1132999 - Bijlage 1 - Rapport Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
Tekst van het document
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad September 2025
Colofon Dit is een uitgave van de gemeente Zutphen Postbus 41 7200 AA Zutphen 's Gravenhof 2 www.zutphen.nl RED Auteur(s): Cyriel Prinsen, Daniëlle Rap, Rient Heerink, Sabine van Galen, Niels Boele, Carla van Amerongen, Henri Kolenbrander, Dagmar Bade, Doret Boonstra, Bram Polman, Louis Post Versie: 1.0 Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
2 / 57
Inhoud Inleiding & leeswijzer
4
1. Energie en opwek
6
2. Besparen
16
3. Mobiliteit
20
4. Voedsel
24
5. Informatie & communicatie
27
6. Gedragsverandering
31
7. Leefbaarheid, klimatadaptatie & groen
34
8. Rechtvaardige transitie
38
9. Warmte
42
10. Rol van bedrijven
46
Conclusie
48
Indeling in categorieën
50
Financiële tabellen
51
Net afgewezen aanbevelingen
53
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
3 / 57
Inleiding & leeswijzer In 2025 heeft er voor het eerst een Inwonersberaad plaatsgevonden in de gemeente Zutphen. Het Inwonersberaad bestond uit circa 100 gelote inwoners die een afspiegeling vormen van onze gemeente. Het Inwonersberaad heeft zich in de periode tussen februari en juni 2025 in zes sessies verdiept en gewerkt aan het vraagstuk: ’Hoe brengen we samen op een rechtvaardige manier de CO₂-voetafdruk in de gemeente Zutphen terug met 95% in 2050?” Uit deze sessies zijn 25 aanbevelingen aan de gemeente Zutphen voortgekomen. Voor het gevolgde proces verwijzen we naar het rapport in bijlage 2. In dit rapport gaat het over de reactie van de gemeente op de aanbevelingen en de gevolgen daarvan. Omdat de gemeenteraad heeft aangegeven de aanbevelingen over te nemen als deze juridisch, financieel en praktisch uitvoerbaar zijn, is er naar deze onderdelen gekeken en hoe we de uitvoering op zouden willen pakken. Bij het adviseren over de aanbevelingen hebben we geprobeerd de intentie van het beraad zo zuiver mogelijk te volgen, waarbij de formulering van de aanbeveling leidend is geweest. Bij de informatie over de manier waarop het beraad een aanbeveling wil bereiken, zijn vaak meerdere suggesties gegeven. In de reactie van de gemeente is niet per se op elke suggestie apart gereageerd.
We leggen de nadruk op de suggesties die direct een relatie leggen met de formulering van de aanbeveling. De vraagstelling aan het inwonersberaad bevat een lange termijn van 25 jaar. Sommige ingrepen vragen ook heel lange voorbereidingstermijnen voordat impact verwacht kan worden. Daarnaast zijn veel verschillende aanbevelingen gedaan, die niet allemaal tegelijk uitgevoerd kunnen worden. Na de behandeling in de gemeenteraad zullen we de aanbevelingen verwerken in een uitvoeringsplan, inclusief een planning. We willen daarmee eerlijk en transparant zijn over de mogelijkheden en daarmee aan de verwachtingen van het beraad tegemoet komen. Tot slot willen wij onze enorme waardering uitspreken voor al het werk dat door de deelnemers van het Inwonersberaad is verzet. Deze nieuwe vorm van samenwerking tussen inwoners en gemeente heeft prachtige aanbevelingen opgeleverd. Leeswijzer De reacties op de aanbevelingen zijn in dezelfde clustering en volgorde als in het rapport van aanbevelingen in dit rapport opgenomen. Per aanbeveling wordt eerst in het blauwe blok de gehele tekst van de aanbeveling opgenomen. Onder het blok staat de reactie van de gemeente. Hiermee is het verband tussen de aanbeveling en de reactie direct duidelijk. In de conclusie kijken we naar de totale haalbaarheid van de aanbevelingen.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
4 / 57
De gemeente heeft ook gereageerd op de aanbevelingen die niet aangenomen zijn, maar wel meer dan de helft van de stemmen hebben gekregen (dus tussen de 50% en 60% van de stemmen). Deze aanbevelingen zijn niet meegenomen in de tabellen.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
5 / 57
1. Energie en opwek 1.1 Bij duurzame energieopwekprojecten binnen de gemeente krijgen partijen zonder winstoogmerk (of met 75% lokaal eigendom) voorrang, lukt dit niet dan kunnen andere partijen deelnemen. Hoe willen we dat bereiken? De gemeente neemt dit mee in het proces voor vergunningverlening en ondersteunt de realisatie van lokaal eigenaarschap, bijvoorbeeld in de vorm van coöperaties zonder winstoogmerk. De gemeente organiseert daarnaast samenwerkingen tussen commerciële en non-profit organisaties voor duurzame energie opwekprojecten. Waarom vinden we dit belangrijk? Het terugvloeien van winsten, energie naar gemeente/bewoners, coöperatie voor hergebruik en/of betaalbare energie. Elektriciteit is een basisvoorziening die niet in handen moet zijn van een winstmaximaliserende organisatie die ook door niet opwekken daarvan winst kan genereren.
Reactie gemeente Huidige situatie Voor opwekprojecten met zonnepanelen op land, is het beleid dat 75% van het eigendom lokaal moet zijn, bij wind- en andere electriciteitsprojecten is dat nog niet vastgelegd. Bij warmte(netten) zijn we al wel een stap verder. Het Warmtebedrijf Zutphen is in voorbereiding. Hiervan zullen de gemeente en het publieke Gelders Warmte Infrabedrijf het overgrote deel van de aandelen bezitten. Ook voor ZutphenEnergie zal er een rol zijn om zo ook de gebruikers te kunnen vertegenwoordigen. We zien dit dus ook als een lokaal bedrijf. Afwegingen Het benoemen van partijen zonder winstoogmerk is nieuw. We zien energie als een publieke voorziening waarbij winst niet het basisprincipe is. We waarderen deze toevoeging van het beraad. Het lokaal eigendom en geen winstoogmerk kunnen elkaar ook bijten. Een obligatiestructuur kan bijvoorbeeld voor zowel lokaal eigendom als voor winst zorgen. We lezen de aanbeveling dan ook dat als er winst gemaakt wordt, dit lokaal en regionaal terecht moet komen. Het is echter ingewikkeld om dat te regelen in een vergunningenproces. We mogen daarin als gemeente geen eisen stellen aan de aanvrager (bijvoorbeeld geen commerciële partij). Dat is geen onderdeel van het wettelijk toetsingskader. Dit kan wel privaatrechtelijk worden geregeld, dus als de grond van de gemeente is.
Voor warmte zien we daarnaast dat puur lokaal eigendom moeilijk te realiseren is. We werken als gemeente samen met het Gelders Warmte Bedrijf, wat als groot bedrijf zowel kennis en kunde als geld meeneemt voor bijvoorbeeld warmtenetten. Het Gelders Warmte Bedrijf zien we als een regionaal bedrijf. Daarom zullen we voor warmte naast lokaal ook kijken naar regionaal eigendom.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
6 / 57
Wat stellen we voor? In het nog op te stellen Afwegingskader Wind (zie ook aanbeveling 1.5a) nemen we mee dat minimaal 75% van het eigendom lokaal en regionaal moet zijn. Voor warmte zien we kansen in het Warmteprogramma (het vastleggen van lokaal eigendom en/of partijen zonder winstoogmerk). In dat programma (de opvolger van de Transitievisie Warmte) moet de gemeente uiterlijk eind 2026 vastleggen welke wijken wanneer aardgasvrij zullen worden. In dat programma zal deze aanbeveling een plek krijgen om het voor het thema warmte te borgen. Wat hebben we daarvoor nodig? Het opstellen van het Afwegingskader Wind en het Warmteprogramma kan binnen de bestaande formatie opgepakt worden. Hier is geen extra capaciteit en/of budget voor nodig.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
7 / 57
1.2 De gemeente stimuleert de opwek van voldoende duurzame energie en stuurt aan op het gebruik van deze lokaal opgewekte energie door inwoners en bedrijven van Zutphen. Hoe willen we dit bereiken? ‘Local-4-local’ concept stimuleren. Dit stimuleren wij door, de volgende punten: 1. Gemeente faciliteert pilots en snelle vergunningverlening voor duurzame energieinitiatieven. 2. Gemeente faciliteert de totstandkoming van afspraken tussen bedrijven en afnemers voor verdeling van elektriciteit en warmte. 3. Gemeente stimuleert en faciliteert het gebruik maken van slim in te stellen apparatuur. Waarom vinden we dit belangrijk? Het gaat netcongestie tegen en het vlakt de pieken van intensief stroomverbruik af.
