Bijlage 4 - Gewaarmerkte jaarstukken 2025
Tekst van het document
MKB Digiwerkplaats Haaglanden op het Dutch Innovation Park (2025 en 2026) is gecontinueerd. We hebben de samenwerking met WE-IT met twee jaar verlengd (2025 en 2026). Doel is groei van IT’ers in het mkb in Zuid-Holland. Vanuit het Dutch Innovation Park is ingezet op het opzetten en uitrollen van dienstverlening aan (innovatieve) startups. Samen met een innovatiecoach worden startups gefaciliteerd bij vraagstukken die passen bij de fase waarin het bedrijf verkeert en adviseert over verdere groei van hun initiatief.
31
Rapportcijfer over de dienstverlening van de gemeente aan ondernemers in Zoetermeer
Dit vinden Zoetermeerse ondernemers van het ondernemingsklimaat. Bron: Ondernemerspeiling Type
2024
2025
Begroting
6,9
7,1
Realisatie
6,6
Doel gehaald: N.v.t. Toelichting: De gemeente voert om het jaar de ondernemingspeiling uit. De meest recente peiling vond plaats in 2024. Het gemiddelde rapportcijfer voor de dienstverlening uit die peiling is een 6,6. Het rapportcijfer in de peiling daarvoor (2022) was een 6,2. Het cijfer voor de dienstverlening is dus in deze twee jaar gestegen met bijna een half punt. Dat is een waardevolle verbetering. Voor 2024 was als gemiddeld rapportcijfer een 6,9 als doel in de begroting opgenomen.
Doelstelling 1.4 Bevorderen groei werkgelegenheid
In Zoetermeer is de IT-sector van groot belang om op toekomstige kansen voor economische groei en ontwikkeling in te spelen. Dat gebeurt door op vernieuwende technologieën en digitalisering in te spelen. Deze sector is in 2025 verder verstrekt door de komst van nieuwe bedrijven naar het Dutch Innovation Park en de groei van de Dutch Innovation Community. In aansluiting op (investerings)voorstellen uit de markt was er ook aandacht voor de ontwikkeling van de overige drie sectoren waarop we ons focussen: Handel & logistiek, Bouw & installatie en Zorg. Met de groeiwens van de stad is blijvend aandacht nodig voor de ontwikkeling van ruimte voor werk. De bestaande bedrijventerreinen, winkel- en kantoorlocaties moeten beter benut worden en waar mogelijk en passend gemengd met andere functies. We willen voor de bedrijven die door hun milieuhinder niet passend zijn op andere plekken in de stad, ruimte behouden op de bedrijventerreinen. Blijvende aandacht is ook nodig om het economische voorzieningenniveau in de stad hetzelfde te houden of te verbeteren. Innovatief ondernemerschap en het brede mkb zijn de motor van de lokale economie. We ondersteunden (startende) ondernemers met groeiambitie bij hun groeiuitdagingen, waaronder ook advisering over huisvestingsmogelijkheden.
Met het brede mkb en ondernemersnetwerken is kennis- en inspiratie gedeeld rond de grote transitie uitdagingen in het belang van toekomstbestendig ondernemen. Wat hebben wij gedaan in 2025: • •
Op www.scalebooster.nl is informatie en een kennis- & inspiratieagenda voor (startende) ondernemers met groeiambitie bijgehouden. Vanuit het Dutch Innovation Park is meegewerkt aan een onderzoek van Buck Consultants naar de meerwaarde van campussen in Nederland. Het park is aangemerkt als een van de 15 campussen in ontwikkeling. Op het Dutch Innovation Park groeit het aantal arbeidsplaatsen en het aantal bedrijven sneller dan op de 15 campussen in ontwikkeling. Gemiddeld genomen groeien campussen in deze ontwikkelingsfase vaak het snelst. Dit geldt voor zowel het aantal bedrijven als het aantal werknemers. 32
• • • • • • • • • • • • • •
Voor het Dutch Innovation Park hebben we door DZP een onderzoek laten doen onder eigenaren en ondernemers naar de behoefte aan een organisatiegraad op het Park. Daar zijn een aantal aanbevelingen uit naar voren gekomen die een eerste stap zijn om op termijn te komen tot een organisatiegraad die aansluit bij de wensen van de ondernemers en eigenaren. Vanuit het Dutch Innovation Park is ingezet op het bereiken en faciliteren van innovatieve startups. Daarvoor is een programma opgesteld dat startups ondersteunt en faciliteert bij vraagstukken en uitdagingen door middel van een innovatie coach. Uiteenlopend van bijvoorbeeld juridische vraagstukken, productontwikkeling en huisvesting. Voor het Park is door Vellum een verdichtingsstudie uitgevoerd die inzicht geeft in de kansen en mogelijkheden voor verdichting van bestaande objecten. Daarbij is inzichtelijk gemaakt wat nog aan metrage zou kunnen worden gerealiseerd, aan de hand van het verschil tussen de ruimte volgens het huidige bestemmingsplan en wat er tot nu toe daadwerkelijk is gerealiseerd. We hebben verschillende bedrijfsbezoeken afgelegd om contact te houden met ondernemers. We bezochten vooral ondernemingen uit de vier focussectoren en de detailhandel en horeca.
Geïnitieerd zijn kennis- en inspiratie-evenementen rond innovatief ondernemerschap waaronder: Scale-up Unconference, Innovatieprijs Zoetermeer en het Ondernemersfestival Zoetermeer. Verder is een bijdrage geleverd aan het (internationale) Upstreamfestival, KvK Innovatie Top 100 en Zoetermeer On Stage en is aandacht gegeven aan de FD Gazellen Award en Ondernemersprijs Haaglanden. Samen met het Werkcentrum Zuid-Holland Centraal en De Binnenbaan (SEBO) zijn Zoetermeerse ondernemers in het zonnetje gezet in het kader van de landelijke Dag van de Ondernemer (circa 100 bedrijven). Er zijn bijeenkomsten en evenementen georganiseerd die bijgedragen hebben aan het verbeteren van samenwerking en kennisuitwisseling tussen bedrijven en diverse onderwijspartners zoals het Side event mobiliteit, presentaties door de MKB Digiwerkplaats en de Expo van de Haagse Hogeschool in de Dutch Innovation Factory. Het Ontwerp Omgevingsprogramma gemeente Zoetermeer gebied Van Tuyllpark en de noordelijke bedrijventerreinen heeft ter inzage gelegen en is in november vastgesteld. Voor het verouderde wijk(winkel)centrum De Leyens en de Noordelijke bedrijventerreinen zijn verbeterpunten bekeken in de openbare ruimte en is einde van het jaar gestart met de werkzaamheden. Zo maken we deze plekken aantrekkelijk voor de toekomst.
We werken samen met vastgoedeigenaren en ondernemers aan een aantrekkelijk stadscentrum voor de regio. We werken samen met vastgoedeigenaren, ondernemers en ontwikkelaars aan een gezonde structuur van wijk- en buurtcentra in de stad. We zijn gestart met het proces om het retailbeleid te herzien en te vernieuwen door te schouwen, een data-analyse te laten maken van de retailgebieden en het doorlopen van uitgebreid participatieproces, zodat duidelijk wordt wat er nodig is om de wijk(winkel)centra klaar te maken voor de toekomst. Voor de opgave beter benutten van de ruimte op bedrijventerreinen zijn we twee pilots gestart waarin we op kavelniveau in samenspraak met de vastgoedeigenaar bekijken welke ruimtelijke optimalisatie er mogelijk is. De kantorenstrategie Metropoolregio Rotterdam-Den Haag 2025-2035 is aanvaard door de provincie. Hiermee is onder meer geregeld dat omgevingsplannen met kantoren die passen binnen de aanvaarde regionale visie voldaan aan de regionale afstemming, zoals bepaald is in het provinciaal beleid.
