CConstaterende datZoetermeer
Koppel je AI →
Document · PDF

GEWIJZIGD Bijlage 1 - Jaarrekening 2020 (oud)

Raadsvergadering 31 mei 2021, gemeente ZoetermeerBij agendapunt: Raadsvoorstel Jaarrekening 202040.417 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

Jaarstukken 2020 Zoetermeer, 12 mei 2021

Feiten en cijfers Cijfers voor de jaarrekening 2020 Per 1-1-2021

Per 1-1-2020

Aantal inwoners

125.274

125.288

Aantal woningen 2

56.425

56.455

Gemiddeld aantal personen per woning

2,22

2,22

Oppervlakte gemeente (in ha)

3.705

3.705

Per 1-1-2020

Per 1-1-2019

9.659

9.160

Aantal arbeidsplaatsen

52.592

51.776

Waarvan aantal banen ICT-sector 4

3.510

3.426

Per 1-1-2021

Per 01-01-2020

Beroepsbevolking (aantal personen) 5

67.600 6

67.000

Aantal geregistreerde werkzoekenden 7

6.489

6.083

.

3,6%

Inwoners 1

Bedrijven 3 Aantal bedrijven Werkgelegenheid

Werkloosheidspercentage 8

1. Bron: BRP 1-1-2021. 2. Bron: BAG 31-12-2020. Netto is er in 2020 een lichte woningkrimp te zien. Meer informatie over woonruimte is te vinden onder doelstelling 7.1. 3. Bron: Werkgelegenheidsregister Haaglanden. De peildatum van de meest recente gegevens in dit register is 1-1-2020. Het weergegeven aantal betreft het aantal vestigingen. De aantallen zijn voorlopig en onder voorbehoud van registratie-/ systeemfouten. 4. Bron: Werkgelegenheidsregister Haaglanden. Totaal aantal arbeidsplaatsen in SBI-bedrijfsklasse 62 (“Dienstverlenende activiteiten op het gebied van informatietechnologie”). 5. Bron: CBS Statline, o.b.v. ILO-definitie. Deze cijfers worden door het CBS in duizendtallen gepubliceerd en betreft de werkzame plus werkloze 15- t/m 74-jarigen. 6. Dit is een schatting, berekend als het aantal 15- tot 75-jarigen in Zoetermeer, vermenigvuldigd met een factor (0,71), welke het aandeel weergeeft van de beroepsbevolking in Nederland t.o.v. alle 15- tot 75-jarigen in Nederland. 7. Bron: UWV, nieuwe definitie sinds 2018. Het cijfer van 1-1-2021 betreft de stand van augustus 2020; het cijfer van 1-1-2020 betreft de stand van december 2019. 8. Bron: CBS Statline. De cijfers over 2020 waren in februari 2021 nog niet bekend.

2

Inhoudsopgave Feiten en cijfers................................................................................................2 Inhoudsopgave ................................................................................................3 1 Samenvattend resultaat .............................................................................5 1.1 2020: het jaar van corona, veerkracht & vindingrijkheid .............................................5 1.2 Leeswijzer.........................................................................................................................5 1.3 Exploitatieresultaat..........................................................................................................6

2 Jaarverslag ................................................................................................11 2.1 Programmaverantwoording ..........................................................................................11 2.1.1 Programma 1 Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie....................................11 2.1.2 Programma 2 Samen leven en ondersteunen ..........................................................22 2.1.3 Programma 3 Leefbaarheid, duurzaam en groen ....................................................32 2.1.4 Programma 4 Vrije tijd................................................................................................37 2.1.5 Programma 5 Veiligheid .............................................................................................43 2.1.6 Programma 6 Dienstverlening en participatie..........................................................48 2.1.7 Programma 7 Inrichting van de stad.........................................................................52 2.1.8 Overhead ......................................................................................................................62 2.1.9 Overzicht algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien ...........................................64 2.1.10 VPB..............................................................................................................................66

2.2 Paragrafen ......................................................................................................................67 2.2.1 Paragraaf lokale heffingen ..........................................................................................67 2.2.2 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing.............................................70 2.2.3 Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen ....................................................................78 2.2.4 Paragraaf Financiering ................................................................................................83 2.2.5 Paragraaf Bedrijfsvoering ...........................................................................................87 2.2.6 Paragraaf Verbonden Partijen ....................................................................................98 2.2.7 Paragraaf Grondbeleid .............................................................................................103

3 Jaarrekening............................................................................................109 3.1 Het overzicht van baten en lasten ...............................................................................109 3.2 Toelichting op het overzicht van baten en lasten......................................................111

3

3.3 Balans ............................................................................................................................173 3.4 Toelichting op de balans..............................................................................................175 3.5 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling.................................................201 3.6 Bijzondere gebeurtenissen na balansdatum..............................................................206 3.7 SiSa (Single information Single audit)........................................................................207 3.8 Overzicht taakvelden ....................................................................................................210

Bijlage 1 Afkortingen en begrippen ...........................................................214 Bijlage 2 Staat van de gemeente ................................................................221 Bijlage 3 Verbonden partijen ......................................................................223 Bijlage 4 Gewaarborgde geldleningen .......................................................249 Bijlage 5 Verplichte indicatoren .................................................................251 Bijlage 6 Financiële effecten COVID-19 .....................................................254 Bijlage 7 Cijferanalyse Jeugd en WMO nieuw………………………………259

4

1

Samenvattend resultaat

1.1 2020: het jaar van corona, veerkracht & vindingrijkheid 2020 stond ogenschijnlijk volledig in het teken van COVID-19 en de daaropvolgende crisis. Toen in maart de eerste lockdown begon, leken projecten en programma’s veelal in de koelkast gezet te worden. Uiteindelijk bleek dat 2020 het jaar werd waarin Zoetermeer haar veerkracht en vindingrijkheid toonde, als organisatie en als stad. Veerkracht toonden we door gemaakte plannen, ondanks alles, door te zetten. Zo richtten we het Werkbedrijf op, en werkten we met succes toe naar de start van de Binnenbaan. En ook bij het onderwijs, wonen, zorg en in de stad namen we steeds meer drempels weg zodat mensen met een beperking volwaardig en zelfstandig mee kunnen doen in de samenleving. De realisatie van Gymworld is een goed voorbeeld van een project dat volgens de hoge lokale standaard en in participatie met Toegankelijkheidsraad is gerealiseerd. Door de coronamaatregelen werd meer gebruik gemaakt van de openbare ruimte, en deze werd ook meer gewaardeerd. Projecten zoals de vervanging van de brug aan het Panamapad en de transitie naar LED-verlichting droegen bij aan de leefbaarheid van Zoetermeer en aan het buitengeluk van de Zoetermeerders. We zijn trots op deze inspanningen, en vatten dat gevoel samen in de nieuwe citymarketing strategie en slogan Zoetermeer is de Plek.

Natuurlijk waren er ook plannen die geen, of slechts deels doorgang vonden. Zo duurde de besluitvorming over het nieuwe afvalbeleid langer dan voorzien, en werd het doel om de hoeveelheid restafval verder terug te brengen vanwege de lockdowns niet gehaald. Zo bracht COVID-19 de nodige zorgen met zich mee, en uitdagingen die vroegen om vindingrijkheid. Het is niet altijd voor iedereen mogelijk om mee te veren met de klappen. Ondernemers, jongeren, ouderen, en eigenlijk alle inwoners van Zoetermeer hadden daarom onze hulp hard nodig dit jaar. We streden tegen eenzaamheid door (digitale) netwerkbijeenkomsten te organiseren, en de jaarlijkse week tegen eenzaamheid stond in 2020 in het teken van persoonlijke verhalen en aandacht voor elkaar op afstand. Door in samenwerking met partners digitale middelen beschikbaar te stellen, het aanbod uit te breiden en thuisleer-pakketten te verspreiden, kon het onderwijs zoveel mogelijk doorgang krijgen en konden achterstanden voorkomen of verminderd worden. Voor ondernemers die het moeilijk hadden, openden we vijf dagen per week het Ondernemersloket, dachten we integraal en flexibel mee over kansen en mogelijkheden en verspreidden we informatie over de verschillende regelingen via website en nieuwsbrieven. Alles overziend was 2020 een bewogen jaar.

We hebben moeilijke keuzes moeten maken, maar hebben daarbij gezorgd dat de inwoners en partners in de stad centraal stonden.

