Bijlage 1 Nota van Uitgangspunten A21.000606
Tekst van het document
R065442aa.19HTGA5.pvv | versie 05_001 | 22 maart 2021
Natuurvriendelijke oevers dragen bovendien bij aan het verbeteren van de waterkwaliteit. Oppervlaktewater en groen hebben daarnaast een verkoelende werking. De centrale as wordt door beplanting een groene zone. Ook de natuurstrook kan na de inrichting daarvan bijdragen aan de landschappelijke inpassing. Verder wordt er een hogere beeldkwaliteit van de gebouwen nagestreefd (geen grijze doos). Het kan zijn dat de logistieke partijen herkenbaar willen zijn vanaf de provinciale weg en de A12. In dat geval wordt hiervoor een landschappelijk samenhangend beeld gecreëerd. Zie voor impressies de bijlage bij deze Nota van Uitgangspunten van de landschapsarchitect OD205. De volgende maatregelen worden in dit kader nader onderzocht op technische en financiële haalbaarheid (zie ook tabel 3.2): Ruimte voor groen in openbaar gebied Faunavoorzieningen in openbaar gebied Keuzemenu ecologie en circulariteit voor exploitanten logistiek en bedrijvigheid Rekening houden met bodemdaling bij het ontwerp
3.8
Meervoudig ruimtegebruik
De ambitie voor het plangebied is een bedrijfslocatie met duurzaam, meervoudig en efficiënt ruimtegebruik in combinatie met glastuinbouw. Uit eerder onderzoek dat in het kader van het ontwerp bestemmingsplan 2015 werd verricht, is gebleken dat het letterlijk stapelen van primaire functies (bijv. glastuinbouw bovenop een distributiecentrum) te kostbaar en niet haalbaar is. Dit is ook nu nog het geval. Meervoudig ruimtegebruik moet vooral gezocht worden in de gecombineerde oplossingen voor duurzame energie en wateropslag/-afvoer). Mogelijke haalbare opties zijn zonnepanelen op de daken van de bedrijven, ondergrondse warmte- en koudeopslag, het efficiënt combineren van goederen en ondergrondse hemelwaterberging. Ook een mogelijk haalbare optie is de opvang van hemelwater op de gebouwen om deze vervolgens te gebruiken als gietwater voor de glastuinbouw.
R065442aa.19HTGA5.pvv | versie 05_001 | 22 maart 2021
4
Ruimtelijke aspecten
4.1
Stedenbouwkundige opzet, landschappelijk inpassing en beeldkwaliteit
Bij het ontwerp bestemmingsplan van 2015 was een uitgebreide stedenbouwkundige studie opgenomen in de bijlage. In deze studie waren ontwerpuitgangspunten opgenomen en uitgewerkt, die nu nog grotendeels van toepassing zijn, omdat de functies en indeling van het plangebied nu vergelijkbaar is en dezelfde landschappelijke inpassing en beeldkwaliteit wordt nagestreefd. Zowel grootschalige logistiek als glastuinbouw kenmerkt zich door relatief langgerekte gevels van hogere gebouwen. De concurrentiepositie vereist optimaal gevormde gebouwen, zodat het proces doelmatig verloopt. Deze functies zullen altijd zichtbaar zijn in het landschap. Los van de zichtelementen die er kunnen zijn aan gebouwen (aan/gericht naar ontsluitingswegen) en naast de gewenste hogere beeldkwaliteit van de gebouwen, is de landschappelijke inpassing goed te optimalieren in combinatie met de groen/blauwe omzoming van het plangebied. De wateropgave, de natuurvriendelijke oevers en de groene aanplant kan de aanblik verzachten en kan toe een goed en samenhangend landschappelijk beeld gecreëerd worden. Zie hiervoor verder het stedenbouwkundigplan in de bijlage. Ook waren de principes van duurzaam ruimtegebruik en duurzame maatregelen in de studie uitgewerkt. Op het gebied van de maatregelen voor wateropvang en – afvoer en energie zijn de inzichten gevorderd en zijn de omstandigheden gewijzigd.
Zo waren in 2015 diverse subsidies voorhanden die inmiddels niet meer haalbaar zijn. Ook zijn de mogelijkheden voor (nuts)voorzieningen gewijzigd; het elektriciteitsnet kent beperkingen en vanuit het Botlekgebied zijn er mogelijkheden om aan te sluiten op warmte- en koolzuurleidingen, zoals in hoofdstuk 4 is beschreven. In de bijlage zijn de delen uit de studie uit 2015, die nu ook als uitgangspunten gelden, opgenomen. In deze nota zijn de nuances en andere wijzigingen ten opzichte van de situatie opgenomen. Ten aanzien van stedenbouwkundige opzet, landschappelijke inpassing en beeldkwaliteit worden ter verduidelijking de volgende uitgangspunten vermeld. In de bijlagen zijn het stedenbouwkundig plan (bijlage II) en het beeldkwaliteitsplan (bijlage III) opgenomen. Het beeldkwaliteitsplan wordt toegevoegd aan de Welstandsnota, zodat de gemeente een toetingskader heeft.
4.2
Wet natuurbescherming en stikstofproblematiek
Algemeen Bij mogelijke ‘externe werking’ van een bestemmingsplan (mogelijke effecten op natuurgebieden in de omgeving) is een milieueffectrapportage en een ‘passende beoordeling’ nodig (zijn er wel of geen significante effecten te verwachten). Voor het bestemmingsplan Knibbelweg-Oost wordt op ecologisch gebied vastgesteld of: Er mogelijke significante gevolgen zijn voor beschermde gebieden (Natura 2000, toetsing Nb-wet) Er een overtreding van de verbodsbepalingen voor beschermde soorten plaatsvindt (toetsing Flora en faunawet. Er wezenlijke waarden en kenmerken voor NNN-gebieden aangetast worden. Er mogelijkheden zijn om biodiversiteit te stimuleren.
R065442aa.19HTGA5.pvv | versie 05_001 | 22 maart 2021
Op dit moment zit Nederland min of meer op slot als het gaat om extra stikstofdepositie op al overbelast natuurgebieden. Gebiedsbescherming Natuurgebieden liggen op aanzienlijke afstand van het plan gebied (vanaf 5 tot 10 km). De bescherming van natuurgebieden spitst zich op deze afstanden vooral toe op de depositie van stikstofverbindingen zoals NOx dat vrijkomt bij verbranding en ammoniak dat vrijkomt o.a. bij de veehouderij en landbouw. Een bestemmingsplan moet borgen dat de resulterende emissie niet leidt tot significante effecten, anders is een milieueffectrapportage met passende beoordeling van deze effecten nodig. Het plangebied wordt momenteel met name agrarisch gebruikt, wat een bepaalde emissie van ammoniak door bemesting met zich meebrengt. Deze emissie zal vervallen en daarvoor komen verkeer en emissies vanuit stookinstallaties in de plaats. Door de ontwikkeling van glastuinbouw, logistiek en andere bedrijvigheid wordt een vergelijkbaar oppervlak aan akkerbouwgrond buiten gebruik gesteld. Akkerbouwland wordt bemest en deze stikstofemissie (ammoniak) zal verdwijnen. De nieuwe functies zullen weer stikstofbronnen (met name stikstofoxiden) toevoegen. De akkerbouw (35 ha) heeft een depositie op natuurgebieden van maximaal 0,11 mol/ha/jaar. Deze emissie komt te vervallen. De vraag is wat uiteindelijk effect zal zijn van de planvorming.
De ontwikkeling van logistiek, glastuinbouw en overige bedrijvigheid vindt plaats op gronden die gebuikt worden voor akkerbouw. De emissie van stikstof door bedrijven/logistiek is voornamelijk tot te wijzen aan vervoer. De emissie van stikstof door de glastuinbouw wordt met name veroorzaakt door de verbranding van aardgas in stookinstallaties en WKK (warmtekrachtkoppeling). De omvang van deze emissie is van veel factoren afhankelijk. Er zijn energie-intensieve teelten met relatief veel stikstofemissie en er zijn gewassen waarvoor de kassen maar weinig worden verwarmd. Omdat gebouwen steeds meer richting energieneutraal gaan en er meer en meer gasloos wordt gebouwd, is hier weinig stikstofemissie van te verwachten. In de glastuinbouw zijn WKK’s tegenwoordig voorzien van een rookgasreinigingsysteem om stikstof uit de rookgassen te halen, voordat het rookgas met de voor groei noodzakelijke CO2 in de kassen wordt geblazen. Deze techniek kan een groot deel van de stikstofoxiden onschadelijk maken. Verder is het in het kader van duurzaamheid de bedoeling om aan te sluiten op externe restwarmte- en CO2-leidingen. Door deze aspecten kan een groot deel van de stikstofemissie voorkomen worden, zodat de verwachting is dat er geen (extra) depositie als gevolg van het bestemmingsplan resteert.
