als volgt: Oude tekst

Nieuwe tekst

Het kan zijn dat de klant, in afwachting

Het kan zijn dat de klant, in afwachting

van de eerste reguliere uitbetaling van de

van de eerste reguliere uitbetaling van de

uitkering, ter voorziening in de algemeen

uitkering, ter voorziening in de algemeen

noodzakelijke kosten van het bestaan

noodzakelijke kosten van het bestaan

niet voldoende heeft aan het voorschot,

niet voldoende heeft aan het voorschot,

zoals bedoeld par. 7.1.9 van de

zoals bedoeld in paragraaf 7.1.9 van de

Beleidsvoorschriften. Op basis van een

Beleidsvoorschriften. Op basis van een

dringende noodzaak kan daarin worden

dringende noodzaak kan daarin worden

voorzien door bijzondere bijstand toe te

voorzien door bijzondere bijstand toe te

kennen. De bijzondere bijstand wordt

kennen. De bijzondere bijstand wordt

verstrekt als een geldlening en is

verstrekt als een geldlening en is

afgestemd op de individuele situatie en

afgestemd op de individuele situatie en

omstandigheden. Voor de beoordeling

omstandigheden. Voor de beoordeling

van deze situatie en omstandigheden

van deze situatie en omstandigheden

wordt minimaal rekening gehouden met:

wordt minimaal rekening gehouden met:

•

de woon- en leefsituatie van de klant,

•

de woon- en leefsituatie van de klant,

•

evt. banksaldi en vermogen,

•

eventuele banksaldi en vermogen,

•

evt. schulden,

•

eventuele schulden,

•

andere inkomsten en te verwachten

•

andere inkomsten en te verwachten

inkomsten.

inkomsten.

De aflossing van de lening vindt plaats

Een tweede aanleiding om bijzondere

volgens het laagste aflossingspercentage

bijstand als geldlening voor de algemeen

van Hoofdstuk 8.1.6 van de

noodzakelijke kosten van het bestaan te

Beleidsvoorschriften, Terugvordering en

verstrekken is er als een voorschot op de

Verhaal, en wordt met de uitkering

lopende uitkering geen oplossing is voor

verrekend.

het financiële probleem van de klant.

Het college kan afwijken van de betaling van de bijzondere bijstand in de vorm vaneen geldlening indien een lening leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard.

Bijzondere bijstand als geldlening kan dan juist wél een oplossing zijn; de beslagregels staan het namelijk niet toe dat het vakantiegeld voor een voorschot wordt aangewend. Het vakantiegeld is altijd gereserveerd voor een (mogelijk) beslag. Als deze aanleiding zich

regelmatig voordoet, is verwijzing naar schuldhulp wenselijk. De aflossing van de lening vindt plaats volgens het laagste aflossingspercentage van Hoofdstuk 8.1.6 Terugvordering en Verhaal, en wordt met de uitkering verrekend. Het college kan afwijken van de betaling van de bijzondere bijstand in de vorm vaneen geldlening indien een lening leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard.

