Bijlage 3 Was wordt tabel Verordening Fysieke Leefomgeving 2023 Omgevingswet A23.001453
Tekst van het document
Artikel 6.28 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 6.28 Vergunning voor beschermd rijksmonument 1. Het college zendt onmiddellijk een afschrift van de ontvankelijke aanvraag om vergunning voor een beschermd rijksmonument aan de Commissie Omgevingskwaliteit Zuidplas.
Artikel 6.28 Omgevingsvergunning voor een rijksmonumentenactiviteit 1. Het college zendt onmiddellijk een afschrift van de ontvankelijke aanvraag om omgevingsvergunning voor een rijksmonumentenactiviteit aan de Commissie Omgevingskwaliteit Zuidplas.
Artikel 6.31 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 6.31 Indiening van de aanvraag en de mededeling van ontvangst 1. Een aanvraag om tegemoetkoming in schade als bedoeld in artikel 6.1 van de Wet ruimtelijke ordening wordt bij het college ingediend met gebruikmaking van een door het college vastgesteld formulier.
Artikel 6.31 Indiening van de aanvraag en de mededeling van ontvangst 1. Een aanvraag om tegemoetkoming in schade als bedoeld in artikel 6.1 van de Wet ruimtelijke ordening, zoals dat besluit luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt bij het college ingediend met gebruikmaking van een door het college vastgesteld formulier.
Artikel 6.32 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 6.32 Opdrachtverstrekking Binnen twaalf weken na het verstrijken van de termijnen als bedoeld in artikel 6.1.3.1 van het Besluit ruimtelijke ordening; verstrekt het college aan één of meerdere adviseurs gezamenlijk, opdracht om ter zake van een aanvraag advies uit te brengen, tenzij toepassing wordt gegeven aan artikel 6.1.3.1 van het Besluit ruimtelijke ordening of aan artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht.
Artikel 6.32 Opdrachtverstrekking Binnen twaalf weken na het verstrijken van de termijnen als bedoeld in artikel 6.1.3.1 van het Besluit ruimtelijke ordening, zoals dat besluit luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet; verstrekt het college aan één of meerdere adviseurs gezamenlijk, opdracht om ter zake van een aanvraag advies uit te brengen, tenzij toepassing wordt gegeven aan artikel 6.1.3.1 van het Besluit ruimtelijke ordening, zoals dat besluit luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet of aan artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht.
Artikel 6.35 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 6.35 Betrokkenheid aanvrager en andere belanghebbenden bij aanwijzing adviseur of adviescommissie 1. Voordat het college de opdracht tot advisering zoals bedoeld in artikel 6.29
Artikel 6.35 Betrokkenheid aanvrager en andere belanghebbenden bij aanwijzing adviseur of adviescommissie 1. Voordat het college de opdracht tot advisering zoals bedoeld in artikel 6.29
verstrekt, stelt het college de aanvrager, eventuele andere betrokken bestuursorganen, alsmede de belanghebbenden als bedoeld in artikel 6.4a, tweede en derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening, schriftelijk op de hoogte van de aanwijzing van: 2. De aanvrager, eventuele andere betrokken bestuursorganen, alsmede de belanghebbenden als bedoeld in artikel 6.4a, tweede en derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening, kunnen binnen twee weken na de mededeling als bedoeld in het eerste lid schriftelijk en voldoende gemotiveerd een verzoek tot wraking van één of meerdere adviseurs bij het college indienen.
verstrekt, stelt het college de aanvrager, eventuele andere betrokken bestuursorganen, alsmede de belanghebbenden als bedoeld in artikel 6.4a, tweede en derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening, zoals die wet luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet, schriftelijk op de hoogte van de aanwijzing van: 2. De aanvrager, eventuele andere betrokken bestuursorganen, alsmede de belanghebbenden als bedoeld in artikel 6.4a, tweede en derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening, zoals die wet luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet, kunnen binnen twee weken na de mededeling als bedoeld in het eerste lid schriftelijk en voldoende gemotiveerd een verzoek tot wraking van één of meerdere adviseurs bij het college indienen.
Artikel 6.36 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 6.36 Werkwijze adviseur of adviescommissie 3. De adviseur of de voorzitter van de adviescommissie organiseert één of meerdere hoorzittingen, waar de aanvrager en de in het tweede lid bedoelde ambtelijke vertegenwoordiger(s) in de gelegenheid worden gesteld de aanvraag toe te lichten, onderscheidenlijk de voor de advisering over de aanvraag relevante informatie te verschaffen, dan wel een standpunt van de gemeente over de aanvraag aan de adviseur of de adviescommissie kenbaar te maken. Eventuele andere betrokken bestuursorganen, alsmede de belanghebbenden als bedoeld in artikel 6.4a, tweede en derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening, worden eveneens in de gelegenheid gesteld hun standpunt kenbaar te maken. 7. Alvorens een advies uit te brengen zendt de adviseur of de adviescommissie binnen zestien weken na de dagtekening van de opdracht tot advisering een concept daarvan aan het college, aan de aanvrager, aan eventuele andere betrokken
Artikel 6.36 Werkwijze adviseur of adviescommissie 3. De adviseur of de voorzitter van de adviescommissie organiseert één of meerdere hoorzittingen, waar de aanvrager en de in het tweede lid bedoelde ambtelijke vertegenwoordiger(s) in de gelegenheid worden gesteld de aanvraag toe te lichten, onderscheidenlijk de voor de advisering over de aanvraag relevante informatie te verschaffen, dan wel een standpunt van de gemeente over de aanvraag aan de adviseur of de adviescommissie kenbaar te maken. Eventuele andere betrokken bestuursorganen, alsmede de belanghebbenden als bedoeld in artikel 6.4a, tweede en derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening, zoals die wet luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet, worden eveneens in de gelegenheid gesteld hun standpunt kenbaar te maken. 7. Alvorens een advies uit te brengen zendt de adviseur of de adviescommissie binnen zestien weken na de dagtekening van de opdracht tot advisering een concept daarvan
bestuursorganen en aan de belanghebbenden als bedoeld in artikel 6.4a, tweede en derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening. De adviseur of de voorzitter van de adviescommissie kan deze termijn onder opgaaf van redenen met een daarbij aan te geven termijn met ten hoogste vier weken verlengen. 8. De aanvrager, eventuele andere betrokken bestuursorganen alsmede de belanghebbenden als bedoeld in artikel 6.4a, tweede en derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening, worden in de gelegenheid gesteld om binnen vier weken na de toezending van het concept advies schriftelijk hierop te reageren.
