Bijlage 1 Beheerplan IBOR 2022-2025 A21.002058
Tekst van het document
IBOR beheerplan 2022-2025
IBOR beheerplan 2022-2025
Inhoudsopgave Inleiding Afbakening IBOR relatie met de integrale beheervisie IBOR relatie met het herstelplan Keuzes in soort onderhoud in relatie tot de beheerstrategie Bestaand beleid Kwaliteitsniveaus Behaald resultaten 2020/2021 Areaal in beeld Verharding Arealen in beeld Kaders en uitgangspunten Behaalde successen in 2020 en 2021 Uitdagingen komende jaren Doelen en middelen Nieuwe inzichten voor 2022-2025 Exploitatie Verharding Voorziening Verharding Meerjarig Investeringsplan wegen Prijs/ groeimechanisme Groen en Bomen Arealen in beeld Kaders en uitgangspunten Behaalde successen in 2020 en 2021 Doelen en middelen Nieuwe inzichten voor 2022-2025 Exploitatie groen Meerjarig Investeringsplan groen en bomen Prijs/ groeimechanisme Civiele Kunstwerken
2
3 4 4 5 7 10 10 12 15 16 16 16 17 18 18 18 18 19 19 20 21 21 21 22 23 23 23 24 25 27
Arealen in beeld Kaders en uitgangspunten Wet -en regelgeving Behaalde successen in 2020 en 2021 Uitdagingen komende jaren Doelen en middelen Nieuwe inzichten voor 2022-2025 Sport en Spelen Arealen in beeld Kaders en uitgangspunten Behaalde successen in 2020 en 2021 Uitdagingen komende jaren Doelen en middelen Nieuwe inzichten voor 2022-2025 Exploitatie spelen Investeringen spelen Sport, speel en beweegplan Straatmeubilair en verkeersborden Arealen in beeld Kaders en uitgangspunten Behaalde successen in 2020 en 2021 Uitdagingen komende jaren Doelen en middelen Nieuwe inzichten 2022-2025 Exploitatie straatmeubilair Investeringen straatmeubilair Openbare Verlichting, OVL kabelnet en Verkeersregelinstallaties (VRI) Arealen in beeld Kaders en uitgangspunten Behaalde successen in 2020 en 2021
27 27 27 28 29 31 31 34 34 34 34 35 36 36 36 36 37 38 38 38 38 36 39 39 39 40 41 41 41 43
Uitdagingen komende jaren Doelen en middelen Nieuwe inzichten 2022-2025 Exploitatie Openbare Verlichting, eigen kabelnet OVL en VRI’s Voorziening Openbare Verlichting, eigen kabelnet OVL en VRI’s Vervanging Openbare Verlichting, eigen kabelnet OVL en VRI’s Prijs/ groeimechanisme Exploitatie Openbare Verlichting, eigen kabelnet OVL en VRI’s Water Arealen in beeld Kaders en uitgangspunten Behaalde successen in 2020 en 2021 Uitdagingen komende jaren Doelen en middelen Nieuwe inzichten voor 2022-2025 Exploitatie groen Overig Activiteiten in beeld Dierenwelzijn Ongediertebestrijding Brandkranen Installatieverantwoordelijkheid Abri’s Graffiti bestrijding Hondenbeleid openbare ruimte Financiële samenvatting
Gebruikersinformatie: Dit document kan het beste gelezen worden met Acrobat Reader. Download
Project:
IBOR Beheerplan 2022-2025
voor desktop de laatste (gratis) versie op: https://get.adobe.com/nl/reader. Voor tabletgebruikers:
Corsanummer:
A21.002058
download (gratis) Acrobat Reader in de appstore.De informatie in dit document is aan verandering
Auteurs:
Danny Buijink, Ferry Warnaar
onderhevig. De meest actuele versie vindt u steeds op www.zuidplas.nl
Ambtelijk Opdrachtgever:
Marco van der Sloot
Bestuurlijk Opdrachtgever:
Jan Willem Schuurman
Datum:
16-11-2021
43 44 44 44 44 44 45 45 46 46 46 46 47 47 47 47 48 48 48 48 49 49 49 49 49 51
IBOR beheerplan 2022-2025
1. Inleiding Het IBOR-beheerplan 2022-2025 is in tegenstelling tot eerdere versies meer technisch van aard. De integrale beheervisie is in ontwikkeling en zal als integraal kader dienen voor verschillende tactische plannen zoals geschetst in figuur 1. Het IBOR-beheerplan heeft om deze redenen de focus op doelen en middelen. Het IBOR-beheerplan is opgesteld om doelen en bijbehorende middelen inzichtelijk te brengen op basis van de beleidsplannen. Idealiter was hiervoor ook een integrale beheervisie opgesteld. In een volgende paragraaf wordt dit nader toegelicht. In onderstaand figuur staan de verschillende plannen afgebeeld en gekoppeld aan de niveaus waarop het plan bezien moet worden. Inmiddels wordt gewerkt met de DIOR (in informatienota Z21.000090 is de Raad hierover geïnformeerd) als instrument om te zorgen voor een goede en duurzame inrichting van de openbare ruimte. Het DIOR is een instrument dat op basis van dezelfde beleidsplannen borgt dat dit op de juiste wijze wordt ontworpen en uitgevoerd. Via (functionele) richtlijnen wordt er op proces, ontwerp en inrichtingsniveau gestuurd op een toekomstbestendige en duurzame inrichting van de openbare ruimte.
3
Visie niveau
Strategisch niveau
Tactisch niveau
Figuur 1; plannen en visie gekoppeld aan niveau
IBOR beheerplan 2022-2025
Afbakening Het IBOR-beheerplan is een (financiële) vertaling van bestaande beleidsuitgangspunten op het gebied van wegen, groen, spelen, civiele kunstwerken, openbare verlichting, straatmeubilair en watergangen. De begraafplaatsen, de buitensportaccommodaties, het rioolbeheer en afval maken geen onderdeel uit van het IBOR-beheerplan. Het huidige plan heeft een looptijd tot en met 2021. De uitgangspunten van dit plan blijven in principe van kracht, namelijk de vastgestelde kwaliteitsniveaus waarbij we het beheer en onderhoud inrichten gebaseerd op 3 pijlers, namelijk gebiedsgericht, integraal en participatief. IBOR relatie met de integrale beheervisie Wij zien een integrale beheervisie als instrument om weloverwogen keuzes te maken voor het beheer van de openbare ruimte. Met in achtneming van de verschillende doelen die de openbare ruimte vervult of kan vervullen, de toegevoegde waarde die het kan leveren en de functionaliteit die geleverd dient te worden in kader van gezondheid, duurzaamheid, klimaatadaptatie, leefbaarheid en veiligheid. Er zijn verschillende beleidsplannen die per onderdeel richting geven aan de manier waarop we de openbare ruimte willen vormgeven. We missen echter een
4
integrale blik en leidraad om de volgende stap in de verdere professionalisering van ons beheer openbare ruimte te gaan maken, namelijk beleidsmatig programmeren. Hierbij kijken we boven op ons technische programma (gebaseerd op technische levensduur van wegen, riolering en groen) naar beleidsthema’s zoals verkeersveiligheid, gezondheid, toegankelijkheid, duurzaamheid e.d. Hiervoor is data nodig; resultaten hittestress testen, risico gestuurd verkeersveiligheidsprogramma, data uit sociale domein zoals woongebieden ouderen/ zorgcentra, analyses toegankelijkheid van wijken, etc. Maar hiernaast is een afwegingskader noodzakelijk. Wanneer gaan we aan de slag, in welke mate en waar? Er is een duurzaamheidsprogramma vastgesteld maar nog niet vertaald in een opgave om x percentage groen terug te brengen in de openbare ruimte. Er is een sportvisie vastgesteld maar is nog niet bepalend en concreet genoeg in wat dit betekent voor sporten in de openbare ruimte. We vinden toegankelijkheid belangrijk maar wat hebben we ervoor over om reeds geplande vervangingsprojecten eerder uit te voeren? Hoe meer beleidsterreinen we willen integreren in de opgaven binnen de openbare ruimte, hoe scherper we moeten stellen wat we hiervoor over hebben en hoe meer planningscapaciteit dit vraagt binnen de organisatie.
