Bijlage 4 Taakveldanalyse begroting 2025 Gemeente Zuidplas ontvangen van de Provincie A25.001582
Tekst van het document
Cluster individuele voorzieningen Wmo, Trendlijn in nettolasten per inwoner 250 200 150 100 50 0 2022
2023
2024
2025
Gem. referentiegemeenten
Zuidplas
Jaarrekening
Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 31
Hoofdtaakveld 7: Volksgezondheid en milieu Het hoofdtaakveld Volksgezondheid en milieu bestaat uit vijf taakvelden, 7.1 Volksgezondheid, 7.2 Riolering, 7.3 Afval, 7.4 Milieubeheer en 7.5 Begraafplaatsen en crematoria. Taakvelden 7.2 en 7.3 bespreken we in het hoofdstuk woonlasten, omdat de nettolasten hier nauw samenhangen met de tarieven van de riool- en afvalstoffenheffing. Dit hoofdtaakveld omvat 12% van de totale lasten. De beleidsvrijheid is beperkt, met scores tussen 4 en 5.
12%
Beperkt
Volksgezondheid Tot taakveld 7.1 - Volksgezondheid behoren maatregelen ter bescherming van de gezondheid van de bevolking als geheel, van specifieke risicogroepen, van jeugd en van ouderen zoals de bestrijding van infectieziekten en het aanbieden van vaccinaties. Milieubeheer Tot taakveld 7.4 Milieubeheer behoren gemeentelijke taken ter bescherming van het milieu waaronder beheersing van geluidshinder en ongediertebestrijding.
Taakveld 7.1 Volksgezondheid 7.4 Milieubeheer 7.5 Begraafplaatsen en crematoria Totaal
Gemiddelde ref. gemeenten 47 55 Niet vergelijkbaar 103
Gemeente Zuidplas 50 70 8 128
De gemeente Zuidplas heeft op dit hoofdtaakveld hogere nettolasten dan het gemiddelde van de referentiegemeenten. Zowel op 7.1 Volksgezondheid als op 7.4 Milieubeheer heeft Zuidplas meer nettolasten. Het gemiddelde van de referentiegemeenten op het taakveld 7.5 Begraafplaatsen en crematoria geeft een nullijn, omdat de gemeente De Ronde Venen en Molenlanden meer baten hebben dan lasten en de overige gemeenten wel minimale nettolasten heeft, geeft het gemiddelde een vertekend beeld.
Volksgezondheid en milieubeheer netto lasten per inwoner 120 100 80 60 40 20
0
7.1 Volksgezondheid
7.4 Milieubeheer
Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 32
Volksgezondheid Wanneer we bij taakveld 7.1 van Zuidplas afzetten tegen het gemidddelde van de referentiegemeenten dan zien we dat Zuidplas meer nettolasten heeft. Er is wel veel verschil tussen de referentiegemeenten. De Ronde Venen heeft beduidend minder nettolasten en Hollands Kroon beduidend meer. Als we deze gemeenten buiten beschouwing nemen, komt het gemiddelde van de referentiegemeenten op € 51 per inwoner en is nagenoeg gelijk aan Zuidplas. Milieubeheer Bij taakveld 7.4 Milieubeheer zien we dat Zuidplas € 15 euro (+/- € 0,7 miljoen) meer nettolasten heeft dan de gemiddelde referentiegemeente. De gemeente De Ronde Venen heeft beduidend minder nettolasten en Hollands Kroon veel meer. Wanneer we deze gemeenten buiten beschouwing laten dan worden de nettolasten van het gemiddelde van de referentiegemeenten € 48 euro per inwoner. Het verschil met Zuidplas (€ 70) wordt dan hoger, namelijk € 22 per inwoner, dat is in totaal ongeveer € 1 miljoen. Vanwege het verschil heeft Zuidplas verdere duiding gegeven aan de cijfers. De gemeente Zuidplas geeft aan dat op het taakveld 7.4 met name twee grote kostenposten zijn: 1. kosten voor de bijdrage aan de omgevingsdienst en 2. kosten voor duurzaamheid. Zuidplas scoort in de taakveldanalyse op het eerste punt gemiddeld en scoort op het tweede punt met hogere nettolasten.
De gemeente geeft aan dat daaruit opgemaakt kan worden dat Zuidplas relatief veel kosten maakt voor duurzaamheidsbeleid. Er zijn verder nog twee nuanceringen door Zuidplas aangegeven: Hollands Kroon heeft hogere netto lasten dan andere gemeenten. Uit analyse van de Begroting 2025 van deze gemeente blijkt dat in 2025 hoge kosten voor de verduurzaming van vastgoed gepland staan, die niet structureel zijn. In de meerjarenraming (vanaf jaarschijf 2026) blijken de kosten te dalen naar € 68 per inwoner, net iets boven het gemiddelde. Zuidplas is ook penningmeester voor de RES-regio en heeft hier een budget van € 266.000 voor, met als dekking een decentralisatieuitkering uit het gemeentefonds. Wanneer deze post gecorrigeerd wordt, komt Zuidplas op een bedrag van € 65 per inwoner in plaats van € 70. Rekening houdend met de duiding van de gemeente Zuidplas wordt het gemiddelde van de referentiegemeenten € 53 euro per inwoner. Dit is minder dan de nettolasten van de gemeente Zuidplas (€ 65 euro per inwoner). Het verschil in bedrag komt hiermee op ongeveer € 0,6 miljoen meer nettolasten dan de referentiegemeenten. In de trendlijn hieronder zien we, na de nuancering van de gemeente Zuidplas, nog steeds een significante stijging van 2024 naar 2025 van de nettolasten.
Terwijl in 2022 tot en met 2024 de nettolasten gelijk lopen met de referentiegemeenten, is er een flinke stijging in 2025 van de nettolasten.
7.4 Milieubeheer, Trendlijn in nettolasten per inwoner 70 60 50 40 30 20 10 0 2022
2023
Gem. referentiegemeenten
2024
2025
Zuidplas
Jaarrekening
➔ Aanbeveling: Er is een duidelijke stijging van de nettolasten in 2025. Kijk naar aanleiding van de jaarrekening 2024 of de lagere realisatie door blijft zetten. Mocht dit het geval dan liggen hier mogelijkheden de budgetten eventueel naar beneden bij te stellen of andere keuzes te maken.
Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 33
Begraafplaatsen en crematoria Alle lasten en baten met betrekking tot lijkbezorging vallen onder dit taakveld, zoals de lasten van lijkschouw en het onderhouden van begraafplaatsen. De baten van de begraafrechten worden hier ook geboekt.
7.5 Begraafplaatsen en crematoria, nettolasten per inwoner 10 8 6 4 2 0 -2 -4
Op taakveld 7.5 zien we dat Zuidplas meer nettolasten heeft dan de referentiegemeenten. Dit kan een politieke keuze zijn van gemeenten. In onderstaand diagram zien we dat de referentiegemeenten nagenoeg een kostendekkend beleid hebben.
7.5 Begraafplaatsen en crematoria, nettolasten per inwoner 35 30 25 20 15 10 5 0
LASTEN
BATEN
In dit overzicht zien we dat Zuidplas ten opzichte van de gemiddelde referentiegemeenten op het taakveld begraafplaatsen en crematoria meer aan lasten (40%) heeft dan inkomsten. Bij nagenoeg alle referentiegemeenten dekken de inkomsten de lasten. Bij de gemeenten Overbetuwe en Lingewaard zijn de inkomsten in mindere mate lager dan de lasten. ➔ Aanbeveling: Op taakveld 7.5 Begraafplaatsen en crematoria liggen mogelijkheden meer inkomsten te genereren.
Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 34
Hoofdtaakveld 8: Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stadsvernieuwing
Onder dit hoofdtaakveld vallen alle lasten en baten die betrekking hebben op grondbeleid. Er zijn twee lastentaakvelden binnen dit hoofdtaakveld, 8.1 Ruimtelijke ordening en 8.3 Wonen en bouwen. Taakveld 8.2 Grondexploitaties valt onder de inkomensclusters. Dit hoofdtaakveld omvat 18% van de totale lasten. De beleidsvrijheid is hoog op ruimtelijke ordening en zelfs zeer hoog op wonen en bouwen.
Taakveld 8.1 Ruimtelijke ordening 8.3 Wonen en bouwen Totaal
Gemiddelde ref. gemeenten 34 42 81
18%
(Zeer) hoog
Gemeente Zuidplas 9 41 50
Op dit hoofdtaakveld heeft Zuidplas ongeveer € 1,5 miljoen minder nettolasten dan de gemiddelde referentiegemeenten. Op 8.1 ruimtelijke ordening zijn de nettolasten aanzienlijk lager. Ruimtelijke ordening Tot taakveld 8.1 Ruimtelijke ordening behoren het voorbereiden van vaststellen structuurplannen en – visies, bestemmingsplannen en faciliterend grondbeleid (passief grondbeleid). De grondexploitaties worden op taakveld 8.2 geboekt en volledig buiten beschouwing gelaten.
8.1 Ruimtelijke ordening, nettolasten per inwoner 70 60 50 40 30 20 10 0
Zuidplas heeft beduidend minder netto lasten dan het gemiddelde van de referentiegemeenten. De Ronde Venen en Molenlanden springen er beduidend bovenuit. Wellicht dat deze gemeenten meer faciliterend grondbeleid voeren en daardoor meer nettolasten hebben of anderszins. De gemeente Zuidplas geeft aan dat voor het begrotingsjaar 2025 grote incidentele inkomsten zijn geraamd. Deze baten worden ontvangen vanwege bijdragen van externe partijen voor anterieure overeenkomsten. Hierdoor dalen de nettolasten naar € 9 per inwoner. Wanneer we hier rekening mee houden en alleen naar de lastenkant per inwoner kijken in vergelijking met de referentiegemeenten dan zien we dat het gemiddelde van de referentiegemeenten € 56 en Zuidplas € 58 per inwoner is. Echter, er zijn grote verschillen tussen de referentiegemeenten, uiteenlopend van € 15 per inwoner tot € 95 per inwoner. Wanneer we de gemeente Hollands Kroon (€ 15) buiten het gemiddelde laten, wordt het
Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 35
gemiddelde € 66 per inwoner. Zuidplas heeft dan nog steeds lagere lasten in de begroting ten opzichte van de referentiegemeenten. Gezien het uiteenlopende verschil tussen de gemeenten is nader onderzoek nodig om meer inzicht te krijgen in de verschillen, aangezien Zuidplas een groeiende gemeente is. ➔ Aanbeveling: Onderzoek waar de oorzaak ligt van de relatief lagere netto lasten op taakveld 8.1 Ruimtelijke ordening ten opzichte van de gemiddelde referentiegemeenten in relatie tot een groeigemeente.
Wonen en bouwen Tot het taakveld 8.3 Wonen en bouwen behoort de vergunningverlening, bouwtoezicht, woningverdeling en stedelijke vernieuwing. De leges voor de omgevingsvergunningen worden hier ook geboekt.
8.3 Wonen en bouwen, nettolasten per inwoner 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0
Op dit taakveld is er veel verschil tussen de referentiegemeenten en daarom niet goed te vergelijken met Zuidplas. Er is nader onderzoek nodig door de gemeente om te zien waar de verschillen vandaan komen. Aangezien op het taakveld 8.3 Wonen en bouwen ook inkomsten uit leges worden verantwoord zijn deze in onderstaande grafiek in beeld gebracht voor nadere analyse.
Wonen en bouwen, lasten en baten per inwoner 160 140 120 100 80 60 40 20 0
LASTEN
BATEN
Bij Zuidplas wordt 52% van de lasten gedekt door de diverse leges. Bij het gemiddelde van de referentiegemeenten zien we ook dat rond de 47% van de lasten gedekt worden door de baten, waarvan Overbetuwe het hoogste percentage heeft (76% van de lasten).
Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 36
De gemeente Zuidplas geeft aan dat niet alle kosten volledig toerekenbaar zijn aan de leges. Bij de referentiegemeenten is ook zichtbaar dat er geen 100% verhouding tussen lasten en baten is.
