CConstaterende datZuidplas
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Ruimtelijke onderbouwing inclusief akoestisch onderzoek A24.001072

Gemeenteraad 18 juni 2024, gemeente ZuidplasBij agendapunt: Rv Ontwerpverklaring van geen bedenkingen – wijzigen bedrijfswoning naar reguliere woning - Bredeweg 122 in Zevenhuizen25.460 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Dit bouwplan is niet m.e.r.-beoordelingsplichtig, en dus ook niet m.e.r.-plichtig. Deze fysieke wijziging is beperkt, omdat in het plangebied alleen een woning van functie wijzigt. Zoals de hieronder beschreven

milieuparagrafen en -onderzoeken aantonen heeft het bouwplan ook om andere redenen dan de omvang (zoals bijvoorbeeld de aard van de ontwikkeling of een ligging nabij een gevoelig gebied) geen significante nadelige gevolgen voor het milieu.

Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp)

25

ST

6.1.2

Zuidplas

omgevingsvergunning Bredeweg 122, Zevenhuizen

-

Milieuzonering

Wettelijk kader Bedrijgheid is een milieubelastende activiteit. Ten gevolge van aanwezige bedrijigheid kan mogelijk

hinder voor de omgeving optreden met betrekking tot de milieuaspecten geluid, geur, stof en gevaar. Nieuwe situaties, waarin milieubelastende activiteiten en milieugevoelige functies met elkaar worden gecombineerd, moeten worden beoordeeld op mogelijke hindersituaties. Daarbij wordt getoetst aan de Wet milieubeheer, Algemene Maatregelen van Bestuur onder de Wet milieubeheer en de brochure Bedrijven en Milieuzonering (VNG, 2009).

De richtafstanden in Bedrijven en Milieuzonering gelden ten opzichte van een milieugevoelige functie, zoals bedoeld met de omgevingstypen rustige woonwijk of rustig buitengebied. In het geval de

milieugevoelige functies zijn gelokaliseerd in omgevingstype gemengd gebied kan een afwijkende systematiek worden toegepast, die meer ruimte biedt aan bedrijven. Dit betekent dat de richtafstanden met n afstandstap kunnen worden verminderd (tabel 6.1). Deze richtafstand geldt met name voor het onderdeel geluid.

Tabel 6.1: Richtafstanden en omgevingstype.

Milieucategorie

Richtafstand tot omgevingstype |Richtafstand tot omgevingstype rustig buitengebied

gemengd gebied

1

10m

om

2

30m

10m

31

50m

30m

32

100 m

50m

41

200 m

100 m

42

300 m

200 m

Onderzoek/ beoordeling Het plangebied ligt aan een gebiedsontsluitingsweg met woningen en bedrijven. In noordelijke richting ligt de A12. In zuidelijke richting ligt de spoorlijn Den Haag - Utrecht. Hier kan de verhoogde milieubelasting voor geluid de toepassing van kleinere richtafstanden rechtvaardigen. Sprake is van een

gemengd gebied. Na overleg met de Omgevingsdienst Midden-Holland (ODMH) zijn de volgende milieubelastende bestemmingen (binnen een zone van 100 meter) relevant: Tabel 6.2: overzicht milieubelastende bestemmingen

Globale locatie

|Bedrijfsnaam

Richtafstand t.o.v. |Feitelijke

Nader

gemengd gebied |afstand

onderzoek

Bredeweg 118w

Priv opslag van eigenaar |O m

15m

nee

Bredeweg 118v

Bredeweg 124 (milieucategorie 1) Tuinkussens Online

Om

25m

nee

10m

34m

ja

|10 m

53m

ja

Pand staat momenteel

leeg. Wordt gebruikt voor

priv opslag (milieucategorie 1)

Bredeweg

Stubbe (opslag)

118u-118x

(milieucategorie 2)

Bredeweg 118t

BRC Scooters/reparatie

(milieucategorie 2)

26

Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp)

ST

Zuidplas -

omgevingsvergunning Bredeweg 122, Zevenhuizen

Vanwege de in tabel 6.2 genoemde bedrijven is een akoestisch onderzoek uitgevoerd door Cauberg Huygen B.V. te Rotterdam (rapport van 19 februari 2024, referentie 10023-58099-03, Bijlage 1). Uit het

onderzoek blijkt het volgende (overgenomen uit rapport). De woning is gelegen langs de snelweg A12 en het spoor Den Haag - Utrecht. Gezien het hier een bestaande situatie betreft, hoeft niet getoetst te worden aan (spoor)wegverkeerlawaai. Ten westen van de planlocatie is het bedrijventerrein Distripark Doelwijk gelegen. De geluidemissie van dit

bedrijventerrein op het gebouw hoeft evenmin berekend te worden volgens ODMH. ODMH vaagt alleen een akoestisch onderzoek naar de bedrijven op het perceel met de bedrijfsbestemming waar de bedrijfswoning aan gekoppeld is. Het onderzoek is bedoeld om inzichtelijk te maken dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening.

Enerzijds om te onderzoeken of de bestaande en mogelijk toekomstige bedrijven mogelijk belemmerd kunnen worden, anderzijds om een acceptabel leefklimaat voor de beoogde woning te borgen. Het akoestisch onderzoek moet de geluidemissie van bedrijfsvoering van de omliggende bedrijvgheid op het

perceel Bredeweg 122 inzichtelijk maken en de geluidbelasting daarvan op de beoogde ontwikkeling. De geluiduitstraling van de inrichtingen is berekend op basis van de aangeleverde maximaal representatieve

bedrijfssituatie en akoestische ervaringscijfers. Het onderzoek heeft betrekking op het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau en het maximaal geluidniveau ten gevolge van de inrichtingen. Met de vastgestelde representatieve bedrijfssituatie, en bureau-ervaringscijfers is een akoestisch rekenmodel opgesteld. De geluiduitstraling van de inrichting naar woningen in de directe omgeving is met dit rekenmodel berekend. Uit de rekenresultaten blijkt dat wordt voldaan aan de gestelde grenswaarden. Geconcludeerd kan worden dat de bestaande twee inrichtingen niet belemmerd worden in hun

bedrijfsvoering als gevolg van de beoogde ontwikkeling, daarnaast is er ruimte voor toekomstige inrichtingen om in pand 1 of 2 te vestigen. Andersom zal er een goed (akoestisch) woon- en leefklimaat aan de orde zijn bij de (voormalige) bedrijfswoning indien gekeken wordt naar de bijbehorende bedrijven.

Gesteld kan worden dat er sprake zal blijven van een goede ruimtelijke ordening. Conclusie

Uit inventarisatie en de resultaten van het akoestisch onderzoek is gebleken dat de bedrijfsvoering van in de nabijheid gelegen bedrijven door de woning niet wordt beperkt. Er is geen aanleiding om aan te

nemen dat de beoogde activiteiten binnen het plangebied milieuhygi nische knelpunten naar de omgeving zullen opleveren. Een goed woon- en leefklimaat kan worden gegarandeerd, zodat er vanuit

milieuzonering geen bezwaren bestaan tegen de vervolgfunctie naar burgerwoning. 6.1.3

Geluid

6.1.3.1 Wegverkeerslawaai

Wettelijk kader Wegverkeerslawaai kan de leefkwaliteit van een gebied sterk be ntoeden. Mensen die veelwldig worden blootgesteld aan een hoog niveau van wegverkeerslawaai kunnen hier lichamelijke en psychische klachten door oplopen. De Wet geluidhinder (Wgh) verplicht ertoe onderzoek uit te voeren naar de geluidsbelasting op geluidsgevoelige bestemmingen binnen vastgestelde onderzoeksgebieden (zones)

langs wegen. Tevens stellen de Wgh en het Besluit geluidhinder regels aan de maximale geluidsbelasting op geluidsgevwelige bestemmingen. Voor deze bestemmingen zijn voorkeursgrenswaarden opgesteld. Deze voorkeursgrenswaarden worden mede bepaald door de locatie

van de gevoelige bestemmingen en het type weg. Bij realisatie van nieuwe geluidsgevoelige bestemmingen dient de geluidsbelasting ten hoogste de voorkeursgrenswaarde te bedragen. Ter bepaling van de geluidsbelasting dient op grond van artikel 74 van de Wet geluidhinder (Wgh) iedere

weg in beschouwing te worden genomen, tenzij deze binnen een woonerf gelegen is of voor de weg een maximum rijsnelheid van 30 km/uur geldt. Deze wegen hebben een zone. Dit is een aandachtsgebied waarbinnen een akoestisch onderzoek dient plaats te vnden, voor zover sprake is van gevoelige

functies. De grootte van de zones is afhankelijk van het aantal rijstroken en de definitie van het gebied Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp)

27

ST

Zuidplas

omgevingsvergunning Bredeweg 122, Zevenhuizen

-

(buitenstedelijk of binnenstedelijk). Buitenstedelijk is het gebied dat buiten de bebouwde kom is gelegen en het gebied binnen de bebouwde kom voor zover liggend langs een autosnelweg. Het overige gebied is binnenstedelijk. Onderzoek/ beoordeling