33
Toename aantal arbeidsplaatsen
Arbeidsplaatsen zijn arbeidsovereenkomsten van minimaal 1 uur per week. De toename is het aantal arbeidsplaatsen dat in het begrotingsjaar extra gerealiseerd wordt ten opzichte van het vorige jaar. Bron: Regionale Arbeidsmarktprognose 2023-2024 Zuid-Holland Centraal (1 juni 2023), Werkgelegenheidsregister (1 april 2024) Type
2024
2025
Begroting
570
650
Realisatie
2.212
Doel gehaald: ? Toelichting: De data 2025 zijn nog niet beschikbaar. In Zoetermeer is in 2025 het aantal bedrijfsvestigingen toegenomen met 274 (van 15.663 naar 15.937). Het aantal faillissementen in 2025 is 23 (bron: https://regiodata.kvk.nl/). Dat zijn 15 faillissementen minder dan in het jaar 2024. Het deel van de kantoren dat leeg staat is in 2025 afgenomen naar 6% (2024 10%). Er is vooral nog leegstand in de deelgebieden Entree. Daarnaast gaat het om verdiepingen in bedrijfspanden op de bedrijventerreinen. De kantorenvoorraad is in 2025 verder afgenomen van 546.283 in 2024 naar 515.456 m2 vvo. 34
Doelstelling 1.5 Stimuleren duurzame arbeidsparticipatie
Om duurzame arbeidsparticipatie te stimuleren zijn in 2025 verschillende activiteiten uitgevoerd via werkbedrijf de Binnenbaan en met de partners binnen de Arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal. Arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal Wat hebben wij gedaan in 2025: •
• • •
• •
In 2025 is het Werkcentrum Zuid-Holland Centraal officieel geopend, vooruitlopend op de wettelijke taak per 2027. Het Werkcentrum is een herkenbare, centrale plek waar inwoners en werkgevers terechtkunnen met alle vragen over werk, om- en bijscholing en personeel. Het Werkcentrum heeft ruime openingstijden: de hele week, en de zaterdagmiddag. Daarnaast zijn in de regiogemeenten inlooppunten ingericht die één dag per week geopend zijn. Sinds 7 januari 2025 is ook het digitale Werkcentrum bereikbaar via www.werkcentrumzuidhollandcentraal.nl. Het Werkgeversservicepunt (WSP) heeft in 2025 500 inwoners begeleid naar werk. Daarnaast ondersteunt het WSP werkenden en werkzoekenden bij het vinden van (ander) werk of bij (om)scholing. Per 1 november valt de dienstverlening van het WSP volledig onder het Werkcentrum en wordt de naam ‘WSP’ niet langer gebruikt binnen de arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal (ZHC). Om werkzoekenden, werkgevers en opleiders met elkaar in contact te brengen, zijn in 2025 drie grote evenementen georganiseerd: o Banenmarkt Mall of the Netherlands o Meet & Greet voor kandidaten uit het doelgroepregister o Banenmarkt XL De instrumentengids EVA (Effectief, Vakbekwaam en Actueel) is in 2025 twee keer verbeterd en bijgewerkt.
In deze gids kunnen professionals van gemeenten de beschikbare instrumenten vinden om inwoners te ondersteunen richting werk of duurzame participatie. Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) werkt aan een landelijk dekkend netwerk van WIN-punten (Work in NL), waar EUarbeidsmigranten terecht kunnen voor informatie, ondersteuning en sociale activiteiten op het gebied van wonen, werken en leven. In 2025 zijn in arbeidsmarktregio ZHC de voorbereidingen gedaan om – in samenwerking met arbeidsmarktregio Midden-Holland – in 2026 samen een WIN-punt te openen.
Vanuit het Rijk hebben we tijdens de coronacrisis extra middelen ontvangen voor de Aanpak Jeugdwerkloosheid. Met deze middelen is in 2025 het volgende gedaan: • • •
Leerwerkmakelaars werken in de regio om kwetsbare jongeren te ondersteunen bij werken en leren (BBL). Zij begeleiden jongeren vanaf het vinden van een leerbaan tot de eerste periode van hun opleiding, om uitval te voorkomen. Ook werkgevers worden hierbij ondersteund. De dienstverlening is aanbesteed en loopt vanaf 1 januari 2024 voor twee jaar, met een mogelijkheid tot verlenging van nog eens twee jaar. Bemiddeling van jongeren tot 27 jaar naar BBL-trajecten. Individuele Persoonsgerichte Toeleiding naar Arbeid (IPTA): in Zoetermeer hebben we deze aanpak al. Sinds 2025 is met deze middelen IPTA ook opgestart in Leidschendam-Voorburg. IPTA is gericht op jongeren die risico lopen op criminele afglijding.
35
Samen met de arbeidsmarktregio Haaglanden is een regionaal programma geschreven naar aanleiding van de nieuwe Wet van school naar duurzaam werk. Deze wet (voor jongeren tot 27 jaar) stimuleert samenwerking tussen scholen, doorstroompunten en gemeenten (Participatiewet). Met als doel jongeren te helpen een startkwalificatie te behalen en duurzaam deel te nemen aan de arbeidsmarkt of op andere wijze maatschappelijk te participeren. Re-integratiedienstverlening aan bijstandsgerechtigden in 2025 Wat hebben wij gedaan in 2025 • • • •
In 2025 zijn 216 inwoners uitgestroomd uit de uitkering naar werk. Daarmee is de doelstelling van 180 ruimschoots behaald. Er zijn 130 inwoners geholpen aan een parttimebaan. Ook zijn 31 niet-uitkeringsgerechtigden (NUG) begeleid naar werk. De begeleiding naar werk vond plaats via reguliere trajecten en maatwerktrajecten, afgestemd op de situatie en mogelijkheden van de inwoner. Daarbij is gelet op passend werk en duurzame uitstroom. Het aantal beschutte werkplekken kwam per 31 december 2025 uit op 78. Dit ligt onder de afgesproken doelstelling van 83. Deze lagere stand wordt onder andere veroorzaakt door uitstroom als gevolg van pensionering, ziekte, overlijden en verhuizingen van medewerkers. In 2025 werken 255 inwoners met inzet van loonkostensubsidie, bij een doelstelling van 260. Dit aantal is gebaseerd op de cijfers die op dit moment zeker zijn. Door vertraging in het werkproces kunnen hier met terugwerkende kracht nog inwoners bij komen.
In september 2025 is de dienstverleningsovereenkomst (DVO) voor de jaren 2026–2030 vastgesteld. In deze overeenkomst staan afspraken over taken, samenwerking en verwachtingen tussen de gemeente en De Binnenbaan voor de komende jaren. In december 2025 heeft het college de Opdracht- en Budgetbrief 2026 vastgesteld. In deze brief staan de inhoudelijke en financiële kaders voor 2026. De raad is hierover geïnformeerd via een raadsmemo. Naar aanleiding van een amendement van de raad wordt vanaf 2026 de zienswijze van de raad op De Binnenbaan gebaseerd op de Opdracht- en Budgetbrief, in plaats van op de jaarstukken en de ontwerpbegroting. Daarnaast is in 2025 gewerkt aan het bedrijfsplan 2026–2030 van het werkbedrijf. Dit plan beschrijft de koers voor de komende jaren en vormt de basis voor verdere afspraken. Verder zijn in 2025 gesprekken gevoerd tussen de gemeente en De Binnenbaan over de mogelijke inzet van rijksimpulsgelden voor sociaal ontwikkelbedrijven. Besluitvorming hierover wordt verwacht in het eerste kwartaal van 2026. Ook heeft De Binnenbaan hard gewerkt aan de pilot maatwerkvervoer De Opstap. Dit maatwerkvervoer wordt in opdracht van de gemeente Zoetermeer uitgevoerd in samenwerking met de Metropoolregio Rotterdam Den Haag. In 2025 is gewerkt naar de start van de busdienst, die per 5 januari 2026 volgens planning in gebruik is genomen.
De Binnenbaan is verantwoordelijk voor de uitvoering van het maatwerkvervoer en voor het opleiden van de chauffeurs. De pilot draagt bij aan de doorstroming van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt naar betaald werk binnen het reguliere openbaar vervoer en aan een betere bereikbaarheid met openbaar vervoer voor inwoners van Zoetermeer.