Reactie gemeente Huidige situatie Het energiesysteem van de toekomst is gericht op het bij elkaar brengen van vraag en aanbod van energie. Daar sturen we in de regio al op via het Regionaal Programma Energievoorziening. Ook lokaal zijn we hiermee aan de slag door bijvoorbeeld samen te werken met Zutphen Energie. Energyhubs op De Mars en De Revelhorst zijn in voorbereiding of worden onderzocht. Afwegingen Deze aanbeveling van het inwonersberaad sluit aan bij de uitgangspunten van het Regionaal Programma Energievoorziening (RPE). Het stimuleren van lokaal gebruik van opgewekte energie is een belangrijk uitgangspunt van het RPE. Een goede manier om dit mogelijk te maken is via het local-4-local-principe en energyhubs. Ook is het sinds 1 juli 2025 mogelijk om onder bepaalde voorwaarden energie te delen met bijvoorbeeld je buren. Snelle vergunningverlening voor energie-initiatieven is moeilijk te realiseren. De vergunningenprocedures hebben binnen de gemeente bepaalde doorlooptijden, gebaseerd op de impact op de omgeving. Daar kunnen we maar beperkt wat aan veranderen, tenzij er (snel inzetbare) extra capaciteit beschikbaar is. Zoals we bij de windmolens van IJsselwind hebben gezien, ligt de vertraging vaak in procedures en bezwaren.
Ondanks dat dat af en toe vertragend en vervelend uitpakt voor onze doelen, vinden we deze mogelijkheden erg belangrijk voor onze rechtstaat en democratische waarden. Naast de in deze aanbeveling genoemde punten zien we ook lokale opslag op termijn als kans om onderling energie uit te wisselen. Bijvoorbeeld door buurtbatterijen (zie 1.3). Wat stellen we voor? Om local-4-local-initiaieven verder te stimuleren, stellen we voor om de komende vijf jaar jaarlijks maximaal €10.000,- subsidie te verstrekken aan initiatieven die local-4-local stimuleren.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
8 / 57
Verder zien we voor de punten 2 en 3 een belangrijke rol voor het Duurzaamheidsloket (zie aanbeveling 5.2). Met goede informatie kan het loket helpen om te voldoen aan de voorwaarden van energie delen en het informeren over slimme apparatuur. Wat hebben we daarvoor nodig? Voor het opzetten van campagnes rond energie delen en slimme apparatuur is incidenteel €10.000,- nodig. De subsidiëring van local-4-local initiatieven kan via een structureel budget van €10.000,-.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
9 / 57
1.3 De gemeente stimuleert en faciliteert opslag van overtollige groene energie. Hierbij wordt ook rekening gehouden met innovaties. Hoe willen we dit bereiken? • Stimuleer vormen van lokaal eigenaarschap (of non-profit organisaties) zoals bv ZutphenEnergie • Ruimte beschikbaar stellen voor wijk opslag • Batterij-technologie → bijv. huisaccu’s / straataccu’s / elektrische auto’s • Waterstofproductie (bijv. aansluiten ruggengraat leiding Groningen-Rotterdam) • Warmteopslag in bijv. de grond / basaltblokken • Nog te ontwikkelen methodes! Waarom vinden we dit belangrijk? Alles wat je ‘groen’ opwekt, hoef je later niet met fossiele bronnen op te wekken. Oplossing voor de fluctuaties in ‘groene’ energieopwekking en daarmee voorkomen van netcongestie. Energie opslag maakt Zutphen minder afhankelijk van externe energie.
Reactie gemeente Huidige situatie Op dit moment is in de regio batterijbeleid in voorbereiding. De gemeente Zutphen neemt deel aan dit proces. Lokaal hebben we hier nog geen specifieke acties op uitgezet. Afwegingen Opslag van energie is erg belangrijk in de transitie naar duurzame energie. We zullen energie moeten opslaan voor de momenten dat duurzame bronnen geen energie leveren. Samen met de regio maken we daarom al een batterijbeleid. Ook de warmtenetten die we in de planning hebben, zorgen voor opslag van energie. De opslag van energie zal echt op verschillende niveaus plaats vinden. Het gaat om de opslag van elektriciteit, maar ook van warmte. Van thuisbatterijen en elektrische auto's, via buurtbatterijen naar warmtenetten (wijkopslag). En er is een verschil tussen opslag van korte duur (elektriciteit in een batterij) en langdurige opslag (seizoensopslag, bijvoorbeeld warm water in de grond). Maar batterijen/opslag zijn niet altijd een goed idee. We zien bijvoorbeeld liever niet dat een buurtbatterij de aankoop van warmtepompen stimuleert in wijken waar een collectief warmtenet voorzien is. Dat kan de realisatie van een (effectiever) warmtenet moeilijker maken. En als thuisbatterijen gebruikt worden om mee te handelen op de energiemarkt, maakt dat de netcongestie erger. Maar dat wil ook niet meteen zeggen dat er helemaal niets mogelijk is.
Wat stellen we voor? We stellen voor om aan de hand van het regionale batterijbeleid een lokale verdiepingsslag te maken, waarbij we goed kijken op welke plekken batterijen wel of juist niet bijdragen aan de energietransitie en onder welke voorwaarden we de plaatsing willen faciliteren. Uiteraard hebben we daarbij ook oog voor andere vormen van opslag, bijvoorbeeld zoals die in de aanbeveling genoemd zijn en zullen we de warmtebuffer van warmtenetten meenemen als opslagmogelijkheid.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
10 / 57
Wat hebben we daarvoor nodig? Voor de verdiepingsslag op het batterijbeleid zal expertise ingehuurd moeten worden (eenmalig €50.000,-) en gedurende een jaar zal er voor 4 uur per week capaciteit beschikbaar moeten komen voor het begeleiden van het proces en het opstellen van het beleid.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
11 / 57
1.4 De gemeente legt op alle daken in haar bezit zonnepanelen. Hierbij kijken naar de haalbaarheid bij (gemeentelijke) monumenten. Hoe willen we dit bereiken? De gemeente legt op de daken van gemeentelijke bedrijfsgebouwen en schoolgebouwen zonnepanelen. Hierbij kijken naar de haalbaarheid bij (gemeentelijke) monumenten. Waarom vinden we dit belangrijk? Groene energie is belangrijk voor de energietransitie en de gemeente heeft een voorbeeldfunctie. De daken van de gebouwen in eigendom van de gemeente zijn ook groot genoeg in schaal.