Uit indicatieve berekeningen (Aerius 2020, zie bijlage I) blijkt dat een emissie vanuit het plangebied van ca. 12 ton stikstof per jaar geen effect heeft in natuurgebieden, als rekening wordt gehouden met het vervallen van de akkerbouw in het gebied. Het uitgangspunt van dit bestemmingplan is dat er geen effect is op de natuurgebieden. In dat geval is er geen zgn. Passende Beoordeling (en milieueffectrapportage) nodig. Dit wordt ruimtelijk verankerd in de regels (bijv. voorwaardelijke verplichting voor elke bestemming/functie). Of dit gaat over het absolute depositie van de nieuwe situatie, of de nette depositie ten opzichte van de akkerbouwsituatie, is afhankelijk van de stikstofregels op het moment van vaststellen van het
R065442aa.19HTGA5.pvv | versie 05_001 | 22 maart 2021
definitieve bestemmingsplan. Als mocht blijken dat de emissie van stikstof door de glastuinbouw nog niet genoeg ingeperkt kan worden, dan kan besloten worden de glastuinbouw als een uit te werken bestemming op te nemen of later daarvoor het bestemmingsplan vast te stellen. Dit gaat niet ten koste van de planning, omdat pas in 2024, na het realiseren van het middenspanningstation, de glastuinbouw (WKK) kan worden gerealiseerd en aangesloten op het elektriciteitsnet. Soortenbescherming In februari 2014 is een ecologische quickscan uitgevoerd door de omgevingsdienst Midden-Holland. Er zijn steenuilen en diverse vissoorten aangetroffen, waaronder de kleine modderkruiper. Er is vervolgens een nader onderzoek gedaan, waaruit blijkt dat er geen sprake is van overschrijding van verbodsbepalingen. Voor de aanwezige soorten hoefden in 2015 geen mitigerende maatregelen genomen te worden die van invloed kunnen zijn op het bestemmingsplan. Voor de kleine modderkruiper moest het opgestelde werkprotocol gevolgd worden. Deze quick-scan wordt voor het nieuwe bestemmingsplan geactualiseerd. Indien sprake is van overtredingen van de verbodsbepalingen, worden benodigde maatregelen genomen. Uit het te actualiseren ecologisch soortenonderzoek kan naar voren komen dat ontheffingen nodig zijn (en ev.
mitigerende maatregelen) en/of dat bepaalde protocollen worden toegepast voor of tijdens de realisatiefase. Hier worden geen onoverkomelijke problemen verwacht. Biodiversiteit Er zal bij de inrichting aandacht besteden worden aan biodiversiteit en landschappelijke/groene inpassing van de ontwikkeling.
4.3
Water
Compensatie eis De ontwikkeling leidt tot een netto toename van de hoeveelheid verharding. Extra verharding leidt tot het versneld afstromen van neerslag naar het oppervlaktewater. Hierdoor is meer ruimte nodig om water op te slaan en daarom stelt het Hoogheemraadschap Schieland en de Krimpenerwaard eisen aan het aanbrengen van verharding. Er geldt vanuit het Hoogheemraadschap een compensatieplicht. De compensatie vindt plaats in de vorm van de aanleg van een waterbuffer volgens de rekenregels van het waterschap. Om te bepalen hoeveel compensatie nodig is, wordt aan het waterschap doorgegeven wat de hoeveelheid geplande verharding is. Daarnaast moet al het oppervlaktewater dat gedempt wordt volledig wordt gecompenseerd. Bij het ontwerpen met de compensatie-eis moet reken worden gehouden met het risico van bodemopbarsting vanwege de diepe ligging van de polder. Bij nieuwe plassen of watergangen met een breedte van meer dan 10m zijn stabiliteitsberekeningen nodig. Hoofdwatergangen en afwatering De Vierde Tocht blijft behouden, net als de andere hoofdwatergangen in het plangebied. De afwatering van het gebied zal gaan aansluiten op de Vierde Tocht (in het noordwesten). De gemeente en het waterschap hebben daarnaast nog een afspraak liggen over de inrichting van het watersysteem met betrekking tot deze hoofdwatergang. Op dit moment is het hydraulisch
R065442aa.19HTGA5.pvv | versie 05_001 | 22 maart 2021
profiel van de hoofdwatergang parallel aan de Knibbelweg te klein, er kan niet voldoende water afgevoerd worden, zeker met de ontwikkeling van Knibbelweg-Oost in aantocht. Om dit op te lossen is met de gemeente de afspraak gemaakt dat bij de ontwikkeling van Knibbelweg-Oost een extra duikerverbinding en een watergang aan de andere zijde van de Knibbelweg wordt gerealiseerd met een minimale breedte van 4 meter. Zie daarbij onderstaande tekening met de blauwe lijn aan te leggen duikerverbinding en de blauwe lijn de te graven watergang. KRW-waterlichaam De hoofdwatergang die haaks loopt op de 4e tocht, parallel aan de N219, is een KRWwaterlichaam (Kader Richtlijn Water). Dit betekent dat bij een nieuwe ontwikkeling de waterkwaliteit minimaal hetzelfde moet blijven en waar mogelijk er inspanningen worden gedaan om de waterkwaliteit te verbeteren. Deze watergang zal worden verlegd naar een tracé langs de N219. Om de waterkwaliteit in het gebied minimaal hetzelfde te houden (geldt voor alle watergangen, niet enkel het KRW-waterlichaam) wordt nagedacht over het volgende: - Bij het afkoppelen van wegen wordt niet rechtstreeks op het oppervlaktewater geloosd, bij voorkeur via een bermpassage. - Om ervoor te zorgen dat de waterkwaliteit niet verslechterd worden watergangen aangelegd met minimaal 50% natuurvriendelijke oevers.
- Om ervoor te zorgen dat er niet te veel kwel in de watergangen komt worden er geen diepe watergangen aangelegd.
R065442aa.19HTGA5.pvv | versie 05_001 | 22 maart 2021
5
Procedure, vooroverleg, communicatie en planning
5.1
Overzicht
Als de nieuwe allonge 5 op de samenwerkingsovereenkomst 2013 met deze Nota van Uitgangspunten zijn vastgesteld, dan ligt de volgende marsroute voor: Planning April 2021 April 2021 Mei-Juni 2021 Mei-Juni 2021 Juli 2021 September 2021 Augustus-Oktober 2021 Oktober 2021 Januari 2022
5.2
Stap Ondertekening Allonge Aanleveren concept ontwerp bestemmingsplan Participatietraject omgeving Vooroverleg a.h.v. concept ontwerp bestemmingsplan Aanleveren ontwerp bestemmingsplan Collegebesluit ontwerp bestemmingsplan, kennisgeving omwonenden Publicatie, ontvangen zienswijzen Behandeling zienswijzen, opstellen vast te stellen bestemmingsplan Vaststelling bestemmingsplan in de gemeenteraad
Aandachtspunten
Op basis van deze Nota van Uitgangspunten (NvU) met alle afspraken en ontwerpeisen, wordt een concept ontwerp bestemmingsplan opgesteld (cOBP), met een toelichting met stedenbouwkundige uitgangspunten, een schets van duurzaamheid (energie, water, landschap, ecologie), een plankaart en de regels. Aan de hand van het cOBP wordt in vooroverleg bestuurlijk draagvlak verkregen bij: de provincie (omgevingsverordening, landschap, duurzaamheid, verkeer, glastuinbouw/lint), de regiogemeenten (A12-corridor; bedrijventerreinenbeleid), het Hoogheemraadschap van Schieland en Krimperwaard (watersystemen). Ook wordt advies verkregen van de omgevingsdiensten Haaglanden (stikstof) en Midden Holland (overige milieuthema’s). De eerder, in 2015 ingediende zienswijze leveren de volgende aandachtspunten op. Gasunie: leidingtracé zou niet juist bestemd zijn en in artikel 16.6.3. (wijzigingsbevoegdheid); er zou een adviesverplichting van de leidingbeheerder opgenomen moeten worden. Dit betreft een leidingtracé aan de noordkant van de Vierde Tocht dat nu buiten zo ver van het beoogde plangebied ligt, dat deze zienswijze niet meer relevant is. In de toelichting wordt hier nader op ingegaan. LTO-Noord, Tuindersvereniging Zuidplaspolder en tuinders: aandacht voor lichtinvalkassen, watercompensatie en gietwaterbassins. Dit wordt opgenomen in de toelichting van het bestemmingsplan.
Particulieren hebben volgende punten/verzoeken ingebracht: o Bezwaar tegen de mogelijke bebouwing nabij de erfgrens (bouwhoogte 15 m op 15 m van achterste perceelsgrens) en de effecten die daar mee samenhangen, zoals lichthinder. Aan de zuidzijde ligt de grens van het plangebied parallel aan de Knibbelweg. Deze grens moet nog nader worden bepaald; er wordt rekening gehouden met de vereiste afstanden.
