Bijlage 16 Bijlage 13 MER Deelrapport Mobiliteit A24.000180
Tekst van het document
Ten eerste zijn de volgende BOK-maatregelen (P tot en met U uit Figuur 2.5) (nog) niet in de verkeersmodellen meegenomen: • verbeteringen rond de aansluiting Zevenhuizen A12/N219 (twee kruispunten en de verlenging van de invoegstrook) en van het kruispunt N457/N451 (toerit A12 Moordrecht richting Den Haag). • de verbreding/verdubbeling van de N457 ten zuiden van de spoorlijn GoudaRotterdam, tussen A20 en N207, inclusief aanpassing van twee kruispunten op dit weg. Vanwege vooral dit laatste punt geeft bijvoorbeeld de netwerkbrede indicator ‘voertuigverliesuren’ van de uitgevoerde berekeningen geen goede informatie over de alternatieven.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
25/107
Een tweede grote verschil op infrastructureel gebied is dat het Masterplan met Stedenbouwkundig Casco uitgaat van drie ontsluitingswegen tussen het omliggende wegennet en de Groene Slinger. De Bredeweg is niet zo’n ontsluitingsweg en wordt afgewaardeerd naar ‘auto-fietsstraat’ c.q. in het model strategisch geknipt. Ook deze keuze is (nog) niet verwerkt in de verkeersmodellen. Over de Bredeweg rijden volgens de (later in dit document beschreven) modelberekeningen voor de alternatieven daardoor nog veel auto’s. Ook op het noordoostelijke deel van de Zuidelijke Dwarsweg, namelijk tussen de Groene Slinger en Waddinxveen, laten de modelresultaten veel auto’s zien, meer dan wat wenselijk is voor de beoogde functie van die weg: een goede fietsroute tussen het Middengebied en o.a. station Triangel. Deze twee verschillen komen terug bij de interpretatie van de verkeerscijfers. Daarnaast zijn er enkele kleinere verschillen tussen de berekeningen en het Masterplan cq. de alternatieven zelf: in de berekeningen blijft de kruising N219-Zuidplasweg in Zevenhuizen een (turbo)rotonde. In het Masterplan staat dat alle kruisingen van de N219 verkeerslichten zullen hebben.
2.5.2
Kwantitatief – uitgangspunten per situatie
Als ‘huidige situatie’ is een berekening uitgevoerd voor het jaar 2023 15. Voor de toekomst zijn berekeningen uitgevoerd voor 2030 en 2040, voor de Referentiesituatie, het Basisalternatief en het Alternatief Duurzame Mobiliteit. In de Referentiesituatie in 2030 en 2040 is er geen ontwikkeling van het Middengebied. Wel is er sprake van autonome groei en andere ruimtelijke ontwikkelingen in de omgeving (zoals beschreven in paragraaf 2.4.1) en enkele aanpassingen van de infrastructuur, waaronder de verbreding van de A20. De berekeningen voor de alternatieven kennen de volgende verschillen ten opzichte van de Referentiesituatie: • Berekeningen voor Basisalternatief 2040 Ruimtelijke Ontwikkeling: 8.000 nieuwe woningen Vijfde Dorp en 45 ha nieuw bedrijventerrein rond Gouweknoop: Doelwijk II en Gouwepark II. Mobiliteit: o Autonetwerk als voorgaand beschreven: overeenkomend met dus 4H+, dus nog zonder maatregelen P t/m U uit de BOK en met (nog) te veel capaciteit en/of te hoge snelheid op de Bredeweg en de Zuidelijke Dwarsweg NoordOost. o (Auto)verkeersvraag: de eerder afgeleide herkomst-bestemmingsmatrix van het RVMH3.216, echter met een reductie van 7% van het aantal autoritten op elk van de relaties van en/of naar het Middengebied. 17 Dit reductiepercentage is niet nader (b.v. per zone) gedifferentieerd. •
Berekeningen voor Basisalternatief 2030 Ruimtelijke Ontwikkeling: 4.260 nieuwe woningen Vijfde Dorp en 45 ha extra bedrijventerrein rond Gouweknoop: Doelwijk en Gouwepark. Mobiliteit:
15 Als interpolatie tussen het basisjaar 2018 van het model en 2030. 16 Zoals bepaald in de eerdere studies door Goudappel Coffeng en RHDHV. 17 5%-punt van 73% aandeel autoverkeer in de vervoersbewegingen, (73-5)/73=0,93, dus 7% reductie.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
26/107
o
o
•
Autonetwerk als beschreven in paragraaf 2.4.2 en het voorgaande punt, met uitzondering van de Nieuwe Dwarsweg als 3e ontsluitingsweg. Huidig inzicht is dat die pas na 2030 gerealiseerd zal worden; (Auto)verkeersvraag: de eerder afgeleide herkomst-bestemmingsmatrix van het RVMH3.2 voor 2030, echter met een reductie van 7% van het aantal autoritten op elk van de relaties van en/of naar het Middengebied. 18 Dit reductiepercentage is niet nader (b.v. per zone) gedifferentieerd.
Berekeningen voor Alternatief Duurzame Mobiliteit 2040/2030 De autonetwerken voor dit alternatief zijn als in het Basisalternatief 2040/2030, echter met een snelheid van 30 km/h op de Groene Slinger in plaats van 50 km/h. De (auto)verkeersvraag is voor de verkeersrelaties van en/of naar het Middengebied met 21%19 gereduceerd ten opzichte van de regulier afgeleide herkomstbestemmingsmatrix, wat overeenkomt met een modal shift van 15%.
2.5.3
Kwantitatief – analyses
De effectanalyse is gedaan aan de hand van kaartbeelden en tabellen. De focus van de analyse ligt op wegen, kruispunten en trajecten waar effecten (kunnen) optreden als gevolg van het planvoornemen. Kaartbeelden Een basisindicator voor het verkeer zijn de verkeersintensiteiten, per richting, op doorsnede en voor spitsperioden dan wel etmaalperiode. Dit is te bekijken aan de hand van kaartbeelden met absolute waarden van de verkeersintensiteiten en aan de hand van kaartbeelden die de verschillen tussen situaties weergeven: verschilplots. Vooral verschilplots ondersteunen de verhaallijn. Alle kaartbeelden zijn als pdf-opgenomen in de Bijlage Verkeersmodelplots. Tabellen De intensiteitsontwikkeling van het autoverkeer is tevens beschreven in tabellen met verkeersintensiteiten op een aantal zogenoemde thermometerpunten. De volledige tabel is opgenomen in de Bijlage Etmaalintensiteiten.
18 5%-punt van 73% aandeel autoverkeer in de vervoersbewegingen, (73-5)/73=0,93, dus 7% reductie. 19 15%-punt van 73% betekent een factor (73-15)/73=0,79, dus 21% reductie.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
27/107
Figuur 2.6. | Thermometerpunten voor het beschrijven van de intensiteitsontwikkeling van het autoverkeer. Zie de tabel in Bijlage Etmaalintensiteiten autoverkeer..
De kwaliteit van de verkeersafwikkeling voor het autoverkeer laat zich aan de hand van een aantal cijfers beschrijven. Deze cijfers zijn, steeds voor zowel ochtend- als avondspits: • De kruispuntbelastingen op een aantal geselecteerde kruispunten; • De wegvakbelastingen op een aantal geselecteerde wegvakken; • De rijtijden op een aantal aangewezen routes; • De totale door autoverkeer opgelopen vertraging in het netwerk. Deze indicatoren hangen met elkaar samen maar geven elk een andere invalshoek. Zo zal voor een route over meerdere wegvakken en kruispunten de ‘zwakste schakel’ (het element met de kleinste capaciteit) bepalend zijn voor het wel of niet vrij afwikkelen van verkeer en voor hoe groot de consequenties zijn indien de capaciteit in het netwerk ergens niet toereikend is. Kruispuntbelastingen In Figuur 2.7 zijn de 16 belangrijkste onderzochte kruispunten aangegeven. De belastinggraden van deze kruispunten zijn bekeken volgens de gangbare voor kruispunten gehanteerde normen: • <0,85: het kruispunt kan het verkeer goed afwikkelen; • 0,85 – 1,00: er ontstaan opstoppingen/congestie, zeker op drukke momenten in de spits – hoe hoger de waarde, hoe groter die kans; • >1,00: er is sprake van overbelasting van het kruispunt.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
28/107
Figuur 2.7. | Kruispunten Middengebied Zuidplaspolder (bron: Royal HaskoningDHV). Nr. 16 is alleen aanwezig in de onderzochte alternatieven voor het planvoornemen.
