Bijlage 1 Programmabegroting 2022-2025 A21.001554
Tekst van het document
72
Beleidskaders A20.001051 A20.001197 A14.000184 A21.001131
Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 2021-2025 Visie op lijkbezorging Zuidplas Beleidsnota grondwater Afvalstoffenverordening
73
Product 5.3
Vastgoed
Algemeen doel product De gemeente Zuidplas zet vastgoed in om gemeentelijke beleidsdoelen te helpen realiseren. Die beleidsdoelen bewegen zich op de terreinen van leren, sporten, ontmoeten en recreëren binnen de samenleving van Zuidplas. Daarnaast wordt ook in de nodige gebouwen voorzien om de gemeentelijke organisatie te huisvesten. Ontwikkelingen Doorontwikkeling van het Meerjarenperspectief Vastgoed Hoewel het meerjarenperspectief nog steeds zijn functie heeft, hebben er zich de afgelopen jaren ook ontwikkelingen voorgedaan waardoor een doorontwikkeling van het Meerjarenperspectief Vastgoed gewenst is. We streven naar een maximale maatschappelijke waarde van ons vastgoed voor de gemeente en haar inwoners. Dit vraagt om een scherpe duiding van kern- en restportefeuille. De gebouwen in de kernportefeuille zullen voor de gemeente noodzakelijk zijn om beleidsdoelstellingen te kunnen realiseren. Starten met verduurzamen vastgoedportefeuille Als onderdeel van het programma duurzaamheid is in 2020 gestart met het opstellen van een Routekaart Maatschappelijk Vastgoed. Hierin worden alle duurzaamheidsmaatregelen met betrekking tot het vastgoed voor de komende jaren samengebracht. De Routekaart maatschappelijk vastgoed wordt in het 3e kwartaal van 2021 gepresenteerd.
Daarna zal uitvoering worden gegeven aan de routekaart en zal gestart worden met het opstellen van maatwerkadviezen en met het verduurzamen van het maatschappelijk vastgoed. Voortzetten verkoop snippergroen De gemeente biedt ‘snippergroen’ aan (potentiële) inwoners/gebruikers aan. Inmiddels is het een vrijwel continu proces in heel Zuidplas. Doelen 2022 Doel Doorontwikkeling Meerjarenperspectief Vastgoed Prestatie Een nieuwe Meerjarenperspectief Vastgoed zal worden gepresenteerd.
Prestatie-indicator Een nieuwe Meerjarenperspectief Vastgoed met een scherpe duiding van kern- en restportefeuille.
74
Planning Q3 2022
Doel Starten met verduurzamen vastgoedportefeuille Prestatie Maatwerkadviezen in uitvoering brengen en starten met het verduurzamen van de vastgoedportefeuille.
Doel Woonplezier van inwoners verhogen. Prestatie Verkoop snippergroen.
Prestatie-indicator Minimaal 1 object binnen de vastgoedportefeuille verduurzaamd conform de uitgangspunten van de Routekaart Maatschappelijk Vastgoed
Planning Q4 2022
Prestatie-indicator Uitrol in Nieuwerkerk aan den IJssel.
Planning 2022
Verbonden partijen Niet van toepassing. Beleidskaders A15.001351 Z11.000833
Nota vastgoed (2015) Nota snippergroen (2011)
Beleidsindicatoren programma 5 Beleidsindicatoren Programma 5 Taakveld: Volksgezondheid en milieu
Werkelijk
Naam indicator
Eenheid
Bron
2017
2018
2019
2020
1e helft 2021
Omvang huishoudelijk restafval
Kg/inwoner
CBS*
116 kg/inw.
117 kg/inw.
117 kg/inw.
119 kg/inw.
nnb
*via www.waarstaatjegemeente.nl
75
Wat mag het programma fysieke omgeving kosten? bedragen x € 1.000
Fysieke omgeving Rekening 2020 Lasten Beheer buitenruimte Afval, riolering en begraven Vastgoed Totaal Lasten Baten Beheer buitenruimte Afval, riolering en begraven Vastgoed Totaal baten Saldo van baten en lasten Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat
Begroting 2021 na wijziging
Begroting 2022
Meerjaren Meerjaren Meerjaren raming 2023 raming 2024 raming 2025
9.268 9.031 1.491 19.790
9.753 9.034 1.623 20.410
11.003 9.188 1.404 21.595
11.154 9.390 1.566 22.111
11.404 9.587 1.596 22.587
11.587 9.682 1.548 22.817
237 10.959 720 11.916 -7.874 -7.874
417 11.011 728 12.155 -8.255 -8.255
331 11.297 864 12.492 -9.103 -9.103
331 11.588 1.018 12.937 -9.174 -9.174
331 11.876 1.017 13.223 -9.364 -9.364
331 12.020 1.015 13.366 -9.451 -9.451
De vergelijk ende cijfers in de tabellen zijn conform eerdere besluitvorming in de raad.
76
Financiële producten De begroting van de gemeente Zuidplas bevat de te realiseren programma’s en een aantal programmaonderdelen die financieel technisch van aard zijn. Deze financieel technische programmaonderdelen worden in dit hoofdstuk verder toegelicht. Het gaat om de volgende onderdelen: Algemene dekkingsmiddelen Overhead Vennootschapsbelasting Onvoorzien Algemene dekkingsmiddelen Algemeen doel De gemeente zet in op een financieel gezonde gemeente, waarbij de inkomsten en uitgaven structureel in balans zijn. bedragen x € 1.000
Algemene dekkingsmiddelen
Baten en lasten Lokale heffingen, waarvan de besteding niet gebonden is Algemene uitkering Dividend Saldo van de financieringsfunctie Overige algemene dekkingsmiddelen Totaal overzicht van algemene dekkingsmiddelen
Rekening 2020
Begroting 2021 na wijziging
10.863 56.456 1.273 140 769 69.501
11.345 60.747 1.206 41 73.338
Begroting Meerjaren Meerjaren Meerjaren 2022 raming raming raming 2023 2024 2025
10.227 62.332 2.148 128 74.835
10.199 59.976 206 205 70.586
10.199 59.753 206 213 70.371
10.199 60.082 206 313 70.800
Voor het betalen en uitvoeren van gemeentelijke activiteiten moet Zuidplas beschikken over de noodzakelijke financiële middelen. De middelen die geen relatie hebben met een specifiek programma zoals de belastingen met een ongebonden besteding, noemen we algemene dekkingsmiddelen. Belastingen met een gebonden besteding zoals afvalstoffenheffing en rioolheffing zijn geen algemeen dekkingsmiddel en zijn opgenomen bij de desbetreffende programma’s.