R065442aa.19HTGA5.pvv | versie 05_001 | 22 maart 2021
De verzoeken geen bestemmingen te veranderen (conserveren bestemmingen lintbebouwing). o Borging nodig van maatregelen en voorzieningen in of regels of anderszins. Met deze (rechts)personen zal in het vooroverleg contact gezocht worden om hun wensen te horen en zo mogelijk in te passen in het bestemmingsplan o
Met deze Nota van Uitgangspunten en het conceptbestemmingsplan uit 2015 kan voor een groot deel een nieuw concept ontwerp bestemmingsplan opgesteld worden. Naast de verbeelding en de planregels is voor de toelichting c.q. ruimtelijke onderbouwing nog het volgende nodig: Ruimtelijk: functies/activiteiten, bouwvlakken, bouwhoogten volgens 2015 (glas: geen 15 m maar 10 m hoog) M.e.r.-beoordeling en stikstof: Zie ook deze nota qua aanpak stikstof (geen Passende Beoordeling en m.e.r.). Er is een vormvrije m.e.r. beoordeling uit 2015 van ODMH die nog actueel is. Milieuzonering: Voor het gehele plangebied werd in 2015 uitgegaan van (max.) milieucategorie 4.1. dit moet uit te werken binnen de reguliere bedrijfsbestemming. Watersystemen: In opdracht van Odernemen A12-A20 is door LBP|SIGHT een watertoets uitgevoerd. Het waterschap heeft deze beoordeeld en input geleverd. Ruimte wordt gereserveerd in het plan en de watertoets wordt als aparte bijlage toegevoegd aan het bestemmingsplan. Verkeer: verkeersonderzoek door gemeente, deel fase 1 afsplitsen en gebruiken. Ruimte voor kruispunt/VRI voor eindsituatie reserveren in plangebied. Duurzaamheid: zie deze nota: realisatie volgens verplichtingen BOK&SOK, uitvoering en ruimtereservering voor zover verplicht en vrijwillig (voor zover budget/subsidie) en logisch/dekkend volgens planning/uitvoering (delen pas bij bouwontwerp).
Flora en fauna: onderzoek wordt ge-update. Geluid (het ontwerp bestemmingsplan van 2015 gaf geen belemmeringen): o Verkeerslawaai: check eerdere berekening met nieuwe verkeerscijfers (geen problemen verwacht) o Industrielawaai: in aanvulling op milieuzonering geen kwantitatief onderzoek Luchtkwaliteit (niet in plan 2015): luchtkwaliteitsonderzoek opstellen (geen problemen). Bodem: Er is een bodemonderzoek uit 2014: voldoende informatie en geen verdere maatregelen/onderzoek. De bodemkwaliteit is niet veranderd. Mogelijk dat het bestemmingsplan met deze historische informatie en het onderzoek van 2014 vastgesteld, omdat t.b.v. de bouwvergunningen wel de nodige bodemonderzoeken worden uitgevoerd. Externe veiligheid (is uitgebreid beschouwd in het plan van 2015: geen belemmeringen): checken notitie ODMH op veranderingen en verantwoording groepsrisico opstellen (gasleiding).
5.3
Vooroverleg, participatie en communicatie
In 2015 is een ontwerp bestemmingsplan voor dit plangebied opgesteld en voorbesproken met de diverse instanaties. Het ontwerp bestemmingsplan is ter inzage gelegd en hierop zijn diverse zienswijzen ingediend. De adviezen en zienswijzen van toen worden nu meegenomen in het ontwerpproces en de (rechts)personen die zienswijzen hebben ingediend zal de mogelijkheid worden geboden om daarin waar mogelijke te participeren.
R065442aa.19HTGA5.pvv | versie 05_001 | 22 maart 2021
Er is een communicatieplan opgesteld (bijlage IV), waarin het vooroverleg met instanties en participatie is beschreven. Een verslag van het vooroverleg en participatietraject wordt onderdeel van het bestemmingsplan.
5.4
Overige randvoorwaarden en procedures
Watersystemen - Voor het te ontwerpen oppervlaktewatersysteem is een akkoord nodig van het hoogheemraadschap. Het ontwerp wordt in overleg met het hoogheemraadschap gemaakt en in het vooroverleg wordt dit bestuurlijk afgestemd. - Ook het ontwerp van het gietwatersysteem (onafhankelijke van het oppervlaktewatersysteem) wordt afgestemd met het hoogheemraadschap, waarbij de juridische en technische haalbaarheid wordt vastgesteld. - Voor opslag in de bodem is een watervergunning nodig. Deze wordt aangevraagd in de realisatiefase. - Voor het aanleggen van de watergangen is een ontgrondingsvergunning nodig. Voorzieningen voor energie en CO2 - De functies in het plangebied en de benodigde energievoorziening vragen om bepaalde aansluitwaarden op netwerken voor energie en gassen (aardgas, CO 2). Dit wordt afgestemd met de netwerkbeheerders. Het kan zijn dat de capaciteit voor een bepaald netwerk niet toereikend is. Door initiatiefnemers en gegadigden wordt gewerkt aan een goede verdeling tussen energiedragers en eigen opwekking en buffervoorzieningen, De verwachting is dat hiervoor adequate oplossingen komen en dat dit niet de uitvoerbaarheid van het plan in de weg staat. Dit zal worden beschreven in de toelichting bij het bestemmingsplan. - Er zal een bepaald ruimtelijk beslag voor leidingtracés, die mogelijk ook een aparte aanduiding krijgen in het bestemmingsplan.
Aansluiting provinciale weg - Voor de aansluiting van de nieuwe centrale ontsluitingsweg op de provinciale weg N219 is een concrete ontwerp en besluitvorming vanuit de provincie nodig. Dit wordt nader afgestemd en vormt geen probleem. Regels voor Milieu en Bouwen - Ten behoeve van de concrete bedrijven en bouwwerken zijn omgevingsvergunningen Milieu en Bouwen nodig. Hier worden geen knelpunten verwacht.
R065442aa.19HTGA5.pvv | versie 05_001 | 22 maart 2021
Bijlage I Stikstofdepositie met saldering akkerbouw (Aerius-berekening)
R065442aa.19HTGA5.pvv | versie 05_001 | 22 maart 2021
Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.
Berekening bestaand en beoogd Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens
Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. RfpCjzcKEp7u (14 februari 2021) pagina 1/17
Resultaten
Contact
Activiteit
Rechtspersoon
Inrichtingslocatie
Gemeente Zuidplas
Kinbbelweg, 1234ab Zevenhuizen
Omschrijving
AERIUS kenmerk
Bestemmingsplan KnibbelwegOost
RfpCjzcKEp7u
Datum berekening
Rekenjaar
Rekenconfiguratie
14 februari 2021, 23:26
2019
Berekend voor natuurgebieden
Totale emissie
Situatie 1
Situatie 2
Verschil
NOx
-
11.896,19 kg/j
11.896,19 kg/j
NH3
2.016,50 kg/j
76,87 kg/j
-1.939,63 kg/j
Resultaten
Natuurgebied
Verschil
Hectare met hoogste verschil (mol/ha/j)
Brabantse Wal
0,00
Toelichting
15 ha logistiek, 4 ha bedrijven, 19 ha glastuinbouw
Resultaten
bestaand beoogd
RfpCjzcKEp7u (14 februari 2021) pagina 2/17
Resultaten
Resultaten stikstof gevoelige Natura 2000 gebieden
Natuurgebied
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
Brabantse Wal
0,00
0,01
0,00
Grevelingen
0,01
0,01
0,00
Ulvenhoutse Bos
0,01
0,01
0,00
Kop van Schouwen
0,00
0,01
0,00
Kempenland-West
0,00
0,01
0,00
Manteling van Walcheren
0,00
0,01
0,00
Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen
0,01
0,01
0,00
Regte Heide & Riels Laag
0,00
0,01
0,00
Kampina & Oisterwijkse Vennen
0,01
0,01
0,00
Oosterschelde
0,00
0,01
0,00
Noordhollands Duinreservaat
0,01
0,01
0,00
Schoorlse Duinen
0,01
0,01
0,00
Veluwe
0,01
0,01
0,00
Sint Jansberg
0,00
0,01
0,00
Zwanenwater & Pettemerduinen
0,00
0,01
0,00
Duinen Goeree & Kwade Hoek
0,00
0,01
0,00
Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek
0,01
0,01
0,00
Duinen Den Helder-Callantsoog
0,00
0,01
0,00
De Wieden
0,00
0,01
0,00
Landgoederen Brummen
0,01
0,01
0,00
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
(mol/ha/j)
Resultaten
bestaand beoogd
RfpCjzcKEp7u (14 februari 2021) pagina 5/17
Resultaten
Natuurgebied
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
Rijntakken
0,01
0,01
0,00
Krammer-Volkerak
0,00
0,01
0,00
Voornes Duin
0,01
0,01
0,00
Solleveld & Kapittelduinen
0,01
0,00
0,00
Voordelta
0,01
0,00
0,00
Westduinpark & Wapendal
0,01
0,01
0,00
Langstraat
0,01
0,01
0,00
Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht
0,01
0,00
0,00
Binnenveld
0,01
0,00
0,00
Meijendel & Berkheide
0,01
0,01
0,00
Kolland & Overlangbroek
0,01
0,01
0,00
Wormer- en Jisperveld & Kalverpolder
0,01
0,00
0,00
Kennemerland-Zuid
0,01
0,00
0,00
Polder Westzaan
0,01
0,01
0,00
Eilandspolder
0,01
0,00
0,00
Ilperveld, Varkensland, Oostzanerveld & Twiske
0,01
0,01
0,00
Biesbosch
0,01
0,01
0,00
Loevestein, Pompveld & Kornsche Boezem
0,01
0,01
0,00
-0,01
Coepelduynen
0,01
0,01
0,00
-0,01
Lingegebied & Diefdijk-Zuid
0,02
0,01
- 0,01
bestaand beoogd
RfpCjzcKEp7u (14 februari 2021) pagina 6/17
Resultaten
Natuurgebied
Naardermeer
0,02
0,01
- 0,01
Zouweboezem
0,02
0,01
- 0,01
Oostelijke Vechtplassen
0,02
0,01
- 0,01
Botshol
0,03
0,01
- 0,01
Uiterwaarden Lek
0,03
0,01
- 0,01
Nieuwkoopse Plassen & De Haeck
0,06
0,02
- 0,04
*
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
-0,02
Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven.