De relevante wegen zijn de Bredeweg (80 km/uur) en rijksweg A12 (100 km/uur) met een zonebreedte van respectievelijk 250 en 600 meter. Bij verandering van een bestemmingsplan moet er in principe worden getoetst aan de Wet geluidhinder. In deze situatie worden evenwel geen nieuwe geluidgevoelige

functies toegevoegd. De bedrijfswoning wordt alleen omgezet naar burgerwoning. Uit onderzoek blijkt verder dat de woning niet op een saneringslijst staat. Conclusie

Vanuit de Wet geluidhinder, onderdeel wegverkeerslawaai, bestaan er geen beperkingen tegen de

venolgfunctie naar Wonen. 6.1.3.2 Spoorweglawaai Wettelijk kader spoorweglawaai Op 1 juli 2012 zijn de spelregels voor hoofdspoorwegen gewijzigd. Middels de vaststelling van geluidproductieplafonds (gpp's) is een grens voor de maximale optredende geluidniveaus voor langs

Rijksinfrastructuur vastgelegd. De bij vaststelling gehanteerde gegevens zijn vastgelegd in het bronregister. Voor de beoordeling van een plan blijft de Wgh van toepassing maar dient gebruik te worden gemaakt van de brongegevens uit het register. Onderzoek/ beoordeling

Bij de vaststelling of herziening van een bestemmingsplan dient op grond van artikel 4.1 van het Besluit geluidhinder (Bgh) iedere spoorlijn in beschouwing te worden genomen ter bepaling van de

geluidsbelasting. Deze spoorwegen hebben een door de Minister vastgestelde zone volgens artikel 1 van de Wet geluidhinder. Binnen deze zone dient een akoestisch onderzoek plaats te vnden. De zone van de spoorlijn Den Haag

Utrecht ter hoogte van het plangebied bedraagt 300 meter.

De woning ligt op circa 260 meter afstand. Bij verandering van een bestemmingsplan moet er in principe worden getoetst aan de Wet geluidhinder. In deze situatie worden evenwel geen nieuwe geluidgevoelige

functies toegevoegd. De bedrijfswoning wordt alleen omgezet naar burgerwoning. Conclusie

Vanuit de Wet geluidhinder, onderdeel spoorweglawaai, bestaan er geen beperkingen tegen de

vervolgfunctie naar Wonen. 6.1.3.3 Industrielawaai

Wettelijk kader industrielawaai

Industrielawaai kan de leefkwaliteit van een gebied sterk be ntoeden. Mensen die veelwuldig worden blootgesteld aan een hoog niveau van industrielawaai kunnen hier lichamelijke en psychische klachten door oplopen. De Wet geluidhinder (Wgh) verplicht ertoe een industrieterrein te zoneren, indien het

bestemmingsplan de vestiging van zogenaamde grote lawaaimakers (conform art. 2.4, Inrichtingen en Vergunningenbesluit) toestaat (art. 40 Wgh). Dat betekent dat de maximale geluiduitstraling van het

industrieterrein wordt vastgelegd middels het opnemen van een 50 dB(A)-contour voorkeursgrenswaarde) in een bestemmingsplan. Onderzoek/ beoordeling Bedrijven(terreinen) kunnen beperkingen opleggen aan nieuwe gevoelige functies in verband met een

geluidzone. Hierbij dient rekening te worden gehouden met de richtafstanden uit de brochure 'Bedrijven en milieuzonering' (zie hiervoor paragraaf 6.1.2). In de nabijheid van het plangebied liggen geen gezoneerde bedrijventerreinen. Conclusie

Vanuit de Wet geluidhinder, onderdeel industrielawaai, bestaan er geen beperkingen tegen de

venolgfunctie naar Wonen.

28

Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp)

:[ Zuidplas ST

-

6.1.4

Bodem

omgevingsvergunning Bredeweg 122, Zevenhuizen

Wettelijk kader Een verontreinigde bodem kan zorgen voor gezondheidsproblemen en tast de kwaliteit van het natuurlijk

leefmilieu aan. Daarom is het belangrijk om bij ruimtelijke plannen de bodemkwaliteit mee te nemen in de overwegingen. De Wet bodembescherming (Wbb), het Besluit bodemkwaliteit en de Woningwet stellen grenzen aan de aanvaardbaarheid van verontreinigingen. Indien bij planvorming blijkt dat (ernstige) verontreinigingen in het plangebied aanwezig zijn, wordt op basis van de aard en omvang van de verontreiniging n de aard van de ruimtelijke plannen beoordeeld welke gevolgen dit heeft.

De Omgevingsdienst Midden-Holland heeft het lokaal beleid voor het uitvoeren van bodemonderzoeken in het kader van de aanvaag omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen geactualiseerd. Het beleid

is vastgelegd in de 'Bodemkwaliteitskaart Midden-Holland 2022' en de 'Nota bodembeheer Midden-Holland 2023'.

Onderzoek/ beoordeling De aanvaag omgevingsvergunning is getoetst aan de 'Nota Bodembeheer Midden-Holland 2023'. Ook is

het bodeminformatiesysteem (BIS) van de Omgevingsdienst Midden-Holland geraadpleegd. Uit de BIS blijkt dat op de locatie geen bodembedreigende (bedrijfs )activteiten hebben plaatsgevonden. Volgens de bodemkwaliteitskaart ligt de locatie in de bodemfunctieklasse 'Wonen'. Het is niet noodzakelijk dat een

bodemonderzoek wordt uitgevoerd voor de voorgenomen functiewijziging, omdat er geen nieuwbouw plaatsvindt.

Wanneer in de toekomst grond van de locatie moet worden afgevoerd of ergens anders zal moeten worden toegepast zal initiatiefnemer de kwaliteit van de vrijkomende grond laten onderzoeken conform

de eisen van het Besluit Bodemkwaliteit of hetgeen is gesteld in het grondstromenbeleid Midden-Holland.

Conclusie

Er zijn geen risico's voor de volksgezondheid en het milieu aanwezig met betrekking tot de

voorgenomen functiewijziging in het plangebied. Hiermee is dit plan uitvoerbaar ten aanzien van bodem. 6.1.5

Luchtkwaliteit

Wettelijk kader

De belangrijkste wet- en regelgeving voor luchtkwaliteit is vanaf 15 november 2007 vastgelegd in hoofdstuk 5, Titel 5.2 van de Wet milieubeheer (Luchtkwaliteitseisen). In de wet zijn onder andere regels en grenswaarden opgenomen voor zwaveldioxide, stikstofdioxide en stikstofoxiden, fijn stof, lood, koolmonoxide en benzeen. De grenswaarden gelden voor de buitenlucht, met uitzondering van een werkplek in de zin van de Arbeidsomstandighedenwet. In tabel 6.3 is een overzicht gegeven van de grenswaarden. Tabel 6.3: Grenswaarden maatgevende stoffen Wet milieubeheer.

stof

jaargemiddelde |[uurgemiddelde |24-uursgemiddelde |[Opmerkingen

NO,

40 g/m3

200 ug/m?

nvt.

Uurgemiddelde mag 18x per jaar worden overschreden

PM25

25 ug/m5

nvit.

nvt.

nvt.

PM

40 ug/ms

nvt.

50 ug/m?

24-uursgemiddelde Mag 35x per jaar worden overschreden

De Wet luchtkwaliteit (artikel 5.16, eerste lid, Wm) stelt dat ruimtelijke plannen doorgang kunnen vinden indien aan

n van de onderstaande voorwaarden is voldaan:

a. de plannen niet leiden tot het overschrijden van een grenswaarde;

b. de luchtkwaliteit ten gevolge van de plannen (per saldo) verbetert of ten minste gelijk blijft; c. de plannen niet in betekenende mate (NIBM) bijdragen aan de concentratie van NO, en PM en

Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp)

29

Zuidplas

ST

-

omgevingsvergunning Bredeweg 122, Zevenhuizen

PM; in de buitenlucht. Vanaf het in werking treden van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit op 1 augustus 2009 wordt onder een NIBM bijdrage een bijdrage van minder dan 3% van de grenswaarde verstaan;

d. het project is opgenomen of past binnen het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). Verder is er met deze wijziging een wettelijke basis voor een Nationaal Samenwerkingsprogramma

Luchtkwaliteit opgesteld. Luchtkwaliteit en goede ruimtelijke ordening Naast de bovenstaande bepalingen wordt in de Wet luchtkwaliteit een relatie gelegd met de Wet ruimtelijke ordening, in de zin van dat bij een nieuwe ontwikkeling er sprake moet zijn van een goede

ruimtelijke ordening . Een dergelijke afweging wordt uiteindelijk gemaakt in samenspraak met de andere milieuaspecten. Gekeken naar het aspect luchtkwaliteit kan gesteld worden dat de huidige grenswaarden geen absolute bescherming bieden ook onder de normen kunnen, vooral bij gevoelige

groepen gezondheidseffecten optreden. In het algemeen geldt voor een goede luchtkwaliteit - hoe verder van een drukke weg (de belangrijkste bron van luchtverwiling) hoe beter. Onderzoek/ beoordeling

Het plan omvat een vervolgfunctie van bedrijfswoning naar burgerwoning. Door de omvang van dit project is dit een project niet in betekenende mate. Er behoeft dus niet getoetst te worden aan de grenswaarden. Om toch een beeld te krijgen van de luchtkwaliteit in het plangebied is het Centraal

Instrument Monitoring Luchtkwaliteit (CIML), dat behoort bij het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit, geraadpleegd voor 2020 en het prognosejaar 2030 in de jaargemiddelde

achtergrondconcentraties NO,, PM19, PM2, en EC-concentratie langs de Bredeweg ter hoogte van het plangebied (detailgegevens x: 102174 y: 448148). Volgens de CIML monitoringtool is de concentratie en EC-concentratie op de rekenpunten onder de grenswaarden.

