CConstaterende datZuidplas
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Nota van beantwoording omgevingsvisie Zuidplas 2040 A21.000885

Gemeenteraad 13 juli 2021, gemeente ZuidplasBij agendapunt: Rv Vaststelling Omgevingsvisie Zuidplas 204040.338 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

1

Nota van Beantwoording & Wijziging Ontwerp omgevingsvisie Zuidplas De Ontwerp omgevingsvisie Zuidplas heeft ter inzage gelegen van 4 maart 2021 tot en met 14 april 2021. De visie was raadpleegbaar via de volgende kanalen:   

www.ruimtelijkeplannen.nl www.zuidplas.nl/omgevingsvisie-zuidplas Bij de receptie van het gemeentehuis

Op verschillende manieren is deze terinzagelegging bekend gemaakt:      

Alle deelnemers aan de participatiebijeenkomsten (inwoners, ondernemers, stakeholders en ketenpartners) zijn per mail op de hoogte gebracht. Voor inwoners en belangstellenden is een informatie webinar georganiseerd op donderdag 11 maart. Er is een inloopbijeenkomst georganiseerd voor stakeholders en ketenpartners op dinsdag 17 maart. Er is een persbericht verzonden op XXX. Via social media is ruchtbaarheid gegeven. Daarnaast is er een aankondiging gepubliceerd in de Staatcourant en op overheid.nl.

Van de Adviesraad sociaal domein is een reactie binnengekomen op de Ontwerp omgevingsvisie. Deze is niet opgenomen in deze nota van zienswijze en wordt als los advies op de Ontwerp omgevingsvisie meegenomen. De inspraakperiode heeft circa 80 zienswijzen opgeleverd die in deze Nota van Beantwoording & Wijziging van een antwoord zijn voorzien. Tevens is aangegeven tot welke aanpassingen ten opzichte van de ontwerp-Omgevingsvisie het leidt. Onderstaande tabel bevat allereerst een samenvatting van de zienswijzen die betrekking hebben op de ontwerp-omgevingsvisie. Daarna volgt een thematische samenvatting van onderwerpen die veelvuldig aan de orde worden gesteld:    

2

Participatie ontwerp-omgevingsvisie; Rottepolders; Middengebied/Masterplan; Participatie over Middengebied/Masterplan

Masterplan Middengebied Zuidplaspolder 

Tijdens de terinzageleggingsperiode van de ontwerp-Omgevingsvisie is het Masterplan Middengebied Zuidplaspolder voorafgaand aan vaststelling door de gemeenteraad openbaar beschikbaar gesteld. Het Masterplan Middengebied Zuidplaspolder is een apart visiedocument waarin de ambities voor de ontwikkeling van het Middengebied op basis van de Concept-Ontwikkelingsvisie Zuidplaspolder (2019) nader uitgewerkt en geconcretiseerd zijn. De Concept-Ontwikkelingsvisie Zuidplaspolder is tevens als input gebruikt voor de ontwerp-Omgevingsvisie. Beide documenten kennen daarmee een inhoudelijke samenhang, maar nadrukkelijk ook hun eigen totstandkomingsproces. Voor het Masterplan is geen formele zienswijzenprocedure aan de orde, aangezien een masterplan geen formele planfiguur uit de Wet ruimtelijke ordening (Wro) is. In het kader van de ontwerp-Omgevingsvisie zijn er wel zienswijzen ingediend over het Masterplan. In de nota van beantwoording wordt ook aangegeven hoe we hiermee omgaan. Uw zienswijze op de ontwerpOmgevingsvisie is tevens beschikbaar gesteld aan de gemeenteraad voorafgaand aan de besluitvorming over de vaststelling van het Masterplan Middengebied Zuidplaspolder.

Na vaststelling van het Masterplan Middengebied Zuidplaspolder, worden de ambities uit dit Masterplan op hoofdlijnen -- in lijn met de uitgangspunten uit de ontwerpOmgevingsvisie – in een ambtshalve wijziging geïntegreerd in de Omgevingsvisie. Dit gebeurt door in de Omgevingsvisie te verwijzen naar het traject van het Masterplan Middengebied en de ontwikkeling van het Middengebied op hoofdlijnen daarin mee te nemen. Volledigheidshalve merken wij op dat in het kader van de ontwikkeling van het Middengebied ook een participatietraject heeft plaatsgevonden in oktober van 2019 nadat de gemeenteraad de Concept-Ontwikkelingsvisie Zuidplaspolder, de voorloper van het Masterplan Middengebied Zuidplaspolder, ter verrijking, verdieping en versterking aan de samenleving heeft vrijgegeven. In het Participatiedocument Masterplan Middengebied Zuidplaspolder (dat u kunt raadplegen via www.denieuwezuidplaspolder.nl) kunt u teruglezen hoe de inbreng van de samenleving is verwerkt in het Masterplan Middengebied Zuidplaspolder. Aanvullend merken we op dat, indien zienswijzen betrekking hebben op het Masterplan Middengebied Zuidplaspolder, wij voornemens zijn deze te betrekken in het verdere proces dat zal leiden tot een omgevingsplan(nen) voor het Middengebied. Ook bestaat er dan de gelegenheid uw zienswijzen (opnieuw) kenbaar te maken.

Hoofdstuk 1: Hoofdlijnen zienswijzen Nr

Indiener

Reactie

Antwoord

Verbeelding en bijlagen bij de ontwerp omgevingsvisie ontbreken. Als dat leidt tot een onvolledige beoordeling, verzoek stukken wederom voor zienswijzen ter visie te laten gaan.

De verbeelding is in dit geval de plancontour zoals die op ruimtelijkeplannen.nl staat, waarmee inzichtelijk wordt gemaakt op welk gebied de Omgevingsvisie betrekking heeft. De bijlagen zitten in het pdfdocument dat raadpleegbaar is via ruimtelijkeplannen.nl, de gemeentelijke website of op het gemeentehuis. Derhalve is sprake van een juiste bekendmaking en was een ieder in de gelegenheid alle beschikbare stukken in te zien.

Ontwerp omgevingsvisie 18A 39 52A 55A 57B 57C 61A 68A (VERTROUWELIJK) 68B (VERTROUWELIJK)

3

Wijzigingen in de omgevingsvisie

4

1

Drinkwaterbedrijf Oasen 1A

A

Indiener vraagt aan de gemeente, ten behoeve van de duurzame veiligstelling van de openbare drinkwatervoorziening, de belangen van Oasen mee te wegen in de omgevingsvisie zodat zij aan haar kernwaarden kunnen blijven voldoen.

Uiteraard wordt bij de verdere uitwerkingen in ruimtelijke plannen en omgevingsplannen rekening gehouden met alle in het geding zijnde belangen; dat is juist de kern van een integrale afweging.

2

Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard 2A

A

Dank voor het compliment.

2B

B

2C

C

In de Omgevingsvisie beschrijft u uw ambities. Tevens beschrijft u een gedetailleerd toekomstbeeld. Dit heeft geresulteerd in een document waarin de kwaliteiten van de gemeente goed zijn beschreven. Ook gaat u in op de uitgebreide manier waarop u de inwoners van uw gemeente hebt betrokken bij het komen tot deze Omgevingsvisie. Hiervoor onze complimenten. Op meerdere plekken beschrijft u het belang van klimaatadaptieve maatregelen. Hierbij noemt u groene daken als voorbeeld. De omgevingsdienst Midden-Holland heeft voor u een verdiepende stresstest uitgevoerd. Ook wij zijn hier nauw bij betrokken geweest. De uitkomsten van deze verdiepende stresstest lijken niet betrokken bij de totstandkoming van de Omgevingsvisie. Zo wordt bijvoorbeeld niet ingegaan op de gevolgen van langere perioden van droogte in combinatie met de relatief slechte waterkwaliteit. In het restveengebied zetten gemeente, provincie en waterschap zich in om samen met bewoners een transitie van het bestaande grondgebruik te realiseren. Hierbij speelt de gemeente als ordenaar van de ruimte een belangrijke rol bij de bestemming van de gronden. Door deze opgave op te nemen in de Omgevingsvisie wordt recht gedaan aan onze gezamenlijke inspanningen.

2D

D

De provincie Zuid-Holland onderzoekt het realiseren van een ecologische verbindingszone van de Krimpenerwaard naar het Bentwoud. Over de visie op deze verbindingszone vanuit de gemeente worden geen uitspraken gedaan.