bestaand beoogd
RfpCjzcKEp7u (14 februari 2021) pagina 7/17
Resultaten
Resultaten per habitattype
Brabantse Wal Habitattype
(mol/ha/j) voor de 10 stikstofgevoelige Natura 2000gebieden met het hoogste resultaat
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
Lg13 Bos van arme zandgronden
0,00
0,01
0,00
Lg14 Eiken- en beukenbos van lemige zandgronden
0,00
0,01
0,00
L4030 Droge heiden
0,00
0,01
0,00
Lg09 Droog struisgrasland
0,00
0,01
0,00
H4030 Droge heiden
0,00
0,01
0,00
Lg04 Zuur ven
0,00
0,01
0,00
H9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,00
0,01
0,00
H3160 Zure vennen
0,00
0,01
0,00
H2310 Stuifzandheiden met struikhei
0,00
0,01
0,00
H3130 Zwakgebufferde vennen
0,00
0,01
0,00
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,00
0,01
0,00
H2330 Zandverstuivingen
0,00
0,01
0,00
bestaand beoogd
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
RfpCjzcKEp7u (14 februari 2021) pagina 8/17
Resultaten
Grevelingen Habitattype
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
H2160 Duindoornstruwelen
0,01
0,01
0,00
H2190B Vochtige duinvalleien (kalkrijk)
0,01
0,01
0,00
H2170 Kruipwilgstruwelen
0,01
0,01
0,00
H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks)
0,01
0,01
0,00
H2130A Grijze duinen (kalkrijk)
0,01
0,01
0,00
H1310A Zilte pionierbegroeiingen (zeekraal)
0,01
0,01
0,00
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
Ulvenhoutse Bos Habitattype
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
H9120 Beuken-eikenbossen met hulst
0,01
0,01
0,00
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,01
0,01
0,00
H9160A Eiken-haagbeukenbossen (hogere zandgronden)
0,01
0,01
0,00
bestaand beoogd
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
RfpCjzcKEp7u (14 februari 2021) pagina 9/17
Resultaten
Kop van Schouwen Habitattype
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
H2180A Duinbossen (droog), berken-eikenbos
0,00
0,01
0,00
H2180B Duinbossen (vochtig)
0,00
0,01
0,00
H2180C Duinbossen (binnenduinrand)
0,00
0,01
0,00
H2130C Grijze duinen (heischraal)
0,00
0,01
0,00
H6410 Blauwgraslanden
0,00
0,01
0,00
H2150 Duinheiden met struikhei
0,00
0,01
0,00
H2160 Duindoornstruwelen
0,00
0,01
0,00
H2130B Grijze duinen (kalkarm)
0,00
0,01
0,00
Lg12 Zoom, mantel en droog struweel van de duinen 0,00
0,01
0,00
H2130A Grijze duinen (kalkrijk)
0,00
0,01
0,00
H2190C Vochtige duinvalleien (ontkalkt)
0,00
0,01
0,00
H9999:116 Habitattype onbekend/onzeker KDW op basis meest kritische relevante type (H2130B;H2130C).
0,00
0,01
0,00
bestaand beoogd
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
RfpCjzcKEp7u (14 februari 2021) pagina 10/17
Resultaten
Kempenland-West Habitattype
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,00
0,01
0,00
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,00
0,01
0,00
Lg03 Zwakgebufferde sloot
0,00
0,01
0,00
H3130 Zwakgebufferde vennen
0,00
0,01
0,00
H7150 Pioniervegetaties met snavelbiezen
0,00
0,01
0,00
H4030 Droge heiden
0,00
0,01
0,00
H3160 Zure vennen
0,00
0,01
0,00
L3130 Zwakgebufferde vennen
0,00
0,01
0,00
H2310 Stuifzandheiden met struikhei
0,00
0,01
0,00
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
Manteling van Walcheren Habitattype
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
H2180C Duinbossen (binnenduinrand)
0,00
0,01
0,00
H2130B Grijze duinen (kalkarm)
0,00
0,01
0,00
H2180A Duinbossen (droog), berken-eikenbos
0,00
0,01
0,00
H2160 Duindoornstruwelen
0,00
0,01
0,00
H2190C Vochtige duinvalleien (ontkalkt)
0,00
0,01
0,00
bestaand beoogd
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
RfpCjzcKEp7u (14 februari 2021) pagina 11/17
Resultaten
Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen Habitattype
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
H9160A Eiken-haagbeukenbossen (hogere zandgronden)
0,01
0,01
0,00
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,01
0,01
0,00
H9190 Oude eikenbossen
0,01
0,01
0,00
H2310 Stuifzandheiden met struikhei
0,01
0,01
0,00
H2330 Zandverstuivingen
0,01
0,01
0,00
Lg02 Geïsoleerde meander en petgat
0,01
0,01
0,00
H3130 Zwakgebufferde vennen
0,01
0,01
0,00
H6410 Blauwgraslanden
0,01
0,01
0,00
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
Regte Heide & Riels Laag Habitattype
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
H4030 Droge heiden
0,00
0,01
0,00
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,00
0,01
0,00
H7150 Pioniervegetaties met snavelbiezen
0,00
0,01
0,00
H3130 Zwakgebufferde vennen
0,00
0,01
0,00
H3160 Zure vennen
0,00
0,01
0,00
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,00
0,01
0,00
bestaand beoogd
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
RfpCjzcKEp7u (14 februari 2021) pagina 12/17
Resultaten
Kampina & Oisterwijkse Vennen Habitattype
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
H4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,01
0,01
0,00
H4030 Droge heiden
0,01
0,01
0,00
H9190 Oude eikenbossen
0,01
0,01
0,00
Lg03 Zwakgebufferde sloot
0,01
0,01
0,00
H91E0C Vochtige alluviale bossen (beekbegeleidende bossen)
0,01
0,01
0,00
L4030 Droge heiden
0,01
0,01
0,00
H3160 Zure vennen
0,01
0,01
0,00
Lg04 Zuur ven
0,01
0,01
0,00
H3130 Zwakgebufferde vennen
0,01
0,01
0,00
H7110B Actieve hoogvenen (heideveentjes)
0,01
0,01
0,00
H2310 Stuifzandheiden met struikhei
0,01
0,01
0,00
Lg09 Droog struisgrasland
0,01
0,01
0,00
ZGH3160 Zure vennen
0,01
0,01
0,00
L4010A Vochtige heiden (hogere zandgronden)
0,01
0,01
0,00
H6410 Blauwgraslanden
0,00
0,01
0,00
H7150 Pioniervegetaties met snavelbiezen
0,01
0,01
0,00
H2330 Zandverstuivingen
0,00
0,01
0,00
Lg02 Geïsoleerde meander en petgat
0,01
0,01
0,00
H3110 Zeer zwakgebufferde vennen
0,01
0,01
0,00
bestaand beoogd
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
-
RfpCjzcKEp7u (14 februari 2021) pagina 13/17
Resultaten
Oosterschelde Habitattype
H1330B Schorren en zilte graslanden (binnendijks)
0,00
0,01
0,00
H1320 Slijkgrasvelden
0,00
0,01
0,00
H1330A Schorren en zilte graslanden (buitendijks)
0,00
0,01
0,00
*
Resultaten
Hectare met hoogste verschil Situatie 1 Situatie 2 Verschil
Verschil op (bijna) overbelaste hexagonen*
Als de hoogste depositietoename plaatsvindt op een hexagoon waar géén sprake is van een (naderende) stikstofoverbelasting, dan is de hoogste toename op een hexagoon met wel een (naderende) stikstofoverbelasting in deze kolom weergegeven.
