CConstaterende datZutphen
Koppel je AI →
Document · PDF

162974RH 2021_BW_00537

Raadsvergadering 13 december 2021, gemeente ZutphenBij agendapunt: Transitievisie Warmte gemeente Zutphen 202120.100 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

College van burgemeester en wethouders Besluit

2021_BW_00537

GOEDGEKEURD

Vergadering van 9 november 2021 Team Ruimte Economie en Duurzaamheid

Transitievisie Warmte gemeente Zutphen 2021 Besluitvormend

Zaaknummer: 162974 Portefeuillehouder: Eva Boswinkel Openbaar Ja Embargo Nee

Samenstelling Aanwezig: mevrouw Annemieke Vermeulen, Burgemeester; mevrouw Eva Boswinkel, Wethouder; de heer Mathijs ten Broeke, Wethouder; mevrouw Annelies de Jonge, Wethouder ; mevrouw Laura Werger, Wethouder; mevrouw Monique Stouten, Gemeentesecretaris; mevrouw Anja de Rouw, Adjunctsecretaris

Besluit Besluitpunt 1 Het college besluit de raad voor te stellen om kennis te nemen van de reacties bij de concept Transitievisie Warmte gemeente Zutphen 2021.

Besluitpunt 2 Het college besluit de raad voor te stellen om de bijgaande Transitievisie Warmte gemeente Zutphen 2021 vast te stellen.

Motivering Aanleiding en context Zie raadsvoorstel Beoogd effect Zie raadsvoorstel Argumenten Zie raadsvoorstel Kanttekeningen Zie raadsvoorstel 1/83

Communicatie / vervolgtraject / uitvoering Zie raadsvoorstel Rapportage / evaluatie Zie raadsvoorstel Financiële consequenties Zie raadsvoorstel Risico’s Zie raadsvoorstel Personele consequenties n.v.t. Programmadoelen Programma 3. Duurzame leefomgeving Toelichting programmadoelen Zie raadsvoorstel

Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5.

Raadsvoorstel Transitievisie Warmte 2021 (versie 4-11-2021).pdf TransitieVisieWarmte2021_GemZutphen.pdf Publieksversie_TVW2021_GemZutphen.pdf Presentatie informatieavond TVW 2021.pdf 20211026 Verslag informatieavond Transitievisie Warmte.pdf

2/83

VOORBLAD

ONTWERP RAADSVOORSTEL

Griffienummer:

Onderwerp Programma

Transitievisie Warmte 3. Duurzame leefomgeving

Forum Portefeuillehouder Inlichtingen bij

oordeelsvormend Eva Boswinkel Laura van der Poel +31 6 22507718

Soort bevoegdheid Beleidsvrijheid Programmabegrotingswijziging

kaderstellend geen ja

--

L.vanderPoel@zutphen.nl controlerend beperkt

budgetrecht ruim nee

overig

Het college van burgemeester en wethouders stelt de raad voor: 1. Kennis te nemen van de reacties bij de concept Transitievisie Warmte gemeente Zutphen 2021. 2. De bijgaande Transitievisie Warmte gemeente Zutphen 2021 vast te stellen.

3/83

1 van 5

TOELICHTING

Inleiding/aanleiding In december 2015 heeft Nederland ingestemd met het Klimaatakkoord van Parijs. Dit akkoord heeft als doel om de CO2 uitstoot te verminderen en daarmee de opwarming van de aarde te beperken tot ruim onder de twee graden Celsius. In december 2018 heeft een groot aantal landelijk betrokken partijen het ‘nationale klimaatakkoord’ getekend. Hierin hebben zij de doelstellingen van het Klimaatakkoord van Parijs vertaald in concrete acties tot 2030. De verantwoordelijkheden zijn verdeeld over de verschillende overheidslagen en van daaruit bij verschillende nationale, regionale en lokale verbanden neergelegd. Eén van de acties vanuit het nationale klimaatakkoord is dat gemeenten voor eind 2021 een Transitievisie Warmte (TVW) vaststellen. Het doel is om Nederland voor 2050 geheel aardgasvrij te hebben. De gebouwde omgeving zal dan geen gebruik meer maken van aardgas voor de warmtevoorziening of warm tapwater. De TVW richt zich daarbij op woningen en utiliteitsbebouwing (kantoren, midden- en kleinbedrijf en winkels), uitgezonderd grote industriële complexen. De transitie naar een aardgasvrij Nederland grijpt in op de leefomgeving van inwoners. Het gaat immers om een voorziening (warmte) die voor hen essentieel is.

Gemeenten hebben de opdracht daarvoor een kaderstellend document op te stellen met gedragen uitgangspunten, samenhang en gedeelde aanpak: de Transitievisie Warmte. Dit document wordt opgesteld op basis van actualiteiten wat ook betekent dat het elke vijf jaar opnieuw wordt bijgesteld.

Beoogd effect Een visie vast te stellen met als doel dat alle gebouwen in de wijken van Zutphen uiterlijk in 2050 van het aardgas af zijn. We starten met 20% van de gebouwen in 2030.

Argumenten 1.1 Via overleg en een informatieavond zijn bewoners betrokken bij de voorbereiding van de visie. Bewoners staan over het algemeen positief tegenover energietransitie. Dat blijkt ook uit de resultaten van het inwonerpanel. Er zijn nog wel veel vragen over de voorwaarden en planning van de warmtetransitie.

2.1 In het klimaatakkoord is vastgelegd dat gemeenten voor 31 december 2021 een Transitievisie Warmte opstellen. In het klimaatakkoord hebben de Nederlandse gemeenten zich via de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) verbonden aan de warmtetransitie. Het gemeentebestuur van Zutphen moet voor het einde van dit jaar een Transitievisie Warmte (hierna ook: TVW) vaststellen. In het Klimaatakkoord is als ambitie geformuleerd dat voor 2030 20% van de gebouwen van het gas af moet zijn en voor 2050 alle gebouwen gasloos zijn.

2.2 De ambitie in de Transitievisie Warmte 2021 is gelijk aan de doelstelling van het klimaatakkoord. In de TVW stellen we als ambitie om 4.000 woningen in de gemeente Zutphen van het gas af te halen voor 2030. Deze voortgang is gebaseerd op de doelstelling uit het klimaatakkoord om 20% te realiseren voor 2030.

2.3 De Transitievisie Warmte beschrijft in welke volgorde het gemeentebestuur van Zutphen de wijken gasloos wil maken en welke alternatieve warmtebronnen kunnen worden ingezet. Het gasverbruik (voor het verwarmen van de woningen, voor het koken en voor het warm water) in de wijkbuurten van Zutphen is in beeld gebracht. Ook het aanbod van alternatieve warmtebronnen is in beeld gebracht. In Zutphen zijn bronnen beschikbaar voor Thermische Energie uit Oppervlaktewater (TEO) uit de IJssel, de Berkel, vijvers en grachten én Thermische Energie uit Afvalwater (TEA) via de rioolwaterzuivering. In overleg met stakeholders en betrokken inwoners zijn criteria geformuleerd voor de toepassing van warmtebronnen en de volgorde van aanpak van de wijken.

4/83

2 van 5

2.4 Participatie van inwoners is noodzakelijk om tot een warmtetransitie te komen. Met dit raadsvoorstel en -besluit geven we meer zekerheid en meer inzicht in de warmtetransitie en wat inwoners hierbij kunnen verwachten. Bewoners kunnen hierdoor zelf beter rekening houden met de toekomstige veranderingen. De raad heeft als uitgangspunt meegegeven om bewoners en andere gebouweigenaren actief te betrekken bij de warmtetransitie. Per wijk zijn er bewoners betrokken bij de visievorming. De bewoners zijn daarbij geraadpleegd via enkele betrokken inwoners per wijk. Daarnaast is er een inwonerpanel gehouden en een inwonersavond georganiseerd. De volgende stap in de warmtetransitie betreft het opstellen van wijkuitvoeringsplannen (WUP’s) voor de wijken die we willen aanpakken voor 2030. In de wijkuitvoeringsplannen wordt de haalbaarheid verder beoordeeld. Dat kan alleen samen met alle inwoners en stakeholders worden voorbereid. Bewoners bepalen immers zelf (binnen mogelijkheden) hun toekomstige warmtebron. Het uitgangspunt in de visie is dat bij transitie de toekomstige kosten niet hoger zijn dan de, bij het vaststellen van de wijkuitvoeringsplannen actuele, gaskosten voor inwoners.