IBOR beheerplan 2022-2025
5
De financiële effecten uiten zich bijvoorbeeld in vervroegde afschrijving (eerder vervangen van verharding om sociale doelen te realiseren) als in mogelijk aanvullende beheerkosten. Groen is duurder in onderhoud dan grijs. Extra voorzieningen in de openbare ruimte kosten geld om te onderhouden. Met andere woorden; om een volgende slag te kunnen maken hebben we meer duidelijkheid nodig rondom doelen, prioriteiten en de sturingsindicatoren die we hieraan kunnen koppelen. Dit beheerplan geeft, zoals aangegeven bij de inleiding, een analyse van bestaande en beschikbare middelen ten opzichte van de bestaande doelen. Via de Zomernota 2021 is er reeds een financiële vertaling geïntegreerd van het IBOR-beheerplan 20222025. Dit met als reden om de Gemeenteraad van Zuidplas een integraal beeld te geven. Ook in relatie tot het herstelplan. Alle financiële effecten worden in dit beheerplan per asset nader toegelicht.
geven op welke onderdelen we de taakstelling willen effectueren in de openbare ruimte van Zuidplas. Het herstelplan 3.0, kent een taakstelling op het gebied van beheer openbare ruimte. Deze taakstelling wordt boven op een aantal maatregelen gesteld. De door het College van B&W (met voorkeur) aangedragen maatregelen betreffen: • Afschalen van het budget op het gebied van belijning op wegen; • De basisvariant renovatie parken voor te stellen in tegenstelling tot de opgenomen plusvariant in de Zomernota 2021. Via informatienota Z21.000467 is de Raad geïnformeerd over de verschillende mogelijkheden om zes openbare parken in Nieuwerkerk aan den IJssel te renoveren; • Geen hondenpoepzakjes beschikbaar te stellen; • Het dierenpark in Nieuwerkerk aan den IJssel “anders” te organiseren;
IBOR relatie met het herstelplan In lijn met de taakstellingen op het IBOR-beheerplan zijn we genoodzaakt om doelen en ambities aan te passen aan de beschikbare middelen. Zowel op het niveau van de dienstverlening als ook in het algehele beeld van de openbare ruimte. Op assetniveau hebben we bij de doelen en middelen ook een relatie met ‘het herstelplan 3.0’ gemaakt om aan te
Indien uitvoering gegeven wordt aan bovenstaande maatregelen levert dit een besparing op van € 82.000. De aanvullende opgenomen taakstelling in de begroting 20222025 bedraagt € 125.000 in 2022 oplopend tot € 375.000 in 2024 en 2025. In de navolgende hoofdstukken wordt op het niveau van de assets, indien van toepassing, nader toegelicht op welke wijze de IBOR taakstelling gerealiseerd kan worden.
IBOR beheerplan 2022-2025
Bezuinigen op basis van 3 principes
De verwachting is dat wij op basis van 3 principes de taakstelling van € 375.000 in 2024 en 2025 kunnen realiseren. Het eerste principe is het “sober inrichten van de openbare ruimte”. Dit betekent feitelijk minder inrichtingselementen en sobere (onderhoudsvriendelijke) ontwerpkeuzes. Denk hierbij aan het niet c.q. minder vervangen van speeltoestellen, sobere groeninrichting en het beperkt terugbrengen van noodzakelijk te vervangen houten bruggen. Het tweede principe is “inleveren op kwaliteit in relatie tot onderhoud in buitengebieden”. Denk hierbij aan het (gedeeltelijk) ‘teruggeven’ van hetgeen in de Zomernota 2021 is toegekend om de bermen in het buitengebied goed te kunnen onderhouden. Het is hierbij wel goed om te beseffen dat er een oorzaak-gevolg relatie is met asfaltonderhoud. Het niet tijdig aanvullen van bermen zorgen voor meer randschades in onze (asfalt)wegen. Het derde principe dat ingezet kan worden om de taakstelling te realiseren is het “inleveren op kwaliteit in relatie tot zichtbaar onderhoud in de wijken”. Binnen dit principe dient bezuinigd te worden op bijvoorbeeld het kwaliteitsniveau van groenonderhoud. Het huidige beleid gaat uit van een Basisniveau in de wijken en
6
centrumgebieden. Dit zou teruggebracht kunnen worden naar sober (C-niveau). Ook het terugbrengen van de frequentie van klein en dagelijks onderhoud op de elementenverharding is een mogelijkheid. Voor zover we nu kunnen overzien is vanaf 2024 (taakstelling € 375.000) bezuinigingsprincipe 1 en 2 nodig om de taakstelling te realiseren vanaf 2024 en verder. Maatschappelijk effect
De (met voorkeur) door het College voorgestelde maatregelen, naast de taakstellingen, hebben op zichzelf uiteraard een effect op de beleving c.q. leefbaarheid van de openbare ruimte. Hierbij heeft het reduceren van belijning gevolgen voor verkeerssituaties. Het afschaffen van hondenpoepzakjes heeft een relatie met de dienstverlening en een verhoogd risico op een grote irritatie in de buitenruimte; namelijk hondenpoep op straat. Met name de onkruidbeheersing op verharding en plantvakken zal een groot effect hebben op de beleving en de beheersbaarheid. Tenslotte betekent het uitvoeren van de basisvariant voor zes te renoveren parken in Nieuwerkerk aan den IJssel dat er weinig tot geen voorzieningen terugkomen op centrale plekken in de gemeente. Dit betekent dat we voor een deel geen invulling geven aan de vastgestelde sportvisie en
IBOR beheerplan 2022-2025
Preventieakkoord Zuidplas waarbij kansen worden gezien om sporten, bewegen en elkaar te ontmoeten in de openbare ruimte te verbeteren. Het maatschappelijk effect van bezuinigingsprincipe 1 is dat de openbare ruimte veel minder ingezet wordt om koppelkansen en leefbaarheidsdoelen te realiseren. Minder speelvoorzieningen betekent een negatief effect op de sociale cohesie en stimulering van creativiteit en bewegen bij en van kinderen. Het voorbeeld van het terugbrengen van minder bruggen betekent gebruikersongemak om van A naar B te komen, in het bijzonder voor minder mobiele weggebruikers.
7
van meldingen in lijn met de vernieuwde doelstellingen. Ook zullen we minder dan nu het geval is meedenken over wijkinitiatieven in lijn met de genoemde principes. Met andere woorden; het niveau van dienstverlening in de zin van het positief beantwoorden van meldingen en verzoeken zal in lijn met de bezuinigingsprincipes verlaagd gaan worden.
Bezuinigingsprincipe 2 heeft visueel wellicht niet direct veel effect, maar beheerstechnisch wel. Ad hoc maatregelen zullen nodig zijn als de veiligheid van de (weg)gebruiker in het geding komt.
Keuzes in soort onderhoud in relatie tot de beheerstrategie De gemeente heeft de kapitaalgoederen in de openbare ruimte met leeftijd en technische staat in digitale beheersystemen vastgelegd. Voor het bepalen van de toekomstige opgave voor investeringen in de kapitaalgoederen (assets), vormen deze gegevens de basis voor besluitvorming. Vanuit de gestelde beheerstrategie volgt een uitvoeringsprogramma. Dit uitvoeringsprogramma is vertaald naar soort onderhoud, namelijk groot onderhoud, vervanging (ook wel herinrichting of reconstructie genoemd) en regulier onderhoud.
Het effect van bezuinigingsprincipe 3 is dat het beeld en de beleving van de openbare ruimte op wijk –en straatniveau verminderd wordt. Belangrijk om hierbij te vermelden (maar dat geldt ook voor de twee andere bezuinigingsprincipes) is dat we standvastig zullen moeten zijn in het afhandelen
Gedurende de levensduur van een kapitaalgoed wordt regelmatig onderhoud uitgevoerd, waarbij kleine gebreken worden hersteld, dit wordt ook wel regulier of klein onderhoud genoemd. Regulier onderhoud dient voor het in stand houden van bestaande kapitaalgoederen. Voorbeelden
IBOR beheerplan 2022-2025
Binnen het regulier onderhoud wordt ook serviceonderhoud verstaan. Dit is met name gericht om de openbare ruimte schoon te houden zoals vegen, borstelen, onkruid verwijderen op verharding, zwerfvuil opruimen, etc.
zijn levensduur heeft bereikt of wanneer het oplappen met onderhoudsmiddelen niet meer zinvol is. Zo kan door slijtage van een brug of weg de functionaliteit in het geding komen en is deze soms niet meer te gebruiken zoals oorspronkelijk bij de aanleg bedoeld. De gemeente heeft op zo’n moment twee keuzes: 1. Vervanging: het kapitaalgoed wordt vervangen: er komt een nieuwe brug of weg voor terug, of 2. Functionaliteit aanpassen: de functie van bijvoorbeeld de brug wordt aangepast door de maximale belasting te beperken en zwaar verkeer om te laten rijden. Voor vervangingen worden investeringsbudgetten gebruikt.
