CConstaterende datZuidplas
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Goede onderbouwing van de effecten op de fysieke leefomgeving ROL Nieuwerkerk aan den IJssel A26.000572

Gemeenteraad 11 februari 2026, gemeente ZuidplasBij agendapunt: Rv BOPA - aanvraag omgevingsvergunning Regionale Opvang Locatie37.444 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

,

In het ontwerp zijn een aantal voorstellocaties voor opstelplaatsen van brandweervoertuigen (welke voldoen aan de maximale afmetingen voor een redvoertuig van 11 bij 5 meter) ingetekend. De opstelplaatsen zijn op maximaal 40 meter van de verblijfsgebouwen en maximaal 15 meter van te plaatsen brandblusvoorzieningen gesitueerd. Wanneer opstelplaatsen in gebruik zijn door redvoertuigen blijven er voldoende vluchtwegen voor bewoners beschikbaar. ,

Datum: 29 januari 2026 Versie: Definitief

Pagina 64 van 77

Ruimtelijke motivering ‘ROL Zuidplas , Nieuwerkerk aan den IJssel’

Locaties opstelplaatsen hulpdiensten en bluswaterwinning (roze en blauw aangeduid)

Wegafmetingen en doodlopende wegen binnen het besluitgebied Ten behoeve van de goede bereikbaarheid binnen het besluitgebied is een uitwerking gemaakt op de wegafmetingen de belastbaarheid van de wegen en de draaicirkels en doodlopende wegen. ,

In de terreininrichting is rekening gehouden met bereikbaarheid van de bebouwing ten behoeve van brandweervoertuigen. De toegangsweg is ter hoogte van de aansluiting op de Zuidplasweg 55 meter breed (excl. het naastgelegen voetpad). Ter hoogte van de toegang tot het parkeerterrein kent de weg een breedte van circa 68 meter exclusief voetpad. De wegafmetingen zijn tevens op het kaartbeeld met veiligheidsmaatregelen weergegeven (zie voorgaande pagina). ,

,

Achter het parkeerterrein loopt de centrale as dwars door de opvanglocatie. Deze weg door de opvanglocatie kan worden getypeerd als doodlopende weg aangezien er niet voldaan wordt aan de eis van een tweede onafhankelijke route. Deze weg kent een breedte van 45 meter waar bij elk van de verblijfshofjes ruimte is voor een brandweervoertuig om te keren of in te steken om de verblijfsgebouwen te benaderen. Ook kunnen brandweervoertuigen de hofjes gebruiken als keerlus door voor de verblijfsgebouwen langs rond te rijden. Hiertoe wordt grasbeton gerealiseerd in de hoeken van de centrale sport- en spelruimtes om te voorzien in de voor deze voertuigen benodigde bochtstralen. ,

,

,

,

Ook de mogelijk te realiseren leslokalen buiten de tijdelijke regionale opvanglocatie is bereikbaar voor brandweervoertuigen; de toegangsweg richting de leslokalen kent een rijbaanbreedte van 5 meter exclusief voetpad. Ter hoogte van het gebouw is de verharding verbreed tot 12 meter kunnen keren.

,

zodat brandweervoertuigen

Op basis van voorgaande wordt gesteld dat het gehele terrein voor brandweervoertuigen (waterwagens en schuimblusvoertuigen) voldoet aan de bereikbaarheidseisen uit paragraaf 5. 1 van de Handreiking Bluswatervoorziening en bereikbaarheid van Veiligheidsregio Hollands Midden. Ook op de centrale as door het Datum: 29 januari 2026 Versie: Definitief

Pagina 65 van 77

Ruimtelijke motivering ‘ROL Zuidplas , Nieuwerkerk aan den IJssel’

opvangterrein wordt voldaan aan de minimale berijdbare breedte van 45 meter die geldt voor erftoegangs,

wegen.

Bluswaterwinlocaties Voor de opvanglocatie zal zowel gebruik gemaakt worden van een brandkraan op de opvanglocatie zelf als van defensieve brandbestrijding middels een open water blusvoorziening; rond de locatie zijn voldoende watergangen aanwezig waar bluswater gewonnen kan worden. Hiertoe is in het ontwerp een vast vulpunt aangewezen dat voldoet aan de eisen uit paragraaf 5. 4. 4 van de handreiking Bluswatervoorziening en bereikbaarheid. Het vulpunt voor bluswater is zodanig gesitueerd dat deze in de nabijheid ligt van de mogelijke leslokalen maar door de hoofdentree tevens gebruikt kan worden voor calamiteiten op de rest van het terrein. De afbeelding op voorgaande pagina geeft de situering van het vulpunt weer. ,

,

De locatie van de brandkranen is op onderstaande afbeelding weergegeven. De brandkranen zullen worden aangesloten op de waterleiding die onder de centrale as van het opvangterrein zal worden gerealiseerd. Er is derhalve geen sprake van realisatie van een brandput (grondwaterbron).

Beoogde locatie brandkranen aangeduid (aangeduid met rode stippen) Beperken van effecten bij een toxische wolk , BLEVE of plasbrand In de als bijlage 11 toegevoegde notitie externe veiligheid is een uitwerking gemaakt van het groepsrisico. Voor het verbeteren van de fysieke veiligheid is hieronder een verdere uitwerking gemaakt zodat invulling wordt gegeven aan een veilige ruimtelijke ontwikkeling. Bronmaatregelen Bronmaatregelen zijn in deze situatie vloedbaar.

Datum: 29 januari 2026 Versie: Definitief

,

waarin het besluitgebied uitsluitend risico ontvanger is

Pagina 66 van 77

,

niet beïn-

Ruimtelijke motivering ‘ROL Zuidplas , Nieuwerkerk aan den IJssel’

Afstand personendichtheid en zelfredzaamheid Aangezien de locatie ontvanger is van risico’s vanuit de omgeving is het van belang dat aangegeven wordt ,

waarom vanuit de locatiestudie gekozen is voor deze locatie. De keuze voor de locatie aan de Zuidplasweg

kent twee componenten: 1. Urgentie: er is sprake van een urgent maatschappelijk probleem namelijk de noodzaak voor meer opvangplekken voor asielzoekers. In de locatieafweging is gezocht naar een locatie die binnen beperkte tijd te ontwikkelen is tot een tijdelijke opvanglocatie. Aangezien het besluitgebied gronden betreft die in eigendom zijn van gemeente Zuidplas en beschikbaar zijn voor de beoogde functie is deze locatie vanwege urgentie geschikt gebleken. 2. Ruimte: voor realisatie van een tijdelijke regionale opvanglocatie is naast verblijfseenheden ook ruimte nodig voor facilitaire diensten (gezondheidszorg kantoorruimtes receptie beveiliging etc. ). Ook dient er voorzien te worden in ruimte voor sport en spel en fiets- en autoparkeren. Het COA hanteert voor onder meer ruimtes voor facilitaire diensten een eigen Programma van Eisen waaraan ten aanzien van minimale ruimte voldaan dient te worden. Een locatie met het oppervlak zoals het besluitgebied is benodigd om te voorzien in een tijdelijke regionale opvanglocatie voor het beoogde aantal personen. Uit een locatieafweging is gebleken dat het besluitgebied ten aanzien van de beschikbare ruimte de meest geschikte locatie is. ,

,

,

,

,

,

,

,

Tot slot hebben locaties binnen bestaand stedelijk gebied de voorkeur boven locaties buiten bestaand stedelijk gebied. Uit de locatieafweging is gebleken dat binnen het bestaand stedelijk gebied géén locaties beschikbaar zijn die voldoen aan de eisen die gesteld worden voor realisatie van een tijdelijke regionale opvanglocatie vanuit het COA. Het besluitgebied grenst direct aan het bestaand stedelijk gebied. Door gebruik van deze locatie wordt voorkomen dat de landschapswaarden in het buitengebied (open wijds landschap) onder druk komen te staan vanwege het gebruik van een locatie verder buiten bestaand stedelijk gebied. ,

Binnen het besluitgebied is ervoor gekozen om zoveel mogelijk afstand tussen risicobron (spoorlijn) en de kwetsbare gebouwen (verblijfsgebouwen) aan te houden door de verblijfsgebouwen aan de noordwestzijde van het besluitgebied te situeren. Het dienstengebouw speelvoorzieningen en fietsparkeervoorzieningen zijn verder richting het spoor gesitueerd. ,

Omdat bewoners waaronder kinderen in de opvanglocatie in principe onder de leerplicht vallen zullen zij deel moeten nemen aan het Nederlands onderwijssysteem. Omdat op de ROL zelf geen separate onder,

,

,

wijsvoorziening wordt gerealiseerd zullen zij in beginsel op de reguliere onderwijslocaties in gemeente Zuidplas worden voorzien van onderwijs. Mocht daartoe geen ruimte zijn dan wil gemeente Zuidplas voorzien in onderwijs nabij de opvanglocatie zelf middels het situeren van een klaslokaal aan de zuidoostzijde van het besluitgebied. ,