Wegvakbelastingen Ook voor de wegvakken is de belasting in beeld gebracht; dit aan de hand van de verhouding tussen de verkeersintensiteit en de capaciteit van het wegvak: de I/Cwaarden. Voor wegvakken gelden verkeerskundig de volgende normen: • < 0,75 er is geen of weinig filevorming; • 0,75 – 0,85 er is grote kans op congestie; • 0,85 – 1,00 er zal structurele filevorming optreden; • > 1,00 er zal structureel zware congestie optreden.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
29/107
Figuur 2.8. | Wegvakken waarvoor I/C-waarden in de tabellen staan (bron: Royal HaskoningDHV)
Rijtijden en congestiebeelden In de RHDHV-rapportage is op basis van de dynamische modelberekeningen de congestieontwikkeling bekeken en zijn de rijtijden bepaald op een aantal trajecten. Voor de congestie is gekeken naar de relatieve snelheidsreductie, als weerspiegeling van doorstromingsproblemen.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
30/107
Figuur 2.9. | Congestiebeelden: snelheidsreductie. Hier staat ter illustratie een voorbeeld van een momentopname van het snelheidsbeeld, dat in de loop van de spits varieert. De kleurschakering loopt van groen (vrije doorstroming) via geel, oranje en rood tot donkerpaars (vrijwel stilstand). (bron: Royal HaskoningDHV)
De rijtijd is vanuit de dynamische berekeningen bepaald. Dit voor een beperkt aantal trajecten zoals ze binnen het dynamische verkeersmodel zijn aan te wijzen: zie Figuur 2.10. Hiervoor is aangesloten bij de eerder uitgevoerde verkeersstudie voor de ontwikkeling van het Middengebied.
Figuur 2.10. | Trajecten voor rijtijdberekeningen (bron: Royal HaskoningDHV)
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
31/107
Behandeling in dit rapport Voor de hiervoor beschreven verkeerskundige indicatoren komen in dit rapport de resultaten aan de orde voor elk van de volgende situaties: 2023, 2040 Referentie en 2040 plansituatie. De onderlinge vergelijking levert de verkeerskundige effecten van het planvoornemen. De hieruit verkregen inzichten vormen de basis voor de effectbeoordeling. Dit rapport beschrijft vooral de toekomstresultaten voor het jaar 2040. Een korte beschrijving gaat in op de resultaten van de berekeningen voor 2030; de Bijlagen bevatten de complete resultaten, dus ook voor 2030.
2.5.4
Kwalitatief
De kwalitatieve analyse voor de aspecten OV, langzaam verkeer, verkeersveiligheid en duurzame mobiliteit betreft voor de situatie binnen het Vijfde Dorp een beschouwing van het inrichtingsconcept voor het nieuwe dorp en de interne maatregelen, aan de hand van algemene inzichten en ontwerprichtlijnen. Buiten het Vijfde Dorp gaat het om een kwalitatieve beschouwing van de huidige situatie, de toekomstige referentiesituatie en de plansituatie op de aspecten netwerkstructuur, OVlijnennet en algemene verkeerskundige en verkeersveiligheidsinzichten. Waar beschikbaar is gebruik gemaakt van statistische informatie, zoals uit BLIQ-rapportage voor verkeersveiligheid. Semi-kwantitatieve informatie voor OV en fiets is mede ontleend aan het Verkeersmodel van de Metropoolregio Rotterdam-Den Haag, het V-MRDH. In dat model ligt het Middengebied in het zogenoemde invloedsgebied. Hierdoor, en doordat de gemeente Zuidplas niet betrokken is in de MRDH, is de modellering van Zuidplas in het V-MRDH minder gedetailleerd. Sterk punt is dat het V-MRDH in tegenstelling tot het RVMH wel een multimodaal model is. Hieruit zijn daarom indicatieve cijfers gehaald over de verdeling van verplaatsingen over vervoerwijzen.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
32/107
3. Huidige en Referentiesituatie 3.1 Algemeen Dit hoofdstuk beschrijft de situatie zonder het planvoornemen aan de hand van de in paragraaf 2.3 genoemde beoordelingsaspecten.
3.2 Huidige situatie 3.2.1
Bereikbaarheid wegverkeer
De belangrijkste ontsluitingswegen van het Middengebied zijn de N219 en de N457 die beide aansluiten op zowel A12 als A20. In het plangebied liggen meerdere noordwestzuidoost-georiënteerde wegen: de Middelweg/Bredeweg, Knibbelweg/Derde Tochtweg en Bierhoogtweg/Tweede Tochtweg. Het plangebied wordt daarnaast van het noordoosten naar het zuidwesten doorkruist door de Zuidelijke Dwarsweg. Dit zijn allemaal 60 km/h-wegen. In Figuur 3.1 zijn de wegen van het gebied weergegeven.
Figuur 3.1. | Wegennet in en rond het plangebied in de huidige situatie.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
33/107
Langs de Bredeweg en de Middelweg ligt een van de rijbaan gescheiden fietspad; ook het noordoostelijke deel van de Zuidelijke Dwarsweg is van een gescheiden fietspad voorzien. De spooronderdoorgang in de Bredeweg en de N457-onderdoorgang in de Zuidelijke Dwarsweg zijn enkelstrooks: daar geldt een geregelde om-en-om-regeling. Voor de Bredeweg is er in de onderdoorgang een hoogtebeperking van 3,2 meter. De Knibbelweg kruist de N219 ongelijkvloers, zonder mogelijkheid tot uitwisseling tussen de Knibbelweg en de N219. Het bedrijventerrein Doelwijk I is aan de westzijde via de Bredeweg ontsloten op de N453 en de A12 en aan de oostzijde via de Overslagweg op de N457. Het bedrijventerrein Gouwepark I is via de Grote Esch ontsloten op de N207. Verkeersintensiteiten In en rond het gebied zijn de verkeersintensiteiten uit tellingen en metingen beschikbaar. De etmaalintensiteiten staan in Tabel 3.1. Voor de snelwegen zijn het cijfers uit INWEVA voor 2019, voor de andere punten zijn het tellingen uit juni 2022. Tabel 3.1 | Verkeersintensiteiten (aantal motorvoertuigen per etmaal)
1 Middelweg
2.890
4 Bredeweg
2.080
9 N219 bij A20
24.590
10 N219 midden
21.720
11 N219 Z’huizen
21.430
14 Zuidelijke Dwarsweg NO
28
13.120
24 N457 Provincialeweg
21.800
25 Zuidelijke Dwarsweg
2.120
32
28 N219 op A12
20.540
29 N219 op A20
24.230
30 N219 ten zuiden van A20
19.550
31 Bredeweg onder A12
3.190
14 17 13
8 22
24 11
26
5
7
1
27
6 10
3.050
4 3
700
27 Middelweg (spoor)
20
16
31
12
930
22 Zuidplasweg
26 Knibbelweg
21 15
23
25 2 18
15 A12 Zoetermeer
120.400
16 A12 Zevenhuizen
100.300
17 A20 Gouda
85.800
18 A20 Moordrecht
106.400
19 A20 Nieuwerkerk a/d IJssel
113.300
9 29
19
30
(bron: snelwegen: INWEVA 2019, overig: tellingen juni 2022) Naast feitelijke tellingen, zijn ook intensiteiten, voor alle wegen (ook waar niet geteld is), beschikbaar uit het verkeersmodel. De verkeersmodelintensiteiten voor ‘huidig’ zijn bepaald als een ‘tussenschatting’/interpolatie voor het jaar 2023 op basis van de reguliere modeljaren 2014 (het basisjaar) en 2030 (een van de gebruikelijke prognosejaren). Voordeel hiervan is dat uit het model ook kruispunt- en wegvakbelastingen beschikbaar zijn, volgens een zelfde methode als voor de hierna te beschouwen toekomstjaren: huidige en toekomstige situatie langs ‘dezelfde meetlat’.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
34/107
Belasting kruispunten Tabel 3.2 geeft de belastingen van de onderzochte kruispunten weer in de situatie 2023. Zie paragraaf 2.5.3 voor de interpretatie van de waarden.
Figuur 3.2. | Kruispunten Middengebied Zuidplaspolder (bron: Royal HaskoningDHV). NB: deze figuur is een herhaling van een eerdere figuur in dit rapport.