1.2 Leeswijzer Het college legt elk jaar tijdens het Resultatendebat verantwoording af aan de raad over het gevoerde beleid. Dit gebeurt op basis van de jaarstukken. De jaarstukken bestaan uit een jaarverslaggedeelte en jaarrekeninggedeelte. Een groot deel van de opgenomen informatie is verplicht voorgeschreven vanuit wetgeving. De Gemeentewet schrijft voor dat elke gemeente jaarlijks begrotings- en verantwoordingsstukken moet opstellen. Het Besluit begroting en verantwoording (BBV) bevat de regelgeving daarvoor (http://wetten.overheid.nl/).

5

Het jaarverslag Het jaarverslag begint met de programmaverantwoording. Hierin legt het college verantwoording af over de beleidsmatige resultaten in 2020. Voor de programmaverantwoording dient het bij de Programmabegroting 2020-2023 vastgestelde beleid als uitgangspunt. De gemeente Zoetermeer heeft zeven programma’s. In deze programma’s wordt ingegaan of de beoogde maatschappelijke effecten en doelstellingen zijn bereikt in 2020. Vanuit het BBV worden daarnaast overzichten voorgeschreven: het overzicht van de kosten van de overhead, het overzicht algemene dekkingsmiddelen en VPB. Ook de paragrafen, zoals opgenomen in deze Jaarstukken, zijn verplicht. De jaarrekening De jaarrekening bestaat uit het overzicht van baten en lasten, de toelichting op het overzicht van baten en lasten, de balans, de toelichting op de balans, de grondslagen voor waardering en resultaatbepaling, de bijzondere gebeurtenissen na balansdatum en een aantal bijlagen. Over onderwerpen, waarbij gedurende het jaar is gebleken dat er een afwijking op de begroting is ontstaan, is de raad geïnformeerd via de Tussenberichten. Deze afwijkingen zijn verwerkt als 'melding'. De afwijkingen uit het memo 'Financiële afwijkingen na het Tweede Tussenbericht 2020' (in de Jaarstukken verder afgekort als TB3) zijn eveneens verwerkt als melding. (link naar memo d.d.

16-12-2020) De accountantscontrole is met name gericht op het jaarrekeninggedeelte. De accountant controleert of de administratie van de gemeente aansluit bij de jaarrekening en of aan alle regelgeving is voldaan. Als gevolg van rechtstreekse onttrekking van informatie uit het financiële systeem van de gemeente kunnen kleine afrondingsverschillen in de tabellen voorkomen.

1.3 Exploitatieresultaat Bedragen x € 1.000

Primitieve begroting 2020 (1)

Begroting 2020 na wijzigingen (2)

Rekening 2020 (3)

Verschil tussen begroting na wijz. en rekening (2) - (3)

Meldingen 2020

Baten

359.839

460.969

504.251

43.282 V*

20.344 V

Lasten Saldo van baten en lasten

368.906 -9.067

399.883 61.086

400.859 103.392

976 N* 42.946 V

17.843 N 2.501 V

Onttrekkingen aan reserves

14.127

41.767

57.486

15.719 V

16.091 V

Toevoegingen aan reserves Saldo mutaties reserves

8.633 5.494

116.432 -74.665

156.375 -98.889

39.943 N 24.224 N

15.886 N 205 V

Resultaat na bestemming

-3.573

-13.579

4.503

18.082 V

2.706 V

*Afwijking in percentage t.o.v. Totaal (2): Baten 9,4 %, Lasten 0,2 %

In bovenstaande tabel komt het rekeningresultaat (het verschil tussen werkelijke baten en lasten) naar voren van € 4,5 mln. positief. Het rekeningresultaat betekent ten opzichte van de begroting na wijziging van € 13,6 mln. negatief een verbetering van € 18,1 mln. Deze verbetering is met name toe te schrijven aan activiteiten die in 2020 niet konden worden uitgevoerd en waarvan de activiteit doorschuift in de tijd. In de Perspectiefnota zal daar in het voorstel tot resultaatbestemming daarop worden teruggekomen. Van het ‘resultaat na bestemming’ werd eerder een voordelig gemeld in de Tussenberichten van € 2,7 mln. en het raadsmemo over de septembercirculaire van € 2,8 mln. Per saldo geeft de jaarrekening – ten opzichte van de eerdere verwachting een financieel betere uitkomst van € 1,7 mln. In onderstaande tabel is dit schematisch weergegeven.

6

Duiding rekeningsresultaat op hoofdlijn a. rekeningresultaat

* € 1.000 4.503 13.579

b. begroot resultaat c afwijking verantwoord in jaarrekening d. niet uitgevoerde/door te schuiven taken

18.082 10.853 7.229

e. gemelde afwijking TB f. gemelde afwking raadsmemo septembercirculaire

2.706 2.800

g. verbetering resultaat ten opzichte van verwachting

5.506 1.723

Deze verbetering heeft met name betrekking op voordelen in programma 1 en Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien. In onderstaande tabel is – per programma – het verschil tussen het rekeningresultaat en de begroting bruto opgenomen. Dat wil zeggen zonder rekening te houden met de effecten van budgetoverheveling of de meldingen in de Tussenberichten. Verschil tussen begroot en jaarrekening in * € 1000 11.134 -8.640 -405 -151 -272 3.010 773 11.767 -60 926 18.082

Programma 1. Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie 2. Samen leven en ondersteunen 3. Leefbaarheid, duurzaam en groen 4. Vrije tijd 5. Veiligheid 6. Dienstverlening en participatie 7. Inrichting van de stad Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Heffingsbedrag vennootschapsbelasting Overzicht Overhead Eindtotaal

In de jaarrekening worden de verschillen in de "toelichting op het overzicht baten en lasten" groter dan € 100.000 verklaard. Onderstaand betreft een samenvatting op hoofdlijnen (verschillen > € 0,5 mln.). De optelling tot het totaal per programma van het verschil tussen begroting en rekening die in onderstaande samenvatting niet wordt verklaard, bestaat uit een optelling van kleinere posten. Programma 1 Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie € 11,1 mln. voordeel In 2020 is een subsidie van € 2,8 mln. begroot voor Stichting Stedelijk Voortgezet Onderwijs Zoetermeer (SSVOZ). De uitbetaling is verschoven naar 2021, daardoor valt het subsidiebedrag in het rekeningsresultaat. Bij de Jaarrekening wordt hier geen besluit over genomen. Het bestemmen van het resultaat vindt plaats in een afzonderlijk voorstel bij de Perspectiefnota. Daardoor kan de raad een meer integrale afweging maken. In afwachting daarvan wordt de raad voorgesteld het volledige rekeningsresultaat voorlopig toe te voegen aan de Reserve vrij inzetbaar. Ook de geraamde extra afschrijvingen in verband met sloop in combinatie met nieuwbouw voor de onderwijslocaties Velddreef, Chaplinstrook en Van Doorneplantsoen SSVOZ hebben door vertraging in de planning niet plaatsgevonden en schuiven door naar 2021. Dit leidt tot een voordeel van € 0,6 mln. in 2020.

In verband met de maatregelen rondom COVID-19 zijn re-integratietrajecten stil komen te liggen. Klantmanagers zijn ingezet op de afhandeling van Tozo-aanvragen. Hierdoor is € 1,0 mln. niet uitgegeven aan re-integratie. Eveneens in relatie tot COVID-19 zijn activiteiten van de

7

Arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal niet uitgevoerd. Deze schuiven door naar 2021 en leiden tot een voordeel van € 0,5 mln. in 2020. De gemeente heeft naar aanleiding van een rechtszaak recht rekregen op teruggave van in voorgaande jaren betaalde BTW op het gebied van re-integratie diensten. Het voordeel in 2020 is € 2,3 mln. De gemeente heeft van het rijk een hogere vergoeding ontvangen voor bijstandsuitkeringen. Er zijn minder bijstandsuitkeringen verstrekt dan waar in de Programmabegroting 2020-2023 rekening mee is gehouden. In totaal leidt dit tot een voordeel van € 2,5 mln. Er is één nadeel in programma 1 > € 0,5 mln. Het gaat om een nadeel van € 0,6 mln. dat is ontstaan door kwijtschelding vorderingen op debiteuren en om de voorziening hiervoor op peil te houden. Programma 2 Samen leven en ondersteunen: € 8,6 mln. nadeel De lasten voor het gebruik van jeugdhulp zijn in 2020 € 7,7 mln. hoger dan begroot. Uit analyses blijkt dat de kostenstijging verder ook in 2020 met name gelegen is in een toename van de intensiteit van jeugdhulptrajecten: jeugdigen krijgen langer en/of meer jeugdhulp. De gemeente heeft diverse maatregelen genomen om het gebruik en de kosten van de jeugdhulp te beperken. De ervaring leert echter dat financiële effecten van genomen maatregelen niet direct zichtbaar zijn.