8.3 Wonen en bouwen Trendlijn in nettolasten per inwoner 50 40 30 20 10 0 2022
2023
Gem. referentiegemeenten
2024
2025
Zuidplas
Jaarrekening
In de trendlijn zien we dat de nettolasten van Zuidplas langzaam gestegen zijn naar € 41 per inwoner. De nettolasten van de referentiegemeenten hebben van 2024 naar 2025 een sterkere stijging gekregen dan Zuidplas. De jaarrekening van Zuidplas geeft het beeld dat nettolasten van de jaarrekening achterloopt op de begroting. Hier kunnen diverse redenen voor zijn die in de jaarrekening 2023 waarschijnlijk zijn verantwoord.
Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 37
4. Gemeentefonds In onderstaande diagram staat weergegeven welke nettobaten Gemeente Zuidplas en de referentiegemeenten hebben uit het gemeentefonds.
Gemiddelde ref. gemeenten 1865
Inkomensclusters Gemeentefonds
Gemeente Zuidplas 1788
Zuidplas heeft minder inkomsten uit het gemeentefonds dan het gemiddelde van de referentiegemeenten. Het gemeentefonds is de belangrijkste bron van inkomsten voor de gemeenten. Voor de gemeente Zuidplas betreft dit 87%. Daarmee is de beïnvloedbaarheid van het totaal aan baten direct ook begrensd tot overige percentage 13%.
Gemeentefonds 2.100 2.050 2.000 1.950 1.900 1.850 1.800 1.750 1.700 1.650 1.600
In bovenstaande grafiek is te zien dat de verschillen tussen de hoogte van de gemeentefondsuitkering tussen de gemeenten groot zijn. Er zijn twee gemeenten (Ronde Venen en Molenlanden) die minder geraamd hebben in de begroting en Hollands Kroon raamt veruit de hoogste gemeentefonds uitkering per inwoner. Gemeentefonds De uitkering uit het Gemeentefonds bestaat uit een Algemene Uitkering (AU) en integratie- en decentralisatieuitkeringen (IU’s en DU’s). Voor het vaststellen van de hoogte van de algemene uitkering uit het Gemeentefonds wordt gebruik gemaakt van een combinatie van vele maatstaven. Een aantal belangrijke hebben we gezien bij de selectie van de referentiegemeenten. Het Rijk geeft daarbij ook een verdeling van de AU naar de hoofdtaakvelden, rekening houdend met de specifieke (structuur)kenmerken van de gemeente. Hiermee geeft het Rijk aan welke lasten een gemeente “normaliter zou moeten maken” voor een hoofdtaakveld, rekening houdend met de kenmerken van de gemeente. De gemeente kan echter geheel vrijblijvend besluiten de middelen op een andere wijze toe te delen naar haar taken. Voor onderstaande analyse is gebruik gemaakt van de meicirculaire van het gemeentefonds. Deze kan afwijken van de totaalcijfers gebruikt in de begroting op dit cluster.
Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 38
Gemeentefonds per inwoner per cluster meicirculaire 2024 Onroerendezaakbelasting Overige eigen middelen Overig Infrastructuur, ruimte en milieu Sport, cultuur en recreatie Onderwijs Orde en veiligheid Bestuur en ondersteuning Individuele voorzieningen Jeugd Individuele voorzieningen Wmo Participatie Sociale basisvoorzieningen -300
-200 Zuidplas
-100
0
100
200
300
400
500
Gemiddelde ref.gemeenten
Op de meeste clusters ontvangt de gemeente Zuidplas lagere inkomsten uit het gemeentefonds dan het gemiddelde van de referentiegemeenten. Uitzondering hierop is het cluster Sociale basisvoorzieningen, Onderwijs en Orde en Veiligheid. Hiervoor ontvangt de gemeente iets hogere inkomsten. Tegenover de lagere inkomsten staat ook een lagere aftrek voor de OZB. Dit heft het effect van de lagere inkomsten op de diverse clusters niet volledig op. Opvallende afwijkingen zijn: Lagere inkomsten op Cluster individuele voorzieningen WMO (€ 66 per inwoner) gemeente Zuidplas heeft de laagste inkomsten t.o.v. van de referentiegemeenten de afwijking t.o.v. van de referentiegemeenten is groot. De belangrijkste maatstaven voor de verdeling van dit cluster zijn het aantal kernen, aantal inwoners 75+, en huishoudens met een laag inkomen. Op al deze maatstaven scoort Zuidplas lager dan de referentiegemeenten wat resulteert in een lagere gemeentefondsuitkering. -
Lagere inkomsten op Cluster individuele voorzieningen Jeugd (€ 68 per inwoner), gemeente Zuidplas heeft samen de gemeente Ronde Venen de laagste inkomsten t.o.v. van de referentiegemeenten. De belangrijkste maatstaf voor de verdeling van dit cluster zijn het aantal huishoudens met een laag inkomen en in mindere mate het aantal jongeren. Op de maatstaf aantal huishoudens met een laag inkomen scoort Zuidplas lager dan de referentiegemeenten wat resulteert in een lagere gemeentefondsuitkering. De lasten op het taakveld jeugdzorg liggen juist iets hoger dan referentiegemeenten (zie: Hoofdtaakveld 6, Sociaal Domein).
-
Hogere inkomsten op het cluster Overig (€ 43 per inwoner), dit wordt veroorzaakt door een hoge de suppletieuitkering (zie: kopje herverdeling gemeentefonds)
-
Lagere inkomsten op het cluster participatie (€ 22 per inwoner). Dit wordt veroorzaakt doordat een groot deel van de referentiegemeenten een hoge integratie-uitkering voor participatie ontvangen. Dit is als gevolg van verschillende constructies rondom de regelingen voor WSW en Beschut werk, zoals het hebben van een eigen SW-bedrijf. De gemeente laat op het gebied van participatie ook lagere lasten zien (zie: Hoofdtaakveld 6, Sociaal Domein).