,

Het gemeentelijk externe veiligheidsbeleid staat de realisatie van een gebouw voor onderwijs zijnde een zeer kwetsbaar gebouw in dit gebied in beginsel niet toe. Indien er sprake is van een zwaarwegend belang en de voorwaarden uit de uitgebreide verantwoording groepsrisico van het gemeentelijk beleid worden nageleefd kan hiervan worden afgeweken. ,

,

,

Er is in deze situatie sprake van een zwaarwegend belang aangezien de kinderen in de tijdelijke opvanglocatie onder de leerplicht vallen (tot 16 jaar). Indien andere onderwijslocaties geen plek hebben voor kinderen op de locatie zal er ruimte beschikbaar gemaakt moeten worden voor onderwijs nabij de opvang om invulling te kunnen geven aan de leerplicht. Mochten de leslokalen gerealiseerd worden in geval van ruimtegebrek bij bestaande onderwijslocaties dan is het vanuit organisatorisch oogpunt zeer wenselijk om het de leslokalen bij de ROL te situeren. ,

,

,

,

Om de tijdelijke leslokalen op de beoogde locatie te kunnen realiseren zullen de volgende bindende voorschriften van toepassing zijn: ,

• • •

Er dient uitvoering gegeven te worden aan de hiervoor beschreven tweeledige aanrij- en vluchtroutes aan de zuidwestzijde van de locatie alvorens de leslokalen in gebruik genomen kunnen worden; De locatie van de leslokalen dient als explosievoorschriftengebied aangewezen te worden. Dit betekent dat het gebouw verplicht voorzien dient te worden van scherfvrij glas); Er dient voorafgaand aan de ingebruikname een door bevoegd gezag te accorderen ontruimingsplan voor het gebouw opgesteld te worden. ,

Datum: 29 januari 2026 Versie: Definitief

,

Pagina 67 van 77

Ruimtelijke motivering ‘ROL Zuidplas , Nieuwerkerk aan den IJssel’

Omgevingsmaatregelen calamiteit externe veiligheid t. g. v. spoorlijn

De belangrijkste risicobron in de omgeving van het besluitgebied vormt de spoorlijn ten oosten van de locatie. Hiervoor zijn drie scenario’s van toepassing te weten een plasbrand BLEVE en toxische wolk. ,

,

Voor het beperken van de effecten van een plasbrand is afstand houden de eerste stap. In het ontwerp zijn de verblijfsgebouwen derhalve zo ver mogelijk van de spoorlijn gesitueerd. Daarnaast is alle bebouwing gelegen buiten het brandaandachtsgebied. In het ontwerp voor de locatie is ook rekening gehouden met bufferwerking door het dienstengebouw tussen (een deel van) de verblijfsgebouwen en het spoor te situeren. Hiermee vormt het dienstengebouw in geval van een BLEVE een buffer. In het dienstengebouw bevinden zich ’s nachts (de periode dat verreweg het meeste transport van gevaarlijke stoffen over deze spoorlijn plaatsvindt) geen personen. Ook bevindt het dienstengebouw zich tussen het spoor en de centrale vluchtroute in geval van ontruiming. Mochten bewoners over het buitenterrein vluchten dan vormt het dienstengebouw ook een buffer tussen spoor en vluchtroute. ,

,

Bouwkundig zullen alle gebouwen voorzien worden van mechanische ventilatie die afschakelbaar is waardoor zowel in geval van een plasbrand als een toxische wolk de ruimten waarin personen zich bevinden afgesloten kunnen worden voor rook of giftige gassen. ,

In de leslokalen zal daarnaast constructief rekening gehouden worden met de aanwezigheid van de spoorlijn in de nabijheid. De verblijfsruimten in de leslokalen worden gesitueerd aan de westzijde van het gebouw niet grenzend aan de spoorzijde. Aan de spoorzijde zijn verkeersruimten voorzien als buffer naar de ruimten waarin les gegeven zal worden (zie onderstaande afbeelding). Daarnaast zal het gehele gebouw vanwege de categorisering als zeer kwetsbaar gebouw voorzien worden van scherfwerend glas. ,

,

Eventuele indeling mogelijk te realiseren leslokalen De vluchtroutes vanaf het terrein bereikbaarheid van het terrein voor hulpdiensten en voorzieningen voor bestrijding op de locatie zijn reeds eerder in deze paragraaf beschreven. ,

Tot slot wordt voor alarmering van de bewoners bij calamiteiten buiten de locatie gebruik gemaakt van de waarschuwings-alarmeringssirene. De meest nabijgelegen WAS-paal ligt op 1 kilometer. Regulier wordt voor de sirene een dekkingscirkel van 800 meter aangehouden. Daarnaast speelt ook het NL-alertsysteem een steeds belangrijkere rol bij het alarmeren. ,

Datum: 29 januari 2026 Versie: Definitief

Pagina 68 van 77

,

,

Ruimtelijke motivering ‘ROL Zuidplas , Nieuwerkerk aan den IJssel’

Omdat bewoners van de tijdelijke opvanglocatie nieuw zijn in Nederland zullen zij niet direct bekend zijn met de landelijke alarmeringssystemen. Het is daarom zaak dat zij bij aankomst geïnstrueerd worden over deze ,

,

,

systemen en het handelingsscenario dat hierbij past.

Omgevingsmaatregelen calamiteit brand in de omgeving / overstroming Naast externe veiligheidsrisico’s van bekende bronnen in de omgeving kunnen ook incidentele calamiteiten ,

zoals brand in een gebouw in de omgeving en overstroming ten gevolge van een bres in de polderdijk relevant zijn.

Ook voor dergelijke calamiteiten geldt dat het initiatief binnen het besluitgebied uitsluitend risico-ontvanger is en bronmaatregelen niet beïnvloedbaar zijn vanuit initiatiefnemer. Het risico op brandoverslag vanwege brand bij gebouwen in de omgeving is beperkt; de bebouwingsdichtheid in de omgeving van het besluitgebied is laag en veel bebouwing staat op ruimere afstand van het besluitgebied. Ook zijn rond het besluitgebied watergangen aanwezig die het risico op brandoverslag beperken. Binnen het besluitgebied kan brandoverslag tussen gebouwen onderling wél relevant zijn. Er is rekening gehouden met dit risico door de wettelijk voorgeschreven afstand tussen bebouwing (minimaal 5 meter in geval er sprake is van gevelopeningen die niet brandwerend zijn) te borgen. Wel zullen brandoverslagberekeningen uitgevoerd worden om te bepalen wat de brandwerendheid van de gevels van de gebouwen dient te zijn. Ten aanzien van overstromingsrisico is een bres in de polderdijk langs de Hollandsche IJssel relevant. De Hollandsche IJssel ligt op circa 550 meter ten zuidoosten van het besluitgebied. Uitgaande van een overstromingskans van 1 keer per 30 tot 1 keer per 300 jaar (middelgrote overstromingskans) zal het besluitgebied met circa 20 cm onder water komen te staan (zie onderstaand kaartbeeld).

In geval van een bres in de polderdijk met daaropvolgende overstroming zal evacuatie het primaire handelingsperspectief zijn. ,

Binnen het besluitgebied is voor wat betreft de inrichting rekening gehouden met het overstromingsrisico en het handelingsperspectief voor evacuatie. De vluchtroute via de hoofdingang is van de bron af gesitueerd. Naast vluchten van de bron af is in geval van een overstroming ook de hoogteligging van belang. Uit raadpleging van het Algemeen Hoogtebestand Nederland (AHN) blijkt dat de omgeving van het besluitgebied op ongeveer dezelfde hoogte is gelegen. Wel blijkt dat de Schielandweg in zuidelijke richting over een hoger gelegen dijk loopt. Ook het viaduct van de Schielandweg over de A20 is hoger gelegen. ,

Mocht evacuatie naar hoger gelegen gebieden niet meer haalbaar blijken dan bieden de verdiepingen van de aanwezige gebouwen de gelegenheid om op hoogte te schuilen die niet zal overstromen. ,

4. 16. 3 Conclusie In voorgaande paragrafen is het planvoornemen voor de realisatie van een regionale opvanglocatie

met daarnaast mogelijk te realiseren leslokalen getoetst aan het beleid omtrent externe veiligheid en omgevingsveiligheid. Hierbij zijn relevante risicobronnen geïdentificeerd en is aangegeven op welke wijze de veiligheid van aanwezigen binnen het terrein gewaarborgd wordt. ,

,

Ten aanzien van de mogelijke realisatie van de leslokalen buiten de hekken van de ROL dient aangemerkt te worden dat het externe veiligheidsbeleid van de gemeente Zuidplas deze ontwikkeling in beginsel niet toestaat mits er sprake is van een zwaarwegend motief en daarbij aan de voorwaarden uit de uitgebreide verantwoording groepsrisico wordt voldaan. Dit betekent dat aan de volgende voorschriften moet worden voldaan: Er dient uitvoering gegeven te worden aan de hiervoor beschreven tweeledige aanrij- en vluchtrou• tes aan de zuidwestzijde van de locatie alvorens de leslokalen in gebruik genomen kunnen worden; • De locatie van de leslokalen dient als explosievoorschriftengebied aangewezen te worden. Dit betekent dat het gebouw verplicht voorzien dient te worden van scherfvrij glas); Er dient voorafgaand aan de ingebruikname een door bevoegd gezag te accorderen ontruimings• plan voor het gebouw opgesteld te worden. Ook voor de rest van de tijdelijke opvanglocatie dient voorzien te worden in ontruimingsplannen die rekening houden met alle mogelijke scenario’s. ,