Reactie Gemeente Huidige situatie Op veel gemeentelijke gebouwen liggen al zonnepanelen. Daarnaast wordt er momenteel gewerkt aan een verduurzamingsplan voor het gemeentelijk vastgoed. Dat wordt in 2025 verwacht. Afwegingen De ambities van het inwonersberaad en de gemeente zitten hier op één lijn. Het leggen van zonnepanelen sluit namelijk aan op de ambitie van de gemeente om haar vastgoed verder te verduurzamen. Het is echter niet mogelijk om op álle gemeentelijke daken zomaar zonnepanelen te leggen. We moeten zorgvuldig gaan kijken wat waar kan: het soort dak en de constructie en netcongestie kunnen een belemmering zijn. Wat stellen we voor? We stellen voor om deze aanbeveling mee te nemen in het verduurzamingsplan van het gemeentelijk vastgoed. Het plaatsen van zonnepanelen maakt daar (waar mogelijk) deel van uit, maar we kijken ook breder naar isolatie, aardgasvrije opties, betere installaties etc. Hierbij houden we ook rekening met netcongestie. Op sommige locaties zullen zonnepanelen daarom pas op de langere termijn mogelijk zijn. Wat hebben we daarvoor nodig? Het verduurzamingsplan wordt al opgesteld. Daar is verder niets voor nodig.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
12 / 57
1.5a Er moeten zoveel mogelijk binnen de wettelijke kaders windmolens geplaatst worden (voor de gemeente Zutphen zijn dit er ongeveer 6 a 7). Hierbij moet rekening gehouden worden met gedegen locatieonderzoek. Hoe willen we dit bereiken? • Onder locatieonderzoek valt o.a. onderzoek naar gevolgen voor mens, dier en natuur. • Waar nodig omwonenden eerlijk compenseren • Verkorten van de procedure van plan tot realisatie • Kennis en middelen bundelen • Regionale samenwerking zoeken om meer geschikte locaties te vinden voor het plaatsen van windmolens. Waarom vinden we dit belangrijk? • Door snelle realisatie van windmolens kan op korte termijn CO₂ besparing worden gerealiseerd. • Windmolens genereren duurzame hernieuwbare energie met veel CO₂ reductie • Kent weinig nadelen op natuur en mens. • Input in financiële zin voor inwoners is niet nodig om wel reductie te realiseren. • Zekerheid van energie • Rendement hoog • Kennis al aanwezig • Opbrengst tijdens piekuren • Aanvulling op momenten dat er weinig opbrengst uit zonneenergie is
Reactie Gemeente Huidige situatie Op dit moment staan er drie windmolens op De Mars in Zutphen. De plannen voor drie extra windmolens zijn in een vergevorderd stadium. Naar verwachting zal eind 2025 duidelijk zijn of de windmolens er definitief zullen komen. Van de drie extra windmolens zal er één van het waterschap zijn en twee van IJsselwind bv. De aandelen van IJsselwind zijn in handen van ZutphenEnergie en daarmee is er sprake van 100% lokaal eigendom. Afwegingen De gemeente waardeert de ambities van het inwonersberaad. Windenergie is namelijk, zoals in de aanbeveling al aangegeven, erg belangrijk voor een goede balans in de opwek. Maar we weten ook dat windmolens er niet zomaar staan. Daar gaat een lang proces aan vooraf, waarbij het genoemde locatieonderzoek een grote rol speelt. Wat stellen we voor? We stellen voor om deze aanbeveling uit te voeren in een aantal stappen. We stellen eerst een afwegingskader op voor windenergie. In dit afwegingskader geven we aan wat we wel en niet acceptabel vinden qua windenergie. Dan gaat het bijvoorbeeld over mogelijke locaties van windmolens, maar kijken we ook naar nieuwere vormen van windenergie (bijvoorbeeld windwokkels of andere dakinstallaties) en kleine windmolens in
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
13 / 57
bijvoorbeeld het buitengebied. Hier nemen we uiteraard ook provinciale en landelijke regelgeving mee en geven we aan wat we van een locatieonderzoek verwachten. Daarnaast zullen we kijken naar de ambities uit het Regionaal Programma Energievoorziening (voorheen Regionale Energie Strategie). Daarna zullen we actief samenwerking zoeken met lokale partijen om, binnen de kaders die opgesteld zijn, werk te gaan maken van de realisatie van de windmolens. Wat hebben we daarvoor nodig? Voor de eerste stap zal capaciteit ingehuurd moeten worden, en wellicht ook externe kennis. We schatten dat daarvoor €50.000 nodig is en een jaar lang 8upw. Daarna zal er gedurende meerdere jaren (en dus structureel) ook budget (€10.000) en capaciteit (4 upw) nodig zijn om de realisatie te begeleiden.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
14 / 57
1.6 De gemeente volgt actief de innovaties op het gebied van duurzame energie. Innovaties die substantieel efficiënter, duurzamer, visueel aantrekkelijker, gezonder en/of goedkoper zijn, worden geïmplementeerd en vervangen bestaande plannen. Hoe willen we dit bereiken? • De gemeente neemt de verantwoordelijkheid voor het volgen van de innovaties op het gebied van duurzame energie. Denk daarbij aan beursbezoek, contacten onderhouden met universiteiten, digitaal onderzoek naar (inter)nationale mogelijkheden, contacten met andere gemeenten die nieuwe initiatieven hebben geïmplementeerd etc. • De verantwoordelijken delen opgedane kennis en zijn actief betrokken bij het maken en verfijnen van de plannen op alle niveaus. Waarom vinden we dit belangrijk? • Met de kennis van nu zijn we niet in staat oplossingen te bedenken die tot 2050 reiken. • Het is belangrijk dat de gemeente openstaat voor betere alternatieven en kennis zonder vast te houden aan achterhaalde technieken. • Actuele bezwaren tegen huidige technieken op het gebied van het genereren van duurzame energie kunnen met nieuwe oplossingen worden weggenomen.
Reactie gemeente Huidige situatie De verschillende beleidsambtenaren die in de energietransitie werken zijn goed op de hoogte van actuele regelgeving, technieken en kansen. Men blijft op de hoogte door in contact te zijn met experts, via regionale informatie- en kennisuitwisseling en via bedrijven en bijeenkomsten op het gebied van energietransitie en duurzaamheid. Afwegingen De gemeente erkent de ambities van het inwonersberaad. Want als gemeente kun je natuurlijk altijd meer doen, meer achterhalen en actiever innovaties volgen. Voor zover dat nog niet voldoende gedaan wordt, heeft dat vooral te maken met het gebrek aan tijd om hier actief achteraan te gaan. Wat stellen we voor? We stellen voor om deze aanbeveling over te nemen en meer capaciteit en budget vrij te maken voor het actief volgen van innovaties. Wat hebben we daarvoor nodig? Een structureel budget van €5.000,- voor kosten aan vakliteratuur, entree tot beurzen etc. en structureel 4 uur per week om beleidsmedewerkers ruimte te geven hier actief mee aan de slag te gaan.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
15 / 57
2. Besparen 2.1 Stimuleer het hergebruik van goederen en het correct scheiden en inleveren van afval. Hoe willen we dat bereiken? Maak het zo makkelijk mogelijk voor de inwoners. De gemeente helpt bij het opzetten en coördineren van vaste reparatiepunten op openbaar toegankelijke locaties. De gemeente plaatst in de binnenstad in plaats van reguliere restafvalbakken, gescheiden afvalbakken. Plaats naast scholen en winkelcentra inzamelpunten voor afval, PMD en glas. De gemeente voert de chemokar en grofvuilwagen na (telefonische) afspraak opnieuw in. Waarom vinden we dit belangrijk? Als goederen worden hergebruikt, hoeven er geen nieuwe goederen te worden geproduceerd. Dit resulteert in minder productiekosten en minder vervoerskosten. Dit is dus duurzamer. Wij vinden het belangrijk mensen te bereiken en te stimuleren afval te scheiden en op de juiste manier aan te bieden. Als men afval op de juiste manier aanlevert, kan dit worden hergebruikt. Dit bespaart materiaal voor nieuwe producten, productiekosten en energie. Vervuild afval kan niet worden gerecycled en moet worden verbrand. Dit leidt tot onnodige CO2-uitstoot.
Reactie gemeente Huidige situatie Door het gescheiden ophalen aan huis door Circulus, is het voor veel huishoudens mogelijk om thuis goed afval te scheiden. Met de pilot Anders Inzamelen hebben we in 2024 en 2025 geëxperimenteerd we met een andere manier van gescheiden afval inzamelen. Een schonebuurtcoach/afvalcoach hielp inwoners bij het beter scheiden en inzamelen. In het verleden is er geëxperimenteerd met het gescheiden inzamelen van afval in de openbare ruimte. Daaruit is geleerd dat passanten op straat hun afval niet correct scheiden en daarmee gescheiden inzameling te duur is. De uitdaging is op deze plekken vooral om te zorgen dat mensen hun afval om te beginnen in een prullenbak doen. Dit gedrag lijkt alleen te kunnen veranderen als we op landelijke schaal de inzameling in de openbare ruimte gaan scheiden. Naast de scheiding van afval in huis, heeft elk winkelcentrum een milieustraatje, waar bezoekers hun afval gescheiden kunnen inleveren. Voorzieningen voor verpakkingsglas kunnen helaas niet overal geplaatst worden i.v.m. hinder en overlast. Chemisch-afval en vele andere soorten grondstoffen kan de inwoner gratis brengen naar Circulus aan de Boggelderenk in Zutphen. Grofvuil ophalen op afroep is nog steeds beschikbaar, hier staat wel een heffing tegenover vanuit het principe dat de vervuiler betaalt.