In totaal ontvangt de gemeente Zuidplas € 91 euro minder gemeentefonds uitkering t.o.v. het gemiddelde van de andere gemeenten, wel zijn er verschillen te zien tussen de gemeenten. Zo ontvangt de gemeente Hollands Kroon € 269 meer uit het gemeentefonds dan de gemeente Zuidplas en de Ronde Venen € 20 per inwoner minder. Wanneer we de gemeentefonds uitkering splitsen in de drie verschillende uitkeringen: de algemene uitkering, de integratie-uitkering en de decentralisatie-uitkering is te zien dat de gemeente De Ronde Venen de laagste algemene uitkering ontvangt per inwoner. De gemeente Overbetuwe ontvangt een forse hogere integratie uitkering per Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 39
inwoner, dit zijn in veel gevallen wel beklemde gelden. Zuidplas ontvangt een relatief hoog totaal aan decentralisatie-uitkeringen. Dit is het gevolg van dat Zuidplas als enige een uitkering voor de Regionale Energie Strategieën (€ 6 per inwoner) ontvangt, deze wordt door de gemeente direct doorgeschoven naar het samenwerkingsverband. Herverdeling gemeentefonds De categorie Overig betreft de suppletie-uitkering van € 2,7 miljoen (€ 55 per inwoner) in verband met de herverdeling gemeentefonds. De gemeenten Zuidplas betreft een nadeelgemeente na de herverdeling van het gemeentefonds in 2023. Om het effect van het nadeel/voordeel te dempen ontvangen deze zogeheten suppletie-uitkering. De achterliggende gedachte is dat de hoogte van deze uitkering langzaam afbouwt de komende jaren. Momenteel is de hoogte hiervan tot nadere besluitvorming bevroren. Van de referentiegemeenten ontvangt de gemeente Overbetuwe (€ 56 per inwoner) een suppletie-uitkering van vergelijkbare hoogte. De gemeente Lingewaard heeft een lager nadelig herverdeeleffect en ontvangt ook een lagere suppletie uitkering (€ 19 per inwoner). De gemeenten De ronde Venen en Hollands Kroon zijn voordeelgemeenten uit het gemeentefonds en zij hebben juist een negatieve suppletie-uitkering. Het hoge nadelige effect voor de gemeente Zuidplas is een risico voor de gemeente.
De hoogte van de suppletieuitkering is momenteel bevroren. Zodra wordt besloten het ingroeipad verder door te zetten zal de gemeente jaarlijks minder inkomsten tegemoet zien.
Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 40
5. Woonlasten De gemeentelijke belastingen en heffingen zijn een belangrijke inkomstenbron voor gemeenten. Belastingen zijn vrij besteedbaar, heffingen zijn gekoppeld aan specifieke lasten. We gaan in dit hoofdstuk in op de gemeentelijke woonlasten en bespreken ook kort een aantal kleinere heffingen en leges en hun tarieven. In onderstaande diagram en tabel zijn de woonlasten voor een meerpersoonshuishouden aangegeven voor de vergeleken gemeenten. Deze gegevens komen uit de Coelo Atlas Lokale Lasten 2025. Woonlasten voor een meerpersoonshuishouden1 Afvalstoffenheffing Rioolheffing Ozb Totaal
Gemiddelde ref. gemeenten 420 221 378 1.019
Gemeente Zuidplas 352 217 537 1.106
De woonlasten van Zuidplas zijn hoger ten opzichte van het gemiddelde van de referentiegemeenten. In onderstaande tabel zien we de verschillen per gemeente.
Woonlasten 700 600 500 400 300 200 100 0
OZB
Rioolheffing
Afvalstoffenheffing
We zien dat de OZB van de gemeenten Zuidplas en Lingewaard de OZB hoger zijn dan de andere gemeenten. De rioolheffing zijn bij de gemeente Overbetuwe het laagste met € 148 voor een meerpersoonshuishouden. Molenlanden heeft de hoogste rioolheffing (€ 274). Zuidplas zit daar tussenin met € 217 per meerpersoonshuishouden. De afvalstoffenheffing is het hoogst bij de gemeente Molenlanden (€ 483) voor een meerpersoonshuishouden. Zuidplas heeft samen met Lingewaard ten opzichte van de referentiegemeenten de laagste afvalstoffenheffing, respectievelijk € 352 en € 291. Rioolheffing De rioolheffing mag maximaal 100% kostendekkend zijn. Hier mogen onder vallen: • De onderhoudslasten en investeringslasten voor het rioleringsstelsel. • De lasten voor het inzamelen, transporten en zuiveren van afvalwater. • Een deel van de lasten voor het beheer van oppervlaktewater en baggeren. • Overhead • Compensabele BTW • Kwijtscheldingslasten
1
Coelo Atlas lokale Lasten 2025 Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 41
Riolering, lasten en baten per inwoner 160 140 120 100 80 60 40 20 0
LASTEN
BATEN
Op taakvelden 7.2 Riolering en 7.3 Afval worden, zowel bij Gemeente Zuidplas als bij de andere gemeenten, meer baten dan lasten begroot. De oorzaak hiervan is dat de toegerekende apparaatskosten worden geboekt op taakveld 0.4 Overhead, maar dat deze overheadlasten wel (mogen) worden doorberekend in de heffingen. De lasten die tegenover de extra baten op 7.2 staan vinden we dus elders in de begroting terug. Om te weten of de lasten echt volledig gedekt worden kunnen we kijken naar het dekkingspercentage van de riolering. Kostendekkendheid
Zuidplas
Gemiddelde ref. gemeenten
Overbetuwe
Lingewaard
De Ronde Venen
Hollands Kroon
Molenlande n
Dekkingspercentage
100%
99,75%
100%
100%
100%
100%
99%
In de tabel hierboven zien we dat nagenoeg alle gemeenten hun rioolheffing 100% kostendekkend zijn. Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing mag maximaal 100% kostendekkend zijn. Onder de lasten voor afval mogen worden gerekend: • De lasten voor het ophalen en verwerken van afval. • Een deel van de lasten voor straatreiniging. • Compensabele BTW • Overhead • Kwijtscheldingslasten
Afval, lasten en baten per inwoner 200 180 160 140 120 100 80 60 40 20 0
LASTEN
BATEN
Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 42
Net als op taakveld 7.2 riool zien we hogere baten dan lasten, omdat een deel van de lasten die onder de afvalstoffenheffing vallen niet op dit taakveld worden geboekt. Om te weten of de lasten echt volledig gedekt worden kunnen we kijken naar het dekkingspercentage van de riolering. Kostendekkendheid
Zuidplas
Gemiddelde ref. gemeenten
Overbetuwe
Lingewaard
De Ronde Venen
Hollands Kroon
Molenlanden
Dekkingspercentage
99%
99,75%
100%
100%
100%
100%
99%
In de tabel hierboven zien we dat de nagenoeg alle gemeenten hun afvalstoffenheffing 100% kostendekkend zijn. Onroerendezaakbelasting De OZB is een belasting, geen heffing. Dit betekent dat deze niet gekoppeld is aan specifieke lasten. Dit maak dat er meer vrijheid is in de hoogte van de belasting en dat deze ook vrij besteedbaar is. De OZB omvat de OZB op woningen en niet-woningen. Hier zullen de opbrengsten en de negatieve maatstaf OZB uit het gemeentefonds worden besproken. De negatieve maatstaf OZB is een aftrekpost bij het gemeentefonds: het Rijk redeneert dat als in een gemeente veel/dure panden staan, de gemeente in staat moet zijn om meer OZB te innen en het Rijk dus minder hoeft bij te dragen aan de financiering van de gemeentelijke taken.