AD. Paragraaf 7.5.3 wordt gewijzigd als volgt: Oude tekst

Nieuwe tekst

Het uitgangspunt van de gemeente is dat

Het uitgangspunt van het college is dat er

er met klanten in het Nederlands wordt

met klanten in het Nederlands wordt

gecommuniceerd. Als klanten het

gecommuniceerd. Als klanten het

Nederlands onvoldoende beheersen, is

Nederlands onvoldoende beheersen, is

het hun eigen verantwoordelijkheid om

het hun eigen verantwoordelijkheid om

voor een tolk te zorgen. Zij kunnen

voor een tolk te zorgen. Zij kunnen

familieleden, kennissen, etc. vragen om

familieleden, kennissen, etc. vragen om

voor ze te tolken. In uitzonderlijke

voor ze te tolken. In uitzonderlijke

gevallen kan het echter voorkomen dat

gevallen kan het echter voorkomen dat

klanten niet zelf voor een tolk kunnen

klanten niet zelf voor een tolk kunnen

zorgen. Denk bijvoorbeeld aan

zorgen. Denk bijvoorbeeld aan

vluchtelingen die nog geen Nederlands

vluchtelingen die nog geen Nederlands

spreken en in hun netwerk nog niemand

spreken en in hun netwerk nog niemand

kennen die voor hen kan vertalen. Vanuit

kennen die voor hen kan vertalen. Vanuit

het oogpunt van rechtsbescherming en

het oogpunt van rechtsbescherming en

correcte dienstverlening moeten deze

correcte dienstverlening moeten deze

klanten toch in staat worden gesteld hun

klanten toch in staat worden gesteld hun

verhaal te vertellen. Als het taalprobleem

verhaal te vertellen. Als het taalprobleem

in dit soort gevallen niet kan worden

in dit soort gevallen niet kan worden

opgelost door zelf of met hulp van een

opgelost door zelf of met hulp van een

collega in een andere taal dan het

collega in een andere taal dan het

Nederlands met de klant te

Nederlands met de klant te

communiceren, dan kan het Tolk- en

communiceren, dan kan GLOBAL TALK

Vertaalcentrum Nederland(TVcN) worden

https://www.globaltalk.nl/ worden

ingeschakeld. Dit centrum levert

ingeschakeld. GLOBAL TALK levert

persoonlijk een telefonische

persoonlijk een telefonische

tolkendiensten. Deze zijn op werkdagen

tolkendiensten. Deze zijn op werkdagen

van 9.00 tot 19.00 uur aan te vragen via

van 9.00 tot 19.00 uur aan te vragen via

telefoonnummer 088-2555222. Normaal

telefoonnummer 088-2555222. Normaal

gesproken zal een telefonische

gesproken zal een telefonische

tolkendienst voldoen. Het TVcN kan deze

tolkendienst voldoen. GLOBAL TALK kan

dienst meteen leveren. Het is ook

deze dienst normaal gesproken meteen

mogelijk om voor een tijdstip in de

leveren. Het is ook mogelijk om voor een

toekomst bij het TVcN een tolk te

tijdstip in de toekomst bij GLOBAL TALK

reserveren.

een tolk te reserveren.

AE.

De weblink in de laatste zin van de eerste alinea van paragraaf 7.6.1 wordt

gewijzigd als volgt: Oude tekst

Nieuwe tekst

https://zutphen.nl/Inwoners/Klachten_

https://zutphen.nl/klacht-en-

meldingen/Klachten_over_de_gemeente

AF.

bezwaar/klachten-over-behandelingdoor-ambtenaar-of-bestuurder

Paragraaf 8.1.5 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

[…]

[…]

Nadat de klant lange tijd heeft betaald

Nadat de klant lange tijd heeft betaald

Heeft de klant al enige tijd op een

Heeft de klant al lange tijd op een

vordering afgelost, dan ziet de gemeente

vordering afgelost, dan ziet het college in

in de volgende gevallen volledig af van

de volgende gevallen volledig af van

verdere terugvordering en wordt de

verdere terugvordering en wordt de

resterende schuld kwijtgescholden:

resterende schuld kwijtgescholden:

[…]

[…]

d. een bedrag, overeenkomend met ten

d. de klant een bedrag, overeenkomend

minste 50% van de restsom, in één

met ten minste 50% van de restsom,

keer aflost.

in één keer aflost.

[…]

[…]

In geval van een schuldregeling

In geval van een schuldregeling

[…]

[…]

De gemeente verleent geen medewerking

Het college verleent geen medewerking

aan een schuldregeling, als

aan een schuldregeling, als

a. de teruggevorderde uitkering het

a. de teruggevorderde uitkering of boete

gevolg is van schending van de

het gevolg is van schending van de

inlichtingenplicht;

inlichtingenplicht, waarbij sprake is

b. de teruggevorderde bijstand is

van opzet of grove schuld. Voor

verleend onder vestiging van een

medewerking in het geval van een

pandrecht of hypotheek, tot de

boete geldt de extra voorwaarde dat

hoogte van die zekerheidsstelling;

eveneens is gebleken dat binnen een

c. de klant niet voldoet aan de

jaar nadat de bestuurlijke boete is

toelatingseisen voor

opgelegd niet nogmaals een

schulddienstverlening, zoals

overtreding wegens eenzelfde

vastgelegd in deze

gedraging is begaan;

beleidsvoorschriften (zie hoofdstuk 10 ‘Schulddienstverlening’).

b. de teruggevorderde bijstand is verleend onder vestiging van een

pandrecht of hypotheek, tot de hoogte van die zekerheidsstelling; c. de klant niet voldoet aan de toelatingseisen voor schulddienstverlening, zoals vastgelegd in deze beleidsvoorschriften (zie Hoofdstuk 10 Schulddienstverlening).

