GEWIJZIGD Bijlage 2 - Ontwikkelvisie Entree
Tekst van het document
Ontwikkelvisie juli 2025
1
COLOFON
Gemeente Zoetermeer Postbus 15 2700 AA Zoetermeer tel: 14079 e-mail: antwoord@zoetermeer.nl Projectbureau Entree Boerhaavelaan 33 2713 HA Zoetermeer entree@zoetermeer.nl
DISCLAIMER Aan de teksten en afbeelden is veel zorg besteed. Toch kan het zo zijn dat informatie onvolledig of niet helemaal correct is weergegeven. Aan de informatie in in deze Ontwikkelvisie kunnen geen rechten worden ontleend. In de Ontwikkelvisie wordt gebruikt gemaakt van schema’s, kaarten en referentiebeelden. Aangezien het nagestreefde beeld, uiteraard, nog niet bestaat, maken we gebruik van deze middelen. Referentiebeelden dienen als inspiratie en hebben vooral betrekking op en verduidelijken het behandelde thema of aspect.
2
ONTWIKKELVISIE ENTREE
Ontwikkelvisie | juli 2025
3
VOORWOORD ‘In 2040 is het Entreegebied een toonaangevend voorbeeld van de combinatie van wonen en werken in hogere dichtheden in een groene omgeving’. Deze zin schreven we in de Toekomstvisie Zoetermeer 2040. Dat doet me ergens aan denken. De duidelijke plannen die zestig jaar geleden op de tekentafel lagen hebben geleid tot het Zoetermeer zoals we dat vandaag kennen. Een fijne plek om te wonen, werken of ontspannen. En dat willen we graag zo houden. Tussen de wijken Meerzicht en Driemanspolder ligt het gebied Entree. Een gebied langs de Afrikaweg dat we graag een nieuwe kans willen geven door er huizen en voorzieningen te bouwen die de inwoners van deze tijd nodig hebben. Dit doen we met moderne ideeën, zonder onze oorspronkelijke visie te vergeten.
In Entree is ruimte om de woningnood een beetje te helpen oplossen. Het gebied ligt op een goede plek. Dicht bij het station en dicht bij het stadscentrum. Hier komen ongeveer 7.000 nieuwe woningen met voorzieningen. Dit is een nieuwe stap voor Zoetermeer. Het laat zien dat onze stad openstaat voor verandering. Er komen gebouwen met een hoge dichtheid en dat is nieuw voor Zoetermeer. In deze Ontwikkelvisie staat precies wat nodig is om de hoge verwachtingen ook waar te maken. Daarom biedt deze Ontwikkelvisie een uitgekiend stelsel van handreikingen en richtlijnen voor ontwerpers en ontwikkelende partijen die de realisatie van bouwplannen op zich nemen. Dat gaat over de kwaliteit die nodig is om Zoetermeerders te garanderen dat de hooggestemde verwachtingen die zijn gewekt ook worden waargemaakt. Zo wordt Entree een prachtige nieuwe wijk waar Zoetermeer trots op kan zijn.
Rustige woonwijken willen we natuurlijk rustig houden en aan Entree voegen we graag een wat moderne stedelijke sfeer toe.
Jan Iedema Wethouder Entree
Team Ontwikkelvisie Entree
4
ONTWIKKELVISIE ENTREE
LEESWIJZER ONTWIKKELVISIE ENTREE Deze Ontwikkelvisie is opgebouwd uit een aantal inleidende en thematische hoofdstukken rondom de kern van de visie: de stedenbouwkundige en programmatische uitgangspunten. Elk hoofdstuk heeft weer een beknopte inleiding waarin het onderwerp van het hoofdstuk even in het kader van het grotere geheel wordt geplaatst, zodat de specialisten die zich vooral in een of enkele thema’s verdiepen dat grotere geheel niet uit het oog kunnen verliezen. In de verschillende hoofdstukken worden per onderwerp de doelen en essenties van het plan beschreven. Deze worden gevolgd door een uitwerking in middelen en ontwerpprincipes. In de hoofdstukken 1 en 2 wordt de ruimtelijke, historische en bestuurlijke context beschreven: Wat wil de gemeente Zoetermeer precies bereiken met het plan Entree? Welke gemeentelijke plannen en besluiten van B&W en gemeenteraad gingen aan de Ontwikkelvisie vooraf, welke andere plandocumenten zijn aan de Ontwikkelvisie gekoppeld en hoe past het Entreegebied in de ontwikkeling van de stad Zoetermeer? Hoofdstuk 3 benoemt de essenties van het plan, gebaseerd op de doelstellingen die in de hoofdstukken 1 en 2 zijn ingeleid. Hier begint de vertaling van eerder nog abstract geformuleerde uitgangspunten, ideeën, ambities en algemene plandoelen naar concrete ruimtelijke uitwerkingen. Dit is de feitelijke stedenbouwkundige visie.
Hier wordt in tekening en tekst bepaald waar en hoe er gebouwd kan gaan worden zodat er een goede wijk tot stand komt. In hoofdstuk 4 worden de planessenties en de principes van het stedelijk bouwblok verder uitgelegd. Hierin staat hoe partijen die het plan verder gaan ontwikkelen, met name grondeigenaren die bouwplannen gaan realiseren, zo kunnen ontwerpen en bouwen dat aan de bedoelingen van Entree wordt voldaan. De tekeningen en regels zijn bewust op een bepaald abstractieniveau omdat de termijn waarbinnen Entree wordt gerealiseerd lang is en ook om de ontwikkelende partijen flexibiliteit en ruimte te geven bij de uitwerking van hun bouwplannen. Anderzijds biedt het hoofdstuk de duidelijkheid die nodig is om tot een samenhangend eindbeeld te komen. Strikte regels waar het moet, ontwerpvrijheid waar het kan. Zoetermeer staat een grote transitie te wachten naar duurzame mobiliteit en Entree is daarin een pionier. Daarom heeft mobiliteit een prominente plaats in de Ontwikkelvisie: hoofdstuk 5. Mobiliteit wil zeggen dat mensen (en goederen) zich in en door het gebied kunnen verplaatsen en hun bestemming kunnen bereiken. Het in goede banen leiden van de mobiliteit speelt zich af in de openbare ruimte.
Direct gekoppeld aan de regels voor het bouwen van de stedelijke blokken en die voor duurzame mobiliteit zijn de principes waarmee de openbare ruimte wordt ingericht, die te vinden zijn in hoofdstuk 6. De openbare ruimte in het gebied zal grote veranderingen ondergaan om het plan Entree te accommoderen. Het is van groot belang dat straks de ontwerpen van de gebouwen en van de buitenruimte perfect op elkaar zijn afgestemd. Dus deze hoofdstukken zijn in nauwe samenhang met elkaar ontwikkeld. Hoofdstuk 7 gaat over het programma. Het doel van Entree is enerzijds het huisvesten van mensen en alles wat zij in hun leefomgeving nodig hebben en anderzijds het creëren van nieuwe werkgelegenheid binnen deze leefomgeving. De gebouwen worden voor dat doel gebouwd en de buitenruimte wordt voor dat doel ingericht. Het programma is omvangrijk, de ruimtebehoefte is groot omdat Zoetermeer veel mensen en voorzieningen goed wil kunnen huisvesten. De hoge bebouwingsdichtheid die wordt nagestreefd, brengt met zich mee dat het programma uiterst nauwkeurig over de beschikbare ruimte moet worden verdeeld. Maar bovenal heeft die hoge dichtheid als voordeel dat een aangename, levendige en gevarieerde stadswijk zal ontstaan. Dat die nieuwe stadswijk voldoet aan de wensen van nu, maar ook een tijd meegaat komt aan de orde in hoofdstuk 8 waarin de aspecten van duurzaamheid worden benoemd.
Het plan zal voldoen aan de gemeentelijke eisen en ambities inzake duurzaam bouwen, schone energie, duurzame mobiliteit, biodiversiteit, klimaatadaptatie en inclusiviteit. Om tijdens het proces van plannen maken, ontwerpen en bouwen steeds te kunnen peilen of alle partijen de ambities van het plan volgen en de beoogde kwaliteit zullen leveren wordt in hoofdstuk 9 de kwaliteitsborging beschreven. De Ontwikkelvisie stelt kaders en is dus geen uitgewerkt plan. Alle belangrijke aspecten (mobiliteit, duurzaamheid, architectuur, etc.) worden behandeld in relatie tot de bedoeling van de visie. Ook voor de deelaspecten geldt dat de Ontwikkelvisie kaders biedt maar geen uitgewerkte plannen. Wat de Ontwikkelvisie wel bepaalt, is: 1) waar wel en niet gebouwd wordt, 2) de omvang/afmetingen van gebouwen, 3) de functie (programma) van gebouwen, en 4) het gebruik van de openbare ruimte en de eisen die daarmee aan de inrichting gesteld worden (inclusief maatvoering). Vervolgens is hoe de openbare ruimte en de ontwerpen eruit komen te zien uitwerking, dat wordt beschreven in onder meer in het Beeldkwaliteitplan en het ontwerp voor de inrichting van de openbare ruimte.