Afwegingen We zien in deze aanbeveling een ondersteuning van het beleid om gescheiden inzameling van afval zo makkelijk mogelijk te maken. Hoewel we de ambities van het inwonersberaad onderschrijven, lijken niet alle voorstellen in de praktijk te werken.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
16 / 57
Daarnaast is het belangrijk om een balans te vinden tussen ‘zo makkelijk mogelijk maken’, ‘de vervuiler betaalt’ en de totale kosten voor afvalinzameling. Wat stellen we voor? Op basis van de pilot Anders Inzamelen bekijken we hoe de gemeente verder gaat met het inzamelen van huishoudelijk afval. Deze aanbeveling van het inwonersberaad wordt meegenomen in de besluitvorming over het vervolg. We stellen voor om nu geen extra inzamelpunten bij scholen en winkelcentra te plaatsen. Bij winkelcentra zijn die namelijk al aanwezig. Extra inzamelpunten zorgen ook voor extra kosten, die in de afvalstoffenheffing verrekend worden. Eerdere ervaringen met gescheiden inzameling in de binnenstad hebben niet positief uitgepakt. We stellen daarom voor hier geen gescheiden inzamelpunten te plaatsen. En tot slot wil de gemeente graag reparatiepunten ondersteunen in samenspraak met inwoners. Hierover meer bij de reactie op aanbeveling 6.2. Wat hebben we daarvoor nodig? Eventuele extra kosten die voortkomen uit de aanbevelingen rondom inzameling van afval worden verrekend met de afvalstoffenheffing. Hier is nu dus niets extra’s voor nodig, maar het kan wel leiden tot stijging van de afvalstoffenheffing.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
17 / 57
2.2 Stimuleer, beloon en probeer mogelijk te maken dat partijen bij aanbestedingen en in de eerste fase van gebiedsontwikkeling meer circulaire materialen gebruiken zowel bij nieuwbouw als bij renovatie, met als doelstelling om in 2025 25%, in 2030 50% en 2050 100% circulair te bouwen. Hoe willen we dat bereiken? Regionaal afspraken maken over gezamenlijke ambities. Stimuleren van inzamelingspunten voor gebruikte en overtollige bouwmaterialen. Zoals een tweedehands bouwmarkt. Gemeente kan meewerken door vanuit sociaal domein arbeidsplaatsen te subsidiëren. Eventuele subsidies voor betaalbaarheid en door verlagen van de leges. Bij gebiedsontwikkeling sturen op toepassen van hernieuwbare bouwmaterialen, het gebruik van tweedehandsmaterialen en makkelijk aanpasbare ontwerpen. Aandacht voor het bouwen van lang meegaande woningen. Waarom vinden we dit belangrijk? Wij vinden het belangrijk om waar mogelijk verspilling te voorkomen, zeker als dit ook bijdraagt aan CO₂ reductie.
Reactie gemeente Huidige situatie Per project kijken we als gemeente of we met circulair bouwen ambitieuzere duurzaamheidsdoelstellingen kunnen behalen. Er is echter geen gemeentelijk beleid voor circulair bouwen of voor circulariteit in brede zin. Daarmee zijn we blij met de aanbeveling van het inwonersberaad om dit tegen het licht te houden. Afwegingen Er zijn meerdere manieren om circulair materiaalgebruik in de bouw te stimuleren. Dat kan natuurlijk financieel met subsidies, maar we zien dat het misschien nog wel belangrijker is om het in de planvorming goed mogelijk te maken. Oftewel: zorg dat de stedenbouwkundige uitgangspunten zo zijn, dat circulair en bio-based bouwen tot de mogelijkheden behoren. Daarbij merken we wel op dat de doelstellingen uit de aanbeveling moeilijk te halen zullen zijn, al zijn er regio's die hier wel mee werken. Zutphen staat aan het begin van het traject om circulair te gaan bouwen. Een percentage van 25% in dit jaar halen we niet, en 50% in 2030 is niet haalbaar omdat tussen het maken en uitvoeren van bouwplannen meerdere jaren zitten. Wat stellen we voor? We zullen hier als gemeente nieuw beleid voor op moeten stellen, waarbij er ook nog het een en ander uitgezocht zal moeten worden.
Daarbij onderzoeken we op welke manier we circulair en bio-based bouwen het beste mogelijk kunnen maken en welke vormen van stimulans (zoals bijvoorbeeld in de aanbeveling benoemd) daarbij het meest effectief zijn. We zullen in overleg gaan met de regio om de ambities breder na te streven. In het op te stellen beleid, kijken we breder naar circulariteit. We nemen daar ook kleinschaligere initiatieven in mee. In het op te stellen beleid zullen we kijken welke
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
18 / 57
ambitie wel realistisch is, al zullen we er altijd naar streven om in 2050 zo goed als circulair te zijn, omdat dat ook een landelijk doelstelling is. Wat hebben we daarvoor nodig? Het opstellen van nieuw beleid vraagt capaciteit en expertise. Beiden zijn op dit moment niet voldoende aanwezig. We schatten is dat er structureel 0,5FTE nodig is om het beleid op te kunnen stellen en uit te voeren. Bij het opstellen van het beleid zal ook blijken welke middelen er nodig zijn.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
19 / 57
3. Mobiliteit 3.1 De gemeente organiseert een toegankelijk openbaar vervoernetwerk (OV-netwerk) binnen de bebouwde kom. Hoe willen we dat bereiken? • Een toegankelijk OV-netwerk is betaalbaar, dekt de gehele bebouwde kom en betreft ook doelgroepenvervoer. • Betaalbaar bereiken we door een dagticket van maximaal 2 Euro 50. • De gemeente zorgt ervoor dat er vaker openbaar vervoer rijdt en tot later. Als de concessiehouder niet meewerkt, gaat de gemeente werken aan een doelgroepenvervoeroplossing. • Meer bushaltes openen (bijv. De Mars bij Polplein, Noorderhaven, De Leesten) en geen bestaande bushaltes sluiten (bijvoorbeeld: Thorbeckesingel of Polsbroek) • Zorg voor aparte busbanen, waar mogelijk, en goede doorstroming van OV bij verkeerslichten. Dat zorgt ervoor dat het minder aantrekkelijk wordt om met de auto naar de binnenstad te gaan. Dit kan ook door betere of andere infrastructuur. Hierdoor wordt verkeer efficiënter en heeft openbaar vervoer meer ruimte. • Maak Zutphen deel van de GELREPAS (zoals in Arnhem en Duiven bijv.) • De gemeente lobbyt bij de concessiehouder voor een betere aansluiting van het busvervoer op het treinvervoer, rekening houdend • met overstaptijden voor minder validen en vertragingen. Waarom vinden we dit belangrijk? • De gemeente wil graag een autoluwe binnenstad. Een goed OV in de stad kan hier een belangrijke rol in spelen.
• Mensen zullen bij goede bereikbaarheid van de wijken met OV, minder de auto gebruiken richting centrum. Juist de kleine afstanden zijn het meest vervuilend, dus veel CO2-reductie. • Alle wijken bereikbaar maken met het OV tegen een concurrerend tarief t.o.v. de auto. Bij het ontwerpen van een nieuwe wijk rekening houden met een OVverbinding. • Vervuilend vervoer in de binnenstad tegenhouden hoeft niet te betekenen dat de bereikbaarheid minder wordt. Reactie gemeente Huidige situatie Het openbaar vervoer wordt in de basis door de provincie geregeld. Als gemeente hebben we hier maar beperkte invloed op. Uiteraard plaatsen we bushaltes op plekken waar dat nodig is, maar oude, niet meer gebruikte bushaltes worden opgeruimd omdat er meer ambities voor de openbare ruimte zijn. Het openbaar vervoer krijgt al wel prioriteit bij verkeerslichten. Afwegingen
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
20 / 57
Hoewel we de gedachte van het inwonersberaad achter deze aanbeveling waarderen, zijn punten ten aanzien van de dienstregeling voor de gemeente lastig uit te voeren, omdat de provincie concessiehouder is. Daarnaast zijn er enkele ruimtelijke en financiële punten opgenomen in de aanbeveling. Het aanleggen van aparte busbanen zal maar beperkt mogelijk zijn en dit heeft grote invloed op de totale verkeerscirculatie. Dit moet verder onderzocht worden. Dat geldt ook voor het punt rondom doelgroepenvervoer en de Gelrepas/goedkoop ticket. Wat stellen we voor? We stellen voor om drie onderzoeken uit te voeren en aan de hand daarvan met voorstellen naar de gemeenteraad te komen. 1. De fysieke mogelijkheden om busbanen aan te leggen. Daarbij kijken we ook naar de effectiviteit, gevolgen voor ander verkeer en de kosten. 2. De opties voor goedkoper openbaar vervoer, hierin nemen we de optie van een dagticket en een abonnement zoals bij de Gelrepas mee. 3. De mogelijkheid om doelgroepenvervoer anders in te zetten. Dit heeft brede afstemming nodig binnen de gemeente en uiteraard met de gemeenteraad. Een WMO-vervoervervangende vervoersoptie die de gehele gemeente aandoet zal bijzonder kostbaar zijn. Het potentieel hiervan moet eerst goed worden onderzocht, net als de eventuele kosten en uit het potentieonderzoek voortvloeiende baten.