2.5 De Transitievisie Warmte wordt ook ondersteund door verschillende partners. De Transitievisie Warmte is voorbereid door een projectgroep waarin vertegenwoordigers van woningcorporaties Ieder1 en Ons Huis, BOG, Zutphen energie, netwerkbeheerder Liander en waterschap Rijn en IJssel deelnamen, naast de gemeente en Buro Loo. De besturen van deze organisaties hebben ook hun commitment uitgesproken voor deze visie. Per wijk zijn inwoners adviserend betrokken geweest.

2.6 Er is een publieksvriendelijke versie van de Transitievisie Warmte gemaakt voor inwoners. Om inwoners goed te informeren over de Transitievisie Warmte Zutphen, is er een aparte beeldende samenvatting van de Transitievisie Warmte gemaakt.

2.7 De Transitievisie Warmte wordt elke vijf jaar geactualiseerd. De warmtetransitie is een opgave die te maken heeft met veranderingen in de context. Er zijn bijvoorbeeld ontwikkelingen te verwachten in de Warmtewet, de financiële middelen en de technische mogelijkheden. De visie wordt daarom elke vijf jaar geactualiseerd.

Kanttekeningen 1.1 Het ontbreekt het gemeentebestuur van Zutphen nog aan voldoende financiële middelen om de warmtetransitie vorm te geven. De financiering van de warmtetransitie is nog niet geregeld. De VNG en het Rijk zijn nog in gesprek met elkaar over de financiering van de warmtetransitie. Het Rijk heeft de financieringsopgave doorgeschoven naar het nieuwe kabinet. Alle gemeenten hebben dus te maken met een onzekerheid in financiering van de warmtetransitie. Zoals ook blijkt uit ons eerste project Helbergen is er nog geen marktconforme businesscase haalbaar. Het Rijk doet onderzoek via pilots om meer zicht te krijgen op businesscases van warmtenetten. In de transitievisie is opgenomen dat de realisatie alleen mogelijk is wanneer er extra middelen beschikbaar komen via het Rijk. De omvang daarvan bepaalt ook de mate waarin de uitvoering voortgang kan krijgen. Wij willen zelf via het proefproject Helbergen kennis opdoen over de uitvoering en realisatie van deze transitie. Deze informatie wordt vervolgens betrokken bij onze volgende stappen in de warmtetransitie in Zutphen.

1.2 Er is een groot draagvlak nodig voor zo een ingrijpende transitie. Om deze transitie te laten slagen is er draagvlak bij inwoners nodig. Draagvlak begint bij communicatie, betrokkenheid, kennis en bewustzijn. Draagvlak is nodig om de inwoners in de toekomst op een goede manier te kunnen voorzien van warmte én om de realisatie van collectieve warmtenetten mogelijk te maken. Momenteel moet de overheid ervoor zorgen dat iedereen basisvoorzieningen zoals water, stroom en gas heeft, warmte valt hier ook onder. Daarbij is het wettelijk nog niet verplicht voor inwoners om van het gas af te gaan en op een meer duurzame optie over te stappen. Nieuwe wetgeving is wel in de maak.

1.3 De wetgeving rond warmtevoorziening is nog in ontwikkeling. De wetgeving is nog niet goed aangepast aan de warmtetransitie. De wetgeving zou moeten regelen wie deze transitie gaat uitvoeren. Bewoners zijn momenteel niet wettelijk verplicht om van het gas af te gaan of zich aan te sluiten bij een andere voorziening. Er is een nieuwe Wet Collectieve Warmtevoorziening in voorbereiding

5/83

3 van 5

ter vervanging van de huidige Warmtewet. Deze wet zal de groei van collectieve warmtesystemen bevorderen. Het is nu de taak van het volgende kabinet om hiermee aan de slag te gaan zodat het uiteindelijke doel om in 2050 aardgasvrij te zijn, kan worden behaald.

1.4 De techniek is in ontwikkeling. Er gebeurt veel in de energietransitie. Dat veroorzaakt dat er veel innovatie gaande is. We volgen de ontwikkeling van nieuwe technieken en doen onderzoek naar de mogelijkheden in Zutphen voor Thermische Energie uit Oppervlaktewater (TEO) van de IJssel en Thermische Energie uit Afvalwater (TEA) via de rioolwaterzuivering (RIZW). We volgen andere innovaties.

Risico’s Niet beschikbaar komen van voldoende financiële middelen in het gemeentefonds voor de uitvoering van de visie. De visie noemt het beschikbaar komen van Rijksmiddelen als voorwaarde voor de uitvoering.

Communicatie/Vervolgtraject/Uitvoering Bij de voorbereiding van de TVW heeft een groep van enthousiaste inwoners op twee momenten meegedacht en adviezen uitgebracht. Op 26 oktober 2021 is er een informatieavond voor de inwoners gehouden, hierbij is het concept TVW gepresenteerd. Daarnaast is er een enquête via ons inwonerpanel uitgezet over duurzaamheid in het algemeen en de warmtetransitie, waarvan de resultaten deze avond ook zijn gepresenteerd. Vervolgens zijn we met de bewoners in gesprek gegaan om alle nieuwe inzichten met elkaar te delen en de vragen te beantwoorden. Ook waren er een drietal ambtelijke en bestuurlijke overleggen met de stakeholders woningcorporaties, Liander, Waterschap en Zutphen Energie. De gemeenteraad is meegenomen bij de voorbereiding van de TVW op twee momenten:  

Op 18 november 2019 – Forum Regionale Structuur Warmte (onderdeel RES) en Transitievisie Warmte. Op 25 maart 2021 – presentatie aanpak TVW in een Forumspecial.

Rapportage/evaluatie Via de P&C cyclus. Elke vijf jaar wordt de TVW opnieuw geëvalueerd en waar nodig bijgesteld. Hierdoor is en blijft er ruimte om de actuele ontwikkelingen mee te nemen.

Financiën Bij het opstellen van de TVW zijn er geen directe financiële consequenties. Bij de realisatie van de TVW treden er wel financiële consequentie op. Daarom is er in de TVW ook benoemd dat we afhankelijk zijn van het geld dat beschikbaar wordt gesteld.

Bijlagen 1. 2. 3. 4.

Transitievisie Warmte 2021 Gemeente Zutphen Publieksversie TVW 2021 Gemeente Zutphen Presentatie informatieavond TVW 2021 Verslag informatieavond Transitievisie Warmte

Stukken die ter inzage liggen

6/83

4 van 5

ONTWERP BESLUIT Griffienummer:

De raad van de gemeente Zutphen, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 09-11-2021 met nummer 162974; gelet op artikel 108 van de Gemeentewet; besluit: 1. Kennis te nemen van de reacties bij de concept Transitievisie Warmte gemeente Zutphen 2021. 2. De bijgaande Transitievisie Warmte gemeente Zutphen 2021 vast te stellen.

Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Zutphen, gehouden op:

De voorzitter,

de griffier,

7/83

5 van 5

Transitievisie Warmte 2021 1.0 8/83

Inhoudsopgave 1

Inleiding

4

5

1.1 1.2 1.3 1.4

Status van de Transitievisie Warmte Afbakening en samenhang met andere plannen Insteek Zutphense Transitievisie Warmte Totstandkoming van deze visie

5 5 5 5

5.1 Van visie naar uitvoering 5.2 Rolneming gemeente en partners 5.3 Consequenties voor gemeente en partners 5.4 Eerste stappen om planvorming te starten 5.5 Inzet van mensen en middelen 5.6 Evaluatie en vervolg

21 22 22 23 24 24

2

Uitgangspunten en randvoorwaarden

8 Bijlagen

25

Bijlage 0 Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4 Bijlage 5

26 28 29 34 37 39

2.1 Gemeenschappelijke uitgangspunten 2.2 Visie op participatie 2.3 Externe randvoorwaarden

8 9 9

3

Routekaart naar een aardgasvrij Zutphen 11

3.1 3.2 3.3 3.4 3.5

Strategie duurzame warmtevoorziening Lokaal warmteaanbod Het voorkeursalternatief per wijk Startbuurten waar we gaan beginnen Routekaart Zutphen

4

De warmtetransitie voor inwoners

4.1 Wat betekent aardgasvrij wonen? 4.2 Wat kan ik nu al doen? 4.3 Betaalbaarheid en financierbaarheid 4.4 Informatievoorziening

12 13 13 13 15

Begrippenlijst Nadere uitwerking Warmtevraag Beschrijving alternatieve warmtebronnen Toelichting warmte-alternatief per wijk Onderbouwing startbuurten Rekenvoorbeelden individuele woningen

21

Colofon Transitievisie Warmte (versie 1.0) 16 september 2021 | Definitief concept

16 17 17 18 18

Deze visie is opgesteld door Buro Loo, in opdracht van gemeente Zutphen. In nauwe samenwerking met Woonbedrijf ieder1 en Woningstichting Ons Huis, stichting BOG, netbeheerder Liander, energiecoöperatie Zutphen Energie en het Waterschap Rijn & IJssel en een groep betrokken bewoners.