36
Inburgering In 2025 heeft de gemeente Zoetermeer verder gewerkt aan de uitvoering van de Wet inburgering 2021. Aan het einde van 2025 zijn 716 inburgeringsplichtigen in beeld. Van deze groep volgt 89% een inburgeringstraject. De meeste inburgeraars doen actief mee aan hun traject. Dit laat zien dat Zoetermeer veel mensen bereikt en goed begeleidt. Inburgeringsplichtigen: • • •
716 inburgeringsplichtigen per 31 december 2025 638 personen (89%) volgen een inburgeringstraject 78 statushouders in de fase van brede intake, voorbereiding of overdracht
De verdeling over de leerroutes laat zien dat Zoetermeer nadrukkelijk inzet op participatie via werk en onderwijs. De meeste inburgeringsplichtigen volgen de B1-route. Een kleinere groep volgt de onderwijsroute. Voor mensen voor wie leren moeilijker is, is er de Z-route. In deze route ligt de nadruk op zelfredzaamheid en meedoen in de samenleving. Verdeling leerroutes (alle inburgeringsplichtigen): • • •
B1-route: 401 personen (68%) Z-route: 147 personen (25%) Onderwijsroute: 38 personen (7%)
Ook bij statushouders die actief deelnemen aan een traject is dit beeld zichtbaar. Bijna tweederde volgt een leerroute gericht op werk of onderwijs. Statushouders in actieve trajecten: • • •
B1-route: 177 personen (52%) Z-route: 135 personen (38%) Onderwijsroute: 37 personen (10%)
Naast de leerroutes voert Zoetermeer ook de verplichte onderdelen van de wet uit. Sinds de start van de Wet inburgering 2021 hebben veel inburgeraars deze onderdelen afgerond. Daarmee is gewerkt aan kennis van de Nederlandse samenleving en voorbereiding op werk. Participatieverklaringstraject (PVT) en Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP): • • • • •
Participatieverklaringstraject afgerond: 470 personen 282 statushouders 188 gezinsmigranten Module Arbeidsmarkt en Participatie afgerond: 357 trajecten 177 statushouders 37
•
180 gezinsmigranten
Tot en met 2025 zijn 220 inburgeringstrajecten beëindigd. Daarvan zijn 47 trajecten volledig afgerond. Inburgeraars hebben drie jaar de tijd om hun traject af te ronden. Veel mensen zitten nog midden in hun traject. Daarom wordt verwacht dat het aantal afgeronde trajecten in de komende jaren verder zal stijgen. Alles bij elkaar laten de cijfers zien dat Zoetermeer in 2025 heeft ingezet op goede toegang, actieve deelname en maatwerk. De uitvoering van de inburgering sluit aan bij de doelen van de Wet inburgering 2021 en bij hoe deze wet landelijk wordt uitgevoerd. Asielopvang De gemeente Zoetermeer heeft, volgens de Spreidingswet, een wettelijke taakstelling voor de opvang van asielzoekers. Ook zijn er afspraken over asielopvang gemaakt met de gemeenten in de regio Haaglanden. De taakstelling voor Zoetermeer bedroeg in 2025 op basis van de verdeelsleutel: 703 opvangplekken. De voormalige gevangenis in Zoetermeer is omgebouwd tot een opvanglocatie voor asielzoekers die wordt beheerd door het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA). Voor de gemeente is de opvang van asielzoekers kostenneutraal. Wat hebben wij gedaan in 2025: •
De gemeente Zoetermeer huisvest 703 asielzoekers in de COA locatie. De bezetting is daarmee gelijk aan de wettelijke taakstelling van 703 opvangplekken.
Toelichting: De gemeente heeft haar verantwoordelijkheid genomen en een bijdrage geleverd aan de opvang van asielzoekers binnen de gestelde kaders van de Spreidingswet. Huisvesting statushouders De Rijksoverheid bepaalt elk half jaar hoeveel aan de gemeente gekoppelde statushouders de gemeente Zoetermeer moet huisvesten. Dit is geen onderdeel van de Spreidingswet maar wordt elk half jaar vastgesteld door het Rijk op basis van een verdeelsleutel. Hoe de taakstelling in 2025 is uitgevoerd: • • •
Het jaar 2025 startte Zoetermeer met een achterstand van 68 nog te plaatsen statushouders. De wettelijke taakstelling betrof 107 in de eerste helft en 93 in de tweede helft van 2025. Totaal dus 200 statushouders. Het totaal te huisvesten statushouders (achterstand plus taakstelling) betrof in 2025 daarmee 268.
Wat hebben wij gedaan in 2025: •
De gemeente heeft 225 statushouders gehuisvest in samenwerking met de woningbouwcorporaties. Hiermee blijft er een achterstand bestaan van 43 plaatsingen.
38
• •
Van de 225 huisvestingen gaat het bij 68 mensen (25%) om tijdelijke huisvesting op basis van de Hotel Accommodatie Regeling (HAR) gefinancierd door het COA. Dit gaat om huisvesting in het KaFra-budgethotel in Zoetermeer van KaFra-housing. De HAR-regeling loopt maximaal één jaar. De opgave om uiteindelijk duurzame huisvesting te vinden blijft voor de gemeente dus wel bestaan. Samengevat heeft de gemeente Zoetermeer 84% van de taakstelling in 2025 gerealiseerd. De achterstand van 43 nog te plaatsen statushouders in 2025 komt bovenop de nieuwe taakstellingen van 2026-I en 2026-II.
Toelichting: De huisvestingstaak van statushouders is wettelijk en daarmee niet vrijblijvend voor de gemeente Zoetermeer. Via interbestuurlijke toezichtsgesprekken met de Provincie Zuid-Holland verantwoord de gemeente de uitvoering van de taakstelling. Als de taakstelling niet wordt gehaald kan dit (bestuurlijke) gevolgen hebben voor de gemeente. In 2025 heeft de gemeente haar taakstelling niet volledig gehaald. Een belangrijke reden hiervoor is het tekort aan geschikte woningen. De toewijzing van sociale huurwoningen aan statushouders is niet altijd mogelijk omdat er ook andere belangrijke aandachtsgroepen zijn die recht hebben op woningen. De gemeente is met de Provincie in gesprek over het oplossen van de achterstanden.
% Arbeidsparticipatie
Het aandeel (= percentage) werkenden van de totale bevolking is de netto arbeidsparticipatie. Alle 15- tot 75-jarigen in de bevolking worden meegeteld. Bij het vaststellen van de arbeidsparticipatie wordt uitgegaan van een grens van 12 uur per week werken. Bron: CBS Type
2024
2025
Begroting
72%
73%
Realisatie
72%
72%
Doel gehaald: Ja. Toelichting: De economie trekt aan. De werkzame beroepsbevolking neemt toe.
Uitstroom naar werk
Uitstroom uit de bijstand als gevolg van werk. Bron: Suites4 SociaalDomein Type
2024
2025
Begroting
200
180
Realisatie
181
184
39
Doel gehaald: Ja. Toelichting: In 2025 zijn door Werkbedrijf De Binnenbaan 188 inwoners begeleid naar werk. Daarmee is de doelstelling van 180 behaald.
Deeltijd werkenden met uitkering
Aantal uitkeringsgerechtigden dat op 31-12 inkomsten uit parttime werk heeft. Bron: Suites4 SociaalDomein Type
2024
2025
Begroting
500
525
Realisatie
474
522
Doel gehaald: Nee. Toelichting: Het doel is zo goed als behaald. De Binnenbaan zet in op deeltijd werken als opstap naar duurzame uitstroom.
40
Uitstroom naar school
Aantal jongeren dat vanuit een bijstandsuitkering weer uitstroomt naar school. Bron: Suites4 SociaalDomein Type
2024
2025
Begroting
40
25
Realisatie
19
16
Doel gehaald: Nee. Toelichting: We zien dat jongeren die zichzelf kunnen redden dat ook doen. Als een jongere zich meldt voor een bijstandsuitkering dan gaat het vaak om een kwetsbare jongere. Vaak er is sprake van meerdere problemen op verschillende leefgebieden. Die problemen moeten eerst worden aangepakt en daarna is er weer ruimte voor ontwikkeling en dus een opleiding.
Doelstelling 1.6 Voorzien in noodzakelijke middelen van bestaan
Inkomensvoorzieningen en minimabeleid Er is blijvend geïnvesteerd in de ondersteuning van Zoetermeerders die het financieel moeilijk hebben. Dit is gedaan in goede samenwerking met maatschappelijke partners, gericht op ondersteuning en preventie. Wat hebben wij in 2025 gedaan: •
•
•
Op basis van de ‘Uitkomsten Onderzoek Besteedbaar Inkomen’ (december 2024) zijn stappen gezet om de gemeentelijke dienstverlening op bereik, bejegening en preventie van geldzorgen te verbeteren. In 2025 is een uitgebreid participatietraject uitgevoerd met inwoners en maatschappelijke partners. Doel hiervan was om te komen tot oplossingen die passen bij de leefwereld van de doelgroep en die in de praktijk goed werken. De waardevolle inzichten, zijn vertaald in acties die aansluiten bij de leefwereld van onze inwoners, waarbij we gebruik maken van ervaringskennis en ervaringsdeskundigheid. Vanaf de zomer van 2025 zijn de oplossingsrichtingen uitgewerkt in een actieagenda en voorbereid voor besluitvorming door de raad. Het onderzoek naar de haalbaarheid van een brede stadspas was medio 2025 klaar. Daaruit blijkt dat er breed draagvlak en enthousiasme is onder minima, inwoners en aanbieders voor de doorontwikkeling van de huidige ZoetermeerPas naar een brede stadspas voor alle inwoners. De meerwaarde zit in verschillende gratis acties en kortingspakketten om de pas voor iedereen aantrekkelijk te maken. Eind 2025 is een raadsvoorstel voorbereid voor besluitvorming door de raad. Gemeenten hebben de opdracht gekregen om de alleenverdienersproblematiek aan te pakken.