De jaargemiddelde concentraties stikstofdioxide bedraagt ten hoogste 22,8 pg/m . De jaargemiddelde concentratie fijn stof (PM,9) bedraagt ten hoogste 16,5 ug/m . De concentraties liggen daarmee onder de wettelijke grenswaarde van 40 ug/m . Voor PM; geldt dat de hoogste concentratie 8,8 ug/m bedraagt en ligt daarmee onder de wettelijke waarde van 25 ug/m3. Geconcludeerd wordt dat de Wik de uitvoering van het project niet in de weg staat.

Project is NIBM Het plan omvat een functiewijziging van bedrijfswoning naar burgerwoning. Hier is sprake van een project

niet in betekenende mate. Er behoeft niet getoetst te worden aan de grenswaarden. Conclusie

Deze planontwikkeling valt onder de noemer kleine projecten , zodat voor deze planontwikkeling een luchtonderzoek achterwege kan blijven. In de huidige situatie voldoet de luchtkwaliteit in het plangebied aan de grenswaarden. Volgens de prognoses wordt de luchtkwaliteit in de komende jaren, door het schoner worden van het verkeer, steeds beter. Hoofdstuk 5, Titel 5.2 van de Wet milieubeheer

(Luchtkwaliteitseisen) staat deze planontwikkeling dan ook niet in de weg. 6.1.6

Externe veiligheid

Wettelijk kader Bij Externe Veiligheid (EV) gaat het om de gevaren die de directe omgeving loopt in het geval er iets mis

mocht gaan tijdens de opslag, productie of het transport van gevaarlijke stoffen. De daaraan verbonden risico's moeten aanvaardbaar blijven. Binnen de EV worden twee normstellingen gehanteerd: * Het Plaatsgebonden risico (PR) richt zich vooral op de te realiseren basisveiligheid voor burgers.

Het Groepsrisico (GR) stelt beperkingen aan de maatschappelijke ontwrichting als gevolg van calamiteiten met gevaarlijke stoffen. Bebouwing is niet toegestaan binnen de zogenaamde 10 contour van het PR: *

rond inrichtingen, waarin opslag/verwerking van gevaarlijke stoffen plaatsvindt;

* langs transportroutes (weg, spoor, water, buisleiding) waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd. Risico's verbonden aan het transport van gevaarlijke stoffen zijn in kaart gebracht in de diverse 30

Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp)

:[ Zuidplas ST

-

omgevingsvergunning Bredeweg 122, Zevenhuizen

risicoatlassen. In het Besluit externe veiligheid inrichtingen (BEVI) is opgenomen dat voor iedere toename van het GR een verantwoordingsplicht geldt, ook als de verandering geen overschrijding van de norm veroorzaakt.

Onderzoek/ beoordeling

Transport gevaarlijke stoffen Gevaarlijke stoffen worden vervoerd over de modaliteiten binnenwater, spoor, weg en door buisleidingen. Indien een bestemming is gepland binnen het inmoedsgebied van de transportas dient de toename van

het GR berekend te worden en afhankelijk van de uitkomst van de berekening dient een verantwoording GR te worden opgesteld.

Op 1 april 2015 is het Besluit externe veiligheid transportroutes voor vervoer van gevaarlijke stoffen over water, weg en het spoor in werking getreden. Met de invoering van dit Besluit beoogt het Ri k een evenwicht tot stand te brengen tussen het vervoer van gevaarlijke stoffen, ruimtelijke ontwikkelingen en

externe veiligheid. Transport over water Er ligt in de omgeving van het plangebied geen hoofdvaarweg, waarover transport van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. Er is geen beperking voor het plangebied. Transport over spoor

Er ligt binnen een zone van 200 meter van het plangebied geen spoorbaan, waarover transport van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. (De spoorlijn Den Haag - Utrecht ligt op circa 260 meter afstand. Er ndt hier geen vervoer van gevaarlijke stoffen plaats.) Er is geen beperking voor het plangebied. Wegtransport

Het plangebied ligt aan de Bredeweg (N456). Rijksweg A12 ligt op circa 60 meter afstand. Op deze afstand speelt alleen het toxisch scenario. Er wordt geen nieuwe milieugevoelige functie toegevoegd. Er is alleen sprake van een vervolgfunctie van bedrijfswoning naar burgerwoning, zodat er geen sprake is

van toename van het groepsrisico. Een verantwoording van het groepsrisico kan daarom achterwege worden gelaten. Bij toekomstige nieuwbouw binnen het plangebied wordt geadv seerd om deze uit te voeren met

afschakelbare ventilatie, zodat toxisch gas niet naar binnen kan worden gezogen. Dit wordt geborgd in de voorwaarden van een omgevingsvergunning. Met inachtneming hiervan is er geen belemmering vormt voor het plangebied. Transport per buisleiding

Voor zoneringsafstanden van hogedruk gasleidingen geldt vanaf 1 januari 2011 de Besluit externe veiligheid buisleidingen. Hierbij dient te worden uitgegaan van de risicoafstanden zoals aangegeven in dit

Besluit. Er ligt in de nabijheid van het plangebied geen hoge druk aardgasleiding waarvan de PR en/of GR contour reikt tot het plangebied. Er zijn voor wat betreft het transport door buisleidingen geen beperkingen voor de ontwikkeling. Inrichtingen

Binnen de 10$ contour van een risicovolle inrichting mogen geen kwetsbare bestemmingen geplaatst worden. Indien een bestemming is gepland binnen het intoedsgebied van de EV relevante inrichtingen dient de toename van het GR berekend te worden en afhankelijk van de uitkomst van de berekening

dient een verantwoording GR te worden opgesteld. In de nabijheid van het plangebied zijn geen EV-relevante inrichtingen gevestigd, zodat het GR hier geen belemmering vormt. Risicokaart

De Risicokaart geeft inzicht in de risico's in de woon- en werkomgeving. Op de kaart staan meerdere soorten typen rampen, zoals ongevallen met brandbare, explosieve en giftige stoffen, grote branden of

verstoring van de openbare orde. Deze gegevens zijn afkomstig van gemeenten, waterschappen, provincie en de rijksoverheid. Op de Signaleringskaart EV (figuur 7) zijn in de directe nabijheid van het plangebied geen risicovolle bedrijven gevestigd. Wel is er explosieaandachtsgebied van een opslagtank

met een bovengrondse propaangastank dat over het plangebied loopt. Dit explosieaandachtsgebied geldt pas, nadat de Omgevngswet in werking is getreden. In de geldende situatie ligt de woning buiten

deze zone. Bovendien wordt er geen nieuwe milieugevoelige functie toegevegd. Er is alleen sprake van

Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp)

31

E

A Zuidplas

omgevingsvergunning Bredeweg 122, Zevenhuizen

IT

een verlgfunctie van bedrijfswoning naar burgerwoning, zodat er geen sprake is van toename van het groepsrisico. Een verantwoording van het groepsrisico kan daarom achterwege worden gelaten. 2135

ietroutes weg (rev)

asisnetroutes weg referentielijnen (rev) 10-6 contouren basisnet (rev) 1

G basisnetroutes weg en water (rev) G basisnetroutes weg en water (rev) Activiteiten (Quickscan)

Contouren en Veiligheidsafstanden [Quickscan)

ndachtsgebieden (Quickscan)

wetsbaarheid gebouwen (Bk!} Beperkt kwetsbaar

mogelijk kwetsbaar Kwetsbaar

Figuur 7: Uitsnede Signaleringskaart EV (plangebied zwart omlijnd). Conclusie

Bij extemne veiligheid gaat het om de gevaren die in de directe omgeving aanwezig zijn in het geval er iets mis mocht gaan tijdens de productie, het behandelen of het vervoeren van gevaarlijke stoffen. De daaraan verbonden risico's moeten aanvaardbaar blijven. Vanuit spoor-, vaarwegen, wegtransport, buisleidingen en inrichtingen gelden geen beperkingen voor het plangebied. Het Besluit externe veiligheid inrichtingen (BEVI), Besluit externe veiligheid buisleidingen (BEVB) en het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bev) staat het verlenen van de omgevingsvergunning dan ook niet in de weg.