77
Lokale heffingen waarvan de besteding niet gebonden is. In de paragraaf lokale heffingen wordt uitgebreid aandacht besteed aan de diverse gemeentelijke belastingen. De tarieven van de lokale heffingen waarvan de besteding niet gebonden is zijn verhoogd met de prijsindex van 1,5%. Doel De gemeente voldoet aan de vereisten van de Waarderingskamer in het kader van het heffen van de onroerende zaakbelasting. Algemene uitkering Gemeenten ontvangen geld van de Rijksoverheid uit het gemeentefonds. Hiermee betalen zij een deel van hun uitgaven, waaronder de wettelijke verplichte taken en (een deel van) de kosten van de bestuurlijke en ambtelijke organisatie. Gemeenten mogen zelf bepalen waar ze dit geld aan besteden. Zij leggen daarover verantwoording af aan de gemeenteraad. Hoeveel geld individuele gemeenten uit het gemeentefonds krijgen, hangt af van de kenmerken en de belastingcapaciteit van de gemeenten. De belastingcapaciteit geeft aan hoeveel belasting een gemeente jaarlijks kan innen. Gemeenten ontvangen per jaar 3 circulaires: de meicirculaire (basis is de Voorjaarsnota van het Rijk), de septembercirculaire (basis is de Miljoenennota van het Rijk) en de decembercirculaire (bijstelling lopend jaar).
Naast de algemene uitkering ontvangen gemeenten ook geld voor specifieke taken, hierover zijn de volgende afspraken gemaakt met de gemeenteraad: De taakmutaties inzetten voor de desbetreffende taak binnen de begroting; Decentralisatie uitkeringen inzetten voor de desbetreffende taak binnen de begroting; Accressen inzetten als algemeen dekkingsmiddel en dienen voornamelijk ter dekking van de loon- en prijsindexatie. Meicirculaire 2021 De omvang van het gemeentefonds in deze Programmabegroting is gebaseerd op de meicirculaire 2021. De omvang van de uitkering voor 2022 is geraamd op € 62,1 miljoen. Septembercirculaire 2021 De septembercirculaire van het gemeentefonds is een uitwerking van de Miljoenennota van het Rijk, welke op Prinsjesdag wordt gepresenteerd. Direct na Prinsjesdag (derde dinsdag van september) wordt de septembercirculaire beschikbaar gesteld aan de gemeentebesturen. Van de septembercirculaire 2021 wordt separaat een informatienota aan de gemeenteraad verstrekt, en zal voor dezelfde raadsvergadering als deze programmabegroting worden geagendeerd. Voor de verwerking van de financiële uitkomsten wordt een afzonderlijk raadsbesluit gevraagd waarna de financiële uitkomsten in de Meerjarenbegroting zullen worden verwerkt.
78
Dividend Van een aantal verbonden partijen, de zogenaamde deelnemingen, is de gemeente in het bezit van aandelen, en heeft hiermee het recht op een dividenduitkering. Statutair kan hierop een uitzondering worden gemaakt. In de aandeelhoudersvergadering wordt vastgesteld of en hoeveel dividend er wordt uitgekeerd aan de aandeelhouders. Saldo van de financieringsfunctie In de paragraaf Financiering wordt uitgebreid aandacht besteed aan de financieringsfunctie. In dit product wordt inzicht gegeven in het financiële resultaat. Beleidskaders Z21.001564 Z20.001995 Z20.000108 A16.001619
Informatienota meicirculaire 2021 Informatienota “extra steunpakket Rijk corona” Treasurystatuut 2020 (raadvergadering 8 oktober 2020) Financiële verordening gemeente Zuidplas 2017
79
Overhead In de beleidsprogramma’s worden alleen die kosten opgenomen die betrekking hebben op het primaire proces. Alle overige kosten worden opgenomen in het onderdeel overhead. Hiermee wordt inzicht gegeven in alle kosten die verband houden met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. bedragen * € 1.000,-
Overhead
2020 loon
2021 totale kosten 795
loon
Huisvesting
overige kosten 795
Automatisering
2.079
Communicatie
122
2022 totale kosten 632
loon
-
overige kosten 632
2.079
-
2.067
122
-
totale kosten
-
overige kosten 609
2.067
-
2.000
2.000
163
163
-
163
163
609
Personeel*
6.096
3.161
-
9.128
3.673
12.801
9.549
3.099
12.648
Brutokosten overhead
6.096
6.157
12.252
9.128
6.535
15.663
9.549
5.871
15.421
-794
-794
-446
-446
-904
-904
15.217
-
-
14.517
-
-
-
Toerekening overhead aan projecten Nettokosten overhead Totaal dekking overhead Saldo overhead
-
11.458
-
-
-
-
-
-
11.458
15.217
14.517
*incl. concernplan, groeimechanisme en coronagerelateerde bedrijfsvoeringskosten
De totale kosten overhead zijn in 2022 per saldo ca €0,7 mln. lager ten opzichte van 2021. De belangrijkste verschillen worden veroorzaakt door de aan projecten toe te rekenen overheadskosten (verhoging van circa €458.000 aan dekking). Daarnaast heeft een actualisatie van de kostenverdeelsleutels van verschillende clusters plaatsgevonden. Tijdens deze actualisatie is beoordeeld welke medewerkers er op basis van de notitie overhead aan de beleidsprogramma’s dienen te worden toegerekend en welke medewerkers het primaire proces ondersteunen. Bij de clusters van Samenleving en Ruimte heeft de actualisatie geresulteerd in een lagere toerekening aan overhead (en daarmee een hogere toerekening aan de verschillende programma’s en projecten). Communicatie Conform de notitie overhead (2016) zijn ook de kosten die aan communicatie worden besteed toegerekend aan overhead. Het gaat om kosten die worden ingezet ten behoeve van de interne en externe communicatie; uitgezonderd het klantcontactcentrum.
80
Huisvesting gemeentelijke organisatie Huisvestingskosten die worden gerekend tot overhead hebben betrekking op ruimten die voor de uitvoering van de algemene taken van de gemeentelijke organisatie worden gebruikt. Hieronder vallen geen huisvestingskosten die behoren tot een specifiek uitvoerende taak, zoals de kosten van een sporthal of een brandweerkazerne. Er hebben geen budgettaire wijzigingen plaatsgevonden. Kostenonderbouwing tarieven De berekening van de tarieven en de bijbehorende kostenonderbouwing vindt extracomptabel plaats. De directe kosten zijn opgenomen op de betreffende taakvelden (en programma’s) terwijl de kosten van btw en overhead hier geen onderdeel van uitmaken. De opslag van overhead wordt in Zuidplas berekend op basis van de omvang van de programma’s. Op basis van deze methode bedraagt het opslagpercentage van overhead toe te rekenen aan de tarieven 13%. Vennootschapsbelasting De gemeente Zuidplas streeft naar een juiste weergave van de lasten en baten die samenhangen met de vennootschapsbelasting (VPB), met als doel een juiste en tijdige aangifte VPB. Vanaf 2016 is ook de ‘Wet op de vennootschapsbelasting 1969’ van toepassing op de gemeente voor zover deze een onderneming voert. Dit is het meest waarschijnlijk bij het grondbedrijf. Om vast te stellen of het grondbedrijf als een onderneming geldt wordt ieder jaar een fiscale toets uitgevoerd.
Op basis van Perspectief Ruimtelijke Opgaven 2.0 (PRO 2.0) is geconcludeerd dat het Grondbedrijf niet als onderneming kan worden beschouwd en daarom niet vennootschapsbelastingplichtig is. Beleidskaders Wet modernisering Vpb-plicht overheidsondernemingen Notitie Overhead BBV Verbonden partijen Alliander, Dunea, Oasen en BNG Bank Van de genoemde partijen zijn wij aandeelhouder en ontvangen wij dividend. Meer informatie over deze partijen in de paragraaf lokale heffingen. Onvoorzien Bij de Begroting 2021 is, als onderdeel van het Herstelplan 1.0, het structurele budget voor de post Onvoorzien afgeraamd. Derhalve bedraagt de post Onvoorzien in de Begroting 2022 en Meerjarenramingen nihil.