aan het college, aan de aanvrager, aan eventuele andere betrokken bestuursorganen en aan de belanghebbenden als bedoeld in artikel 6.4a, tweede en derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening, zoals die wet luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet. De adviseur of de voorzitter van de adviescommissie kan deze termijn onder opgaaf van redenen met een daarbij aan te geven termijn met ten hoogste vier weken verlengen. 8. De aanvrager, eventuele andere betrokken bestuursorganen alsmede de belanghebbenden als bedoeld in artikel 6.4a, tweede en derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening, zoals die wet luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet, worden in de gelegenheid gesteld om binnen vier weken na de toezending van het concept advies schriftelijk hierop te reageren.
Artikel 8.1 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 8.1 Overgangsbepalingen 1. Besluiten genomen bij of krachtens de in artikel 9.1 genoemde verordeningen worden aangemerkt als omgevingsvergunningen krachtens deze verordening. 2. Aanvragen voor omgevingsvergunningen en ontheffingen op het gebied van de fysieke leefomgeving waarop bij de inwerkingtreding van deze verordening nog niet is beslist worden afgehandeld krachtens deze verordening. Aanwijsbesluiten genomen op basis van de Erfgoedverordening worden eveneens aangemerkt als aanwijsbesluiten krachtens deze verordening.
Artikel 8.1 Overgangsbepalingen Lid 1 komt te vervallen. Voorheen lid 2 komt te luiden: 1. Aanvragen voor omgevingsvergunningen en ontheffingen op het gebied van de fysieke leefomgeving waarop bij de inwerkingtreding van deze verordening nog niet is beslist worden afgehandeld krachtens deze verordening. 2. Op grond van de Erfgoedwet blijft de erfgoedverordening wel gelden voor de bescherming van roerend cultureel erfgoed (cultuurgoederen) en immaterieel cultureel erfgoed.
Artikel 9.1 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 9.1 Intrekking verordeningen en vervallen bepalingen
Artikel 9.1 Vervallen bepalingen
1. De volgende verordeningen worden ingetrokken: a. Erfgoedverordening Zuidplas 2010; b. Bouwverordening gemeente Zuidplas 2018; c. Verordening naamgeving en nummering gemeente Zuidplas; d. Parkeerverordening Zuidplas; e. Verordening bodemenergiesystemen Zuidplas; f. Marktverordening gemeente Zuidplas; g. Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in planschade gemeente Zuidplas; h. Procesverordening monumentencommissie gemeente Zuidplas 2011 2. De volgende artikelen vervallen: a. de artikelen 2:10, 2:10a, 2:11, 2:12, 2:21, 2:22, 2:60, 2:64, 4:2, 4:3, 4:5, 4:6, 4:7, 4:9, 4:13, 4:15, 4:18, 4:20, 5:18, 5:18a, 5:19, 5:20, 5:20a, 5:24, 5:25, 5:26, 5:28, 5:32, 5:33, 5:34, 5:35, 5:36 en 5:37 van de Algemene plaatselijke verordening Zuidplas.
Lid 1 komt te vervallen. De verordeningen zijn bij de eerste versie van de VFLO reeds ingetrokken. Voorheen lid 2 komt te luiden: De volgende artikelen vervallen: a. de artikelen 4.10 en 4.11 van de Algemene plaatselijke verordening Zuidplas.
Artikel 9.2 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 9.2 Inwerkingtreding Deze verordening treedt met ingang van de dag na de dag van bekendmaking in werking.
Artikel 9.2 Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking op het tijdstip dat de Omgevingswet in werking treedt. 2. In afwijking van het eerste lid treden de volgende onderdelen in werking op de dag direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet. a. onderdelen Activiteitenbesluit milieubeheer, Inrichting, Planologische maatregel en Planschade van artikel 1.1; b. lid 6, onder b van artikel 2.5; c. artikel 2.27;
d. lid 6 van artikel 3.6; e. lid 1 van artikel 3.16 f. artikel 3.78; g. artikel 3.79; h. artikel 3.80; i. lid 1 van artikel 3.84; j. artikel 3.87; k. lid 1 van artikel 6.31; l. artikel 6.32. m. lid 1 en lid 2 van artikel 6.35; n. lid 3, lid 7 en lid 8 van artikel 6.36. Artikel 9.3 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 9.3 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening fysieke leefomgeving Zuidplas 2023.
Artikel 9.3 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening fysieke leefomgeving Zuidplas 2023 Omgevingswet.