CConstaterende datZuidplas
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Erfgoedvisie 2021-2026 ‘verbindend erfgoed’ A20.001372

Gemeenteraad 9 februari 2021, gemeente ZuidplasBij agendapunt: Rv Erfgoedvisie 2021-2026 'verbindend erfgoed'15.300 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Erfgoedvisie Zuidplas 2021 - 2026

Verbindend Erfgoed

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

Inhoud

3

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

4

Molenstomp nummer 1 aan de Rottedijk, Moerkapelle (foto auteur).

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

Een gemeente om trots op te zijn Iedere keer als ik een rondgang door onze gemeente maak, realiseer ik me weer hoe ontzettend rijk we zijn. We hebben een lange en bewogen geschiedenis, waarin de historische inwoners hard hebben gewerkt om een bestaan voor zichzelf te creëren. De woeste veengronden werden ontgonnen, verveend en drooggemalen. Onze rivieren, sloten en vaarten werden druk bevaren, waarbij de handel opbloeide. Van al die inzet van onze voorouders mogen wij nu de vruchten plukken. De historische dorpskernen, de landbouwgronden en de fraaie recreatiegebieden Rottemeren en Park Hitland: Het had er allemaal niet zo uitgezien als onze voorouders niet hun handen uit de mouwen hadden gestoken om van de wildernis bruikbaar land te maken. Die rijkdom moeten we koesteren en zorgen dat we de kwaliteit ervan in stand houden. Natuurlijk willen we net als onze voorouders zorgen voor vernieuwing en verbetering, maar daarbij is het belangrijk dat wat we aan waarde hebben binnen die vernieuwing in stand blijft, wordt versterkt en breed bekend wordt. Niet alleen is het hebben van een rijke geschiedenis belangrijk. Het is minstens zo belangrijk dat we de geschiedenis kennen, zodat we deze kunnen overdragen op toekomstige generaties. Om dit te realiseren, presenteert het college de eerste visie Erfgoed voor de periode 2021 – 2026 onder de titel Verbindend Erfgoed.

Een bewust gekozen titel die verwijst naar wat wij de komende jaren willen bereiken: verbinding op alle vlakken van het taakveld. Zowel op het gebied van ruimtelijke ontwikkeling, recreatie als publieksbereik, maar ook tussen erfgoedpartners binnen

5

de gemeente. We realiseren ons dat we niet alleen hebben gestaan in de wens een visie voor het erfgoed te ontwikkelen. We zijn binnen de gemeente namelijk ook gezegend met een groot aantal verenigingen, stichtingen en erfgoedeigenaren, die zich inzetten voor het behoud van ons cultureel erfgoed. We voelen ons enorm gesteund door deze partijen en willen hun activiteiten aanvullen met deze visie en daarbij de verbinding tussen alle erfgoedpartners versterken. Namens het College Jan Verbeek Wethouder Cultureel Erfgoed

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

Leeswijzer Deze erfgoedvisie is onderverdeeld in 3 hoofdstukken die stilstaan bij de verschillende afwegingen die voor het opstarten van deze visie zijn gemaakt. Maar meer nog richt het zich op de betekenis van erfgoed, de effecten op de fysieke leefomgeving en de stappen die wij gaan zetten om het erfgoed voor de generaties na ons te behouden. In hoofdstuk 1 lichten we toe wat we verstaan onder erfgoed en waarom we het juist nu belangrijk vinden dat er een visie komt op de omgang met het erfgoed. Hoofdstuk 2 geeft een beeld van het ontstaan van de dorpskernen, de historische hoogtepunten en het erfgoed dat we daar bezitten. Het geeft daarmee inzicht in de identiteit van de dorpskernen. Dit alles afwegende formuleren we in hoofdstuk 3 onze visie. Hierbij maken we gebruik van vier pijlers, die samen, net als de vier muren van een monumentaal huis, onze visie overeind houden. De visie is gelijk per pijler vertaald naar concrete acties. Hierna volgen enkele bijlagen die dieper ingaan op de wettelijke taken van de gemeente, de huidige monumentenlijsten en het reeds aanwezige erfgoed. Ook is een samenvatting van de uitkomsten van de enquête onder de erfgoedeigenaren bijgevoegd. In de Nota uitvoering erfgoedvisie welke los van dit document is opgesteld, wordt inzicht gegeven in de kosten, personele bezetting, evaluatiemomenten en de uitvoeringsagenda.

6

Verantwoording De zorg voor erfgoed is een zaak van velen. Hoewel de gemeente zich verantwoordelijk voelt voor het opstellen van de kaders voor de omgang met erfgoed, is het opstellen van een erfgoedvisie een taak die je niet alleen uitvoert. In de komende jaren zal de gemeente de zorg samen met verenigingen en particulieren op moeten pakken. Dat werkt alleen als we er allemaal achter staan. Voor de toekomst van deze visie is het daarom van belang dat er zowel binnen de muren van de gemeente als daarbuiten draagvlak is voor de ingestoken weg. Vanaf het tweede kwart van 2020 is daarom een informatieronde gestart. De COVID19-pandemie en de bijbehorende beperkende maatregelen hebben het voorgenomen proces in de war gegooid. Het belangrijkste punt daarbij is dat de geplande bijeenkomsten met stakeholders niet door konden gaan. Om deze reden is besloten de verschillende betrokken partijen door middel van individuele telefoongesprekken, videocalls, telefonische conferenties en e-mailcontacten gelegenheid te geven om input te leveren. We hebben geprobeerd een zo breed mogelijke groep erfgoedpartners te vragen naar hun ideeën over het erfgoed binnen de gemeente. Zo hebben we gesproken met lokale erfgoedorganisaties, zoals de drie historische verenigingen, Stichting Molen Kortenoord, Stichting Steenovens Klein Hitland en de Stichting Molenviergang Tweemanspolder.

Maar ook met de monumentencommissie, de commissie ruimtelijke kwaliteit, de Omgevingsdienst Midden-Holland en de cultuuraanjager.

Hoofdstuk 1 Uitgangspunten

We hebben de jeugdraad van Zuidplas een digitale vragenlijst voorgelegd met daarin vragen over hun beleving van het erfgoed en de waarde die zij eraan toekennen. Het aantal reacties van deze consultatieronde is, waarschijnlijk als gevolg van een technisch probleem, laag gebleven. Ook voor de monumenteneigenaren en eigenaren van beeldbepalende panden binnen de gemeente hebben we gekozen voor een digitale (en analoge) vragenlijst. Zij hebben zo de mogelijkheid gekregen om hun ideeën over erfgoed en de rol van de gemeente daarbij via een vragenlijst kenbaar te maken. Daarnaast zijn ook de interne stakeholders van de gemeente geraadpleegd. Het betreft de vakgebieden cultuur, ruimtelijke ontwikkeling en planologie, vastgoed en toerisme. De betrokken medewerkers hebben hun visie gegeven op de huidige gang van zaken en aandacht gevraagd voor de processen en onderwerpen waar behoefte is aan ondersteuning vanuit de deskundigheid erfgoed. De input van deze brede groep stakeholders is meegenomen als basis voor deze visie. Daarnaast zijn de wettelijke taken van de gemeente op het vakgebied opgenomen als onderdeel van de visie. We hopen hiermee de intentie van de visie om samen aan de slag te gaan met het behoud van erfgoed verankerd te hebben. De erfgoedvisie heeft tussen 7 oktober en 18 november 2020 ter inzage gelegen.

De betrokken erfgoedstakeholders en de monumenteneigenaren en eigenaren van beeldbepalende

7

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

panden hebben de visie toegestuurd gekregen. In totaal zijn er acht zienswijze binnengekomen. De zienswijzen zijn via een zienswijze nota beantwoord. De indieners spreken allen hun waardering uit naar de gemeente voor het opstellen van deze visie en hebben daarnaast suggesties gedaan voor aanpassing. Dit betrof overwegend aanpassingen van hoofdstuk 2 (landschap en identiteit dorpen). De opmerkingen en suggesties zijn waar mogelijk meegenomen in de deze definitieve versie van de erfgoedvisie.

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

Hoofdstuk 1

Uitgangspunten

“Cultureel erfgoed bestaat uit sporen uit het verleden (zowel materieel als immaterieel) die waardevol worden geacht omdat ze huidige generaties een beeld geven van het verleden en daardoor bijdragen aan onze culturele identiteit.”