81
Beleidsindicatoren financiële producten
Prog
Taakveld
Beleidsindicatoren Programma 6 Naam indicator
Eenheid
Bron
Indicator
Programmabegroting 2022 - 2025 Korte toelichting
6
2
8. Vhrosv
Gemiddelde WOZ waarde
Duizend euro
CBS
€
289 Op basis CBS - statistiek waarde onroerende zaken 2020
6
2
8. Vhrosv
Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden
In Euro’s
COELO
€
824
Woonlasten voor 2021 is de som van de OZB, afvalstoffen- en rioolheffing
6
2
8. Vhrosv
Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden
In Euro’s
COELO
€
845
Woonlasten voor 2021 is de som van de OZB, afvalstoffen- en rioolheffing
6
1
0. Bestuur en ondersteuning
Formatie
Fte per 1.000 inwoners
Eigen gegevens
5,41 Formatie in Fte per 1.000 inwoners
6
1
0. Bestuur en ondersteuning
Bezetting
Fte per 1.000 inwoners
Eigen gegevens
4,89 Bezetting Fte per 1.000 inwoners
6
1
0. Bestuur en ondersteuning
Apparaatskosten
Kosten per inwoner
Eigen begroting
€ 588 Apparaatskosten per inwoner
6
1
0. Bestuur en ondersteuning
Externe inhuur
Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen
Eigen begroting
De geraamde kosten voor externe inhuur in 2022 bedragen € 1 5,29% miljoen. Uitgedrukt in een % van loonsom+ externe inhuur is dit 5,29%
6
1
0. Bestuur en ondersteuning
Overhead
% van totale lasten
Eigen begroting
11,91% Overhead als % van totale lasten exclusief reservemutaties
82
Wat mogen de financiële producten kosten? bedragen x € 1.000
Algemeen Rekening 2020 Lasten Algemene dekkingsmiddelen Overhead Vennootschapsbelasting Onvoorzien Totaal Lasten Baten Algemene dekkingsmiddelen Overhead Vennootschapsbelasting Onvoorzien Totaal baten Saldo van baten en lasten Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Resultaat
Begroting 2021 na wijziging
Begroting 2022
Meerjaren Meerjaren Meerjaren raming 2023 raming 2024 raming 2025
881 11.628 100 12.609
2.123 15.413 17.535
2.061 14.768 16.830
1.969 13.593 15.562
1.959 13.569 15.528
1.839 13.366 15.205
69.844 269 70.113 57.505 11.441 7.691 53.755
73.529 211 73.739 56.204 14.934 19.066 60.336
74.823 251 75.073 58.244 3.613 4.776 59.406
70.436 231 70.667 55.104 2.107 2.865 55.862
70.196 231 70.427 54.899 1.061 1.516 55.354
70.508 231 70.739 55.533 1.440 1.650 55.743
De vergelijk ende cijfers in de tabellen zijn conform eerdere besluitvorming in de raad.
83
Overzicht van lasten en baten Overzicht van baten en lasten en resevemutaties per programma Rekening 2020
Bestuur en organisatie Sociaal domein Maatschappelijk domein Ruimtelijk Beleid en - ontwikkeling Fysieke omgeving Financiele producten Totaal Lasten en baten reserves
Bestuur en organisatie Sociaal domein Maatschappelijk domein Ruimtelijk Beleid en - ontwikkeling Fysieke omgeving Financiele producten Totaal mutaties reserves Resultaat
Begroting 2021 na wijziging
Primitieve begroting 2022
lasten 7.412 46.182 9.481 22.574 19.790 12.609 118.047
baten 523 13.984 2.404 23.224 11.916 70.113 122.164
saldo -6.889 -32.198 -7.076 650 -7.874 57.505 4.117
lasten 6.873 46.623 9.836 40.872 20.410 17.535 142.149
baten 465 12.188 2.010 35.398 12.155 73.739 135.956
saldo -6.408 -34.434 -7.827 -5.473 -8.255 56.204 -6.194
lasten 6.679 42.970 11.024 25.407 21.595 16.830 124.504
baten 448 8.943 1.883 21.426 12.492 75.073 120.266
saldo -6.231 -34.027 -9.140 -3.981 -9.103 58.244 -4.238
11.441 11.441 129.488
7.691 7.691 129.855
-3.750 -3.750 366
14.934 14.934 157.083
19.066 19.066 155.022
4.132 4.132 -2.061
3.613 3.613 128.118
4.776 4.776 125.042
1.163 1.163 -3.076
De vergelijk ende cijfers in de tabellen zijn conform eerdere besluitvorming in de raad.
84
bedragen x € 1.000
Overzicht van baten en lasten en resevemutaties per programma Meerjaren raming 2023
Bestuur en organisatie Sociaal domein Maatschappelijk domein Ruimtelijk Beleid en - ontwikkeling Fysieke omgeving Financiele producten Totaal Lasten en baten reserves
Bestuur en organisatie Sociaal domein Maatschappelijk domein Ruimtelijk Beleid en - ontwikkeling Fysieke omgeving Financiele producten Totaal mutaties reserves Resultaat
Meerjaren raming 2024
Meerjaren raming 2025
lasten 6.624 42.271 10.601 18.567 22.111 15.562 115.736
baten 390 8.897 1.887 14.502 12.937 70.667 109.280
saldo -6.234 -33.374 -8.714 -4.065 -9.174 55.104 -6.456
lasten 6.792 41.638 10.533 18.242 22.587 15.528 115.321
baten 725 8.897 1.890 14.423 13.223 70.427 109.586
saldo -6.066 -32.741 -8.644 -3.819 -9.364 54.899 -5.735
lasten 6.784 41.296 10.430 19.412 22.817 15.205 115.944
baten 713 8.897 1.893 15.902 13.366 70.739 111.510
saldo -6.071 -32.399 -8.537 -3.510 -9.451 55.533 -4.434
2.107 2.107 117.842
2.865 2.865 112.145
758 758 -5.698
1.061 1.061 116.381
1.516 1.516 111.102
455 455 -5.280
1.440 1.440 117.385
1.650 1.650 113.160
210 210 -4.224
De vergelijk ende cijfers in de tabellen zijn conform eerdere besluitvorming in de raad.