Tabel 3.2 | Kruispuntbelasting Middengebied Zuidplaspolder, huidige situatie in de spits (2023). Waarden groter dan 0,8 zijn rood weergegeven, groter dan 0,85 rood vetgedrukt – dit zijn kruispunten waar problemen of grotere problemen ontstaan. (bron: Royal HaskoningDHV)
2023 Ochtendspits
Avondspits
VRI N219 – Zuidelijke Dwarsweg
0,85
0,85
2
Rotonde N219 - Zuidplaslaan
0,95
0,85
3
Rotonde links A20 – N219
0,58
0,76
4
Rotonde rechts A20 – N219
0,75
0,68
5
VRI N207 - Kanaaldijk
0,85
0,85
6
Rotonde N219 - Zuidplasweg
0,60
0,64
7
VRI A12 – N219 zuid
0,85
0,85
8
VRI A12 – N219 noord
0,85
0,85
9
Rotonde N219 - Bredeweg
0,58
0,63
10
Rotonde N453 - Bredeweg
0,16
0,22
11
VRI A12 – N457 Overslagweg
0,85
0,85
12
VRI A20 – N457 links
0,85
0,85
13
VRI A20 – N457 rechts
0,85
0,85
14
VRI N457 – Provinciale weg
0,85
0,85
15
VRI N457 – N451
0,85
0,85
1
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
35/107
Deze tabel laat zien dat veel kruispunten zwaarder belast zijn dan 0,8. Veel kruispunten kunnen in de huidige situatie het verkeer in de spitsen dus niet altijd goed verwerken. Belasting wegvakken Ook voor de wegvakken is de belasting in beeld gebracht. In de Bijlage Verkeersmodelplots zijn kaartbeelden opgenomen waarop deze belasting te zien is voor alle wegen. In Tabel 3.3 zijn de I/C-waarden (de verhouding tussen intensiteit en capaciteit) opgenomen van een aantal wegvakken op regionale verbindingen.
Figuur 3.3. | Wegvakken waarvoor I/C-waarden in de tabellen staan (bron: Royal HaskoningDHV). NB: deze figuur is een herhaling van een eerdere figuur in dit rapport.
De belangrijkste autosnelwegen die het gebied ontsluiten (de A20 en de A12 tussen Zuidplas en Zoetermeer) kunnen het verkeer momenteel niet congestievrij verwerken. Op de A12 tussen Zuidplas en Zoetermeer treedt reeds in de huidige situatie (op basis van gegevens uit de periode 2018-2020) structurele filevorming op tijdens de avondspits. Hetzelfde geldt voor de A20 tussen Moordrecht en Nieuwerkerk a/d IJssel. In de file top10 komen beide rijrichtingen van de A20 voor: in 2019 op plek 3 en 5, in 2021 plekken 5 en 7 (zie de jaarlijkse Rapportage Rijkswegennet). De modelcijfers in de tabel weerspiegelen dit beeld. De wegvakken van de provinciale wegen rond het plangebied kunnen het verkeer redelijk goed afwikkelen. Er zijn hier echter wel afwikkelingsproblemen doordat de kruispunten en rotondes op deze wegen knelpunten vormen, zoals in Tabel 3.2 is te zien.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
36/107
Tabel 3.3 | Wegvakbelasting Middengebied Zuidplaspolder. I/C-waarden 2023, voor de ochtendspits (OS) en de avondspits (AS), per richting. Waarden groter dan 0,75 zijn rood vetgedrukt. Dit zijn wegvakken waar congestie optreedt. (bron: Royal HaskoningDHV) 2023 1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
12.
A12 t.h.v. Gouda
A12 tussen Zuidplas en Zoetermeer
A20 tussen Nieuwerkerk a/d IJssel en Moordrecht
A20 ten zuiden van Nieuwerkerk a/d IJssel
Moordrechtboog oostelijk van de A20
Moordrechtboog voor de aansluiting A12
N219 voor aansluiting A20
N219 viaduct over A20
N219 voor aansluiting A12
N219 ten zuiden van rotonde Zuidplasweg
Moordrechtboog westelijk van de A20
N219 tussen Knibbelweg en Zuidplasweg
ri Utrecht
2023
OS AS 0,82 0,86
ri Den Haag
0,58
0,61
ri Utrecht
0,79
0,91
ri Den Haag
0,81
0,80
ri Gouda
0,99
1,00
ri Rotterdam
0,93
1,03
ri Gouda
0,75
0,63
ri Rotterdam
0,61
0,72
ri Gouda
0,31
0,47
ri Nieuwerkerk
0,48
0,43
ri Moordrecht
0,20
0,38
ri Waddinxveen
0,18
0,15
ri Nieuwerkerk
0,67
0,66
ri Zevenhuizen
0,67
0,69
ri Zevenhuizen
0,55
0,38
ri Nieuwerkerk
0,24
0,45
ri Zevenhuizen
0,65
0,80
ri A12
0,75
0,60
ri Nieuwerkerk
0,66
0,76
ri Zevenhuizen
0,72
0,65
ri Moordrecht
0,20
0,38
ri Waddinxveen
0,18
0,15
ri Zevenhuizen
0,64
0,74
ri A12
0,67
0,62
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
37/107
3.2.2
OV en fiets
Uit de V-MRDH-analyses20 voor het basisjaar 2016 en voor 2030 blijkt dat het aandeel openbaar vervoer in de vervoerwijzekeuze in de huidige situatie zeer beperkt is (3%) en dat de auto de dominante vervoerwijze is (79%). De overige 18% van de verplaatsingen gebeurt met de fiets. Openbaar vervoer Figuur 3.4 bevat een kaart met de buslijnen, treinverbindingen en -stations in de regio. Het plangebied zelf is momenteel niet ontsloten met openbaar vervoer, wat logisch is gezien de lage inwonerdichtheid. Volgens de OV-concessie van Zuid-Holland moet er voor woonkernen vanaf 800 inwoners een halte binnen een hemelsbrede afstand van 800 meter beschikbaar zijn. Onder dit aantal is het aanbieden van deur-halte-vervoer verplicht. Hiermee kunnen bewoners thuis opgehaald worden en naar de dichtstbijzijnde halte gebracht worden. Om het plangebied heen is er wel openbaar vervoer aanwezig. Ten zuiden (Nieuwerkerk a/d IJssel) en ten noorden (Waddinxveen) van het plangebied liggen sprinterstations. Deze liggen in de huidige situatie op ongeveer 20-25 minuten fietsen vanaf de Middelweg (hier als representatief punt in het gebied genomen). Het dichtstbijzijnde intercitystation voor het gebied ligt in Gouda, ook op ongeveer 25 minuten fietsen (Google Maps, 2022). Het dichtstbijzijnde metrostation ligt in Nesselande, op ongeveer 15 minuten fietsen. Dit is de metrolijn van en naar Rotterdam.
Figuur 3.4. | Bestaand openbaarvervoernetwerk Middengebied Zuidplaspolder (Bron: Moovit.nl, Arriva 2022)
De busvoorzieningen rondom het plangebied zijn in de huidige situatie relatief beperkt. Over de N219 lopen de buslijnen 175 (werkdagen elk half uur, in het weekeinde elk uur) en 383 (elk uur, echter alleen op werkdagen en dan alleen overdag). De dichtstbijzijnde bushaltes zijn op de Brandingdijk in Nesselande/Nieuwerkerk a/d IJssel en op de Zuidplasweg in Zevenhuizen. Beide liggen ongeveer 300 meter buiten de grens van het plangebied en nog verder van waar de beoogde bebouwing komt in het Middengebied. Ook lijn 190 ligt ver weg: deze blijft aan de zuidkant van de A20. 20 Royal HaskoningDHV, 2020
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
38/107
Buslijn 384 is een bus die alleen in de ochtendspits (en dus alleen op werkdagen driemaal van ca. 7 tot 8 uur) rijdt, van Waddinxveen voornamelijk langs de A12 naar Den Haag. De dichtstbijzijnde halte ligt aan de Bredeweg aan de noordzijde van de A12. Lijn 386 tussen Gouda en Den Haag rijdt ook alleen op werkdagen en dan driemaal van ca. 15 tot 16 uur. Langzaam verkeer Het regionale fietsnetwerk zoals opgenomen in de Atlas voor de Leefomgeving is weergegeven in Figuur 3.5. Het gebied wordt doorkruist door regionale fietsroutes over de Zuidelijke Dwarsweg, de Bredeweg en de Middelweg. Veel van deze routes lopen echter over – soms smalle – wegen bestemd voor autoverkeer. Op grote delen van het fietsnetwerk delen de fietsers de weg dan ook met gemotoriseerd verkeer. Op gemeentelijk niveau is er een fietskaart in het gemeentelijk Wegencategoriseringsplan Gemeente Zuidplas (2014) opgenomen. De actualisatie inclusief kwaliteitseisen voor het fietsroutenetwerk is opgenomen de begroting en planning voor 2023/2024 van de gemeente Zuidplas. In juni 2022 zijn bij de verkeerstellingen ten behoeve van de monitoring van de verkeerssituatie in het Middengebied ook fietsers geteld. De meeste fietsers zijn er op de Middelweg (ruim 550 per etmaal), gevolgd door de Bredeweg (circa 400 per etmaal). Beide hebben een vrijliggend fietspad.
Ook een aantal van ongeveer 400 fietsers per etmaal is geteld op de Zuidelijke Dwarsweg. Aanzienlijk lagere fietsintensiteiten zijn er op de Knibbelweg (circa 100 per etmaal) en Bierhoogtweg en Tweede Tochtweg (70). Op de Noordelijke Parallelweg zijn slechts enkele fietsers geteld. Aanzienlijk drukker is het op de Zuidelijke Parallelweg (circa 400) en op het spoorviaduct van de Middelweg (bijna 1.000 fietsers).