Wat hebben we daarvoor nodig? Voor nu zijn het alleen de kosten voor het onderzoek en de capaciteit. We verwachten dat deze onderzoeken samen rond de €100.000,- zullen kosten. Het daadwerkelijk uitvoeren van de aanbevelingen is daar nog niet in meegenomen en zal aanzienlijk meer geld kosten.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
21 / 57
3.3 De gemeente richt infrastructuur zo in dat fietsers en voetgangers de hoofdgebruikers zijn van de wegen met uitzondering van ringwegen en verkeers ontsluitingswegen (doorgaande wegen). Hoe willen we dat bereiken? • Meer (bewaakte) fietsenrekken/fietsenstallingen • Afschaffing van 2-uurs fietsenrekken. • Inspraak van bewoners (olifantenpaden), fiets- en looppaden op basis van gedrag ontwerpen/aanleggen. • Door bijvoorbeeld een enquête. • Verbeter de voetgangerspaden (minimaal 1.20 breedte, tegels rechtleggen). • Meer fietsroutes/paden (bijvoorbeeld bij de brandweer en in de stad bij Jolink). • Zones zonder milieuvervuilende vervoersmiddelen (schoon verkeer) • Verbeteren veiligheid o.a. volgende plekken: Kruispunt Wibra, Spittaalstraat, de Hoven, Nieuwstad bij Baudartius, Fietsstraat vanaf Leesten -> kruising van Heemstrastraat/Spittaalderkamp, overgang Kings & Queens, rotondes bij AH Warnsveld en Isendoorn, rotonde Deventerweg Hanzehof, Emmerikseweg met name voorrangssituaties, IJsselkade(bij de Bult van Ketje) etc. • Derde Ijsselbrug -> zorgt voor minder verkeer in de binnenstad. • Bij nieuwbouw/herinrichting rekening houden met wandel- en fietsroutes. • Gemotoriseerd verkeer is te gast op deze wegen. • Stel voor deze aanbeveling structureel budget en beleid vast. Waarom vinden we dit belangrijk? • Goede infrastructuur motiveert mensen om te fietsen/lopen.
• Door fietsen en lopen te stimuleren, nemen mensen minder snel de auto, waardoor CO2-uitstoot minder wordt. • Minder gemotoriseerd verkeer draagt bij aan veiligheid op straat/kruispunten. • Menselijke maat zorgt voor meer leefbaarheid. • Door de prioriteit te leggen bij voet- en fietsverkeer, wordt ook de doorstroming voor gemotoriseerd verkeer beter.
Reactie gemeente Huidige situatie De gemeente Zutphen werkt met het STOMP-principe. Dat staat voor de volgorde waarin we belang hechten aan vervoerssoorten bij het inrichten van infrastructuur. STOMP = Stappen (voetgangers), Trappen (fietsers), Openbaar vervoer, Mobility as a service (deelvervoer), Privéauto. Voetgangers en fietsers hebben dus de hoogste prioriteit. Daarnaast geven we inwoners inspraak bij herinrichting en wordt er gewerkt aan het verbeteren van de verkeersveiligheid. Afwegingen We appreciëren de aanbeveling van het inwonersberaad als een bevestiging van de werkwijze van de gemeente. De verschillende suggesties die gedaan zijn zullen allemaal op een verschillende manier bijdragen aan het verbeteren van de fiets- en
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
22 / 57
voetgangersmobiliteit in Zutphen. Er zullen echter verschillende onderzoeken nodig zijn om nut en noodzaak verder aan te tonen. Wat stellen we voor? Met STOMP als uitgangspunt, zal de stad langzaam steeds fiets- en voetgangersvriendelijker worden. Op kortere termijn willen we echter wel aan de slag met verbeterde fietsparkeervoorzieningen. Wat hebben we daarvoor nodig? Voor het verbeteren van fietsparkeervoorzieningen zal zowel incidenteel (aanleg) als structureel (onderhoud, bewaking) geld nodig zijn. Op dit moment is nog niet in te schatten hoeveel dat zal zijn.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
23 / 57
4. Voedsel 4.1 Wij adviseren de gemeente om een lange termijnaanpak te maken voor de toegankelijkheid van duurzaam geproduceerd voedsel voor iedereen. Hoe willen we dat bereiken? • Wij adviseren de gemeente het onderzoek op te pakken om te komen tot een Biostad Zutphen. • Middels een campagne die gedragsverandering oplevert richting biologisch, lokaal en vegetarisch zoals nu al op plank ligt bij de Gemeente van Duwtje • Wij adviseren de gemeente de voedselagenda van de gemeente Wageningen als inspiratie te gebruiken om de voedselagenda binnen de gemeente Zutphen te ontwikkelen. • Met een voedselagenda denken wij aan: • Het ophalen van overtollig voedsel bij ondernemers en dit verdelen over in buurtkoelkasten. • Sociale tuinen collectief eigendom, zonder winstoogmerk. • Aandacht in seizoensproducten buurtkranten/campagne voor de • De gemeente zet de bestaande initiatieven rondom duurzaam voedsel door. Waarom vinden we dit belangrijk? Duurzaam1 voedsel vermindert de uitstoot van CO2. Daarnaast vinden we het belangrijk dat duurzaam voedsel toegankelijk is voor iedereen. Wij willen inwoners enthousiasmeren voor duurzame (bio)logische streekproducten. 1Met duurzaam voedsel bedoelen wij lokaal geproduceerd, seizoensgebonden, meer
plantaardig en/of biologisch. Reactie gemeente Huidige situatie Het thema voedsel heeft tot nu binnen de gemeente beleidsmatig meer aandacht vanuit het thema gezondheid. Maar we ondersteunen ook duurzame voedsel initiatieven. Recent is daar de wens om Zutphen uit te roepen tot een biostad bij gekomen: een gemeente waarin gemeente, boeren en organisaties samenwerken om zoveel mogelijk lokale en biologische producten in te kopen. Afwegingen We stellen de aanbeveling van het inwonersberaad op prijs en zien deze aanbeveling als aanvulling op de thema’s gezondheid en biologisch voedsel. Niet al het gezonde en lokale voedsel is duurzaam, daarom is het goed om hier breder naar te kijken. De impact van voedsel op de CO2-uitstoot is aanzienlijk. Het terugbrengen van de CO2-uitstoot van ons voedsel, draagt dus flink bij aan onze doelstellingen. Wat stellen we voor?