,

,

Datum: 29 januari 2026 Versie: Definitief

,

Pagina 69 van 77

Ruimtelijke motivering ‘ROL Zuidplas , Nieuwerkerk aan den IJssel’

4. 17 Milieueffectrapportage 4. 17. 1 Beoordelingskader De wetgeving over de milieueffectrapportage (m. e. r) is opgenomen in afdeling 16. 4 van de Omgevingswet en in hoofdstuk 11 en bijlage V bij het Omgevingsbesluit. Daarin is bepaald dat het bevoegd gezag bij de voorbereiding van een plan of programma een milieueffectrapport opstelt als dat plan of programma het kader vormt voor te nemen besluiten voor projecten die zijn aangewezen in artikel 16. 43 van de Omgevingswet. Onder een plan of programma als bedoeld in artikel 2 onder a van de SMB-richtlijn (EU-richtlijn voor strategische milieubeoordeling) wordt in ieder geval verstaan een omgevingsvisie programma omgevingsplan (inclusief BOPA) en voorkeursbeslissing. Voor de plannen en programma’s waarvoor een planmilieueffectrapport moet worden opgesteld is in de Omgevingswet een generieke aanwijzing opgenomen. Hiervoor is aansluiting gezocht bij de SMB-richtlijn. In bijlage V bij het Omgevingsbesluit staan de aangewezen categorieën van projecten waarvoor een m. e. r. -procedure verplicht is. ,

,

,

,

,

,

,

Voor plannen en programma’s die betrekking hebben op kleine gebieden op lokaal niveau en/of kleine wijzigingen heeft de Omgevingswet de plan-m. e. r. -beoordeling geïntroduceerd. Voor deze ontwikkelingen is een plan-m. e. r. alleen verplicht als voor de activiteit aanzienlijke milieugevolgen worden verwacht. Een planm. e. r. -beoordeling is ook van toepassing op plannen of programma’s die een kader vormen voor m. e. r. (beoordelings)plichtige projecten en besluiten die niet in het Omgevingsbesluit zijn genoemd. De plan-m. e. r. -beoordeling is een toets om na te gaan of sprake is van een plan met grote milieugevolgen. Deze toets vindt plaats aan de hand van de criteria van bijlage III van de EU-richtlijn m. e. r. De hoofdcriteria waaraan moet worden getoetst zijn: kenmerken van het project plaats van het project en kenmerken van het ,

,

potentiële effect.

4. 17. 2 Toetsing Het besluit tot het verlenen van een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit voor het project aan de Zuidplasweg heeft mogelijk betrekking op een activiteit die voorkomt in kolom 3 van bijlage V van het Omgevingsbesluit; het kan immers de aanleg wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject [J11] betreffen. Voor m. e. r. -plicht zijn drempelwaarden vastgesteld in kolom 2. Deze drempelwaarden betreffen stedelijke ontwikkelingsprojecten met een omvang van: ,

• • •

Een oppervlakte van 100 hectare of meer Een aaneengesloten gebied dat 2. 000 of meer woningen omvat of Een bedrijfsvloeroppervlakte van 200. 000 m 2 of meer. ,

,

In hoeverre voorliggend project valt te kwalificeren als een stedelijk ontwikkelingsproject in de zin van categorie J11 kan niet generiek worden beantwoord. Jurisprudentie biedt wel aanknopingspunten die gebruikt kunnen worden of er al dan niet sprake zal zijn van een stedelijk ontwikkelingsproject. Onderstaand wordt betreffende jurisprudentie beknopt uiteengezet. ,

Volgens de uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS) van 18 juli 2018 (ECLI:NL:RVS:2018:2414) hoeft een wezenlijke wijziging niet per definitie aangemerkt te worden als een stedelijk ontwikkelingsproject. Het begrip laat ruimte voor afweging en interpretatie en is afhankelijk van situatiespecifieke kenmerken; onder meer de aard en omvang van de voorgenomen ontwikkeling spelen een belangrijke rol bij het bepalen of er daadwerkelijk sprake is van een stedelijk ontwikkelingsproject. Hierbij is niet doorslaggevend of er sprake is van aanzienlijke negatieve milieugevolgen (ECLI:RVS:2017:694 en

ECLI:RVS:2018:348). In aanvulling hierop geldt wel dat het volgende kan worden meegenomen in de afweging of er sprake is van een stedelijk ontwikkelingsproject: • Beperkte milieugevolgen van een project (ECLI:NL:RBOBR:2017:5778); • Wel/geen sprake van een functiewijziging (ECLI:NL:RVS:2018:348); • Toename in bebouwd oppervlak (ECLI:RVS:2018:1297).

Datum: 29 januari 2026 Versie: Definitief

Pagina 70 van 77

Ruimtelijke motivering ‘ROL Zuidplas , Nieuwerkerk aan den IJssel’

In onderhavige situatie wordt voorzien in de realisatie van een tijdelijke regionale opvanglocatie van het COA met maximaal 300 opvangplekken en mogelijke leslokalen. Functioneel is dit project niet passend binnen de kaders van het omgevingsplan die gelden voor het besluitgebied; de tijdelijke opvangfunctie met daarnaast enkele mogelijke leslokalen is immers nog niet toegestaan op deze locatie binnen de geldende bestemming ‘Agrarisch’. Er wordt hiermee voorzien in nieuw planologisch ruimtebeslag voor wat betreft de tijdelijke opvangfunctie en de mogelijke leslokalen. Een planologische uitbreiding aan toegestane bebouwing is eveneens aan de orde; de beoogde bebouwing ten behoeve van de tijdelijke opvang is in de huidige situatie planologisch nog niet toegestaan op deze locatie evenals de realisatie van de mogelijke leslokalen. Hiermee is aannemelijk dat er sprake is van een stedelijk ontwikkelingsproject zoals bedoeld in categorie [J11]. Daarom moet beoordeeld worden of er voldaan wordt aan de drempelwaarden waarboven een formele project-m. e. r. -plicht van toepassing is. ,

De oppervlakte van het besluitgebied als geheel ligt ver beneden de genoemde drempelwaarde van 100 hectare. Ook worden er niet meer dan 2. 000 woningen gerealiseerd noch is er sprake van uitbreiding van bedrijfsvloeroppervlakte met meer dan 200. 000 m.2 In beginsel is daarom geen sprake van een formele project-m. e. r. -plicht. Niettemin kunnen ook kleinere projecten wezenlijke gevolgen hebben voor het milieu. In het kader van de voorgenomen ontwikkeling zijn in Hoofdstuk 4 Fysieke leefomgeving diverse milieuaspecten zorgvuldig afgewogen. Uit de afweging is gebleken dat er geen negatieve milieueffecten zijn te verwachten waardoor het uitvoeren van een m. e. r. -beoordeling of MER niet aan de orde is. Het potentiële effect door de voorgenomen ontwikkeling kan niet worden aangemerkt als een bijzondere omstandigheid die het opstellen van een m. e. r. voor de aangevraagde activiteit noodzakelijk maakt. ,

Het bevoegd gezag kan op basis van deze ruimtelijke motivering een besluit nemen over de uitkomst van de plan-m.e.r.-beoordeling of er al dan niet een m. e. r. nodig is en publiceert dit in een m. e. r. - beoordelingsbesluit. Het besluit dat geen m. e. r. uitgevoerd hoeft te worden hoeft niet gepubliceerd te worden in de Staatscourant. Er is geen sprake van een aparte bezwaar- en beroepsprocedure bij de beslissing over de m. e. r. plicht. Bezwaar en beroep is alleen mogelijk tegelijkertijd met de procedure voor dit wijzigingsbesluit. ,

,

4. 18 Conclusie fysieke leefomgeving Met inachtneming van hetgeen omschreven in dit hoofdstuk en de bijbehorende onderzoeksrapportages en resultaten uit eventuele vervolgonderzoeken is er met uitvoering van voorliggend plan sprake van een gezonde en veilige fysieke leefomgeving en daarmee sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. ,

,

Datum: 29 januari 2026 Versie: Definitief

Pagina 71 van 77

Ruimtelijke motivering ‘ROL Zuidplas , Nieuwerkerk aan den IJssel’

5

Financieel-economische uitvoerbaarheid

5. 1

Inleiding

In dit hoofdstuk worden de exploitatie van het plan en de eventueel daaruit voortvloeiende planschade besproken.

5. 2

Economische uitvoerbaarheid

In deze motivering is onderbouwd dat met het voorliggende besluit tot wijziging van het omgevingsplan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties wordt bereikt en dat de toegekende functies binnen een redelijke termijn kunnen worden gerealiseerd. Gelet hierop kan aangenomen worden dat de realisatie economisch uitvoerbaar is. Op voorhand is er geen reden om aan te nemen dat de toegekende functies om financiële redenen niet binnen een redelijke termijn kunnen worden gerealiseerd.