85
Paragraaf 1: Lokale heffingen Inleiding De paragraaf Lokale heffingen geeft inzicht in de diverse gemeentelijke belastingen en de gevolgen daarvan voor de inwoners van Zuidplas. Lokale heffingen hebben tot doel dat de gemeente door het verwerven van eigen middelen dekking vindt voor haar uitgaven in het kader van de uitvoering van de gemeentelijke taken. De invoering, wijziging of intrekking van lokale heffingen vindt plaats door middel van een verordening die de gemeenteraad of het college van burgemeester en wethouders vaststelt (zie ook hieronder: Belastingverordeningen). De gemeente maakt een onderscheid tussen lokale heffingen met een gebonden en ongebonden besteding. De paragraaf Lokale heffingen heeft betrekking op beide. Ongebonden lokale heffingen (onroerendezaakbelasting, precariobelasting, forensen en toeristenbelasting) worden tot de algemene dekkingsmiddelen gerekend, omdat zij niet aan inhoudelijke begrotingsprogramma's zijn gerelateerd. De besteding is niet gebonden aan een bepaalde taak. Gebonden heffingen, zoals de afvalstoffen- en rioolheffing, verantwoordt de gemeente in het betreffende programma. Zij rekent deze niet tot de algemene dekkingsmiddelen.
Begrotingsuitgangspunten Voor het belastingjaar 2022 heeft de gemeenteraad de volgende begrotingsuitgangspunten vastgesteld: De ongebonden belastingen (OZB, RZB en Marktgelden) worden verhoogd met de prijsindex (1,5%); De gemeenteraad* stelt de belastingverordeningen, met uitzondering van de Verordening onroerendezaakbelastingen, en de begroting 2022 in dezelfde vergadering vast; De gemeenteraad stelt de Verordening onroerendezaakbelastingen 2022 vast in de vergadering van december 2021; Het tarief van de rioolheffing is toereikend om de kosten te dekken; Het tarief van de afvalstoffenheffing is toereikend om de kosten te dekken; De kwijtscheldingen van de afvalstoffenheffing worden niet meer toegerekend bij de bepaling van het tarief van de afvalstoffenheffing. * Op 30 augustus 2016 besloot de gemeenteraad aan het college van burgemeester en wethouders onder voorwaarden de bevoegdheid te delegeren tot het vaststellen van de volgende belastingverordeningen: Rioolheffing, afvalstoffenheffing, marktgelden, lijkbezorgingsrechten, leges en precariobelasting. De voorwaarden waarborgen dat de bevoegdheidsuitoefening plaatsvindt binnen de door de gemeenteraad vastgestelde financiële- en politieke kaders.
Eén van de voorwaarden is dat op grond van het delegatiebesluit van de gemeenteraad van 30 augustus 2016, het college van burgemeester en wethouders de op grond van het delegatiebesluit vastgestelde belastingverordeningen worden vastgesteld in dezelfde vergadering van de gemeenteraad waarin zij de begroting vaststellen. In de genoemde vergadering van 30 augustus 2016 heeft de gemeenteraad tevens ingestemd met het voorstel van het college van burgemeester en wethouders om de belastingverordeningen niet meer vast te stellen in de vorm van compleet nieuwe verordeningen maar in de vorm van wijzigingsverordeningen.
86
Tariefsvorming onroerendezaakbelastingen De calculatie begint met de begrote OZB-opbrengst van het voorgaande begrotingsjaar (basis). Daar vindt in 2022 conform het financieel technische uitgangspunt een indexering op plaats van 1,5%. Aansluitend wordt de verwachte areaalontwikkeling van 2021 toegevoegd. Ook is een begrote baat van € 500.000 toegevoegd, ter compensatie van het wegvallen van precario inkomsten van nutsbedrijven vanaf 2022. Dit resulteert in de begrote OZB-opbrengst van € 9.780.000 die u terugvindt in de programmabegroting 2022 en de verordening onroerendezaakbelasting 2022. Op 7 juli 2015 besloot de gemeenteraad onder nummer R15.000063 dat de tarieven van de onroerendezaakbelastingen onder andere moeten leiden tot een evenwichtige en gelijkmatige verdeling van de lastendruk tussen de verschillende categorieën belastingplichtigen. Deze doelstelling kan worden gerealiseerd door de tarieven op een bepaalde manier te berekenen en deze tarieven niet vast te stellen in de vergadering waarin de meerjarenbegroting wordt vastgesteld maar in de laatste vergadering van het jaar. Bij de genoemde bepaalde manier van het berekenen van de tarieven worden de onderlinge verhoudingen per belastingsoort aangepast door te kijken naar de onderlinge verhoudingen van de te verwachten opbrengsten in het voorafgaande belastingjaar per belastingsoort.
Vervolgens worden per belastingsoort correcties toegepast voor waardedaling of waardetoename en het risico van bezwaar en beroep en leegstand. Kwijtscheldingsbeleid In april 2014 besloot de gemeenteraad tot verruiming van het kwijtscheldingsbeleid. Deze verruiming heeft betrekking op het verlenen van kwijtschelding aan kleine ondernemers bij privébelastingschulden, het aanmerken van de netto kosten van de kinderopvang als uitgaven en het hanteren van een hogere inkomensnorm voor pensioengerechtigden. Inwoners kunnen alleen kwijtschelding krijgen voor het vaste tarief van de afvalstoffenheffing. De gemeente maakt gebruik van de mogelijkheid van geautomatiseerde kwijtschelding. Toetsing vindt plaats door het Inlichtingenbureau van het Ministerie van Financiën. Het Inlichtingenbureau hanteert daarbij een normering die is opgesteld door de expertgroep kwijtschelding (bestaande uit gemeenten en waterschappen) en gevalideerd door de VNG en de Unie van Waterschappen. De inkomensnormen zijn gebaseerd op de normen van de Participatiewet, overeenkomstig de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990. Deze normen zijn gelijk aan de reguliere kwijtscheldingsnormen. Als op grond van deze toetsing geen recht bestaat op geautomatiseerde kwijtschelding kan in een later stadium alsnog een individueel verzoek worden ingediend.
De gemeente verleent geautomatiseerde kwijtschelding aan inwoners die in het verleden al kwijtschelding kregen, als blijkens toetsing door het Inlichtingenbureau daarvoor geen belemmering is. De volgende tabel geeft inzicht in de ontwikkeling van de regeling kwijtschelding.