Daarnaast liep de uitvoering en implementatie van diverse maatregelen vertraging op mede ten gevolge van de COVID19-crisis, waardoor verwachte besparingen niet volledig werden gehaald. Vanwege afrekeningen die de gemeente van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) ontvangt t.b.v. de uitvoering van de PGB Jeugdwet is in 2020 een nadeel op de begroting ontstaan van € 0,5 mln. Door een toename van het aantal cliënten dat gebruik maakt van wmo-hulpmiddelen en door het faillissement van een aanbieder is op deze post een nadeel van € 1,9 mln. ontstaan. Ook is er meer gebruik gemaakt van huishoudelijke hulp, het totaal nadeel bedraagt € 0,7 mln. Deels door de COVID-19 crisis is minder gebruik gemaakt van vrij inzetbare voorzieningen (onder vrij inzetbare voorzieningen vallen recreatieve dagbesteding, kortdurende individuele begeleiding (kib), zorgcoördinatie en waakvlamcontact). Hierdoor is er een voordeel van € 0,7 mln. in 2020. Onder ‘Ondersteuning thuis’ vallen de maatwerkvoorzieningen individuele begeleiding, arbeidsmatige dagbesteding (groepsbegeleiding), kortdurend verblijf en persoonlijke verzorging. Deze maatwerkvoorzieningen zijn voor de inwoners toegankelijk met een verleningsbesluit van de gemeente en kunnen in natura of als pgb worden verstrekt. In 2020 hebben zorgaanbieders financiële compensatie van de gemeente gekregen, waardoor er een nadeel is van € 0,5 mln.

Programma 3 Leefbaarheid, duurzaam en groen: € 0,4 mln. nadeel In programma 3 zijn 2 nadelen groter dan € 0,5 mln.: voor afvalinzameling € 0,9 mln. en parkeren € 0,6 mln., beiden worden grotendeels veroorzaakt door lagere opbrengsten. Programma 4 Vrije tijd: € 0,2 mln. nadeel Er zijn geen activiteiten die per saldo een voor- of nadeel geven van meer dan € 0,5 mln. Het totaal bestaat uit meerdere voor- en nadelen tussen € 0,1 mln. en € 0,5 mln. Programma 5 Veiligheid: € 0,3 mln. nadeel Er is een nadeel van € 0,7 mln. vanuit de deelnemersbijdrage van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Haaglanden (VRH) in verband met de uitwerking van het Functioneel leeftijdsontslag.

8

Programma 6 Dienstverlening: € 3,0 mln. voordeel De inkomsten voor bouwleges zijn € 1,9 mln. hoger dan begroot en er is € 0,6 mln. voordeel doordat minder personeel is ingezet voor het afhandelen van WABO-vergunningen. Programma 7 Inrichten van de stad: € 0,8 mln. voordeel Er is een nadeel van € 0,5 mln. door de aanwezigheid van boventalligen, langdurig zieken, de daarbij noodzakelijk vervanging en wegens het dekkingsverlies van direct productieve uren door COVID-19. Het totaal voordeel van € 0,8 mln. ontstaat door meerdere voordelen tussen € 0,1 mln. en € 0,5 mln. Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien: € 11,8 mln. voordeel Op de algemene uitkering is een voordeel van € 13,0 mln. De hogere baten zijn onder meer een hogere algemene uitkering, hogere decentralisatie-uitkeringen en COVID-19 compensatie (3,8 mln.). Aan de lastenkant zijn voordelen op de reserveringen voor prijscompensatie (1,3 mln.) en taakmutaties (2,4 mln.). De verwachtte onttrekking uit de reserve vrij inzetbaar van € 1,3 mln., zoals gemeld in TB2, is lager door de compensatie van het Rijk, dit leidt tot een nadeel van 0,9 mln. Overzicht Overhead € 0,9 mln. voordeel Op het Overzicht Overhead zijn voordelen op personele lasten. Deze vallen lager uit door het niet of later invullen van vacatures en door minder dan verwachte inzet van inhuur. Er is een nadeel van € 0,7 mln.

dat grotendeels veroorzaakt wordt door het afboeken van de verbouwing van het stadhuis en meubilair. Daartegenover staat dat de jaarlijkse afschrijvingslasten vrijvallen ten gunste van de exploitatie. Overzicht lasten per programma, baten per kostensoort Uit de volgende grafiek 'lasten per programma' wordt duidelijk hoe de programma's zich in omvang tot elkaar verhouden. De gemeente geeft het meeste budget uit in de programma's 1 en 2, aan bijstandsuitkeringen en jeugdzorg. Veruit de meeste inkomsten van de gemeente komen terecht in 'Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien (OAD). Voor deze grafiek 'baten per kostensoort' is daarom gekozen voor een andere weergave. Kostensoorten (of opbrengstsoorten) zijn een andere manier van indelen van de begroting dan naar programma. De inkomsten van de gemeente komen vanuit het Rijk, via het gemeentefonds en via andere uitkeringen vanuit het Rijk naar de gemeente. Vanuit belastingen en heffingen haalt de gemeente 16% van de inkomsten op.

9

10

2

Jaarverslag

2.1 Programmaverantwoording 2.1.1 Programma 1 Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie

Iedereen werkt, leert en/of doet naar vermogen mee

1.1 Bijdragen aan maatwerk in spelen en leren

% VVEkinderen dat meer dan gemiddelde leerwinst boekt

1.2 Beperken uitval onderwijs

Tevredenheid partners over samenwerking onderwijs en arbeidsmarkt

% Voor tijd ige sch oolverlaters zonder sta rtkwa lificatie in het afg elopen sch ooljaar

1.3 Bevorderen van een beter ondernemersklimaat

1.4 Bevorderen groei werkgelegenheid

Rappo rtcijfer over dienstverlenin g van gemee nte aan ond ernemers in Zoetermeer

Toename aantal arbeidsplaatsen

% Arbeidsparticipatie

1.5 Stimuleren duurzame arbeidsparticipatie

1.6 Voorzien in noodzakelijke middelen van bestaan

Aantal bijstandsuitkeringen

Uitstroom naar werk

Deeltijd werkenden met uitkering

Bereik minimaregelingen als % van de doelgroep

Uitstroom naar school

2.1.1.1 Algemene doelstelling Iedereen werkt, leert en/of doet naar vermogen mee Programma 1 Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie geeft de inspanningen weer die eraan bijdragen dat elke Zoetermeerder werkt, leert en of meedoet naar vermogen. Onderwijs De paragraaf over onderwijs in de begroting 2020 startte met: ‘Jong geleerd is… ‘ Dit jaar is gebleken dat leren en ontwikkelen niet samenhangt met een bepaalde leeftijd. COVID-19 liet zien, dat levenslang leren van heel jong tot heel oud belangrijk is en soms ook (bijna) vanzelf gaat als het moet. Hoe creatief en vindingrijk werd er samengewerkt! Zo kwamen snel verbindingen tot stand met partners om kinderen, leerlingen en studenten in beeld te houden, werd geleerd om onderwijs op afstand te geven, stond men zelfs ’s nachts klaar om kinderen van ouders met cruciale beroepen op te vangen en leerden we werkende weg hoe digitaal leren of vergaderen werkt. Het virus maakte dat je je wel ontwikkelen moest om je in deze nieuwe situatie staande en gaande te houden. De digitale wereld kwam in een sneltreinvaart op gang en jong en oud leerden in (bijna) hetzelfde tempo ermee omgaan. Want iedereen wilde meedoen of moest mee kunnen doen. Terugkijkend op deze periode ontstond er een enorme betrokkenheid bij elkaar en de wil in verbinding (weliswaar op afstand) er het beste voor iedereen van te maken.