9

Hoofdstuk 1 Uitgangspunten

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

1.1. Erfgoed samengevat Om te kunnen bepalen hoe we met het cultureel erfgoed van de gemeente om willen gaan, is het van belang ons de vraag te stellen wat we als ons erfgoed beschouwen. Het zijn de fiere molens op de dijken, die zorgden voor het droogmalen van de polders. Het zijn de jeugdherinneringen van jouw oma aan het leven op de boerderij in het begin van de twintigste eeuw. Het is het kenmerkende landschap met de rechte sloten en wegen, die de Tweemanspolder doorkruisen. En het zijn de ruïnes van de steenovens, die ons er aan herinneringen hoe het moet zijn geweest daar te werken. Maar het betreft ook alle verhalen, sagen en legendes en het mobiele erfgoed, zoals schepen, bussen en machines. Samengevat betekent het dat erfgoed een waarde is, die overal om ons heen aanwezig is en ook onderdeel van ons is. Het bepaalt voor een groot deel hoe onze leefomgeving eruitziet, hoe we ons werk doen en wie wij zijn. Nu is deze definitie erg breed en hebben we reeds in de cultuurvisie 2019-2022 benoemd hoe wij het erfgoed definiëren en waar we de focus gaan leggen. We richten ons in deze visie daarom vooral op het gebouwde erfgoed, de landschappen, de voorwerpen in collecties, archeologische vondsten en de lokale gebruiken. De geschiedenis van de eigen leefomgeving komt pas echt tot leven als de verhalen achter de gebouwen en de landschappen bekend zijn.

Daarom vinden we het belangrijk dat deze breed worden verteld. De gebouwen en de landschappen zien we als de tastbare herinneringen die de geschiedenis levend houden. Door deze aspecten onder de

10

aandacht te brengen en de bescherming ervan actief ter hand te nemen, kunnen we toekomstige generaties de mogelijkheid bieden ervan te genieten en te leren.

Hoofdstuk 1 Uitgangspunten

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

1.2. De noodzaak van een visie De erfgoedsector is in ontwikkeling en de manier waarop onze gemeente de afgelopen jaren naar het erfgoed heeft gekeken, past daar niet meer bij. Niet alleen de wettelijke veranderingen zijn een aanleiding voor het opstellen van deze visie. Ook de ruimtelijke en maatschappelijke ontwikkelingen, zoals de noodzaak meer woningen te bouwen, energieneutraal te leven en een inclusieve samenleving te creëren, biedt kansen voor het erfgoed. Sinds 2016 is een nieuwe Erfgoedwet in werking getreden. De laatste delen van de Monumentenwet zullen naar verwachting op 1 januari 2022 overgaan in de Omgevingswet. Dit zal een verandering teweegbrengen in de omgang met erfgoed. Er wordt afstand gedaan van sectorale instrumenten, zoals de zelfstandige erfgoedverordening en de monumentenaanwijzing. De zorgplicht ten opzichte van erfgoed is uitgebreid voor eigenaren en initiatiefnemers. Hierbij is ook de omgeving van een monument, de biotoop, als aandachtspunt bij ruimtelijke inpassingen genoemd. Het Besluit Kwaliteit Leefomgeving geeft instructieregels voor de wijze waarop cultureel erfgoed, zowel reeds beschermd als (nog) niet beschermd, binnen het omgevingsplan moet worden opgenomen. Erfgoed wordt daarmee volledig geïntegreerd in het ruimtelijk beleid, een ontwikkeling die in 2012 met de modernisering van de Monumentenwet in gang is gezet.

Deze ontwikkeling vraagt om een nieuwe manier van kijken naar de betekenis en de rol van erfgoed in onze leefomgeving en de kansen die dit biedt voor een toekomstgerichte ontwikkeling. We sluiten met onze visie aan bij de beleidsvisies van het Rijk en de provincie ZuidHolland, die zich reeds richten op erfgoed in zijn omgeving.

11

De wettelijke taken en de uitgangspunten van het rijks- en provinciaal beleid zijn opgenomen in bijlage I. In de afgelopen jaren heeft de gemeente vooral vanuit een ad hoc basis naar de verschillende erfgoedvraagstukken gekeken, waarbij er geen gespecialiseerde interne deskundigheid beschikbaar was. Om deze reden is een deel van de werkzaamheden overgenomen door de Omgevingsdienst Midden-Holland. Deze verdeelde aanpak leidt tot een verlies aan kennis en in het meest slechte geval zelfs tot het verlies van erfgoed. Door nu een visie voor de komende zes jaar neer te leggen, willen we een goede basis vormen voor de lopende en toekomstige erfgoedvraagstukken.

Hoofdstuk 1 Uitgangspunten

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

1.3. Samenhang Door visies te verbinden worden de resultaten sterker! Deze erfgoedvisie staat immers niet op zichzelf. Er is een nauwe samenhang met de Cultuurvisie Zuidplas 2019 – 2022, Een hart voor cultuur. Hierin is al uitgesproken dat de gemeenteraad het belangrijk vindt dat het cultureel erfgoed behouden blijft voor de toekomstige generaties. De cultuurvisie geeft hier invulling aan door in te zetten op het versterken van de identiteit van de dorpen (lokaal speerpunt 2, p. 33) en doet dit concreet door in te zetten op erfgoed- en cultuureducatie, recreatie, het ondersteunen van activiteiten en het geven van een impuls aan het iconische erfgoed Steenovens Klein Hitland. De speerpunten uit de cultuurvisie zijn overgenomen in deze erfgoedvisie. Naast de cultuurvisie is er samenhang met ruimtelijke documenten, zoals de Omgevingsvisie en de ontwikkelingsplannen voor het Vijfde dorp. Hoewel deze visie niet één op één zal worden overgenomen in de omgevingsvisie of het omgevingsplan, zullen de uitgangspunten hiervan wel vertaald moeten worden naar deze documenten. De huidige erfgoedverordening 2010 wordt vervangen door een set beleidsregels in de Verordening Fysieke Leefomgeving. Bij de invoering van het omgevingsplan zullen de regels hierin worden overgenomen.

Deze regels zullen betrekking hebben op de zorgplicht voor de fysieke leefomgeving, het toewijzen van de erfgoedfuncties (monument, beschermd gezicht, e.d.), regels voor activiteiten aan of bij (beschermd) erfgoed en de adviescommissie die betrokken is bij de advisering over erfgoed.

12

Naast de twee hierboven genoemde visies is er nauwe relatie met het archeologiebeleid en de archeologische beleidsadvieskaart 2010 van de gemeente. Hierin zijn de uitgangspunten voor de omgang met het ondergronds erfgoed bepaald en worden op basis van de archeologische verwachting regels gesteld ten aanzien van graafwerkzaamheden. Het archeologisch erfgoed is onderdeel van het culturele erfgoed van de gemeente Zuidplas. Daarom gelden de hoofdlijnen van deze visie over het zichtbaar maken van erfgoed ook voor het archeologisch erfgoed. Het bestaande archeologiebeleid blijft, vanwege de zeer specifieke eisen ten aanzien van archeologisch (voor)onderzoek en opgravingen, als separate beleidsnota naast de erfgoedvisie bestaan. Daarnaast heeft de erfgoedvisie een relatie met de visies van de recreatieschappen Park Hitland en Rottemeren en de gemeentelijke recreatievisie Zuidplas 2025.

Hoofdstuk 1 Uitgangspunten

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

1.4. Meerwaarde Erfgoed heeft een waarde van zichzelf, vanwege de geschiedenis ervan, de betekenis voor de wetenschap, vanwege de uitzonderlijke schoonheid of vanwege de afleesbaarheid van het ontstaan van een gebied of dorp. Maar wanneer we erfgoed beschermen kunnen we gelijk een meerwaarde creëren. Onder 1.3. benoemden we al de samenhang met andere taakvelden in Zuidplas. Door het maken van verbindingen kan erfgoed bijdragen aan een aantrekkelijke en economisch sterke gemeente met een herkenbare eigen identiteit. De visie en het actieprogramma bieden de handvatten voor het maken van afwegingen waar erfgoed prevaleert en waar misschien niet. Hierbij voelen we ons gesteund door de ervaring dat investeren in erfgoed economisch loont. Onderzoek heeft aangetoond dat erfgoed waardevast is en mensen in een historische omgeving eerder bereid zijn te investeren in hun eigen bezit en de omgeving1. Dat leidt tot een aantrekkelijke en vitale woonomgeving, die (nieuwe) bewoners en bedrijven aantrekt. Daarnaast heeft het een aantrekkingskracht op recreanten en toeristen. Met grote steden als Gouda en Rotterdam dicht in de buurt is Zuidplas een ideale plek om te onthaasten en te genieten van wat het ‘platteland’ te bieden heeft. Aansprekend erfgoed, zoals de steenovens van Klein Hitland en de molens, heeft daarbij een grote aantrekkingskracht.