5
INHOUDSOPGAVE 1 INLEIDING 1.1 Positionering van Entree 1.2 Doel van de Ontwikkelvisie 1.3 Ambities Entree 1.4 Wanneer is Entree geslaagd? 1.5 fasering
11 11 11 11 13 13
2 DE POSITIE VAN ENTREE IN DE STAD 2.1 Plangrens 2.2 Entree Midden en Entreepoort 2.3 Samenhang met (toekomstige) ontwikkelingen 2.4 DNA: ‘Zoetermeer, ontwikkeling door experiment’ 2.5 Van Masterplan tot uitwerkingsprincipes 2.6 Ambities vanuit het Masterplan 2.7 Doelstellingen Entree
15 15 15 15 17 19 19 19
3 DE ESSENTIES VAN HET PLAN 3.1 Inleiding 3.2 Toelichting op de zeven essenties
23 23 23
4 PRINCIPES VOOR HET STEDELIJK BLOK 4.1 Inleiding 4.2 Het stedenbouwkundig concept uitgewerkt in een spelregelkaart 4.4 Principes voor Entreepoort
31 31 31 53
5 DUURZAME MOBILITEIT 5.1 Inleiding 5.2 Voetgangers 5.3 Fiets 5.4 Openbaar Vervoer 5.5 Deelauto’s, Mobility Hubs, Mobility as a Service (MaaS) 5.6 Auto 5.7 Parkeren 5.8 Logistiek
57 57 59 59 61 61 63 63 65
6
ONTWIKKELVISIE ENTREE
6 GEZONDE EN LEVENDIGE BUITENRUIMTE 6.1 Inleiding 6.2 Verbonden wijk 6.3 Onderdelen van de openbare ruimte 6.4 De wegen in Entree 6.5 Specifieke plekken 6.6 Tijdelijke openbare ruimte
67 67 67 71 77 85 89
7 LEVENDIGE, GEMENGDE STADSWIJK 7.1 Inleiding 7.2 Relatie met andere programma’s 7.3 Focus op doelgroepen 7.4 Het totale programma 7.5 Wonen 7.6 Niet-wonen 7.7 Arbeidsplaatsen 7.8 Plintprogrammering
91 91 91 93 93 93 97 101 101
8 INTRINSIEK DUURZAME WIJK 8.1 Inleiding 8.2. Klimaatadaptatie 8.3 Duurzame mobiliteit 8.4 Biodiversiteit, ecologie en natuurinclusief bouwen 8.5 Energie 8.6 Circulair bouwen 8.7 Gezonde leefomgeving
103 103 103 107 107 109 109 111
9 KWALITEIT VAN INSPIRATIE TOT REALISATIE 9.1 Inleiding 9.2 Kwaliteitsborging 9.3 Beeldkwaliteit in een beeldkwaliteitsplan 9.4 Fasering
115 115 115 117 117
7
Ric
htin
gD
en
Ha
ag
t
oe
Z ion
r
ee
m er
at
St
Ric 8
ONTWIKKELVISIE ENTREE
htin
gU
tre
c ht
Vogelvlucht van Entree, kijkend in noordwestelijke richting. De ruimtelijke opzet van de blokken betreft een voorbeelduitwerking op basis van de stedenbouwkundige principes van de Ontwikkelvisie. De uiteindelijke uitwerking van de verschillende blokken wordt de verschillende eigenaren in samenwerking met de gemeente verder uitgewerkt en kan afwijken van het getoonde beeld. 9
Luchtfoto van september 2024 kijkend in noordelijke richting met op de voorgrond het Poortgebouw en de Nelson Mandelabrug over de A12
Illustratieve verbeelding op ooghoogte van de Bredewater, kijkend in zuidelijke richting 10
ONTWIKKELVISIE ENTREE
1 INLEIDING 1.1 POSITIONERING VAN ENTREE Zoetermeer groeit en werkt zelfbewust aan een schaalsprong van groeikern naar volwassen stad. Deze nieuwe positionering en de invulling die daarvoor nodig is, komen samen in Entree: een gebied met verouderde kantoren dat wordt getransformeerd naar een levendige stadswijk. Entree is in noord-zuid richting gelegen tussen de binnenstad en station Zoetermeer en in oost-west richting tussen de woonwijken Driemanspolder en Meerzicht. Door Entree loopt de Afrikaweg, die Zoetermeer ontsluit vanaf de A12. Entree is nu een monofunctioneel gebied. Gedateerde kantoorpanden, die deels leegstaan en deels tijdelijk in gebruik zijn genomen, braakliggende (parkeer-) terreinen en een grote anonieme openbare ruimte bepalen samen het beeld. Zij vormen nu nog een onaantrekkelijk niemandsland dat een barrière vormt tussen de omringende wijken en een kwalitatief volwaardige verbinding tussen het station en het stadscentrum in de weg staat. 1.2 DOEL VAN DE ONTWIKKELVISIE De Ontwikkelvisie Entree is een kaderstellend document voor de uitwerking van de gebiedsontwikkeling Entree. Het is bedoeld om Zoetermeerders, belanghebbenden en grondeigenaren te informeren en te inspireren om tot de bijzondere uitwerking en realisatie te komen die het gebied verdient.
Het is een concrete vertaalslag van de ambities van het Masterplan Entree (2019) en een verdere actualisatie en verrijking van het eerder vastgestelde Structuurontwerp Openbare Ruimte (“SOR”) Entree (2021) en het Planuitwerkingskader (“PUK”) Entree (2021). Een handreiking die de basis legt voor samenwerking aan een mooi plan. Een kader maar geen keurslijf; een stelsel van heldere afspraken dat zorgt voor de samenhang en goede verankering in de omgeving waardoor mogelijkheden en kansen ontstaan om binnen dat kader de variatie te bieden die een fijne stedelijke omgeving kenmerkt. Van ontwerpende en bouwende partijen wordt verwacht dat ze die uitdaging aangaan. De Ontwikkelvisie Entree past vanzelfsprekend binnen de gebiedsoverstijgende programma’s zoals Zoetermeer 2040, Woningbouw als aanjager en is afgestemd op de omliggende gebiedsprogramma’s Binnenstad en Meerzicht. De Ontwikkelvisie doet uitspraken van het schaalniveau van de wijk tot het schaalniveau van het stedelijk bouwblok, met de openbare ruimte als het bindende element. De uitwerking van het blokniveau tot op het schaalniveau van het gebouw is opgenomen in het Beeldkwaliteitsplan Entree. Het Beeldkwaliteitsplan vormt samen met de Ontwikkelvisie het sturings- en toetsingskader voor de ambities in Entree.
De Ontwikkelvisie is onderdeel van het Omgevingsprogramma Entree. Dit Omgevingsprogramma Entree is een instrument van de Omgevingswet, die sinds januari 2024 van kracht is. Het Omgevingsprogramma omvat onder meer de Ontwikkelvisie de hoofdprincipes onder hete schetsontwerp openbare ruimt, een Beeldkwaliteitsplan, een uitvoeringsstrategie en een uitwerking in beleidsregels. Bij de uitvoering is het Omgevingsprogramma het kader waaraan de ontwikkelingen voor Entree via Bopa’s (de afkorting voor buitenplanse omgevingsactiviteit) getoetst wordt. 1.3 AMBITIES ENTREE Zoetermeer heeft de ambitie om met Entree een levendige stadswijk te maken. Een levendige stadswijk waar gezondheid, duurzame mobiliteit en toekomstbestendigheid belangrijke waarden zijn. Dit kan alleen worden bereikt met een gebiedsgerichte integrale aanpak. Het vertrekpunt van deze gebiedsgerichte aanpak is het formuleren van de identiteit en de eigenheid van het gebied. In het Masterplan zijn vijf eigenschappen die de identiteit van Entree bepalen, benoemd: Uitnodigend, Actief, Verbindend, Vernieuwend en Gezond. Deze begrippen worden in hoofdstuk 2 verder beschreven. Programmatisch levert Entree een belangrijke bijdrage aan het terugdringen van het tekort aan woningen in Zoetermeer en de regio. Het totale programma voor Entree zal tussen de 6.250 en 7.250 nieuwe woningen bedragen.