6.2

Archeologie en cultuurhistorie

Wettelijk kader In 1992 is het Verdrag van Malta tot stand gekomen en in 1998 door Nederland geratificeerd. Doelstelling van het verdrag is de bescherming en het behoud van archeologische waarden. Als gevolg van dit verdrag wordt in het kader van de ruimtelijke ordening het behoud van het archeologisch erfgoed meegewogen zoals alle andere belangen die bij de voorbereiding van het plan een rol spelen.

In het verdrag van Malta wordt gesteld dat archeologie van wezenlijk belang is voor de geschiedschrijng van de mensheid. Het verdrag is erop gericht deze waarden voor de toekomst te behouden. De gehanteerde uitgangspunten zijn:

archeologische waarden zoveel mogelijk in de bodem bewaren (behoud in situ); * _ in ruimtelijke ordening (planvorming) al rekening houden met archeologische waarden; *

de bodemverstoorder betaalt archeologisch vooronderzoek en mogelijke opgravingen.

Het verdrag is ge mplementeerd in thans de Erfgoedwet die per 1 juli 2016 in werking is getreden. Deze wet is in de plaats gekomen van 6 wetten en regelingen op het gebied van cultureel erfgoed. De

32

Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp)

z >} Zuidplas semeere

omgevingsvergunning Bredeweg 122, Zevenhuizen

gemeenten zijn verplicht om bij het vaststellen van ruimtelijke plannen rekening te houden met eventueel aanwezige archeologische waarden. 6.2.1

Cultuurhistorische Hoofdstructuur Zuid-Holland

In de Cultuurhistorische Hoofdstructuur Zuid-Holland (prowncie Zuid-Holland) is het gebied niet specifiek aangeduid. Er is onderscheid gemaakt in drie kleuren categorie n (drie tinten bruin). De toekenning van een (zeer) grote, redelijke of lage kans op sporen (kleuren donker-, middel- en lichtbruin) heeft betrekking op de relatieve dichtheid van archeologische vondsten die in een bepaald gebied verwacht wordt. De witte gebieden hebben een lage trefkans. Het plangebied ligt in de Formatie van Echteld in Oude stroomgordels en geulafzettingen. Op de Cultuur Historische Atlas heeft het perceel de aanduiding hoge archeologische waarden van (ruim) dieper dan 5 meter maaiveld (basis holoceen).

Redelie tot hoge trefkans op archeologische |3 -8 m onder maatveig

I Redetke tot noge trekans oparcheotogiscne sporen Dieper an 8 m onger maaiveld

I Redexe 1ot noge trefkans op archeoiogische Sporen \Ruim dieper dan $ m maaiveid (basts holoceen

I Redeike tot hoge trefkans op archeologische _ SPOren Mistorisch landschappelijke ijnen

Figuur 8: Gecombineerde Waardenkaart CHS provincie Zuid-Holland.

Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp)

33

:[ Zuidplas SI

6.2.2

_

sm

omgevingsvergunning Bredeweg 122, Zevenhuizen

Gemeentelijke beleidsnota archeologie

De gemeenteraad van Zuidplas heeft op 23 november 2010 de gemeentelijke beleidsnota archeologie vastgesteld. In deze nota is voor het gehele gemeentelijke grondgebied een archeologische

inventarisatie uitgevoerd en vervolgens een archeologische verwachtings- en beleidsadvieskaart opgesteld. Op de verwachtingskaart staan naast de reeds bekende archeologische waarden ook de te

verwachte archeologische waarden in de vorm van zones met een bepaalde trefkans. Hiermee wordt een beeld verkregen waar archeologische sporen en vondsten in de bodem aanwezig kunnen zijn. Voor de verschillende archeologische verwachtingswaarden is een archeologiebeleid opgesteld. De

archeologische beleidsadveskaart is afgeleid uit de archeologische verwachtingskaart, waarbij de beleidsadviezen in de legenda zijn opgenomen. De archeologische verwachtingswaarden in de gemeente zijn bepaald door een koppeling te maken

tussen de landschapskenmerken en de bekende archeologische waarden om venolgens elke landschappelijke eenheid om te zetten in een archeologische verwachting. De aanwezigheid van een bepaald landschapstype zegt immers veel over de oorspronkelijke hoogteligging, ontwatering en bodemvuchtbaarheid; drie factoren die bij de locatiekeuze van nederzettingen en akkers in het verleden een belangrijke rol speelden. Er is rekening gehouden met meerdere archeologische niveaus vanwege

het aanwezige gelaagde landschap. De bekende archeologische en historische waarden zijn op de verwachtingskaart opgenomen, omdat in de directe omgeving archeologische resten in de bodem

aanwezig kunnen zijn. De informatie over de op de verwachtingskaart opgenomen bodemverstoringen is afkomstig van het Actueel Hoogtebestand van Nederland (AHN) en van de gedetailleerde bodemkaarten. De verwachtingswaarden zijn opgesplitst naar archeologische perioden en diepteligging.

Voor het plangebied is de archeologische beleidsadveskaart van toepassing. Op deze kaart heeft de locatie de aanduiding 'Waarde Archeologie 3' (figuur 9). In de door de gemeenteraad op 6 maart 2018 vastgestelde Parapluherziening Archeologie heeft het plangebied de dubbelbestemming 'Waarde -

Archeologie 3' gekregen. Onderzoek is nodig bij grondingrepen > 1.000 m? en graafwerkzaamheden dieper dan 3 meter. Onderzoek is niet nodig, omdat er geen grondingrepen plaatsnden. In verband hiermede kan een onderzoek naar archeologie achterwege worden gelaten. Het is nooit volledig uit te sluiten dat binnen het onderzochte gebied archeologische resten voorkomen.

Het verdient daarom aanbeveling om de uitvoerder van toekomstig grondwerk te wijzen op de plicht archeologische vondsten te melden bij de bevegde overheid, zoals aangegeven in artikel 5.10 en 5.11

van de Erfgoedwet. Conclusie

Het initiatief tast de archeologische waarden niet aan, zodat er vanuit dit gezichtspunt geen beperkingen worden gesteld aan deze planontwikkeling. Hiermee is dit plan uitvoerbaar ten aanzien van archeologie.

34

Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp)

El Zuidplas EI _ wm

omgevingsvergunning Bredeweg 122, Zevenhuizen

aardae

- Waarde Archeologie 1 [

Waarde Archeologie 2

- Waarde Archeologie 3 - Waarde Archeologie 4 - Waarde Archeologie 5 Figuur 9: Uitsnede van de archeologische beleidsadvieskaart. 6.2.3

Cultuurhistorie/ monumenten

Met ingang van 1 januari 2012 is het gewijzigde Besluit ruimtelijke ordening (Bro) in werking getreden. Het voorstel tot wijziging is een uitMoeisel van de Beleidsbrief Modernisering Monumentenzorg (MoMo) uit 2009. Op basis van artikel 3.1.6, vijfde lid, onderdeel a Bro moeten naast de in de grond aanwezige of te verwachten monumenten ook cultuurhistorische waarden worden meegewogen bij het vaststellen

van bestemmingsplannen. In het plangebied bevinden zich geen Rijks- of gemeentelijke monumenten. De bestaande bouwwerken

hebben geen cultuurhistorische waarde. Evenmin komt deze bebouwing voor op inventarisatielijst van de provinciale Monumenten Inventarisatie Project Zuid-Holland. Conclusie

Het initiatief tast de cultuurhistorische waarden niet aan, zodat er vanuit dit gezichtspunt geen

beperkingen worden gesteld aan dit bouwplan.

Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp)

35

ED Zuidplas z 6.3

omgevingsvergunning Bredeweg 122, Zevenhuizen

Floraenfauna

Wettelijk kader Op 1 januari 2017 is de Wet Natuurbescherming in werking getreden. Deze wet vervangt 3 wetten: de

Natuurbeschermingswet 1998, de Flora- en faunawet en de Boswet. Doelen van de Wet natuurbescherming zijn het beschermen en ontwikkelen van de natuur, het behouden en herstellen van biologische diversiteit en het doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de natuur en het

verzekeren van een samenhangend beleid gericht op het behoud en beheer van waardewlle landschappen. De Wet Natuurbescherming zorgt voor bescherming van gebieden, diersoorten,

plantensoorten en bossen. In de wet blijft de bescherming van Natura 2000-gebieden vrijwel hetzelfde. De bescherming van Beschermde Natuurmonumenten is komen te verallen. Wel kunnen provncies ervoor kiezen om deze gebieden alsnog te beschermen via het provinciale beleid. De provncie voegt dan

gebieden toe aan de het Natuur netwerk Nederland (NNN), voorheen Ecologische hoofdstructuur (EHS) of wijst ze aan als bijzonder provinciaal natuurgebied of -landschap. Onderzoek/ beoordeling Het plangebied maakt geen onderdeel uit van een Natura2000-gebied. Het dichtstbijzijnde

Natura2000-gebied 'Broekvelden, Vettenbroek & Polder Stein' ligt 9 km ten oosten van het plangebied. Op 11,1 km ten noorden van het plangebied ligt het Natura2000-gebied 'De Wilck'. Verder ligt noordoostelijk op circa 13,0 km het Natura2000-gebied 'Nieuwkoopse Plassen & De Haeck' (figuur 10). Sprake is alleen van een venolgfunctie naar burgerwoning, zodat deze Natura2000-gebieden niet worden be nvoed. Het plangebied ligt circa 2,8 kilometer ten westen van de ecologische verbindingszone. De

dichtstbijzijnde bestaande natuur van Natuurnetwerk Nederland (NNN) ligt 2,4 km ten zuiden van het plangebied. Belangrijke weidevogelgebieden liggen op nog grotere afstand. Op minimaal 820 meter ligt in westelijke richting de ecologische verbindingszone tussen het Bentwoud en de Krimpenerwaard. De

planontwikkeling heeft geen nadelige gevolgen voor het NNN. Nieuw

KTGE A a

Nieuwkoopse plassen & De Haeck

(r d)\ en Rijn W : (_\

Boskoop

Voorb

Den Haag A'

. G AW

Zoetermeer

odeg;xnen&

Woerden

Plan ebr r

Waadig

NatuurNetwerk Nederland

E

/

Momtfs

groekweid n; vereniibek & P der S jowater

Gouda Bleiswijk

<

=n

!