Figuur 3.5. | Regionale fietsroutes (groen, bron: Stichting Landelijk Fietsplatform, 2022) (zie: Atlas van de Leefomgeving Kaarten | Atlas Leefomgeving)
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
39/107
Figuur 3.6. | Fietsroutes volgens Wegencategoriseringsplan Gemeente Zuidplas, 2014.
3.2.3
Verkeersveiligheid
Een verkeersongeval is een gebeurtenis op de openbare weg die verband houdt met verkeer en waardoor schade ontstaat aan objecten of letsel bij personen en waarbij ten minste één rijdend voertuig betrokken is. Er zijn in het algemeen meerdere omstandigheden die nadelig zijn voor de verkeersveiligheid. Gedrag, onverwachte situaties, snelheidsverschillen, ontmoetingen met kwetsbare verkeersdeelnemers: • situaties met gemengd verkeer (fietsers en auto’s) zijn in principe minder veilig dan situaties waar dit verkeer fysiek gescheiden wordt. Dit gemengde verkeer betreft hier fietsers, auto’s, vrachtauto’s en (grote) landbouwvoertuigen. Regionaal heeft dit laatste (interactie met landbouwvoertuigen) extra aandacht: onderzoek en de oproep
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
40/107
• • • •
aan wegbeheerders om knelpunten op te lossen 21. Dit bovenop de aandacht die sowieso uitgaat naar verkeersveiligheid en fietsveiligheid. ontsluiting van percelen direct op de rijweg kan leiden tot verkeersonveilige situaties. bij een slechte verkeersdoorstroming neemt de verkeersonveiligheid toe. (te) hoge rijsnelheden. (te) hoge rijsnelheden op lange rechte wegen.
Een statistische analyse van de verkeersveiligheid op gemeenteniveau is niet veelzeggend, omdat de druk bereden snelwegen A20 en de A12 daarin ook meetellen: de hogere aantallen ongevallen op de autosnelwegen hangen logisch samen met de grotere hoeveelheid verkeer die daar rijdt. Buiten de snelwegen gebeuren de meeste ongelukken op de Zuidplasweg en de Noordelijke Dwarsweg in Zevenhuizen, op de N219 en op de Middelweg. De N219 is gesloten voor fietsers. Het plangebied kent veel bedrijven en veel rechte wegen in het landelijk gebied. Alleen de Middelweg en Bredeweg zijn voorzien van vrij liggende fietspaden. Andere wegen in het gebied zijn smal. De noordelijke en zuidelijke parallelweg (langs de A20) zijn gevoelig voor sluipverkeer. Het zware verkeer in het gebied is gerelateerd aan de lokale bedrijvigheid; van doorgaand vrachtverkeer is geen sprake: er gelden verboden. Het Regionaal Uitvoeringsprogramma Verkeersveiligheid constateert: “Zwaar vrachtverkeer en landbouwverkeer maakt in het landelijk gebied veelal gebruik van smalle wegen. Door schaalvergroting in deze sectoren, is de omvang van de voertuigen afgelopen jaren verder toegenomen.
Op de smalle wegen moet het vracht- en landbouwverkeer de schaarse ruimte delen met onder meer fietsende scholieren en recreanten.” Dit is in het plangebied van toepassing op de smalle wegen als Zuidelijke Dwarsweg, Bierhoogtweg en Knibbelweg. De gemeente zet in op een risicogestuurde verkeersveiligheidsaanpak. Het tussenproduct hierin is een gemeentelijke risico-inventarisatie met een groslijst van 71 risico-locaties. Een van de instrumenten om daartoe te komen, is de BLIQ-rapportage, zie o.a. Figuur 3.7. De komende jaren zal de gemeente met de risicogestuurde verkeersveiligheidsaanpak de verkeersveiligheid verbeteren, te beginnen met de top 1322. De Zuidelijke Dwarsweg en de Middelweg/Bredeweg van het plangebied staan op de groslijst, maar vallen buiten de top 13.
21 Regionaal Uitvoeringsprogramma Verkeersveiligheid 2022-2024 (Midden-Holland, sept. 2021). 22 Bron: gemeente Zuidplas, Risicogestuurd Uitvoeringsprogramma Verkeersveiligheid, dec. 2021.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
41/107
Figuur 3.7. | Verkeersongevallen 2017-2022 (Bron; BLIQ/STAR)
De andere wegen in het gebied zijn, zoals eerder genoemd, zeer smalle wegen, waar elke passeerbeweging aandacht van de weggebruiker vraagt; tegemoetkomende auto’s kunnen elkaar vaak alleen op (verbrede) passeerlocaties passeren. Op deze wegen delen de fietsers de weg met auto’s, waaronder ook groot (landbouw)verkeer en vrachtverkeer. Hier is in de huidige situatie dus sprake van meerdere risicofactoren die nadelig zijn voor de verkeersveiligheid.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
42/107
3.2.4
Duurzame mobiliteit
De Verenigde Naties hebben duurzaam transport gedefinieerd als "het aanbieden van diensten en infrastructuur voor de mobiliteit van mensen en goederen – waardoor de economische en sociale ontwikkeling voor huidige en toekomstige generaties wordt bevorderd – op een veilige, betaalbare, toegankelijke, efficiënte en veerkrachtige manier, waarbij de uitstoot van koolstof en andere emissies en milieueffecten tot een minimum worden beperkt." Duurzame mobiliteit gaat dus veel verder dan bijvoorbeeld de aanwezigheid van laadpalen en elektrische auto’s. In de huidige situatie is er weinig sprake van duurzame mobiliteit binnen het plangebied. De auto is de dominante vervoerwijze in het gebied; de aandelen fietsers en OV in de modal split zijn klein. Door de afwezigheid van veilige fietspaden in het gebied is de huidige situatie niet aantrekkelijk om te fietsen. Fietsers delen in de huidige situatie de weg vaak met auto’s, landbouw- en vrachtverkeer, waardoor onveilige situaties kunnen ontstaan. Directe fietspaden via welke met weinig oponthoud naar de woonkernen in de omgeving gereden kan worden, zijn er niet. Het lage OV-gebruik heeft onder andere te maken met de slechte OV-bereikbaarheid van het gebied: lange afstanden naar bushaltes en treinstations en de bussen rijden bovendien met een lage frequentie. Dit komt door de lage woningdichtheid in de huidige situatie.
Het gebruik van deelauto’s in de gemeente Zuidplas ligt ver onder het landelijk gemiddelde (SWOV, 2021). Alleen in Nieuwerkerk a/d IJssel zijn er deelauto’s beschikbaar. Ook de toegang tot laadpalen voor elektrische auto’s ligt onder het Nederlands gemiddelde. Er zijn in de omliggende dorpen Nieuwerkerk a/d IJssel, Waddinxveen en Zevenhuizen publieke laadvoorzieningen aanwezig (Allego.eu). Ook ten noorden van het plangebied zijn laadvoorzieningen aanwezig. Dit zijn geen publieke laadvoorzieningen: zij bevinden zich op de terreinen van de bedrijven op het bedrijventerrein (Chargemap.com). De gemeente Zuidplas heeft wel een beleid waarin bewoners een laadpaal aan kunnen vragen. Zeker gezien de brede definitie van duurzame mobiliteit is hier nog weinig sprake van in de huidige situatie.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
43/107
3.3 Autonome ontwikkelingen/Referentiesituatie De Referentiesituatie in 2040 kent ten opzichte van de huidige situatie een aantal ontwikkelingen. Dit betreft de ontwikkeling van woningbouw en bedrijventerreinen buiten de ontwikkeling van het Middengebied (een voorbeeld is de bouw van de woonwijk Westergouwe) en de in paragraaf 2.4.1 beschreven aanpassingen aan het mobiliteitssysteem. Netwerkaanpassingen tussen 2023 en 2040 Ook onafhankelijk van het planvoornemen Middengebied zullen er wijzigingen zijn van de auto-infrastructuur. De belangrijkste infrastructurele maatregelen, zoals de verbreding van de A20 van Nieuwerkerk a/d IJssel tot en met het Gouwe-aquaduct in de A12, zijn genoemd in 2.4.1.