13

1. Nationaal restauratiefonds, Investeren in Monumenten, 2010 en onderzoek naar waarde huizenprijzen ten tijden van de crisis (2008 – 2016) door NVM makelaars, 2017.

Erfgoed biedt daarnaast ook een meerwaarde voor maatschappelijke en ruimtelijke vraagstukken. Van het verleden is immers veel te leren en die kennis kunnen we gebruiken om toekomstige vraagstukken op te lossen. Denk hierbij aan voorbeelden voor waterberging binnen vergeten molenboezems, het ondersteunen van hergebruik van erfgoed voor bepaalde doelgroepen en het faciliteren van brede leermogelijkheden voor de jeugd. Door erfgoed breder te betrekken bij ontwikkelingen dan alleen het behouden van gebouwd erfgoed, kunnen we erfgoed tevens een rol laten spelen in het behalen van de ambities uit het Collegeprogramma ‘Samen verder Bouwen aan Zuidplas (‘o.a. deelthema‘s ‘Visie op dorpen’ ,‘Duurzaamheid en milieu’, ‘Leren en recreëren in Zuidplas, ‘Faciliterende overheid’ en ‘Verbindend bestuur’).

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

Hoofdstuk 2

Sterke identiteiten In 2010 zijn de dorpen Moerkapelle, Moordrecht, Nieuwerkerk aan den IJssel en Zevenhuizen en de twee buurtschappen Oud Verlaat en Ver Hitland samengevoegd tot één gemeente. Hiermee is een aaneengesloten gebied ontstaan van 64 km2. Dit gebied wordt gekenmerkt door de verbindende kracht van het relatief jonge, door mensenhanden gevormde landschap. De ontstaansgeschiedenis van de dorpen is nauw verbonden met het landschap, waardoor er een zekere mate van homogeniteit in de historie en ruimtelijke opbouw van de afzonderlijke dorpen en buurtschappen aanwezig is. Ieder dorp en buurtschap heeft daarnaast ook een specifieke eigen geschiedenis. Het onderscheidende vermogen van de dorpen en buurtschappen leidt tot een sterke eigen identiteit en zien we als een grote kracht. Het draagt samen met het landschap bij aan een interessant en afwisselend woon-, werk- en recreatieklimaat. De beknopte omschrijving van het landschap en de dorpskernen legt de identiteit bloot en geeft inzicht in het kenmerkende erfgoed. In hoofdstuk 3 wordt nader ingegaan op de gemeentebrede en dorpsgerichte voorstellen om het landschap en de identiteit te versterken.

15

2. De dorpsbeschrijvingen zijn gebaseerd op de dorpsschetsen uit het boek Thuis in Zuidplas.

Hoofdstuk 2 Sterke identiteiten

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

2.1. Een landschap dat verbindt 2.1.1. De basis Het landschap van de gemeente Zuidplas bestond oorspronkelijk uit grote gebieden onland, wilde onherbergzame veenmoerassen. Het gebied werd doorsneden door de rivier de Hollandsche IJssel en het veenriviertje De Rotte, dat bij Moerkapelle zijn oorsprong heeft. Zo’n elf eeuwen geleden begon men vanaf de oevers van deze twee rivieren met de eerste ontginningen, waarbij men door de eeuwen heen steeds dieper de veenmoerassen introk totdat het gehele moeras ontgonnen was. Het gebied ontstond daarna uit een groot aantal kleine poldertjes met overwegend akkerbouw. Als gevolg van de bodemdaling werden de voor agrarische doeleinden gewonnen gebieden steeds natter: akkers veranderden in drassige weilanden die nog slechts beperkt geschikt waren voor veeteelt. Een proces dat zich ongeveer rond 1500 voltooide. Als gevolg van de groeiende steden en de toenemende industrieën, zoals de steenbakkerijen langs de Hollandsche IJssel, groeide ook de vraag naar turf.

16

Als compensatie voor de matige inkomsten van de veeteelt, werd het gebied op grote schaal uitgeveend met uiteindelijk groot veenplassen tot gevolg. Halverwege de achttiende eeuw bestaat het gebied overwegend uit diep uitgeveende veenplassen, die een bedreiging vormen voor de omliggende dorpen en de behouden stroken bovenland waarop de boerderijen en de infrastructuur is gelegen. Maar er waren uitzonderingen. Enkele gebieden hebben tot op de dag van vandaag hun oude middeleeuwse verkavelingsstructuur behouden. Al in de zeventiende eeuw worden de eerste poldertjes, zoals de polder Wildeveenen, met één of meer molens drooggemalen en opnieuw omgezet in vruchtbare akkers en weilanden. Pas in de negentiende eeuw werden de grote, bedreigende waterplassen van de Zuidplas en de Prins Alexanderpolder drooggelegd. Met de drooglegging van deze grote veenplassen werd het laatste stukje van het jonge door mensenhanden geschapen landschap van de gemeente afgerond.

Hoofdstuk 2 Sterke identiteiten

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

2.1.2. Het zichtbare erfgoed Het landschappelijke erfgoed van de gemeente is divers, maar is rondom en in de verschillende dorpskernen en buurtschappen nog goed te herkennen. Het kruist dwars door de structuur van de dorpen, zoals de ringvaart in Nieuwerkerk aan den IJssel. Binnen de ringvaarten ligt het kenmerkende droogmakerijenlandschap, met een strak en geometrisch ontginningspatroon, dat los van de geomorfologische onderlegger op een haast stedenbouwkundige wijze werd aangelegd. De historische infrastructuur ligt, evenals de ringvaart op stukken oud niet ontgonnen land, de bovenlandstroken. Daarnaast liggen op enkele plekken nog delen oud land in niet uitgeveende hoger gelegen polders met een kleinschaligere verkavelingsstructuur, zoals de gebieden tussen de Hollandsche IJssel en de ringvaart van de Zuidplaspolder en rondom de ‘s Gravenweg.

Detail van de kaart van Schieland en de Krimpenerwaard door Isaak Tirion, ca. 1750. Op de kaart is te zien dat de gemeente Zuidplas in het midden van de achttiende eeuw overwegend uit veenplassen bestond (Collectie Nationaal Archief/ Binnenlandse Kaarten Hingman).

17

Hoofdstuk 2 Sterke identiteiten

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

2.2. Moerkapelle, agrarische bedrijvigheid en een sluiproute 2.2.1. Een greep uit de historie3 Het eerste bewijs van het bestaan van het dorp Moerkapelle is terug te vinden op de kaart van Jacob van Deventer (1542), waarop een kerktoren is ingetekend met de aanduiding ‘Op Moer’. De verwijzing naar ‘moer’ komt voort uit de belangrijkste activiteiten van de inwoners van het gebiedje, namelijk de turfwinning. Aanvankelijk vormen de inkomsten uit het turfsteken een degelijk inkomen. Aan het begin van de zeventiende eeuw zijn de Wildeveenen compleet uitgeveend en blijft een grote waterplas over. In de jaren veertig van diezelfde eeuw werd, als eerste veenplas in Schieland, gestart met droogmalen van de plas de Wildeveenen of de Honderd morgenpolder. Zeven scheprad- en vijzelmolens, waarvan zes nieuw gebouwd, moesten de klus klaren. Het veenriviertje de Rotte, dat ontspringt ter plaatste van de huidige Rottedijk in Moerkapelle, speelde vanaf het begin een belangrijke rol in de afwatering van de droogmakerij4. Na het droogmalen ontstond een diepgelegen landschap met zeer vruchtbare kleigrond, waardoor de agrarische activiteiten weer opbloeiden. In deze periode werden de eerste boerderijen door de rijke grondbezitters in de drooggemaakte polder gebouwd. De boerderijen werden verpacht en pas eeuwen later aan de boeren verkocht.