9/83 Transitievisie Warmte 2021 - 1.0 | Gemeente Zutphen

Samenwerken aan de warmtetransitie

2

Voorwoord

Z

utphen is een prettige gemeente om te wonen en werken. Dat willen we ook graag in de toekomst blijven! Daarom moeten we de gevolgen van klimaatverandering beperken. In het Nationaal Klimaatakkoord van 2019

is afgesproken dat elke gemeente een Transitievisie Warmte maakt. Ik ben heel blij dat deze Transitievisie Warmte nu voor u ligt. In dit visiestuk pakken we een van de ingewikkeldste vraagstukken van deze tijd aan: we schetsen welke opties we zien voor toekomstige duurzame warmtebronnen voor onze wijken en buurten. En in welke volgorde de wijken in de komende jaren van het aardgas af gaan. Deze Transitievisie Warmte is opgesteld na gesprekken met inwoners uit de Zutphense wijken en onze partners ZutphenEnergie, Woningcorporaties Woonbedrijf ieder1 en Ons Huis, netwerkbeheerder Liander, waterschap Rijn en IJssel.

Er lijken goede oplossingen voor Zutphen en Warnsveld te zijn, onder andere door de warmte van het water van onze eigen IJssel te gebruiken. Daarbij zijn er veel kansen in onze gemeente voor collectieve oplossingen, zodat we hele buurten in een keer aardgasvrij kunnen maken. Natuurlijk is deze transitie ook spannend. Je huis verwarmen moet voor iedereen bereikbaar blijven en het blijft belangrijk dat mensen niet meer gaan betalen dan op het moment van afkoppelen. Ik zie deze visie als een handvat om samen te werken een duurzaam fijne woon- en werkomgeving in Zutphen. Het is belangrijk dat we met inwoners overleggen en samen besluiten nemen, want het gaat om hun toekomstige leefomgeving en thuis. Zo werken we samen aan een duurzame toekomst voor Zutphen!

Eva Boswinkel Wethouder Duurzaamheid

10/83 Transitievisie Warmte 2021 - 1.0 | Gemeente Zutphen

naar inhoudsopgave

Inleiding

1

11/83

1 Inleiding De gemeente Zutphen wil energieneutraal zijn: duurzaam en zonder aardgas. Nederland heeft het Klimaatakkoord van Parijs ondertekend, net als veel andere landen. Daarin spraken we af om de opwarming van de aarde te beperken tot maximaal 1,5 graad. Om dat te bereiken moet ons energieverbruik in 2050 ongeveer CO2-neutraal zijn. Een van de manieren is: stoppen met het gebruik van aardgas. Bij de verbranding van aardgas komt namelijk CO2 vrij. In het Klimaatakkoord is vastgesteld dat uiterlijk in 2050 alle gebouwen in Nederland van het aardgas af moeten zijn en 20% van de gebouwen in 2030. Aardgas gebruiken we onder meer voor het verwarmen van ons huis, warm water en koken.

De gemeenteraad stelt de Transitievisie Warmte vast. Het klimaatakkoord stelt dat de gemeente daarna elke 5 jaar, of zoveel eerder als nodig, de visie aanpast aan de hand van nieuwe inzichten. Goede ideeën van inwoners, bedrijven, stakeholders en de gemeente scherpen de route naar een aardgasvrij Zutphen steeds verder aan.

De komende jaren gaat Nederland dus stap voor stap van aardgas naar duurzame energie. Huizen worden in de toekomst niet meer met aardgas verwarmd. Ook koken gaat dan zonder aardgas. Alle gemeenten moeten een Transitievisie Warmte (TVW) maken waarin beschreven staat hoe de overstap van aardgas naar een alternatieve duurzame warmtevoorziening de komende jaren wordt gemaakt.

1.2 Afbakening en samenhang met andere plannen De Transitievisie Warmte gaat specifiek over de verduurzaming van alle woningen en gebouwen in Zutphen. Met deze visie geeft onze gemeente richting aan de aanpak van het isoleren en aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving. De Transitievisie Warmte is één van de drie nieuwe planvormen die we in het kader van het nationale Klimaatakkoord opstellen, naast de Regionale Energiestrategie (RES, die ingaat op regionale opwek van duurzame energie) en de Wijkuitvoeringsplannen (WUP’s).

1.1 Status van de Transitievisie Warmte De Transitievisie Warmte is een nieuw instrument om de energietransitie in de gebouwde omgeving te realiseren. Om ervoor te zorgen dat de afspraken uit de TVW juridisch bindend zijn, zullen deze verankerd worden in het omgevingsrecht. De nieuwe Omgevingswet treedt op 1 juli 2022 in werking. De Transitievisie Warmte wordt een onderdeel van de gemeentelijke omgevingsvisie en daarmee samenhangende uitvoeringsprogramma’s en omgevingsplannen.

1.3 Insteek Zutphense Transitievisie Warmte Deze Transitievisie Warmte is geen uitgewerkt plan voor heel Zutphen tot en met 2050. Wel hebben we opgeschreven welke uitgangspunten en kaders we belangrijk vinden. Ook hebben we met de kennis die de afgelopen jaren is opgedaan een routekaart naar een aardgasvrij Zutphen uitgewerkt. Hierin is uitgewerkt welk warmte-alternatief waar logisch is en welke wijken of buurten kansrijk zijn om al vóór 2030 mee te starten.

De daadwerkelijke beslissing om te starten nemen we pas als we zeker weten dat de financiële en juridische randvoorwaarden daarvoor zijn geregeld en er voldoende draagvlak voor is in de wijk. Deze Transitievisie Warmte maakt voor inwoners, verhuurders, maatschappelijke partners en bedrijven helder waar we naar toe werken. In deze visie kunnen inwoners en bedrijven lezen of een collectieve oplossing (een warmtenet of een duurzaam gas op termijn) in hun wijk of buurt voor de hand ligt, of dat zij eerder moeten denken aan een individuele oplossing. We zoomen daarom ook in op wat de inzichten uit deze visie voor inwoners en voor de gemeente en haar partners betekenen. In deze visie spreken we ten behoeve van de leesbaarheid consequent over ‘inwoner’, in nagenoeg alle gevallen kan daarvoor ook bedrijf of gebouweigenaar gelezen worden. In deze visie is niet op straatniveau uitgewerkt welke stappen gezet moeten worden om aardgasvrij te worden. Dat komt later in een zogenaamd wijkuitvoeringsplan aan de orde; in zo’n plan wordt samen met inwoners een definitieve keuze gemaakt voor een warmte-alternatief. 1.4 Totstandkoming van deze visie We kunnen alleen van het aardgas af als we goed samenwerken met alle betrokken stakeholders, inwoners en bedrijven in Zutphen.

Bij het opstellen van de transitievisie hebben we intensief samengewerkt met onze partners: Woonbedrijf ieder1, Woningstichting Ons Huis, stichting BOG, netbeheerder Liander, energiecoöperatie ZutphenEnergie en het Waterschap Rijn & IJssel. Inwoners hebben op verschillende manieren met ons meegedacht en input geleverd voor de inhoud van deze visie:

12/83 Transitievisie Warmte 2021 - 1.0 | Gemeente Zutphen

naar inhoudsopgave

5

• Een groep van enthousiaste inwoners en energiecoaches heeft op twee momenten tijdens de totstandkoming van de visie meegedacht en adviezen uitgebracht over de inhoud. • We hebben een enquête uitgezet over duurzaamheid in het algemeen en de warmtetransitie in het bijzonder. De reacties uit deze enquête zijn als intermezzo verwerkt in deze visie. • In het kader van het visietraject is ook een interactieve bewonersavond georganiseerd. Tijdens deze avond vertelden we inwoners meer over de concept visie en de mogelijkheden voor de verduurzaming van hun eigen huis. We hebben ideeën en suggesties opgehaald en waar mogelijk hebben deze een plek gekregen in de visie. • Tenslotte heeft deze visie ter inzage gelegen voordat we deze ter besluitvorming aan de raad hebben voorgelegd. De bestuurders van deze stakeholders zijn bij de start meegenomen in de opgave en de aanpak, zijn tussentijds geïnformeerd via reguliere voortgangsoverleggen en hebben ingestemd met de conceptvisie. De gemeenteraad is geïnformeerd via raadsinformatiebrieven en een tweetal Forumbijeenkomsten, waarna zij de visie vaststellen.