De laatste variant regulier onderhoud noemen we calamiteitenonderhoud. Hiermee wordt bedoeld het onderhoud vanuit een reactieve modus, met andere woorden, onvoorzien. Het afhandelen van klachten en meldingen die niet in een reguliere planning wordt meegenomen, het afhandelen van stormschade, het tegengaan c.q. oplossen van gevaarlijke situaties, het bestrijden van een nieuwe exoot, vandalisme, etc. Alhoewel dit soort zaken onvoorzien zijn komen ze jaarlijks (in meer of mindere mate) structureel voor. We spreken van groot onderhoud of vervangingen wanneer een object niet meer door regulier onderhoud kan worden gehandhaafd. Dit is het geval als het object het einde van
Voor Groot Onderhoud wordt financieel gezien een voorzieningen gebruikt. De definitie van groot onderhoud ligt in de sfeer van vervangen maar kent een nuance. Er is sprake van levensduur verlengende maatregelen die ingezet worden waarbij geen complete herinrichting c.q. volledige vervanging plaatsvindt. Denk hierbij aan het vervangen van asfalt deklagen, delen van bruggen, herstraten met bestaande materialen zonder herinrichting, etc. In figuur 2 is de gemiddelde onderhoudscyslus te zien met het moment waarop verschillende maatregelen ingezet worden gedurende de levensduur van een asset. Indien we de strategie vervangen kiezen is de intentie om
zijn het schilderen van een brugleuning, het dichten van gaten in de weg en het snoeien van takken in bomen. Ook kleinschalige vervangingen van bijvoorbeeld verkeersborden, enkele bomen of een speeltoestel, rekenen we tot het regulier onderhoud. Regulier onderhoud wordt bekostigd uit exploitatiebudgetten.
8
IBOR beheerplan 2022-2025
dit integraal, gebiedsgericht en participatief in te richten. Vanwege de forse opgave om verharding te vervangen binnen de gemeente is deze asset leidend waarbij vanuit riolering en groen gekeken wordt in welke mate een vervangingsopgave integraal opgepakt kan worden. Voordeel is dat we maar 1 keer overlast veroorzaken, we meerdere opgaven zoals klimaatadaptatie, toegankelijkheid, verkeersveiligheid, mobiliteit, etc kunnen integreren in een nieuw ontwerp voor de openbare ruimte. Nadeel is de toenemende complexiteit en dus tijd om een project uitgevoerd te krijgen. In figuur 3 is een infografhic te zien om aan te geven wat de faseringen van een project gemiddeld genomen inhouden inclusief doorlooptijden.
9
Figuur 2: onderhoudscyclus openbare ruimte
IBOR beheerplan 2022-2025
van de bestaande beleidskaders die effect hebben op de invulling van het integraal beheer van de openbare ruimte; • • • • • • • • • •
Figuur 3: Infographic projectmatig werken bij een (wijk)reconstructie in Zuidplas
Bestaand beleid Het IBOR-plan is in grote lijn een vertaling van bestaand beleid. Om deze reden volgt hieronder een opsomming
10
Bomenbeleidsplan Speelruimteplan Uitvoeringsplan Dorpsgroen Programma Duurzaamheid 2019-2025 Afwegingskader Programma Duurzaamheid en Klimaatadaptatie 2019-2025 Sport- en accommodatievisie 2020 – 2030 Verbreed gemeentelijk rioleringsplan Mobiliteitsvisie Parkeerverordening Zuidplas Kaders voor burgerparticipatie in Zuidplas
Kwaliteitsniveaus De gemeente heeft integrale keuzes gemaakt in kwaliteitsniveaus voor beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Deze keuzes zijn door de gemeenteraad met het IBOR-beheerplan 2015 vastgesteld voor Wegen, Groen, Spelen, Openbare Verlichting en Watergangen (R15.000041). In het huidige IBOR-beheerplan 2018-2021 zijn daar Civiele Kunstwerken en Kunstuitingen aan toegevoegd.
IBOR beheerplan 2022-2025
Kwaliteitsniveaus per functioneel gebied
In 2015 is gekozen voor kwaliteitsdifferentiatie per functioneel gebied en per beheerdiscipline. Binnen de gemeente zijn de volgende functionele gebieden te onderscheiden: • Woongebied; de woonwijken binnen de dorpen. • Bedrijventerrein; het gebied waar bedrijven zijn gevestigd. • Centrum; de kern van het dorp. Hier zijn veelal de winkels gevestigd. • Buitengebied; het gebied buiten de bebouwde kom. In onderstaande figuur staan de vastgestelde kwaliteitsniveaus per functioneel gebied.
Figuur 4: gebiedsaanduiding Zuidplas
Gebied Onderdeel
Bedrijven terrein
Buitengebied
Woongebied
Centrum
Groen
C
C
B
B
Spelen
C
C
C
B
Wegen
C
C
C
B
Kunstwerken
C
C
C
B
Verlichting
C
C
C
B
Reiniging
C
C
B
B
Figuur 5: Vastgestelde kwaliteitsniveaus per functioneel gebied
11
IBOR beheerplan 2022-2025
De kwaliteitsambities worden uitgedrukt in kwaliteitsniveaus: A+ (zeer hoog), A (hoog), B (basis), C (laag) en D (zeer laag).
van de openbare ruimte als de technische staat in beeld brengen. Het doel daarbij is antwoord te geven op de volgende vraag:
Behaalde resultaten 2021
“Wat is de beeldkwaliteit van het dagelijks beheer en onderhoud en de technische staat van de openbare ruimte en voldoet deze aan het gewenste ambitieniveau?”
Meetmethodiek
De kwaliteitsmeting is gebaseerd op de beeldsystematiek ontwikkeld door CROW (landelijk kennisplatform voor Infrastructuur, Openbare Ruimte, Verkeer en Vervoer). Bij het inrichten, uitvoeren en analyseren van de meetresultaten is gebruik gemaakt van de Kwaliteitscatalogus Openbare Ruimte van CROW. Er is gekozen voor een set beeldmeetlatten die samen een integraal beeld geven van de kwaliteit van de openbare ruimte. Vanaf het tweede kwartaal in 2021 hebben we een derde onafhankelijk bureau opdracht gegeven de openbare ruimte te schouwen. Voor deze tijd waren de aannemers contractueel verplicht dit zelf te doen (weliswaar via een onafhankelijke derde partij) maar alleen voor de onderdelen binnen het integraal onderhoudscontract. Om deze reden presenteren wij u hierbij de resultaten van het tweede en derde kwartaal van dit jaar voor een recent overzicht van de onderhoudsprestaties in de buitenruimte. Met de kwartaalmetingen in 2021 wil de gemeente Zuidplas de huidige kwaliteit van zowel het (dagelijks) beheer en onderhoud
12
Om deze vraag goed te kunnen beantwoorden is in eerst instantie gekeken naar een totaalresultaat. Deze geeft aan dat een B-kwaliteit wordt gescoord. Wegens het gedifferentieerd beheer zegt dit echter nog weinig over de verschillende gebieden. Indien rekening wordt gehouden met dit gedifferentieerd beheer voldoet 93,1 procent van de metingen aan het gewenste ambitieniveau. Indien de meetlocaties worden opgedeeld naar de verschillende gebieden, vallen de volgende scores af te lezen: Gebied:
Kwaliteitsniveau
Percentage < ambitieniveau
Moerkapelle
B-kwaliteit
5,7 procent;
Moordrecht
B-kwaliteit
6,9 procent;
Nieuwerkerk aan den IJssel
B-kwaliteit
7,6 procent;
Zevenhuizen
B-kwaliteit
8,2 procent;
Buitengebied
B-kwaliteit
3,8 procent.
IBOR beheerplan 2022-2025
Naast de verschillende gebieden is er tevens onderscheid te maken in beheergroepen. Rekening houdend met de verschillende ambitieniveaus zijn dit de meetresultaten (kwartaal 2 en 3 in 2021) van de verschillende beheergroepen: Beheergroep:
Dagelijks onderhoud:
Technische staat:
Totaalscore per beheergroep:
Beplanting:
6,5 procent;
n.v.t.
B-kwaliteitsniveau
Bomen:
5,6 procent;
n.v.t.
B-kwaliteitsniveau
Gras:
6,8 procent;
n.v.t.
B-kwaliteitsniveau
Kunstwerken
1,1 procent;
7,1 procent;
A-kwaliteitsniveau
Meubilair
5,5 procent;
10,3 procent.
B-kwaliteitsniveau
Meubilair
3,3 procent;
6,8 procent.
B-kwaliteitsniveau
Meubilair
0,1 procent;
n.v.t.