Een ontwikkeling in hoogstedelijk gebied voor verschillende doelgroepen, met stedelijke voorzieningen die een groter gebied bedienen en op de doelgroepen toegesneden dagelijkse voorzieningen. De beoogde functiemix zorgt voor de nodige dynamiek maar maakt de ruimtelijke organisatie en het ontwerp uitdagend. De ruimtelijke opzet van Entree betekent in zekere zin een ommekeer van de huidige situatie, waarbij de stadsstraat als ontwerpprincipe wordt ingezet om adressen te maken aan de straat, om in Entree thuis te komen en daarmee in Zoetermeer thuis te komen. Daarmee wordt de huidige barrièrewerking van de Afrikaweg geslecht en zullen er verbindingen ontstaan tussen de verschillende delen van Entree en tussen de omliggende wijken. De ommekeer maakt van de Afrikaweg een stadsstraat met een aangename stedelijke openbare ruimte die niet primair bedoeld is voor doorgaand verkeer maar in eerste instantie voor verblijf en voor langzaam verkeer, wat hoort bij het maken van adressen aan de straat. Gebouwen staan aan de straat, in de rooilijn, met hun ‘gezicht’ naar de straat. Het concept van de stadsstraat is ambitieus en uitdagend en daarmee ook kwetsbaar. De Ontwikkelvisie bevat daarom een stelsel van goede randvoorwaarden om de stadsstraat tot een succes te maken.
11
oost 8
west 8 oost 7
oost 6
west 7.2 oost 5 west 7.1
oost 4.2 west 6
oost 4.1
west 5
oost 3 west 4
west 3
oost 2
west 2
hotel oort
oor Entreep 1
t
oort Entreep 2a
oort Entreep 2b
Entreep 2c
oort Entreep 3
oost 1
west 1
Plankaart van Entree met hierin het inrichtingsplan van de openbare ruimte dat in H6 nader wordt toegelicht. Op de kavels is ter indicatie een voorbeelduitwerking van de blokken zichtbaar op basis van de stedenbouwkundige principes van H4. 12
ONTWIKKELVISIE ENTREE
1.4 WANNEER IS ENTREE GESLAAGD? Het stellen van hoge ambities is één ding, het waarmaken van deze ambities is een andere opgave. In het Masterplan zijn ”eigenschappen” geformuleerd. De Ontwikkelvisie zet een grote stap in de richting van het concreet maken van deze eigenschappen en bijbehorende ambities. De realiteit na oplevering zal bepalen of deze behaald zijn. Entree wordt niet in één keer gebouwd. Voordat Entree ‘klaar’ is en als er teruggekeken wordt op Entree om te oordelen zijn we wel 10 tot 15 jaar verder. In de tussentijd zien we Entree groeien, kunnen we tussentijds evalueren en waar nodig bijsturen. De Ontwikkelvisie is geen statisch verhaal. Op voorhand is er wel een aantal cruciale succesfactoren te benoemen: • Als Entree een stevige positieve bijdrage levert aan Zoetermeer als geheel en een aantrekkende functie heeft voor mensen uit zowel Zoetermeer als uit de regio. • Als er zo’n 12.000 Zoetermeerders huisvesting (of: een nieuwe woning) hebben gevonden. • Als het gebied is getransformeerd naar een levendige en betekenisvolle stadswijk waarbij er door goede dwarsverbindingen de oost- en westzijde goed met elkaar zijn verbonden. • Als de Stadsstraat in Entree een levendig karakter heeft en de binnenstad en het station op een goede manier verbindt.
• Als Entree een bijdrage levert aan het vergroten van het aantal arbeidsplaaten en de economische aantrekkelijkheid van het gebied en ook aan de stad als geheel.
1.5 FASERING Verschillende onderdelen en deelgebieden hebben hun eigen planning binnen het grotere geheel. Op sommige kavels kan min of meer direct gebouwd worden als het ontwerp klaar is en het plan vergund, op andere kavels is dat complexer, bijvoorbeeld omdat er eerst gesloopt moet worden. Dat betekent dat Entree gefaseerd tot stand zal komen, zodat de ± 7.000 nieuwe woningen verspreid over een aantal jaren op de markt zullen komen. In welke volgorde de verschillende kavels zullen worden bebouwd is niet van tevoren precies te zeggen. De doorlooptijd van het geheel wordt geschat op 10 tot 15 jaar. In deze periode zullen er steeds meer mensen komen te wonen (en werken). Daarom wordt ervoor gezorgd dat ook binnen die periode de wijk leefbaar is, onder andere door de openbare ruimte goed bruikbaar te maken, indien nodig met tijdelijke voorzieningen. Ook de (commerciële) plint en de ontsluiting moet vanaf het eerste blok functioneren. De strategie waarmee de fasering in goede banen wordt geleid is onderdeel van de uitwerking van deze Ontwikkelvisie. Ook is het belangrijk dat na een lange aanloop van ambities formuleren, plannen maken en ontwerpen, er iets zichtbaar wordt in de werkelijkheid. Daarom is de recente start van het transformatieproject Terra Nova een belangrijke mijlpaal voor Entree, die spoedig zal worden gevolgd door nieuwbouw aan weerszijden van de Afrikaweg.
+
Principes stedelijk blok (H4)
Het programma per kavel (H7)
De architectonische uitwerking (in overeenstemming met Beeldkwalieitsplan)
Kwaliteitsborging en samenhang met de Ontwikkelvisie en Beeldkwaliteitsplan: de principes volgens het stedelijk blok (h4) en programma per kavel (H7) bieden de kaders om te komen tot een architectonische uitwerking per kavels, daarbij rekening dient te worden gehouden met het Beeldkwaliteitsplan (BKP)
13
Entree ligt gepositioneerd tussen de wijken Meerzicht in het westen, Driemanspolder in het oosten, Rokkeveen in het zuiden en de Binnenstad in het noorden. Het plangebied bestaat uit Entree-Midden en Entreepoort. 14
ONTWIKKELVISIE ENTREE
2 DE POSITIE VAN ENTREE IN DE STAD 2.1 PLANGRENS Het plangebied Entree is gelegen tussen Station Zoetermeer, de Voorweg en de binnenstad van Zoetermeer en randen van de wijken Meerzicht en Driemanspolder. In het gebied fungeert de infrastructuur momenteel als ruimtelijk ordenend principe: respectievelijk Boerhaavelaan en Bredewater vormen de harde grenzen tussen Driemanspolder, Meerzicht en de kantorenwijk langs de Afrikaweg. De Afrikaweg splijt het gebied en de kantorenwijk in tweeën doordat hij letterlijk boven het maaiveld ligt. De weg vormt hierdoor een sterke barrière die slechts op drie plaatsen voor de voetganger en fietser gekruist kan worden via tunnels. Entree is een belangrijke schakel voor de stad Zoetermeer: als nieuwe toegangspoort tussen snelweg en station enerzijds en de binnenstad anderzijds. Een kwalitatieve verbinding ontbreekt op dit moment, zeker voor de voetganger en fietser is de route erg gefragmenteerd. Ook op de schaal van het omringende landschap is Entree een onmisbare schakel in het versterken en verbinden van de groenstructuren en langzaam verkeersroutes. Essentieel is dus dat Entree goed verankerd is in de omgeving. Entree wordt immers de entree van Zoetermeer, ook voor velen die niet in het gebied zelf hun bestemming hebben. Het station en het stationsgebied vormen een organisch geheel met Entree.
Het station biedt samen met de Afrikaweg de verbinding over de sporen en de A12 met de zuidelijk gelegen wijk Rokkeveen. Het stationsplein als nieuwe ontvangstruimte van de stad zal op vanzelfsprekende en aantrekkelijke wijze het station aan de stadsstraat Afrikaweg verbinden, die de hoofdas van het Entreegebied wordt. Het gebied rondom het station, Entreepoort, vormt de eerste kennismaking met Entree vanaf het station en vanaf de snelweg. De noordelijke aansluiting op Centrum-West is iets anders gedefinieerd: Centrum-West is onderdeel van de binnenstad van Zoetermeer en daarmee onderdeel van het gebiedsprogramma Binnenstad (in het Masterplan Entree wordt het nog als deelgebied van Entree benoemd). De kruising met de Voorweg (één van de oude bebouwingslinten) en de RandstadRail is een duidelijke overgang in de vorm van een brug tussen beide gebieden. Centrum- West is gelegen op een zeer goede zichtbare en bereikbare plek. De RandstadRail-halte en het busstation maken het tot een belangrijk begin- en eindpunt voor bezoekers van de binnenstad. Het ligt op het scharnierpunt van de Entree en Binnenstad. Het wordt door beide ontwikkelingen beïnvloed zowel in ruimte als programma. Aan west- en oostzijde zal Entree aansluiten op de woonwijken Meerzicht en Driemanspolder.