6

Leeswijzer In dit eerste hoofdstuk staan we stil bij de opgave, de positie en inhoud van de Transitievisie Warmte en de totstandkoming van deze visie.

In hoofdstuk 2 beschrijven we de uitgangspunten en randvoorwaarden. Waar moet het duurzame warmte-alternatief aan voldoen? Hoe gaan we om met participatie van inwoners en bedrijven? En met welke externe randvoorwaarden hebben we te maken?

Hoofdstuk 3 schetst het toekomstbeeld voor de gemeente Zutphen: Wat is het warmte-alternatief per wijk? En in welke buurt starten we met de transitie? Dit vatten we samen in een routekaart voor een aardgasvrij Zutphen.

In hoofdstuk 4 werken we uit wat dit betekent voor de inwoners. Wat kan een inwoner nu al doen en wat zijn de gevolgen van deze warmtetransitie eigenlijk voor een inwoner?

Tot slot staan we in hoofdstuk 5 stil bij wat dit betekent voor de rol van de gemeente en haar partners. We beschrijven hoe we samenwerken aan een succesvolle warmtetransitie in Zutphen.

13/83 Transitievisie Warmte 2021 - 1.0 | Gemeente Zutphen

naar inhoudsopgave

Uitgangspunten en randvoorwaarden

2

14/83

2 Uitgangspunten en randvoorwaarden Samen met onze partners en inwoners hebben we uitgangspunten opgesteld die de basis vormen van de Transitievisie Warmte. Ook hebben we onze visie op bewonersparticipatie bij het aardgasvrij maken van de gemeente concreet gemaakt en externe randvoorwaarden op een rij gezet die noodzakelijk zijn voor een succesvolle uitvoering. 2.1 Gemeenschappelijke uitgangspunten We gaan voor een realistische en haalbare visie. De Transitievisie Warmte moet haalbaar en realistisch zijn. Het is belangrijk dat we de plannen ook echt kunnen realiseren. Dat vraagt om een realistische blik op deze opgave en de gevolgen. Onze ambitie is de CO2-reductie zoals afgesproken in het Klimaatakkoord. Daarvoor moeten wel de benodigde mensen en middelen beschikbaar komen. En zijn we mede-afhankelijk van de inzet van alle partners, inwoners en bedrijven. Om het succes van deze visie te meten vinden we het van belang de inzet op CO2-reductie (duurzaamheid) inzichtelijk te maken en de bereikte resultaten te monitoren om zo nodig bij te kunnen sturen. Naast CO2-reductie willen we ook maatregelen van individuele woningeigenaren monitoren. We streven naar een robuuste en betrouwbare warmtevoorziening op basis van lokale duurzame warmtebronnen. Het aardgasvrije warmte-alternatief moet werken. We streven naar een betrouwbare warmtevoorziening.

We willen ervoor zorgen dat iedereen een warm huis heeft in de winter. Alle lokaal beschikbare warmte(bronnen) willen we gebruiken als dat voldoende haalbaar en betaalbaar is. Het tekort aan duurzame warmtebronnen moeten we aanvullen met groene elektriciteit (al dan

niet in combinatie met omgevingswarmte uit de bodem en lucht). Warmte-alternatieven die gebruik maken van slimme combinaties aan bronnen en opslag zijn vanuit het oogpunt van robuustheid en leveringszekerheid gewenst. Open warmtenetten kunnen daar een belangrijke bijdrage aan leveren. We houden de betaalbaarheid van de gekozen warmteoplossing scherp in het oog. De warmtetransitie brengt kosten met zich mee. Een belangrijk uitgangspunt in de Zutphense Transitievisie Warmte is betaalbaarheid. Voor woningeigenaren en huurders moet de transitie betaalbaar blijven. Omdat Zutphen relatief veel huurwoningen kent, willen en moeten we voorkomen dat de rekening bij huurders komt te liggen. In dat kader is ook het voorkomen van ‘energie-armoede’ een belangrijk speerpunt (zie ook paragraaf 4.3). Het uitgangspunt daarbij is dat een warmte-alternatief niet duurder mag zijn dan de gemiddelde jaarlijkse gasrekening. Dat wordt vergeleken bij de vaststelling van het wijkuitvoeringsplan. Naast de betaalbaarheid voor de woning-eigenaren en huurders letten we ook op de maatschappelijke kosten. Dit zijn kosten voor de maatschappij als geheel. Denk bijvoorbeeld aan de kosten voor het aanleggen van een warmtenet. Een leidend principe is dat het warmtealternatief met de laagste maatschappelijke kosten de voorkeur verdient.

We willen kansen benutten om werkzaamheden te combineren en daarmee overlast en kapitaalvernietiging voorkomen. Wanneer de straat opengaat biedt dat kansen om werk met werk te maken. We willen zoveel mogelijk werkzaamheden aan de weg, het riool en/of een gebouw combineren. Een voorbeeld daarvan is: het verwijderen van een afgeschreven gasnet combineren met de aanleg van een nieuwe warmtenet, de aanpak van woningen en het klimaatrobuust (waterbestendig) inrichten van een straat. Soms liggen deze kansen ook in het sociaal domein doordat projecten een bijdrage kunnen leveren aan de lokale werkgelegenheid (werkmakers). Als er veel van deze koppelkansen op één moment in één buurt samenkomen zien we dat als een goede aanleiding om te starten met de warmtetransitie. 8

We willen participatie en draagvlak bij bewoners borgen. Op dit moment is het wettelijk niet mogelijk mensen verplicht van het gas af te sluiten. Vrijwilligheid is (vooralsnog) het uitgangspunt. De mate van acceptatie voor de gekozen oplossingsrichting vinden we daarbij erg belangrijk. Voor woningcorporaties is het volgens de huidige wet- en regelgeving verplicht dat 70% van de huurders instemt met een wijziging van warmtebron en servicekosten. In de volgende fase van het uitwerken van de visie in wijkuitvoeringsplannen zetten we daarom in op het maximaal meekrijgen van inwoners. We baseren onze visie op ‘de kennis van nu’, richting de toekomst staan we open voor innovatie en vernieuwing. Deze Transitievisie Warmte gaat over de toekomst, maar we hebben geen glazen bol. Daarom baseren we ons in de visie op de kennis van nu. We kiezen oplossingen

15/83 Transitievisie Warmte 2021 - 1.0 | Gemeente Zutphen

naar inhoudsopgave

die de huidige stand van techniek ons kan bieden. Dat betekent niet dat we niet open staan voor innovatie. Waar we kansen zien voor nieuwe technieken en aanpakken maken we daar graag ruimte voor in onze plannen. Ook passen we onze strategie daar in de toekomst zo nodig op aan. Denk bijvoorbeeld aan een pilotproject met hybride warmtepompen op waterstof. 2.2 Visie op participatie Gemeenten hebben de regierol om het aardgasvrij maken wijk voor wijk vorm te geven. Dat staat of valt bij het goed betrekken van en communiceren met inwoners en gebouweigenaren. In lijn met de Zutphense Samenspraakwijzer (zie bijlage 6) onderscheiden we de volgende participatietreden in de warmtetransitie: informeren, raadplegen, adviseren, meebeslissen en coproduceren. De mate van participatie is afhankelijk van de fase waarin de warmtetransitie zich bevindt en de activiteiten op dat moment. Participatie in de Transitievisie Warmte Bij het opstellen van deze Transitievisie Warmte hebben we inwoners geïnformeerd, geraadpleegd en om advies gevraagd (zoals beschreven in paragraaf 1.4). Om actieve inwonerbetrokkenheid te borgen en indien mogelijk te vergroten, leggen we de volgende uitgangspunten over participatie vast voor de uitvoering van de Transitievisie Warmte: 1 Actieve inwonerbetrokkenheid van groot belang

Wij vinden dat de betrokkenheid van inwoners(groepen) om meerdere redenen van belang is, zowel bij de keuze van het warmtealternatief, het opstellen van het wijkwarmteplan, de ontwikkelfase, de realisatiefase als in de beheerfase. Daarom streven we per fase naar een passend niveau van participatie.