AG. In paragraaf 8.1.6.1 wordt sub i gewijzigd als volgt: Oude tekst

Nieuwe tekst

Na beëindiging of intrekking van de

Na beëindiging of intrekking van de

bijstandsuitkering of de IOAW- of IOAZ-

bijstandsuitkering of de IOAW- of IOAZ-

uitkering wordt het volgende vermeld: De

uitkering wordt het volgende vermeld: De

aflossingscapaciteit blijft gedurende de

aflossingscapaciteit blijft gedurende de

eerste zes maanden na beëindiging of

eerste zes maanden na beëindiging of

intrekking van de bijstandsuitkering of de intrekking van de bijstandsuitkering of de IOAW- of IOAZ-uitkering 5%. Voor het bepalen van het percentage zijn

IOAW- of IOAZ-uitkering 5% van de toepasselijke bijstandsnorm.

de situaties zoals die beschreven zijn

Voor het bepalen van het percentage zijn

onder het kopje ‘Aflossingscapaciteit’ in

de cliëntsituaties zoals die beschreven

paragraaf 8.1.6 leidend. Hierna blijft de

zijn onder het kopje

aflossingscapaciteit hetzelfde, tenzij het

‘Aflossingscapaciteit’ in paragraaf 8.1.6.5

inkomen meer dan 110% van de

leidend. Hierna blijft de

toepasselijke bijstandsnorm bedraagt. In

aflossingscapaciteit hetzelfde, tenzij het

dat geval moet van het meerdere

inkomen meer dan 110% van de

inkomen 35% besteed worden aan

toepasselijke bijstandsnorm bedraagt. In

aflossing.

dat geval moet van het meerdere inkomen 35% besteed worden aan aflossing.

AH. De tweede alinea van paragraaf 8.1.6.3 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

Als de klant een algemene

Als de klant een algemene

bijstandsuitkering ontvangt, dan wordt

bijstandsuitkering ontvangt, dan wordt

maandelijks 5% van de toepasselijke

maandelijks 5% van de toepasselijke

bijstandsnorm voor een alleenstaande of

bijstandsnorm met de maandelijkse

gehuwde verrekend met die uitkering en

uitkering voor een alleenstaande of

benut voor aflossing van de vordering.

gehuwde verrekend met die uitkering en benut voor aflossing van de vordering.

AI.

De derde alinea van paragraaf 8.1.6.5 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

Klanten van wie de bijstandsuitkering of

Klanten van wie de bijstandsuitkering of

de IOAW- of IOAZ-uitkering is beëindigd

de IOAW- of IOAZ-uitkering is beëindigd

of ingetrokken, behouden gedurende 6

of ingetrokken, behouden gedurende 6

maanden na het besluit tot beëindiging

maanden na het besluit tot beëindiging

of intrekking een aflossingscapaciteit van

of intrekking en aflossingscapaciteit van

5% van de toepasselijke bijstandsnorm

5% van de toepasselijke bijstandsnorm

voor alleenstanden of gehuwden. Na 6

voor alleenstaanden of gehuwden. Na 6

maanden beddraagt dit percentage 6% als

maanden wijzigt dit percentage niet als

het inkomen na deze periode maximaal

het inkomen dan maximaal 110% van de

110% van de toepasselijke bijstandsnorm

toepasselijke bijstandsnorm bedraagt. Is

bedraagt. Is het inkomen hoger danmoet

het inkomen hoger dan moet van het

van het meerdere inkomen 35% besteed

meerdere inkomen 35% besteed worden

worden aan aflossing.

aan aflossing.

AJ.

De tweede alinea van paragraaf 8.18 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

Bij beslaglegging wordt de vordering

Bij beslaglegging wordt de vordering

verhoogd met de wettelijke rente en de

verhoogd met de wettelijke rente en de

kosten van invordering, als de

kosten van invordering, als de

invordering is overgedragen aan een

invordering is overgedragen aan een

gerechtsdeurwaarder.

gerechtsdeurwaarder. Anders dan bij een verrekening met de uitkering volgens paragraaf 8.1.6.3, wordt het beslag op de (gereserveerde) vakantietoeslag gelegd en jaarlijks of bij het einde van het uitkeringsrecht aan de deurwaarder uitgekeerd.