5. 3

Kostenverhaal

Op grond van artikel 13. 11 Omgevingswet is de gemeente verplicht tot kostenverhaal indien sprake is van één of meerdere aangewezen bouwactiviteiten. Het gaat om zogenaamde kostenverhaalsplichtige activiteiten zoals genoemd in artikel 8. 13 Omgevingsbesluit (hierna: ‘een aangewezen bouwactiviteit’). Dit houdt in ,

dat de gemeenteraad kostenverhaalsregels dient vast te stellen in het omgevingsplan tenzij middels onder andere een anterieure overeenkomst de kosten die het vanwege artikel 8. 15 Omgevingsbesluit maakt anderszins verzekerd zijn dan wel vrijstelling wordt verleend voor de kosten in de gevallen genoemd in artikel 8. 14 Omgevingsbesluit. ,

,

De gemeente heeft een anterieure overeenkomst met de initiatiefnemer gesloten. De ontwikkeling heeft voor de gemeente geen negatieve financiële gevolgen. Het kostenverhaal is hiermee gedekt.

Datum: 29 januari 2026 Versie: Definitief

Pagina 72 van 77

Ruimtelijke motivering ‘ROL Zuidplas , Nieuwerkerk aan den IJssel’

6

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

6. 1

Inleiding

Onder de Omgevingswet is participatie een belangrijker thema geworden; participatie vindt bij voorkeur zo vroeg mogelijk in het proces plaats. Dit geldt ook voor het gesprek met andere bestuursorganen (ketenpartners) die bij het project betrokken dienen te worden. In dit hoofdstuk is beschreven op welke wijze belanghebbenden en ketenpartners in de planvorming zijn betrokken.

6. 2

Algemeen

Met participatie wordt in de Omgevingswet bedoeld ‘het in vroegtijdig stadium betrekken van belanghebbenden (burgers bedrijven maatschappelijke organisaties en andere overheden) bij het proces van besluitvorming of een project of activiteit om tijdig belangen meningen en creativiteit op tafel te krijgen’. Het gaat nadrukkelijk om het betrekken van partijen bij het besluitvormingsproces voordat formele besluitvorming van start gaat. Vroegtijdige participatie moet mensen in staat stellen mee te denken aan een nog te maken keuze voor de toekomst van een gebied of locatie. Participatie hoeft niet te leiden tot overeenstemming. Participatie is maatwerk en de vorm is afhankelijk van het initiatief. ,

,

,

6. 3

Participatie omgeving

In het kader van de verkenning voor de realisatie van de ROL en de mogelijke leslokalen op de beoogde locatie is door gemeente Zuidplas in samenspraak met het COA een participatietraject opgestart. Basis voor dit traject ligt in het participatieplan voor de ROL (Participatieplan ROL Z24. 000433 met kenmerk Z24. 000498). Op basis van dit plan is onder meer een klankbordgroep ingericht. Een volledig overzicht van de gevoerde participatie bevindingen vanuit de klankbordgroep en reactie hierop vanuit het COA als initiatiefnemer is in de vorm van een rapportage over de gevoerde participatie als bijlage 12 bij deze ruimtelijke motivering opgenomen. Ondersteunende documentatie voor dit rapport (bijlagen en adviezen met reactie vanuit de klankbordgroep) zijn eveneens aan de aanvraag toegevoegd. ,

,

,

,

6. 4

Vooroverleg ketenpartners

Provincie Zuid-Holland Provincie Zuid-Holland is middels het doorlopen van de Omgevingstafel haakt. Opmerkingen vanuit deze ketenpartner op het plan zijn verwerkt. ,

,

als vooroverlegpartner aange-

Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard Het Hoogheemraadschap is bij het uitwerken van het stedenbouwkundig plan voor de locatie al betrokken; in deze fase is reeds advies ingewonnen hoe om te gaan met het waterbelang. De uitgangspunten die het hoogheemraadschap heeft meegegeven hebben de basis gevormd voor het stedenbouwkundig plan en het waterhuishoudkundig plan.

Omgevingsdienst Midden-Holland De omgevingsdienst is betrokken in de planvorming middels de toetsing van onderzoeken naar diverse milieuaspecten. Veiligheidsregio Hollands Midden Er is vooroverleg gevoerd met de Veiligheidsregio Hollands Midden omtrent het aspect ‘omgevingsveiligheid’ en de bereikbaarheid en bestrijdbaarheid van calamiteiten in de toekomstige situatie. De definitieve uitkomsten van het vooroverleg zullen hier worden opgenomen.

6. 5

Procedure en adviesrecht

Voor omgevingsvergunningen voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten is in beginsel de reguliere procedure van toepassing. Het bevoegd gezag kan met instemming van de initiatiefnemer de uitgebreide proce,

Datum: 29 januari 2026 Versie: Definitief

,

Pagina 73 van 77

Ruimtelijke motivering ‘ROL Zuidplas , Nieuwerkerk aan den IJssel’

dure van toepassing verklaren indien dit naar het oordeel van het bevoegd gezag noodzakelijk is voor een goede belangenafweging. De gemeente Zuidplas heeft beleidsregels vastgesteld waarin is verankerd voor welke buitenplanse omgevingsplanactiviteiten adviesrecht van de gemeenteraad ingewonnen dient te worden. Met de realisatie van een tijdelijke regionale opvanglocatie is sprake van een gevoelig onderwerp (conform artikel 10 uit de beleidsregels). Hiertoe heeft de gemeenteraad adviesrecht op dit dossier.

Datum: 29 januari 2026 Versie: Definitief

Pagina 74 van 77

Ruimtelijke motivering ‘ROL Zuidplas , Nieuwerkerk aan den IJssel’

7

Evenwichtige toedeling van functies aan locaties

De voorgenomen plannen betreffen de realisatie van een tijdelijke regionale opvanglocatie voor ten hoogste 10 jaar voor het opvangen van maximaal 300 statushouders en evident kansrijke asielzoekers aan de Zuidplasweg te Nieuwerkerk aan den IJssel. Hierbij worden een facilitair gebouw 42 verblijfsunits en aan de opvang ondergeschikte voorzieningen (parkeren sport en spel groenvoorzieningen waterberging etc. ) gerealiseerd. In deze aanvraag worden de mogelijk te realiseren leslokalen uitsluitend ruimtelijk mogelijk gereserveerd. ,

,

,

,

,

Het planvoornemen wijkt af op gebied van het toegestane gebruik ter plaatse van het projectgebied (de tijdelijke opvang past niet binnen de ter plaatse geldende functie ‘Agrarisch) de bouwregels binnen de ter plaatse geldende functie én de gebiedsaanduiding die de realisatie van zeer kwetsbare functies (zijnde de mogelijk te realiseren leslokalen) verbied. Hiertoe dient middels voorliggende aanvraag voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit afgeweken te worden van het omgevingsplan. ,

Het initiatief is niet in strijd met het relevante Rijks provinciaal regionaal of gemeentelijk beleid. De beoogde tijdelijke opvang voorziet in een landelijke en zeer urgente behoefte aan extra opvangplekken. Ten aanzien van het provinciaal beleid uit de omgevingsverordening wordt middels toepassing van afdeling 7. 3 afgeweken van de provinciale regelgeving voor het projectgebied omwille van de tijdelijke en beperkte impact op het landschap. ,

,

Daarnaast is gebleken uit de toetsing aan de relevante omgevings- en milieuaspecten in hoofdstuk 4 van deze motivering dat er geen belemmeringen optreden voor het realiseren van de bouwplannen. Voor het realiseren van de mogelijke leslokalen dient afgeweken te worden van het gemeentelijk externe veiligheidsbeleid voor deze locatie. Hiertoe is in paragraaf 4. 13 een nadere onderbouwing van dit thema gegeven. ,

Tot slot is er een uitgebreid participatietraject doorlopen waarbij zowel de gehele bevolking van Zuidplas is geïnformeerd als adviezen zijn opgehaald vanuit de samengestelde klankbordgroep van omwonenden. De aan de aanvraag toegevoegde verslaglegging van het participatietraject geeft weer op welke wijze de omgevingsdialoog is gevoerd en hoe in de planvorming hiermee rekening is gehouden. Hiermee is invulling gegeven aan het voor de ontwikkeling opgestelde participatieplan en de participatieplicht die vanuit de Omgevingswet geldt. ,

Hiermee kan worden geconcludeerd dat er met het planvoornemen sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Voor onderhavige ontwikkeling worden de activiteiten ‘strijdigheid met het omgevingsplan’ en de activiteiten ‘omgevingsplanactiviteit bouwen’ en ‘technische bouwactiviteit’ gelijktijdig aangevraagd met uitzondering van de mogelijke leslokalen; deze worden uitsluitend ruimtelijk vergund (‘strijdigheid met het omgevingsplan’). Er is derhalve sprake van een zogenaamde ‘gecombineerde BOPA’. Een ruimtegebruikskaart waarin de globale kaders voor de ontwikkeling worden vastgelegd is hierdoor niet nodig; het stedenbouwkundig plan geeft de gewenste toekomstige situatie reeds weer. ,

Datum: 29 januari 2026 Versie: Definitief

Pagina 75 van 77

Ruimtelijke motivering ‘ROL Zuidplas , Nieuwerkerk aan den IJssel’

8

Verwerking in het omgevingsplan

8. 1

Algemeen

Gemeenten hebben de verplichting om buitenplanse omgevingsplanactiviteiten binnen 5 jaar in het omgevingsplan op te nemen. Als er veel BOPA’s gelden naast het omgevingsplan kan het immers onduidelijk zijn welke activiteiten in een gebied zijn toegestaan. Daarom bepaalt artikel 4. 17 van de Omgevingswet dat gemeenten een voortdurende BOPA verwerken in het omgevingsplan. Dit gebeurt binnen 5 jaar na het onherroepelijk worden van de BOPA. Deze verplichting geldt pas vanaf 1 januari 2032. ,

In onderhavige situatie is sprake van een tijdelijke vergunning niet aan de orde zal zijn.