11

Arbeidsparticipatie Door het thuiswerken en het niet fysiek samenkomen zijn veel (groeps-) re-integratie activiteiten niet uitgevoerd. Toch zijn in de aanvraagfase relatief veel aanvragers, op eigen kracht of geholpen door de gemeente, naar ander werk gestroomd. Er is grote inzet gepleegd op de uitvoering van de steunpakketten van het Rijk, waardoor de capaciteit voor reguliere taken onder druk stond. Ter voorbereiding van de start van het Werkbedrijf De Binnenbaan BV per 1-1-2021 is gewerkt aan de technische en inhoudelijke aspecten van de overgang van de uitvoering van de re-integratietaken Pw van de gemeente naar het werkbedrijf De Binnenbaan. Levensonderhoud Het aantal bijstandsuitkeringen was begin 2020 bijzonder laag. De verwachting was dat de werkeloosheid als gevolg van COVID-19 sterk zou oplopen met een vertraagd effect op de instroom in de bijstand. Door de steunpakketten van het Rijk zijn veel banen behouden, waardoor de WWinstroom beperkt was. In het minimabeleid zien we een daling van het aantal deelnemers van de nieuwe digitale Zoetermeerpas en de collectieve aanvullende verzekering met lagere vergoeding.

2.1.1.2 De doelstellingen van dit programma Doelstelling 1.1 Bijdragen aan maatwerk in spelen en leren In het afgelopen jaar lag de focus op 4 belangrijke opdrachten. Wat is op de diverse opdrachten gerealiseerd? 1. Het (onderwijs)aanbod op maat Het kader voor het integraal onderwijshuisvestingsplan (IHP) primair onderwijs is geformuleerd als basis voor het plan 2021-2025, waarin duurzaam en toekomstbestendig belangrijke sleutelwoorden zijn. De doorstart van de ontwikkeling van Integrale kindcentra (IKC) kreeg vorm door de start van een inspiratietraject waarbij kinderopvang- en onderwijs-partners samen aan de slag gingen hun IKC en de onderlinge samenwerking te optimaliseren. Samen met de scholen, stichting Leergeld en Ecoware zijn aan kinderen in het primair, voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs computers of Ipads beschikbaar gesteld om aan het onderwijs op afstand deel te kunnen nemen. Alle partners hebben zich ingezet om onderwijsachterstanden (ook de achterstanden opgelopen door de sluiting van de scholen en kinderopvang) te voorkomen en verminderen. Zo werd het voor- en vroegschoolse (VVE) aanbod uitgebreid, zodat nog meer kinderen gedurende meer uren per week begeleid konden worden. Verder werden ook thuisleerpakketten verspreid, zodat zij ook tijdens de sluiting van de locaties uitgedaagd werden en verantwoord lekker konden spelen.

Daarnaast zijn op diverse basisscholen zomerscholen gerealiseerd. Een oriëntatie op samenwerking tussen onderwijsinstellingen en het delen van hoogwaardige voorzieningen ter ondersteuning van doorlopende leerlijnen vo-mbo-hbo is nagenoeg afgerond. Door lokale ontwikkelingen in het voortgezet onderwijs (zoals de bestuursovername van SSVOZ en COVID-19) heeft de oriëntatie echter enige tijd stilgelegen. Dit is met hernieuwde inzichten en met de nieuwe onderwijspartner(s) weer opgestart. 2. Goede begeleiding kinderen bij de overgangen Kinderen die overstappen naar het voorgezet onderwijs en daarbij meer ondersteuning nodig hebben, zijn samen met hun ouders begeleid door een vrijwilliger binnen het project School is Cool. In 2020 heeft de gemeente de Gelijke Kansen Alliantie afgesloten met het Ministerie van OCW. Een van de nieuwe activiteiten op deze agenda is een project van het Alfrink College. Zij gaan de taalontwikkeling van hun leerlingen bevorderen, zodat toetsen en examens beter gemaakt kunnen

12

worden. De kans dat de leerlingen hun opleiding optimaal kunnen voltooien, wordt hierdoor groter. Verder wordt in dit project de ouderbetrokkenheid versterkt, zodat ook thuis aandacht is voor onderwijs. Daarnaast heeft in 2020 het project Strong Girls Young meisjes in een achterstandssituatie en met weinig zelfvertrouwen gekoppeld aan een toegankelijk rolmodel om meer regie te krijgen op hun leven. 3. Goede start arbeidsmarkt In 2020 zijn verschillende acties ondernomen om de aansluiting van onderwijs en arbeidsmarkt en een Leven Lang Ontwikkelen in Zoetermeer te stimuleren. Vanuit Zoetermeer is een gesprek geïnitieerd met diverse onderwijsinstellingen en de gemeenten Delft en Leiden om te komen tot een regionaal profiel met doorlopende leerlijnen die passen bij de diverse steden. Hierbij is het ontwikkelen van een associate degree-opleidingen nadrukkelijk een belangrijk onderdeel. Ook is vanuit de gemeenten Zoetermeer en Lansingerland een programmalijn onderwijs-arbeidsmarkt opgesteld voor de A12 Corridor/ logistieke hotspot. Begin oktober is een intentieovereenkomst getekend met De Haagse Hogeschool, mboRijnland en het Centrum voor Innovatief Vakmanschap Smart Technology om de samenwerking te intensiveren en verder te uit te werken.

In deze uitwerking is het versterken van de doorlopende leerlijn en de mogelijkheden van een leven lang ontwikkelen in Zoetermeer een belangrijk onderdeel. In Meerzicht heeft het lectoraat Grootstedelijke ontwikkeling van De Haagse Hogeschool een begin gemaakt met het in kaart brengen van inwonersinitiatieven in Meerzicht en een onderzoek uitgevoerd naar de woonbeleving in een van de hoogbouwcomplexen. In De Leyens is door studenten van mboRijnland en De Haagse Hogeschool, samen met inwoners en zorgpartners, een opeenvolgende reeks onderzoeken uitgevoerd naar wat jonge senioren nodig hebben om zich op het ouder worden voor te bereiden. Op verschillende plekken in de stad leren en onderzoeken studenten dus in de praktijk.

4. Iedere volwassenen voldoende basisvaardigheden. Ook in 2020 hebben de inwoners van Zoetermeer weer gebruik kunnen maken van diverse trajecten in het kader van volwasseneneducatie, om de basisvaardigheden te verbeteren. Het aanbod is waar mogelijk online aangeboden. Dit was echter niet voor alle deelnemers en trajecten haalbaar. Hierdoor zijn niet alle trajecten gerealiseerd. 1.1 Bijdragen aan maatwerk in spelen en leren

Realisatie 2019

Begroting 2020

Realisatie 2020

Doel gehaald?

Bron

% VVE-kinderen dat een meer dan gemiddelde leerwinst boekt

38%

> 45%

51%

Ja

Jaarlijkse monitor VVE Zoetermeer

Tevredenheid van partners over de samenwerking onderwijs en arbeidsmarkt

8

Goed

Goed

Ja

Gesprekken met partners

13

Doelstelling 1.2 Beperken uitval in het onderwijs Voortijdig schooluitval heeft onverminderd de aandacht. Door toezicht op schoolverzuim en een stevige inzet op preventie willen we dit voorkomen. In de periode van COVID-19 was de noodzaak nog groter om alle leerlingen goed in beeld te houden samen met de partners. Er zijn door leerplicht deurbezoeken afgelegd bij leerlingen waar school en/of hulpverlening geen contact meer hadden. Op die manier is snel geschakeld om kinderen weer aan het thuisonderwijs te laten deelnemen. Omdat elk kind recht heeft op een passende (onderwijs)plek spannen ouders, scholen, leerplicht en zorgpartners zich samen hiervoor in. In 2020 heeft de gemeente en het samenwerkingsverband passend onderwijs een onderzoek afgerond naar het dekkend netwerk voor speciaal basisonderwijs (sbo) en speciaal onderwijs (so). Dit veldonderzoek heeft geresulteerd in een integrale actieagenda om de basisvoorzieningen en de aansluiting onderwijs-jeugdhulp te versterken. Een goede loopbaanontwikkeling en aansluiting van onderwijs op de arbeidsmarkt, zowel lokaal als regionaal, beperkt de uitval in het onderwijs en geeft jongeren meer kansen. Bijvoorbeeld door jongeren vroegtijdig in contact te brengen met werkgevers tijdens beroepenmanifestaties als On Stage (vmbo) en The Next Step (speciaal onderwijs).

Vanwege COVID-19 is het evenement Next Step in november 2020 helaas niet doorgegaan. On Stage, de beroepenbeurs voor het vmbo, heeft nog net in maart kunnen plaatsvinden. Er zijn in 2020 voorbereidingen getroffen met scholen en beroepsbeoefenaren om het in 2021 in digitale vorm uit te voeren. Vanuit de aanpak voortijdig schoolverlaten is voor alle vierdejaars leerlingen van het voortgezet onderwijs de Signaalkaart beschikbaar gesteld. Alle scholen hebben enthousiast gebruik gemaakt van deze digitale test voor loopbaanoriëntatie. 1.2 Beperken uitval in het onderwijs Voortijdige schoolverlaters zonder startkwalificatie (vsv-ers) in afgelopen schooljaar: % van alle deelnemers aan vo/mbo onderwijs

Realisatie 2019

Begroting 2020

Realisatie 2020

Doel gehaald?