De bedoelde ecologische verbindingszone wordt wel genoemd bij Ondernemend Zuidplas onder het kopje ‘Agrarische sector’. De ecologische verbindingszone van de Krimpenerwaard naar het Bentwoud zal specifiek genoemd worden. Volledigheidshalve merken we op dat in het kader van de ontwikkeling van het Middengebied nadere duiding gegeven zal worden over de precieze ligging, financiën,

De Omgevingsvisie is op hoofdlijnen en beschrijft het doel van klimaatadaptieve maatregelen. Hoe dit verder vorm krijgt wordt n.a.v. de visie nog verder uitgewerkt.

Met een dergelijk proces is al samen met het hoogheemraadschap en de provincie begonnen. De gebiedseigenaren en andere belanghebbenden worden hier intensief bij betrokken.

Aanpassing in de tekst: Om de transitie van het Restveen te kunnen realiseren wordt samen met de gebiedspartners ingezet op een proces waar nieuwe gebruiksmogelijkheden in ruimte en tijd worden uitgezet. Ecologische verbindingszone KrimpenerwaardBentwoud benoemen.

5

2E

E

Voor de doorwerking van de Omgevingsvisie richting beleid wordt het PRO (Perspectief Ruimtelijke Opgave) aangekondigd. Hierin worden alle projecten en ontwikkelingen in verband gebracht met de ambities uit de Omgevingsvisie. Niet duidelijk wordt op welke manier het PRO de opgaven van de gemeente in samenhang brengt.

2F

F

In de praktijk werken wij vaak samen met de gemeente aan opgaven die globaal beschreven worden in de Omgevingsvisie. De constructieve samenwerking bij die opgaven, zoals het middengebied, het restveengebied en de Rottemeren, herkennen we niet terug in de Omgevingsvisie. Ook wordt een visie gemist waarin verschillende opgaven aan elkaar gekoppeld worden.

uitvoering, planning en toekomstig beheer van de ecologische verbindingszone door het Middengebied. De ambities worden vertaald in concrete opgaven samengebracht in samenhangende programma’s. Een Programma Landschap is gezien de ambities en doelen van Zuidplas een programma wat zich richt op zaken die met de landschappelijke opgaven te maken hebben. Veel opgaven waar we nu al met het hoogheemraadschap in samenwerken zullen hier in terugkomen. Daarbij wordt niet alleen naar de fysieke samenhang gekeken, maar ook naar de samenhang van ambities van de verschillende overheden die hier aan samenwerken. In de Omgevingsvisie worden de verschillende opgaven thematisch benaderd, waarbij van belang is dat de betreffende opgaven een bijdrage leveren aan de kernkwaliteiten van de gemeente Zuidplas. In dat verband zal ook sprake zijn van het aan elkaar koppelen van opgaven. Het doel van de Omgevingswet is het schetsen van het kader om deze samenwerking en de koppeling mogelijk te maken. Er is bewust gekozen voor deze benadering. Bij de uitwerking in de programma’s zullen de genoemde samenwerkingsopgaven en programma’s een explicietere plaats krijgen.

2G

G

Gelet op de bovenstaande suggesties ligt de uitwerking van een Water-programma op basis van de Omgevingsvisie voor de hand. Daarin zouden alle watergerelateerde opgaven samen kunnen komen. Wij vragen u dan ook een dergelijk programma in de Omgevingsvisie aan te kondigen. Hierdoor wint de Omgevingsvisie aan concreetheid en kan de samenwerking tussen de gemeente en het waterschap versterkt worden. Daarnaast wordt op die manier meer recht gedaan aan de belangrijke rol die water bij de toekomst van de gemeente Zuidplas speelt. In de omgevingsvisie Zuidplas wordt het koersdocument “Ruimte voor een groenblauwe toekomst” aangehaald. De LTVR is van mening dat ook dit koersdocument onvoldoende in overleg met grondeigenaren en grondgebruikers tot stand is gekomen. Het lijkt een patroon te worden dat gemeenten, andere overheden en schappen plannen maken op gronden welke niet in eigendom zijn, zonder hierbij vooraf of minimaal tijdig de eigenaren of de gebruikers te betrekken

3F

6

In de omgevingsvisie wordt beschreven dat er nu al ingezet wordt op het bieden van ruimte voor nabijgelegen metropolen. Het is van groot belang dat ontwikkelingen op dit vlak in goed overleg wordt afgestemd met de huidige grondeigenaren. Als er meer grond nodig is voor recreatiegebied zal hier vanuit de woningbouwambities voldoende financiële voorzieningen opzij gezet moeten worden om hiervoor grond te kunnen aankopen. Pas dan kunnen eventueel benodigde recreatieambities kunnen worden uitgewerkt. In de omgevingsvisie staat dat er meer ruimte nodig is voor recreatie. Dit hangt direct samen met het bouwen van meer woningen in het gebied, waaronder het voorgestelde Vijfde dorp. Tegelijkertijd wordt er nauwelijks aandacht geschonken aan de enorme hoeveelheden agrarische grond welke de laatste decennia in deze omgeving zijn omgezet naar recreatie en natuurgebied. Aan

Het is een goede suggestie om zo'n waterprogramma reeds aan te kondigen, zoals dat ook op andere onderdelen gebeurt (Lintenvisie, Groene Zoom). In een Perspectief Ruimtelijke Opgave (PRO) wordt al de uitwerking van de Groenblauwe structuren voorgesteld, waar de Ringvaart en de linten een onderdeel van uitmaken. Het koersdocument “Ruimte voor een groenblauwe toekomst” is een beleidsnotitie, opgesteld door de drie betrokken overheden en gebaseerd op de ambities van die overheden, waaronder ook Zuidplas. Het is een document op hoofdlijnen en zoomt nog niet in op de specifieke deelgebieden. Het is tot stand gekomen op basis van al vastgesteld beleid van de drie partijen - zoals in Zuidplas o.a. de Structuurvisie en de Recreatievisie en duurzaamheidsbeleid, maar ook eerdere uitgangspunten voor de Rottemeren. Stakeholders zijn daarnaast voor reactie bevraagd.

Aankondiging Waterprogramma toevoegen in paragraaf 2.3 onder 'Bodem- en watersysteem’.

Dat die afstemming nodig is voor hoe ontwikkelingen in het agrarisch gebied samengaan met het gebruik herkennen we. De ambities voor het aantrekkelijke en toegankelijk houden en maken van het agrarisch landschap zijn niet nieuw, die zijn ook al benoemd in de Structuurvisie van de gemeente Zuidplas, het huidig geldende beleid. Het Ontwikkelplan Landschapspark de Rotte (2021)

Verwijzing opnemen in de tekst naar het Ontwikkelplan Landschapspark de Rotte en toevoegen aan Bijlage 1.

beide zijden van de Rotte. Denk hierbij aan het Lage Bergse Bos, De Bleiswijkse zoom, Kanobaan gebied, groot gedeelte van de Eendragtspolder en het Bentwoud gebied ten Noorden van Moerkapelle. Naast de al bestaande Rotte oevers met de hierop aangelegde wandel en fietspaden. Vanuit de LTVR willen we aangeven dat het agrarische gebied steeds verder wordt uitgehold. Wanneer hiervan telkens ruimte wordt afgenomen. Ook aanpalende bedrijven (toelevering, loonwerk, mechanisatie, afnemers, etc…) hebben een bepaalde marktomvang nodig. In plaats van grond te onttrekken vanuit de land- en tuinbouw vragen wij om een betere benutting en onderhoud van bestaande recreatie en natuurgebieden. De huidige dorpsbewoners waarderen de agrarische ruimte gelegen om de dorpskernen.

