CConstaterende datZuidplas
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Reactienota zienswijzen Wvg (geanonimiseerde versie) A21.000839

Gemeenteraad 18 mei 2021, gemeente ZuidplasBij agendapunt: Rv Vestiging Wvg Middengebied Zuidplaspolder12.094 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

22

Ter vergelijk treft u bijgaand een fragment van het vigerende bestemmingsplan plaats, waar te zien is dat het voorste gedeelte van het perceel een woonbestemming heeft en het achterste deel een agrarische bestemming heeft. Voor dat agrarische deel van het perceel is nu het voorkeursrecht van toepassing.

Artikel 4 lid 1 onder a van de Wet voorkeursrecht gemeenten schrijft voor dat de gemeenteraad gronden voorlopig aan kan wijzen indien aan de gronden een niet-agrarische bestemming is toegedacht en het gebruik afwijkt van de toebedachte bestemming. Bij dit perceel is sprake van een niet-agrarische bestemming en het gebruik wijkt af van de toebedachte bestemming. In de Structuurvisie 2030 wordt het gebied aangewezen voor de gebiedsopgave van Het Vijfde Dorp. Er wordt dus voldaan aan de criteria voor het vestigen van de Wvg voor dit perceel. Op grond van artikel 9c Wvg kunnen de aangewezen gronden niet binnen twee jaar na het intrekken of het van rechtswege vervallen van zodanige aanwijzing met opnieuw op dezelfde grondslag worden aangewezen. Het laatste voorkeursrecht voor dit gebied is in 2011 ingetrokken. Dat is ruimschoots meer dan 2 jaar geleden. Het repeteerverbod staat een nieuwe vestiging niet meer in de weg, zeker nu er weer nieuwe plannen zijn om tot ontwikkeling te komen van een deel van het toentertijd te ontwikkelen gebied. Advies De argumenten in de zienswijze zijn voor ons geen aanleiding tot aanpassing van het voorstel aan de gemeenteraad. 2.13 Zienswijze Oskam Beheer B.V. Ontvankelijkheid Oskam Beheer B.V. is eigenaar van het perceel bekend als de gemeente Moordrecht, sectie D, nummers 3579.

Het perceel is opgenomen in de lijst van eigenaren en zakelijk gerechtigden voor de Wvg Middengebied Zuidplaspolder. Oskam Beheer B.V. is derhalve belanghebbende bij het voorgenomen besluit van de gemeenteraad over het voorkeursrecht. Het besluit van burgemeester en wethouders is op 25 maart 2021 in de Staatscourant gepubliceerd. Zowel in de publicatie in de Staatscourant als in de brief aan de eigenaren en beperkt zakelijk gerechtigden is aangegeven dat belanghebbenden tot en met 22 april 2021 een

23

zienswijze konden indienen naar aanleiding van het ontwerpraadsvoorstel. De zienswijze is op 22 april 2021 ingediend, en derhalve tijdig ingediend.

Inhoud van de zienswijze en reactie daarop 1. Het vestigen van de Wvg heeft een niet-beoogd effect: een rem op door de grondeigenaar uit te voeren ontwikkelingen op zijn perceel, zoals de (aan)bouw van opstallen en andere, relevante ruimtelijke ontwikkelingen. Bij het bevoegde gezag dat toestemming dient te verlenen voor dergelijke ontwikkelingen kan immers (bedoeld of onbedoeld) de gedachte ontstaan dat, gelet op het gevestigde voorkeursrecht, mogelijk in de toekomst de bestemming van de gronden wijzigt en het dan niet gewenst is dat de grondeigenaar in de tussentijd (ruimtelijke) ontwikkelingen uitvoert op zijn perceel. Met andere woorden, de door de grondeigenaar gewenste ontwikkelingen kunnen dan worden afgeremd door het signaal dat van een voorkeursrecht uitgaat (een mogelijk toekomstige bestemmingswijziging). De aanwijzing van de Wvg heeft niet tot gevolg dat het bedrijf beëindigd zal worden. Indien de eigenaren hun percelen aanbieden aan de gemeente zullen zij verzekerd zijn dat zij de marktwaarde voor hun bedrijf zullen krijgen. Wij snappen dat de aanwijzing ingrijpend is. De toekomstige plannen, zoals vastgelegd in de structuurvisie en Masterplan, worden door de vestiging van een voorkeursrecht duidelijker, maar wijzigen daardoor niet. De rem ontstaat in onze ogen dus meer op basis van de ruimtelijke plannen dan door de Wvg-vestiging. 2.

