CConstaterende datZutphen
Koppel je AI →
Document · PDF

1313738 - bijlage 1 - Factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

Bestuur en Middelen - Beeldvormend (W) 26 maart 2026, gemeente ZutphenBij agendapunt: Handreiking aan de gemeenteraad26.290 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Aandachtspunten m.b.t. de ontwikkelingen en opgaven komende jaren Grondzaken • Om de Omgevingsvisie en daaraan gekoppelde doelstellingen te kunnen realiseren is het vormen van een strategische reserve vastgoed nodig om aankopen en verplaatsingen te kunnen realiseren. • Bij gebiedsontwikkelingen zijn strategische keuzes nodig over de rolverdeling tussen de gemeente en marktpartijen. • Het is noodzakelijk om de risicobeheersing op de grondportefeuille te versterken. Daarvoor versterken en verbreden we de rapportage over risicobeheersing in grondexploitaties naar de gehele portefeuille. • We gaan werken aan integrale voorraadsturing voor vastgoed en gronden. • Meer doorkijk in meerjarenprognose, investeringsraming en reserves. • We gaan de omvang en samenstelling van de grondportefeuille in het landelijk gebied herijken. • We kijken dan ook naar het herijken en vergroenen van de erfpachtportefeuille en bepalen mogelijke afbouw. Vastgoed • Een aantal grote huisvestingsprojecten is in onderzoek of wordt uitgevoerd zoals het Hanzehuis, toekomst van de Witte Vleugel, De Kaardebol, erfgoeddepot(s) en culturele broedplaats(en). Dit kan financiële consequenties hebben. Voor Hanzehuis, (zie 2.11), voor erfgoeddepots (zie 2.12), voor culturele broedplaatsen (zie 2.14). • Het inrichten van een accommodatie beleidsplan voor de korte en middellange termijn.

Vastgestelde beleidsnota’s • • • • •

Nota grondbeleid (2017) Nota grondprijsbeleid (2020) Indeling vastgoedportefeuille (2020) Vastgoedbestendig Zutphen (2022) Leidraad uitgifte onroerende zaken gemeente Zutphen (2023)

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

29 / 82

2.11 Hanzehuis Waar staan we? •

•

•

•

•

Zutphen heeft een rijk cultureel leven en sterke instellingen. Tegelijkertijd verandert de samenleving. Publiek en makers hebben andere verwachtingen, de samenwerking wordt steeds belangrijker en de vraag naar toegankelijke, inclusieve plekken groeit. Het Hanzehuis is het antwoord op die ontwikkeling. We bouwen voort op wat goed is met deze doelen: o een open en uitnodigend huis voor cultuur, kennis en ontmoeting, o versterking van de podiumfunctie en de culturele keten in de stad, o ruimte voor educatie, talentontwikkeling en participatie, o een duurzaam gebouw dat slim en intensief wordt gebruikt, o samenwerking die leidt tot meer samenhang, kwaliteit en maatschappelijke impact. In de besluitvorming is steeds benadrukt dat het Hanzehuis geen breuk betekent met het bestaande culturele landschap. Integendeel. Zutphen beschikt over unieke voorzieningen die we koesteren en versterken: o de Buitensociëteit (1891), een iconisch ruimte met een geroemde akoestiek o de grote theaterzaal, functioneel sterk en in 2005 gerevitaliseerd. In fase 1 ‘Verkenning en visie’ (2023–2024 gaf de gemeenteraad opdracht om te onderzoeken of een gezamenlijk cultuurhuis wenselijk en haalbaar is. Er is gewerkt aan visie, missie, doelen en activiteiten. Deze fase leverde een gedeeld toekomstbeeld op: samenwerking biedt kansen om cultuur in Zutphen te versterken en te verbreden.

In fase 2 ‘Onderzoek en besluitvorming’ (2024–2025) is dit toekomstbeeld verdiept. De raad stelde in juni 2025 bijna € 30 miljoen beschikbaar en gaf opdracht om onderzoek te doen naar organisatie, huisvesting, investering en exploitatie. Belangrijke keuzes zijn gemaakt, waaronder de focus op versterking van de podiumfunctie en het combineren van functies in één toekomstbestendig geheel.

Wat is in voorbereiding? •

In september 2025 zijn we gestart met fase 3 ‘Uitwerking en verdieping’. Deze fase draait om het concreet maken van plannen. We werken aan vier deelprojecten: o Programma van Eisen en ontwerp van het gebouw; o Bestuurlijke eenwording; o Schetsontwerp van de openbare ruimte; o Tijdelijke huisvesting.

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

30 / 82

Aandachtspunten m.b.t. de ontwikkelingen en opgaven komende jaren Er wordt in de zomer van 2026 nog een raadsbesluit gevraagd over de openbare ruimte rondom het Hanzehuis. Binnenkort volgen de eerste risico sessies met betrekking tot dit grote project. Op dit moment kunnen we het volgende benoemen aan aandachtspunten: • Geld: de kosten voor de aanpassing van de openbare ruimte zijn nog niet meegenomen in de programmabegroting. • Risico’s: Zowel qua planning, financiën als politiek zijn er risico’s. • Organisatie: De benodigde ambtelijke capaciteit is moeilijk te verkrijgen. • Tijd: Om de gewenste openingsdatum te behalen moet een zeer ambitieuze planning werkelijkheid worden. • Informatie: onderlinge informatie uitwisseling en inzet vakdisciplines heeft meer aandacht nodig. • Communicatie: communicatie en participatie zowel intern als extern behoeft meer aandacht. • Kwaliteit: snelheid mag de kwaliteit van het proces en het gebouw niet onnodig negatief beïnvloeden.

Vastgestelde beleidsnota’s •

Cultuurnota 2025-2028 Zutphen als inspiratie voor makers en verhalen.

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

31 / 82

2.12 Erfgoed – herhuisvesting erfgoeddepots Waar staan we? •

•

•

•

De afgelopen jaren is in toenemende mate duidelijk geworden dat de depotvoorzieningen van de erfgoedclusters (archeologie en bouwhistorie, Regionaal Archief, Musea Zutphen) niet meer voldoen aan de wettelijke eisen. Er zijn grote technische, bouwkundige of klimatologische problemen en/of de voorziening is te klein of niet verantwoord vanuit het oogpunt van arbeidsomstandigheden. Bovendien heeft de gemeente de wettelijke taak om voor 2030 de gebouwen verduurzaamd te hebben. Dat is bij bestaande oude gebouwen kostbaar en de uitkomst is suboptimaal. In 2025 is krediet verkregen om onderzoek te doen naar diverse scenario's voor (her)huisvesting van de erfgoeddepots. Dat onderzoek is in januari 2026 voltooid. Daarin staan drie scenario's uitgewerkt, met investeringskosten en exploitatielasten. Het onderzoeksbureau adviseert daarin ėėn scenario uit te werken. In 2026 worden de uitkomsten van het onderzoek aan het college voorgelegd. Daarna volgt besluitvorming over het verder uit te werken scenario.

Aandachtspunten m.b.t. de ontwikkelingen en opgaven komende jaren • •

Elk van de scenario's vergt een forse investering. Gezien de urgentie vanuit de behoudsconditie van de collecties en de noodzaak, is niets doen geen reële optie. De keuze van de scenario’s heeft gradaties in ambitie en de daaraan gekoppelde investeringen.

2.13 Klimaat, natuur, water en openbare ruimte Waar staan we? •

•

Het klimaat verandert en ook in de gemeente Zutphen hebben we steeds vaker te maken met wateroverlast, hitte en droogte. Deze weersextremen kunnen leiden tot schade, onveilige situaties en gezondheidsproblemen. Ook zorgen deze weersextremen voor een achteruitgang van biodiversiteit en waterkwaliteit wat grote opgaven met zich meebrengt. In de gemeente Zutphen zien we deze problematiek terug door toename van wateroverlast, hittestress en droogte met grote gevolgen voor zowel de natuur als voor de inwoners van Zutphen. We zetten in lijn met de Omgevingsvisie in op het versterken van de groenblauwe longen die als ruimtelijke dragers zorgen voor een stevige verbinding tussen het groen en water in het landelijk gebied en de groenstructuren in stad en dorp. De haarvaten van de groenblauwe longen reiken tot in de wijken, buurten en woonstraten.