8. 2

,

waardoor verwerking in het Omgevingsplan

Verwerking

Voorliggende aanvraag omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit betreft de realisatie van een tijdelijke regionale opvanglocatie voor ten hoogste 300 bewoners en de mogelijke realisatie van leslokalen. De locatie zal voor maximaal 10 jaar als zodanig worden gebruikt; de tijdelijkheid is verankerd in een bestuurlijke overeenkomst tussen COA en gemeente Zuidplas. Er is daarmee geen sprake van een voortdurende BOPA. Verwerking van deze omgevingsvergunning in het omgevingsplan is derhalve niet aan de orde.

Datum: 29 januari 2026 Versie: Definitief

Pagina 76 van 77

Ruimtelijke motivering ‘ROL Zuidplas , Nieuwerkerk aan den IJssel’

Bijlagen Bijlage 1: Terreininrichtingsplan Bijlage 2: Verkennend bodem- en waterbodemonderzoek Bijlage 3: Akoestisch onderzoek wegverkeer- en spoorweglawaai Bijlage 4: Onderzoek geluidwering gevels mogelijke leslokalen Bijlage 5: Veiligheidsplan Bijlage 6: Waterhuishoudkundig plan Bijlage 7: Quickscan flora & fauna Bijlage 8: Rapportage AERIUS-berekeningen Bijlage 9: Aanvullend soortenonderzoek grote modderkruiper Bijlage 10: Oriënterend onderzoek ontplofbare oorlogsresten Bijlage 11: Notitie omgevingsveiligheid Bijlage 12: Rapportage participatietraject

Datum: 29 januari 2026 Versie: Definitief

Pagina 77 van 77

L E S S IJ N E D N A A K R E K R E W U EI N REGIONALE OPVANGLOCATIE DEFINITIEF ONTWERP 15 JANUARI 2026

INLEIDING 44 21 40

42b 42-42a

derlo Na-rgaewPl

2eTochtw eg

el araP diuZ-gewl

Ten oosten van Nieuwerkerk aan den IJssel wordt een regionale opvanglocatie (hierna: ‘ROL’) voor asielzoekers gerealiseerd. De opvanglocatie is tijdelijk voor de duur van 10 jaar , vervolgens wordt de locatie weer vrijgemaakt. Voor deze 10 jaar krijgt de locatie een tijdelijke , maatschappelijke bestemming. Deze locatie biedt opvang aan circa 300 personen. Op het terrein worden c. a. 42 verblijfsunits geplaatst , verdeeld over zes bouwblokken.

67 lel araP dro N-gew

21

19

36

24

6a3

2a

16

22

20

20a

1eTochtw eg 18

13

4 Grensweg

51

Paral elweg-No rd 14 1eTochtw eg 12

49 e1hgceowTt

47

8

85 83

8

4a- 4f

6-6a

4g

4h-4j

87

2c

Ho geve nenweg

81

2a

1 -1 b 6

2d

79

77

diuZ-ge P wlel ara

Grensweg

1a

2

1

2-2a vego H gewnene

32 15

1eTochtw eg

4a 91

9b

21 14

1-3 13

12

oegeVn nHe

93

5

1

9

95

eevego ewnenaala gn

ewl l araP diuZ-ge

Eporu

oH

191

uZsgaelpwdi 8

33

19h 19b

19c

Scdwo 4 eg hiel ane 31 OTocht ude

19e

10

2 4

ABRI

941 1 15

541 41 7

161 136 159

5 1 751 513

3

813 12 10 181 diwlgZlaraP e-uw 8 6 b1 7 1 719 42 1 a581 1 9 10 7 He lkruid 1 2 28 5 7a 7 3 1

Eruor oa pa dan puE la

21a

7 9

6 8

10 1 1315

42

1

3 5 7 9 1 13 15 17 19

12 14 1618

17 19

17 16 15 14 13

12

1 01

21

7 98

139

413

9

8

7

Kle fkruid

6

5

4 3 2 1

Kle fkruid

25 26

27 82

29

2325

30

Kronkuid

27 29 3133 35 37 39

2022 24 26 28

Monikskruid

1 23 4 5 6

SPT SPT SPT SPT SPT SPT SPT

32 25 27

9 Koid nrkou 154

8 10

6 7 1

152a

12

13 14

4 Spe n kruid

3

1

Nagelkruid

142 140 138 136

115408 146 14

152

23

iawsgelupZd

Schielandweg 2

2eegTochtw

14a

27

18a 5a

10

IJs el a n 5

a1

3

23a 41

5

1 1 3 5 7 9 1 13 15 17 19 37 36 35 38 34 39 4041 Herteruid nk 33 10 03 23 161 159 42 23 113342 2 2 32 42 apEru dapo 1 12 13 14 15 16 43 36 41 40 39 38 37 165 163 157 43 31 137a 19-36 15 137 71 81 128 130 44 SPT SPT 14 153 153 135a 19 20 46 45 30 43 Peningkruid 3 2 1 151 1a 12 21 7 45 38d Havikskruid 31 3 1 10 38-38c SPT SPT SPT ldiwg-Zu araP ew 49 4 12 120 1 8 29 28 26 25 Z laseguidp 9 5 1 0 4 4 1 2 6 1 2 4 SPT 13 8 42 7-8 Kronid kru 1 2 3 27 24 55 53 219 7 65 4 1-18 5 4 59 57 1 6 H e r t e n k r u i d 23 6 84 64 6 217 31 4 3 16 149 5 22 7 Hik av 14 15 2 1 67 56 36 52 05 14 147 8 skruid 6 7 8 9 10 1 12 13 14 51 21 12a7 16 71 zuidBl ekr 12 145 5 65 45 1 9 Schiedww 8 5 K r u i d e n t u i n 25 24 1 6 lao g ee 18 91 20 nch 215 3 2 1 27 26 78 02 26 06 4 3a12 Fluitekruid 91 Or chidevld 69 64 9 71 86 66 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 3 58 72 62 52 Fluitekruid 17 18 IJs el an 01 73 13 108-1 0 321 7577 72 07 24 4 5 6 7 8 9 10 1 12 12 22 21 20 Fle uit kruid 55 56 75 59 6 2 1 74 16 17 1 106 143a 19 54 0 61 79 ABRI 12 121 53 52 76 15 23 10 62 4 1 1 0 4 8 1 1 3 1 18 78 14 9 143 17 02 19 51 50 63 64 2221 23 14 80 102 141 ali sal na 49 48 10 1 10 15 8 24 16 91 Schijfmos 65 6 10 139 18 15 uZpd 8 1 01 9 2019 9 25 47 46 9 98 137 15 17 16 9 37 38 67 68 Kr oal on nkruid S diueg rk 21 31 12 16 76 26 8 18 8 96 135 10 1 uErpopada 69 8 17 27 14 17 39 40 14 15 13 65 Europl an no 37 72 70 71 17

Kkruidp 76 Robertskuid 28 13 7 41 42 16 akrudi 76 18 5 113219 63 12 71a-b 7 2930 4 36 57 74 82 84 raBb 5 16 61 5 6 13 15 3 4 44 6 7 5 4 3 2 1 35 34 86 13 6 kidZepru 112275 42 4 14 45 1 17 4 15 19 33 78 7 21 8 90 4 diurklekiS 40 3 15 98b 1 3 4 1 5 20 2 13 26 27 32 31 79 21 92 18 3 14 21 1 12 16 19 2 0 3 iadFr lsev SPT 98 1 94 94a 13 15 4 22 9 10 1 1 17 1 28 29 17 18 1 0 2 1 2 5 9 S P T SPT 20 1-2 3 23 34 7 8 10 SPT 910 30 38 121 krudiFtein no 57 18 25 51 16 SPT 89 1 2 56 38 9 0 8 4 7 b 4 9 A 107 24 23 13 1 58 87 98 1 5 36 zavd le 8 81 82 SPT SPT SSPPTT 6 1 21 1 501 2 21 83 84 5 K r o n k r u i d 3 4 7 10 4 2 12 6 20 19 85 1 35 23 301 1 7 1 9 121 123 3 93 6 8 3 5 1 03 4 5 Ringva rt 18 92 91 87 8 3 109 1 1 1 3 1 5 4 3 raleaP dg-Z eiwul 10 1 95 97 99 101 103 105 SPT 2 56 49 12 13 Sfjihc som 90 89 23 2 19 17 15 13 1 9 7 5 3a 91 93-93a 10 9 47 Be egodl vain 26 82 13 b9 24 71 8 14 15 10 9-2 9a9 2 7 2 6 52 87 2 24 15 7 16 17 89 2123 2 22 Watekruid rtor 34 45 5 44 10 7 9 1 13 14 -149 99 6 5 7 Bro somsn 30 29 28 21 39 41 6 22 d 2 e 25 4 42 1 1 9 9 73 3 1 4 5 SPT 20 10 20 9 Zuildaps lan 123 105 31 27 6 109 8 3 35 32 40 19 1 23 25 27 29 31 18 16 12- 1129 12 19 103 10 34 3 23 2a 22b c SPT 107 7 42 Ereprijsveld 36 5 29 Daklruid 810 38 107a-107b 18 12 14 12 1 34 105 65 SPT 8 6 3a 32 43 119 -1 17 1 5 9 12 31 17 1122ab 35 22 SPT 3634 103 21 01 SPT SPT SSPPTT 01 33 28 30 93 13 1 97 95 12 16