87
Ontwikkelingen kwijtschelding Gedurende belastingjaar 2021 zijn er tot augustus 604 verzoeken tot kwijtschelding binnengekomen. Hiervan zijn 363 aanslagen afvalstoffenheffing direct kwijtgescholden. Omdat nog niet alle kwijtscheldingsaanvragen zijn behandeld, zal het aantal waarschijnlijk nog toenemen. Wij verwachten nog geen grote veranderingen in toe of afname van het aantal kwijtscheldingen voor 2022 en verder. Wij handhaven de prognose op jaarbasis op 550 kwijtscheldingen. Het verwachte bedrag aan kwijtscheldingen handhaven we op €120.000. De hoogte van de kwijtscheldingen lopen 1-op-1 met het vastrechttarief van de afvalstoffenheffing. Bij een stijging van het vastrechttarief in 2022 zal ook het bedrag aan kwijtscheldingen meestijgen. Vooralsnog is het uitgangspunt dat het vastrecht gelijk blijft. Kwijtscheldingen Regeling kwijtscheldingen
bedragen x € 1.000
Aantal
Rekening 2020 523
Begroting 2021 550
Begroting 2022 550
Raming 2023 550
Raming 2024 550
Raming 2025 550
Bedrag
123
120
120
120
120
120
-2%
0%
0%
0%
0%
Procentuele ontwikkeling
Kostenonderbouwing in paragraaf Lokale heffingen Vanaf de Begroting 2017 moet de gemeente in de paragraaf Lokale heffingen een overzicht van baten en lasten opnemen voor de heffingen waarbij sprake is van het verhalen van kosten. Deze heffingen zijn de afvalstoffenheffing, rioolheffing, leges, marktgeleden en lijkbezorgingsrechten. Deze verplichting is bij besluit van 5 maart 2016 in het BBV opgenomen. Daarom omvat deze paragraaf lokale heffingen en alle volgende paragrafen lokale heffingen een overzicht op hoofdlijnen, waarbij inzichtelijk wordt gemaakt hoe bij de berekening van de tarieven van heffingen, die hoogstens kostendekkend mogen zijn, wordt bewerkstelligd dat de geraamde baten de ter zake geraamde lasten niet overschrijden, wat de beleidsuitgangspunten zijn die ten grondslag liggen aan deze berekeningen en hoe deze uitgangspunten bij de tariefstelling worden gehanteerd. Landelijke basisregistratie WOZ (LV-WOZ) De Landelijke voorziening WOZ is een centraal loket waar de WOZ-gegevens van alle Nederlandse gemeenten kunnen worden ingezien. Hierdoor kunnen geautoriseerde afnemers van de LV-WOZ, zoals de Belastingdienst, CBS massaal gegevens opvragen uit de LV-WOZ. Door middel van het Loket voor openbare WOZ-waarden (WOZ viewer) kunnen WOZ-waarden van woningen vanaf dat moment in heel Nederland worden geraadpleegd.
Hiermee hebben burgers de mogelijkheid de WOZ-waarde van de eigen woning te vergelijken met die van woningen in de omgeving waardoor er beter inzicht ontstaat in de wijze waarop verschillen tussen de woningen ook door de gemeente zijn vertaald in verschillen in de WOZ-waarde. Bij de aansluiting op LV WOZ moesten gemeenten slagen voor de aansluittoets van de Waarderingskamer. Alle gemeenten en samenwerkingsverbanden zijn inmiddels aangesloten. Een voordeel voor gemeenten is dat zij door aansluiting op de LV WOZ af zijn van de periodieke gegevensleveringen aan de afnemers. Dit zijn de Belastingdienst (vóór invullen van de aangifte inkomstenbelasting), de waterschappen (heffing van waterschapsbelasting) en het Centraal Bureau voor de Statistiek (statistische rapportages en het bepalen van belastingcapaciteit).
88
Verwachting marktontwikkeling Na de stijgende tendens die de woningmarkt al voor belastingjaar 2021 vertoonde, blijkt uit de analyse van de marktcijfers voor de gemeente dat voor het overgrote deel van de woningen voor belastingjaar 2022 (waarde peildatum 01-01-2021) wederom sprake zal zijn van een stijgende marktontwikkeling. De verwachting is niet dat deze marktontwikkeling gevolgen zal hebben voor het aantal ingediende bezwaarschriften tegen de vastgestelde WOZ-waarde. Afschaffing van de precariobelasting voor nutswerken Gemeenten kunnen vanaf 1 juli 2017 geen precariobelasting meer heffen over netwerken die nutsbedrijven in, op of boven gemeentegrond exploiteren. Vanaf dat moment is de wet tot afschaffing van de precariobelasting op nutsnetwerken in werking getreden. Overgangstermijn Voor gemeenten die op 10 februari 2016, de datum waarop oud-minister Plasterk van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties het wetsvoorstel voor afschaffing van de precariobelasting had aangekondigd, een verordening met tarief hadden vastgesteld voor precariobelasting op kabels en leidingen gold een overgangstermijn tot 1 januari 2022. Dit heeft tot gevolg dat met ingang van 1 januari 2022 van nutsbedrijven geen precariobelasting voor het hebben van leidingen, buizen en kabels in gemeentegrond mag worden geheven.
Voor de volledigheid wordt opgemerkt dat het heffen van precario bij andere bedrijven dan nutsbedrijven nog wel toegestaan blijft. Hiervoor zijn structureel € 20.000 inkomsten begroot. Waardering op gebruiksoppervlakte Per belastingjaar 2022 zijn alle gemeenten in Nederland verplicht de grondslagen voor de Wet WOZ te bepalen aan de hand van de gebruiksoppervlakte van de objecten. Om de overgang van bruto inhoud naar gebruiksoppervlakte op een efficiënte wijze tijdig te realiseren, is in 2018 een plan van aanpak opgesteld en een werkgroep geformeerd. Een deel van het woningbestand vanuit de bouwdossiers, volgens de NEN2580, zal nagerekend moet worden. Om inzicht te krijgen in de werkelijke situatie, is hier vroegtijdig mee gestart. Hierdoor zullen alle taxaties voor belastingjaar 2022 verricht worden op basis van de gebruiksoppervlakte. Omdat dit in een aantal gevallen toch afwijkende gegevens tot gevolg heeft ten opzichte van de waardering op kubieke meters verwachten we wel meer contactmomenten met burgers te hebben na het verzenden van de aanslagen 2022. Dit zou eventueel ook een hoger aantal bezwaarschriften tot gevolg kunnen hebben.
89
Financiële gegevens In onderstaande tabel geven we inzicht in de geraamde inkomsten. Lokale heffingen
bedragen x € 1.000
Jaarrekening 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
Raming 2023
Raming 2024
Raming 2025
Belastingsheffingen OZB RZB
8.514
9.018
9.780
9.780
9.780
9.780
17
17
17
17
17
17
Afvalstoffenheffing
5.837
5.813
6.041
6.041
6.289
6.357
Rioolheffing
4.503
4.290
4.361
4.361
4.692
4.768
Hondenbelasting
-
-
-
-
-
-
Precariobelasting
1.996
1.906
20
20
20
20
296
332
337
337
309
309
21.162
21.377
20.557
20.557
21.108
21.252
Toeristen- en Forensenbelasting Opbrengst belastingheffingen Overige heffingen en leges Leges producten publiekszaken
374
434
419
419
696
684
Leges omgevingsvergunningen
1.379
1.295
1.695
1.695
1.700
1.700
Leges algemeen
54
58
41
41
41
41
Leges APV en bijzondere wetten
4
27
27
27
27
27
Begraafrechten
588
484
491
491
491
491
Marktgelden
26
24
25
25
25
25
Opbrengst overige heffingen en belastingen
2.426
2.322
2.697
2.697
2.980
2.968
totaal lokale heffingen
23.588
23.699
23.254
23.254
24.088
24.219
90
De tarieven van de gemeente Zuidplas zijn:
Tabel: tarieven belastingsoorten/heffingen Tarief OZB en RZB Woningen eigenaren Niet-woningen eigenaren Niet-woningen gebruikers Tarief afvalstoffenheffing Vastrecht per woning Gedifferentieerde tarieven Openen ondergrondse container, per opening Ledigen 120 liter mini-container, per lediging Ledigen 240 liter mini-container, per lediging Tarief rioolheffing Eigenaar, per aansluiting Toeristenbelasting Per overnachting Tarief precariobelasting Voor leidingen, buizen en kabels boven, op of onder voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, per strekkende meter, per jaar Voor het hebben van voorwerpen, onder of boven een terras op voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond: Nutsbedrijven Niet Nutsbedrijven per m2, per dag per m2, per week per m2, per maand per m2, per kalenderjaar Tarief forensenbelasting Per woning
Tarief 2019
Tarief 2020
Tarief 2021 Voorgesteld tarief 2022
0,1154% 0,1772% 0,1330%
0,1074% 0,1775% 0,1332%
0,1060% 0,1876% 0,1379%
215,00
249,72
259,32
1,00 2,00 4,00
1,50 3,00 6,00
1,50 3,00 6,00
247,20
228,99
210,00
1,09
1,11
1,85
1,88
1,90 2,00 0,90 2,80 6,15 28,25
1,90 2,05 0,95 2,85 6,25 28,65
1,90 2,10 1,00 2,90 6,35 29,15
1,90 2,15 1,05 2,95 6,45 29,60
183,45
186,00
189,20
192,05
91
n.n.b. n.n.b. n.n.b.