De noord-zuid richting van de infrastructuur wordt hier minder dominant ten gunste van groene zones en langzaam verkeersroutes die juist verbinding in oost-west richting bewerkstelligen. Ook hier zal dus geen sprake zijn van een grenslijn maar van een zone die gebieden verbindt. Dat betekent aan
beide zijden ook een interessante ontwerpopgave, omdat wezenlijke karakteristieken van de bestaande wijken anders zullen zijn dan die van Entree en er dus wel degelijk verschillende ‘werelden’ herkenbaar zullen zijn, die op overtuigende manier in de openbare ruimte aan elkaar gekoppeld worden of in elkaar overlopen. Plangrenzen zijn gehanteerd om het werk overzichtelijk te maken, maar uiteindelijk zullen dergelijke plangrenzen in de werkelijkheid niet ervaren worden. 2.2 ENTREE MIDDEN EN ENTREEPOORT De gebiedsontwikkeling Entree is verdeeld in twee deelgebieden, Entree Midden en Entreepoort, die elk hun eigen ontwikkeltraject hebben, met ook elk hun eigen tijdpad. Entreepoort vormt een apart onderdeel van Entree met een andere opzet en schaal dan de stedelijke blokken aan de stadsstraat in Entree Midden. Tegelijkertijd is er sprake van een belangrijke ruimtelijke samenhang. De integraliteit dient daarom in alle plandocumenten goed bewaakt te worden, en deelontwerpen zo goed op elkaar afgestemd dat de knip in het tijdpad van de ontwikkelingen straks onzichtbaar is. 2.3 SAMENHANG MET (TOEKOMSTIGE) ONTWIKKELINGEN Naast Entree ontwikkelt heel Zoetermeer zich op verschillende schaalniveaus. Dit wordt aangestuurd door middel van (gebieds-) programma’s.
Op regionaal en stedelijk schaalniveau wordt er gewerkt aan de vertaling van het ‘Programma Zoetermeer 2040’ in de vorm van een ruimtelijk strategische agenda (RSZ 2040) en voor Binnenstad en Meerzicht zijn er gebiedsprogramma’s opgestart. Tevens biedt het Programma Woningbouw als Aanjager een belangrijke bouwsteen voor Entree. Naast de (gebieds-)programma’s is de ontwikkeling van het station Zoetermeer van groot belang voor het slagen van Entree. De aanwezigheid van het trein- en sneltramstation en de plannen voor een upgrade naar OV-knoop is immers mede de aanleiding om in dit gebied in hoge dichtheid te bouwen en daarbij in te zetten op duurzame mobiliteit (zie hoofdstuk 5). Ruimtelijk Strategische agenda Zoetermeer 2040 Entree raakt een aantal gebiedsoverstijgende thema’s aan, zoals het gekozen verdichtingsmodel, de introductie van de stadsstraat, mobiliteit, gezondheid & actieve leefstijl, programmering en bouwhoogte. De keuzes die voor Entree worden gemaakt sluiten aan bij de thema’s en keuzes van het Programma Zoetermeer 2040. Om de planvorming van Entree doorgang te geven zal er rekening worden gehouden met een periode van transitie van het ene beleid in het andere. Dit houdt in dat er ontworpen wordt binnen de huidige realiteit, maar dat wenselijke toekomstige ontwikkelingen in de planvorming worden gefaciliteerd.
Dit vraagt toekomstgerichte keuzes binnen de ontwikkelingen aan zowel de marktzijde als aan de zijde van de gemeente. 15
Visie Zoetermeer 2040 Meer voor Meerzicht 2035
Visie Binnenstad 2040
Ontwikkelperspectief Oktober 2024
Samen wonen, samen leven
Masterplan
Meer voor Meerzicht | Ontwikkelperspectief
Ontwikkelperspectief Meerzicht
Gebiedsontwikkelingsplan
Beeldkwaliteitsplan
Structuurontwerp Openbare Ruimte Gebiedsprogramma Meerzicht Planuitwerkingskader Inspiratieboek
Beleidsprogramma Woningbouw Als Aanjager
Ruimtelijke Strategie 2040
Samenhang Entree met andere projecten en programma’s: de buitenste ring betreft vastgesteld stadsbrede visie & programma’s in de directe omgeving. De binnenste ring betreft eerdere vastgestelde planvorming van Entree (binnnenste ring)
Luchtfoto van september 2024 kijkend in zuidelijke richting met op de voorgrond Centrum-West 16
ONTWIKKELVISIE ENTREE
Gebiedsprogramma Binnenstad Het Programma Binnenstad is ontstaan bij het vaststellen van de Visie Binnenstad 2040 in september 2020. De ambitie is het doorontwikkelen van een levendige, gezonde en aantrekkelijke binnenstad met een goede verblijfs- en woonkwaliteit, onder meer door circa 3000 woningen toe te voegen. Met de ontwikkeling van Entree wordt hiermee rekening gehouden, er zal worden gezorgd dat de twee ontwikkelingen elkaar versterken en elkaar niet beconcurreren. Dit vergt een nauwkeurige afstemming tussen de twee gebiedsprogramma’s op veel gebieden, zoals het programma, bouwhoogte, bouwtempo en mobiliteit. Daarnaast is er speciale aandacht voor de aansluiting tussen Entree en de Binnenstad. De ontwikkeling van Centrum-West, het profiel van de Afrikaweg die overgaat in de Europaweg, de positie van de Voorweg, de RandstadRail halte en het huidige busstation, zal zorgen voor een logische aansluiting. Gebiedsprogramma Meerzicht Het gebiedsprogramma Meerzicht richt zich vooral op sociaal - maatschappelijke aspecten en is een wijkontwikkelingsopgave. Het verbeteren van de buurten, het verduurzamen van de flats en woningen, het zorgen voor doorstroming door toevoegen van woningen zijn belangrijke onderdelen van het programma. De openbare ruimte vraagt om een kwaliteitsslag.
Het wijkwinkelcentrum Meerzicht krijgt een impuls door het toevoegen van een supermarkt, horeca en woningen samen met een verbeterde openbare ruimte met meer ruimte voor een aangenaam verblijf. De ontwikkelingen in Meerzicht en Entree vragen een zorgvuldige onderlinge afstemming. Programma Woningbouw als aanjager Het programma Woningbouw als aanjager stelt dat Zoetermeer tussen 2024 en 2040 10.375 nieuwe woningen nodig heeft en plannen voor 16.000 woningen. Zonder de forse bijdrage van Entree kunnen deze doelen niet worden gehaald. Het programma benoemt doelgroepen als jongeren, huishoudens die afhankelijk zijn van sociale huur, stedelijke huishoudens, gezinnen en senioren. Elk van deze doelgroepen moet in Entree bediend worden. Specifiek voor senioren wordt gevraagd om in Entree 1.800 woningen te bouwen, waarvan een deel geclusterd en een deel zorggeschikt. Tenslotte stelt het programma dat woningen duurzaam en aardgasvrij worden gebouwd (zie verder hoofdstuk 8).
vanuit Entree logische routes bestaan om bijvoorbeeld de bestaande winkelcentra te bereiken. Het ontwerp van deze kruising past geheel in het kader van de nieuwe inrichting van de openbare ruimte van de Afrikaweg met prioriteit voor de voetganger. De verbinding naar Rokkeveen wordt versterkt door een nieuwe goede fietsverbinding over de A12 die wordt ontwikkeld. Met het nieuwe station wordt de oriëntatie op de stad verbeterd en wordt de zuidzijde (Rokkeveen) beter met de bestaande stad verbonden. Hoewel een integrale stedenbouwkundige benadering van Entree, Entreepoort en station essentieel is, is een verdeling in deelplangebieden, elk met hun eigen tijdpad, onontkoombaar. Afspraken met grondeigenaren in Entreepoort zijn nog niet vastgelegd, zodat de Ontwikkelvisie voor deze deelgebieden vooralsnog globaal van karakter is (zie verder hoofdstuk 4). Ook de plannen voor het station zelf zullen steeds nauwkeurig op die voor Entree worden afgestemd. 2.4 DNA: ‘ZOETERMEER, ONTWIKKELING DOOR EXPERIMENT’ Het DNA is dat wat een plek, een stad, onmiskenbaar karakteriseert. Je zou kunnen zeggen dat het verhoogd aangelegde hoofdwegennet met de daaraan gelegen woonwijken het DNA van Zoetermeer bepalen, inclusief de anonimiteit van de hoofdstructuur en de intern gerichte wijken. Het plan voor Entree doorbreekt met deze karaktertrek door hier een ‘voorkant van de stad’ te maken.