4

j

(A20)

Lop

Nieuw kerk aam dn

6

f

EU

Capelle aan

rdam

denIJssels

ED rimpen aan den

F

s

a

"I i j ;)

z 3

N G z

a

p

S

\W

Figuur 10: NNNin de omgeving van het plangebied (plangebied met een rode stip aangeduid).

36

Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp)

:[ Zuidplas ST

6.3.1

-

omgevingsvergunning Bredeweg 122, Zevenhuizen

Stikstofdepositie

Natura2000-gebieden kunnen gevoelig zijn voor stikstofdepositie. Het op circa 11,1 km noordelijk

gelegen Natura2000-gebied 'De Wilck' en het circa 9 km oostelijk gelegen Natura2000-gebied 'Broekvelden, Vettenbroek & Polder Stein' zijn alleen Vogelrichtlijngebieden. Deze gebieden zijn niet stikstofgevoelig, met dien verstande dat 'Polder Stein' mogelijk wel binnenkort wordt aangewezen als

stikstofgevoelig gebied. Het Natura2000-gebied 'Nieuwkoopse Plassen & De Haeck' is wel een stikstofrelevant habitatrichtlijngebied. Dit gebied ligt op circa 13 km afstand. Dit bouwplan maakt alleen een venolgfunctie mogelijk zonder bouwactiviteiten. Voor deze

effectbeschrijvng is daarom geen berekening nodig. Het aspect stikstofdepositie vormt voor dit bouwplan geen belemmering. Kort samengevat: * _ Op de planlocatie is g n regelgevng met betrekking tot Natura 2000 van toepassing.

*

Met betrekking tot stikstofdepositie zijn er geen effecten te verwachten.

* Het plangebied vormt g n onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland. 6.3.2 Effect vergunnen activiteiten

Onderhavig initiatief voorziet uitsluitend in een functiewijziging van een bestaande woning. Er inden geen kap- of snoeiwerkzaamheden plaats van aanwezig groen. De kans is dan ook nihil dat de

voorgenomen actiiteit een schadelijk effect heeft op beschermde soorten. Dit in combinatie met voortzetting van het gebruik voor woondoeleinden maakt dat hier geen te beschermen ecologische waarden verwacht worden. Om deze reden is er vanuit een goede ruimtelijke ordening geen ecologisch onderzoek nodig. Algemene zorgplicht

Voor alle planten- en diersoorten geldt de algemene zorgplicht die is opgenomen in de Wet natuurbescherming. Deze bepaalt dat eenieder die weet dat zijn of haar handelen nadelige gevolgen voor

flora en/of fauna kan hebben, verplicht is om maatregelen te nemen (voor zover redelijkerwijs kan worden gevraagd) die deze negatieve gevolgen zoveel mogelijk vorkomen, beperken of ongedaan maken. Conclusie

Gelet op het vorenstaande kan worden geconcludeerd dat er vanuit de Wet natuurbescherming geen beperkingen worden opgelegd aan deze functiewijziging.

64 _ Overige realiserings- en uitvoeringsaspecten 6.4.1

Kabelsen leidingen

In het plangebied liggen naast de gebruikelijke kabels en leidingen geen ruimtelijk relevante watertransportleidingen en gastransportleidingen, zodat een beschermende regeling niet nodig is.

Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp)

37

ST

Zuidplas

Hoofdstuk 7 74

omgevingsvergunning Bredeweg 122, Zevenhuizen

-

Uitvoerbaarheid

Economische uitvoerbaarheid

De gemeente en initiatiefnemer/exploitant hebben over de economische uitvoerbaarheid van het plan overleg gehad. De planontwikkeling zal in overeenstemming zijn met provnciale, regionale en

gemeentelijke uitgangspunten. De gronden zijn geheel in eigendom van initiatiefnemer. De afspraken worden vastgelegd in een tussen de gemeente en initiatiefnemer/ exploitant te sluiten anterieure overeenkomst, waarin tevens planschade is geregeld en een bijdrage in de ambtelijke kosten is

opgenomen. Hiermee is het kostenverhaal voor de ontwikkeling verzekerd en is het niet noodzakelijk om een exploitatieplan vast te stellen. Er zijn ook geen overige redenen als bedoeld in artikel 6.12 Wro, om een exploitatieplan vast te stellen.

7.2

Resultaten overleg ex artikel 3.1.1 Bro

Het ontwerpbesluit wordt door middel van een E-formulier bij Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland aangemeld. Voorts wordt het plan toegezonden naar een aantal adviesinstanties. 73

Communicatie

Initiatiefnemer heeft de bewoners van de naastgelegen woning aan de Bredeweg 120 ge nformeerd over

de voorgenomen vervolgfunctie naar burgerwoning. Zij hebben schriftelijk verklaard geen bezwaren te hebben tegen deze omzetting. De achter de woning gelegen bedrijfsunits zijn eigendom van hen. De direct aangrenzende bedrijfsunits zijn in eigen gebruik door de bewoners van Bredeweg 120. De overige

(verhuurde) units zijn bekend met het gegeven dat er aan het begin van het terrein woonhuizen staan. Bij het aangaan van de huurovereenkomst zijn hierover afspraken gemaakt teneinde overlast te voorkomen.

74 _ Maatschappelijke uitvoerbaarheid Voor onderhavig ontwerpbesluit wordt de uniforme voorbereidingsprocedure gevolgd als bedoeld in

hoofdstuk 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. Het ontwerpbesluit met behorende stukken heeft met ingang van DDMMJJ gedurende zes weken ter inzage gelegen. Tijdens de termijn van terinzagelegging zijn wel/geen zienswijzen ingediend.

38

Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp)

:[ Zuidplas SI

_

sm

omgevingsvergunning Bredeweg 122, Zevenhuizen

Bijlage bij ruimtelijke onderbouwing

Bijlage bij ruimtelijke onderbouwing (ontwerp)

39

Zu'laplas

omgevingsvergunning Bredeweg 122, Zevenhuizen

Bijlage 1 Akoestisch onderzoek

40

Bijlage bij ruimtelijke onderbouwing (ontwerp)

CAUBERG HUYGEN

Bezoekadres: De Waal 18 5684 PH Best Postadres:

Hoofdweg 76 3067 GH Rotterdam

T +31 (0)88-5152505 E info@cauberghuygen.nl W http:/fwww.cauberghuygen.nl K.V.K. 58792562

IBAN NL71RABO0112075584

Bredeweg 122 te Zevenhuizen; akoestisch onderzoek

Datum

19 februari 2024

Referentie

10023-58099-03

CAUBERG HUYGEN

Referentie

10023-58099-03

Rapporttitel

Bredeweg 122 te Zevenhuizen; akoestisch onderzoek

Datum

19 februari 2024

Opdrachtgever

Perdijk Era Makelaardij Dorpstraat 146 2761 AH ZEVENHUIZEN

Behandeld door

Cauberg Huygen B.V. Bezoekadres: De Waal 18

5684 PH Best Postadres:

Hoofdweg 76 3067 GH Rotterdam Telefoon _ 088-5152505

Bredeweg 122 te Zevenhuizen; akoestisch onderzoek

10023-58099-03 19 februari 2024

Pagina 2

Inhoudsopgave 1

Inleiding

2

Uitgangspunten onderzoek

21 22 221 222

Situering Representatieve bedrijfssituatie

223

BRC Scooters/reparatie

Pand1en2 Stubbe

Normstelling 31 32

Activiteitenbesluit

3.3

Indirecte hinder

OnNoD o

VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering Rekenmodel

41 42

Rekenpunten Objecten

43

Geluidbronnen

=

Rekenresultaten en toetsing

=o

52

Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau Maximaal geluidniveau

5.3

Indirecte geluidhinder

ES

Conclusies en samenvatting

=n

51

Bredeweg 122 te Zevenhuizen;

10023-58099-03

akoestisch onderzoek

19 februari 2024

Pagina 3

Figuren Figuur1

Overzicht rekenmodel

Bijlagen Bijlage I Bijlage II

Invoergegevens rekenmodel Rekenresultaten pand 1

Bijlage -1

Directe hinder

Bijlage I1-2 Bijlage I1-3

Maximaal geluidniveau

Bijlage I!