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
24 / 57
We stellen voor om een Voedselvisie op te stellen waarbij de thema’s gezondheid, duurzaam, lokaal en biologisch voedsel onderdeel van uit zullen maken. Zo ontstaat er een integrale benadering van het thema voedsel. Het genoemde voorbeeld van Wageningen (maar ook van andere gemeenten) geeft een richting van wat een dergelijke visie zou moeten omvatten. Wat hebben we daarvoor nodig? Om deze visie te kunnen opstellen en uitvoeren, is extra capaciteit en deskundigheid nodig. Momenteel is dat in onze organisatie niet specifiek belegd. We stellen daarom voor om een beleidsadviseur Voedsel aan te nemen die de taak krijgt de voedselvisie op te stellen en uit te voeren. We verwachten dat dit structureel 1FTE zal vragen. Hoeveel budget de uitvoering van de visie zal vragen is nog niet bekend. Om daarmee wel aan de slag te kunnen, ramen we dit naast de 1 FTE nu op €50.000 per jaar.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
25 / 57
4.2 Wij adviseren de gemeente om zich actief in te zetten om kennis inzichtelijk te maken voor bewoners over het maken van klimaatbewuste voedselkeuzes Hoe willen we dat bereiken? • Voorlichting over CO2- belasting van voeding op scholen. • Samenwerking tussen lokale boeren en diverse lokale partijen (bijvoorbeeld lokale scholen/verenigingen etc.) stimuleren en ondersteunen. • Juist bij kinderdagverblijven biologisch voedsel aanbieden, omdat daar de smaak van de toekomst bepaald wordt. • Campagnes opzetten met informatievoorziening over de CO2impact van voedselproductie. • Zoals flyers, digitale billboards, social media, lokale nieuwsvoorziening, website, • Gemeente een standpunt in neemt en dat uitdraagt in en buiten Zutphen Waarom vinden we dit belangrijk? Inwoners de kennis geven om een klimaatbewuste keuze te maken. Met die informatie geef je bewoners de gelegenheid om duurzame voedselkeuzes af te wegen.
Reactie gemeente Huidige situatie Momenteel is er vanuit de gemeente geen specifiek beleid op klimaatbewuste voedselkeuzes richting inwoners of organisaties. Voor de eigen organisatie geldt het principe ‘Carnivoor, geef het door'. Daarbij is plantaardig voedsel de basis, maar wordt er ook dierlijk voedsel geserveerd als men daar om vraagt. Afwegingen We waarderen de creativiteit in de oplossingsrichtingen van het inwonersberaad om klimaatbewustzijn te vergroten. Om dit uit te voeren, zal bewustwording en het delen van kennis onderdeel moeten zijn van de Voedselvisie zoals die bij aanbeveling 4.1 beschreven is. Wat daarbij exact de rol van de gemeente is en wat andere partijen beter op kunnen pakken zal daarin dan ook verder uitgewerkt moeten worden. Wat stellen we voor? We stellen voor om deze aanbeveling mee te nemen in het opstellen van de Voedselvisie zoals die bij aanbeveling 4.1 genoemd is. Wat hebben we daarvoor nodig? Ten opzichte van aanbeveling 4.1 is hier verder niets voor nodig.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
26 / 57
5. Informatie & communicatie 5.1 (Her)invoeren van milieueducatie onder kinderen en jongeren van 4 tot 23 in Zutphen en Warnsveld. Hoe willen we dat bereiken? Op scholen deskundigen uitnodigen om informatie te geven. Wij vragen aan de gemeente om contacten te leggen met organisaties die zoiets mogelijk kunnen maken en een brug te slaan tussen de organisaties en de scholen (bijvoorbeeld Circulus, Zutphen Energie, IVN). We vinden het belangrijk om creatieve activiteiten aan te bieden waarbij de kinderen actief bezig zijn met duurzaamheid. Hierbij rekening houden met de doelgroep. We vinden het belangrijk om bestaande en nieuwe ideeën te faciliteren. Wij vragen de gemeente om actief scholen en andere publieke organisaties te benaderen om hen op mogelijkheden te wijzen. Waarom vinden we dit belangrijk? Door middel van educatie en bewustwording over duurzaamheid kan gedrag aangepast worden en veranderen. Zo geef je ook de bewustwording mee aan de generaties van de toekomst die tegen 2050 volwassen zijn. Zo hebben ze een basis idee van duurzaamheid. We vinden het belangrijk dat de kinderen en jongeren zelf nadenken en hun ideeën kunnen ontwikkelen.
Reactie gemeente Huidige situatie Natuur- en Milieueducatie (NME) is als thema opgenomen in het coalitieakkoord 20222026. Begin 2024 heeft een inventarisatie plaatsgevonden met betrekking tot NME in de gemeente Zutphen. Hierbij zijn verkennende gesprekken gevoerd met verschillende lokale (vrijwilligers)organisaties die actief (willen) zijn op het gebied van NME, waaronder de lokale afdelingen van IVN, de Bomenstichting, de Vogelwerkgroep en ZutphenEnergie. Op basis van de inventarisatie en de ambities van het college is de volgende doelstelling voor NME geformuleerd: ‘’Iedere basisschoolleerling heeft ten minste één keer paar jaar een leerzame natuurbeleving in de buitenlucht’’. Afwegingen Milieueducatie is een goede manier om kinderen bewust te maken van de natuur en wij zijn dus het beraad dus ook dankbaar voor deze aanbeveling. We zien dat natuurbeleving vooral voor basisschoolleerlingen erg belangrijk is, omdat dit een cruciale fase is voor kinderen om belangstelling te ontwikkelen voor hun omgeving en alles wat daar groeit en bloeit. Binnen deze doelstelling is verder ruimte gelaten voor maatwerk wat betreft onderwerpen en lesprogramma’s. Wat stellen we voor? We werken aan de komst van een tijdelijk aanspreekpunt voor zowel de lokale organisaties als basisscholen waar zij terecht kunnen met ideeën, informatie en vragen over NME.
Uit de inventarisatie kwam duidelijk naar voren dat er bij de lokale
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
27 / 57
organisaties behoefte is aan ondersteuning op het gebied van coördinatie. Het leggen en onderhouden van contacten met scholen, het organiseren van NME-activiteiten en het werken aan een gestructureerde aanpak vergt relatief veel tijd en vraagt om specifieke expertise. Ook wordt actief contact gelegd met basisscholen en worden deze gestimuleerd en gefaciliteerd om NME op te pakken. Daarnaast wordt gekeken hoe een verbeterslag gemaakt kan worden in het nu nog enigszins versnipperde aanbod en de vraag vanuit de scholen en zijn er kansen om de kwaliteit van lesprogramma’s te verhogen. Hiervoor is het voornemen een tijdelijk externe, professionele coördinator aan te stellen. De coördinator fungeert als kwartiermaker en werkt aan een plan om NME verder vorm te geven. Dit gebeurt in nauwe samenspraak met lokale organisaties en betrokkenen. Hiervoor is in de begroting van 2025 eenmalig €72.000,- opgenomen. We stellen voor om NME structureel te regelen. Wat hebben we daarvoor nodig? Het structureel aanstellen van de coördinator voor 0,5FTE. Daarnaast is er structureel uitvoeringsbudget nodig. Het exacte bedrag is nog niet bekend, maar in de doorrekening is rekening gehouden met €25.000,-.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
28 / 57
5.2 Wij adviseren de gemeente om één centraal informatieloket rondom duurzaamheid op te stellen Hoe willen we dat bereiken? Met een centraal punt dat zowel fysiek als digitaal bereikbaar is. Neem bijvoorbeeld het loket en de website van Duurzaam Deventer en werk dit verder uit voor de gemeente Zutphen. Zo komt alle informatie op een punt samen. Als het informatiepunt eenmaal opgezet is, wordt er kennis aangeboden over alle duurzaamheidsinitiatieven die er al zijn en hoe die te bereiken. Waarom vinden we dit belangrijk? Omdat alle inwoners van Zutphen informatie beschikbaar moeten hebben over duurzaamheid. Wij willen niemand uitsluiten en iedereen erbij betrekken. Er zijn nu te veel verschillende informatiepunten. Dat willen we centraliseren om verwarring te voorkomen. Zo kan iedereen meer bewust worden over duurzaamheid en zou de gemeente met meer lokale bedrijven kunnen samenwerken op informatiegebied.
Reactie gemeente Huidige situatie Er zijn op dit moment drie online informatiepunten binnen Zutphen over energie: zutphenenergie.nl, zutphen.nl, en regionaalenergieloket.nl/zutphen. Deze laatste kunnen we eventueel stoppen vanaf 2027. Vorig jaar is binnen de gemeentelijke website al een poging gedaan om de informatie eenvoudiger aan te bieden. Maar de gemeentelijke website heeft grenzen aan wat er technisch mee kan. De Energiewinkel van ZutphenEnergie is een fysieke plek waar inwoners met vragen over energie terecht kunnen. Sinds kort is hier ook het Groenpunt gevestigd. Daar kunnen mensen ook terecht met vragen over vergroening. Afwegingen We onderschrijven het belang van deze aanbeveling van het inwonersberaad, omdat het voor een geslaagde transitie naar een duurzame samenleving van groot belang is om informatievoorziening goed, eenvoudig en betrouwbaar te regelen. Vanuit de Europese Unie zijn er ook nieuwe EPBD-IV standaarden onderweg naar de landelijke overheid, waar energieloketten aan moeten gaan voldoen. Deze gaan ook uit van een één-loketsysteem (Energiehuis) om de informatievoorziening rond duurzaamheid te verbeteren. We willen dat de informatievoorziening niet alleen over energie gaat, maar over duurzaamheid in bredere zin. Dus ook over bijvoorbeeld klimaatadaptatie, biodiversiteit en circulariteit.