De Alleenverdienersproblematiek houdt in dat huishoudens met lage inkomens door gebrekkige regelgeving, te weinig toeslagen ontvangen. Hierdoor komen zij onder het bestaansminimum uit. Dit wordt tijdelijk opgelost via gemeentelijke compensatie en vanaf 2028 structureel door de Belastingdienst. De gemeente heeft beleidsregels vastgesteld in lijn met de landelijke richtlijnen.
41
• •
De gemeente Zoetermeer is doorgegaan met de collectieve zorgverzekering voor inwoners met een laag inkomen en heeft het contract met zorgverzekeraar Menzis tot en met december 2026 verlengd. Samen met Menzis is gewerkt aan het bereiken van de doelgroep met een brede campagne om mensen uit te leggen wat het betekent om op de juiste manier verzekerd te zijn. We blijven werken aan manieren om inwoners makkelijk en snel te ondersteunen bij geldzorgen. Inwoners hebben fysieke plekken nodig waar ze zonder afspraak kunnen binnenlopen. Na Buytenwegh en Seghwaert ging in 2025 een derde inlooplocatie van het Geldpunt in Meerzicht open.
Preventie en schuldhulpverlening Uit de cijfers van het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS) blijkt dat ook in Zoetermeer het aantal huishoudens met problematische schulden tussen 2023 en 2025 gestegen is. Net als in het landelijke beeld, nam het aantal hulpvragen van ondernemers toe maar daalde het aantal hulpvragen van particulieren licht. Het aantal inwoners dat we hebben geholpen met informatie en advies, stabilisering van schulden, budgetbeheer en doorverwijzing naar (aanvullende) ondersteuning blijft grotendeels stabiel. Het aantal ingezette producten in 2025 was 1.559, vergeleken met 1.745 (na correctie) in 2024. Ook dit jaar hebben meer mensen preventief gebruik gemaakt van een geldplan. Dit is een zelfhulpinstrument. In 2025 was het aantal mensen dat gebruik maakte van het geldplan 1.567. In 2024 was dit 1.438. Dit komt neer op een stijging van ongeveer 9%. De top 3 gebruikte geldplannen zijn: 1. Beter rondkomen 2. Bijna 18 3. Kom uit je geldzorgen Wat hebben wij gedaan in 2025: • • • • •
In de Week van het Geld (maart 2025) is extra aandacht gegeven aan financiële educatie in het onderwijs. Samen met partners zoals JIP, DUO, GroUp en het GeldPunt zijn verschillende activiteiten georganiseerd, waaronder een gastles op mboRijnland. De preventiemedewerkers armoede en schulden hebben hun samenwerkingen met onderwijs- en zorgpartners uitgebreid. Bij het project Vindplaats verborgen schulden vanuit het Programma Sociale Innovatie zijn interviews gehouden met werkgevers om beter in beeld te krijgen welke ondersteuning bij hen passend is. De gemeente zet in op budgetbeheer als hulpmiddel om de financiële zelfredzaamheid te vergroten en te voorkomen dat financiële problemen verergeren. Eind 2025 is gestart met een nieuwe aanbesteding. In verband met de verkorting van de aflostermijn van 36 naar 18 maanden wordt het pakket uitgebreid met de mogelijkheid voor financiële coaching, ook voor inwoners die (nog) niet deelnemen aan een schuldhulpverleningstraject. Er zijn stappen gezet om de aanvraagprocedure en intakefase van schuldhulpverlening te verkorten, in aanloop naar de komende wijzigingen in de NVVK-basisdienstverlening. Vanuit het Programma Sociale Innovatie is de raad akkoord gegaan met het voorstel om te starten met de pilot Jongeren Perspectief Fonds (JPF).
De pilot is bedoeld om jongeren met (problematische) schulden beter met intensieve begeleiding te ondersteunen.
42
•
De samenwerking met maatschappelijke partners is belangrijk voor de dienstverlening van de gemeente. Zonder vrijwilligersorganisaties is het niet mogelijk om inwoners met financiële problemen goed te ondersteunen. Zij vullen het werk van professionals in de keten aan en zorgen voor een laagdrempelige toegang tot hulp. Om de samenwerking tussen professionals en vrijwilligers te versterken, is in oktober 2025 het Event Geldzaken georganiseerd. Dit evenement had als doel kennisdeling en ontmoeting. Het evenement werd bezocht door ruim 100 belangstellenden uit diverse Zoetermeerse organisaties. Door elkaar beter te leren kennen, weten partners elkaar sneller te vinden in het belang van de inwoner en bij de aanpak van individuele situaties.
Toeslagenaffaire In 2025 heeft Zoetermeer 458 lopende dossiers en 996 afgeronde dossiers van gedupeerde Toeslagenaffaire. Er werken 12 consulenten aan de lopende dossiers. In 2025 zijn er ongeveer 380 gezinnen aan een nieuwe start geholpen door middel van tegemoetkomingen vanuit de specifieke uitkering (SPUK).
Aantal bijstandsuitkeringen
Aantal bijstandsuitkeringen levensonderhoud per 31-12 van het betreffende jaar. Bron: Suites4 SociaalDomein Type
2024
2025
Begroting
2.520
2.600
Realisatie
2.568
2.544
Doel gehaald: Ja. Toelichting: Het aantal bijstandsuitkeringen is redelijk stabiel en zelfs iets gedaald. De krappe arbeidsmarkt is nog steeds in het voordeel van werknemers. Maar we zien ook dat een grote groep van de bijstandsgerechtigde een grote afstand tot de arbeidsmarkt heeft.
Bereik minimaregelingen uitgedrukt in % doelgroep
Bereik uitgedrukt in som van % doelgroep Zoetermeerpas / Collectieve ziekteverzekering / Kwijtschelding gedeeld door 3. Bron: Gemeentelijke administratie Type
2024
2025
Begroting
85%
85%
Realisatie
69%
64%
Doel gehaald: Nee. Toelichting: het percentage is lager dan verwacht. Dit komt vooral doordat er minder mensen gebruik maken van de collectieve zorgverzekering. Dit is niet 43
negatief, de collectieve zorgverzekering is niet voor alle inwoners de meest passende verzekering. De komende jaren zetten we door middel van acties uit de Actieagenda Financiële Bestaanszekerheid 2026-2029 in op het vergroten van het bereik van de minimaregelingen.
Totalen per doelstelling Bedragen x €1.000
Programma 1 Onderwijs, economie en arbeidsparticipatie
Jaarrekening 2025 Lasten
Baten
Toevoegingen
Onttrekkingen
Saldo
Bijdragen aan maatwerk in spelen en leren (1.1)
-23.753
9.471
-1.177
1.802
-13.656
Beperken uitval in het onderwijs (1.2)
-3.342
727
0
0
-2.615
Bevorderen van een beter vestigings- en ondernemersklimaat (1.3)
-2.107
534
0
0
-1.573
-377
0
0
0
-377
Bevorderen groei werkgelegenheid (1.4) Stimuleren duurzame arbeidsparticipatie (1.5)
-26.266
4.464
-3.308
244
-24.866
Voorzien in noodzakelijke middelen van bestaan (1.6)
-84.378
64.654
0
0
-19.724
TOTAAL PROGRAMMA
-140.222
79.849
-4.485
2.046
-62.812
Financiën op hoofdlijnen Doelstelling 1.1 De uitgaven voor doelstelling 1.1 van ongeveer € 23,8 mln. werden met name ingezet voor uitvoerings- en beleidstaken voor het terugdringen van onderwijsachterstanden (€ 6,4 mln.), leerlingenvervoer (€ 2,6 mln.), en lokaal onderwijsbeleid (€ 2,1 mln.) en onderwijshuisvesting (€ 12,6 mln.). De inkomsten van ongeveer € 9,5 mln. bestonden hoofdzakelijk uit rijksbijdragen voor het terugdringen van onderwijsachterstanden (€ 5,9 mln.), lokaal onderwijsbeleid (€ 1,5 mln.) en inkomsten uit contractuele verhuren en overige investeringsbijdragen (€ 2,1 mln.). Daarnaast vond er per saldo een onttrekking plaats uit de reserve egalisatie investeringen schoolgebouwen (€ 0,5 mln). Doelstelling 1.2 De uitgaven voor het beperken van uitval in het onderwijs van ongeveer € 3,3 mln. werden met name ingezet voor de aanpak van voortijdig schoolverlaten om het aantal jongeren zonder startkwalificatie te verminderen (€ 2,6 mln.) en het verbeteren van de zorgstructuur onderwijs (€ 0,5 mln.) en volwasseneducatie (€ 0,3 mln.). Hiertegenover staan inkomsten van de provincie (€ 0,7 mln.). Doelstelling 1.3 De uitgaven voor het bevorderen van een beter vestigings- en ondernemersklimaat van ongeveer € 2,1 mln. werden o.a.
ingezet voor (strategisch) beleid, maatregelen voor het versterken van het ondernemersklimaat, verhogen samenwerking en organisatiegraad op werklocaties en beheer warenmarkt. Ook is bijgedragen aan samenwerkingen in de regio, zoals: WE-IT, de Metropoolregio Rotterdam Den Haag en Business Park Haaglanden. De inkomsten van ca. € 0,5 mln. bestaan hoofdzakelijk uit reclame-inkomsten en marktgelden.