AK. Paragraaf 9.2 wordt gewijzigd als volgt: Oude tekst

Nieuwe tekst

De gemeente heeft met het

Het gemeentebestuur heeft met het

armoedebeleid een aantal doelen:

armoedebeleid een aantal doelen:

a. Iedereen moet in de samenleving

a. Iedereen moet in de samenleving

kunnen meedoen b. Er is één aanpak bij meerdere problemen

kunnen meedoen b. Er is één aanpak bij meerdere problemen

c. Inwoners moeten kunnen beschikken

c. Inwoners moeten kunnen beschikken

over genoeg geld en geen schulden

over genoeg geld en geen schulden

hebben, en

hebben, en

d. Inwoners en hulporganisaties werken samen

d. Inwoners en hulporganisaties werken samen

Verder houdt de gemeente rekening met

Verder houdt het gemeentebestuur

de volgende uitgangspunten:

rekening met de volgende

a. Alleen voor specifieke noodzakelijke kosten Het gemeentelijke armoedebeleid vult

uitgangspunten:

a. Alleen voor specifieke noodzakelijke kosten

landelijke maatregelen aan, maar alleen

Het gemeentelijke armoedebeleid vult

voor zover het gaat om specifieke

landelijke maatregelen aan, maar alleen

noodzakelijke kosten die zich voordoen

voor zover het gaat om specifieke

in bijzondere situaties.

b. Andere voorzieningen eerst Wanneer een andere voorziening in de kosten benut kan worden gaat die voor. Dat heet een voorliggende voorziening.

c. Werken werkt Participatie en werk zijn de beste middelen om armoede tegen te gaan. De gemeente stimuleert dit vooral via vrijlatingen.

d. Kinderen zijn belangrijk De Meedoen-regeling kent een hoge(re) maximale vergoeding voor kinderen. Via het kindpakket zijn er extra vergoedingen mogelijk. Bij het verstrekken (of weigeren) van bijzondere bijstand of minimaregelingen zijn we extra alert op de gevolgen voor kinderen.

e. Voorzieningen worden benut Het gebruik van voorzieningen wordt gestimuleerd door samenwerking met andere organisaties, het actief benaderen van de doelgroep en door eenvoudige regelgeving en aanvraagprocedures.

noodzakelijke kosten die zich voordoen in bijzondere situaties.

b. Andere voorzieningen eerst Wanneer een andere voorziening in de kosten benut kan worden gaat die voor. Dat heet een voorliggende voorziening.

c. Werken werkt Participatie en werk zijn de beste middelen om armoede tegen te gaan. Het gemeentebestuur stimuleert dit vooral via vrijlatingen.

d. Kinderen zijn belangrijk Het kindpakket kent een hoge vergoeding per kind. Inwonende kinderen komen ook in aanmerking voor het kindpakket. Via het kindpakket zijn er extra vergoedingen mogelijk. Bij het verstrekken (of weigeren) van bijzondere bijstand of minimaregelingen zijn we extra alert op de gevolgen voor kinderen.

e. Voorzieningen worden benut Het gebruik van voorzieningen wordt gestimuleerd door samenwerking met

f. We zijn er vroeg bij en willen zo veel

andere organisaties, het actief benaderen

mogelijk financiële fitte burgers

van de doelgroep en door eenvoudige

Het is belangrijk dat inwoners zichzelf

regelgeving en aanvraagprocedures.

financieel kunnen redden. De gemeente

f. We zijn er vroeg bij en willen zo veel

wil voorkomen dat inwoners in een

mogelijk financiële fitte burgers

problematische schuldensituatie komen.

g. Samen staan we sterker

Het is belangrijk dat inwoners zichzelf financieel kunnen redden. Het gemeentebestuur wil voorkomen dat

Samenwerking tussen gemeente en

inwoners in een problematische

samenwerkingspartners is belangrijk en

schuldensituatie komen.

wordt intensiever.

g. Samen staan we sterker Samenwerking tussen gemeente en samenwerkingspartners is belangrijk en wordt intensiever.

AL.

Paragraaf 9.4.1 wordt gewijzigd als volgt:

Oude tekst

Nieuwe tekst

Het armoedebeleid van de gemeente kent

Het armoedebeleid van de gemeente kent

zes regelingen voor inwoners met een

diverse regelingen voor inwoners met een

laag inkomen. We noemen dit

laag inkomen. We noemen dit

minimaregelingen. Het zijn

minimaregelingen. Het zijn

a. de Meedoen-regeling (zie 9.4.2);

a. de Meedoen-regeling (zie paragraaf

b. de Collectieve Zorgverzekering (zie 9.4.3); c. de Tegemoetkoming Zorgkosten (zie 9.4.4); d. het Jeugdregeling (zie 9.4.5);

9.4.2); b. de Collectieve zorgverzekering voor minima (ook wel Gemeentepolis genoemd) (zie paragraaf 9.4.3); c. de Tegemoetkoming Chronisch zieken

e. de Inkomenstoeslag (zie 9.4.6), en

en gehandicapten (zie paragraaf

f. de Studietoeslag (zie 9.4.7).