Maar het DNA van Zoetermeer gaat niet alleen over zichtbare fysieke kenmerken of eigenschappen van een stad, maar verwijst ook naar een mindset. Experiment is van origine een kenmerkend onderdeel van het Zoetermeerse DNA. ‘Zoetermeer - Ontwikkeling door experiment’ luidt een oud motto dat nog steeds geldt. Ondanks dat de stadsstraat eigenlijk typologisch een historisch fenomeen is, is de introductie daarvan in Entree in relatie tot de bestaande structuur van Zoetermeer wel degelijk een experiment. Het is een transformatie van de hoofdstructuur, die zodra deze doorgezet wordt, de beleving van de stad structureel vernieuwt.
Overige ontwikkelingen Voor Entree is het van belang dat de nieuwe ontwikkeling goed wordt aangesloten op de bestaande stad. Als onderdeel daarvan wordt er in Entree ten doel gesteld om de oost-west verbindingen te verbeteren. Dit betekent dat er naast de bestaande verbindingen onder de Afrikaweg door ook de barrièrewerking van de weg wordt weggenomen door het introduceren twee gelijkvloerse kruisingen van de Afrikaweg, waarvan de belangrijkste de Centrumstraat is, die Meerzicht met Entree en met Driemanspolder voor voetgangers verbindt. Deze gelijkvloerse kruising van de Afrikaweg sluit aan op de Meerzichtlaan en op de Van Stolberglaan, waardoor er 17
Eigenschappen (Masterplan*) *Afkomstig uit Masterplan Entree (2019) 1. 2. 3. 4. 5.
Uitnodigend Actief Verbindend Vernieuwend Gezond
Doelen (H2) 1. 2. 3. 4. 5.
Vergroten Woningaanbod Toekomstbestendige Leefomgeving Gezonde Leefomgeving Sociale Cohesie Stimuleren Locale Economie
Essenties van het plan (H3) 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
De nieuwe stadsentree Verbindende schakel Menselijke maat en schaal Levendige stadsstraat Robuuste groen-blauw raamwerk Gezonde en toekomstbestendige leefomgeving Gelaagde stad
Principes (vanaf H4)
Schematische weergave van hoe stapsgewijs vanuit de eigenschappen vanuit het Masterplan Entree, via Doelen en Planessenties toegewerkt wordt naar Principes op het gebied van het stedelijk blok, beeldkwaliteit, mobiliteit, etc.
Ruimtelijk principe van de overgangen en groene verbindingen van Entree volgens het Masterplan uit 2019
18
ONTWIKKELVISIE ENTREE
• • • •
Principes Stedelijk Blok Principes Beeldkwaliteit (zie BKP) Principes Mobiliteit Principes Duurzaamheid etc.
2.5 VAN MASTERPLAN TOT UITWERKINGSPRINCIPES De ambities van het Masterplan zijn in deze Ontwikkelvisie vertaald in stedenbouwkundige principes om te komen tot een toetsingskader voor de toekomstige ontwikkelingen op bouwplanniveau. Omdat de ambities die zijn geformuleerd in het Masterplan nog globaal zijn, worden die in eerste instantie als concrete doelstellingen geformuleerd (H2) waaruit essenties van het plan gedestilleerd worden (H3) die vervolgens zijn uitgewerkt in fysiek-ruimtelijke principes voor het stedelijk blok (H4). 2.6 AMBITIES VANUIT HET MASTERPLAN De eerste ambities voor Entree liggen in het in februari 2019 vastgestelde Masterplan Entree. Dit biedt de basis voor de ontwikkeling van Entree als levendige stadswijk. Het geeft de belangrijkste indicatie van de beoogde ontwikkeling weer, met de nodige ambitie. Het beschrijft op hoofdlijnen de identiteit van Entree in een 5-tal eigenschappen: Uitnodigend, Actief, Verbindend, Vernieuwend en Gezond. Deze eigenschappen zijn ambitieus te noemen, zodat voor het bereiken ervan op een lange termijn wordt gerekend. Ze moeten bovendien niet ieder op zichzelf worden beschouwd maar juist in hun onderlinge samenhang. Ze overlappen en versterken elkaar. De uitdaging tot een actieve leefstijl bijvoorbeeld is gebaat bij een gezonde, groen ingerichte woonomgeving. In de Ontwikkelvisie worden ze integraal opgepakt en uitgewerkt.
Het uiteenrafelen in aparte essenties, doelen of principes is bedoeld om effectief te kunnen toetsen of uitgewerkte plannen voldoen aan de bedoelingen van het integrale plan en zo bijdragen aan de kwaliteit. Ze impliceren ook een aantal gebiedsoverstijgende keuzes die niet op het schaalniveau van Entree, maar op stadsniveau moeten worden gemaakt. De ontwikkeling van Entree zal dan ook adaptief zijn, dat wil zeggen dat er met de kennis van nu wordt ontworpen en ontwikkeld, maar dat toekomstige ontwikkelingen in de transitie op stadsniveau kunnen worden gefaciliteerd. Dit vraagt juist nu toekomstgerichte keuzes binnen de ontwikkelingen aan zowel de marktzijde als aan de zijde van de gemeente.
2.7 DOELSTELLINGEN ENTREE Entree wordt een experimentele, complete stadswijk die in de behoeften van bestaande en nieuwe Zoetermeerders voorziet. Experimenteel, omdat de wijze waarop Entree wordt opgebouwd, zowel ruimtelijk, functioneel als maatschappelijk aansluit bij de van origine aanwezige experimentele inslag van de ontwikkeling van Zoetermeer. Compleet betekent in eerste instantie een compleet aanbod van woningen, plekken voor bedrijvigheid en voorzieningen, de laatste zowel in de gebouwen als in de openbare ruimte. Daarnaast betekent compleet: voor zowel jong als oud, het sluit aan bij een nieuwe vraag naar wonen, werken en ondernemen. Dit betekent aandacht voor doelgroepen en leefstijlen die nu in Zoetermeer nog maar moeilijk aan bod komen. Daarom worden in Entree appartementen gebouwd voor jongeren en studenten, woningen speciaal voor ouderen, maar ook stadswoningen en appartementen voor stedelijke gezinnen. Zo wordt ruimte geboden aan starters en doorstromers uit Zoetermeer èn aan nieuwkomers van buiten de stad. Zij komen te wonen in een levendige stadswijk. Een belangrijk kenmerk hiervan is de menging van functies.
Wonen, werken en voorzieningen in een kleinschalige stedelijke mix, met multifunctioneel gebruik van gebouwen en openbaar gebied, woningen voor verschillende doelgroepen en een aantrekkelijke en zeer gevarieerde gebouwde omgeving en openbare ruimte - samen maken ze Entree tot een fijne wijk. Een belangrijke voorwaarde om de gewenste levendigheid en diversiteit te bereiken is een hoge dichtheid van bebouwing, met veel interactie tussen bewoners, bezoekers en passanten. Een goede balans tussen stedelijkheid en groene, beschutte buitenruimtes voor ontmoeting maken Entree voor toekomstige bewoners een aangename en onderscheidende plek in de regio. Een grote variatie aan woningtypen binnen Entree draagt bij aan een afwisselend beeld in gebouwvolumes en gevelindeling. De nieuwe bewoners kunnen rekenen op een leefomgeving met voorzieningen in de directe omgeving die hun leefkwaliteit verhoogt en die vervoersbewegingen beperkt maar bovendien duurzaam maakt. Directer geformuleerd: een (eigen) auto heb je niet nodig. Alle dagelijkse voorzieningen zijn ‘om de hoek’ en er is volop ruimte voor ontwikkeling van verschillende activiteiten.
19
1. Vergroten woningaanbod 2. Toekomstbestendige leefomgeving
5. Stimuleren lokale economie
3. Gezonde leefomgeving
4. Sociale cohesie De vijf doelen van het Programma Entree
Tijdens het event Entree Maak Het Mee op 9 oktober 2021 stond de ontwikkeling van Entree centraal 20
ONTWIKKELVISIE ENTREE
In een gemengd gebied als Entree is het streven naar synergie tussen verschillende functies belangrijk. De beoogde diversiteit in Entree is een kans om hier een robuuste samenleving te bouwen. Herkenning en ontmoeting tussen bewoners is daarbij een sleutel tot een veilige en hechte gemeenschap. Veel mensen op straat en op cruciale plekken binnen de gebouwen vergroot de kans op ontmoeting, waarmee sociale contacten worden gestimuleerd en eenzaamheid wordt tegengegaan. Entree zal de ontmoeting tussen wijken ook ruimtelijk gestalte geven, door van de Afrikaweg die nu vooral een scheidende werking heeft juist een verbindend element te maken. Stadsdelen die nu nog door de infrastructuur van elkaar gescheiden zijn worden met elkaar verbonden (west-oost). Het station als aankomstplek wordt verbonden met de woonwijken en met het stadshart (zuid-noord). Het concept van de stadsstraat speelt hierbij een belangrijke rol: er wordt een stedelijke ruimte gevormd, die herkenbaarheid en een zekere mate van beslotenheid biedt waarin een aangenaam verblijfsgebied kan worden gemaakt. Korter en eenvoudiger gezegd: het is er fijn om op straat te zijn.