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

32 / 82

•

Daarnaast werken we samen met het Waterschap Rijn en IJssel aan een robuust watersysteem om de waterkwaliteit en kwantiteit te waarborgen. Dit doen we door samen te werken met het waterschap, provincie, Rijkswaterstaat en Vitens. Daarbij komen ook financiële opgaven naar ons toe om goede inpassing in onze openbare ruimte en meekoppelkansen op het gebied van biodiversiteit, klimaatadaptatie en recreatie te realiseren.

Wat is in uitvoering? •

•

• •

In 2024 zijn zowel de klimaatadaptatiestrategie als het biodiversiteitsplan vastgesteld. Deze beleidskaders geven aan hoe de gemeente kan toewerken naar een klimaatbestendig Zutphen in 2050 en het verbeteren van de biodiversiteit. De afgelopen jaren is fors ingezet op het klimaat adaptief en natuur inclusief inrichten van de openbare ruimte. Dit geldt voor de bestaande openbare ruimte, die we door middel van herinrichtingen en reconstructies toekomstbestendig maken en ook voor de ruimtelijke ontwikkelingen en projecten. Bij deze vergroeningsopgave betrekken we onze inwoners via het Groenpunt, door hen te informeren, stimuleren en faciliteren bij het vergroenen van de openbare ruimte. Ook stimuleren we bedrijven om samen met ons de bedrijventerreinen te vergroenen. Afgelopen jaar is het uitvoeringsprogramma ‘Biodiversiteit’ vastgesteld waarin een complete set van maatregelen beschreven staat hoe we de biodiversiteit kunnen versterken en de bewustwording bij inwoners, instellingen en bedrijven vergroten. Ook zijn beleidsregels voor natuur inclusief bouwen vastgesteld zodat bij ruimtelijke ontwikkelingen en verbouwingen natuur inclusieve maatregelen worden meegenomen. Zo werken we samen aan een klimaatbestendige en natuur inclusieve gemeente en vergroten daarmee de leefbaarheid van Zutphen.

Natuur en milieueducatie: In februari 2026 heeft de gemeenteraad het Ontwerp Watertakenplan 2026-2030 vastgesteld inclusief een uitvoeringsprogramma. Het plan beschrijft hoe de komende jaren invulling wordt gegeven aan de gemeentelijke watertaken, de bekostiging ervan en hoe het plan bijdraagt aan de ambities.

Wat is in voorbereiding? • • •

• •

•

Uitwerking van de aanbevelingen van het Inwonersberaad op het gebied van Natuuren Milieueducatie en groenindicatoren, normen en borging. Uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie incl. de financiële paragraaf. In 2026 wordt de herziening van het speelruimtebeleid, het zogenaamde beleid op bewegen ontmoeten, spelen en sporten (BOSS) aangeboden aan de raad ter besluitvorming. Dit is inclusief uitvoeringsagenda voor het structureel monitoren en de kosten voor het vervangen van speeltoestellen. In 2027/2028 komt de herziening van de groenatlas met mogelijk een meer integraal beleid op de openbare ruimte. In 2026 wordt het Soortenmanagementplan (SMP) vastgesteld door de provincie. Vanaf 2027 vindt de implementatie plaats waarbij initiatiefnemers gebruik kunnen maken van de SMP-vergunning. Uitvoeringsprogramma Natuur en Milieueducatie.

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

33 / 82

• •

•

Rioolvervangingen in Warnsveld en Zutphen. Tweede regionale stresstestronde. Doel is om de kwetsbaarheden voor wateroverlast, droogte, hittestress en overstromingen in beeld te brengen voor de Achterhoek+ en de Liemers gemeenten waardoor meer samenhang ontstaat tussen lokale en regionale schaal. De gemeente werkt samen met Rijkswaterstaat en het Waterschap Rijn- en IJssel aan het uitvoeren van de maatregelen die voortkomen uit de Kaderrichtlijn Water (KWR). De KWR is Europese wetgeving die als doel heeft om de kwaliteit van al het oppervlaktewater en grondwater te verbeteren. De waterkwaliteit in het oppervlaktewater is de verantwoordelijkheid van het waterschap. Echter hebben gemeentelijke activiteiten gevolgen voor het watersysteem. Samen met het waterschap wordt gewerkt aan het verbeteren van de waterkwaliteit. Een eerste stap is het bepalen van de waterkwaliteit van kwetsbare watergangen zoals in de Zuidwijken. Een en ander staat beschreven in het koersdocument ‘Stad en Dorp’ dat de gemeente samen met het waterschap heeft opgesteld inclusief een samenwerkingsagenda.

Aandachtspunten m.b.t. de ontwikkelingen en opgaven komende jaren • • •

•

• •

•

Voorzieningen als verharding, groen, speeltoestellen en straatmeubilair vragen om tijdige financiële reserveringen voor vervanging. Civieltechnische kunstwerken zoals bruggen, kades en duikers vergen eveneens aanzienlijke vervangingsinvesteringen. Uit onderzoek naar beheer en onderhoud van gemeentelijke arealen (groen, verharding, riolering, verlichting, straatmeubilair, speeltoestellen e.d.) blijkt dat de huidige onderhoudsbudgetten onvoldoende zijn om het gewenste kwaliteitsniveau structureel te realiseren. De komende jaren zijn daarnaast aanzienlijke vervangingsinvesteringen nodig, omdat veel onderdelen van de openbare ruimte 50– 60 jaar oud zijn. Deze zijn nog niet volledig opgenomen in de programmabegroting. De tweede stresstest laat zien dat nieuwe of grotere kwetsbare gebieden kunnen ontstaan door actuele klimaatscenario’s en extreme buien. Sommige effecten overstijgen gemeentegrenzen, waardoor samenwerking met buurgemeenten, waterschap en provincie noodzakelijk is. De resultaten vormen input voor risicodialogen, het uitvoeringsprogramma klimaatadaptatie en mogelijke maatregelen zoals extra vergroening, afkoppelen van regenwater en meer bergingscapaciteit. De uitkomsten van de tweede stresstest en de bovenregionale stresstest bieden handvatten voor strategische keuzes binnen de ruimtelijke ordening.

De opgaven hebben betrekking op zowel klimaatadaptatie en biodiversiteit als op de beperkte beschikbare ruimte. Diverse functies moeten in deze ruimte worden ingepast, zoals energievoorziening, netcapaciteit, mobiliteit en afvalinzameling. Dit vraagt om zorgvuldige afwegingen. De Europese richtlijn stedelijk afvalwater (2024) stelt strengere eisen aan de inzameling en zuivering van afval- en hemelwater. Dit kan leiden tot extra inspanning binnen het rioolstelsel en bij de rioolwaterzuivering. De gevolgen worden de

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

34 / 82

• •

komende jaren verder duidelijk. Daarnaast wordt samen met het waterschap gewerkt aan meer inzicht in de afvalwaterketen. De implementatie van de Europese Natuurherstelwet kan gevolgen hebben voor stedelijk groen en ruimtelijke ontwikkelingen. Dit moet nog verder worden uitgewerkt. Klimaatrechtvaardigheid vraagt om extra aandacht voor buurten met een lagere sociaaleconomische positie.

Vastgestelde beleidsnota’s • • • • • • • • • •

Groenatlas (2014) Bomenbeleidsplan (2021) Biodiversiteitsplan (2024) Lokale Klimaatadaptatie Strategie (2024) Omgevingsvisie Zutphen 2040 (2025) Uitvoeringsprogramma biodiversiteit (2025) Beleidsregel Natuurinclusief Bouwen (2025) Herziening kapbeleid (Verordening Fysieke leefomgeving hoofdstuk 4) (2025) Watertakenplan 2026-2030 (2026) Speelruimtebeleidsplan (2015) - herziening in 2026

2.14 Cultuur Waar staan we? •

•

•

•

In 2025 is de nieuwe cultuurnota ‘Zutphen als inspiratie voor makers en verhalen’ vastgesteld, met eveneens het uitvoeringsprogramma. De focus ligt op: o het faciliteren van ruimte voor makers (broedplaatsen- en atelierbeleid, alliantie voor de nacht, het Hanzehuis en kunst in de openbare ruimte), o de doorontwikkeling van organisaties (meerjarenplannen en prestatieafspraken), o het investeren in jongerencultuur en de sociale kracht van kunst en cultuur (cultuur in de wijken, subsidies voor maatschappelijke projecten) Zutphen is een bruisende cultuurstad. Overal kom je cultuur tegen. Zes bevlogen basisorganisaties, verenigingen, koren, stichtingen, makers, vrijwilligers en inwoners zorgen ervoor dat Zutphen een gemeente is waarin iedereen kunst en cultuur van dichtbij kan beleven, meemaken of aan kan deelnemen, ook als bezoeker of toerist. In de afgelopen jaren zien we steeds meer een klimaat ontstaan waarin uit de samenleving initiatieven worden genomen, jongeren opstaan om zelf regie te nemen (produceren en organiseren), organisaties, makers en verenigingen dichtbij willen programmeren en er nieuwe en experimentele ideeën ontstaan (ook in de nacht). In het veld werken organisaties onderling veel samen, waardoor er een verrassend cultureel aanbod ontstaat en deuren geopend worden voor mensen met ideeën.