Bron

2,80%

2,60%

2,69%

Nee

VSV-Atlas (OCW) Jaarverslag leerplicht/ RMC

In 2020 zien we een positieve daling van voortijdig schoolverlaters ten opzichte van vorig jaar (0,11%). Het cijfer wordt mede beïnvloed door de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. In 2019 zagen we nog een stijging vanwege de aantrekkende arbeidsmarkt waardoor jongeren voortijdig het onderwijs verlieten om aan het werk te gaan. We zien nu weer een dalende lijn doordat er minder werkgelegenheid is in verband de COVID-19-maatregelen.

Doelstelling 1.3 Bevorderen van een beter vestigings- en ondernemersklimaat Het jaar 2020 ging economisch goed van start. Bedrijven investeerden en de groei van de economie werd door hen positief ingezien. Meteen in het eerste kwartaal werd deze positieve houding afgeremd door de komst van COVID-19. Vanaf half maart ging Zoetermeer (net als de rest van het land) in een eerste Lockdown. Met name de horeca, evenementenorganisaties en de kleine ondernemer hebben het zwaar gehad. Na deze Lockdown mochten getroffen ondernemingen weer geleidelijk open, waardoor ze wat opbloeiden (vooral: horeca en contactberoepen). In het najaar nam het aantal COVID-19-gevallen te sterk toe, waardoor er een tweede Lockdown werd ingezet tot aan heden. Voor

14

2020 zijn de totale economische gevolgen van COVID-19 voor de verschillende sectoren nog niet inzichtelijk. Voor zover bekend is het aantal faillissementen in 2020 vrijwel gelijk gebleven aan het aantal in 2019 (ongeveer 20). Dit duidt er mogelijk op dat de verschillende steunmaatregelen effect hebben gehad. Daar waar mogelijk zijn de ondernemers ondersteund, gefaciliteerd en begeleid. Concreet is ingezet op: Corona ondernemersloket  Het operationeel maken van een corona ondernemersloket. Deze was en is nog steeds vijf dagen per week bereikbaar. Gedurende een aantal weken is de backoffice ook zeven dagen per week operationeel geweest. Informatievoorziening via websites en nieuwsbrieven  Informatie over de verschillende regelingen is geplaatst op de ondernemerswebsite van Ter Zake het Ondernemershuis en de gemeentelijke website. Updates, webinars, bijeenkomsten, regelgevingen van de diverse overheden zijn hierop vindbaar. 1,5 meter samenleving  In de winkelstraten van o.a. de binnenstad zijn diverse maatregelen genomen inspelend op de 1,5 meter samenleving, zoals: informatievoorziening via posters en social media, bebording en bestickering in overleg met eigenaren en ondernemers. Ondersteunen van economische kansen  Integraal en flexibel is meegedacht met de ondernemers.

Kansen en mogelijkheden zijn verkend om nog meer dan anders ondernemers tijdens de crisis als gevolg van COVID-19 blijvend te kunnen laten ondernemen. Voorbeelden zijn: openstellen van de tijdelijke standplaatsen en uitbreiden van horeca winterterrassen. Kennisdelen  Contacten in de regio zijn ingezet om te leren van voorbeelden van ondersteuningsmaatregelen en dienstverlening aan ondernemers tijdens de crisis als gevolg van COVID-19. Naast het ondersteunen van ondernemers in tijden van COVID-19 is ook uitvoering gegeven aan de ambities uit de economische agenda: 1) impuls geven aan de kenniseconomie en 2) het versterken van het vestigingsklimaat. Concreet is ingezet op: De basis op orde  Inzet om het winkelgebied in de Dorpsstraat compacter en levendiger te maken door het voeren van gesprekken met winkeliersvereniging ODZ en BIZ-vastgoed. De planologische doorvertaling heeft inmiddels ook plaatsgevonden.  Inzet om de Dorpsstraat sterk uit de crisis als gevolg van COVID-19 te laten komen door het voeren van gesprekken met BIZ-vastgoed over een doorstart 2e BIZ-termijn in 2022 en met winkeliersvereniging ODZ over animo voor een eigen BIZ in 2022.  Er is gestart met de uitvoering van het onderzoek naar het toekomstscenario van de drie noordelijke wijkwinkelcentra.  De reclamenota 2019 is vastgesteld.

 De Dag van de ondernemer op 20 november was een groot digitaal succes  De horecamarktscan is niet uitgevoerd. De horeca-ondernemers hebben het zwaar. Dit onderzoek is uitgesteld om verdere belasting van hen te voorkomen. Daarnaast is er het risico dat onderzoeksresultaten sterk beïnvloed worden door de crisis als gevolg van COVID-19 en daarmee een vertekend beeld geven. Start- & scale-ups  In 2020 zijn de start- & scale-ups in Zoetermeer in beeld gebracht. Er is een plan van aanpak gemaakt voor de start- & scale-ups in de IT-sector om de dienstverlening van de accountmanager start- & scale-ups aan hen te kunnen optimaliseren. Deze dienstverlening is gebundeld en digitaal ontsloten via de nieuwe website: www.scalebooster.nl. en is tweetalig beschikbaar (NL/EN). Start& scale-up informatie en innovatie, (online) evenementen en het contact met de accountmanager

15

start- scale-ups worden hier gepromoot. Daarnaast wordt hier voor starters een digitaal overzicht met relevante links geboden bij de oriëntatie op zelfstandig ondernemerschap. Tenslotte is in deze periode met COVID-19 een speciale pagina met een overzicht van alle (financiële)regelingen en ondernemershulp ingericht. Samenwerkingen in de regio  BPH Voor de uitbreiding van Stichting BussinesParkHaaglanden (BPH) met vijf deelnemers, waaronder Zoetermeer, zijn nieuwe stichtingsstatuten vastgesteld. Er is ook een principebesluit genomen over toetreding tot de stichting. De doelstelling van de samenwerking is geactualiseerd, waarbij de focus ligt op het versterken van de regionale samenwerking tussen de deelnemende gemeenten om bedrijven en daarmee werkgelegenheid in de Haagse Regio te behouden en te laten groeien. BPH handelt in aanvulling op de (beleidsmatige) taken en verantwoordelijkheden van Metropoolregio Rotterdam Den Haag op het gebied van werklocaties.  A12-corridor Het doel van de regionale samenwerking logistieke hotspot A12-Corridor is de regio als logistieke hotspot op de kaart te zetten en verder te ontwikkelen. In 2020 eindigde de A12-corridor in de top 5 van belangrijkste ‘logistieke hotspots’ van Nederland.

Er is ingestemd met de uitbreiding van de samenwerking met de gemeenten Pijnacker-Nootdorp en Den Haag als ‘partners van de Stuurgroep’ en de gemeente Bodegraven-Reeuwijk als ‘kernpartij van de Stuurgroep’. Er is gestart met een evaluatie van de huidige samenwerking om de voortgang op de programmalijnen te toetsen. Voor programmalijn onderwijs-arbeidsmarkt is een onderzoek gestart naar kenmerken van de gevestigde ondernemers en de vraag naar (toekomstig) personeel. Om de samenwerking breder bekend te maken is een eigen website gelanceerd (https://a12-corridor.nl/).  MRDH Binnen MRDH zijn de gewenste transformaties van Businesspark Oosterheem, Willem Dreeslaan en de Zilverstraat (delen van bedrijventerreinen) regionaal besproken en afgestemd. Invulling van de compensatieopgave die hieruit volgt wordt integraal bekeken. Ten aanzien van de regionale HBO-MBO-campusontwikkeling is er een plan van aanpak voor Regionale Campus-ondersteuning 2021-2022 opgesteld, waarin de aansluiting bij Human Capital Agenda, post-COVID-19 aanpak en de samenwerking tussen campussen centraal staan. De rol van de MRDH richt zich enerzijds op de opstart en aanjaagfinanciering van campusvoorstellen en anderzijds (na de opstart) op verbinden, coördineren en monitoren van de impact.