44
Doelstelling 1.4 De uitgaven voor het bevorderen van de groei van werkgelegenheid van ongeveer € 0,4 mln. werden hoofdzakelijk ingezet voor de innovatieprijs en bijdragen aan verschillende (regionale) initiatieven en events voor start- & scale-ups. Daarnaast voor onderzoek voor de retail in Zoetermeer en voor stimuleringsmaatregelen. Doelstelling 1.5 De uitgaven voor het stimuleren van duurzame arbeidsparticipatie van ongeveer € 26,3 mln. werden hoofdzakelijk ingezet om werkzoekenden te laten participeren op de (regionale) arbeidsmarkt en sociale activering door middel van o.a. bijdragen aan de verbonden partij De Binnenbaan BV en inzet van het Werkcentrum ZHC (€ 19,5 mln.) , en voor de uitvoering van de (oude) wet sociale werkvoorziening (€ 7,9 mln.). Daarnaast betreft een deel van de uitgaven de uitvoering van de wettelijke taken op het gebied van de wet educatie en beroepsonderwijs (€ 2,2 mln.). Tevens is een bedrag van € 3,3 mln. gestort in de bestemmingsreserve Arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal. Hiertegenover staan inkomsten vanuit de rijksregeling WEB (€ 2,1 mln.) en subsidies uit het Europees Sociaal Fonds plus (€ 2,0 mln.).
Doelstelling 1.6 De uitgaven voor het voorzien in noodzakelijke middelen van bestaan zijn hoofdzakelijk ingezet voor de uitvoering van de wettelijke taken op de gebieden algemene bijstand (€ 64,4 mln.), schuldhulpverlening en de Toeslagenaffaire (€ 6,8 mln.), de bijzondere bijstand (€ 6,7 mln.), de Wet Inburgering (€ 2,8 mln.), het bieden van minimategoeden via de ZoetermeerPas (€ 1,8 mln.), en de kwijtscheldingen van (lokale) belastingen (€ 1,8 mln.). Hiertegenover staan inkomsten uit de BUIG (€ 56,9 mln.), rijksmiddelen ten behoeve van de Toeslagenaffaire (€ 3,6 mln.), terugvorderingen van bijstandsuitkeringen (€ 1,7 mln.), de specifieke uitkering Wet Inburgering (€ 1,6 mln.), en terugbetalingen van leenbijstand (€ 0,6 mln.). Voor een verklaring van verschillen tussen begroting en rekening wordt verwezen naar hoofdstuk Jaarrekening/Toelichting op het overzicht van baten en lasten.
45
Programma 2 Samen leven en ondersteunen
46
Algemene doelstelling: Vergroten zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie
Inmiddels is het tien jaar geleden dat de decentralisaties in het sociaal domein plaatsvonden. De gemeente werd toen verantwoordelijk voor de uitvoering van de Jeugdwet en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). De gemeente biedt inmiddels een breed palet aan ondersteuning en zorg voor inwoners. Het aanbod varieert van preventieve (welzijns)activiteiten tot specialistische hulp. Het uitgangspunt blijft dat mensen zoveel mogelijk zelfstandig en zelfredzaam zijn. Ook het afgelopen jaar hebben we ingezet op het bevorderen van een gezonde leefstijl, op normaliseren (eigen verantwoordelijkheid, niet onnodig problematiseren) en het versterken van vaardigheden. Daarbij sluiten we aan bij de ambities uit het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) en het Integraal Zorgakkoord (IZA). Binnen deze kaders werken we aan vijf landelijke ketenaanpakken; Kansrijke Start, Kind naar Gezond Gewicht, Gezonde Leefstijlinterventie, Welzijn op Recept en Valpreventie. GALA en IZA richten zich op het toekomstbestendig maken van ondersteuning. Dit doen we door anders te organiseren en door te investeren in preventie en vroegsignalering. Het afgelopen jaar hebben we intensief samengewerkt met andere domeinen en partners, zoals met de Sterke Sociale Basis, Samen ZoeterMeer Gezond en het medische domein.
Zo zorgen we ervoor dat ondersteuning in Zoetermeer toegankelijk blijft, van goede kwaliteit is en betaalbaar blijft. Daarnaast kregen inwoners specialistische ondersteuning en hulp vanuit de Wmo en Jeugdwet. We kijken daarbij nadrukkelijk naar wat passende zorg is voor een inwoner, wat effectief is en wat iemand zelf of met hulp van het sociaal netwerk zelf kan doen. Niet voor elke hulpvraag is specialistische zorg of ondersteuning het antwoord. In de doorontwikkeling van de Lokale Teams is dit in het afgelopen jaar een belangrijk uitgangspunt geweest. Aansluitend bij de afspraken uit de Hervormingsagenda Jeugd stond 2025 grotendeels in het teken van het verder opzetten van de Lokale Teams en het realiseren van passende locaties. Aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling Eind 2025 heeft de raad de Regiovisie Huiselijk Geweld Haaglanden 2026 en verder vastgesteld, met focus op preventie en het duurzaam stoppen van geweld. Deze visie is uitgewerkt in een Lokale uitvoeringsagenda met concrete acties en verantwoordelijkheden voor de gemeente Zoetermeer. Programma Sociale Innovatie Binnen het programma Sociale Innovatie is in 2025 het project Innovatief en wijkgericht ondersteuningsaanbod gericht op preventie, dat door de organisatie inZet is uitgevoerd, definitief afgerond. De resultaten van het project zijn geborgd binnen de werkwijze van inZet.
Voor het project Verborgen schulden is in 2025 onderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek richtte zich op de behoeften van ondernemers bij het tijdig signaleren van werknemers met verborgen schuldenproblematiek. De projecten Wijkimpact Jeugd en Preventie in de Praktijk zijn beiden tussentijds geëvalueerd. Voor het project Wijkimpact Jeugd is de Staat van de Jeugd in de wijk Meerzicht als uitgangspunt genomen. Samen met betrokken partners en bewoners is vervolgens gekozen voor een gerichte aanpak van de meet urgente vraagstukken. De aanpak wordt gemonitord. Het project Preventie in de Praktijk heeft casuïstiek behandeld en geanalyseerd. Op basis van de analyse is geconcludeerd dat de interventies het beoogde effect hebben behaald. De raad heeft in 2025 besloten drie projecten toe te voegen aan het programma Sociale Innovatie. Dat zijn (1) Kunst op Recept, (2) Meten, Leren, Verbeteren en (3) Jongerenperspectieffonds.
Doelstelling 2.1 Bevorderen vroegtijdige, toegankelijke, passende en effectieve jeugdhulp
Binnen deze doelstelling hebben we gewerkt aan het uitvoeren van het jeugdbeleid. Dit richt zich op de gezondheid van jeugdigen, het voorkomen van problemen bij het opvoeden en opgroeien, het vroegtijdig ondersteunen waar kan en de inzet van specialistische (jeugd-)hulp waar nodig.