Wat stellen we voor? We stellen voor om in 2026 te onderzoeken hoe een online loket in te richten waar informatie over duurzaamheid eenvoudig vindbaar is, en met overzichtelijke koppelingen naar de verschillende bronnen van informatie. Het streven is een online punt waar alle informatie te vinden is, die op een aantrekkelijke manier gepresenteerd is. Hierbij werken
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
29 / 57
we nauw samen met partijen die een rol spelen in de informatievoorziening, zoals ZutphenEnergie. Het bestaande informatieloket van ZutphenEnergie lijkt de meest aangewezen plek voor het fysieke loket (de Energiewinkel aan de Overwelving 10). Deze is goed bekend onder inwoners. Hier kan men 's middags op werkdagen terecht voor vragen over energie besparen en opwekken, elektrisch rijden, regenwater afkoppelen en vergroenen. We gaan met ZutphenEnergie verkennen wat er nodig is om hun werkzaamheden te verbreden met informatie over bijvoorbeeld subsidies, spullen, deelvervoer en voedsel, het delen van energie en de inzet van slimme apparatuur. Wat hebben we daarvoor nodig? Hiervoor is eenmalig nodig een investering van € 20.000 voor websiteontwikkeling en 300 extra uur voor: schrijven plan, teksten en afbeeldingen verzamelen en herschrijven door verschillende afdelingen. En structureel is 4 uur per week nodig voor het beheer van de website en de website onder de aandacht brengen en € 10.000 voor uitbreiding van het fysieke energieloket.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
30 / 57
6. Gedragsverandering 6.1 Neem in alle beleidsstukken die raken aan duurzaamheid een paragraaf op waar gedragsverandering aan de orde komt. De communicatiespecialisten binnen de gemeente zijn voor deze paragraaf verantwoordelijk. Hoe willen we dat bereiken? • De communicatiespecialisten opdracht geven de schakel te zijn tussen het college en de inwoners en zorgen voor sociale cohesie. • Door een communicatiespecialist die hoor en wederhoor tussen gemeente en bedrijven borgt. • Meer inzetten op monitoren en evalueren, hoor en wederhoor. Waarom vinden we dit belangrijk? • Sociale cohesie, een sterkere verbinding tussen gemeente en inwoners. • Bewoners en bedrijven voelen zich gezien en gehoord. • Communicatie draagt bij aan vertrouwen in de gemeente. o Een communicatiespecialist garandeert dat er een schakel is tussen bewoners/bedrijven en gemeente. o Gemeente is zich bewust van hoor en wederhoor in communicatie. Bijvoorbeeld: werkt de aanpak en sluit het aan bij de belevingswereld van de doelgroep? • De gemeente zorgt ervoor dat de communicatiespecialist altijd betrokken is bij beleidsontwikkelingen.
Reactie gemeente Huidige situatie De relatie tussen het stadsbestuur en haar inwoners kent verschillende facetten, waarin meerdere personen, teams en functies een rol vervullen: • Bij ontwikkelprojecten in het fysiek domein is er een standaard werkwijze waarin de gemeente vanuit de omgevingswet de taak heeft om de communicatie met bewoners actief vorm te geven. Hier zijn communicatieadviseurs met specifieke kennis van het onderwerp aan gekoppeld. Deze adviseurs hebben niet direct een rol als het gaat om gedragsverandering rond duurzaamheid bij inwoners. • Als het gaat om evalueren en leren als gemeente, speelt naast het cluster communicatie bijvoorbeeld ook de ombudsman van de gemeente Zutphen een belangrijke rol. Afwegingen De gemeente deelt de visie van het beraad dat gedragsverandering een belangrijke schakel is in het realiseren van de CO2-reductie. En ze beschouwt bewustwording als de basis voor gedragsverandering, zowel bij inwoners als ambtenaren en bestuur. De gemeente kiest er tot nu toe voor om de rol van communicatie rond duurzaamheid te organiseren rond ontwikkeltrajecten in het fysiek domein. Het inzetten op
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
31 / 57
gedragsverandering rond duurzaamheid vraagt extra deskundigheid over de psychologie van duurzaamheid. Wat stellen we voor? Ons voorstel is om gerichte gedragsveranderingscampagnes in te zetten en daarnaast goed te informeren rondom duurzaamheids-/ontwikkelprojecten. In alle beleidsstukken nemen we een paragraaf over communicatie en participatie op (gebeurt nu ook al). Waar mogelijk benoemen we expliciet of (en hoe) gedragsverandering kansrijk is bij de betreffende beleidsontwikkeling. Een geslaagde gedragsveranderingcampagne vraagt veel kennis, tijd en middelen. Gedragscampagnes moeten daarom gericht ingezet worden, niet bij ieder vraagstuk. We stellen voor om eerst te verkennen hoe gedragsveranderingscampagnes ingezet kunnen worden om duurzaam gedrag te stimuleren. Hiervoor is in eerste instantie meer onderzoek nodig naar huidig gedrag en gedragsobstructies (waarom mensen gedrag wel of niet vertonen). Hierna kunnen gerichte gedragsinterventies bedacht en ontworpen worden. Wat hebben we daarvoor nodig? Structureel meer capaciteit en het toevoegen van kennis over gedragsverandering (met een achtergrond in bijvoorbeeld de sociale psychologie) of middelen voor de inhuur van bureaus met de expertise in gedragsverandering. De benodigde uren en middelen zijn afhankelijk van het ambitieniveau.
Voor nu verwachten we €30.000,- voor het onderzoek naar bij welke thema’s en hoe we gedragsverandering het beste kunnen toepassen. Daarna structureel €10.000,- voor specifieke acties rondom gedragsverandering.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
32 / 57
6.2 Consuminderen: de gemeente ondersteunt circulaire initiatieven voor hergebruik en reparatie van producten. Hoe willen we dat bereiken? • Voorbeeldgedrag bij gemeente • Communiceren en campagne voeren over de mogelijkheden van consuminderen, zoals repareer- en inzamelingsinitiatieven, • Laagdrempelig maken van inzameling van herbruikbare en recyclebare materialen, ophaalservice in de wijk, bijvoorbeeld door gratis • Stimuleren en faciliteren deeleconomie bijvoorbeeld voor auto’s, (tuin)gereedschap, speelgoed, deelcomputers, etc. • Inleveren bruikbare grondstoffen gratis, bijvoorbeeld groenafval • Bemoedigen kleding- en computerbank • Waarom vinden we dit belangrijk? • Minder nieuwe producten zodat er minder co2 uitstoot is • Duurzamer • Wegwerpmentaliteit tegen te gaan • Focus op gedragsverandering en communicatie.