3G

7

In de omgevingsvisie wordt gesproken over de samenhang tussen woongebieden en de omgeving. Het gaat hierbij ook om verbindingen in de vorm van wegen, fiets en wandelpaden. Als LTVR zien wij geen mogelijkheden voor deze verbindingen over onze gronden. Dit heeft o.a. te maken met veiligheid en vervuiling. Recreanten en landbouwverkeer gaan niet samen zonder dat o.a. de veiligheid in het geding komt. Binnen de gemeente Zuidplas zijn voldoende plaatsen als bewijs hiervoor. In de visie wordt gesproken over de invulling van bestaande en nieuwe wegen. Het is belangrijk dat agrarische grondgebruikers veilig met machines naar percelen kunnen rijden zonder dat er hierdoor andere weggebruikers in gevaar gebracht worden. Versmallingen, hobbels, palen langs of op wegen, etc. vormen aanleiding voor niet verwachte gevaarlijke uitwijkmanoeuvres. Aanleg van wegen of paden door het poldergebied gaat ten koste van de bedrijfsvoering doordat percelen worden doorsneden en of ingekort, hetgeen de bewerkbaarheid zeer bemoeilijkt en

vormt de nadere invulling van die ambities Onderdeel van de plannen voor deze gebieden is ook de verbetering en – waar mogelijk – betere benutting of concentratie van recreatief gebruik. Behoefte aan uitbreiding maakt echter onderdeel uit van de plannen. In samenhang met alle ontwikkelingen zal bekeken worden hoe de huidige vitale bedrijven behouden kunnen worden, terwijl ook voldaan kan worden aan de doelstellingen voor betere recreatie- en natuurgebieden. In het Ontwikkelplan Landschapsprk de Rotte zijn hier al voorstellen voor gedaan in afstemming met de agrariërs. Voor de andere agrarische gebieden kan in uitwerking ook worden gekeken wat nodig is. Financiering van (recreatieve) ambities zullen uitdrukkelijk onderdeel zijn van de verschillende programma’s. Bij het realiseren van recreatieve verbindingen wordt uiteraard rekening gehouden met de belangen van de agrarische sector, ten aanzien van veiligheid en vervuiling. De Omgevingswet stuurt echter ook expliciet op het verbinden van de verschillende ambities en niet slechts op sectorale belangen. Voor de verschillende (agrarische) gebieden geldt dat dit vraagt om nader onderzoek hoe deze ambities samengaan met het huidige gebruik, maar ook hoe het kan bijdragen aan het huidige gebruik.

4

8

Glastuinbouw Nederland 4A 46E

A

4B

B

economisch onverantwoord maakt. Huidige grondeigenaren en grondgebruikers voelen hier dan ook niets voor aangezien dit de waarde en rentabiliteit negatief beïnvloed. Paden en wegen door bestaand poldergebied vormen een risico op vervuiling. Deze vervuiling treedt nu al op langs de randen. Bij ieder gezette wandelstap vindt u al een blikje, lege drankfles, fastfood verpakking etc. Recreatie vormt dan ook een directe bedreiging voor de natuur. Ook vervuiling door veronkruiding vormt een grote bron van zorg voor de bestaande vitale landbouw welke streeft naar het continu terugbrengen van middelen gebruik. Het verwaaien van onkruidzaden (veel akkerdistel) en het verspreiden van Jacobskruiskruid en Berenklauw via apparatuur bij te laat maaien vormen vervuilingsbronnen en een gevaar voor weilanden (giftige planten in o.a. paarden hooi). Een goede afstemming over recreatieterrein en bermbeheer tussen gemeente Zuidplas, HSKW en agrariërs (LTVR) is dan ook van essentieel belang. Recreanten en hun huisdieren zijn een gevaar voor de voedselproductie door diefstal en bevuiling (hondenpoep). Landbouwhuisdieren zoals schapen worden bedriegt doordat honden vaak niet zijn aangelijnd tijdens het uitlaten. Vooral recreanten vanuit de metropolen hebben nauwelijks enige feeling met de leefomgeving rondom de dorpen.

Stedelingen zijn niet opgegroeid met de natuur, de landbouw, landbouwhuisdieren en het (deels agro) verkeer rondom de dorpen. Het maken van verkeerde inschattingen van situaties en gebruiken vindt dan ook eerder plaats en zal toenemen als de gemeente Zuidplas hier onvoldoende aandacht aan schenkt en plaatselijke bewoners en agrariërs hier onvoldoende adviserend bij betrekt. Wij vinden het positief dat u (pag. 8-9 en 68) plaats wil bieden aan innovatieve en toekomstbestendige glastuinbouw. Daarbij kiest u ervoor de glastuinbouw zo veel mogelijk te concentreren in het gebied Moerkapelle/Zevenhuizen. Ook wij zijn voorstander van het concentreren van glastuinbouwbedrijven. Dit stimuleert de realisatie van collectieve voorzieningen, bijvoorbeeld op het gebied van energie, water en huisvesting van internationale medewerkers. Wij wijzen u er echter op dat het ver-/uitplaatsen van bedrijven financieel zeer uitdagend is. In het recente verleden zijn door zowel provincie Noord-Holland als provincie Gelderland regelingen ontwikkeld waarbij verspreid liggende glastuinbouwbedrijven financieel werden ondersteund bij verplaatsing naar een duurzaam glastuinbouwconcentratiegebied. Deze regelingen zijn door tuinbouwbedrijven overtekend en hebben geleid tot diverse succesvolle verplaatsingen inclusief het saneren van het achtergebleven glas en de bijbehorende winst in ruimtelijke kwaliteit.

Ons inziens zou ook in Zuid-Holland een dergelijke regeling kansen bieden en dient onderzocht te worden of die voor

We zijn ons bewust van de kosten van ver-/uitplaatsen. Deze opmerking wordt voor kennisgeving aangenomen.

Met u zijn we van mening dat een dergelijke regeling hier kansen kan bieden. Graag ondersteunen we, waar mogelijk, dat proces.

9

deze provincie ontwikkeld kan worden. Wij willen over dit onderwerp op korte termijn met de provincie in gesprek en zullen daarbij de steun van de glastuinbouwgemeenten vragen, waartoe wij ook Zuidplas rekenen. Op het moment dat dit proces wordt ingezet, zullen wij u betrekken. Een dergelijke regeling zou bijvoorbeeld een stimulans zijn om de tuinbouwbedrijven in Nieuwerkerk aan den IJssel te kunnen uitplaatsen in het kader van de plannen rondom het Vijfde Dorp. Ons inziens bestaat hier ook een mogelijkheid om de ambities ten aanzien van de glastuinbouw (het saneren/verplaatsen van bedrijven, aanleg van een betere infrastructuur voor het gebied Herenweg, warmtenetten, e.d.) te realiseren. Genoemde ambities komen wel terug in uw ontwerp visie, maar dienen ons inziens opgenomen te worden in het PRO. Wij vragen u daarvoor zorg te dragen.

4C

C

4D

D

Op pagina 68 staat: “In de huidige omstandigheden zetten we niet in op concentratie van glastuinbouw aan de noordkant van Moerkapelle (Herenweg) in verband met de slechte bereikbaarheid.” Wij vinden dit weinig concreet. In welke mate is onderzocht of deze bereikbaarheid, voor zo ver onvoldoende, verbeterd kan worden? Wat is het perspectief voor dit gebied en de bedrijven die daar zijn gevestigd kijkende naar uw opmerking? Wij willen u vragen hierin duidelijkheid te bieden.

4E

E

Op het moment dat glastuinbouwbedrijven toch niet kunnen of willen worden verplaatst, is het van belang dat ook die geïsoleerde bedrijven of kleine clusters van bedrijven ongestoord kunnen blijven ondernemen. Het feit dat een glastuinbouwbedrijf niet gelegen is in een concentratiegebied wil niet zeggen dat er geen sprake kan zijn

Het is zeer wel mogelijk dat dit in een PRO (Perspectief Ruimtelijke Opgaves) terecht komt. Steeds zal worden bezien welke ambities daarvoor in aanmerking komen. Het doel is om het verspreid glas/verommeling als opgave te definiëren en op te nemen in het PRO of Programma Landschap. De omgevingsvisie is een visie op hoofdlijnen voor de gehele gemeente. Separate projecten en onderzoeken zullen bij de uitwerking van de visie onderzocht en uitgevoerd worden. Hierbij zal integraal gekeken worden naar de mogelijkheden van het gebied en eventueel het verbeteren van de bereikbaarheid. In het Werkboek Oostland (2020) is dit gebied niet als kernglasgebied benoemd, maar zal hier op termijn een transformatie plaatsvinden. Dit heeft zeker te maken met de moeilijke bereikbaarheid, maar ook met een duurzame energievoorziening en andere randvoorwaarden die hier niet mogelijk zijn of te kostbaar om toe te passen. Bestaande rechten worden gerespecteerd. Er wordt thans immers geen actief verplaatsingsbeleid gevoerd ten aanzien van de

van een duurzaam bedrijf. Ook die bedrijven dienen te worden gefaciliteerd, zodat ook daar sprake kan zijn van een ongestoorde bedrijfsvoering.