47
Doelmatigheid en effectiviteit van preventieve jeugdhulp In het vrij-toegankelijke, preventieve aanbod is in 2025 een start gemaakt met vier nieuwe interventies die bewezen effectief zijn. Deze interventies kunnen worden ingezet ter vervanging van specialistische jeugdhulp. Het betreft zowel groepstrainingen voor ouders en jeugdigen als een individuele training. Ten opzichte van 2024 konden meer inwoners gebruikmaken van bewezen effectieve of wetenschappelijk goed onderbouwde interventies. Het ging hierbij vooral om interventies die gericht zijn op het versterken van opvoedvaardigheden van ouders. Toegang tot jeugdhulp via het SMW en de POH-jeugd Het schoolmaatschappelijk werk (SMW) op het primair onderwijs en de Praktijkondersteuners Huisarts jeugd (POH-jeugd) begeleiden kinderen op school en in alle huisartspraktijken. De meeste kinderen konden worden geholpen door kortdurende begeleiding van het SMW of de POH-jeugd of werden verwezen naar vrij toegankelijke voorzieningen. Er zijn in 2025 876 jeugdigen aangemeld bij het SMW op het primair onderwijs. Van deze kinderen is 35% doorverwezen naar specialistische jeugdhulp. De POH-jeugd zagen 1.126 jeugdigen. Hiervan werd 48% doorverwezen naar specialistische jeugdhulp. De percentages zijn vergelijkbaar met eerdere jaren.
Kansrijke start Het landelijk actieprogramma Kansrijke Start komt voort uit het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). Het programma richt zich op de eerste 1000 dagen van een kind, vanaf de zwangerschap tot de tweede verjaardag. In 2025 is Kansrijke Start onderdeel geworden van het transformatieplan Preventie vanuit het Integraal Zorgakkoord (IZA), dat samen met Samen ZoeterMeer Gezond (SZMG) is opgesteld. Hiermee worden de activiteiten van Kansrijke Start breed gedragen door de partners binnen SZMG. Binnen Kansrijke Start is gewerkt aan de volgende ontwikkellijnen: 1. Het versterken van ondersteuning voor (aanstaande) ouders in kwetsbare situaties vanuit de lokale werkgroep Gezond Zwanger. 2. Het voorkomen van onbedoelde zwangerschappen door ondersteuning bij keuzes over kinderwens, seksualiteit en anticonceptie. Hiertoe zijn er in 2025 14 professionals opgeleid binnen het sociaal en medisch domein in de methodiek Nu Niet Zwanger. 3. Het terugdringen van gezondheidsverschillen en het versterken van zelfredzaamheid door het aanbieden van groepsgerichte begeleiding voor zwangeren, waarbij medische controles worden gecombineerd met voorlichting en sociale steun. Dit gebeurde in 2025 door de introductie van de interventie Centering Pregnancy bij twee verloskundigenpraktijken. In het afgelopen jaar waren er ongeveer 165 deelnemers.
Om de voortgang goed te kunnen volgen is in 2025 een Kansrijke Start-monitor opgezet. De jeugdgezondheidszorg Het rijksvaccinatieprogramma is in 2025 aangepast op advies van de Gezondheidsraad. Om kinderen nog beter te beschermen zijn de momenten veranderd waarop vaccinaties worden gegeven. Zo wordt het BMR-vaccin, dat kinderen beschermt tegen de besmettelijke ziektes Bof, Mazelen en Rodehond, nu op driejarige leeftijd gegeven, in plaats van op negenjarige leeftijd. Op verzoek van het RIVM organiseert JGZ in Zoetermeer een inhaalcampagne voor kinderen van 3 tot 9 jaar. Deze campagne is in 2025 gestart en zal tot 2029 duren. Ook is de JGZ in september 2025 van start gegaan met het vaccineren van baby's tegen het RS-virus.
48
Er zijn landelijk zorgen over het dalen van de vaccinatiegraad. Ook in Zoetermeer speelt dit vraagstuk. Ondanks de stijging in het bereik van het Basistakenpakket van de Jeugdgezondheidszorg Zuid-Holland West (JGZ) in 2025 bleef de vaccinatiegraad in Zoetermeer namelijk ook dit jaar onder de streefwaarde. In het afgelopen jaar heeft een onderzoek plaatsgevonden in de regio Haaglanden (H8-gemeenten)naar welke mogelijkheden er zijn om de vaccinatiegraad te verhogen. De onderzoeksresultaten komen in 2026 beschikbaar. Daarnaast is in 2025 is een evaluatie gestart van het convenant tussen de JGZ en de H8-gemeenten. In het convenant zijn samenwerkingsafspraken vastgelegd voor de periode 2021-2027. De evaluatie richt zich op de vraag in welke mate de samenwerking tussen de H8-gemeenten en de JGZ bijdraagt aan de doelen die de gemeenten met de jeugdgezondheidszorg willen realiseren. Hierbij wordt ook gekeken naar governance en kostenefficiëntie. Op basis van de bevindingen van de evaluatie worden verschillende toekomstscenario’s voor de aansturing en bekostiging van de jeugdgezondheidszorg geformuleerd. De evaluatie wordt in 2026 afgerond. Expertisepool onderwijs-jeugdhulp De Expertisepool is een team van vaste jeugdhulpprofessionals dat verbonden is aan het speciaal basisonderwijs (SBO) en het speciaal onderwijs (SO).
De toevoeging van jeugdhulpprofessionals op het speciaal onderwijs moet een positieve bijdrage leveren aan de (leer-)ontwikkeling van leerlingen. In plaats van de bekostiging van individuele ambulante jeugdhulp op basis van een beschikking, wordt er vaste formatie aan jeugdhulpprofessionals ingezet. De kosten van de Expertisepool worden gedekt vanuit budget voor specialistische jeugdhulp. Het betreft daarmee een verschuiving vanuit het budget van individuele naar groepsgerichte ondersteuning. De scholen zijn tevreden over de inzet van jeugdhulp in de school. Het wordt ervaren als laagdrempelig, er kan snel gestart worden en er worden praktische adviezen geboden voor in de klas. De jeugdhulpverlener vormt daarmee een waardevolle aanvulling op de bestaande zorgstructuur. De inzet versterkt het handelingsvermogen en de kennis van onderwijsprofessionals. Specialistische jeugdhulp Ruim 4.700 jeugdigen ontvingen in het afgelopen jaar een vorm van specialistische jeugdhulp. Vaak ging het hierbij om ambulante jeugdhulp of een vorm van jeugd-GGZ. Specialistische jeugdhulp is alleen toegankelijk na verwijzing van de gemeente of een andere wettelijke verwijzer. In 2025 hebben we de lokale regelgeving hierover aangescherpt.
De Verordening jeugdhulp Zoetermeer 2025 die in mei 2025 werd vastgesteld heeft als uitgangspunt om helder af te bakenen wanneer jeugdhulp wordt ingezet, beschrijft de zorg- en opvoedingsplicht van de ouders en het begrip 'eigen kracht'. Daarnaast wordt met de nieuwe verordening de positie van de toegang versterkt om maatwerk te kunnen bieden voor gezinnen. De gemeente is er voor verantwoordelijk dat er een passend aanbod is voor jeugdigen die hulp nodig hebben. Samen met de regiogemeenten in Haaglanden kopen we specialistische jeugdhulp in. Het jaar 2025 stond vooral in het teken van het voorbereiden van een nieuwe inkoop. In juni 2025 heeft de raad hiertoe de regionale inkoopstrategie vastgesteld. Met de nieuwe inkoop wordt een verandering in het zorglandschap in de regio Haaglanden beoogd. Het voornemen is om te gaan werken in vijf segmenten: jeugdhulp met verblijf, hoog specialistische GGZ, dagbesteding/dagbehandeling, onderwijs-jeugdhulp en veelvoorkomende jeugdhulp. Deze indeling moet het beter mogelijk maken om te sturen op de inhoudelijke en financiële opgaven. De gemeenten en jeugdhulpaanbieders zijn hiervoor gezamenlijk verantwoordelijk. Per segment wordt een inkoop- en financieringsvorm gekozen die het beste past bij de opgave van het segment. Het betreft een omvangrijke wijziging. Aan het eind van het jaar bleek dat een herfasering van het inkoopproces nodig was.
Er is meer tijd nodig om onderdelen uit te werken. 49
Jeugdbescherming Jeugdbescherming West is de grootste gecertificeerde instelling voor jeugdbescherming in onze regio. In 2025 heeft Jeugdbescherming West een verbeterplan opgesteld naar aanleiding van toezicht door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd en de Inspectie Justitie en Veiligheid. In het rapport constateerden de inspecties dat de uitvoering onder druk staat door personeelstekorten, wisselingen van jeugdbeschermers en een tekort aan passend zorgaanbod. Jeugdbescherming West heeft daarom maatregelen uitgewerkt om gezinnen sneller een vaste jeugdbeschermer te bieden en om de kwaliteit van het eerste contact en de gezamenlijke analyse te versterken. Ook wordt ingezet op het tijdig opstellen van gezinsplannen en het verbeteren van de samenwerking met gemeenten en zorgaanbieders. Het doel hiervan is om noodzakelijke hulp sneller te kunnen inzetten. Het plan bevat tevens acties om de interne stabiliteit en taakverdeling binnen teams te vergroten. Met deze maatregelen wil Jeugdbescherming West de continuïteit en kwaliteit van jeugdbescherming verbeteren. De effecten hiervan moeten in de loop van 2026 zichtbaar worden. Lokale Teams In 2024 besloot de raad tot de doorontwikkeling naar Lokale Teams die de toegang zouden vormen tot hulp en ondersteuning voor jeugdigen en gezinnen. De Lokale Teams moeten ondersteuning bieden in buurten en wijken.