Kunst en cultuur wordt daarnaast steeds meer gezien als middel om in te zetten binnen maatschappelijke vraagstukken, waarbij een gezonde en zelfredzame inwoner centraal staat.

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

35 / 82

Aandachtspunten m.b.t. de ontwikkelingen en opgaven komende jaren •

•

•

• •

We blijven aandacht geven aan de regionale positie van Zutphen binnen de regio Stedendriehoek en in de samenwerking met het Rijk en het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Dit omvat het actief onder de aandacht brengen van Zutphen en het versterken van onze rol binnen deze samenwerkingsverbanden. Ook willen we inspelen op de ontwikkelingen bij het Rijk om meer geld beschikbaar te stellen voor regio’s buiten de Randstad. Hierbij is het van belang om keuzes te maken op het gebied van de culturele infrastructuur (wie financiert wat en waar binnen de regio?) en wat we willen uitstralen als gemeente Zutphen (en de regio) op het gebied van kunst en cultuur? Een grote opgave voor de komende jaren is de ruimte voor ambities van organisaties, verenigingen, makers en onze inwoners. Het letterlijk ruimte bieden (broedplaatsen, atelier- en maakplekken) en figuurlijk in de zin van financiering en wet- en regelgeving. (Fair Pay voor de meerjarige initiatieven vanaf 2028). Specifiek zetten we in om jongeren te behouden en te trekken naar Zutphen, ondanks grote uitdagingen als woonruimte en onderwijs. Het grootste project op het gebied van kunst en cultuur is de vernieuwbouw van het Hanzehuis, waarbij het een (nieuwe) plek wordt voor de Hanzehof, Muzehof en bibliotheek en tevens een plek voor onze inwoners, (maatschappelijke) organisaties en verenigingen. (Zie 2.11)

Mogelijke richtingen •

•

•

We zetten de komende jaren in op waar we goed in zijn als Zutphen op het gebied van kunst en cultuur (klassieke muziek, evenementen, festivals, amateurkunstverenigingen en koren) en we borduren voort op de weg die we zijn ingeslagen samen met de cultuursector om experimentele ideeën en projecten een prominente plek te bieden in Zutphen (zoals de pop- en jongerencultuur). Daarnaast investeren we samen me onze organisaties in talentontwikkeling en cultuureducatie. Iedereen in Zutphen kan, ongeacht leeftijd of achtergrond, leren, ontwikkelen en presenteren. Met een blik op de toekomst werken we aan een museumkwartier, waarin Musea Zutphen, de Walburgiskerk en de Canon van Gelderland (met als beoogde locatie de Witte Vleugel van het oude stadhuis) gezamenlijk het verhaal van Zutphen en Gelderland vertellen. Onderdeel hiervan is ook de huisvesting van de depots (van de Musea). Ook Museum Boer Kip in De Hoven blijft met vrijwilligers, mensen en middelen zijn eigen unieke verhaal vertellen. Daarnaast is kunst en cultuur in alle wijken aanwezig, werken kunstenaars samen met inwoners aan projecten in hun eigen wijk en werken culturele organisaties samen met maatschappelijke organisaties aan de sociale opgaven.

Vastgestelde beleidsnota’s •

Cultuurnota 2025-2028 “Zutphen als inspiratie voor makers en verhalen”.

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

36 / 82

2.15 Wijkgericht werken Waar staan we? • •

• •

•

•

Zutphen werkt wijkgericht. De gemeente Zutphen, inclusief het dorp Warnsveld, is opgedeeld in zes wijken, die elk worden ondersteund door een eigen wijkregisseur. De wijken Zuidwijken, Noordveen en het Waterkwartier hebben de grootste sociale, fysieke en economische vraagstukken en worden daarom aangemerkt als ‘aandachtswijken’. De wijken Centrum, De Hoven, Leesten en het dorp Warnsveld worden aangeduid als ‘beheerwijken’. In de wijken worden bewoners en organisaties actief gestimuleerd om bij te dragen aan het versterken van de leefbaarheid in hun wijk, en wordt er intensief samengewerkt met zowel beroepskrachten als vrijwilligers uit de wijk. Hierbij wordt gekeken naar de kansen die er liggen en ook naar de gebieden waar extra inzet nodig is om uitdagingen aan te pakken. In de Omgevingsvisie erkent de gemeente dat elke wijk uniek is en dat per wijk gekeken wordt welke specifieke elementen nodig zijn voor een sterke sociale infrastructuur. Dit gebeurt door middel van een sociale wijkanalyse. Omdat niet alles overal mogelijk is, richt de visie zich op het maken van ruimtelijke keuzes per gebied. Dit betekent dat elk gebied zijn eigen aanpak en ontwikkeling krijgt. Elke wijk heeft een wijkhart met een passend aanbod van voorzieningen, zoals een ontmoetingsplek, een zorgpunt en dagelijkse faciliteiten. Deze wijkharten vormen de basis van onze sociale infrastructuur.

Er is gekozen om bestaande wijkharten te versterken en nieuwe toe te voegen op locaties waar veel nieuwe woningen worden gebouwd. In het beleidskader ‘Samenwerken aan een Sterk Zutphen’ (2025) staat een integrale aanpak centraal, waarbij wordt ingespeeld op de dynamiek binnen de wijken en de netwerken van inwoners en andere partijen. Actieve betrokkenheid van alle stakeholders is essentieel voor het realiseren van gezamenlijke doelen en het aangaan van uitdagingen. Inwoner- en overheidsparticipatie is een belangrijk onderdeel van het programma ‘Doorontwikkeling Organisatie’, met directe link naar onder andere de Visie op dienstverlening, de strategische HR-visie en wijkgericht werken. Ter ondersteuning van het borgen van wijkgericht werken is in 2025 een beleidsmedewerker wijkregie aangesteld.

Wat is in voorbereiding? •

•

Monitoren en evalueren sociale kwaliteit. Bij het bestendigen van wijkgericht werken en de uitrol van het programma ‘Sterke Wijken’ is er doorlopend onderzoek naar de sociale kwaliteit van de verschillende wijken in Zutphen en Warnsveld. Het doel is om de unieke kwaliteiten en uitdagingen van deze wijken in kaart te brengen. Het onderzoek in de Zuidwijken is inmiddels afgerond. We onderzoeken samen met het Wijkplatform De Hoven hoe we vorm kunnen geven aan het Wijkontwikkelingsplan.

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

37 / 82

Aandachtspunten m.b.t. de ontwikkelingen en opgaven komende jaren •

Borgen van wijkgericht werken in de organisatie. We willen beter en intensiever samenwerken met de samenleving en adequaat kunnen reageren op initiatieven vanuit de samenleving. Zowel binnen het gemeentehuis als in de samenleving wordt wijkgericht werken verder geprofessionaliseerd, met als doel de effectiviteit van ambtenaren en vrijwilligers bij het ondersteunen van initiatieven vanuit de samenleving te vergroten. Dit vraagt van de ambtenaren dat ze op een professionele manier, participatief en domein overstijgend samenwerken. Het eigen maken van deze manier van werken kost tijd. Om dit te faciliteren, moeten we investeren in kennis, middelen en (ondersteunende) capaciteit.