4F 41J

10

F

Uw opmerking dat een transitie naar een duurzame, vitale landbouw moet plaatsvinden leest als een waardeoordeel over deze sector. Wij zijn van mening dat de landbouw in Zuidplas in zijn huidige vorm al als duurzaam en vitaal te bestempelen is. Het geschetste (toekomst)beeld van de agrarische sector is een ideaalbeeld dat bij meer partijen in de maatschappij leeft. Landbouw is een belangrijke economische activiteit, waarbij boeren ook nog eens belangrijke beheerders van het landschap zijn. Bij een deel van de agrarische bedrijven is extensivering en een combinatie met recreatie, energieopwek, en dergelijke mogelijk. Dit is echter niet altijd het geval en soms passen de ontwikkelingen die u schetst niet bij het verdienmodel, de bedrijfsvoering of de bedrijfsinrichting van de onderneming of bij de ondernemer. Dergelijke keuzen zijn altijd aan de ondernemer en moeten niet opgelegd worden als een verplichting. Zo leest uw visie nu wel.

solitaire glastuinbouwbedrijven. Uiteraard kan bij die solitaire bedrijven sprake zijn van duurzame bedrijven. In de Omgevingsvisie wordt ‘slechts’ aangegeven welke ambities er zijn ten aanzien van het uit/verplaatsen, bijvoorbeeld in relatie tot de kernkwaliteiten van een gebied. Het is zeker mogelijk om buiten het kernglasgebied clusters van glastuinbouwbedrijven te hebben. De gemeente zal hier echter niet investeren in alle benodigde randvoorwaarden. (energie/ bereikbaarheid/water enz.) Daarbij moet het cluster inpasbaar zijn in de gewenste ruimtelijke kwaliteit van het gebied. De woorden wekken blijkbaar die indruk, maar het is zeker niet bedoeld als een waardeoordeel. De tekst zal hier op worden aangepast. Er is echter wel degelijk sprake van zaken die impact (kunnen) hebben op het agrarisch gebied. Dat betreft o.a. het wijzigende klimaat, maar ook de verstedelijkingsdruk binnen en buiten Zuidplas. Aangezien de gemeente Zuidplas het agrarisch gebruik en het bijbehorende landschap van belang vindt, is ook voor een toekomstbestendige agrarisch gebied nodig dit te benoemen. Het biedt daardoor juist de basis om samen met de agrariërs en andere overheden ook voor de langere termijn een sterke landbouwsector te kunnen garanderen en het bijbehorend landschap met respect voor

Tekst aanpassen ten aanzien van de transitie naar een duurzame, vitale landbouw. Wegnemen van de suggestie dat het een en ander nu niet in orde is.

4G 41K

Hoe dan ook moet sprake zijn van een rendabele bedrijfsvoering om zowel voor de korte als lange termijn bestaanszekerheid te hebben. Binnen agrarische bedrijven zijn diverse verdienmodellen en combinaties daarvan mogelijk. Dat is nu al de praktijk. Alle bedrijven moeten echter een zekere omvang hebben om te kunnen voldoen aan wettelijke plichten op diverse terreinen. Maar ook om toekomstige investeringen te kunnen blijven doen om zo het bedrijf levensvatbaar te houden voor de volgende generatie. Dit laatste is heel belangrijk voor de leefbaarheid van het gebied, nu maar ook in de toekomst. Door in de ontwerp omgevingsvisie extensivering tot een doel te verheffen, ondermijnt u het bestaansrecht van agrarische bedrijven en tast de fundamenten aan van een gezonde landbouwsector.

4H 41L

H

Wij zijn van mening dat “een transitie van de agrarische sector naar duurzame, vitale landbouw” vervangen dient te worden door “een transitie naar een toekomstbestendige landbouw” en extensivering door “een gezonde rendabele grondgebonden landbouw”. Wij vragen u de tekst aan te passen.

4I 41P

I

In de ontwerpvisie staat u ook stil bij het Restveengebied. Pagina 80: ”Het Restveengebied is een aantrekkelijk energielandschap geworden, waar de oplossingen voor duurzame energie slim gecombineerd zijn met het versterken van de landschappelijke kwaliteiten.” Op pagina 87 is lezen dat er, op een landschappelijk aantrekkelijke wijze, nieuwe woonvormen in het gebied worden gerealiseerd en wordt ingespeeld op bodemdaling. De landbouw wordt gecombineerd met de genoemde energie-opwek en met natte natuur. Wij willen u erop wijzen dat vernatting van dit gebied de bodemdaling in het stedelijke gebied niet zal tegenhouden. Dat lijkt wel de veronderstelling te zijn.

4J 41Q

11

G

J

Het beeld dat wordt geschetst van het toekomstige Restveengebied is een gebied met een lappendeken aan activiteiten, waarbij de veronderstelling is dat die te combineren zijn met de huidige landbouwbedrijven die in dat geval nog steeds een rendabele

toekomstige generaties en gebruikers te behandelen. Het gaat zeker niet alleen om extensivering, maar ook om bijvoorbeeld specialisatie, eventueel in combinaties met andere functies. Per situatie zal door een ondernemer worden afgewogen waar het bestaansrecht van het betreffende bedrijf het meest bij gebaat is. Extensivering maar ook ander (watergebonden) (agrarisch) gebruik is bijvoorbeeld passend in de bodemdalingsgebieden rondom Moordrecht, maar ook in de Groene Waterparel. Zoals hiervoor onder F reeds vermeld, passen we een deel van de tekst aan. Dat duurzame vormen van landbouw gepaard moeten gaan met een gezonde bedrijfsvoering en rendabele grondgebonden landbouw onderschrijven we. Dat mag echter niet ten koste gaan van duurzaamheidsdoelstellingen. We zijn ons ervan bewust dat dat de bodemdaling niet zal tegenhouden. Waar het om gaat is dat er in de dorpsvisie een voorstelling wordt gemaakt van hoe er positief met dat aspect kan worden omgegaan. Hoe het gebied er op termijn uitziet zal echter in een Ontwikkelplan met Uitvoeringsagenda samen met gebiedspartijen worden vormgegeven. De bodemdaling voor het gebied is onomkeerbaar. Dat betekent op termijn dat traditionele veeteelt hier eindig is. Een

In de visie tekst toevoegen die wat specifieker op de verschillende gebieden inzoomt. In de tekst zullen aanpassingen worden gedaan die aansluiten op waar wat van toepassing is. PM Keuze College

Zie onder F.

De tekst over aantrekkelijke nieuwe woonvormen graag heroverwegen of nuanceren. De vraag is wel of dat nu de belangrijkste ambitie is voor dit gebied. PM Keuze College

4K

12

K

bedrijfsvoering moeten kunnen realiseren. Wij hebben onze ernstige twijfels of het toekomstbeeld realistisch is en met name of dat is te combineren met de agrarische functie. In verleden is bijvoorbeeld gesproken over de mogelijkheid van natte teelten. De agrarische bedrijven ter plekke zien dat niet als een serieuze optie. Verder verwijzen u naar hetgeen op de vorige pagina is gesteld. Wij wijzen u erop dat niet alle combinaties mogelijk zijn en/of zijn te combineren met een duurzame en economische gezonde agrarische activiteit. De bedrijven die in het gebied actief zijn dient een duidelijk ruimtelijk en economisch perspectief te worden geboden. Dat doet uw visie in onze ogen niet. Wij willen u vragen om realistisch naar het gebied te kijken en duidelijke keuzen te maken die agrarische ondernemers perspectief bieden en rekening houden met hun belangen en rechten.

4L

L

Het is van zeer groot belang dat het gesprek met de betrokken agrarische ondernemers en de sectororganisaties wordt aangegaan om zoveel mogelijk tot oplossingen te komen waarvoor draagvlak is. In dat kader willen wij toch nog een keer wijzen op het teleurstellende proces rondom de totstandkoming van Ontwikkelplan Landschapspark de Rotte, dat buiten de sector om tot stand is gekomen. Dit kan en moet anders! Wij vragen u om de sectororganisaties en agrarische ondernemers te zien als partners en belangrijke stakeholders in processen, die vanaf de start nauw betrokken dienen te worden om te komen tot betere en gedragen oplossingen.