Moerkapelle werd een rijke agrarische gemeente met weilanden (veeteelt) en akkers. De ontwikkeling van de veenafgraving en de droogmaking vormen de basis voor het ontstaan van het dorp Moerkapelle, maar er zijn ook andere belangrijke gebeurtenissen en plekken in Moerkapelle die het dorp, haar geschiedenis en inwoners

18

3. Gebaseerd op de tekst van Paul, W., Moerkapelle, in: Thuis in Zuidplas, Utrecht 2010, p. 27-41. 4. Informatiebord bij de Rottedijk Stichting Oud-Zevenhuizen/Moerkapelle.

karakteriseren. Een greep uit deze verhalen laat dat duidelijk zien. De gebeurtenissen rondom de Grote opstand van Moerkapelle, waarbij patriotten en prinsgezinden rechtlijnig tegenover elkaar stonden, inspireerden prenttekenaars om Moerkapelle op papier vast te leggen. Ook de Donderdam, een overtoom uit 1628 op de grens tussen Moerkapelle en Waddinxveen, is van belang geweest voor de economie en de infrastructuur van Moerkapelle. De overtoom was een belangrijke sluiproute voor kleine schepen om de dure (vanwege de tol) en drukke grachten van Gouda te omzeilen. Deze lag aan een belangrijke hoofdroute tussen Den Haag en Gouda. Door de aanwezigheid van de dam en een herberg ontstond het buurtschap Donderdam, dat tegenwoordig nog steeds aan de onderweg ligt. 2.2.2. Het zichtbare erfgoed Moerkapelle is een dorp van bescheiden omvang. Toch bevinden zich in en rondom dit dorp een groot aantal iconische erfgoederen, die gezamenlijk een goed beeld geven van de ruimtelijke en sociaal maatschappelijke ontwikkeling die Moerkapelle heeft doorgemaakt. In het dorp valt direct de aanwezigheid van de historische hervormde kerk op, evenals dorpsboerderijen met sprekende namen als ‘Ouders Vrucht’ en gevelstenen, die verwijzen naar de eerstesteenlegging.

Buiten de dorpskern zijn het de molenstompen langs de Rottedijk, de Rotte zelf en het droogmakerijenlandschap, die herinneren aan het ontstaan van het dorp. In de dorpskern liggen ook twee begraafplaatsen, Moerhage en Westhage. Deze begraafplaatsen herbergen de laatste rustplaats van verschillende personen, die voor de samenleving van

Hoofdstuk 2 Sterke identiteiten

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

Moerkapelle van betekenis zijn geweest en zo een gezicht geven aan de historie van het dorp. Daarnaast heeft het dorp en het omringende gebied 4 beschermde rijksmonumenten, 7 gemeentelijke monumenten en 6 beeldbepalende panden. Het betreffen onder andere de kerk, 3 van de 6 molenstompen langs de Rotte, boerderijen en woonhuizen. Het dorp heeft samen met de kern Zevenhuizen een eigen historische vereniging, de Stichting Oud-Zevenhuizen Moerkapelle. Deze vereniging heeft in het verleden o.a. bijgedragen aan het zichtbaar maken van de cultuurhistorie in het landschap. Zo staat er bijvoorbeeld een informatiebord met uitleg en illustraties aan het begin van de Rottedijk met een uitleg over de polder Wildeveenen en de molens. De vereniging beheert ook een collectie aan voorwerpen en foto’s die onderdeel uitmaken van ons erfgoed. Ze zijn gehuisvest in Zevenhuizen.

19

Detail van blad 2 van een serie kaarten voor een plan om de rivier de Hollandsche IJssel af te dammen, 1811. Vervaardiger J. Blanken Jz. Op de kaart is de drooggemaakte polder Wildeveenen in het noorden te zien. Aan de zuidzijde van het dorp is de Zuidplas nog niet drooggemaakt en grenst dicht aan het dorp (Collectie Nationaal Archief/ kaartcollectie Blanken).

Hoofdstuk 2 Sterke identiteiten

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

2.3. Moordrecht, tussen veen en rivier 2.3.1. Een greep uit de historie5 Moordrecht is een oude dorpskern, die zijn ontstaan te danken heeft aan de ontginning van de veenmoerassen. Door het dalen van de bodem werd de turfwinning net als in andere gebieden in Zuidplas de belangrijkste bron van inkomsten. Hierdoor veranderde het achterland van Moordrecht langzaam in een grote veenplas. Alleen rondom de dorpskern bleef een stukje van de oude ontginningen over. Wegen, zoals de Tiendweg, spoelden (gedeeltelijk) weg. De ringvaart dateert uit de negentiende eeuw toen de Zuidplas werd drooggemalen. De kosten voor windbemaling rezen de pan uit. Voor het droogmalen van de Zuidplas waren uiteindelijk twee stoomgemalen en dertig watermolens nodig, waarvan er tien op Moordrechts grondgebied stonden. Na het droogvallen van de Zuidplas werden de molens afgebroken en verkocht. Slechts één molen staat nog op de oude vertrouwde plaats. De Hollandsche IJssel is een bepalende infrastructuur geweest voor Moordrecht. Op de dijk liep een weg, waarover Moordrecht lange tijd tol mocht heffen, een groot privilege. Aan de oevers ontwikkelden zich allerlei aan de scheepvaart gerelateerde ambachten en handel. Schepen voeren af en aan voor personen en goederenvervoer (waaronder de turf) en hadden dagelijkse verbindingen met grote steden als Rotterdam, Gouda, Den Haag en Amsterdam.

Het veer tussen Moordrecht en Gouderak was van bovenlokaal belang en droeg bij aan de ontwikkeling van het dorp. De klei op de uiterwaarden werd gebruikt voor het bakken van IJsselsteentjes. Een industrie die in Moordrecht tot 1920

20

5. Gebaseerd op de tekst van Vink, P., Moordrecht, in: Thuis in Zuidplas, Utrecht 2010, p. 43 – 67. 6. Flessianen zijn verkopers van brandewijn.

heeft plaatsgevonden en die vanwege de kenmerkende gele steentjes bij heeft gedragen aan de identiteit van vele dorpen in de regio. Maar de steenbakkerijen hebben ook een grote kloof teweegbracht tussen de arme werknemers en de rijke steenbakkerij directeuren. Andere neringen en industrieën die in Moordrecht tot bloei kwamen waren eveneens gerelateerd aan de positie van het dorp aan het water, zoals de vier historische herbergen, de flessianen6 en een bloeiende touwindustrie. In de twintigste eeuw verdween de touwindustrie geheel uit Moordrecht. In 1903 vestigde zich een tapijtenfabriek in het dorp. Dit heeft tot één van de meest markante gebouwen van Moordrecht geleid, namelijk de in 1923 gebouwde watertoren van de Koninklijke Verenigde Tapijtfabriek (KVT). Net als in Zevenhuizen was Moordrecht in de Tweede Wereldoorlog onderdeel van de verdedigingslinie van de Duitse bezetter, de Vordere Wasserstellung. De Hollandsche IJssel bij Moordrecht blijkt in de geschiedenis meerdere keren een cruciale rol te spelen bij militaire en politieke ontwikkelingen. De laatste opstand gedurende de Hoekse en Kabeljauwse Twisten, de Slag bij Moordrecht, werd in juni 1490 op de oevers nabij Moordrecht uitgevochten. In de Patriottentijd en ten tijde van de Franse overheersing kreeg Moordrecht weer te maken met oproer en Prinsgezinde opstanden.

Door de strenge winter vroor de Hollandsche IJssel dicht en konden de Fransen oversteken. De negentiende eeuw wordt verder gekenmerkt door sociale betrokkenheid.

Hoofdstuk 2 Sterke identiteiten

Aan het begin van de negentiende eeuw richtte steenbakkersdochter mevrouw M.M. C. Drost – IJsserman, rijk geworden uit grondbezit en een steenplaats, een stichting op om een weeshuis te bouwen en na haar dood te onderhouden. Halverwege de negentiende eeuw was het schoolmeester Gerrit Bernardus Lalleman, die zich druk maakte over de omstandigheden waarin kinderen al vanaf jonge leeftijd moesten werken. Zijn inspanningen hebben bijgedragen aan het ontstaan van het Kinderwetje van Van Houten, waardoor de situatie voor kinderen sterk verbeterde. 2.3.2. Het zichtbare erfgoed Alles in de dorpskern van Moordrecht ademt de geschiedenis van het dorp uit. Dit is door het Rijk gewaardeerd met een status als beschermd dorpsgezicht. Niet alleen de ruimtelijke opbouw van de dorpskern is daarbij van belang. Het dorp heeft 24 rijksmonumenten, 9 gemeentelijke monumenten en 15 beeldbepalende panden. De KVT-toren en de kerk staan als opvallende landmarks langs de Hollandsche IJssel. Hoewel grote delen van het voormalig Moordrechts grondgebied voor de turfwinning zijn afgegraven en gekenmerkt worden door het strakke droogmakerijenlandschap, is er tussen de Hollandsche IJsseldijk en de ringvaart nog een stukje van het oorspronkelijke ontginningspatroon herkenbaar. Moordrecht heeft twee (gemeentelijke) Algemene begraafplaatsen en een katholieke begraafplaats.