Het Dutch Innovation Park maakt deel uit van de regionale campuswerkgroep en heeft via deze weg ook input geleverd voor het plan van aanpak.  Provincie Op initiatief van Zoetermeer heeft de MRDH richting de provincie een succesvolle lobby gevoerd om de provincie te vragen de Subsidieregeling Planvorming Detailhandel of de Vliegende Brigade te verruimen/een vervolg te geven. Hierdoor kunnen provincie en gemeenten aan de slag met het compacter maken van winkelgebieden. Daarnaast kunnen de mogelijkheden onderzocht worden voor een provinciaal fonds, waaruit een onrendabele top van transformaties kan worden gedekt.  Innovation Quarter In het verlengde van de economische steunpakketten heeft het kabinet in 2020 €300 mln. beschikbaar gesteld voor overbruggingskredieten voor startups, scale-ups en (innovatieve) mkbers die in hun bedrijfsvoering zijn geraakt door de crisis als gevolg van COVID-19. De Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen (ROM’s) verstrekken op verzoek van het kabinet deze COVID-19OverbruggingsLening (COL). Innovation Quarter is de regionale ontwikkelingsmaatschappij in ZuidHolland waar Zoetermeer lid van is. Drie bedrijven (start-up en scale-ups) uit Zoetermeer hebben een overbruggingslening gekregen. Campus tour  Er heeft een IT-security campus tour plaatsgevonden.

Deze IT en cybersecurity Campustour werd georganiseerd vanuit de MRDH en de IT Campus Rotterdam, HSD-campus Den Haag en het Dutch Innovation Park. Naast een gemeenschappelijk programma leverden ook elk hun eigen

16

bijdrage en programma met als resultaat betere kennisdeling en meer begrip voor elkaars initiatief en positie. 1.3 Bevorderen van het vestiging- en ondernemersklimaat Rapportcijfer over de dienstverlening van de gemeente aan ondernemers in Zoetermeer

Realisatie 2019

Begroting 2020

Realisatie 2020

Doel gehaald?

Bron

n.v.t.

6,5

6,5

Ja

Ondernemerspeiling

Eind 2020 is een ondernemerspeiling inzake gemeentelijke dienstverlening aan ondernemers uitgevoerd. De resultaten hieruit zijn input voor de op te stellen optimalisatie van de dienstverlening aan de ondernemers. Noemenswaardige resultaten zijn:  Het gemiddelde rapportcijfer van respondenten die persoonlijk contact hadden met de gemeente is een 6,5. De doelstelling voor 2020 is hiermee behaald. In totaal gaf 29,6% een onvoldoende (1 t/m 5), 28,2% een zes of zeven en 42,3% een rapportcijfer tussen acht en tien. De meerderheid gaf dus een voldoende.  De respondenten waren zeer tevreden over de gastvrijheid van het Gemeentelijk Informatie Punt (GIP) met een gemiddeld rapportcijfer van 7,6. Minder tevreden is men over de bereikbaarheid van het GIP dat gemiddeld met een 6,3 wordt beoordeeld.  Gemiddeld beoordelen de respondenten die tijdens de crisis als gevolg van COVID-19 contact hadden met het GIP dit contact met een rapportcijfer 6,8. In totaal geeft 26,2% aan zeer ontevreden tot ontevreden te zijn over dit contact. Daarentegen beoordeelt 74% het contact als tevreden tot zeer tevreden.

Doelstelling 1.4 Bevorderen groei werkgelegenheid Het versterken van de economische structuur van Zoetermeer langs de aanwezige sterke sectoren en in relatie tot de gewenste groei van de stad is de uitdaging. Een strategie werklocaties draagt in deze opgave bij door het bieden van economische uitgangspunten om mee te nemen in de integrale afweging over het efficiënt gebruik van een locatie. Concreet is daarom ingezet op: Strategie werklocaties  Het vaststellen van de uitgangspunten (waaronder een goede woon-werk balans) voor het uitwerkingsdocument strategie werklocaties. Deze zijn vastgesteld in het kerndocument strategie werklocaties.  Er is gestart met het ontwikkelen van een monitor om de ontwikkelingen op de key performance indicatoren uit het kerndocument strategie werklocaties inzichtelijk te maken.  Het integraler en strategischer beoordelen van transformatie- en ontwikkelverzoeken als gevolg van de vastgestelde uitgangspunten en ook rekening houdend met de op te stellen toekomstvisie 2040. Stimuleren ‘leven lang ontwikkelen’

 De aanwezigheid van voldoende opgeleid personeel is een van de belangrijke vestigingsfactoren. Daarom wordt ingezet op de verbinding tussen arbeidsmarkt en onderwijs. Voor de sterke sectoren IT en Logistiek& Handel is verkend welke mogelijkheden er zijn voor een betere aansluiting tussen het onderwijsaanbod en het personeelsvraagstuk. Zie ook de toelichting op Leven Lang Ontwikkelen (LLO) binnen dit programma. 1.4 Bevorderen groei werkgelegenheid Toename aantal arbeidsplaatsen

Realisatie 2019

Begroting 2020

Realisatie 2020

Doel gehaald?

Bron

371

500

869

Ja

Regionale werkgelegenheidsregister

17

Volgens het regionale werkgelegenheidsregister is het aantal arbeidsplaatsen in 2020 toegenomen. In totaal met 869 arbeidsplaatsen naar 52.592 (+1,68%). De doelstelling voor 2020 om het aantal arbeidsplaatsen toe te laten nemen met 500 is daarmee behaald. In de vier sterke sectoren zijn in totaal het aantal arbeidsplaatsen met 548 toegenomen. Binnen deze sectoren treedt de grootste toename op in de sector Health. Namelijk van 5.646 naar 5.866 arbeidsplaatsen (220). Voor de overige sectoren geldt:  Groei logistiek en handel: 160 arbeidsplaatsen (van 11.520 naar 11.680)  Groei bouw & installatie: 147 arbeidsplaatsen (van 2.247 naar 2.394)  Geringe groei ICT & dienstverlening: 21 arbeidsplaatsen (van 13.612 naar 13.633) De volgende belangrijke bedrijven (niet uitputtend) zijn behouden dan wel binnen de gemeentegrenzen van Zoetermeer gevestigd: Siemens (behouden), AIVD (uitbreiding gerealiseerd), WS Audiology (fusie en uitbreiding), Cegeka (KPN-consulting en Call-2 behouden na overname door Cegeka), Sailboard (nieuwe vestiging), Umedwings China (nieuwe vestiging), DHL (grond aangekocht voor voorgenomen vestiging in Zoetermeer) en Topcon (overeenstemming voor vestiging HK in Zoetermeer eind 2021). Daarnaast heeft Zoetermeer meegewerkt aan de uitbreiding van het Lange Land Ziekenhuis.

Doelstelling 1.5 Stimuleren duurzame arbeidsparticipatie Beleidsnota Meedoen met meerwaarde Op 18 mei 2020 heeft de raad de beleidskaders op het gebied van werk, schulden en rondkomen in de nota ‘Meedoen met Meerwaarde’ vastgesteld. Een belangrijk uitgangspunt in de nota is de keuze voor maatschappelijk rendement. Dit uitgangspunt wordt vertaald door de klanten op een andere manier in te delen. Voor re-integratie wordt niet alleen gekeken naar de afstand tot de arbeidsmarkt van iemand, maar ook naar de risico’s die ontstaan wanneer we iemand niet ondersteunen en de daarmee oplopende kosten voor de maatschappij. Het behalen van een breed maatschappelijk rendement op de lange termijn en het kostenbewust inrichten van de dienstverlening is vertaald in de opdracht aan de Binnenbaan. De kadernota ‘Meedoen met Meerwaarde’ sluit aan bij de nieuwe inzichten die zijn opgedaan binnen de leeragenda van de raad. Deze inzichten gaan over de wens om meer te sturen vanuit impact (het verschil dat we willen maken in Zoetermeer) en minder op activiteiten. Arbeidsmarkregio ZHC De gemeente Zoetermeer is centrumgemeente van de arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal (ZHC). Het jaar 2020 heeft voor de arbeidsmarktregio ZHC grotendeels in het teken van COVID-19 gestaan.