A+ kwaliteitsniveau
Vanuit de meetsystematiek is er een marge van 10% om onder de gestelde ambitie te scoren. Onder de 10% is groengekleurd en wordt hierboven gescoord dan betekent dat er niet conform de ambitie is onderhouden in een bepaalde periode. Om te zien hoe het kwaliteitsverloop is tussen kwartaal 2 en 3 van de verschillende zoneringen, is het zinvol om de meetresultaten per zonering apart inzichtelijk te maken
13
(zie figuur 6). Dit geeft onderstaand beeld:
Figuur 6: Scores van de verschillende gebieden kwartaal twee VS drie 2021
Indien gekeken wordt naar het behaalde kwaliteitsniveau wordt zichtbaar dat alle vijf de gebieden gelijk blijven in kwaliteitsniveau. Het aandeel onder ambitieniveau verschuift wel. Bij alle vijf de gebieden is een (licht) stijgend aandeel onder ambitieniveau waarneembaar. Moerkapelle en Moordrecht dalen het snelst in kwaliteit. Het buitengebied scoort het meest stabiel. Deze scores laten zien dat extra inzet noodzakelijk is om het kwaliteitniveau te kunnen garanderen.
IBOR beheerplan 2022-2025
Echter met de belangrijke boodschap dat alle gebieden binnen de gestelde kwaliteitsambities scoren. Naast een totaaloverzicht is het mogelijk om per beheergroep een trend zichtbaar te maken. Wegens de verschillende onderwerpen zijn de technische staat en het dagelijks onderhoud los van elkaar weergegeven. In figuur 7 is het dagelijks onderhoud zichtbaar en de technische staat.
Figuur 7: Percentage dat voldoet per beheergroep, dagelijks onderhoud (L.) en technische staat (R.)
14
Er is direct onderscheid zichtbaar tussen de technische staat en het dagelijks onderhoud. De technische staat scoort constanter. Bij het dagelijks onderhoud speelt het (groei) seizoen een grotere rol. Alle beheergroepen laten een klein wisselend beeld zien, uitgezonderd Gras. Gras is in kwaliteit een kleine 10 procent gedaald in kwartaal 3. Door te investeren in de technische staat, is het mogelijk dat de beeldmeetlatten voor het dagelijks onderhoud ook toenemen in kwaliteit. De rustige winterperiode is hier uitermate geschikt voor. Een voorbeeld hiervan is ervoor zorgen dat de voegwijdte verbeterd, waardoor onkruiden minder kansen krijgen. Uiteraard worden de verschillende aannemers ter verantwoording geroepen als zij niet de geleverde kwaliteit leveren waar ze voor verantwoordelijk zijn.
IBOR beheerplan 2022-2025
Areaal in beeld In de volgende hoofdstukken wordt per onderdeel (hierna assets genoemd) van de openbare ruimte het volgende beschreven:
Groen
Verharding
Speeltoestellen
Kunstwerken
2.010.983 m2
2.497.406 m2
660 st.
514 st.
Bomen
Lichtmasten
Straatmeubilair
Verkeersborden
21.193 st.
9.875 st.
695 st.
9.280 st.
Bovenstaand is een algemeen beeld van de arealen binnen de onderdelen van de openbare ruimte. Per onderdeel geven wij een verdere onderverdeling aan, maar ook toevoegingen die niet direct zijn meegenomen in het totaaloverzicht. Bijvoorbeeld een onderverdeling van elementenverharding en asfalt binnen het totale areaal verharding.
15
1. Areaalgegevens 2. Kaders en uitgangspunten 3. Behaalde successen in 2020 en 2021 4. Opgaven voor de komende jaren 5. Doelen en middelen
IBOR beheerplan 2022-2025
Verharding Arealen in beeld
Verharding Beton 6.468 m2 Half / onverhard 20.554 m2 Elementen 1.468.991 m2 Asfalt 989.638 m2 Parkverharding 11.755 m2
Kaders en uitgangspunten Burgerlijk wetboek en Wegenwet De beheerder van de openbare ruimte moet met diverse wettelijke bepalingen rekening houden. Centraal staat een algemene zorgplicht van de gemeente voor een veilige omgeving, gebaseerd op het Burgerlijk Wetboek en de Wegenwet. Het Burgerlijk Wetboek regelt de aansprakelijkheid van beheerders van openbare voorzieningen voor schade van burgers, waarbij de bewijslast is omgedraaid. De Wegenwet verplicht de gemeente om gemeentelijke openbare wegen te onderhouden en ervoor
16
zorg te dragen dat deze in een goede staat van onderhoud verkeren. De beheerder is verantwoordelijk voor het uitvoeren van voldoende onderhoud. Indien de beheerder aansprakelijk wordt gesteld voor schade die iemand lijdt, moet de beheerder aantonen dat inspectie en onderhoud met optimale zorg zijn uitgevoerd. Ook wanneer een beheerder zijn zorgverplichting is nagekomen, kan hij toch aansprakelijk zijn voor schades. Praktisch gesteld moet de openbare ruimte voldoen aan de eisen, die men daaraan in de gegeven omstandigheden mag stellen. Dit betekent dat de gebruiker ervan uit mag gaan dat hij op een normale, ongehinderde en veilige manier van de openbare ruimte gebruik kan maken. De beheerder moet ervoor zorgen dat de openbare ruimte zodanig wordt ingericht en onderhouden dat deze geen gevaar oplevert voor de veiligheid van de gebruiker. Behaalde successen in 2020 en 2021 In 2020 hebben we een aantal mooie projecten afgerond zoals (zonder volledig te zijn) Lange Zijde e.o en Knibbelweg-Zuid in Zevenhuizen. De Middelweg/ Bredeweg in Moordrecht. In Nieuwerkerk aan den IJssel zijn er mooie projecten afgerond in de Bospolderstraat, IJslandsmos, Bermweg en s’ Gravenweg. De Julianastraat in Moerkapelle en in alle kernen hebben we diverse asfaltprojecten uitgevoerd.
IBOR beheerplan 2022-2025
Ook zijn er projecten opgestart in 2020 welke in 2021/2022 afgerond zijn, in uitvoering zijn of opgestart worden zoals de Noordelijke Dwarsweg, Boslaan, en Akkerstraat in Zevenhuizen, de Moerkapelse Zijde en Akkerweg in Moerkapelle, Bloemenbuurt e.o, Schielandse Hoge Zeedijk in Moordrecht en de wijk Dorrestein, Groenendijk Fase 1, in Nieuwerkerk aan den IJssel. Hierbij is de wijkreconstructie Dorrestein in fases opgeknipt om de komende jaren uit te gaan voeren.
Ook zijn er de afgelopen twee jaar herstraatwerkzaamheden, als Groot Onderhoud maatregel binnen de vastgestelde beheerstrategie verharding, uitgevoerd.
17
Uitdagingen komende jaren • Het vervangingsprogramma wegen en riolering afstemmen met de planning en opgaven in relatie tot de warmtetransitie. Gebaseerd op aanlegjaar en het gegeven dat bestrating per 25 jaar wordt vervangen en riolering om de 50 jaar, is op wijkniveau de vervangingsopgaven voor riolering/ verharding tot 20270 in beeld gebracht. Deze inzichten worden gebruikt als input voor het programma warmtetransitie; • Intensiveren gebruik waterdoorlatende verharding in de wetenschap dat de meerjarige functionaliteit nog onbekend is. Gaan de materialen en functionaliteit (verstoppingen e.d.) ook 25 jaar mee in relatie tot de huidige materialen? Via de DIOR wordt een richtlijn voorgeschreven wat dit verder
IBOR beheerplan 2022-2025
•
•
stimuleert op de plekken waar dit mogelijk en haalbaar is; Het verder toegankelijk maken van de openbare ruimte in Zuidplas. Naast het gegeven dat we hierin al slagen aan het maken zijn, is er ook nog genoeg te verbeteren. Dit pakken we op via het herstraatprogramma en de (wijk) reconstructies. Het wegenprogramma afstemmen met het risico gestuurd uitvoeringsprogramma verkeer. Op basis van een scan gebaseerd op criteria in relatie tot het duurzaam veilig inrichten van de openbare ruimte, is in beeld gebracht waar de verkeerskundige knelpunten zitten binnen de gemeente.