Op de Algemene begraafplaats staan onder andere grafmonumenten van burgemeesters, verzetshelden en steenbakkersfamilies,

21

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

maar ook de hoofdopziender van de droogmaking van de Zuidplaspolder. Moordrecht heeft zijn eigen historische vereniging, die met een oudheidkamer in het Weeshuis aan het Westeinde is gevestigd. De vereniging beheert een collectie aan historische voorwerpen, kunstwerken en documenten, maar ook de DIJ Beeldentuin. Tevens geeft ze een magazine uit en organiseert zij erfgoedlessen, tentoonstellingen en lezingen en doet onderzoek.

Hoofdstuk 2 Sterke identiteiten

Een hele strook langs de rivier en het deel van de Zuidplaspolder, dat tussen de Eerste en de Tweede Tochtweg ligt, werd onder water gezet. Een volgende, deze keer niet geplande, overstroming van betekenis voltrok zich in het jaar 1953. Tijdens de voor veel Zeeuwen en Zuid-Hollanders desastreuze watersnoodramp bleef Nieuwerkerk ook niet onaangeroerd. Bij een dijkdoorbraak ontstond een gat van veertien meter breed. Slechts met hulp van een Ouderkerkse schipper, die bereid was zijn schip in het gat te laveren, kon het gat snel worden gedicht. Dit was overigens niet de eerste keer dat er een gat in de dijk ontstond. In 1682 en 1717 ontstonden er ook gaten in de dijk. Destijds respectievelijk gedicht met schepen en IJsselsteentjes. 2.4.2. Het zichtbare erfgoed Het erfgoed van Nieuwerkerk is divers, maar alom goed vertegenwoordigd: Van het diepste punt van Nederland en de hoge ringdijk van de Zuidplaspolder. Zowel de ringdijk als het verdiept gelegen landschap laten zich ter hoogte van de Kerklaan goed lezen. Langs diezelfde Kerklaan staan ook vele kleine villa’s uit de vroege forensenperiode. Het kenmerkende droogmakerijenlandschap, met de daarin gelegen boerderijen, zoals de Geertruidahoeve en de Batavier, weerspiegelt de nieuwe start die men met de droogmakerij realiseerde.

Ook de duidelijke kenmerken van een rivierenlandschap met wielen langs de IJsseldijk en de restanten van steenovens in het buurtschap Ver Hitland zijn zichtbaar aanwezig.

23

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

In de gemeente liggen in het Oude Dorp drie begraafplaatsen: een aan de Prinses Beatrixstraat, een aan de ‘s-Gravenweg en een aan de Kerkhoflaan. Op deze drie begraafplaatsen liggen voor de dorpskern relevante personen begraven en staan grafmonumenten in een bijzondere stijl. De diversiteit van het Nieuwerkerkse erfgoed komt ook tot uiting in de 14 rijksmonumenten, 12 gemeentelijke monumenten en 18 beeldbepalende panden. De Historische Vereniging Nieuwerkerk aan den IJssel is ook al jaren actief in het uitdragen van de kennis over de historie van de gemeente. Zij hebben een oudheidkamer aan de ’s Gravenweg in de boerderij Nooitgedacht. De vereniging beheert naast veel kennis, ook een historische collectie, waaronder voorwerpen uit de gemeentehuizen en ambachtelijk en boerengereedschap en stelt deze voorwerpen ook ten toon. Net als de andere twee historische verenigingen verzorgen ze tentoonstellingen waarin het erfgoed onder de aandacht wordt gebracht en brengen ze een nieuwsbrief met artikelen uit.

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

‘Je kunt niet in oude voetsporen treden, zonder er nieuwe overheen te leggen’ Jens Jacob Asmussen Worsaae, Deens archeoloog (19e eeuw)

Dorpskerk Zevenhuizen (foto auteur).

24

Hoofdstuk 2 Sterke identiteiten

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

2.5. Oud Verlaat en Zevenhuizen, eigenzinnig buurtschap binnen een rijk ambacht 2.5.1. Een greep uit de geschiedenis8 Het buurtschap Oud Verlaat kon ontstaan door het verlaat of de sluis tussen de polder en de Rotte. De noodzaak van een sluis op deze plek was groot vanwege de handel in turf, die over de Rotte werd vervoerd. Het buurtschap was daardoor ook vooral gericht op het ontvangen van de schippers, die moesten wachten om door de sluis te gaan. Er waren een herberg, enkele winkels en wat huizen. Pas na de inpoldering van de prins Alexanderpolder in 1872, nam door de verbeterde infrastructuur de omvang van het buurtschap iets toe. Hoewel Oud Verlaat altijd verbonden was met Zevenhuizen, was de weg er naartoe zeker in de winter moeilijk begaanbaar en ging met liever naar het aan de overzijde van de Rotte gelegen Hillegersberg. Een tweede groei van het buurtschap ontstond toen in de twintigste eeuw de buitendijks gelegen en slecht begaanbare Bonken werden opgehoogd met huisvuil uit Rotterdam en later zeer in trek raakten als vestigingsplaats vakantiewoningen. Over Zevenhuizen werd in de achttiende eeuw gedicht dat het ‘den reiziger bekoort door de stand en welvaart’. Het dorp start als zeven huizen ter hoogte van het Korenmolengat, maar wordt aan het begin van de veertiende eeuw verplaatst naar de huidige locatie.

De redenen zijn niet anders te duiden dan vanwege economische aard. De Hoekse en Kabeljauwse twisten waren een tegenvaller voor Zevenhuizen. Inwoners werden door de rondtrekkende legers beroofd en hun huizen in brand gestoken. Het dorp verarmde en kromp. Waarschijnlijk speelde in de veertiende en vijftiende eeuw ook de turfwinning een belangrijke rol bij de armoede van de

25

8. Gebaseerd op de tekst van Paul, W., Oud verlaat / Zevenhuizen in: Thuis in Zuidplas, Utrecht 2010, p. 91 – 124 en oudzevenhuizenmoerkapelle.nl/.

Zevenhuizers. Al het land was inmiddels tot op grondwaterniveau verdwenen. In de zestiende eeuw gaat men dan door het uitvinden van de baggerbeugel ook het veen uit de ondiepe plassen opbaggeren. Daar komt dan ook de welvaart uit het achttiende eeuwse gedicht vandaan. De zeventiende en achttiende eeuw werden rijke eeuwen. Na het droogmalen van de veenplassen, ontstonden zeer vruchtbare kleigronden en werd Zevenhuizen een agrarische gemeente. Door de eeuwen heen stond er in Zevenhuizen ook bepaalde perioden een kasteel, het Huis ter Duyn, dat in de vijftiende eeuw oostelijk van het dorp stond en bij aanvang van de zeventiende eeuw westelijk van het centrum opnieuw werd opgebouwd. Bijzonder aan de laatste locatie was de aanwezigheid van een groot bos dat de naam Zevenhuizerbos droeg. Het bos heeft langer stand gehouden dan het kasteel en stond in de wijde omtrek bekend vanwege het grote aantal reigers, kwakken, lepelaars, kraaien en vooral aalscholvers (een lekkernij voor velen). Er is een punt waarin Zevenhuizen zich echt onderscheidt van de andere dorpen in Zuidplas. Hier zijn namelijk de resten gevonden van mammoeten en een reuzenhert. Dieren uit een verleden dat teruggaat tot de laatste IJstijd. Bijzondere verhalen zijn er in het gebied genoeg te vinden. In Oud Verlaat maakte de ballonlanding in 1785 van de Fransman Blanchard een grote indruk op de Oud-Verlaters.

Bij ornithologen was daarentegen het Schollevaarseiland in de Wollefoppenpolder een indrukwekkende plek, waar een grote soortenrijkdom van vogels en planten aanwezig was.