1,50 3,00 6,00
Tariefsvorming afvalstoffenheffing Een aantal autonome financiële ontwikkelingen in de afgelopen jaren heeft ertoe geleid dat met ingang van 2020 de afvalstoffenheffing fors verhoogd diende te worden. Eens te meer werd duidelijk dat deze gemeentelijke zorgplicht sterk samenhangt met marktontwikkelingen op het gebied van recycling en verbranding van het ingezamelde afval en loonontwikkelingen. In de programmabegroting 2020-2023 werd daarom al de overweging meegegeven om het vaste tarief met ingang van programmabegroting 2021-2024 te indexeren. Immers, “de markt” indexeert ook. Voor de begroting 2021 is dit toegepast, waarbij aangetekend moet worden dat de gemeenteraad bij de vaststelling van de begroting heeft bepaald dat een deel van de kosten niet vanuit het tarief gedekt worden. Voor de programmabegroting 2022-2025 wordt uitgegaan van volledige dekking en een index van 1,7% om te komen tot een kostendekkend tarief. Hiermee komt het vaste tarief uit op € 268,80 per huishouden. Het variabele tarief blijft € 1,50 per 60-litereenheid. Gemeentelijke woonlasten Onder gemeentelijke lasten verstaan we het gemiddelde bedrag dat een meerpersoonshuishouden betaalt aan onroerendezaakbelasting, rioolheffing en afvalstoffenheffing, minus een eventuele heffingskorting.
Zuidplas Onroerende-zaakb elastingen (OZB) Tarief woningen (%) Gemiddelde woningwaarde Aanslagbedrag OZB Afvalstoffenheffing Rioolheffing woningen Totaal
2020
2021
0,1074% € 295.000,00 € 317,00 € 293,00 € 229,00
0,1060% € 314.000,00 € 333,60 € 302,00 € 210,00
€ 839,00
€ 845,60
Bron: Coelo 2021
In het overzicht van de gemeentelijke woonlasten in 2021 zijn de tarieven voor eigenaren en gebruikers van niet-woningen samengenomen. De mutatie van de OZB-tarieven is gecorrigeerd voor de ontwikkeling van de WOZ-waarde. Het tarief dat is vermeld bij de toeristenbelasting is de kostprijs van een hotelovernachting.
92
Woonlasten 2021 Zuidplas Gemeentelijke woonlasten Rangnummer meerpersoonshuishoudens* Gemiddelde WOZ waarde van een woning Onroerende-zaakb elastingen (OZB) Tarief woningen eigenaren (%) Tarief niet-woningen eigenaren (%) Tarief niet-woningen gebruikers (%) Afvalstoffenheffing Woningen Eenpersoonshuishoudens Meerpersoonshuishoudens Kwijtscheldingen Kwijtscheldingsnorm Rioolheffing Woningen Eenpersoonshuishoudens Meerpersoonshuishoudens Kwijtscheldingen Kwijtscheldingsnorm Gemeentelijke woonlasten Eenpersoonshuishoudens Meerpersoonshuishoudens Burgerzaken Kosten rijbewijs Kosten uittreksel BRP Kosten paspoort Kosten identiteitskaart Toeristenb elasting Bedrag per overnachting Hondenb elasting Bedrag voor een hond Omgevingsvergunning Bedrag voor dakkapel Bedrag voor uitbouw woning € 45.000 Bedrag voor nieuwbouw woning € 140.000
NVT € 314.000 € 333,60 0,1060% 0,1876% 0,1379% € 281 € 302 deels 100% € 210 € 210 nee nvt € 824 € 845 € 41,00 € 12,90 € 74,77 € 64,03 € 1,85 € 340 € 900 € 2.800
* 1 staat voor laagste woonlasten
93
Kostendekkendheid tarieven In wet- en regelgeving, o.a. de Gemeentewet en de Wet op de ruimtelijke ordening, is vastgelegd welke (leges)tarieven de gemeente mag heffen. Er is daarbij wettelijk bepaald dat de baten van de heffingen de lasten van de diensten waar de heffingen betrekking op hebben, niet te boven mogen gaan. Anders gezegd, de gemeente mag geen winst maken door het heffen van (leges)tarieven. Daarnaast is in wet- en regelgeving vastgelegd welke kosten aan de (leges)tarieven mogen worden toegerekend en welke niet. Tot slot is in een aantal gevallen de maximale hoogte van de door de gemeente te hanteren (leges)tarieven door het Rijk bepaald. Dit geldt bijvoorbeeld voor paspoorten en identiteitsbewijzen. Indien het kostendekkende tarief lager ligt, dient een lager tarief gehanteerd te worden. In onderstaande tabel is een samenvattend overzicht gegeven van de mate waarin de tarieven en leges kostendekkend zijn. Kostendekkendheid gemeentelijke leges & tarieven 2022 Omschrijving producten/diensten
Begrote lasten (€ ) Taakveld
Begrote baten (€)
Overhead BTW/BCF
Kostendek-
Totaal
Leges o.d.
Overig
Totaal
kendheid
Titel 1 Algemene Dienstverlening
531.791
0
0
500.997
94,2%
Titel 2 Dienstverlening/Omg.verg
1.867.581
0
0
1.853.819
99,3%
Titel 3 Europese Dienstenrichtlijn
22.325
0
0
18.904
84,7%
150.000
5.863.325
95,2%
4.361.475
92,9%
Afvalstoffenheffing
4.704.618
611.600
845.817
6.162.035
5.713.325
Rioolheffing
3.645.157
473.870
574.660
4.693.687
4.361.475
Marktgelden
28.852
3.751
1.260
33.863
27.081
0
27.081
80,0%
Lijkbezorging
546.971
71.106
107.485
725.562
560.766
0
560.766
77,3%
Bij motie van 9 juli 2019 (M 185 - Motie 2 Leges omgevingsvergunningen) heeft de gemeenteraad opgeroepen om in het kader van de begroting onderzoek te doen naar een reële inschatting van de legesopbrengsten (van omgevingsvergunningen) en de kostendekkendheid te berekenen op reële aannames aan de kosten- en opbrengstenkant. De legesopbrengsten (en daarmee samenhangende kosten) zijn voor 2022 opnieuw in beeld gebracht en leiden tot de bovenstaande kostendekkendheid van lager dan 100%. Op basis van historische gegevens, door de gemeente geplande bouw en autonome ontwikkelingen wordt jaarlijks het aantal omgevingsvergunningen bepaald en op basis daarvan worden de legesopbrengsten berekend. In 2022 heeft deze exercitie geleid tot een verhoging van € 605.000 aan lasten en een verhoging van € 609.000 aan baten. De geraamde kosten en opbrengsten kunnen afwijken door onder andere economische ontwikkelingen. Dat wordt zichtbaar in de mate van de kostendekkendheid aan het einde van het jaar. De huidige systematiek acht het college verantwoord.