4M 41N 41O

M

Op pagina 75 geeft u aan geluid- en lichthinder tot een minimum te willen beperken. Op zich begrijpelijk, maar wij willen er ook op wijzen dat economische activiteiten vaak nu eenmaal een effect hebben op de fysieke leefomgeving. Bedrijven dienen (minimaal) te

transitie naar ander gebruik vraagt tijd en ook tussenstappen om daar te komen. Wat mogelijk en wenselijk is wordt samen met de gebiedspartijen in ruimte en tijd uitgezet. Het betreft hier uitdrukkelijk een visiedocument, dat uitnodigt tot initiatieven, maar het is geen 'receptenboek'. Het perspectief zit vooral in het benutten van de kansen die zich aandienen en die meer kansrijk zijn als zij aansluiten bij ambities en kernwaarden uit de Omgevingsvisie. Het is ook de intentie van de Omgevingswet om (meer) samen op te trekken. Het gaat hier niet om de totstandkoming van het Ontwikkelplan Landschapspark de Rotte, maar uiteraard nemen we uw signaal serieus, opdat processen goed verlopen. Aangaande het Ontwikkelplan Landschapspark de Rotte geldt overigens dat hier wel is geschakeld met de betrokken agrariërs. Het plan doet daarnaast voorstellen op basis van al eerder in beleid vastgelegde ambities voor - met name - recreatie, maar stelt nu concreet nadere onderzoeksopgaven met de belanghebbenden voor, omdat dit niet los kan worden gezien van het bestaande gebruik. Teksten hierover zijn in het bedoelde Ontwikkelplan met de vertegenwoordigers van de agrariërs afgestemd. We begrijpen dat bepaalde activiteiten met hinder gepaard gaan en dat bedrijven acteren binnen de huidige wettelijke

We kunnen aangaande agrarisch gebruik een paragraaf toevoegen waar we daar iets concreter in worden? PM Keuze College

voldoen aan de wet- en regelgeving die voor hun activiteit van toepassing is. Als bedrijven vrijwillig of (financieel) worden gestimuleerd meer te doen, is dat uiteraard te prijzen. Zo wordt binnen de glastuinbouw als geruime tijd flink geïnvesteerd in onderzoek om de lichtuitstoot verder te beperken o.a. door gebruikmaking van LED technologie.

4N

13

N

Bedrijven dienen minimaal aan de op dat moment geldende regels te voldoen. Dat vormt het uitgangspunt in plaats van het minimum als streefwaarde aan te houden, zoals in de visie wordt gesuggereerd. U creëert zo verwachtingen die in de praktijk niet waargemaakt gaan worden en ook niet hoeven te worden, waarbij het overigens ook onduidelijk is wie voor die extra inspanningen (financieel) opdraait. Het verdienmodel van bedrijven biedt in het algemeen weinig tot geen mogelijkheden voor dergelijke additionele investeringen, mede omdat die door ‘de markt’ niet extra worden beloond. Vanaf pagina 61 wordt ingegaan op de energietransitie. U geeft aan uit te gaan van de opwek van elektriciteit via zonnepanelen op daken, bedrijventerreinen en bedrijfspanden. Wij kunnen ons daarin vinden. U benoemt echter ook de mogelijkheid van één of enkele geconcentreerde gebieden waar gewerkt wordt aan grootschalige energie opwekking. Ook beschrijft u de optie van zon op kassen. Wij willen met betrekking tot beiden onze bezwaren en randvoorwaarden naar voren brengen. Wij dringen aan op het gebruik van de zonneladder en dus het maximaal gebruik van daken voor de opwek van zonne-energie. Ook de daken van schuren, opslag- en verwerkingsruimten van land- en tuinbouwbedrijven bieden hier mogelijkheden. Ook willen wij u wijzen op de mogelijkheden van zonnepanelen op waterbassins van tuinbouwbedrijven.

Samen met Greenport West-Holland wordt gewerkt aan het opstellen van een aantal business cases die de technische mogelijkheden en financiële haalbaarheid concreet maken. Hoewel de diverse agrarische sectoren dus mogelijkheden bieden op dit vlak zijn wij tegen het aanleggen van zonneweides op schaarse agrarische en/of glastuinbouwgronden. Daarnaast leiden grootschalige zonneparken, naast het verlies van kostbare landbouwgrond, tot een prijsopdrijvend effect van omliggende gronden. Voor het extensiveren van de sectoren is al meer grond nodig, terwijl claims op agrarische gronden voor woningbouw, recreatie en natuur nog verder worden verbreed met de vraag naar grond voor energieopwekking. De realisatie van grootschalige duurzame energieprojecten tast ook de openheid van het landschap aan en is een aanslag op de ruimtelijke kwaliteit. Veel burgers hebben hiertegen weerstand en het leidt ook tot imagoschade voor

mogelijkheden. Maar dat neemt niet weg dat we streven naar een schone en veilige fysieke leefomgeving. Er staat in de Omgevingsvisie dan ook: ‘Daarnaast proberen we externe veiligheidsrisico’s en geluid- en lichthinder tot een minimum te beperken.’ Dat is in het belang van onze gezondheid.

We nemen kennis van de gemaakte opmerkingen; die zijn goeddeels in lijn met de door de gemeente uitgesproken ambities. Het een en ander wordt verder uitgewerkt in de Regionale Energie Strategie (RES). Zuidplas zien nadrukkelijk kans om haar gewenste ambities te combineren met Energieopwek middels zonnepanelen. Dat is ook zo opgenomen in de RES.

onze sectoren, waarbij de kloof tussen agrarisch ondernemer en burger groeit terwijl de sector juist sterk inzet op die verbinding.

5

14

4O

O

4P

P

5C

C

Er liggen in het agrarische buitengebied ook kansen voor windmolens. Deze zijn in het landschap in te passen en kunnen een bijdrage leveren aan de energietransitie, zoals die in de Regionale Energie Strategie vorm dient te krijgen. Wij willen u, mede in dat kader, vragen de mogelijkheden van windmolens serieus te onderzoeken. In het kader van de energietransitie wordt samengewerkt binnen de WarmteSamenwerking Oostland. Wij waarderen deze samenwerking zeer en hopen deze in de toekomst met u nog beter vorm te geven. Daarnaast hopen we op samenwerking in de lobby om maatregelen die de energietransitie in onze sectoren tegenwerken, zoals de Opslag Duurzame Energie op electra, tegen te gaan. In de ontwerp visie wordt stil gestaan bij de klimaatverandering en klimaatadaptatie. De gemeente wil hittestress en wateroverlast tegengaan. In de glastuinbouw zijn in dit kader een aantal innovatieve oplossingen bedacht, zoals Rainlevelr (www.rainlevelr.nl) en wordt onderzoek gedaan naar ondergrondse wateropslag (www.coastar.nl). Mogelijk kan dit ook voor Zuidplas mogelijkheden bieden. Wij gaan graag met de gemeente en het waterschap in gesprek over de mogelijkheden in deze regio en uw gemeente. U noemt de transformatie van het Nijverheidscentrum een kans. Dat is maar vanuit welk perspectief u het bekijkt. Wij vinden deze opmerking een risico. Meer nog, doordat u hier niet verder op in gaat.

Een algehele transformatie lijkt ons financieel en economisch onhaalbaar / zeer onwenselijk. Een lichte verkleuring of een veilige prettige langzaam verkeersverbinding naar de kern van Zevenhuizen zou wellicht wel haalbaar kunnen zijn. Maar voorkom dat de gevestigde bedrijven jarenlang gegijzeld worden door de overheid in hun bedrijfsvoering zoals in het verleden bij tal van ondernemers in Nieuwerkerk is gebeurd.

We zullen ons inzetten voor samenwerkingen waar dat nodig en mogelijk is.

Graag nemen we deel aan deze gesprekken, als we daaraan een zinnige bijdrage kunnen leveren.

Beoogd binnen de visie is om duidelijkheid te geven over de toekomstige positie van het Nijverheidscentrum. Hierbij zullen bestaande rechten gerespecteerd worden. In de nadere uitwerking van het gebied zal gekeken worden, in overleg, naar de gewenste ontwikkelingen. Het doel is zeker niet een gehele transformatie van het bedrijventerrein. Het doel is om met een integrale gebiedsvisie te komen voor het dorp Zevenhuizen, met aandacht voor de entree van het dorp, de verbinding tussen het Koningskwartier en het huidige dorpscentrum en de

15

5D

D

In uw visie wordt geen uitspraak gedaan over het wijzigende winkellandschap en de positie t.o.v. PDV en GDV binnen de Zuidplas. De ontwikkelingen in de retailmarkt vragen hier wel om.