101-09 Schielang dw 36 33 Dalkruid 101 43 19 SPT 12 14 31 109 20 21 14 15 49-3 4 7-51 53 68 93 38 37 35 9997 17 15 29 1 07-1b 107e 107f 1h07g07 18 19 SSPPTT 16 32 2 14 2 4 16 18 91Goudmos 5-7 13 2725 10 107c d 40 39 17 SPT 37 18 30 1 13 41 93 20 22 24 26 12 16 1 9 1 8 8 SPT 39 diurklaD 97 5 10 Kaled meivl 23 41 e19 15 14 SPT 41 20 35-73 59-61 3 1a 8 21 71-9 9d1 9c1 62 28 81-81a 83 85 87 89 91 91 9 3 14 16 18 20 22 24 26 98 7 136-168 608-8 13 12 43 2 3 63 64 19 3 b19 ae 91 10 9 SPT 93 95 95 dlliefvMa 10 65 4 Guds or mv 1 237-9 eldNacis 65 67 69 1 17 24 79 97 99 10 2 ed 6 -9 16 3 6 91 87 136-168 7 45 49 51 77 71 73 103 105 15 Madeliefveld 102 21 64 62 60 58 8 9 87 16-97 82-018 TaakmoesruSlng kid 4 75 75 7 89 107 109 1 5-9514-19 56 54 53 5 36 618-2 1 13 12 10 85 83 73 25 2741-95 79 85 87 1 3 1 5 17 14 13 57 59 6 31a0 132-46 9 86 4 vanGep weg 2 1 0 2 2 5 1 8 6 1 7 3 1 2 1 8 3 8 5 7 -n 9 1 7 12 34 1050 96 931234 17-9 a18 41-30 4 12 2 93-1 34 42 45 5 79 19-7 eldocuvs rC 2-4 128 1 10 cShot lmose446 5 4 2 3 76 0 1 1 9 8 6 1 2 3 42 7 75 15 69 1 921 275 orB osmsn 48 47 1 36 65 8 69810 212 124 18 1 9 9 8 40 73 SPT 1450 8-1 104 3 7 94 6 1 3 1 N 2 3 02 1 9 1 20 38 71 69 ar celd isv vedl eileL 67 17 SPT 87 -4 106 21 2 28 03 48 1 12 61-7 2-18 Lelild eve 123 125 127 129 131 -19 65 69 SPT 94 96 1 32 3 4 36 46 44 2 -85 03 13 61 63 67a SPT SPT 9 53 05 82 9 8 10 18 SPT SPT 2 20 1 57 95 5 2 51 3

35 42 7 38 14 16 97 152 154 B mos dal 25 27 29 31 SPT SPT 47 29102 104 Schoet lmos 37 40 8 M argietd vel 10 12 26 24 13 1 554 3 2 6a 212 3 38 S P T 2 5 a 2 9 1 0 6 1 8 2 5 1 5 1 6 39 SPT 27 108 158 160 d 36 3 53 5 56 5 17 19 SPT 23 03 5 32 12 19 71 160a lGaniure evm 34 25 62 29 30 1 51 75 32 30 37 67 1 36 34 162 164 SPT 23 24 3 5 47 94 26 39 38 SPT SPT SPT 31 32 40 38 272 16 168 15 28 42 45 24 2 40 SPT 21 22 33 79 42 13 92 SPT 76 78 80 82 84 86 88 29 13 1 26 10 8 6 170 vGaen nepweg 20 18 16 12 42 41 SPT SPT 34 35 1 13 48 46 4 35 3 1 74 2 7 25 20 2 14 97 3 4 SPT SPT 36 15 52 05 37 14 12 3 43 3 5 70 72 23 19 2 Gladi old lve SPT 12 10 53 15a 56 54 3 9 81 61 75 1 2 5 6 8 1 7 3 4 85 r v d l e j n 0 2 9 6 68 86 36 35 6 60 A 19 1 7 Witm os 1 17 42 22 Zuidp anaals 646 42 61 63 5 1 34 3 32 31 8 10 41 4 3 31 1 3 5 1 G s o m d u o 9 5 1 2 6 1 1 2 1 3 1 4 1 5 1 6 1 7 1 62 5 1 62 57 6 13 SPT 18 19 02 21 14 45 47 28 osmSt er e 13 1 03 15 60 14 Irisveld 16 81 3 0 ldruamev eiGn 17 9 5 7 2 7 3 0 5 0 85 2 53 14 3 2 02 19 1 12 8 15 70 68 54 56 46 75 28 29 13 10 9 8 7 6 5 4 1 2 -4 223 1 5 63 73 83 3 9 61 SPT 66 49 32 8 rosK somt 62 27 12 4 3 93 31 4 SPT 45 51 34 10 10 1 59 2 56 Kru 25 53 3638 25 Ko dro netr 12 SPT SPT SPT 25 50 48 46 1 7 8 lmos 23 24 Margietld ve 109 57 55 27 14 16 SPT SPT SPT 64 31 40 SPT 21 22 59-59a 35 4 57 2931 wegeidlSch na 18 9 10 SPT SPT 29 SPT SPT 62 SPT 4244 87 51 5 42

40 59 20 2 49 51 1 1 12 13 14 15 16 17 18 17 18 1 9 20 60 26 27 25 SPT 33 Goumdso 23 25 7 4 4 9 1 6 46 24 65 58 38 35 smanpd JrIe 27 29 45 47 2 32 21 19 24 6365 4850 Kortenoo rd 13a 91 21 4 43 45 eLleivd 54 56 37 4 6 1 6 5 6 7 7 1 7 3 7 7 9 8 3 8 5 8 9 9 1 9 5 6 31 33 6 32 41a 52 17 3-62 SPT 67 52 39 51 17 SPT SPT 8 10 48 05 69 54 mm m 31 35 37 39 1a1b 51 49 47 45 43 41 39 1 21 14 ovl iV dle 81 2412- 0 91 14 37 35 33 31 29 b64 15 56 1 75-14 1c 1222 37 71 7 43 2a 61 81 27 4-66a 13 m 53 1d 8 10 42 75 60 58 35 enseV om 3 1 20 22 4 91 m mm 1e dal 2 2 5 32 21 SPT 6 26 28 1 5 l a d n e U i l 1 4 2 4 0 4 7 4 1f1g Eenne 4 39 2 03 72 70 68 97 2 2 4 19 71 38 36 35 a7 7 6 1b1a 37 35 6 64 Fra ncoisvdut ia 51 3 1 1h 61 18 13 1 64 92338 34 1b 1 62 9 68 5 33 8 1012 32 30 1a 28 26 23 12 14 1 13 15 1 29 Ger aniumveld 19a 71 19 10 97 20 22 24 26 28 30 24 63 34 01 15 14 13 23 27 25 10 9 17a 8 10 12 31 1 1 2 20 38 01 som 17 19 19 16 1 3 5 7 9 1 24-25 23 2 68 8 23 25 35 12 Zivler 27 21 17 15 ndalpe luW 1 42 40 7 6 14 12 51 17 al 72-6 24 14 2 7 6 1 9 2 2 3 5 2 2 1 9 1 1 3 8 1 7 2 4 5 29 23 1 S nn pied 18 Uilenda 8 10 12 14 16 18 28-9 46 plasZuid 16 18 331 16 9 19 9 hcS os mdli 25 41

ronaulEap

21

2eTohctg 20

6 8 IJs el a n

ABRI

169 171 1 561 761 35

2 Tchtweg

2 185

19d

2eTochtw eg 73

6 5

19f

19a

10

7

60 62

21

Viswnedrinbg eg 9

dapaporuE

15-15a

17-19

91

39

5a 1 13

23

2

breV gewsgnidni

2b 4

75

a94 3

8b

10

29

ew gHgveno n

elZudil-agreawPl

2eTegochtw

16

28

73

dro N-gewlel araP 10

16

g01-a01

oH engeevwgo

raP doN-rgewolela 12

14

13a-13d

21

Ligging Het plangebied is gelegen aan de (noord)oostzijde van Nieuwerkerk , op de overgang van het stedelijk gebied naar het buitengebied. Ten westen van het plangebied loopt de Schielandweg (N219) , een belangrijke verkeersverbinding voor autoverkeer uit Capelle aan den IJssel en Nieuwerkerk aan den IJssel richting de A20 en de A12. Ter hoogte van het plangebied ligt een rotonde waar de Schielandweg , de Zuidplasweg en de Zuidplaslaan samenkomen. Aan de zuidzijde vormt de spoorweg tussen Rotterdam en Gouda de begrenzing van het plangebied. Het plangebied is een open weiland met een agrarische functie. Centraal in het gebied ligt een sloot.