In de werkwijze staat het versterken van het normale leven van gezinnen voorop. Waar nodig bieden de medewerkers zelf hulp aan gezinnen. De Lokale Teams krijgen een belangrijke rol in het versterken van de coördinatie van de toegang, het voeren van regie op hulp en het sturen op het resultaat en de effectiviteit van hulp. De Lokale Teams worden een onderdeel van de gemeentelijke organisatie. In het afgelopen jaar is gewerkt aan de bemensing van de Lokale Teams en het realiseren van locaties in de wijken. Programma Toekomstbestendige jeugdhulp en Crisisorganisatie Sociaal Domein De projecten die in 2023 onder het Programma Toekomstbestendige Jeugdhulp waren gestart, zijn in 2025 voortgezet. De programma-activiteiten zijn in december conform planning afgerond. Het enige nog actieve project Aansluiting Onderwijs en Jeugdhulp loopt per schooljaar en wordt daarom als zelfstandig project in de zomer van 2026 afgerond. De maatregelen die waren ingezet vanuit de Crisisorganisatie Sociaal Domein zijn geborgd in de reguliere organisatie. Hierdoor kon de crisisorganisatie eind 2025 worden afgesloten.
Aantal unieke jeugdigen 0-23 jaar dat in het betreffende jaar een vorm van specialistische jeugdhulp ontvangt Het aantal jeugdigen in de leeftijd van 0-23 jaar dat een vorm van specialistische jeugdhulp ontvangt. Bron: Gemeente Zoetermeer Type
2024
2025
Begroting
4.700
4.800
Realisatie
4.761
4.729
50
Doel gehaald: Ja. Toelichting: In 2024 daalde voor het eerst in een aantal jaren het aantal jeugdigen met specialistische jeugdhulp. Het aantal jeugdigen met jeugdhulp in 2025 ligt ongeveer in lijn met 2024 (peildatum: 12 februari 2026).
Aantal unieke jeugdigen dat instroomt in de specialistische jeugdhulp
Het aantal jeugdigen dat in het betreffende jaar voor het eerst gebruikmaakt van een vorm van specialistische jeugdhulp. Bron: Gemeente Zoetermeer Type
2024
Begroting Realisatie
2025 1.100
978
1.035
Doel gehaald: Ja. Toelichting: Deze indicator is nieuw, waardoor er geen cijfer is opgenomen bij de begroting 2024. De instroom is in 2025 iets toegenomen ten opzichte van vorig jaar, maar ligt lager dan het streefcijfer. Ten opzichte van het totaal aantal jeugdigen met jeugdhulp is de instroom bijna 22%. Dit is in lijn met eerdere jaren.
Aantal unieke jeugdigen dat uitstroomt uit de specialistische jeugdhulp
Het aantal jeugdigen waarvoor het laatst in het voorgaande jaar gedeclareerd is en in het daaropvolgende jaar niet meer (minimaal zes maanden). Bron: Gemeente Zoetermeer Type
2024
Begroting Realisatie
2025 1.455
1.502
1.484
Doel gehaald: Ja. Toelichting: Deze indicator is nieuw, waardoor er geen cijfer is opgenomen bij de begroting 2024. Het betreft de voorlopige uitstroom op basis van gegevens op het moment van de peildatum (12 februari 2026).
51
% Jeugdigen dat drie jaar aaneengesloten of langer een vorm van specialistische jeugdhulp ontvangt
Het aandeel jeugdigen dat drie jaar of langer aangesloten een vorm van specialistische jeugdhulp ontvangt, afgezet tegen het totaal aantal jeugdigen met specialistische jeugdhulp in het betreffende jaar. Bron: Gemeente Zoetermeer Type
2024
2025
Begroting
45%
45%
Realisatie
48%
48%
Doel gehaald: Nee. Toelichting: Het aandeel jeugdigen dat minimaal 3 jaar of langer een vorm van jeugdhulp ontvangt blijft ten opzichte van 2024 gelijkt.
Aantal meldingen bij Veilig Thuis
Het aantal meldingen bij Veilig Thuis door professionals en inwoners in het betreffende jaar. Bron: Veilig Thuis Haaglanden Type
2024
2025
Begroting
1.100
1.000
Realisatie
990
1.069
Doel gehaald: Nee. Toelichting: In tegenstelling tot wat we verwacht hadden, is het aantal meldingen bij Veilig Thuis in 2025 gestegen ten opzichte van 2024. Zoetermeer wijkt hiermee af van het regionale beeld; regionaal daalt het aantal meldingen. Veilig Thuis heeft hier nog geen duidelijke verklaring voor.
Doelstelling 2.2 Bevorderen meedoen aan de samenleving en zelfstandig wonen
Woonzorgvisie De uitvoeringsagenda bij de Woonzorgvisie is in mei 2025 door de raad vastgesteld. Sindsdien is gewerkt aan een passende aanpak voor de uitvoering. Hiervoor zijn een stuurgroep en meerdere werkgroepen ingericht, die zich richten op verschillende woonzorgconcepten. Samen met de samenwerkingspartners is onderzocht of er voldoende draagvlak bestaat om een pilot met flatcoaches te starten. Hierbij worden flatcoaches ingezet in wooncomplexen om meer verbinding en een hoger welzijn te creëren onder bewoners van het complex. Daarnaast is een projectleider aangesteld voor de realisatie van scootmobielstallingen in het kader van de brandveiligheid in wooncomplexen. Ook is, in samenwerking met partners, gewerkt aan de ontwikkeling van een woonzorgcirkel - een buurtgerichte woonvorm waar wonen, zorg en ontmoeten samenkomen - en zijn inspirerende voorbeelden uit bestaande woonzorgconcepten verzameld. 52
Fysieke toegankelijkheid In juni 2025 heeft de gemeenteraad het Manifest Fysieke Toegankelijkheid vastgesteld. Met dit manifest bevestigt de raad de ambitie om de fysieke toegankelijkheid in de stad aanzienlijk te verbeteren. In de tweede helft van 2025 is binnen de organisatie ingezet op deskundigheidsbevordering. Het doel hiervan is de actuele kennis over toegankelijkheid te vergroten. Daarnaast zorgt het ervoor dat de uitgangspunten van het manifest duurzaam verankerd worden in de gemeente. Sterke Sociale Basis De Sterke Sociale Basis bestaat uit formele en informele netwerken waarin de inwoner centraal staat. In 2025 is een Contourennotitie gemaakt over de sterke sociale basis. Hierin staat dat er meer ruimte moet komen voor initiatieven van inwoners. Het college zet hiermee een stap van aanbodgericht naar vraaggericht werken. Dat betekent dat de gemeente beter aansluit bij wat inwoners zelf nodig hebben. De gemeente helpt hierbij door netwerken te versterken, ontmoeting mogelijk te maken en drempels voor inwonersinitiatieven weg te nemen. In 2025 is verder gewerkt aan het versterken van bestaande netwerken en het verbeteren van samenwerking tussen deze netwerken. Voorbeelden hiervan zijn de Community tegen Eenzaamheid, Inclusie & Diversiteit en Vrouwen van Zoetermeer.
Ook zijn via de subsidieregeling Integraal werken aan een gezonde Stad nieuwe projecten en bewonersinitiatieven ondersteund. In oktober 2025 is het procesvoorstel participatie door de raad vastgesteld. In het participatietraject wordt de inbreng van inwoners en maatschappelijke organisaties gevraagd op de Contourennotitie. Het traject is in november gestart met een vragenlijst en bijeenkomsten voor inwoners en organisaties. Daarnaast vond in november het tweede congres Sterke Sociale Basis plaats, dit jaar met het thema Grenzen Verleggen. Ruim 150 deelnemers waren aanwezig bij inspirerende lezingen en workshops over het bouwen van een sterke sociale basis. Via Zoetermeer voor Elkaar (ZVE) heeft het college gewerkt aan het ondersteunen van vrijwilligersorganisatie en het werven van nieuwe vrijwilligers. De stuurgroep vrijwilligersondersteuning van ZVE helpt vrijwilligersorganisaties te versterken. Dit doen zij door leer- en netwerkactiviteiten te organiseren, zoals 'Beter Besturen' door het Gilde en de Unie van Vrijwilligers. Gebiedsgerichte ondersteuning - inZet In de periode 2023-2024 voerde inZet het project 'innovatief wijkgericht en integraal ondersteuningsaanbod gericht op preventie' uit, gefinancierd vanuit het Sociaal Innovatie Fonds (SIF) van de gemeente.