Doelen en middelen In de Zomernota 2021 zijn er aanvullende financiële middelen opgenomen om het beheer en onderhoud van de verhardingen toekomstbestendig te organiseren conform de vastgestelde kwaliteitsdoelen. Deze paragraaf geeft een nadere toelichting op de Zomernota 2021 onderverdeeld in nieuwe inzichten, prijs/ groeimechanisme en herstelplan verdeeld over exploitatie, voorziening en investeringen.
van meldingen gaan we aan de slag om deze te verhelpen. Bij een reconstructie wordt de noodzakelijke vervanging van een berm of half verharding meegenomen. Maar sectoraal zijn er tot op heden geen specifieke middelen en capaciteit geraamd om de bermen op een planmatige wijze te beheren en te onderhouden. Door dit soort zaken ‘erbij’ te doen krijgt het niet de aandacht dat nodig is om achterstanden en onbeheerbare situaties te voorkomen. Het meest voorkomende risico is dat de asfaltwegen aan de randen kapot worden gereden omdat de bermen onvoldoende steun bieden aan de weg. Hiernaast is er behoefte aan meer asfaltonderzoek om exacter dan nu het geval de conditiemetingen in beeld te hebben. Door meer kennis te vergaren van met name de funderingen (de visuele weginspectie wordt uiteraard op frequente wijze uitgevoerd) kan het investeringsprogramma beter afgestemd worden op de daadwerkelijke opgave als het gaat om asfaltvervanging. Door budgettaire beperkingen hebben we dit onvoldoende kunnen organiseren. Via de Zomernota 2021 is hiervoor structureel € 150.000 in de begroting 2022-2025 opgenomen.
Nieuwe inzichten voor 2022-2025 Exploitatie Verharding
Tot op heden wordt het onderhoud van bermen en halfverharding niet planmatig maar correctief gedaan. Op basis
18
In relatie tot het herstelplan 3.0 dient tot en met 2024 structureel € 375.000 bezuinigd te worden oplopend met € 125.000 vanaf 2022.In dit kader zal binnen verharding
IBOR beheerplan 2022-2025
19
fietspaden en trottoirs veilig te houden/ brengen. Voor asfalt hebben we dit tot op heden nog niet gedaan op deze wijze. Dit is wel noodzakelijk als we kijken naar de conditie van ons asfalt en hiermee de wegfundering beter beschermen en kapitaalvernietiging voorkomen. Het tijdig voeren van groot onderhoud asfalt voorkomt dus dat een asfaltreconstructie eerder nodig is dan gepland.
een bijdrage geleverd worden uit het budget van € 150.000 toegekend vanuit de Zomernota 2021 voor het planmatig onderhoud van bermen en asfaltonderzoek. Dit budget is als eerste gelabeld om de taakstelling voor 2022 te halen van euro 125.000. Indien er meevallers in de vorm van minder kosten of meer inkomsten voordoen zal dit de taakstelling op dit budget positief beïnvloeden. Mogelijk kan er hierdoor minder planmatig onderhoud gepleegd worden dan nodig en zullen we selectiever moeten zijn in het uitvoeren van conditiemetingen. Hiernaast heeft het College voorgesteld 10.000 euro te bezuinigen op wegmarkering en belijning. Dit betekent een verschraling van de kwaliteit van belijning en markeringen op de weg.
In de begroting is nu rekening gehouden met een jaarlijkse uitgave van € 600.000 vanuit de voorziening wegen. Op basis van het saldo en de benodigde dotaties is de voorziening meerjarig aangepast op de investeringsbehoefte voor groot onderhoud wegen.
Voorziening Verharding
Meerjarig Investeringsplan wegen
Een belangrijke maatregel binnen de beheerstrategie van wegen is Groot Onderhoud. Hiermee wordt in feite de veiligheid en uitstraling geborgd. De totale vervangingsopgave voor wegen is groot binnen Zuidplas. De recentelijke weginspectie heeft dit voor ons bevestigd. Prioritering in combinatie met Groot Onderhoud (Voorziening wegen) zijn hiermee twee belangrijke instrumenten om keuzes te maken en projecten te faseren in de tijd. Een en ander is toegelicht in de informatienota Z21.002049. Om dit veilig te kunnen doen gebruiken we het herstraatprogramma om met name
Op basis van de nieuwste inzichten verkregen door de weg en rioolinspecties in combinatie met koppelkansen is het IBOR-uitvoeringsprogramma 2022-2025 herijkt. Hierbij zijn er naast nieuwe projecten ook kostenkengetallen aangepast aan de huidige marktsituatie. Met name de asfaltprijzen zijn erg grillig op dit moment. Ook de VAT (Voorbereiding, Administratie en Toezicht) kosten zijn verhoogd van 20 naar 25%. Dit onderwerp had overigens net zo goed onder het kopje prijs/ groeimechanisme kunnen staan omdat de aanvullend benodigde kredieten verschillende oorzaken kent.
IBOR beheerplan 2022-2025
Via de Zomernota 2021 zijn de volgende investeringen opgenomen en verwerkt in de begroting 2022-2025: Investeringen
2022
2023
2024
2025
Aanvullende Investering Verharding
€ 1.835.000
€ 2.726.000
€ -478.000
€ 7.911.000
€ 81.351
€ 202.000
€ 179.000
Kapitaalslasten
Het totaal aan investeringen voor het product wegen ziet er als volgt uit:
20
Investeringen
2022
2023
2024
2025
Investering Totaal
€ 6.248.000
€ 7.086.000
€ 6.877.000
€ 7.911.000
Prijs/ groeimechanisme
In de Zomernota 2020 is areaaluitbreiding opgenomen voor de periode 2020-2024. Er is echter alleen incidenteel budget opgenomen en niet zoals was bedoeld cumulatief. Op basis van de inschattingen voor de areaaloverdrachten tot en met 2025 dient het bijbehorende budget er als volgt uit te zien; Bedragen in Euro
2022
2023
2024
2025
Areaaluitbreiding wegen Exploitatie
€ 55.000
€ 68.000
€ 85.000
€ 100.000
Reeds beschikbaar
€ 55.000
€ 55.000
€ 55.000
€ 55.000
Hierbij zijn de kostenkengetallen en de te verwachten arealen aangepast met de kennis van nu. Tevens is er een correctie gemaakt op basis van de daadwerkelijke areaaluitbreiding zoals is vastgelegd in het beheersysteem vanaf medio 2019 tot en met april 2021. Deze correctie is gemaakt op de budgetten 2021. In de begroting 2022-2025 is alleen areaaluitbreiding opgenomen voor 1 jaar vooruit, dus 2022. Dit in lijn met het financieel beleid.
IBOR beheerplan 2022-2025
Groen en Bomen Arealen in beeld
Groen
Bomen
Participatiegroen 2.010.983 m2 Oeverbeplanting 24.704 m2 Blokhagen 68.372 m2 Lijnhagen 16.402 m1 Grassen 1.499.536 m2 Beplanting 418.371 m2 Wadi 12.780 m1
21.193 st.
Kaders en uitgangspunten De volgende wettelijke kaders zijn van belang voor het beheer van het areaal groen in Zuidplas: Burgerlijk Wetboek: hierin is de zorgplicht van de gemeente met betrekking tot de openbare ruimte formeel vastgelegd. Wet Milieubeheer: hierin is vastgelegd dat eenieder in Nederland voldoende zorg voor het milieu in acht moet nemen. Voor het groenbeheer betekent dit dat de gemeente Zuidplas vanuit haar zorgplicht moet voorkomen dat er
21
nadelige gevolgen optreden als gevolg van het beheer en onderhoud dat zij aan het openbare groen laat uitvoeren. Wet natuurbescherming: Beschermd Nederlandse natuurgebieden en planten- en diersoorten. De wet natuurbescherming vervangt de Flora- en Faunawet, de Boswet en de Natuurbeschermingswet. Juridisch kader ziekten en plagen: het openbare groen wordt geconfronteerd met diverse ziekten en plagen. Voor soorten op de Unie-lijst geldt een uitroeiingsplicht. Zuidplas kent meer exoten die niet op deze lijst staan maar wel beheerst dienen te worden, zoals de eikenprocessierups. Hiernaast zijn de volgende (beleids)documenten van belang als kader voor een toekomstbestendig beheer van bomen en groen in Zuidplas • Beheerplan watergangen en bermen (A17.000691) • Bomenbeleidsplan (A16_001780) • Bomenbeheerplan (A16.001781) • Uitvoeringsplan Dorpsgroen (A17_000015) • Hybride contract 1606, Integraal onderhoud buitenruimte gemeente Zuidplas • Programma Duurzaamheid 2019-2025 • Afwegingskader Programma Duurzaamheid en Klimaatadaptatie 2019-2025
IBOR beheerplan 2022-2025
Behaalde successen in 2020 en 2021 Via de update van het IBOR-beheerplan heeft de Raad jaarlijks € 300.000 beschikbaar gesteld voor groenomvormingen. Een aantal voorbeelden hiervan uitgevoerd in 2020 zijn; het omvormen naar insectvriendelijke beplanting op diverse locaties zoals Zwanendreef, Schieland- en Julianastraat, Watersnip en Weidezoom (Moordrecht), Batavierlaan en Margrietveld/ Eendendaal (Nieuwerkerk aan den IJssel), verouderd groen omgevormd naar kleurrijke beplanting op de locaties De Lepelaar (Moerkapelle) en Eendendaal en Bilzenkruid (Nieuwerkerk aan den IJssel). Een aantal van deze locaties zijn voorzien van insectenhotels. Hiernaast is de speeltuin aan de Lepelaar groen aangekleed. En aan de Europalaan is een plantvak omgevormd naar vaste planten en een gazon omgevormd naar een zaad- en bloemenmengsel. De omgevormde groenvakken zijn voor een groot deel als participatieproject uitgevoerd en worden middels zelfbeheer onderhouden. Het bomenareaal is door structureel onderhoud en inspectie gevitaliseerd en veiliggesteld. Er is inzicht verkregen in het beheren van ziekten/plagen, hierbij te denken aan de eikenprocessierups en Essentaksterfte. Tevens is het waardevolle bomenbestand geactualiseerd.