Het college was niet bevoegd om de percelen van indiener om de percelen op grond van artikel 6 Wvg aan te wijzen – en derhalve met een procedure die niet voldoet aan de eisen van afdeling 3.4 Awb als te zijn belast met een voorkeursrecht. 3. Het systeem van de Wvg voorziet erin dat indien en zolang er nog geen structuurvisie of bestemmingsplan is vastgesteld, maar nog alleen een bestemming is 'toegedacht'. Uit het raadsvoorstel blijkt dat een toegekende bestemming is krachtens de Structuurvisie 2030. Daardoor is het college niet bevoegd om de gronden aan te wijzen op grond van artikel 6 Wvg. In een dergelijk geval is alleen de raad bevoegd om, na het doorlopen van de uniforme openbare voorbereidingsprocedure van afdeling 3.4 Awb, op de voet van artikel 3 of artikel 4 Wvg te besluiten tot het opleggen van voorkeursrechten. Het betreft hier een zienswijze tegen het raadsvoorstel. Deze gronden zien echter op het reeds genomen collegebesluit en zullen dus in de bezwaarprocedure naar aanleiding van het collegebesluit moeten worden ingebracht. Overigens achten wij het standpunt van de indiener niet juist. De laatste zin van artikel 6 lid 1 Wvg luidt immers “Het besluit vervalt van rechtswege drie maanden na dagtekening of zoveel eerder als een besluit van de gemeenteraad tot aanwijzing ingevolge artikel 3, 4 of 5 in werking treedt”.

Uit de systematiek van de wet volgt ook dat er altijd een voorbescherming kan zijn als er een nieuw voorkeursrecht wordt gevestigd. In dit geval wordt een nieuw voorkeursrecht gevestigd, waarbij artikel 4 (vastgestelde structuurvisie) de grondslag is. 4. Een gedeelte van het perceel is reeds opgenomen in bestemmingsplan De Rode Waterparel. Dat zo zijnde, zou voor de gemeenteraad ook niet de bevoegdheid bestaan om artikel 4 Wvg toe te passen, maar zou de gemeenteraad de bevoegdheid moeten ontlenen aan artikel 3 Wvg.

24

De gemeente kan op basis van 3 artikelen in de Wet voorkeursrecht gemeenten het voorkeursrecht vestigen: - Artikel 3 Wvg: Op basis een niet-agrarische bestemming en afwijkend gebruik toebedacht in het bestemmingsplan/inpassingsplan. - Artikel 4 Wvg: Op basis een niet-agrarische bestemming en afwijkend gebruik toebedacht in de structuurvisie. Hierin vallen ook op grond van lid 1 sub b van artikel 4 gronden die bij een structuurvisie zijn aangewezen tot moderniseringsgebied als bedoeld in artikel 3.5 van de Wet ruimtelijke ordening, ongeacht of het gebruik van de gronden in die gebieden al dan niet afwijkt van die visie. - Artikel 5 Wvg: Gronden die nog niet opgenomen zijn in een bestemmingsplan, inpassingsplan, of structuurvisie, maar waarbij in het besluit tot aanwijzing aan de betrokken gronden een niet-agrarische bestemming wordt toegedacht en waarvan het gebruik afwijkt van die bestemming. De grond voor de definitieve aanwijzing van de Wvg Zuidplaspolder ligt in artikel 4 Wvg. In de structuurvisie 2030 wordt de Zuidplaspolder toegedacht aan de realisatie van Het Vijfde Dorp en de uitbreiding van bedrijvengebied de Gouweknoop. In bestemmingsplan De Rode Waterparel is een deel van de gronden opgenomen die nu in de Wvg zijn opgenomen. indiener van de zienswijze geeft aan dat er een gebied is opgenomen waar de bestemming ‘Woongebied – Uit te werken’ is opgenomen.

Hierdoor vindt indiener dat de grondslag voor het Wvg-besluit moet rusten op artikel 3 Wvg in plaats van artikel 4 Wvg. Artikel 4 Wvg kan worden toegepast als de gronden inbegrepen in een structuurvisie en waarbij er een niet-agrarische bestemming is toegedacht en het gebruik afwijkt van de toegedachte bestemming. De uitgangspunten die ten grondslag liggen aan het bestemmingsplan De Rode Waterparel zijn gewijzigd. Op basis van de structuurvisie 2030 wordt een helder beeld geschetst voor een woongebied voor Het Vijfde Dorp. Dat betekent dat de ruimtelijke keuzes die gemaakt waren in het bestemmingsplan De Rode Waterparel worden aangepast. Er zal ook een nieuw bestemmingsplan/omgevingsplan worden voorbereid die in de plaats zal treden van het bestemmingsplan De Rode Waterparel. Daarom zijn wij van mening dat vestiging van een voorkeursrecht moet worden gevestigd op basis van artikel 4 Wvg en niet op basis van artikel 3 Wvg. 5. In strijd met artikel 2, lid 1 sub b Besluit voorkeursrecht gemeenten ("Bvg") is in het besluit tot voorlopige aanwijzing ten aanzien van het aangewezen perceel niet vermeld de grootte van (de gedeelten van) de aangewezen perceel. Zo is voor indiener niet duidelijk of het in de brief van 25 maart 2021 genoemde perceel geheel of gedeeltelijk voorlopig is aangewezen, en indien sprake is van gedeeltelijke aanwijzing - voor welk gedeelte, en met welke omvang.