2 Ondersteuning van initiatieven waar mogelijk

We zien steeds vaker inwoners(groepen) die zelf initiatief nemen en de gemeente vragen aan te haken en hun initiatief te faciliteren. Deze vorm van omgekeerde participatie noemen we ‘zelf organiseren’. Dit ‘zelf organiseren’ lijkt een logische aanvulling op de huidige participatietreden van de Zutphense Samenspraakwijzer. Waar mogelijk willen wij deze initiatieven stimuleren en ondersteunen, zowel bij verduurzaming van de eigen buurt als de keuze van het warmtealternatief. Gelijkwaardige samenwerking bij de wijkuitvoeringsplannen Het opstellen van wijkuitvoeringsplannen, die we maken voor buurten die als eerste aardgasvrij worden, verloopt in meerdere fases met inzet op diverse treden van de genoemde Samenspraakwijzer. Per wijk of buurt gaan we in overleg met de inwoners om te beoordelen welke trede van de participatieladder haalbaar is per fase. Een belangrijk onderdeel hierbij is een open en lerende aanpak. Op dit moment worden er volop ervaringen opgedaan in Zutphen. Onder meer met het project ‘Wijk van de Toekomst’, in de buurten VoorsteralleekwartierNoord en Berkelpark. Daar wordt door middel van een wijkgerichte aanpak gewerkt aan het aardgasvrij maken van een bestaande wijk. Deze en andere ervaringen gaan de gemeente en inwoners en andere gebouweigenaren helpen om tot werkende aanpakken te komen.

2.3 Externe randvoorwaarden Naast de gemeenschappelijke uitgangspunten is er een aantal externe randvoorwaarden dat ingevuld moet worden voor een succesvolle uitvoering van de Transitievisie Warmte. Het gaat dan om:

1 Passende financiering voor warmtetransitie

De transitie naar aardgasvrije wijken is een omvangrijke opgave die vraagt om omvangrijke investeringen. Zowel van (individuele) woningeigenaren als van maatschappelijke organisaties. Financierbaarheid is daarom een cruciale randvoorwaarde voor het slagen van de warmtetransitie. Binnen de wijkaanpak streven we naar woonlastenneutraliteit1 voor woningeigenaren. Een bijdrage van overheden (denk aan provincie of Rijk) in de vorm van subsidies blijkt vooralsnog vaak onmisbaar om tot rendabele projectrealisatie over te gaan. Tijdens het schrijven van deze Transitievisie Warmte is nog niet duidelijk hoe de financieringsstructuur er precies uit zal komen te zien. 2 Aanpassing wet- en regelgeving op diverse terreinen

Om de transitie naar aardgasvrije wijken in Nederland mogelijk te maken, is het belangrijk dat wet- en regelgeving daarbij helpt of dat in ieder geval niet belemmert. Zo is in het Klimaatakkoord onder meer afgesproken dat er een algemene, gemeentelijke afsluitbevoegdheid komt, waarmee het transport van aardgas in aangewezen wijken kan worden beëindigd. Een ander belangrijk punt is het kunnen sturen op het soort warmtebedrijf dat passend is voor de lokale situatie en het kunnen sturen op een publieke warmte-infrastructuur. Hiervoor is zorgvuldige aanpassing van wetgeving (Warmtewet 2.0) nodig, wat een flinke doorlooptijd met zich meebrengt. Op dit moment is deze wetgeving nog in de maak. 3 Duidelijkheid over invulling regierol gemeente

De gemeente Zutphen heeft de regierol/regiefunctie in het aardasvrij maken van wijken en buurten. Dat is een nieuwe taak voor de gemeente. Hierbij hoort bijvoorbeeld het opstellen van een Transitievisie Warmte en later ook de wijkuitvoeringsplannen op wijk- of buurtniveau. Essentieel

1 Het kabinet ziet ‘woonlastenneutraliteit’ als het gelijk blijven of lager worden van de maandelijkse lasten die een huishouden betaalt aan energie (gas, elektriciteit, warmte) en hypotheeklast of huur. Dat wil zeggen dat de verlaging van de energierekening van een huishouden minimaal gelijk is aan de maandelijkse financieringskosten of huurverhoging op het moment dat de energiebesparende maatregelen worden genomen. Door de maatregelen verbetert daarnaast vaak ook het wooncomfort en zal de waarde van een woning naar verwachting stijgen. Het kabinet streeft naar woonlastenneutraliteit voor zoveel mogelijk mensen door de gemiddelde kosten voor energie te verlagen, subsidies te geven en aantrekkelijke financieringsmogelijkheden te bieden. Omdat ieders persoonlijke situatie anders is, kan het kabinet niet met zekerheid zeggen dat de veranderingen voor iedereen woonlastenneutraal zullen zijn (bron: https://www.klimaatakkoord.nl/gebouwde-omgeving/vraag-en-antwoord/woonlastenneutraliteit).

16/83 Transitievisie Warmte 2021 - 1.0 | Gemeente Zutphen

naar inhoudsopgave

9

is op welke wijze de gemeente die regierol verder gaat invullen richting alle stakeholders die betrokken zijn bij de wijkgerichte aanpak. De keuze daarin is onder andere afhankelijk van het soort opgave, de aanpassing van weten regelgeving (zie punt 2) en de beschikbare capaciteit en middelen. We komen hier in hoofdstuk 5 op terug. Betekenis voor de uitvoering De benoemde randvoorwaarden blijven de komende jaren veranderen. De transitie naar een aardgasvrije toekomst is en blijft complex en onvoorspelbaar. Dat vraagt om een scherpe en heldere Transitievisie Warmte om binnen deze dynamische context tot besluitvorming en voortgang in projecten te komen. Zolang niet helder is in welke mate invulling aan deze randvoorwaarden wordt gegeven, kiezen de Zutphense partners ervoor slechts met enkele wijkbuurten van start te gaan met de warmtetransitie. Na de start van het project willen we dat ook samen tot een goed einde kunnen brengen.

10

17/83 Transitievisie Warmte 2021 - 1.0 | Gemeente Zutphen

naar inhoudsopgave

Routekaart naar een aardgasvrij Zutphen

3

18/83

3 Routekaart naar een aardgasvrij Zutphen In Zutphen staan verdeeld over 6 wijken ruim 22.000 woningen en ongeveer 2.700 overige gebouwen, zoals kantoren, scholen en zorgcomplexen. Het warmteverbruik van deze gebouwde omgeving (ongeveer 1.471 terra joule in 2019) is samen goed voor 40% van het totale energie­ verbruik in de gemeente Zutphen. Voor al deze gebouwen moeten we een duurzaam warmte­ alternatief vinden. In de routekaart beschrijven we de oplossingsrichting per wijk en de planning. 3.1 Strategie duurzame warmtevoorziening De strategie om de warmtevoorziening van Zutphen in de toekomst volledig aardgasvrij te maken baseren we op 4 pijlers. A) Warmtevraag beperken door goed isolatie en zuinige apparaten De eerste stap die we zetten in de warmtetransitie is het zo veel mogelijk beperken van de vraag naar warmte (en koude) door goede isolatie en het gebruik van energiezuinige installaties en apparaten. Dit is belangrijk, want voor alle energie die we besparen hoeft geen duurzaam alternatief gevonden te worden. Hoeveel er per woning bespaard kan worden (door het nemen van isolatiemaatregelen) hangt af van het type woning, de bouwperiode en de renovaties die in het verleden hebben plaatsgevonden2. In bijlage 1 is de warmtevraag en de ontwikkeling daarvan nader omschreven.

B) Hybride warmtepomp als mogelijke tussenstap Een hybride warmtepomp is een combinatie van twee technieken. Een elektrische warmtepomp die gecombineerd wordt met een gasgestookte CV-ketel. De CV-ketel is bedoeld om piekvragen op te vangen. Een gebouw met een hybride warmtepomp blijft dus 2

is voor beter geïsoleerde woningen. Bij voorkeur is de elektriciteit afkomstig van een duurzame energiebron zoals zonnepanelen. Dit warmte-alternatief noemen we ‘allelectric’. Daarnaast is een hoog temperatuur warmtepomp ook een optie. Dit is voornamelijk voor de oudere huizen die veel warmte verliezen een goed alternatief. Ook zijn er bij de aanleg van dit warmtalternatief weinig ingrijpende veranderingen aan het huis nodig. 2 Collectieve oplossing

aangesloten op het gasnet. Een hybride warmtepomp met goede isolatie kan zorgen voor veel minder gebruik van het aardgas. Het kan een goede tussenstap zijn op weg naar volledig aardgasvrij. Vooral als er geen warmtenet oplossing is of een overstap naar all-electric op dit moment alleen mogelijk is tegen te hoge kosten.