Rekenresultaten pand 2

Bijlage II1-1 Bijlage I1-2

Directe hinder

Bijlage II1-3

Indirecte hinder

Bijlage IV

Rekenresultaten Stubbe

Bijlage IV-1 Bijlage IV-2 Bijlage IV-3

Directe hinder

Bijlage V

Rekenresultaten RBC Scooters/Reparatie

Bijlage V-1

Directe hinder

Bijlage V-2 Bijlage V-3

Maximaal geluidniveau

Indirecte hinder

Maximaal geluidniveau

Maximaal geluidniveau Indirecte hinder

Indirecte hinder

Bredeweg 122 te Zevenhuizen;

10023-58099-03

akoestisch onderzoek

19 februari 2024

Pagina 4

1

Inleiding

In opdracht van Perdijk Era Makelaardij is door Cauberg Huygen B.V. een akoestisch onderzoek uitgevoerd met betrekking tot de woning aan de Bredeweg 122 te Zevenhuizen. Op deze locatie zijn naast het woonhuis meerdere bedrijven gevestigd. Het voornemen is om de bedrijfsfunctie van het woonhuis los te koppelen. De aanleiding voor het akoestisch onderzoek is een aanvraag in het kader van een bestemmingsverandering.

Het pand is gelegen langs de snelweg A12 en het spoor Den Haag - Utrecht. Gezien het om een bestaande situatie gaat, hoeft er niet getoetst te worden aan (spoor)wegverkeerlawaai. Op een afstand van 370 meter ten westen van de planlocatie is het bedrijventerrein Distripark Doelwijk gelegen. De geluidemissie van dit bedrijventerrein op het gebouw hoeft niet berekend te worden volgens ODMH. ODMH vraagt alleen een akoestisch onderzoek naar de bedrijven op het perceel met de bedrijfsbestemming waar de bedrijfswoning aan gekoppeld is.

Het onderzoek is bedoeld om inzichtelijk te maken dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Enerzijds om de bestaande bedrijven niet te belemmeren, anderzijds om een acceptabel leefklimaat voor beoogde woning te borgen. Het akoestisch onderzoek moet de geluidemissie van bedrijfsvoering van de omliggende bedrijvigheid op het perceel Bredeweg 122 inzichtelijk maken en de geluidbelasting daarvan op de beoogde ontwikkeling. De geluiduitstraling van de inrichtingen is berekend op basis van de aangeleverde

maximaal representatieve bedrijfssituatie en akoestische ervaringscijfers. Het onderzoek heeft betrekking op het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau en het maximaal geluidniveau ten gevolge van de inrichtingen. Het onderzoek is uitgevoerd volgens de voorschriften uit de Handleiding meten en rekenen industrielawaai versie 1999. In dit rapport zijn de uitgangspunten en bevindingen van het uitgevoerde akoestisch onderzoek beschreven.

Bredeweg 122 te Zevenhuizen;

10023-58099-03

akoestisch onderzoek

19 februari 2024

Pagina 5

2

Uitgangspunten onderzoek

21

Situering

Figuur 2.1 geeft de ligging van de verschillende inrichtingen en de woning weer. Het groene kader is het perceel van de bedrijfswoning en de rood omkaderde panden zijn de inrichtingen behorend tot de woning. Het eerste en tweede pand staan momenteel leeg, volgens het bestemmingsplan zijn maximaal milieucategorie 1 en 2 toegestaan. Het derde pand wordt gebruikt voor opslag van het bedrijf Stubbe. Het vierde pand is in gebruik door het bedrijf BRC Scooters/reparatie.

Figuur2.1: _ Situering inrichting

Bredeweg 122 te Zevenhuizen;

10023-58099-03

akoestisch onderzoek

19 februari 2024

Pagina 6

22

Representatieve bedrijfssituatie

De geluidbijdrage van de inrichting wordt bepaald voor de representatieve bedrijfssituatie. Onder de representatieve bedrijfssituatie wordt die bedrijfssituatie bedoeld die vaker dan 12 maal op jaarbasis kan optreden en voor de hoogste geluidbijdrage in de beoordelingspunten zorgt. 221

Pand1en2

Momenteel zijn pand 1 en 2 niet in gebruik, om inzichtelijk te krijgen wat de geluidbelasting is ten gevolge van een mogelijk bedrijf zijn de volgende aannames aangehouden. Voor het binnenniveau in de hal is een halniveau van 83 dB(A) aangehouden voor de gehele dag- en avondperiode. In de dagperiode arriveren en vertrekken 10 vrachtwagens en 10 bestelbussen, in de avondperiode is dit 1 vrachtwagen en 5 bestelbussen. 2.2.2

Stubbe

Stubbe is een bedrijf dat al hun werkzaamheden op locatie uitvoert. Het gebruikt het pand enkel voor opslag van materieel. De voor het akoestisch onderzoek relevante activiteiten van de inrichting bestaan voornamellijk uit voertuigbewegingen en laad- en los activiteiten. Het is onbekend of de voertuigen via de noordelijke of zuidelijke ingang naar binnen komen. Stubbe is in bedrijf gedurende de dagperiode, het kan voorkomen dat

gedurende de avondperiode het laden en of lossen plaatsvindt. 2.2.3

BRC Scooters/reparatie

BRC Scooters/reparatie is een bedrijf dat onderhoud en reparatiewerkzaamheden aan scooters uitvoert. De voor het akoestisch onderzoek relevante activiteiten van de inrichting bestaan voornamelijk uit voertuigbewegingen en kleine onderhoud en reparatiewerkzaamheden. Het is onbekend of de voertuigen via de noordelijke of zuidelijke ingang naar binnen komen. BRC Scooters/reparatie is in bedrijf gedurende de dagperiode, het kan voorkomen dat gedurende de avondperiode het laden en of lossen plaatsvindt.

Bredeweg 122 te Zevenhuizen;

10023-58099-03

akoestisch onderzoek

19 februari 2024

Pagina 7

3

Normstelling

Bij de beoordeling van de geluiduitstraling wordt onderscheid gemaakt tussen directe en indirecte geluidhinder. Onder directe geluidhinder wordt die hinder bedoeld die ontstaat ten gevolge van activiteiten op, of in de directe nabijheid van het inrichtingsterrein. Onder indirecte hinder wordt die hinder bedoeld die ontstaat ten gevolge van het wegverkeer dat van en naar de inrichting rijdt.

Voor het beoordelen van de optredende geluidniveaus wordt het Activiteitenbesluit en de systematiek van de VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering (2009) gevolgd. Het onderzoek is uitgevoerd volgens de Handleiding Meten en Rekenen Industrielawaai (1999). 31

Activiteitenbesluit

De werkzaamheden binnen de inrichting betreffen voertuigbewegingen over het terrein. Hierdoor valt de inrichting onder de werkingssfeer van het Activiteitenbesluit milieubeheer. Van belang is artikel 2.17, eerste lid. De normstelling voor het langtijdgemiddelde geluidniveau en maximale geluidniveau ter plaatse van

geluidgevoelige bestemmingen is samengevat in tabel 3.1. Tabel 3.1:

Grenswaarden naar artikel 2.17a uit het Activiteitenbesluit

Grenswaarden [dB(A)]

Dag

Avond

Nacht

07.00-19.00

19.00-23.00

23.00-07.00

Luiur op de gevel van gevoelige gebouwen

50

45

40

Lama: Op de gevel van gevoelige gebouwen

7o

65

60

* = piekgeluiden ten gevolge van laad- en losactiviteiten blijven buiten beschouwing

3.2

VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering

In de VNG-publicatie wordt onderscheid gemaakt tussen de omgevingstypen rustige woonwijk/rustig buitengebied en gemengd gebied . In onderhavige situatie is sprake van een gemengd gebied gezien er sprake is van functiemenging in de omgeving. Het bedrijf bevindt zich tenslotte naast een relatief drukke weg waaraan meerdere bedrijven gelegen zijn.