Bij het besluit zit een lijst met rechthebbenden waarbij bij de percelen is opgenomen voor welk gedeelte van het perceel de Wvg van toepassing is. Dit staat in de kolom “Grootte in Wvg in m²”. Daarmee voldoet het besluit aan de voorwaarden in artikel 2 lid 1 sub b Bvg. 6. In strijd met artikel 2, lid 2 Bvg is in het besluit tot voorlopige aanwijzing niet vermeld de planologische grondslag op basis waarvan het besluit is genomen, noch de geldingsduur.

25

In de brief staat vermeld dat het voorlopige voorkeursrecht is gevestigd op basis van artikel 6 Wvg. De geldigheidsduur van 3 maanden wordt daarin ook vermeld. In het collegebesluit d.d. 24 maart 2021 wordt verwezen naar artikel 6 Wvg als vestigingsgrond voor het voorlopige voorkeursrecht. Daarnaast is in het concept-raadsvoorstel opgenomen dat het voorkeursrecht voor de duur van 3 jaar zal gelden indien de raad het besluit van vestiging overneemt. Hiermee wordt voldaan aan de vereisten voor de aanwijzing van de Wvg. 7. De als bijlage bij het besluit gevoegde kaart voldoet met aan de vereisten vermeld in artikel 3, lid 1 sub a (schaal ten minste 1:2.500; in casu is de schaal 1:20.000) en sub b (duidelijke aanwijzing aangewezen gronden met ononderbroken lijn of arcering; de vage paarse inkleuring voldoet daaraan niet). Daarmee wordt evenmin voldaan aan het vereiste van artikel 3, lid 2 Bvg. Volledigheidshalve is bij de brief een overzichtstekening opgenomen. In de ter inzage gelegde stukken, welke waren in te zien op het gemeentehuis, liggen de 4 deelgebiedstekeningen ter inzage die voldoen aan de regels genoemd in artikel 3 lid 1 sub a Bvg. Ook hiermee wordt voldaan aan de vereisten voor de besluitvorming van de Wvg. Advies De argumenten in de zienswijze zijn voor ons geen aanleiding tot aanpassing van het voorstel aan de gemeenteraad. 2.14 Zienswijze mevrouw H.J.

Venema Mevrouw H.J. Venema is eigenaar van de percelen bekend als de gemeente Moordrecht, sectie D, nummers 3251. Het perceel is opgenomen in de lijst van eigenaren en zakelijk gerechtigden voor de Wvg Middengebied Zuidplaspolder. Mevrouw H.J. Venema is derhalve belanghebbende bij het voorgenomen besluit van de gemeenteraad over het voorkeursrecht. Het besluit van burgemeester en wethouders is op 25 maart 2021 in de Staatscourant gepubliceerd. Zowel in de publicatie in de Staatscourant als in de brief aan de eigenaren en beperkt zakelijk gerechtigden is aangegeven dat belanghebbenden tot en met 22 april 2021 een zienswijze konden indienen naar aanleiding van het ontwerpraadsvoorstel. De zienswijze is op 22 april 2021 ingediend, en derhalve tijdig ingediend. Inhoud van de zienswijze en reactie daarop 1. Indiener vindt het voorbarig dat de gemeente nu al het voorkeursrecht heeft vastgesteld als nu al vastgesteld kan worden dat het voorkeursrecht over drie jaar zal komen te vervallen. Althans in uw voorstel wordt niet duidelijk gemotiveerd dat binnen drie jaar naast het masterplan ook een daadwerkelijk bestemmingsplan of inpassingsplan als bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening, danwel een omgevingsplan als bedoeld in de toekomstige Omgevingswet, zal worden vastgesteld. Het voorbereiden van een bestemmingsplan/omgevingsplan moet een bepaalde procedure volgen.

Deze procedure kost tijd. De gemeente zal binnen 3 jaar na de aanwijzing van de raad een bestemmingsplan/omgevingsplan voorbereiden en in procedure brengen. 2. Het perceel van indiener betreft een bestaande woning met tuin in het lint. Op grond van in het raadsvoorstel opgenomen overweging zou daarom ten aanzien van het perceel van indiener geen voorkeursrecht gevestigd moeten worden. Zonder nadere toelichting, die hier 26