Warmtenetten zijn collectieve netwerken van warm water waarmee woningen en andere gebouwen verwarmd worden, zoals sommige steden stadsverwarming kennen. De warmte wordt via een warmtenet getransporteerd van een bron naar de individuele woningen of gebouwen. Mogelijke bronnen voor warmtenetten zijn:

C) Overstap van aardgas naar een duurzaam warmtealternatief Er zijn drie hoofdoplossingen om gebouwen te verwarmen met een alternatieve duurzame (aardgasvrije) warmtebron:

• restwarmte van bedrijven • warmte uit oppervlakte en afvalwater (aquathermie) • warmte uit bodemenergie (geothermie).

12

1 Individuele oplossing

Woningeigenaren die overgaan op een individuele oplossing kiezen voor een alternatief voor aardgas dat in of rondom de woning wordt gerealiseerd. Ze zijn hiermee in principe niet afhankelijk van wat hun buren doen en kunnen op een voor hen wenselijk moment overstappen van aardgas op een duurzame techniek. Dit alternatief is daarmee ook een terugvaloptie als er geen collectieve oplossingen of alternatieve gassen voor handen zijn. Een elektrische warmtepomp maakt gebruik van omgevingswarmte uit lucht, bodem of water. Dit is een individuele oplossing die met name geschikt

Warmtenetten komen voor in verschillende temperatuurniveaus. Of een warmtenet een geschikt alternatief is voor aardgas hangt af van de aanwezigheid van een warmtebron, de vraag naar warmte en de kosten voor het verkrijgen van de warmte. Een kleinschalig collectief is een ander warmtealternatief. Hierbij kun je al vanaf 10 woningen collectief gebruik maken van een lokale warmtebron. Dit kan gaan om warmtenetten, maar ook om andere duurzame opties zoals bijvoorbeeld gezamenlijk een buffervat benutten van bodemwarmte. Het voordeel hiervan is dat er maatschappelijk minder druk op het e-net komt te liggen wat zorgt voor lagere maatschappelijke kosten. Ook hebben de bewoners hier zelf meer zeggenschap.

Via websites van Milieucentraal en MijnSlimmeWijk is veel gedetailleerde informatie te vinden over de isolatie- en bespaarmogelijkheden per type woning en bouwperiode.

19/83 Transitievisie Warmte 2021 - 1.0 | Gemeente Zutphen

naar inhoudsopgave

3 Duurzame gassen

Op die plekken waar geen all-electric of warmtenet mogelijk is maken we gebruik van een duurzaam gas, zoals biogas, groen gas of groene waterstof. Via bestaande of nieuwe gasnetten kunnen deze duurzame gassen worden vervoerd. De toekomstige beschikbaarheid van deze hernieuwbare gassen is nog grotendeels onbekend. Wel weten we nu al dat de mogelijkheden voor biogas/ groengas in Zutphen heel beperkt zijn. Over het gebruik van waterstof in de gebouwde omgeving in de toekomst is nog veel onduidelijk. We gaan daarom nu nog niet uit van gebruik op grote schaal, maar zetten in op het stimuleren van lokale waterstofpilots. Op industrieterrein De Mars zijn enkele bedrijven gevestigd met een hoog elektriciteitsgebruik en een hoge warmtevraag. Zij onderzoeken of het mogelijk is een waterstoffabriek te realiseren. Mogelijk levert deze ontwikkeling ook een kans op voor restwarmte die gebruikt kan worden in het centrum. D) Innovaties blijven volgen De markt voor oplossingen staat niet stil. Er wordt op dit moment gewerkt aan andere warmte-oplossingen, zoals een volledig elektrische warmtepomp die ook geschikt is voor minder goed geïsoleerde woningen. Veel van deze technieken zijn helaas nog niet voldoende betaalbaar voor marktpartijen en consumenten (marktrijp). De ontwikkelingen houden we de komende jaren scherp in de gaten.

Wanneer we deze technieken wel kunnen inzetten, dan nemen we dat op in de nieuwe versie van de Transitievisie Warmte. 3.2 Lokaal warmteaanbod Op gemeentelijk niveau is het beschikbare duurzame warmteaanbod vergeleken met de warmtevraag. De conclusie van deze vergelijking is dat er veel duurzame warmtebronnen beschikbaar zijn voor Zutphen om van het aardgas af te gaan. Een groot deel van deze warmte is afkomstig van restwarmtebronnen (o.a. de rioolwaterzuiveringsinstallatie en FrieslandCampina) en uit oppervlaktewater (o.a. IJssel, grote plassen,

grachtenstelsel). Het ontbrekende deel kan aangevuld worden met omgevingswarmte uit lucht en bodem (allelectric). De potentie voor lokaal geproduceerde duurzame gassen is heel beperkt en naar verwachting erg kostbaar om binnen de gestelde randvoorwaarden in te zetten voor de verduurzaming van de gebouwde omgeving. De ontwikkelingen daarvan blijven we nauwgezet volgen. In bijlage 2 is een uitvoerige omschrijving van alle warmtealternatieven en potenties van bronnen en de warmtematch uitgewerkt. 3.3 Het voorkeursalternatief per wijk Om te bepalen welk warmte-alternatief waar het meest voor de hand ligt, zijn de Zutphense wijken en buurten onderzocht. Daarbij is in hoofdzaak gekeken naar drie criteria: de bebouwingsdichtheid en hoe oud de gebouwen zijn. Het criterium bebouwingsdichtheid is bepalend of er voldoende vraag is voor een warmtenet. Het criterium bouwjaar en de mate van isolatie zijn bepalend voor het benodigde temperatuurniveau van de alternatieve warmtebron. Bij matig geïsoleerde oude woningen kunnen we alleen met een hoge temperatuursysteem (HT) werken. Bij jongere goed geïsoleerde woningen kan een lage temperatuursysteem (LT) ingezet worden. In het figuur op de volgende pagina is deze afweging en het daaraan gekoppelde warmte-alternatief schematisch weergegeven: Lage bebouwingsdichtheid

Hoge bebouwingsdichtheid

Oude woning

Nieuwe woning

Oude woning

Nieuwe woning

• Biogas • Biomassa • Waterstof • Omgevingswarmte

Omgevingswarmte: lucht en bodemgekoppelde warmtepompen

• HT restwarmte • Geothermie

• LT en MT restwarmte • WKO • Aquathermie

(HT warmtepomp)

Aanvullend is onderzocht of de bronnen ook daadwerkelijk beschikbaar zijn voor een specifieke wijk. Het voorkeursalternatief op wijkniveau in Zutphen is: Wijk

Voorkeursalternatief

Centrum De Hoven

Divers eindbeeld: waterstof als pilot voor historische stadskern, collectief warmtenet en individuele oplossingen

Noordveen

Collectief Warmtenet met RWZI als voedingsbron

Waterkwartier

Collectief Warmtenet met RWZI en Aquathermie op basis van grachtenstelsel, IJssel als voedingsbron

Zuidwijken

Collectief Warmtenet met Aquathermie op basis van grote plassen en Geothermie als voedingsbron

Warnsveld

Divers eindbeeld: voornamelijk individueel, evt. collectief warmtenet

Leesten

All-electric 13

In de landelijke Startanalyse van het PBL is op basis van openbare data bepaald welke alternatief waar het meest voor de hand ligt, op basis van het criterium: laagste maatschappelijke kosten. Voor 26 van de 31 buurten in Zutphen komt de landelijke analyse overeen met de lokale uitwerking. In 5 buurten is lokaal een andere afweging gemaakt. In bijlage 3 worden deze afweging nader toegelicht. 3.4 Startbuurten waar we gaan beginnen Met een overzicht van de warmte-oplossingen per wijk dient de vervolgvraag zich aan: waar gaan we starten met het aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving? Omdat het wijkniveau te groot en te verschillend is om in een keer mee te starten kiezen we ervoor in te zoomen op buurtniveau. Binnen de wijken hebben we afgewogen in welke buurten het logisch is om te starten met het aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving. Deze

20/83 Transitievisie Warmte 2021 - 1.0 | Gemeente Zutphen

naar inhoudsopgave

buurten noemen we ‘startbuurten’. Dit voorstel is samen met alle samenwerkingspartners uitgewerkt, dat geeft houvast in de planning en uitvoering van werkzaamheden, zeker ook met het oog op noodzakelijke langetermijn investeringen. Wel geldt voor alle startbuurten dat in de op te stellen wijkuitvoeringsplannen de haalbaarheid en betaalbaarheid van het definitieve warmte-alternatief en het draagvlak van de bewoners daarvoor nog moeten vastgesteld.

de complete waardering van alle Zutphense buurten weergegeven. De uitkomst van deze waardering is dat er binnen 4 Zutphense wijken 6 startbuurten zijn aangewezen:

Afweegcriteria voor startbuurten Om te bepalen welke buurten we het meest geschikt vinden om te beginnen met een gebiedsgerichte aanpak, hebben we vijf verschillende afweeg-criteria gebruikt. Deze criteria zijn: Criterium

Definitie

Beschikbaarheid warmtebron

Is er een warmtebron beschikbaar die ontsloten kan worden?