Vastgestelde beleidsnota’s • • •

Beleidskader ‘Samenwerken aan een sterk Zutphen’ Omgevingsvisie gemeente Zutphen Programma Sterke Wijken

2.16 Programma binnenstad Waar staan we? •

•

•

•

Het programma Binnenstad kent drie thema’s: Poorten van de stad (inclusief woonopgave in de vorm van bouwontwikkelingen), verblijfsvriendelijke binnenstad en vergroenen binnenstad/projecten openbare ruimte. De ambitie is om de binnenstad nog aantrekkelijker maken. Daarom werken we aan een groen en verblijfsvriendelijk stadshart. De binnenstad kenmerkt zich door de vele monumenten en de geschiedenis als Hanzestad. Ook is de ligging aan de IJssel en de Berkel kenmerkend en gaan stedelijke drukte en de rust van karakteristieke hofjes hand in hand. We streven naar een diverse binnenstad, waarbij delen van de binnenstad een eigen karakter hebben. De Nieuwstad en Polsbroek bijvoorbeeld hebben een andere functie dan het kernwinkelgebied. We sturen op kwaliteit, zoals kwaliteit van de terrassen, reclame, wonen boven winkels en ook de openbare ruimte. De afgelopen jaren is er gewerkt aan het versterken van de structuur van het programma Binnenstad, zowel met interne als externe partners om daarmee de komende jaren goed invulling te geven aan de doelen, ambities en dilemma’s van de binnenstad. Ook sectoraal, zoals mobiliteit, weten we de binnenstadspartners te vinden. Het programma Binnenstad is daarmee een belangrijke schakel om de binnenstad toekomstbestendig te maken en te houden.

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

38 / 82

Wat is in uitvoering? •

We doen op dit moment een integraal parkeeronderzoek als onderdeel van het Mobiliteitsplan en het Parkeerbeleid (mobiliteit 2.7) om te kijken hoeveel parkeerplekken er nodig zijn, voor wie, op welk moment en hoe dit zich verhoudt tot andere steden. Vanuit dit onderzoek gaan we het gesprek aan over parkeren in en rond het centrum. Vooruitlopend hierop wordt een pilot voorbereid rond overdekt fietsparkeren in de omgeving van Polsbroek.

Wat is in voorbereiding? •

Binnen de drie thema’s uit het programma Binnenstad worden diverse projecten voorbereid: o Poorten van de stad kent vooral een aantal woningbouwbouwontwikkelingen met externe bouwers, zoals Meisjesvakschool, hoek Houtwal/HDW, Klein Vaticaan en Polsbroek. o Binnen het vergroenen van de binnenstad wordt gewerkt aan het uitwerken van een plan voor de Stationsstraat en kleinschalige verbeteringen in het centrum. o Rondom de kwaliteit van de openbare ruimte werken we aan een plan voor integrale kwaliteit (productenboek).

Aandachtspunten m.b.t. de ontwikkelingen en opgaven komende jaren •

•

•

•

De binnenstad is nog lang niet ‘af’. Bereikbaarheid, vergroening, parkeren, wonen, omgevingskwaliteit, toerisme en ondernemen zijn opgaven die ook de komende jaren aandacht vragen om het centrum op niveau te houden. De ambities en doelen binnen de verschillende (beleids)thema’s zijn in het historische centrum sterk met elkaar verweven. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om de relatie tussen vergroenen en parkeren en ook over de relatie tussen wonen, werken, historie en toerisme. Daarom blijft een programmatische aanpak ook in de komende jaren van essentieel belang. We focussen in deze raadsperiode op de realisatie van projecten in het verlengde van de grote opgaven. Zodra de - op dit moment - bekende bouwontwikkelingen een fase verder zijn en de beleidsbasis die voortvloeit uit de Omgevingsvisie is vastgesteld (2027-2028), kan gewerkt gaan worden aan de planvorming voor de openbare ruimte rondom deze ontwikkelingen. Voorbeelden: o Het plan voor de toegang van de stad via Vispoortplein, ’s Gravenhof en Lange Hofstraat (Poort van Zuid) moet op basis van de nieuwste inzichten worden geactualiseerd. o De omgeving van Klein Vaticaan vraagt om een nieuw plan voor de openbare ruimte waarin ook de Nieuwstad en het Vogelpark zijn meegenomen. Bestaande projecten, zoals de Stationsstraat, lopen de komende jaren door.

Toekomstige beleidskeuzes bieden mogelijkheden om de kwaliteit van onder andere het Stationsplein verder te verbeteren.

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

39 / 82

Vastgestelde beleidsnota’s •

Programmaplan Binnenstad 2024-2026

2.17 Programma De Hoven Noord Waar staan we? • • •

•

In 2014 ontstonden de eerste ideeën over een mogelijke gebiedsontwikkeling De Hoven Noord. In 2019 werd de structuurvisie door de gemeenteraad vastgesteld. Daarmee werd de eerste stap gezet naar de ontwikkeling zoals we die nu kennen. In oktober 2024 stelde de gemeenteraad het Masterplan unaniem vast. Dit masterplan is de uitwerking van de structuurvisie en legt de basis voor het stedenbouwkundig plan dat nu in ontwikkeling is. Het college stelde 15 juli 2025 een aantal uitgangspunten vast voor de verdere ontwikkeling van De Hoven Noord: o Maximaal 900 woningen. o Het woningbouwprogramma geldt. o Het STOMP principe (Stappen, Trappen, Openbaar vervoer, mobility as service en auto en in die volgorde). o Minimaatschappijen (een mix van jong, oud, sociale huur en vrije sector). o Een dorps karakter. o Groen. o Lagere parkeernorm indien noodzakelijk en te onderbouwen. o Vaststelling van het te ontwikkelen gebied.

Wat is in voorbereiding? •

• •

We werken aan het voorlopig stedenbouwkundig plan, een concept‑beeldkwaliteitsplan, een ecologische visie, een verkeersplan, een ambitiedocument en een voorlopige grondexploitatie (GREX). We hebben een start gemaakt met het omgevingsplan. Voorstellen worden in samenwerking met de omgeving opgesteld. Hierbij zijn betrokken: o Beleidsmakers van de gemeente Zutphen o Het Wijkplatform De Hoven o Stakeholders zoals Liander, zorginstellingen, woningcorporatie Ieder1, het waterschap, de provincie en andere partners

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

40 / 82

Aandachtspunten m.b.t. de ontwikkelingen en opgaven komende jaren • • •

•

• •

Voor dit programma is een aanvulling op het voorbereidingskrediet nodig. Er moet een keuze worden gemaakt of een publiek‑private samenwerking wordt aangegaan. Dit besluit wordt naar verwachting in mei 2026 aan de raad voorgelegd Er is een besluit nodig over het vaststellen van het stedenbouwkundig plan, inclusief een sluitende grondexploitatie (GREX) en het bijbehorende aantal wooneenheden. Dit voorstel wordt in eind 2026 aan de gemeenteraad voorgelegd. De onderzoeken die de plannen onderbouwen (zoals financieel, ruimtelijk, ecologisch en verkeer) worden ter informatie en besluitvorming meegeleverd met de GREX en het stedenbouwkundig plan. In het gebied komen verschillende ambities samen die niet altijd volledig met elkaar in lijn zijn. Daardoor is het niet mogelijk om aan alle wensen tegemoet te komen en moeten er keuzes worden gemaakt, waarbij sommige belangen zwaarder wegen dan andere. We gaan transparant uitleggen waarom bepaalde keuzes noodzakelijk zijn en welke gevolgen deze hebben. De gemeenteraad besluit uiteindelijk of het aanvaardbaar is dat binnen het ontwikkelgebied van 32 hectare niet alle doelstellingen volledig kunnen worden gerealiseerd. Deze strategische afweging wordt opgenomen in het voorstel dat eind 2026 wordt voorgelegd. De energievoorziening in het gebied is een uitdaging en vraagt snelheid van handelen.

Het programma heeft tot nu toe een consistente lijn gevolgd. Het is ten behoeve van de gebiedsontwikkeling wenselijk dit door te zetten.

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

41 / 82

3. Sociaal Domein Inleiding In alle ontwikkelingen in onze gemeente staat de mens centraal en kijken we naar elkaar om (Omgevingsvisie 2025-2040). Het sociaal domein omvat alle taken en voorzieningen gericht op welzijn, jeugd en onderwijs, gezondheid, zorg, sport, werk en participatie van inwoners, geregeld via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), Jeugdwet en Participatiewet. Het gaat om meedoen in de samenleving, hulp bij opgroeien, ondersteuning bij beperkingen, re-integratie naar werk en het bieden van inkomen. Bijna een kwart van de bijna 50.000 inwoners van Zutphen en Warnsveld maakt gebruik van één van de individuele voorzieningen die valt onder deze wetten. De inzet van de gemeente Zutphen is de laatste jaren steeds meer gericht op ‘inwoner centraal’, op samenwerking met maatschappelijke partners om sociale cohesie en ontmoeting te bevorderen en op preventieve activiteiten en lichte hulpverlening. Omdat we geloven dat we daarmee welzijn bevorderen, zwaardere zorg voorkomen en kosten verminderen.