22
Uitdagingen komende jaren • Uitvoering geven aan maatregelen in relatie tot boomziekten en plagen. • De groei van allerlei exoten zoals de Japanse Duizendknoop zorgen voor een noodzakelijke biologische bestrijding. • De combinatie van klimaatverandering waarbij droogte en natheid elkaar opvolgen heeft effect op onkruidbeheersing zonder gebruik te maken van chemische bestrijdingsmiddelen. Ook de droogte zorgen voor noodzakelijke maatregelen zoals watergeven en omvormen naar plantsoorten die beter bestand zijn tegen klimaatverandering.
IBOR beheerplan 2022-2025
• Vanwege klimaat adaptieve oplossingen willen we graag vergroenen. Als het erop aankomt merken wij in de ontwerpfase tijdens het participatieproces dat men klimaat adaptieve maatregelen belangrijk vindt, echter komt er spanning op de lijn als dit ten koste gaat van een stuk gemak, zoals voldoende parkeerplaatsen op geringe loopafstand. • Het herzien/optimaliseren van het beheerplan bermen en watergangen in combinatie met het in kaart brengen van beschermde flora en fauna. • Het vergroten en verbeteren van het gemeentelijk bomenareaal o.a. op gebied van diversiteit en vergroten van waardevolle bomenbestand. Bij de uitbreiding van het bomenareaal heeft aanplant ter hoogte van hittestress gevoelige gebieden (bedrijfsterreinen, schoolpleinen en grote parkeerplaatsen) de voorkeur. • Het opstellen en aanbesteden van een nieuw integraal groencontract vanaf 2023. Dit proces brengt een aantal onzekerheden met zich mee zoals de gewenste samenwerking, eventuele opstartproblemen, en betrouwbaarheid in het nakomen van contractuele afspraken.
23
Doelen en middelen Nieuwe inzichten voor 2022-2025 Exploitatie groen
In de update Beheerplan 2019-2021 is reeds aangegeven dat vanuit het baggerprogramma en waterprogramma (gefinancierd uit de rioolheffing) de daadwerkelijke uitvoering van het baggeren en zomeronderhoud watergangen wordt bekostigd. Echter het afvoeren van de baggerslib en slootvuil dient op grond van de gemeentewet niet vanuit de rioolheffing (baggerslib gedeeltelijk wel) bekostigd te worden waardoor het product groen hierbij het meest voor de hand ligt. Voor baggerslib hadden we ten tijde van het opstellen van de update nog geen meerjarig inzicht in de kosten. Dat hebben we nu wel met een verdeling wat via het gesloten circuit en wat vanuit de algemene middelen bekostigd dient te worden. Dit betekent dat we vanuit de algemene middelen de benodigde middelen vrij hebben gemaakt. Exploitatie
2022
2023
2024
2025
€ 91.000
€ 45.000
€ 55.000
€ 54.000
IBOR beheerplan 2022-2025
Meerjarig Investeringsplan groen en bomen
Om te komen tot integrale IBOR-projecten is groen volgend op wegen en riolering. Echter gezien de forse vervangingsopgave voor groen (en daar waar mogelijk meer groen voor grijs terugbrengen) in combinatie met de noodzakelijke maatregelen in relatie tot de bomenziekten en plagen zijn de groeninvesteringen verhoogd. We gaan hier bijvoorbeeld op voorhand vanuit dat aanwezige Essen worden gerooid en voor een andere boomsoort vervangen. Investeringen
2022
2023
2024
2025
Aanvullend krediet via Zomernota
€ 831.000
€ 2.215.000
€ 2.289.000
€ 2.490.000
€ 36.841
€ 134.735
€ 235.098
Kapitaalslasten
Het totaal aan beschikbare kredieten voor de periode 20222025 is als volgt verwerkt in de programmabegroting; Investeringen
2022
2023
2024
2025
Investering groen totaal
€ 1.407.000
€ 2.636.000
€ 2.987.000
€ 2.490.000
De door het College van B&W vastgestelde rapportage “Vervangingsopgave bomen gemeente Zuidplas 2021-2030”
24
geeft een gedetailleerde kijk in de opgaven op het gebied van de noodzakelijke vervanging van enkele soorten bomen. Enerzijds doordat wijken opgehoogd worden wat ten koste gaat van de aanwezige bomen. Anderzijds heeft het gemeentelijk bomenbestand te maken met uitval door ziekten zoals kastanjebloedingsziekte, watermerkziekte (wilg) en essentaksterfte. De gemeente Zuidplas telt bijvoorbeeld een essenbestand van circa 3.145 essen, waarin de schimmelziekte essentaksterfte is geconstateerd. Deze ziekte laat zich niet effectief bestrijden en laatste jaren wordt uitval gesignaleerd van aangetaste essen. Aanvullend op de uitval van de essen is uitval van kastanjes en wilgen door bloedings- en watermerkziekte. Om inzicht te verkrijgen in uitval door ziekten is het gemeentelijk bomenbestand geanalyseerd. Deze analyse is gebaseerd op meerjarige gemeentelijke inspectiegegevens gericht op boomziekte en landelijke datagegevens. Om toekomstige uitval te minimaliseren en het gemeentelijke bomenbestand robuuster maken is een meer divers bomenbestand noodzakelijk. Om dit te kunnen doen is inzicht verkregen in de opbouw van het huidige bomenbestand door middel van een soortendiversiteitsanalyse.
IBOR beheerplan 2022-2025
De financiële effecten zijn vertaald via de Zomernota 2021 in de programmabegroting zoals hierboven aangegeven. In de rapportage “Vervangingsopgave bomen gemeente Zuidplas 2021-2030” is een verschil in aantallen bomen te zien in vergelijking met de in het IBOR-beheerplan genoemde 21.193 stuks. Dit heeft te maken met het feit dat in de rapportage wordt uitgegaan van bomen op grondgebied van de gemeente terwijl we in het beheerplan uitgaan van alle bomen in beheer bij de gemeente (waardevolle bomen, bomen op grondgebied derden maar in beheer bij de gemeente).
In de Zomernota 2021 is op voorhand structureel € 158.000 aan jaarlijkse investering opgenomen voor vervangingen die niet geïntegreerd konden worden binnen IBOR-projecten. In relatie tot het herstelplan 3.0 en de reeds genoemde taakstelling IBOR zien wij kansen om op basis van een goede risicoafweging de vervangingsopgave met een aantal procenten ten opzichte van de genoemde investeringsbedragen te reduceren. Hiernaast zal ook de asset groen ingezet worden om invulling te geven aan bezuinigingsprincipe 1 “sober inrichten van de openbare ruimte”. In de wetenschap dat biodiversiteit voor de gemeente belangrijk is, maar ook de recent aangenomen motie “kleurrijke bermen” geeft aan dat een groene en kleurrijke inrichting van de openbare ruimte
25
belangrijk gevonden wordt. Desalniettemin zal een taakstelling om te bezuinigen in de buitenruimte van Zuidplas niet zonder gevolgen zijn, ook voor het groen. In de ontwerpen voor IBOR projecten zal een nieuwe balans gevonden moeten worden tussen sober inrichten aan de ene kant en hierbij zoveel als mogelijk biodiversiteit en uitstraling te integreren. Keuzes maken is hierin onontkoombaar hetgeen leidt tot concessies waarbij op dit moment de beschikbare financiën leidend zijn. Prijs/ groeimechanisme In de Zomernota 2020 is areaaluitbreiding opgenomen voor de periode 2020-2024. Er is echter alleen incidenteel budget opgenomen en niet zoals was bedoeld op cumulatieve basis. Hierbij zijn de kostenkengetallen en de te verwachten arealen aangepast met de kennis van nu. Tevens is er een correctie gemaakt op basis van de daadwerkelijke areaaluitbreiding zoals is vastgelegd in het beheersysteem vanaf medio 2019 tot en met april 2021. Deze correctie is gemaakt op de budgetten 2021. Het huidige groenonderhoudscontract heeft een doorlooptijd tot en met 2023. Contractueel is hierin een indexatie afgesproken. De indexatie voor 2022 en 2023 is nog niet exact bekend. Kijkend naar het gemiddelde over de afgelopen 4 jaar bedraagt deze 1,8%. Als de definitieve indexatie afwijkt ten opzichte van het gemiddelde dan zullen wij dat verwerken in de hiervoor meest
IBOR beheerplan 2022-2025
geschikte P&C-instrument in 2022 en 2023. Op basis van de inschattingen areaaloverdracht tot en met 2025 dient het bijbehorende budget er als volgt uit te zien; In de begroting 2022-2025 is alleen areaaluitbreiding opgenomen voor 1 jaar vooruit, dus 2022. Dit in lijn met het financieel beleid.