Op de kleinere schaal wordt de ontmoeting gefaciliteerd door de openbare ruimte in te richten voor verblijf, en door de ‘ontmoeting’ van de openbare ruimte met de gebouwen goed vorm te geven door middel van een goede plint, zodat er interactie is tussen gebouwen en buitenruimte. Dat betekent ook dat van gebouwen in de plint, waar de functie zich ervoor leent, publiek toegankelijke interieurs gemaakt worden. Dat kan gaan over commerciële programma’s (winkels, horeca) of maatschappelijke (bijvoorbeeld bibliotheek, buurtgebouw) of slimme eigentijdse combinaties (bijvoorbeeld een café/koffiezaak gekoppeld aan de wachtruimte van een zorgcentrum). Het toegankelijk maken van de binnenterreinen van bouwblokken is ook bedoeld om ontmoetingskansen te creëren. Door juist hier collectieve ruimtes te realiseren en deze deels open te stellen voor voorbijgangers zijn er optimale mogelijkheden voor gezamenlijke activiteiten. Bovenstaande is samen te vatten in de volgende 5 doelstellingen voor Entree: Zij vormen een verdere uitwerking van de 5 eigenschappen uit het Masterplan:
1. Vergroten woningaanbod: Entree betekent een substantiële afname van het tekort aan woningen binnen Zoetermeer. Dit geldt in kwantitatieve zin, maar ook in kwalitatieve zin. Entree richt zich op woonmilieus die nog niet in Zoetermeer zijn gerealiseerd waardoor er zowel door de huidige bewoners wooncarrière kan worden gemaakt als dat er nieuwe doelgroepen worden aangetrokken. 2. Toekomstbestendige leefomgeving: Entree zal een toekomstbestendige en gezonde leefomgeving worden. Deze doelstelling vergt een grote inspanning, vooral op het gebied van mobiliteit. Tevens vraagt een gebied met een hoge dichtheid inventieve oplossingen met dubbel ruimtegebruik om ze ook toekomstbestendig te laten zijn. 3. Gezonde leefomgeving: Om een gezonde wijk te worden zal er in Entree duurzaam worden gebouwd. Dat geldt ook voor de inrichting van de buitenruimte, waarin groen een hoofdrol speelt, gelet wordt op de bodemkwaliteit en de biodiversiteit wordt gestimuleerd. Ook het stimuleren van beweging hoort daarbij en het faciliteren van ontmoeting tussen mensen, zowel door voorzieningen in de openbare ruimte als in gebouwen (zie ook ‘Actief’ en ‘Verbindend”- de doelstellingen zijn met elkaar verweven.) 4.
Sociale cohesie: Met Entree wordt door flexibele ruimtelijke oplossingen, een slimme programmering en een hoogwaardige openbare ruimte ingespeeld op de condities om op vele manieren de sociale samenhang te stimuleren. Dit niet alleen binnen de wijk, maar ook tussen de omliggende wijken. Netwerk openbare ruimte t.b.v. ontmoeting, ruimte voor maatschappelijke voorzieningen. 5. Stimuleren lokale economie: Naast de woningbouwopgave voor Entree is het stimuleren van de lokale economie en het creëren van extra arbeidsplaatsen een speerpunt. Dit houdt in: lokale ondernemers voorzien van betaalbare werkruimte en maatschappelijke voorzieningen aantrekkelijke locaties aan te bieden. Door buurtinitiatieven te stimuleren door bijvoorbeeld tijdelijk gebruik van grond of ruimte in een gebouw mogelijk te maken wordt de lokale sociale structuur versterkt en bijgedragen aan de lokale economie en weerbaarheid van de samenleving. Dat vraagt dus niet enkel lokaal besteden, maar vooral lokaal kunnen ondernemen. Hiertoe behoren ook het ruimte geven aan buurtinitiatieven.
21
Essentie 1: De nieuwe stadsentree
Essentie 2: Verbindende schakel 22
ONTWIKKELVISIE ENTREE
3 DE ESSENTIES VAN HET PLAN 3.1 INLEIDING Het ruimtelijk concept van Entree is opgebouwd uit zeven essenties, waarin de ambities en doelstellingen uit het Masterplan ruimtelijk zijn geconcretiseerd. Deze zeven essenties zijn de structuurdragers van het plan, en vormen de komende periode een leidraad bij de stapsgewijze ontwikkeling van de nieuwe wijk.
Essentie 1 is dat Entree het arriveren in Zoetermeer vormgeeft door op deze plek een nieuwe stadswijk met allure te bouwen. Essentie 2 is dat deze nieuwe wijk een verbindende schakel vormt tussen station en centrum en tussen bestaande wijken van Zoetermeer. Mensen kunnen gemakkelijk (te voet, per fiets) het gebied doorkruisen in alle richtingen. Essentie 3 bepaalt dat Entree gemaakt wordt op een menselijke maat en schaal. Wel stedelijk, inclusief hoogbouw op bepaalde plekken, maar zodanig gedetailleerd dat mensen zich er thuis voelen, zowel buiten als in de gebouwen. Essentie 4 is de stadsstraat, de tot aangename, levendige stadsstraat te transformeren Afrikaweg, de ‘ruggengraat’ van het plan. Gebouwen krijgen adressen aan de straat en bij de inrichting krijgen verblijf en langzaam verkeer prioriteit. Essentie 5 is het robuuste groen-blauwe raamwerk dat een belangrijke rol vervullen in de groen- en waterstructuur van Zoetermeer. Dit wordt onder meer vormgegeven door een stevige ‘groene kraag’ om de bebouwde zone langs de Afrikaweg, maar ook de overige buitenruimten worden met substantieel en kwalitatief groen ingericht. Essentie 6 betreft de gezonde en toekomstgerichte leefomgeving, waarbij zowel de duurzame kwaliteit van de bebouwing als de inrichting van de buitenruimte een rol spelen.
Entree anticipeert op verandering van het klimaat en de omgeving stimuleert bewegen en ontmoeten. Ook de zorg voor biodiversiteit valt onder essentie 6. Essentie 7 is de gelaagde stad die door Entree wordt vormgegeven. Dat betekent dat er wordt voortgebouwd op de geschiedenis van Zoetermeer en dat, door de stapsgewijze ontwikkeling, de lagen in de tijd ook beleefbaar zijn.
3.2 TOELICHTING OP DE ZEVEN ESSENTIES 1. De nieuwe stadsentree Entree vormt straks voor vele reizigers het eerste beeld van Zoetermeer: hier kom je de stad binnen en word je welkom geheten in een levendige omgeving: een wijk met stedelijke allure. Voor reizigers aankomend over A12 en spoor geeft Entree straks een duidelijke markering van de Zoetermeerse stedelijkheid, met de hoogbouw langs de A12 als eerste blikvangers, en een attractief stationsplein als ontvangstruimte van de wijk en de stad. Hierdoor zet Entree, en Zoetermeer als stad, zich in de regio duidelijker als stedelijke knoop op de kaart. Bij Entree kom je thuis in Zoetermeer. Als onderscheidend leefmilieu in Zoetermeer krijgt de wijk een karakter dat echt stedelijk van aard is en zich daarmee duidelijk onderscheidt van de omliggende wijken. Tegelijkertijd heeft het de kwaliteiten van een groene en duurzame leefomgeving. De combinatie van een stadse bebouwingsdichtheid, mix van functies (wonen, werken en voorzieningen) met hedendaags stedelijk groen in de openbare ruimte, binnenhoven, daken en gevels, toont het Zoetermeer van de 21ste eeuw. 2.