3.3.1
Bereikbaarheid wegverkeer
Verkeersintensiteiten Met de genoemde autonome ontwikkelingen neemt de hoeveelheid verkeer toe. De te verwachten etmaalintensiteiten van het autoverkeer zijn weergegeven in kaartbeelden in de Bijlage Verkeersmodeplots en, voor een aantal zogenoemde thermometerpunten, tevens in tabellen (in Bijlage Etmaalintensiteiten autoverkeer). Hieronder een selectie. Tabel 3.4 | Verkeersintensiteiten (aantal motorvoertuigen per etmaal) Huidig 2040 Referentie Groei tov huidig 1 Middelweg
2.890
4.320
49%
4 Bredeweg
2.080
2.960
42%
9 N219 bij A20
24.590
23.470
-5%
10 N219 Midden
21.720
28.840
33%
11 N219 Z’huizen
21.430
23.970
12%
930
1.430
54%
22 Zuidplasweg
13.120
11.440
-13%
24 N457 Provincialeweg
21.800
39.210
80%
14 Zuidelijke Dwarsweg NO
21
20
15
25 Zuidelijke Dwarsweg
2.120
760
28
16
31
32 12
4
14 17
-51%
3
13
8 22
26 Knibbelweg 27 Middelweg (spoor)
700
900
29%
3.050
2.800
-8%
28 N219 op A12
20.540
29.630
44%
29 N219 op A20
24.230
36.720
52%
24 11
26
5
7
27
6 10
1
23
25 2 18
9
30 N219 ten zuiden van A20
19.550
28.380
45%
31 Bredeweg onder A12
3.190
8.520
167%
15 A12 Zoetermeer
120.400
147.710
23%
16 A12 Zevenhuizen
100.300
125.170
25%
17 A20 Gouda
85.800
111.310
30%
18 A20 Moordrecht
106.400
144.730
36%
19 A20 Nieuwerkerk a/d IJssel
113.300
146.300
29%
29 19
30
(bron huidig: snelwegen: INWEVA 2019, overig: tellingen juni 2022, bron 2040 Referentie: RVMH3.2)
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
44/107
Belasting kruispunten De kruispuntbelastingen voor de Referentiesituatie 2040 staan, naast die van 2023 (‘huidig’), in Tabel 3.5. In de Referentiesituatie in 2040 is sprake van een hoge kruispuntbelasting (0,85 of hoger) op 12 van de 16 kruispunten. Het aantal kruispunten met een belastinggraad groter dan 0,9 neemt toe tot 4. Tabel 3.5 | Kruispuntbelasting Middengebied Zuidplaspolder, Referentiesituatie 2040. Waarden groter dan 0,8 zijn rood en groter dan 0,85 rood vetgedrukt. Dit zijn de kruispunten waar afwikkelingsproblemen ontstaan. (Bron: Royal HaskoningDHV) Referentie/huidig 2023 OS
AS
Referentie 2040 OS
AS
1 VRI N219 – zuidelijke Dwarsweg
0,85
0,85
0,85
0,85
2 Rotonde N219 – Zuidplaslaan
0,95
0,85
0,97
0,94
3 Rotonde links A20 – N219
0,58
0,76
0,57
0,99
4 Rotonde rechts A20 – N219
0,75
0,68
0,72
0,91
5 VRI N207 - Kanaaldijk
0,85
0,85
0,85
0,85
6 Rotonde N219 – Zuidplasweg
0,60
0,64
0,61
0,78
7 VRI A12 – N219 Zuid
0,85
0,85
0,85
0,85
8 VRI A12 – N219 Noord
0,85
0,85
0,85
0,85
9 Rotonde N219 - Bredeweg
0,58
0,63
0,77
0,78
10 Rotonde N453 - Bredeweg
0,16
0,22
0,36
0,50
11 VRI A12 – N457 Overslagweg
0,85
0,85
0,85
0,85
12 VRI A20 – N457 links
0,85
0,85
0,85
0,95
13 VRI A20 – N457 rechts
0,85
0,85
0,85
0,85
14 VRI N457 – Provinciale weg
0,85
0,85
0,85
0,90
15 VRI N457 – N451 VRI N219 kruising bedrijventerrein 16 Knibbelweg-Oost
0,85
0,85
0,93
0,85
n.v.t.
n.v.t.
0,55
0,63
Belangrijke ontwikkeling is dat er nieuwe knelpunten optreden en er een verzwaring is van enkele bestaande knelpunten: de rotondes op de N219 in Nieuwerkerk a/d IJssel (bij de Zuidplaslaan en bij de A20) en de VRI’s op de N457. Vooral de problemen in de avondspits worden zwaarder.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
45/107
Belasting wegvakken Voor de wegvakbelasting zijn de resultaten in onderstaande tabel weergegeven. Tabel 3.6 | Wegvakbelasting Middengebied Zuidplaspolder. I/C-waarden 2023 en 2040, voor de ochtendspits (OS) en de avondspits (AS), per richting. Waarden groter dan 0,8 zijn rood vetgedrukt. Op deze wegvakken gaat congestie optreden. (bron: Royal HaskoningDHV) Referentie/huidig Referentie 2023 2040 OS AS 1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
A12 t.h.v. Gouda
OS
AS
ri Utrecht
0,82
0,86
0,68 0,85
ri Den Haag
0,58
0,61
0,72 0,65
ri Utrecht
0,79
0,91
0,77 1,05
ri Den Haag
0,81
0,80
0,94 0,86
ri Gouda
0,99
1,00
0,70 0,97
ri Rotterdam
0,93
1,03
0,86 0,76
ri Gouda
0,75
0,63
0,96 0,71
ri Rotterdam
0,61
0,72
0,64 1,01
ri Gouda
0,31
0,47
0,38 0,71
ri Nieuwerkerk
0,48
0,43
0,73 0,52
ri Moordrecht ri Waddinxveen
0,20
0,38
0,37 0,56
0,18
0,15
0,34 0,34
0,67
0,66
0,79 0,76
0,67
0,69
0,66 0,92
N219 viaduct over A20
ri Nieuwerkerk ri Zevenhuizen ri Zevenhuizen
0,55
0,38
0,53 0,46
0,24
0,45
0,37 0,48
N219 voor aansluiting A12
ri Nieuwerkerk ri Zevenhuizen
0,65
0,80
0,61 0,87
ri A12
0,75
0,60
0,76 0,65
ri Nieuwerkerk ri Zevenhuizen
0,66
0,76
0,64 0,83
0,72
0,65
0,72 0,73
ri Moordrecht ri Waddinxveen ri Zevenhuizen
0,20
0,38
0,37 0,56
0,18
0,15
0,34 0,34
0,64
0,74
0,56 0,84
ri A12
0,67
0,62
0,73 0,58
A12 tussen Zuidplas en Zoetermeer
A20 tussen Nieuwerkerk a/d IJssel en Moordrecht
A20 ten zuiden van Nieuwerkerk a/d IJssel
Moordrechtboog oostelijk van de A20
Moordrechtboog voor de aansluiting A12
N219 voor aansluiting A20
10. N219 ten zuiden van rotonde Zuidplasweg
11. Moordrechtboog westelijk van de A20
12. N219 tussen Knibbelweg en Zuidplasweg
De A12 laat in 2040 vooral tussen Zuidplas en Zoetermeer een zwaardere belasting zien dan in 2023. De A20 laat voor wegvak 3, vanwege de uitbreiding tussen Nieuwerkerk a/d IJssel en Gouda naar drie rijstroken per richting, een daling zien, maar zal in 2040 toch zwaar belast zijn en vaak congestie bevatten. Ook het aansluitende wegvak van de A20 (wegvak 4) raakt zwaarder tot overbelast en de verbreding in het Gouweaquaduct in de A12 (wegvak 1) laat voor de west-oost-richting alleen in de ochtendspits een verlichting in de belasting zien.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
46/107
Ook de wegvakken van de N219 die aansluiten op de A20 en de A12 (wegvakken 7 en 9) raken zwaarder en zwaar belast, evenals (in de avondspits) de N219 tussen Knibbelweg en Zuidplasweg. Vertraging en rijtijden De berekeningsresultaten van het dynamische verkeersmodel geven inzicht in de consequenties van de zware belasting van de wegvakken en de kruispunten. Wachtrijen ontstaan in de ochtendspits vooral ten noorden van de A12 en rond de N457 ten zuiden van de A20. Onder andere ontstaan er wachtrijen bij de enkelstrooks spooronderdoorgang in de Bredeweg. In de avondspits zijn er minder wachtrijen dan in de ochtendspits.
3.3.2
OV en fiets
Er zijn geen autonome ontwikkelingen ten aanzien van het aanbod van openbaar vervoer voorzien. In 2024 komt er een nieuwe OV-concessie. Het uitgangspunt hiervan is dat de kwaliteit van het OV minimaal behouden zal blijven 23. Er zal wel sprake zijn van een autonome groei van het aantal reizigers, maar er zullen naar verwachting geen capaciteitsknelpunten in het OV ontstaan. Binnen het plangebied zijn geen vastgestelde ontwikkelingen voor het langzaam verkeer voorzien. Wel wordt de Zuidelijke Dwarsweg in het projectenprogramma van het Nationaal Toekomstbeeld Fiets genoemd als project in de planstudiefase. De gemeente Zuidplas start in 2023 met het opstellen van een gemeentelijk fietsroutenetwerk: het gaat om het bezien van de bestaande routes en de fietsroutes uit het wegencategoriseringsplan – dit plan zal ook anticiperen op de ontwikkelingen in het Middengebied en een gewenst fietsroutenetwerk voor de toekomst omvatten. Provincie Zuid-Holland werkt aan het opstellen van een netwerk van doorfietsroutes. Een daarvan is de verbinding tussen Rotterdam en Gouda. De gemeenten Rotterdam, Capelle aan den IJssel en Gouda werken middels deelprojecten aan verbetering van de fietsverbinding. De gemeente Zuidplas heeft een voorkeur voor realisatie van de langs het spoor gelegen Ambitieroute (zie Figuur 3.8). Deze route moet nog verder onderzocht worden en ligt nog niet precies vast.