26
Exploitatie
2022
2023
2024
2025
Areaaluitbreiding
€ 168.000
€ 222.000
€ 300.000
€ 351.000
Indexatie contract
€ 30.000
€ 31.000
IBOR beheerplan 2022-2025
Civiele Kunstwerken Arealen in beeld Er worden op dit moment 517 civieltechnische kunstwerken beheerd in gemeente Zuidplas. Onderstaand figuur laat de grote verscheidenheid van het areaal zien in aantal en functie.
Kaders en uitgangspunten De civieltechnische kunstwerken worden op een vooraf bepaald en meetbaar kwaliteitsniveau beheerd. Het streven is hierbij het areaal tegen acceptabele kosten minimaal hun theoretische levensduur te laten bereiken. Uitgangspunten
27
daarbij zijn: sober en doelmatig, toepassing van duurzame materialen en het tijdig uitvoeren van periodiek onderhoud/ vervanging bij einde levensduur. Wet -en regelgeving Voor de aanleg en het beheer van civiele kunstwerken is specifieke regelgeving rondom waterbeheer, Flora en Fauna ruimtelijke inpassing van toepassing. Daarnaast zijn de volgende wettelijke kaders van toepassing: 1. Burgerlijk Wetboek: De gemeente heeft een algemene zorgplicht om te zorgen voor een veilige omgeving. Dit is gebaseerd op het Burgerlijk Wetboek. Het Burgerlijk Wetboek regelt de aansprakelijkheid van beheerders van openbare voorzieningen voor schade van burgers. De beheerder is verantwoordelijk voor het uitvoeren van voldoende onderhoud en moet bij geschillen aantonen dat inspectie en onderhoud met optimale zorg (binnen de mogelijkheden die basiskwaliteit B biedt) zijn uitgevoerd. Sinds 1992 is door de invoering van het nieuw burgerlijk wetboek de wettelijke aansprakelijkheid van de beheerder formeel veranderd. Ook wanneer een beheerder zijn zorgverplichting is nagekomen, kan hij toch aansprakelijk zijn voor schades. 2. Wegenwet: Waar kunstwerken onderdeel zijn van wegen is de Wegenwet van toepassing. Ook deze wet geeft aan dat
IBOR beheerplan 2022-2025
de beheerder verplicht is om voorzieningen regelmatig en duurzaam te onderhouden. Daarbij moeten basisgegevens worden geregistreerd. 3. Bouwbesluit: Het Bouwbesluit 2003 onderscheidt per gebruiksfunctie voorschriften voor bestaande bouw. De eisen die worden gesteld voor nieuwbouw liggen op een hoger niveau dan voor bestaande bouw. In het Bouwbesluit worden eisen gesteld aan bouwwerken op het gebied van veiligheid, gezondheid, duurzaamheid en milieubelasting. Relevante aspecten voor het beheer van de kunstwerken zijn eisen met betrekking tot de constructieve veiligheid, hoogte en opbouw van balieleuningen en opbouw van trappen. 4. Regeling Bouwbesluit: Verder is de Regeling Bouwbesluit van toepassing; hierin worden onder andere nadere voorschriften gegeven omtrent de toepassing van normen voor bestaande bouwwerken, de NEN-normen. Belangrijke NEN-normen voor het domein kunstwerken en oevers zijn NEN2767, NEN8701, NEN1010 en NEN3140. Sinds 2020 is de NTA8086 (en binnenkort de NTA8085) in werking getreden. De NTA8086 zorgt voor standaardisering bij de aanleg van beweegbare bruggen door bruggen in modules op te delen.
28
Behaalde successen in 2020 en 2021 Er zijn in 2020/ 2021 grote slagen gemaakt om het totale areaal van civieltechnische kunstwerken en de kwaliteit daarvan in beeld te brengen. Het grootste deel is geïnspecteerd en de inspectiedata geeft input voor dit beheerplan en de meerjarige programmering voor onderhoud en vervanging. De eerste houten fiets- en voetgangersbruggen zijn vervangen. De voorbereiding is opgestart om in 2022 een volgende serie bruggen en grondkeringen te vervangen of te renoveren i.v.m. de noodzaak tot onderhoud of einde levensduur. Om dit zo efficiënt mogelijk te kunnen uitvoeren wordt aan de hand van de waardevolle ervaringen welke opgedaan zijn met de vorige vervangingen een standaardbrug ontwikkeld ten behoeve van de komende vervangingen van houten bruggen zodat de kwaliteit en uitvoering eisen goed geborgd kunnen worden.
IBOR beheerplan 2022-2025
Enkele voorbeelden van de diversiteit aan werkzaamheden: • Project Catgesplein: vervangen damwanden. Voorbereiding is dit jaar opgestart. De uitvoering van de werkzaamheden vinden plaats na de aanbesteding in 2022. • Project Schoolbrug: SO, VO en DO uitgewerkt en bestek opgesteld. Uitvoering 1e helft 2022. • François viaduct: voorbereiding onderhoudswerkzaamheden. is in volle gang op het moment van schrijven. Het onderzoek hiervoor zal in 2021 afgerond zijn met als doel om hier een programma van eisen op te stellen. Na de aanbesteding worden de werkzaamheden in 2022 uitgevoerd. Uitdagingen komende jaren Opgave beheer Het areaal civiele kunstwerken is afgelopen jaren gegroeid en in beeld gebracht. Uit de recente inspectie bleek dat het areaal van 431 objecten naar 517 per oktober 2021 gegroeid is. Vervolgens zullen de beschikbare middelen en capaciteit hierop aan moeten sluiten. De verwachting is dat het areaal komende jaren verder uitgebreid zal worden door diverse ontwikkelingen: ruimte voor water in combinatie met wonen, recreatie en de ontwikkeling van het Middengebied. Hierop
29
zal komende jaren moeten worden geanticipeerd om het beheer ook met de komende ontwikkelingen mee te laten groeien. Uit de inspectie is naar voren gekomen dat er een achterstand is ontstaan in het onderhoud en vervanging van de civieltechnische kunstwerken. Met deze inhaalslag is een begin gemaakt. Dit zal nog een vervolg moeten krijgen om de achterstanden weg te werken. Voor een deel van het areaal is aanvullend onderzoek nodig. Het gaat hierbij om: • Kunstwerken waarvan de draagkracht momenteel onbekend is. Dit levert een risico op met betrekking tot de constructieve veiligheid. Het betreft met name kunstwerken met een stichtingsjaar van voor 1990 die door gemengd verkeer worden gebruikt. Het groeiend aantal verkeersbewegingen en het steeds zwaarder worden van voertuigen geeft urgentie om dit goed in beeld te brengen. Afhankelijk van de uitkomsten van deze onderzoeken zullen waar noodzakelijk aanvullende maatregelen genomen moeten worden. • Kunstwerken waarbij schade is geconstateerd. Onderzocht moet worden of de schade door zetting of belasting is ontstaan, en deze van invloed is op de
IBOR beheerplan 2022-2025
constructieve veiligheid en welke maatregelen er getroffen moeten worden om herstel uit te voeren. Hier zit nog een onzekerheid omdat de uitkomst van deze onderzoeken kan zijn dat er wellicht versneld ingegrepen moet worden of kunstwerken zelfs versneld vervangen moet worden. Deze groot onderhoud of vervangingsinvesteringen zijn afhankelijk van de onderzoeksresultaten en daarom nog niet verwerkt in de begroting. Opgave Beleid/ strategie Het groeiende areaal civieltechnische kunstwerken (CVK) vraagt ook om duidelijke kaders hoe om te gaan met vervangingen en nieuwe aanleg bij ontwikkellocaties zoals de ruimtelijke opgave middengebied. Dit vraagt nog een nadere aanscherping en doordenking op de onderdelen; • Kaders moment van ingrijpen bij vervanging: wanneer wel of niet vervangen van een kunstwerk. Specificeren maatschappelijke waarde als keuzemiddel naast het technische deel (zie stukje maatschappelijke waarde). • Inregelen basisonderhoud: door middel van bestekken en periodieke inspecties/ periodiek uitvoeren van onderhoudsmaatregelen het dagelijkse beheer borgen. • Scherpte aanbrengen in de taak en rolverdeling: tactisch/ strategisch en operationeel en dit ook inregelen vanuit de rollen: beleid, beheer, projecten, toezicht en
30
directievoering. (dit zal gevoed worden uit de opgave uit het beheerplan CVK en de te nemen maatregelen incidenteel en periodiek, maar ook de groei van Zuidplas). • Civieltechnische kunstwerken zorgen als onderdeel van een weg voor het ontsluiten van wijken en dorpen, transporteren water, zorgen voor stabiele kanten of maken het transport over water mogelijk. Het functioneren en de aanwezigheid van een CVK kan (zowel positief als negatief) een grote impact hebben op de directe omgeving. Dit kan zowel functioneel zijn als recreatief of beeldbepalend. Dat geeft ook direct urgentie om het CVK optimaal te laten renderen en scherpte te hebben bij de maatschappelijke waarde van een CVK. Een sturingsinstrument of afwegingskader hiervoor ontbreekt nog en zal ontwikkeld moeten worden. Een van de ruimtelijke opgaves is water als basis voor recreatie. Een visie die in gezamenlijkheid met de provincie en diverse stakeholders verder wordt uitgewerkt. Dit heeft ook tot gevolg dat de beweegbare bruggen intensiever worden gebruikt en de bediening daarvan toeneemt. Een intensiever gebruik zal ook leiden tot hogere slijtage en bediening/ onderhoudskosten. Deze kosten zullen dan ook vertaald moeten worden naar het budget voor de kunstwerken.