Saldo OZB inkomsten 400 300
Euro per inwoner
200 100 0 -100 -200 -300 -400
Zuidplas
Gem. ref. Overbetuwe Lingewaard gemeenten
Geraamde OZB baten
De Ronde Venen
Negatieve maatstaf gemeentefonds
Hollands Molenlanden Kroon Saldo OZB per inwoner
In bovenstaande grafiek zien we dat Zuidplas meer OZB ontvangt, € 25 per inwoner, dan bij het gemeentefonds wordt ingehouden. Ook de gemeente Lingewaard ontvangt meer OZB dan dat van de inhouding van het gemeentefonds afgaat. De gemeenten Overbetuwe, De Ronde Venen, Hollands Kroon en Molenlanden heffen minder ozb belasting dan de hoogte van de aftrekpost van het gemeentefonds. Wanneer een gemeente minder OZB ophaalt dan wordt ingehouden bij het gemeentefonds dan zou dit aanleiding kunnen zijn om het OZB-tarief te verhogen. De gemeente lijdt dan door het lage tarief een verlies. Bij de gemeente Zuidplas is dit dus niet het geval.
Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 43
Overige tarieven en leges Naast deze drie grote woonlasten zijn er diverse leges die worden berekend voor specifieke producten of diensten. Hieronder zijn voor een aantal van deze heffingen en leges de tarieven gegeven: Tarieven en leges
Gemeente Zuidplas
Gemiddelde ref. gemeenten
Overbetuw e
Lingewaard
De Ronde Venen
Hollands Kroon
Molenlanden
Paspoorten Rijbewijzen Hondenbelasting Toeristenbelasting
86,85 52,10 0 3,47
86,85 52,10 72,84 1,56
86,85 52,10 82,32 1
86,85 52,10 63,36 1,25
86,85 52,10 0 2
86,85 52,10 0 1,55
86,85 52,10 0 2
Voor paspoorten en rijbewijzen geldt een wettelijk maximum waar de meeste gemeenten zich aan houden. Daarom zie je hier relatief vaak dezelfde bedragen. In het overzicht zien we dat 2 gemeenten hondenbelasting opleggen. De gemeente Zuidplas heft geen hondenbelasting.
Toeristenbelasting baten per overnachting 4 3,5 3 2,5 2 1,5 1 0,5 0
Zuidplas heft meer dan de gemiddelde referentiegemeenten toeristenbelasting en heeft daarnaast ook het hoogste tarief van € 3,47. De referentiegemeenten heffen € 2 of minder per overnachting per persoon.
Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 44
6. Reserves Los van de lasten en baten is het ook interessant om te zien hoe de gemeente Zuidplas er qua financiële positie uitziet vergeleken met de referentiegemeenten. Dit geldt des te meer daar de toezichthouder het vanaf de begroting 2025 toestaat om – onder voorwaarden – een deel van de algemene reserve in te zetten als structurele begrotingsruimte. We laten in onderstaande diagram de reservepositie zien per 1-1-2025 van Zuidplas ten opzichte van de referentiegemeenten, in absolute bedragen.
Eigen vermogen per 1/1/2025 180.000 160.000 140.000 120.000 100.000 80.000 60.000 40.000 20.000 0
algemene reserve (per 1/1/2025 x € 1.000)
Bestemmingsreserves (x € 1.000)
We zien dat Zuidplas een lagere reservepositie (€ 60 miljoen) heeft dan het gemiddelde van de referentiegemeenten (€ 73 miljoen). Daarbij springt de gemeente Molenlanden er redelijk hoog bovenuit met € 160 miljoen. De gemeente Ronde Venen heeft het laagste eigen vermogen (€ 20 miljoen). Het gemiddelde van de bestemmingsreserves van de referentiegemeenten wordt beïnvloed door de hoogte van de bestemmingsreserve van de gemeente Molenlanden. Dit heeft met name te maken met de verkoop van Eneco aandelen een aantal jaren geleden. Wanneer we de bestemmingsreserve van Molenlanden en De Ronde Venen buiten beschouwing laten, komt het gemiddelde van de referentiegemeenten op € 34 miljoen. Zuidplas heeft ten opzichte hiervan met € 38 miljoen hogere omvang van de bestemmingsreserve. Zoals boven de grafiek aangegeven kan een bestemmingsreserve bestemd zijn voor kapitaallasten en is daardoor beklemd. Het kan soms ook een beleidskeuze of politieke keuze zijn om de reserves zoveel mogelijk af te zonderen naar doel, zonder dat hier verplichtingen aan verbonden zijn.
Saldo (x € 1 miljoen)
Gerealiseerde en geprognosticeerde stand reserves per 1/1 Zuidplas 70 60 50 40 30 20 10 2021
2022
2023
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Jaar Algemene reserve
Bestemmingsreserves
Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 45
De reservepositie heeft een relatie met het weerstandsvermogen (die de gemeente zelf bepaald), solvabiliteit en schuldenpositie. In bovenstaande grafiek is het verloop weergegeven van het eigen vermogen van de jaarrekening 2021 tot en met 2023 en de prognose in de begroting vanaf 2024 tot en met 2028. Hierin zien we dat de omvang van het eigen vermogen stabiel is en ook blijft de komende jaren. Er zal in relatie tot het eigen vermogen wel gekeken moeten worden naar het verloop van de schuldenpositie en de solvabiliteit. Ook wanneer eventueel toekomstige jaarrekeningen negatief afsluiten zal het negatief resultaat over het algemeen ten laste van de algemene reserve worden gebracht. Dat geeft een neerwaartse daling van het eigen vermogen en de solvabiliteit. Bij een zekerheidspercentage van 90% is het weerstandsvermogen van Zuidplas in de begroting 2025 door u bepaald op € 8,7 miljoen. Het weerstandsratio is 2,3. De norm hiervoor is door u bepaald tussen de 1,4 – 2,0. Hieruit constateren we dat de weerstandscapaciteit van Zuidplas voldoende is om uw risico’s op te vangen wanneer deze zich voordoen, volgens uw geïnventariseerde risico’s. In het volgende hoofdstuk wordt een overzicht gegeven van onder andere de kengetallen solvabiliteit en de schuldenquote en gaan we verder in op de reservepositie in relatie tot de kengetallen.
Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 46
7. Financiële kengetallen De financiële kengetallen geven een beeld van de draagkracht van de gemeente. In onderstaande tabellen zijn deze opgenomen voor het gemiddelde van de referentiegemeenten en voor Gemeente Zuidplas. De kleur geeft een beeld van de score (groen = weinig risico, geel = beperkt risico, oranje = hoog risico). Een enkele oranje score is daarbij geen zorgpunt, een combinatie van gele en vooral oranje scores is dat wel. Gemeente Zuidplas
JR 2020
JR 2021
JR 2022
JR 2023
B 2024
B 2025
B 2026
B 2027
B 2028
Schuldquote totaal
83
65
81
84
92
102
111
123
135
Schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen
83
65
81
81
89
99
108
120
132
Solvabiliteit
22
28
29
26
25
23
22
21
20
Grondexploitaties
10
4
4
4
7
-1
-1
-1
-1
Structurele exploitatieruimte
2,5
2
0
0
0
0,1
0,1
0,1
0,2
Belastingcapaciteit
113
108
104
99
108
110
110
110
110
In de reeks van kengetallen van Zuidplas zien we een stijgende schuldquote naar de begroting 2028. De solvabiliteit is dalende en samen met de schuldquote geeft deze reeks een zorgelijke ontwikkeling weer. Een hoge schuldenpositie brengt een hoge rentelast met zich mee en zorgt voor een lagere flexibiliteit van de begroting. De solvabiliteit geeft aan in hoeverre het bezit op de balans niet belast is met schulden. Wanneer de signaleringswaarde onder de 20% daalt, is er sprake van een verhoogd risico. De reeks structurele exploitatieruimte geeft niet de juiste weergave van het structureel saldo van de meerjarenraming. Volgens de berekening van de provincie is het begrotingsjaar structureel in evenwicht, echter de jaren 2026, 2027 en 2028 heeft structurele tekorten en worden de kengetallen van de structurele saldi negatieve percentages, respectievelijk -3,48%, -3,59% en -3,73%. Dit geeft ook een beter beeld weer hoe de gemeente Zuidplas financieel ervoor staat. Vanaf het jaar 2026 heeft de gemeente Zuidplas een grote uitdaging om de begroting structureel in evenwicht te krijgen. Niet alleen het structureel in evenwicht krijgen van de begroting is belangrijk voor de financiële positie van de gemeente. Ook de stijgende schuldquote en de dalende solvabiliteit zijn zorgelijk en moeten in balans komen om de financiële positie van Zuidplas te verbeteren en gezond te houden.
Bij iedere tegenvaller zullen maatregelen noodzakelijk zijn de begroting in evenwicht te houden. ➔ Aanbeveling: Beleid ontwikkelen ten aanzien van de gewenste ontwikkeling van de schuldpositie en welke keuzes gemaakt moeten worden om de stijgende schuldpositie en solvabiliteit in gezonde balans te houden.
Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 47
8. Begrotingsflexibiliteit Het kengetal begrotingsflexibiliteit geeft een indicatie van het deel van de structurele baten dat op lange termijn niet ‘beklemd’ is en kan worden ingezet voor (nieuw) beleid en/of voor het opvangen van incidentele en structurele tegenvallers. Hoe hoger de uitkomst van het kengetal, hoe flexibeler de begroting op lange termijn zal zijn. Let op, het gaat hier om een indicatie. Niet alle beklemde middelen zijn te identificeren op basis van de IV3 gegevens. De werkelijke begrotingsflexibiliteit is naar verwachting altijd lager dan hier gepresenteerd. (x.1000) Bron economische categorieën:
Findo.nl
Gemiddelde ref.gemeenten
Overbetuwe
Lingewaard
161.959
145.172
139.193
148.523
Salarissen en sociale lasten Sociale uitkeringen (BUIG) Inkomensoverdracht gem regelingen Afschrijvingen Toegerekende rente excl. taakveld 0.5 Rentelasten
31566 8547 16602 7988 1 4080
34.500 7.159 19.783 6.753 686 1.897
34397 10771 15253 5373 3077 1
Totaal niet flexibele posten
68.784
70.778
58%
51%
Begrotingsflexibiliteit
Zuidplas
Structurele baten volgens begroting 2025
Begrotingsflexibiliteit
De Ronde Venen
Hollands Kroon
Molenlanden
139.922
162.363
135.857
34147 9412 13658 5576 52 2015
37699 7438 13950 4974 -1 3010
35779 8174 14342 8796 289 3581
30477 0 41714 9044 12 880
68.872
64.860
67.070
70.961
82.127
51%
56%
52%
56%
40%
De begrotingsflexibiliteit van Zuidplas ligt hoger dan bij het gemiddelde van de referentiegemeenten. Categorieën binnen de begrotingsflexibiliteit zijn moeilijk te vergelijken. Dit komt doordat (bijvoorbeeld) de ene gemeente zelf veel op sociaal domein organiseert en de andere gemeente dit uitbesteedt aan een gemeenschappelijke regeling. Gemeenten met een lage overdracht aan gemeenschappelijke regelingen hebben nog steeds niet altijd volledige flexibiliteit in de uitvoering van die taken. De salarissen en sociale lasten liggen bij Zuidplas lager dan de referentiegemeenten. Ook bij Molenlanden is dat veel lager. De individuele categorieën zijn dus niet vergelijkbaar. Wel kunnen we stellen dat Zuidplas hogere afschrijvingslasten heeft dan het gemiddelde van de referentiegemeenten. Alleen de gemeenten Hollands Kroon en Molenlanden hebben hogere afschrijvingslasten. We zien in de geprognosticeerde balans van deze gemeenten dat de materiële activa beduidend hoger zijn dan de referentiegemeenten Overbetuwe, Lingewaard en De Ronde Venen. De afschrijvingslasten betreffen ramingen en kan ook impliceren dat de gemeente een hoog ambitieniveau heeft. Wanneer we de begroting afzetten tegen de jaarrekening dan zien we dat de afschrijvingslasten in de jaarrekeningen 2022 en 2023 lager zijn dan de begroting. Over het algemeen is dit normaal.