3.1

Integrale opgaven sociaal domein

In 2025 zijn drie plannen vastgesteld die samen zorgen voor verbinding en samenhang in het sociaal domein, namelijk het Programmaplan Sterke wijken, de Lokale aanpak Bestaanszekerheid en het Zutphens Ontwikkelnetwerk. De gezamenlijke uitgangspunten daarin zijn: • De (vraag van) de inwoner staat centraal. We werken vanuit een cultuur van vertrouwen en gelijkwaardigheid. We kijken naar wat de inwoner nodig heeft. De oplossingen en ideeën van de inwoner zijn voor ons leidend, niet de afzonderlijke wetgeving. We gaan uit van eigen mogelijkheden, kansen en talenten. Daar waar het inwoners in hun netwerk niet lukt om zelf of samen oplossingen te vinden bieden we ondersteuning. • We maken een beweging naar de ‘voorkant’ en naar preventie. Daarmee bedoelen we dat we samen met partnerorganisaties, inwoners verbinden en veerkracht en gezondheid bevorderen. We gaan uit van normaliseren in plaats van medicaliseren. Waar nodig bieden we lichte ondersteuning en hulp zonder ingewikkelde aanvraagprocedures; • Ondersteuning vanuit de gemeente en andere organisaties is dichtbij, laagdrempelig en toegankelijk. Inwoners weten ons gemakkelijk te vinden, onze taal is begrijpelijk. • We werken integraal en professioneel samen. Dat doen we vanuit een netwerk van inwoners, gemeente, maatschappelijke partners, ondernemers en zorgaanbieders.

We hebben een brede blik voor de vraag van de inwoner, zijn deskundig en halen expertise erbij waar nodig.

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

42 / 82

De voornoemde uitgangspunten zijn ook voor de dienstverlening van belang. We zijn trots op de positieve scores in de cliënttevredenheidsonderzoeken en dat willen we graag zo houden.

De afgelopen jaren zijn de plannen voor de drie grote opgaven voorbereid en vastgesteld. Het komt nu aan op de uitvoering. De expertise binnen het sociaal domein is bij de gemeente verdeeld over vier teams. In de praktijk werken deze teams steeds integraler samen. Dit gebeurt onder meer bij schuldhulp aan gezinnen met kinderen, de aanpak van huiselijk geweld, de procesregie bij multiprobleemhuishoudens, de Zutphense aanpak van geletterdheid en de begeleiding rond de overgang van jeugd naar volwassenheid (18-/18+). Waar nodig leggen we ook verbinding met andere domeinen, zoals wijkregie en wonen.

3.2

Opgave Sterke wijken

Waar staan we? In maart 2025 is het programmaplan Sterke wijken en wijkgericht werken door het college vastgesteld. Doel van dit programma is een duurzaam vitale wijk waarin inwoners zich thuis voelen, de ruimte krijgen en sociale verbindingen belangrijk zijn. Professionele ondersteuning sluit aan bij wat de inwoners nodig hebben.

Wat is in uitvoering? •

We zijn in de Zuidwijken gestart met de veranderaanpak Anders Denken, Doen en Organiseren (ADDO). Deze veranderaanpak is erop gericht te veranderen in de praktijk door te experimenteren - te leren - te borgen

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

43 / 82

•

We voeren het programmaplan Sterke wijken uit samen met een coalitie van - nu twaalf – organisaties door: o Het stimuleren en faciliteren van inwonersnetwerken; o Het organiseren van trainingen voor professionals; o Het opzetten en bijhouden van data in een buurtmonitor.

Wat is in voorbereiding? • • • • •

Het structureel organiseren van de netwerksamenwerking op alle organisatielagen. Organiseren van Team de Zuidwijken: wijkgerichte inzet van professionals van de deelnemende organisaties. Ontwikkelen van een gezamenlijke werkwijze van professionals: de Samenwerkwijze. Leren van en met andere wijken en goede voorbeelden uit andere gemeenten. Opschalen van (delen van) de aanpak naar andere wijken.

3.3

Opgave Bestaanszekerheid

Waar staan we? •

•

De Lokale aanpak Bestaanszekerheid met zes ambities is met meer dan 60 partners, inwoners en collega's vormgegeven en in oktober 2025 unaniem door de raad vastgesteld. Doel van de aanpak: nog te veel inwoners van onze gemeente worden bedreigd in hun bestaanszekerheid. We willen dat over 20 jaar iedere inwoner van Zutphen in bestaanszekerheid leeft. Zodat iedereen zich zonder verlammende (geld)stress kan ontwikkelen en met gelijke kansen mee kan doen aan onze samenleving. Onder bestaanszekerheid verstaan we: inwoners hebben een voldoende en voorspelbaar inkomen, een woning, toegang tot onderwijs en zorg en een buffer voor onverwachte uitgaven.

Wat is in uitvoering? • •

De Lokale aanpak Bestaanszekerheid. Werken vanuit gelijkwaardigheid en vertrouwen, zoals gestart vanuit het project Inwoner in beeld, begint steeds meer de normale manier van werken te worden. Op basis van de ervaringen van consulenten en de inzichten uit het inwoneronderzoek maken we samen concreet wat dit betekent in de praktijk en wat het oplevert voor inwoners en professionals.

Wat is in voorbereiding? •

Ontwikkelen van de Uitvoeringsagenda bestaanszekerheid, samen met partners en inwoners, met acties voor de komende 2 jaar, inclusief monitoring en sturing;

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

44 / 82

•

•

•

Vertalen van de randvoorwaarden naar de uitvoering en de wijze van communiceren. Deze randvoorwaarden zijn: vindbare & begrijpelijke informatie, simpel & integraal organiseren en vanuit de inwoner & vertrouwen; Realiseren van acties uit de uitvoeringsagenda, waaronder ambtshalve verstrekken, onderzoek besteedbaar inkomen, invoeren bufferbudget en aanpak vroegsignalering bij geldzorgen; Aansluiting bij het Zutphens Ontwikkelnetwerk. Ook haken we aan bij Sterke wijken door een gezamenlijke werkwijze en het opzetten van een integraal team binnen de wijk.

3.4

Opgave Zutphens Ontwikkelnetwerk (ZON)

Waar staan we? • •

•

In oktober 2025 heeft het college de startnotitie ZON vastgesteld en is de gemeenteraad geïnformeerd tijdens een beeldvormende vergadering. Doel van het Zutphens Ontwikkelnetwerk is het realiseren van een samenhangend, flexibel en herkenbaar netwerk van werk- en ontwikkelplekken waar jongeren en volwassenen kunnen oriënteren, leren, werken en ontwikkelen. Waar onderwijs, arbeid en zorg geïntegreerd worden zodat zij stappen kunnen zetten richting school, werk of zich gewoon weer onderdeel voelen van de maatschappij. Dat doen we vanuit team Jeugd, Wmo, Werk en Inkomen samen met ondernemers, onderwijs en maatschappelijke organisaties. De gezamenlijke strategische partners zijn geïnformeerd over de gemeentelijke plannen. Samen zijn we tot de conclusie gekomen dat er voldoende draagvlak is om de plannen verder vorm te geven en te implementeren.

Wat is in voorbereiding? • • •

Het vormgeven van strategisch partnerschap binnen een netwerkstructuur; Het vormgeven van het concept Werk- en Ontwikkelhuis; Het ontwikkelen van de eerste twee leer-werk-projecten.