5E

E

Niet alle bedrijventerreinen staan op de verschillende kaarten (p27)

5F

F

U stelt dat we koesteren dat we een forensengemeente zijn (p28). Wat bedoelt u daar mee. De lokale werkgelegenheid is juist van essentieel belang voor de maatschappelijke cohesie. Koesteren lijkt mij dus niet een uitgangspunt.

5G

G

U doet uitspraken over sturing van de vestiging van bedrijven. Wij snappen de achterliggende wens, maar willen daarbij wel

toekomstbestendigheid van het Nijverheidscentrum. Het wijzigende winkellandschap komt op hoofdlijnen aan bod in de Omgevingsvisie. Er wordt immers opgemerkt dat de winkelvoorzieningen geconcentreerd zijn in de bestaande centra. Voor deze centra wordt ingezet op versterking van het draagvlak door een levendige mix aan functies. Er wordt in beginsel geen ruimte geboden aan perifere detailhandelsvestigingen (PDV). Grootschalige detailhandelsvestigingen (GDV) bevinden zich veelal op bedrijventerreinen. Het verdere beleid zal worden uitgewerkt in de economische visie en de detailhandelsnota. Op de betreffende kaart op pagina 27 (‘Zuidplas en de regio’) zijn alleen de grotere bedrijventerreinen buiten de contouren van de dorpen aangegeven. Een deel van de bedrijventerreinen vallen binnen de grenzen van de dorpen en zijn daarbij op dit niveau niet specifiek aangegeven. Dat is wel het geval als ingezoomd wordt op de kernen. Het is een constatering dat Zuidplas een forensengemeente is. Dat aangegeven wordt dat te koesteren, houdt in dat het als vertrekpunt wordt genomen. Tegelijkertijd wordt het belang van de lokale werkgelegenheid benadrukt, dus daarmee zitten we op één lijn met VION. Uiteraard gaat het om de dialoog; dat is ook geheel in de geest van de Omgevingswet.

Koesteren aanpassen in de tekst, we nemen het als vertrekpunt. Waarbij we oog houden voor de werkgelegenheid in de eigen gemeente en deze eerder willen laten toenemen dan afnemen.

6

7

16

Synchroon (6) Woonpartners MiddenHolland (51) 6A 51J

A

6B 15D 51K

B

7A 8A

A

benadrukken dat daarmee de ruimte voor ondernemen niet wordt beperkt. Hierover blijven wij graag in gesprek. In de Omgevingsvisie Zuidplas is op pagina 82 een Dorpsvisie voor locatie Zevenhuizen gevisualiseerd. Op de kaart zijn de beoogde herontwikkelingen op beide locaties niet geheel correct weergegeven. Hieronder is per locatie aangegeven wat er incorrect is: Locatie De Swanladriehoek Locatie De Swanladriehoek is op de kaart als geheel groen vlak weergegeven. In de legenda staat opgenomen dat dit gebied de ‘Ontwikkeling Swanla-Driehoek’ behelst. De invulling van deze aanduiding doet suggereren dat er alleen groen, sport en recreëren toegestaan is, terwijl hier ook woningbouw zal worden gerealiseerd. Locatie Van ’t Verlaat Locatie Van ’t Verlaat is op de kaart weergegeven als ‘woningbouw voormalig sportpark Van ’t Verlaat’. Naast woningbouw wordt er op deze locatie ook het nieuwe complex van de Zevenster ontwikkeld. Daarnaast worden op de huidige locatie van de Zevenster ook nieuwbouw woningen gerealiseerd, ook dat staat niet correct op de kaart. Hieronder een kaart waarop de huidige locatie van de Zevenster ook is meegenomen als herontwikkellocatie.

Wat uw toekomstvisie nu precies is is onduidelijk. Het is voor indiener van groot belang dat u de toekomstige ontwikkelingen en ambities die u voor het Nijverheidscentrum ziet, verder concretiseert en motiveert. Zij moet kunnen weten wat de uitgangspunten zijn die bij het ontwikkelen van deze visie toegepast zijn of in de toekomst toegepast gaan worden. Indiener is reeds decennialang op het bedrijventerrein Nijverheidscentrum gevestigd. Het bedrijf is in het

Uit de tekst blijkt duidelijk dat het in de Swanladriehoek om een combinatie van sport, recreatie, groen en wonen gaat, maar de kleurstelling op de kaart van de Dorpsvisie Zevenhuizen lijkt te suggereren dat het uitsluitend om een groene invulling gaat. Het kaartbeeld zal hierop worden aangepast.

Aanpassing kaartbeeld Dorpsvisie Zevenhuizen t.a.v. Swanladriehoek

Op de afbeelding van de Dorpsvisie voor Zevenhuizen is ‘Woningbouw voormalig Sportpark Van ’t Verlaat’ aangegeven en dat klopt met de afbeelding. Bij die ontwikkeling wordt ook de aangrenzende locatie van De Zevenster betrokken, maar dat is een herontwikkeling van een bestaand woongebied en is om die reden niet specifiek aangeduid. In de beschrijving van de dorpsvisie voor Zevenhuizen zal dat wel worden toegevoegd

Paragraaf 4.4 Zevenhuizen in 2040 wordt bij sportpark Van ’t Verlaat ook De Zevenster genoemd.

Beoogd binnen de visie is om duidelijkheid te geven over de toekomstige positie van het Nijverheidscentrum. Hierbij zullen bestaande rechten gerespecteerd worden. In de nadere uitwerking van het gebied

8

17

7B

B

7D 8D

D

8B

B

7E

E

bestemmingsplan “Nijverheidscentrum’ positief bestemd. Het bedrijf heeft in het bestemmingsplan een functieaanduiding tot en met milieucategorie 3.2. De bedrijfsvoering van Indiener is bij recht ter plaatse toegestaan. Transformatie van de percelen van Indiener B.V. kan dan ook niet aan de orde zijn. Immers, de normale bedrijfsvoering mag niet worden beperkt. Daarnaast kan om die reden ook in bredere zin de transformatie van het Nijverheidscentrum niet aan de orde zijn. Ook dan wordt de bedrijfsvoering immers, meer indirect, beperkt. In de Omgevingsvisie stelt u in 2040 een aantrekkelijke gemeente voor ondernemers te willen zijn. De transformatie van het Nijverheidscentrum staat hier haaks op. Woonbebouwing is geluids- en geurgevoelig en geldt als kwetsbaar object. Indiener heeft in gezamenlijkheid met medeondernemers die ook op het bedrijventerrein gevestigd zijn in 2019 de nodige aandacht gevraagd voor het onderkomen van het Integraal Kind Centrum Koningskwartier. De realisatie van kwetsbare objecten, waaronder woningen en scholen, rondom het Nijverheidscentrum beperken indiener in haar normale bedrijfsvoering. Dit betekent dat de realisatie van kwetsbare objecten nabij bedrijven in het algemeen in strijd is met een goede ruimtelijke ordening.

Extra klemmend hierbij is dat, zoals u zelf in de ontwerp Omgevingsvisie benadrukt, “op dit moment alternatieve locaties voor bedrijven in Zevenhuizen ontbreken”. Uw visie is op dit punt dan ook onbegrijpelijk. Woonbebouwing is geluids- en geurgevoelig en geldt als kwetsbaar object. Woonbebouwing is geluids- en geurgevoelig en geldt als kwetsbaar object. De realisatie van woningen rondom het Nijverheidscentrum beperkt cliënte in haar normale bedrijfsvoering. Dit betekent dat de realisatie van woningen nabij het bedrijf in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en planning.

Cliënte wijst er tot slot op, dat het op grond van artikel 16.34 lid 1 en lid 2 Omgevingswet verplicht is voor een Omgevingsvisie een

zal gekeken worden, in overleg, naar de gewenste ontwikkelingen.

Het is inmiddels een gegeven dat het Nijverheidscentrum omgeven wordt door woningen en dat het in de huidige opzet hinder kan opleveren en als een barrière kan worden ervaren tussen het Koningskwartier en het centrum van Zevenhuizen. In de Omgevingsvisie wordt uitgegaan van het behoud van het Nijverheidscentrum en dat er transformaties plaats gaan vinden waardoor het een beter geheel vormt met de omliggende woningen en een verbindend element binnen Zevenhuizen. Uiteraard worden bestaande rechten hierbij gerespecteerd. Dat argument is bedoeld om de keuze voor het behoud van het Nijverheidscentrum nader te onderbouwen. In de Omgevingsvisie wordt uitgegaan van het behoud van het Nijverheidscentrum en dat er transformaties plaats gaan vinden waardoor het een beter geheel vormt met de omliggende woningen en een verbindend element binnen Zevenhuizen. Uiteraard worden bestaande rechten hierbij gerespecteerd. In de Omgevingswet is een bepaling opgenomen voor

8E 9H

9

18

milieueffectrapportage op te stellen. Dit in tegenstelling tot wat u in paragraaf 5.7 van de Omgevingsvisie aanvoert.