bestaand beoogd
RfpCjzcKEp7u (14 februari 2021) pagina 14/17
Resultaten
Emissie (per bron)
Naam Locatie (X,Y)
bestaand
Uitstoothoogte Oppervlakte Spreiding Warmteinhoud Temporele variatie NH3
Resultaten
bestaand beoogd
Akkerbouw (197,5 N/ha) 101219, 447415 0,5 m 49,0 ha 0,3 m 0,000 MW Meststoffen 2.016,50 kg/j
RfpCjzcKEp7u (14 februari 2021) pagina 15/17
Resultaten
Emissie (per bron)
Licht verkeer 101642, 447473 154,78 kg/j 13,77 kg/j
Naam Locatie (X,Y)
beoogd
NOx NH3
Soort
Voertuig
Standaard
Licht verkeer
Aantal voertuigen Stof
Emissie
1.000,0 / etmaal NOx NH3
154,78 kg/j 13,77 kg/j
Zwaar verkeer 101642, 447473 3.741,41 kg/j 63,10 kg/j
Naam Locatie (X,Y) NOx NH3
Soort
Voertuig
Standaard
Zwaar vrachtverkeer
Aantal voertuigen Stof
Emissie
1.700,0 / etmaal NOx NH3
3.741,41 kg/j 63,10 kg/j
Naam Locatie (X,Y) Uitstoothoogte Oppervlakte Spreiding Warmteinhoud Temporele variatie
NOx
Resultaten
bestaand beoogd
Glastuinbouw 101195, 447221 8,0 m 10,4 ha 4,0 m 0,400 MW Verwarming van ruimten (zonder seizoenscorrectie) 8.000,00 kg/j
RfpCjzcKEp7u (14 februari 2021) pagina 16/17
Resultaten
Disclaimer
Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.
Rekenbasis
Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2020_20210209_2f032ce1a2 Database versie 2020_20210209_2f032ce1a2 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2020
Resultaten
bestaand beoogd
RfpCjzcKEp7u (14 februari 2021) pagina 17/17
Bijlage II Stedenbouwkundig plan
R065442aa.19HTGA5.pvv | versie 05_001 | 22 maart 2021
Bijlage III Beeldkwaliteitsplan
R065442aa.19HTGA5.pvv | versie 05_001 | 22 maart 2021
BEELDKWALITEITS PLAN
D R Y P O R T K N I B B E LW E G - O O S T 9 maart 2021
COLOFON
DIT PRODUCT IS EEN CO-PRODUCTIE TUSSEN:
Van Uden Logistic Site Investments BV contactpersoon: Yvonne Bostelaar
GEMEENTE ZUIDPLAS contactpersoon: Yvonne Lanooij
T 0182-303430 E y.bostelaar@van-uden.nl
T 0180-637762 E yvonne.lanooij@zuidplas.nl
OD205 contactpersoon: Judit Gaasbeek Janzen
LBP Sight contactpersoon: Paul van der Vleuten
T 010 303 1277 E mail@od205.nl
T 030 231 1377 E p.vandervleuten@lbpsight.nl
INHOUDSOPGAVE
03
LOCATIE
|
04
LEESWIJZER
|
06
OPBOUW
|
07
VELD A
|
08
VELD B+C
|
12
VELD D
|
16
VELD E
|
20
04
DE LOCATIE Knibbelweg-Oost ligt perfect ontsloten via afslag Zevenhuizen aan de A12. De ontwikkelloca�e bevindt zich aan de oostzijde van de dorpskern Zevenhuizen. Het plangebied wordt enerzijds begrensd door de linten Knibbelweg en Noordelijke Dwarsweg en anderzijds door de verbrede 4de Tocht en de N219. Vanaf deze laatste zijde zal het gebied ontsloten worden, zodat de bestaande lintenstructuur gehandhaafd kan blijven. In de lintzones langs de Knibbelweg en de Noordelijke Dwarsweg zijn op dit moment woningen en kleinschalige bedrijvigheid gelegen. Aan de andere zijde van de Knibbelweg wordt de woonwijk Zevenhuizenzuid ontwikkeld (1200 woningen).De eerste fase Zevenrozenhof is in aanbouw en de tweede fase, Koningskwar�er (circa 80 woningen) is in verkoop. Het overwegend agrarisch gebied wordt fasegewijs getransformeerd naar een aantrekkelijke mix van 31 hectare glastuinbouw, 31 hectare bedrijven, 5 hectare lintbebouwing en 12 hectare groen, water en infrastructuur. In totaal gaat het om bruto 79 hectare plangebied.
05
EIGEN IDENTITEIT De Zuidplaspolder is een droogmakerij uit de eerste hel� van de 19e eeuw en een bedacht en secuur gemaatvoerd landschap. De basisstructuur van dit cultuurlandschap is een raamwerk van linten, lanen en tochten, opgebouwd uit een basisraster van 800 x 800 meter; een landschap van groene en blauwe lijnen. Het historische lint van de Knibbelweg en de Vierde Tocht begrenzen het plangebied. Tussen de linten en tochten ligt het grootschalige polderlandschap, dat vanaf een centrale gebiedsontslui�ng zal worden onderverdeeld in twee gelijke (hoofd)eenheden. Een zorgvuldige inpassing van Knibbelweg-Oost in de grootschalige structuur van de Zuidplaspolder is essen�eel. Daarbij is het van belang dat de nieuwe hoofdontslui�ng niet gaat concurreren met de voor de Zuidplaspolder karakteris�eke lange lijnen. De nieuw toe te voegen gebiedsontslui�ng moet wordt opgevat als een interieure ruimte van Knibbelweg-Oost. De gebiedsontslui�ng is geen doorlopende lijn, zoals de Knibbelweg en de 4de tocht. Zij is veel meer een eigen�jds koppelstuk, welke zich voegt naar de func�es in het kassenlandschap en het bedrijvenlandschap. Door dit tot aan de detaillering door te voeren, wordt voorkomen dat de nieuwe gebiedsontslui�ng gaat concurreren met de lange lijnen van de Zuidplaspolder.
06
LEESWIJZER In dit document is voor de ontwikkeling van Knibbelweg-Oost de gewenste beeldkwaliteit beschreven.
HUIDIGE
Het glastuinbouw bedrijvengebied KnibbelwegOost bestaat uit een aantal Velden. In het laatste deel van dit document wordt middels een beschrijving van het toekomstbeeld de ambitie per veld uitgelicht om deze vervolgens in overzichtelijke beeldkwaliteitsaspecten te kwantificeren. De regels sturen enigszins, maar belangrijker bij de bouwinitiatieven is dat deze - samen met de stedenbouwkundige - worden opgewerkt naar het algemene beeldconcept dat wordt voorgestaan.
SITUATIE
07
DE OPBOUW De beeldkwaliteitsaspecten zorgen ervoor dat de uitstraling van de nieuwe ontwikkelingen recht doen aan de kwaliteit van het gebied. Dankzij deze criteria wordt een gebied na realisa�e niet alleen herkend aan de hoogwaardige individuele gebouwen, maar wordt het gebied zodanig ook als eenheid beleefd. Knibbelweg-Oost is op te delen in 5 verschillende func�onele velden. Voor het totaal is er een representa�eve schil gedefinieerd, die zorgt voor samenhang en iden�teit van KnibbelwegOost. Daarnaast is per Veld een specifieke beeldkwaliteitsbeschrijving gegeven, waaraan toekoms�ge ontwikkelingen moeten voldoen. Om de toekoms�ge bouwplannen op de opgestelde kwan�ta�eve en toetsbare aspecten te laten aansluiten, is het wenselijk een kwaliteitsbewaker voor het totale plangebied aan te stellen.
VELD A
VELD B
VELD D
VELD C
LEGENDA WERKLANDSCHAP BEDRIJVEN KASSENBOUW I KASSENBOUW II NIEUWE LINTZONE
VELD E
08
COMPOSITIE
VELD A Deze velden grenzen aan de centrale as, de Vierde Tocht en de Noordelijke Dwarsweg. De ontslui�ngsweg en het bedrijventerrein wordne zodanig ingericht dat het groene karakter van de ecologische zone wordt gecon�nueerd langs het bedrijventerrein. De ontwikkeling betre� een hoogwaardig bedrijfsveld met een representa�eve uitstraling en een grote aantrekkingskracht. Het gebied leent zich met name voor grootschalige logis�eke bedrijvigheid.