Aandachtspunten m.b.t. de ontwikkelingen en opgaven komende jaren •

• •

De drie integrale opgaven zijn omvangrijk en in 2025 gestart. De komende jaren zijn we vooral bezig met de uitvoering hiervan. Dat doen we door te veranderen in de praktijk, stap voor stap. Met elkaar gaan we leren wat er werkt en wat er anders moet. Dat vraagt om ruimte, tijd en geld om pilots uit te voeren. En om monitoring, evaluatie en bijstelling/uitbreiding. Het gebiedsgericht werken gaat niet vanzelf maar moeten we organiseren. Een financiële impuls is nodig, onder andere voor het faciliteren van de netwerksamenwerking. De verbinding binnen het Sociaal Domein, zoals de inwoner centraal stellen en integraal denken is steeds meer de uitvoeringspraktijk. Dat levert nieuwe ‘ontschottings’

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

45 / 82

vraagstukken op waar we een antwoord op moeten vinden. Zoals gegevensdeling (Algemene verordening gegevensbescherming - AVG), integrale financiering, regievoering, gezamenlijke contractering en nieuwe taken voor de teams. We zijn in control, maar met onzekerheden: • De betaalbaarheid en beschikbaarheid van de zorg staan onder druk door de toenemende vergrijzing, extramuralisering, gebrek aan passende huisvesting en tekorten op de arbeidsmarkt. Er zullen keuzes moeten worden gemaakt over afbakening van de rol van de gemeente en grenzen aan ondersteuning. • Het financiële speelveld is complex. De landelijke wetgeving en financiering is onzeker. We zijn afhankelijk van de landelijke politiek, economische ontwikkelingen & arbeidsmarkt. Verschuivingen hierin kunnen een aanzienlijk effect hebben op de beschikbare BUIG‑middelen (Bundeling Uitkeringen Inkomensvoorzieningen Gemeenten) en op de instroom van inwoners die ondersteuning nodig hebben op het gebied van inkomen, ontwikkeling, leren en werk. Bovendien is onduidelijk of en wanneer de inkomensafhankelijke eigen bijdrage voor de Wmo wordt ingevoerd. • We hebben te maken met open einde regelingen, zorgplicht en complexe en dure zorgtrajecten. Ook zien we een toename van het aantal uitkeringen en zorgvragen.

Het is noodzaak om voldoende capaciteit en kwaliteit in de toegang te hebben voor efficiënte ondersteuning aan inwoners, regievoering en sturing op de kosten. • Investeren in preventie blijft belangrijk. Daarmee dragen we bij aan welzijn, voorkomen we zwaardere zorg en ondersteuning en beperken we kosten. Preventieve activiteiten worden nu grotendeels gefinancierd met tijdelijke middelen. Er zullen keuzes moeten worden gemaakt over structurele financiering.

Vastgestelde beleidsnota’s • • • • • •

Lokale aanpak bestaanszekerheid, 2025 Programmaplan Sterke wijken, 2025 Startnotitie Zutphens Ontwikkelnetwerk, 2025 Soepele overgang van jeugd naar volwassenheid (18-/18+), 2025 Zutphense Aanpak Geletterdheid, projectplan, 2025 Strategische visie sociaal domein, 2020

3.5

Jeugd en onderwijs

Waar staan we? •

•

In 2021 is het Beleidsplan Jeugd Zutphen 2021-2024 vastgesteld. Dit was de afsluiting van een intensief proces met partners, ouders en jongeren en met de gemeenteraad. Het beleidsplan biedt de basis voor onze inzet op jeugd en onderwijs. We kiezen daarin voor een omslag van geïndiceerde jeugdhulp naar preventie. We streven naar normaliseren in plaats van medicaliseren. Het Beleidsplan Jeugd is inmiddels toe aan een herijking, hetgeen we in 2026 gaan realiseren. Het heeft een brede basis gevormd voor het versterken van de

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

46 / 82

•

•

•

•

•

pedagogische samenleving, de focus op preventie, een stevige eerste lijn en het goed vormgeven van intensieve hulpverlening. De visie, doelen en ambities van het Beleidsplan Jeugd zijn samengevat in onderstaande visual:

In de afgelopen jaren heeft dat geresulteerd in een jeugdbeleid waarbij we de omslag hebben vormgegeven van 2% preventie naar 30% preventie over het gehele jeugdbudget. Projecten als jongerenwerk, jeugdhulp in de school, kinderen in een echtscheidingssituatie, kansrijke start 1e 1000 dagen, Zutphense Aanpak Geletterdheid (ZAG), voorlichtingsaanbod en collectief aanbod op scholen, Team Lichte Jeugdhulp, inrichting en verduurzaming toegang Jeugd, nieuwe inkoop specialistische jeugdhulp en het vormen van een gemeenschappelijke regeling (GR) dragen allen bij aan optimalisatie va de ontwikkelagenda van het beleidsplan. Het jeugdbeleid is door de jaren heen uitgegroeid tot een rijk beleid, opgebouwd vanuit een projectmatige gedachte. Het zorgt dat we voor het derde jaar op rij kunnen spreken van positieve cijfers in zowel stabilisatie in jeugdhulp gebruik als het schrijven van financiële cijfers. Resultaten: o We hebben een jaarlijks voorlichtingsaanbod voor scholen. o Er is op iedere basisschool een jeugdhulpverlener werkzaam met pedagogische expertise. o We hebben een samenhangende aanpak op jongerenwerk met activiteiten, jongerenavonden, jongerenstraatcoaches en jongerenwerk in het voortgezet onderwijs.

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

47 / 82

o

o o o

o o o

o o

We hebben een school aanwezigheidspact Primair onderwijs. We gaan van schoolverzuim naar schoolaanwezigheid, we gaan steeds preventiever werken, ook in het Voortgezet onderwijs. #Opladers en inhuis steungezinnen met 54 informele ontmoetingsvormen voor ouders en 25 matches tussen vraag en aanbod gezinnen. Kansrijke start: we werken in een coalitie van 18 aangesloten partijen. Kinderen in een echtscheidingssituatie: We hebben 37 ouderparen kunnen ondersteunen in het relatiespreekuur en tenminste 25 ouderparen kunnen ondersteunen bij relatietherapie. We hebben 2 locaties buitenschoolse opvang ( BSO+). Kinderen hoeven niet meer naar een locatie buiten de gemeente. Team Lichte Jeugdhulp: 14 zorgpartijen werken intensief samen in het bieden van laagdrempelige hulp. Toegangsteam gemeente: we voeren regie op complexe casussen, zo krijgen jeugdigen passende ondersteuning, zo licht als mogelijk, zo intensief als noodzakelijk. In 2019 hadden ca. 1700 jeugdigen een vorm van jeugdhulp. Dit is gedaald naar ca. 1500. en blijft verder dalen. We hebben in het cliëntervaringsonderzoek 2025 een 7,6 gekregen voor onze dienstverlening.

Wat is in voorbereiding? • • •

•

•

•

•

• •

Wij herijken het Beleidsplan Jeugd Zutphen (2021-2024) in 2026 en leggen het Beleidsplan 2026-2029 voor besluitvorming voor aan de gemeenteraad. Preventieplan Jeugd 2026-2029. We actualiseren het Preventieplan (2019-2023). We inventariseren wat we al doen en traceren aanvullende behoefte. Beleidsnotitie ‘het jonge kind’ en een visie op de pedagogische samenleving. We versterken in 2026 de pedagogische samenleving door middel van een beleidsnotitie ‘het jonge kind’ met een visie op een doorgaande lijn tussen 0-6 jaar en we stellen de ontwikkelagenda op. Het Zutphens Ontwikkel Netwerk (ZON) (project). We versterken de samenwerking om schooluitval en jeugdwerkloosheid te voorkomen door het opzetten van een Zutphens Ontwikkelnetwerk. Zichtbaarheid vergroten Jongeren/ communicatie met jongeren/ website. We realiseren een strategisch communicatieplan en een platform waarop we jongeren beter kunnen bereiken. Kinderen in armoede (project). Armoede in gezinnen kan leiden tot ontwikkelingsrisico’s voor kinderen. We werken aan het kansrijk opgroeien van kinderen in armoede. Daarvoor sluiten we aan bij de lokale aanpak bestaanszekerheid. Samenwerking huisartsen (project). De landelijke Hervormingsagenda Jeugd heeft als één van de aanbevelingen om meer samenwerking te zoeken met huisartsen voor integraal beleid. We gaan invulling geven aan deze hernieuwde samenwerking.

Verordening Leerlingenvervoer. De regels rondom leerlingenvervoer zijn verouderd en behoeven aanpassing. Uitvoering Drang (project). We gaan op projectmatige wijze invulling geven aan de preventieve maatregel drang (op grens vrijwillige jeugdbescherming), startend met een pilot.

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

48 / 82

•

Lokale residentie (project). Het huidige (regionale) aanbod gaan we versterken met een kleinschalige en duurzame verblijfsvoorziening. Hierbij zetten wij in op lokale inbedding, toegankelijkheid en kwaliteit van zorg tegen een betaalbare prijs.