Het kan te maken hebben met het ambitieniveau, maar het kan ook betrekking hebben op de uitvoeringscapaciteit van Zuidplas om deze ambities uit te voeren of anderszins. Verder onderzoek zou dit moeten uitwijzen. Het verschil van de begroting versus jaarrekening van de gemeenten Overbetuwe, Lingewaard en De Ronde Venen wijkt minder af dan Zuidplas. Afschrijvingslasten begroting versus jaarrekening Begroting 2021 Zuidplas Overbetuwe Lingewaard De Ronde Venen Hollands Kroon Molenlanden
6653 5870 4903 4883 5049 5497
Jaarrekening 2021 Begroting 2022 Jaarrekening 2022 Begroting 2023 Jaarrekening 2023
9215 4516 4146 4103 5033 7843
7794 6017 4993 4377 5224 5496
6221 5740 4715 4091 5401 5352
7763 4559 5707 4344 7254 5937
6770 4318 5310 4597 6394 6116
➔ Aanbeveling investeringsplan: Onderzoek het investeringsplan op realisme. Worden of kunnen alle investeringen in het begrotingsjaar worden uitgevoerd en is er voldoende capaciteit om uit te voeren? Wellicht liggen hier mogelijkheden de begroting meer aan te laten sluiten op realisatie. De gemeente Zuidplas geeft aan dat de eenmalige hogere afschrijvingslasten in de jaarrekening 2021 ten opzichte van de begroting 2021 hoger waren vanwege een eenmalige afschrijving in dat jaar.
Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 48
9. Samenvatting en conclusies Uw gemeente heeft in de afgelopen jaren verschillende bezuinigingsprocessen doorlopen. Voor het jaar 2026, het tegenwoordig zogenoemde ‘ravijnjaar’, staat uw gemeente wederom voor een flinke uitdaging een structureel sluitende (meerjaren) begroting te presenteren. Hiervoor zijn een drietal moties door uw raad aangenomen, waaronder de motie benchmark kosten en opbrengsten per taakveld. Naar aanleiding van de moties heeft het college besloten om een aantal verbeter- en ontwikkeltrajecten bij elkaar te brengen en is het project Inzicht en wendbaarheid opgestart. In de reactie op onze begrotingsbrief heeft u een taakveldanalyse aangevraagd om meer inzicht te krijgen hoe de gemeente er nu financieel gezien voorstaat. Dit inzicht is gewenst om weloverwogen keuzes te kunnen maken voor de toekomst en een goede financiële positie te waarborgen. Deze taakveldanalyse is onderdeel van het project Inzicht en wendbaarheid en hiermee dragen wij bij inzicht te geven op welke taakvelden er mogelijkheden liggen de lasten te verlagen of inkomsten te verhogen en op welke taakvelden er weinig of veel beleidsvrijheid is. De taakveldanalyse geeft constateringen.
Nader onderzoek is door uw gemeentelijke apparaat nodig om meer duiding te geven waarom er verschillen zijn op de taakvelden ten opzichte van de referentiegemeenten, zodat er politieke weloverwogen keuzes gemaakt kunnen worden. We zien op basis van de totale lasten dat Zuidplas opgeteld minder nettolasten per inwoner heeft (blz. 6) dan het gemiddelde van de referentiegemeenten. Op de hoofdtaakvelden 1. Veiligheid (zeer beperkt beïnvloedbaar), 2. Verkeer, vervoer en waterstaat (zeer groot beïnvloedbaar), 5. Sport, cultuur en recreatie (zeer groot beïnvloedbaar) en 7. Volksgezondheid en milieu (beperkt beïnvloedbaar) heeft Zuidplas hogere netto lasten per inwoner dan het gemiddelde van de referentiegemeenten. Op de andere hoofdtaakvelden wordt minder uitgegeven.
Als we naar de taakvelden kijken onderliggend aan de hoofdtaakvelden dan heeft Zuidplas hogere nettolasten voor de onderstaande taakvelden: 0.1 Bestuur - 5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie 1.2 Openbare orde en veiligheid - 6.1 & 6.2 Sociale basisvoorzieningen 2.1 Verkeer en vervoer - 6.7 & 6.8 & 6.9 Jeugd 5.2 Sportaccommodaties - 7.4 Milieubeheer 4.2 Onderwijshuisvesting - 7.5 Begraafplaatsen en crematoria Relatief klein verschil waarop Zuidplas hogere nettolasten heeft zijn: 0.2 Burgerzaken (zonder Hollands Kroon) 7.1 Volkshuisvesting Er wordt minder uitgegeven op de taakvelden Onderwijsbeleid, sportbeleid, Participatie en WMO dan het gemiddelde van de referentiegemeenten. In relatie tot een groeigemeente zijn de lasten per inwoner op taakveld 8.1 Ruimtelijke Ordening redelijk laag in vergelijking met de referentiegemeenten. Nader onderzoek door uw gemeente zal nodig zijn om een (on)logische analyse te geven over waarom er meer of minder nettolasten zijn ten opzichte van de referentiegemeenten zoals u kunt lezen in de aanbevelingen. Voor wat betreft de inkomsten laat de taakveldanalyse zien dat Zuidplas lagere inkomsten uit het gemeentefonds ontvangt voor diverse clusters WMO, Jeugd en Participatie (beperkt beïnvloedbaar). Voor de WMO en Participatie is dat wellicht verklaarbaar, omdat Zuidplas dan ook zichtbaar lagere kosten heeft dan de referentiegemeenten.