Daarnaast zal de gemeente – ook in het kader van het op te stellen fietsroutenetwerk – werken aan verbetering van de fietsroutes binnen de gemeente.
23 In principe is zal het eerste jaar de huidige dienstregeling gehanteerd worden. Daarna mogen er
aanpassingen komen.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
47/107
Figuur 3.8. | Ambitieroute doorfietsroute Rotterdam - Gouda (bron: Provincie Zuid-Holland)
3.3.3
Verkeersveiligheid
Er zijn autonome ontwikkelingen ten nadele en ten gunste van de verkeersveiligheid in het plangebied. De prognoses (zie Bijlage Etmaalintensiteiten autoverkeer) laten zien dat op de smalle wegen in het gebied (Zuidelijke Dwarsweg, Bierhoogtweg, Knibbelweg) de lage verkeersintensiteiten (enkele honderdtallen motorvoertuigen per etmaal) tussen 2023 en 2040 met meerdere tientallen procenten toenemen: een toename van eveneens enkele honderdtallen. Op deze smalle wegen blijft de intensiteit echter nog onder de 1.000 motorvoertuigen per etmaal. Samen met naar verwachting ook een toename van fietsers betekent dit een toename van het aantal ontmoetingen tussen langzaam verkeer en gemotoriseerd verkeer en daarmee een toename van de verkeersonveiligheid. Net als in de huidige situatie is een belangrijke component het aandeel vrachtverkeer en zwaar landbouwverkeer binnen het plangebied. Dit is/blijft naar verwachting gerelateerd aan de lokale bedrijvigheid (doorgaande stromen zullen niet optreden). Ook daarvoor zijn de verkeersintensiteiten laag, maar zij kunnen wel in enige mate toenemen, afhankelijk van de ontwikkeling en type van bedrijvigheid in het gebied. Er wordt gewerkt aan verbetering van de verkeersveiligheid. De gemeente heeft naar aanleiding van een risico-inventarisatie 71 risico-locaties vastgesteld.
De komende jaren zal de gemeente volgens een risicogestuurde verkeersveiligheidsaanpak de verkeersveiligheid verbeteren, te beginnen met de top 13 van deze risico-locaties24. Deze 13 locaties liggen alle buiten het plangebied. Een van de speerpunten in het regionale beleid is ‘Minimaliseren conflicten zwaar (landbouw) verkeer en zwakkere verkeersdeelnemers’.
24 Bron: gemeente Zuidplas, Risicogestuurd Uitvoeringsprogramma Verkeersveiligheid, december 2021.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
48/107
3.3.4
Duurzame mobiliteit
Voor Duurzame Mobiliteit zijn er in de regio en in de gemeente Zuidplas ambities geformuleerd. In de Raadsbrief voor de actualisatie van het RVVP Midden-Holland (juni 2021) staat concreet: “In het Klimaatakkoord is afgesproken dat elke regio maatregelen neemt om de mobiliteit te verduurzamen en de CO2-uitstoot te reduceren. Daartoe moet een Regionaal Mobiliteitsprogramma (RMP) worden opgesteld. Daarnaast is in het Klimaatakkoord afgesproken dat gemeenten een visie en beleid over Laadpaalinfrastructuur gaan opstellen en de uitvoering ervan gaan versnellen. Het RMP en het versnellen van de uitrol van laadinfrastructuur worden als integraal onderdeel opgenomen in het UitvoeringsProgramma RVVP. In het Schone Luchtakkoord (geratificeerd door alle regiogemeenten) is afgesproken om maatregelen te nemen voor een permanente verbetering van de luchtkwaliteit, waarbij wordt toegewerkt naar de WHO-advieswaarden voor stikstofdioxide en fijnstof. Voor een belangrijk deel betreft dit maatregelen in de mobiliteit.” Maatregelen op het gebied van mobiliteit zijn het stimuleren van OV, fiets en deelmobiliteit, onder andere door slimme verknopingsmogelijkheden als hubs. De regio is voornemens de komende jaren uitvoering te geven aan het RVVP, parallel aan de verdere planontwikkeling van het Middengebied.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
49/107
4. Effectbeoordeling alternatieven Het planvoornemen heeft invloed op de mobiliteit die herkomst en/of bestemming binnen het plangebied heeft. De invloed is het sterkst wanneer zowel herkomst als bestemming binnen het plangebied liggen. Voor de mobiliteit buiten het plangebied is er slechts invloed op het deel van het verkeer dat van en naar het plangebied rijdt. Op het overige verkeer buiten het plangebied heeft het planvoornemen weinig invloed: de ruimtelijke functies en voorzieningen buiten het plangebied zijn een gegeven.
4.1 Beoordelingscriteria Hieronder volgt een nadere uitwerking van het in 2.3 genoemde beoordelingskader, door specifiek te beschrijven hoe tot welke scores is gekomen. Voor sommige criteria zijn niet alle ‘punten’ in de schaal van toepassing. Daar is dan “/” opgenomen. Bereikbaarheid wegverkeer Voor het autoverkeer is er onderscheid te maken naar de bereikbaarheid (waaronder doorstroming) op het omliggende wegennet, zoals de provinciale wegen N219 en N457 en de autosnelwegen A12 en A20 en de bereikbaarheid binnen het plangebied, dat voor een groot deel heringericht wordt. Voor het omliggende wegennet gaat het om de afwikkeling van verkeer op bestaande wegen en kruispunten. De voornaamste effecten/gevolgen van de planontwikkeling zullen er zijn op de bereikbaarheid voor het wegverkeer op het omliggende wegennet De autotoegankelijkheid van en binnen het plangebied, inclusief de parkeermogelijkheden, de afstand tot voorzieningen, is vooral een concept- en ontwerpkeuze (Masterplan en in het vervolgtraject de uitwerking daarvan in een mobiliteitsconcept) en een verkeerstechnisch ontwerpvraagstuk (uitvoering volgens richtlijnen).
Het scoren volgens een 7-puntschaal gaat als volgt: Bereikbaarheid wegverkeer ++ Knelpunten die in de Referentiesituatie op het omliggende wegennet zullen ontstaan tussen nu en 2040, worden opgelost en de bereikbaarheid voor het wegverkeer binnen het plangebied is zeer goed. + Verkeer op het omliggende wegennet wordt duidelijk sneller afgewikkeld t.o.v. de Referentiesituatie. De doorstroming verbetert: de trajectreistijden worden korter. De interne bereikbaarheid is goed.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
50/107
0/+ 0 0/--
Verkeer op het omliggend wegennet wordt iets sneller afgewikkeld t.o.v. Referentiesituatie. De bereikbaarheid binnen het plangebied is goed. De bereikbaarheid wijzigt nauwelijks t.o.v. de Referentiesituatie. Op het omliggende wegennet nemen de vertragingen toe. Binnen het plangebied is de bereikbaarheid goed. Op het omliggende wegennet nemen de vertragingen toe. Binnen het plangebied is de bereikbaarheid goed. Op het omliggende wegennet nemen de vertragingen sterk toe, zodanig dat dit uitstraalt naar het plangebied waar dientengevolge dan ook de kwaliteit van de doorstroming afneemt. Buiten deze beoordeling valt de beleids-/ontwerpkeuze dat binnen het plangebied de auto niet meer overal toegelaten wordt. Dit telt niet mee als negatieve beoordeling voor de autobereikbaarheid binnen het plangebied.
Bereikbaarheid OV en fiets ++ Het plan kent zeer veel voorzieningen van hoge kwaliteit voor OV en fiets, heeft een grote fijnmazigheid en alle delen van het plangebied zijn goed en veilig met OV en fiets bereikbaar. Bovendien worden voorzieningen vroegtijdig gerealiseerd. + Het plan kent ruime voorzieningen voor OV en fiets en de meeste delen van het plangebied zijn goed en veilig met OV en fiets bereikbaar. 0/+ Het plan kent veel voorzieningen voor OV en fiets en grote delen van het plangebied zijn goed en veilig met OV en fiets bereikbaar. 0 Het plan kent algemene basisvoorzieningen voor OV en fiets, maar niet alle delen van het plangebied worden bediend door OV. 0/Het plan kent standaardvoorzieningen voor OV en fiets, maar slechts een klein deel van het plangebied wordt bediend door OV. Het plan kent een aantal voorzieningen voor OV en fiets, maar slechts een zeer klein deel van het plangebied wordt bediend door OV. -De OV- en fietsvoorzieningen blijven als in de Referentiesituatie en schieten daarmee tekort in relatie tot de vervoervraag die de woningbouw in het Vijfde Dorp oplevert. Opmerkingen: 1. In plaats van dit aspect te beschouwen als twee aparte criteria, is in de Notitie Reikwijdte en Detailniveau gekozen voor een combinatiecriterium van Bereikbaarheid OV en fiets. 2.