Hoofdstuk 2 Sterke identiteiten

Zevenhuizen kreeg het vooral gedurende de Reformatie zwaar te verduren en werd geteisterd door gewelddadige opstanden. Ook de Tachtigjarige Oorlog hield flink huis in Zevenhuizen en dan vooral doordat dijken werden doorgestoken en het land onder water kwam te staan. Inwoners vluchten en tussen Zevenhuizen en Moerkapelle werd een schans gebouwd. In de Tweede Wereldoorlog werd het gebied rondom Zevenhuizen weer geïnundeerd. Deze keer door de Duitse bezetter als onderdeel van de Vordere Wasserstellung. 2.5.2. Het zichtbare erfgoed Twee kernen binnen een voormalig ambacht met ieder een eigen geschiedenis en karakter. Het kleinschalige buurtschap Oud Verlaat met de kleinschalige bebouwing en kleine bebouwingsdichtheid. Het dorpsbeeld wordt gedomineerd door de Rotte, waaraan het is gelegen. Enkele fraaie oude boerderijen met historische erfinrichting sieren het buurtschap. Met name de Nessepolder in Oud Verlaat is bijzonder omdat dit het enige nooit verveende gebied in Zevenhuizen is. Hier zijn de historische structuren van de oude ontginningen nog goed zichtbaar. Zevenhuizen heeft met zijn historische dorpskern waarin nog enkele fraaie gebouwen en de grote dorpskerk liggen het historische karakter weten te behouden. De ligging aan het recreatiegebied De Rottemeren benadrukt het landelijke karakter.

De vele boerderijen in en om de dorpskern, de molenviergang en het Zevenhuizens Verlaat zijn duidelijke identiteitsdragers binnen het gebied.

26

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

Zevenhuizen en Oud Verlaat kennen 17 rijksmonumenten, 15 gemeentelijke monumenten en 23 beeldbepalende panden. Naast het gebouwde erfgoed en het landschap zijn er binnen de dorpskern een begraafplaats, waarop zich (niet beschermd) funerair erfgoed bevindt dat inzicht geeft in het leven in Zevenhuizen door de eeuwen heen en plaats biedt aan de laatste rustplaats van voor de samenleving belangrijke personen. Zoals onder 2.1.2 als is gemeld heeft Zevenhuizen samen met Moerkapelle een historische vereniging, die zich inzet voor het onderzoeken en uitdragen van de historie van de gemeente. De Stichting Oud Zevenhuizen – Moerkapelle is met een oudheidkamer en molenmuseum gehuisvest binnen het dorp Zevenhuizen.

Hoofdstuk 2 Sterke identiteiten

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

‘Elk dorp dat zichzelf serieus neemt, hoort zijn geschiedenis te kennen’ Jens Jacob Asmussen Worsaae, Deens archeoloog (19e eeuw)

27

Moordrecht Watertoren van de Koninklijke Verenigde Tapijtfabrieken, (KVT). Ontwerp van archiect Pieter Dirk Stuurman, 1924 (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Amersfoort / Documentnummer 503.463).

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

Hoofdstuk 3

Een visie met concrete stappen

Deze visie stuurt er op aan dat alle partners in het erfgoedveld zich samen inzetten voor het behoud van ons waardevolle erfgoed.

28

Hoofdstuk 3 Een visie met concrete stappen

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

3.1. Onze visie Zuidplas heeft een lange geschiedenis die door de eeuwen heen uniek erfgoed heeft voortgebracht. We hebben een morele plicht om daar zorgvuldig, duurzaam en toekomstgericht mee om te gaan. Het koesteren van ons erfgoed versterkt onze identiteit en maakt de fysieke leefomgeving aantrekkelijker. Zo kunnen wij er nu van genieten, maar kunnen we ook garanderen dat de generaties na ons met hetzelfde plezier terug kunnen kijken naar het verleden. Daarom zullen we de komende jaren inzetten op het helder in beeld krijgen van ons erfgoed en het delen van onze kennis met interne en externe partijen, want hoe cliché het ook klinkt: onbekend, maakt onbemind. Om dit te concretiseren, zetten we in op dorpsgerichte en gemeentebrede acties. Hierdoor wordt het erfgoed beter zichtbaar en kunnen we de gewenste neveneffecten in de vorm van economische en maatschappelijke meerwaarde realiseren. Als we helder in beeld hebben welke erfgoedwaarden er binnen de gemeente aanwezig zijn, kunnen we op het juiste moment vooraan in een proces de kansen van het erfgoed inzetten en de liefde voor dit erfgoed aan inwoners overdragen. We doen dit niet alleen. Bij het opstellen van deze visie hebben we de conclusie kunnen trekken dat erfgoed leeft binnen de gemeente en dat er veel ideeën zijn over hoe erfgoed een betere positie kan krijgen.

Zowel particulieren, ondernemers als verenigingen en stichtingen, zetten zich in voor het behoud van het erfgoed. We realiseren ons hoe rijk we door de inzet van deze mensen zijn. We willen dit dan ook in het toekomstig

29

beleid vasthouden door deze partijen een rol te geven bij de uitvoering van ons beleid. Als gemeente hebben we een belangrijke taak om kaders te stellen en indien nodig bij te sturen, maar we willen waar mogelijk de regie loslaten en initiatiefnemers faciliteren. Een gedachte die onder andere goed past binnen de nieuwe Omgevingswet. De zorg voor het erfgoed is een gezamenlijke en dient een algemeen belang. De drijvende kracht achter de particuliere instandhouding bestaat uit persoonlijk enthousiasme voor erfgoed en creativiteit voor onconventionele oplossingen. Die energie moeten we koesteren. Onze rol daarin is het faciliteren van de eigenaren door vergunningstrajecten voor monumenten helder en inzichtelijk te maken en onderhoud te stimuleren. Daarnaast kunnen we faciliteren bij herbestemming of ontwikkelingen om het erfgoed voor volgende generaties levend te houden. Deze visie stuurt er op aan dat alle partners in het erfgoedveld zich samen inzetten voor het behoud van ons waardevolle erfgoed.

Hoofdstuk 3 Een visie met concrete stappen

3.2. Realisatie van onze visie Vier pijlers met daaronder concrete doelen en acties zorgen ervoor dat onze visie tot resultaat gaat leiden. Iedere pijler vertegenwoordigt een deel van onze visie. Hiermee zorgen we ervoor dat we onze wettelijke taken op orde hebben, we vooraan in het proces alle benodigde kennis hebben, we tijdig kunnen schakelen met andere erfgoedorganisaties of taakvelden, en dat erfgoed breed bekend is. Alleen dan kunnen we onze visie realiseren. We werken met vier pijlers 1. Focus op het taakveld 2. Communicatie 3. Zichtbaarheid 4. Ondersteuning

Molen Windlust, Nieuwerkerk aan den IJssel (foto auteur).

30

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

Hoofdstuk 3 Een visie met concrete stappen

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

3.3. Pijler 1 Focus op het taakveld Erfgoed heeft al langere tijd geen vaste plaats binnen de gemeentelijke processen. Concreet betekent dit dat er geen basis is van waaruit we werken. Dat gaan we nu regelen. Onder deze pijler vallen daarom alle zaken die leiden tot de verankering van het taakveld binnen de organisatie en het scherp stellen van de kennis binnen de organisatie.

Pijler 1 Focus op het taakveld We zorgen ervoor dat we de wettelijke basis op orde hebben. Doordat we weten wat we hebben, kunnen de kansen van erfgoed benut worden. A. Gemeentebrede acties: 1. We stellen een erfgoedambassadeur (erfgoedmedewerker) aan. 2. De keten op orde. 3. We kennen ons erfgoed: - Bestaande rijks- en gemeentelijke monumenten - Bestaand beschermd dorpsgezicht - Gemeentebrede inventarisatie tot en met 1970. - Inventarisatie begraafplaatsen en grafmonumenten. 4. Beeldbepalende panden 5. We stellen kaders vast voor de omgang met het erfgoed in ons eigen bezit. 6. We stellen een integrale commissie ruimtelijke kwaliteit in, die ons adviseert over erfgoedzaken in de fysieke leefomgeving.