Als reactie op de eerste lockdown in maart 2020 zijn de bestaande plannen aangescherpt en is focus aangebracht op de kansrijke sectoren voor ZHC (Zorg & Welzijn, Transport & Logistiek, Groen, Bouw & Techniek en Retail). Regiobreed is het aanbod leerwerktrajecten uitgebreid voor deze sectoren en zijn kandidaten gestart in o.a. het leerwerktraject voor Glasvezelmonteur en de Groen Academie, mede gefinancierd door de impulsgelden Perspectief op Werk. Ook kandidaten uit de banenafspraak en werkgevers zijn succesvol bij elkaar gebracht, via het online event “Digitale Meet & Greet XXL”. Veel energie is uitgegaan naar de start van een dienstverleningsconcept HalloWerk. Dit dienstverleningsconcept heeft als doel om werkgevers en werkzoekenden sneller met elkaar in contact te laten komen. De pilot van HalloWerk zal in 2021 een impuls geven aan de samenwerking tussen de zes gemeenten in ZHC op het gebied van werkgevers- en werknemersdienstverlening. De Rijksoverheid stuurt via de uitvoering van het 3e steun- en herstelpakket op meer samenwerking in de arbeidsmarktregio. De regie op uitvoering van dit pakket ligt bij de centrumgemeente maar wordt gedaan in gedeelde verantwoordelijkheid met het UWV, werknemers- en werkgeversorganisaties en het onderwijs. In 2020 is het Forum Werkbedrijf omgevormd tot het Netwerkplatform ZHC; een open

18

netwerkplatform waarin ook andere partners kunnen aansluiten. Vanuit dit Netwerkplatform ZHC is in november 2020 een startbijeenkomst georganiseerd met alle betrokken partijen bij het derde steun- en herstelpakket in ZHC. Tot slot, met ingang van 1 januari 2021 is de aanpassing van de wet SUWI van kracht. Hieruit vloeit de verplichting voort om te werken vanuit één gezamenlijk uitvoeringsplan ZHC 2021. Dit plan is in 2020 tot stand gekomen in nauwe participatie tussen gemeenten en UWV en is leidraad voor de uitvoering in 2021. Start Werkbedrijf De Binnenbaan BV In 2020 is succesvol toegewerkt naar de start van De Binnenbaan per 1-1-2021. Medio 2020 is het Werkbedrijf opgericht met het vaststellen van de statuten en de aandeelhoudersovereenkomst. In de tweede helft 2020 zijn de overige governance documenten zoals het aanwijsbesluit, het mandaatbesluit en de dienstverleningsovereenkomst opgesteld. Daarnaast is het merendeel van de technische inrichting en personele bezetting van de Binnenbaan gerealiseerd. GR DSW 2020 was het laatste exploitatiejaar van de gemeenschappelijke regeling DSW. Ondanks de COVID19 tegenwind is het mogelijk gebleken het overgrote merendeel van de werkactiviteiten in aangepaste vorm voort te zetten.

De uit jaarresultaat 2019 specifiek COVID-19 tegenvallers getroffen voorziening kon vrijvallen dankzij de rijksvergoeding voor COVID-19, minder Wsw'ers en een hogere SEvergoeding. Vervolgens is het bedrag van de vrijgevallen voorziening aan de deelnemende gemeenten uitbetaald. Ook is de gemeentelijke vergoeding lager uitgevallen dan begroot. Daarmee is 2020 voor de GR DSW ondanks COVID-19 een qua exploitatie goed jaar geweest. Voor 2021 resteert nog de liquidatie en verevening van het openbaar lichaam DSW. 1.5 Stimuleren duurzame arbeidsparticipatie

Realisatie 2019

Begroting 2020

Realisatie 2020

Doel gehaald?

Bron

% arbeidsparticipatie

71,1%

73,9%

68,3%

Nee

CBS / Volksgezondheid en zorg *

Uitstroom naar werk

325

410

169

Nee

Suites4 SociaalDomein

Deeltijd werkenden met uitkering

734

500

1305 **

Ja

Suites4 SociaalDomein

Uitstroom naar school

52

50

48

Ja

Suites4 SociaalDomein

*

Voor realisatie 2019 en begroting 2020 is CBS de bron. Voor de realisatie is een nieuwe bron www.Volksgezondheidenzorg.info/node/12112/tabel omdat CBS niet kon leveren. ** Door registratie issues als gevolg van Tozo verwerking zijn deze cijfers niet zonder meer te vergelijken met de realisatie 2019 en begroting 2020. In de realisatie zijn tot nu toe 244 Tozo en 19 NAB met LKS opgenomen. Dit zal nog muteren.

19

Doelstelling 1.6 Voorzien in noodzakelijke middelen van bestaan Levensonderhoud: De realisatie van het aantal bijstandsuitkeringen is hoger dan de begroting, maar aanzienlijk lager dan op grond van de eerste prognoses van de COVID-19 ontwikkelingen te verwachten was. De 2x verlengde steunmaatregelen van het Rijk met hun extra vangnetfunctie en de toegangseisen voor de bijstand, hebben ertoe geleid dat de realisatie 2020 maar weinig hoger ligt dan de realisatie in 2019. Ook de eerste instroom in 2020 in de WW als voorliggende voorziening met een later in de tijd daaropvolgende gedeeltelijke instroom in de bijstand is beperkt gebleven. Daar waar eerst in het najaar 2020 extra instroom vanwege COVID-19 werd verwacht, wordt nu met deze instroom pas in de loop van 2021 gerekend. Uit de ongekend hoge preventiequote (50%) blijkt dat veel bijstandsaanvragers niet succesvol waren vanwege de partner- en vermogenstoets. Ook heeft bemiddeling naar nieuw werk in de aanvraagfase aan de relatief gunstige realisatie bijgedragen. Minimaregelingen De daling van het aantal personen met een Zoetermeerpas en het financiële voordeel zijn het gevolg van de overgang naar de digitale pas die aangevraagd moest worden in plaats van ambtshalve werd verstrekt. Door deze manier van uitgeven werd de kring van rechthebbenden nauwkeurig afgebakend en daalde enigszins.

Daarbij daalde het daadwerkelijk gebruik door vanwege COVID-19 gesloten voorzieningen. In 2020 was er één aanbieder van de nieuwe collectief aanvullende verzekering. Ook gold een lagere gemeentelijke bijdrage in de premiekosten en eigen risico dan in 2019. Dit heeft geleid tot een lager aantal personen met deze verzekering. Het bereik van de minimaregeling is door de afname in aantallen Zoetermeerpassen en Collectief aanvullende verzekeringen gedaald. 1.6 Voorzien in noodzakelijke middelen van bestaan

Realisatie 2019

Begroting 2020

Realisatie 2020

Doel gehaald?

Bron

Aantal bijstandsuitkeringen

2.614

2.450

2.665

Nee

Suites4 SociaalDomein

Bereik minimaregelingen uitgedrukt in % doelgroep

85%

67%

67% *)

Ja

Gemeentelijke administratie

* Realisatie 2020 is niet exact te bepalen omdat de Zoetermeerpas niet meer ambtshalve, maar op aanvraag wordt verstrekt. Hierdoor is de kring van rechthebbenden beter afgebakend. We zien dat de aanvragers verhoudingsgewijs meer gebruik maken. Bereik uitgedrukt in het aantal passen is minder relevant dan het daadwerkelijk gebruik ervan. Rekening houdend met deze wijziging en het startjaar van de nieuwe collectief aanvullende verzekering is de inschatting dat de realisatie vergelijkbaar is met de 67% uit de begroting.

20

2.1.1.3 Gerealiseerde baten, lasten en saldo per doelstelling (inclusief reservemutaties) Bedragen x € 1.000

Rekening 2020 U

I

Saldo

1.1 - Bijdragen aan maatwerk in spelen en leren

20.243

8.509

-11.734

1.2 - Beperken uitval in het onderwijs

1.929

607

-1.322

1.3 - Bevorderen van een beter vestigings- en ondernemersklimaat

1.988

1.356

-631

444

56

-387

1.5 - Stimuleren duurzame arbeidsparticipatie

23.585

5.903

-17.682

1.6 - Voorzien in noodzakelijke middelen van bestaan

72.529

62.783

-9.746

Totaal programma

120.717

79.215

-41.502

1.4 - Bevorderen groei werkgelegenheid

Voor een verklaring van verschillen tussen begroting en rekening wordt verwezen naar hoofdstuk Jaarrekening/Toelichting op het overzicht van baten en lasten. Financiën op hoofdlijnen Voor de bijdragen aan maatwerk in spelen en leren (doelstelling 1.1) is het budget besteed aan onderwijshuisvesting (€ 13,4 mln.), onderwijsachterstanden (€ 3,4 mln.), lokaal onderwijsbeleid (€ 1,9 mln.) en leerlingenvervoer (€1,2 mln.) De inkomsten komen vooral uit een rijksbijdrage voor onderwijsachterstanden (€ 3,1 mln.), onderwijshuisvesting (€ 4,6 mln.) en overig (€ 1,1 mln.) Voor het beperken van uitval in het onderwijs (doelstelling 1.2) is geïnvesteerd in het terugdringen van voortijdig schoolverlaten (€ 1,3 mln.) en schoolmaatschappelijk werk (€ 0,6 mln.). Daartegenover staan € 0,6 mln. aan inkomsten, met name op het gebied van voortijdig schoolverlaten (€ 0,5 mln.) Ter bevordering van een beter vestigings- en ondernemersklimaat (doelstelling 1.3) is het budget besteed aan accountmanagement, beheer van de warenmarkten en het gemeentelijk accountmanagement economische zaken (€ 2,0 mln.). Er zijn reclameopbrengsten en marktgelden ontvangen (€ 0,4 mln.), een bijdrage uit het RIF voor het Dutch Innovation Park (€ 0,4 mln.), inkomsten A12 corridor (€ 0,2 mln.) en overige inkomsten op het gebied van economische ontwikkeling (€ 0,4 mln.).