Vooral voor OV en fiets gaat het ook om de voorzieningen en mogelijkheden op de herkomsten en bestemmingen buiten het plangebied. Die zijn namelijk onderdeel van de verplaatsing en de kwaliteit en aantrekkelijkheid van deze verplaatsing. Dit is een belangrijk aspect in het verleiden tot een gunstiger modal split.
Verkeersveiligheid ++ De nieuw ontworpen onderdelen van de infrastructuur zijn cf. richtlijnen ingericht; gemotoriseerd verkeer en langzaam verkeer komen elkaar zo beperkt mogelijk tegen en dan alleen met vergelijkbare snelheden. + De nieuw ontworpen onderdelen van de infrastructuur zijn cf. richtlijnen ingericht; binnen het Vijfde Dorp komen gemotoriseerd verkeer en langzaam verkeer elkaar zelden tegen. In de omgeving van het
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
51/107
0/+
0
0/-
--
plangebied worden kruispunten veiliger ingericht, al dan niet met een scheiding van verkeersstromen. De nieuw ontworpen onderdelen van de infrastructuur zijn cf. richtlijnen ingericht; binnen het Vijfde Dorp is sprake van gemengd verkeer. Kruispunten worden veiliger, al dan niet door verkeersstromen fysiek te scheiden. De nieuw ontworpen onderdelen van de infrastructuur zijn cf. richtlijnen ingericht; binnen het Vijfde Dorp is sprake van gemengd verkeer. Er verandert op het omliggende wegennet weinig t.o.v. de Referentiesituatie. De nieuw ontworpen onderdelen van de infrastructuur zijn cf. richtlijnen ingericht; binnen het Vijfde Dorp is sprake van gemengd verkeer. Kruispunten in de omgeving worden niet aangepast en daardoor in principe onveiliger vanwege de toename van verkeer. / /
Duurzame mobiliteit ++ De nieuw gegenereerde mobiliteit is maximaal duurzaam (actieve, green, shared en excentrisch parkeren). + Er zijn veel mogelijkheden voor duurzame mobiliteit (deelmobiliteit, elektrisch rijden). 0/+ Er zijn meerdere mogelijkheden voor duurzame mobiliteit (deelmobiliteit, elektrisch rijden en excentrisch parkeren). 0 Er komen meer mogelijkheden voor duurzame mobiliteit, maar het blijft net als in de huidige situatie achter bij de landelijke ontwikkeling. 0// / -/
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
52/107
4.2 Bereikbaarheid wegverkeer 4.2.1
Basisalternatief
In het Basisalternatief is sprake van woningbouwontwikkeling in het Vijfde Dorp (met winkels en andere voorzieningen) en twee nieuwe bedrijventerreinen. Schematisch is het wegennet weergegeven in Figuur 4.1.
Figuur 4.1. | Overzicht wegennet plansituatie, schematisch. Ook aangegeven: de locatie van de twee bedrijventerreinen. Niet op dit kaartje: de ontsluiting van de bedrijventerreinen en de woningbouw binnen en rond de Groene Slinger. Deze ontwikkeling leidt tot extra mobiliteit in en om het plangebied, een toename ten opzichte van de Referentiesituatie waarin geen nieuwe woningbouw en extra bedrijventerrein is. De toename van mobiliteit is er voor alle modaliteiten: lopen, fietsen, openbaar vervoer, auto. Deze subparagraaf besteedt veel aandacht aan de mobiliteitseffecten op omliggende en ontsluitende wegennet en gaat kort in op de automobiliteit binnen het Vijfde Dorp. Verkeersintensiteiten De analyse richt zich eerst op de invloed die dit heeft op de hoeveelheid auto’s op het wegennet. In Figuur 4.2 is het verschil (in absolute waarden, niet procentueel) weergegeven tussen het Basisalternatief en de Referentie in 2040. Rood betreft hier de toename van verkeersintensiteiten ten opzichte van de Referentiesituatie, groen een afname.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
53/107
Figuur 4.2. | Effect: Basisalternatief ten opzichte van de Referentie, in 2040, in aantal motorvoertuigen per etmaal. Deze verschilplot laat in rood de toename zien van de hoeveelheid verkeer op de betreffende wegvakken, in groen de afname. Dit laatste op een veel kleiner aantal wegvakken. NB: rood staat hier niet voor congestie. NB: de cijfers in deze figuur zijn vanwege de resolutie niet goed leesbaar. Dat is wel het geval in de eveneens beschikbare pdf-plots, zie Bijlage Verkeersmodelplots.
Er zijn ten opzichte van de Referentie ten eerste de nieuwe wegen, waar de volledige intensiteit als toename geldt. Daarnaast zijn er toenames op de bestaande wegen aansluitend op de Groene Slinger, de N-wegen en de snelwegen A12 en A20. •
De gegevens op de nieuwe wegen betreffen dus de totale hoeveelheid verkeer (een toename ten opzichte van nul), dit zijn de Nieuwe Knibbelweg (+12.100), de Nieuwe Dwarsweg (7.200) en de ‘Groene Slinger’ (Ringweg) (ongeveer 6.500 na de eerste invalswegen).
•
De cijfers en bandbreedtes op de andere wegen in het kaartbeeld zijn de toe- en afnames. Het zijn toenames van het verkeer op de Middelweg tussen Groene Slinger en aansluiting op de A20 (+12.400), op de Bredeweg (+3.800), de Overslagweg (+6.500) en N219 bij de A12 (+8.500) en op de meeste wegvakken van de snelwegen A12 en A20 (van +2.500 tot +8.000 op doorsnedeniveau).
•
Op de N219 neemt het verkeer naar en van de A12 het meest toe; in iets mindere mate is dat het geval voor verkeer naar en van de A20.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
54/107
•
Op het middendeel van de N219 is sprake van een afname, op het wegvak tussen Zevenhuizen en de Nieuwe Knibbelweg is dat circa 3%. De verklaring voor deze afname is dat met het extra kruispunt de N219 minder aantrekkelijk wordt als route tussen A12 en A20. Dit verkeer is onderdeel van de toename op de Moordrechtboog.
•
De toename op de Overslagweg in Doelwijk I betreft ongeveer een verdubbeling van de intensiteit. Die toename is voor het grootste deel afkomstig van het nieuwe bedrijventerrein Doelwijk II, dat ontsloten wordt via een nieuwe verbinding tussen Zuidelijke Dwarsweg en de Overslagweg. Door die nieuwe verbinding komt een bijna even groot deel van de toename op de Overslagweg door extra verkeer afkomstig van een route die via de Zuidelijke Dwarsweg en de Middelweg loopt. De vraag is of dit een gewenst effect is.
•
Het nieuwe bedrijventerrein Gouwepark II, dat ontsloten wordt via het wegennet in Gouwepark I, leidt tot de zichtbare toename van verkeer rond het kruispunt N207/Grote Esch.
Afnames zijn er op de kleine wegen in het gebied. Ten eerste de Knibbelweg en de (oude) Zuidelijke Dwarsweg. In de berekeningen is daar de intensiteit kunstmatig naar 0 gebracht doordat deze wegen in het model geknipt zijn. In de werkelijkheid zijn voor de afname mogelijk verkeersmaatregelen nodig, zoals de wijze van aansluiting op de andere wegen. De Bierhoogtweg en Tweede Tochtweg zijn in het model niet geknipt, en daar laat het model min of meer gelijke intensiteiten zien als in de Referentie, op de Tweede Tochtweg zelfs iets minder. Het gaat op deze wegen om 300 of minder motorvoertuigen per etmaal. Dit effect van het Basisalternatief ten opzichte van de Referentie is iets kleiner dan wat het zou zijn geweest zonder de ‘5 % reductie’ door de vraagbeïnvloedende maatregelen. Bijlage Effect van het 5%-pakket bevat een analyse wat er zou gebeuren zonder die 5% modal shift. In Bijlage Etmaalintensiteiten autoverkeer staan de intensiteiten van alle thermometerpunten vermeld. Belasting kruispunten De resultaten voor de belasting van kruispunten staan in Tabel 4.1. De cijfers in de tabel laten zien dat een aantal kruispunten zwaarder belast wordt dan in de Referentiesituatie, zoals de rotondes bij de A20 (punten 3 en 4). Vooral bij de A12 (kruispunten 7 en 11) ontstaan extra knelpunten.