Bebouwing De logis�eke bebouwing hee� een INNOVATIEF hoogwaardig en BEDRIJFSMATIG KARAKTER. De foto’s geven een impressie van dergelijke logis�eke bedrijfspanden. Deze zijn wijds opgezet en hebben veelal standaard afme�ngen met een ruim voorterrein. De bebouwing zal passend in het geheel worden gebouwd. De bebouwing hee� een ROBUUSTE BASIS met bijpassend kleurpallet. Representa�eve geveldelen kunnen worden uitgevoerd met een palet van opvallende KLEURSCHAKERINGEN EN/OF MOTIEVEN, die het duurzame en hoogwaardige karakter extra kracht bij ze�en. Er is een GROTE VRIJHEID in bouwhoogte tot een maximum van 15 meter mogelijk met een ontheffing van 10%, waarbinnen de gevel en het dakvlak kunnen worden geleed. De exacte verdeling logis�eke bedrijven en (grootschalige) bedrijven kan nader worden bepaald.
Kavelinrich�ng
Het perceel wordt HOOGWAARDIG INGERICHT door kwalita�eve en robuuste materialen te gebruiken. Vanwege de hoogwaardige uitstraling is het van belang dat de perceelinrich�ng uniform word vormgegeven. Al het PARKEREN DIENT OP EIGEN TERREIN te worden opgelost. De bebouwing is te allen �jde rondom passeerbaar voor hulpdiensten. Om het hoofdprofiel zo min mogelijk te onderbreken, zijn INRITTEN ZO OPTIMAAL MOGELIJK GESITUEERD EN VORMGEGEVEN.
A
C
D B E
VELD A
09
WERKLANDSCHAP Er is gekozen voor een ruime opzet, met de mogelijkheid om meerdere kavels te koppelen tot een grotere kavel. De logis�eke (en grootschalige) bedrijven liggen op een zichtloca�e naar de A12 en de N219 toe. Vanaf de provinciale rondweg (N219) en de A12 is op deze manier de voorkant van de bedrijven goed zichtbaar. Door de groo�e van de bebouwing is het te verwachten dat het buitenterrein voor een groot deel met parkeren en expedi�e zal worden ingevuld.
INNOVATIEF
HOOG WAARDIG
10
VELD A
VELD B
VELD D
4E TOCHT VELD C
50%
50%
VELD E
rooilijn distributiehal
LEGENDA KAVELGRENS
max 50 meter
rooilijn bedrijfsgebouwen
UITERSTE ROOILIJN max 18 meter
ONTSLUITING ORIËNTATIE
CENTRALE AS 50%
PERCENTAGE VAN ROOILIJN BEBOUWD
11
HANDVATEN - REGELS Bouwmogelijkheden
- maximale afstand van bedrijfsgebouw tot perceelgrens bij de ‘centrale as’ is 18 meter (voor parkeren) - maximale afstand distribu�ehal tot perceelgrens bij de ‘centrale as’ is 50 meter (voor loading docks) - maximale bouwhoogte van distribu�ehal 15m, ondergeschikte kantoorfunc�es hebben een maximale bouwhoogte van 12 m - 50% van de voorgevelzone aan de vierde tocht dient bebouwd te worden - tussen twee gebouwen is een vrije ruimte van minimaal 3,5m, tbv passeerbaarheid voor hulpdiensten
Inrich�ng en gebruik perceel
- hoofdontslui�ng aan de centrale as met een maximale breedte van 20m, secundaire ontslui�ng vindt plaats aan zijstraat - parkeren moet worden voorzien op eigen terrein, zoveel mogelijk aan de zijde van de centrale as, aantallen volgens richtlijnen CROW. - opslag van goederen en producten mag alleen inpandig plaatsvinden - technische installa�es op de daken zoveel mogelijk zichtbaar vanaf maaiveld en krijgen dezelfde gele kleur als de openbare ruimte - buitenopslag wordt middels een afwijksbevoegdheid incidenteel toegestaan, mits hoogwaardig ingepast en stedenbouwk. getoetst.
Architectuur - de representa�eve gevel is de gevel die grenst aan de zijde van de schil met bijzondere aandacht (zie pag32) - de hoofdmassa hee� een eenduidige basiskleur, met contrasterende kleurvlakken van overschaalde patronen. - de bedrijfsruimte is verbijzonderd qua vorm en kleur ten opzichte van de distribu�ehal en vormt een eenheid met de distribu�ehal - de ondergeschikte kantoorruimte hee� een representa�ef karakter met minimaal 40% kleurloos glas - 50% van de representa�eve gevel moet een palet van kleurschakeringen krijgen die een sugges�e gee� van de bedrijfsvoering. - het logo en bedrijfsnaam worden integraal mee ontworpen met de architectuur van het gebouw en bestaan uit aangelichte losse le�ers en een los logo
12
COMPOSITIE
VELD B + C Dit gebied grenst aan de centrale as, de lintzone langs de Knibbelweg en de Noordelijke Dwarsweg. De ontwikkeling betre� grootschalige glastuinbouw met een omvang van circa 16,5 hectare (circa 12,5 hectare in Veld B en circa 4 hectare in veld C). De velden zijn goed te verkavelen en biedt plaats aan circa 3 tot 5 glastuinbouwbedrijven. Voor het te ontwikkelen glastuinbouwgebied geldt dat dit duurzaam en hoogwaardig dient te worden ingericht. Er zal een uitstraling worden gecreëerd waarbij men in het gebied kan zien dat het hier gaat om een duurzaam en uniek glastuinbouwbedrijvengebied.
A
C
D B E
VELD B + C
Bebouwing Vanwege de noodzakelijke op�male opzet van de kassen zullen de gevellengtes lang zijn zonder al te veel afwisseling. Dit betekend dat KAPVORMEN en KAPRICHTINGEN voor een groot deel het beeld bepalen. De bedrijfsruimten waar de producten worden verwerkt en ingepakt, maar waar ook de kantoorgedeelten zich bevinden dienen zoveel mogelijk te worden ingezet om een REPRESENTATIEVE VOORKANT te organiseren. Aan de zijde van de N219 is het van belang dat de representa�eve gebouwdelen zich richten op de provinciale weg, alle andere kassen zullen zich vooral richten op de Innova�e-Fabrieksstraat. Tradi�onele kassen zijn veelal in wit of aluminium uitgevoerd, mogelijk zijn ook antraciete s�jlen toe te passen. Dit gee� een VEEL INNOVATIEVER BEELD van de produc�ekassen.
Kavelinrich�ng
Elke kas hee� een zo OPTIMAAL MOGELIJKE ONTSLUITING die direct gekoppeld is aan de expedi�e en bedrijfsruimten. Dit betekend dat hieraan ook direct parkeergelegenheid is gekoppeld. Voor een HOOGWAARDIGE UITSTRALING is het van belang dat deze ruimte meer dan alleen func�oneel wordt ingericht. Door in de inrich�ng aan te sluiten op de inrich�ng van het openbaar gebied ontstaat een uniform glastuinbouwbedrijvenlandschap. Rondom de kassen is al�jd een strook van ca. 5 meter vrij te houden voor onderhoud aan de gevels en eventuele aangrenzende watergangen.
13
KASSENLANDSCHAP Door de rechte opzet van de Velden is een op�male verkaveling mogelijk. Deze rechte verkaveling kan als daar niets bijzonders gebeurt ook saai en langgerekt overkomen.
KAPVORM
Vanwege de hoogwaardige ambi�e is het dus zaak om in de uitwerking van de verkaveling de goede balans te vinden tussen langgerekte gevels, parkeergelegenheid, expedi�e en (representa�eve) bedrijfsruimten.
KAPRICHTING
14
VELD A
VELD B
VELD D
VELD C
VELD E
CENTRALE AS 70%
P
P
70%
LEGENDA KAVELGRENS UITERSTE ROOILIJN ONTSLUITING
100%
BEBOUWDE HOEK ORIËNTATIE P
P
PARKEREN P ENTREE
LINT KNIBBELWEG
15
HANDVATEN - REGELS Bouwmogelijkheden - in de zone B en C zijn bij elkaar opgeteld minimaal drie kavels aan de ‘centrale as’ gelegen - maximale afstand van de kassen tot perceelgrens bij de ‘centrale as’ is 18 meter (voor parkeren) - maximale afstand de kassen tot perceelgrens bij de ‘centrale as’ is 40 meter (voor loading docks) - maximale bouwhoogte is 10m - 70% van de rooilijn aan de centrale as en 100% aan de N219 dient bebouwd te worden - tussen twee gebouwen is een vrije ruimte van minimaal 3,5m, tbv passeerbaarheid voor hulpdiensten
Inrich�ng en gebruik perceel
- hoofdontslui�ng aan de centrale as met een maximale breedte van 20m - parkeren moet worden voorzien op eigen terrein, aan de zijde van de centrale as. Aantallen volgens richtlijnen CROW - opslag van goederen en producten mag alleen inpandig plaatsvinden
Architectuur - de bebouwing hee� een eenduidige basiskleur met hoogwaardige materialen en kleuren van de s�jlen en beglazing van de kassen - de bedrijfsruimte vormt een eenheid met de achterliggende kassen - de ondergeschikte kantoorruimte hee� een representa�ef karakter met minimaal 40% kleurloos glas - het logo en bedrijfsnaam worden integraal mee ontworpen met de architectuur van het gebouw en bestaan uit aangelichte losse le�ers en een los logo
16
COMPOSITIE
VELD D Dit gebied grenst aan de N219 en de centrale as en is het meest representa�eve deel van het plangebied. In dit Veld van ca. 4 ha. kunnen kleinschalige bedrijven ves�gen langs het water en de N219. Het gebied leent zich goed voor meer consumentgerichte bedrijvigheid met etalagefunc�e. Het gebied hee� een eigen kleinschalige ontslui�ngsweg van waaruit zowel de waterkavels als de achterliggende kavels direct zijn te bereiken.