IBOR beheerplan 2022-2025
Opgave Duurzaamheid Duurzaamheid is een zeer breed begrip en soms lastig praktisch te maken. Binnen het beheer van de kunstwerken komt duurzaamheid het sterkst naar voren bij vervanging van bestaande objecten. Het vervangen vormt een natuurlijk moment om keuzes te maken die een grote meerjarige impact op duurzaamheid hebben. Dit komt tot uiting in de toe te passen materialen, de aanleg en locatie van de kunstwerken, maar ook de afweging of het kunstwerk wel een op een vervangen moet worden of dat deze kan vervallen. Het areaal civieltechnische kunstwerken bestaat voor het grootste deel uit hout en beton. In den lande zijn dit nog steeds de meest toegepaste materialen als het gaat om kunstwerken. Op de juiste wijze ontworpen, aangelegd en onderhouden zijn dit nog steeds duurzame materialen.
Recreatieve voorzieningen zoals steigers zijn soms niet noodzakelijk (men kan tenslotte ook vanaf de waterkant of oever recreëren), of bruggen kunnen vervangen worden door duikerconstructies. Voorafgaand aan vervanging zal een analyse gemaakt moeten worden of het kunstwerk daadwerkelijk nodig is binnen het gebied of dat er een andere keuze gemaakt kan worden en het kunstwerk kan komen te vervallen. Deze opgave staat soms haaks op het maatschappelijk belang van kunstwerken. Merkbaar is dat de openbare ruimte steeds intensiever wordt gebruikt. Een voorbeeld hiervan is het recreëren op en om het water. Dit heeft afgelopen jaren een grote groei laten zien, o.a. versterkt door de corona maatregelen. Als gevolg van het intensievere gebruik komen aanvragen binnen om het areaal uit te breiden met aanlegplaatsen steigers e.d. en dat de bestaande voorzieningen intensiever gebruikt worden. Doelen en middelen Nieuwe inzichten voor 2022-2025 De civiele kunstwerken vertegenwoordigen een grote financiële waarde als kapitaalgoederen. Dit brengt ook risico’s met zich mee. Bij het niet tijdig uitvoeren van
31
IBOR beheerplan 2022-2025
onderhoud ontstaat achterstand wat weer leidt tot snellere slijtage/ degradatie van het kunstwerk. Dit veroorzaakt vervolgens weer hogere onderhoudskosten of het sneller moeten vervangen van een kunstwerk door einde levensduur dan vooraf bepaald. Door tijdig in te grijpen/ het uitvoeren van onderhoudsmaatregelen of tijdige vervanging wordt kapitaalvernietiging voorkomen. De groei van het areaal kunstwerken brengt structureel hogere beheerkosten met zich mee. Dit geldt voor de exploitatie, maar ook voor het groot onderhoud en de vervangingen/ investeringen. Afgelopen jaren zijn deze uitbreidingen van het areaal niet opgenomen in de begroting. Gevolg hiervan is dat de beschikbare budgetten al langere tijd niet meer toereikend zijn om het huidige areaal in stand te houden en er ingegrepen moet worden om het areaal weer op orde te brengen. In de Zomernota 2020 is incidenteel budget opgenomen om de beheerdata op orde te krijgen en een eerste slag te maken om achterstanden weg te werken. Op basis van het beheerplan en de op dit moment bekende data dienen de bijbehorende budgetten (zonder correctie inflatie en areaal uitbreiding) er als volgt uit te zien;
32
Benodigd budget voor het dagelijkse onderhoud/ exploitatie: Exploitatie
2022
2023
2024
2025
Benodigd obv beheerplan Civiele Kunstwerken
€ 224.000
€ 224.000
€ 224.000
€ 224.000
Aanvulling tov bestaand exploitatiebudget (te verwerken in Zomernota 2022)
€ 43.158
€ 43.158
€ 43.158
€ 43.158
Ten opzichte van de laatste correctie op dagelijks en planmatig onderhoudsbudget in 2016 is het areaal met 25% toegenomen. Dit is als zodanig verwerkt in de benodigde onderhoudskosten 2022-2025. Benodigd budget voor het uitvoeren van groot onderhoud om zo de levensduur van het kunstwerk te maximaliseren: Voorziening
2022
2023
2024
2025
Gr. onderhoud
€ 798.000
€ 281.000
€ 250.000
€ 475.000
Aanvullende storting benodigd (te verwerken in Zomernota 2022)
€ 268.185
€ 227.000
€ 137.900
€ 362.900
Ook voor de voorziening geldt een relatie met de areaaluitbreiding vanaf 2016 in combinatie met een achterstand in groot onderhoud en vervanging hetgeen zich financieel terug laat zien in 2022.
IBOR beheerplan 2022-2025
Benodigd budget voor het vervangen van een deel van het areaal i.v.m. einde levensduur. Investering
2022
2023
2024
2025
Vervangingen
€ 2.004.000
€ 717.000
€ 487.000
€ 383.000
Beschikbaar
€ 115.000
€ 410.000
€ 133.200
€0
Aanvullend benodigde Investeringen
€ 1.889.000
€ 307.000
€ 353.800
€ 383.000
€ 91.618
€ 105.730
€ 121.985
Extra kapitaalslasten (te verwerken in Zomernota 2022)
Gemiddeld zien de benodigde budgetten verdeeld over exploitatie, groot onderhoud en vervanging er als volgt uit: € 457.187 per jaar groot onderhoud € 223.832 per jaar exploitatie € 596.165 per jaar vervangen
Binnen de asset civiele kunstwerken is de eerste prioriteit om de functionaliteit en veiligheid te garanderen. Qua dagelijks onderhoud inspecteren we de kunstwerken in combinatie met klein onderhoud, verven en schoonmaken. De mogelijkheid tot kostenbesparing in relatie tot herstelplan 3.0 zien wij vanuit bezuinigingsprincipe 1, namelijk
33
versoberen van de openbare ruimte. We gaan kritisch kijken naar de noodzaak van bijvoorbeeld houten bruggen. Wat is het effect om bijvoorbeeld een houten brug die op de nominatie staat om te vervangen niet meer terug te brengen? Soms levert dit aantoonbare mobiliteitsvraagstukken en gaan we ‘gewoon’ 1 op 1 vervangen. Maar het kan ook zo zijn dat het meer om gemak en comfort gaat. Dan is het een overweging om ervoor te kiezen een houten brug niet terug te vervangen.
IBOR beheerplan 2022-2025
Sport en Spelen Arealen in beeld
Sport en spelen Speeltoestellen 660 st. Speelondergronden 25.172 m2
Kaders en uitgangspunten De volgende wettelijke kaders en beleidsuitgangspunten zijn van belang voor het beheer van het domein spelen in Zuidplas: Warenbesluit attractie en speeltoestellen Speel- en attractietoestellen moeten voldoen aan de veiligheidseisen van het Warenwetbesluit attractie- en speeltoestellen (WAS). Er mogen alleen speel- en attractietoestellen in de openbare ruimte staan die een certificaat van goedkeuring hebben. Het toestel dient jaarlijks gekeurd te worden door een aangewezen keuringsinstelling.