Voor het bedrijventerrein Gouwepark is kruispunt 5, het kruispunt van Grote Esch/Kanaaldijk met de N207, de enige ontsluiting van het terrein. Dit is een druk kruispunt, maar zal het verkeer in de spitsen met ongeveer dezelfde kwaliteit kunnen afwikkelen als in de Referentiesituatie. Voor het bedrijventerrein Doelwijk loopt de ontsluiting aan de oostzijde via de kruispunten 11 en 15. Het Basisalternatief leidt voor kruispunt 11 (avondspits) en 15 (beide spitsen) tot een significant zwaardere belasting, met gevolgen voor de verkeersafwikkeling. De westelijke ontsluiting van Doelwijk (naar de A12) loopt via de kruispunten 10, 8 en 7. Vooral kruispunt 7 gaat zwaarder belast worden. De toename van afwikkelingsproblemen die daarvan het gevolg is, kan uitstralen naar kruispunt 8.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
55/107
Tabel 4.1 | Kruispuntbelasting Middengebied Zuidplaspolder inclusief Basisalternatief 2040. Waarden groter dan 0,80 zijn rood en groter dan 0,85 rood vetgedrukt. (bron: Royal HaskoningDHV) Referentie/huidig 2023 OS
AS
Referentie 2040 OS
AS
Basisalternatief 2040 OS
AS
1 VRI N219 – zuidelijke Dwarsweg
0,85
0,85
0,85
0,85
0,85
0,85
2 Rotonde N219 - Zuidplaslaan
0,95
0,85
0,97 0,94
0,99
0,91
3 Rotonde links A20 – N219
0,58
0,76
0,57
0,99
0,60
1,08
4 Rotonde rechts A20 – N219
0,75
0,68
0,72
0,91
0,76
0,99
5 VRI N207 - Kanaaldijk
0,85
0,85
0,85
0,85
0,85
0,85
6 Rotonde N219 - Zuidplasweg
0,60
0,64
0,61
0,78
0,58
0,69
7 VRI A12 – N219 zuid
0,85
0,85
0,85
0,85
0,85
1,07
8 VRI A12 – N219 noord
0,85
0,85
0,85
0,85
0,85
0,85
9 Rotonde N219 - Bredeweg
0,58
0,63
0,77
0,78
0,81
0,68
10 Rotonde N453 - Bredeweg
0,16
0,22
0,36
0,50
0,41
0,44
11 VRI A12 – N457 Overslagweg
0,85
0,85
0,85
0,85
0,85
0,95
12 VRI A20 – N457 links
0,85
0,85
0,85
0,95
0,90
0,97 0,85
13 VRI A20 – N457 rechts
0,85
0,85
0,85
0,85
0,91
14 VRI N457 – Provinciale weg
0,85
0,85
0,85
0,90
0,85
0,91
15 VRI N457 – N451
0,85
0,85
0,93
0,85
0,97
0,89
0
0
0,55
0,63
0,57
0,83
16 VRI Nieuwe Knibbelweg
Belasting wegvakken Het Basisalternatief leidt veelal tot een zwaardere belasting van de wegvakken op het omliggende wegennet. De I/C-waarden zijn voor alle wegvakken in kaartbeelden in de Bijlage Verkeersmodelplots te raadplegen. Voor een aantal geselecteerde wegvakken staan ze in Tabel 4.2. Een sterke verzwaring is te zien op de wegvakken van de N219 die aansluiten op de snelwegen A12 en A20. De snelwegen zelf blijven zwaar belast en de belasting neemt nog iets toe. Er zijn vrijwel geen wegvakken waar in het Basisalternatief een verlichting van de wegvakbelasting optreedt ten opzichte van de Referentiesituatie. Een uitzondering is wegvak 12, de N219 tussen Knibbelweg en Zuidplasweg. Dit komt overeen met wat de verschilplot (Figuur 4.2) laat zien.
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
56/107
Tabel 4.2 | Wegvakbelasting Middengebied Zuidplaspolder. I/C-waarden 2023 en 2040 inclusief Basisalternatief. Cijfers voor de ochtendspits (OS) en de avondspits (AS), per richting. Waarden groter dan 0,8 zijn rood vetgedrukt (bron: Royal HaskoningDHV) Referentie/ huidig 2023 OS AS 1.
2.
A12 t.h.v. Gouda
A12 tussen Zuidplas en Zoetermeer
3.
4.
6.
7.
8.
9.
N219 viaduct over A20
N219 voor aansluiting A12
0,71
0,85
ri Den Haag
0,58
0,61
0,72
0,65
0,72
0,69
0,79
0,91
0,77
1,05
0,79
1,09
0,81
0,80
0,94
0,86
1,00
0,88
0,99
1,00
0,70
0,97
0,71
1,00
0,93
1,03
0,86
0,76
0,88
0,75
0,75
0,63
0,96
0,71
1,01
0,75
0,61
0,72
0,64
1,01
0,66
1,06
0,31
0,47
0,38
0,71
0,38
0,71
0,48
0,43
0,73
0,52
0,70
0,52
0,20
0,38
0,37
0,56
0,38
0,57
0,18
0,15
0,34
0,34
0,33
0,35
ri Utrecht
ri Gouda
ri Gouda
ri Moordrecht
ri Nieuwerkerk
0,67
0,66
0,79
0,76
0,93
0,82
ri Zevenhuizen
0,67
0,69
0,66
0,92
0,71
1,05
ri Zevenhuizen
0,55
0,38
0,53
0,46
0,54
0,53
ri Nieuwerkerk
0,24
0,45
0,37
0,48
0,37
0,42
0,65
0,80
0,61
0,87
0,68
1,08
0,75
0,60
0,76
0,65
1,01
0,63
0,66
0,76
0,64
0,83
0,65
0,80
0,72
0,65
0,72
0,73
0,71
0,69
0,20
0,38
0,37
0,56
0,38
0,57
0,18
0,15
0,34
0,34
0,33
0,35
0,64
0,74
0,56
0,84
0,55
0,75
0,67
0,62
0,73
0,58
0,69
0,52
ri Zevenhuizen ri A12
10 N219 ten zuiden van . rotonde Zuidplasweg
ri Nieuwerkerk ri Zevenhuizen
11 Moordrechtboog . westelijk van de A20
ri Moordrecht ri Waddinxveen
12 N219 tussen Knibbelweg . en Zuidplasweg
AS
0,85
ri Waddinxveen N219 voor aansluiting A20
OS
0,68
Moordrechtboog oostelijk ri Gouda van de A20 ri Nieuwerkerk Moordrechtboog voor aansluiting A12
AS
0,86
ri Rotterdam 5.
OS
0,82
ri Rotterdam A20 ten zuiden van Nieuwerkerk a/d IJssel
2040
Basisalternatief 2040
ri Utrecht
ri Den Haag A20 tussen Nieuwerkerk a/d IJssel en Moordrecht
Referentie
ri Zevenhuizen ri A12
Congestiebeeld en rijtijden Overbelasting van kruispunten en wegvakken leidt tot wachtrijen, congestie en vertragingen. Hoe sterker de overbelasting, hoe groter de negatieve gevolgen. Aanvullende berekeningen met het dynamische verkeersmodel bevestigen dit. Kaartbeelden zijn opgenomen in de Bijlage Verkeersmodelplots. In de dynamische resultaten is te zien dat wachtrijen ontstaan bij de enkelstrooks onderdoorgangen onder het spoor (Bredeweg) en N457 (Zuidelijke Dwarsweg). Daarnaast nemen met name in het bedrijvengebied Doelwijk de wachtrijen toe, te verklaren door de aanvullende ontwikkeling van bedrijvigheid, maar ook door het verkeer
Sweco | Achtergronddocument Mobiliteit Projectnummer 51007971 Datum 07-07-2023 (herzien 06-02-2024 n.a.v. zienswijze) Versie D1.0
57/107
dat de Bredeweg als ontsluiting van het Vijfde Dorp gebruikt. Dit laatste is niet zoals het Basisalternatief beoogt. Ook zijn de rijtijden op een aantal trajecten door het studiegebied bepaald. Voor het beschrijven van het effect op het omliggende wegennet zijn de rijtijden op de doorgaande trajecten relevant. In de uitgevoerde analyse is gekozen voor de trajecten N219 en de N457, beide tussen de A12 en de A20, echter exclusief de kruispunten25, zie Figuur 4.3.
Figuur 4.3. | Rijtijdtrajecten doorgaand verkeer.
Voor de N457 is er in alle situaties een vrije doorstroming, met een rijtijd van ongeveer anderhalve minuut. Dit is te verklaren door de lage I/C-waarden (zie Tabel 4.2) op deze weg. Voor de N219 staan de resultaten in Tabel 4.3. Tabel 4.3 | Rijtijden op het traject N219 (aantal minuten) in 2040, resultaat uit dynamische berekening (bron: Royal HaskoningDHV) OS