Aandachtspunten m.b.t. de ontwikkelingen en opgaven komende jaren •

•

•

•

Transformatie in de jeugdzorg: de Landelijke Hervormingsagenda Jeugd. De jeugdzorg staat onder druk. Het stelsel is toe aan transformatie om de toekomstige jeugdhulp vraagstukken het hoofd te kunnen bieden. Dossier ‘Groeipijn’ van de commissie van Ark en de Landelijke Hervormingsagenda Jeugd gaan in op deze transformatie. Het behelst een reeks van maatregelen (62 maatregelen) voor onder andere gemeenten om te werken aan een toekomstbestendige jeugdzorg. De komende jaren is het van belang om deze maatregelen uit te werken. We zijn al heel ver, maar er moet nog meer gebeuren. Dit betekent investeren in voorliggende voorzieningen, meer preventie, een sterk lokaal team en stevige regie op complexe casuïstiek. Betaalbaarheid en kwaliteit van zorg. In 1992 kreeg 1 op de 27 jeugdigen een vorm van jeugdhulp, in 2015 1 op de 10 en vandaag de dag 1 op de 7. We zien een flinke toename van het gebruik van jeugdhulp door de jaren heen maar ook in de kosten van jeugdhulp. In 2015 kostte een jeugdige in een vorm van verblijf ongeveer €100.000 euro, tegenwoordig ongeveer €300.000. Door de toename van jeugdhulp en een vraag om kleinschalige voorzieningen (landelijke trend) is het kwaliteitsvraagstuk ook steeds meer van toepassing. Er zijn te weinig goed geschoolde professionals. De kosten lopen op, we worden als gemeente niet voldoende gecompenseerd.

Dit vraagt om strategische en creatieve keuzes voor de toekomst. In de afgelopen jaren is het gelukt om financieel positief te eindigen. Dit is geen vanzelfsprekendheid en vraagt om continu innoveren. Jeugdhulp en systemische problematiek (bestaanszekerheid). Samenwerking in het sociaal domein is een belangrijk element om systemische problemen op te lossen. Jeugdhulp gebruik hangt samen met armoede problematiek in gezinnen, echtscheidingen hebben enorme gevolgen voor jeugdhulp gebruik. De inzet van jeugdhulp moet geen symptoom bestrijding zijn. Echte oplossingen voor echte problemen vanaf de bodem aanpakken. Een oplossing voor het gebruik van jeugdhulp zit ook in de samenwerking tussen aanpalende domeinen en in partnerschap met organisaties (‘groeipijn’, commissie van Ark). Dit vraagt om een intensievere vorm van samenwerking en strategisch partnerschap. Transformatie in de veiligheidsketen: toekomstscenario. De veiligheidsketen staat flink onder druk. Organisaties als Veilig thuis en Jeugdbescherming kunnen moeizaam het hoofd boven water houden en kijken steeds vaker naar de gemeente. De gemeente kan de organisatie-uitdagingen van deze organisaties niet oplossen maar we zien wel een wezenlijke taak als het gaat om het welbevinden van onze jeugd.

Steeds vaker nemen we taken over op bijvoorbeeld het schrijven van veiligheidsplannen of regie op casuïstiek die aanschuurt tegen de onvrijwillige hulpverlening. Onze organisatie is robuust en kan deze taken aan, echter is de personele formatie van ons als gemeente niet ingericht op deze aanvullende taken.

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

49 / 82

Vastgestelde beleidsnota’s • • • • • •

Contourenplan en Uitvoeringsplan Jongerenwerk 2025 - 2029 Inkoop Jeugd 2026 Dekkend zorglandschap herstelacties en Deel II Startnotitie Zutphens Ontwikkelnetwerk Zutphense aanpak geletterdheid. Bestuursopdracht Ontwikkelbedrijf Jong Beleidsplan Jeugd 2021-2024

3.6

Welzijn, Wmo, Sport

Waar staan we? •

•

•

De gemeenteraad heeft in december 2025 het Beleidsplan Wmo-Welzijn 2025 unaniem vastgesteld. Daarin is vastgelegd hoe we de maatschappelijke opgaven gaan aanpakken. We gaan daarbij uit van de volgende visie: Iedere inwoner kan meedoen, zo lang mogelijk zelfstandig wonen en een goede kwaliteit van leven ervaren. Soms lukt dat niet alleen of met behulp van familie, vrienden of buren. Dan is ondersteuning beschikbaar, aanvullend op wat inwoners zelf en met elkaar organiseren. We bekijken samen met de inwoners, onze maatschappelijke partners en zorgaanbieders welke ondersteuning passend is. De belangrijke overkoepelende opgave waar we op inzetten om onze visie te verwezenlijken, is het bevorderen van de integrale samenwerking tussen verschillende disciplines, zoals zorg, welzijn, werk en inkomen, sport en cultuur. Daarbij zetten we in op drie pijlers: o Verbinden inwoners en bevorderen gezondheid; o Toegankelijke en laagdrempelige ondersteuning. o Geïndiceerde zorg waar nodig. Geïndiceerde maatwerkvoorzieningen. In de jaren 2021 tot en met 2025 is het aantal inwoners dat gebruikt maakt van geïndiceerde ondersteuning vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015) toegenomen (zie tabel volgende pagina). Verhoudingsgewijs maken meer inwoners van de gemeente Zutphen gebruik van Wmo-voorzieningen dan landelijk.

Echter, in vergelijking met de vijftien gemeenten die qua huishoudensamenstelling en welvaartsniveau het meest op Zutphen lijken, ligt het aantal mensen met Wmo-ondersteuning en de gemiddelde uitgaven per cliënt verhoudingsgewijs in Zutphen iets lager. We zijn trots op de uitkomsten van het cliëntervaringsonderzoek Wmo 2025, met een gemiddeld rapportcijfers van 8,4. Tabel Aantal inwoners dat gebruik maakt van een Wmo-voorziening

2025 (prognose)) 2024

Totale Totaal aantal aantal inwoners cliënten Zutphen 49.028 3. 653 48.752

Huishoudelijke zorg*

Begeleiding/ Dagbesteding*

Hulpmiddelen/ vervoer*

1.638

899

2.239

1.542

833

2.197

3.521

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

50 / 82

2023

48.526

3.459

1.547

811

2.128

2022

48.342

3.340

1.471

808

2.100

2021

48.122

3.380

1.468

838

2.129

* Aantal unieke cliënten per Wmo-voorziening

•

•

Algemeen toegankelijke voorzieningen en preventie. De belangrijkste voorzieningen waar inwoners (laagdrempelig) ondersteuning zonder indicatie kunnen krijgen zijn: sociaal werk, buurthuizen (formuliereninloop, cursussen, etc.) en inloopvoorzieningen voor mensen met beginnende dementie en psychische of sociale kwetsbaarheid. Inzet is gericht op preventie, door het bevorderen van de gezondheid, het stimuleren van sport en bewegen en tegengaan van eenzaamheid, onder meer door de inzet van buurtsportcoaches en valpreventie. Ook zetten we in op een inclusieve gemeente. In 2025 de Visie op sport en bewegen vastgesteld. Hierin staat hoe de gemeente sport en bewegen wil versterken, omdat dit belangrijk is voor gezondheid, ontmoeting en het sociale leven in de stad. De visie gaat in op de kwaliteit en toekomst van sportaccommodaties, de rol van sportverenigingen, het stimuleren van sport en bewegen voor alle inwoners en een betere organisatie van sport binnen de gemeente. Ook kijkt de gemeente naar trends zoals vergrijzing, veranderende sportdeelname en het belang van sport als middel voor bijvoorbeeld welzijn en preventie.

Wat is in uitvoering? Het beleidsplan Wmo-Welzijn wordt vertaald in een uitvoeringsagenda waarin we de beleidsdoelen en ambities omzetten in concrete en uitvoerbare acties. Ontwikkelingen waar we in ieder geval op in willen zetten zijn: • We versterken de samenwerking tussen organisaties door bestaande netwerken in kaart te brengen en beter op elkaar aan te sluiten. Lopende projecten – zoals Buurt als Ecosysteem – verbinden we met nieuwe initiatieven en met het programma Sterke Wijken. Intern blijven we samenwerken binnen onder andere de agenda Soepele overgang jeugdvolwassenheid en de aanpak huiselijk geweld. Regionaal trekken we op met gemeenten, zorgverzekeraars en partners bij de doorontwikkeling van het IZA-regioplan. • We versterken de sociale basis door te werken aan een ontmoetingspunt in elke wijk en door inwonersinitiatieven te ondersteunen. We ontwikkelen een mantelzorg- en vrijwilligerssteunpunt en stimuleren een gezonde leefstijl via de Nota Lokaal Gezondheidsbeleid en de Visie Sport en Bewegen. Daarnaast maken we een Lokale Brede Inclusieagenda, zodat iedereen kan meedoen. • We bieden ondersteuning zo licht en wijkgericht mogelijk. Hiervoor herijken we het Afwegingskader Algemene Voorzieningen en maken we het aanbod beter vindbaar via een geactualiseerde sociale kaart. Om eenzaamheid te voorkomen werken we aan een nieuwe Aanpak tegen Eenzaamheid.