Verbindende schakel Entree is op zo’n manier gesitueerd dat het een verbindende schakel vormt tussen de omliggende wijken in álle windrichtingen: het creëert een fijnmazig weefsel dat de wijken Meerzicht, Driemanspolder, de Binnenstad en Rokkeveen met elkaar verbindt in een logisch en uitnodigend netwerk van routes voor voetgangers, fietsers, openbaar vervoer en de auto biedt. Vanzelfsprekend wordt de Afrikaweg voorzien van riante trottoirs, fietspaden en vrije busbanen. De dwarsroutes in oost-west richting zijn voor het slagen van dit stadsdeel minstens zo belangrijk als de noord-zuid georiënteerde stadsstraat. Vanaf de omliggende wijken worden de bestaande fiets- en voetgangersroutes opgepakt en aangesloten op de stadsstraat. Om te zorgen voor een aantrekkelijke en veilige kruising met de stadsstraat worden deze routes gebundeld tot een tweetal aantrekkelijk en veilig vormgegeven oversteekplaatsen op het niveau van de stadsstraat, waardoor de huidige barrièrewerking van de Afrikaweg wordt opgeheven. Daarnaast worden de bestaande ongelijksvloerse kruisingen in het gebied benut en zo vormgegeven dat ze een directe, veilige en aantrekkelijke verbinding vormen tussen oost en west.
In de reservering van het profiel van de Afrikaweg ten noorden van de stadsstraat is door een ruimtereservering rekening gehouden met het voorzetten van de flankerende fietsroutes en trottoirs, zodat de stadsstraat zich in de toekomst in noordelijke richting verder kan uitbreiden richting de Zoetermeerse Binnenstad, waardoor het netwerk van langzaam verkeersroutes zich nog verder zal verfijnen.
23
Esentie 3: Menselijke maat en schaal
Essentie 4: Levendige stadsstraat 24
ONTWIKKELVISIE ENTREE
3. Menselijke maat en schaal Entree Midden is opgebouwd uit stedelijke, samengestelde stadsblokken met groene, ruime binnentuinen, die betreedbaar zijn voor bewoners en bezoekers. In deze blokken bevindt zich een grote mix aan functies: wonen, werken en voorzieningen, waardoor het gebied een levendig karakter krijgt en het de toekomstige bewoner en bezoeker een ruim aanbod aan voorzieningen kan bieden. De diversiteit in programma komt gedeeltelijk tot uiting in de pandsgewijze opzet, waardoor de grote stadsblokken opgedeeld worden in volumes in een herkenbare maat en schaal. Zo ontstaat een wijk van een grote verzameling panden, die herkenbaarheid en eigenheid creëren in deze nieuwe wijk. Bij de uitwerking van de panden worden daarnaast diverse ingrepen toegepast om ervoor te zorgen dat de toekomstige bouwvolumes de voorbijganger op straat niet letterlijk en figuurlijk overschaduwen. Hoogteaccenten worden voorzien van een eigen onderbouw waardoor het eigenlijke hoogteaccent iets terug ligt vanaf de openbare ruimte. Dit levert een positieve bijdrage aan het beperken van schaduw en windhinder en creëert straatwanden die aansluiten bij de Zoetermeerse belevingswereld: de Zoetermeerse laag. Net als in de Binnenstad van Entree zal deze Zoetermeerse laag duidelijk te onderscheiden zijn van de bovenwereld.
Deze hoogteaccenten leveren vooral op een grotere afstand in de skyline van Zoetermeer een bijdrage leveren aan het accentueren van de belangrijkste stedelijke structuren. Daarnaast is er bijzondere aandacht voor zorgvuldige uitwerking van de eerste twee lagen van de bebouwing aan de stadsstraat en Centrumstraat die voornamelijk een niet-wooninvulling krijgen: de plint. In de plint zullen diverse stedelijke voorzieningen worden ingepast, zoals winkels, horeca, kantoren en bedrijfsruimten. Het is tevens de plek waar woningen hun entrees zullen hebben, al dan niet gecombineerd via entreehallen voor de bovenliggende woningen. Een zorgvuldige uitwerking van deze plint en de aangrenzende openbare ruimte zijn randvoorwaardelijk voor het laten ontstaan van stedelijke reuring aan de plinten enerzijds en een prettige luwe woonomgeving aan de buitenstraten en dwarsstraten anderzijds. Cruciaal daarin is het zorgen voor voldoende entrees en voordeuren rondom het blok, waardoor gesloten straatwanden en onbenutte openbare ruimte worden voorkomen.
4. Levendige stadsstraat De Afrikaweg vormt de ruggengraat van Entree. De huidige verkeersader krijgt een metamorfose en wordt getransformeerd naar een levendige en uitnodigende stadsstraat. Geflankeerd door gebouwen met doorlopende straatwanden en geaccentueerd door verschillende stedelijke hoogte-accenten is dit straks de plek in Entree waar het stedelijke karakter het sterkst tot uiting komt. De straat wordt begeleid door robuuste bomenrijen die doorlopen over de gehele lengte van de stadsstraat en de continuïteit van dit profiel verder benadrukken. Tussen de straatwanden biedt het royale profiel ruimte voor zowel verblijven als bewegen, waarbij ruim plek is geboden aan de nieuwe gebruikers van deze omgeving, de voetgangers en fietsers. De groene inrichting in het profiel verbindt tevens op een prettige wijze het stationsgebied met de binnenstad en met de verschillende wijken rondom. De bebouwing aan de stadsstraat is zodanig georiënteerd dat functies in de plint de openbare ruimte activeren en een prettige stad op ooghoogte creëren. Een gemengd plintprogramma zorgt voor de gewenste levendigheid op straat en een gevarieerd straatbeeld. Een cruciale schakel daarin is de Centrumstraat, die de bestaande wijkcentra van Meerzicht en Driemanspolder via een nieuwe route dwars door Entree met elkaar verbindt.
De kruising van de Centrumstraat en de stadsstraat vormt een stedelijk ankerpunt als kerngebied voor de stedelijke voorzieningen in het gebied. Een tweede ankerpunt bevindt zich rondom het nieuwe stationsplein van station Zoetermeer, een dynamische omgeving van komen en gaan waar ook ruimte wordt geboden voor prettig verblijf en een heldere oriëntatie op het netwerk van routes. De essentie is bouwen in de rooilijn om het wegprofiel te begeleiden, maar op enkele plekken zorgen verbijzonderingen in de rooilijn voor welkome afwisseling op de primaire hoofdrichting van het profiel. Hier springt de bebouwing terug, wat bijzondere pleinruimtes creëert voor stedelijke activiteiten, zoals een terras, een groenzone, ruimte voor sporten en bewegen of een royale trappartij.
Samen dragen deze bij aan het opbreken van de totale lengte van de stedelijke blokken in herkenbare en bruikbare onderdelen die aansluiten bij de menselijke maat en schaal. Ook in de uitwerking van het profiel van de stadsstraat zal het ontwerp van de trottoirs uitnodigen tot verblijf en in maat een schaal een prettige overgang vormen tussen de grote lineaire structuren zoals de rijbanen en bomenlanen van de stadsstraat.
De Wibautstraat in Amsterdam als referentie voor de levendige stadsstraat met doorlopende stedelijke wanden 25
Essentie 5: Robuust groen-blauw raamwerk
Essentie 6: Gezonde toekomstbestendige leefomgeving 26
ONTWIKKELVISIE ENTREE
5. Robuust groen-blauw raamwerk Naast de stedelijke verbindingen vormt Entree een puzzelstuk dat de bestaande omliggende groen-blauwe structuren met elkaar verbindt via een robuust raamwerk. Primair onderdeel van dit raamwerk is de Groene Kraag, een parkzone die de nieuwe stedelijke blokken van Entree omkadert met kwalitatieve groenblauwe structuur en tevens de bestaande wijken Meerzicht en Driemanspolder met een fijnmazig netwerk van langzaamverkeersroutes verbindt. In dit gebied staan de natuurlijke stad en natuurbeleving centraal. Een ander belangrijk onderdeel is de stadsstraat. De opnieuw ingerichte Afrikaweg vormt als groene stadsstraat met forse laanbomen, ruime plantvakken en groene bermen straks ook een robuuste groene verbinding binnen dit netwerk. Op lokaal niveau zullen de dwarsstraten die als groen ingerichte voetgangersdomeinen fungeren dit raamwerk verder verfijnen. Maar het raamwerk loopt ook door tot in de haarvaten van het plan: de groen ingerichte binnentuinen, balkons, daktuinen en groene stoepen zullen alle op hun eigen schaalniveau een bijdrage leveren aan dit raamwerk dat een web van verbindingen vormt op stad-, wijk-, buurten blokniveau.