Om het effect van de inrichting op haar omgeving te beoordelen in het kader van de ruimtelijke ordening, wordt aangesloten bij de VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering . Deze geeft per bedrijfscategorie een veilige afstand voor het milieuaspect geluid, de zogenaamde richtafstand. Deze heeft betrekking op al het geluid dat aan het initiatief is toe te kennen. De richtwaarde voor de aan te houden afstand is van toepassing tussen de perceelgrenzen van de inrichting en de gevels van de geluidgevoelige bestemming. Er is sprake van een goede ruimtelijke ordening indien aan de richtwaarde voldaan wordt. Wanneer woningen binnen deze

richtafstand zijn gelegen, is de ontwikkeling alleen gemotiveerd mogelijk indien onder andere aangetoond wordt dat ter plaatse van de woningen wordt voldaan aan geluidgrenswaarden. De woning valt binnen de richtafstanden van de bedrijven. Bredeweg 122 te Zevenhuizen;

10023-58099-03

akoestisch onderzoek

19 februari 2024

Pagina 8

In de VNG-publicatie is aangegeven op welke wijze de toetsing op het milieuaspect geluid dient plaats te

vinden, indien niet aan de richtafstand voldaan wordt. De VNG-publicatie Bedrijven en Milieuzonering (2009) omschrijft voor de beoordeling van geluidhinder het volgende stappenplan (beknopt samengevat): 1. Indien de richtafstanden niet worden overschreden, kan verdere toetsing in beginsel achterwege blijven. Verder worden geen restricties opgelegd. 2. Indien stap 1 niet toereikend is: o Bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gebiedstype

rustige woonwijk van maximaal: = 45 dB(A) langtijdgemiddelde beoordelingsniveau Lar T (etmaalwaarde); = 65 dB(A) maximale geluidniveaus La,max (etmaalwaarde); = 50 dB(A) verkeersaantrekkende werking (etmaalwaarde). o Bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gebiedstype gemengd gebied van maximaal:

= 50 dB(A) langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LarT (etmaalwaarde); = 70 dB(A) maximale geluidniveaus La.max (etmaalwaarde); = 50 dB(A) verkeersaantrekkende werking (etmaalwaarde). Vrijstelling is dan mogelijk. 3. Indien stap 2 niet toereikend is: o Bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gebiedstype

ustige woonwijk van maximaal: = 50 dB(A) langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LarT (etmaalwaarde); = 70 dB(A) maximale geluidniveaus La,max (etmaalwaarde); = 50 dB(A) verkeersaantrekkende werking (etmaalwaarde). o Bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gebiedstype gemengd gebied van maximaal:

= 55 dB(A) langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LarT (etmaalwaarde); = 70 dB(A) maximale geluidniveaus La.max (etmaalwaarde); = 65 dB(A) verkeersaantrekkende werking (etmaalwaarde). Vrijstelling is dan mogelijk met dien verstande dat het bevoegd gezag moet motiveren waarom het deze geluidbelasting in de concrete situatie acceptabel acht. 4. Bij een hogere geluidbelasting dan aangegeven in stap 3 zal vrijstelling doorgaans niet mogelijk zijn.

Opgemerkt wordt dat de VNG-richtwaarden volgens stap 2 voor een gemengd gebied grotendeels overeenkomen met de standaard geluidvoorschriften van het Activiteitenbesluit. Dit betekent dat indien voldaan wordt aan de standaard grenswaarden uit de VNG-publicatie (stap 2), dat vanzelfsprekend voldaan wordt aan de grenswaarden uit het Activiteitenbesluit. Voor toetsing aan de grenswaarden van het Activiteitenbesluit worden immers menselijk stemgeluid en pieken ten gevolge van laden/lossen in de

dagperiode uitgesloten. Voor toetsing aan de geluidnormen volgens de VNG-publicatie bedrijven en milieuzonering worden pieken in de dagperiode ten gevolge van laden/lossen meegenomen. In stap 3 worden de maximale geluidniveaus ten gevolge van rijgeluid echter buiten beschouwing gelaten!.

1 Verbreding Circulaire Piekgeluiden d.d. 21 november 2006, FEI/U200601357, Vereniging Nederlandse Gemeenten Bredeweg 122 te Zevenhuizen;

10023-58099-03

akoestisch onderzoek

19 februari 2024

Pagina 9

CAUBERG HUYGEN

33

Indirecte hinder

De indirecte hinder dient onder de zorgplicht Activiteitenbesluit bepaald en beoordeeld te worden volgens de

Circulaire indirecte hinder .2 De voorkeursgrenswaarde voor indirecte hinder is 50 dB(A) etmaalwaarde ter plaatse van de gevels van geluidgevoelige bestemmingen aan de toegangsweg. De maximale grenswaarde bedraagt 65 dB(A).

2 Ministeri le Circulaire d.d. 29 februari 1996 inzake Geluidhinder veroorzaakt door het wegverkeer van en naar de inrichting in het kader van de vergunningverlening op basis van de Wet milieubeheer .

Bredeweg 122 te Zevenhuizen;

10023-58099-03

akoestisch onderzoek

19 februari 2024

Pagina 10

4

Rekenmodel

Voor de berekening van de geluiduitstraling door de inrichting naar de woning is een rekenmodel opgesteld. Hierbij is gebruik gemaakt van het rekenprogramma Geomilieu versie 2023.1. Het rekenprogramma berekent de geluiduitstraling naar de omgeving volgens rekenmethode I1.8 zoals beschreven in de Handleiding meten en rekenen industrielawaa .

41

Rekenpunten

De geluidbijdrage vanwege de inrichting wordt bepaald en getoetst ter plaatse van de woning. De beoordelingshoogte bedraagt in de dagperiode 1,5 meter boven het maaiveld en in de avondperiode 4,5 meter

boven het maaiveld. In bijlage! zijn de invoergegevens van de rekenpunten opgenomen. In figuur | worden de rekenpunten grafisch weergegeven. 42

Objecten

In het rekenmodel zijn de relevante objecten en bodemgebieden van de inrichting en de directe omgeving opgenomen. In figuur | zijn de gehanteerde objecten en bodemgebieden grafisch weergegeven. In bijlage I zijn de invoergegevens van het rekenmodel opgenomen. De zachte bodemgebieden zijn gemodelleerd met een bodemfactor van 1,0. Naast de gemodelleerde bodemgebieden is gerekend met een

standaard bodemfactor van 0,0 (harde bodem). 43

Geluidbronnen

Binnen de inrichting zijn de voertuigbewegingen relevant voor de geluiduitstraling naar de omgeving. Het is onbekend of de voertuigen personenwagens of bestelbussen zijn, in het rekenmodel is worstcase van bestelbussen. Voor bestelwagens bedraagt het bronvermogen op basis van kentallen en bureauervaringscijfers 96 dB(A), voor vrachtwagens is dit 102 dB(A). In het rekenmodel is een gemiddelde rijsnelheid over het inrichtingsterrein van 15 km/uur gehanteerd.

Bij de berekening van de maximale geluidniveaus is rekening gehouden met het sluiten van een portier van een personenwagen en bestelbussen met een bronvermogen van 100 dB(A). Voor vrachtwagens is dit het ontsnappen van de remlucht met een bronvermogen van 108 dB(A). Daarnaast is een binnenniveau gehanteerd van 83 dB(A). Ervan uitgaande dat gehoorbescherming niet

verplicht is in de bedrijfsruimtes is een binnenniveau van 83 dB(A) reeds hoger dan hetgeen overeenkomt met de praktijk. In tabel 4.1 zijn de invoergegevens van de gehanteerde geluidbronnen opgenomen. De directe hinder is aan de hand van deze geluidbronnen berekend. In bijlage | zijn de invoergegevens van de geluidbronnen opgenomen. Figuur | geeft een grafisch overzicht van de geluidbronnen.

Bredeweg 122 te Zevenhuizen;

10023-58099-03

akoestisch onderzoek

19 februari 2024

Pagina 11

Tabel 4.1

Overzicht geluidbronnen Mobiele bronnen

Bron Omschrijving

Aantal bewegingen (in en uit)

gronsterkte (L}

Dagperiode | Avondperiode | Nachtperiode

in dB(A)

(07.00-19.00 uur) | (19.00-23.00 uur) | (23.00-07.00 uur) | gem. | max. Pand 1

Mo7

Bostelwagen

20

7o

=

E3

100

Mo8

vrachtwagen

20

2

=

102

D

m73

Bestelwagen ind rect

20

=

96

100

m74

Vrachtwagen indireot

20

7

=

102

S

Pand2

mos

Bestelwagen zuid

20

70

=

96

10

MO10 _ | Vrachtwagen zuid

20

7

=

702

D

MoT

Bestelwagen noord

20

=

06

100

M012

Vrachtwagen noord

20

2

=

102

D

M3

Bestelwagen ind rect

20

0

=

96

100

m74

Vrachtwagen indireot

20

7

=

702

D

Stubbe

MoT MOZ

Bestelwagen zuid Bestelwagen noord

12 72

12 12

= =

96 96

100 100

mo5

Bostelwagen indrrect

72

12

=

06

S

-

96

10

06

_

BRC Scooterslreparatie

Mo3

Bestelwagen noord

2

=

=

=

mos

Bestelwagen indrrect

7

p

=

mo4

Bestelwagen zuid

7

06

100

Puntbronnen en uitstralende gevels en daken

Bron _ |Omschrijving

Bedrijfstijd in uren B' g {_ _' ': '_ ) ' ' Dagperiode | Avondperiode | Nachtperiode n GB(A)