• We versterken de zelfredzaamheid van inwoners en helpen hen tijdig na te denken over ouder worden, bijvoorbeeld via ‘Praat vandaag over morgen’ en verhuiscoaches. Samen met aanbieders verkennen we de inzet van slimme technologie. We

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

51 / 82

onderzoeken mogelijkheden voor indicatievrije lichte ondersteuning en voor een scootmobiel- of hulpmiddelenpool. Met het Zutphens Ontwikkelnetwerk stimuleren we arbeidsmatige dagbesteding. Binnen Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang zetten we in op “beschermd thuis” en vernieuwende woonconcepten. We waarborgen continuïteit van ondersteuning door langdurige overeenkomsten en onderzoeken langere indicatieduren.

Aandachtspunten m.b.t. de ontwikkelingen en opgaven komende jaren •

•

•

De gemeente Zutphen kent grote maatschappelijke opgaven. De bevolking vergrijst, de mentale gezondheid van inwoners staat onder druk en de vraag naar zorg en ondersteuning groeit. Tegelijkertijd hebben we te maken met personeelstekorten in de zorg, een groter beroep op mantelzorgers, beperkte financiële middelen en een tekort aan passende woningen. Vanuit landelijke akkoorden (GALA, IZA en AZWA 3) wordt ingezet op meer samenwerking tussen zorg en het sociaal domein. Dat leidt tot een groter beroep op de maatwerkvoorzieningen die de gemeente bekostigt vanuit de Wmo 2015 en op de voorliggende voorzieningen. Een van de maatschappelijke opgaven betreft de leefbaarheid in de wijken die onder druk staat door (ernstige) verslavings- en psychiatrische problematiek van inwoners. Dit leidt in een aantal gevallen tot (ernstige) woonoverlast. Hier een oplossing voor vinden, is onderdeel van de integrale aanpak woonoverlast. Een van de uitgangspunten uit ons beleidsplan is: we zetten onze schaarse middelen in voor de inwoners die zorg en ondersteuning het meest nodig hebben. Hier zijn verschillende strategische keuzes in te maken.

Gaan we de financiële draagkracht van mensen toch mee laten wegen, ondanks de juridische risico's? In hoeverre gaan we mensen aanspreken op hun zelf- en samenredzaamheid? Differentiëren we onze inzet in de wijken? Keuzes zijn dan bijvoorbeeld: • Extra of juist minder inzet op preventie. • Extra of juist minder inzetten op het omzetten van individuele voorzieningen naar collectieve voorzieningen. • Het uitbreiden of juist inperken van het aanbod aan algemeen toegankelijke voorzieningen. • Wel of niet invoeren of verhogen van een bijdrage in de kosten voor inwoners die gebruik maken van algemeen toegankelijke voorzieningen.

Vastgestelde beleidsnota’s • • •

Beleidsplan Wmo-Welzijn gemeente Zutphen 2025 Visie Sport en bewegen gemeente Zutphen 2025 Beleidskader Sportaccommodaties gemeente Zutphen 2026

3 3GALA = Gezond en Actief Leven Akkoord, IZA = Integraal Zorgakkoord, AZWA = Aanvullend Zorg- en

Welzijnsakkoord

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

52 / 82

• • • • • • • • •

Naar een dementievriendelijke gemeente Zutphen Zutphense aanpak van eenzaamheid 2021-2025 Nota lokaal gezondheidsbeleid 2021-2025 Regenboogagenda 2022-2025 Regiovisie beschermd wonen en maatschappelijke opvang regio Midden-IJssel 2024 t/m 2026 'Kracht in kwetsbaarheid' Lokaal uitvoeringsplan Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang 2024-2026 Afwegingskader Algemene voorzieningen sociaal domein IZA Regioplan Afsprakenkader Ouderenhuisvesting (onderdeel regionale Woondeal)

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

53 / 82

3.7

Participatie inkomen & schuldhulp

Waar staan we? De gemeente Zutphen heeft gemiddeld meer inwoners met inkomensondersteuning (uitkering bijstand) dan gemeenten met een vergelijkbaar aantal inwoners. Per eind december 2025 zijn dit 1.422 huishoudens, waarvan ruim 230 jongeren onder de 27 jaar (15%). In verhouding vragen veel jongeren inkomensondersteuning aan; tegelijkertijd stromen er in verhouding ook veel jongeren weer uit. Gemiddeld stijgt het aantal uitkeringen met zo'n 2% per jaar. Dit is in lijn met de landelijke trend.

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

54 / 82

We bereiken steeds meer inwoners met onze minimaregelingen (waaronder het kindpakket en de meedoenregeling) en bijzondere bijstand. Bereik minimaregeling t/m november 2025

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

55 / 82

Schuldhulp is een integraal onderdeel van onze bredere inzet voor bestaanszekerheid. Naast de hulp bij het aflossen van schulden krijgt de inzet op preventie, begeleiding, voorzorg en nazorg nadrukkelijk meer aandacht.

Bundel factsheets Ruimte, Sociaal en Bedrijfsvoering

56 / 82

Wat is in uitvoering? •

•

•

•

Vanaf 2026 treedt de nieuwe Participatiewet in balans in werking. De wet is gewijzigd om de ervaren hardheden weg te nemen, de complexiteit te verminderen, de rechtszekerheid te vergroten, meer ruimte te bieden voor maatwerk en de menselijke maat. En om beter aan te sluiten bij de diversiteit en het doenvermogen van de inwoners met inkomensondersteuning. De wijzigingen volgen in twee stappen. Per 1 januari 2026 is de Participatiewet in balans in werking getreden, met een aantal wijzigingen. De veranderingen sluiten volledig aan bij onze Lokale aanpak Bestaanszekerheid en hoe wij -willen- werken. De technische wijzigingen zijn inmiddels in de werkprocessen aangepast. Er volgen nog wijzigingen in de wet die per 2027 ingaan. Hier bereiden we ons op voor. Binnen schuldhulp starten we met de inzet van budgetcoaching (begeleiding en nazorg) voor inwoners met schulden en/of budgetbeheer. We zijn aangesloten bij Geldfit; een landelijke organisatie speciaal gericht op het bereiken van inwoners met geldvragen (met specifiek aandacht voor jongeren en ondernemers). We hebben een klantreis voor inwoners met geldzorgen uitgevoerd, zodat we goed beeld hebben welke route voor onze inwoners logisch is en wat zij nodig hebben. We starten met ambtshalve verstrekking van de Individuele Inkomenstoeslag en meedoenregeling.

Begin 2026 kunnen inwoners met één digitale aanvraag inkomensregelingen aanvragen (bijzondere bijstand en minimaregelingen). Dit geldt voor de regelingen en inwoners waarvoor (nog) geen ambtshalve verstrekking mogelijk is. Het project Inwoner in Beeld ronden we medio 2026 af. De aanpak, gebaseerd op gelijkwaardigheid en vertrouwen, uit zich op verschillende manieren in de praktijk en heeft directe impact op de inwoner. De gesprekken die we voeren, worden door de inwoners als positief ervaren; inwoners benoemen dat ze de persoonlijke aanpak en inzet van de medewerkers van de gemeente waarderen (Moventem inwonersonderzoek, 2024). Aan de ene kant door de vraag centraal te stellen en minder uit te gaan van procedures en regels. Aan de andere kant door meer contactmomenten. Bijvoorbeeld voor (financiële) vragen, informatie over bijzondere bijstand en andere minimaregelingen, of het vinden van werk. Op die manier willen we het gebruik van regelingen en ondersteuning om (weer) stappen te zetten naar (maatschappelijke) participatie blijven verhogen. Begin 2026 onderzoeken we samen met Moventem hoe we er nu voor staan. Vanuit het project evalueren we ook samen met consulenten de ervaringen met inwoners in de praktijk en harmoniseren we werkprocessen werk en inkomen waar nodig. De grootste verschuiving ligt in bewustwording en werkwijze, waarbij de menselijke benadering centraal staat.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zutphen&id=efaf3113-58ef-434b-831a-e87af240d8b4