Bebouwing De kleinschalige bedrijfsbebouwing hee� een REPRESENTATIEF en HOOGWAARDIG KARAKTER. De foto’s geven een impressie van dergelijke bebouwing en hoe deze zich posi�oneert ten opzichte van het aangrenzende water. Het is van belang dat de voorgevel EVENWIJDIG AAN DE WATERLIJN wordt geposi�oneerd en met een groen talud enige afstand houdt tot de watergang. Een kadeconstruc�e als integraal onderdeel van het gebouw behoort in overleg tot de mogelijkheden. Er wordt gestreefd naar een bebouwingsrand met een gelijke bouwhoogte, waarbij hoogteaccenten op de hoeken mogelijk zijn. De bedrijfsbebouwing kent een GROTE DIVERSITEIT en een hoge mate van transparan�e. Met aansprekende en opvallende architectuur kan in het veld van de etalage een UITNODIGEND SIGNAAL worden afgegeven.
Kavelinrich�ng De kavels kenmerken zich door hun prominente ligging. Al het PARKEREN DIENT OP EIGEN TERREIN te worden opgelost. Parkeren is zo veel mogelijk achter de bebouwing gesitueerd. Parkeergelegenheid die niet achter de bebouwing is gelegen dient te zijn uitgevoerd in halfverharding. Tussen de bebouwing onderling is te allen �jde een vrije ruimte aanwezig.
A
C
D B E
VELD D
17
DE ETALAGE Het Veld hee�, met een vertanding aan de waterzijde, een typerende opzet. Door hier met de gebouwopzet rekening mee te houden, kan er door het maken van bijvoorbeeld een hoogteaccent of een venster een aandachtspunt voor de voorbijganger worden gecreëerd.
HOOG WAARDIGE
BEDRIJVEN
18
4E TOCHT
VELD A
VELD B
50% VELD D
70% VELD C
VELD E
70%
LEGENDA KAVELGRENS PERCEELSGRENS
70% BEBOUWDE HOEK 70%
PERCENTAGE VAN ROOILIJN BEBOUWD
50%
ONTSLUITING & INRIT ORIËNTATIE GROENE INRICHTING
CENTRALE AS
19
HANDVATEN - REGELS Bouwmogelijkheden - aan de kant van de N219 worden minimaal 3 kavels gerealiseerd, met elk minimaal één bouwwerk. - gevelrich�ng van de bebouwing is haaks op de centrale as - 70% van rooilijn langs het water dient bebouwd te worden - 50% van de rooilijn langs de centrale as dient bebouwd te worden, voor de zijstraat is geen bebouwingspercentage - maximale bouwhoogte van alle bedrijfsfunc�es is 15m, op strategisch punt is middels wijzigingsbevoegdheid een accent mogelijk - tussen twee gebouwen is een vrije ruimte van minimaal 3,5m, tbv passeerbaarheid voor hulpdiensten
Inrich�ng en gebruik perceel
- hoofdontslui�ng aan de centrale as met een maximale breedte van 9m, secunaire ontslui�ng vindt plaats aan zijstraat - parkeren op eigen terrein, achter het gebouw of bij 2-zijdige orienta�e aan zijstraatzijde, aantallen volgens richtlijnen CROW. - parkeerplaatsen zijn gecompar�menteerd met een maximum van 10 opeenvolgende parkeerplekken. - de ruimte tussen de voorgevel en de kavelgrens aan de N219 dient groen ingericht te worden - perceelinrich�ng op eenzelfde wijze als in de centrale as. - opslag van goederen en producten mag alleen inpandig plaatsvinden - aan de waterkant zijn geen erfafscheidingen toegestaan
Architectuur - de representa�eve gevel is de gevel die grenst aan de zijde van de schil met bijzondere aandacht (zie pag32) - de hoofdmassa hee� een eenduidige basiskleur, met contrasterende kleurvlakken van overschaalde patronen. - de bedrijfsruimte is verbijzonderd qua vorm en kleur ten opzichte van de distribu�ehal, maar is wel een architectonische eenheid - 50% van de representa�eve gevel moet een palet van kleurschakeringen krijgen die een sugges�e gee� van de bedrijfsvoering. - representa�eve gevels langs het water hebben een representa�ef karakter van min. 40% kleurloos glas, straatzijde min. 20% - plat of lichthellend dak als vijfde gevel (zichtbaar vanaf viaduct) - het logo en bedrijfsnaam worden integraal mee ontworpen met de architectuur van het gebouw en bestaan uit aangelichte losse le�ers en een los logo
20
COMPOSITIE
VELD E Veld E is bedoeld voor de realisa�e van een wteetal kavels t.b.v. bedrijfswoningen. De bestaande lintzone langs de Knibbelweg wordt gebruikt als kwaliteitsdrager van de Zuidplaspolder en kent een ruimtelijk opzet met grote en diepe kavels. Bij het invullen van deze linten zal het landelijke karakter zoveel mogelijk versterkt worden. De woonkavels worden ontsloten via de Knibbelweg en de Noordelijke Dwarsweg. Tussen de woningen en de glastuinbouwbedrijvenlandschap wordt een brede watergang gegraven. De ontwikkelingen in de lintzone dienen binnen de naaststaande ruimtelijke schets tevens te voldoen aan het uitgebreide BKP Lanen en Linten dat is vastgesteld op 29 november 2011.
A
C
D B E
VELD E
Bebouwing De woningdichtheid is laag en landelijk, met voornamelijk vrijstaande woningen. Het hee� de voorkeur dat nieuwe ontwikkelingen in bouwhoogte niet contrasteren met de hoofdzakelijk ÉÉNLAAGSE bestaande woonbebouwing langs de Knibbelweg en Noordelijke Dwarsweg. Hierbij wordt voornamelijk gedacht aan twee vrijstaande woningen, welke dienen als een BEDRIJFSWONING te realiseren.
Kavelinrich�ng De kavels hebben een GROEN KARAKTER en lopen door tot de nieuw te graven watergang. De achtertuin van de woningen wordt als het ware RUIMTELIJK ‘VERLENGD’ tot aan deze watergang. Voor een hoogwaardige uitstraling is het van belang dat de taluds groen blijven ZONDER ERAFSCHEIDING en dat NIEUWE VLONDERS aan het water UNIFORM zijn vormgegeven.