ontbreekt, kan derhalve niet worden overgegaan tot vestiging van het voorkeursrecht op het perceel van indiener nu uit het voorgaande blijkt dat het huidige gebruik van het perceel overeenstemt met het door uw gemeente voorziene gebruik in de toekomst. 3. Terzijde overigens nog het volgende. Als bekend heeft het college op 23 maart 2021 besloten tot voorlopige vestiging van een voorkeursrecht op onder meer het perceel van cliënten vooruitlopend op de definitieve voorgenomen vestiging door uw gemeenteraad (kenmerk U21.001077). In dat besluit is ten aanzien van het perceel van indiener overwogen dat het perceel op dit moment gebruikt zou worden ten behoeve van agrarisch gebruik. Hoewel deze zienswijze niet direct kan zien op de tijdelijke vestiging is dat als vermeld onjuist. Mogelijk dat deze onjuistheid heeft geleid tot opneming van het perceel van indiener op de lijst van percelen waar een voorkeursrecht op is voorzien. Op basis van bestemmingsplan Gouweknoop (vastgesteld 2 november 2010) heeft het perceel van indiener een ‘Wonen’ en ‘Tuin’ bestemming. Bij dit perceel is sprake van een niet-agrarische bestemming, echter wijkt het gebruik van die toebedachte bestemming af van het huidige gebruik. In de Structuurvisie 2030 wordt het gebied aangewezen voor de gebiedsopgave van de Gouweknoop, zijnde bedrijventerrein.

Er wordt dus voldaan aan de criteria voor het vestigen van de Wvg voor dit perceel. 4. Er is geen samenhang tussen de ontwikkeling van Het Vijfde Dorp en de ontwikkeling van de Gouweknoop. Zo is in de Structuurvisie in paragraaf 4.3.2 te lezen dat de Gouweknoop pas is voorzien na de ontwikkeling van het Plantagekwadrant. Ontwikkeling van het Plantagekwadrant is evenwel voorzien in de periode 2012-2030, waardoor de Gouweknoop dus pas is voorzien na 2030. Dit in tegenstelling tot het Vijfde Dorp waarvan de ontwikkeling is voorzien in 2025. Zonder nadere toelichting, die hier ontbreekt, is het onbegrijpelijk dat in deze procedure voorkeursrechten worden gevestigd voor deze twee afzonderlijke ontwikkelingen die op zijn minst 5 jaar na elkaar ontwikkeld zullen worden. 5. Omdat de ontwikkeling van de Gouweknoop pas is voorzien over omstreeks 10 jaar kan er geconcludeerd worden dat de noodzaak van het op dit moment vestigen van een voorkeursrecht op het perceel van cliënten niet aanwezig is. Dit terwijl de vestiging daarvan wel een onevenredige last is die drukt op het perceel en op de waarde van het perceel van cliënten. De plannen voor Het Vijfde Dorp en de Gouweknoop voorzien in twee verschillende functies, maar hebben een ruimtelijke relatie met elkaar.

Er ligt tevens een relatie ten aanzien van duurzaamheidsaspecten en we willen mogelijkheden hebben om bedrijven uit het overige deel van het middengebied te verplaatsen naar de voorziene bedrijventerreinlocatie van de Gouweknoop. We verwachten dat er binnen 3 jaar een bestemmingsplan/omgevingsplan kan worden vastgesteld. Het vestigen van het voorkeursrecht is een van de eerste stappen om de ontwikkeling van de Gouweknoop mogelijk te maken. Advies De argumenten in de zienswijze zijn voor ons geen aanleiding tot aanpassing van het voorstel aan de gemeenteraad.

27

3

Conclusie

In totaal zijn er 14 zienswijzen ingediend naar aanleiding van het ontwerp raadsvoorstel. In deze reactienota hebben wij de inhoud van de zienswijze puntsgewijs per eigenaar/zakelijk gerechtigde opgenomen en voorzien van een reactie. In alle gevallen willen wij graag met de eigenaren en zakelijk gerechtigden in overleg treden over de gevolgen van het besluit voor hen. In veel gevallen zal de persoonlijke situatie verschillen, waardoor juist een persoonlijk gesprek nodig is. Alhoewel de zorgen van eigenaren en zakelijk gerechtigden die zijn geuit in de zienswijzen onze aandacht heeft, zijn wij nog steeds van mening dat het verwezenlijken van Het Vijfde Dorp en de uitbreiding van het bedrijventerrein Gouweknoop een goed besluit is. Ten behoeve van de voorgaande ontwikkelingen is het voorkeursrecht gevestigd. Dit voorkeursrecht ondersteunt de ontwikkeling van Het Vijfde Dorp en de uitbreiding van de Gouweknoop. Wij zijn van mening dat de zienswijzen geen aanleiding geven om tot een ander besluit te komen. Medewerkers van de gemeente zullen in gesprek treden met alle eigenaren (en zakelijk gerechtigden), dus niet alleen diegenen die zienswijzen hebben ingediend, om op individueel niveau met de eigenaren over hun situatie te praten en hun zorgen te bespreken.

28

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10135781/1