94
Kosten- en baten afvalbeleid en riolering en het verloop van de egalisatiereserve ‘afvalstoffenheffing’ en voorziening ‘riolering’ Hieronder wordt inzicht gegeven in de ontwikkeling van kosten en baten van afvalbeleid en riolering en het verwachte verloop van de egalisatiereserve afvalstoffenheffing en de voorziening riolering. De omvang van de egalisatiereserve afvalstoffenheffing laat meerjarig een marginaal saldo zien. Dit saldo is beschikbaar om eventuele toekomstige kostenstijgingen door veranderende marktomstandigheden op te vangen, zodat het tarief van de afvalstoffenheffing niet sterk hoeft te fluctueren. bedragen x € 1.000
Rekening 2020
Begroting 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Kosten afvalbeleid
3.721
3.806
4.086
4.143
4.187
4.218
Compensabele BTW
770
810
846
858
869
876
Interne doorberekeningen
1.173
1.325
1.230
1.238
1.243
1.247
Totaal lasten
5.664
5.941
6.162
6.239
6.299
6.341
5.000
5.491
5.861
5.986
6.109
6.177
Afvalbeleid Lasten:
Baten: Afvalstoffenheffing Overige inkomsten
838
450
180
180
180
180
Totaal baten
5.838
5.941
6.041
6.166
6.289
6.357
Saldo lasten en baten Percentage kostendekkendheid
174 103%
100%
12198%
7399%
10100%
16 100%
Mutatie egalisatiereserve afvalstoffenheffing Stand van de reserve afvalstoffenheffing
174 283
-16 267
-121 146
-73 73
-10 63
16 79
Verloop egalisatiereserve afvalstoffenheffing Stand per Stand per Mutatie 1-1-2021 31-12-2021 1-1-2022 283 267 -121
bedragen x € 1.000
Stand per 1-1-2023 146
Stand per 1-1-2024 73
Stand per Stand per 1-1-2025 1-1-2026 63 79
Deze reserve is bedoeld om schommelingen in de uitgaven op te vangen en daarmee een vloeiend verloop te houden in de lasten voor inwoners.
95
bedragen x € 1.000
Riolering Lasten: Kosten riolering Compensabele BTW Mutatie voorziening riolering Interne doorberekeningen Totaal lasten Baten: Rioolheffing Overige inkomsten Totaal baten Saldo lasten en baten Percentage kostendekkendheid mutatie in de voorziening Stand van voorziening Riolering
Verloop voorziening riolering Stand per Stand per 1-1-2021 31-12-2021 11.014 11.187
Rekening 2020
Begroting 2021
2.906 530 152 916 4.504
2.997 571 173 924 4.665
3.017 575 3571.126 4.361
4.504 4.504 100%
4.665 4.665 100%
152 11.014
173 11.187
Begroting 2022
bedragen x € 1.000
Mutatie 1-1-2022 -357
Stand per 1-1-2023 10.830
Stand per 1-1-2024 10.562
Stand per Stand per 1-1-2025 1-1-2026 10.424 10.313
96
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
3.079 584 2681.134 4.529
3.105 587 1381.137 4.691
3.144 593 1111.143 4.769
4.361 4.361 100%
4.528 4.528 1100%
4.692 4.692 1 100%
4.768 4.768 1100%
-357 10.830
-268 10.562
-138 10.424
-111 10.313
Paragraaf 2: Verbonden partijen Inleiding De gemeente Zuidplas werkt op diverse gebieden en met diverse partners samen. Een manier waarop kan worden samengewerkt is in een geformaliseerd samenwerkingsverband zoals bijvoorbeeld een verbonden partij. Een verbonden partij is een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeente Zuidplas een bestuurlijk én een financieel belang heeft. Onder een bestuurlijk belang wordt verstaan het hebben van een zetel in het bestuur of het hebben van stemrecht (de bestuurder vertegenwoordigt de gemeente). Een financieel belang heeft de gemeente als zij middelen ter beschikking stelt die ze kwijt is in het geval van faillissement en/of waarvoor de gemeente aansprakelijk is als de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Er moet dus sprake zijn van zowel een bestuurlijk als een financieel belang om te kunnen spreken van een verbonden partij. Wat beslist de gemeenteraad? Verbonden partijen voeren vaak gemeentelijke taken uit waarvoor de gemeente hen in meer of mindere mate mandateert. Volgens artikel 35 van de Wet gemeenschappelijke regelingen kan de gemeenteraad zienswijzen naar voren brengen over een ontwerpbegroting. Het Algemeen Bestuur (AB) van de verbonden partij stelt deze begroting vast en houdt daarbij rekening met eventuele zienswijzen.
Met de jaarrekening controleert de gemeente of de activiteiten binnen de door haar gestelde kaders en financiële mogelijkheden zijn uitgevoerd. Op grond van de Wet gemeenschappelijke Regelingen (Wgr) kan de gemeenteraad geen zienswijzen geven op de jaarrekening en het jaarverslag. Deze verantwoordingsdocumenten worden dan ook alleen ter kennisname voorgelegd aan de gemeenteraad. Ontwikkelingen Zuidplas brengt conform de Kadernota Verbonden Partijen eens in de twee jaar de risico’s van alle verbonden partijen in kaart. Dit is in augustus 2015, september 2017 en september 2019 met een risicoanalyse gedaan. Op basis hiervan is aan elke verbonden partij een risicoprofiel toegekend en zijn beheersmaatregelen genomen. De verbonden partijen met een hoog of afwijkend risicoprofiel hebben een centrale plaats binnen deze paragraaf. De uitkomsten van de meest recent uitgevoerde risicoanalyse (2019) tonen aan dat de eerder toegepaste beheersmaatregelen, over het algemeen geleid hebben tot een daling van de risico’s bij de verbonden partijen. Het aantal verbonden partijen met een laag risicoprofiel is flink toegenomen. In 2019 hebben het Bedrijventerrein Gouwe Park, de Omgevingsdienst Midden Holland, Promen, Recreatieschap Rottemeren, Streekarchief Midden Holland en de Veiligheidsregio Hollands Midden een laag regime toegekend gekregen.
De verbonden partijen Cyclus nv, GR IJsselgemeenten, Recreatieschap Hitland, Regio Midden Holland en Regionale Dienst Openbare Gezondheid Hollands Midden hebben een midden regime toegekend gekregen. De Grondbank RZG Zuidplas heeft een bijzonder risicoregime toegekend gekregen. Er zijn geen verbonden partijen die alleen op basis van de scores een hoog regime hebben gekregen. Echter, gelet op een aantal ontwikkelingen en de daarmee gepaarde risico’s zijn de onderstaande verbonden partijen als extra aandachtspunt aangemerkt.