Reactie gemeente Huidige situatie De gemeente onderzoekt momenteel de mogelijkheden om tot een circulair ambachtscentrum te komen. Hier kunnen inwoners en bedrijven laagdrempelig terecht om van oude spullen en materialen iets nieuws te (laten) maken. Daarnaast zijn er repaircafés in buurtcentra. Afwegingen De gemeente deelt de wens van het inwonersberaad om circulaire initiatieven te ondersteunen. Als het gaat om hergebruik van grondstoffen uit afval, hebben we bij aanbeveling 2.1 aangegeven hoe deze verder op te pakken. Wat stellen we voor? We stellen voor om dit soort initiatieven me te nemen in het bij aanbeveling 2.2 genoemde circulariteitsbeleid. Ondertussen gaan we verder met het onderzoek naar het circulaire ambachtscentrum. Wat hebben we daarvoor nodig? Op dit moment is er niets voor nodig. Mogelijk kan het wel leiden tot extra kosten en capaciteit, dat zal blijken uit het nieuw op te stellen beleid.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
33 / 57
7. Leefbaarheid, klimatadaptatie & groen 7.1 Weeg bij iedere beleidsoverweging, - keuze en - besluit het belang van vergroening mee. Hoe willen we dat bereiken? • Gemeente verdiept zich in de beschikbare informatie (wetenschappelijke onderzoeken) over de CO2 reductie die wordt gerealiseerd als gevolg van vergroenen van de omgeving. • Gemeente reflecteert structureel (langere termijn plan over meerdere jaren) op de daadwerkelijke effectiviteit van het vergroenen op de gemeten CO2 reductie. • De gemeente stimuleert particuliere inwoners en bedrijven met behulp (van al dan niet) gesubsidieerde programma’s. Bijvoorbeeld → tegel wippen, sedumdaken, heggen ipv schuttingen, etc. zie aanbeveling 7.2 • Gemeente plaatst in openbare ruimtes voorzieningen voor het opslaan van regenwater (denk daarbij aan: regentonnen, vijvers, wadi’s en sedumdaken, zie aanbeveling 7.2) • Bij vergroening van openbare wegen en paden ziet de gemeente nadrukkelijk toe op veiligheid en onderhoud.
(Denk hierbij aan logische oplossingen ten aanzien van de betreffende verkeerssituaties, zoals bijvoorbeeld het behoud van voldoende zicht op kruisingen) • Waarom vinden we dit belangrijk? • Zodat de gemeente bij belangenafweging binnen elk thema in haar portefeuille het onderwerp vergroening mee neemt, want: o Vergroening draagt bij aan reductie van CO2 o Vergroening draagt bij aan kwaliteitsbeleving en welbevinden van de omgeving o Vergroening draagt bij aan waardevermeerdering van de omgeving • Door verschillende weerextremen kunnen we door vergroening beter reageren/ anticiperen want: o Beplanting zorgt in het algemeen voor opname van CO2, Wortels nemen water op (waardevol tijdens perioden van intensieve regenval) o Schaduw en planten met als gevolg natuurlijke verkoeling. (verkoeling draagt bij aan het tegengaan van de opwarming van de leefomgeving) Reactie gemeente Huidige situatie De gemeente heeft procedures voor het breed meenemen van groen in beleidsontwikkelingen en fysieke projecten. Uiteraard is daarbij steeds de vraag wat meer prioriteit heeft, bijvoorbeeld bij schaarste in de ruimte. Veiligheid en onderhoud zijn daarbij een vast onderdeel in de afweging voor vergroening. Zo worden bermen bij onoverzichtelijke kruispunten extra gemaaid.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
34 / 57
De gemeente Zutphen is sinds 2025 lid van het Norminstituut Bomen. Het Norminstituut biedt mogelijkheden om de ecosysteemdiensten van bomen, waaronder CO2 opname, vast te leggen en te monitoren. De vraag hoeveel capaciteit hiervoor nodig is, zal meegenomen worden in de verkenning van de implementatie van de CO2 prestatieladder (zie aanbeveling 9.3). Het stimuleren van vergroening door particulieren doen we als gemeente op dit moment op verschillende manieren. We hebben regelmatig projecten/acties waar particulieren aan mee kunnen doen (en subsidie/compensatie ontvangen) zoals voor de aanplant van vogelbosjes, landschapselementen, klimaattuinen, groene bedrijfspercelen, groene schoolpleinen etc. Ook het Groenpunt dat begin 2025 van start is gegaan, zet in op het stimuleren van bewoners om aan de slag te gaan met vergroening. Er is een afkoppelsubsidie (m.b.t. regenwater van riool) welke in 2026 zal worden uitgebreid met groene daken. De gemeente plaatst steeds meer voorzieningen in de openbare ruimte voor het opvangen van regenwater, zoals wadi's, infiltratievoorzieningen en grasbeton (groene parkeerplaatsen). Bij herinrichtingen wordt dit standaard meegenomen. Regentonnen plaatsen we incidenteel bij groene bewonersinitiatieven in de openbare ruimte voor het watergeven aan beplanting.
Afwegingen Concrete doelstellingen voor klimaatadaptatie, biodiversiteit en bomen kunnen helpen om deze afwegingen goed te maken. Zoals het puntensysteem voor natuur-inclusief bouwen, waar de gemeente op inzet. En het hanteren van een minimumpercentage voor vergroening, waarover meer in onze reactie op aanbeveling 7.2. De gemeente deelt het streven van het inwonersberaad om vergroening actief op te pakken in haar werkprocessen. Wat stellen we voor? Om de vergroening in de gemeente Zutphen nog een extra impuls te geven is een versnelling van de herziening van het groenbeleid nodig. In het nieuwe groenbeleid kan verkend worden welke mogelijkheden er zijn voor meer structurele stimuleringsmaatregelen. Daarnaast kan er bijvoorbeeld gekeken worden naar het stimuleren van sedum-daken en/of aanplant van bomen bij particulieren. Deze herziening is nu doorgeschreven naar 2027, maar het zou wenselijk zijn als dit in 2026 opgesteld wordt. Nieuw groenbeleid zal bijdragen aan het meewegen van het belang van groen bij gemeentelijke besluitvorming. Het verdiepen in wetenschappelijke onderzoeken en het reflecteren op de effectiviteit van vergroening in relatie tot CO2 -reductie kan ambtelijk worden opgepakt. Er zijn verschillende (gratis) tools en calculators die kunnen worden ingezet om de CO2 opname van specifieke bomen te berekenen, zoals i-tree.
Door deze informatie te combineren met informatie uit onze eigen beheersystemen kunnen we dit inzichtelijk maken. Wat hebben we daarvoor nodig? Om het beleid op te stellen: €60.000,-. Daarna meer om het beleid uit te voeren.
Reactie op aanbevelingen Inwonersberaad
35 / 57
7.2 Houd per buurt een (berekend door Arcadis) minimumpercentage aan voor vergroening en maak dat een belangrijk uitgangspunt bij elk besluit. Hoe willen we dat bereiken? • Stuur na onderzoek door een bureau bij vergroening aan op een verhoging van het minimumpercentage van 30% per buurt. • De gemeente stimuleert door in de openbare ruimtes meer groenzones met inheemse bomen en planten aan te leggen en te onderhouden op plaatsen waar dit mogelijk is. Daarbij komt dat dit een goed middel is tegen hittestress. • Het realiseren van water doorlopende parkeerplekken en wateropslag, vermindert wateroverlast in geval van extreme regen en slaat het water op in droge periodes. • Dat de gemeente een actieve rol inneemt om zowel particulieren, scholen, bedrijven en andere private instellingen te activeren hun eigen tuinen en terreinen een groener aanzicht te geven. • Denk hierbij aan : tegel wippen > tegels er uit en groen er in. • Het gebruik van zonnepanelen op gebouwen zowel particulier als openbaar te stimuleren en daar waar mogelijk te maximaliseren. • Zo mogelijk gebruik maken van groene (sedum) daken indien ze ongeschikt zijn voor de plaatsing van zonnepanelen. • Behoud van volkstuinen in de gemeente Zutphen. Volkstuinen zijn kenmerkende voorbeelden van waardevolle groenvoorzieningen.
De cultuurhistorische waarde van de volkstuinen wordt inmiddels door de gemeente erkend en beschermd. Ze dragen immers bij aan sociale cohesie, biodiversiteit en ecologische duurzaamheid. Waarom vinden we dit belangrijk? Het staat mooi. • Het stimuleert mensen tot bewustwording en gedragsverandering (anti-tegeltuin). • Het vergroot de biologische diversiteit van alle levende organismen en de ecosystemen waarin ze leven. • Groen neemt water op en houdt water vast. Van groot belang met betrekking tot de klimaatverandering. Zowel bij wateroverlast als ook bij droogte. • Groen zuivert de lucht waarin we leven en draagt bij aan onze fysieke en mentale gezondheid. • Groen vermindert CO2. Reactie gemeente Huidige situatie Op dit moment is het uitgangspunt dat bij herinrichting minimaal 30% openbaar groen zal zijn. Dat betekent dus 30% groen in de publieke ruimte. Afwegingen Het specifiëren van het percentage groen per wijk zorgt voor een hoger ambitieniveau. Daarmee geeft het inwonersberaad met deze aanbeveling duidelijk richting aan de