9A

A

Transformatie van het perceel van Indiener kan dan ook niet aan de orde zijn. Immers, de normale bedrijfsvoering mag niet worden beperkt. Daarnaast kan om die reden ook in bredere zin de transformatie van het Nijverheidscentrum niet aan de orde zijn. Ook dan wordt de bedrijfsvoering, meer indirect, beperkt. In de Omgevingsvisie stelt u in 2040 een aantrekkelijke gemeente voor ondernemers te willen zijn. De transformatie van het Nijverheidscentrum staat hier haaks op.

9C

C

Het is kortzichtig en immoreel om de realisatie van het Koningskwartier als punt aan te dragen om de bedrijven die Zevenhuizen van werkgelegenheid voorzien te belemmeren.

milieueffectrapportages (m.e.r) voor plannen en programma’s met aanzienlijke milieueffecten. Voor deze omgevingsvisie is geen m.e.r. opgesteld. Dat heeft te maken met het karakter van deze visie. Er worden ambities uitgesproken, maar geen concrete locaties voor ruimtelijke ontwikkelingen aangewezen. Ook zijn geen concrete ontwikkelingen benoemd waarvoor in dit stadium een m.e.r.-procedure nodig is, zoals bedoeld in bijlage 5 van het omgevingsbesluit. De omgevingsvisie schetst het kader waarbinnen ontwikkelingen mogelijk zijn. Daarbij spelen omgevingsaspecten, zoals omgevingsveiligheid, water, bodem, maar ook erfgoed, gezondheid en welzijn een rol. De omgevingsvisie beschrijft dus de ontwikkelingen voor de leefomgeving op hoofdlijnen, waardoor eventuele milieueffecten op voorhand niet betrouwbaar zijn in te schatten. Beoogd binnen de visie is om duidelijkheid te geven over de toekomstige positie van het Nijverheidscentrum. Hierbij zullen bestaande rechten gerespecteerd worden. In de nadere uitwerking van het gebied zal gekeken worden, in overleg, naar de gewenste ontwikkelingen. Het is inmiddels een gegeven dat het Nijverheidscentrum omgeven wordt door woningen en dat het in de huidige opzet hinder kan opleveren en als een barrière kan worden ervaren tussen het Koningskwartier en het centrum

12

19

9D

D

11A

A

11D

D

Wij zijn ons ervan bewust dat de omgevingsvisie zich slechts beperkt tot de gemeentegrenzen, en daardoor een beperkte reikwijdte heeft. Toch zouden wij willen aandringen op een aanpak waarbij afstemming gezocht of althans benoemd wordt met omliggende gemeentes, om de ruimtelijke opgaves waar we voor staan in gezamenlijkheid aan te pakken.

12A

A

Als agrarisch ondernemer in de Wilde Veenen polder hebben wij bezwaar tegen de plannen zoals gepresenteerd in de concept omgevingsvisie. Immers zal de uitvoering van deze plannen onze bedrijfsvoering sterk belemmeren, en daarmee ons verdienmodel ondergraven.

Tot slot de veelvuldige bewoording dat het Nijverheidscentrum geen mooie entree van Zevenhuizen zou zijn. Het Nijverheidscentrum is niet meer de entree, dat is met dank aan de gemeente het Koningskwarier en het Leontienhuis. Indiener zit inderdaad wel aan de toegangsweg van Zevenhuizen en wij kunnen ons zeker niet vinden in de omschrijving dat ons bedrijf er onaantrekkelijk uitziet. Verder zijn wij 100% eigenaar van alle panden en gronden van Indiener en waarderen wij het allerminst dat de gemeente denkt hier een esthetisch negatief waardeoordeel aan te kunnen geven. De omgevingsvisie is het resultaat van een integrale afweging van verschillende belangen, geplaatst in een lange-termijnkader. Onzes inziens wordt in de ontwerp-omgevingsvisie echter onvoldoende duidelijk of er in de afweging ruimte is geweest om ontwikkelingen in een zekere richting een halt toe te roepen, of dat de reeds gekozen richting op voorhand vaststond, waarna de afweging op hoofdlijnen is beschreven.

van Zevenhuizen. In de Omgevingsvisie wordt uitgegaan van het behoud van het Nijverheidscentrum en dat er transformaties plaats gaan vinden waardoor het een beter geheel vormt met de omliggende woningen en een verbindend element binnen Zevenhuizen. De visie doet geen uitspraak over individuele percelen maar over de hoofdlijnen in het algemeen. We betreuren dat u het gevoel hebt overgehouden aan de bewoordingen over de entree van Zevenhuizen.

In zekere zin stond de gekozen richting reeds grotendeels vast, aangezien de Omgevingsvisie voortborduurt op het bestaande beleid. Maar meer dan voorheen het geval was is het nu in een breder perspectief geplaatst, met ook inbreng vanuit het sociale domein en met aandacht voor aspecten als gezondheid en duurzaamheid. In de Omgevingsvisie is er juist aandacht voor de positie van de gemeente Zuidplas in de regio en bijvoorbeeld ook voor regionale samenwerkingen. Grensoverstijgende ontwikkelingen worden in gezamenlijkheid opgepakt. Steeds zal bij de verdere uitwerkingen rekening worden gehouden met de belangen vanuit de zittende ondernemers. Daarbij is de Omgevingsvisie er juist op gericht om nieuwe kansen en perspectief te bieden. Voor de polder Wilde Veenen wordt op basis van het

20

12B

B

12C

C

12D

D

In relatie tot bovengenoemd punt zal ook de waarde van onze grond, en daarmee de waarde van ons bedrijf sterk verminderen. Naast vermogensschade levert dit een verminderde financierbaarheid van de bedrijven op. Alsmede een belemmering voor eventuele bedrijfsopvolging, en daarmee het voortbestaan van deze bedrijven in gevaar komt. Een natuuropgave, eventueel met een verhoogd waterpeil, zal de vruchtbaarheid en de productiviteit van deze polders verminderen, evenals het bodemleven in die polders. Hierdoor zullen de agrariërs geen verdienmodel meer hebben, en de agrarische functie van het gebied, waar we allemaal aan hechten, verloren gaan.

Mocht vanuit de bevolkingstoename behoefte zijn om, naast deze unieke polders, nog een natuurgebied te ontwikkelen, dan zou onze aanbeveling zijn dit te realiseren in de lager gelegen gedeelten van de Zuidplaspolder, waar de aanwezige bodemgesteldheid zich daar meer voor leent. Hierbij zouden dan de agrariërs gecompenseerd moeten worden vanwege het afstaan van hun grond.

Ontwikkelplan Landschapspark de Rotte verder onderzocht hoe de bedrijfsvoering van huidige partijen samengaat met de ambities. Zie onder 12.A

Er wordt vooralsnog in de polders Wilde Veenen geen verhoogd waterpeil of aanleg van natuur voorgesteld. Wel wordt algemeen voor behoud van het agrarisch gebied op verduurzaming ingezet. In het kader van een nadere uitwerking in het PRO worden dan alle in het geding zijnde belangen afgewogen. Ook in de Zuidplaspolder kan natuurontwikkeling aan de orde zijn, met name in combinatie met (vee-)teelt en bijvoorbeeld ook lichte recreatie en ecologie/biodiversiteit.Dat zal in een proces met de betrokken agrariërs worden besproken. De aanleg van natuur is vooral een taak van de provincie en gekoppeld aan ecologische doelstellingen en/of de aanwezigheid van bepaalde waarden. De belangrijkste opgaven hiervoor zijn de Groene Waterparel en de ecologische Verbindingszone tussen Krimpenerwaard en het Bentwoud. Die zijn grotendeels in de Zuidplaspolder gesitueerd. Opgaven voor meer biodiversiteit zijn ook op andere gebieden gericht.