13e/1-13g/9

b41 1

171 169 167

9

8 6 2eTtg 3

1 61 14 1 14

Nieuwerkerk aan den IJssel

Plangebied Snelweg A20 Schielandweg Spoorweg Rotterdam - Gouda Hollandse IJssel

Nieuwerkerk aan den IJssel | 15. 01. 2026

12 a01

108

10

57 Kotr den ro 4a5

47 45

41

dretno oK

sI J rdo N-kjidle

361

0 20 40 schaal 1:2000

60

80m

iIJs dle d-rkojN

358a 358

2

362

363

36 367

DEFINITIEF ONTWERP Plankaart 1

Hoofdkantoor / facilitair gebouw / receptie

8

Fietsenst. medewerkers/ stalling transportmiddelen

10

Transformatorhuisje

2 - 7

Opvangunits

9

Fietsenwerkplaats

4x5m.

Bomen Beplanting

> 3m.

Totaaloppervlakte plangebied: 14735 m 2 (gemeten binnen de hekwerken) Toegangswegen totaal = 1450 m 2 BVO verblijfsunits: Blok 2 = 782 m 2 Blok 3 en 6 = 782 m 2 en 782 m 2 Blok 4 , 5 en 7 = 590 m 2 , 590 m 2 en 590m 2 Totaal = 4416 m 2

Bloementuin / pluktuin Haag

BVO van het dienstengebouw: 1577m 2 BVO voor het schoolgebouw: 332m 2

6

Gazon Laagblijvende beplanting

5

Sportvoorziening , voetbal + volleybal (modulaire vloer)

7 Overdekte fietsenstalling bewoners

4

Rijbaan Trottoir/langzaam verkeer

3

Calamiteitenontsluiting voetgangers , Gebonden halfverharding (met bindmiddel) Parkeren , grasbeton

2

Calamiteitenontsluiting , grasbeton

9

Valondergrond Tigermulch

8 Ruimtelijke reservering leslokalen Bestaande watergang / Nieuwe watergang: verbonden met best. watergang d. m. v. duiker

10

1

Streven: natuurlijke oever , talud 1:3 Containers Voetgangersbrug (calamiteiten) In- en uitgang (poort) Hekwerk Nieuwerkerk aan den IJssel | 15. 01. 2026

3

DEFINITIEF ONTWERP Groen & Water Kleinbladige winterlinde - Tilia cordata ‘Rancho’

Veldesdoorn

-

Acer campestre ‘Elsrijk’

Berk - Betula pendula

Japanse sierkers - Prunus serrulata ‘Accolade’

Kornoelje - Cornus kousa ‘Milky Way’

Struweel/houtsingel 10% Acer campestre 10% Amelanchier lamarckii 10% Carpinus betulus 10% Cornus mas 20% Corylus avellana 15% Rosa corymbifera 15% Sorbus aucuparia

Landschappelijke haag > 3m 40% Acer campestre 20% Carpinus betulus 20% Fagus sylvatica 20% Rosa corymbifera

Bloemgras Kruidenrijkgras - Mengsel cruydthoeck G3

Vakbeplanting - Spiraea japonica ‘Little Princess’ Bloementuin / pluktuin Kruidenrijkgras - Mengsel cruydthoeck G3

Haagbeuk - Carpinus betulus

Gazon Nieuwe watergang: verbonden met best. watergang d. m. v. duiker Streven: natuurlijke oever , talud 1:3 Nieuwerkerk aan den IJssel | 15. 01. 2026

4

PLANTOELICHTING Omgeving Het plangebied is gelegen in de Zuidplaspolder. Deze polder is grofweg gelegen tussen Moerkapelle , Rotterdam Nesselande , Gouda en Moordrecht. De polder is ontstaan door de Zuidplas , een meer ontstaan door veenwinning , in te polderen. Het plangebied is gelegen in het agrarisch gebied van de polder. Het gebied bevat de kenmerken van een typisch polderlandschap. Kenmerkend zijn de openheid en de strokenverkaveling. De overwegend smalle kavels worden gescheiden door sloten. Ter hoogte van het plangebied is het orthogonale polderlandschap onderbroken door de bebouwde kom van Nieuwerkerk aan den IJssel , het spoor en de A20 die hoger in het landschap zijn gelegen. Ruimtelijke opzet Bij het stedenbouwkundig ontwerp van de ROL is de structuur van het polderlandschap als uitgangspunt genomen. Het leidt tot een orthogonale , rationele opzet van het plan. Gekozen is de sloot in het plangebied te dempen vanwege de te benutten ruimte en de veiligheid van de bewoners die zelden zwemvaardig zijn. De sloot wordt echter ruimtelijk vertaald naar een doorgaande lijn over het plangebied die een zichtas vormt vanaf de Schielandweg naar het open polderlandschap. Ook op het ROL-terrein ontstaat er daardoor een connectie met het open polderlandschap.

Door een ruimtelijk compact plan blijft het vrije uitzicht van de naastgelegen woning aan de Zuidplasweg behouden en sluit de locatie mooi aan bij de omgeving. Daarnaast is bij de verdere uitwerking nadrukkelijk rekening gehouden met de positie van de aanliggende (woon)bebouwing. Door de situering van de opvangunits en de groene inrichting aan de randen van het terrein wordt ook voor deze directe buren een nieuwe invulling gegeven aan het groene karakter die aansluit bij de omgeving. Tevens wordt met de gekozen ligging van de opvangunits en speelvoorzieningen rekening gehouden met het beperken van geluidoverlast voor omliggende percelen. De entree van de ROL wordt gevormd door het facilitaire gebouw met de receptie dicht bij de slagboom. Vanuit dit gebouw is er goed zicht op de entree en de inkomende en uitgaande bewegingen. Een parkeervoorziening met 38 plaatsen bevindt zich vooraan in het plan , grotendeels buiten het zicht vanaf de Schielandweg. Door het parkeren vooraan te situeren worden verkeersbewegingen op het terrein tot een minimum beperkt. Direct nabij de entree is tevens een opstelplaats voor de bus opgenomen. Deze locatie maakt het mogelijk om bewoners of bezoekers efficiënt te laten in- en uitstappen zonder het interne terrein te hinderen.

Daarnaast zijn hier de containers opgesteld , zodat afvalinzameling centraal en ordelijk kan plaatsvinden , zonder overlast voor de verblijfsgebieden. Aan de noordwestelijke zijde van het plan staan de verblijfsunits gecentreerd. Op deze manier is de afstand tot het spoor maximaal wat de geluidsoverlast beperkt. Door de situering van de verblijfsunits ontstaan er een tweetal hofjes. Deze opzet zorgt ten eerste voor sociale veiligheid. Vanuit de verblijfsunits is er goed zicht op spelende kinderen en recreërende bewoners in de hofjes. Ten tweede , de situering breekt de grote ruimte en zorgt voor een gevoel van geborgenheid op het terrein. De hofjes bieden zitgelegenheden en speelruimte voor de jongere kinderen. Voor de oudere kinderen en volwassenen is er richting het spoor ruimte voor sport en spel.

Nieuwerkerk aan den IJssel | 15. 01. 2026

5

VISIE OP DE TERREININRICHTING Een goede terreininrichting vergroot de leefbaarheid voor de bewoners van de ROL. Er is gestreefd naar een buitenruimte met een menselijke schaal die aanzet tot bewegen , leren , ontmoeten en ontspannen. De inrichtingselementen vormen samen een materiaalfamilie bestaande uit hoofdzakelijk natuurlijke materialen. De drie belangrijkste ruimtes krijgen een ieder een eigen invulling.

Hofje 1 In hofje 1 staan speeltoestellen voor kinderen vanaf 5 jaar. Vanuit zowel de verblijfsunits als het facilitaire gebouw is er goed zicht op de speellocatie. Naast de speeltoestellen biedt dit hofje ruimte om met groepen samen buiten te zitten of te fitnessen. Hofje 2 Hofje 2 is door haar ligging van nature rustiger. Het hofje wordtingericht voor individuen en kleine groepen mensen die rust zoeken. De bankjes zijn ongeschikt voor grote groepen. Daarnaast wordt er een bloemenmengsel ingezaaid dat dient als pluktuin. Sportveld Naast speelgelegenheden voor kinderen is het belangrijk dat het terrein ook voor oudere kinderen en volwassenen uitnodigt tot bewegen. De noordoostelijk gelegen locatie achter de fietsenstalling leent zich daar voor. Er is ruimte voor voet- en volleybal en het ligt verder van de verblijfsunits af waardoor (geluids)overlast beperkt blijft. Buiten- en binnenspeelruimte kinderen Voor de jongste kinderen (tot 4 jaar oud) wordt een omheinde buitenruimte gecreëerd. In het dienstengebouw bevindt zich de binnenspeelruimte. De buitenruimte wordt ingericht met een terras met een picknickbank , en diverse speeltoestelen zoals een zitje van boomstammen , een schoolbord waar kinderen op kunnen schrijven en tekenen , en een speelhuisje. De buitenruimte wordt afgeschermd door een houten schapenhekje.