De kosten op Jeugd zijn echter wel hoger dan de referentiegemeenten en lijken niet logisch. Verder zien we dat op vrijwel de meeste gemeentefondsclusters dat de gemeente een lager bedrag ontvangt dan het gemiddelde van de referentiegemeenten. De salarissen en sociale lasten liggen bij Zuidplas lager dan de referentiegemeenten. Samen met de lagere overhead kan voorzichtig gezegd worden dat Zuidplas een slanke ambtelijke organisatie heeft. Ter bevestiging zal nader onderzoek nodig zijn. De woonlasten zijn hoger dan de referentiegemeenten. Met name de OZB is hoger dan de referentiegemeenten. Daar tegenover staat dat de afvalstoffenheffing en de rioolheffing lager zijn dan de referentiegemeenten. De kengetallen geven een zorgelijk signaal af voor de schuldquote en de solvabiliteit op termijn. De reservepositie is gemiddeld ten opzichte van de referentiegemeenten (Molenlanden buiten beschouwing gelaten).
Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 49
Zuidplas is bij de herverdeling van het gemeentefonds een zogenoemde nadeelgemeente. Het hoge nadelige effect voor de gemeente Zuidplas is een risico voor de gemeente. De hoogte van de suppletie-uitkering is momenteel bevroren. Zodra wordt besloten het ingroeipad verder door te zetten zal de gemeente jaarlijks minder inkomsten tegemoet zien. Het kengetal begrotingsflexibiliteit ligt hoger dan bij het gemiddelde van de referentiegemeenten. Hoewel de hoogte van de flexibiliteit een gunstig percentage geeft, is het belangrijk om dit cijfer met voorzichtigheid te interpreteren. Let wel, het geeft een indicatie, de werkelijke flexibiliteit ligt doorgaans lager dan het kengetal suggereert. Niet alle beklemde middelen zijn te identificeren op basis van de IV3 gegevens. In de taakveldanalyse zien we dat Zuidplas, ondanks dat er een hogere begrotingsflexibiliteit is, toch best scherp aan de wind zeilt. Mede vanwege de bezuinigingstrajecten in de afgelopen jaren. Er zijn nog keuzemogelijkheden op diverse taakvelden waar nog voldoende beïnvloedbaarheid is. Op de volgende pagina vindt u een overzicht van onze aanbevelingen. We hopen dat deze taakveldanalyse u zult helpen bij uw beraadslagingen.
Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 50
10. Overzicht van aanbevelingen Hoofdtaakveld 0 Bestuur en algemene ondersteuning ➔ Aanbeveling: Nader onderzoek naar de hogere lasten op taakveld 0.1 Bestuur en 0.2 Burgerzaken ten opzichte van de referentiegemeenten.
Hoofdtaakveld 1 Veiligheid ➔ Aanbeveling: Op taakveld 1.2 Openbare orde en veiligheid en op taakveld 7.1 Volksgezondheid zijn de nettolasten hoger dan het gemiddelde van de referentiemeenten. Nader onderzoek zou uitwijzen waarom op beide taakvelden de netto lasten hoger zijn.
Hoofdtaakveld 2 Verkeer en vervoer ➔ Aanbeveling: Onderzoek op taakveld 2.1 Verkeer en vervoer waarom de netto lasten hoger zijn dan het gemiddelde van de referentie gemeenten.
Hoofdtaakveld 4 Onderwijs ➔ Aanbeveling: Zuidplas heeft ten opzichte van de referentiegemeenten (Overbetuwe uitgezonderd) meer nettolasten voor taakveld 4.2 onderwijshuisvesting. Nader onderzoek kan uitwijzen wat de oorzaak is voor de hogere nettolasten.
Hoofdtaakveld 5 Sport, cultuur en recreatie ➔ Aanbeveling: Onderzoek wat de oorzaak van de hogere lasten zijn op taakveld 5.2 Sportaccommodaties (zijn er net grote renovaties geweest van sportvelden of zijn er andere investeringen gedaan) ten opzichte van de referentiegemeenten. Of zijn er meer sportaccommodaties en zwembaden dan de referentiegemeenten? ➔ Aanbeveling: Onderzoek waarom Zuidplas op taakveld 5.7 Openbaar groen met de kleinste landoppervlakte meer lasten raamt dan de referentiegemeenten (met uitzondering van Hollands Kroon).
Hoofdtaakveld 6 Sociaal Domein ➔ Aanbeveling: door de invoer van de nieuwe taakvelden (6.21, 6.22, 6.23) zijn deze nu nog niet goed onderling te vergelijken (gemeenten boeken de lasten in een implementatie jaar mogelijk nog niet geheel uniform) wel kunnen wij aanbevelen om na één of twee begrotingsrondes nogmaals naar dit cluster te kijken of de uitkomsten mogelijk een ander beeld laten zien. Het taakveld Jeugd geeft namelijk hogere kosten aan ten opzichte van de referentiegemeenten, maar ontvangt minder gemeentefonds dan de anderen wat niet logisch lijkt.
Hoofdtaakveld 7 Volksgezondheid en milieu ➔ Aanbeveling taakveld 7.4 Milieubeheer: Er is een duidelijke stijging van de nettolasten in 2025. Kijk naar aanleiding van de jaarrekening 2024 of de lagere realisatie door blijft zetten. Mocht dit het geval dan liggen hier mogelijkheden de budgetten eventueel naar beneden bij te stellen of andere keuzes te maken. ➔ Aanbeveling taakveld 7.5 Begraafplaats en crematoria: Op dit taakveld liggen mogelijkheden meer inkomsten te genereren.
Hoofdtaakveld 8 Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing ➔ Aanbeveling: Onderzoek waar de oorzaak ligt van de relatief lagere netto lasten op taakveld 8.1 Ruimtelijke ordening ten opzichte van de gemiddelde referentiegemeenten in relatie tot een groeigemeente.
Investeringen ➔ Aanbeveling investeringsplan: Onderzoek het investeringsplan op realisme. Worden of kunnen alle investeringen in het begrotingsjaar worden uitgevoerd en is er voldoende capaciteit om uit te voeren? Wellicht liggen hier mogelijkheden de begroting meer aan te laten sluiten op wat aan realisatie mogelijk is.
Kengetallen ➔ Beleid ontwikkelen ten aanzien van de gewenste ontwikkeling van de schuldpositie en welke keuzes er gemaakt moeten worden om de stijgende schuldpositie en solvabiliteit in gezonde balans te houden.
Taakveldanalyse Gemeente Zuidplas, blz. 51