21
LINTZONE
WONEN
22
VELD A
VELD B
max. 30% bebouwing VELD D
10 -15 m
5m
20 m
VELD C
VELD E
P achter
max. 18 m
LEGENDA KAVELGRENS ROOILIJNZONE
P achter
UITERSTE ROOILIJN BEDRIJFSSCHUUR�RUIMTE ONTSLUITING ORIËNTATIE P achter
PARKEREN
voortuinzone
woonzone
schuur & achtertuinzone
23
HANDVATEN - REGELS Bouwmogelijkheden
- ontslui�ng vindt enkel plaats aan de Knibbelweg en Noorderlijke Dwarsweg - enkele bebouwing hee� een maximale breedte van 12m, geschakelde woningen hebben gezamenlijk een max. breedte van 18m - bedrijfsschuren liggen te allen �jde minimaal 5 meter achter de woonbebouwing - maximale bouwhoogte voor woningen is 8m, met goot op 4m, bedrijfsschuren hebben een max bouwhoogte van 7m, goot op 5m. - maximaal 50% van het perceel kan worden bebouwd, - in overleg met de stedenbouwkundige zijn er ook bijzondere woonvormen te realiseren
Inrich�ng en gebruik perceel
- achtertuin wordt verlengd tot aan de nieuw te graven watergang - het parkeren is te allen �jde achter de voorgevelrooilijn gelegen - er mogen geen erfafscheidingen langs watergangen worden gerealiseerd
Architectuur - vrijstaande woonbebouwing eenlaags met kap - bedrijfsschuren hebben een flauwe kap van minimaal 10% - materiaalgebruik passend bij de omgeving
Bijlage IV Communicatieplan
R065442aa.19HTGA5.pvv | versie 05_001 | 22 maart 2021
Ontwikkeling locatie Knibbelweg-Oost Fase 1 Zuidplas Communicatieplan bestemmingsplanprocedure t/m oplevering
Opdrachtgever Van Uden Logistic Site Investments BV Contactpersoon mevrouw mr. Y. Bostelaar-Rekkers Kenmerk R065442aa.201F8MZ.kvo Versie 04_001 Datum 23 maart 2021 Auteurs Mevrouw K. (Kristel) van Oldenbeek MSc. De heer ing. P.A.G. (Paul) van der Vleuten
Kelvinbaan 40, 3439 MT Nieuwegein | Postbus 1475, 3430 BL Nieuwegein | T (030) 231 13 77 | F (030) 234 17 54 E info@lbpsight.nl | www.lbpsight.nl | IBAN: NL62 RABO 036 42 36 558 | KvK 30073990 | BTW NL007076083B01
Inhoudsopgave
1
Inleiding ...................................................................................................................................... 3 1.1 1.2 1.3
2
Aanleiding ......................................................................................................................... 3 Beleidskader ..................................................................................................................... 4 Communicatieplan Knibbelweg-Oost Fase 1 .................................................................... 5
Stakeholderanalyse................................................................................................................... 6 2.1 2.2
Stakeholders ..................................................................................................................... 6 Verwachte bezwaren ........................................................................................................ 8
3
Communicatiedoelen ................................................................................................................ 9
4
Uitgangspunten voor communicatie ..................................................................................... 10 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5
5
Raadplegen overheidsinstanties ..................................................................................... 10 Loketfunctie en aanspreekpunt ....................................................................................... 10 Branding .......................................................................................................................... 10 Stijl .................................................................................................................................. 11 Communicatiemiddelen .................................................................................................. 11
Taakverdeling en planning ..................................................................................................... 12 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5
Stap 1: Nota van Uitgangspunten ................................................................................... 12 Stap 2: Vooroverleg/concept ontwerp bestemmingsplan ............................................... 13 Stap 3: Ontwerp bestemmingsplan ................................................................................. 13 Stap 4: Definitief bestemmingsplan ................................................................................ 14 Stap 5: Realisatie planontwikkeling ................................................................................ 14
R065442aa.201F8MZ.kvo | versie 04_001 | 23 maart 2021
2
1
Inleiding
1.1
Aanleiding
Knibbelweg-Oost in Zevenhuizen maakt onderdeel uit van de grootschalige gebiedsontwikkeling van de Zuidplaspolder. Op 9 oktober 2013 zijn Ondernemen A12-A20 BV (hierna OA12-A20) en de gemeente Zuidplas de “Samenwerkingsovereenkomst Ontwikkeling Knibbelweg-Oost, gemeente Zuidplas” (hierna: “de SOK 2013”) aangegaan voor de ontwikkeling en realisatie van een duurzaam glastuinbouw- en bedrijvenlandschap op de locatie Knibbelweg-Oost in Zuidplas. Het gehele gebied Knibbelweg Oost omvat circa 79 hectare bruto (fasen 1 en 2), bestaande uit circa 65 hectare aan glastuinbouw en bedrijventerrein en het overige omvat de lintbebouwing en groen langs de wegen. Voor de beoogde ontwikkeling zoals vastgelegd in de SOK 2013, werd in 2015 het ontwerpbestemmingsplan Knibbelweg-Oost in procedure gebracht, maar na een zienswijze door de provincie over de beperkte regionale behoefte aan nieuwe bedrijventerreinen is het bestemmingsplan niet meer vastgesteld. De gemeente Zuidplas en OA12-A20 zijn daarna gezamenlijk opgetrokken om een oplossing te vinden voor de ontstane situatie. In deze nieuwe procedure wordt waar opportuun gebruikgemaakt van het ontwerp- en onderzoekswerk uit 2015. In augustus 2018 heeft Bureau Stedelijke Planning voor duurzame verstedelijking een behoefteraming uitgevoerd naar de bedrijventerreinen in de A12 corridor.
Uit het onderzoek van BSP (23 augustus 2018) blijkt dat de vraag in de periode na 2015 sterk is toegenomen en het aanbod sterk is afgenomen waardoor er een adequate onderbouwing mogelijk is om in het gebied Knibbelweg-Oost een duurzaam logistiek bedrijventerrein (in combinatie van glastuinbouw) te bestemmen. Dit rapport is gedeeld met de provincie en de regiogemeenten. Op 4 maart 2019 is de Samenwerkingsovereenkomst A12 corridor (hierna: “BOK 2019”) gesloten tussen de 6 kernpartijen VNO-NCW West, provincie Zuid-Holland, gemeente Lansingerland, gemeente Waddinxveen, gemeente Zoetermeer en de gemeente Zuidplas. Tevens heeft een aantal andere belanghebbenden zich bij deze BOK 2019 aangesloten, zo ook A12-A20 middels haar primaire vennootschap Van Uden Logistic Site Investments BV. In deze BOK 2019 zijn afspraken vastgelegd met betrekking tot het versterken van de logistieke hotspot A12 door samenwerking van de bij de BOK A12 corridor betrokken partijen. Conform de nadrukkelijk in de BOK 2019 vastgelegde afspraken heeft de gemeente Zuidplas de wens de Knibbelweg-Oost gefaseerd te ontwikkelen waarbij in de eerste fase circa 38 hectare wordt ontwikkeld voor glastuinbouw en andere bedrijven.
Initiatiefnemer Ondernemen A12/A20 BV heeft het voornemen om deze eerste fase KnibbelwegOost (fase 1) te ontwikkelen en een plangebied te realiseren met 15 hectare logistieke bedrijvigheid, 4 hectare kleine bedrijvigheid en 19 hectare glastuinbouw. Ondernemen A12/A20 BV is hiervoor in oktober 2013 een samenwerkingsovereenkomst aangegaan met de gemeente Zuidplas. Het plangebied is gelegen in het noordelijke deel van de Zuidplaspolder, aan de oostzijde van de kern Zevenhuizen. De ligging van fase 1 is weergegeven in figuur 1.1.
R065442aa.201F8MZ.kvo | versie 04_001 | 23 maart 2021
3
Figuur 1.1 Ligging fase 1 plangebied Knibbelweg-oost – fase 1
1.2
Beleidskader
De ontwikkeling van Knibbelweg-Oost is planologisch verankerd in het intergemeentelijk Structuurplan RZG Zuidplaspolder (vastgesteld februari 2006) en het Streekplan Zuid-Holland-Oost (tweede partiële herziening 2006) en de Verordening Ruimte (VRM) van de provincie Zuid-Holland. Dit is vertaald in het vigerende bestemmingsplan ‘Zuidplas Noord’ (juni 2009), waarin de gemeente een uitwerkingsverplichting heeft opgenomen om een glastuinbouw-bedrijvenlandschap mogelijk te maken. De afspraken over de functies en de te ontwikkelen oppervlakten zijn regionaal afgestemd en vastgelegd in de BOK 2019, welke bestuursovereenkomst het resultaat is van overleg en overeenstemming tussen de 6 kernpartijen (zijnde VNO-CNW, provincie Zuid-Holland en vier regiogemeenten aan de zogenaamde A12 corridor). In de BOK 2019 is vastgelegd dat de locatie Knibbelweg-Oost met inachtneming van artikel 2.1.5 lid 5 van de VRM kan worden ontwikkeld voor 15 hectare logistiek/bedrijfsruimte (uitgeefbaar terrein) met een hoog niveau van duurzaamheid en meervoudig en efficiënt ruimtegebruik in combinatie met glastuinbouw.
Daarvoor worden de daken van de te vestigen bedrijven geschikt gemaakt voor het plaatsen van zonnepanelen, die enerzijds gebruikt kunnen worden voor de duurzame stroomvoorziening van de bedrijven zelf en anderzijds voor de stroomvoorziening van te realiseren glastuinbouwbedrijven nabij de planlocatie. Tevens wordt in het plangebied ruimte gereserveerd om regenwater dat valt op de daken van bedrijven af te voeren naar een te realiseren glastuinbouwgebied (‘gietwatersloot’). De ontwikkeling van circa 19 ha glastuinbouw past, voor zover dit ruimtelijk is te onderbouwen, binnen deze afspraken. Daarbij moet een deel beschikbaar zijn voor glastuinbouwbedrijven die nu nog buiten de Greenport Westland Oostland liggen en willen verhuizen. Ook is in de BOK 2019 afgesproken dat er ruimte is voor 4 ha kleinschalige bedrijven ten behoeve van de uitplaatsing van bedrijven uit de woonkernen van de gemeente Zuidplas.