(07.00-19.00 uur) | (19.00-23.00 uur) | (23.00-07.00 uur) Pand 1

605-G07 | Uitstralende gevel UDos Uitstalend dak

72 2

=

m 88

10 100

= =

m 8

10 100

7 7 7

= = =

m 28 8

100 100 100

= = p =

= =

m m 88 03

100 100 100 110

Pand2

G08-G09 | Uitstralende gevel UDoa Uitstalend dak

72 72 Stubbe

UD02 03 04

Uitstralend dak Uitstralende gevel Utstralende gevel

7 7 7 BRC Scooterslreparatie

UD01 02 03 POT

Uitstralend dak Uitstalende gevel Uitstalende gevel Stationa r draaien scooter

Bredeweg 122 te Zevenhuizen; akoestisch onderzoek

3 3 3 2

=

10023-58099-03 19 februari 2024

Pagina 12

CAUBERG HUYGEN

5

Rekenresultaten en toetsing

51

Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau

Tabel 5.1 geeft een samenvatting van de berekende langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus (Lar.LT) voor de dagperiode. De rekenresultaten worden getoetst aan de normstelling. Bijlage II geeft een uitgebreid overzicht van de rekenresultaten in alle rekenpunten. Tabel 5.1:

Overzicht rekenresultaten langtijdgemiddeld beoordelingsniveau

Beoordelingspunt

Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (La;17) [dB(A)]

nr. |Omschrijving 8

Dagperiode

Avondperiode

(07.00-19.00 uur)

(19.00-23.00 uur)

n

|

a

[N

|a

Pand 1

TO1 | Bredeweg 122 T02 | Bredeweg 122 T03 | Bredeweg 122 T04 | Bredeweg 122 TO5 | Bredeweg 122 TO6 | Bredeweg 122 TO7 | Bredeweg 122 TO8 | Bredeweg 122

47 44 41 38 34 39 43 44

50 50 50 50 50 50 50 50

-

45 44 42 29 36 37 41 41

45 45 45 45 45 45 45 45

-

Pand 2

TO01 | Bredeweg 122

47

50

-

44

45

-

T02 | Bredeweg 122 T03 | Bredeweg 122 TO4 | Bredeweg 122 TO5 | Bredeweg 122 TO6 | Bredeweg 122 T07 | Bredeweg 122 TO8 | Bredeweg 122

42 40 35 37 4 43 44

50 50 50 50 50 50 50

-

42 40 34 34 38 40 40

45 45 45 45 45 45 45

-

-

41 39 36 32 33 36 38 37

45 45 45 45 45 45 45 45

z z -

Stubbe

TO1 | Bredeweg 122 T02 | Bredeweg 122 703 | Bredeweg 122 TO4 | Bredeweg 122 T05 | Bredeweg 122 TO6 | Bredeweg 122 TO7 | Bredeweg 122 TO8 | Bredeweg 122

36 33 27 25 27 30 33 32

50 50 50 50 50 50 50 50

BRC Scooters/Reparatie

TO1 | Bredeweg 122 T02 | Bredeweg 122 T03 | Bredeweg 122 TO4 | Bredeweg 122 T05 | Bredeweg 122 TO6 | Bredeweg 122 Bredeweg 122 te Zevenhuizen; akoestisch onderzoek

29 27 26 25 24 24

50 50 50 50 50 50

-

7 7 7 7 7

45 45 45 45 45 45

7 z 10023-58099-03 19 februari 2024

Pagina 13

Beoordelingspunt

Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (La:17) [dB(A)]

nr. |Omschrijving TO7 | Bredeweg 122 TO8 | Bredeweg 122

25 25

Dagperiode

Avondperiode

(07.00-19.00 uur)

(19.00-23.00 uur)

50 50

-

45 45

-

B: berekend

N: norm (grenswaarde uit activiteitenbesluit n VNG-richtlijn)

A: overschrijding (grenswaarde)

Uit de rekenresultaten volgt dat de beide onderzochte inrichtingen, in de nieuwe situatie voldoen aan de grenswaarden. 5.2

Maximaal geluidniveau

Het maximaal geluidniveau is ten hoogste 57 dB(A) etmaalwaarde voor Stubbe, ten hoogste 56 dB(A) etmaalwaarde voor BRC Scooters/Reparatie, ten hoogste 68 dB(A) etmaalwaarde voor pand 1 en ten hoogste 67 dB(A) etmaalwaarde voor pand 2. Uit de rekenresultaten volgt dat de inrichtingen voldoen aan de

grenswaarden. 53

Indirecte geluidhinder

De geluidbelasting ten gevolgen van indirecte hinder is ten hoogste 31, 26, 47 en 47 dB(A) etmaalwaarde voor respectievelijk Stubbe, BRC Scooters/Reparatie, pand 1 en pand 2. Uit de rekenresultaten volgt dat de berekende indirecte geluidhinder, in beide gevallen, voldoet aan de grenswaarden.

Bredeweg 122 te Zevenhuizen;

10023-58099-03

akoestisch onderzoek

19 februari 2024

Pagina 14

6

Conclusies en samenvatting

In opdracht van Perdijk Era Makelaardij is door Cauberg Huygen B.V. een akoestisch onderzoek uitgevoerd met betrekking tot de woning aan de Bredeweg 122 te Zevenhuizen. Op deze locatie zijn naast het woonhuis meerdere bedrijven gevestigd. Het voornemen is om de bedrijfsfunctie van het woonhuis los te koppelen. De aanleiding voor het akoestisch onderzoek is een aanvraag in het kader van een bestemmingsverandering.

Het pand is gelegen langs de snelweg A12 en het spoor Den Haag - Utrecht. Gezien het hier een bestaande situatie betreft, hoeft niet getoetst te worden aan (spoor)wegverkeerlawaai. Op een afstand van 370 meter ten westen van de planlocatie is het bedrijventerrein Distripark Doelwijk gelegen. De geluidemissie van dit bedrijventerrein op het gebouw hoeft evenmin berekend te worden volgens ODMH. ODMH vraagt alleen een akoestisch onderzoek naar de bedrijven op het perceel met de bedrijfsbestemming waar de bedrijfswoning aan gekoppeld is.

Het onderzoek is bedoeld om inzichtelijk te maken dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Enerzijds om te onderzoeken of de bestaande en mogelijk toekomstige bedrijven mogelijk belemmerd kunnen worden, anderzijds om een acceptabel leefklimaat voor de beoogde woning te borgen. Het akoestisch onderzoek moet de geluidemissie van bedrijfsvoering van de omliggende bedrijvigheid op het perceel Bredeweg 122 inzichtelijk maken en de geluidbelasting daarvan op de beoogde ontwikkeling. De

geluiduitstraling van de inrichtingen is berekend op basis van de aangeleverde maximaal representatieve bedrijfssituatie en akoestische ervaringscijfers. Het onderzoek heeft betrekking op het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau en het maximaal geluidniveau ten gevolge van de inrichtingen. Met de vastgestelde representatieve bedrijfssituatie, en bureau-ervaringscijfers is een akoestisch rekenmodel opgesteld. De geluiduitstraling van de inrichting naar woningen in de directe omgeving is met dit rekenmodel

berekend. Uit de rekenresultaten blijkt dat wordt voldaan aan de gestelde grenswaarden. Geconcludeerd kan worden dat de bestaande twee inrichtingen niet belemmerd worden in hun bedrijfsvoering als gevolg van de beoogde ontwikkeling, daarnaast is er ruimte voor toekomstige inrichtingen om in

pand 1 of 2 te vestigen. Andersom zal er een goed (akoestisch) woon- en leefklimaat aan de orde zijn bij de (voormalige) bedrijfswoning indien gekeken wordt naar de bijbehorende bedrijven. Gesteld kan worden dat er sprake zal blijven van een goede ruimtelijke ordening.

Cauberg Huygen B.V.

Adviseur

Bredeweg 122 te Zevenhuizen;

10023-58099-03

akoestisch onderzoek

19 februari 2024

Pagina 15

Figuur 1

Overzicht rekenmodel

Bredeweg 122 te Zevenhuizen;

10023-58099-03

akoestisch onderzoek

19 februari 2024

nnnnnn

Gebouwen, Thema: Hoogte

m 03 m 36 mmm 6 mm 2

G

ZL

ANIU[PZOwuBa@J1

schaal= 1:3334

268

448000

194

s

102000

HMRI, industrie, [Februari 2023- IL], Geomilieu V2023.1 rev 1 Licentiehouder: Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Eindhoven

102400

uBa"lAn6Hr-o1y'spqgeX

/ . " _ P S N

Bodemgebieden, Thema: Bodemfactor w 9751

Gebouwen

_

om

mi7m

\\.. d .

\ IA N

=

schaal = 1: 3334

4N:3I2UPo1BwZTuaxAJO

ST

N

dg

\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\\ w /N g

S

1,00

aaaaaaa

000000

u6aBA"nlHr-o5y1'pqsgIe2

Toetspunten

Gebouwen

w

om

z

schaal -

13834

109 m

ANIU[PZOwuBa@J1

%G % | e

448000

o S

$

G, S

102000

HMRI, industrie, [Februari 2023- IL], Geomilieu V2023.1 rev 1 Licentiehouder: Cauberg-Huygen B.V. - vestiging Eindhoven

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14198363/1