97
Aandachtspunten De Grondbank RZG Zuidplas De Grondbank heeft al enkele jaren een negatief eigen vermogen, dit resulteert in garantstellingen van de deelnemers. De Grondbank en de daarmee verbonden risico’s hangen sterk samen met de ontwikkelingen in de nieuwe Zuidplaspolder. Om deze reden is aan de Grondbank een bijzonder risico-regime toegekend met de daarbij behorende beheersmaatregelen. Recreatieschap Hitland Het recreatieschap Hitland is een van de kleinere regelingen waar de gemeente Zuidplas in samenwerkt. Het afgelopen jaar was vooral gericht op de werving van een nieuwe directeur. Met de komst van de nieuwe directeur wordt gekeken naar de verdere ontwikkeling van het gebied in aansluiting bij de ambities van de twee schapsgemeenten. Gelet op de ontwikkeling en de daarmee gepaarde scores is aan het recreatieschap Hitland een midden regime toegekend met de daarbij behorende maatregelen. GR IJsselgemeenten In het voorjaar van 2018 heeft de gemeente Zuidplas, overeenkomstig de Dienstverleningsovereenkomst, de bij de GR IJsselgemeenten belegde taken geëvalueerd. Er zijn op basis van de evaluatie aanbevelingen gedaan om de werkwijze en de afspraken nader aan te scherpen en gewerkt aan een nieuwe dienstverleningsovereenkomst.
Op basis van de risicoanalyse scoort de GR IJsselgemeenten laag, echter gelet op de genoemde ontwikkelingen is aan GR IJsselgemeenten een midden risico-regime toegekend met de daarbij behorende beheersmaatregelen. In het tweede deel van 2021 vindt de actualisatie van de risicoanalyse op de verbonden partijen opnieuw plaats. Informatie per verbonden partij Bedrijvenschap Regio Gouda (bekend als Gouwe park) Vestigingsplaats: Gouda Juridische rechtsvorm Gemeenschappelijke regeling Doel Ontwikkeling van het bedrijventerrein Gouwepark Participerende partijen Gemeenten Gouda, Waddinxveen en Zuidplas Reden gemeente aangaan verbinding Ook Zuidplas heeft een meervoudig belang bij de ontwikkeling van bedrijventerreinen. Gouwe Park is primair beoogd voor de (her)huisvesting van bedrijven uit de participerende gemeenten; daarnaast is het nu ook een park van regionale betekenis. Daarbij wordt uitgegaan van een positief exploitatieresultaat voor de deelnemende partijen.
98
Bestuurlijk belang De gemeente is formeel met drie leden vertegenwoordigd in het algemeen bestuur en met één lid in het dagelijks bestuur. De gemeentelijke zeggenschap bedraagt 1/3. Prestaties-effecten Het Bedrijvenschap Regio Gouda legt via het algemeen bestuur en dagelijks bestuur verantwoording af aan de gemeenteraden. Jaarlijks is dat in elk geval middels de Jaarrekening en de Begroting. Verder vergadert het dagelijks bestuur vier keer per jaar en het algemeen bestuur twee keer per jaar. Daarnaast zijn er ambtelijke overlegmomenten met het Bedrijvenschap in het kernteamoverleg dat ongeveer tien keer per jaar bij elkaar komt. Vanuit het kernteam kunnen, waar nodig, voorstellen en aandachtspunten en waar mogelijk ook klachten van gebruikers voor het bestuur worden geformuleerd. Van alle DB en AB vergaderingen worden verslagen gemaakt. Risico’s en kansen Alle kavels zijn uitgegeven. Het financiële eindresultaat wordt gelijkelijk verdeeld over de deelnemende gemeenten. Dit zal resulteren in een positieve afrekening met de deelnemers. Ontwikkelingen en beleidsvoornemens Het Bedrijvenschap richt zich op de opheffing van de gemeenschappelijke regeling (in de gemeenschappelijke regeling is vastgelegd dat deze regeling wordt opgeheven zodra alle bedrijfskavels zijn verkocht).
Financieel belang x €1000
Bedrijventerrein Gouwe Park Balansbedragen per 31-12 Eigen vermogen verbonden partij Vreemd vermogen verbonden partij Resultaat verbonden partij Bijdrage Zuidplas aan verbonden partij
Rekening 2020 € 8.307 € 428 €0 €0
Begroting 2021 € 5.765 €0 €0 €0
Begroting 2022 €0 €0 €0 €0
99
Grondbank RZG Zuidplas Vestigingsplaats: Nieuwerkerk aan den IJssel Juridische rechtsvorm Gemeenschappelijke regeling (sinds 2004) Doel Het doel van de Grondbank is sinds 2010 het beheren en verkopen van verworven gronden voor de ontwikkeling van de Nieuwe Zuidplaspolder op basis van een periodiek vast te stellen uitgiftestrategiekader (USK). De Grondbank heeft binnen het project Nieuwe Zuidplaspolder een strategisch grondbezit van ongeveer 300 ha. met een boekwaarde van ongeveer € 95 miljoen. Gezien de fasering van de Nieuwe Zuidplaspolder is besloten om de Grondbank tot tenminste 2025 in stand te houden. Participerende partijen Gemeenten Rotterdam, Gouda, Waddinxveen, Zuidplas en de provincie Zuid Holland. Reden gemeente aangaan verbinding Beheer van de verworven gronden ten behoeve van het project Nieuwe Zuidplaspolder. Bestuurlijk belang De deelnemers in de Grondbank RZG Zuidplas zijn de provincie Zuid-Holland (40%) en de gemeenten Rotterdam (40%), Zuidplas (9%), Gouda (6%) en Waddinxveen (5%). De gemeente Zuidplas is met twee leden vertegenwoordigd in het algemeen bestuur en met één lid – tevens tweede vicevoorzitter – in het dagelijks bestuur. Prestaties-effecten Financiering, beheer en uitgifte van gronden. De halfjaarcijfers vormen een wijze van rapporteren over de afgesproken prestaties.
Risico’s en kansen Met het vaststellen van het masterplan Middengebied Zuidplaspolder en de ondertekening van de bestuurlijke overeenkomst met de Grondbank RZG Zuidplas en de provincie Zuid-Holland is de ontwikkeling van het Middengebied een volgende fase ingegaan; die van de uitwerking van een omgevingsplan en de eerste grondexploitatie(s). Het risicoprofiel op de waardering van de gronden en daarmee de hoogte van het eigen vermogen van de Grondbank RZG Zuidplas is gekoppeld aan het definitief worden van het omgevingsplan verwacht medio 2023 – 2024. Door de stappen in de planontwikkeling Middengebied is het risicoprofiel op afwaardering van de boekwaarde van de gronden bij de Grondbank RZG Zuidplas afgenomen. De gevormde verliesvoorziening is in 2021 komen te vervallen. Ontwikkelingen en beleidsvoornemens Masterplan Middengebied Zuidplaspolder Bestuurlijke Overeenkomst Grondbank, Provincie Zuid-Holland en gemeente Zuidplas
100