9.4.4); d. Kindpakket (zie paragraaf 9.4.5);

Deze regelingen hebben alle een specifiek doel en gelden voor een specifieke doelgroep. Dit wordt hieronder

e. de Inkomenstoeslag (zie paragraaf 9.4.6), en f. de Studietoeslag (zie paragraaf 9.4.7).

verder toegelicht. Daarnaast is er nog de regeling over de bijzondere bijstand.

Deze regelingen hebben alle een

Deze wordt verder toegelicht onder 9.5.

specifiek doel en gelden voor een specifieke doelgroep. Dit wordt hieronder verder toegelicht. Daarnaast is er nog de regeling over de bijzondere bijstand.

Voor wie zijn de minimaregelingen

Deze wordt verder toegelicht onder

bedoeld?

paragraaf 9.5.

De regelingen uit het armoedebeleid zijn

Voor wie zijn de minimaregelingen

bedoeld voor inwoners met een laag

bedoeld?

inkomen (zie ook hierna). Basisvoorwaarden voor het indienen van een aanvraag zijn: a. de inwoner is 18 jaar of ouder, b. is bij de gemeente ingeschreven in de Basisregistratie personen, en c. heeft de Nederlandse nationaliteit of een geldige verblijfstitel.

De regelingen uit het armoedebeleid zijn bedoeld voor inwoners met een laag inkomen (zie ook hierna). Basisvoorwaarden voor het indienen van een aanvraag zijn: a. de inwoner is 18 jaar of ouder, b. is bij de gemeente ingeschreven in de Basisregistratie personen, en

Voor de Meedoen-regeling en de inkomenstoeslag geldt nog dat deze niet

c. heeft de Nederlandse nationaliteit of een geldige verblijfstitel.

zijn bedoeld voor studenten. Voor de overige voorwaarden: zie de volgende paragrafen.

Hoe hoog mogen het inkomen en het vermogen zijn?

Het inkomen moet onder een bepaalde grens blijven om recht te kunnen hebben

Voor de overige voorwaarden: zie de volgende paragrafen.

Hoe hoog mogen het inkomen en het vermogen zijn?

op één van de minimaregelingen. Die inkomensgrenzen verschillen per minimaregeling en de hoogte van die inkomensgrenzen hangt ook nog af van de leef- en woonsituatie. Het vermogen telt mee bij de meeste minimaregelingen,

Het inkomen moet onder een bepaalde grens blijven om recht te kunnen hebben op één van de minimaregelingen. Die inkomensgrenzen verschillen per

met uitzondering van de collectieve

minimaregeling en de hoogte van die

zorgverzekering en de tegemoetkoming

inkomensgrenzen hangt ook nog af van

zorgkosten (zie daar).

de leef- en woonsituatie. Uitgangspunt voor de inkomensgrens is de van

Hoe wordt het inkomen berekend?

toepassing zijnde bijstandsnorm. Deze bijstandsnorm moet worden gezien als het sociaal minimum. De

Het gaat om het maandelijkse loon of de uitkering, na aftrek van belastingen en wettelijke premies. De opgebouwde vakantietoeslag en extra inkomsten zoals een dertiende maand moeten daarbij worden opgeteld. Voor het bepalen van het inkomen van een zelfstandige wordt uitgegaan van de volgende gegevens: •

De netto-winst van de (tussentijdse) winst-verliesrekening of jaarrekening.

•

Het inkomen dat bij de

inkomensgrenzen van de minimaregelingen liggen tussen de 105% en 130% van de bijstandsnorm. De kostendelersnorm is niet van toepassing bij de minimaregelingen. Het vermogen telt niet mee bij de minimaregelingen, met uitzondering van de Individuele inkomenstoeslag. Dit is bijzondere bijstand, waarvoor een vermogenstoets geldt. Voor deze vermogenstoets gelden de bepalingen over de bijzondere bijstand (Hoofdstuk 9.5.4).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zutphen&id=593ceacb-e9b6-47d7-a65f-142d1dd56e7f