31

A1. Erfgoedambassadeur De eerste stap naar het uitvoeren van deze visie is het benoemen van een medewerker erfgoed. Een ambassadeur die verantwoordelijk is voor het verwezenlijken van de visie en het in gang zetten van de concrete acties die hieruit voortvloeien. Nadrukkelijk wordt hier de term ‘ambassadeur‘ gebruikt vanwege de rol die we deze medewerker toedichten. Het is iemand die zichtbaar is, zich opstelt als intermediair tussen de diverse erfgoedpartners en de belangen van het erfgoed vertegenwoordigt. Iemand die zich dus in de breedte verantwoordelijk voelt voor het taakveld en zichzelf proactief presenteert zowel binnen als buiten het gemeentehuis. We denken dat de erfgoedmedewerker essentieel is in deze fase om onze visie een kans van slagen te geven. De voorgeschiedenis maakt het noodzakelijk om daadkrachtig van start te gaan en het taakveld te positioneren als één van de belangen waar tijdig rekening mee gehouden moet worden. A2. De keten op orde Erfgoed is een schakel in een breder proces. Met name binnen het ruimtelijke proces is er een duidelijke lijn te volgen, die voor iedereen inzichtelijk moet zijn. Die lijn begint bij de beleidsvorming en gaat via vooroverleg, naar vergunningstraject met toetsing en adviezen, vergunningsverlening/projectbesluit, toezicht en handhaving.

De uitvoerende werkzaamheden vallen onder de taken die wij bij de Omgevingsdienst Midden-Holland hebben neergelegd. We willen verrassingen achteraf voorkomen voor zowel externe initiatiefnemers als binnen onze eigen processen.

Hoofdstuk 3 Een visie met concrete stappen

We gaan er daarom voor zorgen dat erfgoed, van bodemarchief tot landschap tot gebouwd object, op de juiste plek binnen de processen aan de orde komt en in beeld is. Daarbij zorgen we er ook voor dat op de juiste momenten in het proces relevante erfgoedpartners betrokken worden. A3. We kennen ons erfgoed Om vooraan in een proces te kunnen acteren en erfgoed zichtbaar te maken, moet je weten wat je hebt. Daarom zijn we inmiddels gestart met het controleren van de bekende gegevens, namelijk het gebouwde erfgoed in de vorm van rijks en gemeentelijke monumenten. We synchroniseren en controleren bestaande informatie. We zorgen dat de aanwijzingsbesluiten en redengevende omschrijvingen eenvoudig te vinden zijn en zetten ons in om de eigenaren van het erfgoed in beeld te krijgen. Voor het beschermde dorpsgezicht Moordrecht stellen we de grenzen scherp en zorgen we dat we precies weten welke straten en huisnummers binnen de begrenzing vallen. Dit maakt het voor eigenaren in het gebied duidelijk en kunnen we zelf bij een initiatief niet door een beschermde status worden verrast. Naast dit bekende erfgoed is er meer dat we tot ons erfgoed mogen rekenen, maar waarvan de waarden op dit moment niet of onvoldoende in beeld hebben. De identiteit die dit erfgoed aan de fysieke leefomgeving toevoegt, vormt de basis voor veel van de concrete acties die we in deze visie voorstellen.

Om het erfgoed beleefbaar en zichtbaar te maken en te voldoen aan de eisen uit het Besluit Kwaliteit Leefomgeving

32

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

starten we met het opstellen van een gemeentebrede cultuurhistorische inventarisatie waarin gebouwd, stedenbouwkundig en landschappelijk erfgoed (met status en zonder status) wordt opgenomen. We volgen hierbij de inventarisatieprogramma’s van de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed. Dat betekent dat we al het erfgoed tot en met 1970 in beeld brengen. Daarbinnen willen we ook kijken of er gedurende de beleidsperiode een aanvulling gemaakt kan worden, waarbij specifieke plekken binnen de gemeente gekoppeld worden aan lokale gebruiken, zoals historische festivals, legenden en sagen. Als laatste ligt er al langere tijd de wens ook de begraafplaatsen en de grafmonumenten van bekende inwoners van Zuidplas te beschermen. Deze bijzondere plekken zijn een belangrijke schakel in het verhaal van de dorpen en de gemeente als geheel. De historische verenigingen hebben suggesties voor beschermenswaardige grafmonumenten aangeleverd, inclusief een onderbouwing. We starten met het opstellen van kaders voor de waardering van de begraafplaatsen en de grafmonumenten. Daarna gaan we over tot het aanwijzen van het binnen die kaders passend funerair erfgoed tot beschermd gemeentelijk monument.

De gemeentebrede cultuurhistorische inventarisatie en de inventarisatie van de begraafplaatsen valt onder de regie van de gemeente, maar er is binnen de gemeente veel lokale deskundigheid aanwezig die we graag willen benutten. We zien daarom een rol weggelegd voor de diverse

Hoofdstuk 3 Een visie met concrete stappen

erfgoedorganisaties binnen onze gemeente. De inventarisaties worden uitgewerkt in een digitale waardenkaart. Er vindt een koppeling plaats met beschrijvingen van de aanwezige waarden, waarin een duidelijke relatie wordt gelegd tussen de individuele waarde van het object/gebied, de betekenis voor het verhaal van Zuidplas en de meerwaarde voor de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. We stellen onszelf enerzijds ten doel de uitkomsten van de inventarisatie te verwerken in het omgevingsplan, zodat het erfgoed en de directe omgeving (de biotoop) van het erfgoed betekenis en waarde krijgen binnen de fysieke leefomgeving. Anderzijds is de kaart een goede inspirator voor het zichtbaar maken van het erfgoed. A4. Beeldbepalende panden In 2015 heeft de gemeente Zuidplas beeldbepalende panden geregistreerd op de erfgoedlijst. Deze panden worden gezien als een belangrijk onderdeel van ons cultuurhistorisch erfgoed. De registratie is een symbolische waardering. Aan de registratie zijn geen aanvullende regels voor behoud van karakteristieke waarden gekoppeld. De regels die voor normale gebouwen zonder cultuurhistorische waarden gelden, gelden ook voor beeldbepalende panden. In de praktijk blijkt dat dit erfgoed zonder vergunning kan worden gewijzigd of met een beperkte melding, conform de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, worden gesloopt.

De naderende omgevingswet bepaalt dat er in het op te stellen omgevingsplan rekening moet worden gehouden met al het aanwezige erfgoed. In dat licht zien wij nu een noodzaak om te onderzoeken wat de effecten van de symbolische aanwijzing zijn geweest en of aansluiten op de

33

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

verwachtingen die men er in 2015 van had. Dit onderzoek en een eventuele vervolgprocedure om de effecten van de registratie van beeldbepalende panden te stroomlijnen met de verwachting wordt gedurende de beleidsperiode aan het college voorgelegd.

Gemeentelijke begraafplaats Nieuwerkerk aan den IJssel (foto auteur).

A5. Kaders voor erfgoed in eigen bezit Als overheid geven we het goede voorbeeld. We hebben immers zelf ook beschermende monumenten in het bezit. Het betreft de twee rijksmonumentale kerktorens van Moordrecht en Zevenhuizen en de steenovens van Klein Hitland in Nieuwerkerk aan den IJssel. Daarnaast zijn we eigenaar van de gemeentelijke monumenten boerderij Nooit Gedacht in Zevenhuizen en de begraafplaatsen met toegangshek en baarhuisje in Nieuwerkerk aan den IJssel en in Moordrecht.

Hoofdstuk 3 Een visie met concrete stappen

Onder de beschermde monumenten in het gemeentelijk bezit vallen ook de geschutsstelling aan de Vijfde Tocht, De Gele Brug in Dorpsstraat in Nieuwerkerk aan den IJssel, de ophaalbrug aan de noordelijke Dwarsweg in Zevenhuizen en de sluis aan de Schielands Hoge Zeedijk West. De gemeente heeft, op basis van de Nota Vastgoed, de intentie uitgesproken de kerktorens en de boerderij Nooit Gedacht in de toekomst af te willen stoten. Uit de gemeentebrede cultuurhistorische inventarisatie zal moeten blijken of er binnen onze vastgoedportefeuille meer erfgoed aanwezig is, zoals bijvoorbeeld het historische poortgebouw van de oude begraafplaats in Moordrecht of een gemaalgebouw. Voor de rijksmonumenten in ons bezit laten we op gezette tijden door de Monumentenwacht Zuid-Holland een onderhoudsrapport maken om inzicht te krijgen in de onderhoudswerkzaamheden. Deze procedure blijft bestaan. Echter om de authenticiteit en waarde van het erfgoed te behouden is het noodzakelijk om in ons vastgoedbeleid en het meerjarenperspectief vastgoed onderscheid te maken tussen monumenten (erfgoed) en ‘normale’ gebouwen. In de huidige situatie wordt er naast het voldoen aan de NEN-normen9 uit het Bouwbesluit ook al rekening gehouden dat bij monumenten cultuurhistorische karakteristieken behouden blijven.