Binnen dit project werd nieuw ondersteuningsaanbod onderzocht en ontwikkeld dat beter aansluit op de behoeften van inwoners in verschillende wijken. In 2025 bouwde inZet voort op de resultaten van het project en zette de organisatie stappen richting een toekomstbestendig sociaal domein. Hiervoor is een koersplan 2025-2028 opgesteld. In dit plan staat hoe de organisatie en het ondersteuningsaanbod zich de komende jaren verder ontwikkelen. De nadruk ligt op preventie, ondersteuning in groepen en samenwerking met ketenpartners. Het doel is inwoners te helpen hun eigen kracht te vergroten, volgens het idee van Positieve Gezondheid. In 2025 is een belangrijke stap gezet richting meer collectieve ondersteuning. Dit gebeurde met de start van de training inZet Beter voor Jezelf. In deze training werken deelnemers meteen in een groep aan hun hulpvraag, in plaats van in een individueel traject. De training is gestart in drie wijken. Ook heeft inZet sterk ingezet op de samenwerking met ketenpartners. Samen met Eerstelijns Zorg Zoetermeer (EZZ) en de vereniging Samen ZoeterMeer Gezond (SZMG) is de samenwerking met huisartsen uitgebreid. Sinds halverwege 2025 zijn sociaal werkers van inZet aanwezig in verschillende huisartsenpraktijken. Hierdoor kunnen huisartsen gemakkelijker de hulp van sociaal werkers inschakelen.
Dit helpt bij het vroeg herkennen van psychosociale problemen en zorgt voor betere, integrale ondersteuning. 53
Wmo Maatwerkvoorzieningen Huishoudelijke ondersteuning In januari 2025 heeft de raad besloten om de voorziening huishoudelijke ondersteuning opnieuw in te richten aan de hand van drie ondersteuningsniveaus. Daaropvolgend heeft het college een inkooptraject uitgevoerd. Dit inkooptraject is inmiddels afgerond en de aanbieders zijn gecontracteerd. Per 1 november 2025 is het college gestart met het aanbieden van de nieuwe ondersteuningsniveaus voor huishoudelijke ondersteuning. Daklozenpunt Het Daklozenpunt is gestart als pilot in 2020 naar aanleiding van een motie van de gemeenteraad. Inwoners kunnen hier terecht voor hulp bij (dreigende) dakloosheid. Het punt heeft tevens een doorverwijsfunctie naar het Daklozenloket in Den Haag. Via het Daklozenpunt kunnen inwoners, als dat van toepassing is, een briefadres krijgen bij het Leger des Heils. Bij het ophalen van de post voert het Leger des Heils ook een kort begeleidingsgesprek. Het Daklozenpunt werd gedurende een pilotperiode gefinancierd door de gemeente Den Haag vanuit hun rol als centrumgemeente voor maatschappelijke opvang. Den Haag betaalde deze pilot weer uit een subsidie van het ministerie van VWS. Inmiddels zijn zowel de pilotperiode als de financiering vanuit Den Haag (en vanuit VWS) gestopt. Er is overleg geweest met Den Haag om de financiering van het Daklozenpunt structureel voort te zetten, maar zonder succes.
Het Daklozenpunt heeft zichzelf bewezen als een waardevol punt voor de inwoners van Zoetermeer. De huidige krapte op de woningmarkt en het feit dat de maatschappelijke opvang in Den Haag overbelast is maakt het Daklozenpunt een onmisbare schakel in de zorg voor de meest kwetsbare inwoners van Zoetermeer. In 2026 wordt gezocht naar structurele middelen om het Daklozenpunt voort te zetten.
Gemiddeld budget maatwerkondersteuning per klant
Deze indicator laat zien wat in het gemiddelde budget is voor alle Wmo maatwerkvoorzieningen per cliënt. Bron: Gemeentelijke database Wmo/Begroting Type
2024
2025
Begroting
3.500
3.500
Realisatie
2.790
2.858
Doel gehaald: Ja. Toelichting: Het gemiddelde budget voor een maatwerkvoorziening per klant gaat over alle soorten Wmo-maatwerkvoorzieningen, zoals scootmobielen, rolstoelen, woningaanpassingen en huishoudelijke ondersteuning. Welke voorziening iemand krijgt en hoeveel dat kost, hangt af van de persoonlijke situatie van de inwoner en kan per jaar wisselen. Dat heeft invloed op het gemiddelde budget per klant. In 2025 is dit gemiddelde budget ongeveer gelijk gebleven aan 2024.
54
% Klanten dat tevreden is over de kwaliteit van het ondersteuningsaanbod
Het college voert jaarlijks het cliëntervaringsonderzoek uit onder Wmo cliënten naar de ervaring met gemeentelijke voorzieningen op grond van de Wmo. Bron: Cliëntervaringsonderzoek Wmo Type
2024
2025
Begroting
80%
80%
Realisatie
71%
Doel gehaald: ? Toelichting: Deze indicator wordt gemeten via het jaarlijkse cliëntervaringsonderzoek (CEO). De uitvoering van het CEO heeft in 2025 vertraging opgelopen door personele wisselingen bij de gemeente. Daardoor zijn de uitkomsten niet op tijd beschikbaar om te verwerken in de jaarstukken 2025. De raad wordt bij de eerstvolgende gelegenheid via de P&C-cyclus geïnformeerd over de uitkomst van deze indicator.
% Klanten dat vindt dat de ondersteuning past bij de hulpvraag
Het college voert jaarlijks het cliëntervaringsonderzoek uit onder Wmo cliënten naar de ervaring met gemeentelijke voorzieningen op grond van de Wmo. Bron: Cliëntervaringsonderzoek Wmo Type
2024
2025
Begroting
80%
80%
Realisatie
77%
55
Doel gehaald: ? Toelichting: Deze indicator wordt gemeten via het jaarlijkse cliëntervaringsonderzoek (CEO). De uitvoering van het CEO heeft in 2025 vertraging opgelopen door personele wisselingen bij de gemeente. Daardoor zijn de uitkomsten niet op tijd beschikbaar om te verwerken in de jaarstukken 2025. De raad wordt bij de eerstvolgende gelegenheid via de P&C-cyclus geïnformeerd over de uitkomst van deze indicator.
% Klanten v/h samenwerkingsverband dat tevreden is over de kwaliteit v/d ondersteuning
Het samenwerkingsverband inZet voert ieder jaar een onderzoek uit om ervaring van cliënten met de ondersteuning en dienstverlening te meten. Het streven is dat 80% van de cliënten minimaal het cijfer 7,5 geeft. Bron: Cliënttevredenheidsonderzoek inZet Type
2024
2025
Begroting
80%
80%
Realisatie
75%
71%
56
Doel gehaald: Nee. Toelichting: Het percentage mensen dat de ondersteuning van inZet een 7,5 of hoger geeft, is gedaald. inZet heeft de opdracht om zo licht mogelijke ondersteuning te geven en vaker in groepen in plaats van één-op-één. Cliënten hebben tijd nodig om aan deze verandering te wennen.
% Mantelzorgers dat (zeer) tevreden is over de kwaliteit van de mantelzorgondersteuning van inZet
Tevredenheid van mantelzorgers wordt jaarlijks gemeten via het mantelzorgerstevredenheidsonderzoek (MTO) van inZet. Een mantelzorger is tevreden wanneer die minstens het cijfer 7,5 geeft voor de kwaliteit van mantelzorgondersteuning. Bron: Mantelzorgerstevredenheidsonderzoek inZet Type
2024
Begroting
2025 80%
Realisatie
Doel gehaald: ? Toelichting: Deze indicator is in 2025 veranderd. Het wordt niet meer gemeten via de Stadspeiling, maar via het Mantelzorgerstevredenheidsonderzoek (MTO) van inZet. In de praktijk is de werkwijze nog niet goed aangepast op deze nieuwe manier van meten. inZet doet het MTO één keer per twee jaar. Dit is nog niet veranderd naar één keer per jaar. Hierdoor is het MTO niet uitgevoerd in 2025 en kunnen we deze indicator niet rapporteren. Vanaf 2026 is de werkwijze wel goed aangepast.