Robuuste warmtevraag

Is er een hoge warmtevraag en een hoog percentage huurwoningen?

Maatschappelijke kosten (op basis van kosten PBL)

Wat is het gewogen gemiddelde aan maatschappelijke kosten per buurt bij de verschillende warmtestrategieën?

Betaalbaarheid inwoners

Zijn de kosten voor eindgebruikers betaalbaar?

Starten met meekoppelkansen

Zijn er technische en/of sociale meekoppelkansen die gecombineerd kunnen worden met warmtetransitie?

Gekozen startbuurten in Zutphen Het toetsen aan deze criteria zorgt voor een waardering (afweging) van alle buurten en een score die de geschiktheid uitdrukt om te beginnen. In bijlage 4 is

Wijk

Startbuurt (voor 2030)

Centrum

Geen startbuurt.

Waterkwartier

1. Helbergen 2. Zeeheldenbuurt

Noordveen

3. Voorsterallee-kwartier

Zuidwijken

Geen startbuurt.

Leesten

4a. Looërenk & Woud; andere buurten in Leesten inzetten op het benutten van natuurlijk vervangingsmoment.

Warnsveld

4b. Overkamp in combinatie met LeestenOost (4a).

Met de gekozen startbuurten komen er in totaal zo’n 4.000 woningen in aanmerking om tot en met 2030 aardgasvrij te worden. Met de keuze voor deze wijken en startbuurten voldoet onze gemeente aan de gestelde opgave vanuit het Klimaatakkoord. Of aardgasvrij in 2030 ook daadwerkelijk haalbaar is moet nog blijken, omdat de gebiedsgerichte aanpak een traject is vol onzekerheden en de techniek en ook de financiële haalbaarheid nog volop in ontwikkeling zijn. Ook kan tijdens de uitvoering blijken dat het wenselijk is om de grenzen van de buurt aan te passen. Zoals omschreven in paragraaf 2.3 kiezen de partners ervoor om bij veel onzekerheden projectmatig te starten. Iedere vijf jaar wordt de transitievisie warmte namelijk opnieuw geactualiseerd. Vanaf 2026 is er weer meer informatie beschikbaar en zullen de onzekerheden steeds meer worden ingeperkt. Dan zal er ook een planning kunnen worden gemaakt voor de startdatums van de overige wijken. Tegen deze achtergrond zien de partners de opgave in de startbuurten dan ook als inspanningsverplichting en niet als resultaatsverplichting.

14

Wat doen we met wijken waar we niet starten? Niet alle wijken van Zutphen komen terug in voorgaand overzicht. We gaan de komende jaren aan de slag in de 4 startbuurten. Daar leren we van en die lessen kunnen we vervolgens toepassen in de rest van Zutphen. Verder geldt in alle gevallen en voor bijna alle woningen dat het isoleren van een woning en het installeren van een hybride warmtepomp een belangrijke geen spijt (no-regret) maatregel is die vandaag al genomen kan worden. In hoofdstuk 4 gaan we daar verder op in.

21/83 Transitievisie Warmte 2021 - 1.0 | Gemeente Zutphen

naar inhoudsopgave

3.5 Routekaart Zutphen In onderstaande kaart zijn in kleur de warmte-alternatieven per wijk weergegeven en zijn de 4 startbuurten gearceerd:

De voorgestelde alternatieven zijn voorwaardelijk. Dat betekent dat we alleen beginnen als een overstap naar een schoon alternatief voor aardgas haalbaar en betaalbaar is. We schrijven het warmte-alternatief per wijk niet voor. Het voorkeursalternatief in de routekaart geeft een indicatie van het meest waarschijnlijke warmtealternatief. Het staat gebouweigenaren vrij om voor een ander alternatief te kiezen. Voor de gemeente is de routekaart een belangrijk instrument, omdat de kaart inzicht geeft in de rol van de gemeente in verschillende situaties. Het warmtealternatief bepaalt namelijk in belangrijke mate de afstemming en kostenverdeling die nodig is. In gebieden waar een warmtenet komt, zal de gemeente waarschijnlijk de leiding daarin nemen. In gebieden waar gebouweigenaren zelfstandig een alternatief kunnen realiseren, wenst de gemeente dit te ondersteunen. In de wijkuitvoeringsplannen wordt dit verder uitgewerkt.

Legenda Warmte-alternatieven: Collectief Warmtenet All-electric Pilot Waterstof Divers eindbeeld Individuele oplossing

22/83 Transitievisie Warmte 2021 - 1.0 | Gemeente Zutphen

naar inhoudsopgave

15

De warmtetransitie voor inwoners

4

23/83

4 De warmtetransitie voor inwoners Bewonersparticipatie bij de transitie naar aardgasvrije wijken is noodzakelijk. Het overstappen naar een alternatief voor aardgas is een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Participatie heeft daarnaast ook een praktische reden: een groot deel van de maatregelen zal immers bij de bewoners thuis plaatsvinden. Ons uitgangspunt (zie paragraaf 2.2) is dan ook om bewoners en gebouweigenaren actief te betrekken bij de warmtetransitie. In dit hoofdstuk beschrijven we wat dit betekent voor inwoners. 4.1 Wat betekent aardgasvrij wonen? Aardgasloos wonen betekent een grote verandering voor een eigenaar van een gebouw of woning. Ongeveer 80% van het gasverbruik gaat naar het verwarmen van een woning, 20% naar het gebruik van warm water en een klein percentage wordt gebruikt voor het koken. Voor het koken moet een overstap gemaakt worden op elektrisch koken. Er zijn grofweg 4 manieren waarop de verwarming van een woning aardgasvrij kan worden, met daarbinnen meerdere varianten: • Aansluiten op een collectief warmtenet; • Individuele oplossingen, zoals het volledig elektrisch verwarmen van de woning (dit noemen we: all-electric); • Het gebruik van een alternatief duurzaam gas, zoals groengas of waterstof; • Tenslotte is er een mogelijkheid om twee technieken te combineren en zo minder aardgas te gebruiken, dat noemen we een hybride oplossing.

Niet alle manieren zijn geschikt voor elke woning of wijk. Dat hangt af van het type woning, het bouwjaar, de mate van isolatie, het gebruik van verwarming en warm water. In het vorige hoofdstuk zijn de voorkeuren per wijk uitgewerkt. Er zijn nu al wel verschillende maatregelen die genomen kunnen worden om op termijn volledig aardgasvrij te wo-

nen. Dit hoeft niet in één keer, maar kan vaak in meerdere stappen en over meerdere jaren worden gedaan. In paragraaf 4.2 beschrijven we wat u als inwoner nu al kan doen. 4.2 Wat kan ik nu al doen?

17

Wanneer is mijn wijk of buurt aan de beurt? Woont u in één van de volgende startbuurten? NR

Startbuurt

Warmte-alternatieven:

1

Helbergen

Collectief Warmtenet

2

Zeeheldenbuurt

Collectief Warmtenet

3

Voorsterallee-kwartier

Collectief Warmtenet

4

Leesten Oost (Looërenk en Woud) & Overkamp

All-electric (op natuurlijk moment)

Dan is uw buurt als één van de eerste aan de beurt om verwarmd te worden met iets anders dan aardgas. Onze ambitie is dat de woningen in deze wijken vóór 2030 van het aardgas af zijn. Een buurt gaat niet zomaar van het aardgasnet. Dit vraagt veel voorbereiding. Het zal enkele jaren duren, waarschijnlijk minimaal 8 jaar.

Hoe gaat het verder in deze startbuurten? Vanaf 2022 gaan we samen met bewoners en gebouweigenaren een plan maken voor deze buurten. Zo’n plan voor de buurt heet een Wijkuitvoeringsplan (WUP). In dat plan staat hoe de woningen van het aardgas af gaan. En op welke manier uw woning daarna verwarmd wordt. Ook staat daarin wat het kost en wie dit gaat betalen. De gemeente dwingt nu niemand om van het aardgas af te gaan. Samen met andere bewoners en gebouweigenaren in de wijk kiest u het beste alternatief voor aardgas. U kunt daar dus zelf over meedenken als dit aan de orde is in uw wijk. Woont u in een andere wijk? Dan staat uw woning later in de planning om afscheid te nemen van aardgas. U kunt zich al wel voorbereiden voor als uw wijk aan de beurt is.