Ter bevordering van de groei werkgelegenheid (doelstelling 1.4) is ingezet op lokale en regionale beleidsadvisering op het gebied van economie en versterking hoger onderwijs (€ 0,4 mln.). Daartegenover staan inkomsten van het Dutch Innovation Park en digital innovators (€ 0,06 mln.) Voor het stimuleren duurzame arbeidsparticipatie (doelstelling 1.5) zijn kosten gemaakt voor volwasseneducatie (€ 1,1 mln.), voor arbeidsparticipatie (€ 13,1 mln.) en de WSW (€ 9,4 mln.). De inkomsten voor deze aandachtsgebieden zijn achtereenvolgens € 1,0 mln., € 3,9 mln. en € 1,0 mln. Voor het voorzien in noodzakelijke middelen van bestaan (doelstelling 1.6) is het budget besteed aan inkomensondersteunende voorzieningen (€ 74,1 mln.), zoals de Tozo-regeling, hoogwaardig handhaven (€1,7 mln.) en armoedebestrijding (€ 1,5 mln.). De totale inkomsten van € 67,5 mln. bestaan voornamelijk uit een rijksbijdrage en de Tozo-regeling (€ 66,0 mln.).

21

2.1.2 Programma 2 Samen leven en ondersteunen

Vergroten zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie

2.1 Bevorderen vroegtijdige, toegankelijke, passende en effectieve jeugdhulp

2.2 (Langer) zelfstandig wonen

Gemiddeld budget maatwerkondersteuning per cliënt

Afname gemidd elde leeftijd bij instroom in jeug dhulp

Afname gemidd elde leeftijd bij uitstroo m in jeug dhulp

% cliënten en mantelzorgers dat (ze er) tevr eden is over de ona fha nkelijke clië nto ndersteu ning

% cliënten dat tevreden is over de kwaliteit van het ondersteunings -aanbod

Toename aantal matches in de Verwijsindex

2.3 Bevorderen gezondheid, veiligheid en welbevinden

% dat vindt dat de ondersteuning past bij de hulpvraag

Toename aantal adviezen bij Veilig Thuis

% cliënten en mantelzorgers dat bekend is met de on afha nkelijke clië ntond ersteu ning

% vrijwilligers

Toename aantal meldingen bij Veilig Thuis

% mensen met gevoel van eenzaamheid

2.4 Meedoen naar vermogen (ongeacht aard v/d beperking)

% mensen dat een goede gezondheid ervaart

Afname gemiddeld aantal jaar dat een jeugdige jeugdhulp ontvangt

% mantelzorgers dat zich voldoe nde ond ersteu nd voelt vanu it de eige n o mg evi ng

% mantelzorgers dat zich voldoe nde ond ersteu nd voelt do or de gemee nte /ZoSamen

% mantelzorgers dat zich over het a lgemeen gen ome n voldoe nde ond ersteu nd voelt

Coëfficient voor eenzaamheid onder inwoners (> 18 jaar)

2.1.2.1 Algemene doelstelling Vergroten zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie 2020 stond voor het grootste gedeelte in het teken van de COVID-19-pandemie. Ook op de doelstellingen binnen programma 2 ‘Samen leven en ondersteunen’, waren de effecten van de COVID-19-maatregelen merkbaar. Verschillende activiteiten konden niet doorgaan of moesten op een andere manier worden ingevuld. Dit gold ook voor het zorgaanbod. Na een korte gewenningsperiode lukte het de gemeente met ketenpartners om dienstverlening, hetzij in andere vorm, voort te zetten of zelfs te vernieuwen. Wij menen, ondanks de moeilijkheden rondom COVID-19, toch op allerlei terreinen te hebben kunnen bouwen aan een Zoetermeer waar inwoners samen leven, elkaar ondersteunen of goede ondersteuning ontvangen. Jeugd Jeugdigen moeten zich zoveel mogelijk kunnen ontwikkelen tot zelfredzame burgers, die naar vermogen participeren in de maatschappij. In 2020 waren er, als gevolg van de COVID-19 pandemie, voor alle jeugdigen kleine en grote uitdagingen. De meeste jeugdigen ontwikkelen zich gelukkig goed. Voor hen die ondersteuning nodig hebben, is er een breed aanbod aan vrij toegankelijke ondersteuning waarbij 'normaliseren' het uitgangspunt is. Daarnaast is het mogelijk om gespecialiseerde jeugdhulp in te zetten. De kosten voor de gespecialiseerde jeugdhulp zijn hoog. Door

22

de inzet van diverse maatregelen wordt getracht meer grip op de kostenontwikkeling van de jeugdhulp te krijgen. Wmo  Wonen en zorg. In 2020 is de huisvestingsbehoefte van kwetsbare inwoners in beeld gebracht. Aan de hand van deze behoefte is gewerkt aan passend aanbod. Ook is afgelopen jaar samen met zorgaanbieders en corporaties uitvoering gegeven aan het convenant zorgafhankelijke groepen (betreft nietouderen). Het convenant heeft als doel om de toeleiding naar een woning transparant te laten verlopen en de begeleiding om zelfstandig te kunnen wonen te borgen.  Versterken verenigingen en vrijwilligers. In 2020 is de vernieuwde vrijwilligersondersteuning van start gegaan in nauwe samenwerking met vrijwilligersorganisaties. Een gemeentelijke vrijwilligersondersteuner is aan de slag gegaan met het accent op kennismaking en netwerkontwikkeling tussen de verschillende vrijwilligersorganisaties, de introductie en eerste gebruik van het digitale platform Zoetermeer voor elkaar en COVID-19hulp. Vanwege COVID-19 heeft de bekendheid van ‘Zoetermeer voor Elkaar’ in 2020 een vlucht genomen. Dit platform deed volop dienst om de gewenste COVID-19-hulp te organiseren.  Wmo-ondersteuning. We zien dat het aantal mensen dat een beroep doet op ondersteuning vanuit de Wmo toeneemt en dat ook de zwaarte van de ondersteuningsvraag stijgt.

Hierdoor zijn in 2020 achterstanden ontstaan bij het afhandelen van Wmo-meldingen. Door maatregelen om het afhandelproces te versnellen en door de inzet van een apart team voor het inlopen van de achterstanden is de afhandeltermijn vanaf eind 2020 weer op orde.  Gebiedsgerichte sturing. Met een gebiedsgerichte organisatie en inkoop van een aantal Wmo-voorzieningen kunnen wij beter aansluiten op de vraag van inwoners, en voorzieningen dichtbij hen organiseren. In 2020 is het traject van de verlengde marktconsultaties afgerond en is -na het raadsbesluit- de inkoop van het nieuwe model op 1 september van start gegaan. Vanwege de COVID-19-maatregelen is ervoor gekozen om het inkooptraject 3 maanden later te starten. Dit uitstel heeft de aanbieders ruimte gegeven zich, ondanks de COVID-19-maatregelen, gedegen voor te bereiden op de aanbesteding.  (O)GGZ. In 2020 is het lokale Meldpunt Bezorgd (voor niet acute meldingen van bezorgdheid) ingericht in samenwerking met het maatschappelijk werk van Kwadraad. Bij Meldpunt Bezorgd kan ook gemeld worden in het kader van de Wet verplichte GGZ.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Zoetermeer&id=53810603-d20e-4ffb-a2e8-eb12b104dba8