Nieuwerkerk aan den IJssel | 15. 01. 2026

6

TERREININRICHTING Productenlijst Hofje 1

Buitenspeelruimte kinderen Robinia duikelrek - Trio Productcode: NRO809 Leverancier: Kompan

Robinia doel met ballenvanger Productcode: n. v. t. Leverancier: Robinia speeltoestellen Ondergrond: kunstgras

Klein robinia kippenhok Productcode: NRO417 Leverancier: Kompan

Robinia speeltoren - Torenhuis + glijbaan Productcode: NRO1016 Leverancier: Kompan

Volley/voetbalveld vloerplaten Productcode: U5102-07 Leverancier: Bergo Flooring

Robinia klaslokaal Productcode: NRO610 Leverancier: Kompan

Robinia schommelcombinatie Productcode: NRO919 Leverancier: Kompan

Obstakelparcour over-en-onder Productcode: FSW214 Leverancier: Kompan

Calisthenics - Combi 2 Productcode: FSW102 Leverancier: Kompan

Push Up Bars Productcode: FSW209 Leverancier: Kompan

Tafeltennistafel beton groen Productcode: DRD. HB. 001 Leverancier: Boerplay

Robinia kindertafel met 4 zitplaatsen Productcode: NRO212 Leverancier: Kompan

Algemeen Zonnescherm , diamant Productcode: NRO208 Leverancier: Kompan

Schapenhekje Productcode: N. v. t. Leverancier: N. t. b.

Robinia parkbank met rugleuning Productcode: NRO213 Leverancier: Kompan

Anita Picnic Productcode: PAR1060 Leverancier: Kompan

Valondergrond: Tigermulch Productcode: NRO208 Leverancier: De Bruine Speeltoestellen

Bewegen

Volleybalset robinia Boerplay Productcode: pds_spt. rob. 407 Leverancier: Boerplay

Nieuwerkerk aan den IJssel | 15. 01. 2026

Fietsenrek Productcode: N. v. t. Leverancier: N. t. b.

7

C

VEILIGHEIDSKAART

10

D

00 .

E

Opstelplaats tankautospuit / redvoertuig 11 x 5 m Opstelplaats bluswaterwinning 11 x 5 m F

Opstelplaats bus Hoofdentree (slagboom) Calamiteitenpoort voetgangers

5 0.

0 5 0.

0

O

G

Extra vluchtroute personen + aanrijroute hulpdiensten

H

5. 2

Calamiteitenroute personen + aanrijroute hulpdiensten (brug/duiker)

Op

Calamiteitenroute personen

en

w

e at

r

13

2. 8

9. 6

n

w

0 5 0.

0

at

e

r

0 25. 28

1.2

7 .4 2

5. 0

Brug/duiker

pe

00

0 4 0.

0 10

9

0 0.

0 9 0.

J

1 8.

00

Aanrijdroute via hoofdentree 4. 5

Bluspunt K

.

Vlaggenmast 41

9 5.

R =3. 0 0

.

O

1 6.

pen

w

at

.

er

5. 5

0

0

Op

e

n

at w

e

r

0 6 0.

0 5 0.

L

40

1 .4

Afstand tot perceelgrens meer dan 5m

2. 5 00

38

8

0 4. 5 0

=R

7 00

.

28

0

0

1 2. 0

M

7

R=5. 00 6. 8

O

N

pen

1 6. 0

0 .

wa

te

r

0

58

0

7

0 1 8. .

Nieuwerkerk aan den IJssel | 15. 01. 2026

50

.

35

0

10

79.

50

0. .

P

0

=R

5 50

35

0 0.

8

uel Zwe d- ig ala rlP 1a 1

32

OPPERVLAKTE 15

14

63. 530 m 2

Totaal oppervlakte perceel 13

12

Oppervlakte binnen hekwerk 14. 735 m 2 39

1

V e r b i ni ndg s w eg

10

2 e To c h t w eg

9 Z d i u awglsep

191 8

7

6

5

4

2

3

b1

1 1 2 a7

28

7

a5 10

Z d i u awglsep

Sch iela n d w eg

5 3 a1

1

SPT

SPT

SPT

SPT

SPT Z u idpl a sw e g SPT

23

6 2 12

5 S c hl ia en de wg

20

7 4

91

8

O r c he ie dv e l d

9 18

3

I J s s e lalna

01

Nieuwerkerk aan den IJssel | 15. 01. 2026 2

9

1 12

ABRI 1

13

02 19

14

na

uel Zwe d- ig ala rlP 1a 1

32

OPPERVLAKTE 15

14

23. 083 m 2 13

12

3. 450 m 2 39

1

V e r b i ni ndg s w eg

10

2 e To c h t w eg

9 Z d i u awglsep

191 8

7

6

5

4

2

3

b1

1 1 2 a7

28

7

a5 10

Z d i u awglsep

Sch iela n d w eg

5 3 a1

1

SPT

SPT

SPT

SPT

SPT Z u idpl a sw e g SPT

23

6 2 12

5 S c hl ia en de wg

20

7 4

91

8

O r c he ie dv e l d

9 18

3

I J s s e lalna

01

Nieuwerkerk aan den IJssel | 15. 01. 2026 2

10

1 12

ABRI 1

13

02 19

14

na

Verkennend bodem- en waterbodemonderzoek

Nieuwerkerk aan den IJssel Ter hoogte van Zuiderplasweg 3

Verkennend bodem- en waterbodemonderzoek Nieuwerkerk aan den IJssel

Colofon Titel:

Verkennend bodem- en waterbodemonderzoek Nieuwerkerk aan den IJssel Ter hoogte van Zuidplasweg 3 te Nieuwerkerk aan de IJssel

Projectcode: Versie: Datum: Auteur:

P06682 Definitief 29 maart 2024

Opdrachtgever:

Civil Management Arnhem B. V.

Opdrachtnemer:

Greenhouse Advies B. V. Huismanstraat 6 6851 GT Huissen 026 2020606 algemeen @greenhouse-advies.nl www. greenhouse-advies. nl

Telefoon: Email: Website: Contactpersoon: Telefoon: Email: Vrijgave projectleider

Kwaliteitsverantwoording onderzoek Soort onderzoek ☐ Indicatief ☒ NEN 5740 ☒ NEN 5720 ☐ NTA 5755 BRL-protocol ☒ 2001 (Boorwerkzaamheden handmatig) ☒ 2002 (Bemonsteren grondwater) ☒ 2003 (Waterbodem) ☐ 2018 (Asbest in grond) Projectcode: P06682 Versie: Definitief

Pagina 2 van 18

Verkennend bodem- en waterbodemonderzoek Nieuwerkerk aan den IJssel

Inhoudsopgave 1 1. 1

Inleiding Aanleiding en doel

1. 2 1. 3

Kwaliteitsborging en onafhankelijkheid Leeswijzer

2 2. 1

Vooronderzoek Beschrijving onderzoekslocatie

2. 2 2. 3

Historische gegevens en voorgaande bodemonderzoeken Regionale bodemopbouw en geohydrologie

2. 4 3

Hypothese en onderzoeksstrategie en onderzoeksopzet Veldonderzoek

3. 1 3. 2

Verrichte werkzaamheden Bodemopbouw

3. 3 3. 4

Zintuiglijke waarnemingen Veldmetingen grondwater

3. 5 4

Waarnemingen in het kader van voorkomen van asbest Chemisch onderzoek Samenstelling monsters en toegepaste analyses

4. 1 4. 2

.. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .

. .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .

. . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . ..

. .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .

5

. . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . .. . . . .

5

.. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .

. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .

.. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . .

. . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . .. . . .. . . . .. .

. . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . .

. .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . .

. .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. .

. . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. .

. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. .

Analyseresultaten toetsing en interpretatie ,

Resultaten en toetsing grond en grondwater Resultaten en toetsing waterbodem

4. 3 5. 1

Bespreking en interpretatie resultaten Conclusies en aanbevelingen Conclusie

5. 2

Advies

5. 3

Algemene opmerkingen

.. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. .

. . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. .

.. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. .

. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . .

.. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . .. . .

. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. .

.. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. .

. .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . . .. . .

Bijlagen Bijlage 1: Kaart regionale ligging onderzoekslocatie Bijlage 2: Overzichtstekening veldwerkzaamheden Bijlage 3: Profielbeschrijvingen en veldwaarnemingen Bijlage 4: Analysecertificaten Bijlage 5: Toetsingskaders Bijlage 6: Toetsingsresultaten

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16568717/1