Er wordt nu echter nog niet gekeken of dit voldoet aan de eisen van de restauratieladder, die kaders geeft voor behoud van oorspronkelijke materialen en vervanging van onderdelen. We gaan hier meer de focus op leggen en nemen bij aanbeste-

34

9 NEN-normen (Nederlandse Normen) zijn afspraken die marktpartijen vrijwillig met elkaar maken over de kwaliteit en veiligheid van hun producten, diensten en processen.

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

dingen aantoonbare ervaring met erfgoed mee in de afweging. Daarnaast stimuleren we, waar mogelijk, bij aanbestedingen voor onderhoud en restauratie aan beschermde monumenten de inzet van leerplekken voor jongeren. Hiermee kunnen we kansen bieden voor jongeren om een specifiek vak te leren en leveren we een bijdrage aan het in stand houden van ambachtelijke beroepen, zoals steenhouwers, houtbewerkers en metselaars. In samenwerking met de afdeling vastgoed zullen we deze beleidsperiode onderzoeken hoe we binnen het bestaande dan wel toekomstige vastgoedbeleid invulling kunnen geven aan het aspect erfgoed en erfgoedzorg. A6. Eén commissie voor kwaliteitstoetsing Zuidplas heeft momenteel twee commissies voor kwaliteitstoetsing van ruimtelijke ontwikkelingen en vergunningsaanvragen. Dat is de Commissie ruimtelijke kwaliteit (Dorp, Stad en Land) en een aparte monumentencommissie (commissie van lokale en beroepsmatige deskundigen). De eerste commissie adviseert breed en de tweede alleen met betrekking tot rijks- en gemeentelijke monumenten. Deze tweedeling leidt tot onvoldoende communicatie en onduidelijkheid over adviezen. De nieuwe Omgevingswet ambieert het stimuleren van ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving op basis van open normen.

Het in samenhang bekijken van alle voor de fysieke leefomgeving bepalende aspecten vraagt om verschillende disciplines, waar erfgoed een onderdeel van uitmaakt.

Hoofdstuk 3 Een visie met concrete stappen

Daarnaast bepaalt de Omgevingswet, dat de gemeente in ieder geval een adviescommissie instelt om advies te geven over activiteiten aan rijksmonumenten. De bovengenoemde redenen leiden tot de keuze voor het vervangen van de huidige twee commissies door één nieuwe commissie, waarin verschillende disciplines zijn vertegenwoordigd. We zijn ervan overtuigd dat dit recht doet aan de intentie van de Omgevingswet en tevens in het belang is van een zorgvuldige advisering over beschermd en niet-beschermd erfgoed. Deze commissie is een openbare commissie, die toegankelijk is voor initiatiefnemers. Door de commissie zo vroeg mogelijk in de proceslijn te betrekken vormt de commissie een wezenlijke toevoeging voor de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. We zullen de deskundigheid daarom niet alleen inzetten voor advisering over concrete vergunningsaanvragen voor rijks- en gemeentelijke monumenten, maar aan de voorkant van het proces gebruik maken van de beschikbare expertise, zoals in het kader van vooroverleg, ruimtelijke planontwikkeling en advisering over beleidsmatige keuzes met betrekking tot de fysieke leefomgeving. Juist vooraan in de keten kan ingezet worden op het inspireren van initiatiefnemers en stimuleren van creatieve oplossingen.

35

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

De uitwerking van de taken van deze adviescommissie regelen we in de Verordening Fysieke Leefomgeving en een Regelement van orde. De wet eist dat een dergelijke commissie bij aanvang van de invoering van de Omgevingswet is geïnstalleerd. We zien hier voor de historische verenigingen ook een adviserende rol weggelegd, waarbij zij vanuit hun deskundigheid via de erfgoedmedewerker bijdragen aan de planbeoordeling. De exacte rol zal in overleg met de verenigingen worden vastgelegd.

Hoofdstuk 3 Een visie met concrete stappen

Erfgoedvisie 2021-2026 Verbindend Erfgoed

3.4. Pijler 2 Communicatie Er is een grote meerwaarde te vinden in een goede communicatie, zowel binnen de gemeente als daarbuiten. Door samenwerkingen kunnen projecten grensoverstijgend worden opgepakt en kunnen we inzetten op gezamenlijke financiering van projecten. Maar ook op het gezamenlijk aanvragen van subsidies voor erfgoed. Zo dragen deze acties bij aan het zichtbaarder en beleefbaarder maken van het erfgoed. Pijler 2 Communicatie De partners in het erfgoedveld weten elkaar te vinden en waarderen elkaar om hun inbreng binnen de erfgoedzorg in Zuidplas. A. Gemeentebrede acties: 1. Versterken communicatie met monumenteneigenaren 2. Externe contacten versterken en koesteren 3. Aansluiting zoeken bij overige cultuurorganisaties B. Dorpsgerichte acties: 1. Versterken relatie erfgoedorganisaties en historische verenigingen

A1. Versterken communicatie met monumenteneigenaren Monumenteneigenaren zijn de beschermers van ons erfgoed. Daarom moeten we niet alleen het erfgoed koesteren, maar ook de eigenaren. Tot op heden is het contact met de eigenaren minimaal geweest. Dat willen we verbeteren. Door middel

36

van een vragenlijst hebben we tijdens de participatieronde contact gelegd met de eigenaren. We hebben hen gevraagd of zij hun contactgegevens met ons willen delen. Zo kunnen we in de toekomst bij ontwikkelingen op het gebied van monumenten de eigenaren op de hoogte brengen. Door hen regelmatig te betrekken bij ontwikkelingen ontstaat een goed contact en kunnen wij zelf ook beter monitoren wat er speelt en er waar behoefte aan is. Hierdoor zullen ook de monumenten eigenaren in de toekomst ons steeds makkelijker weten te vinden voor vragen en initiatieven. A2. Externe contacten versterken Erfgoedzorg is grensoverschrijdend: landschappelijke structuren, archeologie en tradities stoppen niet (allemaal) bij de gemeentegrenzen. Door elkaar te steunen en op de hoogte te houden van ontwikkelen, kunnen we onze positie in de directe omgeving en binnen de provincie versterken. Ook bieden de samenwerkingen mogelijkheden voor de financiering van projecten door bijvoorbeeld gezamenlijk projectsubsidies aan te vragen. Samenwerking vergroot dus de slagingskans voor het benutten van erfgoed voor verschillende doeleinden. We hebben reeds bestaande contacten op het gebied van erfgoed en recreatie via de recreatieschappen. Deze contacten handhaven we.

Maar op het gebied van erfgoed zijn er meer partijen, die we waardevol vinden voor het behoud van het erfgoed en het versterken van ons verhaal buiten de gemeentegrenzen. Hiervoor zoeken we actief samenwerking met de regioconsulenten van de Rijksdienst voor Cultureel

Hoofdstuk 3 Een visie met concrete stappen

Erfgoed, de provincie Zuid-Holland en het Erfgoedhuis ZuidHolland in de vorm van regelmatige contactmomenten en waar nodig ondersteuning bij erfgoedvraagstukken. Op deze manier blijven we op de hoogte van relevante ontwikkelingen en kunnen we gebruik maken van de kansen die zich voordoen. We gaan ook de contacten met de omliggende gemeenten en het Hoogheemraadschap Schieland en Krimpenerwaard versterken en aanhalen. We hebben gedeeld erfgoed en door onze krachten te bundelen weten we meer en kunnen we inzetten op grensoverschrijdend erfgoedbeheer. A3. Aansluiting zoeken bij cultuurorganisaties Erfgoed staat niet op zichzelf en heeft een relatie met veel andere culturele instellingen, zoals musea, archiefdiensten, bibliotheken, instellingen voor podiumkunsten en kunstinstellingen. We gaan in overeenstemming met de cultuurvisie 2019-2022 zoeken naar de dwarsverbanden tussen de beide vakgebieden om zo het cultuuraanbod binnen de gemeente interessanter te maken en gelijk de historie van de gemeente onder de aandacht te brengen. We gebruiken hiervoor het Cultuurplatform en de cultuuraanjager om contacten te bestendigen en initiatieven te ontlokken. B1. Versterken relatie erfgoedorganisaties en historische verenigingen. Onze ogen en oren zitten in het veld. De erfgoedorganisaties zijn belangrijke partners waar we niet zonder kunnen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9584884/1