24/83 Transitievisie Warmte 2021 - 1.0 | Gemeente Zutphen

naar inhoudsopgave

No-regretmaatregelen U kunt al kleine stappen nemen, waar u geen spijt van krijgt (no-regret). Dit zijn stappen die in alle gevallen logisch zijn om te doen: Natuurlijke momenten bij onderhoud of verbouwing Als u van plan bent te verbouwen of als onderdelen in uw huis aan vervanging toe zijn, kunt u op dat moment kiezen voor een duurzamer alternatief of variant, bijvoorbeeld: • Wanneer uw CV-ketel aan vervanging toe is, koop of lease dan een zuinigere variant. Het liefst combineert u die met een slimme thermostaat. En stel uw CV-temperatuur in op 60 graden. • Als uw huis al voldoende geïsoleerd is, kunt u er ook een hybride warmtepomp aan koppelen. Laat u adviseren of een aardgasvrij alternatief in uw woning mogelijk en verstandig is. • Gaat u een nieuwe keuken uitzoeken, zorg alvast dat u bent voorbereid op gasloos koken. Kies voor een inductiekookplaat en een elektrische oven. • Gaat u verbouwen, isoleer dan direct uw dak, (spouw)muur, vloer en glas. Isoleren van uw woning Het belangrijkste is dat u ervoor zorgt dat u nu al minder aardgas nodig heeft voor het verwarmen van uw woning. Dat kunt u doen door uw koopwoning te isoleren. Denk daarbij aan vloerisolatie, dakisolatie, spouwmuurisolatie of glasisolatie. Isoleren is altijd goed. En voor sommige alternatieven is het zelfs nodig. Met isolatie maakt u uw woning gereed voor een overstap.

Let bij isoleren wel op dat de woning goed geventileerd blijft.

18

Maatregelen op basis van bouwjaar Met het bouwjaar van uw woning kunt u hiernaast zien wat u kunt doen. In de figuur hiernaast is een verschil gemaakt tussen ‘no-regret’ maatregelen en aanvullende maatregelen. ‘No-regret’ wil zeggen ‘geen spijt’. Van deze maatregelen krijgt u geen spijt, omdat ze altijd nodig zijn voor het verwarmen van uw woning, ook zonder aardgas. De aanvullende maatregelen kunt u later nemen, als duidelijk is waarmee u uw woning gaat verwarmen. Ben u huurder? Dan zorgt de verhuurder of woningcorporatie in overleg met u, indien mogelijk, voor grote ingrepen, zoals isolatie. U kunt zelf eventueel wel tochtstrippen plaatsen of radiatorfolie achter uw radiatoren aanbrengen. Vraag na bij uw verhuurder of woningcorporatie wat de plannen zijn voor uw woning.

3

Vereniging Eigen Huis. (2018). Wat de woningbezitter betaalt als we stoppen met aardgas. Eigen Huis Magazine, juni 2018. Zie samenvatting in bijlage 5.

25/83 Transitievisie Warmte 2021 - 1.0 | Gemeente Zutphen

naar inhoudsopgave

4.3 Betaalbaarheid en financierbaarheid De verschillende doelgroepen hebben allemaal hun eigen financiële uitdagingen. Er is geen ‘one-sizefits-all’ oplossing, zo blijkt uit de routekaart en het handelingsperspectief. Gaandeweg de transitie moet er daarom steeds gezocht worden naar de juiste financiële ondersteuning en mogelijkheden om de kosten te dekken. In deze visie noemen we geen exacte bedragen, omdat we verkeerde verwachtingen willen voorkomen. Wel is zeker dat de overgang naar aardgasvrij wonen ook bewoners en bedrijven geld gaat kosten. Op dit moment is er nog niets te zeggen over de hoogte van deze kosten per woning. Dit hangt namelijk af van de definitieve warmteoplossing voor een buurt. Die keuze wordt gemaakt in het wijkuitvoeringsplan (zie paragraaf 5.1). Daarnaast zullen de kosten op woningniveau sterk van elkaar verschillen. De kosten hangen onder meer af van: • het bouwjaar van de woning; • de staat van de woning; • het type woning; • de energiemaatregelen die al in de woning zijn genomen. Het voorkómen van energiearmoede is daarbij van groot belang. Energiearmoede wil zeggen dat iemand 10 procent of meer van het inkomen uitgeeft aan energie.

Deze inwoners zijn dus een groot deel van hun inkomen kwijt aan energiekosten en kunnen daardoor (op termijn) energiebesparende maatregelen in hun huis ook niet of moeilijk betalen. Onze gemeente zet zich in om dit tegen te gaan. Vereniging Eigen Huis heeft in 2018 een onderzoek3 laten uitvoeren hoe de kosten er voor een inwoner uit kunnen zien. Dit zijn geen exacte kosten. Maar de kosten geven wel een beeld van wat inwoners kunnen verwachten. Meestal gebeurt de aanpassing van een woning naar een aardgasvrije situatie in meerdere stappen en jaren. Vaak worden daarbij natuurlijke vervangingsmomenten benut om de woning te verduurzamen. Duurzame investeringen in de woning leiden tot lagere energielasten en meer wooncomfort. Subsidies en leningen zijn onmisbaar Het is duidelijk dat subsidies en leningen onmisbaar zijn in de transitie naar aardgasvrij wonen in Nederland en dus ook in de gemeente Zutphen. De leningen en subsidies veranderen wel in de loop van de tijd. Een actueel overzicht met de mogelijke subsidies en leningen waar individuele woningbezitters gebruik van kunnen maken is te vinden op de website van het Energieloket (zie de link in het kader onderaan deze pagina).

4.4 Informatievoorziening Veel inwoners en ondernemers hebben vragen over de praktische betekenis en gevolgen van de overgang naar een duurzame warmtevoorziening en het afbouwen van het aardgasgebruik. Zij hebben behoefte aan duidelijke en heldere informatie over de mogelijkheden en hoe zij zich kunnen voorbereiden. Als gemeente vinden wij het belangrijk dat we zorgen voor duidelijke en onafhankelijke informatie voor iedereen die zoekt naar informatie over de warmtetransitie in de eigen wijk. Naast de algemene communicatie over verduurzaming in de gemeente, zetten we ook in op buurtspecifieke informatiecampagnes. De routekaart laat zien voor welke buurten als eerste een wijkuitvoeringsplan gemaakt wordt. Bewoners en bedrijven in deze buurten ontvangen gerichte informatie over de warmtetransitie in hun buurt. Daarbij willen we zo veel mogelijk aansluiten bij wat er in de buurt en bij de inwoners leeft. Dat kan verschillen per startbuurt.

Direct aan de slag? Wanneer u als inwoner persoonlijk advies wenst welke stappen u nu al kan zetten op basis van het in deze visie uitgewerkte warmte-alternatief voor uw wijk, dan kunt u contact opnemen met het Regionaal Energieloket https://regionaalenergieloket.nl/zutphen.

26/83 Transitievisie Warmte 2021 - 1.0 | Gemeente Zutphen

naar inhoudsopgave

19

Samenwerken aan de warmtetransitie

5

27/83

5 Samenwerken aan de warmtetransitie De Transitievisie Warmte is een visiedocument met uitgangspunten, richtingen en uitleg; een kapstok om een beweging in gang te zetten naar de stip op de horizon in 2050. Om de visie concreet te maken en te zorgen voor voortgang is een aantal punten belangrijk: • de uitvoering van deze visie moet worden aangejaagd • en er moet langdurige samenwerking met partners enbewoners worden gestimuleerd en gefaciliteerd. Alle partijen die betrokken zijn bij de Transitievisie Warmte vinden dit belangrijk. En zien dat het gezamenlijke belang groter is dan de som der deelbelangen. Om de gezamenlijke ambitie te bereiken, zijn verschillende rollen en activiteiten nodig. Dit hoofdstuk geeft inzicht in de rol waar de gemeente op inzet en wat de gemeente vraagt aan andere partijen. 5.1 Van visie naar uitvoering Met deze Transitievisie Warmte ligt er een stevig plan, met een flinke ambitie. Om deze doelstelling te bereiken zien we in grote lijnen de volgende opgaven voor ons: FASE 1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zutphen&id=b8f50099-85d2-4af5-9981-de4c9dce26e2