Om tot te komen tot een kwalitatief groenblauw raamwerk gaat het erom een balans te vinden tussen ecologische waarden voor flora en fauna en tevens gebruikswaarden voor de bestaande en toekomstige gebruikers van het gebied. Waar mogelijk wordt gezocht naar een win-winsituatie, waar het in ecologisch waardevolle gebieden goed toeven is met ruimte voor sporten, spelen, verblijven en ontmoeten. Wat betreft de waterstructuur zorgt Entree er straks voor dat de bestaande missing links zo veel mogelijk worden opgeheven en grote ondergrondse waterverbindingen worden voorkomen. Waar mogelijk dragen open waterstructuren met ecologische oevers bij aan de creëren van ecologisch waardevolle plekken met aantrekkelijke verblijfskwaliteit (zie verder hoofdstuk 6 en 8). 6. Gezonde en toekomstbestendige leefomgeving Aan de basis van de gezonde en toekomstbestendige wijk Entree liggen diverse onderdelen, zoals klimaatadaptatie, biodiversiteit en gezondheid. Het integreren van en rekening houden met deze onderdelen in het ontwerp is de routekaart naar het creëren van een gezonde wijk. Hierbij kan het Entreegebied worden beschouwd als één stedelijk organisme, waarbij de bouwblokken, de binnentuinen, infrastructuur en openbare ruimte nauw met elkaar verweven zijn en functioneren als één systeem.
ecotopen voor mens, plant en dier. De openbare ruimte en de stedelijke blokken worden klimaatadaptief ontworpen en zijn bestand tegen de uitdagingen die een veranderd klimaat met zich meebrengt, zoals piekbuien, droogte en hittestress. Daarnaast wordt bij het ontwerp van Entree ingezet op een mobiliteitstransitie, waarin de voetganger en de fietser centraal worden gesteld, het gebruik van de (deel)fiets, het openbaar vervoer en deelauto gestimuleerd worden en het gebruik van de auto wordt ontmoedigd. Entree is een stadswijk die áán het station en vlakbíj de Zoetermeerse Binnenstad is gelegen. Alle basisvoorzieningen zijn in de directe omgeving aanwezig zodat de auto hiervoor minimaal gebruikt hoeft te worden. Alle stedelijke blokken zullen daarentegen goed ontsloten blijven met de auto, waarbij de straten aan de buitenzijde van het plangebied: de buitenstraten (Boerhaavelaan, Bredewater en Abdissenbos) zullen fungeren als lokale verdeler die per blok een toegang zullen bieden voor een parkeergarage binnen het stedelijk blok. Dit resulteert in een efficiënte auto-ontsluiting met korte routes van en naar de stedelijke uitvalswegen. Hierdoor zal eventuele hinder als gevolg van verkeersbewegingen vanuit het plangebied op de omliggende wijken tot een minimum worden beperkt.
Een aantrekkelijke openbare ruimte zorgt voor uitnodiging tot een gezond leven waarin bewegen en sporten een belangrijk onderdeel vormen. Er zijn goede fietsparkeerplaatsen voor bewoners in de bouwblokken en voor bezoekers beperkt in de openbare ruimte en op loopafstand haltes voor openbaar vervoer en deelauto’s. De ruimtelijke uitwerking hiervan zien we terug in de inrichting van de buitenruimte die gericht is op verblijfskwaliteit en langzaam verkeer en pas in laatste instantie op het accommoderen van autoverkeer. De opzet van Entree met stedelijke blokken rondom de levendige stadsstraat zorgt voor een balans tussen reuring en rust. Reuring langs de levendige plint aan de Afrikaweg en rust in de ruime en luwe buitenruimtes aan de andere zijden van het blok: de gemeenschappelijke binnentuinen, maar ook de Zoetermeerse stoep (zie hoofdstuk 6), de tuinen en de daktuinen.
Belangrijke basis voor een gezonde en toekomstbestendige leefomgeving binnen het ruimtelijk concept zijn de recreatief-ecologische groenstructuren: Entree vormt zowel op stedelijk als boven-stedelijk niveau een onmisbare schakel in deze structuren. De Stadsstraat en de Groene kraag omsluiten het woonlandschap van de bouwblokken dat een meer informeel groen karakter krijgt, met semipublieke binnentuinen gericht op ontmoeten en spelen. Deze ruimtelijke lagen worden aan elkaar geweven tot één systeem bestaande uit een diversiteit aantrekkelijke 27
Essentie 7: Gelaagde stad
Het Poortgebouw en de Nelson Mandelabrug zijn gebouwd naar aanleiding van de Floriade van 1992 en zijn opgenomen in de inventarisatie van cutlureel erfgoed dat gebouwd is na 1945 (‘Post-45’) ONTWIKKELVISIE ENTREE 28
7. Gelaagde stad De opzet van Entree is zo gekozen, dat het ruimte biedt voor een gefaseerde, stapsgewijze ontwikkeling. De nieuwe wijk van 6.250 - 7.250 woningen zal namelijk in een langdurige gebiedsontwikkeling tot stand komen en een nieuwe gemeenschap bouw je niet in korte tijd. Samen met grondeigenaren, gemeente, bewoners én gebruikers zal de wijk stap voor stap langs de stadsstraat worden opgebouwd. Daarbij begint Entree niet vanaf nul. In het gebied bevindt zich een aantal functies en bestaande gebouwen die ook in de toekomstige ontwikkeling een plek kunnen krijgen en waar de nieuwe ontwikkelingen zich tot zullen verhouden. Hierdoor worden als vanzelf nieuwe lagen toegevoegd die zullen voortbouwen op het lokale karakter en de Zoetermeerse identiteit: het DNA van Zoetermeer. Het gesloten bouwblok vormt het model voor de bebouwing langs de Afrikaweg, die daarmee als stedelijke uitvalsweg zal transformeren naar een levendige stadsstraat. In feite wordt ook in de verkeerskundige opzet een nieuwe laag toegevoegd, waarbij het verhoogde dijklichaam van de Afrikaweg, als onderdeel van de Zoetermeerse hoofdstructuur (de zogenaamde H-structuur)
voor autoverkeer intact blijft en wordt gecombineerd met gebruik door andere verkeersdeelnemers. Waar deze ruimtelijke opzet van gesloten bouwblokken elders in Nederland gewoon is, is dit in Zoetermeer uniek. In zekere zin vormt het bouwblok een nieuw bestanddeel van de stad Zoetermeer. Op blokniveau wordt, geheel in de Zoetermeerse traditie, ruimte voor innovatie en experiment geboden. Deels om onderscheidende architectuur te stimuleren die het thuisgevoel versterkt, maar ook om op een vrijzinnige en eigentijdse manier vorm te geven aan de bebouwing en de functies in het gebied. Per blok worden de ontwikkelaars uitgenodigd tot het introduceren van een (maatschappelijk gemotiveerd) experiment (zoals bijvoorbeeld een bijzondere typologie, architectuur, collectiviteit, doelgroep of mate van duurzaamheid). Deze omgevingskwaliteiten geven tevens aanleiding om van plek tot plek ook specifieke gebiedseigen karakteristieken te integreren in de bouwblokken.
De NDSM-Werf en Pontkade in Amsterdam als referentiebeeld voor de gelaagde stad 29
De Spelregelkaart van Entree als overzicht van de belangrijkste ontwerpprincipes voor het stedelijk blok 30
ONTWIKKELVISIE ENTREE
4 PRINCIPES VOOR HET STEDELIJK BLOK 4.1 INLEIDING In een langdurige gebiedsontwikkeling van deze omvang is het van belang dat er voldoende duidelijkheid wordt geboden aan grondeigenaren, omwonenden en nieuwe bewoners, maar dat er ook voldoende ontwerpvrijheid wordt geboden in de plannen. Wijzigingen in beleid, gewijzigde marktomstandigheden, nieuwe bouwtechnieken, nieuwe trends, kortom: zaken die nog niet kunnen worden voorzien maar die een impact kunnen hebben op de langjarige ontwikkeling van Entree, vragen een helder, maar ook flexibel toetsingskader. De regels voor het ontwikkelen binnen Entree zijn zó opgesteld dat daar voldoende ontwerp- en aanpassingsvrijheid voor ontwikkelende partijen in zit. Dat gebeurt door de essentie van een ambitie te beschrijven en daarna het doel ervan en vervolgens de ontwerpprincipes die als middel zijn voorgeschreven. Deze kapstok zorgt voor eenheid en betrouwbaarheid voor de ontwikkeling in zijn totaliteit. De ontwerpprincipes zijn zo ruim mogelijk opgesteld en niet uitputtend zodat er voldoende mogelijkheden overblijven om te zorgen voor ontwerpvrijheid, verscheidenheid én flexibiliteit.
Zijn er omstandigheden die vragen om een ontwerpoplossing die afwijkt van het voorgeschreven ontwerpprincipe, dan geeft de beschreven planessentie uitsluitsel over wat uiteindelijk belangrijk is voor het grotere geheel, terwijl de doelstelling nog steeds als toetsingskader dient.