15

21

13E

E

14A

A

15A

A

15B

B

Wij begrijpen dat de gemeente voor verschillende lastige opgaven staat. Echter dienen de belangen van de bestaande eigenaren en bewoners in de plannen opgenomen te worden. Voor ons als eigenaar en bewoner te Zevenhuizen hebben de plannen direct zeer grote en verstrekkende gevolgen. Graag worden we direct betrokken bij de plannen om deze op een constructieve manier verder te ontwikkelen en er concrete afspraken over te maken. U zult begrijpen dat wij ook door moeten kunnen met onze persoonlijke en zakelijke plannen. In de Omgevingsvisie is er geen rekening gehouden met de hoofdgasleiding die in de polder ligt. Om daar woning op en om te bouwen in deze omvang is mijns inziens creëren van een gevaarlijke woonsituatie.

Momenteel ligt een nieuwe ontwerp Omgevingsvisie ter inzage. Wij zijn blij dat het uiteindelijk na vele jaren vergaderen zover is gekomen. Tevens spreken wij onze steun uit voor uw keuze om de grote woningbouw opgave niet alleen aan de bestaande kernen te realiseren, maar dat gekozen is voor een vijfde dorp. Echter, op een ander onderdeel menen wij dat een verkeerde keuze wordt gemaakt, en waarop wij onze zienswijze indienen. Het betreft de polders grenzend aan de Rotte, Eendrachtspolder, Tweemanspolder en de Wilde Veenen polder. In de concept omgevingsvisie is in deze polders natuur voorzien, of met gedeeltelijke natuur bestemming. Hiertegen hebben wij verschillende bezwaren:

Uiteraard is er oog voor de belangen van bestaande eigenaren en bewoners. Overigens is de essentie van de nieuwe Omgevingswet dat er een andere rolverdeling tussen overheid en samenleving ontstaat, met initiatieven juist vanuit de samenleving. In de Omgevingsvisie is terdege aandacht voor omgevingsveiligheid, omdat dat van invloed is op de kwaliteit van de leefomgeving. Dat is er juist op gericht om gevaarlijke woonsituaties te voorkomen. Bedankt voor de steun.

In de Omgevingsvisie wordt juist uitgegaan van het veelzijdige karakter van de genoemde polders en de kansen die dat biedt. Die kansen doen zich op diverse terreinen voor, zoals recreatie, natuur en educatie. De Omgevingsvisie schetst de ambities voor het agrarisch gebied op hoofdlijnen. Wat daar mogelijk of wenselijk is verschilt per gebied. Het Ontwikkelplan Landschapspark de Rotte is een nadere invulling van wat we voor deze polders willen. Voor de Tweemanspolder en de polder Wilde Veenen wordt in vervolg hier op samen met de agrariërs onderzocht hoe kan worden ingezet op toekomstbestendige, duurzame landbouw in combinatie met versteviging van de biodiversiteit en recreatief gebruik daaraan ondergeschikt.

Verwijzing opnemen naar Ontwikkelplan Landschapspark de Rotte.

22

15C

C

15E

E

15F

F

Als burgers hechten wij bijzonder aan het landschap zoals dat nu is vorm gegeven. Wij verkeren in Nederland in de bijzondere situatie dat we duinen, bossen, recreatie, weidegebieden en akkerlanden in de directe nabijheid hebben. Mensen kunnen genieten van elk landschap zoals dat binnen handbereik ligt. Mensen kunnen al fietsend of wandelend genieten van de prachtige akkervelden met graan, aardappelen, enz. Tevens heeft dit een educatieve waarde naar kinderen, waardoor zij begrijpen dat ons voedsel niet uit een fabriek komt, maar in de aarde geteeld wordt, afhankelijk van natuur elementen. In vervolg op punt 2 is daarbij nog een aanvullend punt dat speelt: het milieu. Op gronden in het oosten van ons land, en op het vaste land van Europa, veelal zandgronden, wordt per hectare dezelfde hoeveelheid meststoffen en chemicaliën verbruikt, maar is de opbrengst in droge jaren 50% van die in “onze” polders. Dus per kilogram geteeld product geeft dat een dubbele milieubelasting. Daarbij komt dan nog de hoeveelheid transport die nodig is om al het voedsel van buitenaf naar de Randstad te vervoeren. De genoemde polders kenmerken zich door een zanderige ondergrond met daarop een vruchtbare kleilaag. Dit maakt een grotere drooglegging mogelijk zonder bijkomende problematiek in veenweidegebieden, zoals bodemdaling.

Dit geeft het gebied een grotere bergingscapaciteit bij hoosbuien en minder kans op overstromingen, waardoor de lager gelegen gedeelten bij Rotterdam eerst kunnen worden bemalen.

In de Eendragtspolder wordt wel ingezet op meer natuur, recreatief gebruik en vormen van meer publiekstoegankelijke landbouw, maar wordt ook onderzocht of en hoe dit nog samen gaat met het huidige agrarisch gebruik. Die mening onderschrijven we in de Omgevingsvisie

Dat sluit aan bij onze ambities ten aanzien van bijvoorbeeld een circulaire en duurzame economie.

Het is correct dat bodemdaling hier niet zo’n grote rol speelt. In de Omgevingsvisie wordt juist uitgegaan van het veelzijdige karakter van de genoemde polders en de kansen die dat biedt. Die kansen doen zich op diverse terreinen voor, zoals recreatie, natuur en educatie. Maar de basis wordt mede gevormd door het aanwezige agrarische karakter. Het is niet de intentie om daar afbreuk aan te doen, maar het kan zijn dat, bijvoorbeeld door het Recreatieschap Rottemeren, in bepaalde delen meer nadruk op natuur en educatie wordt gelegd. Dat gebeurt uiteraard alleen als de gronden daartoe verworven

16

23

15G

G

Een natuuropgave, eventueel met een verhoogd waterpeil, zal de vruchtbaarheid en de productiviteit van deze polders verminderen, evenals het bodemleven in die polders. Hierdoor zullen de agrariërs geen verdienmodel meer hebben, en de agrarische functie van het gebied, waar we allemaal aan hechten, verloren gaan.

15H

H

Mocht vanuit de bevolkingstoename behoefte zijn om, naast deze unieke polders, nog een natuurgebied te ontwikkelen, dan zou onze aanbeveling zijn dit te realiseren in de lager gelegen gedeelten van de Zuidplaspolder, waar de aanwezige bodemgesteldheid zich daar meer voor leent. Hierbij zouden dan de agrariërs gecompenseerd moeten worden vanwege het afstaan van hun grond.

16A

A

In de omgevingsvisie is verzuimd om aandacht te vragen voor dit specifieke gebied en de daarin gevestigde agrarische bedrijven, waarop hun inkomen wordt verdiend. De afwatering van vele afzonderlijke polders van de Zuidplaspolder die door die door ons restveengebied moet naar het Abraham Kroesgemaal zorgt voor veel afkalving van de oevers van onze landerijen als gevolg van dit gemaal en de trekkracht daarvan alsmede het eb- en vloed systeem wat daardoor wordt gecreëerd. Ons bedrijf is een familiebedrijf wat al jaren in Indiener zit en waarin ook de bloedlijn verder wilt. Er is voor ons bedrijf een jonge bedrijfsopvolging die graag met liefde voor dieren en landschap dit bedrijf in stand wenst te houden.

(en geschikt) zijn. Juist de genoemde effecten van het klimaat maakt dat inzet op duurzaamheid en biodiversiteit daarvoor noodzakelijk zijn. Dat pakken we niet alleen op, maar samen met de agrariërs en hogere overheden. De Omgevingsvisie gaat niet over het waterpeil; dat is primair de bevoegdheid van het Hoogheemraadschap. Zij passen eventueel het waterpeil aan, maar altijd in overleg met de betrokkenen. Dat sluit grotendeels aan bij de ambities in de Omgevingsvisie, waarin voor de Zuidplaspolder wordt uitgegaan van mogelijke functieverandering. Zie ook de beantwoording onder 15B. Verbetering van biodiversiteit, ecologie en toevoeging van (extensieve) recreatie is in de gehele gemeente een ambitie. De Omgevingsvisie is een visie op hoofdlijnen, die meer in algemene zin ingaat op de uitdagingen waar de verschillende delen van de gemeente voor gesteld worden. Specifiek voor het Restveengebied geldt dat er juist met bewoners en ondernemers uit dit gebied gekeken wordt naar de mogelijkheden. Gemeente Zuidplas, provincie Zuid-Holland en het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard zijn hier bij betrokken. Voor het gebied is inmiddels gestart met een Ontwikkelplan met uitvoeringsagenda waarbij in afstemming met de gebiedspartijen mogelijkheden en ambities voor ontwikkelingen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10332342/1